Vevor 5800 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Vevor 5800 (455 pagina’s), behorend tot de categorie Zaagmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 24 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Vevor 5800 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | Vevor |
| Categorie: | Zaagmachine |
| Model: | 5800 |
Handleiding Vevor 5800 – volledige tekst
1MODEL: 4000 / 5200 / 5800 / 6200Dit is de originele handleiding. Lees alle instructies zorgvuldig door voordatu het product gebruikt. VEVOR behoudt zich het recht voor om degebruiksaanwijzing duidelijk te interpreteren. Het uiterlijk van het product isafhankelijk van het product dat u hebt ontvangen. Neemt u het ons nietkwalijk dat we u niet meer op de hoogte stellen van eventueletechnologische of software-updates voor ons product.GAS CHAINSAWS
2BELANGRIJKLEES ZORGVULDIG DOOR VOOR GEBRUIK.BEWAAR DIT VOOR TOEKOMSTIGE NASLAG.Opleiding1. Lees de instructies zorgvuldig door. Zorg dat u bekend bent met debedieningselementen en het juiste gebruik van het product.2. Laat kinderen of mensen die niet bekend zijn met deze instructies hetproduct nooit gebruiken. Lokale regelgeving kan de leeftijd van degebruiker beperken.3. Gebruik het product nooit terwijl er mensen, vooral kinderen, ofhuisdieren in de buurt zijn.4. Houd er rekening mee dat de bediener of gebruiker verantwoordelijk isvoor ongevallen of gevaren die andere personen of hun eigendommenoverkomen.5. Het product mag niet worden gebruikt door personen onder invloed vanalcohol, drugs of medicijnen.6. Gebruik het product niet als u moe bent.7. Gebruik het product niet zonder bescherming of als het beschadigd is.8. Gebruik het product nooit binnenshuis.9.
Dit product produceert giftige uitlaatgassen wanneer de motor wordtgestart.10. Tijdens het gebruik van dit product kunnen er stof, dampen en rookvrijkomen die chemicaliën bevatten die de werking van het product kunnenbeïnvloeden. uw gezondheid. Wees daarom voorzichtig bij het gebruik vanuw product en bescherm uzelf goed.11. Zorg ervoor dat u geen uitlaatgassen inademt. Houd het product tijdensgebruik altijd goed vast.12. Draag handschoenen en houd uw handen warm.Voorbereiding1. Dit product kan ernstig letsel veroorzaken. Lees de instructies zorgvuldigdoor voor de juiste behandeling, voorbereiding, onderhoud, start en stopvan het product.
3het product. Maak uzelf vertrouwd met alle bedieningselementen en hetjuiste gebruik van het product.2. Vermijd bediening terwijl er mensen, vooral kinderen, in de buurt zijn.3. Draag geschikte kleding! Draag geen losse kleding of sieraden, die vastkunnen raken in bewegende delen. Draag stevige handschoenen,antislipschoenen en een veiligheidsbril worden aanbevolen.4. Bewaar het product op een droge, schone plaats, beschermd tegendirect zonlicht, en bewaar het pas nadat de brandstoftank is geleegd en hetproduct is gereinigd. Het product mag alleen binnen worden bewaardonder deze omstandigheden.5. Als het snijgereedschap een vreemd voorwerp raakt of als het productongebruikelijke geluiden of trillingen begint te maken, schakel dan destroombron uit en laat het product tot stilstand komen.
Koppel debougiestekker los van de bougie en voer de volgende stappen uit:• inspecteren op schade,• controleer op losse onderdelen en draai deze vast,• beschadigde onderdelen laten vervangen of repareren met onderdelenmet gelijkwaardige specificaties.6. Controleer of de snijuitrusting stopt met draaien wanneer de motorstationair draait.Operatie1. Dit product mag niet worden gebruikt voor andere doeleinden danbeschreven. Nationale regelgeving kan het gebruik van het productbeperken.2. Draag tijdens het gebruik altijd stevige schoenen en een lange broek.Gebruik het product niet op blote voeten of met open sandalen.beschermende bril of stofbril.3. Zorg ervoor dat het te bewerken oppervlak vrij is van stenen, stokken,draad etc. of andere voorwerpen die het product zouden kunnenbeschadigen.4.
45. Controleer het product vóór gebruik en na een eventuele impact optekenen van slijtage of schade en repareer het indien nodig.6. Gebruik het product nooit als de beschermkappen beschadigd zijn of alsde beschermkappen niet op hun plaats zitten.7. Houd handen en voeten te allen tijde uit de buurt van het snijgedeelte,vooral wanneer u de motor start.8. Laat kinderen of personen die niet bekend zijn met de instructies ditproduct nooit gebruiken.9. Gebruik het product niet meer als er mensen, vooral kinderen, ofhuisdieren in de buurt zijn.10. Gebruik het product alleen bij daglicht of goed kunstlicht.11. Houd uw lichaam rechtop tijdens het werk. Leun niet voorover. Neemregelmatig pauzes en wissel van werkhouding om geconcentreerd teblijven.12.
Zorg voor een stevige houding en evenwicht tijdens het gebruik.Gebruik altijd het harnas, indien aanwezig.13.Stop de motor voordat• bij het schoonmaken of het verhelpen van een verstopping,• het controleren, uitvoeren van onderhoud of het werken aan het product,• het aanpassen van de werkpositie van de snijkop,• het product onbeheerd achterlaten,14. Zorg ervoor dat het product zich op de juiste plaats in de daarvoorbestemde werkpositie bevindt voordat u de motor start.15. Zorg er tijdens het bedienen van het product altijd voor dat debedieningspositie veilig en beveiligd is.16. Gebruik het product niet met een beschadigde of versletensnijuitrusting.17. Houd de motor en de geluiddemper vrij van vuil, bladeren en overtolligsmeermiddel om brandgevaar te verminderen.18. Zorg er altijd voor dat alle handgrepen en beschermkappen zijngemonteerd wanneer u het product gebruikt.
Probeer nooit een onvolledigproduct of een product met eenongeoorloofde wijziging.19. Gebruik altijd twee handen om een product te bedienen dat is uitgerust
5met twee handgrepen.20. Wees u altijd bewust van uw omgeving en blijf alert op mogelijkegevaren waarvan u zich door het geluid van het product mogelijk nietbewust bent.21. Wees voorzichtig bij het hanteren van snij-accessoires/scherpe randendie zijn aangebracht om de lengte van de filamentdraad te trimmen. Zorgervoor dat er een nieuwe filamentdraad is.correct zijn geïnstalleerd voordat u het product inschakelt.22. Zorg er altijd voor dat er geen vuil in de ventilatieopeningen zit.23. Gebruik uitsluitend snij-accessoires zoals vermeld in de technischegegevens in deze handleiding. Het gebruik van andere accessoires leidt totgevaren die kunnen leiden tot:persoonlijk letsel en schade aan eigendommen.24. Raak het product nooit onvoorzichtig aan; u kunt zich branden. Tijdensof kort na gebruik van het product zijn onderdelen zoals de uitlaatpijp, demotor en andere oppervlakken extreem heet!
Let op de markeringen ophet product.Onderhoud en opslag1. Volg de onderhouds- en reparatie-instructies voor dit product. Voer nooitwijzigingen aan het product uit.2. Wanneer het product wordt gestopt voor onderhoud, inspectie of opslag,schakelt u de stroombron uit, koppelt u de bougiestekker los van deControleer de bougie en zorg ervoor dat alle bewegende delen tot stilstandzijn gekomen. Laat het product afkoelen voordat u inspecties,aanpassingen, enz. uitvoert.3. Onderhoud en inspecteer uw product regelmatig. Controleer opverkeerde uitlijning of vastlopen van bewegende onderdelen, breuk vanonderdelen en andere mogelijke problemen.de werking van het product beïnvloeden. Laat het product reparerenvoordat u het weer gebruikt als het beschadigd is. Veel ongelukken wordenveroorzaakt door slecht onderhouden producten.4. Onjuist onderhoud kan leiden tot storingen/falen van het product.5.
6losse bevestigingsmiddelen, brandstoflekken en beschadigde onderdelen,zoals scheuren in het snijgereedschap.6. Wijzig nooit het vooraf ingestelde toerental of de motor- enproductinstellingen. Informatie over onderhoud en reparatie vindt u in dezegebruiksaanwijzing.7. Bewaar het product op een plek waar de brandstofdamp niet in contactkan komen met open vuur of vonken. Laat het product altijd afkoelenvoordat u het opbergt.8. Wanneer u het product niet gebruikt, bewaar het dan buiten bereik vankinderen.9. Gebruik uitsluitend vervangende onderdelen en accessoires die door defabrikant worden aanbevolen.10. Zorg ervoor dat het product tijdens het transport goed vastzit ombrandstofverlies, schade en letsel te voorkomen.11. Reinig en onderhoud het product zoals beschreven in deze instructiesvoordat u het opbergt. Gebruik altijd beschermkappen op desnijgereedschappen wanneer u het opbergt.12.
Zorg ervoor dat de luchtinlaat van de verbrandingsmotor vrij is. Houdde luchtinlaat vrij van stof, vuildeeltjes, gassen en dampen.13. Zorg voor voldoende en goede luchtcirculatie. Het product moet vanalle kanten gemakkelijk bereikbaar zijn.14. Bevestig de transportafdekking voor de metaalsnijkop tijdens transporten opslag.Aanvullende veiligheidswaarschuwingen voor benzinekettingzagen1. Onderbreek uw werk wanneer u zich moe voelt. Neem regelmatigpauzes om te herstellen. Een moment van onoplettendheid tijdens hetbedienen van de product kan ernstig persoonlijk letsel tot gevolg hebben.2. Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van de zaagketting. Verwijder hetgezaagde materiaal niet en houd het te zagen materiaal niet vast terwijl dezaagketting draait. Zorg ervoor dat het apparaat is uitgeschakeld. Bij hetverwijderen van vastgelopen materiaal.
Een moment van onoplettendheidtijdens het bedienen van het product kan leiden tot ernstig persoonlijkletsel.3. Houd het product alleen vast aan de geïsoleerde grijpvlakken, omdat de
7zaagketting mogelijk in contact komt met verborgen bedrading. Zaagkettingen die in contact komen met een onder spanning staandedraad, kunnen blootliggende metalen onderdelen van het product onderspanning zetten en de gebruiker een elektrische schok bezorgen. 4. Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van de zaagketting wanneer hetproduct in werking is. Controleer voordat u het product start of dezaagketting nergens mee in contact komt. Een moment vanonoplettendheid tijdens het gebruik van het product kan ertoe leiden datuw kleding of lichaam verstrikt raakt in de zaag. ketting. 5. Houd het product altijd met beide handen vast aan de handgrepen. Als uhet product met slechts één hand vasthoudt of aan onderdelen diedaarvoor niet bedoeld zijn, verhoogt dit de kans op letsel. Dit mag nooit worden gedaan, omdat dit het risico op persoonlijk letsel metzich meebrengt. 6.
Draag een veiligheidsbril en gehoorbescherming. Aanvullendebeschermende uitrusting voor hoofd, handen, benen en voeten wordtaanbevolen. Adequate beschermende kleding vermindert persoonlijk letseldoor rondvliegend puin of onbedoeld contact met de zaagketting. 7. Gebruik een product niet in een boom. Het gebruik van een productterwijl u zich in een boom bevindt, kan leiden tot persoonlijk letsel. 8. Zorg altijd voor een goede houding en bedien het product alleen op eenvaste, veilige en vlakke ondergrond. Gladde of onstabiele oppervlakkenzoals ladders kunnen leiden tot verlies van evenwicht of controle over hetproduct. 9. Wees bij het zagen van een tak onder spanning alert op terugvering. Wanneer de spanning in de houtvezels wegvalt, kan de veerbelaste tak degebruiker raken en/of het product oncontroleerbaar maken. 10. Wees uiterst voorzichtig bij het zagen van struikgewas en jonge bomen.
Het dunne materiaal kan in de zaagketting blijven haken en naar u toeworden geslingerd of u uit balans brengen. 11. Draag het product aan de handgrepen/palen, terwijl het product isuitgeschakeld en uit de buurt van Uw lichaam.
8de bewegende zaagketting.12. Volg de instructies voor het smeren, spannen van de ketting en hetvervangen van accessoires. Een onjuist gespannen of gesmeerde kettingkan breken of de kans op terugslag vergroten.13. Houd de handgrepen droog, schoon en vrij van olie en vet. Vette,olieachtige handgrepen zijn glad en kunnen leiden tot verlies van controle.14. Zaag alleen hout. Gebruik het product niet voor doeleinden waarvoorhet niet bedoeld is. Bijvoorbeeld: gebruik het product niet voor het zagenvan kunststof, metselwerk of Niet-houten bouwmaterialen. Gebruik van hetproduct voor andere doeleinden dan waarvoor het bedoeld is, kan leidentot een gevaarlijke situatie.15. Houd u aan de nationale en lokale regelgeving. Nationale en lokaleregelgeving kan het gebruik van dit product beperken.16.
Gebruik uitsluitend vervangende zaaggeleiders en zaagkettingen diedoor de fabrikant zijn gespecificeerd of gelijkwaardige vervangingen.Gebruik niet-goedgekeurde Het gebruik van snijgereedschappen kanleiden tot persoonlijk letsel en schade aan eigendommen.17. Controleer het product vóór gebruik en na een stoot of val op tekenenvan slijtage of schade en repareer het indien nodig.18. Verwijder of wijzig nooit een afscherming of veiligheidscomponent.Zorg ervoor dat afschermingen en andere veiligheidscomponenten dienodig zijn voor de werking van de machine, correct zijn geïnstalleerd.op hun plaats zitten, in goede werkende staat zijn en goed onderhoudenzijn om verwondingen te voorkomen.19. Verwijder takken in delen.20. Wees voorzichtig op gevaarlijke werkplekken en op het risico geraaktte worden door vallende takken of door takken die terugveren nadat ze degrond hebben geraakt.21.
Pas op voor bovengrondse elektriciteitsleidingen. Gebruik het productniet in een positie waardoor een onderdeel zich binnen 10 meter vanbovengrondse elektriciteitsleidingen bevindt.22. Maai nooit op plekken waar de snijuitrusting niet zichtbaar is.
9Brandstofbehandeling1. Schakel het product altijd uit, ontkoppel de bougiekabel en laat hetproduct afkoelen voordat u tankt. Brandstof en brandstofdampen zijn lichtontvlambaar. Wees voorzichtig met brandstof. Rook nooit tijdens hettanken. Tank het product niet bij als er open vuur in de buurt is!2. Gebruik altijd geschikte hulpmiddelen zoals trechters en vulopeningen.Mors geen brandstof op het product of het uitlaatsysteem. Er bestaatontstekingsgevaar. Verwijder gemorste brandstof zorgvuldig uit alleonderdelen van het product.Eventueel aanwezige reststoffen moeten volledig vervluchtigd zijn voordathet product in gebruik wordt genomen!3. Tank nooit binnenshuis.4. Gebruik het product nooit in explosiegevaarlijke omgevingen.Uitlaatgassen en brandstofdampen zijn schadelijk. Brandstofdampenkunnen ontbranden.5. Adem nooit brandstofdampen in tijdens het tanken.
Vul de tank nooit inafgesloten ruimtes, zoals kelders of schuurtjes.Er bestaat vergiftigings- en explosiegevaar!6. Vermijd huidcontact met benzine.7. Eet of drink niet tijdens het tanken. Raadpleeg onmiddellijk een arts alsu benzine of olie heeft ingeslikt of als benzine of olie in uw ogen isgekomen.8. Sluit het tankdeksel direct na het vullen. Zorg ervoor dat het goedgesloten is.9. Gebruik het product nooit zonder luchtfilter.10. De dampspanning van de brandstof kan in de brandstoftank toenemen,afhankelijk van de gebruikte brandstof, de weersomstandigheden en hettankontluchtingssysteem. Om dit te verminderenOm het risico op brandwonden en ander persoonlijk letsel te verkleinen,moet u de brandstofdop voorzichtig verwijderen, zodat de opgebouwdedruk langzaam kan ontsnappen.11. Wees u bewust van brand-, explosie- en inademingsrisico's.12.
10buurt van brandstof bent.13. Zorg ervoor dat de bougiekabel goed vastzit. Een losse kabel kanelektrische vonken veroorzaken, waardoor brandbare dampen kunnenontbranden en brand of een explosie kan ontstaan.14. Controleer regelmatig op lekkages bij de brandstofdop en debrandstofleidingen.15. Wees voorzichtig bij het hanteren van brandstof. Om onbedoeldebrand te voorkomen, dient u het product ten minste 3 meter (10 voet) vanhet vulpunt te verwijderen voordat u met de brandstof begint.motor.16. Draai de brandstofdop goed vast nadat u de brandstoftank hebtbijgevuld.17. Gebruik het product niet als er brandstof lekt. Verwijder de tankdop nietterwijl de motor draait.18. Gebruik uitsluitend een goedgekeurde container.19.
Bewaar blikken brandstof niet en vul de brandstoftank niet bij op eenplaats waar zich een boiler, kachel, houtvuur, elektrische vonken,lasvonken of andere hitte- of vuurbronnen bevinden die de brandstofkunnen ontsteken.20. Mocht er tijdens het tanken brandstof gemorst worden, veeg degemorste brandstof dan weg met een droge doek en laat de resterendebrandstof verdampen voordat u de motor weer start.21. Als u brandstof op uzelf of op uw kleding hebt gemorst, moet u uwkleding verwisselen en alle lichaamsdelen wassen die in contact zijngekomen met brandstof voordat u gaat tanken.de motor weer aanzetten.22.
Indien de brandstof vlam vat, blus het vuur dan met een poederblusser.23.Als de brandstoftank moet worden afgetapt, moet dit buitenshuisgebeuren.Trillings- en geluidsreductieOm de impact van geluid en trillingen te beperken, dient u de gebruiksduurte beperken, trillings- en geluidsarme bedrijfsmodi te gebruiken enpersoonlijke beschermingsmiddelen te dragen.
11Om de risico's van blootstelling aan trillingen en geluid te minimaliseren,dient u rekening te houden met de volgende punten:1. Gebruik het product alleen zoals beschreven in het ontwerp en in dezeinstructies.2. Zorg ervoor dat het product in goede staat verkeert en goedonderhouden is.3. Gebruik de juiste bevestigingen voor het product en zorg ervoor datdeze in goede staat zijn.4. Houd de handgrepen/grijpvlakken stevig vast.5. Onderhoud dit product volgens deze instructies en zorg ervoor dat hetgoed gesmeerd is (indien van toepassing).6. Plan uw werkschema zo dat u het gebruik van gereedschap met hogetrillingen over een langere periode spreidt.7.
Langdurig gebruik van het product stelt de gebruiker bloot aan trillingendie een reeks aandoeningen kunnen veroorzaken die gezamenlijk bekendstaan als het hand-armvibratiesyndroom (HAVS), bijvoorbeeld wittevingers, maar ook specifieke ziektes zoals het carpaal tunnelsyndroom.- Om dit risico bij het gebruik van het product te beperken, dient u altijdbeschermende handschoenen te dragen en uw handen warm te houden.- De symptomen van HAVS omvatten een combinatie van de volgendesymptomen: tintelingen en gevoelloosheid in de vingers; niet goed kunnenvoelen; verlies van kracht in de handen; vingers die wit worden (bleken) enrood en pijnlijk worden bij herstel (vooral bij kou en regen, en waarschijnlijkin het begin alleen in de toppen).
Raadpleeg onmiddellijk een arts als udergelijke symptomen ervaart.De Europese richtlijn inzake fysische agentia (trillingen) is ingevoerd omverwondingen door hand-armvibratiesyndroom te verminderen bijgebruikers van producten met trillingsemissie. De richtlijn vereist datfabrikanten en leveranciers indicatieve resultaten van trillingstestsverstrekken, zodat gebruikers weloverwogen beslissingen kunnen nemenover de periode waarin een product dagelijks veilig kan worden gebruikt.basis en de keuze van het gereedschap.
12NoodgevalMaak uzelf vertrouwd met het gebruik van dit product door middel vandeze gebruiksaanwijzing. Leer de veiligheidsinstructies uit uw hoofd envolg ze nauwgezet op.helpt risico’s en gevaren te voorkomen.4. Wees altijd alert bij het gebruik van dit product, zodat u risico'svroegtijdig kunt herkennen en aanpakken. Snel ingrijpen kan ernstig letselen materiële schade voorkomen.2. Zet de motor af en koppel de bougiekabel los als er storingen zijn. Laathet product door een gekwalificeerde professional controleren en indiennodig repareren voordat u het weer gebruikt.3. Stop in geval van brand de motor en ontkoppel de bougiestekker. Neemonmiddellijk brandblusmaatregelen als de productschakelaar niet meerbereikbaar is.Resterende risico'sZelfs als u dit product volgens alle veiligheidsvoorschriften bedient, blijvener potentiële risico's op letsel en schade bestaan.
De volgende gevarenkunnen zich voordoen in verband met de structuur en het ontwerp van ditproduct:1. Gezondheidsgebreken als gevolg van trillingsemissie als het productgedurende langere tijd wordt gebruikt of niet op de juiste wijze wordtbeheerd en onderhouden.2. Letsel en schade aan eigendommen als gevolg van kapottesnij-opzetstukken of een plotselinge impact van verborgen voorwerpentijdens gebruik.3. Gevaar voor letsel en schade aan eigendommen door rondvliegende ofWAARSCHUWING!Gebruik nooit water om een brandend product te blussen.Brandende brandstof moet met speciale blusmiddelen wordengeblust! Wij raden u aan een geschikte brandblusser binnenhandbereik te houden in uw werkruimte!
13weggeslingerde voorwerpen.4. Brandwonden bij het aanraken van hete oppervlakken.5. Terugslag.SymbolenOp het product, het typeplaatje en in deze gebruiksaanwijzing vindt uonder andere de volgende symbolen en afkortingen. Maak u vertrouwdNeem ze mee om gevaren zoals persoonlijk letsel en schade aaneigendommen te beperken.Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig doorvoordat u het gereedschap voor de eerste keergebruikt en bewaar de instructies voor toekomstiggebruik.Waarschuwing!Lees voor gebruik de gebruiksaanwijzing!WAARSCHUWING!Er zijn speciale veiligheidsmaatregelen nodigwanneer werken met het apparaat.
14Lees alle waarschuwingen en neem ze in acht.Draag oorkappen.Draag een veiligheidsbril.Draag beschermende handschoenen.De motor starten. Als u de chokeknop (rechtsachter)uittrekt, de achterste handgreep) tot aan de punt vande pijl, kunt u de startmodus instellen als volgt:• Eerste fase positie – startmodus wanneer de motorwarm is.• Tweede fase positie – startmodus bij koude motor.Positie: Rechtsboven op het luchtfilterdekselBrandstoftank; mengverhouding: 40 delen benzine op1 deel olieBenzine: ROZ 95/ROZ 982-taktmotorolie: ISO-L-EGD/JASO FDOpen vuur en roken in de buurt van het apparaat zijnten strengste verboden!Gegarandeerd geluidsvermogensniveau van hetapparaat
15Voorwerpen die door het product wordenweggeslingerd, kunnen de gebruiker of andereomstanders raken.Zorg er altijd voor dat andere mensen en huisdierenop een veilige afstand van het product blijvenwanneer het in werking is. Kinderen mogen over hetalgemeen niet in de buurt van het product komen.Let op! Giftige CO-dampen (koolmonoxidedampen)!Gebruik het apparaat niet in gesloten ruimten!WAARSCHUWING!Er kunnen haren in het apparaat gezogen worden!Let op, benzine is licht ontvlambaar!Explosiegevaar! Mors geen brandstof!Schakel het apparaat uit en verwijder debougiestekker voordat u onderhoudswerkzaamhedenuitvoert!Let op! Verstikkingsgevaar!Let op, hete onderdelen. Houd voldoende afstand!Pas op voor weggeslingerde onderdelen!Houd anderen op afstand! Blijf op een veilige afstand!
18Een zekere mate van lawaai van de machine is niet te vermijden.Werkzaamheden aan lawaaiige routes moeten worden toegestaan engedurende bepaalde perioden worden beperkt. Houd rustpauzes aan enbeperk de werktijden mogelijk tot een minimum. Voor hun eigenbescherming en die van mensen die in de buurt werken, is het dragen vangeschikte gehoorbescherming verplicht.WAARSCHUWING: Dit apparaat genereert een elektromagnetisch veldtijdens gebruik. Onder bepaalde omstandigheden kan dit veld interfererenmet actieve of passieve medische implantaten. Om het risico op ernstig ofdodelijk letsel te verminderen, raden wij personen met medischeimplantaten aan hun arts en de fabrikant van het medische implantaat teraadplegen voordat ze dit apparaat gebruiken.- Bedien de kettingzaag nooit met één hand.
Bediening met één hand kanernstig letsel bij de gebruiker, helpers, omstanders of een combinatie vandeze personen tot gevolg hebben.Een kettingzaag is bedoeld om met twee handen te gebruiken.- Gebruik de kettingzaag uitsluitend in een goed geventileerdebuitenruimte.- Gebruik de zaag niet vanaf een ladder of in een boom, tenzij u hiervoorspecifiek bent opgeleid.Zorg ervoor dat de ketting geen enkel voorwerp raakt wanneer u de motorstart. Probeer nooit de zaag te starten wanneer de geleiderail zich in eensnede bevindt.- Oefen geen druk uit op de zaag aan het einde van de snede. Drukuitoefenen kan ertoe leiden dat u de controle verliest wanneer de snedevoltooid is.- Zet de motor af voordat u de zaag neerlegt.- Gebruik geen kettingzaag die beschadigd, verkeerd afgesteld of nietvolledig en stevig gemonteerd is.
19gebroken of anderszins verwijderd is.- Houd de uitlaatdemper uit de buurt van uw lichaam en bescherm degeleiderail en de ketting tijdens het transport met een schede.- Zorg ervoor dat de machine tijdens het transport goed vast zit.- Raak geen draaiende onderdelen aan en gebruik de daarvoor bestemdebeschermingsmiddelen.- Zorg ervoor dat alle bouten en moeren goed vastzitten voordat u begint.- Houd kabels uit de buurt van hitte, olie, scherpe randen en bewegendeonderdelen.- Draag persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM), zoals eenveiligheidsbril, een helm, oordopjes, handschoenen, speciale schoenen enstrakke kleding.- Gebruik altijd goedgekeurde gehoorbescherming.- Controleer regelmatig uw gehoor in verband met mogelijkegeluidsschade door de kettingzaag.- Houd lichaamsdelen uit de buurt van de ketting wanneer de motor draait.- Houd minimaal 10 meter afstand tussen kinderen, omstanders, dieren enhet werkgebied.- Gebruik de kettingzaag niet als u moe, ziek, boos of onder invloed vanalcohol, drugs of medicijnen bent.- Zorg dat u lichamelijk fit en mentaal alert bent tijdens het bedienen van dekettingzaag.- Raadpleeg uw arts als u gezondheidsproblemen hebt die van invloedkunnen zijn op uw vermogen om veilig met een kettingzaag te werken.Gebruik of bedien geen kettingzaag als u vermoeid, ziek of overstuur bent,of als u alcohol, drugs of medicijnen heeft gebruikt.
U moet in goedefysieke conditie en mentaal alert zijn. Werken met een kettingzaag isinspannend. Als u een aandoening heeft die kan verergeren doorinspannend werk, raadpleeg dan uw arts voordat u een kettingzaaggebruikt.Plan uw zaagoperatie zorgvuldig van tevoren. Begin pas met zagen als ueen vrij werkgebied, een stevige ondergrond en, als u bomen velt, eengeplande vluchtroute hebt.
20Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van de zaagketting wanneer dekettingzaag in werking is. Voordat u de kettingzaag start, moet u ervoorzorgen dat de zaagketting nergens mee in contact komt. Een moment vanonoplettendheid tijdens het gebruik van een kettingzaag kan ertoe leidendat uw kleding of lichaam verstrikt raakt in de zaagketting .Houd de kettingzaag altijd vast met uw rechterhand aan de achterstehandgreep en uw linkerhand aan de voorste handgreep. Het vasthoudenvan de kettingzaag met een omgekeerde handconfiguratie verhoogt hetrisico op persoonlijk letsel. en mag nooit gedaan worden.OPMERKING: Voor kettingzagen die zijn ontworpen met de geleiderail aande linkerkant, is de verwijzing naar de positionering "rechts" en "links"voorbehouden.Bedien de kettingzaag niet met één hand! Bediening met één hand kanernstig letsel veroorzaken bij de gebruiker, assistenten en anderen.
Dekettingzaag is ontworpen voor bediening met twee handen. Begin pas metwerken nadat u het werkgebied hebt vrijgemaakt van overbodigevoorwerpen.Controleer voor het starten van het apparaat of de ketting nergens mee incontact komt. Tijdens het vervoeren van de zaag moet de motoruitgeschakeld zijn, met het zaagblad en de ketting naar achteren gericht.Plaats bij het dragen van de kettingzaag altijd de beschermkap op hetzaagblad.WAARSCHUWING: Koppel altijd de bougiekabel los en plaats de kabel opeen plek waar deze de bougie niet kan raken om onbedoeld starten tevoorkomen bij het installeren, vervoeren, afstellen of repareren van decarburateur. aanpassingen.Deze kettingzaag voor bosbouw is uitsluitend bedoeld voor het zagen vanhout. Omdat een kettingzaag een houtzaag met hoge snelheid is, moetenspeciale veiligheidsmaatregelen in acht worden genomen om het risico opongevallen te verminderen.
21Ga voorzichtig om met brandstof- Rook niet terwijl u met brandstof omgaat of de zaag bedient. - Verwijder alle bronnen van vonken of vlammen in de ruimtes waarbrandstof wordt gemengd of gegoten. Er mag niet gerookt worden, open Vlammen of werkzaamheden dievonken kunnen veroorzaken. Laat de motor afkoelen voordat u brandstofbijvult. - Meng en giet de brandstof in de buitenlucht op kale grond; bewaar debrandstof op een koele, droge, goed geventileerde plaats; en gebruik vooralle brandstofdoeleinden een goedgekeurde, gemarkeerde container. Veeg alle gemorste brandstof op voordat u de zaag start. - Ga minimaal 3 meter van de tanklocatie vandaan voordat u de motorstart. - Zet de motor af en laat de zaag afkoelen op een niet-ontvlambare plaats,niet op droge bladeren, stro, papier, enz. Verwijder langzaam debrandstofdop en vul het apparaat bij met brandstof.
- Winkel de eenheid en de brandstof in een ruimte waar debrandstofdampen niet in contact kunnen komen met vonken of open vuurvan boilers, elektromotoren of schakelaars, ovens, enz. Wees extra voorzichtig bij het snoeien van struiken en zaailingen, omdathun elastische takken in een ketting kunnen vallen, u kunnen raken of uwevenwicht kunnen verliezen. Wanneer u een tak zaagt die aan een externebelasting wordt blootgesteld, wees dan voorzichtig met de impact na hetverwijderen van de belasting. Controleer het hout vóór het zagen opvreemde voorwerpen zoals spijkers. Verwijder deze vóór het zagen. Gebruik het apparaat alleen voor het beoogde doel. De zaag is uitsluitendbedoeld voor het zagen van hout. Gebruik de zaag niet voor anderedoeleinden dan hier aangegeven, bijvoorbeeld voor het zagen vankunststof, metselwerk, enz. Reinig en veeg de handgrepen vóór het werkschoon.
Zaag niet boven schouderhoogte, buig niet te ver voorover en raak degrond niet aan met een zaagketting. Gebruik bij het zagen van planken enboomstammen een betrouwbare standaard (frame).
22boomstam nooit met uw voet vast.Werk niet bij weinig licht of op steile hellingen.De zaag moet zo geleid worden dat er zich geen lichaamsdelen in hetzaagvlak bevinden (Fig. 1) .(Figuur 1) .Nationale regelgeving kan het gebruik van het product beperken.Om terugslag te voorkomenWAARSCHUWING: Voorkom terugslag, wat tot letsel kan leiden. Terugslag is deachterwaartse, opwaartse of plotselinge voorwaartse beweging van dezaaggeleider die optreedt wanneer de zaagketting nabij het bovenste uiteinde vande zaaggeleider een voorwerp raakt, zoals een boomstam of tak, of wanneer hethout zich sluit en de zaagketting in de zaagsnede beknelt.Als er een vreemd voorwerp in het hout terechtkomt, kunt u ook de controle overde kettingzaag verliezen.1. Zaag met de geleiderail in een vlakke hoek.2. Werk nooit met een losse, ver uitgerekte of sterk versleten ketting.3.
234.Zaag nooit hoger dan schouderhoogte.5. Werk nooit met de punt van de geleiderail.6. Houd het product altijd stevig met beide handen vast.7. Gebruik altijd een ketting met een lage terugslag.8. Gebruik de metalen grijptanden voor hefboomwerking.9. Zorg voor de juiste kettingspanning.10.Maai alleen als de motor op hoge snelheid draait.11. Zorg ervoor dat de neus van de geleiderail niet in contact komt met eenboomstam, tak of ander obstakel dat geraakt kan worden terwijl u het productbedient.12. Volg de slijp- en onderhoudsinstructies van de fabrikant van de zaagketting.13. Gebruik uitsluitend vervangende zaaggeleiders en zaagkettingen die door defabrikant zijn gespecificeerd, of gelijkwaardige vervangingen.Gebruik de kettingzaag nooit als schaafmachine.Let op!
Bij het werken met een kettingzaag bestaat er gevaar voor terugslag.Een terugslag veroorzaakt verlies van controle over de kettingzaag en kan ernstigof zelfs dodelijk letsel veroorzaken. Terugslag door rotatie en terugslag doorvastlopen vormen het grootste gevaar bij het werken met kettingzagen en zijn debelangrijkste oorzaak van de meeste ongevallen.Een terugslag treedt op wanneer de voor- of bovenkant van het zaagblad (metname het bovenste kwart) de boom of andere harde voorwerpen raakt, en ookwanneer de snede in de boom sluit en de ketting vastklemt. Frontaal contact methet bovenste deel van het zaagblad kan een bliksemsnelle reactie veroorzaken,waarbij het gereedschap omhoog en terug naar de gebruiker stuitert. Hetvastlopen van de ketting aan de onderkant van de geleiderail duwt de kettingzaaguit de gebruiker.
Het vastlopen van de ketting aan de bovenkant van de geleiderailduwt het apparaat terug naar de gebruiker. Al deze effecten leiden tot verlies vancontrole over de zaag en ernstig letsel (Fig. 2) .
24(Figuur 2)(Figuur 2)Gebruik de kettingzaag niet als het luchtfilter of de luchtfilterkap verwijderd is.Vermijd de giftige effecten van giftige gassen! Uitlaatgassen bevattenkoolmonoxide (CO) en andere gassen die schadelijk zijn voor de gezondheid enhet leven. Gebruik het apparaat niet binnenshuis. Als u tijdens het werkvergiftigingsverschijnselen ervaart, moet u frisse lucht inademen en medische hulpinroepen. Tap na afloop het brandstofmengsel uit de tank af.WAARSCHUWING!Giet het brandstofmengsel niet in het riool of in de grond, maar giet het inspeciale brandstofcontainers.Het is noodzakelijk om niet alleen de algemene veiligheidsvoorschriften in dezesectie in acht te nemen, maar ook de speciale instructies in andere secties.
Hetniet naleven van de veiligheidsvoorschriften kan een gevaar voor het milieuopleveren, het gereedschap beschadigen en gevaarlijke gevolgen hebben voor degezondheid en het leven van de mens.
25Indien de veiligheidsinstructies niet worden nageleefd, vervalt de garantie opschade.Kleding en persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM)4. Bind lang haar vast, zodat het boven schouderhoogte hangt.2. Draag geen losse kleding of sieraden, aangezien deze in de motor kunnenworden gezogen of aan de ketting of ondergroei kunnen blijven haken.3. Gebruik de volgende veiligheidskleding en persoonlijke beschermingsmiddelen(PBM) bij het bedienen van het product:• helm met vizier en nekbescherming;• gehoorbescherming;• stofmasker;• handschoenen met goedgekeurde zaagbescherming;• beschermende leggings met goedgekeurde zaagbescherming;• antislip laarzen met stalen neus en goedgekeurde zaagbescherming.VOORZORGSMAATREGELENOm persoonlijk letsel te voorkomen, dient u zich aan de volgende regels tehouden:• Tijdens gebruik worden sommige onderdelen van het apparaat erg heet.
Raak zeNIET aan VOORDAT ze volledig zijn afgekoeld.• Plaats geen ontvlambare voorwerpen op of in de buurt van het apparaat.• Vervoer, repareer of onderhoud dit product niet terwijl er nog eenbrandstofmengsel in de tank zit.• Gebruik uw kettingzaag niet als deze op enigerlei wijze beschadigd is.• Gebruik het apparaat niet in een potentieel explosieve omgeving of in de buurtvan open vuur.• Gebruik uw kettingzaag niet in een omgeving die niet voldoet aan de eisen indeze handleiding.• Laat niemand het gereedschap bedienen zonder de juiste instructies.• Gebruik de machine niet zonder de in het ontwerp aangegevenbeschermingsmiddelen. • Draag de noodzakelijke persoonlijkebeschermingsmiddelen wanneer u het apparaat bedient.• Laat de machine niet onbeheerd achter terwijl deze draait.
26• Gebruik het apparaat niet in de buurt van andere mensen of dieren.• Schakel bij noodmaatregelen en -procedures en bij abnormale en alarmerendesituaties de machine onmiddellijk uit en neem contact op met een servicecentrum.STRUCTUUR1Geleiderail2Ketting3Kettingspannerschroef4Kettingrem5Voorste handgreep6Starthendel7Luchtfilterdeksel8Aan/uit schakelen9Olietankdop10Starterdeksel11Dop van de brandstoftank12Achterste handgreep13Gashendelvergrendeling14Moer van de stangafdekking15Motorschakelaar16Luchtklephendel
27TECHNISCHE KENMERKENModel/Artikel4000520058006200Maximaal vermogen(kW)1.31.82.02.7Cilinderinhoud (cm³)39,595 1.554.5361,49Tankinhoud voorautomatischekettingsmering (ml)210260260260Brandstoftankvolume(ml)310550550550Staaflengte (cm)14 inch/3,5 cm45 cm50 cm50 cmKettingsteek (inch)3/80,325Motortype2-takt, luchtgekoeldType brandstofbenzinemengsel (gewone benzine)en olie voor 2-takt, luchtgekoeldVoorbereiding op de operatieUitpakken:Bij aankoop wordt uw kettingzaag naar u verzonden in een kartonnenverzenddoos met speciale beschermende eigenschappen aan de binnenkant omde doos te beschermen tijdens het transport.Om het gereedschap uit de doos te halen, verwijdert u de verpakkingstape, opentu de doos en haalt u voorzichtig de accessoires eruit.WAARSCHUWING!Controleer na het uitpakken en transporteren altijd de complete set en detechnische staat van het product.Bewaar de verpakkingsmaterialen voor het geval u het apparaat moet vervoeren.MontagevereistenVoordat u uw kettingzaag voor de eerste keer start, moet u het zaagblad en deketting monteren, de ketting afstellen, de brandstoftank vullen met brandstof en
28olie toevoegen om de ketting te smeren.Waarschuwing! Start de kettingzaag pas als deze volledig gebruiksklaar is.Lees deze handleiding zorgvuldig door voordat u de machine gebruikt. Besteedbijzondere aandacht aan de veiligheidsmaatregelen. Deze handleiding is eennaslag- en instructiehandleiding en biedt algemene informatie over de montage,bediening en het onderhoud van de kettingzaag.Aandrijfstang en zaagketting gemonteerd.WAARSCHUWING!Draag altijd beschermende handschoenen wanneer u met de kettingwerkt.7. Zorg ervoor dat het apparaat is uitgeschakeld. Plaats de zaag op een vlakkeondergrond.8. Zet de kettingremkap in de werkstand door de hendel naar u toe te trekken.Zorg ervoor dat de ketting rond het zaagblad draait (fig. 4).3. Draai de twee moeren (A) los waarmee het zaagblad en de kettingkastvastzitten. Verwijder de beschermkap samen met de kettingremkap (B) (fig. 5).(figuur 4).
318. Draai de ketting om ervoor te zorgen dat de tanden van de ketting in de tandenvan het kettingwiel grijpen. 9. Plaats de kettingkast en het kettingremschild terug,zodat de bouten in de daarvoor bestemde gaten passen en de kettingspanpen inhet onderste gat in het zaagblad past (afb. 9).(figuur 9)10. Plaats beide moeren, draai ze met de hand vast en volg de instructies voor hetafstellen van de kettingspanning. Wanneer de ketting de juiste spanning heeftbereikt, draait u de moeren volledig vast.Kettingspanning afstellenWAARSCHUWING!Draag altijd beschermende handschoenen wanneer u met de kettingwerkt.Een goede kettingspanning is uiterst belangrijk en moet zowel vóór het starten alsregelmatig tijdens het gebruik worden gecontroleerd.
Door de tijd te nemen om deketting af te stellen, verbetert u uw prestaties en verlengt u de levensduur van uwzaag.WAARSCHUWING!Een nieuwe ketting zal snel doorhangen en moet na 5 tot 8 snedenopnieuw worden gespannen.Dit komt vaak voor bij nieuwe kettingen en de spaninterval wordt naverloop van tijd groter.
32Het tandwiel, de band, de ketting en de krukas slijten veel sneller als de ketting telos of te strak zit. Zie figuur 10, die de juiste spanning toont voor een koude ketting(A), een warme ketting (B) en een ketting waarvan de spanning moet wordenaangepast (C).(figuur 10)Procedure voor het afstellen van de kettingspanning4. Draai de moeren van de band (beschermkap met remkap) los en draai destelschroef (D) met de klok mee om de ketting te spannen. Draai de stelschroef (D)tegen de klok in om de kettingspanning te verlagen. Zorg ervoor dat de kettingvolledig rond het zaagblad loopt (afb. 11).2. Draai na het afstellen van de ketting de moeren waarmee het zaagblad(beschermkap samen met remschild) vastzit, stevig vast. De ketting is goedgespannen als u deze met weinig moeite met de hand over het zaagblad kuntbewegen.
33(figuur 11).LET OP: Als de ketting moeilijk over het zaagblad beweegt of stopt, is deze testrak gespannen. Verlaag de spanning.Controle van de kettingremUw kettingzaag is voorzien van een kettingrem die de kans op letsel verkleint alsde zaag stuitert. De veiligheidsvoorziening wordt geactiveerd wanneer er drukwordt uitgeoefend op de rembescherming. Wanneer de hand van de gebruikertegen de beschermingskap slaat, stopt de ketting abrupt.De kettingrem heeft twee standen:7. De rem staat los (de ketting kan bewegen) als de remschild naar achterenwordt getrokken (A) (fig. 12).8. 2. De rem is ingeschakeld (de ketting kan niet bewegen) met de remkap naarvoren gericht (B). In dit geval mag de ketting niet over het zaagblad bewegen (fig.12).
34(figuur 12)(figuur 12)Om de kettingrem te controleren:4. Plaats de zaag op een vlakke ondergrond en schakel de kettingrem uit. Deketting mag nergens mee in contact komen.2. Start de kettingzaag door op de gashendelsleutel en de gashendel te drukken.3. Druk op de kettingremschakelaar. De ketting zou snel moeten stoppen. Laat degashendel los.WAARSCHUWING!De remschild moet in goede staat zijn en moet eenEen duidelijke klik bij het verplaatsen van de ene naar de andere
35Olie verversen van de kettingzaagWAARSCHUWING!Gebruik nooit gebruikte olie! Afgewerkte olie is schadelijk voor het milieuen kan schade veroorzaken.Kettingzaagolie moet worden gebruikt om de zaagketting en het zaagblad tesmeren. Gebruik olie met additieven om wrijving en slijtage te verminderen enharsvorming op het zaagblad en de ketting te voorkomen.WAARSCHUWING!Zorg ervoor dat de kettingzaag is uitgeschakeld voordat u de olietankvult.Om de olietank te vullen:13. Zorg ervoor dat u het oppervlak rondom de olietankdop schoonmaakt, om tevoorkomen dat er vuil binnendringt.14. Draai de olietankdop los en giet er kettingzaagolie in (tankinhoud 260 ml).15. Draai de dop van de olietank weer vast.16. Controleer voor het starten de olietoevoer: schakel de kettingzaag in en houdhem boven een geschikte ondergrond. Als de olie voldoende gesmeerd is, vormtzich een dun druppeltje olie (afb.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Vevor 5800 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Zaagmachine Vevor
Handleiding Zaagmachine
Nieuwste handleidingen voor Zaagmachine
