Tamron SP AF180mm F/3.5 Di LD [IF] MACRO 1:1 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Tamron SP AF180mm F/3.5 Di LD [IF] MACRO 1:1 (2 pagina’s), behorend tot de categorie Spiegelreflexcamera. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 21 mensen en kreeg gemiddeld 4.4 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Tamron SP AF180mm F/3.5 Di LD [IF] MACRO 1:1 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Tamron |
| Categorie: | Spiegelreflexcamera |
| Model: | SP AF180mm F/3.5 Di LD [IF] MACRO 1:1 |
Handleiding Tamron SP AF180mm F/3.5 Di LD [IF] MACRO 1:1 – volledige tekst
=)SCHERPTEDIEPTE (Ref. Fig. q)INFRAROODFOTOGRAFlEAANWIJZINGEN VOOR DE PRAKTIJKHET BEHOUD VAN UW OBJECTIEF폷 Verklaart dingen die nuttig zijn om te weten, naast de basisbediening. Overschakelen tussen AF autofocus en MF handmatig scherpstellen(Ref. Figs. 2 & 3 )NEDERLANDSWij feliciteren u met de aanschaf van dit Tamron-objectief ter uitbreiding van uw foto-uitrusting. Voordat u uw nieuwe objectief gaat gebruiken wordt u verzocht deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door te lezen om uzelf vertrouwd te maken met de mogelijkheden van het objectief en kennis te nemen van de fototechnische aanbevelingen, zodat u verzekerd bent van de beste resultaten. Indien u de nodigde zorgvuldigheid betracht, zult u vele jaren plezier hebben van uw Tamron-objectief en zult u de prachtigste foto’s kunnen maken. 폷 Verklaart de voorzorgen die u kuntnemen om problemen te voorkomen.
쐽 Bevestigen van het objectiefVerwijder de achterste objectiefkap, zorg ervoor dat de merktekens op zowel het objectief als de cameravatting recht tegenover elkaar staan en steek de bajonetring in de cameravatting. Draai het objectief met de klok mee tot het vastklikt. Op Nikon-camera’s dient u het merkteken op het objectief tegenover de stip op de camera te plaatsen en het objectief tegen de klok in te draaien tot het vastklikt. 쐽 Verwijderen van het objectiefDruk de ontgrendelingsknop op de camera in, draai het objectief tegen de klok in (bij Nikon-camera’s met de klok mee), en til het objectief van de cameravatting. • Voor nadere informatie verwijzen wij naar de gebruiksaanwijzing van uw camera. 쐽 Modellen voor Nikon en CanonSchuif eenvoudig de scherpstelring vooruit (naar AF) of achteruit (naar MF) om over te schakelen tussen autofocus (AF) en handmatig scherpstellen (MF).
Type cameravatting Overschakelen tussen AF/MF:NiKon, Canon Verschuif enkel de scherpstelring. Sony, Pentax Verschuif de scherpstelring en zet de schakelaar op het camerahuis om. • Lees de onderstaande paragrafen "Autofocus" en "Handmatig scherpstellen" en bedien aan de hand daarvan de camera en het objectief. Zie tevens de aanwijzingen voor scherpstelling in de handleiding van uw camera. 1) Zet de camera in de AF-functie en verplaats de scherpstelring omhoog naar de stand AF. 2) Kijk door de zoeker en druk de sluiterknop tot halverwege in. De scherpstelring zal automatisch bewegen om scherp te stellen. • Met een modellen voor Sony en Pentax, als de scherpstelring van het objectief staat ingesteld op handmatig scherpstellen, maar de camera daarentegen op autofocus, zal de scherpstelring bij de automatische scherpstelling wel meedraaien.
Als u in deze stand de scherpstelring met de hand verdraait, kan dat schade toebrengen aan het objectief en/of het camerahuis. Ook, forceer de scherpstelring niet wanneer deze staat ingesteld op handmatig scherpstellen. Als de camera nog op autofocus (AF) staat ingesteld, kan het draaien aan de scherpstelring schade toebrengen aan het objectief en/of het camerahuis. 폷 De afstandsschaal (7) wordt aangegeven al referentie. Het eigenlijke brandpunt kan lichtjes verschillen van de afstand die op de brandpuntsafstandindex wordt weergegeven. 쐽 Modellen voor Nikon en Canon1) Schuif eenvoudig de scherpstelring achteruit naar de MF stand. 2) Draai met de hand aan de scherpstelring terwijl u door de zoeker van de camera kijkt, totdat uw onderwerp optimaal scherp in de zoeker zichtbaar is.
• Alvorens u het scherpstelring roteert, zorg ervoor dat de camera wordt geplaatst op de MF wijze. Als de camera nog op autofocus (AF) staat ingesteld, kan het draaien aan de scherpsterlring schade toebrengen aan het objectief en/of het camerahuis. • Opmerking bij gebruik met een Nikon F-501(N2020): Gebruik bij toepassing van de lens in combinatie met de Nikon F-501 zowel de schakelaar op het camerahuis als op de lens om MF of AF te selecteren. • Wanneer de scherpstelring in de AF stand geschoven staat, is deze vrijelijk draaibaar maar kunt u er niet mee scherpstellen. • Om handmatig scherp te stellen met het objectief op een autofocus-camera, draait u aan de scherpstelring terwijl u de sluiter-ontspanknop van de camera half ingedrukt houdt. Het scherpstel-indicatorlampje zal dan oplichten wanneer uw onderwerp scherp in beeld is.
• Omdat de B01 een intern scherpstellingsmechanisme gebruikt, schuift de lens niet uit (d. w. z. komt niet vanuit de voorkant verder naar voren), zelfs niet tijdens het maken van macro-opnamen. Hierdoor wordt voorkomen dat tijdens het scherpstellen de camera uit balans raakt. • De scherpsteling kan voorbij de (∞) stand voor oneindig gedraaid worden, om zo precies mogelijk op oneindig scherp te stellen onder bepaalde omstandigheden. Let bij het handmatig scherpstellen goed op dat een ver verwijderd onderwerp inderdaad scherp in het zoekerbeeld zichtbaar is. • Stel scherp op het verste onderdeel van het te fotograferen onderwerp. Het beschikt over een zekere flexibiliteit waardoor ook andere onderdelen binnen het scherpgestelde gedeelte scherp worden weergegeven. 쐽 Het instellen van het diafragma met Nikon (272E)-, Canon- en Sony-camera’s.
Kies het diafragma op de camera nadat u het diafragmavoorkeuzeprogramma heeft ingeschakeld. 쐽 Het instellen van het diafragma met Nikon (B01)- en Pentax (272E)-camera’s.
Afhankelijk van de fotografeerfunctie is het mogelijk het diafragma in te stellen met de diafragmaring van de lens of op de behuizing van de camera. • Het diafragma instellen met de diafragmaring van de lensVoor een Nikon-camera stelt u de diafragmaring van de lens in op de kleinste f-stop, en voor een Pentax-camera op een andere plaats dan het A-merkteken. Stel vervolgens de gewenste f-stop in met de indicator op de behuizing van de camera. • Het diafragma instellen op de behuizing van de cameraVoor een Nikon-camera stelt u de diafragmaring van de lens in op de kleinste f-stop, en voor een Pentax-camera op het A-merkteken. Stel vervolgens de gewenste f-stop in met de indicator op de behuizing van de camera. • Het te kiezen diafragma varieert per brandpuntsafstand. De camera signaleert de verschillen en past de sluitertijd automatisch aan.
• Voor nadere informatie verwijzen wij naar de gebruiksaanwijzing van uw camera. 1) Lijn het merkteken (•) op de zonnekap uit met het merkteken (•). op de lens. Plaats de zonnekap op de bajonetring voor bevestiging van de zonnekap. (6 - 1) 2) Draai de zonnekap rechtsom. (6 - 2) Als het merkteken (쑗) op de zonnekap bovenaan staat, is de zonnekap correct bevestigd. (7 - 3) 쐽 De zonnekap op de lens opbergen (Ref. Fig. 8)1) Maak de zonnekap los en draai deze om. Lijn vervolgens het merkteken (쑗) op de zonnekap uit met het merkteken (•) op de lens. Plaats de zonnekap op de bajonetring voor bevestiging van de zonnekap. (8 - a)2) Draai de zonnekap rechtsom totdat deze vastklikt. Als het merkteken (•) op de zonnekap bovenaan staat, is de zonnekap correct opgeborgen.
0,4 m)Stel de afstandsschaalverdeling in op een punt tussen 0,29 m en 0,4 m, en stel daarna descherpstellingsbegrenzerknop in op "LIMIT". 쐽 Voor normale foto’s (0,45 m tot oneindig)Stel de afstandsschaalverdeling in op een punt tussen 0,45 m en oneindig (∞), en stel daarna de scherpstellingsbegrenzerknop in op "LIMIT". • Als u close-ups opneemt met de scherpstelring ingesteld tussen 0,40 m en 0,45 m, kan de scherpstelling-begrenzerknop niet worden ingesteld op LIMIT. Dit wordt veroorzaakt door het mechanische systeem van de camera. B01 is uitgerust met een statiefgondel. Indien u een statief gebruikt, bevestig dan de camera op het statief met behulp van de statiefgondel. 쐽De positie van de camera wijzigen • De camera verticaal instellen1) Draai de klemschroef van de statiefgondel tegen de klok in om deze los te maken. (Fig.
0, Stap 1)2) Draai de camera op die manier dat het objectief de as vormt en plaats het merkteken van de statiefgondel tegenover het verticale merkteken op de statiefgondel. (Fig. 0, Stap 2)3) Draai de klemschroef van de statiefgondel vast en plaats de camera in verticale positie. (Fig. 0, Stap 1) • De camera horizontaal instellen1) Draai de klemschroef van de statiefgondel tegen de klok in om deze los te maken. (Fig. 0, Stap 1)2) Draai de camera op die manier dat het objectief de as vormt en plaats het merkteken van de statiefgondel tegenover het horizontale merkteken op de statiefgondel. (Fig. 0, Stap 2)3) Draai de klemschroef van de statiefgondel vast en plaats de camera in horizontale positie. (Fig. 0, Stap 1)쐽 De statiefgondel bevestigen en losmaken • De statiefgondel verwijderen 1) Draai de klemschroef op de statiefgondel tegen de klok in. (Fig.
-, Stap 11)2) Op deze manier komt de statiefgondel los en kan die worden verwijderd van het objectief. (Fig. -, Stap 3) • De statiefgondel bevestigen1) Draai de klemschroef van de statiefgondel los en bevestig het objectief erop. (Fig.
-, Stap 1)2) Draai de klemschroef van de statiefgondel vast en draai de klemschroef met de klok mee om hem vast te hechten. (Fig. -, Stap 3)• Wees voorzichtig om de camera of de lens niet te laten vallen tijdens het bevestigen of verwijderen van de statiefgondel. • Wees voorzichtig met dragen van het objectief als de statiefgondel op het objectief is bevestigd. De B01 beschikt over een mechanisme, waardoor het mogelijk is de filter te draaien terwijl de beschermkap er op zit. Door aan de ring (4 Ring voor filtereffectregeling) te draaien, die zich vlakbij het bevestigingspunt van de filter bevindt, wordt het draaien van de filter in gang gezet, zodat u het effect van de PL-filter kunt aanpassen. • De ring voor filtereffectregeling draait in tegengestelde richting van de filter. Wanneer u de ring voor de filtereffectregeling met de klok mee draait, draait de filter tegen de klok in.
• De draaihoek van de ring voor de filtereffectregeling is een andere dan die van de filter. Wilt u de PL-fiIter in een exacte positie draaien, waarbij de index als standaard wordt gehanteerd, dan dient u de beschermkap te verwijderen en de filter te draaien, terwijl u de index-markering in de gaten houdt. • U kunt het visuele effect veranderen door PL- en niet-PL special effect-filters, zoals een kruisfilter, te draaien. Vanaf oneindig (∞) tot het macrobereik, kunt u gebruikmaken van de functie auto-focus (AF) of handmatige focus (MF). Aangezien de afstandsschaal en de vergrotingsschaal naast elkaar worden weergegeven, kunt u tijdens het maken van een foto een algeman idee krijgen van de vergroting.
Wanneer de lens naar buiten wordt bewogen om de vergrotingsfactor voor het maken van detailopnames te verhogen, neemt de feitelijke helderheid van de film af en verandert het effectieve F getal. Bij het fotograferen met auto-belichting met behulp van de TTL lichtmetingsfunctie corrigeert de camera dit gewijzigde effectieve F getal automatisch. Bij het fotograferen met lichtmeting met behulp van een externe belichtingsmeter of bij het gebruik van een extern flitslicht dat zich op het licht instelt, dient de belichting echter in overeenstemming met de vergrotingsfactor te worden gecorrigeerd voor deze afname in helderheid. Zie voor de correctiewaarde de table met het belichtings-vergrotingspercentage.
Wanneer uw camera is voorzien van een scherptediepteschakelaar of de mogelijkheid biedt het diafragma met een druk op de knop te veranderen, kan de scherptediepte worden beoordeeld via de zoeker. Voor nadere informatie verwijzen wij naar de gebruiksaanwijzing van uw camera. De in deze gebruiksaanwijzing vermelde objectieven zijn niet voorzien van een infraroodindexlijn. Er kan derhalve met deze objectieven niet (op praktische wijze) met zwartwit-infrasroodfilm worden gefotografeerd. • Het optisch ontwerp van de 272E en B01 houdt rekening met de diverse eigenschappen van digitale spiegelreflexcamera’s.
Echter, als gevolg van het ontwerp van digitale spiegelreflexcamera’s, kan zelfs als de nauwkeurigheid van de AF-scherpstelling binnen de specificaties ligt, het brandpunt iets voor of achter het optimale punt liggen wanneer u onder bepaalde omstandigheden met behulp van automatische scherpstelling foto’s neemt. • Als u de ingebouwde flitser van de camera gebruikt, mag u de lenskap niet gebruiken. Bovendien kan bij het maken van close-ups, het licht van de flitser door de lens worden geblokkeerd, zelfs als de lenskap niet wordt gebruikt, waardoor vignettering ontstaat langs de onderrand van het beeld.
Wij adviseren u daarom een speciaal opbouwflitsapparaat te gebruiken voor het maken van flitsopnamen. Raadpleeg voor verdere informatie het hoofdstuk over het gebruik van de ingebouwde flitser in de gebruiksaanwijzing van uw camera. • Als u deze lens tezamen met één van onze teleconverters gebruikt, stelt u handmatige scherp. Als u een teleconverter met de macrolens gebruikt, is het mogelijk dat de automatische scherpstelling niet juist werkt, afhankelijk van de scherpstellingsafstand. Dit wordt veroorzaakt door het mechanische systeem van de camera. Gebruik voor de beste resultaten een Tamron-teleconverter met een Tamron-lens. Teleconverters van ander fabrikanten passen niet goed en/of kunnen tot storingen leiden. Als een teleconverter op een lens wordt bevestigd, voelt normaal gesproken de scherpstelring zwaarder aan bij het draaien. Echter, dit is geen defect.
• Wanneer u de lens in het macro-bereik gebruikt, kan het noodzakelijk zijn een statief te gebruiken om te voorkomen dat het beeld trilt. Het gebruik van een snellere film (lSO 400 of hoger) in samenhang met een snelle sluitertijd kan de nadelige gevolgen van trillingen tegengaan. • Draai de scherpstelring niet met enige kracht als de lens en/of de camera in de AF-functie staan. Als u dit doet kunnen de lens en/of de camera worden beschadigd. • Bepaalde camera’s vermelden de minimale en maximale lensopening in afgeronde getallen. Dit wijst niet noodzakelijkerwijs op een fout. • Raak nooit het lenselement of oculair aan met uw vingers. Om stof te verwijderen kunt u een zacht objectiefkwastje gebruiken. Als het objectief niet in gebruik is voorziet u het van lensdoppen.
• Om hardnekkig vuil of vingerafdrukken van glasoppervlakken te verwijderen kunt u een druppeltje lenscleaner op een lenstissue doen en vanuit het midden met een draaiende beweging het geheel reinigen. Siliconendoekjes zijn uitsluitend geschikt voor reiniging van de niet-glazen onderdelen van het objectief.
• Vochtinwerking is de grootste vijand van uw objectief. Maak de lens altijd schoon en droog nadat u op vochtige locaties heeft gefotografeerd. Berg uw objectief schoon, koel en droog op. Als u het objectief in een paraattas opbergt, voeg dan een zakje silicaatgel bij om vochtinwerking tegen te gaan. Als blijkt dat het inwendige van het objectief condensvorming vertoont, dient u het naar een erkende reparateur te brengen. • Raak de aansluitcontacten nooit aan; stof, vuil en/of oxidatie kan een slecht contact tussen camera en objectief tot gevolg hebben. • Als u uw uitrusting in sterk wisselende temperaturen wenst te gebruiken, berg deze dan in een fototas of plasticzak en las een acclimatisatieperiode in. Hiermee voorkomt u mogelijke storingen aan toestel en objectief.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Tamron SP AF180mm F/3.5 Di LD [IF] MACRO 1:1 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Spiegelreflexcamera Tamron
Tamron SP AF28-75mm F/2.8 XR Di LD Aspherical [IF] MACRO Handleiding
30 September 2024
Handleiding Spiegelreflexcamera
Nieuwste handleidingen voor Spiegelreflexcamera