Well Straler RC-16B Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Well Straler RC-16B (16 pagina’s), behorend tot de categorie Haarden. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 34 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over Well Straler RC-16B of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/16
Gebruikshandleiding
RC-16B/C
WELL STRALER
Hertstraat 99
B-9473 Welle
T +32 (0)53 66 64 65
F +32 (0)53 67 34 00
info@wellstraler.be

Beoordeel deze handleiding

4.8/5 (3 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Well Straler
Categorie: Haarden
Model: RC-16B

Handleiding Well Straler RC-16B – volledige tekst

3 1. Inleiding 1. 1. Verwelkoming Gefeliciteerd met de aankoop van uw Well Straler gaskachel. Wij verheugen ons u als klant te hebben. Met dit kwaliteitsproduct zal u jarenlang stookplezier hebben, en kunnen genieten van het unieke vlammenspel en de gezellige warmte. Lees eerst zorgvuldig deze gebruiksaanwijzing voordat u het toestel in gebruik neemt. Bewaar dit boekje goed. Het plaatsen en in werking stellen moet door vakmensen gebeuren volgens gangbare normen. Laat bij het in werking stellen, uw installateur u inlichten over het gebruik, de bediening en het onderhoud van uw toestel. Elk toestel is getest, nauwkeurig afgeregeld en verzegeld in de fabriek gelijkvormig de categorie I2E+, respectievelijk I3P. Bij wijzigingen aan de regelorganen door onbevoegde personen vervalt de waarborg. Het toestel is voorzien van een hittebestendige laklaag.

Tijdens de eerste stookuren is het volkomen normaal dat er een geur ontstaat door het inbranden van de lak; dit is echter ongevaarlijk. Om dit zo snel mogelijk te verhelpen dient men het toestel enkele uren volop te laten branden en het vertrek goed te ventileren. 1. 2. Waarborg De waarborg geldt uitsluitend voor elke constructiefout. Hij loopt twee jaar vanaf de leveringsdatum. De waarborg beperkt zich tot het eenvoudig uitwisselen van de onderdelen die door onze technische dienst als defect erkend worden en dit met uitsluiting van elke schadevergoeding of interest. De verplaatsingkosten en handenarbeid zijn ten laste van de verbruiker. De waarborg vervalt indien het toestel hetzij slecht onderhouden of verkeerd gebruikt werd, hetzij bij ongeval of ramp beschadigd, welke aan een oorzaak te wijten is vreemd aan het toestel zelf, ofwel door niet aangewezen personen hersteld werd.

De waarborg dekt niet het vervangen van breekbare onderdelen of stukken in contact met het vuur, glas e. a. Eventuele klachten worden uitsluitend via de leverancier in behandeling genomen. 1. 3. Veiligheid 1. 3. 1.

Veiligheden ingebouwd in het bedieningssysteem Het bedieningssysteem werkt op radiofrequentiesignalen die uitgezonden worden door de zender naar de ontvanger in uw toestel. Voor een goede werking is het dus onontbeerlijk dat de zender altijd binnen het werkingsbereik van de ontvanger geplaatst wordt (± 6 m). Om ongewenste situaties te voorkomen werden verschillende veiligheidssystemen ingebouwd die verwittigen wanneer er moet ingegrepen worden. 1. 3. 2. Thermo-veiligheid – zender De afstandsbediening beschikt over een thermo-veiligheid, ingebouwd in de software. Deze geeft het systeem een bijkomende veiligheid wanneer het in THERMO of PROGRAM mode staat.

Deze thermo-veiligheid treedt in werking van zodra de zender buiten het bereik van de ontvanger wordt geplaatst en werkt als volgt (enkel bij THERMO en PROGRAM mode): De zender meet elke 2 minuten de omgevingstemperatuur en vergelijkt de gemeten omgevingstemperatuur met de ingestelde SET temperatuur. Samen met deze meting stuurt de zender ook een RF-signaal naar de ontvanger om weer te geven dat de zender zich in het werkingsbereik bevindt. Wanneer de ontvanger dergelijk signaal niet ontvangt in een tijdsspanne van 2 minuten betekent dit dat de zender buiten bereik is en dus geen verdere opdrachten kan doorgeven. Op dit moment treedt de THERMO-veiligheid in werking en begint een drie kwartier durende countdown in de ontvanger. In het geval de ontvanger gedurende deze 45 minuten durende countdown geen signaal meer van de zender ontvangt, zal het toestel automatisch uitgeschakeld worden.

U hoort een serie korte biepjes gedurende 10 seconden gevolgd door één biep elke 4 seconden, en dit zolang de ontvanger niet wordt GERESET. Om de ontvanger te RESETTEN moet u de MODE-toets op de zender indrukken tot er OFF verschijnt. Vervolgens kunt u het toestel opnieuw in de gewenste werkingsMODE brengen.

4 DOWNFANTIMETIMERFLAMEBACKSETRETURNPROGRAMREVIEWAHEAD-+MODE UP 1. 3. 3. Communicatieveiligheid zender In tegenstelling tot de THERMO-veiligheid werkt de communicatieveiligheid in alle werkingsmodi (ON-THERMO-PROGRAM). Deze veiligheid werkt als volgt: De zender stuurt altijd (gelijk in welke mode) om de 2 minuten een RF-signaal naar de ontvanger om aan te tonen dat deze zich in het werkingsbereik bevindt. Wanneer de ontvanger dergelijk signaal niet ontvangt zal er automatisch overgegaan worden naar een countdown van 15 minuten. Ontvangt de ontvanger gedurende deze 15 minuten durende countdown geen signaal meer van de zender, dan zal het toestel automatisch uitgeschakeld worden. U hoort een serie korte biepjes gedurende 10 seconden gevolgd door één biep elke 4 seconden, en dit zolang de ontvanger geen geldig signaal ontvangt of wordt gereset.

Om de ontvanger te RESETTEN moet u de MODE-toets op de zender indrukken tot er OFF verschijnt. Vervolgens kunt u het toestel opnieuw in de gewenste werkingsMODE brengen. 1. 3. 4. Thermo-veiligheid – ontvanger De ontvanger beschikt eveneens over een thermo-veiligheid die in werking treedt wanneer bij niet normaal functioneren van het toestel (bv. defecte ventilator) de omgevingstemperatuur van de ontvanger boven de 65°C zou stijgen. Op dit moment wordt uw toestel uitgeschakeld en biept de ontvanger 4 keer om de 2 seconden, en dit zolang de omgevingstemperatuur niet zakt onder de 50°C. Van zodra het biepen stopt, kunt u uw toestel opnieuw in gebruik nemen door op de MODE-toets de gewenste werking in te stellen. 1. 3. 5.

Kinderslot (CP) Het systeem voorziet in een ‘kinderslot’-functie die het desgewenst onmogelijk maakt om uw toestel via de afstandsbediening te bedienen tót dit kinderslot opgeheven wordt. OPMERKING: Deze kinderslotfunctie blokkeert enkel de bedieningsknoppen van de zender.

De normale werking van het toestel gaat gewoon verder in de modus waarin het zich bevond bij het in werking stellen van het kinderslot. Om uw toestel uit te zetten en te verhinderen dat er iemand accidenteel het toestel inschakelt moet u eerst het toestel op OFF zetten en vervolgens het kinderslot activeren. 1. Om het ‘kinderslot’ te activeren drukt u de TIME/TIMER- en FAN-toetsen tegelijkertijd gedurende ongeveer 5 sec. in, waarna CP verschijnt in het TEMP-venster. 2. Om het ‘kinderslot’ op te heffen drukt u nogmaals deze toetsen gedurende minstens 5 seconden in. 1. 4. Toestellen met ventilator Om koude luchtstroom te voorkomen bij een afgekoeld toestel, treedt de ventilator slechts in werking nadat het toestel voldoende is opgewarmd (± 5 minuten verwarming op maximum debiet). Na het doven van de brander blijft de ventilator nog 15 minuten nablazen om de restwarmte volledig te benutten.

5 2. Bediening van uw toestel Enkele voordelen van de Well Straler nieuwe productgeneratie: • Automatische ontsteking zonder permanente waakvlam. • Exacte, digitale temperatuurcontrole in een straal van ± 6 m rond het toestel. • Draadloze RF-bediening van alle functies van uw toestel in een straal van ± 6 m. • Vier verschillende manieren van werken (AAN/UIT – THERMOSTATISCH – WEEKPROGRAMMA – COUNTDOWN TIMER). • Volautomatische geprogrammeerde werking aan de hand van een vooraf in te stellen weekprogramma (4 onafhankelijke programma’s per dag, 7 dagen per week). BELANGRIJK: Voor een goede werking van het apparaat moeten zender en ontvanger op elkaar afgesteld zijn (cfr. LEARN, p. 14). Indien het werkingsbereik kleiner is dan 6 m moet de antenne van de ontvanger (zwarte draad aan de zijkant van de ontvanger) verplaatst worden.

In het geval dat de ontvanger in veiligheidsmodus staat (biep om de 20 seconden) moet deze worden gereset. Zet in dat geval de knop van de ontvanger op OFF, en daarna opnieuw op REMOTE. 2. 1. De zender De zender werkt op 2 AAA 1,5V batterijen. Om een degelijke werking te garanderen is het aanbevolen gebruik te maken van ALKALINE-batterijen. Van zodra er 2 AAA 1,5V batterijen in de voorziene houder aan de achterkant van de zender geplaatst worden (let op de polariteit) zal de huidige kamertemperatuur af te lezen zijn op het LCD-scherm. Is dit niet het geval, dan dient u te controleren of de batterijen goed geplaatst zijn. 2. 2. Het LCD scherm 1. PROGRAM FOR: verschijnt tijdens programmatie van dag (zo/ma/di/wo/do/vr/za) en periode van dag (voormiddag/dag/ avond/nacht). 2. DAY: huidige dag van de week 3. PERIOD: periode van de dag (voormiddag/dag/avond/nacht) 4.

START AT: verschijnt tijdens de programmatie van het tijdstip van inschakeling van het toestel. 6. SET: geeft de gewenste ingestelde temperatuur weer. 7. F°/C°: temperatuur in graden Fahrenheit of Celsius. 8. TIME/TEMP: geeft de huidige kamertemperatuur weer. In ditzelfde venster komt ook de huidige tijd wanneer de TIME/TIMER-toets ingedrukt werd. 9. LOW: verschijnt wanneer de batterijen moeten vervangen worden. Vanaf de verschijning van LOW moeten de batterijen binnen de twee weken vervangen worden. 10. TIMER: verschijnt wanneer de countdown-timer in gebruik is. 11. OVERRIDE: verschijnt wanneer de vooraf ingestelde SET temperatuur overschreden wordt. 12. FLAME: geeft weer dat het toestel brandt, 1 vlam = kleinstand, 2 vlammen (HI) = grootstand. 13. CP: verschijnt wanneer het ‘kinderslot’ actief is.

Het ‘kinderslot’ wordt geactiveerd door de toetsen UP en TIMER tegelijkertijd in te drukken. 14. (SWING: niet van toepassing) 15. FAN: geeft weer of de ventilator in grootstand (FAN HI), mediumstand (FAN MED) of kleinstand (FAN MEDIUM) staat. 16. TRANSMIT: verschijnt telkens er een signaal naar de zender wordt gestuurd. 39215138161211147461015.

6 SETDOWNFANTIMETIMERFLAMEBACKSETRETURNPROGRAMREVIEWAHEAD-+MODE UPDOWNFANTIMETIMERFLAMEBACKSETRETURNPROGRAMREVIEWAHEAD-+MODE UP2.3. Initiële ‘set-up’-programmering van de afstandsbediening Uit te voeren stappen alvorens een eerste ingebruikname van het toestel • Instellen temperatuurschaal (°C of °F). De zender werd in onze fabrieken ingesteld op °C; • Instellen dag van de week; • Instellen huidige tijd. Om de initiële setup door te voeren moeten er batterijen in de zender geplaatst zijn. Druk vervolgens op de kleine toets (SET) boven het batterijencompartiment. U kunt nu uw zender programmeren. 2.3.1. Verandering van temperatuurschaal (°C - °F) DOWNFANTIMETIMERFLAMEBACKSETRETURNPROGRAMREVIEWAHEAD-+MODE UP 1. Druk éénmaal op de SET toets bovenaan in het batterijencompartiment. Het °C-symbool op het LCD scherm zal knipperen. 2.

Om te veranderen tussen °C en °F drukt u de UP- of DOWN-toets aan de voorzijde van de zender. 3. Druk SET/RETURN toets om uw keuze te bevestigen. OPMERKING: Indien u de ingestelde waarde (°C) wenst te behouden kunt u na stap 1 onmiddellijk op de SET/RETURN toets drukken. 2.3.2. Instellen van de dag van de week 4. Na stap 3 hierboven zal SU (zondag) beginnen knipperen op het LCD-scherm. 5. Om de dag van de week in te stellen, drukt u op de AHEAD- of BACK-toets aan de voorzijde van de zender. 6. Druk SET/RETURN om uw keuze te bevestigen. 2.3.3. Instellen van de tijd 7. Na stap 6 hierboven zal het uur beginnen knipperen. 8. Om het uur in te stellen drukt u op de UP of DOWN toets. Houdt rekening met AM (voormiddag) en PM (namiddag). 9. Druk SET/RETURN om uw keuze te bevestigen; de minuten zullen beginnen te knipperen. 10. Om de minuten in te stellen drukt u op de UP/DOWN-toets. 11.

7 2.4. Weekprogrammatie De zender heeft een door de fabriek ingesteld standaardprogramma. Elke dag is opgedeeld in vier periodes en elke periode heeft zijn eigen starttijd en gewenste temperatuur. Een schema van het standaard programma vindt u hieronder: DAG PERIODE UUR / TEMPERATUUR Elke dag van de week MORN 6:00 am 21°C DAY 8:30 am 16°C EVE 3:00 pm 21°C NIGHT 11:00 pm 18°C U kunt dit programma wijzigen door onderstaande procedure te volgen. Er kan ten allen tijde naar de fabrieksinstellingen teruggekeerd worden (zie hoofdstuk 2.4.3. opheffen programma). 2.4.1. Programmatie dag/periode van dag/temperatuur Eigen programma: DAG Voormiddag Dag Avond Nacht Uur Temp Uur Temp Uur Temp Uur Temp zondag (SU) maandag (MO) dinsdag (TU) woensdag (WE) donderdag (TH) vrijdag (FR) zaterdag (SAT) Als gebruiker kunt u het ingebouwde standaard programma (cfr.

2.4 weekprogrammatie) wijzigen en aanpassen aan uw eigen noden. Elke dag is opgedeeld in vier periodes: voormiddag/dag/avond/nacht. Er werd hierboven in een blanco schema voorzien waarin u zelf de gewenste uren en temperaturen kunt invullen en aldus de zender programmeren. Indien u dit wenst kunt u één dag, één periode of alle zeven dagen en alle periodes aanpassen. OPGELET: Vooraleer wijzigingen aan het standaardprogramma uit te voeren dient u EERST de initiële SETUP met dag en uur in te stellen.

8 Om veranderingen aan te brengen aan het standaardprogramma: DOWNFANTIMETIMERFLAMEBACKSETRETURNPROGRAMREVIEWAHEAD-+MODE UP 1. Druk PROGRAM/REVIEW toets gedurende 4 seconden in. De tekst PROGRAM FOR en START AT op het display zullen knipperen. De huidige dag, periode, vooraf ingestelde aanvangstijd en gewenste temperatuur zullen ook verschijnen. 2. Om de DAG en PERIODE van DAG te programmeren drukt u AHEAD- of BACK-toetsen tot de gewenste dag en periode op het scherm verschijnen. 3. Vervolgens drukt u op PROGRAM/REVIEW. De tijd zal nu knipperen. DOWNFANTIMETIMERFLAMEBACKSETRETURNPROGRAMREVIEWAHEAD-+MODE UP 4. Om de STARTTIJD te programmeren drukt u de UP- of DOWN-toetsen om de gewenste tijd te bereiken. De aangeduide tijd zal veranderen in stappen van 15 minuten. 5. Wanneer de gewenste starttijd op het scherm staat drukt u PROGRAM/REVIEW om te bevestigen. De SET TEMP zal nu knipperen.

DOWNFANTIMETIMERFLAMEBACKSETRETURNPROGRAMREVIEWAHEAD-+MODE UP 6. Om de gewenste kamertemperatuur in te stellen drukt u de UP of DOWN toetsen. 7. Wanneer de gewenste temperatuur op het scherm verschijnt drukt u PROGRAM/REVIEW om te bevestigen. 8. Na stap 7 zal de volgende periode van dezelfde dag of de eerste periode van de volgende dag verschijnen. DOWNFANTIMETIMERFLAMEBACKSETRETURNPROGRAMREVIEWAHEAD-+MODE UP 9. Om de volgende periode of dag te programmeren volgt u opnieuw stappen 3,4,5,6 en 7. 10. Blijf stappen 3,4,5,6 en 7 volgen totdat u alle 7 dagen met elk 4 tijdsperiodes geprogrammeerd hebt. 11. Wanneer het volledige programma werd ingevoerd drukt u op de SET/RETURN toets. De ingevoerde gegevens zullen nu de fabrieksinstellingen vervangen en uw toestel zal in de PROGRAM-modus reageren volgens deze nieuwe gegevens.

OPMERKING: Tijdens het programmeren is het mogelijk om sneller naar een andere periode over te gaan door na stap 8 op AHEAD of BACK te drukken om zo bepaalde periodes over te slaan (deze zullen wel de vooraf ingestelde waarden bewaren).

9 2. 4. 2. Overzicht programma U kunt ten allen tijde een overzicht bekomen van het momenteel in voege zijnde programma (ofwel de fabrieks-instelling, ofwel het door u aangepaste programma). Druk gedurende 1 seconde op de toets PROGRAM/REVIEW. Door herhaaldelijk op deze toets te drukken overloopt u het ganse programma. OPGELET: wanneer u gedurende 4 seconden op de PROGRAM/REVIEW toets drukt, gaat u naar programmeer-modus. In dit geval drukt u SET/RETURN om dit op te heffen. DOWNFANTIMETIMERFLAMEBACKSETRETURNPROGRAMREVIEWAHEAD-+MODE UP 2. 4. 3. Opheffen eigen programma en terugkeer naar fabrieksinstellingen Om het door u gewijzigde programma te annuleren en terug te keren naar de fabrieksinstelling gaat u als volgt te werk: Druk SET/RETURN om zeker te zijn dat het LCD-scherm in normale modus staat.

Druk en houd de PROGRAM/REVIEW-toets ingedrukt, druk tegelijkertijd de SET/RETURN-toets gedurende ongeveer 10 seconden in. De gewijzigde gegevens worden gewist wanneer het display begint te knipperen. Druk SET/RETURN om het LCD-scherm in normale status te brengen. Wanneer u niets drukt zal na ongeveer 10 seconden het scherm automatisch naar normale status terugkeren. 2. 5. Bediening van uw toestel 2. 5. 1. Manueel (ON/OFF) Druk op de MODE toets tot er ON op het LCD scherm verschijnt. Samen met ON verschijnt ook FLAME en 1 vlam. De waakvlam van uw toestel zal nu automatisch ontstoken worden: gedurende maximaal 60 seconden zal er een vonk overslaan tussen de ontstekingskaars en de waakvlam. Van zodra er een vlam gedetecteerd wordt stopt het vonken. Enkele seconden later zal nu ook de hoofdbrander in kleinstand ontsteken.

OPGELET: Het kan zijn dat zich bij een nieuwe installatie lucht op de gasleiding bevindt en dat er in de tijdsspanne van 60 seconden geen vlam wordt gedetecteerd. Het toestel slaat dan in veiligheid en moet ‘gereset’ worden. Hiervoor drukt u driemaal op de MODE-toets tot er OFF op het scherm verschijnt.

Om opnieuw te ontsteken toets MODE indrukken tot er ON verschijnt. Deze procedure herhalen tot er een vlam wordt gedetecteerd. Eénmaal de waakvlam ontstoken is en de hoofdbrander in kleinstand staat kunnen door middel van de toetsen FLAME en FAN• Ventilator op klein-, medium- of grootstand•. de volgende functies worden bediend: Grootstand – kleinstand van de brander Telkens men op de respectievelijke toetsen drukt, wordt er geschakeld tussen kleinstand/grootstand of omgekeerd. Om het toestel opnieuw uit te schakelen drukt u herhaaldelijk op MODE tot er OFF verschijnt. De waakvlam zowel als de hoofdbrander zullen doven. Na het doven van het toestel blijft de ventilator nog zo’n 15 min. werken, tot de restwarmte volledig benut is. Een bijkomende ingebouwde veiligheid schakelt het apparaat automatisch uit na 9 uur. •enkel bij toestellen voorzien van een ventilator.

10 2. 5. 2. Thermostatisch (on/off gekoppeld aan thermostaat) Wanneer de zender in THERMO modus wordt geplaatst zal uw toestel ontsteken/doven afhankelijk van de gewenste omgevingstemperatuur (rond de zender). DOWNFANTIMETIMERFLAMEBACKSETRETURNPROGRAMREVIEWAHEAD-+MODE UP OPMERKING: Om veelvuldig ontsteken/doven van uw toestel te voorkomen zal er enkel om de twee minuten een temperatuursmeting plaatsvinden. 1. Druk herhaaldelijk op MODE tot er THERMO verschijnt. 2. Stel de gewenste temperatuur in d. m. v. de UP/DOWN toetsen (minimum 6°C maximum 32°C). De zender zal om de twee minuten een temperatuursmeting doen en vervolgens uw toestel aan/uitschakelen. (afhankelijk van de door u ingevoerde SET temperatuur). 3. Het regime van de hoofdbrander (kleinstand/ grootstand) kan nu ingesteld worden door op FLAME te drukken.

Eénmaal ingesteld zal uw toestel in deze stand blijven functioneren zolang er niet van modus veranderd wordt. Drukt u op MODE om de werkingsmodus te veranderen zal uw toestel automatisch opnieuw in kleinstand functioneren. 4. Voor toestellen uitgerust met ventilator kan men door middel van de FAN toets de snelheid wijzigen (LOW/MED/HI). Hier geldt eveneens dat, zolang er niet van bedrijfsmodus veranderd wordt, de ventilator in de laatst ingestelde stand zal blijven functioneren. 2. 5. 3. Automatisch (PROGRAM) Druk herhaaldelijk op MODE tot er PROGRAM verschijnt.

Het LCD-scherm vertoont volgende gegevens: Periode waarin u zich bevindt (morn/day/eve/nite) afhankelijk van het ingestelde programma; ON/OFF of het toestel brandt of niet; De omgevingstemperatuur (TEMP); De gewenste geprogrammeerde temperatuur voor deze periode (SET); FLAME/FLAME HI geeft aan of het toestel in kleinstand of grootstand zal functioneren; FAN – LOW MED HI bepaalt de snelheid van de ventilator. Het toestel zal nu volautomatisch functioneren afhankelijk van het ingestelde weekprogramma. 2. 5. 4.

Instellen kleinstand/grootstand hoofdbrander Deze instelling is mogelijk in volgende modi: ON – THERMO – PROGRAM Om de vlamhoogte van de hoofdbrander te veranderen drukt u op de FLAME toets; nogmaals op FLAME drukken keert u terug naar de oorspronkelijke stand. Bij kleinstand verschijnt er FLAME samen met één vlam, bij grootstand FLAME HI samen met twee vlammen. DOWN-+UPSETRETURNFANBACKTIMETIMERMODEFLAMEPROGRAMREVIEWAHEAD De zender onthoudt altijd de laatste stand die u heeft ingebracht. Wanneer u de brander instelt op klein- of grootstand zal deze gedurende de ganse werkingsperiode aanpassen (ON – THERMO en PROGRAM mode). Enkel wanneer u manueel een andere vlamhoogte instelt zal deze veranderen en dit opnieuw voor de ganse duur van deze werkingsmodus.

11 2.5.5. Instellen snelheid ventilator Deze instelling is mogelijk in volgende modi: ON – THERMO – PROGRAM DOWN-+UPSETRETURNFANBACKTIMETIMERMODEFLAMEPROGRAMREVIEWAHEAD Druk op de FAN-toets om de snelheid van de ventilator te selecteren. FAN LOW, FAN MED of FAN HI verschijnt op het LCD-scherm. Enkel als de brander ook is ingeschakeld, komt dit symbool op het scherm: De zender onthoudt altijd de laatste stand die u heeft ingebracht. Wanneer u dus éénmaal de ventilator instelt op LOW, MED of HI zal deze gedurende de ganse werkingsperiode zo blijven reageren. Enkel wanneer u manueel een andere regime instelt zal deze veranderen en dit opnieuw voor de ganse duur van deze werkingsmodus. Opmerking: uiteraard enkel voor toestellen met een ventilator. 2.5.6.

Temperatuur tijdelijk manueel veranderen (OVERRIDE) Het is ten allen tijde mogelijk de vooraf geprogrammeerde SET-temperatuur te wijzigen zonder daarvoor veranderingen in het programma door te moeten voeren. Deze wijziging wordt automatisch opgeheven bij het veranderen van periode. DOWN-+UPSETRETURNFANBACKTIMETIMERMODEFLAMEPROGRAMREVIEWAHEAD 1. Druk op toets UP/DOWN om de SET-temperatuur te veranderen. OVERRIDE zal verschijnen bovenaan de SET-temperatuur. Deze verandering zal automatisch verdwijnen van zodra u in een andere periode (morn/day/eve/nite) komt. 2. Om de OVERRIDE-temperatuur te annuleren en terug te keren naar de geprogrammeerde SET-temperatuur drukt u op de SET/RETURN-toets. 2.5.7. Weergave van tijd DOWN-+UPSETRETURNFANBACKTIMETIMERMODEFLAMEPROGRAMREVIEWAHEAD 1. Om de huidige tijd weer te geven, drukt u gedurende minder dan 1 seconde op de toets TIME/TIMER.

12 2. 5. 8. Countdown timer Het systeem beschikt over een ingebouwde COUNTDOWN timer functie die operationeel is in modi ON en THERMO. Het is mogelijk uw toestel te laten functioneren gedurende een welbepaalde tijd (manueel of thermostatisch) om het na het verlopen van deze tijd automatisch uit te schakelen. DOWN-+UPSETRETURNFANBACKTIMETIMERMODEFLAMEPROGRAMREVIEWAHEAD 1. Druk op de TIME/TIMER toets gedurende meer dan 2 sec. TIMER en 0:15 knippert. 2. Druk UP/DOWN om de gewenste tijd in te stellen. Het is enkel mogelijk de countdown timer in te stellen voor 15 min. /30 min. /45 min. /1 u/1u30/2 u/ 2u30… tot 9u. 3. Om te bevestigen druk SET/RETURN. In de ON modus zal het toestel aan blijven totdat de ingestelde tijd van de TIMER verstreken is.

In de THERMO mode zal uw toestel aan/uitgaan afhankelijk van de ingestelde SET temperatuur en na het verstrijken van de ingestelde TIMER tijd uitgaan. 4. Om de TIMER functie te annuleren drukt u TIME/TIMER toets meer dan 2 sec. in. 2. 5. 9. Low battery LOW verschijnt op het scherm wanneer de batterijen aan vervanging toe zijn. Na het verschijnen van LOW zal uw toestel nog gedurende ongeveer 2 weken goed kunnen functioneren. Het is raadzaam de batterijen zo snel mogelijk te vervangen. OPMERKING: Het verkeerd plaatsen van de batterijen zal ook tot gevolg hebben dat LOW op het scherm komt. Het vervangen van de batterijen dient als volgt te gebeuren: 1. Druk op de MODE-toets tot er OFF op het scherm verschijnt; 2. Wacht 2 minuten (het systeem sluit volledig de huidige operationele mode af); 3. Batterijen één per één uitnemen; 4. Nieuwe batterijen plaatsen, rekening houdend met de polariteit.

2. 5. 10. Plaats van de zender Aangezien de zender functioneert als thermostaat is het voor een degelijke werking belangrijk (in THERMO- en PROGRAM- mode) dat deze geplaatst wordt buiten de nabije omgeving van directe warmtebronnen (haard/radiator/lamp…) en niet in direct zonlicht, aangezien dit de temperatuurmeting zal beïnvloeden.

Dit toestel werkt met radiogolven. De plaats van de antenne (zwarte draad aan de zijkant van de ontvanger) is bepalend voor het werkingsbereik van het systeem. Om een optimaal werkingsbereik te bekomen moet de antenne zo vrij mogelijk in het toestel geplaatst worden. Belangrijk: Zender altijd vertikaal in de voorziene houder plaatsen wanneer in THERMO of PROGRAM mode. Zender en ontvanger moeten steeds minimum 1 meter verwijderd zijn van elektromagnetische bronnen. (TV, radio, PC, microgolfoven…. ). Herhaaldelijke blootstelling aan elektromagnetische pulsen zal na verloop van tijd resulteren in een verminderd werkingsbereik.

13 2.6. Ontvanger De ontvanger bevindt zich in uw toestel en is bovenaan voorzien van een schuiftoets met drie standen. LINKS: OFF (toestel volledig uitgeschakeld) MIDDEN: REMOTE (uw toestel werkt via de zender) RECHTS: ON (toestel brandt op kleinstand en ventilator (indien aanwezig) in normale modus) Het is aan te raden in de zomermaanden of wanneer u uw toestel gedurende lange tijd niet gebruikt deze schakelaar in de OFF positie (links) te plaatsen; dit bevordert de levensduur van de bediening. 2.6.1. LEARN (op elkaar afstemmen van zender en ontvanger) Elke zender kan beschikken over 1.048.576 veiligheidscodes. Alvorens over te gaan tot het op elkaar afstemmen van de zender en de ontvanger moet de schakelaar op de ontvanger in de REMOTE-positie staan, en moet de zender in de OFF-stand staan. Druk de LEARN-toets op de ontvanger in gedurende 3 seconden tot u een biep hoort.

15 2.7. Probleemoplosser Wanneer toestel gedurende langere tijd niet gebruikt wordt is het belangrijk om de ontvanger op OFF te plaatsen, dit zal de levensduur van de electronica aanzienlijk verlengen.

STORING OORZAAK OPLOSSING Toestel reageert niet wanneer er op MODE gedrukt wordt Ontvanger staat in de ‘OFF’ positie Zet knop op ontvanger in ‘REMOTE’ positie Ontvanger niet afgestemd op zender Voer ‘LEARN’ procedure uit Toestel reageert niet op zender na het uitvoeren van ‘LEARN’ procedure Zender buiten ontvangstbereik van ontvanger Verplaats antenne van ontvanger naar vrije ruimte (buiten toestel is maximum bereik) om ontvangstbereik te vergroten Ontvanger biept Zender buiten ontvangstbereik gedurende ± 15 minuten Zender dichter bij ontvanger brengen of antenne van ontvanger verplaatsen Ontvanger biept herhaaldelijk in snel tempo en zender is binnen ontvangstbereik Ontvanger oververhit Toestel zal automatisch opnieuw functioneren wanneer de ontvanger voldoende afgekoeld is Ontvanger biept in traag tempo en zender is binnen ontvangstbereik Interferentie van externe radiozender of radiogolven worden weerkaatst Plaats zender vertikaal in voorziene houder zonder objecten in een straal van 50cm rond de zender Zender defect Vervang zender

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Well Straler RC-16B stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden