Tesy AquaThermica 260 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Tesy AquaThermica 260 (125 pagina’s), behorend tot de categorie Ketel & boiler. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 45 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Tesy AquaThermica 260 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Tesy |
| Categorie: | Ketel & boiler |
| Model: | AquaThermica 260 |
Handleiding Tesy AquaThermica 260 – volledige tekst
62 1. INLEIDING Dezeinstallatie- enonderhoudshandleidingmoetbeschouwdwordenalseenintegraaldeel van de PRODUCER-warmtepomp (hiernaooktoestelgenoemd) De handleidingmoetwordenbewaard om later tekunnenraadplegenvoortoekomstiggebruik tot de warmtepompzelf is gedemonteerd. Dezehandleiding is bedoeldvoorzowel de gespecialiseerdeinstallateursenonderhoudstechnicialsvoor de eindgebruiker. Dezehandleidingbeschrijft de installatiemethoden die moetenwordengevolgd om eengoedeenveiligewerking van het toesteltegaranderen, evenals de aanwijzingenvoorgebruikenonderhoud. Bijverkoop van het toestel of verandering van de eigenaarmoet de handleidingsamen met het toestelwordenoverhandigdaan de nieuweeigenaar. Lees dezehandleidingzorgvuldigenvooralhoofdstuk 4 over de veiligheidvoordat u het toestelinstalleerten/of gebruikt.
De handleidingmoetbij het toestelwordenbewaardenaltijdbeschikbaarzijnvoor het gekwalificeerdepersoneeldatverantwoordelijk is voor de installatieen het onderhoud. De volgendesymbolenworden in de handleidinggebruikt om snel de belangrijksteinformatietekunnenvinden. Veiligheidsinformatie Tevolgen regels Informatie / Aanbevelingen 1. 1. PRODUCER-producten Besteklant, Bedanktvoor het aanschaffen van dit product. Het PRODUCER-team heeftaltijdveelaandachtbesteedaan het milieu. Onsbedrijfmaaktgebruik van technologieënenmaterialen met eenlage milieu-impact om onzeproductenteproduceren in overeenstemming met de communautairerichtlijneninzake de beperking van bepaaldegevaarlijkestoffen in elektrischeenelektronischeapparatuur, eninzake het afval WEEE – RоHS (2011/65/ЕU en 2012/19/EU). 1. 2.
In het belang van de verwezenlijking van de technischeuitmuntendheidbehoudenwijons het rechtvoor om teallentijdewijzigingenaantebrengen in het ontwerp van het toestel of de specificatieservan. Wijaanvaarden dan ookgeenaansprakelijkheidvoorschadeontstaan door onjuisteinstructies, figuren, tekeningen of beschrijvingen in dezehandleiding, zonderafbreuktedoenaanfouten van welkeaard dan ook. PRODUCER kannietaansprakelijkwordengesteldvoorschade die toe teschrijven is aanverkeerd gebruik, oneigenlijkgebruik of alsgevolg van ongeautoriseerdereparaties of aanpassingen.
WAARSCHUWING: Dittoestel mag door kinderen van 8 jaarenouderen door personen met beperktefysieke, zintuiglijke of geestelijkevermogens of gebrekaanervaring met enkennis van het toestelgebruiktworden op voorwaardedatzijondertoezichtstaan of duidelijkeinstructieshebbenontvangenvoor het veiligegebruik van het toesteleneenuitleghebbengekregen o ver de potentiëlegevaren. Kinderenmogenniet met het toestelspelen. Reinigingenonderhoud die door de gebruikermoetenwordenuitgevoerd, mogenniet door kinderenwordenuitgevoerd. 1. 3. Auteursrecht Dezegebruikershandleidingbevatinformatiewaaropauteursrecht rust. Het is verbodendezehandleidingtekopiëren, teverveelvoudigen, tevertalen of op teslaan, geheel of gedeeltelijk, zondervoorafgaandetoestemming van PRODUCER. Alleinbreukenzijnonderworpenaaneenvergoedingvooralleveroorzaakteschaden.
63 1. 4. Werkingsprincipe Het toestelkanvooral door middel van de warmtepomptechnologie warm water voorhuishoudelijkgebruikproduceren. De warmtepomp is in staat om de thermischeenergie over tebrengen van eenbron met lagetemperatuurnaareenandere met eenhogeretemperatuurenomgekeerd. Het toestelmaaktgebruik van eenkringloopbestaandeuiteen compressor, verdamper, condensor, expansieventielenkoelmiddeldat in de kringloopcirculeert (zieparagraaf 4. 6). De compressor creëerteendrukverschilbinnen het circuit dat het mogelijkmaakt de thermodynamischecyclusalsvolgttebereiken: Bij het passeren door de verdamperverdampt het koelmiddel in de vloeibarefasebijconstantelagedruk met warmteabsorptieuit de externeomgeving. Daarnaworden de dampen opgezogen door de compressor enhundrukentemperatuurverhogen.
Het gecondenseerde “hete gas” bereikt de condensor, waar het condensatieprocesbijconstantehogedrukentemperatuurplaatsvindt. De warmte die bij het verdampenopgenomen is, wordtovergebrachtnaar de watertank, waardoor de watertemperatuurerinstijgt. Na de condensorpasseert het koelmiddelweer in vloeibaretoestand het expansieventielwaar de druken de temperatuursterkdalen. Vervolgensstroomt het weer in de verdamper in gemengdetoestand, zowelvloeibaaralsook gas en de cyclusbegintopnieuw. Afb. 1 – Werkingsprincipe ► De werking van het toestel is alsvolgt (afb. 1): I-II: Bij het passeren door de verdamperverdampt het koelmiddel in de vloeibarefasebijconstantelagedrukentemperatuur met warmteabsorptieuit de externeomgeving. Tegelijkertijdwordt de buitenlucht door een ventilator aangezogen die door eenribbenverdampergaatenzorgtvoor de verbetering van de warmteoverdracht.
II-III: De compressor zuigt de damp aanenverhoogt de drukentemperatuurtotdateen "oververhitte damp” ontstaat. III-IV: In de condensorgeeft het koelmiddelzijnwarmteafaan het water in de watertanken het koelmiddelverandertzijntoestand van oververhitte damp in vloeistofonderconstantedrukentemperatuur.
IV-I: Het koelmiddelstroomt door het expansieventiel, ondergaateensterkedaling van temperatuurendruk, enverdamptgedeeltelijk, waardoor de druken de temperatuurweer in de oorspronkelijkestaatwordengebracht. Daarnabegint de thermodynamischecyclusweervanaf het begin. 1. 5. Beschikbareversiesenconfiguraties De warmtepomp is verkrijgbaar in twee verschillendeversies, met of zonder extra warmtewisselaar. Elke versiekan op zijnbeurt in verschillendeconfiguratieszijn, afhankelijk van de mogelijkecombinatie met andereverwarmingsbronnen (bijv. thermischezonne-energie, biomassa-energie, enz. ). Versie Beschrijving van de configuratie HPWH 2. 1 200/260 U02 Warmtepomp met luchtbronvoorsanitair warm water HPWH 2. 1 200/260 U02 S Warmtepomp met luchtbronvoorsanitair warm water, geschiktvoorgebruik met eenzonne-energiesysteem of eenandereverwarmingsbron. 2. VERVOER EN MANIPULATIE.
64 Pak de warmtepompniet vast aan het decoratievepaneeltijdens de manipulaties. Erbestaatgevaarvoor de beschadigingervan. De warmtepompwordt op eenindividueeltransportpalletgeleverd. Gebruikeenvorkheftruck of palletwagen om de warmtepompuitte laden. Dezezoueenlaadvermogen van ten minste 250 kg moetenhebben. De losverrichtingenmoetenzorgvuldigwordenuitgevoerd om de warmtepomp-behuizingniettebeschadigen. Bij transport over korteafstanden (mitsdatuiterstvoorzichtiggeschied) is eenkantelhoek van 30° toegestaan. Het wordtnietaangeraden om de maximalekantelhoek van 45° teoverschrijden/ Indien het transport in eenkantelpositienietkanwordenvermeden, moet het toestel ten vroegsteéénuurna de installatie in rechtopstaandepositie in gebruikwordengenomen. Volg de hierbeschrevenstappenbij montage van de driesteunpoten (afb. 2a): - Zet het toestel in liggendepositie, zoalsaangegeven in afb.
2a; - Draai de drieschroeven los waarmee de warmtepomp op de pallet is bevestigd, zieafb. 2b; - Monteer de verstelbaresteunpoten op het toestel*, zieafb. 2c - Zet de warmtepomp in verticalepositieenstel het waterpas in door de hoogte van de steunpotenteverstellen. *In gevallenwaarin de verstelbaresteunpotengeïntegreerdzijn, kunt u ze monterenzoalsbeschreven (afb. 2d): - Bevestigdeel 1 aan bout 2 die van de pallet is verwijderd; - Plaatssluitring 3 die van de pallet is verwijderd; - Draai de meegeleverdemoeren 4 vast. Afb. 2a; Afb. 2b; Afb. 2c; Afb. 2d;
65 Afb. ;2e De boiler moet (in overeenstemming met artikel 20 van norm EN 60335-1) wordenbevestigdaan de grond met behulp van de hiervoorvoorzienebevestigingsbeugelvolgensafb. 2e. Controleerna het verwijderen van de verpakking het toestel op beschadigingenen of het intact is. Bijtwijfel, gebruik het toestelnietenschakel de hulp van geautoriseerdtechnischpersoneel in. Zorger in overeenstemming met de milieuvoorschriftenvoordatallemeegeleverdeaccessoiresuit de verpakkingwordenverwijderdvoordat u de verpakkingweggooit. LET OP! Verpakkingsdelen (nietjes, kartonnen dozen, enz.) mogennietbinnen het bereik van kinderenachtergelatenwordenomdat ze gevaarlijkvoorhunkunnenzijn. (*) Opmerking: Naar eigen goeddunkenkan de fabrikant het type verpakkingveranderen. Gedurende de geheleperiodewaarin het toestelniet in gebruik is, is het raadzaam om het tebeschermentegen de weersomstandigheden.
Toegestanepositiestijdensvervoerenmanipulatie: WAARSCHUWING: Tijdens de installatieen de manipulatie van het product is het verboden om het decoratievepaneelonderenigedruktezetten, aangezien het geendragendeconstructie is. WAARSCHUWING: Het toestel mag alleenhorizontaalwordengetransporteerdtijdens de laatste kilometer zoalshierbovenaangegeven (zie “ tie”), Toegestanepositiestijdensvervoerenmanipulawaarbijeropgeletmoetwordendat de steunpoten op de bodem van het toestelgeplaatstworden, zodat het niettegen de decoratievepaneel rust die geendragendeconstructie is. Posities die tijdensvervoerenmanipulatie. niettoegestaanzijn
66 Pak het toestelniet vast aan het decoratievebovenpaneeltijdens de manipulaties. Erbestaatgevaarvoor de beschadigingervan. 3. ALGEMENE BESCHRIJVING VAN HET TOESTEL Pos. 1 Warmtepomp 2 Bedieningspaneel 3 Buitenmantel van kunststof 4 Geëmailleerdewatertank 5 Bovensonde van de watertank “T3”. 6 Ondersonde van de watertank “T2”. 7 Bijvulkleppenvoor het koelmiddel 8 Luchtrecirculatieventilator 9 Elektronischbediendexpansieventiel 10 Verdamper 11 Luchtinlaat ( 160 mm) ∅12 Luchtuitlaat ( 160 mm) ∅13 Compressor 14 Compressor accumulator 15 Elektrischeverwarmer (1.5 kW 230 W) –16 Uitlaatcondensor - vloeistof 17 Inlaatcondensor - heet gas 18 Vervangbaremagnesiumanode 19 Warmwateruitlaat (G 1”) 20 Recirculatieuitlaat (G ¾”) 21 Verdamperverdeler 22 Condensaatafvoerpijp (G 3/4”) 23 Zonne-energiespoel (G 1”; oppervlakte - 1.2 m 2).
69 4. BELANGRIJKE INFORMATIE 4. 1. Conformiteit met de Europeserichtlijnen De - rmtepomp is toestelbedoeldvoorhuishoudelijkgebruikenheeftovereenstemming met de HPWH wavolgendeEuropeserichtlijnen: • Richtlijn betreffendeafgedankteelektrischeenelektronischeapparatuur ( , ook AEEA in het Nederlands); 2012/19/EU WEEE• Richtlijn betreffendebe rking van het gebruik van bepaaldegevaarlijkestoffen in 2011/65/EU peelektrischeenelektronischeapparatuur ( RoHS);• Richtlijn betreffende elektromagnetische compatibiliteit ( 2014/30/EU EMC);• Richtlijn Richtlijn 2014/35 / EU betreffende elektrisch materiaal bestemd voor gebruik binnen bepaalde 2014/35/EUspanningsgrenzen ( LVD);• Richtlijn betreffende de eiseninzakeecologischontwerpvoorenergiegerelateerdeproducten. 2009/125/EC 4. 2. Beschermingsgraad door de behuizing De beschermingsgraad van het toestelvoldoetaan IPX4. 4. 3.
Gebruiksbeperkingen WAARSCHUWING: Dit toestel is niet ontworpen, noch bedoeld voor gebruik in een gevaarlijke omgeving: - met potentieel explosieve atmosfeer - volgens de ATEX-normen - als een -niveau gevraagd wordt dat hoger is dan dat van het toestel IP- In toepassingen die (fouttolerante, foutvrije) veiligheidsvoorzieningen vereisen zoals die in stroomonderbrekersystemen en/of -technologieën, of in elke ander verband waarin het slecht functioneren van een toestel kan leiden tot de dood of verwonding van mensen of dieren of tot ernstige schade aan objecten of het milieu. OPMERKING: De beschadiging van het product of elke storing kan leiden tot schade (aan personen, dieren en objecten). Het is noodzakelijk om een afzonderlijk functioneel monitoringsysteem met alarmfuncties te voorzien om dergelijke schaden te voorkomen. In geval van schade dient er aanvullend onderhoud worden verricht.
Het toestel mag alleenwordengeïnstalleerden in bedrijfwordengesteldvoor het beoogdegebruik in geslotenverwarmingssystemen in overeenstemming met EN 12828:2012. Opmerking: De fabrikantkan in geenenkelgevalaansprakelijkwordengesteldwanneer het toestelwordtgebruiktvooranderedoeleinden dan waarvoordeze is ontworpen of wanneersprake is van installatiefouten of verkeerdgebruik van het toestel. WAARSCHUWING: Het is verboden om het toestelvooranderedoeleindentegebruiken dan het beoogdegebruik. Elk andergebruikmoetalsoneigenlijkwordenbeschouwden is daaromniettoegestaan. OPMERKING: Tijdens de ontwerp- enbouwfase van het toestelworden de geldendelokalewettenenvoorschriften in achtgenomen. 4. 5.
Belangrijkeveiligheidsregels • Het wordtaanbevolendat het toestel door volwassenenwordtgebruikt; • Open of demonteer het toestelnietwanneerdit op de netspanning is aangesloten; • Raak het toestelnietaan met natte of vochtigelichaamsdelen; • Spuit of besproei het toestelniet met water; • Ga niet op het toestelzittenen/of bedek het niet. 4. 6. Informatie over het gebruiktekoelmiddel Dittoestelbevatgefluoreerdbroeikasgasdat is opgenomen in het Kyoto-protocol. Laatdergelijkegassenniet in het milieu wegstromen. Koelmiddel: HFC-R134a.
70 5. INSTALLATIE EN AANSLUITING WAARSCHUWING: Installatie, inbedrijfstellingenonderhoudmoetenwordenuitgevoerd door gekwalificeerdeengeautoriseerdepersonen. Probeer het toestelnietzelfteinstalleren. 5. 1. Voorbereiding van de montageruimte Het toestelmoet op eengeschikteplekwordengeïnstalleerd die normaalgebruik, afstelling, profylactischennoodonderhoud van het toestelmogelijkmaakt. Het is daarombelangrijk om de vereistewerkruimtetevoorzienvolgens de afmetingenzoalsaangegeven in afb. 4a. Het toestelwordthorizontaal of met eenkleinehellinggemonteerd: 1- om de condensaatafvoer die 3° volgensafb. 4b, tijdens de normalewerking van de warmtepompwordtgevormd, tebevorderen. Afb. 4a Minimaleruimteeninstallatiezonderluchtkanalen Afb.
4b – X1 X2 X3 Y1 650 mm 650 mm 200 mm 300 mm Eisen voor de installatieruimte van het toestel: • Beschikken over een adequate water- enstroomvoorziening; • Toegankelijkzijnenklaarzijnvooraansluiting op de condensafvoerleiding; • Eensifonvoor de afvoerhebben in geval van ernstigewaterlekkage; • Zorgenvoorvoldoendeverlichting (indiennodig); • Het mag niet kleiner zijn dan 20 m 3; • De ruimtemoetvorstvrijzijnenmoetdroogzijn. • De vloermoeteenminimalebelastbaarheidhebben van 350 kg/m 2 WAARSCHUWING: Om de verspreiding van mechanischetrillingentevoorkomen, mag u het toestelniet op houtenbalken (bijv. op zolders) installeren. WAARSCHUWING: Om een "KORTE" luchtcirculatietussen de inlaaten de uitlaattevermijdenbijgebruik van eeninstallatiezonderventilatiekanalen, moet u altijd twee ellebogengebruiken die in tegenovergestelderichtingzi jngemonteerd. Afb. 4а 5. 2.
Aansluiting van de ventilatiekanalen op het toestel Het toestelkan op driemanierenwordengeïnstalleerdvanuit het oogpunt van toevoer- enafvoer van de lucht die nodig is voor de normalewerking van de warmtepomp: - Luchtcirculatievolledig in de ruimte ( ). Hierdoorkan de lucht in de ruimteafkoelenendrogen. Als de afb.
71 Afb. 5a Voorbeeld van luchtuitlaatkanaal Afb. 5b Voorbeeld van dubbelluchtkanaal – – Bijaansluitingvolgens schema ( ) is het noodzakelijkeenluchtkanaalsysteemtebouwendataan de afb. 5a en 5bvolgendeeisenvoldoet: • Het gewicht van het kanaal mag geennadeligeinvloedhebben op het toestelzelf; • Onderhoudswerkzaamhedenuitgevoerdkunnenworden; • Het voldoendeafgeschermd is om tevoorkomendat per ongelukvreemdevoorwerpenbinnendringen in het toestel; • Het maximaaltoelaatbaretotaledrukverliesvoorallecomponenten mag nietmeer dan 50 Pa bedragen. Alletechnische parameters in de bovenstaandetabelzijngegarandeerdbijeenluchtdebiet van 315 m 3/h bijeendruk van 98Pa. Volghiervoordeze regels: 10. Gebruikpijpenvoor het kanaalsysteem Ø160mm in diameter11. De maximalelengte van de in- enuitlaatpijpen mag in totaalnietmeer dan 12 m bedragen. 12. Elke elleboog 90 o, komtovereen met eenrechtepijp van 2 m. 13.
Eenelleboog 45 o, komtovereen met eenrechtepijp van 1. 5 m. Voorbeelden: Vierellebogen 90 o + 4m rechtepijpen, of twee ellebogen 90 o + 8m rechtepijpen, of vierellebogen 45 o + 6m rechtepijpen. Tijdensbedrijfzal de warmtepomp de temperatuur in de opstellingsruimteverlagenals het luchtkanaalvoorafvoernaarbuitennietwordtaangesloten. Ermoeteengeschiktbeschermroosterwordengeïnstalleerd in de pijp die lucht naarbinnentransporteert om tevoorkomendatvreemdevoorwerpen het toestelkunnenbinnendringen. Om eenmaximaleprestatie van het product tegaranderen, moet het gekozennetwerkeenlaagdrukverliesgaranderen. Om condensatietevoorkomen: Isoleer de luchtkanalenenluchtkanaalbekledingen met eenstoomdichtethermischeisolatie met geschiktedikte. Als u het nodigacht om het geluid van de stromingtevoorkomen, kunnengeluiddemperswordengeïnstalleerd.
WAARSCHUWING: De gelijktijdigewerking van eenverbrandingskamer in de open lucht (zoalseenschoorsteen met rookafvoer) en de warmtepompveroorzaakteengevaarlijkedaling van de omgevingsdruk. Ditkanleiden tot eenterugstroom van uitlaatgassennaar de kamer. Gebruik de warmtepompniettegelijkertijd met eenverbrandingskamer met een open rookkanaal. Gebruikalleengoedafgeslotenverbrandingskamers (goedgekeurd) met een apart kanaal. Houd de deurennaar de stookruimtegeslotenenhermetischafgeslotenals ze geengemeenschappelijkeverbrandingsluchttoevoernaar de verblijfsruimtenhebben. 5. 3. Specifiekeinstallatievoorwaarden Een van de kenmerken van eenverwarmingssysteem met warmtepomp is het feitdatdezeapparateneenaanzienlijkedaling van de afvoerluchttemperatuurveroorzaken.
73 5. 5. Aansluiting op het waterleidingnetenexternewarmtebronnen Sluit de koudwaterinlaatenuitlaatleidingenaan op de juisteaansluitpunten. De volgendeafbeelding ( toonteenvoorbeeld van de aansluiting op het waterleidingnet. afb. 8) Afb. 8 Aansluiting op het waterleidingneten de zonnecollector Фиг. 8а Vereisteinstallatie-elementen: 15. Inlaatwaterpijp 16. Afsluiter 17. Drukregelaarvoor het inlaatwater 18. Terugslagklep 19. Veiligheidsklep - 8 bar 20. Riolering 9. Aftapkraan 16. Expansievat 17. Veiligheidsklepvoor het zonnesysteem - 6 bar 18. Expansievatvoor het zonnesysteem 15 Recirculatiepomp; I max = 5A 16 Thermostatischmengventiel 17 Debietschakelaar 18 Externethermische sensor E. Regeling van de warmtepomp OPMERKING: Wanneer de waterhardheidbijzonderhoog is (hoger dan 25 °f), wordtaanbevolen om eenwateronthardertegebruiken die op de juistemaniergekalibreerdengecontroleerd is.
In ditgeval mag de resterendehardheid van het water nietonder 15 °f vallen. • Bijgebruik van het toestelbijtemperaturenendrukkenboven de voorgeschrevenlimietenvervalt de garantie. • De extra warmtewisselaar is ontworpen om het drinkwaterteverwarmen door middel van circulerendevloeistof in de vloeistoffase. Bijgebruik van eenwerkvloeistof in de warmtewisselaar in de gasfasevervalt de garantie. • De warmtewisselaar is ontworpen om in eengesloten circuit met werkvloeistof water of water + propyleenglycol + anti-corrosieadditieventewerken. De niet-nalevingvan dezevereistedoetafbreukaan de garantievoorwaarden. • De verbindingtussenverschillendemetalenin decirculatiesystemenleidttotcontactcorrosie. Gebruikdaaromdiëlektrischeverbindingenbij het aansluiten van buizen van koper, aluminium of anderematerialen dan staal op het toestel. • De kunststofbuizen (bijv. PP) zijnzuurstofdoorlatend.
Het aansluiten van de warmtewisselaar van het toestel op kunststofbuizen of op open circulatiesystemen is niettoegestaan. • De installateur van het systeemmoeteen 8-bar veiligheidsklep op de koudwaterinlaatpijpinstalleren (afb. 8). 8). • Tussen de ontlastklepen het toestel mag geenafsluiterzitten. OPMERKING: De veiligheidsklepmoetregelmatighandmatigwordengeopend om kalkaanslagen/of verstoppingtevoorkomen (afb. 8).
74 OPMERKING: De afvoerleiding 6 (afb. 8) op de veiligheidsklepmoetwordengeïnstalleerd met eendoorlopendeneerwaartsehellingen op eenplaatswaardezetegenvorst is beschermd. Het gebruik van eenspecialesifon (afb. 8a) is verplicht! De installatie van expansievat №10 endrukregelaar №3 wordtaanbevolen om tevoorkomendater water uit de veiligheidsklepdruppelt! De berekeningervanwordtuitgevoerd door gekwaliceerdpersoneel. WAARSCHUWING: De warmtepompvoorhuishoudelijk warm water kan het water tot meer dan 60 ° C verwarmen. Voor de beschermingtegenverbrandingwordtaanbevolen om eenautomatischethermostatischemengkraan 16 (afb. 8) aan de warmwateruitlaatteinstalleren. 5.6. Condensafvoeraansluiting Condensaatdatzichvormttijdens de werking van de warmtepompstroomt door eenafvoerbuis(G 3/4”) die aan de zijkant van het toestelnaarbuitenkomt.
Dezeafvoerbuismoet op eenafvoerkanaal door via eensifonwordenaangesloten, zodat het condensaatvrijwegkanstromenennietkanbevriezen, waardoorverstoppingkanwordenveroorzaakt (afb.9). Afb. 9 Voorbeeld van aansluiting van eencondensafvoerleiding via eensifon – De plastic tepel No68 (afb.9) moetvoorzichtig met de hand wordengemanipuleerd om schadetevoorkomen! 5.7. Aansluitingop hetelektriciteitsnet Het toestelwordtbekabeldgeleverden is klaarvooraansluiting op het elektriciteitsnet. Het wordtgevoed door eenflexibelekabel met eenstekker (afb. 10a enafb. 10b). Voor de aansluiting op het elektriciteitsnet is eengeaardSchuko-contactdoosnodig met eenapartebeveiliging. Afb. 10a Schuko-contactdoos – Afb.
10b Stekker van het toestel – WAARSCHUWING: De netvoedingwaarop het toestelwordtaangesloten, moetwordenbeveiligd met eengeschiktezekering met de volgendekenmerken: 16A/240V De IEC 60364-4-41 - norm moet in achtwordengenomenbij het aansluiten op het elektriciteitsnet.
75 6. INBEDRIJFSTELLING WAARSCHUWING: Controleer of het toestel is aangesloten op de aardkabel. WAARSCHUWING: Controleer of de netspanningovereenkomt met de waarde op het typeplaatje van het toestel. WAARSCHUWING: Controleer of u de maximaaltoegestanedruk - 8 bar nietoverschrijdt. WAARSCHUWING: Controleer of de veiligheidsklep van het watercircuitwerkt. De inbedrijfstellingmoettijdens de volgende procedures wordenuitgevoerd: 6.1. Vullen van de watertank met water Vul de watertank door de inlaatkraan 2 ( ) en de warmwaterkraan in uwbadkamerteopenen. De watertank is vol afb. 8alseralleen water zonderlucht door de warmwaterkraanstroomt. Controleer de afdichtingenenaansluitingen op lekkages. Draai de bouten of aansluitingenindiennodig vast. 7. BEDRIJFSMODI. GEBRUIKERSINTERFACE. OORSPRONKELIJKE INSTELLINGEN VAN HET TOESTEL. - Symbool van het display - Symbool - knop 7.1.
Gebruikersinterface - Knoppenenhunfuncties 7.1.1. Inschakelen Wanneer u het toestel op de netvoedingaansluit, verschijnenallepictogrammenvoor 3 seconden op het scherm. Na automatischecontrolegaat het toestel in de stand-by modus: Knop “omlaag” Instelknop voor klok/timer Instelknop Knop “omhoog” Knop voor het in- en uitschakelen van de warmtepomp Knop voor het in- en uitschakelen van de elektrische verwarmer
76 “Stand by modus”- 7. 1. 2. Knop Houd de knop gedurende 2 secondeningedruktterwijl het toestel in de stand-by modus staaten het toestelzalwordeningeschakeld. Houd de knop gedurende 2 secondeningedruktterwijl het toestelwerkten het toestelzalnaar de stand-by modus overschakelen. Druk op de knop om het menu voor de instellingenencontroleparametersteopenen of teverlaten. „Waterverwarmingsmodus“ 7. 1. 3. Knoppen en- Dezeknoppenhebbenverschillendefuncties. Ze wordengebruiktvoortemperatuurinstellingen, parameterinstellingenen - wijzigingen, klok- entimerinstellingen. - Druk de knop of , terwijl het toestelwerkt, om de temperatuurinstellingaantepassen. - Gebruikdezeknoppenals de klokinstellinggeopend is om de urenenminuten in testellen. - Gebruikdezeknoppenals de timerinstellinggeopend is om de urenenminuten in testellen.
- Druk de knoppen tegelijkertijd in enhoud ze 5 secondeningedrukt om het menu op het enbedieningspaneeltevergrendelen. - Druk de knoppen tegelijkertijd in enhoud ze opnieuw 5 secondeningedrukt om het teontgrendelen. en7. 1. 4. Knop - Timer- enklokinstellingen Klokinstellingen - Druk op de knop voor de klokinstllingen , als het toestelwerkt. De pictogrammenvooruurenminuten “88:88” zullengelijktijdigknipperen; - Druk op de knop om het menu voor de uur- enminuteninstellingenteactiveren; gebruik de knoppen om het enuuren de minuten in testellen. - uk de knop om het menu voorklokinstellingteverlaten. Dr Timerinstellingen: - Drukenhoud de knop gedurende 5 secondeningedruktnadat het toestelwordtingeschakeld, om het menu voortimerinstellingteopenen.
De timerpictogrammen digknipperen; en het uur “88” zullengelijktij- Gebruik de knoppen om de tijd in testellen; en- Druk op de knop om het menu voorminuteninstellingteopenen. Het minuutpictogram “:88” zalknipperenengebruik de knoppen om de minuten in testellen.
en- Druk op de knop om het menu voor het uitzetten van de timerinstellingenteopenen; het pictograamvoor het uitzetten van de timer en het uurpictorgraam “88:” knipperentegelijkertijd; - Gebruik de knoppen om de tijd in testellen; en- Druk op de knop om het menu voorminuteninstelling van de timer teopenen. Het minuutpictogramzalknipperen. Gebruk dan de knoppen om de minuten in testellen. en- Druknogmaals op de knop om de timerinstelling op teslaanenteverlaten. - Druk op de knop om de timer testoppen, terwijl de timerinstellingenmodus is ingeschakeld. Opmerking: 7) De functies Timer “aan” en “uit” kunnentegelijkertijdwordeningesteld.
77 8) De timerinstellingenwordenautomatischherhaald. 9) De timerinstellingenwordenooknaeenelektrischeschokopgeslagen. 7. 1. 5. Knop 1) Als de warmtepomp is ingeschakeld, moet u op deze knop drukken om de elektrischeverwarming in teschakelen. Het verwarmingspictogram verschijnt op het display en de elektrischeverwarmerbeginttewerkennadat de vertraagdestartverwarmingstijd is verstreken (parameter 3 - standaard 30 min). 2) Als de warmtepomp is ingeschakeld, moet u dan op deze knop drukkenen 5secondeningedrukthouden om de ventilator in of uitteschakelen. Als de warmtepomp in stand-by modus staat, moet u dan op deze knop drukken. Het toestelzalalleen via de elektrischeverwarmerwerkenzonderdat de warmtepompwordtgebruikt. 7. 1. 6. Knop 7) Controle van de temperaturenenstappenvoor het openen van het expansieventiel.
Druk op deze knop enkiesvoor de optievoorcontrole van de temperaturenende stappenvoor het openen van de expansieventiel. - Gebruik de knoppen om de waarden van de temperatuursensorenen de stappenvoor het openen van de enexpansieventiel in testellen. (parameters А- F). 8) Controle van de systeemparameters (1 tot 35) - Ongeacht de modus waarin de warmtepomp in werking is, moet u deze 5 secondeningedrukthouden. Het toestelzal de instellingenvoor de controle van de systeemparametersweergeven. - Gebruik de knoppen om de systeemparameterstecontroleren. en 9) Systeemparametersinstellen. Zie 8. 2. “Tabel met de parameters”. Alsergedurende 10 secondengeen knop wordtingedrukt, verlaat de regelaar de optieenslaat de instellingenautomatisch op. Opmerking: De parameters zijn in de fabriekingesteldenkunnenniet door de gebruikerwordengewijzigd.
Neem hiervooreventueel contact op met gekwalificeerdservicepersoneel. 7. 2. Gebruikersinterface Beschrijving van de LED-pictogrammen – Warm water beschikbaar Het pictogram geeftaandat de temperatuur van het sanitair warm water de ingesteldewaardeheeftbereikt. Het water is klaarvoorgebruik.
Ventilator Het pictogram geeftaandat de ventilatorfunctie is geactiveerd. Elektrischeverwarmer Het pictogram geeftaandat de elektrischeverwarmingsfunctie is geactiveerd. Dezefunctie is automatisch. De elektrischeverwarmerwordtgeactiveerdvolgens de bedieningsinstelling. Ontdooien Het pictogram geeftaandatde ontdooifunctie is geactiveerd. Dezefunctie is automatisch. De functiewordtgeactiveerd/ gedeactiveerdvolgens de bedieningsinstelling. Verwarming Het pictogram geeftaandat het toestel in de modus waterverwarmingwerkt. Knopvergrendeling Het pictogram geeftaandat de knopvergrendelingsfunctie is geactiveerd. De knoppenblijvenvergrendeldtotdat de functie is gedeactiveerd. Linker temperatuurweergave Het display geeft de ingesteldewatertemperatuuraan. In geval van een storing wordt de bijbehorendefoutcode op dit display weergegeven.
Rechtertemperatuurweergave Het geeft de actuelewatertemperatuurweer. Bij het controlereneninstellen van de parameters toontdit display de bijbehorendeparameterwaarden. Display voortijden timer Het display geeft de exactetijden het tijdstip van de timer weer. TIMER AAN Het pictogram geeftaandat de TIMER AAN functie is geactiveerd. TIMER UIT Het pictogram geeftaandat de TIMER UIT functie is geactiveerd. FOUT Het pictogram geefteen storing aan.
78 7.3. Bedrijfsmodi hoofdfunctie –7.3.1. Waterverwarmingsmodus - Na het drukken op de knop , wordt de "Normalewaterverwarmingsmodus" geactiveerd. Het verschil in de watertemperatuurbij het opstarten van de compressor wordtgebruikt om het in- enuitschakelen van de compressor teregelen. (Parameter 1 "Watertemperatuurverschil TS6"). Als de temperatuur van het onderstedeel van het waterreservoir T2 lager is dan de ingesteldetemperatuur TS1-TS6, werkt de compressor om het water op tewarmen tot de ingesteldetemperatuur "TS1 set". ‘’De ''TS1 set'' kan door de gebruikerwordenaangepast via het bedieningsdisplay - de standaardmaximumwaarde is 65 oC. Als de buitenluchttemperatuur T1≤ 10°C of > 44°C is, wordt de compressor - gedeactiveerdenwordt de elektrischeverwarmingautomatischgeactiveerd. Als de buitenluchttemperatuur T1 ≥ 8 °C of
79 7.3.7. Antiblokkeerfunctiebij het aansluiten van eenexternecirculatiepomp Als het toestel 12 uur is uitgeschakeld, zal de functie de externecirculatiepompgedurende 2 minutenactiveren. 7.3.8. Ventilator Het pictogram geeftaandatde ventilatorfunctie is geactiveerd. Als het toestel is ingeschakeld, houdt u de knop 5 secondeningedrukt om de ventilatorfunctieteactiveren of tedeactiveren. Indien de functie is geactiveerd, zal de ventilator blijvenwerken, zelfswanneer de watertemperatuur het opgegeven punt bereikten het toestel in de stand-by modus staat. 8. BEDIENINGSINSTELLINGEN. PARAMETERS 8.1. Schakelschema Afb. 11
80 Afb. 12 8.2. Tabel met de parameters Parametercontrole: Druk, terwijl het toestel is ingeschakeld, op de knop en houd deze 5 seconden ingedrukt om de interface voor de systeemparametercontrole te openen. Parameterinstelling: Druk, terwijl het toestel in stand-by modus is, op de knoppen tegelijkertijd gedurende 5 + seconden om de interface voor het instellen van de systeemparameters te openen. Er moet een wachtwoord worden ingevoerd om toegang te krijgen tot de instellingen.
Parameternummer Toegang: U = gebruiker I = instalateur Beschrijving Omvang Standaardwaarde Opmerking Parameterinstelling: 0 I/U Ingesteldetemperatuur van het water TS1 10 ~ 65°C Aanpassen Verstelbaar 1 I Temperatuurverschilvoor het starten van de compressor TS6 2 ~ 15°C 5°C Verstelbaar 2 I Temperatuur van het water bij het bereikenwaarvan de elektrischeverwarmerwordtuitgeschakeld TS2 10 ~ 90°C 65°C Verstelbaar 3 I Vertraagde start van de elektrischeverwarmer t1 0 ~ 90 min 6 t * 5 min 4 I Desinfectietemperatuur TS3 50 ~ 70°C 70°C Verstelbaar 5 I Desinfectietijd t2 0 ~ 90 min 30 min Verstelbaar 13 I Tijdvoor de start van de desinfectie 0 ~ 23 23:00 u Verstelbaar (uur) 14 I Type externecirculatiepomp 0/1/2 0 0: zonderwaterpomp 1: (circulatiepomp) 2: (zonnewaterpomp)
81 15 I Temperatuur van het water in het toestelwaarbij de externecirculatiepompzalstarten 15 50~℃ 35℃ Verstelbaar 16 I Temperatuurverschilvoor het starten van de externecirculatiepomp 1- 15℃2 ℃Verstelbaar 17 I Temperatuurverschilvoor het starten van de zonnecirculatiepomp 5- 20℃5 ℃Verstelbaar 18 I Temperatuurverschilvoor het uitschakelen van de zonnecirculatiepomp 1-4 ℃2 ℃Verstelbaar 19 I Activering van de elektrischeverwarmerbijlagebuitentemperatuur "Anti-vorst"-modus 0/1 1 Verstelbaar 0 = uit, 1 = aan 20 I Activering van de elektrischeverwarmertijdens het ontdooien 0/1 1 Verstelbaar 0 = uit, 1 = aan 21 I Ontsmettingsperiode 1~30 dagen 7 dagen Verstelbaar 35 I Bedrijfsmodus van contactterminal AAN/UIT 0-1 0 0: (Signaal op afstandvoor in/uitschakelen) 1: (Fotovoltaïschefunctie) Parametercontrole: Controleer de werkelijketemperatuuren workow van het expansieventiel.
Druk op om de interface teopenen om de werkelijketemperatuuren workow van het expansieventieltecontroleren. A U Temperatuur van het water op de bodem van de watertank T2 - 9 ~ 99°CWerkelijkewaarde in geval van storing: op het display wordtfout P1 weergegeven b U Temperatuur van het water op de bovendeel van de watertank.
T3 - 9 ~ 99°CWerkelijkewaarde in geval van storing: op het display wordtfout P2 weergegeven C U Temperatuur van de verdamper T4 -9 ~ 99°CWerkelijkewaarde in geval van storing: op het display wordtfout P3 weergegeven d U Inlaatgascompressor T5 - 9 ~ 99°CWerkelijkewaarde in geval van storing: op het display wordtfout P4 weergegeven E U Buitentemperatuur T1 - 9 ~ 99°CWerkelijkewaarde in geval van storing: op het display wordtfout P5 weergegeven F U Temperatuur van de thermischezonnecollector ~0 ~ 140 ℃Gemetenwaarde in geval van storing: op het display wordtfout P6 weergegeven G U Stap van het expansieventiel 10 ~ 47 stappen N*10 stap H U Herberekendedrempel van de watertemperatuurwaarboven de compressor wordtuitgeschakeld (p. 7.3.1.) “T calc” TS1
82 9. EXTERNE AANSLUITING. 9. 1. Zonnecollector (thermischeenergie) - integratie Op afb. 8 staateenvoorbeeld van een schema voor het integreren van eenzonnesysteem. Allehydraulischeelementen die in afb. 8 wordenweergegeven, moetenwordengeïnstalleerd. De aansluitingenafstelling van het zonnesysteemmoetalsvolgtwordenuitgevoerd: Parameternummer 14 moet door de installateurwordengecongureerd (2 = zonnecirculatiepomp). De externecirculatiepomp 15, afb. 8 (I max = 5A) moetwordenaangeslotenevenals de zonnesensor 18 en de debietschakelaar 17 (optioneel). Als de debietschakelaarnietbeschikbaar is, moet de verbinding FS 17 (g. 13) wordenaangesloten.
13 Bekabeling van externeapparaten 15 Recirculatiepomp; I max = 5A (voorzonne-energie of voorrecirculatie) 17 Debietschakelaar 18 Externethermische sensor 19 Schakelaar van het fotovoltaïschesysteem De zonnewarmtewisselaar van de warmtepomp is bedoeldvoorgebruik met zuiver water of propyleenglycol in vloeibarevorm. De aanwezigheid van eencorrosiewerendadditief is absoluutnoodzakelijk. Bijgebruik van verschillendevloeistoen in verschillendetoestandenvervalt de garantie. Alleengekwaliceerdepersonenmogen het zonnesysteemen de elementenervanontwerpeneninstalleren - afb. 8: Debietschakelaar: Stroomschakelaar: Nadat de warmtepomp 30 secondenheeftgewerkt, stopt de zonnepompals het signaal van de waterdebietschakelaargedurende 5 secondenwordtonderbroken. De zonnepomp start na 3 minutenweer op.
83 stopcontactwordtlosgekoppeld. De bijbehorendefoutcodewordt op het display van de regelaarweergegeven. Alleen de zonnepompwordtuitgeschakeld, maar niet het hele toestel. 9. 2. Integratie van fotovoltaïschecelWanneer de regelaar van de warmtepompdetecteertdat de spanning van de fotovoltaïschecelgenoeghoog is om het werkproces van het toestelteondersteunen, wordt de compressor of elektrischeverwarmer van stroomvoorzien. Het toestelzalzijnbedrijfsmodi zo instellendat het water wordtverwarmd tot de maximaaltoegestanetemperatuur, ongeacht hoe deze is ingesteld met de knoppen op het bedieningspaneel. De terminal nr. 19 (afb. 13) moetwordenaangesloten op eenlaagspanningssignaal van de fotovoltaïscheinstallatie. De logica van de fotovoltaïschefunctie is alsvolgt: • Indien u de parameter 35 = 1 instelt, is de fotovoltaïschefunctiebeschikbaar:o Als de fotovoltaïsche terminal nr.
19 gesloten is en de TS1 (handmatigaangepast via de displayknop) TS1 calc is, schakelt de regelingautomatisch over naar de drempelvoorwaterverwarming TS1 calc. die de elektrischeverwarmeractiveert. o Als terminal nr. 19 open is (geenzonne-energiegenoeg), zal het toestel in de normale "verwarmingsmodus" werken, zoalsuitgelegd in 7. 3. 1. Parameters van de fotovoltaïschefunctie: Parameter No Beschrijving Omvang Standaardwaarde Opmerking 35 aan/uit 0: (signaal op afstandaan/ uit) 1: (Fotovoltaïschefunctie) 0 0 Ingesteldetemperatuur van het water in de watertank TS1 10 65~℃ 50℃ Verstelbaar 1 Temperatuurverschilvoor het starten van de verwarming TS6 2 ~15℃5 ℃Verstelbaar Alleengekwalificeerdepersonenmogenfotovoltaïschesystemenontwerpeneninstalleren. 9. 3.
Als de debietschakelaarnietbeschikbaar is, moet de verbinding FS 17 (g. 8) wordenaangesloten. De maximaalbeschikbarestroomvoor de pomp is 5A weerstandsbelasting. De thermische sensor 18 moetookwordenaangesloten op de besturingen op de juistewijze op de hydraulische module wordengepositioneerd (zie afb. 8). Parameternummer 14 moet door de installateurwordengecongureerd (1 = zonnecirculatiepomp). De circulatie van warmwater helpt om tevoorkomendat het water in de leiding van het toestelnaar de mengbatterijafkoeltalsdezelangetijdnietwordtgebruikt. Op dezemanier is het warmwater altijdklaar om de mengkraanbatterijtegebruiken.
8)≥ parameter 15; Parameters voor de functie van de recirculatiepomp: Code Beschrijving Omvang Standaardwaarde Opmerking 14 Type waterpomp 0/1/2 0 0: zonderwaterpomp 1: (recirculatiepomp) 2: (zonnepomp) 15 Temperatuur van het water in het toestelwaarbij de externecirculatiepompzalstarten 15 50~℃ 35℃ Verstelbaar 16 Temperatuurverschilvoor het starten van de circulatiewaterpomp 1- 15℃2 ℃Verstelbaar.
84 9. 4. In/uitschakelen van de contact terminal AAN/UIT Parameter 35 moet op "0" wordengezet. Wanneer de contact terminal AAN/UIT is geslotenen het toestel is ingeschakeld, werkt het toestel in de bedrijfsmodus die door de bedieningsinstellingen is bepaald. Wanneer de contact terminal AAN/UIT open is, werkt het toestelniet. Alleengekwaliceerdepersonenmogen het systeemvoor in-/uitschakelenontwerpeneninstalleren. 9. 5. Elektrischeverwarmer 9. 5. 1. Elektrischeverwarmer bedrijfsmodi voorwaarde 1: – –Als het toestel is ingeschakelden de elektrischeverwarmerniethandmatig via het bedieningspaneelwordtbediend: 9) Als de temperatuur op de bodemdeel van de watertank T2 gelijk is aan "TS1 calc", schakelt de compressor Werkt:uitenals "TS1 calc" 44°C;Werktniet:B - ijbuitentemperatuur ≥ 8°C of< 42°C.
11) Als de hogedruk- of lagedrukkoelmiddelbeveiliging 3 keer in 30 minutenwordtingeschakeld; Werkt:Werktniet:Als de hogedrukbeveiligingdriekeerwordtingeschakeld, wordt het foutnummerweergegevenenkan de beveiligingnietwordenhersteld, tenzij de warmtepompwordtuitgeschakeld van de netvoeding. In ditgevalblijft de elektrischeverwarmerwerken tot de ingesteldetemperatuurwordtbereiktenschakelt de elektrischeverwarmer dan uit. 12) bijactivering van de ontdooifunctie (alleenals parameter 20 is ingesteld op 1 = aan) of desinfectie; Werkt:Werktniet:bij het verlaten van de ontdooifunctie of de desinfectiefunctie. 9. 5. 2.
Elektrischeverwarmer bedrijfsmodi voorwaarde 3: – –Als het toestel in stand-by staat: 5) Als de elektrischeverwarmerhandmatig via het bedieningspaneelwordtingeschakeldwanneer het toestel in de Werkt:::::stand-by modus staat, zal de elektrischeverwarmerwerkentotdat de temperatuur in de watertank T3 de ingesteldetemperatuur TS1 manual bereikt; Werktniet:De elektrischeverwarmerwordthandmatig via het bedieningspaneeluitgeschakelden de watertanktemperatuurbereikt de ingesteldetemperatuur TS1 manual. 6) De temperatuur van de bodemdeel v Werkt::::: an de watertank T2 ≤ 5°C (vorstbescherming van de watertank);Werktniet:De temperatuur van de bodemdeel van de watertank T2≥ 10°C of het toestel is ingeschakeld; 10. ONDERHOUD EN REINIGING WAARSCHUWING: Eventuelereparatiesaan het toestelmoeten door gekwaliceerdpersoneelwordenuitgevoerd. Onjuistereparatieskunnen de gebruiker in ernstiggevaarbrengen.
Alsuwtoestelmoetwordengerepareerd, neem dan contact op met de technischedienst. WAARSCHUWING: Controleervoordat u onderhoudswerkzaamhedenuitvoert of het toestelniet per ongeluk op de electriciteitsnetkanwordenaangesloten. Trek daarom de stekkeruit het stopcontactvoordat u onderhouds- of reinigingswerkzaamhedenbegintteuitvoeren. 10. 1. Resetten van de veiligheidsthermostaat 27 (afb. 14) Het toestel is uitgerust met eenniet-zelfherstellendeveiligheidsthermostaat. Het toestelschakeltuit in geval van oververhitting. Om de beveiligingteherstellen, moet u pal opnieuwindrukken: • Koppel het toestel los van het elektriciteitsnet; • Verwijder het decoratievebovenpaneel door de daarvoorbestemdebevestigingsschroeven los tedraaien ( afb. 14);• Drukhandmatig op de veiligheidsthermostaatknoptotdat u eengeluidhoort ( ). afb. 14• Monteer het eerderverwijderdebovenpaneelopnieuw.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Tesy AquaThermica 260 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Ketel & boiler Tesy
Handleiding Ketel & boiler
Nieuwste handleidingen voor Ketel & boiler