Stiebel Eltron WWK 300 electronic SOL Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Stiebel Eltron WWK 300 electronic SOL (68 pagina’s), behorend tot de categorie Ketel & boiler. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 55 mensen. Heb je een vraag over Stiebel Eltron WWK 300 electronic SOL of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Stiebel Eltron |
| Categorie: | Ketel & boiler |
| Model: | WWK 300 electronic SOL |
Handleiding Stiebel Eltron WWK 300 electronic SOL – volledige tekst
2 | WWK 220-300 electronic www. stiebel-eltron. comINHOUD | Bzondere instructies BIJZONDERE INSTRUCTIESBEDIENING1. Algemene voorschriften �������������������������������������31. 1 Veiligheidinstructies �������������������������������������������� 31. 2 Andere aandachtspunten in deze documentatie ���������� 31. 3 Meeteenheden ��������������������������������������������������� 41. 4 Prestatiegegevens conform norm ���������������������������� 42. Veiligheid �����������������������������������������������������42. 1 Reglementair gebruik ������������������������������������������� 42. 2 Algemene veiligheidsvoorschriften �������������������������� 42. 3 Keurmerk ���������������������������������������������������������� 53. Toestelbeschrijving ������������������������������������������53. 1 Werkingsprincipe van een warmtepomp ������������������� 63.
Technische gegevens��������������������������������������� 2816. 1 Afmetingen en aansluitingen��������������������������������� 2816. 2 Schakelschema �������������������������������������������������� 3016. 3 Storingsomstandigheden ������������������������������������� 3216. 4 Gegevenstabel ��������������������������������������������������� 3216. 5 Toestelparameter ����������������������������������������������� 33GARANTIEMILIEU EN RECYCLINGBzondere in-structies - Het toestel kan door kinderen vanaf 8jaar, als-mede door personen met fysieke, zintuiglijke of geestelijke beperkingen of met een gebrek aan ervaring en kennis gebruikt worden, wanneer er toezicht op hen gehouden wordt, of wanneer ze met betrekking tot het veilige gebruik van het toestel getraind zijn en de gevaren die daaruit ontstaan, begrepen hebben. Kinderen mogen niet met het toestel spelen.
Kinderen mogen zonder toezicht het toestel niet reinigen noch gebruiker-sonderhoud uitvoeren. - Neem bij de installatie alle nationale en regionale voorschriften en bepalingen in acht. - Het toestel is niet toegelaten voor buitenopstelling. - Respecteer de minimumafstanden (zie hoofdstuk “Installatie/voorbereidingen/toestel opstellen”).
NEDERLANDSwww. stiebel-eltron. com WWK 220-300 electronic | 3 Algemene voorschriften - Houd rekening met de voorwaarden voor de opstelruimte (zie het hoofdstuk “Technische gegevens/Gegevenstabel”). - Als u het toestel vast op de stroomvoorziening aansluit, moet het toestel door middel van een inrichting met een afstand van minstens 3 mm op alle polen van de netaansluiting kunnen worden ontkoppeld. Hiervoor kunt u veiligheidsschake-laars, LS-schakelaars of zekeringen installeren. - Houd rekening met de beschermingsmaatregelen tegen te hoge contactspanning. - Let op de voor het toestel vereiste zekering (zie het hoofdstuk “Technische gegevens/Gegevenstabel”). - De elektriciteitskabel mag bij beschadiging of vervanging alleen worden vervangen door het originele onderdeel en door een installateur die daartoe door de fabrikant gemachtigd is (aan-sluittype X).
- Het warmwatervat van het toestel staat onder druk. Tijdens het verwarmingsproces druppelt expansiewater uit het veiligheidsventiel. - Stel het veiligheidsventiel regelmatig in wer-king, zodat het niet gaat blokkeren door bijv. kalkafzettingen. - Tap het toestel af zoals beschreven in het hoofd-stuk “Installatie/onderhoud en reiniging/de boiler aftappen”. - Monteer een gehomologeerd veiligheidsventiel in de koudwateraanvoerleiding. - De maximale druk in de koudwateraanvoer-leiding moet ten minste 20% lager zijn dan de aanspreekdruk van het veiligheidsventiel. Als de maximale druk in de koudwateraanvoerleiding hoger is, moet een reduceerventiel geïnstalleerd worden. - Dimensioneer de afvoerleiding op een wijze dat het water bij volledig geopende veiligheidsventiel ongehinderd kan worden afgevoerd.
- Monteer de afblaasleiding van het veiligheidsven-tiel met een constante afwaartse helling in een vorstvrije ruimte. - De afblaasopening van de veiligheidsventiel moet geopend blijven naar de atmosfeer.
1. Algemene voorschriftenDe hoofdstukken “Bijzondere info” en “Bediening” zijn bedoeld voor de gebruiker van het toestel en de installateur. Het hoofdstuk “Installatie” is bedoeld voor de installateur. TipLees deze handleiding voor gebruik zorgvuldig door en bewaar deze. Geef de handleiding door aan een volgende gebruiker indien van toepassing. 1. 1 Veiligheidinstructies1. 1. 1 Opbouw veiligheidsinstructies. TREFWOORD Soort gevaarHier worden de mogelijke gevolgen vermeld, wanneer de veiligheidsinstructies genegeerd worden. Hier staan maatregelen om gevaren te voorkomen. 1. 1. 2 Symbolen, soort gevaar Letsel Elektrische schok Verbranding(verbranding, verschroeiing) 1. 1. 3 Trefwoorden BetekenisGEVAAR Instructies die leiden tot zwaar letsel of overlijden, wan-neer deze niet in acht genomen worden.
WAARSCHUWING Instructies die kunnen leiden tot zwaar letsel of overlijden, wanneer deze niet in acht genomen worden. VOORZICHTIG Instructies die kunnen leiden tot middelmatig zwaar of licht letsel, wanneer deze niet in acht genomen worden. 1. 2 Andere aandachtspunten in deze documentatie TipAlgemene aanwijzingen worden aangeduid met het hier-naast afgebeelde symbool. Lees de instructieteksten grondig door.
Bediening Veiligheid4 | WWK 220-300 electronic www. stiebel-eltron. comsymbool Betekenis Materiële schade(toestel-, gevolg-, milieuschade) Het toestel afdanken Dit symbool geeft aan dat u iets moet doen. De vereiste han-delingen worden stap voor stap beschreven. Deze symbolen geven het niveau van het softwaremenu aan (in dit voorbeeld het 3eniveau). 1. 3 Meeteenheden TipTenzij anders vermeld, worden alle afmetingen in milli-meter aangegeven. 1. 4 Prestatiegegevens conform normToelichting voor de bepaling en interpretatie van de aangegeven prestatiegegevens conform de normNorm: EN 16147De prestatiegegevens die met name in tekst, grafieken en het technisch blad zijn vermeld, werden volgens de meetomstandig-heden van de in de titel van deze paragraaf aangegeven norm berekend.
Deze genormeerde meetomstandigheden komen door-gaans niet volledig overeen met de bestaande omstandigheden bij de gebruiker. Afhankelijk van de geselecteerde meetmethode en de mate waarin de geselecteerde methode afwijkt van de omstandigheden van de in de titel van deze paragraaf aangegeven norm, kunnen de afwijkingen aanzienlijk zijn. Andere factoren die de meetwaarden beïnvloeden, zijn de meetmiddelen, de constellatie en ouderdom van de installatie en de debieten. Bevestiging van de aangegeven prestatiegegevens is slechts mo-gelijk, wanneer ook de hiervoor uitgevoerde meting volgens de omstandigheden van de in de titel van dit hoofdstuk aangegeven norm wordt uitgevoerd. 2. Veiligheid2. 1 Reglementair gebruikHet toestel is bestemd voor het opwarmen van tapwater binnen het werkingsgebied dat in het hoofdstuk “Technische gegevens/Gegevenstabel” vermeld wordt.
Het toestel is bestemd voor huishoudelijk gebruik. Het kan op een veilige manier bediend worden door personen die niet zijn geïnstrueerd in het gebruik ervan. Het toestel kan ook buiten het huishouden gebruikt worden, bijv. in een klein bedrijf, voor zover het op dezelfde wijze gebruikt wordt.
Elk ander gebruik dat verder gaat dan wat hier wordt omschreven, geldt als niet reglementair. Onder reglementair gebruik valt ook het in acht nemen van deze handleiding evenals de handleidingen voor het gebruikte toebehoren. 2. 2 Algemene veiligheidsvoorschriftenGebruik het toestel enkel als het volledig geïnstalleerd is en als alle veiligheidsvoorzieningen aangebracht zijn. WAARSCHUWING letselHet toestel kan door kinderen vanaf 8 jaar, alsmede door personen met fysieke, zintuiglijke of geestelijke beperkingen of met een gebrek aan ervaring en kennis gebruikt worden, wanneer er toezicht op hen gehou-den wordt, of wanneer ze met betrekking tot het veilige gebruik van het toestel getraind zijn en de gevaren die daaruit ontstaan, begrepen hebben. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toe-zicht het toestel niet reinigen noch gebruikersonderhoud uitvoeren.
WAARSCHUWING verbrandingIn geval van een storing kunnen temperaturen tot aan de veiligheidstemperatuurbegrenzing optreden (zie hoofd-stuk "Technische gegevens/ Gegevenstabel"). WAARSCHUWING verbrandingHet toestel is in de fabriek met een koudemiddel gevuld. Als er door lekkage koudemiddel ontsnapt, raak het koudemiddel dan niet aan en voorkom tevens dat u vrijkomende dampen inademt. Ventileer de betreffende ruimtes. WAARSCHUWING elektrische schokGebruik het toestel nooit met een geopende behuizing of zonder deksel.
NEDERLANDSwww. stiebel-eltron. com WWK 220-300 electronic | 5. VOORZICHTIG letselObjecten die op het toestel liggen, kunnen door trillingen de geluidsontwikkeling vergroten en letsel veroorzaken als ze eraf vallen. Plaats geen objecten op het toestel. Materiële schadeHoud het toestel alsmede de waterleidingen en veilig-heidsventielen vorstvrij. Wanneer het toestel wordt los-gekoppeld van de stroomvoorziening, is het niet tegen vorst en corrosie beschermd. Onderbreek nooit de stroomvoorziening van het toestel. Indien de stroomvoorziening voor de externe strooma-node en de elektronica afzonderlijk plaatsvindt, blijft het toestel beschermd tegen corrosie. Materiële schadeZorg ervoor dat er op de opstellocatie van het toestel geen olieachtige en zouthoudende (chloorhoudende) lucht, bijtende of explosieve stoffen aanwezig zijn.
Houd de opstellocatie vrij van stof, haarspray, chloor- en am-moniakhoudende stoffen. Materiële schadeAfdekken van de luchttoevoer of luchtafvoer leidt tot een verminderde luchttoevoer. Bij een verminderde luchttoe-voer is de veilige werking van het toestel niet gewaar-borgd. Dek het toestel niet af. Materiële schadeGebruik het toestel alleen met een gevulhet warmwa-tervat. Mocht het warmwatervat leeg zijn, dan wordt het toestel door een veiligheidsvoorziening uitgeschakeld. Materiële schadeHet opwarmen van andere vloeistoffen dan tapwater is niet toegestaan. TipHet warmwatervat van het toestel staat onder druk. Tij-dens het verwarmingsproces druppelt expansiewater uit het veiligheidsventiel. Waarschuw uw installateur als er na het verwarmen nog water uitdruppelt. 2. 3 KeurmerkZie het typeplaatje op het toestel. 3.
ToestelbeschrijvingHet met stekker uitgeruste toestel maakt een efficiënte warm-watervoorziening van meerdere tappunten mogelijk met gebruik van duurzame energie. Het toestel onttrekt warmte aan de aan-gezogen lucht.
Deze warmte wordt gebruikt om met behulp van elektrische energie het water in het warmwatervat op te warmen. De behoefte aan elektrische energie, alsmede de opwarmduur voor de tapwateropwarming zijn afhankelijk van de temperatuur van de aangezogen lucht. Naarmate de temperatuur van de aan-zuiglucht daalt, neemt ook de capaciteit van de warmtepomp af, waardoor er sprake is van een langere opwarmtijd. Het toestel is bestemd voor binnenopstelling. Het toestel werkt in de circulatiewerking en heeft geen buitenlucht nodig. Door warmteonttrekking kan de omgevingslucht in de opstelruim-te 1°C tot 3°C afkoelen. Het toestel onttrekt ook vochtigheid aan de lucht die als condensaat achterblijft. Het condensaat wordt door de condensaatafvoer uit het toestel afgevoerd. Het toestel is uitgerust met een elektronische regeling, compleet met LCD-display.
U kunt bijvoorbeeld de beschikbare hoeveelheid warm mengwater (40°C) aftappen. Met de elektronische rege-ling is een energiebesparende instelling gemakkelijker te regelen. Het water wordt, afhankelijk van de stroomvoorziening en uw gebruiksgedrag, automatisch verwarmd tot aan de ingestelde gevraagde temperatuur. Op de ingebouwde contactingang kunnen externe signaalgevers worden aangesloten, zoals een fotovoltaïsche installatie voor het opwekken van zonne-energie. Nadat een warmwatertappunt is geopend, wordt warm tapwater door instromend koud tapwater uit het toestel verdreven. Het warmtepomp bevindt zich in het bovenste gedeelte van het toestel. Het warmwatervat bevindt zich in het onderste gedeelte van het toestel.
Het warmwatervat is ter bescherming tegen cor-rosie aan de binnenzijde uitgevoerd met een speciale emaillering en beschikt bovendien over een veiligheidsanode die niet verbruikt wordt. Materiële schadeWanneer het toestel wordt losgekoppeld van de stroom-voorziening, is het niet tegen vorst en corrosie beschermd. Onderbreek nooit de stroomvoorziening van het toestel.
Nuttige warmwatervolumeHet maximale nuttige warmwatervolume van het toestel is ont-worpen voor het aanbevolen aantal gebruikers met een gemiddeld gebruikersgedrag. Indien het warmwatervolume onvoldoende is, ondanks de nale-ving van het aanbevolen aantal gebruikers, kan dit de volgende oorzaken hebben: - De individuele warmwaterbehoefte is bovengemiddeld. - De optioneel geïnstalleerde circulatieleiding is onvoldoende geïsoleerd. - De circulatiepomp wordt niet thermisch of op tijd geregeld.
6 | WWK 220-300 electronic www. stiebel-eltron. com3. 1 Werkingsprincipe van een warmtepompEen gesloten circuit binnen het toestel bevat een koudemiddel (zie “Technische gegevens/Gegevenstabel”). Het koudemiddel heeft de eigenschap om al bij lage temperaturen te verdampen. In de verdamper, die warmte aan de aangezogen lucht onttrekt, gaat het koudemiddel over van de vloeibare naar de gasvormige toestand. Een compressor zuigt het gasvormige koudemiddel aan en comprimeert dit. Door de drukverhoging stijgt de tempera-tuur van het koudemiddel. Hiervoor is elektrische energie nodig. De energie (motorwarmte) gaat niet verloren, maar komt met het gecomprimeerde koudemiddel in de nageschakelde condensor te-recht. Hier geeft het koudemiddel warmte af aan het warmwater-vat.
Vervolgens wordt met een expansieventiel de nog altijd aan-wezige druk afgebouwd en begint het circulatieproces opnieuw. TipNa een spanningsonderbreking is de compressorwerking gedurende ten minste één minuut geblokkeerd. De rege-laar vertraagt het op elektrische wijze inschakelen met één minuut gedurende dewelke het toestel initialiseert. Wanneer de compressor daarna niet werkt, is het moge-lijk dat deze door extra veiligheidselementen (motorbe-veiligingsschakelaar en hogedrukbeveiligingsschakelaar) geblokkeerd is. Na 1 tot 10 minuten dient deze blokkering opgeheven te zijn. Nadat de stroomvoorziening opnieuw hersteld is, werkt het toestel met de parameters die vóór de spanningson-derbreking waren ingesteld. 3. 2 Opwarming van het tapwater21D00000503351 Koepelsensor2 IntegraalsensorHet toestel beschikt over twee temperatuursensoren.
Op het display van het toestel wordt de temperatuur van de bo-venste boilerzone weergegeven, gemeten door de koepelsensor. De regeling van het toestel werkt met de gemiddelde boilertem-peratuur, gemeten door de integraalsensor. Wanneer het beschikbare mengwatervolume daalt naar het in de parameter “Oplaadgraad” ingestelde procentueel aandeel van het maximale mengwatervolume, start de drinkwateropwarming. Het kan gebeuren dat de door de koepelsensor gemeten tempe-ratuur nog steeds overeenkomt met de gevraagde temperatuur. Zie hoofdstuk “Technische gegevens” voor meer informatie over de opwarmtijd. De berekening van het beschikbare mengwater-volume is op basis van de gemiddelde boilertemperatuur. Het mengwatervolume wordt alleen berekend, wanneer de watertem-peratuur in de bovenste boilerzone hoger is dan 40°C.
De opwarming van het tapwater gebeurt normaliter door de warmtepomp van het toestel binnen het werkingsgebied (zie hoofdstuk “Technische gegevens/ Gegevenstabel”). Elektr. nood-/bijverwarmingBij een eventueel defect aan het toestel kunt u, wanneer een foutcode knippert, via de functie Noodverwarming de elektrische nood-/bijverwarming activeren. Zie hoofdstuk “Instellingen/ Toets Snelopwarming/ Noodverwarming”. Wanneer er een keer een warmwaterbehoefte is die buiten de instellingen valt, activeer dan met de toets “Snelopwarming” de elektrische nood-/bijverwarming handmatig voor eenmalig op-warmen als aanvulling op de warmtepomp. Zie hoofdstuk Instel-lingen/ Toets Snelopwarming/ Snel-/comfortopwarming”. WWK 300 electronic SOL: Aansluiting van een externe warmtegenerator.
Materiële schadeHet toestel mag ook bij het aansluiten van een externe warmtegenerator niet van de stroomvoorziening worden gescheiden, omdat het dan niet tegen vorst en corrosie beschermd is.
Ook in de winter, als mogelijkerwijs de verwarming van tapwater alleen door de externe warm-tegenerator verzorgd moet worden, mag de stroomvoor-ziening niet worden onderbroken. Het toestel is uitgerust met een geïntegreerde warmtewisselaar met gladde buis, waarop een externe warmtegenerator kan wor-den aangesloten (bijv. een zonnewarmte-installatie of een cen-trale-verwarmingsinstallatie). Het warmwatervat is daarvoor op diverse plaatsen voorzien van sensorhulzen. De afstemming tus-sen toestel en externe warmtegenerator moet door de installateur bij de eerste ingebruikname worden geregeld. 3. 3 Werking van het toestel buiten het werkingsgebied Zorg ervoor dat het toestel binnen het werkingsgebied gebruikt wordt, om een storingsvrije werking van het toe-stel te waarborgen (zie hoofdstuk “Technische gegevens/gegevenstabel”). 3. 3.
1 Werkingsgebied voor werking met warmtepompOmgevingstemperaturen lager dan het werkingsgebiedWanneer de temperatuur daalt onder de ondergrens van het wer-kingsgebied, kan de verdamper met ijs bedekt raken, afhankelijk van de luchtvochtigheid en watertemperatuur. Wanneer de ver-damper met ijs bedekt raakt, schakelt de ijstemperatuurbewaking de compressor van de warmtepomp uit. Na het ontdooien van de verdamper wordt de compressor automatisch ingeschakeld. TipHet ontdooien van de verdamper leidt tot langere op-warmprocessen.
Bediening InstellingenNEDERLANDSwww. stiebel-eltron. com WWK 220-300 electronic | 7Omgevingstemperaturen hoger dan het werkingsgebiedWanneer de temperatuur stijgt tot boven de bovengrens van het werkingsgebied, schakelen de veiligheidsvoorzieningen het toe-stel uit. Na een afkoeltijd van een paar minuten wordt het toestel opnieuw automatisch ingeschakeld. Als de omgevingstemperatuur opnieuw hoger is dan de toegelaten temperatuurwaarde, wordt het toestel opnieuw uitgeschakeld. 3. 4 OntdooiingKoude aanzuiglucht kan, afhankelijk van de luchtvochtigheid en de temperatuur van het warme tapwater, tot bevriezing van de verdamper leiden. Het toestel is uitgerust met een elektronische ontdooiingscontrole. Tijdens het ontdooiproces wordt het opwar-mingsproces van het tapwater onderbroken. Tijdens het ontdooi-proces schakelt het toestel de compressor uit. De ventilator blijft draaien.
Het ontdooiproces wordt op het display van het toestel weergegeven. Het toestel is ingesteld op een maximale ontdooiingstijd. Wanneer de maximale ontdooiingstijd wordt overschreden, beëindigt het toestel het ontdooiingsproces en schakelt het de elektrische nood-/bijverwarming vrij. TipHet ontdooien van de verdamper leidt tot langere op-warmprocessen. TipHet toestel start met het ontdooiingsproces wanneer de looptijd van de compressor de in het toestel opgeslagen ontdooiingstijd bereikt. 3. 5 VorstbeschermingWanneer de door de integraalsensor berekende temperatuur daalt onder een grenswaarde, schakelt het toestel een vorstbescher-mingsfunctie in. Zie het hoofdstuk “Technische gegevens/toestel-parameters”. Het toestel warmt het water met de warmtepomp en de elektrische nood-/bijverwarming op.
timers, ener-giebeheersystemen of huisregelinstallaties, moeten de volgende voorwaarden in acht genomen worden: - De minimale inschakeltijd is 60 minuten. - De minimale pauzetijd na het uitschakelen is 20 mi-nuten. - Het aantal in- resp. uitschakelprocessen mag per dag niet meer zijn dan 10. - De contactbelastbaarheid van de schakelactor moet voldoen aan de vereisten voor de zekering (zie hoofdstuk "Technische gegevens/Gegevenstabel"). 3. 7 Aansluiting van een externe signaalgever TipDe aansluitvariant mag alleen door een installateur uit-gevoerd worden. Op de ingebouwde contactingang kunnen externe signaalgevers worden aangesloten, zoals een fotovoltaïsche installatie voor het opwekken van zonne-energie. Het toestel heeft een in de fabriek vooringestelde, tweede ge-vraagde temperatuurwaarde. Deze wordt geactiveerd, wanneer er een extern schakelsignaal is opgetreden.
gevraagde temperatuur 2 is heeft prioriteit op de standaard gevraagde temperatuur, zo lang het externe schakelsignaal aanwezig is. gevraagde tempe-ratuur2 is na een eenmalige activering (signaal was ten minste 1 minuut aanwezig) gedurende minstens 20minuten geldig en krijgt prioriteit boven gevraagde temperatuur1. U kunt gevraagde temperatuur 2 op het toestel wijzigen (zie hoofd-stuk “Instellingen/Instellingen/gevraagde temperatuur 2”). 4. Instellingen4. 1 Display en bedieningselementen Tip15 seconden na elke bediening van het toestel wordt de standaardweergave automatisch hersteld (mengwatervo-lume) en wordt de ingestelde waarde opgeslagen. e l e c t r o n i c254D0000059162311 Display2 Toets “Plus”3 Toets “Min”4 Toets “Snelopwarming”5 Toets “Menu”.
Instellingen8 | WWK 220-300 electronic www. stiebel-eltron. com4. 1. 1 Symbolen-boolBeschrijving Mengwatervolume: Het op dat moment beschikbare mengwatervo-lume van 40°C wordt aangegeven bij 15°C koudwatertemperatuur. Actuele temperatuur: De huidige, actuele temperatuur wordt weergegeven. De actuele temperatuur toont de temperatuur in de bovenste zone van het warmwatervat en komt dus in grote mate overeen met de uitlooptemperatuur. gevraagde temperatuur Externe signaalgever: De gevraagde temperatuur2 is de warm-watertemperatuur voor regeling van het toestel, wanneer er een externe signaalgever aangesloten en ingeschakeld is. Stand-by: Het symbool knippert, wanneer de elektronica en de last (compressor) van het toestel apart met stroom gevoed worden. Deze aansluitvariant is bijv.
noodzakelijk, wanneer het toestel via schakelcontactdozen van een energiebeheersysteem gebruikt dient te worden (zie hoofdstuk "Elektrische aansluiting"). elektrische nood-/bijverwarming: Dit symbool wordt weergegeven, wanneer er een aanvraag voor deze toestelcomponent bestaat. De elektrische nood-/bijverwarming is bij weergave van het symbool niet noodzakelijkerwijs in werking. Warmtepomp: Dit symbool wordt weergegeven, wanneer er een aanvraag voor deze toestelcomponent bestaat. De compressor is bij de weergave van het symbool niet noodzakelijkerwijs in werking. Ontdooien actief Service/Fout: Wanneer het symbool "Service/Fout" op het display verschijnt, informeer dan uw installateur. Als het symbool continu is verlicht, gaat het om een storing die de werking van het toestel niet onderbreekt.
Als het symbool "Service/Fout" knippert, wordt het water niet opgewarmd en is het beslist vereist dat u de instal-lateur waarschuwt. Wanneer de noodopwarmingswerking inge-schakeld wordt, doet zich een bijzonder geval voor. Dan warmt de elektrische nood-/bijverwarming het water op ondanks het knippe-rende symbool Service/Fout.
De symbolen “Elektrische nood-/bijverwarming” en “Warmte-pomp” worden weergegeven, wanneer er een aanvraag voor deze toestelcomponenten is. De elektrische nood-/bijverwarming en de warmtepomp zijn bij weergave van de symbolen niet noodzake-lijkerwijs in werking. Voorbeeld: Het toestel staat in de functie “Snel-/comfortopwar-ming”. De elektrische nood-/bijverwarming schakelt uit, wanneer in de bovenste boilerzone 65°C bereikt is. De warmtepomp heeft de onderste zone nog niet tot 65°C opgewarmd en daardoor is de functie “Snel-/comfortopwarming” nog niet beëindigd. Het symbool “Elektrische nood-/bijverwarming” wordt net zo lang weergegeven tot de snel-/comfortopwarming beëindigd is. 4. 2 InstellingenMenuIn de standaardweergave toont het display het mengwatervolume. Met de toets "Menu" roept u één voor één alle informatie en instelmogelijkhe-den op. Het overeenkomstige symbool verschijnt.
Weergave "Mengwatervolume" Weergave "Actuele temperatuur" gevraagde temperatuur 1 gevraagde temperatuur 2 Eenheden omschakelen Laadgraad Foutcode E-foutcode Weergave “Mengwatervolume”Het op dat moment beschikbare meng-watervolume van 40°C wordt aangege-ven bij 15°C koudwatertemperatuur. Wanneer er op een bepaald moment minder dan 10l mengwater beschikbaar is, wordt "-- L" aangegeven. Baden 120-150 lDouchen 30-50 lHanden wassen 2-5 lHet verkrijgbare mengwatervolume is afhankelijk van de grootte van de boiler en van de ingestelde gevraagde temperatuur. Weergave “Actuele temperatuur”Druk in het menu "Mengwatervolume" één keer op de toets "Menu" om naar het menu "Actuele temperatuur" te gaan. Het symbool "Actuele temperatuur" wordt weergegeven. De huidige, actuele temperatuur wordt weergegeven.
Bediening InstellingenNEDERLANDSwww. stiebel-eltron. com WWK 220-300 electronic | 9 Gevraagde temperatuur 1 TipStel om redenen van hygiëne de warmwatertemperatuur niet lager in dan 50°C. gevraagde temperatuur1 is de warmwatertemperatuur voor regeling van het toestel, wanneer er geen externe signaalgever aangesloten en ingeschakeld is. Druk in het menu "Actuele temperatuur" één keer op de toets "Menu" om naar het menu "gevraagde temperatuur 1" te gaan. Het symbool "gevraagde temperatuur1" wordt weergegeven. U kunt de waarde wijzigen met de toet-sen "Plus" en "Min". Instelbereik: 20 - 65 °C TipU gaat ook naar de instelling van gevraagde tempera-tuur1 door in de standaardweergave (mengwatervolu-me) op de toetsen "Plus" of "Min" te drukken. VorstbeschermingWanneer u de gevraagde temperatuur met de toets "Min" instelt op minder dan 20°C, is alleen nog de vorstbescherming actief.
Op het display wordt "--°C" weer-gegeven. Gevraagde temperatuur 2 TipStel om redenen van hygiëne de warmwatertemperatuur niet lager in dan 50°C. De gevraagde temperatuur2 is de warmwatertemperatuur voor regeling van het toestel, wanneer er een externe signaalgever aangesloten en ingeschakeld is. Druk in het menu "gevraagde tempera-tuur 1" één keer op de toets "Menu" om naar het menu "gevraagde temperatuur 2" te gaan. Het symbool "Externe signaal-gever" wordt weergegeven. U kunt de waarde wijzigen met de toet-sen "Plus" en "Min". Instelbereik: 20 - 65 °CWerking met externe signaalgever. Materiële schadeZie "Toegelaten spanningsbereik van externe signaalge-ver" in hoofdstuk "Technische gegevens/Gegevenstabel".
De toestellen zijn standaard zo uitgevoerd dat u aan een aangeslo-ten, externe signaalgever, zoals een PV-installatie of een signaal-gever voor het daltarief, een eigen, individuele gevraagde waarde voor de warmwatertemperatuur toewijzen kunt (“gevraagde tem-peratuur2”).
Deze gevraagde temperatuur2 wordt geactiveerd, wanneer er op de voor de externe signaalgever voorziene klem een signaal aanwezig is (zie hoofdstuk “Elektrische aansluiting/Aansluitvariant met externe signaalgever”). gevraagde tempe-ratuur2 vervangt in de periode waarin deze is ingeschakeld, de standaard gevraagde waarde voor de warmwatertemperatuur (“gevraagde temperatuur1”). Als de gevraagde temperatuur2 door de externe signaalgever wordt ingeschakeld, blijft deze gevraagde temperatuur daarna ge-durende een minimale looptijd van 20minuten ingeschakeld. Als het signaal na het verstrijken van deze 20minuten nog aanwezig is, loopt de compressor door totdat het externe signaal verdwijnt of totdat de nominale temperatuur 2 bereikt wordt. Daarna is de ingestelde nominale temperatuur1 geactiveerd.
Indien de overeenkomstige gevraagde waarde van de warmwa-tertemperatuur bereikt is, schakelt de compressor uit en blijft gedurende een minimale rusttijd van 20minuten uitgeschakeld. De volgende illustratie licht de samenhang toe aan de hand van een voorbeeld van het signaalverloop van een externe signaal-gever. Voorbeeld:Watertemperatuur °C 55gevraagde temperatuur 1 °C 50gevraagde temperatuur 2 °C 65A100 5 10 15 20 25 30 35 40 45 50 55 60 65 70 75 t [min]B110 20 5 10 15 20 25 30 35 40 45 50 55 60 65 70 75 t [min]D0000034613A Extern signaalB Compressor1 20 min minimuminschakeling gevraagde temperatuur22 20 min minimumrusttijd compressor TipEen extern signaal moet minstens 60seconden aanhou-den voordat het door de regeling herkend wordt. Dit voorkomt bijv.
Instellingen10 | WWK 220-300 electronic www. stiebel-eltron. com Eenheden omschakelenU kunt kiezen of de temperaturen en de volumegegevens in SI-eenheden of US-eenheden weergegeven worden. Wanneer u 1 instelt, worden de waarden in Celsius en liter weergegeven. Wanneer u 0 instelt, worden de waarden in Fahrenheit en gallon weergegeven. Druk op de toets "Menu" totdat op het display "SI" verschijnt. Stel met de toetsen "Plus" en "Min" in of de weergave in SI-eenheden (1) of US-eenheden (0) dient te zijn. LaadgraadAls het minimaal ter beschikking gestelde mengwatervolume bij de ingestelde gevraagde temperatuur niet volstaat, kunt u de naverwarmingshysteresis verlagen door de oplaadgraad te ver-hogen. Op die manier verhoogt u het minimaal ter beschikking gestelde warmwatervolume. Dit effect is vergelijkbaar met een virtuele verschuiving naar beneden van de temperatuursensor.
Daardoor stijgt het warmwatercomfort. De efficiëntie van het toe-stel wordt daardoor lichtjes nadelig beïnvloed. Wanneer het beschikbare mengwatervolume daalt naar het in de parameter “Oplaadgraad” ingestelde procentueel aandeel van het maximale mengwatervolume, start de drinkwateropwarming. Laadgraad % 40Het weergegeven mengwatervolume heeft betrekking op een mengwatertemperatuur van 40°C. Bij watertemperaturen onder 40°C (±1K) wordt het mengwatervolume niet berekend en weer-gegeven. Een andere inschakelvoorwaarde, die de inschakelvoorwaarden voor de oplaadgraad overlapt, is het dalen van de door de koepel-sensor bepaalde temperatuur met 6K onder de actieve gevraagde temperatuur. Druk op de toets "Menu" tot op het dis-play een "L" verschijnt, gevolgd door een getal. U kunt de waarde wijzigen met de toet-sen "Plus" en "Min".
Indien er geen fout opgetreden is, is dit menu niet ingeschakeld. Zie hoofdstuk “Probleemoplossing/foutcode”. E-foutcodeWanneer er sprake is van een storing in het koelcircuit, verschijnt er een foutcode voorafgegaan door de letter E. Waarschuw een installateur. 4. 3 Toets “Snelopwarming” TipOm met de toets "Snelopwarming" de snel-/comfortop-warming te starten, moet het display op het startbeeld-scherm staan. Druk twee seconden op de toets "Sne-lopwarming". De symbolen "Warmtepomp" en "Elek-trische nood-/bijverwarming" worden getoond. 4. 3. 1 Snel-/comfortopwarmingDoorgaans wordt met de toets “Snelopwarming” de snel-/com-fortopwarming ingeschakeld, zodat een ongepland hoge warm-waterbehoefte afgedekt kan worden zonder de basisinstellingen op het toestel te veranderen.
Wanneer u de snel-/comfortopwarming handmatig met een druk op de toets inschakelt, gaan, onafhankelijk van de ingestelde ge-vraagde temperatuur, de warmtepomp en de elektrische nood-/bijverwarming één keer parallel in werking tot de warmwater-temperatuur in de boiler 65°C bereikt heeft. Wanneer de watertemperatuur in het bovenste gedeelte van de boiler met een hysteresiswaarde boven de gevraagde tempera-tuur aan de koepelsensor stijgt, schakelt de elektrische nood-/bijverwarming uit. De elektrische nood-/bijverwarming blijft in stand-by tot de gevraagde temperatuur in de volledige warmwa-terboiler bereikt is. Het knipperende symbool “Elektrische nood-/bijverwarming” geeft aan dat de elektrische nood-/bijverwarming in stand-by staat. De snel-/comfortopwarming blijft geactiveerd totdat al het water in het warmwatervat een temperatuur heeft bereikt van 65°C (comfortopwarming).
NEDERLANDSwww. stiebel-eltron. com WWK 220-300 electronic | 114. 3. 2 NoodopwarmingswerkingWanneer het toestel defect is, is het mogelijk om met de noodop-warmingswerking de elektrische nood-/bijverwarming in werking te stellen. Na een warmwateraanvraag controleert het toestel om de 15 mi-nuten de temperatuurverhoging. Als bij het verstrijken van de maximale temperatuurverhogingsduur (zie hoofdstuk “Techni-sche gegevens”) in elk meetinterval de temperatuurverhoging < 0,25°C is, schakelt het toestel de compressor uit. Op het display knippert het symbool “Service/Fout” en met een foutcode wordt weergegeven dat het toestel niet opwarmt. Druk twee seconden op de toets "Sne-lopwarming". Het symbool “elektrische nood-/bijver-warming” verschijnt. Het symbool “Ser-vice/Fout” knippert.
Nadat de toets “Snelopwarming” ingedrukt is, wordt de weerge-geven foutcode met de waarde 256 verhoogd, omdat de foutcodes bij elkaar opgeteld worden (zie de foutcodetabel in hoofdstuk “Probleemoplossing”). Het symbool “Service/Fout” blijft knip-peren. De elektrische nood-/bijverwarming wordt ingeschakeld. De huidige gevraagde temperatuur (gevraagde temperatuur 1 of gevraagde temperatuur2) wordt genegeerd. In noodopwar-mingswerking werkt het toestel met een vast ingestelde gevraagde temperatuur. In het bovenste gedeelte van de boiler wordt het drinkwater door de elektrische nood-/bijverwarming opgewarmd tot 65°C. Nadat de functie met de toets “Snelopwarming” één keer geac-tiveerd is, blijft deze functie gedurende 7dagen ingeschakeld. Na 7dagen noodopwarmingswerking wordt de elektrische nood-/bijverwarming uitgeschakeld.
Wanneer u binnen die 7dagen noodopwarmingswerking opnieuw gedurende twee seconden op de toets “Snelopwarming” drukt, begint vanaf dit tijdstip de looptijd van de zevendaagse noodop-warmingswerking opnieuw. Wanneer de zevendaagse looptijd van de noodopwarmingswer-king verstreken is, kunt u de noodwerking opnieuw voor een looptijd van 7 dagen starten door op de toets “Snelopwarming” te drukken. Drukken op de toets “Snelopwarming” schakelt alleen de noodop-warmingswerking in, wanneer eerst de fout met foutcode 8 is opgetreden. In de normale werking zorgt het drukken op de toets “Snelopwarming” alleen voor een eenmalige opwarming van het warmwatervat. Na een spanningsonderbreking is de noodopwarmingswerking niet meer actief. Het toestel probeert weer met de warmtepomp op te warmen.
Om niet op het verstrijken van de temperatuur-verhogingsduur (zie hoofdstuk “Technische gegevens”) te moeten wachten, kunt u de handmatige noodopwarmingswerking starten. Handmatige noodopwarmingswerkingAls er een storing is en er geen foutcode wordt weergegeven, kunt u de noodopwarmingswerking activeren. Houd de toetsen “Plus” en “Min” in-gedrukt. Druk bovendien op de toets “Menu” en houd alle drie toetsen gedu-rende 5 seconden ingedrukt. Het symbool “elektrische nood-/bijver-warming” verschijnt. Het symbool “Ser-vice/Fout” knippert. 4. 4 NooduitschakelingWanneer er een noodgeval is opgetreden, gaat u als volgt te werk: Onderbreek de stroomvoorziening door de stekker uit het stopcontact te halen of door de zekering uit te schakelen. Sluit de koudwatertoevoer.
Informeer onmiddellijk een installateur, omdat het toestel bij onderbroken stroomvoorziening niet tegen corrosie be-schermd is. 5. Onderhoud en verzorging WAARSCHUWING elektrische schokReinig alleen de buitenzijde van het toestel. Open het toestel niet. Steek geen voorwerpen door het rooster in het inwendige van het toestel. Spuit het toestel niet schoon met water.
Spuit geen water in het toestel. WAARSCHUWING letselOnderhoudswerkzaamheden, zoals het controleren van de elektrische veiligheid, mogen alleen uitgevoerd wor-den door een installateur. -ponentenBehuizing Voor de verzorging van de onderdelen van de behuizing vol-staat een vochtige doek. Gebruik geen schurende reinigings-middelen of reinigingsmiddelen die oplosmiddelen bevatten. Luchttoevoer-rooster/luchtaf-voerroosterReinig elk half jaar het luchttoevoerrooster en het luchtaf-voerrooster. Spinnenwebben of ander vuil kunnen schadelijk zijn voor de luchttoevoer van het toestel. Warmwater-boiler Het warmwatervat is uitgerust met een onderhoudsvrije gelijkspanningsanode als bescherming tegen corrosie. De gelijkspanningsanode kan het toestel alleen beschermen als het toestel niet spanningsvrij geschakeld wordt zolang het met water gevuld is.
Anders dreigt het gevaar van corrosie. Elektr. nood-/bijverwarming Laat de elektrische nood-/bijverwarming periodiek ontkal-ken. Dit zorgt voor een langere levensduur van de elektrische nood-/bijverwarming. Toestel Laat de veiligheidsgroep en de verdamper periodiek contro-leren door een installateur. Condensaataf-voer Schroef het elleboogstuk van de condensaatafvoer. Contro-leer de condensaatafvoer op vrije doorloop en verwijder vuil op de aansluiting "Condensaatafvoer".
Problemen verhelpen12 | WWK 220-300 electronic www. stiebel-eltron. comKalkaanslagBijna al het water geeft kalk af bij hoge temperaturen. De kalk slaat neer in het toestel en beïnvloedt de werking en de levens-duur van het toestel. De installateur, die op de hoogte is van de plaatselijke waterkwaliteit, kan u meedelen wanneer het volgende onderhoud uitgevoerd moet worden. Controleer regelmatig de kranen. Verwijder kalk op de kraanuitlopen met in de handel verkrijgbare ontkalkingsmiddelen. Stel het veiligheidsventiel regelmatig in werking, zodat het niet gaat blokkeren door bijv. kalkafzettingen. 6. Problemen verhelpen TipOp sommige plaatsen wordt verwezen naar de toestelpa-rameters. Zie hoofdstuk "Technische gegevens". OplossingEr wordt geen warm water beschikbaar gesteld. Het toestel heeft geen spanning.
Controleer of het toestel op de stroomvoorziening aangeslo-ten is. Een zekering van de huisin-stallatie is geactiveerd. Controleer of de zekeringen van de huisinstallatie zijn geacti-veerd. Ontkoppel het toestel evt. van de stroomvoorziening en schakel de zekeringen op-nieuw in. Neem contact op met een installateur als de zekering na het aansluiten van het toe-stel op de stroomvoorziening opnieuw geactiveerd wordt. De vermogensgegevens van het toestel zijn in over-eenstemming met de norm met de in de gegevenstabel vermelde aanzuigtem-peratuur berekend. De efficiency en het vermogen van het toestel nemen af als die temperatuur lager is dan die temperatuur. Er sprake is van een langere opwarmtijd. Er is geen ingreep vereist. Het veiligheids-ventiel van de warmwaterboi-ler druppelt. De tank van het toestel staat onder waterleidingdruk.
Tijdens het verwarmen kan er expansiewater uit het veiligheidsventiel drup-pelen. Waarschuw uw installateur, als er na het opwarmen nog water nadruppelt. De condensaat-afvoer drup-pelt.
De oppervlaktetemperatuur van de verdamper is lager dan de dauwpunttempera-tuur van de omgevingslucht. Er ontstaat condensaat. De hoeveelheid condensaat is afhankelijk van het vochtgehalte van de lucht. De kamertem-peratuur daalt. Door de werking van het toestel kan de tempera-tuur in de ruimte 1 tot 3°C dalen, omdat het toestel energie uit de lucht haalt. Controleer de grootte van de ruimte als de ruimtetempera-tuur met meer dan 5°C daalt (zie hoofdstuk "Technische gegevens/gegevenstabel"). Een oplossing kan energietoevoer zijn door een deur naar een an-dere ruimte te openen. Hoog stroom-verbruik Hoe lager de aanzuigtem-peratuur is, des te minder efficiënt is een warmte-pomp. Vermijd, indien mogelijk, hoge gevraagde temperaturen en het gebruik van de snelopwarming. OplossingHet symbool "Service/Fout" is continu ver-licht. Zie hoofdstuk "Foutcode".
Waarschuw een installateur. Het continu verlichte symbool "Service/Fout" toont aan dat er een fout opgetreden is, waarbij de warmtepomp desondanks werkt. Het symbool "Service/Fout" knippert en het water wordt niet warm. Zie hoofdstuk "Foutcode". Waarschuw in elk geval op korte termijn een installateur. Het knipperende symbool "Ser-vice/Fout" toont aan dat er een fout is opgetreden, waardoor de warmtepomp niet meer verwarmt. Het symbool "Ontdooien" wordt weerge-geven. Het toestel werkt in de ont-dooimodus. Er is geen ingreep vereist. Het symbool "warmtepomp" knippert. Er is een warmteaanvraag, maar de compressor is ge-blokkeerd. Er is geen ingreep vereist. De compressor schakelt automa-tisch in als de compressorblok-keringstijd verstreken is. Het knipperen van het symbool eindigt automatisch. Het symbool "elektrische nood-/bij-verwarming" knippert.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Stiebel Eltron WWK 300 electronic SOL stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Ketel & boiler Stiebel Eltron
Alle Stiebel Eltron Ketel & boiler handleidingen