Yamaha TRACER 9 (2025) Handleiding

Yamaha Motor TRACER 9 (2025)

Bekijk gratis de handleiding van Yamaha TRACER 9 (2025) (190 pagina’s), behorend tot de categorie Motor. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 22 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Yamaha TRACER 9 (2025) of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/190
DIC183
MTT890/MTT890D
(Tracer 9/Tracer 9 GT)
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
HANDLEIDING
MOTORFIETS
Lees deze handleiding
aandachtig door voordat u deze
machine gaat gebruiken.
Gebruikersinformatie
Index
Specificaties
Verzorging en stalling van de motorfiets
Connectiviteitssysteem voor smartphone
(indien aanwezig)
Beschrijving
Speciale functies
Veiligheidsinformatie
Periodiek onderhoud en afstelling
Gebruik en belangrijke rij-informatie
Voor uw veiligheid – controles
voor het rijden
Functies van instrumenten en
bedieningselementen
BRN-F8199-D0
[Dutch (D)]

Beoordeel deze handleiding

4.9/5 (4 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Yamaha
Categorie: Motor
Model: TRACER 9 (2025)

Handleiding Yamaha TRACER 9 (2025) – volledige tekst

DIC183MTT890/MTT890D (Tracer 9/Tracer 9 GT)123456789101112HANDLEIDINGMOTORFIETS Lees deze handleiding aandachtig door voordat u deze machine gaat gebruiken.GebruikersinformatieIndexSpecificatiesVerzorging en stalling van de motorfietsConnectiviteitssysteem voor smartphone(indien aanwezig)BeschrijvingSpeciale functiesVeiligheidsinformatiePeriodiek onderhoud en afstellingGebruik en belangrijke rij-informatieVoor uw veiligheid – controles voor het rijdenFuncties van instrumenten en bedieningselementenBRN-F8199-D0[Dutch (D)]

DAU81567Lees deze handleiding aandachtig door voordat u deze machine gaat gebruiken. Deze handleiding dient bij demachine te blijven als deze wordt verkocht.DAU81576Voor EuropaConformiteitsverklaring:Hierbij verklaart YAMAHA MOTOR ELECTRONICS Co., Ltd. dat de radioapparatuur van het type STARTBLOKKERING,BME-00, in overeenstemming is met Richtlijn 2014/53/EU.De volledige tekst van de EU-conformiteitsverklaring kan worden geraadpleegd op het volgende internetadres:https://global.yamaha-motor.com/eu_doc/Frequentieband: 134.2 kHzMaximaal radiofrequentievermogen: 49.0 [dBμV/m]Fabrikant:YAMAHA MOTOR ELECTRONICS Co., Ltd.1450-6 Mori, Mori-machi, Shuchi-Gun, Shizuoka, 437-0292 JapanImporteur:YAMAHA MOTOR EUROPE N.V.Koolhovenlaan 101, 1119 NC Schiphol-Rijk, 1117 ZN, Schiphol, NederlandUBRND0D0.book Page 1 Friday, October 4, 2024 7:17 PM

DAU94373Voor het VKConformiteitsverklaring:Hierbij verklaart YAMAHA MOTOR ELECTRONICS Co., Ltd. dat de radioapparatuur van het type STARTBLOKKERING,BME-00, in overeenstemming is met de voorschriften voor radioapparatuur 2017.De volledige tekst van de conformiteitsverklaring kan worden geraadpleegd op het volgende internetadres:https://global.yamaha-motor.com/eu_doc/Frequentieband: 134.2 kHzMaximaal radiofrequentievermogen: 49.0 [dBμV/m]Fabrikant:YAMAHA MOTOR ELECTRONICS Co., Ltd.1450-6 Mori, Mori-machi, Shuchi-Gun, Shizuoka, 437-0292 JapanImporteur:YAMAHA MOTOR EUROPE N.V., BRANCH UKUnits A2-A3, Kingswey Business Park, Forsyth Road, Woking, Surrey. GU21 5SA. Verenigd Koninkrijk.UBRND0D0.book Page 2 Friday, October 4, 2024 7:17 PM

DAU81597Voor EuropaConformiteitsverklaring:Hierbij verklaart MITSUBISHI ELECTRIC MOBILITY CORPORATION, dat het type radioapparatuur, Smart-sleutelsysteem(SKEA7B-05, SKEA7B-04) in overeenstemming is met Richtlijn 2014/53/EU.De volledige tekst van de EU-conformiteitsverklaring kan worden geraadpleegd op het volgende internetadres:http://www.mitsubishielectric.com/bu/automotive/doc/re.htmlSmart-eenheid: SKEA7B-04Bedieningsfrequentie: 125 kHzMaximumuitgangsvermogen: 107 dBμV/m op 10 meterHandeenheid: SKEA7B-05Bedieningsfrequentie: 433.92 MHzMaximumuitgangsvermogen: 10 mWFabrikant:MITSUBISHI ELECTRIC MOBILITY CORPORATION840, Chiyoda-machi, Himeji, Hyogo 670-8677, JapanImporteur:YAMAHA MOTOR EUROPE N.V.Koolhovenlaan 101, 1119 NC Schiphol-Rijk, 1117 ZN, Schiphol, NederlandUBRND0D0.book Page 3 Friday, October 4, 2024 7:17 PM

DAU94454Voor het VKConformiteitsverklaring:Hierbij verklaart MITSUBISHI ELECTRIC MOBILITY CORPORATION, dat de radioapparatuur van het type Smart-sleutelsy-steem (SKEA7B-05, SKEA7B-04) in overeenstemming is met de voorschriften voor radioapparatuur 2017.De volledige tekst van de conformiteitsverklaring kan worden geraadpleegd op het volgende internetadres:http://www.mitsubishielectric.com/bu/automotive/doc/ukgb.htmlSmart-eenheid: SKEA7B-04Bedieningsfrequentie: 125 kHzMaximumuitgangsvermogen: 107 dBμV/m op 10 meterHandeenheid: SKEA7B-05Bedieningsfrequentie: 433.92 MHzMaximumuitgangsvermogen: 10 mWFabrikant:MITSUBISHI ELECTRIC MOBILITY CORPORATION840, Chiyoda-machi, Himeji, Hyogo 670-8677, JapanImporteur:YAMAHA MOTOR EUROPE N.V., BRANCH UKUnits A2-A3, Kingswey Business Park, Forsyth Road, Woking, Surrey. GU21 5SA. Verenigd Koninkrijk.UBRND0D0.book Page 5 Friday, October 4, 2024 7:17 PM

DAU97052Conformiteitsverklaring:Hierbij verklaart Garmin dat dit product in overeenstemming is met Richtlijn 2014/53/EU. De volledige tekst van de EU-con-formiteitsverklaring kan worden geraadpleegd op het volgende internetadres:www.garmin.com/complianceConformiteitsverklaring VK:Hierbij verklaart Garmin dat dit product in overeenstemming is met de relevante wettelijke eisen. De volledige tekst van deconformiteitsverklaring kan worden geraadpleegd op het volgende internetadres:www.garmin.com/complianceModelnummer(s): LYWW20Spectrumgegevens: 2.4 GHz @ 8.48 dBm nominaalSpectrumgegevens: 5.8 GHz @ 13.92 dBm nominaalFabrikant:GARMIN CorporationNo.

DAUA4193Voor EuropaConformiteitsverklaringHierbij verklaart PACIFIC INDUSTRIAL CO., LTD. dat de radioapparatuur van het type PMV-E106 in overeenstemming ismet Richtlijn 2014/53/EU.De volledige tekst van de EU-conformiteitsverklaring kan worden geraadpleegd op het volgende internetadres:https://www.pacific-ind.co.jp/eng/products/car/tpms/doc/Frequentieband: 433.05 - 434.79 MHzMaximaal radiofrequentievermogen: 92.8 dBμV/m op een afstand van 3 m (gestraald)Fabrikant:PACIFIC INDUSTRIAL CO., LTD.1300-1 Yokoi, Godo-cho, Anpachi-gun, Gifu, 503-2397 JAPANImporteur:YAMAHA MOTOR EUROPE N.V.Koolhovenlaan 101, 1119 NC Schiphol-Rijk, 1117 ZN, Schiphol, NederlandUBRND0D0.book Page 8 Friday, October 4, 2024 7:17 PM

DAUA4201Voor het VKConformiteitsverklaringHierbij verklaart PACIFIC INDUSTRIAL CO., LTD. dat de radioapparatuur van het type PMV-E106 in overeenstemming ismet de voorschriften inzake radioapparatuur 2017 (S.I. 2017/1206).De volledige tekst van de conformiteitsverklaring kan worden geraadpleegd op het volgende internetadres:https://www.pacific-ind.co.jp/eng/products/car/tpms/doc/etc/Frequentieband: 433.05 - 434.79 MHzMaximaal radiofrequentievermogen: 92.8 dBμV/m op een afstand van 3 m (gestraald)Fabrikant:PACIFIC INDUSTRIAL CO., LTD.1300-1 Yokoi, Godo-cho, Anpachi-gun, Gifu, 503-2397 JAPANImporteur:YAMAHA MOTOR EUROPE N.V., BRANCH UKUnits A2-A3, Kingswey Business Park, Forsyth Road, Woking, Surrey. GU21 5SA. Verenigd Koninkrijk.UBRND0D0.book Page 9 Friday, October 4, 2024 7:17 PM

DAU98372Gebruik van handelsmerkenHet Bluetooth®-woordmerk en de logo’s zijn gedeponeerde handelsmerken van Bluetooth SIG, Inc.Android™ is een handelsmerk van Google LLC.Wi-Fi® is een gedeponeerd handelsmerk van de Wi-Fi Alliance®iOS is een gedeponeerd handelsmerk of handelsmerk van Cisco Systems, Inc. en/of zijn dochterondernemingen in de Verenigde Statenen bepaalde andere landen.UBRND0D0.book Page 14 Friday, October 4, 2024 7:17 PM

InleidingDAU10103Welkom in de wereld van Yamaha!Als eigenaar van de MTT890 / MTT890D profiteert u van de enorme ervaring en technische kennis van Yamaha op het gebied van hetontwerpen en fabriceren van hoogwaardige producten, waarmee Yamaha zijn reputatie van betrouwbaarheid heeft verworven.Neem rustig de tijd om deze handleiding aandachtig door te lezen, zodat u plezier zult hebben van alle functies van uw MTT890 /MTT890D. De Handleiding geeft instructies voor de bediening, inspectie en het onderhoud van de machine en beschrijft hoe u uzelf enanderen kunt beschermen tegen persoonlijk letsel of schade.Verder helpen allerlei tips in deze handleiding om uw machine in optimale conditie te houden. Als er ten slotte toch nog vragen zijn, aarzeldan niet en neem contact op met de Yamaha dealer.Het Yamaha team wenst u veilig en plezierig rijden toe.

En vergeet niet, veiligheid voor alles!Yamaha werkt voortdurend aan verbeteringen ten aanzien van productontwerp en kwaliteit. Om deze reden kan soms sprake zijn vankleine tegenstrijdigheden tussen uw machine en de beschrijving ervan in deze handleiding, ook al bevat de handleiding de meest recenteproductinformatie ten tijde van publicatie. Als u vragen hebt over deze handleiding, neem dan contact op met uw Yamaha dealer.WAARSCHUWINGDWA10032Lees deze handleiding aandachtig helemaal door voordat u deze machine gaat gebruiken.UBRND0D0.book Page 1 Friday, October 4, 2024 7:17 PM

Belangrijke informatie in de handleidingDAU10134Bijzonder belangrijke informatie is in deze handleiding gemarkeerd met de volgende aanduidingen:*Product en specificaties kunnen zonder voorafgaande aankondiging worden gewijzigd.Dit is het Safety Alert-symbool. Het wordt gebruikt om u te waarschuwen voor risico’s op persoonlijk letsel. Volg alle veiligheidsaanwijzingen bij dit symbool op om mogelijk letsel of overlijden te voorkomen.Een WAARSCHUWING duidt een gevaarlijke situatie aan die, indien niet vermeden, kan re-sulteren in ernstig letsel of overlijden.De aanduiding LET OP staat bij speciale voorzorgen die moeten worden genomen om scha-de aan de machine of andere eigendommen te voorkomen.De aanduiding OPMERKING staat bij belangrijke informatie die procedures kan vergemakkelijken of verhelderen.WAARSCHUWINGLET OPOPMERKINGUBRND0D0.book Page 1 Friday, October 4, 2024 7:17 PM

1-11VeiligheidsinformatieDAU1028DWees een verantwoordelijke eigenaarAls eigenaar van de machine bent u verant-woordelijk voor de veilige en juiste bedie-ning ervan. Motorfietsen zijn tweewielige voertuigen. Voor een veilig gebruik zijn de toepassingvan de juiste rijtechnieken en de ervaringvan de bestuurder van belang. Elke be-stuurder moet bekend zijn met de volgendevereisten alvorens met deze motorfiets tegaan rijden. Hij of zij moet: Door een competente informatiebrongrondig zijn ingelicht over alle aspec-ten van het motorrijden.  Zich houden aan de waarschuwingenen onderhoudseisen zoals vermeld indeze Gebruikershandleiding.  Grondig getraind zijn in veilige en cor-recte rijtechnieken.  Gebruikmaken van professioneletechnische service, zoals aangegevenin deze Gebruikershandleiding en/ofwanneer de mechanische conditiesdit vereisen.

 Ga nooit rijden met een motorfietszonder passende rijopleiding of in-structies. Neem rijlessen. Beginnersmoeten les krijgen van een gediplo-meerd instructeur. Neem contact opmet een bevoegde motorfietsdealervoor informatie over rijlessen bij u inde buurt. Veilig rijdenVoer vóór elke rit de controles voor het rij-den uit om u ervan te verzekeren dat demachine in veilige staat verkeert. Onvol-doende inspectie of onderhoud van de ma-chine vergroot het risico op ongeval ofschade. Zie pagina 6-1 voor een lijst metcontroles voor het rijden.  Deze motorfiets is gebouwd voor hetvervoer van de bestuurder plus eenpassagier.  Het niet opmerken en herkennen vanmotorfietsen door andere weggebrui-kers vormt de belangrijkste oorzaakvan auto-/motorongevallen. Vaakworden ongevallen veroorzaakt door-dat een autobestuurder de motor nietheeft gezien.

Zorg dat u opvalt, datblijkt het meest effectief om het risicoop een dergelijk type ongeval te ver-minderen. Dus:• Draag een jack in felle kleuren. • Wees extra voorzichtig bij het nade-ren en passeren van kruisingen,daar doen ongelukken met motor-fietsen zich namelijk het meestvoor.

• Ga daar rijden waar andere wegge-bruikers u kunnen zien. Ga niet rij-den in de dode zichthoek van eenandere weggebruiker. • Pleeg nooit onderhoud aan eenmotorfiets zonder voldoende ken-nis. Neem contact op met een be-voegde motorfietsdealer voorinformatie over het basisonderhoudvan een motorfiets. Bepaalde on-derhoudswerkzaamheden kunnenalleen worden uitgevoerd door ge-diplomeerd personeel.  Bij veel ongevallen zijn onervaren be-stuurders betrokken. Veelal zijn be-stuurders die bij een ongevalbetrokken waren zelfs niet in het bezitvan een geldig motorrijbewijs. • Zorg dat u bekwaam bent om te rij-den en leen uw motorfiets alleen uitaan ervaren motorrijders. • Weet wat u wel en niet aankunt. Door rekening te houden met uwbeperkingen helpt u ongelukkenvoorkomen. UBRND0D0. book Page 1 Friday, October 4, 2024 7:17 PM.

Veiligheidsinformatie1-21• We raden aan om het motorrijden teoefenen op plekken waar geen ver-keer is, totdat u grondig bekendbent met de motor en zijn bedie-ning.  Ongelukken worden vaak veroorzaaktdoor een fout van de motorbestuur-der. Veel bestuurders houden bij hetingaan van een bocht een te hoge rij-snelheid aan of gaan onvoldoendeschuinliggen voor de rijsnelheid,waardoor ze wijd uit de bocht komen. • Neem altijd de maximumsnelheid inacht en rijd nooit sneller dan dewegcondities en het verkeer toe-staan. • Geef altijd richting aan voordat u af-slaat of van rijstrook wisselt. Zorgdat andere weggebruikers u kun-nen zien.  De zithouding van de bestuurder ende passagier is belangrijk voor eengoede besturing. • De bestuurder moet tijdens het rij-den beide handen aan het stuurhouden en beide voeten op de be-stuurdersvoetsteunen, om zo demacht over het stuur te behouden.

• De passagier hoort steeds de be-stuurder, de zadelband of de hand-greep, indien aanwezig, met beidehanden vast te houden en beidevoeten op de passagiersvoetsteu-nen te houden. Neem nooit eenpassagier mee die niet in staat isom beide voeten stevig op de pas-sagiersvoetsteunen te zetten.  Rijd nooit onder invloed van alcohol ofandere drugs.  Deze motorfiets is uitsluitend ontwor-pen voor gebruik op verharde wegen. De machine is niet bedoeld voor off-roadgebruik. Beschermende uitrustingMotorongelukken met dodelijke afloop be-treffen meestal hoofdletsel. Het dragen vaneen helm is de belangrijkste factor bij hetvoorkomen of reduceren van hoofdletsel.  Draag altijd een goedgekeurde helm.  Draag ook een vizier of een veilig-heidsbril. Zonder oogbeschermingkan uw zicht door de rijwind verslech-teren, waardoor u gevaren mogelijk telaat opmerkt.

 Draag nooit loszittende kleding, dezekan blijven haken aan bedienings-handgrepen of door de wielen wordengegrepen en zo een ongeval of letselveroorzaken.  Draag altijd beschermende kledingdie uw benen, enkels en voeten be-dekt. De motor en het uitlaatsysteemkunnen tijdens en na het rijden zeerheet zijn en brandwonden veroorza-ken.  De hierboven vermelde voorzorgs-maatregelen gelden ook voor passa-giers. Voorkom koolmonoxidevergiftigingDe uitlaatgassen van verbrandingsmotorenbevatten koolmonoxide, een dodelijk gas. Inademing van koolmonoxide kan hoofd-pijn, duizeligheid, sufheid, misselijkheid,verwarring en uiteindelijk de dood veroor-zaken. Koolmonoxide is een kleurloos, reukloos,smaakloos gas dat ook aanwezig kan zijnals u geen uitlaatgassen ziet of ruikt. Hetkoolmonoxideniveau kan zeer snel oplo-pen, waardoor u het bewustzijn kunt verlie-zen en uzelf niet meer kunt redden.

Veiligheidsinformatie1-31symptomen van koolmonoxidevergiftigingervaart, verlaat de ruimte dan onmiddellijk,ga naar de open lucht en ROEP MEDISCHEHULP IN.  Laat de motor niet binnen draaien. Zelfs als u ventileert met ventilatorenof open ramen en deuren kan de hoe-veelheid koolmonoxide snel oplopentot gevaarlijke niveaus.  Laat de motor niet draaien in slechtgeventileerde of deels afgeslotenruimtes zoals schuren of garages.  Laat de motor niet buiten draaien opplaatsen waar de uitlaatgassen in eengebouw kunnen worden getrokken viaopeningen zoals ramen en deuren. BeladenHet monteren van accessoires of het ver-voer van bagage kan een negatief effecthebben op de rijstabiliteit en het wegge-drag als hierdoor de gewichtsverdeling vande motor verandert. Wees uiterst voorzich-tig bij het monteren van accessoires of hetbeladen van uw motor, om zo mogelijkeongevallen te vermijden.

Pas extra op wan-neer u op een motor rijdt die beladen is ofwaaraan accessoires zijn gemonteerd. Hieronder volgen naast de informatie overaccessoires enkele richtlijnen voor het be-laden van uw motorfiets:Het totale gewicht van de bestuurder, pas-sagier, accessoires en bagage mag demaximale gewichtslimiet niet overschrij-den. Rijden met een te zwaar belastemachine kan leiden tot een ongeval. Let op het volgende wanneer u tot deze ge-wichtslimiet belaadt: Het zwaartepunt van bagage en ac-cessoires moet zo laag mogelijk lig-gen en zo dicht mogelijk bij de motor. Bevestig zware goederen zo dichtmogelijk bij het midden van de machi-ne en verdeel het gewicht zo gelijkma-tig mogelijk over beide zijden omonbalans of instabiliteit te minimalise-ren.  Als gewicht gaat schuiven kan zicheen plotselinge onbalans voordoen.

• Pas de vering aan de te vervoerenbagage aan (alleen voor modellenmet instelbare vering) en controleerde toestand en spanning van uwbanden. • Bevestig nooit omvangrijke of zwa-re goederen aan het stuur, de voor-vork of het voorwielspatbord. Dergelijke voorwerpen, inclusiefbagage als slaapzakken, plunjezak-ken of tenten, kunnen een instabielweggedrag of een te trage reactieop het stuur veroorzaken.  Deze machine is niet ontworpenvoor het trekken van een aanhangerof bevestiging van een zijspan. Originele Yamaha accessoiresDe keuze van accessoires voor uw machi-ne vormt een belangrijke beslissing. Origi-nele Yamaha accessoires, die alleenverkrijgbaar zijn bij de Yamaha dealer, zijndoor Yamaha ontwikkeld, getest en goed-gekeurd voor gebruik op uw machine. Veel bedrijven die niet zijn gelieerd aanYamaha produceren onderdelen en acces-soires of bieden aanpassingssets voorYamaha voertuigen.

Yamaha kan niet alleproducten testen die deze bedrijven produ-ceren. Om die reden kan Yamaha acces-soires die niet door Yamaha zijn verkocht ofwijzigingen die niet door zijn Yamaha zijnaangeraden niet goedkeuren of aanbeve-len, zelfs niet als deze zijn verkocht engeenstalleerd door een Yamaha dealer. Maximale belasting:197 kg (434 lb)UBRND0D0. book Page 3 Friday, October 4, 2024 7:17 PM.

Veiligheidsinformatie1-41In de handel verkrijgbare onderdelen,accessoires en aanpassingssetsHoewel er producten verkrijgbaar zijn diequa ontwerp en kwaliteit sterk lijken op ori-ginele Yamaha accessoires, dient u te be-seffen dat sommige in de handelverkrijgbare accessoires of aanpassings-sets niet geschikt zijn vanwege mogelijkeveiligheidsrisico’s voor uzelf of anderen. Het monteren van in de handel verkrijgbareproducten of het verrichten van aanpassin-gen die de ontwerp- of bedieningskenmer-ken van uw machine wijzigen, kan het risicoop ernstig letsel of overlijden van uzelf ofanderen vergroten. U bent verantwoordelijkvoor letsel dat voortvloeit uit wijzigingenaan de machine. Volg bij de montage van accessoires de on-derstaande richtlijnen en die vermeld onderhet kopje “Beladen”.

 Monteer nooit accessoires en vervoernooit bagage als deze een nadelige in-vloed hebben op de prestaties van uwmotor. Inspecteer het accessoirezorgvuldig alvorens het te gebruikenom te waarborgen dat het de grond-speling of de hellinghoek op geen en-kele manier vermindert, de veerweg,de stuuruitslag of de bediening nietbeperkt en geen lampen of reflectorsafdekt. • Accessoires die aan of nabij hetstuur of de voorvork zijn gemon-teerd zullen mogelijk instabiliteitveroorzaken door een foutieve ge-wichtsverdeling of door aerodyna-mische effecten. Accessoires aanhet stuur of nabij de voorvork moe-ten zo licht mogelijk zijn en tot eenminimum worden beperkt. • Omvangrijke accessoires kunnendoor hun aerodynamisch effect vaninvloed zijn op de rijstabiliteit van demotor. De motor kan door rijwindworden opgetild of bij zijwind insta-biel worden.

Zulke accessoireskunnen ook instabiliteit veroorza-ken terwijl u grote voertuigen in-haalt of door deze wordt ingehaald. • Sommige accessoires dwingen debestuurder om een andere dan denormale zitpositie in te nemen.

Zo’nverkeerde zitpositie beperkt de be-wegingsvrijheid van de bestuurderen kan een comfortabele bedieninghinderen, zodat we dergelijke ac-cessoires sterk afraden.  Wees voorzichtig bij het aanbrengenvan elektrische accessoires. Als elek-trische accessoires de capaciteit vanhet elektrische systeem van de motor-fiets te boven gaan, kan zich een ge-vaarlijke elektrische storing voordoenwaardoor de verlichting of de motoruitvalt. In de handel verkrijgbare banden en vel-genDe banden en velgen die bij uw motorfietswerden geleverd, zijn ontworpen om demogelijkheden van de motorfiets te onder-steunen en bieden de beste combinatie vanrijprestaties, remvermogen en comfort. An-dere banden, velgen, maten of combinatieszijn mogelijk niet geschikt. Zie pagina 8-14voor de bandenspecificaties en informatieover het onderhouden en vervangen vanuw banden.

Veiligheidsinformatie1-51 Schakel een versnelling in (bij model-len met een handgeschakelde ver-snellingsbak). Zet de motorfiets vast met spanban-den of andere geschikte banden aanstevige delen van de motorfiets, zoalshet frame of de bovenste voorvork-klem (en niet aan, bijvoorbeeld, hetstuur, de richtingaanwijzers of onder-delen die kunnen afbreken). Kies deplaats voor de spanbanden zorgvuldigom te voorkomen dat deze tijdens hettransport schuurplekken op de lakveroorzaken. Zorg indien mogelijk dat de vering ietsdoor de spanbanden wordt ingedrukt,zodat de motorfiets tijdens het trans-port niet overmatig kan stuiteren.UBRND0D0.book Page 5 Friday, October 4, 2024 7:17 PM

Speciale functies3-13DAUA4313Matrix LED-koplamp (MTT890D)De matrix LED-koplamp bestaat uit meer-dere LED’s die in verschillende richtingenschijnen. Ze worden in verschillende patro-nen geactiveerd om dimlicht, grootlicht,adaptief grootlicht en bochtenlicht te bie-den.Adaptief grootlichtAls het adaptieve grootlicht actief is, detec-teert de camera aan de voorzijde tege-moetkomende voertuigen, voorliggendevoertuigen en omgevingslicht. Vervolgenswordt het LED-patroon van het grootlichtautomatisch aangepast om verblinding vanandere bestuurders te voorkomen.De detectiesnelheid van de camera en deinstelling voor links/rechts rijden kunnenworden aangepast in het menusysteem.(Zie pagina 5-22.)Geen tegemoetkomende of voorliggen-de voertuigenTegemoetkomend voertuigTegemoetkomend voertuig nadertTegemoetkomend voertuig passeertUBRND0D0.book Page 1 Friday, October 4, 2024 7:17 PM

Speciale functies3-33Adaptief grootlicht aan (in bochten, bijtegemoetkomende voertuigen)Houd de koplampschakelaar naar buiteningedrukt om de adaptieve grootlichtfunc-tie in te schakelen. Daarna gaan de LED’s van het grootlicht bijrijsnelheden boven 20 km/h (12 mi/h) auto-matisch aan of uit op basis van gedetec-teerde voertuigen en delichtomstandigheden. Als de LED’s van het grootlicht in de adap-tieve grootlichtmodus gaan branden, gaatde indicator adaptief grootlicht “ ”groen branden. Het controlelampje grootlicht “ ” gaatook branden. Het adaptieve grootlicht werkt niet onderde volgende omstandigheden: Rijsnelheid onder 15km/h (9 mi/h) Stedelijke omgevingen Mistig weer DaglichtWAARSCHUWINGDWA22870Het adaptieve grootlicht heeft als doelom de zichtbaarheid te vergroten en ver-moeidheid van de bestuurder te vermin-deren.

Cameradetectie kan wordenbeïnvloed door weg- en weersomstan-digheden, de hellingshoek van het voer-tuig etc. Bestuurders dienen zich altijdbewust te zijn van hun omgeving en dewegomstandigheden en de koplampente bedienen zoals vereist. LET OPDCA28751Het adaptieve grootlicht werkt mogelijkniet goed in de volgende gevallen: De camera-afdekking is vuil (stof,modder, insecten etc. ), achteruit-gegaan of beschadigd.  Er is een voorwerp, sticker of foliebevestigd op enig deel van of rondde camera-afdekking.  Er is een waterafstotende ruitcoa-ting aangebracht op de camera-af-dekking De machine helt achterover doorzware belading.  Het camerazicht wordt geblok-keerd door slecht weer (mist, zwareregen, sneeuw etc. ) Uitlaatrook of spatwater van eenvoorliggend voertuig blokkeert decamera.  Schemerlicht.

Speciale functies3-43 De afstand tot andere voertuigen iste groot of te klein. De rijsnelheid is te hoog. Plotselinge verandering van de hel-lingshoek van de machine (scherpebochten, hard remmen etc.)Als er een storing optreedt in het adap-tieve grootlicht, gaat de indicator vanhet adaptieve grootlicht oranjebranden “ ”.Zet als dit zich voordoet de machine stilen reinig de camera-afdekking. Als deindicator nadat u enige afstand hebt ge-reden niet groen gaat branden“ ”,laat de machine dan nakijken door eenYamaha dealer.De camera-afdekking reinigen:Als de camera-afdekking te vuil is, zal hetadaptieve grootlicht niet goed werken. Alshet binnenoppervlak van de camera-afdek-king vervuild raakt, reinig dan zowel hetbinnen- als buitenoppervlak op de volgen-de manier:1. Zorg dat het windscherm in de hogestand staat en de toegang tot de ca-mera-afdekking niet blokkeert.2.

Verwijder de camera-afdekking doorde drukclips te verwijderen en dan decamera-afdekking omhoog te trek-ken.3. Reinig de camera-afdekking met eenzachte doek of spons die is bevoch-tigd met water en een pH-neutraal rei-nigingsmiddel. Gebruik indien nodigeen hoogwaardig kuipruitreinigings-middel. LET OP: Gebruik nooitagressieve chemicaliën om de ca-mera-afdekking te reinigen. Daar-naast kunnen bepaaldereinigingsmiddelen voor kunststofkrassen veroorzaken op de came-ra-afdekking, dus test een reini-gingsmiddel altijd eerst voordat uhet toepast. [DCA28810]4. Spoel vervolgens grondig na met wa-ter. Zorg dat u alle restanten van hetreinigingsmiddel verwijdert omdatdeze schadelijk kunnen zijn voorkunststof onderdelen.5. Plaats de camera-afdekking terug enbreng de drukclips aan.De detectiesnelheid van de camera ende instelling voor links/rechts rijdenkunnen worden aangepast in het me-nusysteem.

Speciale functies3-53DAUA4842BochtenlichtenDit model is uitgerust met naar opzij gerich-te LED-lampen die worden gebruikt alsbochtenlicht. Het bochtenlicht gaat automatisch brandenin de rijrichting als de machine in een bochtoverhelt. Het bochtenlicht werkt als de koplampenzijn ingesteld op dimlicht “ ”. Het bochtenlicht werkt niet als de koplam-pen zijn ingesteld op grootlicht “ ” ofadaptief grootlicht “ ” (MTT890D). DAUA4232YRC (Yamaha Ride Control)YRC is een systeem dat gebruikmaakt vanverschillende sensoren en regelingen omeen verbeterde rijervaring mogelijk te ma-ken. De machine registreert krachten inlangsrichting (voor/achter), dwarsrichting(links/rechts) en verticale richting (om-hoog/omlaag) en kan hierop reageren. Ookde leunhoek en G-krachten worden gede-tecteerd.

Deze informatie wordt meerderemalen per seconde verwerkt en indien no-dig worden de gerelateerde fysieke syste-men automatisch bijgesteld. De volgendefuncties zijn afzonderlijke YRC-items diekunnen worden in- of uitgeschakeld of in-gesteld naargelang de wensen van de be-stuurder en de rijomstandigheden. Ziepagina 5-36 voor meer informatie over deinstellingen. WAARSCHUWINGDWA18221Het Yamaha Ride Control (YRC)-sy-steem vormt geen vervanging voor hetgebruik van de juiste rijtechnieken of deervaring van de bestuurder. Het systeemkan geen controleverlies voorkomen datwordt veroorzaakt door fouten van debestuurder zoals sneller rijden dan deweg- en verkeersomstandigheden toe-staan, inclusief verlies van grip door eente hoge snelheid bij het ingaan vanbochten en hard optrekken bij eenscherpe leunhoek of tijdens het rem-men.

Ook kan het systeem wegslippenof omhoogkomen van het voorwiel nietvoorkomen. Rijd zoals bij elke motor-fiets binnen uw mogelijkheden, houd re-kening met deomgevingsomstandigheden en pas uwrijgedrag aan deze omstandighedenaan.

Zorg dat u grondig vertrouwd raaktmet de manier waarop de motorfiets re-ageert bij diverse YRC-instellingen alvo-rens moeilijkere manoeuvres teproberen. SC (stabiliteitsregeling)SC bestaat uit TCS (tractieregeling), SCS(anti-uitbreekregeling), LIF (anti-liftsysteem)en BSR (anti-slipregeling achterwiel). Dezesystemen kunnen onafhankelijk worden in-gesteld via het menusysteem (zie pagina5-36), of allemaal tegelijk worden in- of uit-geschakeld door naar TCS in het menusy-steem te gaan (zie pagina 5-41). Als een van de SC-systemen tijdens het rij-den wordt geactiveerd, gaat het controle-lampje stabiliteitsregeling “ ” knipperen(zie pagina 5-9). UBRND0D0. book Page 5 Friday, October 4, 2024 7:17 PM.

Speciale functies3-63PWR (vermogensafgiftemodus)PWR bestaat uit vier verschillende kenvel-den voor regeling van de gasklepopening inrelatie tot de gasgreepbediening. Hierdoorkunt u kiezen uit diverse modi naargelanguw voorkeuren en de rijomgeving. Niveau 1 - Sportieve motorrespons. Niveau 2 - Gemiddelde motorrespons. Niveau 3 - Milde motorrespons. Niveau 4 - Regenachtige dagen of wanneereen lager motorvermogen gewenst is. TCS (tractieregeling)TCS helpt om grip te behouden tijdens hetoptrekken. Wanneer sensoren detecterendat het achterwiel begint te slippen (onge-controleerde slip), grijpt TCS in door hetmotorvermogen te reguleren totdat de gripis hersteld. De werking van TCS wordt automatischaangepast op basis van de leunhoek vande machine. Om een maximale acceleratiemogelijk te maken, wordt in de rechtop-stand minder tractieregeling toegepast.

Inde bochten wordt meer tractieregeling toe-gepast. TCS heeft meerdere instellingsniveaus. Hoe hoger het instellingsniveau, hoe ster-ker de systeeminterventie. Niveau 1 - Geschikt voor sportief rijden. Niveau 2 - Geschikt voor rijden op de weg. Niveau 3 - Geschikt voor rijden op natte ofgladde oppervlakken. OPMERKING Het is mogelijk dat TCS wordt geacti-veerd wanneer de machine over eenhobbel rijdt.  Er zijn mogelijk kleine veranderingenin het motor- en uitlaatgeluid waar-neembaar wanneer TCS of andereYRC-systemen worden geactiveerd.  Als het contactslot wordt ingescha-keld, wordt TCS automatisch inge-schakeld. TCS kan alleen handmatigworden in- of uitgeschakeld wanneerhet contactslot is ingeschakeld en demachine is gestopt.  Als de machine vast is komen te zittenin modder, zand of een ander zachtoppervlak, schakel TCS dan uit omvrijmaken van het achterwiel te verge-makkelijken.

Speciale functies3-73Rijd altijd voorzichtig op oppervlakkendie mogelijk glad kunnen zijn en vermijdbijzonder gladde oppervlakken. LET OPDCA16801Gebruik uitsluitend de voorgeschrevenbanden. (Zie pagina 8-14. ) Bij gebruikvan banden met een andere maat zal detractieregeling de wielrotatie niet nauw-keurig kunnen regelen. SCS (anti-uitbreekregeling)SCS regelt de vermogensafgifte van demotor wanneer zijdelings wegschuiven vanhet achterwiel wordt gedetecteerd. De re-geling past de vermogensafgifte aan op ba-sis van de leunhoek van de machine. Ditsysteem ondersteunt TCS (tractieregeling)om bij te dragen aan een soepeler rijge-drag. SCS heeft meerdere instellingsniveaus. Hoe hoger het instellingsniveau, hoe ster-ker de systeeminterventie om laterale wiel-slip te verminderen. Niveau 1 - Geschikt voor sportief rijden. Niveau 2 - Geschikt voor rijden op de weg.

Niveau 3 - Geschikt voor rijden op natte ofgladde oppervlakken. LIF (anti-liftsysteem)LIF vermindert de snelheid waarmee hetvoorwiel van de grond komt bij extreme ac-celeratie, zoals bij het wegrijden of optrek-ken uit de bocht. Als voorwiellift wordtgedetecteerd, wordt het motorvermogengeregeld om de voorwiellift te vertragenmet behoud van een goede acceleratie. LIF kan worden ingesteld op 1, 2 en 3. Hoe hoger het instellingsniveau, hoe ster-ker de systeeminterventie om wiellift te ver-minderen. Niveau 1 - Minste liftcontrole. Geschiktvoor sportief rijden. Niveau 2 - Meer liftcontrole. Geschikt voorsportief rijden. Niveau 3 - Meeste liftcontrole. Geschiktvoor rijden op de weg. EBM (motorremmanagement)EBM verlaagt het motorkoppel bij afrem-men. De brandstofinspuiting, het ontste-kingstijdstip en de elektronische gasklepworden elektronisch aangepast door deECU.

EBM kan worden ingesteld op 1 of 2. Hoe hoger het instelniveau, hoe sterker desysteeminterventie om de motorremwer-king te reduceren. Niveau 1 - Minste interventie van het mo-torremsysteem, geschikt voor sportief rij-den.

Niveau 2 - Meer interventie van het motor-remsysteem. Geschikt voor rijden op deweg. WAARSCHUWINGDWA20880Zorg dat de motor voldoende is ver-traagd voordat u naar een lagere ver-snelling schakelt. Als u naar een lagereversnelling schakelt bij een te hoog mo-tortoerental, kan het achterwiel grip ver-liezen. Dit kan leiden tot verlies van decontrole over de machine, een ongevalen letsel. Het kan ook resulteren in scha-de aan de motor of de aandrijflijn. SUS (elektronisch geregeld veersy-steem) (MTT890D)SUS is een elektronisch geregeld veersy-steem dat automatisch de dempingskrachtkan afstemmen op de rijomstandigheden. Het systeem heeft 4 kenvelden (A-1, A-2,C-1, C-2). WAARSCHUWINGDWA21170Wijzig de veringsmodus niet tijdens hetrijden. UBRND0D0. book Page 7 Friday, October 4, 2024 7:17 PM.

Als de sensor op deschakelstang de juiste beweging van hetschakelpedaal waarneemt, wordt het mo-torvermogen kortstondig aangepast omschakelen mogelijk te maken. QS werkt niet als de koppelingshendelwordt ingetrokken, normaal schakelen isdus ook mogelijk als QS is ingeschakeld. Controleer de indicator snelschakelen vooractuele status- en bruikbaarheidsinforma-tie. Opschakelomstandigheden Rijsnelheid minimaal 15 km/h (9 mi/h) Motortoerental minimaal 2000 tpm Motortoerental voldoende ver onderde rode zoneTerugschakelomstandigheden Rijsnelheid minimaal 15 km/h (9 mi/h) Motortoerental minimaal 1600 tpm Motortoerental ver genoeg verwijderdvan de rode zoneOPMERKING “QS ” en “QS ” kunnen individu-eel worden ingesteld.  Schakelen naar of uit de vrijstandmoet gebeuren met de koppelings-hendel.

Het standaard ABS (anti-blok-keervoorziening remsysteem) isontworpen om in te grijpen en de rem-kracht te maximaliseren bij rechtuit rij-den.  ON: Het ABS (anti-blokkeervoorzie-ning remsysteem) en remondersteu-ning in bochten zijn beide actief. Naast het standaard ABS onderdruktdit de toename van de remdruk bijplotseling hard remmen in bochten,waardoor de terugkeer van de machi-ne naar de rechtopstand geleidelijkerverloopt. Afhankelijk van de leunhoekwordt de remkracht ook gereguleerdop basis van aanvullende informatieBruikbaarheid snelscha-kelsysteemIndicatorOpschakelen OKTerugschakelen OKSnelschakelsysteem kan niet worden gebruiktSnelschakelsysteem uitge-schakeldUBRND0D0. book Page 8 Friday, October 4, 2024 7:17 PM.

Speciale functies3-93van de IMU om het stabiliteitsgevoelte verbeteren en blokkeren van dewielen te vermijden. Zie pagina 5-45 voor meer informatie overhet remsysteem. OPMERKINGVoor ervaren rijders of bij circuitgebruik kaneen scala aan omstandigheden ertoe leidendat het BC eerder actief wordt dan gewenstvoor een bepaalde bochtsnelheid of rijlijn. WAARSCHUWINGDWA22532 Zelfs met BC ingeschakeld kankrachtig remmen in bochten resul-teren in wielslip en balansverlies. Rem voldoende af alvorens boch-ten in te gaan.  Gebruik BC uitsluitend op de open-bare weg. Onder andere omstan-digheden werkt BC mogelijk nietgoed en bestaat een risico op onge-vallen. BSR (anti-slipregeling achterwiel)BSR helpt om grip te behouden bij het af-remmen en/of terugschakelen in omstan-digheden met weinig grip.

Wanneersensoren detecteren dat het achterwiel be-gint te slippen of blokkeert, grijpt BSR indoor het motorvermogen te reguleren tot-dat de grip is hersteld. OPMERKING Het is mogelijk dat BSR wordt inge-schakeld wanneer de machine overeen hobbel rijdt.  Er zijn mogelijk kleine veranderingenin het motor- en uitlaatgeluid waar-neembaar wanneer BSR of andereYRC-systemen worden geactiveerd.  Voor ervaren rijders of bij circuitge-bruik kunnen diverse omstandighe-den ertoe leiden dat BSR het gedragvan de machine op een onvoorzienemanier beïnvloedt. WAARSCHUWINGDWA22700De anti-slipregeling achterwiel vormtgeen vervanging voor verstandig rijge-drag dat is aangepast aan de omstan-digheden. De anti-slipregelingachterwiel kan niet elk gripverlies als ge-volg van overmatige snelheid bij het in-gaan van bochten of remmenvoorkomen, en kan ook slippen van hetvoorwiel niet voorkomen.

Speciale functies3-103DAUA4322Cruise controlDit model is uitgerust met cruise control,dat een ingestelde kruissnelheid handhaaft. De cruise control kan alleen worden geacti-veerd tijdens het rijden in de 3e of een ho-gere versnelling met een snelheid tussenongeveer 50 km/h (31 mi/h) en 180 km/h(112 mi/h). WAARSCHUWINGDWA22860 Onjuist gebruik van de cruise con-trol kan leiden tot verlies van decontrole over de machine met mo-gelijk een ongeval tot gevolg. Ge-bruik geen cruise control in drukverkeer, slechte weersomstandig-heden of op bochtige, gladde, heu-velachtige of slechte wegen ofgrindwegen.  Wanneer u heuvelopwaarts of heu-velafwaarts rijdt, kan de cruise con-trol de ingestelde kruissnelheidmogelijk niet aanhouden.  Wanneer u de cruise control nietgebruikt, moet u deze uitschakelenom te voorkomen dat u deze perongeluk inschakelt.

Controleer ofde indicator van de cruisecontrol “ ” uit is. Cruise control inschakelen1. Druk op de knop cruisecontrol/YVSL “ ” om het systeem inte schakelen. De indicator cruisecontrol “ ” en de indicator ingestel-de snelheid “ ” lichten op om aan tegeven dat het systeem stand-by is. 2. Druk op de “SET/–”-zijde van de in-stelschakelaar voor cruise con-trol/YVSL om de cruise control teactiveren. De huidige snelheid van demachine wordt de ingestelde kruis-snelheid en wordt groen weergegevenin de indicator ingesteldesnelheid “ ”. De indicator cruisecontrol “ ” wordt ook groen. OPMERKINGAls de indicator cruise control “ ” oranjeoplicht, vraag dan een Yamaha dealer demachine te inspecteren.

OPMERKINGAls u de instelschakelaar eenmaal indrukt,wordt de ingestelde snelheid in stappenvan 1. 0 km/h (1. 0 mi/h) gewijzigd. Als u de“RES/+”- of “SET/–”-zijde van de instel-schakelaar voor cruise control/YVSL inge-drukt houdt, wordt de snelheid doorlopendverhoogd of verlaagd met stappen van 10km/h (10 mi/h) totdat u de schakelaar weerloslaat. U kunt de rijsnelheid ook handmatig verho-gen met de gasgreep. Nadat u gas hebt ge-geven, kunt u een nieuwe kruissnelheid1. Knop cruise control/YVSL “ ”2. Instelschakelaar cruise control/YVSL “RES/+/SET/–”22 11UBRND0D0. book Page 10 Friday, October 4, 2024 7:17 PM.

Speciale functies3-113instellen door op de “SET/–”-zijde van deinstelschakelaar te drukken. Als u geennieuwe kruissnelheid instelt en gas terug-neemt, remt de machine af tot de eerder in-gestelde kruissnelheid. Cruise control uitschakelenVoer een van de volgende acties uit om decruise control te deactiveren en in destand-bymodus te zetten. Als het systeemnaar de stand-bymodus gaat, verliezen zo-wel de indicator cruise control “ ” als deindicator ingestelde snelheid “ ” hungroene status.  Draai de gasgreep voorbij de vollediggesloten stand in de deceleratierich-ting.  Bekrachtig de voor- of achterrem.  Knijp de koppelingshendel in.  Schakel. OPMERKINGDe rijsnelheid gaat dalen zodra cruise con-trol wordt uitgeschakeld, als tenminste nietaan de gasgreep wordt gedraaid.

De cruise control wordt onder devolgende omstandigheden automatischuitgeschakeld: De cruise control kan de ingesteldekruissnelheid niet aanhouden (bijvoor-beeld als u een steile helling oprijdt).  Er is een wielslip of wielspin gedetec-teerd. (Als de tractieregeling is inge-schakeld, treedt deze in werking. ) Schakelaar Stop/Run/Start“ / / ” wordt ingesteld op “ ”.  De motor wordt afgezet.  De zijstandaard wordt uitgeklapt.  De tractieregeling wordt uitgescha-keld. Als de cruise control onder de bovenstaan-de omstandigheden wordt uitgeschakeld,knipperen de indicator cruise1. Deceleratierichting11UBRND0D0. book Page 11 Friday, October 4, 2024 7:17 PM.

Speciale functies3-123control “ / ” en de indicator ingestel-de snelheid “ / ” 4 seconden alvorensuit te gaan. Druk om de cruise control opnieuw te ge-bruiken op de knop cruisecontrol/YVSL “ ” om het systeem in teschakelen. OPMERKINGAls u heuvelop of heuvelaf rijdt, kan decruise control in sommige gevallen de inge-stelde kruissnelheid mogelijk niet aanhou-den.  Wanneer u heuvelopwaarts rijdt metde machine, kan de werkelijke rijsnel-heid lager worden dan de ingesteldekruissnelheid. Als dit gebeurt, accele-reert u met de gasgreep tot de ge-wenste rijsnelheid.  Wanneer u heuvelafwaarts rijdt met demachine, kan de werkelijke rijsnelheidhoger worden dan de ingesteldekruissnelheid. Als dit gebeurt, kunt ude instelschakelaar van de cruise con-trol/YVSL niet gebruiken om de inge-stelde kruissnelheid aan te passen. Als u de rijsnelheid wilt verlagen, ge-bruikt u de remmen.

Wanneer u deremmen gebruikt, wordt de cruisecontrol uitgeschakeld. DAUA4331Yamaha Variable Speed Limiter (YVSL)Dit model is uitgerust met de Yamaha Vari-able Speed Limiter (YVSL), die de machinebegrenst op een door de bestuurder inge-stelde maximumsnelheid. De YVSL kan worden ingesteld op elkesnelheidslimiet tussen 50 km/h (31 mi/h) en180 km/h (112 mi/h). Als de ingestelde snel-heidslimiet wordt bereikt, wordt het motor-vermogen beperkt om te voorkomen dat demachine zonder gasklepregeling de inge-stelde snelheidslimiet overschrijdt. WAARSCHUWINGDWA22900 Onjuist gebruik van het YVSL-sy-steem kan leiden tot verlies van decontrole over de machine met mo-gelijk een ongeval tot gevolg. Ge-bruik het YVSL-systeem niet in drukverkeer, slechte weersomstandig-heden of op bochtige, gladde, heu-velachtige of slechte wegen ofgrindwegen.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Yamaha TRACER 9 (2025) stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden