Stiga Park 100 Combi EL Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Stiga Park 100 Combi EL (84 pagina’s), behorend tot de categorie Niet gecategoriseerd. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 30 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Stiga Park 100 Combi EL of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Stiga |
| Categorie: | Niet gecategoriseerd |
| Model: | Park 100 Combi EL |
Handleiding Stiga Park 100 Combi EL – volledige tekst
34NEDERLANDSNLVertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing1 ALGEMEENDit symbool geeft een WAARSCHU-WING weer. Als de instructies niet nauwkeurig worden opgevolgd, kan dit leiden tot ernstige persoonlijke verwon-dingen en/of schade. Lees de gebruikershandleiding en de veiligheidsinstructies voor gebruik goed door. 1. 1 SYMBOLENOp de machine ziet u de volgende symbolen om u eraan te herinneren dat voorzichtigheid en oplet-tendheid bij gebruik geboden is. Betekenis van de symbolen:Waarschuwing. Lees vóór gebruik van de machine de ge-bruikershandleiding en de veiligheids-voorschriften. Waarschuwing. Zorg dat uw handen of voeten niet onder de kap komen als de machine loopt. Waarschuwing. Kijk uit voor weggegooide voorwerpen. Houd omstanders op afstand. Waarschuwing. Vóór het verrichten van reparaties de bou-giekabel ontkoppelen van de bougie. 1. 2 VERWIJZINGEN1. 2.
1 AfbeeldingenDe afbeeldingen in deze gebruikershandleiding zijn genummerd met 1, 2, 3 etc. Onderdelen in afbeeldingen worden aangegeven met A, B, C etc. Een verwijzing naar onderdeel E in afbeelding 5 wordt als volgt weergegeven: “5:E”. 1. 2. 2 TitelsDe titels in deze gebruikershandleiding zijn op de volgende manier genummerd:“2. 3. 2” is een subtitel van “2. 3” en wordt onder deze titel vermeld. Wanneer naar een titel wordt verwezen, wordt al-leen het nummer van deze titel aangegeven. Bij-voorbeeld “Zie 2. 3. 2”. 2 BESCHRIJVING2. 1 BEDIENINGSMECHANISMEN2. 1. 1 Instelling maaihoogteDe maaihoogte kan worden ingesteld tussen 25 en 90 mm. Elektrische bediening maaihoogteDe instelling kan met een schakelaar onbeperkt worden aangepast. Handmatige instelling maaihoogteDe instelling kan met een hendel op verschillende vaste standen worden ingesteld. Zie afb. 1. 2. 1.
2 Voorwaarts kantelenDoor de twee pinnen een gaatje lager dan de basi-sinstelling te verplaatsen kan het achterdeel van het maaidek 12 mm worden opgetild. Zie afb. 2. 2. 1.
3 Monteren op achterzijdeHet achterdeel van het maaidek wordt geborgd met de pinnen in afb. 2. 2. 1. 4 Monteren gereedschapsliftHet maaidek wordt met een ketting en kniphaken op de gereedschapslift gemonteerd. Eén kniphaak bepaalt de werkstand en kan in de kettingschakels worden verplaatst om het hefver-mogen in te stellen. De andere kniphaak wordt gebruikt voor de reini-gingsstand. 3 MONTAGE3. 1 MACHINES MET VASTE MAAI-DEKOPHANGINGVoorbeeld van vaste maaidekverbindingen, zie 3:C en 4:G. 1. Plaats het maaidek vóór de machine. 2. Controleer of de maaidekophangingen als volgt op de machine zijn gemonteerd. Park 2WD:• Maaidekophanging (4:G). • Ring (4:F). • Borgpen (4:E). Park 4WD:• Ring (3:D). Alleen machines t/m 2006. • Maaidekophanging (3:C). • Ring (3:B). • Borgring (3:A). 3. Verwijder pinnen en ring (2:A, 2:B)4. Bevestig de armen aan elkaar. Zie afb. 5. 5.
35NEDERLANDSNLVertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing7. Zet het maaidek in de basisstand. Zie 3. 4. 8. Span de riem als volgt:Park 2WD:Span de riem met de riemspanner. De spanner moet zich links van de riem bevinden, gezien vanuit de positie van de bestuurder. Zie afb. 10. Park 4WD:Neem de hendel van de riemspanner in uw lin-kerhand. Trek aan de hendel en vergroot met uw rechterhand en de riemspanner de spanning op de buitenkant van de riem. Zie afb. 9. 9. Hang de eenheid op in de gereedschapslift. Zie afb. 6. 10. Als het maaidek is uitgerust met een elektrische hoogte-instelling, sluit dan de kabel aan op het stopcontact aan de rechtervoorkant van de ma-chine. Zie afb. 7. 3. 2 MACHINES MET SNELSLUITIN-GENVoorbeeld van snelsluitingen, zie afb. 8. 1. Plaats het maaidek vóór de machine. 2.
Controleer of de snelsluitingen volgens de mee-geleverde afzonderlijke instructie op de machi-ne zijn gemonteerd. 3. Controleer of de armen van het maaidek zijn vastgeschroefd in de snelsluitingen. Als dit niet het geval is, schroeft u de armen vast. Zie afb. 8. 4. Stel de maximale maaihoogte in. 5. Zet de snelsluitingen in de achterste stand. Zie de meegeleverde afzonderlijke instructies. 6. Plaats de riem op de machinepoelie. 7. Span de riem als volgt:Park 2WD:Span de riem met de riemspanner. De spanner moet zich links van de riem bevinden, gezien vanuit de positie van de bestuurder. Zie afb. 10. Park 4WD:Neem de hendel van de riemspanner in uw lin-kerhand. Trek aan de hendel en vergroot met uw rechterhand en de riemspanner de spanning op de buitenkant van de riem. Zie afb. 9. 8. Zet de snelsluitingen in de voorste stand. Zie de meegeleverde afzonderlijke instructies. 9.
Hang de eenheid op in de gereedschapslift. Zie afb. 6. 10. Zet het maaidek in de basisstand. Zie 3. 4. 11. Als het maaidek is uitgerust met een elektrische hoogte-instelling, sluit dan de kabel aan op het stopcontact aan de rechtervoorkant van de ma-chine. Zie afb. 7. 3.
3 BANDENSPANNINGPas de bandenspanning als volgt aan:Voorzijde: 0,6 bar (9 psi). Achter: 0,4 bar (6 psi). 3. 4 BASISINSTELLINGOm optimaal te kunnen maaien, is de juiste basi-sinstelling noodzakelijk. Het maaidek staat in de basisinstelling wanneer de achterzijde 5 mm hoger dan de voorzijde staat. Dit betekent dat het maai-dek iets voorover kantelt. Zet het maaidek in de basisinstelling door deze als volgt omhoog te bewegen en vast te zetten. Op machines met wielen van 17”: Bevestig de rin-gen en de pinnen in het bovenste gaatje. Zie afb. 17. Op machines met wielen van 16”: Bevestig de rin-gen en de pinnen in het middelste gaatje. Zie afb. 18. 4 MACHINE GEBRUIKENControleer of het gras dat u gaat maaien vrij is van vreemde voorwerpen zoals stenen etc. 4. 1 MAAIHOOGTEU krijgt de beste maairesultaten als eenderde van het gras wordt gemaaid. 2/3 van de lengte van het gras blijft dan staan.
Zie afb. 11. Als het gras lang is en veel korter moet worden, kunt u beter twee keer maaien met verschillende maaihoogtes. Gebruik niet de laagste stand als het oppervlak van het gazon ongelijkmatig is. Anders loopt u het ge-vaar dat de messen beschadigd raken door het op-pervlak en dat de toplaag van het gazon wordt verwijderd. 4. 2 HELLINGSHOEKHet achterdeel van het maaidek kan worden opge-tild zodat het maaidek een grotere voorwaartse hel-lingshoek heeft dan bij de basisinstelling. Deze hellingshoek beïnvloedt de maairesultaten als volgt. 4. 2. 1 BasisinstellingAls het maaidek in de basisinstelling staat, wordt het gras het beste versnipperd en verstrooid. De ba-sisinstelling wordt aanbevolen voor normaal gras. Zie 3. 4. 4. 2. 2 Grotere hellingshoekAls het maaidek iets voorovergekanteld is, wordt het “Multiclip”-effect verminderd terwijl het ge-maaide gras beter wordt verstrooid.
Voorover kantelen wordt aanbevolen voor dikker gras. 4. 3 MAAIADVIESVolg het onderstaande advies op voor een optimaal maairesultaat:• maai regelmatig.
36NEDERLANDSNLVertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing• gebruik de motor op volle kracht. • het gras moet droog zijn. • zorg dat de messen scherp zijn. • houd de onderzijde van het maaidek schoon. 4. 4 COMPOSTEREN/ACHTERUIT-WORPHet maaidek kan op twee manieren gras maaien:• Composteren van het gras in het gazon. • Uitwerpen van het gras achter het maaidek. Het maaidek is bij aflevering ingesteld op compos-teren. Om het gras achter het maaidek uit te wer-pen, moet de plug (afb. 12) worden verwijderd. Zet het maaidek in de servicestand om de plug te verwijderen/plaatsen. 5 ONDERHOUD5. 1 VOORBEREIDINGService en onderhoud moet altijd worden uitge-voerd aan een stilstaande machine met een uitge-schakelde motor. Zorg dat de machine niet kan wegrol-len. Gebruik daarom altijd de parkeer-rem. Zet de motor af.
Voorkom ongewenst starten door de bougiekabel van de bougie te ontkoppe-len en de contactsleutel te verwijderen. 5. 2 REINIGINGSSTAND1. Schakel de parkeerrem in. 2. Zet de gereedschapslift in de transportstand. 3. Stel de maximale maaihoogte in. 4. Ontkoppel het achterdeel van het maaidek aan de rechter- en linkerzijde als volgt:A. Til het linkerachterdeel van het maaidek op om de belasting op de splitpen te verminderen. B. Verwijder pinnen en ring. Zie afb. 2. C. Verwijder de rechtersplitpen en ring op dezelfde manier. 5. Pak het voorste deel van het maaidek vast en til het op. Bevestig de ketting zo dat het maaidek diagonaal naar boven is gericht. Zie afb. 16. Het is absoluut verboden om de motor te starten wanneer het maaidek in de reinigingsstand staat. 6. Laat het maaidek in omgekeerde volgorde zak-ken nadat u de aanpassingen hebt uitgevoerd.
Zet het maaidek in de werkstand zoals beschre-ven onder “3”. 5. 3 SERVICESTAND5. 3. 1 Machines met vaste maaidekophan-ging1. Schakel de parkeerrem in. 2. Stel de maximale maaihoogte in. 3. Als het maaidek is uitgerust met een elektrische hoogte-instelling, ontkoppel dan de kabel van de machine.
Zie afb. 7. 4. Zie afb. 2. Ontkoppel het achterdeel van het maaidek aan de rechter- en linkerzijde als volgt:A. Til het linkerachterdeel van het maaidek op om de belasting op de splitpen te verminderen. B. Verwijder pinnen en ring. C. Verwijder de rechtersplitpen en ring op dezelfde manier. 5. Maak de riem als volgt los:Park 2WD:Haal de riemspanner van de riem. Zie afb. 10Park 4WD:Neem de hendel van de riemspanner in uw link-erhand. Trek aan de hendel en verwijder de riemspanner met uw rechterhand. Zie afb. 9. 6. Haal de riem van de poelie. 7. Pak het voorste deel van het maaidek vast en til het op. Til het voorste deel op tot het maaidek volledig verticaal staat en het achterdeel op de grond rust. Zie afb. 14. 8. Laat het maaidek in omgekeerde volgorde zak-ken nadat u de aanpassingen hebt uitgevoerd. Zet het maaidek in de werkstand zoals beschre-ven onder 3. 1. 5. 3.
2 Machines met snelsluitingen1. Schakel de parkeerrem in. 2. Stel de maximale maaihoogte in. 3. Als het maaidek is uitgerust met een elektrische hoogte-instelling, ontkoppel dan de kabel van de machine. Zie afb. 7. 4. Zie afb. 2. Ontkoppel het achterdeel van het maaidek aan de rechter- en linkerzijde als volgt:A. Til het linkerachterdeel van het maaidek op om de belasting op de splitpen te verminderen. B. Verwijder pinnen en ring. C. Verwijder de rechtersplitpen en ring op dezelfde manier. 5. Zet de snelsluitingen in de achterste stand. Zie de meegeleverde afzonderlijke instructies. 6. Maak de riem als volgt los:Park 2WD:Haal de riemspanner van de riem. Zie afb. 10Park 4WD:Neem de hendel van de riemspanner in uw link-erhand. Trek aan de hendel en verwijder de riemspanner met uw rechterhand. Zie afb. 9.
37NEDERLANDSNLVertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing7. Haal de riem van de poelie. Controleer of de snelsluitingen in de voorste stand staan voordat u het maai-dek optilt. Anders loopt u het risico be-kneld te raken. 8. Zet de snelsluitingen in de voorste stand, zie de instructies. 9. Pak het voorste deel van het maaidek vast en til het op. Til het voorste deel op tot het maaidek volledig verticaal staat en het achterdeel op de grond rust. Zie afb. 14. 10. Laat het maaidek in omgekeerde volgorde zak-ken nadat u de aanpassingen hebt uitgevoerd. Zet het maaidek in de werkstand zoals beschre-ven onder 3. 2. 5. 4 REINIGINGReinig de onderkant van het maaidek na elk ge-bruik. Zet het maaidek in de reinigingsstand. Reinig de onderkant van het maaidek grondig. Ge-bruik water en een borstel. Herstel lakbeschadigingen wanneer de oppervlak-ken volledig droog een schoon zijn.
Gebruik duur-zame gele verf die geschikt is voor gebruik buitenshuis en op metaal. 5. 5 WIELEN100 Combi 3 is uitgerust met twee zelfsmerende verticale aandrijfassen (15:O). De smeergaten moeten na 50 werkuren worden ge-smeerd met universeel vet. 5. 6 MESSEN VERVANGEN (16:P)Draag bij het verwisselen van messen werkhandschoenen om te voorkomen dat u zich snijdt. Controleer altijd of de messen scherp zijn. Dan krijgt u het beste maairesultaat. Controleer de messen altijd als deze ergens tegen hebben gestoten. Als de messen zijn beschadigd, moeten de beschadigde onderdelen worden ver-vangen. Gebruik altijd originele reserveonder-delen. Niet-originele reserveonderdelen kunnen verwondingen veroorzaken, ook al passen ze in de machine. Het mes uit één stuk wordt vervangen als de ran-den zijn afgesleten. Plaats het nieuwe mes met de geponste tekst naar beneden gericht. Aanhaalmoment: 45 Nm. 5.
6 RESERVEONDERDELENOriginele STIGA-onderdelen en accessoires zijn speciaal ontworpen voor STIGA-machines. "Niet-originele" onderdelen en accessoires zijn niet ge-controleerd of goedgekeurd door STIGA:Het gebruik van dergelijke onderdelen kan de werking en veiligheid van de machine aantasten. STIGA is niet ver-antwoordelijk voor schade of verwon-dingen die door dergelijke producten zijn veroorzaakt. 7 ONTWERPREGISTRATIEDit product of onderdelen van dit product valt/va-lEG 000503107GGP behoudt zich het recht voor zonder vooraf-gaande aankondiging wijzigingen in het product aan te brengen.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Stiga Park 100 Combi EL stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Niet gecategoriseerd Stiga
Handleiding Niet gecategoriseerd
Nieuwste handleidingen voor Niet gecategoriseerd