Trotec TTK 53 E Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Trotec TTK 53 E (39 pagina’s), behorend tot de categorie Luchtontvochtiger. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 20 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Trotec TTK 53 E of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Trotec |
| Categorie: | Luchtontvochtiger |
| Model: | TTK 53 E |
Handleiding Trotec TTK 53 E – volledige tekst
2 NLluchtontvochtiger TTK 53 E / TTK 72 EInhoudsopgaveOpmerkingen m. b. t. de bedieningshandleiding. 2Veiligheid. 2Informatie over het apparaat. 5Transport en opslag. 6Montage en in gebruik nemen. 7Bediening. 8Defecten en storingen. 12Onderhoud. 13Technische bijlagen. 17Recycling. 20Opmerkingen m. b. t. de bedieningshandleidingSymbolenGevaarDit symbool wijst erop dat er gevaren bestaan voorleven en gezondheid van personen vanwege zeer lichtontvlambaar gas. Waarschuwing voor elektrische spanningDit symbool wijst op gevaren voor het leven en degezondheid van personen door elektrische spanning. WaarschuwingDit signaalwoord wijst op een gevaar met eenmiddelmatige risicograad, dat indien niet vermeden dedood of zwaar letsel tot gevolg kan hebben.
VoorzichtigDit signaalwoord wijst op een gevaar met een lagerisicograad, dat indien niet vermeden gering lof matigletsel tot gevolg kan hebben. Let opHet signaalwoord wijst op belangrijke informatie (bijv. op materiële schade), maar niet op gevaren. InfoAanwijzingen met dit symbool helpen u bij het snel enveilig uitvoeren van uw werkzaamheden. Handleiding opvolgenAanwijzingen met dit symbool wijzen u erop dat debedieningshandleiding moet worden opgevolgd. De actuele versie van de bedieningshandleiding en de EU-conformiteitsverklaring, kunt u downloaden via de volgendelink:TTK 53 Ehttps://hub. trotec. com/. id=42189TTK 72 Ehttps://hub. trotec. com/. id=41804VeiligheidLees deze handleiding vóór het in gebruik nemen / gebruikvan het apparaat zorgvuldig en bewaar de handleidingaltijd in de directe omgeving van de opstellocatie resp. bijhet apparaat.
WaarschuwingLees alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen. Het niet opvolgen van de veiligheidsinstructies enaanwijzingen kunnen een elektrische schok, brand en/of zwaar letsel veroorzaken. Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingenvoor later gebruik.
Dit apparaat kan door kinderen vanaf 8 jaar enbovendien door personen met verminderde geestelijke,sensorische of mentale vaardigheden of een gebrekaan ervaring en kennis worden gebruikt, als ze ondertoezicht staan of m. b. t. het veilig gebruik van hetapparaat zijn geïnstrueerd en de hierdoor ontstanegevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet doorkinderen worden uitgevoerd zonder toezicht. • Gebruik het apparaat niet in ruimten of omgevingen metexplosiegevaar en plaats het daar nooit. • Gebruik het apparaat niet in agressieve atmosferen. • Plaats het apparaat stabiel op een stevige ondergrond. • Laat het apparaat na een vochtige reiniging drogen. Gebruik het niet in natte toestand. • Gebruik of bedien het apparaat niet met vochtige of nattehanden.
NL 3luchtontvochtiger TTK 53 E / TTK 72 E• Stel het apparaat niet bloot aan een gerichte waterstraal. • Steek nooit voorwerpen of ledematen in het apparaat. • Het apparaat niet afdekken tijdens bedrijf. • Ga niet op het apparaat zitten. • Het apparaat is geen speelgoed. Houd kinderen en dierenop afstand. Gebruik het apparaat alleen onder toezicht. • Controleer voor elk gebruik van het apparaat deaccessoires en aansluitonderdelen hiervan op mogelijkebeschadigingen. Gebruik geen defecte apparaten ofapparaatonderdelen. • Zorg dat alle elektrische kabels buiten het apparaat zijnbeschermd tegen beschadigingen (bijv. door dieren). Gebruik het apparaat nooit bij schade aan elektrischekabels of aan de netaansluiting. • De netaansluiting moet voldoen aan de gegevens in detechnische bijlage. • Steek de netstekker in een volgens de voorschriftengezekerd stopcontact.
• Houd bij het kiezen van verlengsnoeren rekening met hetvermogen van het apparaat, de kabellengte en hetgebruiksdoel. Rol de verlengkabel volledig uit. Voorkomelektrische overbelastingen. • Voor aanvang van onderhouds-, verzorgings- ofreparatiewerkzaamheden aan het apparaat de stekker uithet stopcontact trekken. • Schakel het apparaat uit en verwijder het netsnoer uit hetstopcontact als u het apparaat niet gebruikt. • Gebruik het apparaat nooit als u schade aan de netstekkerof het netsnoer constateert. Wordt het netsnoer van dit apparaat beschadigd, moet hetdoor de fabrikant of de klantendienst hiervan of door eenvergelijkbaar gekwalificeerde persoon worden vervangen,zodat gevaren worden voorkomen. Defecte netsnoeren vormen een ernstig gevaar voor degezondheid. • Houd bij het opstellen van het apparaat rekening met deminimale afstanden t. o. v.
• Verwijder geen veiligheidssymbolen, stickers of etikettenvan het apparaat. Houd alle veiligheidssymbolen, stickersen etiketten in een leesbare toestand. • Transporteer het apparaat uitsluitend rechtop en met eenleeggemaakt condensreservoir, resp. lege afvoerslang. • Voor opslag of transport al het condens aftappen. Drink hetniet. Er bestaat gevaar voor de gezondheid. Veiligheidsinstructies voor apparaten metbrandbaar koudemiddel• Plaats het apparaat alleen in ruimtes waarin eventuelekoudemiddelverliezen zich niet kunnen ophopen. • Plaats het apparaat alleen in ruimten waar geenontstekingsbron (bijv. open vlammen, ingeschakeldgastoestel of een elektrische kachel) aanwezig is. • Houd er rekening mee dat het koudemiddel geurloos is. • Installeer het apparaat alleen volgens de nationaleinstallatievoorschriften. • De nationale gasvoorschriften opvolgen.
• Het apparaat / alleen installeren,TTK 53 E TTK 72 Ebedienen en opslaan in een ruimte met een oppervlak vanmeer dan 4m2. • Het apparaat zo opslaan, dat geen mechanische schadekan ontstaan. • Houd er rekening mee dat aangesloten pijpleidingen geenontstekingsbron mogen bevatten. • R290 is een koudemiddel dat voldoet aan de Europesemilieuvoorschriften. Onderdelen van het koelcircuit mogenniet worden doorboord. • De maximale koudemiddelvulhoeveelheid in de technischegegevens aanhouden. • Niet doorboren en geen branders gebruiken. • Gebruik geen andere dan de door de fabrikant aanbevolenmiddelen om het ontdooiproces te versnellen. • Iedereen die aan het koudemiddelkringloop werkt, moeteen vaardigheidsbewijs van een bevoegde instantiekunnen tonen, die de competentie in de veilige omgangmet koudemiddelen op basis van een in de industriebekende procedure aantoont.
Is voorde onderhouds- en servicewerkzaamheden ondersteuningvan meer personen noodzakelijk, moet de persoon diegeschoold is in de omgang met brandbare koudemiddelende werkzaamheden continu bewaken. • Ongeventileerde ruimten waarin het apparaat wordtgeïnstalleerd, gebruikt of opgeslagen, moeten dusdanigzijn gebouwd dat eventuele koudemiddelverliezen zich nietkunnen ophopen. Zo wordt brand- of explosiegevaar doorontsteking van het koudemiddel door elektrische kachels,fornuizen of andere ontstekingsbronnen vermeden. • De gehele koudemiddelkringloop is een onderhoudsvrij,hermetisch gesloten systeem en mag alleen doorgespecialiseerde bedrijven op het gebied van koude- enklimaattechniek of door Trotec worden onderhouden, resp. gerepareerd.
4 NLluchtontvochtiger TTK 53 E / TTK 72 EBedoeld gebruikGebruik het apparaat uitsluitend voor het drogen enontvochtigen van de ruimtelucht volgens de technischegegevens. Het apparaat kan daarnaast ook als ruimtelucht-wasdroger voorondersteuning van de droging van natte was worden gebruikt. Tot het bedoeld gebruik behoren:• het ontvochtigen en drogen van:– woon-, slaap-, douche- en kelderruimten– spoelkeukens, weekendhuisjes, caravans, boten• het continu drooghouden van:– magazijnen, archieven, laboratoria, garages– zwem-, was- en kleedruimten, etc. Voorspelbaar verkeerd gebruikHet apparaat is niet bedoeld voor industrieel gebruik. • Plaats het apparaat niet op een natte resp. overstroomdeondergrond. • Leg geen voorwerpen, zoals kledingstukken op hetapparaat. • Gebruik het apparaat niet in de buitenlucht.
• Geen eigenhandige constructieve wijzigingen, evenals aan-of ombouwwerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren. • Elk ander gebruik dan het bedoeld gebruik is, geldt alslogisch voorspelbaar verkeerd gebruik. Persoonlijke kwalificatiesPersonen die dit apparaat gebruiken moeten:• zich bewust zijn van de gevaren die bij werkzaamhedenmet en aan elektrische apparaten in vochtige omgevingontstaan. • de bedieningshandleiding, vooral het hoofdstuk veiligheidhebben gelezen en begrepen. Onderhoudswerkzaamheden waarvoor het openen van debehuizing noodzakelijk is, mogen uitsluitend doorgespecialiseerde bedrijven op het gebied van koel- enkoudetechniek of door Trotec worden uitgevoerd. Veiligheidssymbolen en plaatjes op het apparaatLet opVerwijder geen veiligheidssymbolen, stickers ofetiketten van het apparaat. Houd alleveiligheidssymbolen, stickers en etiketten in eenleesbare toestand.
NL 5luchtontvochtiger TTK 53 E / TTK 72 ERestgevarenGevaarNatuurlijk koudemiddel propaan (R290). H220 – Zeer licht ontvlambaar gas. H280 – Bevat gas onder druk; kan ontploffen bijverwarming. P210 – Verwijderd houden van warmte/vonken/openvuur/hete oppervlakken en andere ontstekingsbronnen. Niet roken. P377 – Brand door lekkend gas: niet blussen, tenzij hetlek veilig gedicht kan worden. P410+P403 – Tegen zonlicht beschermen en op eengoed geventileerde plaats bewaren. Waarschuwing voor elektrische spanningWerkzaamheden aan elektrische onderdelen mogenalleen door een geautoriseerd gespecialiseerd bedrijfworden uitgevoerd. Waarschuwing voor elektrische spanningVoor alle werkzaamheden aan het apparaat denetstekker uit het stopcontact verwijderen. Raak de netstekker niet aan met vochtige of nattehanden. De netstekker van het netsnoer uit het stopcontacttrekken door de netstekker vast te pakken.
WaarschuwingVan dit apparaat kunnen gevaren uitgaan als hetondeskundig of niet volgens het bedoeld gebruik wordtgebruikt door niet geïnstrueerde personen. Zorg datwordt voldaan aan de persoonlijke kwalificaties. WaarschuwingHet apparaat is geen speelgoed en hoort niet inkinderhanden. WaarschuwingVerstikkingsgevaar. Laat het verpakkingsmateriaal niet achteloosrondslingeren. Voor kinderen kan dit gevaarlijkspeelgoed zijn. Let opGebruik het apparaat nooit zonder geplaatst luchtfilterbij de luchtinlaat. Zonder luchtfilter vervuild het apparaat inwendig,hierdoor kan de capaciteit worden verminderd en hetapparaat worden beschadigd. Gedrag bij noodgevallen1. Schakel het apparaat uit. 2. Bij noodgevallen het apparaat scheiden van de netvoeding:De netstekker van het netsnoer uit het stopcontact trekkendoor de netstekker vast te pakken. 3.
Sluit een defect apparaat niet opnieuw aan op denetaansluiting. Informatie over het apparaatBeschrijving van het apparaatVia het condensatieprincipe zorgt het apparaat voor deautomatische luchtontvochtiging van ruimten.
De ventilator zuigt de vochtige ruimtelucht aan via de luchtinlaatdoor het luchtfilter, de verdamper en door de daar achterliggende condensor. Bij de koude verdamper wordt deruimtelucht tot onder het dauwpunt afgekoeld. De in de luchtopgenomen waterdamp slaat als condens, resp. rijp neer op deverdamperlamellen. Bij de condensor wordt de ontvochtigde,afgekoelde lucht licht verwarmd en weer uitgeblazen. De zobereide, droge lucht wordt weer gemengd met de ruimtelucht. Door de doorlopende circulatie van de ruimtelucht door hetapparaat, wordt de luchtvochtigheid in de opstelruimteverminderd. Afhankelijk van de luchttemperatuur en de relatieveluchtvochtigheid, druppelt het gecondenseerde waterdoorlopend of alleen tijdens de ontdooifasen via degeïntegreerde afvoeraansluiting in het daaronder geplaatstecondensreservoir. Dit is uitgerust met een vlotter voor het metenvan het vulpeil.
Het apparaat is voorzien van een bedieningspaneel voor debediening en controle van de werking. Wordt het maximale vulpeil van het condensreservoir bereikt ofis het condensreservoir niet correct geplaatst, brandt hetcondensreservoir-controlelampje (zie hoofdstuk bediening) ophet bedieningspaneel. Het apparaat schakelt uit. Hetcontrolelampje van het condensreservoir gaat pas weer uit bijhet terugplaatsen van het geleegde condensreservoir. Optioneel kan het condenswater via een slang aan decondensaansluiting worden afgevoerd. Het apparaat maakt het verlagen van de relatieveluchtvochtigheid tot ca. 30% mogelijk. Het apparaat kan daarnaast ook als ruimtelucht-wasdroger voorondersteuning van de droging van nat wasgoed in woon- ofwerkruimten worden gebruikt. Door de warmtestraling die ontstaat tijdens het gebruik, kan deruimtetemperatuur iets stijgen.
6 NLluchtontvochtiger TTK 53 E / TTK 72 EOverzicht van het apparaat1234567892310Nr. Aanduiding1 Bedieningspaneel2 Transportgreep3 Transportrollen4 Luchtinlaat met luchtfilter5 Aansluiting condensafvoerslang6 Condensreservoir7 Luchtfilter8 Condensafvoerslang9 Luchtuitlaat10 Kleuren-LED-indicatie voor de actueleruimteluchtvochtigheidTransport en opslagLet opHet apparaat kan beschadigd raken als het niet correctwordt opgeslagen of getransporteerd.De informatie m.b.t. het transport en de opslag van hetapparaat opvolgen.TransportHoud er rekening mee dat er eventueel extratransportvoorschriften zijn voor apparaten met brandbaarkoudemiddel.
De plaatsing van de uitrusting of het maximaleaantal apparaatonderdelen, dat samen mag wordengetransporteerd, staat in de te gebruiken transportvoorschriften.Het apparaat is voorzien van transportrollen voor een eenvoudigtransport.Neem elk transport de volgende instructies in acht:vóór• Schakel het apparaat uit.• De netstekker van het netsnoer uit het stopcontact trekkendoor de stekker vast te pakken.• Het resterende condens uit het apparaat en decondensafvoerslang verwijderen (zie hoofdstukonderhoud).• Gebruik het netsnoer niet als trektouw.• Rol het apparaat alleen over vlakke en gladdeoppervlakken.Na elk transport de volgende instructies opvolgen:• Plaats het apparaat na het transport rechtop.• Laat het apparaat 12 tot 24 uur stilstaan, zodat hetkoudemiddel zich kan verzamelen in de compressor.Schakel het apparaat pas na 12 tot 24 uur weer in!
NL 7luchtontvochtiger TTK 53 E / TTK 72 EOpslagVóór elke opslag de volgende aanwijzingen opvolgen:• Het resterende condens uit het apparaat en decondensafvoerslang verwijderen (zie hoofdstukonderhoud). • De netstekker van het netsnoer uit het stopcontact trekkendoor de stekker vast te pakken. Houd bij het niet gebruiken van het apparaat rekening met devolgende opslagcondities:• Het apparaat alleen opslaan in een ruimte met eenoppervlak van meer dan 4m2.
• Droog en tegen vocht en hitte beschermd• Rechtopstaand op een positie die beschermd is tegen stofen direct zonlicht• Indien nodig met een hoes tegen binnendringen van stofbeschermen• Geen andere apparaten of voorwerpen op het apparaatplaatsen, zodat beschadigingen aan het apparaat wordenvoorkomenMontage en in gebruik nemenLeveromvang• 1xapparaat• 1 x condensafvoerslang, lengte: 0,3 m, diameter: 10 mm• 1 x luchtfilter• 1xhandleidingApparaat uitpakken1. Open de doos en het apparaat hieruit halen. 2. Verwijder de verpakking volledig van het apparaat. 3. Het netsnoer volledig afwikkelen. Controleer of hetnetsnoer niet is beschadigd en beschadig het niet bij hetafwikkelen. In gebruik nemenHoud bij het opstellen van het apparaat rekening met deminimale afstanden t. o. v. wanden en objecten, volgens het dehoofdstuk technische bijlage.
ABCCD• Controleer de toestand van het netsnoer voordat hetapparaat weer in gebruik wordt genomen. Bij twijfel aan deprobleemloze toestand hiervan, contact opnemen met deklantendienst. • Plaats het apparaat alleen in ruimtes waarin eventuelekoudemiddelverliezen zich niet kunnen ophopen. • Plaats het apparaat alleen in ruimten waar geenontstekingsbron (bijv. open vlammen, ingeschakeldgastoestel of een elektrische kachel) aanwezig is. • Plaats het apparaat stabiel op een stevige ondergrond. • Voorkom struikelgevaar bij het leggen van het netsnoer,resp. andere elektrische snoeren, vooral bij het opstellenvan het apparaat middenin een ruimte.
Gebruiksnoerbruggen. • Zorg dat verlengsnoeren volledig zijn uit-/afgerold. • Houd bij het opstellen van het apparaat voldoende afstandt. o. v. warmtebronnen. • Zorg dat gordijnen of andere objecten de luchtstroom niethinderen. • Vooral bij het opstellen van het apparaat in natteomgevingen, het apparaat in de gebouwinstallatie volgensde voorschriften afzekeren met een geschikteaardlekschakelaar (FI-automaat).
8 NLluchtontvochtiger TTK 53 E / TTK 72 ELuchtfilters plaatsenLet opGebruik het apparaat nooit zonder geplaatst luchtfilterbij de luchtinlaat. Zonder luchtfilter vervuild het apparaat inwendig,hierdoor kan de capaciteit worden verminderd en hetapparaat worden beschadigd. • Zorg voor het inschakelen dat het luchtfilter isgeïnstalleerd. Condensreservoir plaatsen• Zorg dat de vlotter correct is geplaatst in hetcondensreservoir. • Controleer of het condensreservoir leeg is en correct isgeplaatst. Netsnoer aansluiten• Steek de netstekker in een volgens de voorschriftenafgezekerd stopcontact. BedieningOpmerkingen:• Vermijd open deuren en ramen. • Het apparaat werkt na het inschakelen volautomatisch. • De ventilator draait bij ontvochtigingsbedrijf permanent,ook na het bereiken van de ingestelde gewenste waarde,tot het uitschakelen van het apparaat.
NL 9luchtontvochtiger TTK 53 E / TTK 72 ENr. Aanduiding Betekenis21 Indicatie DRYCLOTHESBedrijfsmodus actiefWasdroogfunctie22 Indicatie AIRCLEANBedrijfsmodus actiefVentilatie23 Indicatie TANKFULLBrandt bij vol condensreservoir24 Indicatie Brandt bij geprogrammeerde timerTIMERApparaat inschakelenNadat het apparaat, zoals in het hoofdstuk montage en ingebruik nemen is beschreven, klaar voor gebruik is opgesteldkan het worden ingeschakeld. 1. Druk op de toets (17). STAND-BYðHet apparaat start in de bedrijfsmodus Automatischbedrijf. Bedrijfsmodi instellen• Ontvochtiging• Continubedrijf• Automatisch bedrijf• Ventilatie• WasdrogingOntvochtigingHet apparaat draait tot het bereiken van de voorgeselecteerderelatieve ruimteluchtvochtigheid. Daarna schakelt decompressor uit en loopt de ventilator na en schakelt vertraagduit.
Wordt de vooringestelde relatieve ruimteluchtvochtigheidoverschreden, schakelen de compressor en de ventilatie weerin. De relatieve ruimteluchtvochtigheid kan in deze bedrijfsmodusworden voorgeselecteerd. Het instelbereik ligt tussen 30% en80% in stappen van 5%. De ventilator draait met de lage snelheid en deventilatorsnelheid kan niet worden gewijzigd. 1. Druk op de toets (16). MODEðDe indicatie voor de actueel gekozen bedrijfsmodusknippert. 2. Druk op de toets (16), tot de indicatieMODECONTINUOUS(20) knippert. 3. Wacht ca. 5 seconden, zodat de instelling wordtopgeslagen. ðDe bedrijfsmodus is geselecteerd. OntvochtigingðDe indicatie (20) brandt. CONTINUOUS4. Druk op de pijltoetsen(12, 14), voor het instellen van derelatieve ruimteluchtvochtigheid. 5. Wacht ca. 5 seconden, zodat de instelling wordtopgeslagen.
Relatieve ruimteluchtvochtigheid instellenU kunt de relatieve ruimteluchtvochtigheid uitsluitend in debedrijfsmodus wijzigen. Ontvochtiging1. Druk op de pijltoetsen(12, 14), voor het instellen van derelatieve ruimteluchtvochtigheid. Het instelbereik ligttussen 30% en 80% in stappen van 5%.
ðDe gewenste relatieve ruimteluchtvochtigheid wordt ca. 5seconden op de segmentweergave(13) weergegeven,daarna wordt de actuele relatieve ruimteluchtvochtigheidweergegeven. Kleuren-LED-indicatie voor de actueleruimteluchtvochtigheidDe kleuren LED-weergave toont onafhankelijk van debedrijfsmodus de actuele relatieve ruimteluchtvochtigheid met 3 verschillende kleuren. LED-kleur BetekenisBlauw Relatieve ruimteluchtvochtigheid onder 55%Groen Optimale relatieve ruimteluchtvochtigheidtussen 55% en 70%Rood Brandt: relatieve ruimteluchtvochtigheid boven70%Knippert: waterreservoir vol of niet correctgeplaatst (tegelijk met een akoestisch signaal)ContinubedrijfHet apparaat ontvochtigt de lucht continu en onafhankelijk vande relatieve ruimteluchtvochtigheid. De ventilator draait met de lage snelheid en deventilatorsnelheid kan niet worden gewijzigd. 1. Druk op de toets (16).
MODEðDe indicatie voor de actueel gekozen bedrijfsmodusknippert. 2. Druk op de toets (16), tot de indicatie MODE AIRCLEAN(22) knippert. 3. Wacht ca. 5 seconden, zodat de instelling wordtopgeslagen. ðDe bedrijfsmodus is geselecteerd. VentilatieðDe indicatie (22) brandt. AIR CLEANTimer instellenMet de timer-functie kan het apparaat na een vooringesteldaantal uren automatisch worden uitgeschakeld. Het aantal uren kan tussen 1 en 24 uren liggen en in stappenvan 1 uur worden ingesteld. Let opHet apparaat mag niet onbewaakt in een vrijtoegankelijke ruimte worden gebruikt als de timeractief is. Automatisch uitschakelenüHet apparaat is ingeschakeld. 1. Druk op de toets (11). TIMERðDe segmentweergave (13) knippert. 2. Druk op de pijltoetsen(12, 14), voor het instellen van hetgewenste aantal uren. 3. Wacht ca. 5 seconden, zodat de instelling wordtopgeslagen. ðDe indicatie (24) brandt.
Memory-functieHet apparaat zal de laatst ingestelde bedrijfsmodus en in debedrijfsmodus (20) ook bij korteOntvochtigingstroomonderbrekingen de ingestelde ruimteluchtvochtigheidonthouden. De evt. voorgeprogrammeerde timer wordt nietopgeslagen. Is het apparaat langere tijd gescheiden van het stroomnet, starthet apparaat bij het weer in gebruik nemen in Automatischbedrijf. Auto-stop-functieIs het waterreservoir vol, niet goed geplaatst of is de ingestelderelatieve ruimteluchtvochtigheid bereikt, stopt de compressor. De ventilator loopt na en schakelt dan uit. Bedrijf met slang aan de condensaansluitingVoor langdurig bedrijf of onbewaakte ontvochtiging, moet demeegeleverde condensafvoerslang worden aangesloten op hetapparaat. üEen geschikte slang (diameter: 10mm) ligt klaar. üHet apparaat is uitgeschakeld. 1. Verwijder het condensreservoir uit het apparaat. 2.
NL 11luchtontvochtiger TTK 53 E / TTK 72 E3. Plaats het condensreservoir weer in het apparaat. Zorg dathet condensreservoir goed wordt geplaatst, anders zal hetapparaat niet opnieuw worden ingeschakeld. 4. Het andere uiteinde van de slang naar een geschikteafvoer (bijv. afvoerputje of een voldoende grootopvangreservoir) leiden. Zorg dat de slang niet wordtgeknikt. Verwijder de slang als het condens weer moet wordenopgevangen via het condensreservoir. Laat de slang voor hetopslaan drogen. De slang kan in elke willekeurigebedrijfsmodus worden aangesloten voor permanent gebruik. Automatisch ontdooienBij lage omgevingstemperaturen kan de verdamper tijdens hetontvochtigen bevriezen. Het apparaat zal dan een automatischeontdooiing uitvoeren. Tijdens de ontdooifase wordt deontvochtiging kort onderbroken. De duur van het ontdooien kan variëren.
Het apparaat tijdenshet automatisch ontdooien uitschakelen. De netstekker niet nietuit het stopcontact trekken. WasdrogingU kunt het apparaat gebruiken om was sneller te laten drogen. Houd bij het plaatsen van het apparaat of een wasrek rekeningmet de minimale afstanden volgens de technische gegevens. Het apparaat ontvochtigt de lucht continu en onafhankelijk vande relatieve ruimteluchtvochtigheid. De ventilator draait methoogste snelheid. De relatieve ruimteluchtvochtigheid en de ventilatorsnelheidkunnen in deze bedrijfsmodus niet worden ingesteld. 1. Druk op de toets (16). MODEðDe indicatie voor de actueel gekozen bedrijfsmodusknippert. 2. Druk op de toets (16), tot de indicatie MODE DRYCLOTHES(21) knippert. 3. Wacht ca. 5 seconden, zodat de instelling wordtopgeslagen. ðDe bedrijfsmodus is geselecteerd. WasdroogfunctieðDe indicatie (21) brandt.
DRY CLOTHESVoor wasdroging moeten de volgende waarden wordenvooringesteld:• Kastdroog = 46% relatieve luchtvochtigheid• Strijkdroog = 58% relatieve luchtvochtigheid• Voorgedroogd = 65 % relatieve luchtvochtigheidGebruik indien nodig een meetapparaat voor het meten van deluchtvochtigheid. Buiten gebruik stellenWaarschuwing voor elektrische spanningRaak de netstekker niet aan met vochtige of nattehanden. • Schakel het apparaat uit. • De netstekker van het netsnoer uit het stopcontact trekkendoor de stekker vast te pakken. • Verwijder indien nodig de condensafvoerslang en de hierinaanwezige restvloeistof. • Indien nodig het condensreservoir legen. • Reinig het apparaat volgens het hoofdstuk onderhoud. • Het apparaat opslaan volgens het hoofdstuk transport enopslag.
12 NLluchtontvochtiger TTK 53 E / TTK 72 EDefecten en storingenHet apparaat is tijdens de productie meerdere keren op eengoede werking getest. Mochten er desondanks storingenontstaan, controleer het apparaat dan op basis van de volgendelijst. Het apparaat start niet:• Controleer de netaansluiting. • Controleer het netsnoer en de netstekker opbeschadigingen. • Controleer de afzekering van de gebouwinstallatie. • Controleer het vulpeil van het condensreservoir, indiennodig leegmaken. De indicatie (23) mag nietTank Fullgaan branden. • Controleer of het condensreservoir goed is geplaatst. • Controleer de ruimtetemperatuur. Houd rekening met hettoegestane werkbereik van het apparaat volgens detechnische gegevens. Het kan zijn dat het apparaat nietstart door te lage omgevingstemperaturen (< 5°C). • Wacht 10 minuten, voordat u het apparaat opnieuw start.
Mocht het apparaat niet opstarten, laat dan een elektrischecontrole uitvoeren door gespecialiseerd bedrijf of doorTrotec. Het apparaat werkt, maar er is geen condensvorming:• Controleer de vlotter in het condensreservoir opvervuilingen. Indien nodig het condensreservoir reinigen. De vlotter moet soepel bewegen. • Controleer de ruimtetemperatuur. Houd rekening met hettoegestane werkbereik van het apparaat volgens detechnische gegevens. Het kan zijn dat het apparaat nietstart door te lage omgevingstemperaturen (< 5°C). • Controleer of de relatieve ruimteluchtvochtigheidovereenkomt met de technische gegevens. • Controleer de vooringestelde relatieveruimteluchtvochtigheid. De luchtvochtigheid in deopstelruimte moet boven het gekozen bereik liggen. • Controleer het luchtfilter op vervuilingen. Het luchtfilterindien nodig reinigen, resp. vervangen.
• Controleer de condensor uitwendig op vervuilingen (ziehoofdstuk onderhoud). Laat een vervuilde condensorreinigen door een gespecialiseerd bedrijf of door Trotec. • Het apparaat kan net een automatische ontdooiinguitvoeren.
Tijdens automatische ontdooiing vindt geenontvochtiging plaats. Het apparaat maakt herrie, resp. trilt:• Controleer of het apparaat rechtop en stabiel staat. Condenslekkage:• Controleer het apparaat op lekkages. De compressor start niet:• Controleer de ruimtetemperatuur. Houd rekening met hettoegestane werkbereik van het apparaat volgens detechnische gegevens. Het kan zijn dat het apparaat nietstart door te lage omgevingstemperaturen (< 5°C). • Controleer of de relatieve ruimteluchtvochtigheidovereenkomt met de technische gegevens. • Controleer de vooringestelde relatieveruimteluchtvochtigheid. De luchtvochtigheid in deopstelruimte moet boven het gekozen bereik liggen. • Controleer of de oververhittingsbeveiliging van decompressor is geactiveerd. Scheid het apparaat van hetstroomnet en laat het ca. 10 minuten afkoelen, voor hetweer aansluiten hiervan op het stroomnet.
• Het apparaat kan op dat moment evt. een automatischeontdooiing uitvoeren. Tijdens een automatisch ontdooiingvindt geen ontvochtiging plaats. Het apparaat wordt zeer heet, maakt herrie, resp. verliestcapaciteit:• Controleer de luchtinlaten en het luchtfilter op vervuilingen. Verwijder uitwendige vervuilingen. • Controleer het apparaat uitwendig op vervuilingen (ziehoofdstuk onderhoud). Laat een inwendig vervuildapparaat reinigen door een gespecialiseerd bedrijf op hetgebied van koel- en koudetechniek of door Trotec. Let opWacht na alle onderhouds- enreparatiewerkzaamheden minimaal 3 minuten. Schakelhet apparaat daarna weer in. Werkt het apparaat na deze controles nog nietprobleemloos:Neem contact op met de klantenservice. Breng het apparaatindien nodig voor reparatie naar een gespecialiseerd bedrijf ophet gebied van koel- en koudetechniek of naar Trotec.
NL 13luchtontvochtiger TTK 53 E / TTK 72 EOnderhoud OnderhoudsintervallenOnderhouds- enverzorgingsintervalAltijd voor het ingebruik nemenIndien nodig Minimaal elke2 wekenMinimaal elke4 wekenMinimaal elke6 maandenMinimaaljaarlijksLuchtinlaten en- uitlaten opvervuilingen en vreemde objectencontroleren, indien nodig reinigenX XUitwendige reiniging X XVisuele controle van het inwendigevan het apparaat op vervuilingenX XLuchtfilter op vervuilingen envreemde objecten controleren,indien nodig reinigen resp. vervangenX XLuchtfilter vervangen XOp beschadigingen controleren XBevestigingsbouten controleren X XProefdraaien XCondensreservoir en/of afvoerslangleegmaken en reinigenXOnderhouds- en verzorgingsrapportApparaattype:. Apparaatnummer:.
14 NLluchtontvochtiger TTK 53 E / TTK 72 EWerkzaamheden voor aanvang van het onderhoudWaarschuwing voor elektrische spanningRaak de netstekker niet aan met vochtige of nattehanden. • Schakel het apparaat uit. • De netstekker van het netsnoer uit het stopcontact trekkendoor de stekker vast te pakken. Waarschuwing voor elektrische spanningWerkzaamheden waarvoor het openen van hetapparaat noodzakelijk is, mogen uitsluitend doorgeautoriseerde vakbedrijven of door Trotec wordenuitgevoerd. KoudemiddelkringloopGevaarNatuurlijk koudemiddel propaan (R290). H220 – Zeer licht ontvlambaar gas. H280 – Bevat gas onder druk; kan ontploffen bijverwarming. P210 – Verwijderd houden van warmte/vonken/openvuur/hete oppervlakken en andere ontstekingsbronnen. Niet roken. P377 – Brand door lekkend gas: niet blussen, tenzij hetlek veilig gedicht kan worden.
P410+P403 – Tegen zonlicht beschermen en op eengoed geventileerde plaats bewaren. • De gehele koudemiddelkringloop is een onderhoudsvrij,hermetisch gesloten systeem en mag alleen doorgespecialiseerde bedrijven op het gebied van koude- enklimaattechniek of door Trotec worden onderhouden, resp. gerepareerd. Veiligheidssymbolen en plaatjes op het apparaatControleer regelmatig de veiligheidssymbolen en plaatjes op hetapparaat. Vervang onleesbare veiligheidssymbolen. Behuizing reinigenReinig de behuizing met een vochtige, zachte en pluisvrije doek. Zorg dat geen vocht in de behuizing komt. Zorg dat elektrischeonderdelen niet in contact komen met vocht. Gebruik geenagressieve reinigingsmiddelen, bijv. reinigingssprays,oplosmiddelen, alcoholhoudende reinigingsmiddelen ofschuurmiddelen voor het bevochtigen van de doek. Visuele controle van het inwendige van het apparaatop vervuilingen1.
Verwijder het luchtfilter. 2. Schijn met een zaklamp in de openingen van het apparaat. 3. Controleer het inwendige van het apparaat op vervuilingen. 4.
Ziet u een dikke stoflaag, laat dan het inwendige van hetapparaat reinigen door een gespecialiseerd bedrijf op hetgebied van koel- en koudetechniek of door Trotec. 5. Plaats het luchtfilter weer. Luchtfilter reinigenLet opControleer of het luchtfilter niet versleten ofbeschadigd is. De hoeken en randen van het luchtfiltermogen niet zijn vervormd of afgerond. Controleer voorhet weer plaatsen van het luchtfilter of hetonbeschadigd en droog is. Het luchtfilter moet worden gereinigd, zodra het vervuild is. Ditis bijv. merkbaar aan een gereduceerde capaciteit (ziehoofdstuk defecten en storingen). 1. Verwijder het luchtfilter uit het apparaat.
NL 15luchtontvochtiger TTK 53 E / TTK 72 E2. Maak het filter schoon met een zachte, licht bevochtigde,pluisvrije doek. Is het filter sterk vervuild, maak het danschoon met warm water, vermengd met een neutraalreinigingsmiddel.3. Laat het filter volledig drogen. Plaats geen natte filters inhet apparaat!4. Plaats het luchtfilter weer in het apparaat.Condensreservoir legenIs het condensreservoir vol of niet correct geplaatst, klinkt eenakoestisch signaal. Bovendien knippert de LED-indicatie voor deactuele ruimteluchtvochtigheid(10) rood en de indicatie TANKFULL(23) brandt. Compressor en ventilator schakelen uit.1. Verwijder het condensreservoir uit het apparaat.2. Het condensreservoir legen via een afvoer of in eengootsteen.3. Het reservoir uitspoelen met schoon water. Reinig hetreservoir regelmatig met een mild reinigingsmiddel (geenafwasmiddel!).
16 NLluchtontvochtiger TTK 53 E / TTK 72 E4. Plaats het condensreservoir weer in het apparaat. Beschadig de vlotter niet bij het plaatsen en verwijderenvan het condensreservoir.Zorg hierbij dat de vlotter correct is gepositioneerd.Zorg dat het condensreservoir goed wordt geplaatst,anders zal het apparaat niet opnieuw wordeningeschakeld.Activiteiten na het onderhoudWilt u het apparaat verder gebruiken:• Laat het apparaat 12 tot 24 uur stilstaan, zodat hetkoudemiddel zich kan verzamelen in de compressor.Schakel het apparaat pas na 12 tot 24 uur weer in! Anderskan de compressor beschadigd raken en het apparaat nietmeer werken. In dit geval vervalt elke aanspraak opgarantie.• Het apparaat weer aansluiten door de netstekker in hetstopcontact te steken.Gebruikt u het apparaat langere tijd niet:• Het apparaat opslaan volgens het hoofdstuk transport enopslag.
20 NLluchtontvochtiger TTK 53 E / TTK 72 ERecyclingHet symbool met een doorgestreepte vuilnisbak op eenelektrisch of elektronisch apparaat geeft aan, dat het aan heteind van de levensduur niet mag worden weggegooid met hethuishoudelijk afval. Voor kosteloze retournering zijn erinzamelpunten voor oude elektrische en elektronischeapparaten bij u in de buurt. De adressen kunt u opvragen bij uwgemeente. Voor veel EU-landen kunt u zich via de websitehttps://hub.trotec.com/?id=45090 informeren over andereretourmogelijkheden. Anders graag contact opnemen met een inuw land goedgekeurd recyclingbedrijf voor afgedankteapparaten.Door het gescheiden inzamelen van oude elektrische enelektronische apparaten worden recycling, materiaalhergebruik,resp. andere vormen van hergebruik van oude apparatenmogelijke gemaakt.
Ook worden zo negatieve gevolgen bij derecyclen van de mogelijk in de apparaten opgenomengevaarlijke stoffen voor het milieu en voor de menselijkegezondheid voorkomen.Laat het in het apparaat aanwezige koudemiddel propaanvakkundig recyclen volgens de nationale wetgeving doorbedrijven met de betreffende certificering (Europeseafvalcatalogus 160504).
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Trotec TTK 53 E stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Luchtontvochtiger Trotec
Handleiding Luchtontvochtiger
Nieuwste handleidingen voor Luchtontvochtiger