Stiebel Eltron WPL 17 IKCS classic Handleiding

Stiebel Eltron Warmtepomp WPL 17 IKCS classic

Bekijk gratis de handleiding van Stiebel Eltron WPL 17 IKCS classic (44 pagina’s), behorend tot de categorie Warmtepomp. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 28 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Stiebel Eltron WPL 17 IKCS classic of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/44
GEBRUIK EN INSTALLATIE
Lucht-water-warmtepomp
»WPL 09 ICS classic
»WPL 09 IKCS classic
»WPL 17 ICS classic
»WPL 17 IKCS classic

Beoordeel deze handleiding

4.6/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Stiebel Eltron
Categorie: Warmtepomp
Model: WPL 17 IKCS classic

Handleiding Stiebel Eltron WPL 17 IKCS classic – volledige tekst

4 Gegevenstabel ��������������������������������������������������� 41GARANTIEMILIEU EN RECYCLINGBzondere instructies - Het toestel kan door kinderen vanaf 8jaar, als-mede door personen met fysieke, zintuiglijke of geestelijke beperkingen of met een gebrek aan ervaring en kennis gebruikt worden, wanneer er toezicht op hen gehouden wordt, of wanneer ze met betrekking tot het veilige gebruik van het toestel getraind zijn en de gevaren die daaruit ontstaan, begrepen hebben. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht het toestel niet reinigen noch gebruiker-sonderhoudstaken uitvoeren.

www. stiebel-eltron. com WPL ICS classic | WPL IKCS classic | 3  - Aansluiting op het elektriciteitsnet is alleen als vaste aansluiting toegestaan. Installeer een vei-ligheidsvoorziening, waarmee het toestel via een scheidingstraject van 3mm van het stroomnet kan worden gescheiden. Veiligheidsvoorzieningen zijn bijv. veiligheidsschakelaars, LS-schakelaars, zekeringen. - Houd de minimale afstanden aan om een sto-ringsvrije werking van het toestel te waarborgen en onderhoudswerkzaamheden aan het toestel mogelijk te maken. - Onderhoudswerkzaamheden, zoals het controle-ren van de elektrische veiligheid, mogen alleen uitgevoerd worden door een installateur. - Wij adviseren om periodiek een inspectie (actuele toestand vaststellen) en desgewenst een onder-houdsbeurt (gewenste toestand herstellen) door een installateur te laten uitvoeren.

- Nadat het toestel spanningsvrij is geschakeld, kan het toestel nog gedurende 2minuten onder spanning staan, omdat de condensatoren op de inverter nog moeten ontladen. - De voeding van de warmtepomp mag ook bui-ten de verwarmingsperiode niet onderbroken worden. Wordt deze wel onderbroken, dan is de vorstbescherming van het warmtepompsysteem niet langer gewaarborgd. - De warmtepomp wordt door de warmtepompma-nager automatisch naar het zomer- of winterbe-drijf geschakeld. - Maak de installatie aan de waterzijde leeg, ter-wijl de warmtepomp volledig uitgeschakeld is en wanneer er vorstgevaar bestaat. 1. Algemene aanwijzingenDe hoofdstukken "Bijzondere info" en "Bediening" zijn bedoeld voor de gebruiker van het toestel en de installateur. Het hoofdstuk "Installatie" is bedoeld voor de installateur. AanwijzingLees deze handleiding voor gebruik zorgvuldig door en bewaar deze.

1 Geldende documenten  Bedieningshandleiding van de warmtepompmanager WPM  Ingebruiknamehandleiding van de warmtepompmanager WPM  Bedienings- en installatiehandleiding van alle compo-nenten die tot de installatie behoren1. 2 Veiligheidsaanwijzingen1. 2. 1 Opbouw van veiligheidsaanwijzingen. TREFWOORD Soort gevaarHier worden de mogelijke gevolgen vermeld, wanneer de veiligheidsaanwijzingen genegeerd worden. f Hier staan maatregelen om gevaren te voorkomen. 1. 2. 2 Symbolen, soort gevaarSymbool Soort gevaar Letsel Elektrische schok 1. 2. 3 Trefwoorden BetekenisGEVAAR Aanwijzingen die leiden tot zwaar letsel of overlijden, wan-neer deze niet in acht genomen worden. WAARSCHUWING Aanwijzingen die kunnen leiden tot zwaar letsel of overlij-den, wanneer deze niet in acht genomen worden.

BedieninG Veiligheid4 |WPL ICS classic | WPL IKCS classic www. stiebel-eltron. com1. 3 Andere aandachtspunten in deze documentatie AanwijzingAlgemene aanwijzingen worden aangeduid met het hier-naast afgebeelde symbool. f Lees de aanwijzingsteksten grondig door. Symbool Betekenis Materiële schade(toestel-, gevolg-, milieuschade) Het toestel afdanken f Dit symbool geeft aan dat u iets moet doen. De vereiste han-delingen worden stap voor stap beschreven. 1. 4 Meeteenheden AanwijzingTenzij anders vermeld, worden alle afmetingen in milli-meter aangegeven. 1. 5 Prestatiegegevens conform normToelichting voor de bepaling en interpretatie van de aangegeven prestatiegegevens conform de norm. 1. 5. 1 EN 14511De met name in tekst, grafieken en het technisch blad vermelde prestatiegegevens zijn berekend conform de meetomstandighe-den van de in de titel van deze paragraaf aangeduide norm.

Daar-bij gaat het afwijkend van deze norm bij de prestatiegegevens voor lucht-water inverter warmtepompen bij brontemperaturen > -7°C om gedeeltelijke belastingwaarden. De betreffende procen-tuele weging kan aan het gedeeltelijke belastinggebied van de EN 14825 en aan vaste activiteiten volgens het EHPA-kwaliteitszegel ontleend worden. De bovengenoemde meetomstandigheden komen doorgaans niet volledig overeen met de bestaande omstandigheden bij de ge-bruiker. Afhankelijk van de geselecteerde meetmethode en de mate waarin de geselecteerde methode afwijkt van de in de eerste alinea van deze paragraaf gedefinieerde meetomstandigheden, kunnen de afwijkingen aanzienlijk zijn. Andere factoren die de meetwaarden beïnvloeden, zijn de meet-middelen, de systeemopbouw en ouderdom van de installatie en de debieten.

1 Reglementair gebruikHet toestel dient om ruimten te koelen en te verwarmen binnen het werkingsgebied dat in de technische gegevens is opgegeven. Er mag alleen lucht naar het toestel worden aangevoerd die vrij is van vetten en grove verontreinigingen, zoals bijv. pluizen. Het temperatuurniveau van de aangevoerde lucht moet ongeveer met de gemeten temperatuur van de buitentemperatuursensor overeenkomen. Het toestel is bestemd voor gebruik in een huishoudelijke omge-ving. Het kan op een veilige manier bediend worden door onge-schoolde personen. Het toestel kan eveneens buiten een huishou-den gebruikt worden, bijv. in het kleinbedrijf, voor zover het op dezelfde wijze gebruikt wordt. Elk ander gebruik dat verder gaat dan wat hier wordt omschreven, geldt als niet reglementair.

Onder reglementair gebruik valt ook het in acht nemen van deze handleiding alsmede de handleidingen voor het gebruikte toebehoren. 2. 2 VeiligheidsaanwijzingenNeem de hierna vermelde veiligheidsaanwijzingen en voorschrif-ten in acht. - De elektrische installatie en de installatie van het ver-warmingscircuit mogen alleen uitgevoerd worden door installateurs. - De installateur is tijdens de installatie en de eerste inge-bruikname verantwoordelijk voor het naleven van de gelden-de voorschriften. - Gebruik het toestel alleen als het volledig geïnstalleerd is en als alle veiligheidsvoorzieningen aangebracht zijn. - Bescherm het toestel tegen stof en vuil tijdens de bouwfase. - Een slechte luchtkwaliteit kan het toestel beschadigen. Zorg ervoor dat er op de opstellocatie van het toestel geen olie-achtige en zouthoudende (chloorhoudende) lucht aanwezig is.

WAARSCHUWING letselHet toestel kan door kinderen vanaf 8jaar, alsmede door personen met fysieke, zintuiglijke of geestelijke beperkingen of met een gebrek aan ervaring en kennis gebruikt worden op voorwaarde dat er iemand toezicht houdt, of dat ze onderricht zijn hoe ze het toestel veilig moeten gebruiken en begrijpen welke gevaren hiermee gepaard gaan. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht het toestel niet reinigen noch gebruikersonderhoudstaken uitvoeren. WAARSCHUWING letself Gebruik het toestel om veiligheidsredenen alleen met een gesloten behuizing. 2. 3 KeurmerkZie het typeplaatje op het toestel.

 www. stiebel-eltron. com WPL ICS classic | WPL IKCS classic | 53. ToestelbeschrijvingHet toestel is een verwarmingswarmtepomp die als lucht-wa-ter-warmtepomp werkt. Het toestel onttrekt op een laag temperatuurniveau warmte aan de buitenlucht en geeft deze op een hoger temperatuurniveau aan het cv-water af. Het cv-water kan tot een aanvoertemperatuur van 60°C worden opgewarmd. Het toestel beschikt over een elektrische nood-/bijverwarming (NHZ). Om de verwarmingsfunctie en de beschikbaarheid van warm water met een hoge temperatuur te waarborgen, wordt tij-dens de monovalente werking de elektrische nood-/bijverwarming als noodverwarming geactiveerd, wanneer het bivalentiepunt niet wordt gehaald. In de mono-energetische werking wordt in een dergelijk geval de elektrische nood-/bijverwarming lastafhankelijk vanaf het bivalentiepunt als bijverwarming geactiveerd.

Overige eigenschappen - Geschikt voor vloerverwarming en radiatorverwarming - Bij voorkeur voor lagetemperatuurverwarming - Haalt uit de buitenlucht zelfs nog warmte bij een buitentem-peratuur van -20°C - Tegen corrosie beschermde, buitenste bekledingsdelen van thermisch verzinkte staalplaat, bovendien gemoffeld - Bevat alle componenten die voor de werking nodig zijn, als-mede veiligheidstechnische inrichtingen - Bevat niet-brandbaar veiligheidskoudemiddel3. 1 Werkwijze3. 1. 1 VerwarmenMet de warmtewisselaar aan de luchtzijde (verdamper) wordt warmte onttrokken aan de buitenlucht. Het verdampte koude-middel wordt met een compressor gecomprimeerd. Daarvoor is elektrische energie vereist. Het koudemiddel heeft nu een hogere temperatuur. Een tweede warmtewisselaar (condensor) geeft de warmte af aan het verwarmingscircuit.

Daarna wordt de druk van het koudemiddel lager en begint het proces van voren af aan. Bij lagere luchttemperaturen dan ca. +7°C slaat de luchtvoch-tigheid als rijp op de verdamperlamellen neer.

Deze rijpaanslag wordt automatisch ontdooid. Het daarbij optredende water wordt in de condensbak opgevangen en via een slang afgevoerd. Materiële schadeTijdens de ontdooifase schakelt de ventilator uit en wordt de warmtepompkring omgekeerd. De voor het ontdooien benodigde warmte wordt uit het buffervat gehaald. Bij werking zonder buffervat moet u rekening houden met het hoofdstuk "Menu/menubeschrijving/INSTELLINGEN/VERWARMEN/BASISINSTELLING/BUFFERWERKING" in de ingebruiknamehandleiding van de WPM. Anders kan de warmtepomp onder ongunstige omstandigheden bescha-digd raken. Aan het einde van de ontdooifase schakelt de warmtepomp auto-matisch terug naar de verwarmingsmodus. Materiële schadeBij bivalente werking kan de warmtepomp worden door-stroomd door het retourwater van de tweede warmteop-wekker. Houd er rekening mee dat de retourtemperatuur maximaal 60°C mag zijn. 3. 1.

2 Koelen Materiële schadeDe warmtepomp is niet geschikt voor continue koelwer-king het hele jaar door. f Houd rekening met het werkingsgebied (zie hoofd-stuk "Technische gegevens/gegevenstabel"). Materiële schade Als de dauwpunttemperatuur niet bereikt wordt, kan in het koelbedrijf condensaat gevormd worden. f Voorkom condensaatvorming door geschikte maat-regelen. De ruimten worden gekoeld door omkering van het warmtepomp-circuit. Aan het cv-water wordt warmte onttrokken. De verdamper geeft deze warmte af aan de buitenlucht. Bij oppervlakte- en ventilatorkoeling is het noodzakelijk om een afstandsbediening FET te installeren, zodat de meting van de rela-tieve vochtigheid en van de kamertemperatuur om het dauwpunt te bewaken, mogelijk is in een referentieruimte. Bij de ventilatorkoeling is bovendien de installatie van een buf-fervat vereist.

 6 |WPL ICS classic | WPL IKCS classic www. stiebel-eltron. com5. Onderhoud en verzorging Materiële schadeOnderhoudswerkzaamheden, zoals het controleren van de elektrische veiligheid, mogen alleen uitgevoerd wor-den door een installateur. Materiële schadef Houd de luchtafvoer- en luchttoevoeropeningen vrij van sneeuw en bladeren. Een vochtige doek volstaat om de kunststoffen en metalen on-derdelen te verzorgen en te reinigen. Gebruik geen schurende reinigingsmiddelen of reinigingsmiddelen met oplosmiddelen. f Bescherm het toestel tegen stof en vuil tijdens de bouwfase. f Controleer maandelijks de werking van de condensaatafvoer (visuele inspectie). Controleer tevens of er onder of naast het toestel water aanwezig is. Neem het hoofdstuk "Probleemop-lossing" in acht.

Wij adviseren periodiek een inspectie (controleren van de actuele toestand) en, indien nodig, een onderhoudsbeurt (herstellen van de gewenste toestand) door een installateur te laten uitvoeren. 6. Problemen verhelpenStoring  OplossingGeen warm water beschikbaar of de verwarming blijft koud. Het toestel heeft geen spanning. Controleer de zekeringen van de huisinstallatie. Schakel de zeke-ringen evt. opnieuw in. Wanneer de zekeringen na inschakeling opnieuw uitschakelen, waar-schuw dan uw installateur. Er komt water uit het toestel. De condensaatafvoer is mogelijk verstopt. Bel uw installateur om de con-densaatafvoer te laten reinigen. Aan de buiten-zijde van het toestel of op de luchtslangen vindt condensatie plaats. De droogverwarmingsfa-se van het gebouw is nog niet beëindigd. Deze condensatievorming op het toestel dient bij voldoende ventilatie of ontvochtiging van de ruimte ca.

twee jaar na het bou-wen niet meer voor te komen. Er is een hoge relatieve luchtvochtigheid (≥ 60%). De condensatievorming op het toestel mag bij veranderde weersomstandigheden niet meer optreden.

Het toestel is geplaatst in een vochtige ruimte. Vochtige ruimten zijn ruimten waar bijv. door het drogen van de was een hoge luchtvochtig-heid ontstaat. Zorg voor voldoende ventilatie en ontvochtiging van de ruimte. Hang uw wasgoed eventueel in een andere ruimte op. Gebruik een luchtafzuiging. Let erop dat condensdrogers niet leiden tot vermindering van de luchtvochtigheid. De luchtslangen zijn niet correct gemonteerd of afgedicht. Er komt koude lucht naar buiten. Controleer of de luchtslangen correct zijn gemonteerd en afge-dicht. Waarschuw eventueel uw installateur. AanwijzingHoud er rekening mee dat er ook bij een normale con-densaatafvoer water van het toestel op de grond drup-pelt. Waarschuw de installateur, wanneer u de oorzaak niet zelf kunt verhelpen. Hij kan u sneller en beter helpen, als u hem het num-mer op het typeplaatje doorgeeft (000000-0000-000000).

 Veiligheidwww. stiebel-eltron. com WPL ICS classic | WPL IKCS classic | 77. VeiligheidInstallatie, ingebruikname, onderhoud en reparatie van het toestel mogen alleen door een gekwalificeerde installateur uitgevoerd worden. 7. 1 Algemene veiligheidsaanwijzingenWij waarborgen de goede werking en de bedrijfszekerheid uitslui-tend bij gebruik van originele onderdelen en reserveonderdelen voor het toestel. 7. 2 Voorschriften, normen en bepalingen AanwijzingNeem alle nationale en regionale voorschriften en be-palingen in acht. Het geteste toestel voldoet aan IEC61000-3-12. 7. 3 Het toestel gebruiken in gebouwen met vuurhaarden. WAARSCHUWING letselHet toestel genereert drukverliezen aan de luchttoevoer- en luchtafvoerzijde. Het drukverlies aan de luchttoevoer-zijde mag niet groter zijn dan het drukverlies aan de luchtafvoerzijde, omdat anders onderdruk ontstaat.

f Let erop dat het drukverlies aan de luchtafvoerzijde groter is. Aangezien het toestel in de opstelruimte een onderdruk kan ge-nereren, adviseren wij bij gebruik met een vuurhaard een lucht-dicht sluitende deur tussen de opstelruimte en de woonruimte te plaatsen. Als de opstelruimte door zijn gebruik op het luchtafvoersysteem aangesloten is, moet voor dit speciale geval ook een luchttoe-voerventiel in de opstelruimte voorzien worden om de onderdruk in de opstelruimte niet verder te verhogen. De door het toestel gegenereerde onderdruk in de opstelruimte wordt sterk beïnvloed door het drukverlies van de buitenluchtleiding. Daarom moet de buitenluchtleiding zo kort mogelijk zijn. 8.

ToestelbeschrijvingDe geïntegreerde vorstbescherming schakelt bij +8°C condensor-temperatuur de circulatiepomp in de warmtepompkring automa-tisch in en verzekert daardoor de circulatie in alle watervoerende delen. Wanneer de temperatuur in het warmtepompcircuit daalt, wordt de warmtepomp automatisch ingeschakeld als de temperatuur lager wordt dan + 5°C. 8.

instAllAtie Voorbereidingen8 |WPL ICS classic | WPL IKCS classic www. stiebel-eltron. com9. Voorbereidingen9. 1 GeluidsemissiesNeem bij de keuze van de montageplaats de volgende aanwij-zingen in acht. AanwijzingHet toestel is bedoeld voor opstelling in ruimten, behalve in vochtige ruimten. AanwijzingMeer gegevens over het geluidsniveau vindt u in het hoofdstuk "Technische gegevens/gegevenstabel". - Opstelling op balkenplafonds is niet toegestaan. f Laat het frame van het toestel gelijkmatig steunen. Een onef-fen ondergrond kan het geluidsgedrag beïnvloeden. f Plaats het toestel niet direct onder of naast woon- of slaapkamers. f Let op dat de luchtingangs- en -uitgangsopeningen in de bui-tenmuren niet op de ernaast gelegen ramen van woon- en slaapkamers zijn gericht. f Voer de buisdoorvoeringen door muren en plafonds geluid-dempend uit. 9.

2 MinimumafstandenWPL 09 ICS classic | WPL17ICSclassic≥500≥600≥300≥100D0000065698f Houd de minimale afstanden aan om een storingsvrije werking van het toestel te waarborgen en onderhoudswerk-zaamheden aan het toestel mogelijk te maken. WPL 09 IKCS classic | WPL17IKCSclassic≥100≥500≥300≥600D0000065699f Houd de minimale afstanden aan om een storingsvrije werking van het toestel te waarborgen en onderhoudswerk-zaamheden aan het toestel mogelijk te maken. 9. 3 Voorbereiden van de montageplaatsf Neem het hoofdstuk "Geluidsemissie" in acht. Materiële schadeDe vloer in de opstelruimte moet ongevoelig zijn voor water. Tijdens de werking van het toestel scheidt de bui-tenlucht dagelijks tot 50l condenswater af. Bij een hoge luchtvochtigheid in de opstelruimte kan condensaat aan het toestel en aan de luchtslangen ontstaan.

De ruimte waarin het toestel geïnstalleerd moet worden, moet voldoen aan de volgende voorwaarden: - Vorstvrij - De ruimte mag geen gevaar voor explosies door stof, gassen of dampen inhouden. - Bij opstelling van het toestel in een stookruimte samen met andere verwarmingstoestellen moet verzekerd zijn dat de werking van de andere verwarmingstoestellen niet beïnvloed wordt. - Het minimumvolume van de opstelruimte. Bij naleving van de minimumafstanden is het minimumvolume van de opstel-ruimte gegarandeerd.

instAllAtie Voorbereidingenwww. stiebel-eltron. com WPL ICS classic | WPL IKCS classic | 9 - Belastbare vloer (gewicht van het toestel, zie hoofdstuk "Technische gegevens/gegevenstabel"). - Belaste lucht kan corrosie aan koperen materialen in het koelcircuit veroorzaken. De verdamper kan corroderen, waardoor het toestel uitvalt. Stel het toestel niet op in omge-vingen waarin volgende substanties aanwezig zijn. Niet-toegestane substantie Voorbeeld voor opstellocatie met niet-toegestane substan-tieammoniakhoudende atmosfeer zuiveringsinstallatie, varkensstalstoffen die de verdamper verstoppen olie- of vethoudende lucht, stof (ce-ment, meel, enz. ). Aanwijzing: indien de lucht haarspray bevat (bijv. in kapsalons) dient het toestel met kor-tere onderhoudsintervallen te worden gebruikt.

zouthoudende atmosfeer Installaties in de buurt van de kust (< 200m van de kust) kunnen de levens-duur van de componenten verkorten. chloor- of chloridenhoudende atmo-sfeerzwembad, salineatmosfeer met water uit een warme bron Formaldehyde in de atmosfeerbepaalde houten materialen (bijv. OSB-platen) bepaalde isolatiematerialen (bijv. schuim op ureum-formaldehyde-basis (UF-in-situ-schuim))Carbonzuren in de atmosfeerAfvoerlucht van keukens Ingrediënten van vloerreinigers (bijv. azijnreiniger)f Verifieer of de ondergrond horizontaal, vlak, stevig en be-stendig is. f Zorg bij een zwevende dekvloer voor een stille werking van de warmtepomp. f Ontkoppel het opstelvlak rondom de warmtepomp door een uitsparing. Sluit de uitsparing vervolgens af met een niet-waterdoorlatend en geluidsontkoppeld materiaal, bijv. silicone.

 Voorbereidingenwww.stiebel-eltron.com WPL ICS classic | WPL IKCS classic | 11Luchtgeleiding zonder schacht: Door twee buitenmuren diagonaal   236930 237762Lengte m 0,7 0,7≥450≥450≥2050≥1640≥670≥1075≥500≥450≥2050≥1640≥1125≥670D00000707249.4.3 Voorbeeld: Installatie met een luchtslang van 2 m lengte≥600≥1000≥20001700R170500 3001122539D0000073820 AanwijzingWanneer de wandafstand naar achteren kleiner is dan de vermelde afmeting, kort u de luchtslang in.Wanneer de wandafstand naar achteren groter is dan de vermelde maat, gebruikt u een langere luchtslang.f Houd rekening met het hoofdstuk "Luchtslangen plaatsen".9.4.4 Metselwerk isolerenControleer of er tussen het metselwerk en de wanddoorvoeren geen koudebruggen ontstaan.

Koudebruggen kunnen leiden tot condensatievorming op het metselwerk.f Plaats tussen het metselwerk en de wanddoorvoeren, indien nodig, een passende isolatie.9.5 Voorbereiden van de elektrische installatie WAARSCHUWING elektrische schokVoer alle aansluitingen en montagewerkzaamheden betreffende het stroomnet uit conform de nationale en regionale voorschriften. Materiële schadeDe aangegeven spanning moet overeenkomen met de netspanning.f Houd rekening met de specificaties op het typepla-tje.

 Montage12 |WPL ICS classic | WPL IKCS classic www. stiebel-eltron. com Materiële schadeBeveilig afzonderlijk de drie stroomcircuits voor het toe-stel, de sturing en de elektrische nood-/bijverwarming. Materiële schadeBeveilig de stuurkabel van het toestel samen met de warmtepompmanager. AanwijzingHet toestel omvat een frequentieomvormer voor de toe-rentalgeregelde compressor. Wanneer er zich een storing voordoet, kunnen frequentieomvormers gelijkstroomfou-ten veroorzaken. Wanneer bescherminrichtingen tegen foutstromen voorzien zijn, moeten deze voor alle stromen gevoelige beschermingsinrichtingen tegen foutstromen (RCD) van het type B zijn en met 30mA beveiligd zijn. Een lekstroom kan aardlekschakelaars van het type A blokkeren. f Zorg ervoor dat de stroomvoorziening voor het toe-stel gescheiden is van de huisinstallatie.

De elektrische gegevens vindt u in het hoofdstuk “Technische gegevens”. Voor de BUS-kabel heeft u een kabel J-Y (St) 2 x 2 x 0,8mm² nodig. Aansluiting op het elektriciteitsnet is alleen als vaste aansluiting toegestaan. f Installeer een veiligheidsvoorziening, waarmee het toestel via een scheidingstraject van 3mm van het stroomnet kan worden gescheiden. Veiligheidsvoorzieningen zijn bijv. veilig-heidsschakelaars, LS-schakelaars, zekeringen. f Leg de leidingen met de overeenkomstige kabeldiameters. Neem de nationale en regionale voorschriften in acht.

5 mm² U kunt de compressor met de alternatieve kleine zekering be-veiligen. f Wanneer u voor de compressor de kleinere beveiliging kiest, dient u het maximale stroomverbruik te begrenzen. Stel parameter MAXIMALE STROOM in menu INGEBRUIKNAME/COMPRESSOR in. Houd rekening met de gegevens in de inge-bruiknamehandleiding van de warmtepompmanager. Vermogensreductie bij 16A-zekering van de compressorWanneer u een 16A-zekering kiest, wordt het vermogen bij de aangegeven omgevingsvoorwaarden gereduceerd. De vermogens-reductie heeft vooral betrekking op de warmwaterbereiding. Brontemperatuur Aanvoertempera-tuurVermogensreductie[°C] [°C] [%]WPL 17 ICS classic, WPL 17 IKCS classic-735 3 45 149. 6 Buffervat Materiële schadeVoor de koelwerking via ventilatorconvectoren is een dif-fusiedicht, geïsoleerd buffervat absoluut noodzakelijk.

AanwijzingBij het koelbedrijf via vloerverwarming is het buffervat niet noodzakelijk. Om een storingsvrije werking van het toestel te waarborgen, is het aan te bevelen een buffervat te gebruiken. Het buffervat is bestemd voor de hydraulische ontkoppeling van debieten in het warmtepomp- en verwarmingscircuit, en als ener-giebron voor ontdooiing. f Neem voor de werking zonder buffervat de gegevens in het hoofdstuk “Ingebruikname/ Minimale volumestroom verze-keren” in acht. 10. Montage10. 1 TransportTransporteer het toestel, indien mogelijk, op een wegwerppallet naar de plaats van opstelling. Gebruik voor het transport optioneel een steekwagen, een rolwagen of een spanband die als draaglus om de linker verstelbare voeten geplaatst wordt. f Let bij het transport op het zwaartepunt van het toestel. f Bescherm het toestel tijdens het transport tegen zware stoten.

- Als u het toestel tijdens het transport kantelt, mag dit slechts kortstondig aan de rechterzijwand gebeuren. Let erop dat de aansluitstekkers tijdens het transport omhoog wijzen.

- Hoe langer het toestel gekanteld blijft, hoe meer de koude-middelolie zich in het systeem verspreidt. f Wacht ca. 30minuten voordat u het toestel na het te hebben gekanteld, in gebruik neemt. f Transporteer het toestel, indien mogelijk, in de verpakking. Materiële schadeWanneer u het toestel zonder verpakking en zonder pallet transporteert, kan de toestelbekleding beschadigd raken. Demonteer in dit geval de zijwanden en de frontkap (zie hoofdstuk "Toestelbekleding monteren").

instAllAtie Montagewww. stiebel-eltron. com WPL ICS classic | WPL IKCS classic | 13 AanwijzingOm het toestel door een deur te transporteren, dient u eventueel de frontkap te demonteren (zie hoofdstuk "Toe-stelbekleding monteren"). 766766D000007395410. 1. 1 Transport met transporthulpOm het transport te vergemakkelijken, kunt u aan de rechterzij-wand van het toestel een transporthulp monteren (zie hoofdstuk "Toestelbeschrijving/overig toebehoren"). f Demonteer de rechterzijwand van het toestel (zie hoofdstuk "Toestelbekleding monteren"). D000007392811 Transporthulpf Monteer de transporthulp met de meegeleverde schroeven op het toestelframe. f Kantel het toestel aan de rechterzijde ongeveer 45°. f Til het toestel voorzichtig op. f Transporteer het toestel naar de plaats van opstelling. 10.

2 Opstelling AanwijzingOm de frontkap en de zijwanden te bevestigen, zijn onder-aan in het toestelframe bevestigingsschroeven voorzien. f Houd bij de opstelling van het toestel rekening met de rich-ting van de luchtuitvoer. f Plaats het toestel op de voorbereide ondergrond. D0000078840f Schuif de meegeleverde glijschoenen onder de stelvoeten, zodat u het toestel gemakkelijker naar de gewenste plaats kunt schuiven. f Neem de minimumafstanden in acht (zie hoofdstuk "Voorbereidingen/minimumafstanden"). Om de poten tijdens het transport en de montage niet te knikken, is in de leveringstoestand op elke poot een transportbeveiliging gemonteerd. Om de poten in de hoogte te verstellen, kunt u de transportbeveiligingen van de poten zijdelings uittrekken. f Lijn het toestel verticaal uit door aan de in hoogte verstelba-re stelvoeten te draaien. 10.

3 Aanvoer- en retouraansluiting Materiële schade Als de dauwpunttemperatuur niet bereikt wordt, kan in het koelbedrijf condensaat gevormd worden. f U moet de verwarmingsaanvoer- en -retourleidin-gen bij het koelen met ventilatorconvectoren damp-diffusiedicht isoleren.

instAllAtie Montage14 |WPL ICS classic | WPL IKCS classic www. stiebel-eltron. comf Wanneer slechts één retouraansluiting gebruikt wordt, sluit u de ongebruikte retouraansluiting af. Koelen met buffervatf Installeer een dompel-/aanlegsensor in de cv-aanvoer achter het buffervat. 10. 4 Koppelingen monteren AanwijzingDe kunststof koppelingen zijn niet geschikt voor installa-tie in de drinkwaterleiding. f Installeer de stekkerverbindingen uitsluitend in het verwarmingscircuit. Materiële schadeHaal de wartel van de koppeling handmatig aan. Gebruik geen gereedschap. Materiële schadeOm de degelijke bevestiging van de koppeling te ver-zekeren, moeten buizen met een oppervlaktehard-heid>225HV (bijv. roestvrij staal) worden voorzien van een groef. f Snijd met een pijpsnijder een groef van circa0,1mm diepte op een gedefinieerde afstand van het uiteinde van de buis.

- Buisdiameter 22mm: 17 ± 0,5mm - Buisdiameter 28mm: 21 ± 0,5mmWerkingsprincipe van koppelingenDe koppelingen zijn uitgerust met een klemelement met roest-vrijstalen tanden en een O-ring voor de afdichting. Daarnaast be-schikken de koppelingen over de functie "Draaien en borgen". Door de schroefdop simpelweg handmatig te draaien, wordt de buis in de koppeling gefixeerd en wordt de O-ring voor het afdichten op de buis geperst. De koppeling tot stand brengenVoordat deze erin gestoken wordt, moet de koppeling in de ont-grendelde stand staan. In deze stand is er een smalle sleuf aan-wezig tussen de wartel en de basisbehuizing. D000008851912341 Klemelement2 Wartel3 Sleuf tussen wartel en basisbehuizing4 BasisbehuizingD0000088520Buis-Ø 22mmInsteekdiepte A max. 38mm lang Materiële schadeDe buisuiteinden moeten vrij zijn van bramen. f Kort de buizen alleen in met een pijpsnijder.

Hierdoor wordt de koppeling beveiligd. De koppeling losmaken Als de koppeling later losgemaakt moet worden, gaat u als volgt te werk:f Draai de wartel tegen de wijzers van de klok in los totdat er een kleine spleet met een breedte van ca. 2mm ontstaat. Duw het klemelement met de vingers terug en houd het vast. f Trek de ingestoken leiding uit de koppeling. D000008852110. 5 Aansluiting van het verwarmingswater Materiële schadeDe verwarmingsinstallatie waarop de warmtepomp aan-gesloten wordt, moet door een installateur uitgevoerd worden in overeenstemming met de waterinstallatie-schema's in de planningsdocumenten. AanwijzingHet gebruik van terugslagkleppen in de laadcircuits tus-sen de warmtegenerator en het buffervat of de warm-waterboiler kan de werking van de geïntegreerde mul-tifunctionele groep (MFG) aantasten en tot storingen in de verwarmingsinstallatie leiden.

 Montagewww. stiebel-eltron. com WPL ICS classic | WPL IKCS classic | 15f Spoel het leidingsysteem grondig door met geschikt water, voordat de warmtepomp wordt aangesloten. Vreemde voor-werpen, zoals lasparels, roest, zand of afdichtingsmateriaal belemmeren de goede werking van de warmtepomp. f Sluit de warmtepomp aan de zijde van het cv-water aan. Let op de dichtheid. f Let op de juiste aansluiting van de cv-aanvoer en -retour. f Voer de isolatie uit overeenkomstig de geldende voorschriften. f Let bij het dimensioneren van het verwarmingscircuit op het interne drukverschil (zie hoofdstuk "Technische gegevens/gegevenstabel"). De drukslangen voor de trillingsontkoppeling voor directe aan-sluiting aan de buizen ter plaatse, zijn in het toestel geïntegreerd. 10. 6 Zuurstofdiffusie Materiële schadeVermijd open verwarmingsinstallaties.

Gebruik bij vloer-verwarmingen met kunststof leidingen zuurstofdiffusie-dichte leidingen. Bij vloerverwarmingen met niet-zuurstofdiffusiedichte kunststof-leidingen of open verwarmingsinstallaties kan door zuurstofdiffu-sie corrosie optreden aan de stalen delen van de verwarmingsin-stallatie (bijv. aan de warmtewisselaar van de warmwaterboiler, aan buffervaten, stalen verwarmingselementen of stalen buizen). f Koppel bij zuurstoftoevoer het verwarmingssysteem tussen verwarmingscircuit en buffervat los. Materiële schadeDe corrosieproducten (bijv. roestslib) kunnen neerslaan in de componenten van de verwarmingsinstallatie en door vernauwing van de doorsnede de capaciteit van de installatie beïnvloeden of storingen veroorzaken die lei-den tot het uitvallen van de installatie. 10.

8 Condensaatafvoer en overdrukklepD00000690801 21 Aansluiting "Doorvoer condensaatafvoer"2 Aansluiting "Veiligheidsklep afvoer"Het toestel is aan de linkerkant uitgerust met de aansluiting "Door-voer condensaatafvoer". f Sluit een condensaatleiding aan op de aansluiting "Doorvoer condensaatafvoer". Materiële schadeOm een foutloze afvoer van het condenswater te garan-deren, mag de condensaatleiding niet afgekneld worden. Plaats eventueel een lus. f Leg de condensaatleiding met voldoende verval. f Voer het condensaat af naar een afvoer dicht bij de vloer. Let erop dat de afvoer voldoende ventilatie heeft, bijvoorbeeld een vrije uitloop in een sifon. Gebruik een condensaatpomp, als het verval onvoldoende is. f Controleer de plaats van de condensaatpomp. De condens-aatpomp moet volledig op de vloer liggen.

Afvoer van de overdrukklepAan de linkerzijde van het toestel wordt via de aansluiting "Veilig-heidsklep afvoer" de afvoerslang van de overdrukklep naar buiten gevoerd. Let erop dat uitlopend water vrij kan weglopen. 10. 9 Condensaatafvoer controlerenControleer na het plaatsen van de condensaatafvoerslang of het condensaat goed kan weglopen. Ga daarvoor als volgt te werk:f Giet water op de verdamper, zodat dit in de ontdooibak stroomt. Let op de maximale condensaatafvoer van 6l/min. f Controleer of het water via de condensaatafvoerslang wordt afgevoerd. 10. 10 Veiligheidstemperatuurbegrenzer voor oppervlakteverwarming Materiële schadeOm in geval van een defect eventuele schade door een verhoogde aanvoertemperatuur in de oppervlaktever-warming te vermijden, installeert u een veiligheidstem-peratuurbegrenzer om de systeemtemperatuur te be-grenzen. 10.

11 Verwarmingsinstallatie vullenCv-waterkwaliteitHet verwarmingssysteem wordt gevuld met drinkwater. Neem de volgende grenswaarden in acht, zodat het verwarmingssysteem niet beschadigd raakt.

 WaardeWaterhardheid °dH ≤3pH-waarde 6,5-8,5Chloride mg/l < 30De waterhardheid en het chloridegehalte van het vulwater kunt u opvragen bij de verantwoordelijke watermaatschappij. f Let op de lokale vereisten (bijv. VDI2035 in Duitsland). Wij adviseren om het vulwater niet te ontzouten, omdat hierdoor de pH-waarde kan worden aangetast.

instAllAtie Montage16 |WPL ICS classic | WPL IKCS classic www. stiebel-eltron. comf Wanneer u het vulwater ontzout of wanneer de pH-waarde van het vulwater onder 8,2 ligt, controleert u de pH-waarde 8-12weken na de installatie, na elke bijvulling en bij het vol-gende onderhoud. f Leng het vulwater niet aan met inhibitoren en additieven. Toebehoren voor de wateronthardingWanneer u het vulwater moet ontharden, kunt u het volgende product gebruiken. - Verwarmings-onthardingsarmatuur HZEA - Reservepatroon HZENf Controleer deze grenswaarden 8 - 12weken na de ingebruik-name, telkens na het bijvullen evenals tijdens het jaarlijkse onderhoud van de installatie. Toestel in gebouwen die weinig worden bewoond In de normale werking zijn de aansluitleidingen en de installatie beschermd door de bevriezingsbescherming van het toestel.

Wanneer het toestel gedurende een langere periode van de stroomvoorziening is ontkoppeld (buitendienststelling, langduri-ge stroomuitval), moet u het toestel aan de waterzijde aftappen. Anders is het toestel niet beschermd tegen vorst. Wanneer bij installaties een stroomonderbreking niet kan worden herkend (bijv. bij langere afwezigheid in een vakantiewoning), kunt u de volgende veiligheidsmaatregel nemen. f Leng het vulwater aan met ethyleenglycol in de geschik-te concentratie(20-40-vol. %). Let op de gegevens op het antivriesmiddel. Gebruik uitsluitend door ons toegelaten antivriesmiddelen. f Let erop dat antivriesmiddelen de densiteit en de viscositeit van het vulwater wijzigen.

MEG 10 Brine als concentraat op basis van ethyleenglycolMEG 30 Brine als concentraat op basis van ethyleenglycolVerwarmingsinstallatie vullen Materiële schadeSchakel de installatie niet elektrisch in, voordat deze is gevuld. Materiële schadeDoor hoge debieten of drukslagen kan het toestel be-schadigd raken. f Vul het toestel met een gering debiet. Materiële schadeRestanten glycol in de slangen kunnen het verwarmings-water verzuren.

Dit kan leiden tot corrosie en storingen. f Gebruik aparte slangen voor glycol en verwarmings-water. Bij levering staat de omschakelklep van de MFG in de middenpo-sitie, zodat het verwarmings- en warmwatercircuit gelijkmatig ge-vuld worden. Wanneer de elektrische voeding wordt ingeschakeld, gaat de omschakelklep automatisch naar de verwarmingsmodus. Wanneer u achteraf wilt vullen of aftappen, moet u de omscha-kelklep eerst weer in de middenpositie zetten. f Activeer hiervoor op de regelaar parameter AFTAPPEN HYD MFG in menu DIAGNOSE/RELAISTEST INSTALLATIE. D000007897311 Aftappenf Vul de verwarmingsinstallatie via de aftapping. f Controleer na het vullen van de verwarmingsinstallatie de aansluitingen op dichtheid (visuele inspectie en voelen). 10.

12 Verwarmingsinstallatie ontluchtenAutomatische ontluchter op de multifunctionele groep MFGf Demonteer de afdekplaat vóór het koelcircuit (zie hoofdstuk "Toestelbekleding monteren"). D000007897311 Ontluchtingsventielf Ontlucht het buizenstelsel door de rode dop op het ontluch-tingsventiel omhoog te trekken. f Sluit het ontluchtingsventiel na het ontluchten. Ontluchtingsventiel op inverter Materiële schadeDe luchtuitblaasopening in de gekartelde kap van het ont-luchtingsventiel mag niet gericht zijn op de elektronica. f Draai de luchtuitblaasopening weg van de elektro-nica. D000007161811 Ontluchtingsventiel.

 www. stiebel-eltron. com WPL ICS classic | WPL IKCS classic | 17f Ontlucht het buizenstelsel door aan de grijze dop op het ont-luchtingsventiel te draaien. f Sluit het ontluchtingsventiel na het ontluchten. HandontluchtingD000006908011 Handontluchtingf Ontlucht het buizenstelsel door de ontluchting te bedienen. f Sluit het ontluchtingsventiel na het ontluchten. 11. Elektrische aansluiting AanwijzingHoud rekening met de bedienings- en installatiehandlei-ding van warmtepompmanager WPM. Aansluitwerkzaamheden mogen alleen uitgevoerd worden door een erkende vakman conform deze handleiding. De verklaring van goedkeuring van de bevoegde energiemaat-schappij moet beschikbaar zijn om het toestel te kunnen aan-sluiten. 11.

1 Aansluitgedeelte WAARSCHUWING elektrische schokSchakel het toestel met alle bijbehorende aansluitingen vóór werkzaamheden aan de aansluitingen spannings-vrij. AanwijzingDe lekstroom van dit toestel kan >3,5mA zijn. Aangezien het toestel op de huisinstallatie is aangesloten, worden bij een verschilstroommeting de lekstroom van het toestel en de foutstromen van de installatie samen geregistreerd. f Bereken het aandeel van de lekstroom van het toe-stel en de foutstromen aan de hand van het meetre-sultaat. f Let daarbij op de plaatselijke en toestelspecifieke omstandigheden die op de meetlocatie aanwezig zijn, alsmede eventuele isolatiefouten of andere in-vloedsfactoren. AanwijzingDe aansluitklemmen zitten op het aansluitpaneel in het toestel. f Neem de aanwijzingen in het hoofdstuk "Voorbereidingen/elektrische installatie" in acht.

f Gebruik elektriciteitskabels die voldoen aan de voorschriften. Toegang tot het aansluitgedeeltef Neem de frontkap van het toestel af (zie hoofdstuk "Toestel-bekleding monteren"). f Demonteer de afdekplaat vóór het aansluitpaneel (zie hoofd-stuk "Toestelbekleding monteren").

D000007162111 Kabelkanaalf Voer de elektrische aansluitkabels achterlangs door de ope-ningen naar het aansluitpaneel. f Voer de elektrische aansluitkabels voor de laagspanning ach-ter het aansluitpaneel naar links. f Controleer de goede werking van de trekontlastingen. 11. 1. 1 Compressor en elektrische nood-/bijverwarmingf Sluit de voeding van de elektrische nood-/bijverwarming aan op aansluitklem XD01, wanneer u de volgende functies van het toestel wilt gebruiken: -warming Mono-energetisch bedrijf De elektrische nood-/bijverwarming waarborgt de ver-warmingsmodus en genereert hogere warmwatertem-peraturen, wanneer het bivalentiepunt te laag is. Noodwerking Wanneer de warmtepomp bij een storing uitvalt, wordt het verwarmingsvermogen overgenomen door de elek-trische nood-/bijverwarming.

 18 |WPL ICS classic | WPL IKCS classic www. stiebel-eltron. comAansluitmogelijkheid A (230V)f Sluit de elektriciteitskabels aan, zoals op de volgende af-beelding wordt getoond. De nood-/bijverwarming is met het grotere aansluitvermogen aangesloten. D0000102456XD01 Compressor (inverter)L, N, PEXD01 L', L", N', N", PEAansluitver-mogen [kW]Kabeldiame-ter [mm²]Klemaansluiting2,9 2,5 PE L” N”5,9 2,5 PE L' N' L” N”XD03 StuurspanningEVU L', EVU L, L, N, PEf Sluit de elektriciteitskabels voor de elektrische nood/-bijver-warming met het gewenste vermogen aan volgens de tabel. f Leid alle elektriciteitskabels door de trekontlastingen. Con-troleer de goede werking van de trekontlastingen. Als geen spanning wordt aangesloten op het vrijgavesignaal van de energiemaatschappij, start de warmtepomp niet op.

D0000114961f Installeer een brug tussen EVU L‘ en EVU L, wanneer er geen rondstuurontvanger aangesloten wordt. f Let op de vereisten van de energiemaatschappij (EVU). Aansluitmogelijkheid B (400V)f Sluit de elektriciteitskabels aan, zoals op de volgende afbeel-ding wordt getoond. D0000102457XD01 Compressor (inverter)L1, L2, L3, N, PEXD03 StuurspanningEVU L', EVU L, L, N, PEf Verbind aansluitingen N, N’ en N” met de meegeleverde brug. f Leid alle elektriciteitskabels door de trekontlastingen. Con-troleer de goede werking van de trekontlastingen. Als geen spanning wordt aangesloten op het vrijgavesignaal van de energiemaatschappij, start de warmtepomp niet op. D0000114961f Installeer een brug tussen EVU L‘ en EVU L, wanneer er geen rondstuurontvanger aangesloten wordt.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Stiebel Eltron WPL 17 IKCS classic stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden