Vevor S590136 S1 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Vevor S590136 S1 (336 pagina’s), behorend tot de categorie Heater. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 8 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Vevor S590136 S1 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Vevor |
| Categorie: | Heater |
| Model: | S590136 S1 |
Handleiding Vevor S590136 S1 – volledige tekst
- 1 -MODEL: S590136 S1/S590136 S2/S590136 S3Dit is de originele handleiding. Lees alle instructies zorgvuldig doorvoordat u het product gebruikt. VEVOR behoudt zich het recht voor om degebruiksaanwijzing duidelijk te interpreteren. Het uiterlijk van het productis afhankelijk van het product dat u hebt ontvangen. Neemt u het ons nietkwalijk dat we u niet meer op de hoogte stellen van eventueletechnologische of software-updates voor ons product.DIESEL HEATER
- 2 -SymboolSymbool BeschrijvingWaarschuwing: Om het risico op letsel te verminderen, moetde gebruiker de gebruiksaanwijzing zorgvuldig lezen.Dit symbool, geplaatst vóór een veiligheidsopmerking, duidtop een voorzorgsmaatregel, waarschuwing of gevaar. Hetnegeren van deze waarschuwing kan leiden tot een ongeval.Volg altijd de onderstaande aanbevelingen om het risico opletsel, brand of elektrocutie te verminderen.CORRECTE VERWIJDERING: Dit product is onderworpen aande bepalingen van de Europese Richtlijn 2012/19/EG. Hetsymbool met een doorgestreepte afvalcontainer geeft aan dat hetproduct in de Europese Unie gescheiden afvalinzameling vereist.Dit geldt voor het product en alle accessoires die met dit symboolzijn gemarkeerd.
Producten die als zodanig zijn gemarkeerd,mogen niet worden mogen niet bij het normale huisvuil wordenweggegooid, maar moeten worden ingeleverd bij een inzamelpuntvoor de recycling van elektrische en elektronische apparaten.Waarschuwing: Giftig materiaal. Vermijd contact met giftigmateriaal.Waarschuwing: Ontvlambaar materiaal. Voorkom brand doorontvlambaar materiaal te ontsteken.Verantwoordelijkheidsvereisten:· Vevor is niet aansprakelijk voor eventuele problemen die voortvloeien uit hetniet naleven van deze instructies en de voorzorgsmaatregelen die in dezeinstructies zijn opgenomen.Het bedrijf is evenmin aansprakelijk voor problemen die voortvloeien uitreparaties die zijn uitgevoerd zonder professioneel onderhoud of het gebruikvan originele reserveonderdelen/accessoires. Dit type onderhoud leidt totongeldigheid van de typegoedkeuring en het ECE-typegoedkeuringscertificaatvan de kachel.
- 3 -SAFETY INSTRUCTIONWAARSCHUWING:Lees alle veiligheidswaarschuwingen, instructies, illustraties enspecificaties die bij deze dieselkachel worden geleverd. Het nietopvolgen van alle onderstaande instructies kan leiden tot elektrischeschokken, brand en letsel. /of ernstig letsel.109. De volgende maatregelen worden niet genomenVervang het belangrijke onderdeel van de dieselverwarming. Maken gebruik van reserveonderdelen van andere fabrikanten zondertoestemming. De instructies en handleiding niet opvolgt tijdens de installatie of bediening.110. mogen uitsluitend originele bevestigingsmaterialen en reserveonderdelenworden gebruikt.111.
De verwarmingstoestellen mogen niet worden gebruikt op plaatsen waar erontvlambare dampen of stof kunnen ontstaan, bijvoorbeeld: Brandstofdepot KoolstofopslagplaatsHoutopslagplaatsGraanschuur en soortgelijke locaties Diesel-/benzinestationEn blijf uit de buurt van brandstoftanks, compressietanks, brandblussers, kledingof andere brandbare voorwerpen.112. Gebruik voor het opstarten geen sigarettenaansteker.113. Gebruik de kachel niet in gesloten en/of ongeventileerde ruimtes.114. Tijdens het tanken dienen de verwarmingselementen uitgeschakeld te zijn.115. Schakel de stroom niet uit terwijl het apparaat in werking is.116. Indien er brandstof lekt of ontwijkt uit het brandstofsysteem van de kachel,neem dan contact op met VEVOR voor reparatie.117. Plaats de uitlaat naar buiten om te voorkomen dat er uitlaatgassenbinnendringen.118.
- 4 -rechtstreeks uit te schakelen om zo de werking van de kachel te stoppen.119. Dicht alle openingen tussen de montageplaat en de carrosserie af.120. Het apparaat stopt met verwarmen na de oververhittingsbeveiliging. Schakelhet apparaat niet uit. Nadat het apparaat op natuurlijke wijze is afgekoeld enuitgeschakeld, kan het opnieuw worden opgestart.121. Schakel het apparaat niet direct uit nadat u het hebt uitgeschakeld. Het duurt3-5 minuten voordat het apparaat volledig stopt met werken.122. Nadat het apparaat 3-5 minuten is opgestart, werkt het normaal en warmthet op. Wacht even geduldig.123. Wanneer de kachel net is opgestart, is de stroomsterkte relatief hoog. Voorde stroomvoorziening is daarom een adapter met een spanning van 12V en eenstroomsterkte van 15A of meer nodig.124.
Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder enpersonen met beperkte fysieke, sensorische of mentale capaciteiten of gebrekaan ervaring en kennis, mits zij onder toezicht staan of instructies hebbengekregen over het veilige gebruik van het apparaat en de gevaren ervanbegrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhouddoor de gebruiker mogen niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd .125. WAARSCHUWING: Ontvlambaar materiaalLet er tijdens de installatie/het gebruik, het onderhoud en de afvoer vanhet apparaat op dat er zich geen brandbare stoffen in de buurt van deuitlaat bevinden. De temperatuur van de uitlaat is zeer hoog wanneerdeze in werking is.
- 5 -126. WAARSCHUWING: Giftig materiaalZorg tijdens installatie/gebruik, onderhoud en afvoer van hetapparaat voor voldoende ventilatie om koolmonoxidevergiftiging tevoorkomen. Plaats de uitlaat buiten om te voorkomen datuitlaatgassen naar binnen lekken.19. De brandstoftank die brandstof levert aan het apparaat moet voldoenaan de volgende eisen:a) Indien er een lek is, moet de brandstof op de grond worden afgevoerd en magdeze niet in contact komen met de hete delen van het voertuig of de lading.b) De brandstoftank met benzine moet voorzien zijn van een effectieve vlamdoverbij de brandstofvulopening, of er moet een afdichtingsinrichting worden gebruiktom de opening volledig af te dichten.20.
Ruimte die niet gebruikt kan worden voor het verwarmen en vervoerenvan gevaarlijke goederen .FCC INFORMATIONLET OP: Wijzigingen of aanpassingen die niet uitdrukkelijk zijn goedgekeurd doorde partij die verantwoordelijk is voor de naleving, kunnen de bevoegdheid van degebruiker om het apparaat te bedienen ongeldig maken!Dit apparaat voldoet aan Deel 15 van de FCC-regels. Gebruik is onderworpenaan de volgende twee voorwaarden:1) Dit product kan schadelijke interferentie veroorzaken.2) Dit product moet alle ontvangen interferentie accepteren, inclusief interferentiedie een ongewenste werking kan veroorzaken.
- 6 -WAARSCHUWING: Wijzigingen of aanpassingen aan dit product zijn nietuitdrukkelijk goedgekeurd door de partij. Verantwoordelijkheid voor naleving kande bevoegdheid van de gebruiker om het product te bedienen ongeldig maken.Let op: Dit product is getest en voldoet aan de limieten voor een digitaal apparaatvan klasse B, conform Deel 15 van de FCC-regels. Deze limieten zijn bedoeld omeen redelijke bescherming te bieden tegen schadelijke interferentie in eenwoonomgeving.Dit product genereert, gebruikt en kan radiofrequentie-energie uitstralen. Indienniet geïnstalleerd en gebruikt volgens de instructies, kan het schadelijkeinterferentie veroorzaken in radiocommunicatie. Er is echter geen garantie dat erin een bepaalde installatie geen interferentie zal optreden.
Als dit productschadelijke interferentie veroorzaakt in radio- of televisieontvangst, wat kanworden vastgesteld door het product uit en weer in te schakelen, wordt degebruiker aangeraden de interferentie te verhelpen door een of meer van devolgende maatregelen te nemen. Heroriënteer of verplaats de ontvangstantenne.Vergroot de afstand tussen het product en de ontvanger.Sluit het product aan op een stopcontact op een ander circuit dan dat waarophet apparaat is aangesloten. ontvanger is aangesloten. Raadpleeg de dealer of een ervaren radio-/tv-technicus voor hulp.INSTRUCTION STEPSSTAP 1: Monteer de blaaspijp zoals afgebeeld in de tekening hieronder .STAP 2: Schroef de blaaspijp in het hostapparaat.
- 7 -STAP 3: Schroef de uitlaatpijp in het gastapparaat, plaats vervolgens degeluiddemper in de uitlaatpijp en zet deze vast met een kleine klem.STAP 4: Gebruik een trechter om diesel aan de brandstoftank toe te voegenen sluit het deksel.STAP 5: Sluit het netsnoer aan en steek de stekker in het hostapparaat.
- 9 -vakpersoneel nodig .Het wordt aanbevolen om hoogwaardigedieselbrandstof te gebruiken voor het tanken van dedieselkachel. Andere brandstoffen, zoals kerosine,plantaardige olie, benzine, afvalolie, enz., mogen niet wordengebruikt. Anders kan de kachel een onaangename geurafgeven en kan er tijdens het gebruik een storing optreden .MODELPACKING LISTProductmodelS590136 S1/S590136 S2/S590136 S3VerschijningVerwarmingsmediumLuchtBrandstofDieselBeoordelingenDC 12V/40WAdapter100-240V~, 50-60Hz, 12V/15AModelFoto'sAantalHostmachine1
- 11 -※ Indien de verwarming in een gebouw wordt geïnstalleerd:7 Als de kachel binnen staat: Maak gaten in de muur zodat de afvoerpijpnaar buiten kan worden geleid. Let op de isolatie van de afvoerpijp,aangezien deze erg heet kan worden en brand kan veroorzaken.2 Als de kachel buiten wordt geplaatst: Het is noodzakelijk om de uitlaatpijp teverlengen om te voorkomen dat de uitlaatgassen via de achterste ventilatorvan de kachel het gebouw in worden gezogen, wat kan leiden totkoolmonoxidevergiftiging.※ Installatiepositie en voorzorgsmaatregelen① Reserveer een opening van 10 cm tussen de luchtinlaat voor eenonbelemmerde luchtinlaat2. Houd de onderste uitlaatpijp op een afstand van 5 cm van de grond envoorkom brand als de temperatuur van de uitlaatpijp hoog is;③ Buig de uitlaatpijp niet te veel, omdat dit een ongelijkmatige
- 12 -uitlaatgasstroom kan veroorzaken;④ Het luchtuitlaatkanaal is niet snel te lang en meerdere bochten kunnenervoor zorgen dat de warmte niet kan worden afgevoerd, wat resulteert in eenhoge temperatuurstoring;5. Zorg ervoor dat de brandstoftank niet op de behuizing stroomt wanneer udeze bijvult, aangezien dit langs de binnenkant van de machine naar deuitlaatpijp stroomt en rook veroorzaakt. Vul de olie bij tot vlak bij de openingvan de brandstoftank.⑥Blokkeer de inlaatbuis niet, dit zal leiden tot onvoldoende zuurstof en deverwarming zal niet werken;Voorzorgsmaatregelen voor de installatielocatie - schematisch diagram14. Voorzorgsmaatregelen voor de stroomvoorziening :※ De voeding voor de dieselkachel moet aan de volgende eisen voldoen:Spanning: 12 V; stroomsterkte: ≥ 15 A, direct of via een accu.
Laad de accu nietop tijdens gebruik van de kachel, aangezien onvoldoende stroom tot storingenkan leiden. Zorg voor een stevige en veilige verbinding met de accu. Het gebruikvan klemmen voor de bevestiging kan leiden tot slecht contact.Suggest using energy storagepower, batteries, and adaptersfor power supply
- 13 -※Bij het verlengen van de stroomkabel voor de dieselkachel moet dedraaddiameter >2㎟ zijn. Het gebruik van een dunne draad kan leiden totonvoldoende stroom, waardoor de kachel niet werkt. Gebruik na het aansluitenisolatietape om de verbinding te beschermen en lekkage te voorkomen, watbrand kan veroorzaken.※Schakel de stroom niet uit wanneer de dieselkachel op hoge temperaturenwerkt. Dit kan terugslag veroorzaken door de hoge temperaturen. Herhaaldelijkgebruik kan permanente schade veroorzaken. Oplossingen:- Als de stroom uitvalt en u de kachel direct weer aanzet: Wacht tot de internewarmte van de kachel volledig is verdwenen voordat u de kachel weer inschakeltvoor de normale werking.- Als de kachel na een stroomstoring langere tijd aan blijft staan: Onvolledigeverbranding binnenin kan veel rook produceren.
Wacht tot de rook is opgetrokken,dan start de kachel automatisch en werkt weer normaal.※ Storingen in het oliecircuit, zoals foutcode E4/E8/E10, geven aan dater geen olieverwarming of verwarming in de machine aanwezig is. Volgde volgende stappen om het probleem op te lossen:① Is er een olietekort in de brandstoftank;② Of het oliefilter verstopt is;3 Is er een bocht in de olieleiding waardoor de olie niet door kan?
- 14 -④ Werkt de oliepomp niet?※ Onderhoud: Als er zwarte rook wordt waargenomen tijdens hetgebruik van de kachel gedurende een bepaalde periode of in het tweedejaar van gebruik, duidt dit op koolstofophoping in deverbrandingskamer die tijdig moet worden gereinigd. Debedieningsmethode is als volgt:① Verwijder de buitenschaal;2. Verwijder de bouten van het moederbord met een inbussleutel;③ Verwijder de vier bouten van de ventilatoreenheid met een inbussleutel;④Verwijder de vier bouten van de verbrandingskamer met een inbussleutel;⑤ Verwijder de verbrandingskamer en vervang deze door een nieuwewarmteterugwinningsverwarmer;Schematisch diagram van vervanging van de verbrandingskamerWaarschuwingen voor de voeding van dieselverwarmingstoestellen:※ Voedingsvereisten voor dieselverwarming: Spanning: 12 V; Stroom: ≥ 20 A;Gebruik een stroombron of een accu. (Vermijd het opladen van de accu terwijl
- 15 -u de verwarming van stroom voorziet, aangezien een lage stroomsterkte totstoringen kan leiden. Zorg voor een veilige accuverbinding zonder klemmenom slecht contact te voorkomen. Het gebruik van de sigarettenaansteker vande auto als stroombron wordt afgeraden vanwege onvoldoende stroom.)PRODUCT INFORMATIONModel : S590136 S1/S590136 S2/S590136 S3①②⑤⑥③Fixing the battery clamp caneasily cause poor contactCigarette lighter currentlow does not work④⑦⑪⑫
- 17 -Waarschuwing :19. De luchtinlaat mag niet geblokkeerd worden en moet open en vrij blijven.20. Houd de uitlaatpijp vrij. De uitlaatpijp moet uit de buurt van brandbare stoffenworden gehouden. Vermijd het verhitten en ontsteken van brandbare goederenen het laden van vracht op de grond.21. Om een optimale verbranding te garanderen, dient u er rekening mee tehouden dat de rookafvoerbuis niet omhoog, maar horizontaal of omlaag geplaatstkan worden.For specific installation,please scan the QR codeto view the installationvideo
- 18 -Panel operation instructionsRaadpleeg de onderstaandeinstructies voor het gebruik vande LCD-schermschakelaar. Omte synchroniseren, scant u deQR-code rechts om de video tebekijken.FunctieParameterWerkingsmethodeSpecifieke operationele stappenInschakelen/Sluit hetnetsnoeraan en drukkort op de[Power]-knop.7. Sluit het netsnoer aan .Als het apparaat is uitgeschakeld,drukt u kort op de [Power]-knop omhet apparaat te starten. Op hetscherm worden de temperatuur en dedynamische bedrijfsstatus
- 19 -weergegeven en begint het apparaatte verwarmen.Uitschakelen/Druk kort opde [Power]-knop.Druk in ingeschakelde toestand kortop de [Power]-knop tot "OFF" wordtweergegeven om het apparaat uit teschakelen. Tijdens het uitschakelenkan de knop niet worden ingedrukt enwordt het apparaat vollediguitgeschakeld nadat de ventilator isgestopt met werken.Let op: Het is verboden om destroomtoevoer tijdens het uitschakelenmet geweld te onderbreken, anderswordt de interne warmte niet volledigafgevoerd. Een tweede keer opstartenzal een grote hoeveelheid rookproduceren en onvolledigewarmteafvoer kan de internewindturbine van de machinegemakkelijk beschadigen.
- 20 -d, houdt ude[Instellingen]-knop 3secondeningedruktom deinterfacevoorbasisinstellingen teopenen.Druk op de[Knop] omwijzigingenaan tebrengen endruknogmaalsop de[Knop] omde huidigegegevenswijziging tebevestigen.Draai aande [knop]om deinstellingenaan tepassen.Nadat alleaanpassingensuccesvolzijnuitgevoerd,houdt u[Instellingen]3 secondeningedruktom allebasisinstelliF2: Looptijd [na zelfstart].F3: Instelling van dezelfstartschakelaar.F4: Taalwisseling [Chinees (C),Engels (E), Russisch (R), -(Stil)].F5: Temperatuurcompensatie.F6: Brandstoftankvolume [5-50L(Schakeleenheid: 5L) (Standaard: 5L)][Weergave - geeft aan dat de toestandvan de brandstoftank niet wordtbewaakt].F7: Type oliepomp [16/22/28/32UL(standaard is 22UL)].F8: Verwarming met constantetemperatuur (In detemperatuurregelmodus schakelt hetapparaat automatisch uit na eenvertraging van 30 seconden wanneerde temperatuur in de cabine deingestelde temperatuur bereikt;)Wanneer de temperatuur in de cabine2℃ lager is dan de ingesteldetemperatuur, start het apparaatautomatisch na een vertraging van 30seconden.F9: Temperatuuromschakeling (℉/℃).FA: KM/Kft-schakelaar; Fb:Schermhelderheid (0-100)FC: Bluetooth Mesh-netwerkinstellingen (YAH-A2422).Raadpleeg de gedetailleerdebeschrijving voor specifieke functies.
- 22 -Afstandsbedieningsmatching/Ga in deengineeringmodus naarde En08-interface enhoud de[knop] 3secondeningedruktom dematching testarten.Wanneer het scherm "P-1" toont,drukt u op de [plus]-toets op deafstandsbediening. Wanneer hetscherm "P-2" toont, betekent dit datde [plus]-toets succesvol isgekoppeld. Druk vervolgens op de[min]-toets. Wanneer het scherm "P-3"toont, drukt u op de [M]-toets.Wanneer het scherm "P-4" toont,drukt u op de [ ]. De koppeling is nuvoltooid en de projectmodus wordtautomatisch afgesloten om terug tekeren naar de actieve interface .*Om de laatste overeenkomendegegevens van de afstandsbedieningte wissen: Houd [Power] 7 secondeningedrukt tijdens de zelftest bij hetinschakelen.
Wanneer de interface"CLr" weergeeft, begint het wissen.Wanneer de interface "SUC"weergeeft, is het wissen succesvol.Afstandsbedieningsfunctie/Druk kort opde knop.De specifieke schermweergave endefinitie van de toetsen van deafstandsbediening zijn als volgt:[+]-toets: Pas de plusknop aan en hetovereenkomstige schermdisplay is "P-1".[-] Toets: Pas de min-knop aan en hetovereenkomstige schermdisplay is "P-2".[M] Toets: Knop om de modus tewijzigen, overeenkomend met "P-3"op het scherm.[ ] Toets: Aan/uit-knop,overeenkomend met deschermweergave "P-4".
- 23 -Handmatigeoliepomp/Wanneer destroom voorde eerstekeer wordtaangeslotenen hetapparaat isuitgeschakeld, drukt ulang op de[Pompolie]-toets in delinkerbenedenhoek.Wanneer het scherm knippert en '-p -'toont, keert het apparaat terug naarde begininterface en begint het methet pompen van olie. Wanneer hetaftellen is afgelopen, wordt hetapparaat automatisch afgesloten of opde [Power]-toets gedrukt om hetpompen van olie te stoppen en demachine uit te schakelen.Vul debrandstoftank/Nadat u de machine hebtingeschakeld, houdt u de toets [Oliepompen] 7 seconden ingedrukt om hetbrandstoftankpictogram op deinterface te vullen.BLUETOOTH OPERATIONVoor iPhones : Zoek en download de bijbehorende app met de naam"booyood" in de iOS APP Store of scan de QR-code om de bijbehorendeapp te downloaden.
- 25 -3. Maak verbinding met de mobiele telefoon via Bluetooth: Klik op"+Apparaat toevoegen " , klik vervolgens op het Bluetooth-pictogram en zoekhet overeenkomstige lokale Bluetooth-nummer: BYD + MAC-adres van hetBluetooth-apparaat + het 4-cijferige nummer op de controller (zie deonderstaande afbeelding). Klik op het Bluetooth-nummer om verbinding temaken.3. Klik op de knop om naar het instellingenscherm te gaan. U kunt hetwachtwoord instellen en op 'Bevestigen' klikken om de instellingen op te slaan.
- 26 -Als het wachtwoord wordt gewijzigd, moet de switch het wachtwoord wijzigenvolgens de bovenstaande Bluetooth-koppelingsmethode .10. houd 【 】 lang ingedrukt om in/uit te schakelen de verwarming .5. Klik op " Niveau " of " Thermostatisch " knop om de versnellingsmodus tewisselen of temperatuurregelmodus, Klik dan op "omhoog" +" /"omlaag -"knop om het niveau te verhogen + of te verlagen (niveau 1-10)/temperatuur(8°C~36°C) .
- 27 -12. Foutweergave: Als de verwarming defect raakt, wordt de foutcode E-xxweergegeven, zie de de eerder genoemde tabel voor het type storing.Fault tableStoringsalarmToon de volgende afbeelding, corresponderend met het knipperendestoringssymbool en corresponderend met het knipperendestoringsapparaatpictogram, geef gegevens weer als foutcode, raadpleeg defouttabel voor de betekenis.*Bougie, oliepomp, fan, sensor, voeding en andere symbolen, knipperen geeftaan dat het overeenkomstige apparaat defect is.
- 28 -FouttabelScan de QR-code om deprobleemoplossingsmethode tebekijkenFoutcodeOorzaak van het falenoplossingenE-01Spanningsafwijking1. Controleer of het typevoedingsspanning voorde verwarmingovereenkomt met dewerkelijkevoertuigspanning;2. Controleer of devoedingsspanning hogerdan 18V of lager dan 9Vis.3. Controleer of er sprakeis van een losseverbinding bij dehoofdlijnbundelverbindingen de positieve ennegatieve aansluitingenvan de voeding.E-0 3Defecte ontstekingsbougie13. Controleer of deontstekingsbougie losjes
- 29 -is aangesloten.14. De ontstekingsbougieis defect.Vervang deontstekingsbougie.E- 04Afwijking van de oliepomp13. Controleer of destekker van de oliepomplos zit of niet goed isaangesloten.14. Controleer of er eenonderbreking is in dehoofdlijnbundel;De oliepomp is defect.Vervang de oliepomp.E- 05Bescherming tegen hogetemperaturenWanneer de temperatuurhet beschermingspunttegen hoge temperaturenoverschrijdt, controleerdan of de afstand tussende twee uiteinden van deluchtinlaat en -uitlaat vande kachel en obstakelsgroter is dan 10centimeter.E- 06Deinlaatluchttemperatuursensoris defect19. Controleer of hetventilatorwiel vastzit.20. Controleer of destekker van de ventilatorlos zit of niet goed isaangesloten.21. Na het opstarten is deventilatorsnelheidabnormaal. Controleer ofde inductiemagneet van
- 31 -InstallatiehandleidingDe oppervlaktetemperatuurvan de uitlaatpijp bedraagtongeveer 752 ℉, en er moetaandacht worden besteedaan de bescherming tegenontvlambare materialentijdens de installatie1. Houd er rekening meedat er zich geenbrandbare stoffen rondde uitlaatpijp en de uitlaatvoor warme luchtbevinden. Gebruikisolatiemateriaal terbescherming. Het isverboden gaten te borenen machines op houtenvloeren te installeren. Deoppervlaktetemperatuurvan de uitlaatpijpbedraagt ongeveer400 °C.2. Verbied het gebruikvan lijmsoorten die nietbestand zijn tegen hogetemperaturen, omgeurvergiftiging tevoorkomen. Zorg ervoordat er geen brandontstaat doorontvlambare materialenin brand te steken.3.
- 32 -Buig de uitlaatpijp niet teveel, aangezien dit eenslechte uitlaatstroom kanveroorzaken; 4 Hetuitlaatkanaal is nietgemakkelijk te lang enmeerdere bochtenkunnen ervoor zorgen datwarmte niet kan wordenafgevoerd, wat resulteertin een storing bij hogetemperatuur. Laat bij hetbijvullen van debrandstoftank debrandstof niet op debuitenmantel stromen,aangezien deze langs debinnenkant van demachine naar deuitlaatpijppositie zalstromen, wat rookveroorzaakt. Vul debrandstoftank tot eenniveau dicht bij deopening van debrandstoftank. Blokkeerde inlaatpijp niet,aangezien dit kan leidentot onvoldoende zuurstofen een storing van deverwarming .AccessoiresmodificatieVerbied het gebruik vanmaterialen die niet bestandzijn tegen hoge temperaturenen rubberen afdichtingen die1. Aanpassing van deverlenging van deuitlaatleiding: Het is aante raden om buizen aan
- 33 -geur- en vergiftigingsgevarenkunnen veroorzaken.te schaffen die vanhetzelfde materiaal zijngemaakt of vanhittebestendig materiaal,met een lengte vanmaximaal 2 meter enzonder grote hoeken omoververhitting tevoorkomen.2. Aanpassing enverlenging van deuitlaatpijp: Het is aan teraden om pijpen aan teschaffen die gemaakt zijnvan hetzelfde materiaal ofhittebestendig roestvrijstaal, met een lengte vanmaximaal 2 meter enzonder grote buighoeken.De pijpen moeten naarbeneden naar buitenworden afgevoerd enmogen niet meerderekeren omhoog wordengebogen om de afvoervan uitlaatwarmte tebeïnvloeden (debedrijfstemperatuur vande uitlaatpijp bedraagtongeveer 400 °C en deinstallatiepositie maggeen gaten in de houtenvloer boren. Niet-hittebestendige rubberenafdichtingen zijn ook
- 34 -verboden, aangeziendeze geur- envergiftigingsgevaarkunnen veroorzaken).Witte rook uitstotenAbnormalestroomuitval/overmatigolievolume bij handmatigepomp1. Pomp handmatig olie.Als er te veel olie in demachine zit, zal deze nietontbranden en witte rookuitstoten. De juistemanier is om olie naar deinlaat te pompen en testoppen. Als hetolievolume in de pomp tehoog is, moet deolieleiding 2-3 keerworden losgekoppeld enopnieuw worden gestartom de normale werkingte herstellen voordat deolieleiding wordtaangesloten. U kunt ookeen föhn gebruiken omenige tijd in de inlaatbuiste blazen totdat dezeweer goed werkt.2. Abnormalestroomuitval tijdensgebruik: Druk tijdensnormaal gebruik op deaan/uit-knop om 'UIT'weer te geven vooruitschakelen. Tijdens hetuitschakelen kan de knopniet worden ingedrukt.Wacht tot de ventilator
- 35 -stopt met werken voordatu het apparaat vollediguitschakelt en koppelvervolgens destroomtoevoer los.Tijdens het uitschakelenis het verboden om destroomtoevoer geforceerdaf te sluiten, anders wordtde interne warmte nietvolledig afgevoerd enontstaat er veel rooktijdens de tweede keeropstarten. Wacht in datgeval tot de internewarmte volledig isverbrand voordat hetapparaat weer normaalfunctioneert.3. Raadpleeg deprobleemoplossingspagina voor foutcode E-01.RokenOnvoldoende zuurstofinnameof koolstofafzetting in deverbrandingskamer1. Overschrijdt de hoogtede kalibratieparameters?Onvoldoendezuurstofinlaat kan leidentot een mislukteontsteking en zwarterookontwikkeling.2. Controleer of er eenverstopping in deinlaatbuis zit waardoor eronvoldoende zuurstofwordt opgenomen.3. De kleine ruimte bij de
- 36 -luchtinlaat zorgt voor eenverstopping van deluchtinlaat.4. Controleer de foutcodeE-01. Het laagste puntvan devoedingsspanning/-stroom zorgt ervoor dater onvoldoende warmtevan de ontstekingsbougiekomt, wat resulteert ineen mislukte ontstekingen zwarte rookuitstoot.5. Demonteer deverbrandingskamer vande machine om tecontroleren opkoolstofafzettingen envervang deverbrandingskamer tijdig.RookblauwSlechte oliekwaliteitAlleen diesel van hogekwaliteit mag wordengebruikt. Het gebruik vangemengde diesel, anderesoorten olie en niet-nieuwe olieproducten isverboden. In de wintermoet diesel met eennegatieve temperatuurworden gebruikt.Lekkage vanmachineolieSchade aan olietank/leiding,zij-installatie(Zij-installatie verboden)1. Controleer het uiterlijkvan debrandstoftank/olieleidingen controleer of het
- 37 -mondstuk van debrandstoftank beschadigdof gebarsten is, watolielekkage kanveroorzaken.2. Wanneer u debrandstoftank vult metdiesel, zorg er dan voordat u de diesel niet op debehuizing van demachine giet. Andersstroomt de diesel in hetinterieur en ontstaat errook door de hoge internehitte tijdens het gebruik.3. De kachel kan niet aande zijkant wordengeïnstalleerd. De olie uithet zuurstofgat aan dekant van deontstekingsbougie zaldoor het gat naar buitenstromen. De juisteinstallatiemethode is omde inlaat-/uitlaatpoortnaar beneden te richten.4. Slechte oliekwaliteitleidt tot verstopping vanhet verstuivingsnetwerkvan de ontstekingsbougiein de verbrandingskamer,waardoor de ontstekingvia de uitlaatpijp naarbuiten stroomt. Hetverstuivingsnetwerk van
- 38 -de ontstekingsbougie enhoogwaardige dieselmoeten wordenvervangen .Er zit geen olie ofhitte in de machineDe olieleiding is gebogenControleer of er verbogenplekken in de olieleidingzitten, waardoor er geenlucht meer in de olie kankomen.Olie die door deuitlaatpijp stroomtTe veel olie in depomp/geblokkeerdverstuivingsnetwerk/abnormale spanning1. Handmatig oliepompen: als er te veelolie in de machine zit, zaldeze niet ontbranden enwitte rook uitstoten. Alsde verbrandingskamergevuld is met overmatigeolie, zal deze uit deuitlaatpijp stromen. Dejuiste manier om olie naarde inlaat te pompen en testoppen is om de olie testoppen. Als hetolievolume in de pomp tehoog is, moet deolieleiding 2-3 keerworden losgekoppeld enopnieuw worden gestartom de normale werkingte herstellen voordat deolieleiding wordtaangesloten. U kunt ookeen föhn gebruiken omenige tijd in de richtingvan de inlaatpijp te
- 39 -blazen totdat deze weergoed werkt.2. Het verstuivingsnetvan de ontstekingsbougieis verstopt. Verwijder nahet verwijderen van deontstekingsbougie hetinterne verstuivingsnet encontroleer opverstoppingen. Maak hetonmiddellijk schoon ofvervang het.3. Verwijzend naar defoutcode-inspectie van E-01, faalde de ontstekingdoor onvoldoendewarmte van de bougiemet een lagespanning/stroomsterkte.De brandstofpomp bleefwerken en er stroomdediesel uit de uitlaatpijp.Olie die door deinlaatpijp stroomtVerkeerdeinstallatierichting/te grootolievolume van de handpomp1. Handmatig oliepompen: als er te veelolie in de machine zit, zaldeze niet ontbranden enwitte rook uitstoten. Alsde verbrandingskamergevuld is met overmatigeolie, zal deze uit deinlaatbuis stromen. Dejuiste manier om olie naarde inlaat te pompen en testoppen is om olie tepompen. Als het
- 40 -olievolume in de pomp tehoog is, moet deolieleiding 2-3 keerworden losgekoppeld enopnieuw worden gestartom de normale werkingte herstellen voordat deolieleiding wordtaangesloten. U kunt ookeen föhn gebruiken omenige tijd in de richtingvan de inlaatbuis teblazen totdat deze weergoed werkt.2. De kachel kan niet aande zijkant wordengeïnstalleerd. De olie inhet zuurstofgat aan dekant van deontstekingsbougie zaldoor het gat naar buitenstromen. De juisteinstallatiemethode is omde inlaat-/uitlaatpoortnaar beneden te richten .Deuitlaatpijptemperatuur is te hoog en kleurtroodStoring in deverbrandingskamerSchakel het apparaatonmiddellijk uit,demonteer de aluminiumbehuizing en controleerof de verbrandingskamerafgedicht is, of vervangde verbrandingskamer.abnormaal geluidSlechte uitlaatgasstroomVerstoppingen doorvreemde voorwerpen in
- 41 -de uitlaatpijp hebbeninvloed op deuitlaatgassen. Demachine moetonmiddellijk wordenuitgeschakeld en deuitlaatpijp, de demper ende uitlaatpoort moetenworden gecontroleerd opverstoppingen. Indien erverstoppingen zijn,moeten deze wordengereinigd en weernormaal functioneren.DieselgeurOlielekkage/brandstoffout1. Alleen hoogwaardigediesel mag wordengebruikt. Het gebruik vangemengde diesel, anderesoorten olie en niet-nieuwe olieproducten isverboden. In de winterdient u diesel mettemperaturen onder nulte gebruiken, aangezienandere brandstoffengeurtjes kunnenveroorzaken.2. Demonteer debehuizing van demachine om tecontroleren op eventueleolielekken en vervang deonderdelen zo snelmogelijk.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Vevor S590136 S1 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Heater Vevor
Handleiding Heater
Nieuwste handleidingen voor Heater