Toolson TS5500 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Toolson TS5500 (240 pagina’s), behorend tot de categorie Zaagmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 51 mensen en kreeg gemiddeld 4.4 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Toolson TS5500 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/240
DE
Tischkreissäge
Originalbetriebsanleitung
8
GB
Table Saw
Translation of Original Operating Manual
18
FR
Scie de table
Traduction de la notice originale
27
IT
Sega Cicolare da Banco
Traduzioni del manuale d‘uso originale
36
ES
Sierra De Mesa
Traducción de las instrucciones originales de funcionamiento
45
NL
Tafelcirkelzaag
Vertaling van de originele handleiding
54
FI
Poytasaha
Käännös Original käyttöopas
63
CZ
Stolová kotoučová pila
eklad originálního návodu k obsluze
72
DK
Bord Sav
Oversættelse af original betjeningsvejledning
81
SK
Stolová kotúčová píla
Preklad origilu návodu na obsluhu
90
SE
Bord Såg
Översättning från den ursprungliga bruksanvisningen
99
NO
Bord Sag
Oversettelse fra den originale bruksanvisningen
107
SI
Namizna krožna žaga
Prevod originalnih navodil za uporabo
115
Art.Nr.
3901316958
AusgabeNr.
3901316850
Rev.Nr.
23/03/2016
TS5500
Nachdrucke, auch auszugsweise, bedürfen der Genehmigung. Technische Änderungen vorbehalten. Abbildungen beispielhaft!
EE
Ketassaagpink
Tõlkimine juhiseid
124
LT
Stalo pjūklas
Vertimas originalios operacis vadove
133
LV
Galda Zāģa
Tulkojums sākotnējā ekspluatācijas rokasgrāmatas
142
HR
Tablica pila
Prijevod Original upute za uporabu
151
HU
Fűrészasztal
Az eredeti használati útmutató fordítása
160
IS
Taa sá
Þýðing á Original Notkunarhandbók
169
BIH
Tabela pila
Prevenje Original uputstvo za upotrebu
178
RS
Stona kružna testera
Prevod originalnog uputstva za upotrebu
187
TR
Tablo Testere
Orijinal kullanım kılavuzunun çevirisi
196
PL
Tabela Piła
Tłumaczenie oryginalnej instrukcji obsługi
205
RU
Круглопильный станок с
рабочим столом
Перевод оригинального руководства по эксплуатации
215
BG
Настолен циркуляр
Превод на оригиналното ръководство за експлоатация
226

Beoordeel deze handleiding

4.4/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Toolson
Categorie: Zaagmachine
Model: TS5500

Handleiding Toolson TS5500 – volledige tekst

NLWaarschuwing – Handleiding lezen om het letselrisico te verminderen!NLDraag een veiligheidsbril!NLDraag een gehoorbeschermer!NLDraag een stofmasker!Verklaring van de symbolen op het toestelmWaarschuwing! Mogelijk voor niet-naleving Levensgevaar, risico van letsel of schade aan de machine!NLLet op! Lichamelijk gevaar! Niet in het draaiende zaagblad grijpen!NL54 І 240beschermingsklasse IINL

55 І 2402. Beschrijving van het apparaat (afb. 1-4)1. Zaagtafel2. Tafelinleg3. Zaagblad4. Zaagbladbescherming5. Afzuigslang6. Splijtwig7. Dwarsaanslag8. Tafelverbreding9. Duwhout10. Onderstel11. Aan-, uitschakelaar12. Handwiel13. Houdergreep14. Geleidingsrail15. Parallelaanslag16. Poten16a Rubberen voetjes16Steunchassis17. Middenbalk, lang18. Middenbal, kort19. Zeskantschroef20. Zeskantmoer21. Zaagbladsleutel21a Borgring21b Ring22. Steunschoren3. Leveringsomvang• Open de verpakking en neem het toestel voorzichtig uit de verpakking. • Verwijder het verpakkingsmateriaal alsmede verpak-kings- /transportbeveiligingen (indien aanwezig). • Controleer of de leveringsomvang compleet is. • Controleer het toestel en de accessoires op trans-portschade. • Bewaar de verpakking indien mogelijk tot het verloop van de garantieperiode.

LET OPHet toestel en het verpakkingsmateriaal zijn geen speelgoed voor kinderen. Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine stukken spelen. Er bestaat inslik- en verstikkingsgevaar. 4. Reglementair gebruikDe tafelcirkelzaag dient om alle soorten hout in de leng-te en breedte (enkel met dwarsaanslag) overeenkomstig de grootte van de machine te snijden. Rond hout van welke soort dan ook mag niet worden gesneden. Het toestel mag slechts voor werkzaamheden worden gebruikt waarvoor het bedoeld is. Elk ander verder gaand gebruik is niet reglementair. Voor daaruit voort-vloeiende schade of letsel van welke aard dan ook is de gebruiker/bediener, niet de fabrikant, aansprakelijk. Alleen de voor de machine gepaste zaagbladen (HM of CV zaagbladen) mogen worden gebruikt. Het gebruik van HSS zaagbladen en doorslijpschijven van welke soort dan ook is verboden.

Het naleven van de veiligheidsvoorschriften alsmede van de montage-in-structies en aanwijzingen aangaande de werking ver-meld in deze handleiding maakt eveneens deel uit van het reglementaire gebruik. 1.

InleidingFABRIKANT:scheppach Fabrikation von Holzbearbeitungsmaschinen GmbHGünzburger Straße 69D-89335 IchenhausenGEACHTE KLANT,Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe apparaat. ADVIES:Volgens de van toepassing zijnde wet voor productaan-sprakelijkheid is de producent van dit apparaat niet aan-sprakelijk voor schade die ontstaat door of door middel van dit apparaat in geval van:• Onjuist gebruik,• Niet-naleving van de gebruiksinstructies,• Reparaties door derden, niet-erkende getrainde werk-lui,• Installatie en vervanging van niet-originele reserve-onderdelen,• Ongepast gebruik, • falen van het elektronisch systeem ten gevolge van niet-naleving van de elektrische specicaties en de VDE 0100, DIN 57113 / VDE 0113 voorschriften. Aanbevelingen:Lees de volledige handleiding voor de montage en be-sturing van het apparaat.

Deze handleiding is bedoeld om het gebruik van het apparaat gemakkelijker te ma-ken voor u en om vertrouwd te geraken met het gebruik van het apparaat. De handleiding bevat belangrijke nota’s over hoe veilig, goed en economisch gebruik te maken van uw appa-raat, en over hoe u gevaar kan vermijden, reparatiekos-ten kann besparen, downtime kan verminderen en de betrouwbaarheid en levensduur van uw apparaat kan vergroten. Bovenop de veiligheidsvoorschriften in de-ze handleiding, moet u ook voldoen aan de geldende voorschriften van uw land in verband met het gebruik van het apparaat. Plaats de gebruiksaanwijzing in een doorzichtig plastic map om deze te beschermen tegen vuil en vocht, en bewaar ze in de nabijheid van het apparaat. De instructies moeten gelezen en nauw ge-volgd worden door iedereen vooraleer het apparaat te gebruiken.

Enkel getrainde personen die op de hoogte gebracht zijn van de mogelijkegevaren en risico’s mogen het apparaat gebruiken. De vereiste minimumleeftijd moet worden voldaan.

56 І 2404 Hou kinderen weg. – Laat geen andere personen het gereedschap of de kabel raken, hou ze weg van uw werkgebied. 5 Bewaar uw gereedschappen op een veilige plaats – Niet gebruikte gereedschappen moeten in een droge gesloten ruimte buiten bereik van kinderen worden bewaard. 6 Overbelast uw gereedschap niet – U werkt beter en veiliger in het opgegeven ver-mogensgebied. 7 Gebruik het juiste gereedschap – Gebruik geen te zwakke gereedschappen of voor-zetstukken voor zwaar werk. – Gebruik gereedschappen niet voor doeleinden en werkzaamheden waarvoor ze niet bedoeld zijn; ge-bruik b. v. geen handcirkelzaag om bomen te vellen of takken te kappen. – Gebruik de machine niet om brandhout mee te zagen. 8 Draag de gepaste werkkledij – Draag geen wijde kleding of sieraden. Ze kunnen door bewegende delen worden gegrepen.

– Bij het werken in open lucht draagt u best rubber-handschoenen en slipvast schoeisel. – Draag bij lang haar een haarbescherming. 9 Maak gebruik van de beschermende uitrusting – Draag een veiligheidsbril. – Gebruik een stofmasker bij werkzaamheden waar-bij stof vrijkomt. 10 Sluit de stofafzuiginrichting aan – Indien inrichtingen voor het aansluiten van stofaf-zuiginrichtingen voorhanden zijn overtuig u er zich van dat deze aangesloten zijn en gebruikt worden. – Gebruik in afgesloten ruimtes is alleen toegestaan met een geschikt afzuigsysteem. 11 Beveilig het werkstuk – Gebruik spaninrichtingen of een bankschroef teneinde het werkstuk vast te zetten. Het wordt zodoende veiliger vastgehouden dan met uw hand en maakt het mogelijk de machine met de beide handen te bedienen. – Voor lange werkstukken is extra ondersteuning (tafel, blokken enz. ) vereist om kantelen van de machine te voorkomen.

– Druk het werkstuk stevig op het werkblad en tegen de aanslag, om te voorkomen dat het werkstuk gaat wiebelen of verschuiven. 12 Vermijd een onnatuurlijk lichaamshouding – Zorg er steeds voor dat u stevig en stabiel staat.

– Voorkom dat u uw handen in een onhandige stand houdt waardoor een of beide handen het zaag-blad zouden kunnen raken bij een plotselinge verschuiving. 13 Onderhoud uw gereedschap zorgvuldig – Hou uw gereedschappen scherp en schoon om goed en veilig te werken. – Neem de onderhoudsvoorschriften en de instruc-ties voor het verwisselen van gereedschappen in acht. – Controleer regelmatig de stekker en de kabel en laat deze bij beschadiging door een erkende vak-man vervangen. – Controleer de verlengkabel regelmatig en vervang beschadigde kabels. – Hou handgrepen droog en vrij van olie en vet. 14 Neem de stekker uit het stopcontact – Verwijder nooit losse houtsplinters, houtkrullen of vastzittende houtstukken als het zaagblad draait. – Als u de machine niet gebruikt, voordat u onder-houd uitvoert of gereedschappen wisselt, zoals zaagbladen, boren en frezen.

15 Laat geen gereedschapssleutels steken – Controleer of de sleutels en afstelgereedschappen verwijderd zijn alvorens de zaag aan te zetten. Personen, die de machine bedienen en onderhouden, moeten hiermee vertrouwd en van mogelijke gevaren op de hoogte zijn. Bovendien moeten de geldende voor-schriften ter voorkoming van ongevallen strikt worden opgevolgd. Andere algemene regels op het gebied van de arbeidsgeneeskunde en veiligheid dienen in acht te worden genomen. m Let op. Bij het gebruik van toestellen dienen enkele veilig-heidsmaatregelen te worden nageleefd om lichamelijk gevaar en schade te voorkomen. Lees daarom deze handleiding/veiligheidsinstructies zorgvuldig door. Be-waar deze goed zodat u de informatie op elk moment kunt terugvinden. Mocht u dit gereedschap aan ande-re personen doorgeven, gelieve dan deze handleiding/veiligheidsinstructies mee te geven.

Veranderingen aan de machine sluiten een aanspra-kelijkheid van de fabrikant en daaruit voortvloeiende schade helemaal uit. Ondanks het doelmatig gebruik kunnen bepaalde restrisicofactoren niet volledig uit de weg worden geruimd. Ten gevolge van de constructie en opbouw van de machine kunnen zich de volgende risico’s voordoen:• Raken van het zaagblad in het niet afgedekte zaag-gebied. • Grijpen in het draaiende zaagblad (snijwonden). • Terugstoot van werkstukken en werkstukdelen. • Zaagbladbreuken. • Wegspringen van defecte hardmetalen stukken van het zaagblad. • Gehoorschade bij niet-gebruik van de nodige gehoor-beschermer. • Bij gebruik in gesloten vertrekken komt houtstof vrij dat schadelijk is voor de gezondheid. m Wij wijzen erop dat onze toestellen overeenkomstig hun bestemming niet ontworpen zijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik.

Wij zijn niet aan-sprakelijk indien het apparaat in ambachtelijke of indus-triële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen activiteiten wordt gebruikt. 5. Belangrijke aanwijzingenm Let op. Bij gebruik van elektrische apparaten dient u de volgende fundamentele veiligheidsmaatregelen te nemen ter bescherming tegen elektrische schokken, letsel en brandgevaar. Lees alle voorschriften alvorens deze machine te gebruiken en bewaar de veiligheids-voorschriften. Veilig werken1 Hou u uw werkplaats netjes – Wanorde op uw werkplaats leidt tot gevaar voor ongelukken. 2 Hou rekening met de omgevingsinvloeden – Stel elektrisch materieel niet bloot aan de regen. – Gebruik elektrisch materieel niet in vochtige of natte omgeving. – Zorg voor een goede verlichting. – Gebruik elektrisch materieel niet in de buurt van brandbare vloeistoffen of gassen.

57 І 240 – Bescherming van de ademhalingswegen om het risico op inademing van gevaarlijk stof te verminderen. – Draag handschoenen bij het hanteren van zaagbladen en onbewerkte materialen. Ver-voer zaagbladen, indien mogelijk, in een hou-der. – Draag een veiligheidsbril. Vonken die tijdens het werk ontstaan of vrijkomende houtsplinters, houtkrullen en stof uit het apparaat kunnen lei-den tot verlies van het gezichtsvermogen. – Sluit de machine aan op een stofopvanginrich-ting wanneer u hout zaagt. De hoeveelheid stof die vrijkomt is onder andere afhankelijk van de te bewerken materiaalsoort, het belang van lokale opvang (opname of bron) en de juiste positione-ring van kappen, keerschotten en geleiders. – Gebruik geen zaagbladen van hooggelegeerd sneldraaistaal (HSS-staal). – De schuifstok of de handgreep voor een schuif-stok moet bij niet-gebruik steeds aan de machine worden bewaard.

2 Onderhoud en instandhouding – Haal bij instel- of onderhoudswerkzaamheden altijd de stekker uit het stopcontact. – De geluidsproductie is afhankelijk van verschillen-de factoren, zoals de kwaliteit van het zaagblad en de toestand van het zaagblad en de machine. Gebruik, indien mogelijk, zaagbladen die zijn ont-worpen voor een lagere geluidsproductie, voer regelmatig onderhoud uit aan machine en toebe-horen en verricht zo nodig herstelwerkzaamheden om de geluidsproductie te verminderen. – Meld aangetroffen fouten aan de machine, de veiligheidsvoorzieningen of opzetstukken direct aan de verantwoordelijke veiligheidsfunctionaris. 3 Veilig werken – Schuifstok of de handgreep met schuifhout gebruiken om het werkstuk veilig langs het zaagblad te leiden. – Het spouwmes gebruiken en correct afstellen. – Bovenste zaagbladafdekking gebruiken en correct af-stellen.

– Gebruik alleen zaagbladen waarvan het maximaal toegestane toerental is niet lager is dan het maxima-le spiltoerental van de tafelcirkelzaag en die geschikt zijn voor het te bewerken materiaal.

– Voegen of groeven niet uitvoeren zonder voordien een gepaste beschermende inrichting zoals b. v. tunnelbe-scherminrichting boven de zaagtafel aan te brengen. – Cirkelzagen mogen niet voor het insnijden (in het werkstuk beëindigde groef) worden gebruikt. – Gebruik voor het transport van de machine alleen de transportvoorzieningen. Gebruik nooit de veilig-heidsvoorzieningen om het apparaat te hanteren of te transporteren. – Zorg ervoor dat tijdens het transport het onderste deel van het zaagblad afgeschermd is, bijvoorbeeld door de veiligheidsvoorzieningen. – Let erop dat u alleen afstandsschijven en spilringen gebruikt die geschikt zijn voor het door de fabrikant vermelde doel. – De vloer rondom de machine moet waterpas, schoon en vrij van losse deeltjes, zoals spanen en zaagres-ten, zijn.

– De werkpositie bevindt zich altijd aan de zijkant van het zaagblad – Verwijder geen zaagresten of andere delen van het werkstuk uit de verwerkingszone zolang de machine draait en de zaageenheid zich nog niet in de rustpo-sitie bevindt. 16 Voorkom onbedoelde inschakeling – Controleer of de schakelaar is uitgeschakeld wan-neer u de stekker in het stopcontact steekt. 17 Gebruik een verlengsnoer voor gebruik buitenshuis – Gebruik buitenshuis uitsluitend verlengsnoeren die hiervoor zijn goedgekeurd en die als zodanig zijn gelabeld. – Gebruik de snoeren alleen als de trommel is af-gerold. 18 Blijf steeds alert – Ga voorzichtig te werk. Gebruik uw gezond ver-stand tijdens de werkzaamheden. Gebruik de machine niet wanneer u niet geconcentreerd bent.

Alle onderdelen moeten naar behoren gemonteerd zijn om de vei-ligheid van de machine te verzekeren. – De bewegende beschermkap mag niet in geopen-de stand worden vastgeklemd. – Beschadigde veiligheidsinrichtingen en onderde-len dienen deskundig door een erkende vakwerk-plaats te worden hersteld of vervangen tenzij in de handleidingen anders vermeld. – Beschadigde schakelaars dienen door een klan-tendienst-werkplaats te worden vervangen. – Gebruik geen defecte of beschadigde aansluit-kabels. – Gebruik geen gereedschappen waarvan de scha-kelaar niet kan worden in- of uitgeschakeld. 20 LET OP. – Bij dubbele versteksneden is uiterste voorzich-tigheid geboden. 21 LET OP. – Bij gebruik van andere inzetstukken en andere ac-cessoires bestaat gevaar voor persoonlijk letsel.

22 Laat de machine repareren door een erkend elek-tricien – Dit elektrisch gereedschap beantwoordt aan de desbetreffende veiligheidsbepalingen. Herstellin-gen mogen enkel door een elektrovakman worden verricht, anders kunnen zich ongelukken voor de gebruiker voordoen. 23 Onttrek de kabel niet aan zijn eigenlijke bestemming – Draag het gereedschap niet aan de kabel en ge-bruik de kabel niet om de stekker uit het stopcon-tact te trekken. Bescherm de kabel tegen hitte, olie en scherpe kanten. AANVULLENDE VEILIGHEIDSVOOR-SCHRIFTEN 1 Veiligheidsmaatregelen – m Waarschuwing. Vervormde zaagbladen of zulke met barstjes mogen niet worden gebruikt. – Vervang een tafelinzetstuk als dit versleten is. – Gebruik alleen door de fabrikant aanbevo-len zaagbladen die voldoen aan EN 847-1. m Waarschuwing.

Bij het verwisselen van zaag-blad erop letten dat de breedte van de snede niet kleiner en de dikte van de zaagbladrug niet groter is dan de dikte van het spouwmes. – Let erop dat u een zaagblad kiest dat geschikt is voor het te zagen materiaal. – Draag geschikte persoonlijke beschermingsmid-delen. Hieronder wordt verstaan: – Gehoorbescherming om het risico op gehoor-beschadiging te beperken.

58 І 240• Daarnaast kan er, ondanks alle voorzorgsmaatrege-len, sprake zijn van niet-zichtbare restrisico‘s. • De restrisico‘s kunnen tot een minimum worden be-perkt wanneer aan de „Veiligheidsmaatregelen“ en het „Gebruik volgens bestemming“ wordt voldaan en de gebruiksaanwijzing in zijn geheel wordt opgevolgd. • Voorkom onnodige belasting van de machine: als bij het zagen teveel druk wordt uitgeoefend, zal het zaag-blad snel beschadigen, wat leidt tot geringere pres-taties van de machine bij de verwerking en minder nauwkeurige zaagsnedes. • Gebruik altijd klemmen wanneer u kunststof moet zagen: de te zagen delen moeten altijd met klemmen worden vastgezet. • Voorkom dat u de machine onbedoeld inschakelt: als u de stekker in het stopcontact steekt, mag de start-knop niet worden ingedrukt. • Gebruik gereedschap dat in deze handleiding wordt aanbevolen.

Rond de motor niet-ontvankelijk moet worden verhit de motor 25% van de speeltijd worden bediend met een nominaal vermo-gen en moet dan 75% van de speeltijd blijven draaien zonder belasting. Geluid en vibratieHet geluid van deze zaag is bepaald conform EN 61029.

Geluidsdrukniveau LpA91,0 dB(A)Onzekerheid KpA3 dBGeluidsvermogen LWA104,0 dB(A)Onzekerheid KWA3 dBDraag een gehoorbescherming. Het effect van lawaai kan gehoorverlies zijn. Totale tril-lingswaarden (vectorsom van drie richtingen) bepaald conform EN 61029. – Zorg ervoor dat de machine, indien mogelijk, altijd op een werkbank of tafel bevestigd is. – Lange werkstukken moeten worden ondersteund om te voorkomen dat ze na het zagen van de tafel vallen (bijvoorbeeld met een rolstaander of rolbok). – m Waarschuwing. Verwijder nooit losse splin-ters, zaagsel of vastgeklemde stukken hout terwijl het zaagblad draait. • Schakel de machine uit alvorens storingen te verhelpen of vastgeklemde stukken hout te ver-wijderen. - Netstekker trekken -• Conversies en alle instellingen, meet- en rei-niging moet uitsluitend worden gedaan met de motor uit.

- Netstekker trekken -• Voor het inschakelen, die sleutels en moersleu-tels verwijderd zijn. Waarschuwing. Dit elektrisch apparaat genereert een elektromagnetisch veld als het is ingeschakeld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden interfereren met actieve of passieve medische implantaten. Om het risico op ernstig of dodelijk letsel te beperken, raden we personen met medische implantaten aan om hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadple-gen voordat de machine wordt gebruikt VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR DE BEHANDELING VAN ZAAGBLADEN1 Gebruik alleen gereedschap als u weet hoe u ermee om moet gaan. 2 Houd rekening met het maximale toerental. Het maximale toerental dat op het gereedschap staat vermeld, mag niet worden overschreden. Houd u, indien aangegeven, aan het toerentalbereik. 3 Let op de draairichting van de motor en het zaag-blad.

4 Gebruik geen gereedschap dat barsten vertoont. Gooi het gereedschap weg als het barsten vertoont. Het is niet toegestaan om het te repareren. 5 De klemoppervlakken moeten van vuil, vet, olie en water worden ontdaan.

6 Gebruik geen losse pasringen of -bussen om de boring van cirkelzaagbladen te verkleinen. 7 Zorg ervoor dat de bevestigde pasringen voor de borging van het gereedschap dezelfde diameter hebben en dat ze minimaal 1/3 van de snijdiameter hebben. 8 Controleer of de bevestigde pasringen parallel aan elkaar lopen. 9 Wees voorzichtig bij het gebruik van de inzetstuk-ken. Bewaar ze bij voorkeur in de originele verpak-king en of in speciale houders. Draag beschermende handschoenen om de grip te vergroten en de kans op persoonlijk letsel nog verder terug te dringen. 10 Controleer voordat u de inzetstukken gebruikt of de veiligheidsvoorzieningen correct zijn aangebracht. 11 Controleer vóór gebruik of het toegepaste inzetstuk aan de technische eisen van deze machine voldoet en of het goed bevestigd is.

12 Gebruik het meegeleverde zaagblad alleen voor het zagen van hout en nooit voor het bewerken van metalen. Restrisico‘s De machine is ontwikkeld volgens de huidige stand van de techniek en de erkende veiligheidsvoor-schriften. Toch kan tijdens de werkzaamheden sprake zijn van enkele restrisico‘s. • Gevaar voor de gezondheid, veroorzaakt door elektri-citeit bij gebruik van onjuiste snoeren.

59 І 2404. Bevestig losjes aan de gaten in de achterste poten de steunschoren (16b), elk met 2 zeskantige bouten (19), borgringen (20a), ringen (20b) en zeskantmoe-ren (20). (Fig. 7. 1)Let op. De beide steunchassisdelen dienen aan de ach-terzijde van de machine bevestigd te worden. 5. Schroef aansluitend alle schroeven en moeren van het onderstel vast. 8. 3 Splijtwig instellen / monteren (afb. 8-10) m Let op. Haal de stekker uit de contactdoos. De instelling van de splijtwig (6) moet voorafg-aand aan de ingebruikname worden gecontro-leerd. 1. Het zaagblad (3) op maximale zaagdiepte instellen, in de 0°-stand plaatsen en vastzetten. 2. De schroef (23) van de tafelinleg (22) met een kru-isschroevendraaier losdraaien en de tafelinleg (22) er uitnemen (afb. 8). 3. De afstand tussen het zaagblad (3) en de splijtwig (6) mag max. 5 mm bedragen. (afb. 9)4.

Draai de bevestigingsbouten (24) aan en trek de wig (6) eruit tot dat de juiste afstand ingesteld is (Afb. 10)5. De bevestigingsschroef (24) weer vastdraaien en de tafelinleg (2) monteren. 8. 4 Zaagbladbescherming monteren / demonte-ren (afb. 11-12)1. De zaagbladbescherming (6) samen met schroef (25) van bovenaf op de splijtwig (6) plaatsen, zodat de schroef vast in de ovale opening van de splijtwig (6) is geplaatst. 2. De schroef (25) niet te vast aandraaien; de zaagbladbescherming (6) moet vrij kunnen bewe-gen. 3. De afzuigslang (5) op de afzuigadapter (26) en de afzuigsteunen van de zaagblagbladbescherming (4) steken. Een passende spanenafzuigslang aansluiten op de afzuigadapter (26). 4. De demontage geschiedt in omgekeerde volgorde. Let op. Voorafgaand aan het zagen moet de zaagbladbe-scherming (4) op het te zagen materiaal worden neergelaten. 8. 5 Tafelinleg vervangen (afb. 8)1.

Bij slijtage of beschadiging moet de tafelinleg (2) worden vervangen, omdat anders een vergroot gevaar op letsel bestaat. 2. De schroef (23) met een kruisschroevendraaier verwijderen. 3. De versleten tafelinleg (2) er uitnemen. 4.

De montage van de nieuwe tafelinleg geschiedt in omgekeerde volgorde. 8. 6 Montage/vervanging van het zaagblad (afb. 13)1. Let op. Trek de netstekker uit de contactdoos en draag beschermende handschoenen. 2. De zaagbladbescherming (4) demonteren (zie 8. 4)3. De tafelinleg (2) verwijderen (zie 8. 5)4. De moeren losdraaien , door een zaagbladsleutel (21a) op de moer te plaatsen en met de andere zaagbladsleutel (21b) op de motoras tegenhouden (zie afb. 22). 5. Let op. Draai de moeren in de draairichting van het zaagblad. 6. De buitenste ens er afhalen en het oude zaagblad van de binnenste ens trekken. 7. De zaagbladens vóór de montage van het nieuwe zaagblad zorgvuldig met een staalborstel schoon-maken. 7. Vóór ingebruikneming• De machine moet worden opgesteld zodat ze veilig staat, d. w. z. ze moet op een werkbank.

• VVóór ingebruikneming dienen alle afdekkingen en vei-ligheidsinrichtingen naar behoren te zijn gemonteerd. • Het zaagblad moet vrij kunnen draaien. • Bij reeds bewerkt hout op vreemde voorwerpen letten zoals b. v. nagels of schroeven etc. • Voordat u de AAN-/UIT-schakelaar bedient moet het zaagblad correct gemonteerd zijn. Beweeglijke delen moeten gemakkelijk bewegen. • Vóór het aansluiten controleren of de gegevens ver-meld op het kenplaatje overeenstemmen met de ge-gevens van het stroomnet. • Sluit de machine enkel aan op een naar beho-ren geïnstalleerd veiligheidsstopcontact dat be-veiligd is door een zekering van minstens 16A. 8. MontageLet op. Trek vóór alle onderhouds-, afstelen mon-tagewerkzaamheden telkens de netstekker uit het stopcontact. Plaats alle onderdelen op een vlakke ondergrond gele-verd. Gelieve groep gelijke delen.

Opmerking: Als verbindingen met een schroef (Risso / of zeshoekige), hex moeren en ringen worden onder-steund, de wasmachine moet worden onder de moer geïnstalleerd. Breng de bouten elk van buitenaf een, beveiligde verbin-dingen met noten binnen.

Opmerking: Draai de moeren en bouten bij de monta-ge alleen in de mate dat ze niet naar beneden kunnen vallen. Als u al vóór de denitieve montage op / draai de moeren en bouten, kan de eindmontage niet worden uitgevoerd. 8. 1 Tafelverbreding monteren (afb. 5)1. De zaag omdraaien en met de tafel naar onderen op de vloer plaatsen. 2. De tafelverbreding (8) vlak uitlijnen met de zaagta-fel (1). 3. Bevestig losjes de tafelextensie (8) van de zaagta-fel (1) doormiddel van de zeskantige bouten (19) en borgringen (20a), ringen (20b) en zeskantmoeren (20). Herhaal dit proces aan de andere kant. 4. Schroef de steunschoren (22) met de zeskantige bouten (19), veerring (20a), ringen (20b) aan de tafelextensies (8). 5. Draai aansluitend alle schroeven vast. 8. 2 Montage onderstel (afb. 6-7. 1)1.

60 І 240 - De parallelaanslag (15) dient op de rechter zijde van het zaagblad (13) te worden gemonteerd. - Plaats de parallelaanslag (15) van boven op de gelei-dingsrail voor de parallelaanslag (14). - Op de geleidingsrail voor parallelaanslag (14) zijn twee schaalverdelingen aangebracht, die de afstand tussen de parallelaanslag (15) en het zaagblad (3) aangeven. - Kies afhankelijk hiervan, of de aanslagrail (27) voor de bewerking van dik of dun materiaal is gedraaid, de passende schaalverdeling; hoge aanslagrail (dik materiaal): hoge aanslagrail (dik materiaal): - Parallelaanslag (15) op de gewenste maat op het kijkglas instellen en met de klemhendel voor parallela-anslag (30) vastzetten. 9. 5 Dwarsaanslag (afb. 18) - De dwarsaanslag (13) in een groef (31) van de zaag-tafel schuiven. - De klemschroef (32) losser draaien.

- De dwarsaanslag (7) draaien, tot de gewenste hoek-graad is ingesteld. De pijl op de dwarsaanslag geeft de ingestelde hoek aan. - Draai kartelschroef (32) weer vast. - De aanslagrail (34) kan op de dwarsaanslag (13) wor-den verschoven. Draai hiervoor de moeren (33) losser en schuif de aanslagrail (34) in de gewenste positie. Draai de moeren (34) weer aan. Let op. - Schuif de aanslagrail (34) niet te veer in de richting van het zaagblad. - De afstand tussen de aanslagrail (34) en het zaagblad (3) dient ca. 2 cm te bedragen. 10. BedrijfWerkinstructiesNa elke nieuwe afstelling is het aan te raden een proefsnede uit te voeren om de afgestelde afmetingen te controleren. Na het aanzetten van de zaag wachten tot het zaagblad zijn maximumtoerental heeft bereikt voordat u de snede uitvoert. Lange werkstukken aan het einde van het snijden bevei-ligen tegen neerkantelen. (b. v. afrolstandaard etc.

Geschiktheid van de zaagbladen:- 24 tanden: zachte materialen, hoge spaanafname, grofsnijbeeld- 48 tanden: harde materialen, geringere spaanafname,jner snijbeeld10. 1 Uitvoeren van langssneden (Bild 19)Hierbij wordt een werkstuk in lengterichting doorsneden. Eén kant van het werkstuk wordt tegen de parallelaan-slag (15) geduwd terwijl de vlakke zijde op de zaagta-fel (1) ligt. De zaagbladafdekking (4) moet altijd op het werkstuk worden neergelaten. De werkstand tijdens het zagen in lengterichting mag nooit in één lijn met het ver-loop van de snede zijn. - Parallelaanslag (15) afstellen naargelang van de hoogte van het werkstuk en de gewenste breedte (zie 9. 4). - Zaag aanzetten. - Handen met gesloten vingers plat op het werkstuk leg-gen en het werkstuk langs de parallelaanslag (15) het zaagblad (3) in schuiven. 8. Het nieuwe zaagblad in omgekeerde volgorde weer plaatsen en vastdraaien.

Let op. Let op de looprichting, de schuine sneden van de tanden moet in de looprichting, oftewel naar voren zijn gericht. 9. De tafelinleg (2) evenals de zaagbladbescherming (4) opnieuw monteren en instellen (zie 8. 4 en 8. 5)10. Voordat u weer met de zaag gaat werken, moet de werking van de veiligheidsvoorzieningen worden gecontroleerd. 9. Bediening9. 1 AAN/UIT-schakelaar (Fig. 14) - De zaag kan worden aangezet door de groene toets “I“ (11) in te drukken. Wacht met het zagen tot het zaagblad zijn maximumtoerental heeft bereikt. - De zaag wordt terug afgezet door de rode toets “0” (11) in te drukken. 9. 2 Snijdiepte (Fig. 14) Het zaagblad (3) kan op de gewenste snijdiepte worden afgesteld door het handwiel (12) te draaien. - Tegen de wijzers van de klok in: kleine zaagdiepte - Met de wijzers van de klok mee; grotere zaagdiepteControleer de instelling op basis van een steekproef cut. 9.

m Controleer voor elk gesneden dat er tussen de stop-rail, transversale gauge (13) en het zaagblad (5) geen botsing is mogelijk. - Vastzetgreep (13) losdraaien - Door indrukken en draaien van het handwiel (12) de gewenste hoekgraad van de schaalverdeling instellen. - Vastzetgreep (13) in de gewenste hoekpositie arrête-ren. 9. 4 Werken met de parallelaanslag9. 4. 1 Instellen van de aanslaghoogte (afb. 15-16) - De aanslagrail (27) van de parallelaanslag (15) heeft twee in hoogte verschillende geleidingsvlakken. - Afhankelijk van de dikte van de te zagen materialen moet de aanslagrail (27) volgens afb. 16 voor dik materiaal (met een dikte van meer dan 25 mm van het werkstuk) en volgens afb. 15 voor dunner materi-aal (met een dikte van minder dan 25 mm van het werkstuk) worden gebruikt. 9. 4. 2 Aanslagrail draaien (afb.

15-16) - Draai de vleugelmoeren (28) eerst iets losser om de aanslagrail (27) te kunnen draaien. - Nu kan de aanslagrail (27) van de geleidingsrail (27) worden getrokken en met de betreffende geleiding weer hier overheen worden geschoven. - Draai de vleugelmoeren (28) weer aan. - De aanslagrail (27) kan naar wens links of rechts van de geleidingsrail (29) worden aangebracht. Monteer hiervoor alleen de schroeven van de andere kant van de geleidingsrail (29)9. 4. 3 Instellen van de zaagbreedte (afb. 17) - Bij de in de lengte zagen van houten delen moet de parallelaanslag (15) worden gebruikt.

61 І 2404. Zorg ervoor dat het toestel niet kan verschuiven, sjor het toestel goed vast. 5. Gebruik bescherminrichtingen nooit voor de hante-ring of het transport. 12. Onderhoudm Onderhoud. Telkens voor het instellen, het uitvoeren van onderhoud of reparaties de stekker uit het stopcon-tact trekken. 12. 1 Algemene onderhoudswerkzaamheden• Hou de veiligheidsinrichtingen, de ventilatiespleten en het motorhuis zo veel mogelijk vrij van stof en vuil. Wrijf het toestel met een schone doek af of blaas het met per-slucht bij lage druk schoon. • Het is aan te bevelen het toestel onmiddellijk na elk ge-bruik schoon te maken. • Maak het toestel regelmatig met een vochtige doek en wat zachte zeep schoon. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen; die zouden de kunststofdelen van het toestel kunnen aantasten. Zorg ervoor dat geen water binnen in het toestel terecht kan komen.

• Olie om de levensduur van het apparaat te verlengen eenmaal per maand de draaiende delen. De motor niet oliën. 12. 2 Koolborstels - Bij bovenmatige vonkvorming laat u de koolborstels door een erkende elektricien nazien. Let op. De kool-borstels mogen enkel door een erkende elektricien worden vervangen. 13. OpbergenBewaar het toestel en de accessoires op een donkere, droge en vorstvrije plaats die voor kinderen ontoegan-kelijk is. De optimale opbergtemperatuur ligt tussen 5° C en 30° C. Bewaar het elektrische materieel in de originele ver-pakking. Dek het elektrisch apparaat af om het tegen stof of vocht te beschermen. Zaagbladen en sleutels die niet in gebruik zijn, kunnen worden opgeborgen zoals in afb. 23. Bewaar de gebruikshandleiding bij het elektrische ap-paraat. 14. Elektrische aansluitingDe geïnstalleerde elektromotor is bedrijfsklaar aan-gesloten.

• Het product voldoet aan de eisen van EN 61000-3-11 en valt onder speciale aansluitingsvoorwaarden. Dat betekent, dat gebruik op een willekeurig vrij te kiezen aansluitpunt niet toegestaan is. • Het apparaat kan bij ongunstige elektriciteitsnet-om-standigheden tijdelijke spanningsschommelingen op-leveren. • Het product is uitsluitend bestemd voor gebruik op de aansluitpunten die een belastbaarheid voor on-afgebroken stroom van het net van minstens 100 A per fase hebben en worden geleverd door een distri-butiesysteem met een nominale spanning van 230V. - Met de linker of rechter hand (naargelang de positie van de parallelaanslag) zijdelings geleiden, maar en-kel tot de voorkant van de zaagbladafdekking (2). - Werkstuk steeds tot het einde van het spouwmes (6) doorschuiven. - De snijafval blijft op de zaagtafel (1) liggen tot het zaagblad (3) opnieuw tot stilstand is gekomen.

- Lange werkstukken aan het einde van het snijden be-veiligen tegen neerkantelen. (b. v. afrolstandaard etc. )10. 1. 1 Snijden van smallere werkstukken (Fig. 20)Langssneden van werkstukken met een breedte van minder dan 120 mm moeten zeker met gebruikmaking van een schuifstok (9) worden uitgevoerd. Schuifstok is niet bij de levering begrepen. Versleten of beschadigde schuifstok onmiddellijk vervangen. • Stel de trekgeleider overeenkomstig de beoogde werkstuk breedte. (zie 9. 4)• Gebruik het werkstuk met beide handen verschuiven, in het gebied van het zaagblad se een duwstok (9) en stuwkracht hulp. • Werkstuk altijd door te stoten tot het einde van het spouwmes. m Let op. Kortom werkstukken duwen stick is om ge-bruikt te worden, zelfs aan het begin van een hoofdstuk. 10. 1. 2 Uitvoeren van schuine sneden (Fig.

- Snede conform de werkstukbreedte uitvoeren (zie 10. 1)10. 2 Uitvoeren van dwarssneden (Fig. 22) - Dwarsaanslag (7) in één van de beide groeven (31a/b) van de zaagtafel schuiven en op de gewenste hoek-maat afstellen (zie 9. 6). Indien het zaagblad (3) boven-dien schuin wordt gesteld, moet die groef (31a) worden gebruikt die voorkomt dat uw hand en de dwarsaan-slag met de zaagbladafdekking in contact komen. - Indien aanslagrail gebruiken. - Werkstuk hard tegen de dwarsaanslag (7) drukken. - Zaag aanzetten. - Dwarsaanslag (7) en werkstuk naar het zaagblad toe schuiven teneinde de snede uit te voeren. Let op. Hou altijd het geleide werkstuk vast, nooit het vrije werkstuk dat afgesneden wordt. - Dwarsaanslag (7) altijd blijven vooruitschuiven tot het werkstuk helemaal is doorgesneden. - Zaag weer uitzetten. Zaagafval pas verwijderen als het zaagblad stilstaat. 10.

3 Snijden van spaanderplatenOm het uitbreken van de snijkanten bij het snijden van spaanderplaten te voorkomen moet het zaagblad (3) niet hoger dan 5 mm boven werkstukdikte worden afgesteld (zie ook punt 9. 2). 11. Transport1. Schakel het elektrische gereedschap voordat alle vervoersdiensten en de stekker uit het stopcontact. 2. Breng de machine ten minste twee mensen, niet de tafel extensies niet aan. 3. Bescherm de machine tegen schokken, stoten en sterke trillingen, bv tijdens het transport in voertuigen.

62 І 240• Je moet ervoor zorgen dat als een gebruiker, indien nodig met uw energiebedrijf dat de continue huidige draagkracht van het systeem op het aansluitpunt is voldoende, in overleg met het openbare netwerk om het product aan te sluiten.Belangrijke aanwijzingenBij overbelasting van de motor schakelt deze vanzelfuit. Na een afkoeltijd (deze tijd is verschillend) kan de motor weer worden ingeschakeld.Defecte elektrische aansluitkabelBij elektrische aansluitkabels treedt vaak schade aan de isolatie opMogelijke oorzaken zijn:• Versleten plekken, als aansluitkabels door venster- of deuropeningen worden geleid.• Knikken door een onvakkundige bevestiging of gelei-ding van de aansluitkabel.• Snijplekken omdat over de aansluitkabel is gereden.• Beschadigde isolatie omdat de stekker uit het stop-contact is getrokken.• Scheuren door veroudering van de isolatie.15.

Trouble ShootingWanorde Mogelijke oorzaak Verhelpen1. Zaagblad lost na het stoppen van de motorAangetrokken moer om gemakkelijk Draai de bevestigingsmoer rechtse schroefdraad2. Motor start niet a) Mislukking zekering a) Controleer zekeringb) Verlengkabel defect b) Vervang de verlengkabelc) Leidingen naar de motor of schakelaar in de juiste volgordec) Gecontroleerd door de elektriciend) Motor of schakelaar defect d) Gecontroleerd door de elektricien3. Motor linksdraaien a) condensator defect a) Gecontroleerd door de elektricienb) verkeerde aansluiting b) Hebben vervangen door een gekwaliceerde elektricien polariteit van het stopcontact4. Motor niet uit te voeren, de zekering reageerta) Dwarsdoorsnede van de verlengkabel is niet voldoendea) zie Elektrische aansluitingb) Overbelasting veroorzaakt door botte mesb) switch blade5.

Bij een juiste behandeling van onze machines en gedurende de wettelijke garantietermijn vanaf de aevering bieden wij garantie door elk machineonderdeel, dat tijdens deze periode door materiaal- of productiefouten onbruikbaar zou worden, gratis te vervangen. Voor onderdelen die wij niet zelf produceren, bieden wij enkel garantie in de mate die de toeleveranciers ons bieden. De kosten voor de plaatsing van de nieuwe onderdelen draagt de koper. Aanspraken voor wijzigingen, waardevermindering en overige schadeloosstelling zijn uitgesloten.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Toolson TS5500 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden