Tesy AquaThermica Eco 260 S Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Tesy AquaThermica Eco 260 S (77 pagina’s), behorend tot de categorie Ketel & boiler. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 54 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Tesy AquaThermica Eco 260 S of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Tesy |
| Categorie: | Ketel & boiler |
| Model: | AquaThermica Eco 260 S |
Handleiding Tesy AquaThermica Eco 260 S – volledige tekst
41WARMTEPOMP VOOR SANITAIR WARM WATERInstallatie- enonderhoudshandleidingNLDeze installatie- en onderhoudshandleiding moet beschouwd worden als een integraal deel van de TESY-warmtepomp (hierna ook toestel genoemd)De handleiding moet worden bewaard om later te kunnen raadplegen voor toekomstig gebruik tot de warmtepomp zelf is gedemon-teerd. Deze handleiding is bedoeld voor zowel de gespecialiseerde installateurs en onderhoudstechnici als voor de eindgebruiker. Deze handleiding beschrijft de installatiemethoden die moeten worden gevolgd om een goede en veilige werking van het toestel te garanderen, evenals de aanwijzingen voor gebruik en onderhoud. Bij verkoop van het toestel of verandering van de eigenaar moet de handleiding samen met het toestel worden overhandigd aan de nieuwe eigenaar.
Lees deze handleiding zorgvuldig en vooral hoofdstuk 4 over de veiligheid voordat u het toestel installeert en/of gebruikt. De handleiding moet bij het toestel worden bewaard en altijd beschikbaar zijn voor het gekwaliceerde personeel dat verantwoor-delijk is voor de installatie en het onderhoud. De volgende symbolen worden in de handleiding gebruikt om snel de belangrijkste informatie te kunnen vinden. VeiligheidsinformatieTevolgen regels Informatie / AanbevelingenBeste klant, Bedankt voor het aanschaen van dit product. Het TESY-team heeft altijd veel aandacht besteed aan het milieu.
Ons bedrijf maakt gebruik van technologieën en materialen met een lage milieu-impact om onze producten te TESYen in overeenstemming met de communautaire richtlijnen inzake de beperking van bepaalde gevaarlijke stoen in elektrische en elektronische apparatuur, en inzake het afval WEEE – RоHS (2011/65/ЕU en 2012/19/EU). De overeenstemming van de inhoud van deze gebruikershandleiding met de hardware en software is grondig gecontroleerd. Het is echter nog steeds mogelijk dat afwijkingen voorkomen. Wij aanvaarden daarom geen aansprakelijkheid voor onvolledige overeen-stemming.
In het belang van de verwezenlijking van de technische uitmuntendheid behouden wij ons het recht voor om te allen tijde wijzigin-gen aan te brengen in het ontwerp van het toestel of de specicaties ervan. Wij aanvaarden dan ook geen aansprakelijkheid voor schade ontstaan door onjuiste instructies, guren, tekeningen of beschrijvingen in deze handleiding, zonder afbreuk te doen aan fouten van welke aard dan ook. TESY kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die toe te schrijven is aan verkeerd gebruik, oneigenlijk gebruik of als gevolg van ongeautoriseerde reparaties of aanpassingen. WARNING.
Alle rechten zijn voorbehouden, inclusief die welke voortvloeien uit het afgeven van octrooien of de registratie van gebruiksmodellen. Het toestel kan vooral door middel van de warmtepomptechnologie warm water voor huishoudelijk gebruik TESYen. De warmte-pomp is in staat om de thermische energie over te brengen van een bron met lage temperatuur naar een andere met een hogere temperatuur en omgekeerd.
Het toestel maakt gebruik van een kringloop bestaande uit een compressor, verdamper, condensor, expansieventiel en koelmiddel dat in de kringloop circuleert (zie paragraaf 4. 6). De compressor creëert een drukverschil binnen het circuit dat het mogelijk maakt de thermodynamische cyclus als volgt te bereik-en: Bij het passeren door de verdamper verdampt het koelmiddel in de vloeibare fase bij constante lage druk met warmteabsorptie uit de externe omgeving. Daarna worden de dampen opgezogen door de compressor en hun druk en temperatuur verhogen. Het gecondenseerde “hete gas” bereikt de condensor, waar het condensatieproces bij constante hoge druk en temperatuur plaatsvin-1. INLEIDING1. 1. TESY-producten1. 2. Vrijtekening van aansprakelijkheid1. 3. Auteursrecht1. 4. Werkingsprincipe.
421 Condensor III Heet gas2 Compressor IV Warm vloeistof3 V Utlaat luchtExpansieventiel4 Verdamper VI Inlaat buitenluchtI Koude vloeistof Utlaat warm waterHWII Warm gas CW Inlaat koud waterVersie Beschrijving van de conguratieHPWH 3. 1 200/260 U02 Warmtepomp met luchtbron voor sanitair warm waterHPWH 3. 1 200/260 U02 S Warmtepomp met luchtbron voor sanitair warm water, geschikt voor gebruik met een zonne-energiesysteem of een andere verwarmingsbrondt. II-De warmte die bij het verdampen opgenomen is, wordt overgebracht naar de watertank, waardoor de watertemperatuur erin stijgt. Na de condensor passeert het koelmiddel weer in vloeibare toestand het expansieventiel waar de druk en de temperatuur sterk dalen. Vervolgens stroomt het weer in de verdamper in gemengde toestand, zowel vloeibaar als ook gas en de cyclus begint opnieuw. De werking van het toestel is als volgt (afb.
1): I-II: Bij het passeren door de verdamper verdampt het koelmiddel in de vloeibare fase bij constante lage druk en temperatuur met warmteabsorptie uit de externe omgeving. Tegelijkertijd wordt de buitenlucht door een ventilator aangezogen die door een ribben-verdamper gaat en zorgt voor de verbetering van de warmteoverdracht. II-III: De compressor zuigt de damp aan en verhoogt de druk en temperatuur totdat een “oververhitte damp” ontstaat. III-IV: In de condensor geeft het koelmiddel zijn warmte af aan het water in de watertank en het koelmiddel verandert zijn toestand van oververhitte damp in vloeistof onder constante druk en temperatuur. IV-I: Het koelmiddel stroomt door het expansieventiel, ondergaat een sterke daling van temperatuur en druk, en verdampt gedeeltelijk, waardoor de druk en de temperatuur weer in de oorspronkelijke staat worden gebracht.
Elke versie kan op zijn beurt in verschillende conguraties zijn, afhankelijk van de mogelijke combinatie met andere verwarmingsbronnen (bijv. thermische zonne-energie, biomassa-energie, enz. ). Niet toegestaan. (Afb. 1a) Toegestaan. (Afb. 1b)Pak de warmtepomp niet vast aan het decoratieve paneel tijdens de manipulaties. Er bestaat gevaar voor de beschadiging ervan. De warmtepomp wordt op een individueel transportpallet geleverd. Gebruik een vorkheftruck of palletwagen om de warmtepomp uit te laden. Deze zou een laadvermogen van ten minste 250 kg moeten hebben. De losverrichtingen moeten zorgvuldig worden uitgevoerd om de warmtepomp-behuizing niet te beschadigen. Bij transport over korte afstanden (mits dat uiterst voorzichtig geschied) is een kantelhoek van 30° toegestaan.
Het wordt niet aangeraden om de maximale kantelhoek van 45° te overschrijden/Indien het transport in een kantelpositie niet kan worden vermeden, moet het toestel ten vroegste één uur na de installatie in rech-topstaande positie in gebruik worden genomen. Volg de hier beschreven stappen bij montage van de drie steunpoten (afb. 2a):- Zet het toestel in liggende positie, zoals aangegeven in afb. 2a;- Draai de drie schroeven los waarmee de warmtepomp op de pallet is bevestigd, zie afb. 2b;- Monteer de verstelbare steunpoten op het toestel*, zie afb. 2c- Zet de warmtepomp in verticale positie en stel het waterpas in door de hoogte van de steunpoten te verstellen. *In gevallen waarin de verstelbare steunpoten geïntegreerd zijn, kunt u ze monteren zoals beschreven (afb.
2d): - Bevestig deel 1 aan bout 2 die van de pallet is verwijderd;- Plaats sluitring 3 die van de pallet is verwijderd;- Draai de meegeleverde moeren 4 vast. De boiler moet (in overeenstemming met artikel 20 van norm EN 60335-1) worden bevestigd aan degrond met behulp van de hiervoor voorziene bevestigingsbeugel volgens afb. 2e. Controleer na het verwijderen van de verpakking het toestel op beschadigingen en of het intact is.
Bij twijfel, gebruik het toestel niet en schakel de hulp van geautoriseerd technisch personeel in. Zorg er in overeenstemming met de milieuvoorschriften voor dat alle meegeleverde accessoires uit de verpakking worden verwij-derd voordat u de verpakking weggooit1. 5. Beschikbareversiesenconguraties2. VERVOER EN MANIPULATIE.
) mogen niet binnen het bereik van kinderen achtergelaten worden omdat ze gevaarlijk voor hun kunnen zijn. (*) Opmerking: Naar eigen goeddunken kan de fabrikant het type verpakking veranderen. Gedurende de gehele periode waarin het toestel niet in gebruik is, is het raadzaam om het te beschermen tegen de weersomstan-digheden. Toegestane posities tijdens vervoer en manipulatie:Allowed. (Fig. 2f)WAARSCHUWING: Tijdens de installatie en de manipulatie van het product is het verboden om het deco-ratieve paneel onder enige druk te zetten, aangezien het geen dragende constructie is. Posities die niet toegestaan zijn tijdens vervoer en manipulatie. (Afb. 2g)Pak het toestel niet vast aan het decoratieve bovenpaneel tijdens de manipulaties. Er bestaat gevaar voor de beschadiging ervan. Afb. 3a3. ALGEMENE BESCHRIJVING VAN HET TOESTEL.
De HPWH-warmtepomp is toestel bedoeld voor huishoudelijk gebruik en heeft overeenstemming met de volgende Europese richtli-jnen:• Richtlijn 2012/19/EU betreende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (WEEE, ook AEEA in het Neder-lands);• Richtlijn 2011/65/EU betreende beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoen in elektrische en elek-tronische apparatuur (RoHS);• Richtlijn 2014/30/EU betreende elektromagnetische compatibiliteit (EMC);• Richtlijn 2014/35/EU Richtlijn 2014/35 / EU betreende elektrisch materiaal bestemd voor gebruik binnen bepaalde span-ningsgrenzen (LVD);• Richtlijn 2009/125/EG betreende de eisen inzake ecologisch ontwerp voor energiegerelateerde producten. De beschermingsgraad van het toestel voldoetaan IPX4. 4. BELANGRIJKE INFORMATIE4. 1. Conformiteit met de Europeserichtlijnen4. 2. Beschermingsgraad door de behuizing.
46X1 X2 X3 Y1650 mm 650 mm 200 mm 300 mmWAARSCHUWING: Dit toestel is niet ontworpen, noch bedoeld voor gebruik in een gevaarlijke omgeving:- met potentieel explosieve atmosfeer - volgens de ATEX-normen- als een IP-niveau gevraagd wordt dat hoger is dan dat van het toestel- In toepassingen die (fouttolerante, foutvrije) veiligheidsvoorzieningen vereisen zoals die in stroo-monderbrekersystemen en/of -technologieën, of in elke ander verband waarin het slecht functioneren van een toestel kan leiden tot de dood of verwonding van mensen of dieren of tot ernstige schade aan objecten of het milieu. OPMERKING: De beschadiging van het product of elke storing kan leiden tot schade (aan personen, die-ren en objecten). Het is noodzakelijk om een afzonderlijk functioneel monitoringsysteem met alarmfunc-ties te voorzien om dergelijke schaden te voorkomen.
In geval van schade dient er aanvullend onderhoud worden verricht. Het bovengenoemde toestel is uitsluitend bedoeld voor de verwarming van sanitair warm water binnen de voorziene gebruiksre-gels. Het toestel mag alleen worden geïnstalleerd en in bedrijf worden gesteld voor het beoogde gebruik in gesloten verwarmingssyste-men in overeenstemming met EN 12828:2012. Opmerking: De fabrikant kan in geen enkel geval aansprakelijk worden gesteld wanneer het toestel wordt gebruikt voor andere doeleinden dan waarvoor deze is ontworpen of wanneer sprake is van installat-iefouten of verkeerd gebruik van het toestel. WAARSCHUWING: Het is verboden om het toestel voor andere doeleinden te gebruiken dan het beoogde gebruik. Elk ander gebruik moet als oneigenlijk worden beschouwd en is daarom niet toegestaan.
• The device must be used by adults; • Het wordt aanbevolen dat het toestel door volwassenen wordt gebruikt;• Open of demonteer het toestel niet wanneer dit op de netspanning is aangesloten;• Raak het toestel niet aan met natte of vochtige lichaamsdelen;• Spuit of besproei het toestel niet met water;• Ga niet op het toestel zitten en/of bedek het niet. Dit toestel bevat geuoreerd broeikasgas dat is opgenomen in het Kyoto-protocol. Laat dergelijke gassen niet in het milieu weg-stromen. Koelmiddel: HFO-R513a. WAARSCHUWING: Installatie, inbedrijfstelling en onderhoud moeten worden uitgevoerd door gekwali-ceerde en geautoriseerde personen. Probeer het toestel niet zelf te installeren. Het toestel moet op een geschikte plek worden geïnstalleerd die normaal gebruik, afstelling, profylactisch en noodonderhoud van het toestel mogelijk maakt.
Het is daarom belangrijk om de vereiste werkruimte te voorzien volgens de afmetingen zoals aange-geven in afb. 4a. Het toestel wordt horizontaal of met een kleine helling gemonteerd: 1-3° volgens afb. 4b, om de condensaatafvoer die tijdens de normale werking van de warmtepomp wordt gevormd, te bevorderen. Eisen voor de installatieruimte van het toestel: • Beschikken over een adequate water- en stroomvoorziening;• Toegankelijk zijn en klaar zijn voor aansluiting op de condensafvoerleiding;• Een sifon voor de afvoer hebben in geval van ernstige waterlekkage;• Zorgen voor voldoende verlichting (indien nodig);• Het mag niet kleiner zijn dan 20 m3; • De ruimte moet vorstvrij zijn en moet droog zijn. • De vloer moet een minimale belastbaarheid hebben van 350 kg/m2 - see Fig 4bWAARSCHUWING: Om de verspreiding van mechanische trillingen te voorkomen, mag u het toestel niet op houten balken (bijv.
WAARSCHUWING: Om een “KORTE” luchtcirculatie tussen de inlaat en de uitlaat te vermijden bij gebruik van een installatie zonder ventilatiekanalen, moet u altijd twee ellebogen gebruiken die in tegenovergestelde richting zijn gemonteerd. Afb. 4а4. 3. Gebruiksbeperkingen4. 4. Gebruiksvoorschriften4. 5. Belangrijke veiligheidsregels4. 6. Informatie over het gebruikte koelmiddel5. INSTALLATIE EN AANSLUITING5. 1. Voorbereiding van de montageruimte.
47Het toestel kan op drie manieren worden geïnstalleerd vanuit het oogpunt van toevoer- en afvoer van de lucht die nodig is voor de normale werking van de warmtepomp:- Luchtcirculatie volledig in de ruimte (afb. 4a). Hierdoor kan de lucht in de ruimte afkoelen en drogen. Als de ruimte niet wordt geventileerd, neemt de eciëntie van het toestel af. De ruimte moet ten minste 20 m3 zijn. - Lucht in de kamer toevoeren en koude lucht buiten de kamer afvoeren (afb. 5a). - Kanalen voor de luchttoevoer naar de kamer zijn nodig. De ruimte moet ten minste 20 m3 zijn. - Inlaat- en uitlaatlucht buiten de ruimte (afb. 5b). Bij aansluiting volgens schema (afb.
5a en 5b) is het noodzakelijk een luchtkanaalsysteem te bouwen dat aan de volgende eisen voldoet:• Het gewicht van het kanaal mag geen nadelige invloed hebben op het toestel zelf;• Onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd kunnen worden; • Het voldoende afgeschermd is om te voorkomen dat per ongeluk vreemde voorwerpen binnen dringen in het toestel;• Het maximaal toelaatbare totale drukverlies voor alle componenten mag niet meer dan 88 Pa bedragen. Alle technische parameters in de bovenstaande tabel zijn gegarandeerd bij een luchtdebiet van 315 m3/h bij een druk van 98Pa. Volg hiervoor deze regels: 1. Gebruik pijpen voor het kanaalsysteem Ø160mm in diameter2. De maximale lengte van de in- en uitlaatpijpen mag in totaal niet meer dan 12 m bedragen. 3. Elke elleboog 90o, komt overeen met een rechte pijp van 2 m. 4. Een elleboog 45o, komt overeen met een rechte pijp van 1. 5 m.
Voorbeelden: Vierellebogen 90o + 4m rechtepijpen, of twee ellebogen 90o + 8m rechtepijpen, of vierellebogen 45o + 6m rechtepijpen. Tijdens bedrijf zal de warmtepomp de temperatuur in de opstellingsruimte verlagen als het luchtkanaal voor afvoer naar buiten niet wordt aangesloten.
Er moet een geschikt beschermrooster worden geïnstalleerd in de pijp die luchtnaar binnen transporteert om te voorkomen dat vreemde voorwerpen het toestel kunnen binnendringen. Om een maximale prestatie van het product te garanderen, moet het gekozen netwerk een laag drukver-lies garanderen. Om condensatie te voorkomen: Isoleer de luchtkanalen en luchtkanaalbekledingen met een stoomdichte thermische isolatie met geschikte dikte. Als u het nodig acht om het geluid van de stroming te voorkomen, kunnen geluiddempers worden geïn-stalleerd. Installeer de pijpen die door de muur lopen en sluit de warmtepomp aan op het antivibratiesysteem - pads. WAARSCHUWING: De gelijktijdige werking van een verbrandingskamer in de open lucht (zoals een schoorsteen met rookafvoer) en de warmtepomp veroorzaakt een gevaarlijke daling van de omgevings-druk.
Dit kan leiden tot een terugstroom van uitlaatgassen naar de kamer. Gebruik de warmtepomp niet tegelijkertijd met een verbrandingskamer met een open rookkanaal. Gebruik alleen goed afgesloten verbrandingskamers (goedgekeurd) met een apart kanaal. Houd de deuren naar de stookruimte gesloten en hermetisch afgesloten als ze geen gemeenschappelijke verbrandingsluchttoevoer naar de verblijfsruimten hebben. WAARSCHUWING: Om de verspreiding van mechanische trillingen te voorkomen, mag u het toestel niet op houten balken (bijv. op zolders) installeren. WAARSCHUWING: Om een “KORTE” luchtcirculatie tussen de inlaat en de uitlaat te vermijden bij gebruik van een installatie zonder ventilatiekanalen, moet u altijd twee ellebogen gebruiken die in tegenovergestelde richting zijn gemonteerd. Afb. 4а5. 2. Aansluiting van de ventilatiekanalen op het toestel.
48Dimensions [±5mm] 260 200h [mm] 2010 1720a [mm] 1285 994b [mm] 834 724d [mm] 1285 995f [mm] 1064 803i [mm] 781* 681*k [mm] 60 60n [mm] 766* 681*u [mm] 1440 1153w [mm] 58 58R [mm] 2055 1785ØD [mm] 630 630ØDF [mm] 160 160M [mm] 260 260CW– koudwaterinlaat- G1” HW – warmwaterinlaat - G1" IS – ingang van de zonnewarmtewisselaar - G1" OS – uitgang van de zonnewarmtewisselaar - G1" TS - thermische sensor - G 1/2" R - recirculatie - G 3/4" EE – gat voor elektrische verwarming - G 11/2 MA - Mg anode- G11/4CD – condensafvoer – G3/4Een van de kenmerken van een verwarmingssysteem met warmtepomp is het feit dat deze apparaten een aanzienlijke daling van de afvoerluchttemperatuur veroorzaken. De afvoerlucht is niet alleen kouder, maar ook volledig ontvochtigd, waardoor het mogelijk is om de lucht terug te voeren naar de woning om het gebouw in de zomer te koelen.
De installatie bestaat dan uit het splitsen van de uitlaatpijp. Er worden twee kleppen aangebracht om de luchtstroom naar buiten of naar binnen te leiden, afhankelijk van het seizoen (afb. 6a, 6b). The device must be installed on a stable, at oor surface that is not subject to vibration. * - alleen voor modellen met warmtewisselaar. Sluit de koudwater inlaat en uitlaatleidingen aan op de juiste aansluitpunten. De volgende afbeelding (afb. 8) toont een voorbeeld van de aansluiting op het waterleidingnet. 1. Inlaatwaterpijp2. Afsluiter3. Drukregelaarvoor het inlaatwater4. Terugslagklep5. Veiligheidsklep - 8 bar6. Riolering7. Aftapkraan8. Expansievat9. Veiligheidsklepvoor het Vereisteinstallatie-elementen:OPMERKING: Wanneer de waterhardheid bijzonder hoog is (hoger dan 25 °f), wordt aanbevolen om een waterontharder te gebruiken die op de juiste manier gekalibreerd en gecontroleerd is.
In dit geval mag de resterende hardheid van het water niet onder 15 °f vallen. • Bij gebruik van het toestel bij temperaturen en drukken boven de voorgeschreven limieten vervalt de garantie.
• De extra warmtewisselaar is ontworpen om het drinkwater te verwarmen door middel van circuler-ende vloeistof in de vloeistoase. Bij gebruik van een werkvloeistof in de warmtewisselaar in de gasfase vervalt de garantie. • De warmtewisselaar is ontworpen om in een gesloten circuit met werkvloeistof water of water + pro-pyleenglycol + anti-corrosie additieven te werken. De niet-naleving van deze vereiste doet afbreuk aan de garantievoorwaarden. zonnesysteem - 6 bar10. Expansievatvoor het zonnesysteem15. Recirculatiepomp; I max = 5A 16. Thermostatischmengventiel 17. Debietschakelaar18. Externethermische sensorE. Regeling van de warmtepomp5. 3. Specieke installatievoorwaarden5. 4. Montageafmetingen5. 5. Aansluiting op het waterleidingnet enexterne warmtebronnen.
49• De verbinding tussen verschillende metalen in de circulatiesystemen leidt tot contactcorrosie. Geb-ruik daarom diëlektrische verbindingen bij het aansluiten van buizen van koper, aluminium of andere mate-rialen dan staal op het toestel. • De kunststof buizen (bijv. PP) zijn zuurstofdoorlatend. De aanwezigheid van zuurstof in het water leidt tot verhoogde corrosie van de warmtewisselaars in de binnenzijde. Het aansluiten van de warmtewisselaar van het toestel op kunststof buizen of op open circulatiesystemen is niet toegestaan. • De installateur van het systeem moet een 8-bar veiligheidsklep op de koudwaterinlaatpijp installeren (afb. 8). • Tussen de ontlastklep en het toestel mag geen afsluiter zitten. OPMERKING: De veiligheidsklep moet regelmatig handmatig worden geopend om kalkaanslag en/of verstopping te voorkomen (afb. 8). OPMERKING: De afvoerleiding 6 (afb.
8) op de veiligheidsklep moet worden geïnstalleerd met een door-lopende neerwaartse helling en op een plaats waar deze tegen vorst is beschermd. Het gebruik van een speciale sifon (afb. 8a) is verplicht. De installatie van expansievat №10 en drukregelaar №3 wordt aanbevolen om te voorkomen dat er water uit de veiligheidsklep druppelt. De berekening ervan wordt uitgevoerd door gekwaliceerd personeel. WAARSCHUWING: De warmtepomp voor huishoudelijk warm water kan het water tot meer dan 60 ° C verwarmen. Voor de bescherming tegen verbranding wordt aanbevolen om een automatische thermo-statische mengkraan 16 (afb. 8) aan de warmwateruitlaat te installeren. Condensaat dat zich vormt tijdens de werking van de warmtepomp stroomt door een afvoerbuis (G 3/4”) die aan de zijkant van het toestel naar buiten komt.
Deze afvoerbuis moet op een afvoer kanaal door via een sifon worden aangesloten, zodat het condensaat vrij weg kan stromen en niet kan bevriezen, waardoor verstopping kan worden veroorzaakt (afb. 9). De plastic tepel No68 (afb.
9) moet voorzichtig met de hand worden gemanipuleerd om schade te voor-komen. Het toestel wordt bekabeld geleverd en is klaar voor aansluiting op het elektriciteitsnet. Het wordt gevoed door een exibele kabel met een stekker (afb. 10a en afb. 10b). Voor de aansluiting op het elektriciteitsnet is een geaard Schuko-contactdoos nodig met een aparte beveiliging. WAARSCHUWING: De netvoeding waarop het toestel wordt aangesloten, moet worden beveiligd met een geschikte zekering met de volgende kenmerken: 16A/240VDe IEC 60364-4-41 - norm moet in acht worden genomen bij het aansluiten op het elektriciteitsnet. WAARSCHUWING: Controleer of het toestel is aangesloten op de aardkabel. WAARSCHUWING: Controleer of de netspanning overeenkomt met de waarde op het typeplaatje van het toestel. WAARSCHUWING: Controleer of u de maximaal toegestanedruk - 8 bar niet overschrijdt.
WAARSCHUWING: Controleer of de veiligheidsklep van het watercircuit werkt. De inbedrijfstelling moet tijdens de volgende procedures worden uitgevoerd: Vul de watertank door de inlaatkraan 2 (afb. 8) en de warmwaterkraan in uw badkamer te openen. De watertank is vol als er alleen water zonder lucht door de warmwaterkraan stroomt. Controleer de afdichtingen en aansluitingen op lekkages. Draai de bouten of aansluitingen indien nodig vast. 5. 6. Condensafvoeraansluiting5. 7. Aansluitingop hetelektriciteitsnet6. INBEDRIJFSTELLING6. 1. Vullen van de watertank met water.
50T1 Omgevingsluchttemperatuursensor 1 Capillair T2 Temperatuursensor onderste tank 2 KoelmiddellterT3 Temperatuursensor bovenste tank 3 VerdamperT4 Verdamper (spoel) temperatuursensor 4 Condensor UITT5 Retourgastemperatuursensor 5 Condensor INP1 Lage druksensor 6 CompressorP2 Hogedruksensor 7 4-weg ontdooiklepEXV Elektronisch expansieventiel 8 Serviceventiel (naaldventiel)Parameter-nummerToegang:U = gebruikerI = instalateurBeschrijving Omvang Stan-daardwaardeOpmerkingParameterinstelling:0 I/U Ingestelde temperatuur van het water TS1 10 ~ 65°C Adjust Verstelbaar1 I Temperatuurverschil voor het starten van de compressorTS6 2 ~ 15°C 5°C Verstelbaar2 I Temperatuur van het water bij het bereiken waarvan de elektrische verwarmer wordt uitgeschakeldTS2 10 ~ 90°C 65°C Verstelbaar3 I Vertraagde start van de elektrische verwarmert1 0 ~ 90min 6 t * 5 min4 I Desinfectietemperatuur TS3 50 ~ 70°C 70°C Verstelbaar5 I Desinfectietijd t2 0 ~ 90 min 30 min Verstelbaar13 I Tijd voor de start van de desinfectie 0 ~ 23 23:00 hVerstelbaar (uur)14 I Type externe circulatiepomp 00: zonder water0/1/2 0 -pomp1: (circulatiepomp)2: (zonnewaterpo-mp)15 I Temperatuur van het water in het toestel waarbij de externe circulatie-pomp zal starten15~50°C 35°C Verstelbaar16 I Temperatuurverschil voor het starten van de externe circulatiepomp1-15°C 2°C Verstelbaar17 I Temperatuurverschil voor het starten van de zonnecirculatiepomp5-20°C 5°C Verstelbaar18 I Temperatuurverschil voor het uitschakelen van de zonnecirculatie-pomp1-4°C 2°C Verstelbaar19 I Activering van de elektrische ver-warmer bij lage buitentemperatuur "Anti-vorst"-modus0/1 1 Verstelbaar0 = uit, 1 = aan20 I Activering van de elektrische ver-warmer tijdens het ontdooien0/1 1 Verstelbaar0 = uit, 1 = aan21 I Ontsmettingsperiode 1~30 days 7 days Verstelbaar35 I Bedrijfsmodus van contactterminal AAN/UIT0-1 0 0: (Signaal op afstandvoor in/uitschakelen)1: (Fotovoltaïsche-functie)Parametercontrole:Afb.
11; Afb12Parametercontrole: Druk, terwijl het toestel is ingeschakeld, op de knop en houd deze 5 seconden ingedrukt om de interface voor de systeemparametercontrole te openen. Parameterinstelling: Druk, terwijl het toestel in stand-by modus is, op de knoppen + tegelijkertijd gedurende 5 seconden om de interface voor het instellen van de systeemparameters te openen. Er moet een wachtwoord worden ingevoerd om toegang te krijgen tot de instellingen. 7. BEDIENINGSINSTELLINGEN. PARAMETERS7. 1. Schakelschema7. 2. Tabel met de parameters.
51Controleer de werkelijke temperatuur en workow van het expansieventiel. Druk op om de interface te openen om de werkelijke temperatuur en workow van het expansieventiel te controleren. A U Temperatuur van het water op de bodem van de watertankT2 -9 ~ 99°C Werkelijke waarde in geval van storing: op het display wordt fout P1 weergegeven b U Temperatuur van het water op de bovendeel van de watertank.
T3 -9 ~ 99°C Werkelijke waarde in geval van storing: op het display wordt fout P2 weergegevenC U Temperatuur van de verdamper T4 -9 ~ 99°C Werkelijke waarde in geval van storing: op het display wordt fout P3 weergegevend U Inlaatgascompressor T5 -9 ~ 99°C Werkelijke waarde in geval van storing: op het display wordt fout P4 weergegevenE U Buitentemperatuur T1 -9 ~ 99°C Werkelijke waarde in geval van storing: op het display wordt fout P5 weergegevenF U Temperatuur van de thermische zonnecollector~0 ~ 140°C Gemeten waarde in geval van storing: op het display wordt fout P6 weergegevenG 10 ~ 47 stappen N*10 stapElectronic expansion valve stepUH U Tank water setting temp “T calc”.
(real value)TS1Code Beschrijving Omvang Standaard-waardeOpmerking14 I Type waterpomp 0/1/2 0 0: zonder waterpomp1: (circulatiepomp)2: (zonnepomp)17 I Temperatuurverschil voor het starten van de zonnepomp5-20°C 5°C Verstelbaar18 I Temperatuurverschil voor het uitschakelen van de zonnepomp1-4°C 2°C InstelbaarOp afb. 8 staat een voorbeeld van een schema voor het integreren van een zonnesysteem. Alle hydraulische elementen die in afb. 8 worden weergegeven, moeten worden geïnstalleerd. De aansluiting en afstelling van het zonnesysteem moet als volgt worden uitgevoerd: Parameternummer 14 moet door de instal-lateur worden gecongureerd (2 = zonnecirculatiepomp). De externe circulatiepomp 15, afb. 8 (I max = 5A) moet worden aang-esloten evenals de zonnesensor 18 en de debietschakelaar 17 (optioneel). Als de debietschakelaar niet beschikbaar is, moet de verbinding FS 17 (g.
13) worden aangesloten. De logica achter de functie voor de thermische zonne-energie is als volgt:• De pomp begint te werken wanneer aan een van de volgende voorwaarden is voldaan: o Het toestel is ingeschakeld;o T6 (temperatuur van de zonnecollector – thermische sensor 18 – afb. 8) ≥ T2 (temperatuur in de bodemdeel van de water-tank) + parameter 17;o T2 (temperatuur in de bodemdeel van de watertank) ≤78°C• De pomp stopt te werken wanneer aan een van de volgende voorwaarden is voldaan:o Het toestel is uitgeschakeld;o T6 (temperatuur van de zonnecollector – thermische sensor 18 – afb.
8) ≥ T2 (temperatuur in de bodemdeel van de water-tank) + parameter 18o T2 (temperatuur in de bodemdeel van de watertank)≥ 83°CTerwijl de functie voor thermische zonne-energie actief is, werkt de warmtepompcompressor ookParameters van de functievoorthermischezonne-energie15 Recirculatiepomp; I max = 5A (voorzonne-energie of voorre-circulatie)17 DebietschakelaarAfb. 13 Bekabeling van externeapparaten18 Externe thermische sensor 19 Schakelaar van het fotovoltaïsche systeemDe zonnewarmtewisselaar van de warmtepomp is bedoeld voor gebruik met zuiver water of propyleeng-lycol in vloeibare vorm. De aanwezigheid van een corrosiewerend additief is absoluut noodzakelijk. Bij gebruik van verschillende vloeistoen in verschillende toestanden vervalt de garantie. 8. EXTERNE AANSLUITING. 8. 1. Zonnecollector (thermischeenergie) - integratie.
52Parameter No Beschrijving Omvang Standaardwaarde Opmerking35 aan/uit 0: (signaal op afstandaan/ uit)1: (Fotovoltaïschefunctie)00 Ingestelde temperatuur van het water in de watertank TS110~65°C 50°C Verstelbaar1 Temperatuurverschil voor het starten van de 2~15°C 5°C VerstelbaarCode Beschrijving Omvang Standaard-waardeOpmerking14 Type waterpomp 0/1/2 0 0: zonderwaterpomp1: (recirculatiepomp)2: (zonnepomp)15 Temperatuur van het water in het toestelwaarbij de exter-necirculatiepompzalstarten15~50°C 35°C Verstelbaar16 Temperatuurverschil voor het starten van de circulatiewa-terpomp1-15°C 2°C VerstelbaarParameters van de fotovoltaïsche functie:Parameters voor de functie van de recirculatiepomp:Alleen gekwaliceerde personen mogen het zonnesysteem en de elementen ervan ontwerpen en install-eren - afb.
8: Debietschakelaar: Stroomschakelaar: Nadat de warmtepomp 30 seconden heeft gewerkt, stopt de zon-nepomp als het signaal van de waterdebietschakelaar gedurende 5 seconden wordt onderbroken. De zonnepomp start na 3 minuten weer op. Als deze storing 3 keer in 30 minuten optreedt, kan de zon-nepomp niet worden ingeschakeld totdat deze wordt uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact wordt losgekoppeld. De bijbehorende foutcode wordt op het display van de regelaar weergegeven. Alleen de zonnepomp wordt uitgeschakeld, maar niet het hele toestel. Wanneer de regelaar van de warmtepomp detecteert dat de spanning van de fotovoltaïsche cel genoeg hoog is om het werkproces van het toestel te ondersteunen, wordt de compressor of elektrische verwarmer van stroom voorzien.
Het toestel zal zijn bedrijfs-modi zo instellen dat het water wordt verwarmd tot de maximaal toegestane temperatuur, ongeacht hoe deze is ingesteld met de knoppen op het bedieningspaneel. De terminal nr. 19 (afb. 13) moet worden aangesloten op een laagspanningssignaal van de fotovoltaïsche installatie.
De logica van de fotovoltaïsche functie is als volgt:• Indien u de parameter 35 = 1 instelt, is de fotovoltaïsche functie beschikbaar:o Als de fotovoltaïsche terminal nr. 19 gesloten is en de TS1 (handmatig aangepast via de displayknop) TS1 calc is, schakelt de regeling automatisch over naar de drempel voor waterverwarming TS1 calc. die de elektrische verwarmer activeert. o Als terminal nr. 19 open is (geen zonne-energie genoeg), zal het toestel in de normale “verwarmingsmodus” werken, zoals uitgelegd in 7. 3. 1. Alleen gekwaliceerde personen mogen fotovoltaïsche systemen ontwerpen en installeren. Installatie van een externe recirculatiepomp en debietschakelaar In geval van behoefte aan warmwaterrecirculatie moeten de externe pomp en de debietschakelaar hydraulisch en elektronisch worden aangesloten en geïnstalleerd volgens afb. 8.
Als de debietschakelaar niet beschikbaar is, moet de verbinding FS 17 (g. 8) worden aangesloten. De maximaal beschikbare stroom voor de pomp is 5A weerstandsbelasting. De thermische sensor 18 moet ook worden aangesloten op de besturing en op de juiste wijze op de hydraulische module worden gepositioneerd (zie afb. 8). Parameternummer 14 moet door de installateur worden gecongureerd (1 = zonnecirculatiepomp). De circulatie van warmwater helpt om te voorkomen dat het water in de leiding van het toestel naar de mengbatterij afkoelt als deze lange tijd niet wordt gebruikt. Op deze manier is het warmwater altijd klaar om de mengkraanbatterij te gebruiken.
De logica van de recirculatiepomp is als volgt:• De pomp wordt gestart als aan de volgende voorwaarden tegelijkertijd wordt voldaan: o Het toestel is ingeschakeld;o T3 (temperatuur in de bovendeel van de watertank) ≥ parameter15 + parameter16;o T6 (temperatuur in de toevoerleiding - thermische sensor 18 – afb.
8) ≤ parameter 15-5°C;• De pomp wordt uitgeschakeld als aan de volgende voorwaarden tegelijkertijd wordt voldaan: o Het toestel is ingeschakeld;o T3 (temperatuur in de bovendeel van de watertank) ≤ parameter 15-2°C;o T6 (temperatuur in de toevoerleiding - thermische sensor 18 – afb. 8)≥ parameter 15;8. 2. Integratie van fotovoltaïsche cel8. 3. Installatie van een externe recirculatiepomp en debietschakelaar.
53Parameter 35 moet op “0” worden gezet. Wanneer de contact terminal AAN/UIT is gesloten en het toestel is ingeschakeld, werkt het toestel in de bedrijfsmodus die door de bedieningsinstellingen is bepaald. Wanneer de contact terminal AAN/UIT open is, werkt het toestel niet. Alleen gekwaliceerde personen mogen het systeem voor in-/uitschakelen ontwerpen en installeren. Als het toestel is ingeschakeld en de elektrische verwarmer niet handmatig via het bedieningspaneel wordt bediend:1) Werkt: Als de temperatuur op de bodemdeel van de watertank T2 gelijk is aan “TS1 calc”, schakelt de compressor uit en als “TS1 calc” 44°C; Werkt niet: Bij buitentemperatuur ≥ -8°C of< 42°C.
3) Werkt: Als de hogedruk- of lagedrukkoelmiddelbeveiliging 3 keer in 30 minuten wordt ingeschakeld; Werkt niet: Als de hogedrukbeveiliging drie keer wordt ingeschakeld, wordt het foutnummer weergegeven en kan de beveiliging niet worden hersteld, tenzij de warmtepomp wordt uitgeschakeld van de netvoeding. In dit geval blijft de elektrische verwarmer werken tot de ingestelde temperatuur wordt bereikt en schakelt de elektrische verwarmer dan uit. 4) Werkt: bij activering van de ontdooifunctie (alleen als parameter 20 is ingesteld op 1 = aan) of desinfectie;Werkt niet: bij het verlaten van de ontdooifunctie of de desinfectiefunctie.
Als het toestel is ingeschakeld en de elektrische verwarmer via het bedieningspaneel wordt ingeschakeld:1)Werkt: De bedrijfstijd van de compressor overschrijdt de vertraagde starttijd van de elektrische verwarmer (parameter 3) ende temperatuur van de bovendeel van de watertank T3 ≤ TS1 manual- 3°C;Werkt niet: De temperatuur van de bovendeel van de watertank T3 ≥ TS1 manual+ 1°C.
1) Werkt:Als de elektrische verwarmer handmatig via het bedieningspaneel wordt ingeschakeld wanneer het toestel in de stand-by modus staat, zal de elektrische verwarmer werken totdat de temperatuur in de watertank T3 de ingestelde temperatuur TS1 manual bereikt;Werkt niet: De elektrische verwarmer wordt handmatig via het bedieningspaneel uitgeschakeld en de watertanktemperatuur bereikt de ingestelde temperatuur TS1 manual. 2) Werkt: De temperatuur van de bodemdeel van de watertank T2 ≤ 5°C (vorstbescherming van de watertank);Werkt niet: De temperatuur van de bodemdeel van de watertank T2≥ 10°C of het toestel is ingeschakeld;WAARSCHUWING: Eventuele reparaties aan het toestel moeten door gekwaliceerd personeel worden uitgevoerd. Onjuiste reparaties kunnen de gebruiker in ernstig gevaar brengen. Als uw toestel moet worden gerepareerd, neem dan contact op met de technische dienst.
WAARSCHUWING: Controleer voordat u onderhoudswerkzaamheden uitvoert of het toestel niet per ongeluk op de electriciteitsnet kan worden aangesloten. Trek daarom de stekker uit het stopcontact voordat u onderhouds- of reinigingswerkzaamheden begint te uitvoeren. 27 (afb. 14)Het toestel is uitgerust met een niet-zelfherstellende veiligheidsthermostaat. Het toestel schakelt uit in geval van oververhitting. Om de beveiliging te herstellen, moet u pal opnieuw indrukken:• Koppel het toestel los van het elektriciteitsnet;• Verwijder het decoratieve bovenpaneel door de daarvoor bestemde bevestigingsschroeven los te draaien (afb. 14);• Druk handmatig op de veiligheidsthermostaatknop totdat u een geluid hoort (afb. 14). • Monteer het eerder verwijderde bovenpaneel opnieuw.
WAARSCHUWING: Het activeren van de veiligheidsthermostaat kan worden veroorzaakt door een storing in het bedieningspaneel of het gebrek aan water in de watertank. WAARSCHUWING: Het uitvoeren van reparatiewerkzaamheden aan onderdelen die beschermende func-ties hebben, brengt de veilige werking van het toestel in gevaar.
54Probleem MogelijkeoorzakenDe warmtepomp werktniet. Geenstroom;De stekker zit niet (goed) in het stopcontactDe compressor of de ventilator werktniet. De inschakelveiligheidstijd is nognietverstreken;De ingesteldetemperatuur is al bereikt. Beveiliging/StoringFoutnum-merLED-indicator op de printplaatMogelijke oorzaken Corrigerende maatregelenStand-by mo-dusUitgeschakeldNormale werk-ingAan (rood verlicht)Opmerking: De activering van de thermostaat sluit de bediening van de elektrische verwarmer uit, maar niet het warmtepompsysteem binnen de toegestane bedrijfslimieten. Thermische beveiligingEerste stap: Als het water in de watertank 80°C bereikt, stopt het toestel met werken en wordt er een foutcode op het display van het bedieningspaneel weergegeven. Dit is een automatische herstartbeveil-iging. Als de watertemperatuur onder 80°C daalt, begint het toestel weer te werken.
In feite is magnesium een metaal met een lager elektrochemisch potentieel dan het materiaal waarmee de binnenkant van de watertank is bedekt. Daarom trekt hij de negatieve ladingen aan die zich vormen wanneer het water wordt verhit en die corrosie veroorzaken.
De anode “oert” zichzelf op door te corroderen in plaats van dat de tankwand corrodeert. De integriteit van de mag-nesiumanoden moet minstens om de twee jaar worden gecontroleerd (het is aan te raden om dit elk jaar te doen). De verrichting moet worden uitgevoerd door gekwaliceerd personeel. Voordat u de controle uitvoert, moet u het volgende doen:• Leeg het water uit de watertank (zie p. 10. 5); • Schroef de anode los en controleer de toestand ervan op corrosie. Indien meer dan 30% van het oppervlak van de anode is gecorrodeerd, moet deze worden vervangen;De anoden hebben een goede afdichting om waterlekken te voorkomen en het wordt aanbevolen om een anaërobe schroef-draadafdichting te gebruiken die geschikt is voor gebruik in sanitaire en verwarmingssystemen. De afdichtingen moeten worden vervangen door nieuwe in het geval van inspectie en in het geval van vervanging van de anode.
De kwaliteit van de magnesiumanoden moet minstens om de twee jaar worden gecontroleerd (het is aan te raden om dit elk jaar te doen). De fabrikant is niet aansprakelijk voor de gevolgen van het niet opvol-gen van de gegeven instructies. • Het is raadzaam om het water in de watertank af te tappen als het toestel een tijd lang niet gebruikt wordt, vooral bij lage temperaturen. • Open kraan 2 (afb. 8). Open vervolgens de warmwaterkraan die zich dichter bij het toestel bevindt - die in de badkamer of de keuken. De volgende stap is het openen van de aftapkraan (afb. 8). Opmerking: Het is belangrijk om de tank leeg te laten lopen bij lage temperaturen om vorst schade te voorkomen. Als het toestel in stand-by modus staat, wordt het beschermd door de antivorstfunctie, maar als de stekker uit het stopcontact wordt getrokken, is de functie niet meer actief.
In geval van een probleem met de werking van het toestel zonder de in de relevante punten beschreven alarmen en fouten, is het raadzaam om te controleren of het probleem gemakkelijk kan worden opgelost door de mogelijke oplossingen te controleren die in de onderstaande tabel staan vermeld, voordat u technische hulp inroept. Als er een fout optreedt of als de beveiligingsmodus automatisch wordt ingeschakeld, wordt het foutnummer op het display van het bedieningspaneel weergegeven en knippert er een diode op de controllerkaart. 9. 2. Kwartaalinspecties9. 3. Jaarlijkseinspecties9. 4. Magnesiumanoden9. 5. Leegmaken van de tank10. FOUTEN OPLOSSEN. 10. 1. Storingen in het toestel en foutmeldingen.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Tesy AquaThermica Eco 260 S stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Ketel & boiler Tesy
Handleiding Ketel & boiler
Nieuwste handleidingen voor Ketel & boiler