Scala SC 6027 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Scala SC 6027 (16 pagina’s), behorend tot de categorie Bloeddrukmeter. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 49 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Scala SC 6027 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Scala |
| Categorie: | Bloeddrukmeter |
| Model: | SC 6027 |
Handleiding Scala SC 6027 – volledige tekst
4. Het apparaat kan een bezoek aan de dokter niet vervangen. De diagnose van een ziekte, de behandeling ervan en het voorschrijven van medicijnen is een zaak voor de dokter. 5. Het apparaat kan zijn correcte functie niet vervullen, wanneer het buiten de aangegeven temperatuur- en vochtgrenzen (zie Technische gegevens) wordt gebruikt. 6. Vermijd tijdens de meting te eten, te roken of te bewegen of te praten. Het drinken van koffie of alcohol moet minstens 30 minuten geleden zijn. 7. Ontspan 5 tot 10 minuten voor een meting. 8. Wacht 3 tot 5 minuten tussen twee metingen. 9. Voer de bloeddrukmeting altijd uit bij kamertemperatuur. Gebruik de bloeddrukmeter niet in de omgeving van magnetronovens. 10. Houd er rekening mee dat uw bloeddrukwaarden onderhevig zijn aan een natuurlijke schommeling. Onder belasting hebt u de hoogste waarden, tijdens uw slaap de laagste. 11.
Laat uw dokter uitleg geven over uw gezondheidstoestand en over het bloeddrukbereik, voordat u thuis metingen uitvoert met het apparaat. 12. Wanneer u lijdt aan aandoeningen zoals: arteriosclerose, diabetes, lever- of nierproblemen, doorbloedingsstoornissen of hoge bloeddruk, dan dient u uw huisarts te raadplegen voordat u dit apparaat gebruikt. 13. Als er beperkingen voor het gebruik bekend zijn of als er sprake is van contra-indicaties: Vraag voor het gebruik van het 3
apparaat raad aan uw dokter als u zwanger bent of bij de diagnose van hartritmestoornissen of arteriosclerose. 14. Het apparaat geeft tijdens de meting optredende hartritmestoornissen en arteriële of ventriculaire extrasystolen of boezemfibrilleren aan. 15. Wanneer er tijdens de meting klachten optreden, dan drukt u op de AAN/UIT-toets om het apparaat uit te schakelen en de manchet onmiddellijk af te laten. 16. Kinderen of personen met een handicap mogen met het apparaat geen metingen uitvoeren 17. Voer geen veranderingen uit aan het apparaat of aan de manchet. Gebruik het apparaat niet meer, wanneer u functiestoringen vermoedt. 18. Wanneer u het apparaat langere tijd niet gebruikt, verwijder dan de batterijen. 19. Voer oude batterijen zorgvuldig en buiten het bereik van kinderen af. Het inslikken van een batterij kan dodelijk zijn.
Als een batterij of andere kleine onderdelen werden ingeslikt, ga dan onmiddellijk naar een ziekenhuis om deze te laten verwijderen. 20. Het apparaat is niet waterdicht. Vermijd het binnendringen van vloeistoffen. Productbeschrijving en gebruiksdoeleinde De bloeddrukmeter is een elektronisch apparaat voor de niet-invasieve zelfmeting van de bloeddruk bij de mens en van de hartslagfrequentie van volwassenen volgens de oscillometri-sche meetmethode aan de ontblote pols in de thuisomgeving en 4
bij kamertemperatuur. Bij personen met een handicap is zelfme-ting uitgesloten. Een bloeddrukmeting kan bij deze personen worden uitgevoerd door een andere persoon zonder handicap. Over de bloeddruk Wat is bloeddruk? De bloeddruk wordt geproduceerd door de kracht van het stromende bloed tegen de aderwanden, nadat het hart het bloed in het vaatstelsel heeft gepompt. Wat zijn systolische en diastolische druk? De systolische druk is de hoogste druk bij contractie van het hart, de diastolische druk is de druk terwijl het hart rust. De beoordeling van bloeddrukwaarden werd door de WHO (Wereldgezondheidsorganisatie) als volgt vastgelegd: Wat is lage bloeddruk? Een lage bloeddruk veroorzaakt weliswaar onaange-name symptomen zoals duizeligheid en / of sufheid, maar is ongevaarlijker dan een hoge bloeddruk. 5
Schommelingen van de bloeddruk De bloeddruk bij de mens is binnen een dag onderhevig aan schommelingen (zie diagram) die worden veroorzaakt door: eten, baden, sport beoefenen, roken, alcohol drinken, stress, fysieke inspanning, ademhaling, gesprek, beweging, temperatuur- of vochtverandering, enz. De volgende grafiek toont mogelijke bloeddrukschommelingen tijdens een dag: Hoe krijgt u betrouwbare meetwaarden? Volg onze aanbevelingen: 1. Voer de bloeddrukmeting altijd uit op hetzelfde tijdstip en onder dezelfde omstandigheden. 2. Vermijd tijdens de meting te eten, te roken of te bewegen. Het drinken van koffie of alcohol moet minstens 30 minuten geleden zijn. 3. Verwijder nauwsluitende kleding of juwelen van de pols en 6
zorg ervoor dat het gebied voor de manchet vrij is. 4. Ga rechtop aan een tafel zitten en ontspan gedurende minstens 5 minuten, om dan in een rustige omgeving de meting uit te voeren. 5. Wanneer u een meting wilt herhalen, wacht u minstens 5 minuten. Het apparaat De volgende elementen worden meegeleverd: Apparaat, batterijen 2 x LR03), gebruiksaanwijzing en bewaarzakje / box. Het LCD-display 7
Voorbereiding van de ingebruikneming • Plaatsen van de batterijen 1. Verwijder het deksel van het batterijvak en plaats 2 stuks alkalibatterijen (LR03) in het batterijvak. Let bij het plaatsen op de juiste polariteit. Deze is in het batterijvak weergegeven met "+" en "-". Breng vervolgens het deksel van het batterijvak opnieuw aan. 2. Gebruik alleen alkalibatterijen van hetzelfde type. 3. Als het symbool voor lege batterijen op het display verschijnt, dan vervangt u alle batterijen tegelijkertijd door nieuwe. 4. De klok en de geheugeninhoud kunnen bij de vervanging van de batterijen worden gewist. • Instellen van de klok Open de vergrendeling voor de toets (Zie afbeelding pagina 7). 1. In uitgeschakelde toestand houdt u de MEMORY-toets ingedrukt tot op het LCD-display het knipperende jaar verschijnt. Met de AAN/UIT-toets stelt u het jaar in. 2.
Door op de MEMORY-toets te drukken, gaat u naar de volgende instelling voor maand, dag, uur en minuten. 3. Daarna verschijnt "CL". Met de AAN/UIT-toets kiest u "on" voor een continue tijdsindicatie of "off" om de tijdsindicatie uit te schakelen. Er kunnen 4 alarmtijden (AL1 - AL4) worden ingesteld. 4. U sluit alle instellingen af door op de MEMORY-toets te drukken. 5. Als de ingestelde wektijd actief moet zijn, schuift u het slot voor de knoppen naar groen. 9
Omleggen van de manchet en meetpositie 1. Zorg ervoor dat de omtrek van uw pols het binnen het aangegeven manchetbereik ligt. 2. Leg de manchet rond de ontblote linker pols. Storende kleding en juwelen moeten verwijderd zijn. De bovenkant van het apparaat moet 1 tot 2 cm van de pols verwijderd zijn. 3. Sluit de manchet. De manchet mag niet te strak worden omgelegd. 4. Ga rechtop op een stoel aan een tafel zitten. Uw voeten moeten plat op de vloer staan. Ontspan. 5. Zorg ervoor dat de manchet zich op een denkbeeldige lijn naar het hart bevindt. (Zie nevenstaande afbeelding). 6. Met de AAN/UIT-toets start u de meting. Houd u rustig en praat niet. 7. Als het niet mogelijk is om de meting aan de linker pols uit te voeren, dan gebruikt u de rechter pols. Uitvoeren van een meting Open de vergrendeling voor de toets (Zie afbeelding pagina 7). 1. Kies de gebruiker met de USER-toets. 2.
4. Na afloop van de meting worden de systolische druk, de diastolische druk en de hartslag weergegeven. 5. Beoordeling van bloeddrukwaarden volgens WHO-criteria Classificatie Systolische bloeddruk/mmHg Diastolische bloeddruk/mmHg Optimaal < 120 < 80 Normaal < 130 < 85 Hoog-normaal 130 - 139 85 - 89 Lichte hypertonie 140 - 159 90 - 99 Gematigde hypertonie 160 - 179 100 - 109 Ernstige hypertonie > 180 > 110 Volgens de WHO is er sprake van hoge bloeddruk bij 140/90 mmH. 6. Wanneer er een onregelmatige hartslag wordt gedetecteerd, dan geeft het apparaat dit aan met het symbool . Een hartritmestoornis wordt weer-gegeven, wanneer de periode tussen twee hartslagen 5/3 keer zo groot is als de gemiddeld gemeten hartslag en deze stoornis drie keer binnen een meting optreedt. Wanneer er vaak hartritmestoornissen optreden, dan moet u onmiddellijk een dokter raadplegen. 7.
Indien na afloop van de meting op het LCD-display de neven-staande melding verschijnt: dan bedraagt de afstand tussen de systolische en diastolische bloeddruk-waarde meer dan 60 mmHg (in het voorbeeld: 61 mmHg). Als dit effect frequent optreedt (verhoogde polsdruk), dan moet u een arts raadplegen. 11
8. Bij het uitschakelen wordt de meetwaarde opgeslagen. 9. Sluit de vergrendeling van de toets. De geheugenfunctie 1. Open de vergrendeling van de toets. 2. Selecteer met de USER-toets het geheugen van de gebruiker, van wie u de waarden wilt oproepen. 3. Met de MEMORY-toets roept u de opgeslagen waarden uit het geheugen op. 4. De geheugenweergave begint met de laatst opgeslagen waarde (deze bevindt zich op de hoogste geheugenplaats). Wissen van een opgeslagen waarde Roep de bloeddrukwaarde die moet worden gewist op met de MEMORY-toets. Door onmiddellijk op de AAN/UIT-toets te drukken (minstens 4 seconden!!!), verschijnt op het display: dEL (delete = wissen) en het nummer van de geheugenplaats. Druk onmiddellijk op de AAN/UIT-toets en de waarde wordt gewist. Wissen van alle opgeslagen waarden Roep een willekeurige bloeddrukwaarde op met de MEMORY-toets.
Door onmiddellijk op de AAN/UIT-toets te drukken (minstens 4 seconden!!!), verschijnt op het display: dEL (delete = wissen) en het nummer van de geheugenplaats. Druk nogmaals op de MEMORY-toets en op het display verschijnt: dEL (delete = wissen) en ALL (voor alle geheugenplaatsen). Druk onmiddellijk op de AAN/UIT-toets en alle waarden zijn gewist. De datum en de tijd blijven behouden. 12
Service en onderhoud 1. Laat het apparaat niet vallen. Het is niet schokvast. 2. Demonteer of verander het apparaat en de manchet niet. Verdraai de manchet niet. 3. Vermijd direct zonlicht, hoge temperaturen, vocht, stof en sterke verontreiniging. 4. Gebruik geen verdunningsmiddelen, benzine en andere agressieve reinigingsmiddelen voor de reiniging van het apparaat. 5. Was de manchet niet en dompel de manchet niet onder in water. Reiniging 1. Gebruik een vochtige doek met een neutraal reinigingsmiddel om het apparaat te reinigen. Vervolgens veegt u het droog met een doek. 2. Vlekken op de manchet kunt u voorzichtig met een vochtige doek en zeepsop verwijderen. Periodieke herkalibratie Een controle van de meetnauwkeurigheid van de SC 6027A is normaal gezien niet nodig.
Garantie-informatie Voor de bloeddrukmeter verlenen wij een garantie van 2 jaar. De kassabon geldt als garantiebewijs. Tijdens de Garantie-periode wordt het defecte apparaat gratis gerepareerd. De garantie geldt niet voor beschadigingen die het gevolg zijn van onoordeelkundige behandeling, ongevallen, niet-inachtneming van de gebruiksaanwijzing of wijzigingen aan het apparaat door derden. Foutmeldingen en storingen De tabel geeft mogelijke fouten weer: Pomp defect of functiestoring. Beweging tijdens de meting. Geen hartslag gedetecteerd. Manchet te los aangebracht of niet dicht. Het apparaat detecteert geen zinvolle meetwaarden. Pompdruk hoger dan 300 mmHg. Fout in de drukkring in het apparaat. Systolische waarde buiten bereik. Diasystolische waarde buiten bereik. Pulswaarde buiten het meetbereik. of geen weergave op het display Batterijen vervangen. 14
Instructies voor afvalverwerking Defecte apparaten of apparaten die na afloop van de gebruiksduur niet langer worden gebruikt, kunnen restanten bevatten die een risico kunnen vormen voor het milieu. Lever het apparaat zoals voorgeschreven in bij een gemeentelijk inzamelpunt voor afgedankte elektrische apparatuur. De batterijen moeten eveneens correct worden afgevoerd. Hiervoor zijn er in de batterijverkopende handel en in gemeentelijke inzamelpunten speciale inzamelboxen beschikbaar voor het deponeren van oude batterijen.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Scala SC 6027 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Bloeddrukmeter Scala
Handleiding Bloeddrukmeter
Nieuwste handleidingen voor Bloeddrukmeter