Zanussi ZWF 5140 P Handleiding

Zanussi Wasmachine ZWF 5140 P

Bekijk gratis de handleiding van Zanussi ZWF 5140 P (28 pagina’s), behorend tot de categorie Wasmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 35 mensen en kreeg gemiddeld 4.4 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Zanussi ZWF 5140 P of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/28
NL
Gebruiksaanwijzing
Wasmachine
ZWF 5120 P
ZWF 5140 P

Beoordeel deze handleiding

4.4/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Zanussi
Categorie: Wasmachine
Model: ZWF 5140 P
Apparaatplaatsing: Vrijstaand
Kleur van het product: Wit
Deurscharnieren: Links
Ingebouwd display: Nee
Breedte: 600 mm
Diepte: 514 mm
Hoogte: 850 mm
Type lader: Voorbelading
Snoerlengte: 1.8 m
Energie-efficiëntieklasse (oud): A+
Energieverbruik wassen: 0.85 kWu
Waterconsumptie per cyclus: 46 l
Wasklasse: A
Jaarlijkse energieverbruik wassen: 162 kWu
Centrifuge-droger klasse: B
Geluidsniveau (wassen): 60 dB
Maximale centrifugesnelheid: 1400 RPM
Geluidsniveau bij centrifugeren: 78 dB
Jaarlijks waterverbruik wassen: 8299 l
Restvochtpercentage: 52 procent
Cyclustijd (max): 175 min
Nominale capaciteit: 5 kg
Stroomverbruik (typisch): 2100 W
Wasprogramma's: Hygiene/anti-allergy,Black,Cotton

Handleiding Zanussi ZWF 5140 P – volledige tekst

InhoudVeiligheidsinformatie _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 2Voorzorgsmaatregelen bij vorst _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 4Milieubescherming _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 4Beschrijving van het product _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 5Technische gegevens _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 6Montage _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 6Het eerste gebruik _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 10Dagelijks gebruik _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 10Wasprogramma's _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 17Verbruikswaarden _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 20Onderhoud en reiniging _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 20Problemen oplossen _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 22Wijzigingen voorbehouden VeiligheidsinformatieBelangrijk. Zorgvuldig lezen en voor toekomstigeraadpleging bewaren. • De veiligheid van uw apparaat voldoet aan de voor-schriften en de wettelijke vereisten met betrekking totde veiligheid van apparaten.

Wij vinden echter dat wij,als fabrikant, de plicht hebben u de volgende veilig-heidsaanwijzingen te geven. • Het is erg belangrijk dat deze gebruiksaanwijzing bijde machine wordt opgeborgen, zodat u ze later nogeens kunt nalezen. Als het apparaat aan iemand andersverkocht of geschonken wordt, of als u verhuist en demachine achterlaat, zorg er dan voor dat de gebruiks-aanwijzing bij het apparaat blijft zodat de nieuwe ei-genaar kennis kan nemen van de werking van het ap-paraat en de bijbehorende waarschuwingen. • U MOET deze gebruiksaanwijzing aandachtig doorle-zen voordat u de machine installeert of in gebruikneemt. • Voordat u de machine voor het eerst in gebruik neemt,dient u ze te controleren op eventuele schade die kanzijn ontstaan tijdens het transport. Sluit nooit een be-schadigde machine aan. Als er onderdelen zijn be-schadigd, neem dan contact op met uw leverancier.

• Deze machine is gemaakt voor gebruik in een normalehuishoudelijke situatie. De fabrikant is niet verant-woordelijk voor vorstschade. Lees "Voorzorgsmaatre-gelen bij vorst". Algemene veiligheid• Het is gevaarlijk om de specificaties te wijzigen of omte proberen op enigerlei wijze veranderingen aan tebrengen aan dit apparaat. • Tijdens wasprogramma's op hoge temperatuur kan hetglas van de deur heet worden. Niet aanraken. • Zorg ervoor dat kleine kinderen en huisdieren niet inde trommel klimmen. Controleer om dit te voorkomende trommel vóór gebruik. • Voorwerpen als munten, veiligheidsspelden, spijkers,schroeven, stenen of andere harde, scherpe materialenkunnen grote schade aan het apparaat toebrengen enmogen niet in het apparaat terechtkomen. • Gebruik alleen de aanbevolen hoeveelheid wasver-zachter en wasmiddel. Als u te veel doseert, kunnenkledingstukken beschadigd raken.

Raadpleeg de aan-bevelingen van de fabrikant met betrekking tot de hoe-veelheden. • Was kleine artikelen zoals sokken, veters, wasbareceintuurs enz. in een waszak of kussensloop, omdatdeze tussen de kuip en de trommel terecht kunnen ko-men. • Gebruik uw apparaat niet om artikelen met baleinen,materialen zonder zoom of gescheurde materialen tewassen. • Trek na gebruik, reiniging en onderhoud van de ma-chine altijd de stekker uit het stopcontact en draai dekraan dicht. • Probeer in geen geval zelf de machine te repareren. Reparaties die door niet-deskundige personen uitge-voerd worden, kunnen tot schade of letsel leiden. Neemcontact op met een klantenservice bij u in de buurt. Vraag altijd om originele vervangingsonderdelen. Montage• Dit apparaat is zwaar. Wees voorzichtig wanneer u hetapparaat verplaatst.

• Alle verpakkingsmaterialen en transportbouten moe-ten vóór het gebruik worden verwijderd. Als dit wordtnagelaten, kan dit ernstige schade aan het product en2.

andere eigendommen tot gevolg hebben. Zie het des-betreffende hoofdstuk in de gebruiksaanwijzing. • Dit apparaat kan alleen als vrijstaand toestel wordengebruikt. NIET inbouwen onder een werkblad en hetbovenstuk om wat voor reden dan ook NIET verwijde-ren. • Controleer na de installatie van het apparaat of het nietop de toevoer- en afvoerslang staat en of het werkbladhet aansluitsnoer niet tegen de muur platdrukt. • Installeer de machine op een vlakke harde vloer. • Leg nooit karton, hout of iets dergelijks onder het ap-paraat om oneffenheden van de vloer te compenseren. • Als het apparaat op een tapijtvloer wordt geplaatst,dient de hoogte van de stelpootjes te worden aangepastom de lucht onder het apparaat goed te laten circuleren. • Zorg ervoor dat de machine geen muren of anderekeukenapparaten raakt. •Dit apparaat moet worden aangesloten op een koud-watertoevoer.

• Gebruik voor aansluiting op de waterleiding geen eer-der gebruikte slangen. Gebruik altijd de bij de machinegeleverde slang. • De toevoerslang mag niet worden verlengd. Als deslang te kort is en u de kraan niet wilt verplaatsen, zultu een nieuwe, langere slang moeten kopen die speciaalvoor dit doel is gemaakt. • Let er altijd op of er na de installatie geen water uit deslangen en de aansluitingen lekt. • Als het apparaat is geïnstalleerd op een plaats waar hetkan vriezen, lees dan het hoofdstuk "Voorzorgsmaat-regelen bij vorst". De fabrikant wijst de verantwoorde-lijkheid voor bevriezingsschade af. • Eventuele loodgieterswerkzaamheden die nodig zijnvoor de installatie van dit apparaat moeten worden uit-gevoerd door een gekwalificeerde loodgieter of eenbekwaam persoon.

Het is niet toegestaan het apparaat te gebruiken voorandere doeleinden dan waarvoor het is bestemd. • Was in de machine alleen textiel dat geschikt is voormachinaal wassen. Volg de instructies op het was-voorschrift in de kleding. • Doe niet te veel wasgoed in de machine. Zie de "Was-programmakaart". • Voordat u gaat wassen, dient u ervoor te zorgen datalle zakken leeg zijn en dat alle knopen en ritsen dichtzijn. Was geen gerafelde of gescheurde artikelen. Be-handel vlekken zoals verf, inkt, roest en gras eerstvoordat u artikelen met dit soort vlekken gaat wassen. Beugelbeha's mogen NIET machinaal worden gewas-sen. • De wasmiddellade is uitgerust met een bakje voorvloeibaar wasmiddel. Gebruik dit bakje niet voor ge-lachtige wasmiddelen met programma's waarin eenvoorwas is opgenomen of met de uitgestelde startoptie.

In al deze gevallen kunt u de wasmiddelballen of zakjesdie met het wasmiddel zijn meegeleverd gebruiken. Haal de bal of het zakje aan het einde van de wascyclusuit de wasmachine. • Kledingstukken die in aanraking zijn geweest metvluchtige petroleumproducten mogen niet in de ma-chine worden gewassen. Als er vluchtige reinigings-vloeistoffen worden gebruikt, dient u ervoor te zorgendat de vloeistof uit het kledingstuk is verwijderd voor-dat u het in de machine doet. • Trek de stekker nooit aan het snoer uit het stopcontact,maar pak altijd de stekker zelf beet. • Gebruik de wasmachine nooit als het aansluitsnoer,het bedieningspaneel, het werkblad of de sokkel be-schadigd zijn, waardoor de binnenkant van de was-machine toegankelijk is.

Kinderbeveiliging• Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door perso-nen (met inbegrip van kinderen) met beperkte licha-melijke of verstandelijke vermogens of een gebrek aanervaring en kennis, tenzij dit onder toezicht gebeurt vaneen voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon oftenzij zij van een dergelijke persoon instructie hebbenontvangen over het gebruik van het apparaat.

• Bewaar alle wasmiddelen op een veilige plaats, buitenhet bereik van kinderen. • Zorg ervoor dat kinderen of huisdieren niet in de trom-mel kunnen klimmen. Deze wasmachine beschikt overeen speciale functie om te voorkomen dat kinderen ofhuisdieren in het apparaat vast komen te zitten. Om deze functie te active-ren dient u de knop (zon-der deze in te drukken) aande binnenkant van de deurnaar rechts te draaien totde groef horizontaal staat. Gebruik zo nodig eenmuntstuk. Om deze functie uit teschakelen en de mogelijk-heid te herstellen om dedeur te sluiten, dient u deknop naar links te draaientot de groef verticaal staat. Voorzorgsmaatregelen bij vorstAls de wasmachine op een plaats staat waar de tempera-tuur onder 0°C kan dalen, gaat u als volgt te werk omeventueel in de machine achtergebleven water te verwij-deren:1. trek de stekker uit het stopcontact;2. draai de waterkraan dicht,3.

schroef de waterinvoerslang los van de kraan,4. schroef de afvoerslang los van de achtersteun enmaak de slang los van de gootsteen of tap,5. plaats een opvangbak op de grond,6. laat de afvoerslang op de grond liggen, plaats de ex-terne uiteinden van de afvoer- en invoerslangen in deopvangbak op de grond en laat het water helemaalweglopen,7. schroef de waterinvoerslang weer aan de kraan en deafvoerslang op de achterkant van het apparaat,Wanneer u de machine opnieuw wilt starten, moet deomgevingstemperatuur hoger dan 0°C zijn. MilieubeschermingHet symbool op het product of op de verpakking wijsterop dat dit product niet als huishoudafval mag wordenbehandeld, maar moet worden afgegeven bij eenverzamelpunt waar elektrische en elektronischeapparatuur wordt gerecycled.

Technische gegevensAfmetingen BreedteHoogteDiepte60 cm85 cm50 cmElektrische aansluiting Informatie over de elektrische aansluiting staat op het typeplaatje aan debinnenkant van de deur van het apparaat.Leidingwaterdruk MinimaalMaximaal0,05 MPa0,8 MPaMaximale belading Katoen 5 kgCentrifugetoerental Maximaal 1200 tpm (ZWF5120P)1400 tpm (ZWF5140P)MontageUitpakkenWaarschuwing!• Lees het hoofdstuk "Veiligheidsinformatie"zorgvuldig door voordat u het apparaat instal-leert.x 3x 3x 2x 1BACWaarschuwing! Verwijder en bewaar alle trans-portbeveiligingen , zodat ze kunnen worden ge-monteerd als de machine ooit nog eens moet wordenvervoerd.Benodigd gereedschap10 mm30 mm• Verwijder de externefolie.

Plaatsing en waterpas zettenx 4Zet de wasmachine waterpas door de pootjes hoger oflager te zetten.De machine MOET waterpas en stabiel staan op eenplatte, harde ondergrond. Controleer de afstelling, in-dien nodig, met een luchtbelwaterpas. Alle noodzake-lijke afstellingen kunnen worden uitgevoerd met eenmoersleutel.Zorgvuldige horizontale afstelling voorkomt trillingen,lawaai of verschuiving van de machine tijdens de werk-ing.Herhaal het waterpas zetten als de machine nog nietwaterpas en stabiel staat.WatertoevoerSluit de slang aan op eenkraan met 3/4”-schroef-draad.35° 45°Maak de ringmoer los om de slang onder een hoek naarlinks of naar rechts te bevestigen, afhankelijk van deplaats van uw waterkraan. Bevestig de toevoerslang nietnaar beneden gericht.

Als de toevoerslang geplaatst is,dient u de ringmoer weer vast te draaien om lekkage tevoorkomen.WaterafvoerVorm allereerst een haak in het uiteinde van de af-voerslang met behulp van de plastic slanggeleider diemet de wasmachine is meegeleverd.Het uiteinde van de afvoerslang kan op drie manierenworden geplaatst:•Over de rand van een gootsteen gehaakt, met behulpvan de plastic slanggeleider.8

Maak de plastic slanggeleider met een stuk touw aande kraan vast om te voorkomen dat de afvoerslang tij-dens het afvoeren van water uit het apparaat losraakt.•Op een uitlaattap van een gootsteen.Druk de afvoerslang op de tap en maak hem vast meteen klem. Zorg dat er een lus in de afvoerslang wordtgevormd, om te voorkomen dat afval uit de gootsteenin de wasmachine terechtkomt.Als de uitlaattap nog niet eerder is gebruikt, verwijdertu een afdichting die eventueel aanwezig kan zijn.•Rechtstreeks in een afvoerpijp op een hoogte vanniet minder dan 60 cm en niet meer dan 100 cm.MAX 100cmHet einde van de afvoers-lang moet altijd geventi-leerd zijn, d.w.z. dat debinnendiameter van de af-voerpijp groter moet zijndan de buitendiameter vande afvoerslang.

De af-voerslang mag niet ge-knikt zijn.•Rechtstreeks op een ingebouwde afvoerleiding in demuur van de kamer.De afvoerslang kan worden verlengd tot maximaal4 meter. Een extra afvoerslang en koppelstuk zijnverkrijgbaar bij de klantenservice bij u in de buurt.Overzicht van de aansluitingen115 cm 140 cmmc150mc100max 100 cmmin. 60 cmmax 100 cmmin. 60 cmmc9 0 mc115 9

Aansluiting aan het elektriciteitsnet• Dit apparaat moet geaard worden. • Zorg er voor dat de elektrische informatie op het type-plaatje overeenkomt met de stroomtoevoer in uw huis. • Gebruik altijd een correct geïnstalleerd schokvrij stop-contact. • Gebruik geen meerwegsstekkers, -aansluitingen enverlengkabels. Er kan brand ontstaan. • Vervang of wijzig de hoofdkabels niet zelf. Neem con-tact op met de klantenservice. • Verzeker u ervan dat de hoofdstekker en de kabel nietplatgedrukt of beschadigd worden door de achterkantvan het apparaat. • Zorg ervoor dat de hoofdstekker na installatie toegan-kelijk is. • Trek niet aan het snoer om het apparaat los te koppelenvan de netvoeding. Trek altijd aan de stekker. • Dit apparaat voldoet aan de EU-richtlijnen. Het eerste gebruik• Zorg ervoor dat de elektrische aansluiting en dewateraansluiting voldoen aan de installatie-in-structies.

• Zorg dat de trommel leeg is. • Laat, voordat u de machine voor de eerste keergebruikt, het katoenprogramma op de hoogstetemperatuur draaien zonder wasgoed in de ma-chine, zodat eventuele fabricageresten uit detrommel en de kuip worden verwijderd. Giet eenhalve maatbeker wasmiddel in het vakje voor dehoofdwas en start de machine. Dagelijks gebruikDe was sorterenHoud u aan de wassymbolen op de etiketten, waarvan elkkledingstuk voorzien is, en de wasvoorschriften van defabrikant. Sorteer het wasgoed als volgt: wit, bont, syn-thetisch, fijne was, wol. Voordat u de was in de machine doetBelangrijk. Zorg ervoordat er geen metalen voor-werpen in het wasgoedachterblijven (bijv. haar-speldjes, veiligheidsspel-den, spelden). Knoop kus-senslopen dicht, sluit rit-sen, haakjes en drukkno-pen. Bind ceintuurs of lan-ge riemen vast. Verwijdereventuele haken (d. w. z. gordijnen).

Ze moeten daarom de eerste keerapart worden gewassen. • Wrijf bijzonder vervuilde delen in met een speciaalwasmiddel of reinigingspasta. • Behandel gordijnen met speciale zorg. • Was sokken en handschoenen in de zak of een net. Verwijder hardnekkige vlekken vóór het wassen:Bloed : behandel verse bloedvlekken met koud water. Laatopgedroogde vlekken een nacht in water met een speciaalwasmiddel inweken; daarna de vlek met het sop uitwas-sen. Verf op oliebasis : bevochtig de vlek met wasbenzine, leghet kledingstuk op een zachte doek en dep de vlek; meer-dere malen behandelen. Opgedroogde vetvlekken : bevochtig de vlek met terpen-tine, leg het kledingstuk op een zacht oppervlak en depde vlek met de vingertoppen en een katoenen doek. Roest : oxaalzuur opgelost in warm water of een roest-verwijderingsproduct dat koud wordt gebruikt.

Gras : licht inzepen en de vlek met bleekmiddel behan-delen (alleen witte en kleurechte weefsels). Balpeninkt en lijm : bevochtig met aceton1), leg het kle-dingstuk op een zachte doek en dep de vlek. Lippenstift : bevochtig de vlek met aceton zoals hierboven,vervolgens de vlekken met brandspiritus behandelen. Be-handel achtergebleven sporen met bleekmiddel. Rode wijn : laten inweken in water en wasmiddel, uit-spoelen en behandelen met azijnzuur of citroenzuur, ver-volgens uitspoelen. Behandel achtergebleven sporen metbleekmiddel. Inkt : afhankelijk van het inkttype, maakt u de stof eerstvochtig met aceton1) en vervolgens met azijnzuur. Be-handel eventuele achtergebleven vlekken op witte stoffenmet bleekmiddel en spoel grondig na. Teervlekken : eerst behandelen met vlekkenverwijderaar,brandspiritus of wasbenzine, vervolgens inwrijven metreinigingspasta.

Open de deur door de handgreep voorzichtig naarbuiten te trekken. Wasgoed in de machine doenDoe het wasgoed stukvoor stuk in de trommel;schud het eerst zo goedmogelijk uit. Maximale ladingDe aanbevolen lading is te vinden op de "was-programmakaarten". Algemene regels:•Katoen, linnen : trommel vol maar niet te volgepropt;•Synthetische stoffen : trommel niet meer dan half vol;•Fijne was en wol : trommel niet meer dan een derdegevuld. Sluit de deur voorzichtigWaarschuwing. Zorg dat er bij hetsluiten van de deur geenkledingstukken vast ko-men te zitten. Wasmiddelen en nabehandelingsmiddelenEen goed wasresultaat is mede afhankelijk van de keuzevan het wasmiddel en het gebruik van de juiste hoeveel-heden om verspilling te voorkomen en het milieu te spa-ren.

Alle in de handel verkrijgbare machinewasmiddelen kun-nen in deze machine worden gebruikt:• waspoeder voor alle soorten weefsels,• waspoeder voor tere weefsels (40°C max) en wol,• vloeibare wasmiddelen, bij voorkeur voor waspro-gramma's op lage temperatuur (60°C max) voor allesoorten weefsels, of speciaal voor alleen wol. Hoeveelheid te gebruiken wasmiddelHet type en de te gebruiken hoeveelheid wasmiddel han-gen af van het type weefsel, de hoeveelheid wasgoed, demate van vervuiling en de hardheid van het gebruikte wa-ter. Voor de hoeveelheid wasmiddel raadpleegt u altijd deaanwijzingen op de verpakking van het product. Gebruik minder wasmiddel als:• u een kleine lading wast,• het wasgoed licht vervuild is,• er veel schuimvorming tijdens het wassen aanwezig is. Graden van waterhardheidDe hardheid van water wordt geclassificeerd in zoge-naamde 'hardheidsgraden'.

Informatie over de hardheidvan het water in uw omgeving kan worden verkregen bijhet desbetreffende waterleidingbedrijf. 1) gebruik geen aceton op kunstzijde. 11.

Als de waterhardheid middelmatig of hoog is, raden weaan een waterontharder toe te voegen, waarbij u altijd deinstructies van de fabrikant opvolgt.Als de hardheid van het water zacht is, pas dan de hoe-veelheid wasmiddel aan.De wasmiddellade openen Compartiment voorpoeder of vloeibaar was-middel dat wordt gebruiktvoor de hoofdwas. Compartiment voor vloei-bare nabehandelingsmid-delen (wasverzachter,stijfsel).Waarschuwing! Als u een voorwas wilt uitvoeren,giet u het wasmiddel tussen de te wassenkledingstukken in de trommel.Waarschuwing!

Afhankelijk van het type wasmiddeldat u gebruikt (poeder of vloeistof), zorgt u dat deklep, die zich in het hoofdwascompartiment bevindt, zichin de gewenste positie bevindt.Klep voor poeder of vloeibaar wasmiddelUP (omhoog) - de klep-positie bij het gebruik vanwasmiddel in POEDER-vormDOWN (omlaag) - kleppo-sitie bij gebruik vanVLOEIBAAR wasmiddeltijdens de hoofdwasPUSHREMOVETO CLEANPUSHREMOVETO CLEANAls de klep zich niet in de gewenste positie bevindt :• Verwijder de lade.

Duw de rand van de lade naarbuiten, zoals aangegeven door de pijl (PUSH) omhet verwijderen van de lade te vergemakkelijken.De klep staat omlaag en u wilt poeder toevoegen:• Draai de klep omhoog.Zorg dat de klep goedvastzit.• Plaats de lade voor-zichtig terug.• Meet het wasmiddel af.• Doe het waspoeder inhet vak voor de hoofd-was .De klep staat omhoog en u wilt vloeibaar wasmiddelgebruiken:• Draai de klep omlaag.• Plaats de lade voor-zichtig terug.• Meet het wasmiddel af.Voor de hoeveelheid wasmiddel raadpleegt u al-tijd de aanwijzingen op de verpakking van hetproduct en zorgt u ervoor dat het wasmiddel in de ladekan worden gegoten.12

•Giet vloeibaar wasmiddel in het compartiment zonder dat de limiet die op de klep wordt aangege-ven, wordt overschreden. Het wasmiddel moet in hetjuiste vakje van de wasmiddellade worden gedaanvoordat het wasprogramma wordt gestart.Waarschuwing! Gebruik de klep niet in de positie"DOWN" (omlaag) bij:• gelachtig wasmiddel of dik wasmiddel• waspoeder• programma's waarin een voorwas is opgenomen• Gebruik geen vloeibaar wasmiddel als het waspro-gramma niet onmiddellijk start.In alle bovenstaande gevallen, gebruikt u de klep inde positie "UP" (omhoog).De wasverzachter afmetenGiet wasverzachter of eenander nabehandelings-middel in het comparti-ment dat wordt aangege-ven met (de markering«MAX» mark in de ladeniet overschrijden).

Even-tuele nabehandelingsmid-delen moeten in het juistevakje van de wasmiddel-lade worden gedaan voor-dat het wasprogrammawordt gestart.De wasmiddellade sluitenEen wasprogramma instellenMet het bedieningspaneel kunt u een wasprogramma en verschillende opties selecteren.Wanneer er een optietoets wordt geselecteerd, gaat het bijbehorende controlelampje branden. Anders is het lampjeuit.Zie voor de mogelijke combinaties van wasprogramma's en opties het hoofdstuk "Wasprogrammakaart". Alser een verkeerde optie wordt gekozen, knippert het ingebouwde rode controlelampje van de knop 6 3 keer.SyntheticaMixFijne wasWol5 overhemdenMini 30JeansAnti-kreuk14009007004 uExtra spoelenEindeHoofdwas8 uCentrifugeren Startuitstel Extra kort Start/Pauze30°60° 40°90°20°KatoenKatoen + voorwasKatoen ecoSpoelenPompenCentrifugeren1 2 3 4 5 67 13

1ProgrammakeuzeknopSyntheticaMixFijne wasWol5 overhemdenMini 30JeansAnti-kreukKatoenKatoen + voorwasKatoen ecoSpoelenPompenCentrifugerenDraai de programmakeuzeknop op het gewenste programma. De program-makeuzeknop kan met de klok mee of tegen de klok in worden gedraaid.Het groene controlelampje van de knop 6 gaat knipperen: het apparaat staatnu aan.Als u de programmakeuzeknop op een ander programma zet wanneerde machine in werking is, gaat het rode controlelampje van de knop6 3 keer knipperen om aan te geven dat er een verkeerde keuze is gemaakt.De machine zal het nieuw gekozen programma niet uitvoeren.• Als u de machine wilt uitschakelen , draait u de programmakeuzeknopin de positie .• Als u een programma dat op een bepaald moment draait, wilt annule-ren of wijzigen , schakelt u de wasmachine uit door de programmakeu-zeknop naar de positie te draaien.

Selecteer het nieuwe programmadoor de knop naar het gewenste programma te draaien. Start het nieuweprogramma door nogmaals op knop 6 te drukken. Het water in de trom-mel zal niet worden weggepompt.2Temperatuurtoets30°60° 40°90°20°Druk de temperatuurtoets in om de meest geschikte temperatuur voor uwwasgoed te selecteren. Koud : Koude was.31400900700CentrifugerenKort centrifugerenWanneer het gewenste programma is gekozen, stelt uw machine automa-tisch het maximale centrifugetoerental voor dat programma voor.Druk herhaaldelijk op deze knop om de centrifugesnelheid te veranderen,als u wilt dat uw wasgoed op een andere snelheid wordt gecentrifugeerd.Het desbetreffende lampje licht op. SpoelstopAls u deze functie kiest, wordt het laatste spoelwater niet weggepompt omte voorkomen dat het wasgoed kreukelt.

44 u8 uStartuitstelDe start van het programma kan met deze knop 8 of 4 uur worden uitgesteld.Het desbetreffende lampje licht op.U moet deze optie kiezen nadat u het programma hebt ingesteld en voordatu het programma start.Een uitgestelde start selecteren:• kies het programma en de gewenste opties;• selecteer de uitgestelde start door te drukken op knop 4 ;• druk op de knop 6 :– de machine begint de tijd af te tellen in uren.– Het programma zal beginnen als het gekozen uitstel is afgelopen.De uitgestelde start annuleren nadat u het programma hebt gestart:• zet het apparaat op PAUZE door op knop 6 te drukken,• druk eenmaal op knop 4 , het lampje van het gekozen startuitstel gaatuit,• druk nogmaals op knop 6 om het programma te starten.De functie STARTUITSTEL kan niet worden geselecteerd bij het wateraf-voerprogramma.Belangrijk!

Het gekozen uitstel kan alleen worden veranderd nadat u hetwasprogramma opnieuw hebt gekozen. De deur blijft gedurende het uitstelvergrendeld. Als u de deur toch wilt openen, moet u de wasmachine eerstop PAUZE zetten (door op knop 6 ) te drukken) en een paar minuten tewachten. Nadat u de deur weer hebt gesloten, drukt u nogmaals op knop6 .5Extra kortDoor op deze knop te drukken, gaat het bijbehorende controlelampje bran-den.Kort programma voor licht vervuild wasgoed of voor was die alleen opge-frist moet worden.Met deze optie wordt een verminderde lading wasgoed aanbevolen:• Katoen 2,5 kg• Synthetische stoffen en fijne was 1,5 kg Extra spoelen4 u8 uStartuitstel Extra kortDit apparaat is ontworpen om water te besparen.

Voor mensen met een erggevoelige huid (allergisch voor wasmiddelen) kan het echter noodzakelijkzijn om het wasgoed met een extra hoeveelheid water te spoelen.Druk gedurende enkele seconden tegelijkertijd op de knoppen 4 en 5 : hetcontrolelampje 7.2 gaat branden. Deze functie blijft permanent actief. Omde functie te verwijderen, drukt u nogmaals op dezelfde knoppen tot hetcontrolelampje 7.2 uit gaat. 15

6Start/PauzeStart het programma door te drukken op knop 6• Als u het gekozen programma wilt starten , drukt u op de knop 6. Hetbijbehorende groene controlelampje stopt met knipperen. Het contro-lelampje 7. 1 gaat branden om aan te geven dat het apparaat begint tewerken en dat de deur vergrendeld is. Als u een uitgestelde start hebtgekozen, begint de machine af te tellen. • Als u een lopend programma wilt onderbreken , drukt u op de knop 6 :het bijbehorende groene controlelampje begint te knipperen. Het is mo-gelijk om bepaalde opties van een lopend programma te veranderenvoordat het programma deze opties uitvoert. • Als u het programma opnieuw wilt starten vanaf het punt waarop hetwerd onderbroken, drukt u op de knop 6. • Als het programma is gestart, wordt de deur vergrendeld. Als u om eenbepaalde reden de deur wilt openen , zet u de wasmachine eerst op pauzedoor op de knop 6 te drukken.

Na een paar minuten kan de deur geopendworden. Als de deur niet kan worden geopend, betekent dit dat de machine alaan het opwarmen was of dat het waterniveau te hoog is. Probeer in iedergeval de deur niet te forceren. Als u de deur niet kunt openen terwijl dit toch nodig is, schakelt u demachine uit door de keuzeknop naar te draaien. Na een paar minutenkan de deur geopend worden ( let op het waterniveau en de tempera-tuur. ). Als u de deur hebt gesloten, moet u het programma opnieuwselecteren en op de knop 6 drukken. 7. 17. 27. 3ControlelampjesExtra spoelenEindeHoofdwas• Wanneer u het programma start door op de knop 6 te drukken, gaat hetcontrolelampje voor de wasfase ( 7. 1 ) branden. Dit betekent dat dewasmachine actief is. • Het controlelampje voor aanvullende spoelbeurten ( 7. 2 ) gaat brandenwanneer de wasmachine een extra spoelbeurt uitvoert.

• Als het programma is afgelopen, gaat het controlelampje voor het eindevan het programma ( 7. 3 ) branden. Aan het einde van het programmaHet apparaat stopt automatisch.

Het controlelampje vande knop 6 en het bijbehorende controlelampje van de netbeëindigde wasfase gaat uit. Het lampje 7. 3 gaat branden. Als er een programma of optie wordt gekozen waarbij hetwater in de trommel niet wordt weggepompt, blijft de deurvergrendeld om aan te geven dat het water eerst moetworden weggepompt voordat de deur geopend kan wor-den. Volg onderstaande instructies om het water af te voeren:•Zet de programmakeuzeknop op. • Kies het programma pompen of centrifugeren. • Verlaag indien nodig de centrifugesnelheid met de be-treffende knop. • Druk op de knop 6. Aan het einde van het programma kan de deur wordengeopend. Draai de programmakeuzeknop op om demachine uit te schakelen. Verwijder het wasgoed uit de trommel en controleer goedof de trommel helemaal leeg is. Als u niet van plan bentom nog een was te doen, sluit dan de waterkraan.

Waarschuwing. Als er kinderen of huisdieren inhuis aanwezig zijn, activeert u de kinderbeveili-ging aan de binnenkant van het deurframe (lees voor meerinformatie "Kinderbeveiliging" in het hoofdstuk "Veilig-heidsinformatie"). Stand-by : tijdens het instellen van een programmaen als het programma is voltooid, als de program-makeuzeknop en andere knoppen niet worden aangeraakt,dan wordt na een paar minuten het energiebesparendesysteem ingeschakeld. Het controlelampje gaat uit. Hetgroene controlelampje van de knop 6 knippert af en toe. Door op een willekeurige knop te drukken, haalt u hetapparaat uit de energiebesparende stand. DeurafdichtingAan het einde van elke cy-clus controleert u de deur-afdichting en verwijdert uobjecten die eventueel inde vouw zijn achtergeble-ven.

KORT CENTRIFUGEREN ,SPOELSTOP ,STARTUITSTEL ,EXTRA KORT ,EXTRA SPOELENKATOEN ECO60° - 40°Hoofdwas - Spoelgangen - Maximale centrifugesnelheid: 1200 tpmvoor ZWF5120P en 1400 tpm voor ZWF5140PMax. lading 5 kgWit en bont katoen. Dit programma kan worden gekozen voor lichtof normaal vervuilde katoenen artikelen. De temperatuur wordtverlaagd en de wasduur wordt verlengd. Hierdoor kunt u een goedewasefficiëntie bereiken en tegelijk energie besparen.

KORT CENTRIFUGEREN ,SPOELSTOP ,STARTUITSTEL ,EXTRA SPOELENFIJNE WAS40°- (koud)Hoofdwas - Spoelgangen - Maximale centrifugesnelheid op 700tpmMax. lading 2,5 kg - Gereduceerde lading 1,5 kg1)Fijne was : acryl, viscose, polyester. Normaal vervuilde was. SPOELSTOP ,STARTUITSTEL ,EXTRA KORT ,EXTRA SPOELENWOL40°- (koud)Hoofdwas - Spoelgangen - Maximale centrifugesnelheid op 1200tpm voor ZWF5120P - 900 tpm voor ZWF5140PMax. lading 2 kgIn de machine wasbare wol, met de hand wasbare wol en fijn was-goed met het symbool «handwas». Opmerking : Een enkel of grootstuk wasgoed kan een verkeerd evenwicht van de trommel tot ge-volg hebben. Als de machine de laatste centrifugefase niet uitvoert,voeg dan meer wasgoed toe, verdeel de lading handmatig opnieuwen kies vervolgens het centrifugeprogramma. KORT CENTRIFUGEREN ,SPOELSTOP ,STARTUITSTELSPOELENSpoelen - Kort centrifugeren op 700 tpm.

Als een centrifugesnel-heid hoger dan 700 tpm wordt geselecteerd door op de relevanteknop te drukken, voert het apparaat een lange centrifuge uit. (Maxi-male centrifugesnelheid bij 1200 tpm)Max. lading 5 kgVoor het spoelen en centrifugeren van katoenen kledingstukken diemet de hand zijn gewassen.

U kunt de snelheid met behulp van de betreffendeknop aanpassen aan de stoffen die gecentrifugeerd moeten worden.Als een centrifugesnelheid lager dan 700 tpm wordt geselecteerddoor op de relevante knop te drukken, voert het apparaat een kortecentrifuge uit.KORT CENTRIFUGEREN ,STARTUITSTEL ANTI-KREUK40°- (koud)Hoofdwas - Spoelgangen - Maximale centrifugesnelheid op 900tpmVoor de beste anti-kreukresultaten verlaagt u de lading syntheti-sche kledingstukken. (Aanbevolen lading 1 kg)Synthetische of gemengde stoffen. Voorzichtig wassen en centri-fugeren om kreuken te voorkomen.

De optie Extra Spoelen wordt automatisch geactiveerd.KORT CENTRIFUGEREN ,SPOELSTOP ,STARTUITSTEL1) Als u de optie EXTRA KORT selecteert door op knop 5 te drukken, raden we u aan de maximale lading te beperken, zoals aangegeven.Maximale lading is wel mogelijk, maar de wasresultaten zullen minder goed zijn.VerbruikswaardenProgramma Energieverbruik (kWh) Waterverbruik (liter) Programmaduur (Minu-ten)Witte katoen 90° 2.00 72 170Katoen 60° 1.10 67 145Katoen ECO 60° 1)0.85 46 175Katoen 40° 0.70 67 140Synthetische stoffen 40° 0.55 55 90Fijne was 40° 0.55 63 75Wol/Handwas 30° 0.30 48 551) Het programma "Katoen ECO" op 60°C met een belading van 5 kg is het referentieprogramma voor de gegevens die op hetenergielabels staan, overeenkomstig de richtlijnen 92/75/EEG.De verbruiksgegevens in deze tabel zijn slechts richtlijnen, ze kunnen variëren afhankelijk van de hoeveelheiden soort wasgoed, de temperatuur van het aangevoerde water en de omgevingstemperatuur.Onderhoud en reinigingWaarschuwing!

Schakel de wasmachine uit enhaal de stekker uit het stopcontact voordat u metschoonmaken begint.OnderhoudswasbeurtBij wasbeurten op lage temperaturen is het mogelijk dater aanslag aan de binnenkant van de trommel blijft zittenWij raden u daarom aan regelmatig een onderhoudswas-beurt uit te voerenGa als volgt te werk• Moet de trommel leeg zijn• Moet u het heetste wasprogramma voor katoen kiezen• Gebruik een normale hoeveelheid wasmiddel, dit moetwaspoeder zijn met biologische eigenschappenDe wasmiddellade schoonmakenDe lade voor was- en nabehandelingsmiddelen moet re-gelmatig worden schoongemaakt.20

• Verwijder de lade.• Om het schoonmakente vergemakkelijken,moet het bovenste ge-deelte van het vakjevoor nabehandelings-middelen worden ver-wijderd.• Met een borsteltje kunt u de uitsparing schoonma-ken en alle resten waspoeder verwijderen.• Reinig alle verwijderde onderdelen van de doseer-lade onder een kraan om eventuele resten waspoederte verwijderen.• Gebruik het borsteltjeom de uitsparingschoon te maken.

Zozorgt u ervoor dat alleresten waspoeder goedvan de boven- en on-derkant van de uitspa-ring worden verwij-derd.Als u de doseerbak en uitsparing hebt schoongemaakt,plaatst u de wasmiddellade terug.Het afvoerfilter schoonmakenHet filter houdt pluisjes of vreemde objecten tegen die perongeluk in het wasgoed terecht zijn gekomen.De pomp moet regelmatig worden schoongemaakt.Ga als volgt te werk om het filter te reinigen:•Draai de programmakeuzeknop naar de stand ;• trek de stekker uit het stopcontact;• open de deur;• draai de trommel en lijnde afdekking van het fil-ter ( FILTER ) uit met depijl op de deurvergren-deling;• open de afdekking vanhet filter door op despeciale haak te druk-ken en de afdekkingomhoog te draaien;Waarschuwing!houd de afdekkingvan het filter open totdathet filter is verwijderd;• voordat u het filter ver-wijdert, haalt u allepluisjes en kleine ob-jecten rondom het filterweg;• verwijder het filter en maak het schoon onder dekraan; 21

• plaats de afdekking vanhet filter zo nodig weerrechtop;• open de afdekking vanhet filter en plaats hetfilter terug;het filter is correct geplaatst wanneer de indicator op debovenkant zichtbaar is en wordt geblokkeerd;• sluit de afdekking vanhet filter;• steek de stekker weer inhet stopcontact.De watertoevoerfilters schoonmakenBelangrijk! Als het apparaat niet met water wordt gevuld,het lange tijd duurt voordat het water wordt gevuld, destartknop rood knippert of het display (indien aanwezig)het bijbehorende alarm toont (zie hoofdstuk "Problemenoplossen" voor meer informatie), moet u controleren ofde watertoevoerfilters niet geblokkeerd zijn.De watertoevoerfilters schoonmaken:• Draai de waterkraandicht.• Schroef de slang van dekraan.• Reinig het zeefje in deslang met een hardeborstel.• Schroef de waterslang weer op de kraan.

Zorg ervoordat de aansluiting stevig vast zit.• Schroef de slang van demachine. Houd een ou-de doek bij de hand omeventueel gemorst wa-ter te kunnen opvegen.• Maak het filter in deklep schoon met eenstevige borstel of meteen doek.• Schroef de slang terug op de wasmachine en zorgdat de aansluiting stevig vastzit.• Draai de waterkraan open.Problemen oplossenHet apparaat start of stopt niet tijdens de werking.

Be-paalde problemen zijn het gevolg van een gebrek aaneenvoudig onderhoud of onoplettendheid en kunnen zon-der de inschakeling van een monteur worden opgelostmet behulp van de in de onderstaande tabel beschrevenaanwijzingen.Tijdens de werking van de wasmachine is het mogelijkdat het rode controlelampje van de knop 6 gaat knipperenen dat een van de controlelampjes gaat branden om aante geven dat het apparaat niet werkt.Controleer voordat u contact opneemt met onze service-afdeling eerst de onderstaande checklist.22

Storingscode en storing Mogelijke oorzaak/oplossingExtra spoelenEindeHoofdwasStart/PauzeHet lampje van knop 6 knip-pert en het lampje 7.1 gaatbranden:Probleem met de watertoe-voer.De waterkraan is dicht.• Draai de waterkraan open.De toevoerslang is bekneld of geknikt.• Controleer de aansluiting van de watertoevoerslang.Het filter in de toevoerslang of het inlaatventielfilter is verstopt.• Maak de watertoevoerfilters schoon (lees 'De watertoevoerfilters schoonmaken'voor meer informatie).Extra spoelenEindeHoofdwasStart/PauzeHet lampje van knop 6 knip-pert en het lampje 7.2 gaatbranden:Probleem met de waterafvoer.De afvoerslang is bekneld of geknikt.• Controleer de aansluiting van de afvoerslang.Het afvoerfilter is verstopt.Als het apparaat stopt met werken zonder dat het water wordt afgevoerd, voert u eersteen noodafvoer uit:•zet de programmakeuzeknop op ;• trek de stekker uit het stopcontact;• draai de waterkraan dicht;• wacht zo nodig totdat het water is afgekoeld;• schroef de afvoerslang los van de achtersteun (zie "Voorzorgsmaatregelen bijvorst") en maak de slang los van de gootsteen of tap;• laat de slang op de grond lopen;• zet een opvangbak op de grond en houd het uiteinde van de afvoerslang in debak.

Het water zou door de zwaartekracht in de opvangbak moeten lopen. Wanneerde opvangbak vol is, maakt u hem leeg. Herhaal deze procedure totdat er geenwater meer uit de slang komt;• schroef de afvoerslang weer op de achtersteun en plaats de slang terug;• open de deur en verwijder het wasgoed;• maak het afvoerfilter schoon volgens de beschrijving in "Het afvoerfilter schoon-maken";• aan het einde van de schoonmaakprocedure sluit u de deur en steekt u de stekkerweer in het stopcontact.• Voer een pompprogramma uit om te controleren of de wasmachine nu goed werkt. 23

Storingscode en storing Mogelijke oorzaak/oplossingExtra spoelenEindeHoofdwasStart/PauzeHet lampje van knop 6 knip-pert en het lampje 7.3 gaatbranden:Deur open.De deur is niet of niet goed gesloten.• Doe de deur stevig dicht.Het apparaat start of stopt niet tijdens de werking zondereen zichtbaar alarm.Controleer voordat u contact opneemt met onze service-afdeling eerst de onderstaande checklist.Storing Mogelijke oorzaak/oplossingDe machine start niet:De stekker zit niet goed in het stopcontact.• Steek de stekker in het stopcontact.Er staat geen spanning op het stopcontact.• Controleer de elektrische installatie in uw woning.De hoofdzekering is doorgebrand.• Vervang de zekering.De programmakeuzeknop is niet goed ingesteld en er is niet op knop 6 gedrukt.• Draai de keuzeknop en druk nogmaals op knop 6 .De uitgestelde start is gekozen.• Als het wasgoed meteen gewassen moet worden, annuleert u de uitgestelde start.Er stroomt water in de machi-ne en dat loopt meteen weerweg:Het uiteinde van de afvoerslang bevindt zich te laag.• Raadpleeg de paragraaf "Waterafvoer" in hoofdstuk "Installatie".De machine pompt het waterniet weg en/of centrifugeertniet:Er is een optie of programma gekozen waarbij het water in de trommel niet wordtweggepompt of een programma dat alle spoelgangen onderdrukt.• Kies het programma pompen of centrifugeren.Het wasgoed is niet gelijkmatig in de trommel verdeeld.• Verdeel het wasgoed opnieuw.24

Storing Mogelijke oorzaak/oplossingEr ligt water op de vloer:Er is te veel of een verkeerd wasmiddel gebruikt (te veel schuimvorming). • Verminder de hoeveelheid wasmiddel of gebruik een ander middel. Controleer of een van de koppelingen van de toevoerslang lekkage vertoont. Dit isniet altijd gemakkelijk te zien, omdat het water langs de slang naar beneden loopt;controleer of de slang vochtig is. • Controleer de aansluiting van de watertoevoerslang. De afvoer- of toevoerslang is beschadigd. • Vervang deze door een nieuwe. De deur gaat niet open:Het programma loopt nog. • Wacht tot het wasprogramma is afgelopen. De deur is niet ontgrendeld. • Wacht tot de deur wordt vrijgegeven. Er staat water in de trommel. • Kies het programma pompen of centrifugeren om het water af te voeren. De machine staat te schuddenof maakt lawaai:De transportbouten en het verpakkingsmateriaal zijn niet verwijderd.

• Controleer of de machine correct geïnstalleerd is. Het apparaat staat niet goed waterpas. • Stel de voetjes af. Het wasgoed is niet gelijkmatig in de trommel verdeeld. • Verdeel het wasgoed opnieuw. Mogelijk bevat de trommel te weinig wasgoed. • Plaats meer wasgoed in de trommel. Centrifugeren begint traag ofde machine centrifugeert niet:De elektronische voorziening voor het detecteren van een verkeerd evenwicht isingeschakeld, omdat het wasgoed niet gelijkmatig in de trommel is verdeeld. Hetwasgoed wordt opnieuw verdeeld doordat de trommel in tegenovergestelde richtingronddraait. Dit kan verschillende keren nodig zijn voordat de verkeerde balans ver-dwijnt en het normale centrifugeren kan worden hervat. Als het wasgoed na 10minuten nog steeds niet gelijkmatig in de trommel is verdeeld, zal de machine nietcentrifugeren.

Storing Mogelijke oorzaak/oplossingOnbevredigende wasresulta-tenEr is te weinig of een verkeerd wasmiddel gebruikt.• Gebruik meer wasmiddel of gebruik een ander middel.Hardnekkige vlekken zijn niet vóór het wassen behandeld.• Gebruik normaal in de handel verkrijgbare producten om hardnekkige vlekken tebehandelen.De juiste temperatuur was niet gekozen.• Controleer of u de juiste temperatuur hebt gekozen.Te veel wasgoed in de trommel.• Reduceer de lading.Het apparaat maakt een ab-normaal geluid.De machine is uitgerust met een type motor die vergeleken met andere traditionelemotoren een vreemd geluid maakt.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Zanussi ZWF 5140 P stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden