Voltcraft VC-22 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Voltcraft VC-22 (80 pagina’s), behorend tot de categorie Multimeter. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 42 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Voltcraft VC-22 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/80
Bedienungsanleitung
VC-22 Digital-Multimeter
Best.-Nr. 2379922Seite 2 - 20
Operating Instructions
VC-22 Digital multimeter
Item No. 2379922Page 21 - 39
Notice d’emploi
VC-22 Multimètre numérique
N° de commande 2379922Page 40 - 58
Gebruiksaanwijzing
VC-22 Digitale multimeter
Bestelnr. 2379922Pagina 59 - 77

Beoordeel deze handleiding

4.6/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Voltcraft
Categorie: Multimeter
Model: VC-22

Handleiding Voltcraft VC-22 – volledige tekst

Inhoudsopgave Pagina1. Inleiding. 602. Verklaring van de symbolen 61. 3. Doelmatig gebruik 62. 4. Leveringsomvang. 635. Veiligheidsinstructies. 636. Productbeschrijving. 657. Overzicht van de onderdelen 66. 8. Aanduidingen en symbolen op het display 67. 9. Het meten 68. a) Spanningsmeting “V” 68. b) Meten van weerstand 69. c) Continuïteitstest. 70d) Temperatuurmeting. 70e) Contactloze AC-spanningstest “NCV”. 7110. SELECT-toets. 7211. HOLD-functie. 7212. Automatische uitschakeling 72. 13. Batterijtest bij het inschakelen 72. 14. Onderhoud en reiniging 73. a) Algemeen. 73b) Reiniging. 73c) Plaatsen en vervangen van de batterijen 74. 15. Verwijdering. 75a) Algemeen. 75b) Verwijdering van gebruikte accu`s 75. 16. Verhelpen van storingen 76. 17. Technische gegevens 77. 59.

1. InleidingGeachte klant,Hartelijk dank voor de aankoop van dit product.Het product voldoet aan alle wettelijke, nationale en Europese normen.Om dit zo te houden en een veilig gebruik te garanderen, dient u als gebruiker de aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing op te volgen. Deze gebruiksaanwijzing behoort bij dit product. Er staan belangrijke aanwijzingen in over de ingebruikname en het gebruik. Houd hier rekening mee als u dit product doorgeeft aan derden. Bewaar deze gebruiksaanwijzing daarom voor later gebruik!Bij technische vragen kunt u zich wenden tot onze helpdesk.Voor meer informative kunt u kijken op www.conrad.nl of www.conrad.be60

2. Verklaring van de symbolen Het symbool met een bliksemschicht in een driehoek wordt gebruikt als er gevaar voor uw gezondheid bestaat bijv. door elektrische schokken. Het symbool met een uitroepteken in een driehoek duidt op belangrijke aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing die beslist opgevolgd moeten worden. U ziet het pijl-symbool waar bijzondere tips en aanwijzingen over de bediening worden gegeven. Dit apparaat is CE-conform en voldoet aan de noodzakelijke Europese richtlijnen Beschermklasse 2 (dubbele of versterkte isolatie))CAT II Meetcategorie II voor metingen aan elektrische en elektronische apparaten, die via een netstekker worden voorzien van spanning. Onder deze categorie vallen ook alle lagere categorieën (bijv. CAT I voor het meten van signaal- en stuurspanningen).CAT III Meetcategorie III voor metingen in installaties in gebouwen (bijv. stopcontacten of groepen).

3. Doelmatig gebruik• Meting en weergave van de elektrische grootheden in het bereik van meetcategorie CAT III tot max. 600 V tegen aardpotentiaal, conform EN 61010-1, en alle lagere categorieën. Het meetapparaat mag niet worden gebruik in de meetcategorie CAT IV.• Meten van gelijk- en wisselspanning tot max. 600 V• Meten van weerstanden tot 20 Mohm • Akoestische continuïteitstest• Contactloze 230 V/AC-spanningstest• Temperatuurmeting van -40 tot +300 °C/572 °FGebruik het apparaat alleen met het aangegeven batterijtype.Het meetinstrument niet in geopende toestand of met open batterijvak of ontbrekende batterij-vakdeksel gebruiken.

Metingen in vochtige ruimten en bij ongunstige omgevingsomstandighe-den zijn niet toegestaan.Gebruikvoordemetingenalleenmeetsnoerenen-accessoiresdieopdespecicatiesvandemultimeter zijn afgestemd.Ongunstige omgevingsomstandigheden zijn:• vocht of een hoge luchtvochtigheid,• stof en brandbare gassen, dampen of oplosmiddelen,• onweer dan wel onweersomstandigheden zoals sterke elektrostatische velden etc.Elk ander gebruik dan hierboven beschreven zal het product beschadigen en kan andere geva-ren met zich meebrengen, zoals kortsluiting, brand, elektrische schok enz. Het gehele product mag niet worden gewijzigd of worden omgebouwd!Lees de gebruiksaanwijzing goed door en bewaar deze om later nogmaals te kunnen raad-plegen.De veiligheidsrichtlijnen dienen altijd in acht te worden genomen!62

4. Leveringsomvang• Multimeter• 2 stuks 1,5 V-batterijen AAA, LR3, Micro• Veiligheidsmeetsnoeren met bevestigde CAT III afdekdoppen• K-type thermosensor -40 tot +300 °C• Gebruiksaanwijzing1Actuele gebruiksaanwijzingen Download de actuele gebruiksaanwijzingen via de link www.conrad.com/downloads of scan ze met behulp van de afgebeelde QR-code. Volg de aanwijzingen op de website.5. VeiligheidsinstructiesLees de gebruiksaanwijzing zorgvuldig door en let vooral op de veiligheidsin-structies. Als u de veiligheidsinstructies en de aanwijzingen voor een juiste bediening in deze gebruiksaanwijzing niet opvolgt, kunnen wij niet aansprake-lijk worden gesteld voor het daardoor ontstane persoonlijke letsel of schade aan voorwerpen. Bovendien vervalt in dergelijke gevallen de aansprakelijk-heid/garantie.• -Het apparaat heeft de fabriek in een technisch veilige- en perfect werkende toestand verlaten.

Volg de in deze gebruiksaanwijzing opgenomen veiligheidsinstruc-ties en waarschuwingen op om het apparaat in deze conditie houden en om te zorgen voor een veilig gebruik ervan!• -Op grond van veiligheids- en goedkeuringsoverwegingen is het eigenhandig ombouwen of veranderen van het product verboden.• Raadpleeg een expert wanneer u twijfelt over het juiste gebruik, de veiligheid of het aansluiten van het apparaat.• Meetinstrumenten en toebehoren zijn geen speelgoed en moeten uit de buurt van kinderen worden gehouden!• Neem in industriële omgevingen de Arbo-voorschriften met betrekking tot het voorkomen van ongevallen in acht. In scholen en opleidingsfaciliteiten, hobby- en zelfhulpworkshops moet de omgang met meetapparatuur op verantwoorde wijze worden gecontroleerd door opgeleid personeel.63

• De spanning tussen de aansluitpunten van het instrument en de aardpotentiaal mag niet hoger zijn dan 600 V DC/AC in CAT III. • -Bij het gebruik van de meetkabels zonder afdekdoppen mogen metingen tussen het meetappa-raat en aardpotentiaal niet boven de meetcategorie CAT II uitgevoerd worden.• Bij metingen in de meetcategorie CAT III moeten de afdekdoppen op de meetpunten worden ge-plaatst, om onbedoelde kortsluiting tijdens de me-ting te voorkomen.• Plaats de afdekdoppen op de meetpunten totdat ze vastzitten. Om ze te verwijderen trekt u de kappen met enige kracht van de punten.• Verwijder de meetpunten altijd van het meetobject voordat u het meetbereik wij-zigt.• -Wees bijzonder voorzichtig tijdens de omgang met spanningen >33 V wisselspanning (AC) en >70 V gelijkspanning (DC)!

Bij deze spanningen kunt u in geval van contact met een elektrische kabel een levensgevaarlijke elektrische schok krijgen.• -Controleer voor elke meting uw meetapparaat en de meetkabels ervan op beschadigingen. Voer nooit metingen uit als de beschermende isolatie beschadigd is (gescheurd, losgetrokken, etc.). • Meetkabels hebben een slijtage-indicator. Bij beschadiging wordt er een tweede isolatielaag met een andere kleur zichtbaar. De meetapparatuur mag dan niet langer worden gebruikt en moet worden vervangen.• Om een elektrische schok te vermijden, dient u erop te letten, dat u de te meten aansluitingen/meetpunten tijdens de meting niet, ook niet indirect, aanraakt. Pak de meetpunten tijdens het meten niet vast boven de voelbare handgreepmar-keringen.• Gebruik de multimeter niet kort voor, tijdens of direct na onweer (blikseminslag! / energierijke overspanningen!).

Let erop dat uw handen, schoenen, kleding, de vloer, schakelingen en schakelcomponenten enz. altijd droog zijn.• Gebruik het product niet in de directe nabijheid van: - sterke magnetische of elektromagnetische velden - zendmasten of RF-generatoren.De gemeten waarde kan daardoor onjuist zijn.64

• Indien aangenomen kan worden dat veilig gebruik niet meer mogelijk is, dient het apparaat uitgeschakeld en tegen onbedoeld gebruik beveiligd te worden. Men dient ervan uit te gaan dat een veilig gebruik niet meer mogelijk is als: - het apparaat zichtbaar beschadigd is, - het apparaat niet langer werkt en - gedurende een langere periode onder ongunstige omstandigheden opgeborgen is geweest of - tijdens het vervoer aan een aanzienlijke belasting onderhevig is geweest.• Zet het meetinstrument nooit onmiddellijk aan nadat het van een koude naar een warme ruimte is gebracht. De condens die hierbij wordt gevormd kan het apparaat onder bepaalde omstandigheden onherstelbaar beschadigen.

Laat het apparaat eerst op kamertemperatuur komen voordat u het inschakelt.• Laat het verpakkingsmateriaal niet achteloos rondslingeren; dit kan voor kinderen gevaarlijk speelgoed zijn.• Neem ook de veiligheidsinstructies in de afzonderlijke hoofdstukken in acht.6. ProductbeschrijvingDe gemeten waarden worden weergegeven op de multimeter (hierna DMM genoemd) op een digitaal display. De weergave van de meetwaarden van de DMM bevat 4000 counts (count = kleinste weergavewaarde). De DMM stelt automatisch het juiste meetbereik in (AUTO-Range). Het meetapparaat kan zowel in de hobby als in het professionele gebied worden gebruikt (tot CAT III 600 V).De verschillende meetfuncties worden via een draaiknop geselecteerd. De DMM wordt via de draaischakelaarstand “OFF” in- en uitgeschakeld.

Zet het meetapparaat altijd uit wanneer u het niet gebruikt.Voordat u de multimeter kunt gebruiken, moet u de meegeleverde batterijen plaatsen.Plaats de batterij zoals beschreven in het hoofdstuk “Reiniging en onderhoud”. De voeding vereist twee AAA-batterijen van 1,5 V. Deze worden meegeleverd.65

9. Het metenOverschrijd nooit de maximaal toegestane ingangswaarden. Raak geen schakelingen of schakelcomponenten aan, als hierin hogere spanningen als 33 V/ACrms 75 V/DC kunnen voorkomen! Levensgevaar!Controleer voor het begin van de metingen de aangesloten meetkabels op beschadigingen zoals bijv. sneden, scheuren of geplette segmenten. Defecte meetkabels mogen niet meer worden gebruikt! Levensgevaar!Pak de meetpunten tijdens het meten niet vast boven de voelbare handgreep-markeringen.Verwijder om veiligheidsredenen alle ongebruikte meetkabels van het meetapparaat.Als het meetbereik wordt overschreden, wordt een overloop in het display aangegeven met “OL”. Het spanningsbereik heeft een ingangsweerstand van >10 MOhm. In alle meetfuncties is de automatische bereikselectie (Auto-bereik) actief.

Deze functie stelt automatisch het juiste meetbereik in.a) Spanningsmeting “V”Zorg bij elke spanningsmeting dat het meetapparaat zich niet in een andere meetfunctie bevindt.Voor het meten van gelijkspanningen “DC” (V) gaat u als volgt te werk:• Schakel de DMM in met de draaischakelaar (4). Selecteer het meetbereik “V”. • Verbind dan de meetpunten met het meetobject (batterij, stroomkring, etc.).• Druk indien nodig op de toets Select (3). In het display verschijnt DC.Het rode meetpunt staat voor de pluspool, het zwarte meetpunt staat voor de minpool.• De betrokken polariteit van de meetwaarde wordt samen met de actuele meetwaarde in het display weergegeven.• Als in een gelijkspanningsmeting een minteken “-” voor de meting staat, is de gemeten spanning negatief (of zijn de meetkabels in omgekeerde positie).• Verwijder na het meten de meetkabels van het te meten object en zet de DMM uit.

Voor het meten van wisselspanningen “AC” (V) gaat u als volgt te werk:• -Stel de DMM in bedrijf zoals beschreven onder “DC-spanning meten” en selecteer het meetbereik “V”.• Maak nu met de beide meetpunten contact met het meetobject (generator, schakeling, enz.).• Druk indien nodig op de toets Select (3). In het display verschijnt AC.• De meetwaarde wordt op het display weergegeven.• Verwijder na het meten de meetkabels van het te meten object en zet de DMM uit. Zet de draaiknop op “OFF”.b) Meten van weerstand Controleer dat alle te meten schakelcomponenten, schakelingen en bouwele-menten evenals andere meetobjecten absoluut spanningsloos en ontladen zijn.Ga voor het meten van de weerstand als volgt te werk:• SchakeldeDMMinenselecteerhetmeetbereik“Ω”.• Druk op de toets Select (3).

• Controleer de meetsnoeren op doorgang door beide meetpunten met elkaar te verbinden.• Vervolgens moet een weerstand van 1 MOhm kan dit enkele seconden duren.• -Zodra OL op het display verschijnt, heeft u het meetbereik overschreden of wordt het meetcircuit onderbroken.• Verwijder na het meten de meetkabels van het te meten object en zet de DMM uit. Zet de draaiknop (4) op “OFF”. Als u een weerstandsmeting uitvoert, dient u erop te letten, dat de meetpunten, die u met de meetpunten voor het meten aanraakt, vrij zijn van verontreinigingen, olie, soldeerlak of soortgelijke. Dergelijke omstandigheden kunnen het meetresultaat beïnvloeden.69

c) Continuïteitstest Controleer dat alle te meten schakelcomponenten, schakelingen en bouwele-menten evenals andere meetobjecten absoluut spanningsloos en ontladen zijn.• Schakel de DMM in en kies het meetbereik .• Op het beeldscherm verschijnt de gemeten waarde.• -Als doorgang wordt een meetwaarde van ong. 420 ohm) of wordt het meetcircuit onderbroken. Er weerklinkt geen geluid en de NCV-led (1) licht rood op.• Verwijder na het meten de meetkabels van het te meten object en zet de DMM uit. Zet de draaiknop op “OFF”. d) Temperatuurmeting • Schakel de DMM in en selecteer het meetbereik “°C”. • Verwijder alle meetsnoeren van het apparaat.• Sluit de bijgevoegde temperatuursensor aan op de DMM.

Let op de juiste aansluiting (juiste polariteit).• Steekdezwartestekkerinde“COM”-bus(5)enderodestekkerinde“VΩ°C”-bus(7).• Stel de sensortip alleen bloot aan temperaturen.• Op het display wordt de temperatuur op het thermokoppel weergegeven. Als “OL” verschijnt, is het meetbereik overschreden of is er geen sensor aangesloten.• Druk op de toets Select om het meetbereik °F te selecteren. • Verwijder aan het einde van de meting de temperatuursensor en schakel de DMM uit. Zet de draaiknop op “OFF”. Als de twee “COM” (5) en “°C” (6) aansluitingen worden kortgesloten, wordt de omge-vingstemperatuur van de meter weergegeven.70

e) Contactloze AC-spanningstest “NCV” Zorg ervoor dat alle meetbussen vrij zijn. Verwijder alle meetleidingen van het meetapparaat. Deze functie doet alleen dienst als hulpmiddel. Bij werken aan deze kabels is het essentieel om contactmetingen op spanningsvrijheid uit te voeren.• Schakel de DMM in en selecteer het meetbereik “NCV”.• Controleer deze functie vooraf op een bekende AC-spanningsbron.• Leid het meetapparaat met het sensoroppervlak (1) op een afstand van max. 10 mm naar de te testen locatie.• Voor gedraaide snoeren is het raadzaam om het snoer te controleren over een lengte van ongeveer 20 - 30 cm.• -Wanneer een spanning wordt gedetecteerd, klinkt er een akoestisch signaal, toont het display een streepje en knippert de NCV-LED groen.

• Hoe dichter u bij de spanningsbron komt, hoe sneller het akoestische signaal klinkt, het display toont verschillende streepjes (maximaal 4) en de NCV-LED knippert geel en wordt vervolgens rood in de onmiddellijke nabijheid van de stroombron.• Schakel de DMM uit na het einde van de meting. Zet de draaiknop op “OFF”. Vanwege de gevoeligheid kunnen statische velden ook worden weergegeven bij aan-raking. Dit is normaal en heeft geen invloed op het testresultaat.71

10. SELECT-toets De SELECT-toets wordt gebruikt om de functie van het meetbereik te wijzigen.Spanningsmeting V Functieomschakeling tussen AC- en DC-meetfunctieControle weerstand/continuïteit Functieomschakeling tussen weerstandsmeting en continuïteitstestTemperatuurmeetfunctie Functieomschakeling tussen °C en °F 11. HOLD-functieEt de hold-toets (9) kan de gemeten waarde op het display worden vastgehouden. In het display verschijnthetsymbool“H”.Ditvergemakkelijkthetaezenbijv.voordocumentatiedoeleinden.Druk nogmaals om terug te schakelen naar de meetmodus. De Hold-functie is niet beschikbaar bij de contactloze AC-spanningstest “NCV”.12. Automatische uitschakeling De DMM wordt automatisch na ongeveer 15 minuten uitgeschakeld.

Om weer in te schakelen, drukt u op een willekeurige toets of zet u de draaiknop eenmaal in de “UIT” -stand en selecteert u vervolgens opnieuw het gewenste meetbereik. Ongeveer 1 minuut voor de automatische uitschakeling klinkt de zoemer vijf keer ach-ter elkaar; voor het uitschakelen klinkt een lange pieptoon13. Batterijtest bij het inschakelenBij het inschakelen van de DMM wordt de huidige batterijspanning gedurende ong. 2 seconden aangegeven door de kleur van de NCV-LED (1):groen spanning >2,7 Vgeel spanning 2,4 V - 2,7 Vrood spanning

14. Onderhoud en reiniginga) AlgemeenAfgezien van een incidentele reinigingsbeurt en het vervangen van de batterij is het apparaat onderhoudsvrij.Voor instructies over hoe de batterijen te vervangen, zie hieronder. Controleer regelmatig de technische veiligheid van het apparaat en de meetka-bels, bijv. op beschadiging van de behuizing of afknellen van de kabels.b) ReinigingVoordat u het apparaat reinigt, dient u absoluut de volgende veiligheidsinstructies in acht te nemen: Bij het openen van afdekkingen of het verwijderen van onderdelen, behalve als dit met de hand mogelijk is, kunnen onder spanning staande onderdelen bloot-gelegd worden. Voor een reiniging of reparatie moeten de aangesloten kabels van de meetap-paratuur en van alle meetobjecten worden gescheiden. Zet de DMM uit.Gebruik geen agressieve schoonmaakmiddelen, benzine, alcohol of dergelijke voor het reini-gen.

Daardoor wordt het oppervlak van het meetinstrument aangetast. De dampen zijn boven-dien schadelijk voor de gezondheid en explosief.Gebruik geen scherpe gereedschappen, schroevendraaiers of metalen borstels en dergelijke om te reinigen. Gebruik een schoon, pluisvrij, antistatisch en licht vochtig reinigingsdoekje om het apparaat of het display en de meetsnoeren te reinigen.73

c) Plaatsen en vervangen van de batterijenOm de meter te bedienen, twee 1,5V-batterijen (AAA. LR03 Micro) nodig. Bij de eerste inge-bruikname of wanneer het batterijwisselsymbool op het display verschijnt, moeten twee nieuwe, volledig opgeladen batterijen worden geplaatst.Ga voor het plaatsen of vervangen van de batterij als volgt te werk:• Ontkoppel de aangesloten meetkabels van de te meten stroomkring en uw meetapparaat. Zet de DMM uit.• Draai de achterste schroef op het batterijcompartiment (7) los en trek het deksel van het batterijcompartiment voorzichtig van het meetapparaat.• Plaats een nieuwe batterij met de juiste polariteit in het batterij-inzet van het meetapparaat.• Schuif het deksel van het batterijcompartiment in de DMM en sluit de behuizing voorzichtig.

Gebruik het meetapparaat in geen geval in geopende toestand.!LEVENSGEVAAR!Laat geen lege batterijen in het meetapparaat zitten, aangezien zelfs batterijen die tegen lekken zijn beveiligd, kunnen corroderen, waardoor chemicaliën vrij kunnen komen die schadelijk zijn voor uw gezondheid of schade veroorzaken aan het apparaat.Laat batterijen niet achteloos rondslingeren. Deze kunnen door kinderen of huisdieren worden ingeslikt. Raadpleeg onmiddellijk een arts als er een bat-terij is ingeslikt.Haal om lekkage te voorkomen de batterijen uit het apparaat wanneer het lan-gere tijd niet wordt gebruikt.Lekkende of beschadigde batterijen kunnen chemische brandwonden veroor-zaken als deze met uw huid in aanraking komen.Draag daarom geschikte handschoenen als u dergelijke batterijen aanraakt.Zorg ervoor dat batterijen niet worden kortgesloten.

Gooi batterijen niet in het vuur.Batterijen mogen niet opgeladen worden. Er bestaat dan explosiegevaar.Gebruik alleen alkalinebatterijen omdat deze krachtig zijn en lang meegaan.74

15. Verwijderinga) AlgemeenHet product hoort niet bij het huishoudelijke afval. Het product dient aan het einde van zijn levensduur volgens de geldende wettelijke voorschriften te worden verwijderd. Lever het bijv. in bij het betreffende inzamelpunt. Verwijder de geplaatste batterijen of accu’s en voer deze gescheiden van het pro-duct af.b) Verwijdering van gebruikte accu’sAls eindverbruiker bent u conform de KCA-voorschriften wettelijk verplicht om alle gebruikte accu’s in te leveren; verwijdering via het huishoudelijke afval is niet toe-gestaan!

Accu’s met schadelijke stoffen worden gekenmerkt door het hiernaast afgebeelde symbool, dat op het verbod van afvoeren met gewoon huis-vuil duidt.De aanduidingen voor de betreffende zware metalen zijn: Cd = cadmium, Hg = kwik, Pb = lood.Uw lege accu’s kunt u gratis inleveren bij de gemeentelijke inzamelpun-ten, bij onze nevenvestigingen of afgeven bij alle verkooppunten van accu´s.Zo voldoet u aan de wettelijke verplichtingen en draagt u bij aan het beschermen van het milieu!75

16. Verhelpen van storingenU heeft met het meetinstrument een product aangeschaft dat volgens de nieuwste stand der techniek is ontwikkeld en veilig is in gebruik.Er kunnen zich echter problemen of storingen voordoen.Raadpleeg daarom de volgende informatie over de manier waarop u eventuele problemen zelf gemakkelijk op kunt lossen: Neem absoluut de veiligheidsinstructies in acht!Storing Mogelijke oorzaak Mogelijke oplossingDe multimeter werkt niet.Is de batterij leeg? Controleer de batterijstatus.Controleer de batterijstatus.De HOLD-functie is actief (weergave display “H”)Druk opnieuw op de “HOLD”--toets. Het symbool “H” ver-dwijnt.Is er een verkeerde meetfunc-tie ingesteld (AC/DC)?Controleer het display (AC/DC) en schakel zo nodig om naar een andere functie.Zijn de verkeerde meetbussen gebruikt?Controleer de meetbussen.

Andere reparaties dan hierboven beschreven, mogen uitsluitend door een erkend vakman worden uitgevoerd. Aarzel niet om contact op te nemen met onze technische dienst als u vragen hebt over de werking van het meetinstrument.76

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Voltcraft VC-22 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden