Remeha Quinta Pro 65S Handleiding

Remeha Ketel & boiler Quinta Pro 65S

Bekijk gratis de handleiding van Remeha Quinta Pro 65S (104 pagina’s), behorend tot de categorie Ketel & boiler. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 114 mensen. Heb je een vraag over Remeha Quinta Pro 65S of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/104
Nederland
NL
Hoog rendement gaswandketels
Quinta Pro 45 - 65 - 90 - 115
Installatie- en
servicehandleiding
121803-03

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Remeha
Categorie: Ketel & boiler
Model: Quinta Pro 65S
Kleur van het product: Wit
Ingebouwd display: Ja
Gewicht: 56000 g
Breedte: 500 mm
Diepte: 360 mm
Hoogte: 940 mm
Ondersteuning voor plaatsing: Verticaal
Maximaal vermogen: 65000 W
Type beeldscherm: LCD
Verwamingslocatie: Binnen
Zonneenergie batterijen ondersteuning: Nee
Brandstof: Natuurlijk gas
Boiler systeem: Solo-boilersysteem
Warmwatercapaciteit: - l/min
Minimum vermogen: 12000 W
Gas inspectie label: NZ, SV
HR Gaskeur: 107
Type boiler (NL-label): HR

Foutcodes Remeha Quinta Pro 65S

Foutcodes uit de officiële handleiding, met betekenis en oplossing.

Code Betekenis Oplossing
5v[0 Parameterfout in de PSU print Stel df en dV opnieuw in. Herstel parameters met Recom software.
5v[1 Maximale aanvoertemperatuur overschreden Controleer doorstroming richting, pomp en kleppen. Controleer reden van warmtevraag.
5v[2 Maximale stijging van de aanvoertemperatuur is overschreden Controleer doorstroming richting, pomp en kleppen. Controleer waterdruk. Controleer sensor werking en montage. Controleer warmtewisselaar op vervuiling.
5v[7 Maximaal verschil tussen aanvoer- en retourtemperatuur overschreden Controleer doorstroming richting, pomp en kleppen. Controleer waterdruk. Controleer sensor werking en montage. Controleer warmtewisselaar op vervuiling.
5v[8 Geen vrijgavesignaal Controleer bedrading. Neem externe oorzaak weg. Controleer parameters. Controleer netvoeding bekabeling voor fase en nul.
e[00 Parameter storage unit PSU niet gevonden Controleer de bedrading van de PSU. Zorg ervoor dat alle verbindingen goed zijn aangesloten.
e[01 Veiligheids parameters niet in orde Controleer de bedrading. Als de bedrading in orde is, vervang de PSU (Parameter Storage Unit).
e[02 Aanvoer temperatuursensor kortgesloten Controleer de bedrading van de sensor. Controleer of de sensor goed gemonteerd en aangesloten is. Vervang de sensor indien nodig.
e[03 Aanvoer temperatuursensor open Controleer de bedrading van de sensor. Controleer of de sensor goed gemonteerd en aangesloten is. Vervang de sensor indien nodig.
e[04 Temperatuur warmtewisselaar te laag Controleer doorstroming richting en pomp. Controleer waterdruk. Controleer sensor werking en montage. Controleer warmtewisselaar op vervuiling. Ontlucht CV-installatie. Controleer parameter p35 instelling.
e[05 Temperatuur warmtewisselaar te hoog Controleer doorstroming richting en pomp. Controleer waterdruk. Controleer sensor werking en montage. Controleer warmtewisselaar op vervuiling. Controleer parameter p35 instelling.
e[06 Retour temperatuursensor kortgesloten Controleer de bedrading van de sensor. Controleer of de sensor goed gemonteerd en aangesloten is. Controleer de goede werking van de sensor.
e[07 Retour temperatuursensor open Controleer de bedrading van de sensor. Controleer of de sensor goed gemonteerd en aangesloten is. Vervang de sensor indien nodig. Ontlucht CV-installatie.
e[08 Retour temperatuur te laag Controleer bedrading. Controleer doorstroming richting en pomp. Controleer waterdruk. Controleer sensor werking en montage. Controleer warmtewisselaar op vervuiling. Controleer parameter p35. Vervang sensor indien nodig. Ontlucht CV-installatie.
e[09 Retour temperatuur te hoog Controleer bedrading. Controleer doorstroming richting en pomp. Controleer waterdruk. Controleer sensor werking en montage. Controleer warmtewisselaar op vervuiling. Controleer parameter p35. Vervang sensor indien nodig. Ontlucht CV-installatie.
e[10 Te veel verschil tussen aanvoer- en retourtemperatuur Controleer bedrading. Controleer doorstroming richting en pomp. Controleer waterdruk. Controleer sensor werking en montage. Controleer warmtewisselaar op vervuiling. Controleer verwarmingspomp. Controleer parameter p35. Vervang sensor indien nodig. Ontlucht CV-installatie.
e[11 Te veel verschil tussen aanvoer- en retourtemperatuur Controleer bedrading. Controleer doorstroming richting en pomp. Controleer waterdruk. Controleer sensor werking en montage. Controleer warmtewisselaar op vervuiling. Controleer verwarmingspomp. Controleer parameter p35. Vervang sensor indien nodig. Ontlucht CV-installatie.
e[12 Temperatuur warmtewisselaar boven normaal bereik (maximaalthermostaat STB) Controleer bedrading ontstekingstrafo. Controleer doorstroming richting en pomp. Controleer waterdruk. Controleer sensor werking en montage. Controleer warmtewisselaar op vervuiling. Controleer parameter p35.
e[14 5 mislukte branderstarts Controleer bekabeling ontstekingstrafo en ionisatie-/ontstekingselektrode. Controleer doorslag naar massa/aarde. Controleer branderdek conditie en aarding. Controleer SU print aansturing. Ontlucht gasleiding. Controleer gaskraan opening. Controleer gasaanvoerdruk. Controleer gasblok werking en afstelling. Controleer luchttoevoer en rookgasafvoer op verstopping. Controleer gasblok bekabeling.
e[16 Vals vlamsignaal Controleer ionisatie-/ontstekingselektrode. Controleer aarding. Controleer ionisatie-/ontstekingselektrode bekabeling. Controleer of ionisatiestroom gemeten wordt terwijl geen vlam mag zijn. Controleer of brander na gloeit vanwege te hoog CO2. Controleer gasklep en vervang indien nodig. Stel CO2 af.
e[17 Gasklep storing Controleer bedrading. Controleer SU print en vervang deze indien nodig. Controleer gasklep en vervang deze indien nodig.
e[34 Ventilator storing Controleer bedrading. Vervang ventilator indien nodig. Controleer de goede trek ter hoogte van de aansluiting op de schoorsteen.
e[35 Aanvoer en retour verwisseld Controleer bedrading. Controleer en vervang sensor indien nodig. Controleer sensor werking en montage. Controleer doorstroming richting en pomp. Controleer doorstroomrichting.
e[36 5x Vlamverlies gasblok Ontlucht gasleiding. Controleer gaskraan opening. Controleer gasaanvoerdruk. Controleer gasblok werking en afstelling. Controleer ionisatiestroom. Controleer luchttoevoer en rookgasafvoer op verstopping. Controleer op rookgasrecirculatie.
e[37 Communicatiefout met de SU print Controleer of de SU print juist in de connector op de PCU print is geplaatst. Controleer bedrading.
e[38 Communicatiefout met de SCU print Controleer bedrading. Vervang SCU print indien nodig.
e[39 Blokkerende ingang in vergrendelende mode Controleer bedrading. Neem externe oorzaak weg. Controleer parameters voor foute instellingen.
e[40 HRU/WTW unit testfout Controleer bedrading. Neem externe oorzaak weg. Controleer parameters voor foute instellingen.

Handleiding Remeha Quinta Pro 65S – volledige tekst

1.3 Algemeen1.3.1. Aansprakelijkheid fabrikantOnze producten worden gemaakt volgens de verschillende vantoepassing zijnde richtlijnen. Zij worden daarom geleverd met de[ markering en alle benodigde documenten.Vanwege de permanente zorg voor de kwaliteit van onze producten,zoeken wij voortdurend naar manieren om deze te verbeteren.Daarom houden wij ons het recht voor de in dit document genoemdespecificaties te wijzigen.In de volgende gevallen zijn wij als fabrikant niet aansprakelijk:4Het niet in acht nemen van de gebruiksinstructies van hetapparaat.4Achterstallig of onvoldoende onderhoud aan het apparaat.4Het niet in acht nemen van de installatieinstructies van hetapparaat.1.3.2. Aansprakelijkheid van de installateurDe installateur is aansprakelijk voor de installatie en de eersteinbedrijfstelling van het apparaat.

De installateur moet de volgendeinstructies in acht nemen:4Lees de instructies van het apparaat in de meegeleverdehandleidingen en neem deze in acht.4Installeer overeenkomstig de geldende wetgeving en normen.4Voer de eerste inbedrijfstelling en alle benodigde controles uit.4Leg de installatie uit aan de gebruiker.4Als onderhoud noodzakelijk is, waarschuw dan de gebruiker voorde controle- en onderhoudsplicht betreffende het apparaat.4Overhandig alle handleidingen aan de gebruiker.1.3.3.

Aansprakelijkheid gebruikerOm het optimaal functioneren van de installatie te garanderen, moetu de volgende instructies in acht nemen:4Lees de instructies van het apparaat in de meegeleverdehandleidingen en neem deze in acht.4Vraag de hulp van een erkend installateur voor de installatie ende uitvoering van de eerste inbedrijfstelling.4Vraag aan de installateur uitleg over uw installatie.4Laat de benodigde inspecties en onderhoud uitvoeren door eenerkend installateur.4Bewaar de handleidingen in goede staat en in de buurt van hetapparaat.Quinta Pro 45 - 65 - 90 - 115 1. Inleiding250413 - 121803-03 7

Dit apparaat mag niet worden gebruikt door mensen (en kinderen)met lichamelijke-, gevoelsmatige- of geestelijke beperkingen, of doormensen met een gebrek aan technische ervaring, tenzij ze wordenbegeleid door een persoon, die garant staat voor hun veiligheid ofindien ze zijn geïnstrueerd in het juiste gebruik van het apparaat.Voorkom dat kinderen met het apparaat gaan spelen.Als het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door defabrikant zelf, zijn dealer of vergelijkbare bekwame personen omgevaarlijke situaties te voorkomen.1.4 Goedkeuringen1.4.1. CertificeringenCE-identificatienummer PIN 0063CL3333Klasse NOx 5 (EN normen)Type aansluiting(Rookgasafvoer)B23P, B33, C13, C33, C43, C53, C63, C83, C93nnnnn GaskeurlabelsDe ketel heeft diverse Gaskeurlabels.

Deze onafhankelijkeprestatielabels worden door Stichting Energie Prestatiekeurtoegekend aan die gasverbruiksapparaten die voldoen aan specifiekeeisen met betrekking tot een aantal doelmatigheids-,milieutechnische-, en comfortaspecten. De verklaring voor dezelabels is als volgt:De labels zijn niet gewaarborgd bij toepassing van de ketelop G20.Gaskeur HR 107 (Hoog rendement verwarming)Dit houdt in dat het rendement van de ketel tijdens cv-bedrijf hoger isdan de Gaskeur HR criteria van 107% ten opzichte van Hi. Ditbetekent dat de ketel zuinig is met energie, dus minder energiekostenoplevert en beter is voor het milieu.Gaskeur SV (Schone verbranding)Dit houdt in dat de ketel voldoet aan het NOx-besluit en de Schoneverbrandingseis. De ketel beschikt over een continu geregelde gas-/luchtkoppeling in combinatie met een volledig voorgemengdebrander.

De fabrieksinstelling van de ketel is voor werking op de aardgasgroepG25 (L-gas).1.4.3. Aanvullende richtlijnenNaast de wettelijke voorschriften en richtlijnen, moeten ook deaanvullende richtlijnen in deze handleiding worden opgevolgd.Voor alle voorschriften en richtlijnen, zoals genoemd in dezehandleiding, geldt dat aanvullingen of latere voorschriften enrichtlijnen op het moment van installeren van toepassing zijn.1.4.4. FabriekstestIedere ketel wordt voor het verlaten van de fabriek optimaal ingestelden getest op:4Elektrische veiligheid4Afstelling (CO2)4Waterdichtheid4Gasdichtheid4ParameterinstellingQuinta Pro 45 - 65 - 90 - 115 1. Inleiding250413 - 121803-03 9

2 Veiligheidsinstructies en aanbevelingen2.1 VeiligheidsvoorschriftenGEVAARIndien u gas ruikt:1. Gebruik geen vuur, rook niet, gebruik geenelektrische contacten of schakelaars (bel, verlichting,motor, lift, etc.).2. Sluit de gasaanvoer af.3. Open de ramen.4. Spoor mogelijke lekkages op en dicht deze direct af.5. Zit het lek vóór de gasmeter, waarschuw dan hetgasbedrijf.GEVAARIndien u rookgassen ruikt:1. Schakel het apparaat uit.2. Open de ramen.3.

Spoor mogelijke lekkages op en dicht deze direct af.2.2 AanbevelingenWAARSCHUWING4De installatie en het onderhoud van de ketel moetendoor een erkend installateur worden uitgevoerdvolgens de plaatselijke en nationale regelgeving.4Bij werkzaamheden aan de ketel, de ketel altijdspanningsvrij maken en de hoofdgaskraan sluiten.4Controleer de hele installatie na onderhouds- enservicewerkzaamheden op lekkages.OPGELETDe ketel moet in een vorstvrije ruimte geïnstalleerdworden.Bewaar dit document in de nabijheid van de installatie.ManteldelenManteldelen mogen alleen verwijderd worden voor onderhouds- enservicewerkzaamheden. Plaats na de onderhouds- enservicewerkzaamheden alle manteldelen terug.2. Veiligheidsinstructies en aanbevelingen Quinta Pro 45 - 65 - 90 - 11510 250413 - 121803-03

3 Technische beschrijving3.1 Algemene beschrijvingHoog rendement gaswandketels4Hoog rendement verwarming (Mogelijkheid tot productie vansanitair warm water door een separaat geïnstalleerdwarmwatertoestel).4Lage verontreinigende uitstoot.4Bij uitstek geschikt voor cascadeopstellingen met meerdereketels.3.2 Voornaamste componenten1Luchttoevoer2Bemanteling/luchtkast3Warmtewisselaar (CV)4Rookgasmeetpunt5Ontstekings/ionisatie elektrode6Mengbuis7Gascombinatieblok8Luchtinlaatdemper9Instrumentenbox10 Sifon11 Behuizing voor besturingsprints (accessoire)12 Ventilator13 Aanvoerleiding14 Rookgasafvoer3.3 Werkingsprincipe3.3.1. Gas-/luchtregelingDe ketel is voorzien van een bemanteling die tevens als luchtkastdient. De ventilator zuigt lucht aan; in de venturi, aan de inlaatzijdevan de ventilator, wordt het gas ingespoten.

gemengd. De gas- / luchtkoppeling zorgt ervoor dat de hoeveelheidgas en lucht precies op elkaar worden afgestemd. Hierdoor ontstaateen optimale verbranding over het hele belastingbereik. Het gas-/luchtmengsel gaat naar de brander, bovenin de warmtewisselaar. 3. 3. 2. VerbrandingDe brander verwarmt het CV-water dat door de warmtewisselaarstroomt. Als de temperatuur van de rookgassen lager is dan hetcondensatiepunt (ca. 55ºC), condenseert de waterdamp in hetonderste deel van de warmtewisselaar. De warmte die bij ditcondensatieproces vrijkomt (de zogenaamde latente- ofcondensatiewarmte) wordt eveneens aan het CV-waterovergedragen. De afgekoelde rookgassen worden afgevoerd via derookgasafvoerleiding. Het condenswater wordt via een sifonafgevoerd. 3. 3. 3. BesturingsvoorzieningDe besturing van de ketel, de zogenoemde Comfort Master©©©©©, zorgtvoor een betrouwbare warmtelevering.

4Analoge regeling (0-10 V)De belasting tussen de minimale en de maximale waarde varieertop basis van de op de analoge ingang aangeboden spanning. 1Celcia 102qSense3iSenseOp de ketel kan een 2 draads aan / uit-thermostaat, zoals de Celcia10 of een power stealing-thermostaat worden aangesloten.

modulerende regelaars of aangeslotenRematic MC Celcia MC4worden.3.3.5. WatertemperatuurregelingDe ketel is voorzien van een elektronische temperatuurregeling meteen aanvoer- en een retourtemperatuursensor. Deaanvoertemperatuur is instelbaar tussen 20°C en 90°C. De ketelmoduleert terug als de ingestelde aanvoertemperatuur is bereikt. Deuitschakeltemperatuur is de ingestelde aanvoertemperatuur + 5°C.3.3.6. WatergebrekbeveiligingDe ketel is voorzien van een watergebrekbeveiliging op basis vantemperatuurmetingen. Door terug te moduleren op het moment datde waterdoorstroming te klein dreigt te worden, blijft de ketel zo langmogelijk in bedrijf. Bij een te geringe doorstroming ΔT ≥ 50°C of tegrote stijging van de aanvoertemperatuur, gaat de ketel 10 minutenin blokkeringsmode, code .

Wanneer er geen water in de5t[09ketel aanwezig is of als de pomp niet draait, volgt een vergrendeling,code bij ΔT ≥ 60°C.e[103.3.7. MaximaalbeveiligingDe maximaalbeveiliging vergrendelt de ketel bij een te hogewatertemperatuur (110°C), code .e[12¼Voor meer uitvoerige informatie, zie het hoofdstuk:"Storingscodes", pagina 843.3.8. Circulatiepompnnnnn Quinta Pro 45-65Bij de ketel wordt standaard een aan/uit-pomp los meegeleverd.Installeer de pomp direct onder de ketel op de retouraansluiting,indien mogelijk .¼Zie hoofdstuk: "Aansluiten van het verwarmingscircuit", pagina27.De restopvoerhoogtes bij de verschillende vermogens zijn af te lezenuit de grafiek.Quinta 45HRestopvoerhoogte CVQWaterdebietR000020-AIIIIIIdT=20°60040020005003001003. Technische beschrijving Quinta Pro 45 - 65 - 90 - 11514 250413 - 121803-03

Quinta 65HRestopvoerhoogte CVQWaterdebietnnnnn Quinta Pro 90-115De ketel wordt zonder pomp geleverd. Houd bij de keuze van de pomprekening met de ketelweerstand en de installatieweerstand.¼Zie hoofdstuk: "Technische gegevens", pagina 16.Installeer de pomp direct onder de ketel op de retouraansluiting,indien mogelijk.¼Zie hoofdstuk: "Aansluiten van het verwarmingscircuit", pagina27.OPGELETDe pomp mag maximaal een vermogen van 200 Wopnemen. Gebruik een hulprelais voor een pomp met eengroter vermogen.3.3.9. CascadesysteemDe ketel is zeer geschikt voor opstelling in een cascadesysteem.Hiervoor zijn een aantal standaard oplossingen te verkrijgen.Bijvoorbeeld:4Cascadesets (snelbouw) voor de installatie van 2 t/m 7 ketelsnaast elkaar of 3 t/m 10 ketels ruggelings gemonteerd op eenvrijstaand frame.

De boilers hebben geen dubbeleRemehascheidingswand. Neem eerst contact op met hetwaterleidingbedrijf bij toepassing van deze boilers. De boiler kan op twee manieren op de ketel worden aangesloten:4Met behulp van een driewegklep. 4Met behulp van een boilerpomp. 3. 3. 11. WaterdoorstromingDe modulerende regeling van de ketel begrenst het maximaletemperatuurverschil tussen aanvoer en retour van het water en demaximale stijgsnelheid van de aanvoertemperatuur. Hierdoor is deketel nagenoeg ongevoelig voor te kleine waterdoorstroming. Houd in alle gevallen een minimale waterdoorstroming van 0,4 m3/haan. Is de boilerregeling progressief geactiveerd met parameter ,p35houd dan een minimale waterdoorstroming aan van 0,8 m³/h. 3.

4 Installatie4.1 InstallatievoorschriftenWAARSCHUWINGDe installatie van het apparaat moet door een erkendinstallateur worden uitgevoerd volgens de plaatselijke ennationale geldende regelgeving.De installatie moet ook voldoen aan:4Deze handleiding en overige van toepassing zijnde documentatie4NEN 1006: Algemene voorschriften voor drinkwaterinstallatiesAVWI4NEN 1010: Veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties4NEN 1078: Voorziening voor gas met een werkdruk tot en met500mbar - Prestatie-eisen - Nieuwbouw4NPR 3378: Leidraad bij NEN 10784NEN 1087: Ventilatie van woongebouwen4NPR 1088: Toelichting op NEN 10874NEN 2078: Eisen voor industriële gasinstallaties4NEN 2757: Toevoer van verbrandingslucht en afvoer van rook vanverbrandingstoestellen4NEN 3028: Eisen voor verbrandingsinstallaties4NEN 3215: Binnenriolering in woningen en woongebouwen4NEN 8078: Voorziening voor gas met een werkdruk tot en met500mbar - Prestatie-eisen - Bestaande bouw4Bouwbesluit4Plaatselijk geldende voorschriften van Brandweer, Nutsbedrijvenen Gemeente4Bij toepassing warm sanitairwatervoorziening: WerkbladDrinkwaterinstallaties, VEWIN nr.

Plaatsen van de ketel4Bepaal aan de hand van de richtlijnen en de benodigdeopstellingsruimte de juiste plaats voor montage van de ketel.4Houd bij de bepaling van de juiste opstellingsruimte rekening metde toegestane positie van de rookgasafvoer- en / ofluchttoevoeruitmonding.4Zorg voor voldoende ruimte rond de ketel voor een goedebereikbaarheid en vereenvoudiging van het onderhoud.WAARSCHUWING4Bevestig de ketel op een stevige wand die hetgewicht van het met water gevulde apparaat en devoorzieningen kan dragen.4Het is verboden om, zelfs tijdelijk, brandbareproducten en stoffen in de ketel of in de buurt van deketel op te slaan.OPGELET4De ketel moet in een vorstvrije ruimte geïnstalleerdworden.4Bij de ketel moet een wandcontactdoos metrandaarde aanwezig zijn.4Voor de condensafvoer moet er een aansluiting ophet riool in de buurt van de ketel zijn.T001982-AT002599-B500min.1000 500min.

nnnnn BeveiligingsindexOPGELETBij vaste aansluiting van het netsnoer dient altijd voor deketel een dubbelpolige hoofdschakelaar te wordenaangebracht met een contactopening van ten minste 3mm (EN 60335-1).4.3.3. Ventilatie(1) Afstand tussen de voorkant van de ketel en debinnenwand van de kast.(2) Afstand aan beide zijden van de ketel.Wordt de ketel in een gesloten kast geïnstalleerd, dan moeten deaangegeven minimum maten in acht worden genomen. Zorg tevensvoor openingen om de volgende risico’s te voorkomen:4Gasophoping4Verwarming van de kastMinimale doorsnede van de openingen: + = 150 cmS1 S2 2T002600-B1000min. (1)53015 (2)min.1500min. 400min. 250750350Quinta Pro 45 - 65 - 90 - 115 4. Installatie250413 - 121803-03 21

4.4 Positionering van de ketelDe ketel wordt geleverd met een montage sjabloon.Aan de achterzijde van de mantel bevindt zich een ophangstrip,waarmee de ketel direct aan de ophangbeugel gehangen kanworden.1. Plak de montage sjabloon van de ketel met plakband op de muur.OPGELET4Controleer met een waterpas of de as van deinstructie horizontaal is.4Om de ketel en aansluitingen tijdens het ophangente beschermen tegen vervuiling door bouwstof,dienen rookgasafvoer en luchttoevoeraansluitpunten te worden afgedekt. Verwijder dezeafdekking pas bij montage van de betreffendeaansluitingen.2. Boor 2 gaten van Ø 10 mm.3. Plaats de Ø 10 mm pluggen.4. Bevestig de ophangbeugel met de meegeleverde Ø 10 mm boutenaan de muur.5. Hang de ketel op aan de ophangbeugel.T001540-B2 1 5 4 3 Quinta Pro 45 - 65 - 90 - 115 4. Installatie250413 - 121803-03 23

4.5 Hydraulische aansluitmogelijkheden4.5.1. Aansluiten vloerverwarming1Ketel2Expansievat3Afsluitkraan4Inregelkraan5Vul- / aftapkraan6Vloerverwarming7RadiatorverwarmingDe ketel kan direct op een vloerverwarmingsinstallatie wordenaangesloten.Bij toepassing van kunststof leidingen (bijvoorbeeld bijvloerverwarming) moet de toegepaste kunststof buiszuurstofdiffusiedicht zijn volgens DIN 4726/4729. In installaties waarde toegepaste kunststof buis niet voldoet aan deze normen, wordtgeadviseerd het ketelcircuit hydraulisch te scheiden van de CV-installatie door een (platen-) wisselaar.De pompinstellingen kunnen worden gewijzigd metparameters en .p"8 p"94.5.2. Aansluiten indirect gestookte boilerDe ketel is standaard voorzien van een boilerregeling, uitgevoerd meteen zogenaamde boilervoorkeurschakeling.

Dit houdt in dat de boilervoorrang krijgt, bij gelijktijdige warmtevraag van de boiler en cv.De boilerregeling kan op twee manieren worden aangestuurd;regulier en progressief (zie parameter p35). De ketel is standaardingesteld op de reguliere boilerregeling. In situaties waarin snel, veelwarmte nodig is, kan het keteltype met parameter opp35boilerregeling progressief worden gezet. Dit kan bijvoorbeeld nodigzijn bij bepaalde oplaadboilersystemen, maar ook bijverwarmingsprocessen waar een sneller (progressiever) regelgedragdan normaal gewenst is.WAARSCHUWINGAls de boilerregeling progressief wordt geactiveerd, moetin alle gevallen voldoende warmte-afname gegarandeerdzijn.

4Ter voorkoming van ongecontroleerde stromingen inhet CV-net moet de retourleiding van de boiler altijdrechtstreeks op de retourleiding naar de ketel wordenaangesloten en dus nooit rechtstreeks op de CV-installatie.4Monteer in de koudwatertoevoer van de boiler eeninlaatcombinatie tegen terugstromen en overdruk.4Vanwege de waterzijdige weerstand wordtgeadviseerd bij ketels met een vermogen van meerdan 65 kW, de boiler met een boilerpomp aan tesluiten.4Pas bij een totaal geïnstalleerd vermogen van meerdan 45 kW, een dubbele scheiding tussen CV- ensanitair warm water toe.nnnnn Aansluiten boiler met driewegklep1Ketel2Indirect gestookte boiler3Boilersensor4Ontluchtingsset boiler5Inlaatcombinatie6Expansievat7Verwarming-Installatie8Driewegklep9Veiligheidsventiel4Op de standaard besturingsprint (PCU) kan een boilersensor/-thermostaat worden aangesloten.¼Zie hoofdstuk: "Aansluiten boilersensor/-thermostaat ",pagina 44.4Voor het aansluiten van een driewegklep of boilerpomp is eenoptionele besturingsprint nodig.¼Zie hoofdstuk: "Optionele elektrische aansluitingen", pagina45.T001987-D1 2 4 8 6 7 M 3 5 9Quinta Pro 45 - 65 - 90 - 115 4.

nnnnn Aansluiten boiler met boilerpomp1Ketel2Indirect gestookte boiler3Boilersensor4Ontluchtingsset boiler5Inlaatcombinatie6Expansievat7Verwarming-Installatie8Boilerpomp9Ketelpomp10 Terugslagklep11 Veiligheidsventiel4Op de standaard besturingsprint (PCU) kan een boilersensor/-thermostaat worden aangesloten.¼Zie hoofdstuk: "Aansluiten boilersensor/-thermostaat ",pagina 44.4Voor het aansluiten van een driewegklep of boilerpomp is eenoptionele besturingsprint nodig.¼Zie hoofdstuk: "Optionele elektrische aansluitingen", pagina45.T002035-C1 2 4 8 116 910107 3 5 4. Installatie Quinta Pro 45 - 65 - 90 - 11526 250413 - 121803-03

4.6 Wateraansluitingen4.6.1. Doorspoelen van de installatiePlaatsing van de ketel op een nieuwe installatie (installatie vanminder dan 6 maanden)4Reinig de installatie met een universeel reinigingsmiddel om hetafval uit de installatie te verwijderen (koper, vlasdraad,soldeersel).4Spoel de installatie goed door totdat het water helder is en geenvuildeeltjes meer bevat.Plaatsing van de ketel op een bestaande installatie4Verwijder slijk uit de installatie met een reinigingsmiddel.4Spoel de installatie door.4Reinig de installatie met een universeel reinigingsmiddel om hetafval uit de installatie te verwijderen (koper, vlasdraad,soldeersel).4Spoel de installatie goed door totdat het water helder is en geenvuildeeltjes meer bevat.4.6.2. Aansluiten van het verwarmingscircuit1. Verwijder de stofdop op de aansluiting aanvoer cv { onder aande ketel.2.

Monteer de uitgaande leiding voor cv-water op de aansluitingaanvoer cv.3. Monteer voor het vullen en het aftappen van de ketel een vul- enaftapkraan in de installatie.T002856-CQuinta Pro 45 - 65 - 90 - 115 4. Installatie250413 - 121803-03 27

4. Verwijder de stofdop op de aansluiting retour cv z onder aan deketel.5. Monteer de ingaande leiding voor cv-water op de aansluitingretour cv.6. Monteer de pomp in de ingaande leiding.¼Voor het elektrisch aansluiten van de pomp, zie hoofdstuk:"Aansluiten pomp", pagina 39Voor het uitvoeren van servicewerkzaamheden is hetraadzaam om zowel in de aanvoer cv-leiding als de retourcv-leiding een serviceafsluiter te monteren.OPGELET4De cv-leidingen moeten volgens de geldendevoorschriften worden aangesloten.4Plaats, bij montage van serviceafsluiters, een vul- enaftapkraan en het expansievat tussen de afsluiter ende ketel.4.6.3. Aansluiten van het expansievatMonteer het expansievat op de retour cv-leiding .z4.6.4. Aansluiten van de condensatie-afvoerleiding1. Monteer de condensafvoerslang en de sifon van de ketel j,deze zijn los meegeleverd.2.

Monteer een kunststof afvoerpijp Ø 32 mm of groter, uitkomendop het riool.3. Steek hierin de slang van de condensafvoer.4. Monteer een stankafsluiter of sifon in de afvoerpijp.OPGELETMaak geen vaste verbinding in verband metservicewerkzaamheden aan de sifon.4De condensafvoer mag niet worden afgedicht.4Afschot afvoerpijp minimaal 30 mm per meter,maximale horizontale lengte 5 meter.4Het lozen van condenswater op een dakgoot is niettoegestaan.4De condensafvoerleiding moet volgens de geldendevoorschriften worden aangesloten.T002857-BT002858-B4. Installatie Quinta Pro 45 - 65 - 90 - 11528 250413 - 121803-03

4.7 GasaansluitingWAARSCHUWING4Sluit de hoofdgaskraan alvorens met dewerkzaamheden aan de gasleidingen te beginnen.4Controleer voor montage of de gasmeter voldoendecapaciteit heeft. Houd daarbij rekening met hetverbruik van alle apparaten.4Waarschuw het plaatselijke energiebedrijf als degasmeter te weinig capaciteit heeft.1. Verwijder de stofdop op de gasaansluiting onder aanGAS/GAZde ketel.2. Monteer de gasaanvoerleiding.3. Monteer in deze leiding direct onder de ketel een gasafsluitkraan.4.

Monteer de gasleiding op de gasafsluitkraan.OPGELET4Zorg dat er geen vuil in de gasleiding zit.4Installeer in de gasleiding bij voorkeur een gasfilterom vervuiling van het gasblok te voorkomen.4De gasleiding moet volgens de geldendevoorschriften worden aangesloten.4.8 Aansluitingen van de lucht-/rookgasleidingenDe ketel is geschikt voor de volgende typesrookgasaansluitingen.¼Zie hoofdstuk: "Certificeringen", pagina 8.4.8.1.

ClassificatieIn de tabel is deze indeling volgens nader gespecificeerd.[Type Uitvoering BeschrijvingB23B23P(1)Open 4Zonder trekonderbreker.4Rookgasafvoer bovendaks.4Lucht uit de opstellingsruimte.B33 Open 4Zonder trekonderbreker.4Gemeenschappelijke rookgasafvoer bovendaks.4Rookgasafvoer luchtomspoeld, lucht uit de opstellingsruimte (speciale constructie).C13 Gesloten 4Uitmonding in de gevel.4Instroomopening voor de luchttoevoer ligt in hetzelfde drukgebied als de uitmonding(Bijvoorbeeld een gecombineerde geveldoorvoer).(1) Ook drukklasse P1(2) EN483: 0,5 mbar Zuiging door onderdruk(3) Er kan 4 mbar onderdruk optreden(4) Zie tabel voor minimale afmeting schacht of kokerT002859-CQuinta Pro 45 - 65 - 90 - 115 4. Installatie250413 - 121803-03 29

Type Uitvoering BeschrijvingC33 Gesloten 4Rookgasafvoer bovendaks. 4Instroomopening voor de luchttoevoer ligt in hetzelfde drukgebied als de uitmonding(Bijvoorbeeld een concentrische dakdoorvoer). C43(2) Gesloten/Cascade 4Gemeenschappelijk luchttoevoer- en rookgasafvoerkanaal (CLV):-Concentrisch. -Excentrisch; Luchttoevoer uit de schacht. 4Overdruk cascades vallen hier ook onder. C53 Gesloten 4Gesloten toestel. 4Separaat luchttoevoerkanaal. 4Separaat rookgasafvoerkanaal. 4Uitmondend in verschillende drukvlakken. C63 Gesloten 4Dit type toestel wordt door de fabrikant zonder toe- en afvoersysteem geleverd. C83(3) Gesloten 4Toestel kan worden aangesloten op een zogenaamd half CLV systeem (gemeenschappelijkerookgasafvoer). C93(4) Gesloten 4Luchttoevoer- en rookgasafvoerkanaal in schacht of omkokerd:-Concentrisch. -Excentrisch; Luchttoevoer uit de schacht. -Rookgasafvoer bovendaks.

UitmondingenOver het algemeen kan gebruik worden gemaakt van standaard dak-en geveldoorvoersets. Pas bij een geveldoorvoer direct boven deketel, de Remeha geveldoorvoerset toe. Deze is als accessoireleverbaar.

Voor type C1, C3 en C5 rookgasafvoer moet de M&G Skyline /Mugro 3000 Coxstand E HR of worden gebruikt. Voor type C6rookgasafvoer moet het afvoermateriaal voldoen aan Gastec QA en/of voorzien zijn van een CE-markering. De uitmonding van de rookgasafvoer moet voldoen aan EN 1856-1. De rookgasafvoerconstructie moet berekend zijn volgens EN 13384(deel 1 & 2). 4. Installatie Quinta Pro 45 - 65 - 90 - 11530 250413 - 121803-03.

Bij een open rookgasafvoer bovendaks, moet deuitmonding altijd voorzien zijn van een RVSboldraadrooster.4.8.3. Lengte van de lucht-/rookgasleidingen4Voor het bepalen van de uiteindelijke maximalelengte, moet de leidinglengte ingekort wordenvolgens de reductietabel.4De ketel is ook geschikt voor langereschoorsteenlengten en andere diameters dan in detabel aangegeven. Neem contact met ons op voormeer informatie.nnnnn Open uitvoering (B23, B23P, B33)Bij een open uitvoering blijft de luchttoevoeropening open; alleen derookgasafvoeropening wordt aangesloten. De ketel krijgt dan debenodigde verbrandingslucht direct uit de opstellingsruimte.

Bijgebruik van luchttoevoer- en rookgasafvoerleidingen met anderediameters dan 80 mm, moeten verloopstukken worden toegepast.OPGELET4De luchttoevoeropening moet geopend blijven.4De opstellingsruimte moet voorzien zijn van denoodzakelijke luchttoevoeropeningen.

Bij een gesloten uitvoering wordt zowel de rookgasafvoer- als deluchttoevoeropening (concentrisch) aangesloten. Zie tabel voor demaximale leidinglengte van de rookgasafvoerleidingen voor degesloten uitvoering.Schoorsteenlengte voor gesloten uitvoeringDiameterMaximale lengte ( )LQuinta Pro45 65 90 11580-125 mm 16 m - - -100-150 mm 20 m 13 m 13 m 7 mnnnnn Aansluiting in verschillende drukzones (C53, C83)Verbrandingsluchttoevoer en rookgasafvoer is mogelijk inverschillende drukgebieden, en halve CLV systemen. Metuitzondering van het kustgebied.

nnnnn ReductietabelLeiding reducties per toegepast element (Parallel)Diameter Bochtstuk 45° Bochtstuk 90°Leidingreductie Leidingreductie80 mm 1,2 m 4,0 m90 mm 1,3 m 4,5 m100 mm 1,4 m 4,9 m110 mm 1,5 m 5,4 m130 mm 1,6 m 6,2 mLeiding reducties per toegepast element (Concentrisch)Diameter Bochtstuk 45° Bochtstuk 90°Leidingreductie Leidingreductie80 -125 mm 1 m 2 m100 -150 mm 1 m 2 m4.8.4. Specifieke lucht-/rookgastoepassingenIndien de ketel wordt toegepast in een rookgaszijdigeoverdrukcascade, dan moet dit vermeld worden op demeegeleverde sticker: Dit CV-toestel is ingesteld voor ....Deze sticker moet bovenop de ketel naast de typeplaatgeplakt worden. Neem contact met ons op voor meerinformatie.nnnnn Rookgaszijdige overdrukcascadeDoor de standaard ingebouwde rookgasterugslagklep, kan de ketelonder bepaalde voorwaarden toegepast worden in eenrookgaszijdige overdrukcascade.

Bij deze toepassing van de keteldient onder andere een aantal ketelinstellingen gewijzigd teworden. De instelling kan gewijzigd worden met behulp vanparameters en :p19 p"0¼ Zie hoofdstuk: "Instellingen wijzigen", pagina 674.8.5. Aanvullende richtlijnen4Voor de installatie van het rookgasafvoer enluchttoevoermateriaal wordt verwezen naar de voorschriften vande fabrikant van het betreffende materiaal. Het niet volgens devoorschriften installeren van de rookgasafvoer- enluchttoevoermaterialen (niet lekdicht, niet gebeugeld etc.), kan totgevaarlijke situaties leiden en/of lichamelijk letsel tot gevolghebben. Controleer na montage tenminste alle rookgas- enluchtvoerende delen op dichtheid.4Directe aansluiting van de rookgasafvoer op bouwkundigekanalen is niet toegestaan in verband met condensatie.4. Installatie Quinta Pro 45 - 65 - 90 - 11534 250413 - 121803-03

4Als voeringkanalen worden toegepast, moeten deze bestaan uiteen luchtdichte, dikwandige starre aluminium of roestvaststalenconstructie. Ook buigbare kunststof en roestvaststalenvoeringpijpen zijn toegestaan.

Aluminium is toegestaan, mits ergeen contact is met het bouwkundige gedeelte van hetrookgasafvoerkanaal.4Schachten altijd grondig reinigen bij toepassing vanvoeringspijpen en/of luchttoevoeraansluiting.4Inspectie van het voeringkanaal moet mogelijk zijn.4Wanneer er in de rookgasafvoerleiding condens uit een kunststofof roestvaststalen leidingdeel terug kan stromen naar eenaluminium deel, dan dient dit condens via een opvanginrichtingafgevoerd te worden, voordat het het aluminium bereikt(overeenkomstig NPR 3378).4Bij aluminium rookgasafvoerleidingen van grotere lengte dient deeerste tijd rekening gehouden te worden met relatief grotehoeveelheden corrosieproducten die samen met het condens uitde afvoerleidingen terugstromen.

Regelmatig toestelsifon reinigenof extra condensopvang boven het toestel plaatsen.4Zorg voor voldoende afschot van de rookgasafvoerleiding richtingde ketel (minimaal 50 mm per meter) en aan voldoendecondensopvang en afvoer (minimaal 1 m voor de uitmonding vande ketel). De toegepaste bochten moeten groter zijn dan 90° omafschot en een goede afdichting op de lippenringen tewaarborgen.Neem contact met ons op voor meer informatie.4.8.6. Lucht-/rookgasadapterDe ketel heeft standaard een tweepijps-aansluiting. Tijdens installatiekan worden gekozen voor een open of gesloten uitvoering.Desgewenst kan de rookgasafvoer- / luchttoevoeradapter 180ºgedraaid worden. De luchttoevoer bevindt zich dan links van derookgasafvoer, in plaats van rechts.T002878-AQuinta Pro 45 - 65 - 90 - 115 4. Installatie250413 - 121803-03 35

4.9 Elektrische aansluitingen4.9.1. BesturingsautomaatDe ketel is niet fasegevoelig. De ketel is geheel voorbedraad. Alleexterne aansluitingen kunnen op de aansluitconnector(laagspanning) worden uitgevoerd. In de tabel zijn de belangrijksteeigenschappen van de besturingsautomaat opgesomd.Voedingsspanning 230 VAC/50HzHoofdzekeringwaarde F1 (230 VAC) 6.3 ATZekeringwaarde F2 (230 VAC) 2 ATVentilator 230 VACOPGELETDe volgende componenten van de ketel staan onder eenspanning van 230V:4 Elektrische aansluiting circulatiepomp (CV).4 Elektrische aansluiting gascombinatieblok.4 Elektrische aansluiting ventilator.4 Meeste delen op de besturingsautomaat.4 Ontstekingstrafo.4 Voedingskabelaansluiting.De ketel is voorzien van stekker met randaarde (snoerlengte 1,5 m)en geschikt voor een 230VAC/50Hz voeding met fase/nul/aardesysteem. Het netsnoer is aangesloten op de connector .

EenX1reservezekering zit in de behuizing van de besturingsautomaat.OPGELET4 Wanneer de voedingskabel vervangen moet worden,dient deze bij besteld te worden.Remeha4 De stekker van de ketel moet altijd bereikbaar zijn.De ketel heeft meerdere besturings-, beveiligings- enregelingsaansluitmogelijkheden. De standaard besturingsprint kanworden uitgebreid met:¼Voor de optionele besturingsprints, zie hoofdstuk: "Optioneleelektrische aansluitingen", pagina 45Quinta Pro 45 - 65 - 90 - 115 4. Installatie250413 - 121803-03 37

4.9.2. AanbevelingenWAARSCHUWING4 De elektrische aansluitingen moeten altijdspanningsloos worden uitgevoerd en alleen doorerkende installateurs.4 De ketel is volledig voorbedraad. De interneaansluitingen van het bedieningspaneel nietwijzigen.4 Voer een aarding uit alvorens de elektriciteit aan tesluiten.Voer de elektrische aansluitingen van de ketel uit volgens:4 De voorschriften van de geldende normen.4 De aanwijzingen van de met de ketel meegeleverde elektrischeschema’s.4 De aanbevelingen in de handleiding.OPGELETScheid de sensorkabels van de 230V kabels.4. Installatie Quinta Pro 45 - 65 - 90 - 11538 250413 - 121803-03

4. Voeg de aansluitkabel van de pomp toe aan de kabelbundel, doormiddel van het openen en sluiten van de kabelbundelbandjes.4.9.5. Aansluiten van een externe regelaarnnnnn Aansluiten modulerende regelaar OT OpenTherm regelaarDe ketel is standaard voorzien van een aansluiting.OpenThermHierdoor kunnen zonder verdere aanpassingen modulerendeOpenTherm regelaars worden aangesloten (ruimte-,weersafhankelijke en cascaderegelaars).

Tevens is de ketel geschiktvoor .OpenTherm Smart Power4 In het geval van een ruimteregelaar: Monteer de regelaar in eenreferentieruimte (over het algemeen de woonkamer).4 Sluit de twee-aderige kabel aan op de klemmen vanOn/off-OTde aansluitconnector.Als de tapwatertemperatuur op de regelaarOpenThermingesteld kan worden, dan levert de ketel dezetemperatuur, met als maximum de ingestelde waarde in deketel.T002049-BT000776-DOn/offOT BL RL Tout TdhwOTOn/offTou tTdhwBL RLOTQuinta Pro 45 - 65 - 90 - 115 4. Installatie250413 - 121803-03 41

nnnnn Aansluiten aan/uit thermostaat Tk Aan/uit kamerthermostaatDe ketel is geschikt voor het aansluiten van een 2 draads aan/uitkamerthermostaat.4 Monteer de regelaar in een referentieruimte (over het algemeende woonkamer).4 Sluit de 2 draads 24V kamerthermostaat aan op de klemmen On/off-OT van de aansluitconnector.4 Sluit de power stealing thermostaat aan op de klemmen On/off-OT van de aansluitconnector.Als een kamerthermostaat met een anticipatie-elementwordt gebruikt moet dit worden omgezet met behulp vanparameter .p54.9.6. Aansluiten buitensensor Ba BuitensensorOp klemmen van de aansluitconnector kan een buitensensorToutworden aangesloten. De ketel zal bij een aan/uit thermostaatregelaarde temperatuur regelen met het setpunt van de interne stooklijn.Een OpenTherm regelaar kan ook gebruik maken vandeze buitensensor.

De gewenste stooklijn moet dan op deregelaar worden ingesteld.nnnnn Instelling stooklijnAls een buitensensor wordt aangesloten, dan kan de interne stooklijnworden aangepast. De instelling kan gewijzigd worden met behulpvan parameters , , en .p1 p"5 p"6 p"7T001590-BTkOTOn/offTou tTdhwBL RLOn/offOT BL RL Tout TdhwT001591-BBaOTOn/offTout TdhwBL RLOn/offOT BL RL Tout TdhwR000038-A0 10 20-20 -101030705090F4. Installatie Quinta Pro 45 - 65 - 90 - 11542 250413 - 121803-03

4.9.7. Aansluiten vorstbeveiligingnnnnn Vorstbeveiliging in combinatie met aan/uit thermostaatIndien er een aan/uit thermostaat wordt toegepast, wordt hetaangeraden om de vorstgevaarlijke ruimte te beveiligen tegen vorstin combinatie met een vorstthermostaat. De radiatorkraan in devorstgevoelige ruimte moet wel opengedraaid zijn.4 Plaats in vorstgevaarlijke ruimten (bijvoorbeeld garage) bijvoorkeur een vorstthermostaat ( ).Tv4 Sluit de vorstthermostaat parallel aan een aan/uitkamerthermostaat ( ) aan op de klemmen van deTk On/off-OTaansluitconnector.Bij toepassing van een thermostaat kan erOpenThermgeen vorstthermostaat parallel op de klemmen On/off-OT aangesloten worden.

Realiseer dan de vorstbeveiligingvan de CV-installatie in combinatie met een buitensensor.nnnnn Vorstbeveiliging in combinatie met een buitensensorDe CV-installatie kan ook worden beveiligd tegen vorst in combinatiemet een buitensensor. De radiatorkraan in de vorstgevoelige ruimtemoet wel opengedraaid zijn. Sluit de buitensensor aan op deklemmen van de aansluitconnector.ToutMet een buitensensor werkt de vorstbeveiliging als volgt:4 Bij een buitentemperatuur lager dan -10°C (in te stellen metparameter ): de circulatiepomp schakelt in.p304 Bij een buitentemperatuur hoger dan -10°C (in te stellen metparameter ): de circulatiepomp draait na en schakelt danp30uit.T000778-COn/offOT RLBL Tout TdhwTk TvQuinta Pro 45 - 65 - 90 - 115 4. Installatie250413 - 121803-03 43

4.9.8. Aansluiten boilersensor/-thermostaat Ws BoilersensorSluit de boilersensor of -thermostaat aan op klemmen van deTdhwaansluitconnector.4.9.9. Aansluiten PC/LaptopOp de telefoonconnector kan met behulp van de optionele Recominterface een PC of Laptop worden aangesloten. Samen met deRecom PC/Laptop service software kunt u diverse ketelinstellingeninlezen, veranderen en uitlezen.4.9.10. Blokkerende ingangDe ketel is voorzien van een blokkerende ingang. Deze ingang isuitgevoerd op de klemmen van de aansluitconnector.BLOPGELETAlleen geschikt voor potentiaal vrije contacten.Bij gebruik van de ingang dient eerst de brug verwijderd tewordenHet gedrag van de ingang kan gewijzigd worden met behulp vanparameter .p36¼Zie hoofdstuk: "Beschrijving van de parameters", pagina 67T000443-BWsOTOn/offTou tTdhwBL RLOn/offOT BL RL Tout TdhwT000442-AOTOn/offBL RLX13T001917-BOn/offOT RLBL Tout Tdhw4.

4.9.11. Vrijgave ingangDe ketel is voorzien van een vrijgave ingang. Deze ingang isuitgevoerd op de klemmen van de aansluitconnector.RLOPGELETAlleen geschikt voor potentiaal vrije contacten.Het gedrag van de ingang kan gewijzigd worden met behulp vanparameter .p37¼Zie hoofdstuk: "Beschrijving van de parameters", pagina 674.10 Optionele elektrische aansluitingen4.10.1. Behuizing voor besturingsprintsBij toepassing van de besturingsprint SCU-S02, SCU-S03, SCU-X01,SCU-X02, SCU-X03 of c-Mix, zal eerst de behuizing voorbesturingsprints moeten worden ingebouwd. Zie de bij het productmeegeleverde instructies.De besturingsprints worden in de behuizing voor besturingsprintsgeplaatst. Zie de bij de besturingsprint meegeleverde instructies.1. Klik het deksel van de behuizing los.2. Verwijder het deksel.4.10.2.

nnnnn Aansluiting Status (Nc)Als de ketel vergrendelt, dan valt een relais af en kan de alarmeringvia een potentiaalvrij contact (maximaal 230 V, 1A) op de klemmenNc C en van de aansluitconnector doorgemeld worden.nnnnn Aansluiting (OTm)De interface communiceert met de ketelsturing door middel vanOpenTherm OTm. Hiervoor dient de aansluiting te wordenverbonden met de ingang van de ketelsturing.OpenTherm OTnnnnn Analoge ingang (0-10 V)Bij deze regeling kan worden gekozen voor het regelen optemperatuur of op vermogen. Hieronder worden beide regelingen korttoegelicht. Om het toestel analoog aan te sturen, dient het 0-10 Vsignaal op de interface te worden aangesloten.nnnnn Analoog regelen op temperatuur ( )*****Het 0-10 V signaal regelt de ketelaanvoertemperatuur tussen 0°C en100°C.

Deze regeling is modulerend op aanvoertemperatuur, waarbijhet vermogen varieert tussen de minimale en maximale waarde opbasis van het door de regelaar berekende setpuntaanvoertemperatuur.Door middel van een jumper ( ) op de interface wordt gekozen voor2temperatuur- ( ) of vermogenssturing ( ).***** %Jumper 2 Ingangssignaal (V) temperatuur ºC Omschrijving*****0 - 1,5 0 - 15 Ketel uit1,5 - 1,8 15 - 18 Hysterese1,8 - 10 18 - 100 Gewenstetemperatuurnnnnn Analoog regelen op vermogen (%)Het 0-10V signaal regelt het ketelvermogen tussen 0% en 100%.Waarbij de minimum en maximum waarden begrensd worden. Hetminimale vermogen is gekoppeld aan de modulatiediepte van deketel.

nnnnn Analoge uitgang (0-10 V)Bij deze terugmelding kan worden gekozen voor temperatuur ofvermogen. Hieronder worden beide regelingen kort toegelicht.Door middel van een jumper ( ) op de interface wordt gekozen voor1temperatuur ( ) of vermogen ( ).***** %Jumper 1 Uitgangssignaal (V) temperatuur ÀÀÀÀÀ Omschrijving*****0,5 - Alarm1 - 10 10 - 100 GeleverdetemperatuurJumper 1 Uitgangssignaal (V) Vermogen (%) Omschrijving%0 0 - 15 Ketel uit0,5 15 - 20 Alarm2,0 - 10 (1) 20 - 100 Geleverdvermogen(1) Afhankelijk van de minimale modulatiediepte (ingestelde toerentallen, standaard20%)4.10.3. Aansluitmogelijkheden van debesturingsprint (SCU-S02)Als de ketel wordt uitgerust met de besturingsprint (SCU-S02), danwordt deze door de besturingsautomaat van de ketel automatischherkend.OPGELETBij het verwijderen van deze print zal de ketel storingscodee[38 tonen.

Om deze storing te voorkomen, dient erna het verwijderen van deze print een Auto-detectuitgevoerd te worden.¼Zie hoofdstuk: "Auto-detect uitvoeren", pagina73.De statussignalering D3 rechtsboven op de besturingsprint geeft destatus weer:4 Continu signaal: Print functioneert normaal4 Knipperend signaal: Geen verbinding4 Geen signaal: Geen spanning of defecte print (Controleer debedrading)nnnnn Aansturing externe CV pomp (Pump)Een externe CV pomp kan worden aangesloten op de klemmenPump van de aansluitconnector. Het maximum opgenomenvermogen bedraagt 400 VA.T000800-A12%1 1T001255-BStatusCNc NoCNc NoPumpN LPumpN LEgVN LEgVN L3wVX3SCU-SO2 X1X4 X5N C3wVN C DDX2 D3Tsol GpsTsol GpsHruHruF 4AT Quinta Pro 45 - 65 - 90 - 115 4. Installatie250413 - 121803-03 47

nnnnn Aansturing externe driewegklep (3wV)De externe driewegklep (230 VAC) kan worden gebruikt bijaansluiting van een indirect gestookte boiler. De ruststand van dedriewegklep kan ingesteld worden met behulp van parameterp34.Sluit de driewegklep als volgt aan:4 N = neutraal4 C = centrale verwarming4 D = boilernnnnn Aansturing externe SWW pomp (3wV)Het is ook mogelijk om op de klemmen 3wV een externe SWW-pompaan te sluiten.

Sluit de pomp als volgt aan:4 N = N pomp4 D = L pomp4 Q = PE pompOPGELETAls de ruststand van de driewegklep met behulp vanparameter is aangepast, moet de pomp als volgtp34worden aangesloten:4 N = N pomp4 C = L pomp4 Q = PE pompnnnnn Aansturing externe gasklep (EgV)Als er warmtevraag is komt er op de klemmen van deEgVaansluitconnector een wisselspanning van 230 VAC, 1 A (maximaal)beschikbaar, voor het aansturen van een externe gasklep.nnnnn Bedrijfsmelding en storingsmelding (Status)De keuze voor alarm of bedrijfsmelding kan ingesteld worden metbehulp van parameter .p404 Als de ketel in bedrijf is kan de bedrijfsmelding via eenpotentiaalvrij contact (maximaal 230 VAC, 1 A) op de klemmenNo C en van de aansluitconnector geschakeld worden.4 Als de ketel vergrendelt, dan kan de alarmering via eenpotentiaalvrij contact (maximaal 230 VAC, 1 A) op de klemmenNc C en van de aansluitconnector doorgemeld worden.4.

nnnnn Minimum gasdrukschakelaar GpsEen minimum gasdrukschakelaar zorgt ervoor dat de ketel opblokkering gaat bij het bereiken van een te lage gasvoordruk. Sluit deminimum gasdrukschakelaar aan op de klemmen van deGpsaansluitconnector. De aanwezigheid van de gasdrukschakelaar dientingesteld te worden met behulp van parameter .p41nnnnn Warmteterugwinunit (Hru)Sluit de bedrading van de warmteterugwinunit aan op de klemmenHru van de aansluitconnector. De aanwezigheid van dewarmteterugwinunit dient ingesteld te worden met behulp vanparameter .p4"4.10.4. Aansluitmogelijkheden van debesturingsprint (SCU-S03)Als de ketel wordt uitgerust met de besturingsprint (SCU-S03), danwordt deze door de besturingsautomaat van de ketel automatischherkend.OPGELETBij het verwijderen van deze print zal de ketel storingscodee[38 tonen.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Remeha Quinta Pro 65S stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden