Voltcraft VC515 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Voltcraft VC515 (116 pagina’s), behorend tot de categorie Multimeter. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 37 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Voltcraft VC515 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/116
Bedienungsanleitung
VC-515 160A AC/DC-Stromzange
Best.-Nr. 3208845
Operating Instructions
VC-515 160A AC/DC Clamp Meter
Item no: 3208845
Mode d’emploi
Pince ampèremétrique VC-515 160A CA/CC
N° de commande 3208845
Gebruiksaanwijzing
VC-515 160 A AC/DC Stroomtang
Bestelnr.: 3208845

Beoordeel deze handleiding

4.0/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Voltcraft
Categorie: Multimeter
Model: VC515

Handleiding Voltcraft VC515 – volledige tekst

Volg de instructies op de webpagina.3 Beoogd gebruikHet product is een digitale stroomtang en kan worden gebruikt voor het meten, tes-ten en weergeven van verschillende elektrische parameters.Het product voldoet aan de volgende overspanningscategorieën:■MEETCATEGORIE II wordt gebruikt op test- en meetcircuits die rechtstreekszijn aangesloten op elektrische verbruikspunten (stopcontacten en soortgelijkepunten) van de laagspanning-netinstallatie.■MEETCATEGORIE III is van toepassing op test- en meetcircuits die zijn aan-gesloten op het distributiegedeelte van de laagspanning-netinstallatie van hetgebouw.Het product is alleen bestemd voor gebruik binnenshuis.

Gebruik het niet buitens-huis.Contact met vocht moet absoluut worden vermeden.Als het product voor andere doeleinden wordt gebruikt dan hier beschreven, kanhet product worden beschadigd.Verkeerd gebruik kan resulteren in kortsluiting, brand of andere gevaren.

Hetproduct mag alleen samen met de gebruiksaanwijzing aan derden worden doorge-geven.Alle bedrijfs- en productnamen zijn handelsmerken van de betreffende eigenaren.Alle rechten voorbehouden.4 Leveringsomvang■Stroomtang■3x 1,5 V type AAA-batterijen■Draagtas■K-type temperatuursensor■K-type adapter■Testkabels (paar)■Gebruiksaanwijzing5 Beschrijving van de symbolenDit product voldoet aan de vereiste CE-normen en aan de toepasselijkeEuropese (EU) richtlijnen.Dit product is geëvalueerd op conformiteit in het Verenigd Koninkrijk envoldoet aan de toepasselijke richtlijnen van Groot-Brittannië.CAT IMeetcategorie I: Voor het meten van de circuits van elektrische enelektronische apparatuur die niet direct van netspanning wordt voor-zien (zoals apparaten op batterijvoeding, veiligheidslaagspanningssys-temen, signaal-/stuurspanningen)

92CAT IIMeetcategorie II: Voor het meten van de circuits van elektrische enelektronische apparatuur die via een netstekker direct van netspanningwordt voorzien. Deze categorie omvat ook alle lagere categorieën (bij-voorbeeld: CAT I voor het meten van signaal- en stuurspanningen).CAT IIIMeetcategorie III: Voor het meten van de circuits van installaties in ge-bouwen (zoals stopcontacten of onderverdelers). Deze categorie om-vat ook alle lagere categorieën (bijvoorbeeld: CAT II voor het metenvan elektrische apparatuur).

Meten in CAT III is alleen toegestaan mettestsondes met een maximale blootgestelde contactlengte van 4 mmof met beschermdoppen over de testsondes.Lees zorgvuldig de gebruiksaanwijzingen.Dit symbool waarschuwt voor gevaren die tot persoonlijk letsel kunnenleiden.Dit symbool waarschuwt voor gevaarlijke spanning die kan leiden totpersoonlijk letsel door elektrische schokken.Gebruik rond en verwijdering van geleiders onder GEVAARLIJKE span-ning is toegestaan. Er moet gebruik worden gemaakt van een persoon-lijke beschermingsmiddelen.Wisselstroom (AC)Bek-uitlijnmarkeringen. Om aan de nauwkeurigheidsspecificaties tekunnen voldoen moet de geleider worden uitgelijnd met deze markerin-gen.AardaansluitingGelijkstroom (DC)

936 VeiligheidsinstructiesLees de gebruiksaanwijzing aandachtig door en neem vooral deveiligheidsinformatie in acht. Indien de veiligheidsinstructies ende aanwijzingen voor een juiste bediening in deze gebruiksaanwij-zing niet worden opgevolgd, aanvaarden wij geen verantwoorde-lijkheid voor hieruit resulteren persoonlijk letsel of materiële scha-de. In dergelijke gevallen vervalt de aansprakelijkheid/garantie.6.1 Gebruikersvereisten■Het product mag uitsluitend worden gebruikt door personen die bekend zijnmet de relevante regelgeving en de mogelijke gevaren begrijpen. Het gebruikvan persoonlijke beschermingsmiddelen wordt aanbevolen.6.2 Algemeen■Het artikel is geen speelgoed. Houd het buiten het bereik van kinderen en huis-dieren.■Laat verpakkingsmateriaal niet achteloos rondslingeren.

Dit kan voor kinderengevaarlijk speelgoed worden.■Als u nog vragen hebt die niet door dit informatieproduct zijn beantwoord,neem dan contact op met onze technische klantendienst of ander technischpersoneel.■Laat onderhoud, aanpassingen en reparaties alleen uitvoeren door een vak-man of in een daartoe bevoegde werkplaats.6.3 Omgang■Behandel het product met zorg. Schokken, stoten of zelfs een val van geringehoogte kunnen het product beschadigen.6.4 Bedrijfsomgeving■Niet gebruiken in omgevingen met explosiegevaar.■Niet gebruiken in vochtige ruimtes of in zeer humide omgevingen.■Niet gebruiken in gebieden waar onweer van invloed kan zijn.■Niet gebruiken in gebieden met sterke elektromagnetische velden.

94■Niet gebruiken in stoffige omgevingen.■Niet gebruiken in omgevingen waar dampen, oplosmiddelen of brandbare gas-sen aanwezig zijn.■Stel het product niet aan mechanische spanning bloot.■Bescherm het product tegen extreme temperaturen, sterke schokken, brandba-re gassen, stoom en oplosmiddelen.■Bescherm het product tegen hoge luchtvochtigheid en vocht.■Bescherm het product tegen direct zonlicht.6.5 Gebruik■Controleer het product vóór elk gebruik op schade. Gebruik het beschadigdeproduct niet meer.■Vermijd gebruik in de buurt van sterke magnetische/elektromagnetische vel-den, zendantennes of HF-generatoren die meetafwijkingen kunnen veroorza-ken.■Als het product niet langer veilig gebruikt kan worden, stel het dan buiten be-drijf en zorg ervoor dat niemand het per ongeluk kan gebruiken. Probeer hetproduct NIET zelf te repareren.

Veilig gebruik kan niet langer worden gegaran-deerd als het product:– zichtbaar is beschadigd,– niet meer naar behoren werkt,– gedurende een langere periode onder slechte omstandigheden is opgesla-gen of– onderhevig is geweest aan ernstige transportbelasting.6.6 Batterijencompartiment■Gebruik het product niet als het batterijvak open is of als het batterijklepje ont-breekt.6.7 Meetsnoeren en meetpennen■Controleer de meetpennen en meetsnoeren altijd op tekenen van beschadigingvoor elk gebruik. Niet gebruiken als ze beschadigd zijn, onmiddellijk vervan-gen!

95■Alle verbindingen tussen de meter en het aardpotentiaal mogen de gespecifi-ceerde spanningslimieten niet overschrijden. Voor netspanningmetingen moe-ten de meetpennen voldoen aan de norm EN 61010-031 met de juiste CAT-classificatie en stroomcapaciteit, zoals gedefinieerd in de tabel met specifica-ties voor de apparatuur. ■De snoeren hebben een slijtage-indicator. In het geval van beschadiging, is ereen tweede isolatielaag in een andere kleur zichtbaar. Niet gebruiken als ditgebeurt, onmiddellijk vervangen. ■Grijp bij het meten niet verder dan de vingerbarrière of greepbereikmarkerin-gen op de meetpennen. ■Bij CAT III metingen moeten meetpennen met afdekdoppen (max. 4 mm vrijecontactlengte) worden gebruikt om onbedoelde kortsluiting te voorkomen.

■Wanneer u de meetpennen gebruikt zonder afdekdoppen, dan mogen metin-gen tussen de meter en het aardpotentiaal niet worden uitgevoerd boven meet-categorie CAT II. ■Voorkom kortsluiting door ervoor te zorgen dat meetpunten/aansluitingen el-kaar niet raken tijdens het meten. 6. 8 Testen en meten■Gebruik de meter nooit op een circuit met spanningen die de op de categoriegebaseerde classificatie van deze meter overschrijden. Overschrijd niet demaximum toegestane ingangswaarden. ■Gebruik het beschadigde product niet meer. Controleer het product voor ge-bruik op tekenen van beschadiging. ■Neem contact op met een deskundige wanneer u twijfelt over de werking, vei-ligheid of verbinding van het product. ■Wees bijzonder voorzichtig bij het werken met spanningen hoger dan 30 Vrms,42,4 Vpk en 60 Vdc.

Het aanraken van elektrische geleiders met deze span-ningswaarden kan een dodelijke elektrische schok veroorzaken. ■Zorg er altijd voor dat het product op de juiste meetmodus is ingesteld voordatu een meting uitvoert. Gebruik het product op het maximale bereik als het ge-meten bereik onbekend is.

96■Verwijder altijd de testpennen van het te meten object voordat u het meetbe-reik wijzigt.6.9 Thermokoppel■Risico op een elektrische schok! Voorkom dat de temperatuurtaster in contactkomt met spanning- en stroomvoerende componenten.■Overschrijd de nominale maximumtemperatuur van het thermokoppel niet.■Droog houden. Vocht kan tot corrosie leiden en meetfouten of defecten aan hetthermokoppel veroorzaken.■Buig of krimp de aansluiting niet en stel deze niet bloot aan corrosieve chemi-caliën.6.10 Led-licht■Niet rechtstreeks in het led-licht kijken!■Niet direct of met optische instrumenten in de lichtstraal kijken!6.11 Batterijen/accu’s■Zorg ervoor dat de batterij met de juiste polariteit in het product worden ge-plaatst.■De batterijen/accu’s dienen uit het apparaat te worden verwijderd wanneer hetgedurende langere tijd niet wordt gebruikt om beschadiging door lekkage tevoorkomen.

Lekkende of beschadigde batterijen/accu’s kunnen brandend zuurbij contact met de huid opleveren. Gebruik daarom veiligheidshandschoenenom beschadigde batterijen/accu’s aan te pakken.■Batterijen/accu’s moeten uit de buurt van kinderen worden gehouden. Laat bat-terijen/accu’s niet rondslingeren omdat het gevaar bestaat dat kinderen en/ofhuisdieren ze inslikken.■Alle batterijen/accu’s dienen op hetzelfde moment te worden vervangen. Hetdoor elkaar gebruiken van oude en nieuwe batterijen/accu’s in het apparaatkan leiden tot batterijlekkage en beschadiging van het apparaat.■Batterijen/accu’s mogen niet worden ontmanteld, kortgesloten of verbrand.Probeer nooit niet-oplaadbare batterijen op te laden. Er bestaat explosiege-vaar!

99Symbool Beschrijving°CCelsius (eenheid van temperatuur)°FFahrenheit (eenheid van temperatuur)HzHertz%Percentage werkcyclusHOLDDisplayvergrendeling actiefINRUSHInschakelstroom actief7.3 FunctiekeuzeknopOFF160A6AVVHz%CAPΩTEMP■De functieknop moet vóór elk gebruik op hetjuiste bereik/de juiste functie worden ingesteld.■Zet de schakelaar altijd op "UIT" wanneer hetproduct niet in gebruik is.8 De batterijen vervangenKoppel het product los van alle ingangssignalen voordat u de batterijenvervangt.■Een lage batterijspanning kan de nauwkeurigheid van de metingenbeïnvloeden.■Vervang de batterijen wanneer de indicator voor een bijna lege bat-terij op het display wordt weergegeven.Voorwaarden:aDe stroom is UITGESCHAKELD.

100aAlle circuits en testkabels zijn losgekoppeld van de meter.1. Open het klepje van het batterijvakje.2. Plaats de batterijen met de aangegeven polariteit.3. Sluit het klepje van het batterijvakje.9 Gebruik9.1 Aan-Uit■Het product is uitgeschakeld wanneer de functiekeuzeknop op de stand OFFstaat.■Schakel het apparaat na gebruik UIT.9.2 Automatisch afsluiten■De automatische uitschakeling is standaard actief, wat wordt aangegeven doorhet -symbool.■Deze energiebesparende functie schakelt het product na ongeveer 15 minuteninactiviteit uit.De automatische uitschakeling deactiveren:1. Stel de draaiknop in op OFF.2. Houd de MODE-knop ingedrukt en stel de draaiknop vervolgens in op een wil-lekeurige andere stand dan OFF.à Het -symbool zal verdwijnen en er klinkt een geluid wanneer gedeacti-veerd.3.

De automatische uitschakeling wordt opnieuw geactiveerd nadat het productUIT wordt geschakeld.9.3 Houdfunctie voor de displayBelangrijk:– Deze houdfunctie bevriest de display.– De houdfunctie dient UIT te worden geschakeld voordat u metingen uitvoert.■Druk op de HOLD-knop om de displayvergrendeling in of uit te schakelen.

Om het uit te schakelen, houdt u de MAX/MIN knop ingedrukt of draait u defunctieknop.9.5 ZaklampHoud de HOLD-knop ingedrukt om de werklamp AAN/UIT te schakelen.9.6 REL-modus■Druk op de REL-knop om een relatieve modus in te stellen door de DCA (ge-lijkstroomsterkte) of capaciteitswaarde aan te passen of op nul te zetten.■Dit zorgt voor nauwkeurige metingen door alle bestaande basiswaarden te ver-wijderen voordat een meting wordt uitgevoerd.10 Testen en meten10.1 Strroommeting (AC/DC)■Koppel de testkabels los voordat u stroommetingen uitvoert.■Verwijder de tang van de geleider als "OL" (overbelasting) ver-schijnt op het display.■Als het bereik niet bekend is, begin dan eerst met het hogere bereiken ga vervolgens naar het lagere bereik (indien nodig).

102Risico op een elektrische schok! Gebruik de klem niet op ongeïso-leerde geleiders.1. Selecteer een bereik met de functiekeuze-knop: 6 A , 160 A .2. Druk op de MODE-knop om te schakelentussen AC/DC-meting.3. Klem de bekken rond de te meten geleiderwaarbij u deze tussen de uitlijningsmarkerin-gen van de klembekken ►◄ plaatst.à De meting verschijnt op de display.4. Verwijder de klem na de metingen voorzich-tig van de geleider.5.

Schakel het product na gebruik UIT.Opmerkingen:– De stroommeetklem is gemagnetiseerd en er kan een lage waarde verschij-nen, zelfs als er geen geleider vast is geklemd.– Er mag slechts één geleider vast worden geklemd door de stroommeetklem.10.2 Inschakelstroommeting■Koppel de testkabels los voordat u stroommetingen uitvoert.■Verwijder de tang van de geleider als "OL" (overbelasting) ver-schijnt op het display.■Als het bereik niet bekend is, begin dan eerst met het hogere bereiken ga vervolgens naar het lagere bereik (indien nodig).Risico op een elektrische schok! Gebruik de klem niet op ongeïso-leerde geleiders.Deze functie is beschikbaar voor AC-stroommetingen.Voorwaarden:

103aHet te testen apparaat is UITGESCHAKELD.1. Selecteer een modus met de functiekeuzeknop: 6 A~, 160 A~.2. Klem de bekken rond de te meten geleider waarbij u deze tussen de uitlijnings-markeringen ►◄ van de klembekken plaatst.3. Houd de INRUSH-knop ingedrukt om de meting van de inschakelstroom testarten.à Op het display verschijnt "INRUSH".4. Schakel het te meten apparaat in.à De inschakelstroom (piekstroom) wordt op het display weergegeven.5. Verwijder de tang na de metingen voorzichtig van de geleider.6. Schakel het product na gebruik UIT.10.3 AC-spanningsmetingWAARSCHUWING: Neem alle veiligheidsmaatregelen in acht wanneeru werkt onder spanning.1. Draai de functiekeuzeknop naar: V .2. Druk op de MODE-knop om AC-spanningsmeting te selecteren.à Het AC-symbool zal op het display worden weergegeven.3. Plaats de testkabels:à Zwart (-): COM ingang.à Rood (+): ingang.4.

Sluit de testpennen parallel aan op het te testen circuit.à De meting wordt op het display weergegeven.à Op het display verschijnt "OL (overload) als het meetbereik wordt over-schreden of het circuit wordt onderbroken.5. Koppel de testkabels los en schakel de stroom uit UIT na gebruik.

10410.4 DC-spanningsmetingWAARSCHUWING: Neem alle veiligheidsmaatregelen in acht wanneeru werkt onder spanning.1. Draai de functiekeuzeknop naar: V .2. Plaats de testkabels:à Zwart (-): COM ingang.à Rood (+): ingang.3. Sluit de testpennen parallel aan op het te testen circuit.à De meting wordt op het display weergegeven.à Op het display verschijnt "OL (overload) als het meetbereik wordt over-schreden of het circuit wordt onderbroken.à Een minteken "-" verschijnt als de polariteiten zijn omgedraaid.4. Koppel de testkabels los en schakel de stroom uit UIT na gebruik.10.5 WeerstandsmetingWAARSCHUWING: Voer nooit een test uit op een circuit onder span-ning. Verwijder alle stroom van het circuit en ontlaad eventuele conden-satoren voordat u gaat testen.1. Draai de functiekeuzeknop naar: .2. Plaats de testkabels:à Zwart (-): COM ingang.à Rood (+): ingang.3.

105Opmerkingen:– Controleer of de testkabels elkaar raken en er sprake is van continuïteit. Dewaarde moet ongeveer 0,5 Ω zijn (inherente weerstand).10.6 DiodetestWAARSCHUWING: Voer nooit een test uit op een circuit onder span-ning. Verwijder alle stroom van het circuit en ontlaad eventuele conden-satoren voordat u gaat testen.1. Draai de functiekeuzeknop naar: .2. Plaats de testkabels:à Zwart (-): COM ingang.à Rood (+): ingang.3. Druk op de MODE-knop om de diodetest te selecteren.à Het symbool wordt op het display weergegeven. 4. Sluit de testpennen aan op het te testen onderdeel.à De normale PN-overgangsdoorlaatspanning wordt weergegeven in voltV"op het display.à "OL" geeft aan dat de diode in de sperrichting is aangesloten of defect is.Herhaal de meting met de tegenovergestelde polariteit.5.

Koppel de testkabels los en schakel de stroom uit UIT na gebruik.10.7 ContinuïteitstestWAARSCHUWING: Voer nooit een test uit op een circuit onder span-ning. Verwijder alle stroom van het circuit en ontlaad eventuele conden-satoren voordat u gaat testen.1. Draai de functiekeuzeknop naar: .2. Druk op de MODE-knop om de continuïteitstest te selecteren.à Het symbool wordt op het display weergegeven. 3. Plaats de testkabels:

10710.9 Frequentie / bedrijfscyclus % meting■Overschrijd nooit de nominale ingangsspanning.1. Draai de functiekeuzeknop naar: Hz%.2. Druk op de MODE-knop om tussen frequentie (Hz) en bedrijfscyclus (%) teschakelen.3. Plaats de testkabels:à Zwart (-): COM ingang.à Rood (+): ingang.4. Sluit de testpennen aan op het te testen onderdeel.à De meting wordt op het display weergegeven.5.

Koppel de testkabels los en schakel de stroom uit UIT na gebruik.10.10 Contactloze AC-spanningsmeting■Test de spanningsdetector vóór gebruik altijd op een bekend span-ningscircuit om een veilige werking te garanderen.■Het type isolatie, de dikte en de afstand tot de spanningsbron kun-nen van invloed zijn op de detectie.■Controleer de metingen altijd met behulp van testkabels voordat upotentieel onder spanning staande circuits aanraakt.De contactloze spanningsdetectiefunctie (NCV) kan AC-spanning op geleiders de-tecteren zonder deze aan te raken.Wegens de uiterst gevoelige sensor kan statische elektriciteit of andere energie-bronnen de sensor activeren. Dit is normaal.Voorwaarden:aDe testkabels zijn losgekoppeld van de aansluitingen.1. Zet de functiekeuzeknop op een andere stand dan OFF.2.

108Tip:De geleiders in elektrische snoeren zijn vaak gedraaid. Schuif de punt van demeetpen over de lengte van het snoer en zorg ervoor dat deze zich dicht bij despanningvoerende geleider bevindt.10.11 Temperatuurmeting■De temperatuursensor mag geen contact maken met spanning- en/of stroomvoerende componenten.■Verwijder het thermokoppel voordat u overschakelt naar een ande-re meetfunctie.■Overschrijd de nominale maximumtemperatuur van het thermokop-pel niet. Zie gedeelte: Technische gegevens.■Controleer of de polariteit correct is bij het aansluiten van het ther-mokoppel.1. Draai de functiekeuzeknop naar: TEMP .2. Sluit het thermokoppel aan op de ingangsaansluitingen en zorg ervoor dat depolariteit correct is.3. Druk op de MODE-knop om te schakelen tussen temperatuureenheden (°C/°F) .4.

Breng de sensor aan op het te testen onderdeel.à Wacht tot de meting stabiel is (maximaal ongeveer 30 seconden).à De gemeten temperatuur wordt weergegeven op het display.11 Onderhoud en reinigingBelangrijk:– Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen, wrijfalcohol of andere chemi-sche oplossingen. Ze beschadigen de behuizing en kunnen storingen in hetproduct veroorzaken.– Dompel het product niet in water.

1091. Reinig het product met een droog, pluisvrij doekje.12 Verwijdering12.1 ProductAlle elektrische en elektronische apparatuur die op de Europese marktwordt gebracht, moet met dit symbool zijn gemarkeerd. Dit symboolgeeft aan dat dit apparaat aan het einde van zijn levensduur geschei-den van het ongesorteerd gemeentelijk afval moet worden weggegooid.Iedere bezitter van oude apparaten is verplicht om oude apparaten ge-scheiden van het ongesorteerd gemeentelijk afval af te voeren. Eindge-bruikers zijn verplicht oude batterijen en accu's die niet bij het oude ap-paraat zijn ingesloten, evenals lampen die op een niet-destructieve ma-nier uit het oude toestel kunnen worden verwijderd, van het oude toe-stel te scheiden alvorens ze in te leveren bij een inzamelpunt.Distributeurs van elektrische en elektronische apparatuur zijn wettelijk verplicht omoude apparatuur gratis terug te nemen.

Conrad geeft u de volgende gratis inlever-mogelijkheden (meer informatie op onze website):■in onze Conrad-filialen■in de door Conrad gemaakte inzamelpunten■in de inzamelpunten van de openbare afvalverwerkingsbedrijven of bij de te-rugnamesystemen die zijn ingericht door fabrikanten en distributeurs in de zinvan de ElektroGVoor het verwijderen van persoonsgegevens op het te verwijderen oude apparaatis de eindgebruiker verantwoordelijk.Houd er rekening mee dat in landen buiten Duitsland andere verplichtingen kun-nen gelden voor het inleveren van oude apparaten en het recyclen van oude appa-raten.12.2 Batterijen/accu’sVerwijder eventueel geplaatste batterijen/accu's en gooi ze apart van het productweg. U als eindgebruiker bent wettelijk verplicht (batterijverordening) om alle ge-bruikte batterijen/accu's in te leveren; het weggooien bij het huisvuil is verboden.

110Batterijen/accu’s die schadelijke stoffen bevatten, zijn gemarkeerd metnevenstaand symbool. Deze mogen niet via het huisvuil worden afge-voerd. De aanduidingen voor de zware metalen die het betreft zijn:Cd = cadmium, Hg = kwik, Pb = lood (de aanduiding staat op de batte-rijen/accu’s, bijv. onder de links afgebeelde vuilnisbaksymbool).U kunt verbruikte batterijen/accu’s gratis bij de verzamelpunten van uw gemeente,onze filialen of overal waar batterijen/accu’s worden verkocht, afgeven. U voldoetdaarmee aan de wettelijke verplichtingen en draagt bij aan de bescherming vanhet milieu.Dek blootliggende contacten van batterijen/accu's volledig met een stukje plak-band af alvorens ze weg te werpen, om kortsluiting te voorkomen.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Voltcraft VC515 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden