Roland J-6 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Roland J-6 (35 pagina’s), behorend tot de categorie Synthesizer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 44 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Roland J-6 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/35
J-6 (Version 1.02)
Gebruikershandleiding

Beoordeel deze handleiding

4.6/5 (4 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Roland
Categorie: Synthesizer
Model: J-6
Kleur van het product: Zwart
Ingebouwd display: Ja
Gewicht: 295 g
Breedte: 188 mm
Diepte: 106 mm
Hoogte: 36.2 mm
Type stroombron: Battery, USB
Operationele tijd: 4.5 uur
Soundeffects: Delay, Reverberation
Ingangsspanning: 5 V
Soundeffecten hoeveelheid: 64
Type product: Digitale synthesizer
Type beeldscherm: LED

Handleiding Roland J-6 – volledige tekst

Paneelbeschrijvingen 3 Paneelbeschrijvingen Bovenpaneel 1. Aansluitingen Bedieningselement Uitleg CHARGE-indicator Bij opladen via USB-poort: Oranje (opgelicht): aan het opladen. Groen(opgelicht): het opladen is voltooid. Groen en oranje (knipperend): er is een oplaadfout opgetreden. Neem contact op met uw handelaar of de klantendienst van Roland. https://roland.cm/service Wanneer niet aan het opladen via USB-poort: Rood (opgelicht): het resterende batterijvermogen is laag. Laad de batterij op. * Het apparaat wordt binnen 30 minuten uitgeschakeld. SYNC IN-aansluiting Gebruik deze aansluiting om synchronisatiesignalen van een extern apparaat in te voeren. SYNC OUT-aansluiting Gebruik deze aansluiting om synchronisatiesignalen naar een extern apparaat uit te voeren. MIX IN-aansluiting Dit is de audio-ingang.

Het geluid van de aangesloten apparatuur wordt uitgestuurd via de MIX OUT-aansluiting. MIX OUT-aansluiting Dit is de audio-uitgang. Op deze aansluiting kunt u een hoofdtelefoon aansluiten. [VOLUME]-regelaar Regelt het volume van de audio van de MIX OUT-aansluiting. * Gebruik kabels met monoministekkers om verbinding te maken met/van de SYNC IN/OUT-aansluitingen. Gebruik geen kabels met stereoministekkers, aangezien deze kabels niet werken. * Sluit geen audioapparaat aan op de SYNC OUT-aansluiting. Dit kan een defect veroorzaken. * Als een extern apparaat is aangesloten op de SYNC IN-aansluiting, synchroniseert het apparaat met de klokken die zijn ingevoerd naar de SYNC IN-aansluiting, ongeacht de MIDI Clock Sync-instelling. * Gebruik kabels met stereominiatuurstekkers om verbinding te maken met/van de MIX IN/OUT-aansluitingen.

Paneelbeschrijvingen 4 2. Algemeen Bedieningselement Uitleg Display Dit is een LED-display met vier cijfers en zeven segmenten. [TEMPO/VALUE]-regelaar Wijzigt de waarden die worden weergegeven op het scherm. [SHIFT]-knop Gebruik deze in combinatie met andere bedieningselementen. [SOUND]-knop Zet het apparaat in de geluidsselectiemodus. [PATTERN]-knop Zet het apparaat in de patroonselectiemodus. 3. Sequencer Bedieningselement Uitleg [ø] (PLAY)-knop Speelt het patroon af. Druk opnieuw op de knop om het afspelen te stoppen. [ó] (REC)]-knop Zet het apparaat in opnamestand-by. Druk op de afspeelknop om het opnemen te starten. Stap [1]–[8]-knoppen U kunt akkoordgegevens opnemen door deze knoppen ingedrukt te houden en op een knop van het toetsenbord te drukken. 4. Filter/effect/frasefuncties Bedieningselement Uitleg [FILTER]-regelaar Regelt de afsnijfrequentie van het filter.

Draai aan de [FILTER]-regelaar terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt om de filterresonantie aan te passen. [ENVELOPE]-regelaar Regelt de release van de envelope. Draai aan de [ENVELOPE]-regelaar terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt om de envelope attack aan te passen. [DELAY]-regelaar Regelt het volume van de delay. Draai aan de [DELAY]-regelaar terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt om de delaytijd aan te passen. [REVERB]-regelaar Regelt het volume van de reverb. Draai aan de [REVERB]-regelaar terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt om de reverbtijd aan te passen. [STYLE]-regelaar Selecteert de frasestijl. De akkoorden worden anders gespeeld, afhankelijk van de stijl die u selecteert. Houd de [SHIFT]-knop ingedrukt en draai aan de [STYLE]-regelaar om de stijl en variatie weer te geven die momenteel op het display zijn ingesteld.

STYLE [ON]-knop Hiermee schakelt u de frasefunctie in en uit. De frasefunctie genereert automatisch verschillende frases op basis van de akkoorden die u invoert. [HOLD]-knop Als deze is ingeschakeld (oplicht), blijven de laatst ingedrukte knoppen ingedrukt, zelfs nadat u uw vinger van het toetsenbord heeft gehaald. Schakel deze uit (gedoofd) om te annuleren. [CHORD]-knop Zet het toetsenbord in de akkoordmodus. Als u in deze modus op een toetsenbordknop drukt, wordt het akkoord afgespeeld dat bij die knop is geregistreerd. Houd de [SHIFT]-knop ingedrukt en druk op de [CHORD]-knop om tussen geregistreerde akkoordsets te schakelen. Raadpleeg “Akkoordmodus gebruiken(P. 14)” voor meer informatie. 5. Klavier Bedieningselement Uitleg Klavierknoppen Gebruik deze toetsen om noten te spelen of in te voeren in de sequencer.

Paneelbeschrijvingen 5 Achterpaneel A. [POWER]-schakelaar Schakelt het apparaat in/uit. B. USB-poort (USB Type-C®) Gebruik een in de handel verkrijgbare USB 2.0-kabel (type A naar C, of type C naar C) om deze poort met uw computer te verbinden. Gebruik ze voor de overdracht van USB MIDI- en USB-audiogegevens. * Gebruik geen USB-kabel die alleen is bedoeld om op te laden. Kabels die alleen voor opladen worden gebruikt, kunnen geen gegevens verzenden. C. MIDI IN-/MIDI OUT-aansluitingen Gebruik TRS/TRS-verbindingskabels (BCC-1-3535 of BCC-2-3535, apart verkrijgbaar) of TRS/MIDI-verbindingskabels (BMIDI-5-35, BMIDI-1-35 of BMIDI-2-35, apart verkrijgbaar) om dit apparaat op een extern MIDI-apparaat aan te sluiten. U kunt dit apparaat synchroon laten spelen met een MIDI-apparaat door verbinding te maken tussen de apparaten met een in de handel verkrijgbare MIDI-kabel.

Patronen selecteren 6 Patronen selecteren Tussen patronen schakelen 1. Druk op de [PATTERN]-knop. Patroonmodus is geactiveerd voor de stapknoppen. 2. Gebruik de stap [1]–[8]-knoppen om tussen patronen te schakelen. Tussen banken schakelen 1. Houd de [PATTERN]-knop ingedrukt en druk op een stap [1]–[8]-knop. De bank schakelt naar de bank in het display. * De uitvoeringsgegevens zijn standaard al opgeslagen in patronen 1-1 tot en met 2-8.

Patronen selecteren 7 Een patroon opslaan 1. Houd de [SHIFT]-knop ingedrukt en druk op de [C (WRITE)]-knop aan de rechterkant van het klavier. Er kunnen maximaal 64 patronen (8 patronen × 8 banken) worden opgeslagen. 2. Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om te selecteren wat u wilt opslaan. Ptn: slaat het momenteel geselecteerde patroon op. ALL: slaat alle patronen op. 3. Druk op de [D (ENTER)]-knop. Hiermee worden de patronen opgeslagen. * Zodra de stroom is uitgeschakeld, worden alle niet-opgeslagen patronen teruggezet naar hun laatst opgeslagen status.

Geluiden selecteren 8 Geluiden selecteren Tussen geluiden schakelen 1. Druk op de [SOUND]-knop. Het apparaat gaat naar de geluidsselectiemodus. 2. Gebruik de stap [1]–[8]-knoppen om tussen geluiden te schakelen. U kunt ook de [TEMPO/VALUE]-regelaar gebruiken om tussen geluiden te schakelen. 3. Druk nogmaals op de [SOUND]-knop. Het apparaat keert terug naar het vorige scherm. U kunt ook de [SHIFT]-knop ingedrukt houden en op de [C (EXIT)]-knop aan de linkerkant van het klavier drukken om terug te keren naar het vorige scherm. Tussen banken schakelen 1. Houd de [SOUND]-knop ingedrukt en druk op de stap [1]–[8]-knoppen. De geselecteerde bank licht op terwijl u op de [SOUND]-knop drukt. 2. Haal uw vinger van de [SOUND]-knop. Zodra u uw vinger van de [SOUND]-knop haalt, gaat het apparaat naar de geluidsselectiemodus.

De sequencer gebruiken 9 De sequencer gebruiken Basishandelingen (basisstappen voor het invoeren van noten) 1. Druk op de stap [1]–[8]-knoppen. De [SHIFT]-knop knippert en de noot die u op het klavier heeft ingedrukt, wordt weergegeven. 2. Druk op de klavierknoppen. Dit voegt nootgegevens aan de stap toe. Als de [CHORD]-knop is ingeschakeld, worden de noten in het akkoord ingevoerd (dit overschrijft alle bestaande gegevens). Als de [CHORD]-knop is uitgeschakeld, wordt één enkele noot toegevoegd. Als er al vier noten in de stap zijn, kunt u er geen meer invoeren. Door op de STYLE [ON]-knop te drukken zodat deze oplicht, kunt u de [STYLE]-regelaar en [VARIATION]-regelaar gebruiken om noten en akkoorden voor de geselecteerde frase te spelen. Bij stappen waarvoor de STYLE [ON]-knop niet oplicht (STYLE: OFF), blijft de in de vorige stap geselecteerde frase in gebruik.

Wanneer de STYLE: OFF-stappen verdergaan vanaf de stap waarop het afspelen begint, wordt de frase toegepast die in het patroon is geselecteerd. 3. Druk opnieuw op de stap [1]–[8]-knoppen. Stapbewerking eindigt en het klavier gaat uit. Het display keert terug naar het weergeven van het tempo. De inhoud van een stap verwijderen 1. Druk op de stap [1]–[8]-knoppen. 2. Druk op de klavierknop van de noot of het akkoord om te verwijderen uit de opgelichte klavierknoppen. De noot voor de geselecteerde knop wordt verwijderd. In het geval van akkoorden worden alle noten van het akkoord verwijderd.

De sequencer gebruiken 10 * Als er een noot of akkoord is buiten het octaafbereik dat wordt weergegeven door de klavierknoppen, dan lichten de klavierknoppen gedimd op. Houd de [SHIFT]-knop ingedrukt en druk op de [C# (OCTAVE-)]- of [D# (OCTAVE+)]-knoppen op het klavier om van octaaf te wisselen, en als de klavierknop oplicht, kunt u deze verwijderen. * Druk op de [G (CLEAR)]-knop op het klavier terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt om alle noot- en frasegegevens in één keer te wissen. Ø De frasefunctie gebruiken(P.16) Het tempo instellen Het tempo wordt altijd op het display weergegeven. 1. Draai aan de [TEMPO/VALUE]-regelaar. 2. Houd de [SHIFT]-knop ingedrukt en draai aan de [TEMPO/VALUE]-regelaar om de waarde nauwkeurig in decimalen af te stemmen. U kunt voor elk patroon een ander tempo instellen.

Schakelen tussen pagina’s aangegeven op het paneel U kunt sequenties opnemen in acht pagina’s van acht stappen voor elk patroon, voor een maximum van 64 stappen. 1. Houd de [SHIFT]-knop ingedrukt en druk op de stap [1]–[8]-knoppen. Als u dit doet, gaat u naar de betreffende pagina. De weergegeven pagina licht op terwijl u de [SHIFT]-knop ingedrukt houdt en de knoppen knipperen tijdens het afspelen. Als u een pagina selecteert die voorbij de laatste stap is, wordt de laatste stap van de door u geselecteerde pagina automatisch ingesteld als de laatste stap.

De sequencer gebruiken 11 Het afspeelbereik instellen (laatste stap) 1. Houd de [SHIFT]-knop ingedrukt en druk op de [F (LAST)]-klavierknop. 2. Draai aan de [TEMPO/VALUE]-regelaar om de waarde in te stellen. 3. Druk op de [C (EXIT)]-knop als u klaar bent. Opeenvolgende overbindingen invoeren (lange noten) 1. Selecteer een stap die noten bevat en druk op de [HOLD]-knop. Dit zorgt voor een overbinding in de volgende stap. 2. Druk nogmaals op de [HOLD]-knop. Dit zorgt voor een overbinding in de volgende stap daarna. U kunt lange noten invoeren door een aantal keer op de [HOLD]-knop te drukken. Om een overbinding te verwijderen, selecteert u een stap die een overbinding bevat en drukt u op de [HOLD]-knop. De knop wordt gedoofd. Bij het invoeren van een overbinding in een stap, mag de stap geen noten bevatten.

De sequencer gebruiken 12 Handige sequencerfuncties Stappen kopiëren (COPY) 1. Terwijl u een stap heeft geselecteerd, houdt u de [SHIFT]-knop ingedrukt en drukt u op de [B (MENU)]-klavierknop. 2. Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om “COPY” te selecteren. 3. Druk op de [D (ENTER)]-knop. Een gekopieerde stap plakken (PSTE) 1. Terwijl u een stap heeft geselecteerd, houdt u de [SHIFT]-knop ingedrukt en drukt u op de [B (MENU)]-klavierknop. 2. Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om “PSTE” te selecteren. 3. Druk op de [D (ENTER)]-knop. De gegevens worden in de geselecteerde stap geplakt. Een lege stap invoegen (INSR) 1. Terwijl u een stap heeft geselecteerd, houdt u de [SHIFT]-knop ingedrukt en drukt u op de [B (MENU)]-klavierknop. 2. Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om “INSR” te selecteren. 3. Druk op de [D (ENTER)]-knop.

De lege stap wordt ingevoegd in de geselecteerde stap en alle stappen daarna worden één stap vooruit geschoven. Alle stappen kopiëren om de lengte te verdubbelen (DUPL) 1. Terwijl u een stap heeft geselecteerd, houdt u de [SHIFT]-knop ingedrukt en drukt u op de [B (MENU)]-klavierknop. 2. Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om “DUPL” te selecteren. 3. Druk op de [D (ENTER)]-knop. De stappen tot en met de laatste stap worden gekopieerd na de laatste stap, wat de lengte verdubbelt. De staplengte wijzigen (BEAT) 1. Houd de [PATTERN]-knop ingedrukt en draai aan de [TEMPO/VALUE]-regelaar om het aantal beats (de staplengte) in één maat van het patroon te bewerken (Beat(P.18)).

De sequencer gebruiken 13 Afspelen starten vanaf een specifieke stap 1. Houd de [SHIFT]-knop ingedrukt en druk op de [ø (afspelen)]-knop. Notities in realtime invoeren 1. Druk op de [ó (opnemen)]-knop. De [ó (opnemen)]-knop licht op en de [ø (afspelen)]-knop knippert. 2. Druk op de [ø (afspelen)]-knop. De [ø (afspelen)]-knop licht op en de realtime-invoer begint. Als een waarde voor “Count In” (aftellen) is ingesteld, begint de realtime-invoer nadat de [ø (afspelen)]-knop een aantal keren heeft geknipperd, gelijk aan het ingestelde aantal aftelbeats. 3. U kunt op de klavierknoppen drukken om noten en akkoorden in te voeren terwijl de stapknop die momenteel wordt afgespeeld knippert. 4. Druk op de [ø (afspelen)]-knop om de realtime-invoer te verlaten. Als u tijdens het afspelen op de [ó (opnemen)]-knop drukt, begint de realtime-invoer direct wanneer u op de knop drukt.

Akkoordmodus gebruiken 14 Akkoordmodus gebruiken Basishandelingen 1. Druk op de [CHORD]-knop. Akkoorden klinken wanneer u het klavier bespeelt. * Als u alleen wilt controleren hoe een akkoord klinkt, drukt u op de STYLE [ON]-knop om het uit te zetten. De akkoordenset selecteren 1. Houd de [SHIFT]-knop ingedrukt en druk op de [CHORD]-knop. Het setnummer van de geselecteerde akkoorden wordt op het display weergegeven. De [CHORD]-knop en [SHIFT]-knop knipperen. 2. Selecteer met de [TEMPO/VALUE]-regelaar. 3. Druk op de [CHORD]-knop als u klaar bent.

De frasefunctie gebruiken 16 De frasefunctie gebruiken Basishandelingen 1. Druk op de STYLE [ON]-knop om deze te doen branden (ON). 2. Bespeel het klavier. Arpeggio’s of frases worden afgespeeld volgens de instellingen voor STYLE en VARIATION. * Om het effect van het spelen van een akkoord te controleren, drukt u op de [CHORD]-knop zodat deze oplicht. Het frasetype selecteren (stijl/variatie) 1. Draai aan de [STYLE]-regelaar. De stijl verandert volgens de stand (waarde) van de regelaar. 2. Draai aan de [VARIATION]-regelaar. De variatie verandert voor elke stijl volgens de stand (waarde) van de regelaar. Ø Fraselijst(P.33) Frases die zijn geselecteerd wanneer de STYLE [ON]-knop oplicht, worden opgeslagen voor patronen, evenals voor elke stap in de stapbewerking.

Als alle stappen in een patroon zijn ingesteld op STYLE: OFF, wordt de frase die voor het patroon is geselecteerd, toegepast op alle stappen. Voor stappen die zijn ingesteld op STYLE: ON, krijgen de voor de stappen geselecteerde frases prioriteit, en deze frases worden verder gebruikt, zelfs als de volgende stappen zijn ingesteld op STYLE: OFF.

Functies en menu’s 17 Functies en menu’s De functies gebruiken 1. Houd de [SHIFT]-knop ingedrukt en druk op de klavierknop waaraan de functie die u wilt uitvoeren is toegewezen. 2. Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om de waarden in te stellen, of gebruik de [D (ENTER)]-knop (voor CLEAR, WRITE en MENU) om te bevestigen. Het apparaat keert terug naar het vorige scherm nadat CLEAR of WRITE is uitgevoerd. 3. Druk op de [C (EXIT)]-knop als u klaar bent. Lijst met functies Bewerking Uitleg [SHIFT] + [C (EXIT)] Verlaat het menu. [SHIFT] + [D (ENTER)] Bevestigt het bewerken van een waarde of de selectie van een item. [SHIFT] + [E (SHUFFLE)] Configureert de shuffle-instellingen. Druk op [C (EXIT)] om te annuleren. [SHIFT] + [F (LAST)] Stelt de lengte (de laatste stap) van het geselecteerde patroon in. * Druk op [C (EXIT)] om te annuleren.

[SHIFT] + [G (CLEAR)] Initialiseert het geselecteerde patroon. Als u een stap heeft geselecteerd, wordt de geselecteerde stap geïnitialiseerd. [SHIFT] + [A (KEY)] Dit transponeert het klavier. Bewerk de instelling met de [TEMPO/VALUE]-regelaar. * Druk op [C (EXIT)] om te annuleren. [SHIFT] + [B (MENU)] Geeft het menu weer. [SHIFT] + [C (WRITE)] Slaat het patroon op. Druk op de [D (ENTER)]-knop om op te slaan. Druk op de [C (EXIT)]-knop om te annuleren. [SHIFT] + [C# (OCTAVE-)] [SHIFT] + [D# (OCTAVE+)] Verandert het octaaf waarop de noten klinken die u met de klavierknoppen speelt.

Functies en menu’s 18 De menu’s gebruiken 1. Houd de [SHIFT]-knop ingedrukt en druk op de [B (MENU)]-knop. 2. Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om het item te selecteren en druk vervolgens op de [D (ENTER)]-knop. De waarde wordt weergegeven. 3. Draai aan de [TEMPO/VALUE]-regelaar om de waarde in te stellen. 4. Druk op de [C (EXIT)]-knop om terug te keren naar de lijst met menu's (stap 2). 5. Wanneer u klaar bent met het maken van instellingen, drukt u opnieuw op de [C (EXIT)]-knop. Lijst met menu’s Dit is een lijst met menu’s die u kunt uitvoeren met de knopcombinatie van [SHIFT] + [B (MENU)]. Item Waarde Uitleg vOL (Volume) (*1) 0–127 Stelt het volume van het patroon in. trAn (Transpose) (*1) -12–12 Transponeert de geluiden die door de geluidsgenerator worden gemaakt. d.Syn (Delay Sync) (*1) OFF, On Synchroniseert de vertragingstijd met het tempo.

bEAt (Beat) (*1) 1-4, 1-3, 1-2, 1–8 Stelt het aantal beats (de staplengte) in één maat van het patroon in. 1-4: Zestiende noot 1-3: Achtste noot triplet 1-2: Achtste noot 1–8: Aantal beats per kwartnoot * U kunt ook tussen instellingen schakelen door de [PATTERN]-knop ingedrukt te houden en aan de [TEMPO/VALUE]-regelaar te draaien. A.vLo (Accent Velocity) (*1) 1–127 Stelt de snelheid in van accenten in frases. P.chg (Pattern Change) (*1) SñEP, 1–8 Stelt de timing in voor het veranderen van het patroon (aan het einde van een stap, of na een bepaald aantal beats). S.cLk (Sync Clock) (*1) 1, 2, 3, 4, 6, 8, 12, 24 Stelt het aantal synchronisatieklokken per beat in. CH (MIDI Channel) 1–16 Geeft het verzend-/ontvangstkanaal voor MIDI-berichten op.

Functies en menu’s 19 Item Waarde Uitleg SYnC (MIDI Clock Sync) AUTO, InT, NIDI, USB Stelt in welk synchronisatiesignaal door dit apparaat wordt gebruikt. AUTO (Auto): Ingevoerde klokken worden geaccepteerd. InT (Int): Het apparaat werkt volgens zijn interne klok. NIDI (MIDI): Alleen MIDI-invoer wordt geaccepteerd. USB (USB): Alleen USB MIDI-invoer wordt geaccepteerd. * Merk op dat wanneer een extern apparaat is aangesloten op de SYNC IN-aansluiting, het apparaat altijd synchroniseert met de klokken die worden ingevoerd via de SYNC IN-aansluiting. thrv (MIDI Thru) OFF, On Stelt in of de berichten die worden ingevoerd vanaf de MIDI IN-aansluiting naar de MIDI OUT-aansluiting (ON) of niet (OFF) moeten worden uitgevoerd. txPc (TX Program Change) OFF, On Stelt in of programmawijzigingsberichten worden verzonden of niet wanneer het patroon verandert.

rxPc (RX Program Change) OFF, On Stelt in of het patroon verandert wanneer een programmawijzigingsbericht wordt ontvangen. Pc. Ch (Program Change Channel) 1–16 Stelt het MIDI-kanaal in voor het verzenden/ontvangen van de programmawijzigingsberichten die worden gebruikt om patronen te wijzigen. vELo (Key Velocity) 1–127 Stelt de klaviersnelheid in. tUnE (Tune) 433. 0–448. 0 Stelt de master tuning in. (Standaardwaarde: 440. 0 Hz) USb. d (USB Direct Out) OFF, 1–127 Configureert het volume van de signaaluitvoer naar USB. OFF: Gebruikt de instelling van de VOLUME-regelaar. 1–127: Stelt het volume onafhankelijk in van de instelling van de VOLUME-regelaar. A. LnK (AIRA Link) (*2) OFF, On Stel dit in op ON wanneer u een apparaat aansluit via USB dat compatibel is met AIRA LINK, zoals de MX-1. Laat deze instelling anders op OFF staan.

De instelling wordt van kracht nadat u het apparaat uitschakelt en terug inschakelt. Cnt. I (Count In) OFF, 2–4 Stelt de lengte (het aantal beats) in van de aftelling voor opname. COPY (Copy) Kopieert het huidige patroon naar een opgegeven patroon.

Het nummer van de opslagbestemming wordt op het display weergegeven. ● Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om de opslaglocatie te selecteren. ● Druk op de [D (ENTER)]-knop om op te slaan. ● Druk op de [C (EXIT)]-knop om te annuleren. init (Initialize Pattern) Initialiseert het momenteel geselecteerde patroon (inclusief de geluiden). *1: De instellingen worden gemaakt voor het momenteel geselecteerde patroon (en kunnen voor elk patroon worden opgeslagen). *2: Bij gebruik met een andere poort naast de USB HOST 3-poort op de MX-1, start het apparaat alleen op in de batterijmodus. Om de modus met alleen de batterij te gebruiken, schakelt u het apparaat in terwijl u de [C (EXIT)]-knop ingedrukt houdt.

Aansluiten op een computer of mobiel apparaat 20 Aansluiten op een computer of mobiel apparaat U kunt audio- en MIDI-gegevens verzenden en ontvangen door een USB-kabel van uw computer of mobiele apparaat (smartphone of tablet) op dit apparaat aan te sluiten. U hoeft hiervoor geen stuurprogramma van het apparaat op uw computer of ander apparaat te installeren (het apparaat ondersteunt USB Audio Device Class 2. 0-specificaties). Houd er rekening mee dat gegevens mogelijk niet rechtstreeks worden verzonden/ontvangen tussen dit apparaat en uw computer of mobiele apparaat als u verbinding maakt via een USB-hub. Gebruik geen USB-kabel die alleen is bedoeld om op te laden. Kabels die alleen voor opladen worden gebruikt, kunnen geen gegevens verzenden. We kunnen niet de juiste functionaliteit van alle apps garanderen. * Het is niet gegarandeerd dat Android-apparaten met dit apparaat werken.

AIRA LINK-modus uitschakelen 1. Houd de [SHIFT]-knop ingedrukt en druk op de klavierknoppen. 2. Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om “A. Lnk” te selecteren en druk vervolgens op de [D (ENTER)]-knop. De waarde wordt weergegeven. 3. Gebruik de [TEMPO/VALUE]-regelaar om “OFF” te selecteren. 4. Druk op de [C (EXIT)]-knop om terug te keren naar de menulijst en druk vervolgens nogmaals op de [C (EXIT)]-knop. 5. Schakel het apparaat uit en weer in nadat u de instelling heeft gemaakt. Verbinding maken met uw computer Gebruik een USB Type-C naar USB Type-A-kabel (meegeleverd) of een kabel die aan beide zijden USB Type-C gebruikt (in de handel verkrijgbaar) om dit apparaat op uw computer aan te sluiten. Verbinding maken met een mobiel apparaat Voor iOS-apparaten met Lightning-aansluitingen Start het apparaat op in de batterijmodus. 1. Schakel de stroom in terwijl u de [C]-knop ingedrukt houdt.

Gebruik een door Apple vervaardigde USB-adapter (zoals de Lightning-USB-camera-adapter, de Lightning-naar-USB 3-camera-adapter, enzovoort) als een convertor voor de aansluiting van het iOS-apparaat. 3. Gebruik een USB-kabel (USB Type-C naar USB Type-A-kabel, meegeleverd) om dit apparaat op de USB-adapter aan te sluiten. * In de handel verkrijgbare USB Type-C naar Lightning-conversiekabels kunnen niet worden gebruikt. Voor iOS-apparaten met een USB Type-C-poort Sluit uw iOS-apparaat aan op dit apparaat met behulp van een USB-kabel met USB Type-C-aansluitingen aan beide uiteinden (in de handel verkrijgbaar). Wanneer u dit doet, kunt u dit apparaat van stroom voorzien vanaf uw iOS-apparaat.

Fabrieksreset en back-up maken/herstellen 21 Fabrieksreset en back-up maken/herstellen De fabrieksinstellingen herstellen (Factory Reset) Hier leest u hoe u de J-6 kunt herstellen naar de fabrieksinstellingen. 1. Schakel de stroom in terwijl u de [HOLD]-knop ingedrukt houdt. De [CHORD]-knop knippert. Schakel het apparaat uit om het herstellen van de fabrieksinstellingen te annuleren. 2. Druk op de [CHORD]-knop. De fabrieksreset wordt uitgevoerd. 3. Wanneer alle knoppen knipperen, schakelt u de J-6 uit en weer in. Een back-up maken van uw gegevens en deze herstellen Back-up 1. Sluit uw computer met een USB-kabel aan op de USB-poort van de J-6. 2. Schakel de stroom in terwijl u de [ø (afspelen)]-knop ingedrukt houdt. Het station van dit apparaat heeft ongeveer een minuut nodig om klaar te zijn. De klavierknoppen lichten op om de voortgang te tonen. 3. Open het “J-6”-station op uw computer.

De back-upbestanden bevinden zich in de “BACKUP”-map op het “J-6”-station. 4. Kopieer de back-upbestanden naar de computer. Kopieer alle bestanden in de “BACKUP”-map. 5. Zodra het kopiëren is voltooid, werpt u de USB-stick uit uw computer. Windows 10/8/7 Klik met de rechtermuisknop op het pictogram “J-6” en klik op “Uitwerpen”. MacOS Sleep het pictogram “J-6” naar de prullenbak in de dock. 6. Schakel de J-6 uit. Herstellen 1. Voer stappen 1-3 onder “Back-up” uit en open vervolgens het “J-6”-station op uw computer. 2. De back-upbestanden worden gekopieerd naar de “RESTORE”-map op het “J-6”-station. 3. Zodra het kopiëren is voltooid, werpt u de USB-stick uit uw computer. 4. Druk op de [CHORD]-knop. Dit herstelt de gegevens. 5. Zodra de LED volledig stopt met knipperen, schakelt u de J-6 uit.

Belangrijkste specificaties 22 Belangrijkste specificaties Gebruikerspatronen 64 Sequencer Maximale maten: 64 Instrumenten Vooraf ingestelde patches: 64 Effecten DELAY, REVERB Display 7 segmenten, 4 tekens (LED) Aansluitingen SYNC (IN, OUT)-aansluitingen: Miniatuur telefoontype MIX (IN, OUT) / PHONES-aansluitingen: Stereominiatuurstekker MIDI (IN, OUT)-aansluitingen: Stereominiatuurstekker USB-poort: USB Type-C® (Audio, MIDI) Stroomtoevoer Oplaadbare lithium-ionbatterij Verkregen via USB-poort (USB-busvoeding) Stroomverbruik 500 mA Verwachte batterijlevensduur bij onafgebroken gebruik Ongeveer 4,5 uur * Deze cijfers variëren afhankelijk van de werkelijke gebruiksomstandigheden. Verwachte oplaadtijd van de batterij Ongeveer 3 uur * Gebruik om dit apparaat op te laden de USB-poort van een computer of een in de handel verkrijgbare USB-netstroomadapter (5 V, 500 mA of hoger).

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Roland J-6 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden