Well Straler K19M Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Well Straler K19M (44 pagina’s), behorend tot de categorie Haarden. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 76 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Well Straler K19M of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Well Straler |
| Categorie: | Haarden |
| Model: | K19M |
Handleiding Well Straler K19M – volledige tekst
2 © Well Straler alle rechten voorbehouden Inhoudstafel 1 Voorwoord. 4 2 Wat moet u doen als u gas ruikt. 4 3 CE-verklaring. 4 4 Eerste ingebruikname. 5 5 Verkleuring van wanden en plafonds. 5 5. 1 Oorzaak. 5 5. 2 Hoe kunt u deze problemen voorkomen. 5 6 Waarborg. 6 7 Eigenschappen. 6 8 In acht te nemen veiligheidsvoorschriften. 7 8. 1 Algemeen. 7 8. 2 Communicatieveiligheid tussen afstandsbediening en ontvanger. 7 8. 3 Temperatuursensor afstandsbediening. 7 8. 4 Temperatuursensor ontvanger. 7 8. 5 Thermo-veiligheid ontvanger. 8 8. 6 Kinderslot (Child Protection). 8 8. 7 In acht te nemen veiligheidsinstructies. 9 9 Plaatsing van het toestel. 11 9. 1 Te respecteren minimumafstanden t. o. v. brandbare materialen. 11 9. 2 Leidingen en gas- netaansluitingen. 12 1. 1 Inbouwen. 12 10 Aansluiting afvoerkanalen. 13 10. 1 Aansluitmogelijkheden. 13 10. 2 Opbouwmogelijkheden. 15 10.
4 © Well Straler alle rechten voorbehouden 1 Voorwoord Gefeliciteerd met de aankoop van uw Well Straler gastoestel! Wij verheugen ons u als klant te hebben. Well Straler ontwikkelt en produceert sinds vele jaren gasverwarmingstoestellen volgens de hoogst mogelijke veiligheids- rendements- en kwaliteitseisen. Met dit kwaliteitsproduct zal u dan ook jarenlang stookplezier hebben en kunnen genieten van het unieke vlammenspel en de gezellige warmte. Lees eerst zorgvuldig deze handleiding voordat u het toestel in gebruik neemt. Bewaar deze handleiding ook goed voor later gebruik. Het plaatsen en in werking stellen moet door vakmensen gebeuren volgens de gangbare normen. Laat bij het in werking stellen, uw installateur u inlichten over het gebruik, de bediening en het onderhoud van uw toestel. Elk toestel is getest, nauwkeurig afgeregeld en verzegeld in de fabriek.
Bij wijzigingen aan de regelorganen door onbevoegde personen vervalt de waarborg en vrijwaart Well Straler van alle verantwoordelijkheid betreffende de veiligheid en de goede werking van het apparaat. Gebruikte symbolen: Algemene opmerking Gevaar Gevaar voor elektrische schokken Heet oppervlak Brandgevaar Explosiegevaar Alle vervangbare onderdelen moeten toegankelijk zijn. Het toestel moet zodanig worden geplaatst dat het zonder breken kan worden uitgebouwd. 2 Wat moet u doen als u gas ruikt • Ontsteek het toestel niet. • Raak geen elektrische schakelaars aan en gebruik geen telefoon in het gebouw. • Ga naar buiten en bel van daaruit direct het gasbedrijf. Volg de instructies van het gasbedrijf nauwkeurig op. • Als het gasbedrijf niet bereikbaar is, belt u de brandweer.
5 © Well Straler alle rechten voorbehouden 4 Eerste ingebruikname Het toestel is voorzien van een hittebestendige laklaag. Tijdens de eerste stookuren is het volkomen normaal dat er een geur ontstaat door het inbranden van de lak, dit is echter ongevaarlijk. Om dit zo snel mogelijk te verhelpen dient men het toestel enkele uren volop te laten branden en de ruimte goed te ventileren. Na een periode van lange stilstand (zomerperiode) is het aangeraden het toestel stofvrij te maken anders kan er tijdens de eerste stookuren een vervelende geur ontstaan door opgehoopt stof. 5 Verkleuring van wanden en plafonds 5. 1 Oorzaak In elke woonruimte bevinden zich altijd stofdeeltjes in de lucht, ook als er regelmatig gestofzuigd wordt. Deze deeltjes zijn goed zichtbaar in binnenvallende zonnestralen. Zolang de hoeveelheden stofdeeltjes in de lucht beperkt blijven, zult u hiervan geen last ondervinden.
Alleen als deze deeltjes door welke oorzaak dan ook in grotere hoeveelheden door de kamer zweven en vooral als de lucht extra verontreinigd is door roet- en teerdeeltjes, veroorzaakt door bijvoorbeeld het branden van kaarsen of olielampen en/of het roken van sigaretten of sigaren, kan men spreken van een slecht binnenklimaat. Koude lucht in een verwarmde woonruimte stroomt langzaam over de vloer naar het verbrandingstoestel. In het convectiesysteem van de haard of kachel wordt deze lucht verwarmd, waardoor een snel opstijgende warmeluchtkolom ontstaat, die zich via het plafond weer door de ruimte verspreidt. In deze lucht bevinden zich dus altijd stof- en andere vervuilende deeltjes die zich zullen afzetten op koude en vaak vochtige oppervlakken. Vooral in een nog niet droge nieuwbouw zal zich dit probleem kunnen voordoen.
Dit fenomeen kan een verkleuring van muren en/of plafonds veroorzaken. 5. 2 Hoe kunt u deze problemen voorkomen Bij een nieuw gemetselde schouw of na een verbouwing minimaal 6 maanden wachten voordat men gaat stoken.
Het bouwvocht moet namelijk geheel verdwenen zijn uit wanden, vloer en plafond. Maak zo weinig mogelijk gebruik van kaarsen en olielampjes en houd de verbrandingslont zo kort mogelijk. Deze beide sfeerbrengers zorgen voor aanzienlijke hoeveelheden vervuilende en ongezonde roetdeeltjes in uw woning. Rook van sigaretten en sigaren bevat onder andere teerstoffen, die bij verhitting eveneens op koudere en vochtige muren zullen neerslaan. Bij een slecht binnenklimaat zal het verschijnsel zich, weliswaar in mindere mate, eveneens boven radiatoren en verlichtingsarmaturen en bij ventilatieroosters kunnen voordoen.
6 © Well Straler alle rechten voorbehouden 6 Waarborg De waarborg geldt uitsluitend voor elke constructiefout, en is enkel geldig voor toestellen geplaatst door een erkend installateur. Hij loopt twee jaar vanaf de leveringsdatum. De waarborg beperkt zich tot het eenvoudig uitwisselen van de onderdelen die door onze technische dienst als defect erkend worden en dit met uitsluiting van elke schadevergoeding of interest. De verplaatsingskosten en handenarbeid zijn ten laste van de verbruiker. De waarborg vervalt indien het toestel hetzij slecht onderhouden is of verkeerd gebruikt werd, hetzij bij ongeval of ramp beschadigd, welke aan een oorzaak te wijten is vreemd aan het toestel zelf, ofwel door niet aangewezen personen hersteld werd. De waarborg dekt niet het vervangen van breekbare onderdelen of stukken in contact met het vuur, glas e. a.
Eventuele klachten worden uitsluitend via de leverancier in behandeling genomen. Het toestel dient gecontroleerd te worden op fouten of beschadigingen bij het openen van de verpakking. Bij eventuele beschadigingen mag het toestel in geen geval geplaatst worden. Well Straler is niet verantwoordelijk voor eventuele extra kosten indien een beschadigd toestel toch geplaatst wordt. Technische interventies van de fabriek beperken zich tot tussenkomst bij de eindklant ingeval er een productiefout zou worden vastgesteld door de verkoper/installateur gedurende de waarborgperiode, het is de verkoper/installateur die instaat voor de dienst na verkoop en onderhoud bij zijn klanten. 7 Eigenschappen • Automatische ontsteking zonder permanente waakvlam. • Exacte, digitale temperatuurcontrole in een straal van ± 6 m rond het toestel.
7 © Well Straler alle rechten voorbehouden 8 In acht te nemen veiligheidsvoorschriften 8. 1 Algemeen De communicatie tussen afstandsbediening en ontvanger gebeurt door middel van radiofrequentiesignalen. Voor een goede werking is het dus onontbeerlijk dat de afstandsbediening altijd binnen het werkingsbereik van de ontvanger geplaatst wordt (± 6 m). Het grootste werkingsbereik wordt bekomen wanneer de afstandsbediening rechtop geplaatst wordt (maak hiervoor gebruik van de meegeleverde steun. ) Om ongewenste situaties te voorkomen werden verschillende veiligheidssystemen ingebouwd die verwittigen wanneer er moet ingegrepen worden. 8. 2 Communicatieveiligheid tussen afstandsbediening en ontvanger De afstandsbediening beschikt over een communicatieveiligheid, ingebouwd in de software. Deze geeft het systeem een bijkomende veiligheid wanneer het in THERMO of PROGRAM mode staat.
De veiligheid treedt in werking van zodra de afstandsbediening buiten het bereik van de ontvanger wordt geplaatst en werkt als volgt: De afstandsbediening meet elke 2 minuten de omgevingstemperatuur en vergelijkt deze met de ingestelde SET temperatuur. Samen met deze meting stuurt de afstandsbediening een RF-signaal naar de ontvanger om weer te geven dat de afstandsbediening zich in het werkingsbereik bevindt. Wanneer de ontvanger dergelijk signaal niet ontvangt in een tijdspanne van 5 minuten betekent dit dat de afstandsbediening buiten bereik is en dus geen verdere opdrachten kan doorgeven. Op dit moment begint de rode led op de ontvanger te knipperen (0,5 seconde aan / 0,5 seconde uit) en wordt automatisch overgeschakeld op de temperatuursensor van de ontvanger. De kachel blijft verder werken in de mode waarin hij stond voor het wegvallen van het RF-signaal.
Wanneer de afstandsbediening opnieuw binnen bereik wordt gebracht zal de storings-LED doven, het antennesymbool verdwijnen en wordt de temperatuur opnieuw geregeld vanuit de afstandsbediening. 8. 3 Temperatuursensor afstandsbediening Wanneer de temperatuursensor in de afstandsbediening defect is begint de rode led te knipperen (0,5 seconde aan en 0,5 seconde uit) en wordt automatisch overgeschakeld op de sensor van de ontvanger. Alle andere functies van de afstandsbediening blijven werken. 8. 4 Temperatuursensor ontvanger Wanneer de temperatuursensor van de ontvanger defect is knippert de rode led snel (kort aan en lang uit). Zolang de afstandsbediening binnen het bereik van de ontvanger is zal de kachel normaal werken gezien de temperatuur normaliter gemeten wordt door de sensor in de afstandsbediening.
Indien echter het signaal van de afstandsbediening wegvalt krijgt de ontvanger geen juiste informatie meer en zal deze in storing gaan: de kachel dooft en de rode led gaat continu aan. Wanneer de afstandsbediening opnieuw binnen bereik wordt gebracht moet men de ontvanger eerst resetten vooraleer de kachel opnieuw kan gestart worden. Druk hiervoor op OFF op de afstandsbediening of op RESET op de ontvanger. Tijdens het resetten zal de ontvanger een aantal keer kort na elkaar piepen.
8 © Well Straler alle rechten voorbehouden 8.5 Thermo-veiligheid ontvanger De ontvanger beschikt eveneens over een thermo-veiligheid die in werking treedt wanneer, bij niet normaal functioneren van het toestel (bv. defecte ventilator), de omgevingstemperatuur van de ontvanger boven de 65°C zou stijgen. Op dit moment wordt uw toestel uitgeschakeld, de rode led gaat aan en de ontvanger piept 4 keer om de 2 seconden, en dit zolang de omgevingstemperatuur niet zakt onder de 50°C. Van zodra het piepen stopt, kunt u uw toestel opnieuw in gebruik nemen. Het systeem reset zichzelf. 8.6 Kinderslot (Child Protection) Het systeem voorziet in een ‘kinderslot’-functie die het desgewenst onmogelijk maakt om uw toestel via de afstandsbediening te bedienen tot dit kinderslot opgeheven wordt. 1. Om het ‘kinderslot’ te activeren drukt u de TIMER- en FAN-toets tegelijkertijd gedurende ongeveer 5 sec.
in, waarna CP verschijnt in het TEMP-venster. 2. Om het ‘kinderslot’ op te heffen drukt u nogmaals deze toetsen gedurende minstens 5 seconden in. Deze kinderslotfunctie blokkeert enkel de bedieningsknoppen van de afstandsbediening. De normale werking van het toestel gaat gewoon verder in de modus waarin het zich bevond bij het in werking stellen van het kinderslot. Om uw toestel uit te zetten en te verhinderen dat er iemand accidenteel het toestel inschakelt moet u eerst het toestel op OFF zetten en vervolgens het kinderslot activeren.
9 © Well Straler alle rechten voorbehouden 8.7 In acht te nemen veiligheidsinstructies Gebruik het toestel uitsluitend voor verwarming, niet voor andere doeleinden. Ontsteek het toestel niet voordat het volledig is geïnstalleerd. Laat de installatie en het jaarlijks onderhoud van het toestel uitvoeren door een vakbekwame installateur of door een onderhoudsbedrijf op het gebied van gashaarden. Gebruik uitsluitend de originele Well Straler eindstukken en concentrische buizen, onze toestellen zijn hiermee gekeurd en mogen dus niet met andere buizen of eindstukken gebruikt worden. Plaats de branderdecoratie exact volgens de beschrijvingen. Het is verboden brandbare stoffen op de keramische houtblokken-, kolen- of keienset te leggen. Laat de waakvlam en de ruimte er omheen vrij, plaats zeker geen branderdecoratie op de waakvlam. De waakvlam is de veiligheid en zekering van het toestel.
Indien wegens om het even welke reden de waakvlam gedoofd is, zal men minstens 5 minuten wachten alvorens opnieuw te ontsteken. Het toestel nooit in werking stellen zonder de ruit; let er bovendien op dat deze correct is gemonteerd. Een gebroken of gescheurd glas dient vervangen te worden, alvorens het toestel opnieuw te gebruiken. Breng zelf geen wijzigingen aan het toestel aan. De gebruiker mag het toestel alleen aan de buitenkant schoonmaken. Gebruik nooit schurende of bijtende schoonmaakmiddelen. Gebruik de afstandsbediening niet als u denkt dat deze beschadigd is of als deze met water in contact is gekomen. Sluit de gaskraan als het toestel met een knal/plof of slecht ontsteekt en waarschuw de installateur. Sluit bij storingen en/of slecht functioneren van het toestel de gastoevoer af en neem contact op met de installateur.
10 © Well Straler alle rechten voorbehouden Wanneer de haard gedurende een lange periode niet wordt gebruikt dient men het toestel spanningsvrij te maken (batterijen uit de ontvanger halen of stroomadapter uit stopcontact trekken) en de gastoevoer af te sluiten. Het is mogelijk dat andere toestellen die ook werken met een RF signaal zoals de garagepoort, autosleutels of TV de goede werking van de haard verstoren. Houd brandbare voorwerpen en materialen zoals gordijnen op minimaal 1 meter afstand van de haard of de afvoerpijpen. De onderdelen van de rookafvoer mogen niet in contact komen met brandbaar materiaal. Verboden ontvlambare materialen, beplanting enz. voor de rookafvoer te plaatsen. Verboden ontvlambare producten te bewaren in de buurt van het gastoestel. Niets tegen of op het gastoestel plaatsen. Spuit geen aerosol op het gastoestel als het in gebruik is.
Verboden op het gastoestel te gaan zitten. De ruit en de mantel zijn actieve delen van de haard, de temperaturen kunnen hier hoog oplopen. Raak deze niet aan als het toestel in werking is. Kinderen of personen die niet op de hoogte zijn van de werking van het toestel mogen enkel onder toezicht in de nabijheid van het toestel komen. Plaats een bijkomend scherm voor het toestel om rekening te houden met speciale risico’s die bestaan in crèches of andere plaatsen waar jonge kinderen, bejaarden of mindervaliden aanwezig zijn. Laat niet toe dat kleine kinderen of zwakkere personen direct voor het gastoestel slapen. Nooit een lek opzoeken d.m.v. een vlam; dit geschiedt uitsluitend door de delen waar zich een gasontsnapping kan voordoen in te smeren met zeepwater. Nooit de afsluitkraan open laten staan als het toestel gedoofd is.
11 © Well Straler alle rechten voorbehouden 9 Plaatsing van het toestel Voor wat betreft de schoorstenen voor de gashaarden dienen de lokale normen nageleefd te worden. De plaatsing dient te gebeuren door een erkend installateur of de installatie dient na plaatsing te worden gekeurd door een bevoegd keuringsinstituut. De plaatsing dient te geschieden volgens de regels van de kunst en moet beantwoorden aan de gangbare normen. De minste afwijking ontslaat ons van alle verantwoordelijkheid wat betreft de veiligheid en de goede werking van het toestel. Bij wijzigingen aan de regelorganen door onbevoegde personen vervalt de waarborg. Controleer voor de installatie of de plaatselijke verdelingsvoorwaarden, de gassoort en de druk overeenstemmen met de afstelling van het toestel. 9.1 Te respecteren minimumafstanden t.o.v.
12 © Well Straler alle rechten voorbehouden 9. 2 Leidingen en gas- netaansluitingen • Volg steeds de landelijke normen voor toestellen op gas. • Slechts metalen leidingen zijn toegelaten, hetzij in staal, hetzij in koper. • Op het uiteinde van de leiding in de nabijheid van het toestel is een gekeurde afsluitkraan noodzakelijk om het gas af te sluiten bij een eventuele ontkoppeling. • Nagaan of er zich geen stof of vuil in de leiding bevindt alvorens deze aan te sluiten op het toestel. Dit is zeer belangrijk voor de veiligheid van het toestel, aangezien stof of vuil de werking van de kraanblok kan verhinderen of zelfs het afsluiten van de gastoevoer kan blokkeren. • Ontlucht de toevoerleiding voordat het toestel wordt aangesloten. • Voorzie een losse overwerpmoer tussen het toestel en de gaskraan.
• De gasaansluiting is voorzien in 3/8” G binnendraad en bevindt zich rechts onder aan de achterzijde van de haard. • Voor de schroefdraaddichtingen wordt uitsluitend gekeurd materiaal gebruikt. • Gebruik voor koperleidingen hardsoldeer met een smelttemperatuur hoger dan 450°. • Het drukverlies op de leidingen mag maximum 1 mbar bedragen. • Gebruik uitsluitend bicône aansluitingen met dikwandige moeren, minstens 0,7 x Ø. Minderwaardige aansluitingen zijn zeer gevaarlijk daar de messingmoer na verloop van tijd kan barsten en aldus gasontsnapping kan veroorzaken. • Vermijd mechanische spanningen op het gasregelblok en de leidingen. • Het stroomsnoer aansluiten op 230 V mono fase met aarding. Het stroomsnoer bevindt zich links onderaan de inzethaard. 1. 1 Inbouwen De inzethaard moet ingebouwd worden in een daarvoor voorziene inbouwopening. Deze opening moet bestaan uit vuurvast materiaal.
Indien de inbouwopening zou bestaan uit een ander materiaal dan steen, bijvoorbeeld brandwerende platen, is het aangeraden een glasvezel behang te gebruiken en geen stucwerk. Bij stucwerk bestaat er een reële kans op scheuren door de hitte van de kachel.
Bij het gebruik van de inbouwkader dient men een spatie van 2mm te laten om thermische uitzetting op te vangen. Indien men het toestel voorziet van een isolerende bekleding moet er op gelet worden dat deze vuurvast is. Deze isolatie is louter facultatief. De inzethaard wordt het best gemonteerd op onze sokkel, welke hiervoor speciaal ontwikkeld werd en een stevige en langdurige verankering van de inzethaard garandeert. De sokkel beschikt over 4 regelbare poten om eventuele oneffenheden in de ondergrond op te vangen worden en is in hoogte verstelbaar.
16 © Well Straler alle rechten voorbehouden 10. 3 Dakdoorvoerkit (C31) Dit type wordt gebruikt wanneer de rookgasafvoer uitmondt op een hellend dak. Deze dakdoorvoeren zijn geschikt als gecombineerde doorvoeren voor de afvoer van verbrandingsgassen en de toevoer van verbrandingslucht voor gesloten gasgestookte toestellen. De aansluiting gebeurt met concentrische buizen Ø100 – Ø150 (vast of flexibel). Plaatsing: 1. Bepaal de plaats van de dakdoorvoerconstructie. Bij een pannendak moet rekening gehouden worden met de soort pannen. 2. Maak van buitenaf een gat voor de dakdoorvoer. Zorg ervoor dat er geen zaagsel of stof in het toestel kan komen. 3. Plaats de loodpan. 4. Plaats de dakdoorvoer voorzichtig van buitenaf door het dak. 5. Zet de dakdoorvoer met behulp van een waterpas recht. 6. Plaats de meegeleverde bevestigingsbeugel om de dakdoorvoer en bevestig deze aan het dakbeschot.
De beugel nog niet vastzetten. 7. Bouw het concentrisch systeem beginnende bij het gastoestel op. 8. Zet als laatste de dakbeschotbeugel vast en controleer alle werkzaamheden op juiste uitvoering. 10. 4 Schouwdoorvoerkit (C31) Dit type wordt gebruikt wanneer de rookgasafvoer uitmondt op een plat dak of bij het gebruik van een schouwkanaal. Deze schouwdoorvoeren zijn geschikt als gecombineerde doorvoeren voor de afvoer van verbrandingsgassen en de toevoer van verbrandingslucht voor gesloten gasgestookte toestellen. De aansluiting gebeurt met concentrische buizen Ø100 – Ø150 (vast of flexibel). Plaatsing: 1. Bepaal de plaats van de schouwdoorvoerconstructie, rekening houdend met het type dak of schouw. 2. Maak van buitenaf een gat voor de schouwdoorvoer. Zorg ervoor dat er geen zaagsel of stof in het toestel kan komen. 3. Plaats de aluminium plakplaat. 4.
Plaats de dakdoorvoer voorzichtig van buitenaf door het dak. 5. Zet de dakdoorvoer met behulp van een waterpas recht. 6. Plaats de meegeleverde bevestigingsbeugel om de dakdoorvoer en bevestig deze aan het dakbeschot.
17 © Well Straler alle rechten voorbehouden 10.5 Muurdoorvoerkit (C11) Dit type wordt gebruikt wanneer de rookgasafvoer via een buitenmuur naar buiten wordt geleid. Deze muurdoorvoeren zijn geschikt als gecombineerde afvoer van verbrandingsgassen en toevoer van verbrandingslucht voor gesloten gasgestookte toestellen. De aansluiting gebeurt met concentrische buizen Ø100 – Ø150 (vast). Plaatsing: 1. Bepaal de plaats van de muurdoorvoerconstructie. 2. Maak van buitenaf een gat voor de muurdoorvoer. Zorg ervoor dat er geen vuil in het toestel kan komen. 3. Schuif de muurdoorvoer voorzichtig van buitenaf door de muur met de afvoer langs boven. Pas de lengte aan de muurdikte aan. 4. Plaats de muurdoorvoer horizontaal of licht omhoog hellend naar buiten. Schroef het buiten-rooster vast aan de buitenmuur.
Let er op dat het rooster correct gemonteerd is, dus met de uitmonding naar boven gericht (zie pijl afbeelding). 5. Plaats de meegeleverde afwerkingsplaat om de muurdoorvoer en bevestig deze. Deze nog niet vastzetten. 6. Bouw het concentrische systeem beginnende bij het gastoestel op. 7. Zet als laatste de afwerkingsplaat vast en controleer alle werkzaamheden op juiste uitvoering. 8. De opening tussen muur en muurdoorvoer afdichten met isolatiemateriaal of dicht cementeren om te voorkomen dat koude buitenlucht in de kamer zou komen. 10.6 Renovatiekit (C91) Dit type wordt gebruikt wanneer er al een bestaand rookkanaal aanwezig is dat in goede staat en luchtdicht is. De renovatiekit-connector wordt op het bestaande rookkanaal bevestigd. Er is enkel een flexibel afvoerkanaal nodig van Ø100 in het bestaande rookkanaal.
De ruimte tussen de flexibel en het bestaande rookkanaal wordt als verbrandingsluchttoevoer gebruikt. De verbinding tussen de connector en het toestel gebeurt met concentrische buizen van Ø100 – Ø150 (vast of flexibel). De renovatiekit bestaat uit een schouwdoorvoerkit en een renovatiekitconnector.
18 © Well Straler alle rechten voorbehouden Plaatsing: 1. De vrije binnenmaten van het bestaand rookkanaal moeten minstens 150 x 150 mm zijn en het bestaande schoorsteenkanaal moet lekdicht en schoon zijn. Indien dit voorheen voor hout, kolen of stookolie gebruikt werd, dan moet het kanaal zeer grondig geveegd worden. Als aan bovenstaande voorwaarden voldaan is plaats dan een flexibel van diameter 100 in het bestaande rookkanaal. 2. Plaats de aluminium plakplaat bovenop de schoorsteen. Zorg voor een luchtdichte afwerking. 3. Maak de flexibel vast aan de schouwdoorvoer met een spanring of Parker schroeven. 4. Plaats de schouwdoorvoer voorzichtig van buitenaf door de aluminium plakplaat. 5. Zet de doorvoer met behulp van een waterpas recht en veranker deze met enkele Parker schroeven aan de plakplaat. 6.
19 © Well Straler alle rechten voorbehouden 10.7 Opbouw concentrische buizen Bij de plaatsing van een systeem zal de goede werking ervan bepaald worden door de weerstand van de concentrische buizen. Horizontaal geplaatste buizen brengen de meeste weerstand teweeg; daarom moeten deze vermeden worden. De totale horizontale lengte van het systeem mag nooit de totale verticale lengte overschrijden! De figuren hieronder zijn gerangschikt van minst tot meest efficiënt. • In Figuur A vertrekt men verticaal omhoog vanuit het toestel tot de hoogte van de gasuitlaat wordt bereikt. Daar wordt een bocht van 90° geplaatst en vervolgens een horizontale buis tot buiten. • In Figuur B vertrekt men verticaal omhoog tot op zekere hoogte, waarna men stapsgewijs met bochten van 15° overgaat naar een horizontale buis die naar buiten leidt.
• In Figuur C vertrekt men onmiddellijk vanuit het toestel met een bocht van 45°. Bij de buitenmuur plaatst men een tweede bocht van 45° om de uitgang horizontaal te bereiken. Deze werkwijze brengt de minst mogelijke weerstand teweeg en is daarom het meest aangewezen. Zorg ervoor dat bij grote afvoerlengtes het concentrisch kanaal elke 2 meter gebeugeld wordt zodat het gewicht hiervan niet op de haard komt te rusten. Bouw het systeem op vanaf de haard. A Goed B Beter C Best
22 © Well Straler alle rechten voorbehouden 11 Ontvanger De ontvanger bevindt zich buiten uw toestel en is voorzien van een schuifschakelaar met drie standen: LINKS REMOTE uw toestel werkt via de afstandsbediening MIDDEN ON uw toestel werkt manueel via de toetsen op de ontvanger RECHTS OFF de ontvanger is volledig uitgeschakeld Het is aan te raden in de zomermaanden (of wanneer u uw toestel gedurende lange tijd niet gebruikt) deze schakelaar in de OFF-positie te plaatsen. Dit bevordert de levensduur van de ontvanger. Verder zijn er nog 4 toetsen: LEARN zie 11.4 Afstemmen van afstandsbediening en ontvanger (LEARN) FLAME DOWN & FLAME UP zie 11.3 Manuele bediening met de ontvanger RESET zie 12.4 Manueel (ON/OFF) en 11.3 Manuele bediening met de ontvanger Kabels naar ontvanger verplicht ontrollen bij installatie ! Inlaat verse lucht
24 © Well Straler alle rechten voorbehouden 11.2 Bevestiging thermostaatvoeler De ontvanger is uitgerust met een extra thermostaatvoeler die geactiveerd wordt wanneer het signaal van de afstandsbediening wegvalt. Deze thermostaatvoeler is zelfklevend en kan aldus op elk glad oppervlak bevestigd worden. Let op dat de voeler geplaatst wordt daar waar een normale luchtcirculatie door convectie mogelijk is. Het is aan de installateur om zelf de meest geschikte plaats te kiezen. De antenne van de ontvanger mag de ontstekingskabel niet raken (min. 2 cm afstand houden) en maakt best niet te veel contact met het metalen frame van de haard. Thermostaatvoeler Antenne
Alvorens over te gaan tot het op elkaar afstemmen van de afstandsbediening en de ontvanger moet de schakelaar op de ontvanger in de REMOTE-positie staan, en moet de afstandsbediening in de OFF-stand staan. Druk de LEARN-toets op de ontvanger in gedurende 3 seconden tot u een piepsignaal hoort. Druk nu binnen de 10 seconden gelijktijdig op de UP- en DOWN-toetsen van de afstandsbediening om de communicatie tot stand te brengen. De ontvanger is nu afgesteld op de afstandsbediening. Aan Uit
26 © Well Straler alle rechten voorbehouden 12 Bediening Voor een goede werking van het apparaat moeten afstandsbediening en ontvanger op elkaar afgesteld zijn (Zie 11. 4 Afstemmen van afstandsbediening en ontvanger (LEARN)). Indien het werkingsbereik kleiner is dan 6m moet de antenne van de ontvanger (zwarte draad aan de zijkant van de ontvanger) verplaatst worden. 12. 1 Afstandsbediening De afstandsbediening werkt op 2 AAA 1,5V batterijen. Om een degelijke werking te garanderen is het aanbevolen gebruik te maken van Alkaline-batterijen. Van zodra er 2 AAA 1,5V batterijen in de voorziene houder aan de achterkant van de afstandsbediening geplaatst worden zal het knipperend antennesymbool of de tekst ‘LEARN’ af te lezen zijn op het LCD-scherm. Gebruik steeds het juiste type batterijen en respecteer de polariteit, dit in verband met brand- of explosiegevaar van de afstandsbediening.
Denk aan het milieu en breng gebruikte batterijen steeds terug naar een inzamelpunt voor gebruikte batterijen. 12. 2 Het LCD scherm 1. PROGRAM FOR: verschijnt tijdens programmatie van dag en periode van dag. 2. DAY: huidige dag van de week (zo/ma/di/wo/do/vr/za). 3. PERIOD: periode van de dag (voormiddag/dag/avond/nacht). 4. TRANSMIT: antennesymbool verschijnt even telkens er een signaal naar de ontvanger wordt gestuurd en knippert langzaam (0. 5s aan/0. 5s uit) wanneer de afstandsbediening geen verbinding meer heeft met de ontvanger. 5. OVERRIDE: verschijnt wanneer men de vooraf ingestelde SET temperatuur tijdelijk wijzigt. 6. F°/C°: geeft de temperatuurschaal weer in graden Fahrenheit of Celsius. 7. SET: geeft de gewenste ingestelde temperatuur weer. 8. AUTO: Randomfunctie van de vlamhoogte. 9. FLAME: geeft weer dat het toestel brandt, LEVEL geeft een indicatie van de vlamhoogte. 10.
27 © Well Straler alle rechten voorbehouden 12. START AT: verschijnt tijdens de programmatie van het tijdstip van inschakeling van het toestel. 13. LOW: verschijnt wanneer de batterijen moeten vervangen worden. Vanaf het verschijnen van LOW moeten de batterijen binnen de twee weken vervangen worden. 14. MODE: duidt aan in welke modus het systeem zich bevindt: • ON (toestel staat aan ongeacht de omgevingstemperatuur) • OFF (systeem is uitgeschakeld) • THERMO (systeem werkt temperatuur gebonden) • PROGRAM (systeem werkt volgens ingesteld weekprogramma). 15. TIME/TEMP: geeft de huidige kamertemperatuur weer. In ditzelfde venster komt ook de huidige tijd wanneer de TIMER-toets ingedrukt wordt. 16. CP: verschijnt wanneer het ‘kinderslot’ actief is.
12.3 Initiële ‘set-up’-programmering van de afstandsbediening Om de initiële set-up uit te voeren moeten er batterijen in de afstandsbediening geplaatst zijn. De temperatuurschaal, de dag van de week en het juiste uur werden in onze fabrieken reeds ingesteld. Indien u één van deze wenst te wijzigen kan dit door het klepje van het batterijcompartiment te verwijderen en de knop onder het klepje in te drukken zoals aangeduid op de afbeelding hiernaast. 12.3.1 Verandering van temperatuurschaal (°C / °F) 1. Druk éénmaal op de toets bovenaan in het batterijcompartiment. Het °C-symbool op het LCD scherm zal knipperen. 2. Om te veranderen tussen °C en °F drukt u op de UP- of DOWN- toets aan de voorzijde van de afstandsbediening. 3. Druk op de SET-toets om uw keuze te bevestigen. 12.3.2 Instellen van de dag van de week 4. Na stap 3 hierboven zal de weekdag beginnen knipperen op het LCD scherm. 5.
28 © Well Straler alle rechten voorbehouden 12.3.3 Instellen van de tijd 7. Na stap 6 hierboven zal het uur beginnen knipperen. 8. Om het uur in te stellen drukt u op de UP- of DOWN-toets. 9. Druk SET om uw keuze te bevestigen, de minuten zullen beginnen te knipperen. 10. Om de minuten in te stellen drukt u op de UP- of DOWN-toets. 11. Druk SET om uw keuze te bevestigen. De initiële set-up is nu compleet. Sluit het batterijcompartiment. Het LCD-scherm staat nu in zijn normale status. 12.3.4 Instellen SWING Geeft de mogelijkheid om het verschil in temperatuur tussen op- en afslaan van de thermostaat in te stellen (1,2 of 3 °C/°F). 1. Druk AHEAD en BACK toetsen gelijktijdig in. De momenteel ingestelde SWING verschijnt in het SET TEMP venster, samen met de vermelding SWING op het LCD scherm. 2. Druk UP/DOWN om de SWING te veranderen. 3. Druk SET om uw keuze te bevestigen.
12.4 Manueel (ON/OFF) Druk gelijktijdig op de UP en + toetsen tot er ON verschijnt op het LCD scherm. De waakvlam van uw toestel zal nu automatisch ontstoken worden: gedurende maximaal 15 seconden zullen vonken overslaan tussen de ontstekingskaars en de waakvlam. Van zodra er een vlam gedetecteerd wordt stopt het vonken. Enkele seconden later zal de hoofdbrander ontsteken.
29 © Well Straler alle rechten voorbehouden Indien er binnen een tijdspanne van 15 seconden geen vlam wordt gedetecteerd. Gaat het toestel in veiligheid (rode storings-LED op de ontvanger licht op) en moet het ‘gereset’ worden. Druk hiervoor op OFF op de afstandsbediening of op RESET op de ontvanger. Om opnieuw te ontsteken: vanuit de OFF-modus de UP en + toetsen indrukken tot er ON verschijnt. Deze procedure herhalen tot er een vlam wordt gedetecteerd. De waakvlam is de veiligheid en zekering van het toestel. Indien wegens om het even welke reden de waakvlam gedoofd is, of niet ontsteekt binnen de veiligheidstijd, zal men minstens 5 minuten moeten wachten alvorens opnieuw te ontsteken. Eénmaal de waakvlam ontstoken is en de hoofdbrander brandt kan de vlamhoogte geregeld worden door middel van de UP- en DOWN- toetsen. LEVEL op het LCD scherm geeft een indicatie van de vlamhoogte weer.
Om het toestel opnieuw uit te schakelen drukt u op OFF (OFF verschijnt op het scherm). Waakvlam en hoofdbrander zullen doven en de afstandsbediening is gedurende 20 seconden geblokkeerd om de reset cyclus af te werken (countdown zichtbaar op het scherm). 12. 5 Thermostatisch (ON/OFF gekoppeld aan thermostaat) Wanneer de afstandsbediening in THERMO-modus wordt geplaatst zal uw toestel ontsteken/doven afhankelijk van de gewenste omgevingstemperatuur (rond de afstandsbediening). 1. Vanuit de OFF-stand drukt u enkele seconden op MODE tot THERMO verschijnt op het LCD scherm. 2. Stel de gewenste temperatuur in d. m. v. de +/- toetsen (minimum 6°C, maximum 32°C). De afstandsbediening zal om de twee minuten een temperatuurmeting doen en vervolgens uw toestel aan of uitschakelen afhankelijk van de door u ingevoerde SET-temperatuur. De vlamhoogte wordt automatisch ingesteld. 3.
30 © Well Straler alle rechten voorbehouden 12.6 Automatisch (PROGRAM) Vanuit de THERMO-stand drukt u kort op MODE. Het LCD-scherm vertoont volgende gegevens: • Dag en periode waarin u zich bevindt (MORN/DAY/EVE/NITE), afhankelijk van het ingestelde programma; • ON/OFF of het toestel brandt of niet. • De omgevingstemperatuur (TEMP). • De gewenste geprogrammeerde temperatuur voor deze periode (SET). • FAN – LOW/MED/HI geeft de gekozen snelheid van de ventilator weer. Het toestel zal nu volautomatisch functioneren afhankelijk van het ingestelde weekprogramma. 12.7 Weekprogrammatie De afstandsbediening heeft een door de fabriek ingesteld standaardprogramma. Elke dag is opgedeeld in vier periodes en elke periode heeft zijn eigen starttijd en gewenste temperatuur.
Een schema van het standaardprogramma vindt u hieronder: DAG PERIODE UUR / TEMPERATUUR Elke dag van de week MORN 6:00 21°C DAY 8:30 16°C EVE 15:00 21°C NIGHT 23:00 18°C U kunt dit programma wijzigen door onderstaande procedure te volgen. Er kan ten allen tijde naar de fabrieksinstellingen teruggekeerd worden (zie 12.7.3 Opheffen eigen programma en terugkeer naar fabrieksinstellingen).
31 © Well Straler alle rechten voorbehouden 12.7.1 Programmatie dag/periode van dag/temperatuur Als gebruiker kunt u het ingebouwde standaardprogramma (zie. onderstaande tabel 12.7 Weekprogrammatie) wijzigen en aanpassen aan uw eigen noden. Elke dag is opgedeeld in vier periodes: voormiddag/dag/avond/nacht. Er werd hieronder in een blanco schema voorzien waarin u zelf de gewenste uren en temperaturen kunt invullen en aldus de afstandsbediening programmeren. Indien u dit wenst kunt u één dag, één periode of alle zeven dagen en alle periodes aanpassen. DAG Voormiddag Dag Avond Nacht Uur Temp Uur Temp Uur Temp Uur Temp zondag (SU) maandag (MO) dinsdag (TU) woensdag (WE) donderdag (TH) vrijdag (FR) zaterdag (SAT) Vooraleer wijzigingen aan het standaardprogramma uit te voeren dient u er zich EERST van te vergewissen dat dag en uur juist ingesteld zijn (zie.
12.3 Initiële ‘set-up’-programmering van de afstandsbediening) Om veranderingen aan te brengen aan het standaardprogramma: 1. Druk vanuit de OFF-modus de PROG-toets enkele seconden in tot de tekst PROGRAM FOR en START AT op het display begint te knipperen. De huidige dag, periode, vooraf ingestelde aanvangstijd en gewenste temperatuur zullen ook verschijnen. 2. Om DAG en PERIODE aan te passen drukt u op de AHEAD- of BACK-toets tot de gewenste dag en periode op het scherm verschijnen. 3. Vervolgens drukt u op PROG. De tijd zal nu knipperen.
32 © Well Straler alle rechten voorbehouden 4. Om de STARTTIJD te programmeren drukt u op de + of – toets om de gewenste tijd te bereiken. De aangeduide tijd zal veranderen in stappen van 15 minuten. 5. Wanneer de gewenste starttijd op het scherm staat drukt u PROG om te bevestigen. De SET TEMP zal nu knipperen. 6. Om de gewenste kamertemperatuur in te stellen drukt u op de + of - toets. 7. Wanneer de gewenste temperatuur op het scherm verschijnt drukt u PROG om te bevestigen. 8. Na stap 7 zal de volgende periode van dezelfde dag of de eerste periode van de volgende dag verschijnen. 9. Om de volgende periode of dag te programmeren volgt u opnieuw stappen 3, 4, 5, 6 en 7. 10. Blijf stappen 3, 4, 5, 6 en 7 herhalen totdat u alle 7 dagen met elk 4 tijdsperiodes geprogrammeerd hebt. 11. Wanneer het volledige programma werd ingevoerd drukt u op de SET-toets.
De ingevoerde gegevens zullen nu de fabrieksinstellingen vervangen en uw toestel zal in de PROGRAM-modus reageren volgens deze nieuwe gegevens. Tijdens het programmeren is het mogelijk om sneller naar een andere periode over te gaan door na stap 8 op AHEAD of BACK te drukken om zo bepaalde periodes over te slaan (deze zullen wel de vooraf ingestelde waarden bewaren). Wanneer de dag/periode die u wenst over te slaan verschijnt druk u PROG in om te bevestigen en vervolgt u met stap 3.
33 © Well Straler alle rechten voorbehouden 12.7.2 Overzicht programma U kunt ten allen tijde een overzicht bekomen van het momenteel in voege zijnde programma (ofwel de fabrieksinstelling, ofwel het door u aangepaste programma). Druk vanuit de OFF-modus gedurende 1 seconde op de toets PROG. Door herhaaldelijk op deze toets te drukken overloopt u het ganse programma. Druk SET om terug naar de normale mode te gaan. Wanneer u gedurende 4 seconden op de PROG-toets drukt, gaat u naar programmeer-modus. In dit geval drukt u op SET om dit op te heffen. 12.7.3 Opheffen eigen programma en terugkeer naar fabrieksinstellingen Om het door u gewijzigde programma te annuleren en terug te keren naar de fabrieksinstellingen gaat u als volgt te werk: PROG en SET lang indrukken. De gewijzigde gegevens worden gewist wanneer P op het LCD scherm verschijnt. Tegelijkertijd zal er ook een piep hoorbaar zijn.
Druk SET of wacht 10 seconden om het LCD scherm in normale status te brengen. 12.8 Temperatuur tijdelijk manueel veranderen (OVERRIDE) Het is ten allen tijde mogelijk de vooraf geprogrammeerde SET-temperatuur te wijzigen zonder daarvoor veranderingen in het programma te moeten doorvoeren. Deze wijziging wordt automatisch opgeheven bij het veranderen van periode. Druk in de PROGRAM-modus op + / - om de SET-temperatuur te veranderen. OVERRIDE zal verschijnen bovenaan de SET-temperatuur. Deze verandering zal automatisch verdwijnen zodra u in een andere periode (MORN / DAY / EVE / NITE) komt.
34 © Well Straler alle rechten voorbehouden 12.9 Instellen vlamhoogte hoofdbrander (UP/DOWN/AUTO) Om de vlamhoogte van de hoofdbrander te verhogen of te verlagen drukt u respectievelijk op de UP of DOWN-toets. LEVEL op het LCD scherm geeft een indicatie van de vlamhoogte AUTO indrukken laat de vlamhoogte automatisch volgens een willekeurig patroon evolueren (‘random’). Nogmaals AUTO indrukken om deze instelling te verlaten. 12.10 Instellen ventilatorsnelheid* Deze instelling is mogelijk in volgende modi: ON – THERMO – PROGRAM Druk op de FAN-toets om de snelheid van de ventilator te selecteren. FAN LOW, FAN MED of FAN HI verschijnt op het LCD-scherm. FAN LOW kleinstand ventilator FAN MED medium stand ventilator FAN HIGH grootstand ventilator De afstandsbediening onthoudt altijd de laatste stand die u heeft ingesteld.
Wanneer u dus de ventilator instelt op LOW, MED of HI zal hij gedurende de ganse werkingsperiode blijven blazen aan deze snelheid. Enkel wanneer u manueel een ander regime instelt zal de ventilatorsnelheid veranderen en dit opnieuw voor de ganse duur van deze werkingsmodus. Om koude luchtstromen te voorkomen, treedt de ventilator slechts in werking nadat het toestel voldoende is opgewarmd (± 4 minuten verwarming op maximum debiet). Na het doven van de brander blijft de ventilator nog ± 15 minuten nablazen om de restwarmte volledig te benutten. *Uiteraard enkel voor toestellen uitgerust met een ventilator
35 © Well Straler alle rechten voorbehouden 12.11 Weergave van de tijd Om de huidige tijd weer te geven, drukt u kort op de toets TIMER. De huidige tijd verschijnt op het scherm. De temperatuur verschijnt opnieuw na 15 seconden of wanneer u SET indrukt. 12.12 Aftelklok (COUNTDOWN TIMER) Het systeem beschikt over een ingebouwde COUNTDOWN timer functie die operationeel is in modi ON en THERMO. Het is mogelijk uw toestel te laten functioneren gedurende een welbepaalde tijd (manueel of thermostatisch) om het na het verlopen van deze tijd automatisch uit te schakelen. Druk op de TIMER toets gedurende enkele seconden tot TIMER en 0:15 knipperen. Druk +/- om de gewenste tijd in te stellen. Het is enkel mogelijk de countdown-timer in te stellen per 15 minuten tot 9u. Om te bevestigen druk SET. In de ON modus zal het toestel aan blijven totdat de ingestelde tijd van de TIMER verstreken is.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Well Straler K19M stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Haarden Well Straler
Handleiding Haarden
Nieuwste handleidingen voor Haarden