Triumph Thunderbird (2015) Handleiding

Triumph Motor Thunderbird (2015)

Bekijk gratis de handleiding van Triumph Thunderbird (2015) (118 pagina’s), behorend tot de categorie Motor. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 22 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Triumph Thunderbird (2015) of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/118
1
Voorwoord
VOORWOORD
Dit handboek bevat informatie over de Triumph Thunderbird-motorfiets. Bewaar dit handboek
voor de eigenaar altijd bij de motorfiets en raadpleeg de informatie wanneer nodig.
Waarschuwing, voorzichtig
en let op
In dit handboek voor de eigenaar wordt
belangrijke informatie op de volgende
manier gepresenteerd:
Opmerking:
Dit let op-symbool geeft punten
van speciaal belang voor
efficiëntere en gemakkelijkere
bediening aan.
cfcu
Waarschuwing
Dit waarschuwing-symbool geeft speciale
instructies of procedures aan, die
persoonlijk letsel of levensgevaar tot
gevolg kunnen hebben wanneer deze niet
correct worden opgevolgd.
Voorzichtig
Dit voorzichtig-symbool geeft speciale
instructies of procedures aan, die schade
aan of vernieling van apparatuur tot gevolg
kunnen hebben wanneer deze niet strikt
worden opgevolgd.

Beoordeel deze handleiding

4.1/5 (5 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Triumph
Categorie: Motor
Model: Thunderbird (2015)

Handleiding Triumph Thunderbird (2015) – volledige tekst

1VoorwoordVOORWOORDDit handboek bevat informatie over de Triumph Thunderbird-motorfiets. Bewaar dit handboekvoor de eigenaar altijd bij de motorfiets en raadpleeg de informatie wanneer nodig.Waarschuwing, voorzichtig en let opIn dit handboek voor de eigenaar wordtbelangrijke informatie op de volgendemanier gepresenteerd:Opmerking:• Dit let op-symbool geeft puntenvan speciaal belang voorefficiëntere en gemakkelijkerebediening aan.cfcuWaarschuwingDit waarschuwing-symbool geeft specialeinstructies of procedures aan, diepersoonlijk letsel of levensgevaar totgevolg kunnen hebben wanneer deze nietcorrect worden opgevolgd.VoorzichtigDit voorzichtig-symbool geeft specialeinstructies of procedures aan, die schadeaan of vernieling van apparatuur tot gevolgkunnen hebben wanneer deze niet striktworden opgevolgd.

2VoorwoordWaarschuwingslabelsDit symbool (links) wordt opbepaalde plaatsen op demotorfiets weergegeven. Hetsymbool betekent'VOORZICHTIG: RAAD-PLEEG HET HANDBOEK' enwordt gevolgd door eengrafische voorstelling van het betreffendeonderwerp.Probeer nooit de motorfiets te berijden ofeen aanpassing uit te voeren zonder de in dithandboek beschreven relevante instructies teraadplegen.Zie pagina's 12 en 13 voor de positie van allelabels met dit symbool.

Dit symbool wordt,indien nodig, ook weergegeven op depagina's die de relevante informatie bevatten.OnderhoudOm een lang, veilig en probleemvrij gebruikvan uw motorfiets te garanderen, dient hetonderhoud te worden uitgevoerd door eenerkende Triumph-dealer.Alleen een erkende Triumph-dealer beschiktover de noodzakelijke kennis, apparatuur envakkundigheid om uw Triumph-motorfietsgoed te onderhouden.Bezoek de Triumph-website opwww.triumph.co.uk of neem telefonischcontact op met de bevoegde distributeur inuw land voor informatie over dedichtstbijzijnde Triumph-dealer. De adressenworden ook vermeld in het bij dit handboekgeleverde servicerecordboek.

3VoorwoordGeluiddempingssysteemWijzigen van het geluiddempingssysteem isverboden.Eigenaars worden gewaarschuwd dat hetwettelijk verboden is om:a) een onderdeel of ontwerp-component, bedoeld voorgeluiddemping en verwerkt in elknieuw voertuig, vóór de verkoop ofaflevering aan de uiteindelijke koper,of tijdens het gebruik, te verwijderenof buiten werking te stellen doorwelke persoon dan ook - om andereredenen dan voor onderhoud,reparatie of vervanging - enb) het voertuig te gebruiken, nadat zo'nonderdeel of ontwerpcomponent isverwijderd of buiten werking isgesteld.Handboek voor de eigenaarDank u voor het kiezen van een Triumph-motorfiets.

Deze motorfiets is het resultaatvan Triumph's toepassing van beproefdetechnieken, grondige tests en hetvoortdurend streven naar superieurebetrouwbaarheid, veiligheid en prestaties.Lees voordat u gaat rijden dit handboekaandachtig door om volledig vertrouwd teraken met de werking van debedieningselementen, de kenmerken, decapaciteiten en de beperkingen van uwmotorfiets.Dit handboek bevat tips voor veilig rijden,maar omvat niet alle technieken envaardigheden die noodzakelijk zijn voor hetveilig berijden van een motorfiets.Triumph beveelt ten stelligste aan dat allemotorrijders de nodige lessen nemen om eenveilige bediening van deze motorfiets tegaranderen.Dit handboek is bij uw plaatselijke dealertevens beschikbaar in het:•Duits;• Engels;•Frans;• Italiaans;• Japans;•Portugees;• Spaans;•Zweeds.

4VoorwoordOpmerking:• Voor het monteren van bepaaldeaccessoiresets moet het origineleachterzadel worden verwijderd,waarin zich het handboek bevindt.In dergelijke gevallen dient uervoor te zorgen dat hethandboek voor de eigenaarverwijderd is onder hetachterzadel en altijd bij demotorfiets wordt vervoerd.InformatieDe informatie in deze uitgave is gebaseerdop de meest recente, op het moment vanpublicatie beschikbare informatie.

Leen uw motorfiets niet aananderen uit, want het berijden ervanzonder vertrouwd te zijn met de werkingvan de bedieningselementen, dekenmerken, de capaciteiten en debeperkingen van de motorfiets kan leidentot een ongeval.

5VoorwoordInhoudsopgaveDit handboek bevat een aantal verschillende hoofdstukken. Onderstaande inhoudsopgavehelpt u het begin van elk hoofdstuk op te zoeken, waar u - in het geval van groterehoofdstukken - een meer gedetailleerde inhoudsopgave aantreft, die u helpt het betreffendeonderwerp te vinden.Voorwoord . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1Waarschuwingslabels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12Omschrijving van onderdelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14Serienummers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 17Algemene informatie . . . . . . . . . . . . . . . . .

6Voorwoord – Veiligheid vooropVOORWOORD – VEILIGHEID VOOROPDe motorfiets Brandstof en uitlaatgassenWaarschuwingDeze motorfiets is uitsluitend bedoeld voorgebruik op de weg. Hij is niet geschikt voorgebruik op ruw terrein.Gebruik op ruw terrein kan het verliezenvan de controle over de motorfietsveroorzaken, wat kan leiden tot eenongeval met letsel of de dood als gevolg.WaarschuwingDeze motorfiets is niet ontworpen voor hettrekken van een aanhanger of het gebruikvan een zijspan.

Het gebruik van eenzijspan en/of aanhanger kan het verliezenvan de controle over de motorfiets of eenongeval tot gevolg hebben.WaarschuwingDeze motorfiets is ontworpen voor hetgebruik als tweewielig voertuig voor hetvervoeren van een berijder alleen of eenberijder met één passagier (indien eenpassagierszadel is aangebracht).Het totale gewicht van de berijder, eeneventuele passagier, accessoires en bagagemag het maximale laadvermogen van231 kg niet overschrijden.WaarschuwingBENZINE IS UITERST BRANDBAAR:Schakel de motor altijd uit vóór u gaattanken.Niet tanken of de vuldop van de tankopenen terwijl u rookt of in de buurt vanopen vuur (vlammen).Zorg ervoor dat tijdens het tanken geenbrandstof op de motor, de uitlaatpijpen ofde dempers wordt gemorst.Indien brandstof wordt ingeslikt,ingeademd of in de ogen komt, dientdirect medische hulp te wordeningeroepen.Indien benzine op de huid terechtkomt,dient deze onmiddellijk te wordengewassen met water en zeep en metbrandstof verontreinigde kleding dientonmiddellijk te worden uitgetrokken.Contact met brandstof kan brandwondenen andere ernstige huidaandoeningenveroorzaken.WaarschuwingDe motor nooit in een afgesloten ruimtestarten of laten draaien.

7Voorwoord – Veiligheid vooropValhelm en kledingWaarschuwingBij het berijden van de motorfiets dienende berijder en de passagier altijd valhelm,oogbescherming, handschoenen, laarzen,broek (nauw aansluitend rond de knieënen de enkels) en een felgekleurd jack tedragen. Felgekleurde kleding verhoogt dezichtbaarheid van de berijder (of depassagier) voor andere weggebruikersaanzienlijk. Hoewel volledige beschermingniet mogelijk is, kan het dragen van dejuiste beschermende kleding het risico opverwondingen bij het berijden van uwmotorfiets verlagen.WaarschuwingEen valhelm is een van de belangrijksteuitrustingsstukken, omdat dezebescherming biedt tegen hoofdletsel. Uwvalhelm en die van uw passagier dienenmet zorg te worden gekozen encomfortabel en stevig om het hoofd tepassen.

Een felgekleurde helm verhoogt dezichtbaarheid van de berijder (of passagier)voor andere weggebruikers aanzienlijk.Een valhelm met open voorzijde biedtenige bescherming bij een ongeval, maareen integraalhelm biedt beterebescherming.Draag altijd een vizier of eengoedgekeurde beschermende bril voorbeter zicht en ter bescherming van uwogen.cbma

8Voorwoord – Veiligheid vooropParkeren Onderdelen en accessoiresTriumph accepteert geen aansprakelijkheidvoor gebreken die zijn veroorzaakt door hetaanbrengen van niet-goedgekeurdeonderdelen, accessoires of wijzigingen ofdoor het aanbrengen van goedgekeurdeonderdelen, accessoires of wijzigingen dooronbevoegd personeel.WaarschuwingAltijd de motor uitschakelen en decontactsleutel verwijderen voordat u uwmotorfiets onbeheerd achterlaat. Door hetverwijderen van de contactsleutel wordthet risico van gebruik door onbevoegde enonervaren personen verkleind.Denk aan het volgende als u uw motorfietsparkeert:Zet de motorfiets in de eerste versnellingom te voorkomen dat deze van destandaard rolt. De motor en het uitlaatsysteem zijn na hetrijden sterk verhit.

Indien demotorfiets onder deze omstandighedenwordt geparkeerd, kan deze omvallen.Zie voor nadere informatie het hoofdstuk'Het berijden van de motorfiets' in dithandboek voor de eigenaar.WaarschuwingDe eigenaar dient erop te letten, datgoedgekeurde onderdelen, accessoires enwijzigingen voor een Triumph-motorfietsuitsluitend door Triumph officieelgoedgekeurde onderdelen zijn die dooreen erkende Triumph-dealer op demotorfiets worden aangebracht.Het is met name bijzonder gevaarlijk omonderdelen of accessoires aan te brengenof te vervangen waarvoor het noodzakelijkis om het elektrische of hetbrandstofsysteem te demonteren, ofhierop uitbreidingen aan te brengen.Dergelijke aanpassingen kunnen deveiligheid in gevaar brengen.Het aanbrengen van niet-goedgekeurdeonderdelen, accessoires of wijzigingenkunnen een nadelig effect hebben op hetrijgedrag, de stabiliteit en andere aspectenvan de werking van de motorfiets,waardoor een ongeval kan wordenveroorzaakt dat kan leiden tot letsel of dedood.

9Voorwoord – Veiligheid vooropOnderhoud/apparatuurWaarschuwingRaadpleeg uw erkende Triumph-dealerindien u twijfelt aan de juiste of veiligewerking van deze Triumph-motorfiets.Onthoud dat het blijven gebruiken vaneen niet goed werkende motorfiets eenfout kan verergeren en de veiligheid ingevaar kan brengen.WaarschuwingDoor het gebruik van een motorfietswaarvan de hellingshoekindicators totvoorbij de maximale limiet zijn afgesleten(wanneer de uiteinden van dehellingshoekindicators zijn afgesleten toteen lengte van 5 mm) kan deze onder eenonveilige hoek overhellen.

Vervang daaromaltijd de pennen van dehellingshoekindicators wanneer deze zijnafgesleten tot een lengte van 5 mm.Overhellen onder een onveilige hoek kaninstabiliteit, verlies van controle over demotorfiets of een ongeval veroorzaken.5 mmWaarschuwingControleer of alle wettelijk vereisteapparatuur is gemonteerd en correctfunctioneert. Verwijderen of wijzigen vande verlichting, dempers, uitstoot- engeluiddempingssystemen van demotorfiets kunnen een overtreding van dewet betekenen. Onjuiste of niet toegestaneaanpassingen kunnen een nadelig effecthebben op het rijgedrag, de stabiliteit enandere aspecten van de werking van demotorfiets, waardoor een ongeval kanworden veroorzaakt met letsel of de doodals gevolg.WaarschuwingIndien de motorfiets betrokken is bij eenongeval, aanrijding of valpartij dient dezevoor inspectie en reparatie naar eenerkende Triumph-dealer te wordengebracht.

10Voorwoord – Veiligheid vooropHet rijdenWaarschuwingDe motorfiets nooit berijden indien u moebent of onder invloed verkeert van alcoholof andere verdovende middelen.Het berijden van een motorfiets onderinvloed van alcohol of andere verdovendemiddelen is verboden.Het berijden van een motorfiets terwijl umoe bent of onder invloed van alcohol ofandere verdovende middelen verkeert,vermindert het vermogen van de berijderom de motorfiets onder controle tehouden waardoor een ongeval kanworden veroorzaakt.WaarschuwingAlle rijders moeten in het bezit zijn vaneen rijbewijs voor motorfietsen. Het zonderrijbewijs besturen van een motorfiets isverboden en kan gerechtelijke vervolgingtot gevolg hebben.

Het rijden op een motorfiets zonderformele training in de juiste rijtechniekendie nodig zijn om een rijbewijs te halen, isgevaarlijk en kan resulteren in verlies vande controle over de motorfiets en eenongeluk.WaarschuwingRijd altijd defensief en draag de elders indit voorwoord genoemde beschermendeuitrusting. Onthoud dat een motorfiets bijeen ongeval minder bescherming biedtdan een auto.WaarschuwingDeze Triumph-motorfiets mag de wettelijkgeldende snelheidslimieten nietoverschrijden. Het met hoge snelheid opeen motorfiets rijden kan gevaarlijk zijn,aangezien de tijd om op bepaaldeverkeerssituaties te reageren bij hogeresnelheden aanzienlijk wordt verkort. Pas desnelheid altijd aan aan eventueelgevaarlijke rijomstandigheden, zoals slechtweer of druk verkeer.

Deze krachten zijn onderandere:• Windstoten van passerendevoertuigen;• Gaten in de weg, oneffenheden ofbeschadigingen in het wegdek;•Slecht weer;• Fouten van de berijder.Rijd altijd met matige snelheid en vermijddruk verkeer, totdat u zich volledigvertrouwd hebt gemaakt met het rijgedragen de rijeigenschappen van de motorfiets.Overschrijd nooit de wettelijk geldendesnelheidslimiet.WaarschuwingDe berijder dient het voertuig ondercontrole te houden door te allen tijde dehanden aan het stuur te houden.De besturing en stabiliteit van demotorfiets worden nadelig beïnvloedindien de berijder het stuur loslaat,hetgeen kan leiden tot verlies van controleover de motorfiets en een ongeval.WaarschuwingDe berijder en de passagier dienen tijdenshet berijden van het voertuig altijd devoetsteunen te gebruiken.Door de voetsteunen te gebruiken wordtvoor zowel de berijder als de passagier hetrisico op onbedoeld contact metonderdelen van de motorfiets verminderden wordt ook de kans op verwondingen,veroorzaakt door het vast komen zittenvan kledingstukken, verminderd.

Waarschuwingslabels13Plaats van de waarschuwingslabels – Thunderbird (vervolg)VoorzichtigAlle waarschuwingslabels en stickers, met uitzondering van het label over inrijden, worden opde motorfiets aangebracht met een sterke lijm. In sommige gevallen worden labelsaangebracht voorafgaand aan het aanbrengen van de laklaag. Daarom zal elke poging omde waarschuwingslabels te verwijderen, schade veroorzaken aan lakwerk of carrosserie.PbLoodvrije brandstof(pagina 33)Helm(pagina 7)Motorolie(pagina 64)Banden(pagina 90)Aandrijfriem(pagina 84)

17SerienummersSERIENUMMERSVoertuigIdentificatieNummer (VIN)Het voertuigidentificatienummer is in hetvoorste stuurgedeelte van het framegeslagen. Het wordt bovendien vermeld opeen plaatje dat onder het berijderszadel ophet frame is geklonken.Noteer het voertuigidentificatienummer(VIN) in de daarvoor bestemde ruimtehieronder.MotorserienummerHet motorserienummer is rechtsachter in hetbovenste motorcarter geslagen, vlakbij deachterzijde, en is zichtbaar vanaf delinkerzijde, achter de startmotor.Noteer het motorserienummer in de ruimtehieronder.cfbvcfbw

22Algemene informatieInstrumentenSnelheidsmeterDe snelheidsmeter geeft de rijsnelheid van demotorfiets aan.ToerentellerDe toerenteller geeft het motortoerental weerin omwentelingen per minuut - omw/min.Aan de rechterzijde op de wijzerplaat van detoerenteller wordt de 'rode zone' aangeduid.Indien het motortoerental per minuut(omw/min) in de rode zone wordtweergegeven, ligt dit boven het aanbevolenmaximale motortoerental en ook boven hetmotortoerental dat de beste prestaties levert.Kilometerteller/dagteller/klok1. Display kilometerteller/dagtellerDe kilometerteller geeft de totale door demotorfiets afgelegde afstand weer.Er zijn twee dagtellers.

Elke dagteller geeft deafstand weer, die door de motorfiets werdafgelegd sinds de betreffende meter op nulwerd gesteld.Om tussen de weergavemodi van dagteller,klok en resterende actieradius te schakelen,drukt u herhaalde malen op de knop'Bekijken' (zie hieronder), die zich op deschakelaarbehuizing op de rechter stuurstangbevindt, tot de gewenste weergave getoondwordt.1. Knop 'Bekijken'VoorzichtigLaat het motortoerental nooit oplopen totin de 'rode zone', dit kan leiden toternstige motorschade. TRIP1WaarschuwingProbeer niet om tijdens het rijden teschakelen tussen de afbeeldingsmodus vande kilometerteller en de dagteller of dedagteller opnieuw in te stellen want dit lanleiden tot verlies van controle over demotorfiets en een ongeval.cfcc1

De minuutweergave wordt opdezelfde manier ingesteld als deuurweergave.Zodra zowel uren als minuten correct zijningesteld, laat u de knop 'Bekijken' losgedurende 4 seconden waarna de weergavestopt met knipperen.Dagteller nulstellenOm de dagteller op nul te stellen, selecteert ude weergave van de dagteller die op nulmoet worden gesteld. Houd vervolgens deknop 'Bekijken' 4 seconden ingedrukt. Na4 seconden wordt de weergegeven dagtellerop nul gesteld.Resterende actieradiusDit is een aanduiding van de geschatteafstand die waarschijnlijk zal kunnen wordenafgelegd op de brandstof die nog in de tankaanwezig is.WaarschuwingProbeer onder het rijden niet de klok af testellen, dit kan leiden tot verlies vancontrole over de motorfiets en eenongeval.

24Algemene informatieBrandstofmeter1. BrandstofmeterDe brandstofmeter geeft de hoeveelheidbrandstof in de tank aan.Als het contact wordt ingeschakeld, geeft hetaantal in de display weergegeven blokjes hetbrandstofniveau in de tank aan.Als de brandstoftank vol is, worden alle16 blokjes weergegeven, als de tank leeg is,worden geen blokjes weergegeven. Andereaanduidingen geven brandstofniveaus tussenvol en leeg weer.Wanneer er 3 blokjes worden weergegeven,gaat het waarschuwingslampje Brand-stofniveau laag branden en de dagtellerschakelt over naar de weergave 'Resterendeactieradius' (zie pagina 23).

Hiermee wordtaangegeven dat er ongeveer nog 4,5 literbrandstof in de tank is en er bij deeerstvolgende mogelijkheid dient te wordengetankt.Wanneer het contact uit en in wordtgeschakeld, zonder te tanken, toont hetinstrument niet meteen weer het scherm'Afstand', in plaats daarvan wordt hetdagtellerscherm weergegeven dat te zien wasvoordat het brandstofpeil laag werd.Opmerking:• Na het tanken, worden degegevens van de brandstofmeteren de resterende actieradiusalleen bijgewerkt tijdens het rijdenop de motorfiets.

Afhankelijk vande rijstijl kan het bijwerken tot5 minuten duren.WaarschuwingslampjesWaarschuwingslampje lage oliedrukAls bij draaiende motor deoliedruk gevaarlijk laag wordt, gaathet waarschuwingslampje lage oliedrukbranden.Opmerking:• Het waarschuwingslampje lageoliedruk gaat branden, als hetcontact wordt ingeschakeld en demotor niet draait.TRIP1VoorzichtigSchakel de motor direct uit indien hetwaarschuwingslampje lage oliedruk gaatbranden. De motor niet opnieuw startenvoordat de storing is verholpen.Indien de motor draait terwijl hetwaarschuwingslampje lage oliedrukbrandt, kan ernstige motorschadeontstaan.

25Algemene informatieKoelvloeistoftemperatuurWanneer de temperatuur van dekoelvloeistof te hoog wordt, gaathet waarschuwingslampje hogekoelvloeistoftemperatuur branden.Waarschuwingslampje storing motor-managementsysteemHet waarschuwingslampje storingmotormanagementsysteem gaat brandenwanneer het contact wordt ingeschakeld (omaan te geven dat het systeem werkt), maarmag niet branden wanneer de motor draait.Indien het waarschuwingslampje gaatbranden terwijl de motor draait, betekent ditdat er een storing is opgetreden in een ofmeer systemen die door het motor-managementsysteem worden geregeld. Indergelijke gevallen schakelt hetmotormanagementsysteem over naar'thuisbreng-modus', zodat de rit kan wordenvoortgezet indien de storing niet zo ernstig isdat de motor niet kan draaien.

Opmerking:• Als het waarschuwingslampjeknippert als het contact wordtingeschakeld, neem dan zo snelmogelijk contact op met eenerkende Triumph-dealer om dezesituatie te verhelpen. Onder dezeomstandigheden zal de motor nietstarten.Indicator richtingaanwijzersIndien de richtingaanwijzer-schakelaar naar links of naar rechtswordt gedraaid, knippert debetreffende waarschuwingsindicator van derichtingaanwijzer in hetzelfde tempo als derichtingaanwijzer.GrootlichtWanneer het contact wordtingeschakeld en de koplamp-schakelaar is ingesteld op'grootlicht', gaat het waarschuwingslampjevoor grootlicht branden.VoorzichtigLaat de motor niet draaien wanneer hetwaarschuwingslampje hoge koelvloeistof-temperatuur brandt, dit kan leiden toternstige motorschade.WaarschuwingVerlaag de snelheid en rijd niet langer doordan noodzakelijk is terwijl ditwaarschuwingslampje brandt.

De storingkan de motorprestaties, de uitlaatemissiesen het brandstofverbruik negatiefbeïnvloeden. Verlaagde motorprestatieskunnen gevaarlijke rijomstandighedenveroorzaken, die kunnen leiden tot verliesvan controle en een ongeval. Neem zosnel mogelijk contact op met een erkendeTriumph-dealer, om de storing te lateninspecteren en verhelpen.

26Algemene informatieNeutraalDe neutraal-indicator geeft aan datde transmissie in neutraal staat(geen versnelling ingeschakeld).Het waarschuwingslampje gaat brandenwanneer de transmissie in neutraal staatterwijl de contactschakelaar in de stand ONstaat.Brandstofniveau laagDe indicator brandstofniveau laaggaat branden wanneer er nog circa4,5 liter brandstof in de tankaanwezig is.AlarminstallatieDe alarm-indicator gaat brandenwanneer is voldaan aan devoorwaarden zoals beschreven inde handleiding van een optioneelin te bouwen alarminstallatie.ABS-lampje (anti-blokkeerremsysteem)Het ABS-lampje gaat branden omaan te geven dat de ABS-functieniet beschikbaar is. Het is normaal dat hetlampje brandt na het starten van de motor entot de motorfiets een snelheid hoger dan10 km/h heeft bereikt.

Behalve wanneer ereen storing aanwezig is, mag het lampje nietgaan branden tot de motor opnieuw wordtgestart.Als het lampje op enig ander moment onderhet rijden gaat branden, betekent dit dat ereen storing in het ABS is opgetreden, dienader moet worden onderzocht.WaarschuwingAls het ABS niet werkt, functioneert hetremsysteem verder als een niet-ABS-remsysteem. Rijd niet langer door dannoodzakelijk is terwijl dit lampje brandt.Neem zo snel mogelijk contact op met eenerkende Triumph-dealer, om de storing telaten inspecteren en verhelpen. In dezesituatie kan te hard remmen eenblokkering van de wielen veroorzaken,hetgeen kan leiden tot verlies van controleen een ongeval.

27Algemene informatieContactsleutel1. Sleutelnummerlabel2. ReservesleutelbladDe contactsleutel bedient uitsluitend decontactschakelaar. Het stuurslot wordt meteen andere sleutel bediend.Bij aflevering vanuit de fabriek worden tweecontactsleutels meegeleverd, samen met eenlabel waarop het sleutelnummer is vermelden een reservesleutelblad voor gebruikt methet Triumph-alarmsysteem dat als accessoirewordt geleverd. Noteer het sleutelnummeren bewaar de reservesleutel, het sleutelbladen het sleutellabel op een veilige plaats, nietin de buurt van de motorfiets.Een reservesleutel kan worden geleverd dooreen erkende Triumph-dealer, en wordtvervaardigd op basis van het sleutelnummerof als kopie van de originele sleutel.Contactschakelaar1. Contactschakelaarslot2. Stand UIT3. Stand AAN4.

28Algemene informatieWerking van de schakelaarDeze schakelaar heeft drie met een sleutelbediende standen. De sleutel kan uitsluitenduit de contactschakelaar worden verwijderd,indien deze in de stand UIT ofP (PARKEREN) staat.Om de schakelaar van UIT naar AAN tedraaien, de sleutel in de schakelaar steken enrechtsom in de stand AAN draaien.Om de schakelaar van AAN naar PARKERENte draaien, de slotcilinder dieper in het slotduwen en de schakelaar rechtsom in destand PARKEREN draaien. Gebruik de standPARKEREN uitsluitend als de motorfietsgedurende korte tijd wordt geparkeerd ineen situatie waarin de positielampen moetenblijven branden.Om de schakelaar terug naar UIT te draaien,de sleutel linksom draaien.Standen contactschakelaarOpmerking:• Laat de contactschakelaar nietgedurende langere tijd in de standP staan, aangezien dit leidt totontladen van de accu.Motor uit.

29Algemene informatieStuurslotsleutel1. Label stuurslotsleutelDe stuurslotsleutel bedient uitsluitend hetstuurslot. De contactschakelaar wordt meteen andere sleutel bediend.Bij aflevering vanuit de fabriek, worden tweestuurslotsleutels meegeleverd en een labelwaarop het sleutelnummer is vermeld.Noteer het sleutelnummer en bewaar dereservesleutel en het sleutellabel op eenveilige plaats, niet in de buurt van demotorfiets.Een reservesleutel kan worden geleverd dooreen erkende Triumph-dealer, en wordtvervaardigd op basis van het sleutelnummerof als kopie van de originele sleutel.VoorzichtigExtra sleutels of sleutelringen die aan decontactsleutel zijn bevestigd, kunnen degelakte of gepolijste onderdelen van demotorfiets beschadigen.

30Algemene informatieStuurslot1. S t u u r s l o t2. Afdekking stuurslotDit slot heeft twee met een sleutel bediendestanden. De sleutel kan in zowel de standgeactiveerd als gedeactiveerd wordenverwijderd.Om het slot te activeren de sleutel erin stekenen het gehele slot linksom draaien entegelijkertijd naar binnen duwen.Tegelijkertijd het stuur volledig naar linksdraaien tot het slot inschakelt (op datmoment draait het slot en beweegt het naarbinnen).Om het stuurslot te deactiveren de sleutelerin steken, het stuur licht draaien omeventuele belasting van het slot weg tenemen en de sleutel verder linksom draaientot het slot naar buiten springt.

De sleutelverwijderen.1cfbx2WaarschuwingHet stuurslot moet altijd vóór het rijdenworden gedeactiveerd, omdat het bijgeactiveerd stuurslot niet mogelijk is omhet stuur te draaien en de motorfiets tebesturen.Rijden zonder de mogelijkheid demotorfiets te besturen kan leiden tot verliesvan controle en een ongeval.

31Algemene informatieSchakelaars rechterstuurstang1. Motorstopschakelaar2. Stand DRAAIEN3. Stand STOP4. Startknop5. Knop 'Bekijken'MotorstopschakelaarDe contactschakelaar moet in de stand AANstaan en de motorstopschakelaar moet in destand DRAAIEN staan om met de motorfietste kunnen rijden.De motorstopschakelaar is bedoeld voorgebruik in een noodgeval. Indien zich eennoodgeval voordoet waarbij het uitschakelenvan de motor noodzakelijk is, zet u demotorstopschakelaar in de stand STOP.Opmerking:• Hoewel de motorstopschakelaarde motor uitschakelt, wordenhierdoor niet alle elektrischecircuits uitgeschakeld.

Dit kanleiden tot problemen met hetopnieuw starten van de motordoor een ontladen accu.Normaliter dient uitsluitend decontactschakelaar te wordengebruikt om de motor te stoppen.StartknopDe startknop bedient de elektrische starter.Om de starter te kunnen inschakelen, moetde koppelingshendel tegen de handgreepworden getrokken.Opmerking:• Ook wanneer de koppelings-hendel tegen de handgreep isgetrokken, werkt de starter nietindien de zijstandaard is uitgeklapten een versnelling is ingeschakeld.cfcc12345VoorzichtigLaat de contactschakelaar niet in de standAAN staan wanneer de motor niet draait,omdat dit kan leiden tot schade aanelektrische onderdelen en het ontladen vande accu.

32Algemene informatieKnop 'Bekijken'De knop 'Bekijken' wordt gebruikt om devolgende functies van de instrumenten tebedienen:• Functies van de kilometerteller (ziepagina 23);• Resetten van de dagteller (ziepagina 23);• Resetten van de klok (zie pagina 23).Schakelaars linkerstuurstang1. Dimschakelaar koplamp2. Richtingaanwijzerschakelaar3. Claxonknop4. Mistlichtschakelaar (mistlampen zijn een accessoireset)Dimschakelaar koplampMet de dimschakelaar van de koplamp kandimlicht of grootlicht worden ingeschakeld.Druk de schakelaar naar voren om grootlichtin te schakelen. Trek de schakelaar naarachteren om dimlicht in te schakelen. Indiengrootlicht is ingeschakeld, brandt de indicatorgrootlicht.Opmerking:• Op dit model is geen aan/uit-schakelaar voor verlichtingaangebracht.

33Algemene informatieRichtingaanwijzerschakelaarOpmerking:• Deze motorfiets is voorzien vaneen automatische richtingaan-wijzeruitschakeling. Het systeemwordt acht seconden nainschakelen van de richting-aanwijzer geactiveerd.Wanneer de richtingaanwijzerschakelaar naarlinks of naar rechts wordt geduwd, knippertook de indicator van de betreffenderichtingaanwijzer.De automatische richtingaanwijzeruit-schakeling wordt geactiveerd na achtseconden nadat een richtingaanwijzer isingeschakeld. Acht seconden nadat derichtingaanwijzer ingeschakeld is en demotorfiets 65 meter heeft afgelegd, schakeltde automatische richtingaanwijzeruit-schakeling de richtingaanwijzers uit. Derichtingaanwijzers kunnen handmatigworden uitgeschakeld.

Om derichtingaanwijzers handmatig uit teschakelen, duwt u op derichtingaanwijzerschakelaar in de centralestand en laat u deze los.ClaxonknopWanneer de claxonknop wordt ingedrukt enhet contact in de stand AAN staat, klinkt declaxon.MistlichtschakelaarDe mistlichtschakelaar is aanwezig voor deinbouw van extra lampen of mistlampen, diebij uw Triumph-dealer beschikbaar zijn alsaccessoire.Brandstofvoorziening/tankenBrandstoftypeUw Triumph-motor is ontworpen voorloodvrije benzine en levert optimaleprestaties indien het juiste type benzinewordt gebruikt. Gebruik altijd loodvrijebenzine met een octaangehalte vanminimaal 91.VoorzichtigHet uitlaatsysteem van dit model isvoorzien van een katalysator, die zorgtvoor een lagere uitstoot van schadelijkestoffen. De katalysator kan onherstelbaarbeschadigen indien de brandstoftankhelemaal leeg wordt gereden of indien hetbrandstofniveau zeer laag is.

34Algemene informatieTankdop1. TankdopOm de tankdop te openen, de dop linksomdraaien en omhoog tillen van de tankvulpijp.Om de dop te sluiten, de dop op detankvulpijp zetten en rechtsom draaien, totde dop de vulpijp volledig afsluit. In devolledig gesloten positie, voorkomt eenratelmechanisme het te stevig vastdraaienvan de dop, doordat het buitenste deel vande dop onafhankelijk van het binnenste deelkan draaien.VoorzichtigHet gebruik van gelode benzine is insommige landen, staten of regio'sverboden. Het gebruik van gelode benzinebeschadigt de katalysator.WaarschuwingOm de gevaren in verband met tanken teminimaliseren, dienen de volgendeveiligheidsinstructies altijd in acht teworden genomen:Benzine (brandstof) is uiterst brandbaar enkan onder bepaalde omstandighedenexploderen.

Zet voordat u gaat tanken decontactschakelaar in de stand UIT.Niet roken.Maak geen gebruik van een mobieletelefoon.Zorg ervoor dat de voor het tankengebruikte ruimte goed geventileerd is engeen vlam- of vonkbronnen bevat.Hieronder valt ook apparatuur met eenwaakvlam.Vul de tank nooit zo vol, dat hetbrandstofniveau in de hals van de vulpijpstijgt. Warmteopname uit zonlicht ofandere bronnen kan leiden tot uitzetten enuitlopen van de brandstof, waardoorbrandgevaar ontstaat.Controleer na het tanken altijd of detankdop goed gesloten is.Omdat benzine (brandstof) uiterstbrandbaar is, kan een benzinelek of hetmorsen van benzine, of het niet in achtnemen van de hiervoor genoemdeveiligheidsinstructies, brand veroorzaken,met schade aan eigendommen, persoonlijkletsel of de dood als gevolg.TRIP530;cfbm1

35Algemene informatieBrandstoftank vullenVoorkom het vullen van de tank onderregenachtige of stoffige omstandigheden,omdat dit kan leiden tot verontreiniging vande brandstof.Vul de brandstoftank langzaam om morsente voorkomen. Vul de tank niet boven deonderzijde van de hals van de vulpijp.Hierdoor blijft ruimte voor een luchtlaag,zodat de brandstof in de tank kan uitzettenals gevolg van warmteopname vanuit demotorfiets of zonlicht.1. Hals van de vulpijp2.

Maximaal brandstofniveauControleer na het tanken altijd of de tankdopgoed gesloten is.VoorzichtigVerontreinigde brandstof kan onderdelenvan het brandstofsysteem beschadigen.cbnm2 1WaarschuwingTeveel brandstof vullen kan leiden totmorsen.Indien brandstof wordt gemorst, dientdeze direct en volledig te wordenopgenomen en dienen de hiervoorgebruikte materialen op een veilige manierte worden afgevoerd.Zorg ervoor dat tijdens het tanken geenbrandstof op de motor, de uitlaatpijpen, debanden of andere onderdelen van demotorfiets wordt gemorst.Omdat benzine (brandstof) uiterstbrandbaar is, kan een benzinelek of hetmorsen van benzine, of het niet in achtnemen van de hiervoor genoemdeveiligheidsinstructies, brand veroorzaken,met schade aan eigendommen, persoonlijkletsel of de dood als gevolg.Bij of op de banden gemorste brandstofvermindert de grip van de band op deweg.

36Algemene informatieZijstandaard1. Z i j s t a n d a ar dDit model is uitgerust met een zijstandaardwaarop de motorfiets kan wordengeparkeerd.Opmerking:• Draai wanneer de zijstandaardwordt gebruikt de stuurstangvolledig naar links en laat demotorfiets in de eerste versnellingstaan.Controleer wanneer de zijstandaard werdgebruikt, voor u gaat rijden of deze volledigis ingeklapt nadat u op de motorfiets bentgaan zitten.Zie voor nadere informatie over veiligparkeren het hoofdstuk 'Het berijden van demotorfiets'.WaarschuwingDe motorfiets is voorzien van eeninterlocksysteem, zodat niet met demotorfiets kan worden gereden terwijl dezijstandaard is uitgeklapt. Probeer nooit te rijden met de zijstandaarduitgeklapt en wijzig nooit iets aan hetinterlocksysteem, omdat dit kan leiden totgevaarlijke rijomstandigheden met verliesvan controle over de motorfiets en eenongeval als gevolg.1cfbo

37Algemene informatieZijpanelen1. Zijpaneel (rechterzijde afgebeeld)2. BevestigingsmechanismenOm de zekeringhouder en de inbussleutelvan de gereedschapsset te bereiken, moethet zijpaneel worden verwijderd.Voor het verwijderen van de zijpanelen paktu het zijpaneel stevig vast met beide handenen trekt u het paneel van de motorfiets af, tothij loskomt uit de drie bevestigings-mechanismen (waarbij de bevestigings-mechanismen op hun plek blijven).Voor het terugplaatsen zet u de driegeleidingspennen op de bevestigings-mechanismen en drukt u vervolgens hetpaneel stevig vast op zijn plek.Controleer of het paneel goed op zijn plaatszit op de bovenste en onderstegeleidingspennen.Ten slotte het paneel stevig vastpakken encontroleren of het goed vastzit.Gereedschapsset en handboek1. A c ht e r z a d e l2. C-spanner1. Inbussleutel122cfhlcfbm21cfbm1

38Algemene informatieDe gereedschapsset bestaat uit eeninbussleutel voor het verwijderen van hetberijderszadel en het achterzadel en eenC-spanner voor afstelling van deachterwielophanging. De inbussleutel bevindtzich achter het linker zijpaneel (ziepagina 37), bevestigd aan een beugel. DeC-spanner is opgeborgen onder hetachterzadel, achter het handboek.Om het handboek te kunnen bereiken, moethet achterzadel worden verwijderd (ziepagina 39).

Het handboek bevindt zich aande onderzijde van het achterzadel.Opmerking:• Voor het monteren van bepaaldeaccessoiresets moet het origineleachterzadel worden verwijderd,waarin zich het handboek bevindt.In dergelijke gevallen dient uervoor te zorgen dat hethandboek voor de eigenaarverwijderd is onder hetachterzadel en altijd bij demotorfiets wordt vervoerd.ZadelsZadelonderhoudOm schade aan zadels of zadelafdekkingente voorkomen, mag men de zadels niet latenvallen of deze tegen een oppervlak plaatsendat de zadels of de afdekkingen ervan kanbeschadigen.VoorzichtigOm schade aan de zadels en dezadelafdekkingen te voorkomen, mag mende zadels niet laten vallen. Plaats de zadelsniet tegen de motorfiets of enig anderoppervlak waardoor zadels of afdekkingenbeschadigd kunnen raken.

39Algemene informatieBerijderszadel verwijderen1. Zadelbevestiging (rechterzijde afgebeeld)Om het berijderszadel te verwijderen,verwijdert u de twee zijbevestigingen metbehulp van de inbussleutel die in degereedschapsset wordt geleverd. Til het zadelaan de achterzijde omhoog om deze volledigvan de motorfiets te verwijderen.Om het zadel terug te plaatsen, plaatst u delip van het zadel onder de brandstoftank enzet u de zijbevestigingen vast met 9Nm.TAchterzadel verwijderen1. Bevestiging achterzadelOm het achterzadel te verwijderen, verwijdertu de achterste bevestiging met behulp vande inbussleutel die in de gereedschapssetwordt geleverd (zie pagina 37). Til het zadelaan de achterzijde omhoog om deze volledigvan de motorfiets te verwijderen.1. Achterzadelhaken2. Geleidepen3.

AchterzadelbeugelWaarschuwingNa het opnieuw aanbrengen het zadelstevig beetpakken en omhoog trekken, omte voorkomen dat het niet correct isbevestigd en onder het rijden losschiet.Indien het zadel niet goed is vergrendeld,kan het loskomen van de motorfiets. Eenloszittend of losgeschoten zadel kan totverlies van controle over de motorfiets eneen ongeval leiden.cfco1cfbm1cfcn123

Breng de achterstebevestiging aan en draai deze vast met10 N m .InrijdenMet inrijden wordt het proces bedoeld dattijdens de eerste gebruiksuren van eennieuwe motorfiets plaatsvindt.Met name de inwendige wrijving in de motoris hoger wanneer de onderdelen nieuw zijn.Later, wanneer de onderdelen van de motorzijn 'ingereden', wordt deze inwendigewrijving aanzienlijk minder.Indien gedurende een zekere periodevoorzichtig wordt gereden, blijft deuitlaatemissie laag en worden de prestaties,de brandstofbesparing en de levensduur vande motor en de overige onderdelengeoptimaliseerd.Gedurende de eerste 800 kilometer:• Niet met volgas rijden;• Hoge motortoerentallen beslistvoorkomen;• Niet gedurende langere tijd met éénbepaald hoog of laag motortoerentalrijden;• Niet agressief wegrijden, stoppen ofaccelereren, behalve innoodgevallen;• Niet met een hogere snelheid rijdendan 3/4 van de topsnelheid.Van 800 tot 1.500 kilometer:• Het motortoerental mag gedurendekorte tijd worden opgevoerd totmaximaal.WaarschuwingNa het opnieuw aanbrengen het zadelstevig beetpakken en omhoog trekken, omte voorkomen dat het niet correct isbevestigd en onder het rijden losschiet.Indien het zadel niet goed is vergrendeld,kan het loskomen van de motorfiets.

41Algemene informatieZowel tijdens als na het inrijden:• Een koude motor nooit met eenhoog toerental laten draaien;• De motor nooit overbelasten. Altijdeen lagere versnelling inschakelenvoordat de motor begint te'protesteren';• Rijd nooit met onnodig hogemotortoerentallen. Het inschakelenvan een hogere versnelling heefteen positieve invloed op hetbrandstofverbruik, vermindert hetlawaai en is beter voor het milieu.Veilig gebruikDagelijkse veiligheidscontroleControleer elke dag voordat u gaat rijden devolgende punten.

De hiervoor benodigde tijdis minimaal, maar de controles leveren weleen bijdrage aan de veiligheid enbetrouwbaarheid van uw motorfiets.Indien u tijdens deze controle eenonregelmatigheid constateert, dient u hethoofdstuk Onderhoud en afstelling teraadplegen of contact op te nemen met eenerkende Triumph-dealer, zodat de vereistewerkzaamheden kunnen worden uitgevoerdom uw motorfiets in veilige staat te brengen.Controleer:-Brandstof: Voldoende voorraad in de tank,geen brandstoflekkage (pagina 33).Motorolie: Controleer en corrigeer hetoliepeil met behulp van de oliepeilstok. Voegindien nodig olie met de juiste specificatietoe. Geen lekkage uit de motor of deoliekoeler (pagina 64).WaarschuwingIndien deze controles niet elke dag voordatu gaat rijden worden uitgevoerd, kanernstige schade aan de motorfiets en eenongeval met persoonlijk letsel of de doodhet gevolg zijn.cbob

44Het berijden van de motorfiets1. Contactschakelaar2. Motorstopschakelaar3. Startknop4. Neutraal-lampDe motor uitschakelenSluit de gasklep volledig.Zet de transmissie in neutraal.Zet het contact uit.Selecteer de eerste versnelling.Zet de motorfiets op een stevige, egaleondergrond op de zijstandaard(ziepagina 51 ).Schakel het stuurslot in (zie pagina 30). De motor startenControleer of de motorstopschakelaar in destand DRAAIEN staat.Controleer of de transmissie in neutraal staat.Zet het contact aan.Opmerking:• Wanneer het contact wordtingeschakeld, gaan dewaarschuwingslampjes op hetinstrumentenpaneel branden envervolgens weer uit (behalve delampjes die blijven branden tot demotor wordt gestart - zie'Waarschuwingslampjes' oppagina 24). cfcvPTRIP530;1234VoorzichtigNormaliter dient de motor te wordenuitgeschakeld door de contactschakelaar inde stand UIT te zetten.

Demotorstopschakelaar is uitsluitend bedoeldvoor gebruik in een noodgeval. Laat hetcontact niet ingeschakeld als de motor isuitgeschakeld. Dit kan beschadiging vanhet elektrische systeem tot gevolg hebben.

45Het berijden van de motorfietsTrek de koppelingshendel helemaal tegen dehandgreep.Laat de gasklep volledig dicht en druk op destartknop tot de motor start.• Deze motorfiets is uitgerust metstartblokkeerschakelaars. Dezeschakelaars voorkomen dat deelektrische starter werkt wanneer detransmissie niet in neutraal staat metde zijstandaard uitgeklapt.• Als de zijstandaard bij draaiendemotor omlaag wordt geklapt terwijlde transmissie niet in neutraal staat,stopt de motor, ongeacht de standvan de koppeling.WegrijdenTrek de koppelingshendel helemaal tegen dehandgreep en schakel de 1e versnelling in.Geef een beetje gas en laat dekoppelingshendel langzaam opkomen. Openwanneer de koppeling begint aan te grijpende gasklep iets verder, zodat het toerentalvan de motor hoog genoeg is om afslaan vande motor te voorkomen.WaarschuwingNooit de motor starten of laten draaien ineen afgesloten ruimte.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Triumph Thunderbird (2015) stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden