Remeha Calenta 40 hr-combi Handleiding

Remeha Ketel & boiler Calenta 40 hr-combi

Bekijk gratis de handleiding van Remeha Calenta 40 hr-combi (100 pagina’s), behorend tot de categorie Ketel & boiler. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 80 mensen. Heb je een vraag over Remeha Calenta 40 hr-combi of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/100
Nederland
NL
Hoog rendement gaswandketels
Calenta 25s - 28c - 35s - 40c
Installatie- en
servicehandleiding
119401-02

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Remeha
Categorie: Ketel & boiler
Model: Calenta 40 hr-combi
Kleur van het product: Wit
Ingebouwd display: Ja
Gewicht: 30000 g
Breedte: 450 mm
Diepte: 395 mm
Hoogte: 690 mm
Ondersteuning voor plaatsing: Verticaal
Maximaal vermogen: 35900 W
Verwamingslocatie: Binnen
Zonneenergie batterijen ondersteuning: Nee
Brandstof: Natuurlijk gas
Boiler systeem: Combi-boilersysteem
Warmwatercapaciteit: 11.1 l/min
Gas inspectie label: CW, HRww, NZ, SV
HR Gaskeur: 107
CW Gaskeur klasse: 5
Type boiler (NL-label): HR
Watercapaciteit ( 60 ° C ): 11.1 l/min

Handleiding Remeha Calenta 40 hr-combi – volledige tekst

4. 3 Montage mogelijkheden 22. 4. 3. 1 Typeplaat 22. 4. 3. 2 Plaatsen van de ketel 22. 4. 3. 3 Ventilatie 23. 4. 3. 4 Belangrijkste afmetingen 24. 4. 4 Positionering van de ketel 25. 4. 5 Hydraulische aansluitmogelijkheden. 264. 5. 1 Aansluiten vloerverwarming 26. 4. 5. 2 Aansluiten zonneboiler 26. 4. 5. 3 Aansluiten indirect gestookte boiler 27. 4. 5. 4 Geiser-toepassing 28. 4. 5. 5 Solo-toepassing 29. 4. 6 Wateraansluitingen 29. 4. 6. 1 Doorspoelen van de installatie 29. 4. 6. 2 Aansluiting van het verwarmingscircuit 30. 4. 6. 3 Aansluiting van het tapwatercircuit. 314. 6. 4 Aansluiting van het expansievat. 314. 6. 5 Aansluiting van de condensatie-afvoerleiding 31. 4. 7 Gasaansluiting 32. 4. 8 Aansluitingen van de lucht-/rookgasleidingen 32. 4. 8. 1 Classificatie 32. 4. 8. 2 Uitmondingen 33. 4. 8. 3 Aanvullende richtlijnen 34. 4. 8. 4 Lengte van de lucht-/rookgasleidingen 35. 4. 8.

1 Inleiding1.1 Toegepaste symbolenIn deze handleiding worden verschillende gevarenniveaus gebruiktom aandacht op de bijzondere aanwijzingen te vestigen. Wij doen ditom de veiligheid van de gebruiker te verhogen, problemen tevoorkomen en om de technische bedrijfszekerheid van het apparaatte waarborgen.GEVAARKans op gevaarlijke situaties resulterend in ernstigpersoonlijk letsel.WAARSCHUWINGKans op gevaarlijke situaties resulterend in lichtpersoonlijk letsel.OPGELETKans op materiële schade.Let op, belangrijke informatie.¼ Verwijzing naar andere handleidingen of pagina's in dezehandleiding.1.2 Afkortingen4CLV: Gemeenschappelijk rookgasafvoer voor een gesloten ketel4CV: Centrale verwarming4EPC: Energie prestatie coëfficiënt4SWW: Sanitair warm water4WTW: Warmteterugwinunit1.3 Algemeen1.3.1.

Vanwege de permanente zorg voor de kwaliteit van onze producten,zoeken wij voortdurend naar manieren om deze te verbeteren.Daarom houden wij ons het recht voor de in dit document genoemdespecificaties te wijzigen.In de volgende gevallen zijn wij als fabrikant niet aansprakelijk:4Het niet in acht nemen van de gebruiksinstructies van hetapparaat.4Achterstallig of onvoldoende onderhoud aan het apparaat.4Het niet in acht nemen van de installatieinstructies van hetapparaat.1.3.2. Aansprakelijkheid van de installateurDe installateur is aansprakelijk voor de installatie en de eersteinbedrijfstelling van het apparaat.

De installateur moet de volgendeinstructies in acht nemen:4Lees de instructies van het apparaat in de meegeleverdehandleidingen en neem deze in acht.4Installeer overeenkomstig de geldende wetgeving en normen.4Voer de eerste inbedrijfstelling en alle benodigde controles uit.4Leg de installatie uit aan de gebruiker.4Als onderhoud noodzakelijk is, waarschuw dan de gebruiker voorde controle- en onderhoudsplicht betreffende het apparaat.4Overhandig alle handleidingen aan de gebruiker.1.4 Goedkeuringen1.4.1. CertificeringenCE-identificatienummer PIN 0063BT3444Klasse NOx 5 (EN 297 pr A3, EN 656)Type aansluiting(Rookgasafvoer)B23 , B23P , B33 , C13 , C33 , C43 , C53 , C63 ,C83 , C93Afhankelijk van het toesteltype en de brutowarmtebehoefte voor tapwater volgens NEN 5128, kunnenvoor de bepaling rendementswaarden tot 0,825EPCworden gehanteerd.Calenta 25s - 28c - 35s - 40c 1.

nnnnn GaskeurlabelsDe ketel heeft diverse Gaskeurlabels. Deze onafhankelijkeprestatielabels worden door Stichting Energie Prestatiekeurtoegekend aan die gasverbruiksapparaten die voldoen aan specifiekeeisen met betrekking tot een aantal doelmatigheids-,milieutechnische-, en comfortaspecten. De verklaring voor dezelabels is als volgt:De labels zijn niet gewaarborgd bij toepassing van de ketelop G20 of G31.Gaskeur HR 107 (Hoog rendement verwarming)Dit houdt in dat het rendement van de ketel tijdens cv-bedrijf hoger isdan de Gaskeur HR criteria van 107% ten opzichte van Hi.

Met toepassingsklasse 4 is deCalenta 28c geschikt voor:4Tapdebiet van minimaal 7,5 l/min van 60°C.4Een douchefunctie vanaf 6 l/min tot tenminste 12,5 l/min van40°C.4Binnen 11 minuten vullen van een bad met 120 liter water vangemiddeld 40°C.Gelijktijdigheid van deze functies is niet vereist.Instellingen waarbij de conform Comfort WarmwaterCalenta 28cclassificatie presteert:4Starttoerental 3000 tr/min.4Toerental SWW maximaal 6200 tr/min.4ECO-stand: Uit.Gaskeur CW 5 (Comfort Warmwater)Dit houdt in dat de voldoet bij de bereiding vanCalenta 40cwarmwater aan toepassingsklasse 5. Met toepassingsklasse 5 is deCalenta 40c geschikt voor:4Comfort Warmwater.4Een douchefunctie vanaf 6 l/min tot tenminste 12,5 l/min van40°C.4Binnen 10 minuten vullen van een bad met 150 liter water vangemiddeld 40 °C.Gelijktijdigheid van deze functies is niet vereist.T001057-AT001058-AT001055-AT001795-A1.

Instellingen waarbij de conform Comfort WarmwaterCalenta 40cclassificatie presteert:4Starttoerental 4000 tr/min.4Toerental SWW maximaal 6800 tr/min.4ECO-stand: Uit.Gaskeur SV (Schone verbranding)Dit houdt in dat de ketel voldoet aan het NOx-besluit en de Schoneverbrandingseis. De ketel beschikt over een continu geregelde gas-/luchtkoppeling in combinatie met een volledig voorgemengdebrander. De NOx- en CO-emissie is hierdoor zo laag mogelijk.Gaskeur NZ (Naverwarming Zonneboiler)Dit houdt in dat de combiketel geschikt is als naverwarmer voorzonneboilers. Het label (naverwarming zonneboilers) geldt incombinatie met de zonneboileraansluitset. In verband met mogelijkelegionella-vorming mag de ketel niet worden uitgeschakeld of deSWW temperatuur lager dan 60°C worden ingesteld.1.4.2.

ToestelcategorieënCategorie gas Type gas Aansluitdruk (mbar)II2L3P , I2H G20 (H-gas) 20G25 (L-gas) 25G31 (Propaan) 30/50De fabrieksinstelling van de ketel is voor werking op de aardgasgroepG25 (L-gas).1.4.3. Aanvullende richtlijnenNaast de wettelijke voorschriften en richtlijnen, moeten ook deaanvullende richtlijnen in deze handleiding worden opgevolgd.Voor alle voorschriften en richtlijnen, zoals genoemd in dezehandleiding, geldt dat aanvullingen of latere voorschriften enrichtlijnen op het moment van installeren van toepassing zijn.1.4.4. FabriekstestIedere ketel wordt voor het verlaten van de fabriek optimaal ingestelden getest op:4Elektrische veiligheid4Afstelling (CO2)4Functie sanitair warm water (Alleen bij combiketel)4Waterdichtheid4Gasdichtheid4ParameterinstellingT001059-AT001779-BNZCalenta 25s - 28c - 35s - 40c 1. Inleiding091012 - 119401-02 9

2 Veiligheidsinstructies en aanbevelingen2.1 VeiligheidsvoorschriftenGEVAARIndien u gas ruikt:1. Gebruik geen vuur, rook niet, gebruik geenelektrische contacten of schakelaars (bel, verlichting,motor, lift, etc.).2. Sluit de gasaanvoer af.3. Open de ramen.4. Spoor mogelijke lekkages op en dicht deze direct af.5. Zit het lek vóór de gasmeter, waarschuw dan hetgasbedrijf.GEVAARIndien u rookgassen ruikt:1. Schakel het apparaat uit.2. Open de ramen.3.

Spoor mogelijke lekkages op en dicht deze direct af.2.2 AanbevelingenWAARSCHUWING4De installatie en het onderhoud van de ketel moetendoor een erkend installateur worden uitgevoerdvolgens de plaatselijke en nationale regelgeving.4Bij werkzaamheden aan de ketel, de ketel altijdspanningsvrij maken en de hoofdgaskraan sluiten.4Controleer de hele installatie na onderhouds- enservicewerkzaamheden op lekkages.OPGELETDe ketel moet in een vorstvrije ruimte geïnstalleerdworden.Bewaar dit document in de nabijheid van de installatie.ManteldelenManteldelen mogen alleen verwijderd worden voor onderhouds- enservicewerkzaamheden. Plaats na de onderhouds- enservicewerkzaamheden alle manteldelen terug.2. Veiligheidsinstructies en aanbevelingen Calenta 25s - 28c - 35s - 40c10 091012 - 119401-02

Calenta 35s - 40c1Rookgasafvoer2Bemanteling/luchtkast3Rookgasmeetpunt4Mengbuis5Aanvoerslang6Luchtinlaatdemper7Behuizing voor besturingsprints (accessoire)8Gascombinatieblok9Hydroblok aanvoerzijde10 Slang veiligheidsventiel11 Sifon12 Instrumentenbox13 Circulatiepomp14 Hydroblok retourzijde15 Platenwarmtewisselaar (SWW) (Alleen bij combiketel)16 Driewegklep (Alleen bij combiketel)17 Condensverzamelbak18 Ventilator19 Warmtewisselaar (CV)20 Ontstekings/ionisatie elektrode21 Luchttoevoer3.3 Werkingsprincipe3.3.1. Gas-/luchtregelingDe ketel is voorzien van een bemanteling die tevens als luchtkastdient. De ventilator zuigt lucht aan; in de venturi, aan de inlaatzijdevan de ventilator, wordt het gas ingespoten. Afhankelijk van deinstellingen, de warmtevraag en de heersende temperaturen dieworden gemeten door de temperatuursensoren, wordt het toerentalvan de ventilator geregeld.

Gas en lucht worden in de venturigemengd. De gas- / luchtkoppeling zorgt ervoor dat de hoeveelheidgas en lucht precies op elkaar worden afgestemd. Hierdoor ontstaateen optimale verbranding over het hele belastingbereik. Het gas-/luchtmengsel gaat naar de brander, bovenin de warmtewisselaar.T002886-C2 14 16 15 13 17 18 19 20 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 1 21 Calenta 25s - 28c - 35s - 40c 3. Technische beschrijving091012 - 119401-02 13

3. 3. 2. VerbrandingDe brander verwarmt het CV-water dat door de warmtewisselaarstroomt. Als de temperatuur van de rookgassen lager is dan hetcondensatiepunt (ca. 55ºC), condenseert de waterdamp in hetonderste deel van de warmtewisselaar. De warmte die bij ditcondensatieproces vrijkomt (de zogenaamde latente- ofcondensatiewarmte) wordt eveneens aan het CV-waterovergedragen. De afgekoelde rookgassen worden afgevoerd via derookgasafvoerleiding. Het condenswater wordt via een sifonafgevoerd. 3. 3. 3. Verwarming en productie van sanitair warmwaterBij de combiketel verwarmt een ingebouwde platenwarmtewisselaarsanitair water. Een driewegklep bepaalt of verwarmd water naar decv-installatie stroomt of naar de platenwarmtewisselaar. Eentapsensor signaleert het openen van een warmwaterkraan.

Desensor geeft een signaal aan de besturingsautomaat die ervoor zorgtdat de driewegklep omschakelt naar de warmwaterstand en dat depomp wordt ingeschakeld. De driewegklep is veerbelast, maarverbruikt alleen stroom wanneer deze naar een andere stand loopt. Het cv-water verwarmt het tapwater in de platenwarmtewisselaar. Alser geen warmwater wordt getapt, dan zorgt de ketel in comfortstandvoor een periodieke opwarming van de warmtewisselaar. Eventuelekalkdeeltjes worden uit de platenwisselaar gehouden door eenwaterfilter, dat zichzelf reinigt eens per 76 uur. 3. 3. 4. BesturingsvoorzieningDe besturing van de ketel, de zogenoemde Comfort Master©©©©©, zorgtvoor een betrouwbare warmtelevering. Dit houdt in dat de ketelpraktisch omgaat met negatieve invloeden uit de omgeving (zoalsgeringe waterdoorstroming en luchttransportproblemen).

1Celcia 102qSense3iSenseOp de ketel kan een 2 draads aan / uit-thermostaat, zoals de Celcia10 of een power stealing-thermostaat worden aangesloten. Hetvermogen van de ketel kan via modulerend wordenOpenThermgeregeld met een daarvoor geschikte modulerende regelaar, zoalsde of de .qSense iSense3.3.6. WatertemperatuurregelingDe ketel is voorzien van een elektronische temperatuurregeling meteen aanvoer- en een retourtemperatuursensor. Deaanvoertemperatuur is instelbaar tussen 20°C en 90°C. De ketelmoduleert terug als de ingestelde aanvoertemperatuur is bereikt. Deuitschakeltemperatuur is de ingestelde aanvoertemperatuur + 5°C.3.3.7. WatergebrekbeveiligingDe ketel is voorzien van een watergebrekbeveiliging op basis vantemperatuurmetingen. Door terug te moduleren op het moment datde waterdoorstroming te klein dreigt te worden, blijft de ketel zo langmogelijk in bedrijf.

Bij een te geringe doorstroming ΔT ≥ 50°C of tegrote stijging van de aanvoertemperatuur, gaat de ketel 10 minutenin blokkeringsmode, code . Wanneer er geen water in de5t[09ketel aanwezig is of als de pomp niet draait, volgt een vergrendeling,code bij ΔT ≥ 70°C.e[103.3.8. MaximaalbeveiligingDe maximaalbeveiliging vergrendelt de ketel bij een te hogewatertemperatuur (110°C), code .e[12¼ Voor meer uitvoerige informatie, zie het hoofdstuk:"Storingscodes", pagina 86T003757-A1 2 3 Calenta 25s - 28c - 35s - 40c 3. Technische beschrijving091012 - 119401-02 15

3.3.10. CirculatiepompDe verwarmingsketel is voorzien van een circulatiepomp. Dezeenergiezuinige, modulerende circulatiepomp wordt door debesturingsautomaat geregeld op basis van ΔT. Derestopvoerhoogtes bij de verschillende vermogens zijn af te lezen uitde grafiek.Calenta 25s - 28cHRestopvoerhoogte CVQWaterdebietCalenta 35s - 40cHRestopvoerhoogte CVQWaterdebietDe pompinstellingen kunnen worden gewijzigd met parametersp"8 p"9 en :4Indien er stromingsgeluiden in het systeem waarneembaar zijn,kan de maximale pompsnelheid verlaagd worden met behulp vanparameter (Eerst de CV-installatie ontluchten).p"94Indien er onvoldoende doorstroming in de radiatoren is of als dezeniet volledig warm worden, kan de minimale pompsnelheidverhoogd worden met behulp van parameter .p"8¼ Zie hoofdstuk: "Wijzigen van parameters opinstallateursniveau", pagina 68.3.3.11.

Keteltype Calenta 25s 28c 35s 40cRookgashoeveelheid minimum-maximum kg/h 8,9 - 42,1 8,9 - 47,1 11,1 - 57,3 11,1 - 63,9Rookgastemperatuur minimum-maximum °C 30 - 80 30 - 85 30 - 75 30 - 80Maximale tegendruk Pa 120 130 140 160Gegevens centrale-verwarmingscircuitWaterinhoud l 1,7 1,7 2,3 2,3Waterbedrijfsdruk minimum bar 0,8Waterbedrijfsdruk (PMS) maximum bar 3,0Watertemperatuur maximum °C 110Bedrijfstemperatuur maximum °C 90Restopvoerhoogte CV (ΔT = 20K) mbar 295 295 291 291Gegevens sanitairwarmwatercircuitGaskeur CW - - 4 - 5Specifiek debiet warm water D(60 ºC) l/min - 8,2 - 11,1Specifiek debiet warm water D(40 ºC) l/min - 13,7 - 19,5Tapwaterzijdig drukverschil mbar - 490 - 810Tapdrempel minimum l/min - 1,2 - 1,2Effectieve toestelwachttijd(1) s - 5,15 - 5,18Specifieke leidinglengte(2) m - 23,86 - 23,83Jaargebruiksrendement opsanitair tapwaterzonder % - 90,6 - 92,3 iSensemet % - 91,4 - 93,8 iSenseWaterinhoud l - 0,33 - 0,49Werkdruk (Pmw) maximum bar - 8 - 8Elektrische gegevensVoedingsspanning VAC 230Opgenomen vermogen - Vollast maximum W 116 124 129 139Fabrieksinstelling W 72 72 92 92Opgenomen vermogen - Laaglast maximum W 21 21 22 22Opgenomen vermogen - Stand-by maximum W 4Elektrische beschermingsindex IP X4DOverige gegevensGewicht (leeg) Totaal kg 30 31 32 33Montage(3) kg 27 28 29 30Gemiddeld geluidsniveau op eenafstand van 1 m van de ketel dB(A) 42 44 45 47(1) Tijdsduur die vanaf begin tappen benodigd is om ten behoeve van installatieberekeningen een temperatuurverhoging van 40K te verkrijgenaan de tapwateruitlaat van het toestel, gebaseerd op het CW tapdebiet.(2) De specifieke leidinglengte Ø 10/12 mm is de maximale, ongeïsoleerde lengte, waarbij het toestel in de slechtst denkbare zomersituatiebinnen 30 s warmwater met een blijvende temperatuurverhoging van 35 ºC levert aan het keukentappunt.(3) Zonder frontmantelCalenta 25s - 28c - 35s - 40c 3.

4 Installatie4.1 InstallatievoorschriftenWAARSCHUWINGDe installatie van het apparaat moet door een erkendinstallateur worden uitgevoerd volgens de plaatselijke ennationale geldende regelgeving.De installatie moet ook voldoen aan:4Deze handleiding en overige van toepassing zijnde documentatie4NEN 1006: Algemene voorschriften voor drinkwaterinstallatiesAVWI4NEN 1010: Veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties4NEN 1078: Voorziening voor gas met een werkdruk tot en met500mbar - Prestatie-eisen - Nieuwbouw4NPR 3378: Leidraad bij NEN 10784NEN 1087: Ventilatie van woongebouwen4NPR 1088: Toelichting op NEN 10874NEN 2078: Eisen voor industriële gasinstallaties4NEN 2757: Toevoer van verbrandingslucht en afvoer van rook vanverbrandingstoestellen4NEN 3028: Eisen voor verbrandingsinstallaties4NEN 3215: Binnenriolering in woningen en woongebouwen4NEN 8078: Voorziening voor gas met een werkdruk tot en met500mbar - Prestatie-eisen - Bestaande bouw4Bouwbesluit4Plaatselijk geldende voorschriften van Brandweer, Nutsbedrijvenen Gemeente4Bij toepassing warm sanitairwatervoorziening: WerkbladDrinkwaterinstallaties, VEWIN nr.

4Installatie- en servicehandleiding4Sticker: Dit CV-toestel is ingesteld voor ...4Gebruikershandleiding4Garantiekaart4ServiceboekjeDeze Installatie- en servicehandleiding behandelt alleen destandaard leveringsomvang. Zie voor installatie of montage vaneventueel met de ketel meegeleverde accessoires, bijvoorbeeldmontagebeugel of montageframe, de met de accessoiresmeegeleverde montage-instructie.De ketel is ook samen met een modulerende regelaarleverbaar als Combi Comfort Systeem. In deverpakkingsdoos bevindt zich dan ook de iSense regelaar.4.2.2.

AccessoiresAfhankelijk van het type installatie zijn de volgende accessoiresleverbaar:BenamingMontageframeMontageframe aansluitset, bestaande uit afsluitkranen, inlaatcombinatie enmanometerAfstandframe voor leidingloop achter het toestelLeidingset voor leidingen achter het toestel (in combinatie met hetafstandframe)Afdekmantel voor over de aansluitingenPropaan-ombouwkitAan / uit thermostaat Remeha Celcia 10Eenvoudige modulerende regelaar Remeha qSenseUitgebreide, modulerende regelaar Remeha iSenseInbouwset Remeha iSenseBuitentemperatuursensorWanddoorvoer Type C1Luchttoevoer/rookgasadapter 80/125 mmLuchttoevoer/rookgasadapter 60/100 mmBoileraansluitsetBoilersensorZonneboileraansluitsetBesturingsprint 0-10V (IF-01)Uitgebreide besturingsprint (SCU-S02)Behuizing voor besturingsprintsAansluitset WTW-koppelingReinigingsset voor warmtewisselaar (CV)Reinigingsset voor platenwarmtewisselaar (SWW)ServicekofferCommunicatieset RecomWaterzijdige / gaszijdige aansluit-verloopset bij vervanging van RemehaQuinta ketelsCalenta 25s - 28c - 35s - 40c 4.

Plaatsen van de ketel4Bepaal aan de hand van de richtlijnen en de benodigdeopstellingsruimte de juiste plaats voor montage van de ketel.4Houd bij de bepaling van de juiste opstellingsruimte rekening metde toegestane positie van de rookgasafvoer- en / ofluchttoevoeruitmonding.4Zorg voor voldoende ruimte rond de ketel voor een goedebereikbaarheid en vereenvoudiging van het onderhoud.WAARSCHUWING4Bevestig de ketel op een stevige wand die hetgewicht van het met water gevulde apparaat en devoorzieningen kan dragen.4Het is verboden om, zelfs tijdelijk, brandbareproducten en stoffen in de ketel of in de buurt van deketel op te slaan.OPGELET4De ketel moet in een vorstvrije ruimte geïnstalleerdworden.4Bij de ketel moet een wandcontactdoos metrandaarde aanwezig zijn.4Voor de condensafvoer moet er een aansluiting ophet riool in de buurt van de ketel zijn.T001539-BT001531-A450min.1000 395min. 250min.

nnnnn BeveiligingsindexBBadkuip of douchebakZZonesOZ Buitenzone indelingDoor de beveiligingsindex IP X4D is installatie in de badkamermogelijk in de zones 2, 3 en in de buitenzone-indeling.4Sluit in dit geval de 230V voeding als vaste aansluiting aan.4Sluit in dit geval ook een luchttoevoerleiding aan.OPGELETBij vaste aansluiting van het netsnoer dient altijd voor deketel een dubbelpolige hoofdschakelaar te wordenaangebracht met een contactopening van ten minste 3mm (EN 60335-1).4.3.3. Ventilatie(1) Afstand tussen de voorkant van de ketel en debinnenwand van de kast.(2) Afstand aan beide zijden van de ketel.Wordt de ketel in een gesloten kast geïnstalleerd, dan moeten deaangegeven minimum maten in acht worden genomen.

4.4 Positionering van de ketelDe ketel wordt geleverd met een montage sjabloon.Aan de achterzijde van de mantel bevindt zich een ophangstrip,waarmee de ketel direct aan de ophangbeugel gehangen kanworden.1. Plak de montage sjabloon van de ketel met plakband op de muur.OPGELET4Controleer met een waterpas of de as van deinstructie horizontaal is.4Om de ketel en aansluitingen tijdens het ophangente beschermen tegen vervuiling door bouwstof,dienen rookgasafvoer en luchttoevoeraansluitpunten te worden afgedekt. Verwijder dezeafdekking pas bij montage van de betreffendeaansluitingen.2. Boor 2 gaten van Ø 10 mm.De extra gaten zijn bedoeld voor het geval dat één vanbeide bevestigingsgaten een goede bevestiging van deplug onmogelijk maakt.3. Plaats de Ø 10 mm pluggen.4. Bevestig de ophangbeugel met de meegeleverde Ø 10 mm boutenaan de muur.5.

4.5 Hydraulische aansluitmogelijkheden4.5.1. Aansluiten vloerverwarming1Ketel2Expansievat3Afsluitkraan4Inregelkraan5Vul- / aftapkraan6Vloerverwarming7RadiatorverwarmingDe ketel kan direct op een vloerverwarmingsinstallatie wordenaangesloten.Bij toepassing van kunststof leidingen (bijvoorbeeld bijvloerverwarming) moet de toegepaste kunststof buiszuurstofdiffusiedicht zijn volgens DIN 4726/4729. In installaties waarde toegepaste kunststof buis niet voldoet aan deze normen, wordtgeadviseerd het ketelcircuit hydraulisch te scheiden van de CV-installatie door een (platen-) wisselaar.De pompinstellingen kunnen worden gewijzigd metparameters en .p"8 p"94.5.2. Aansluiten zonneboiler1Ketel2Voorraadvat3Zonnecollector4Pomp5Doorstroombegrenzer6Inlaatcombinatie7Mengventiel8Zonneboilersensor (SCU-S02)De combiketel is geschikt als naverwarmer bij zonneboilers.

4.5.3. Aansluiten indirect gestookte boilerDe soloketel is standaard voorzien van een boilerregeling. Deregeling is uitgevoerd met een boilervoorkeurschakeling. Dit houdt indat de boiler voorrang krijgt, bij gelijktijdige warmtevraag van de boileren cv. De indirect gestookte boiler kan worden aangesloten met eeninterne- of externe driewegklep.Interne driewegklep1Ketel2Indirect gestookte boiler3Boilersensor4Ontluchtingsset boiler5Inlaatcombinatie6Expansievat7Verwarming-Installatie8DriewegklepVoor de montage van de driewegklep in de ketel moet deboileraansluitset worden toegepast (Accessoire).

Externe driewegklep1Ketel2Indirect gestookte boiler3Boilersensor4Ontluchtingsset boiler5Inlaatcombinatie6Expansievat7Verwarming-Installatie8Driewegklep9Besturingsprint SCU-X02Voor montage van de driewegklep buiten de ketel moet debesturingsprint SCU-X02 worden toegepast (Accessoire). Dedriewegklep 24 V/230 V wordt aangestuurd door de besturingsprintSCU-X02. De besturingsprint moet worden gemonteerd in deelektronica uitbreidingsbox (Accessoire).¼ Zie voor installatie of montage van accessoires demeegeleverde montage-instructie.4Ter voorkoming van ongecontroleerde stromingen inhet CV-net moet de retourleiding van de boiler altijdrechtstreeks op de retourleiding naar de ketel wordenaangesloten en dus nooit rechtstreeks op de CV-installatie.4Monteer in de koudwatertoevoer van de boiler eeninlaatcombinatie tegen terugstromen en overdruk.4.5.4.

Geiser-toepassing1Ketel2Vul- / aftapkraan3ExpansievatDe combiketel is ook geschikt voor alleen warmwaterbedrijf. De ketelkan dan als geiser functioneren. Hiertoe dient de CV-functieuitgeschakeld te worden met behulp van parameter .p3De aanvoer en retour aansluitingen van het toestel dienendoorverbonden te worden.T001537-C124867M359T001536-B12 34. Installatie Calenta 25s - 28c - 35s - 40c28 091012 - 119401-02

4.5.5. Solo-toepassing1Ketel2Expansievat3Afsluitkraan4Vul- / aftapkraan5RadiatorverwarmingDe combiketel is ook geschikt voor alleen CV-bedrijf. Hiertoe dient dewarmwaterfunctie uitgeschakeld te worden met behulp vanparameter .p3De sanitairleidingen hoeven niet aangesloten of afgedoptte worden. De meegeleverde stofdopjes volstaan.4.6 Wateraansluitingen4.6.1.

Doorspoelen van de installatiePlaatsing van de ketel op een nieuwe installatie (installatie vanminder dan 6 maanden)4Reinig de installatie met een universeel reinigingsmiddel om hetafval uit de installatie te verwijderen (koper, vlasdraad,soldeersel).4Spoel de installatie goed door totdat het water helder is en geenvuildeeltjes meer bevat.Plaatsing van de ketel op een bestaande installatie4Verwijder slijk uit de installatie met een reinigingsmiddel.4Spoel de installatie door.4Reinig de installatie met een universeel reinigingsmiddel om hetafval uit de installatie te verwijderen (koper, vlasdraad,soldeersel).4Spoel de installatie goed door totdat het water helder is en geenvuildeeltjes meer bevat.T001958-A12354Calenta 25s - 28c - 35s - 40c 4. Installatie091012 - 119401-02 29

4.6.2. Aansluiting van het verwarmingscircuit1. Verwijder de stofdop op de aansluiting aanvoer cv { onder aande ketel.2. Monteer de uitgaande leiding voor cv-water op de aansluitingaanvoer cv.3. Monteer voor het vullen en het aftappen van de ketel een vul- enaftapkraan in de installatie.4. Verwijder de stofdop op de aansluiting retour cv z onder aan deketel.5.

Monteer de ingaande leiding voor cv-water op de aansluitingretour cv.4Een veiligheidsventiel zit standaard in de ketel op hetlinker hydroblok gemonteerd.4Voor het uitvoeren van servicewerkzaamheden is hetraadzaam om zowel in de aanvoer cv-leiding als deretour cv-leiding een serviceafsluiter te monteren.OPGELET4De cv-leidingen moeten volgens de geldendevoorschriften worden aangesloten.4Plaats, bij montage van serviceafsluiters, een vul- enaftapkraan en het expansievat tussen de afsluiter ende ketel.¼ Bij toepassing van thermostaatkranen, zie hoofdstuk:"Aansluiting van het expansievat", pagina 31T001573-CT001570-BT001633-B4. Installatie Calenta 25s - 28c - 35s - 40c30 091012 - 119401-02

4.6.3. Aansluiting van het tapwatercircuit1. Verwijder de stofdop op de aansluiting sanitair koud water xonder aan de ketel.2. Verwijder de stofdop op de aansluiting sanitair warm water yonder aan de ketel.3. Monteer de ingaande leiding voor koud water op de aansluitingsanitair koud water. Monteer in deze leiding direct onder de keteleen KIWA gekeurde inlaatcombinatie.4. Plaats een afvoer naar het riool voor het expansiewater onder deinlaatcombinatie.5. Monteer de uitgaande leiding voor sanitair warm water op deaansluiting sanitair warm.OPGELET4De sanitaire waterleidingen moeten volgens degeldende voorschriften worden aangesloten.4Volg bij gebruik van kunststof leidingen de (aansluit)aanwijzingen van de fabrikant op.4.6.4.

Aansluiting van het expansievatMonteer het expansievat op de retour cv-leiding .zBij een combiketel in een installatie waarbij de aanvoergeheel van de retour kan worden afgesloten (bijvoorbeeldbij toepassing van thermostaatkranen), dient of een by-pass leiding gemonteerd te worden of het expansievat inde aanvoer CV-leiding geplaatst te worden.4.6.5. Aansluiting van de condensatie-afvoerleiding1. Monteer een kunststof afvoerpijp Ø 32 mm of groter, uitkomendop het riool.2. Steek hierin de slang van de collectieve afvoer voor sifon j enveiligheidsventiel ê.3.

Monteer een stankafsluiter of sifon in de afvoerpijp.OPGELETMaak geen vaste verbinding in verband metservicewerkzaamheden aan de sifon.4De condensafvoer mag niet worden afgedicht.4Afschot afvoerpijp minimaal 30 mm per meter,maximale horizontale lengte 5 meter.4Het lozen van condenswater op een dakgoot is niettoegestaan.4De condensafvoerleiding moet volgens de geldendevoorschriften worden aangesloten.T001572-BT001571-CCalenta 25s - 28c - 35s - 40c 4. Installatie091012 - 119401-02 31

4.7 Gasaansluiting1. Verwijder de stofdop op de gasaansluiting onder aanGAS/GAZde ketel.2. Monteer de gasaanvoerleiding.3. Monteer in deze leiding direct onder de ketel een gasafsluitkraan.4. Monteer de gasleiding op de gasafsluitkraan.WAARSCHUWING4Sluit de hoofdgaskraan alvorens met dewerkzaamheden aan de gasleidingen te beginnen.4Controleer voor montage of de gasmeter voldoendecapaciteit heeft. Houd daarbij rekening met hetverbruik van alle huishoudelijke apparaten.4Waarschuw het plaatselijke energiebedrijf als degasmeter te weinig capaciteit heeft.OPGELET4Zorg dat er geen vuil in de gasleiding zit.

Blaas voormontage de leiding door of klop deze goed uit.4Installeer in de gasleiding bij voorkeur een gasfilterom vervuiling van het gasblok te voorkomen.4De gasleiding moet volgens de geldendevoorschriften worden aangesloten.4.8 Aansluitingen van de lucht-/rookgasleidingen¼ De ketel is geschikt voor de volgende typesrookgasaansluitingen. Zie hoofdstuk: "Certificeringen",pagina 74.8.1.

ClassificatieIn de tabel is deze indeling volgens nader gespecificeerd.[Type Uitvoering BeschrijvingB23B23P(1)Open 4Zonder trekonderbreker.4Rookgasafvoer bovendaks.4Lucht uit de opstellingsruimte.B33 Open 4Zonder trekonderbreker.4Gemeenschappelijke rookgasafvoer bovendaks.4Rookgasafvoer luchtomspoeld, lucht uit de opstellingsruimte (speciale constructie).C13 Gesloten 4Uitmonding in de gevel.4Instroomopening voor de luchttoevoer ligt in hetzelfde drukgebied als de uitmonding(Bijvoorbeeld een gecombineerde geveldoorvoer).(1) Ook drukklasse P1(2) EN483: 0,5 mbar Zuiging door onderdruk(3) Er kan 4 mbar onderdruk optreden(4) Zie tabel voor minimale afmeting schacht of kokerT001575-B4. Installatie Calenta 25s - 28c - 35s - 40c32 091012 - 119401-02

Type Uitvoering BeschrijvingC33 Gesloten 4Rookgasafvoer bovendaks. 4Instroomopening voor de luchttoevoer ligt in hetzelfde drukgebied als de uitmonding(Bijvoorbeeld een concentrische dakdoorvoer). C43(2) Gesloten/Cascade 4Gemeenschappelijk luchttoevoer- en rookgasafvoerkanaal (CLV):-Concentrisch. -Excentrisch; Luchttoevoer uit de schacht. 4Overdruk cascades vallen hier ook onder. C53 Gesloten 4Gesloten toestel. 4Separaat luchttoevoerkanaal. 4Separaat rookgasafvoerkanaal. 4Uitmondend in verschillende drukvlakken. C63 Gesloten 4Dit type toestel wordt door de fabrikant zonder toe- en afvoersysteem geleverd. C83(3) Gesloten 4Toestel kan worden aangesloten op een zogenaamd half CLV systeem (gemeenschappelijkerookgasafvoer). C93(4) Gesloten 4Luchttoevoer- en rookgasafvoerkanaal in schacht of omkokerd:-Concentrisch. -Excentrisch; Luchttoevoer uit de schacht. -Rookgasafvoer bovendaks.

UitmondingenOver het algemeen kan gebruik worden gemaakt van standaard dak-en geveldoorvoersets. Pas bij een geveldoorvoer direct boven deketel, de Remeha geveldoorvoerset toe. Deze is als accessoireleverbaar.

Voor type C1, C3 en C5 rookgasafvoer moet de M&G Skyline /Mugro 3000 Coxstand E HR of worden gebruikt. Voor type C6rookgasafvoer moet het afvoermateriaal voldoen aan Gastec QA en/of voorzien zijn van een CE-markering. De uitmonding van de rookgasafvoer moet voldoen aan EN 1856-1. De rookgasafvoerconstructie moet berekend zijn volgens EN 13384(deel 1 & 2). Calenta 25s - 28c - 35s - 40c 4. Installatie091012 - 119401-02 33.

Bij een open rookgasafvoer bovendaks, moet deuitmonding altijd voorzien zijn van een RVSboldraadrooster. 4. 8. 3. Aanvullende richtlijnen4Voor de installatie van het rookgasafvoer enluchttoevoermateriaal wordt verwezen naar de voorschriften vande fabrikant van het betreffende materiaal. Het niet volgens devoorschriften installeren van de rookgasafvoer- enluchttoevoermaterialen (niet lekdicht, niet gebeugeld etc. ), kan totgevaarlijke situaties leiden en/of lichamelijk letsel tot gevolghebben. Controleer na montage tenminste alle rookgas- enluchtvoerende delen op dichtheid. 4Directe aansluiting van de rookgasafvoer op bouwkundigekanalen is niet toegestaan in verband met condensatie. 4Als voeringkanalen worden toegepast, moeten deze bestaan uiteen luchtdichte, dikwandige starre aluminium of roestvaststalenconstructie. Ook buigbare kunststof en roestvaststalenvoeringpijpen zijn toegestaan.

Aluminium is toegestaan, mits ergeen contact is met het bouwkundige gedeelte van hetrookgasafvoerkanaal. 4Schachten altijd grondig reinigen bij toepassing vanvoeringspijpen en/of luchttoevoeraansluiting. 4Inspectie van het voeringkanaal moet mogelijk zijn. 4Wanneer er in de rookgasafvoerleiding condens uit een kunststofof roestvaststalen leidingdeel terug kan stromen naar eenaluminium deel, dan dient dit condens via een opvanginrichtingafgevoerd te worden, voordat het het aluminium bereikt(overeenkomstig NPR 3378). 4Bij aluminium rookgasafvoerleidingen van grotere lengte dient deeerste tijd rekening gehouden te worden met relatief grotehoeveelheden corrosieproducten die samen met het condens uitde afvoerleidingen terugstromen. Regelmatig toestelsifon reinigenof extra condensopvang boven het toestel plaatsen.

4.8.4. Lengte van de lucht-/rookgasleidingen4Voor het bepalen van de uiteindelijke maximalelengte, moet de leidinglengte ingekort wordenvolgens de reductietabel.4De ketel is ook geschikt voor langereschoorsteenlengten en andere diameters dan in detabel aangegeven. Neem contact met ons op voormeer informatie.nnnnn Open uitvoering (B23, B23P, B33)Bij een open uitvoering blijft de luchttoevoeropening open; alleen derookgasafvoeropening wordt aangesloten. De ketel krijgt dan debenodigde verbrandingslucht direct uit de opstellingsruimte. Bijgebruik van luchttoevoer- en rookgasafvoerleidingen met anderediameters dan 80 mm, moeten verloopstukken worden toegepast.OPGELET4De luchttoevoeropening moet geopend blijven.4De opstellingsruimte moet voorzien zijn van denoodzakelijke luchttoevoeropeningen.

nnnnn Gesloten uitvoering (C13, C33, C43, C63, C93)Bij een gesloten uitvoering wordt zowel de rookgasafvoer- als deluchttoevoeropening (parallel) aangesloten. Bij gebruik vanluchttoevoer- en rookgasafvoerleidingen met andere diameters dan80 mm, moeten verloopstukken worden toegepast.Schoorsteenlengte voor gesloten uitvoeringSituatie DiameterMaximale lengte ( )LCalenta25sCalenta28cCalenta35sCalenta40cVrije uitmondingin gebied I of Nietvrije uitmondingin gebied III60-60 mm 7 m 5 m - -70-70 mm 18 m 15 m 9 m 8 m80-80 mm 20 m 20 m 20 m 19 m90-90 mm 20 m 20 m 20 m 20 mnnnnn Aansluiting in verschillende drukzones (C53, C83)Verbrandingsluchttoevoer en rookgasafvoer is mogelijk inverschillende drukgebieden, en halve CLV systemen. Metuitzondering van het kustgebied.

4.8.5. Specifieke lucht-/rookgastoepassingenIndien de ketel is aangepast voor bijvoorbeeld:4Hogedruksysteem 4WTW-koppeling4CLV-overdrukDan moet dit vermeld worden op de meegeleverdesticker: Dit CV-toestel is ingesteld voor .... Deze stickermoet bovenop de ketel naast de typeplaat geplakt worden.4Neem contact met ons op voor meer informatie.nnnnn Hogedruksysteem Voor de ketel zijn, speciaal voor renovatiesituaties waar hetbestaande rookgasafvoerkanaal niet geschikt is voor condenserenderookgassen, rookgasafvoerslangen van kleinere diameters in dehandel verkrijgbaar. Bij deze toepassing van de ketel dient onderandere een aantal ketelinstellingen gewijzigd te worden.In het Praktijkboek rookgasafvoersystemen staatCalentadit uitgebreid beschreven.nnnnn WTW-koppelingDe ketel is voorbereid voor koppeling met een WTW-unit van het merkItho HRU.

Bij deze toepassing van de ketel dient onder andere eenaantal ketelinstellingen gewijzigd te worden. In de specialeaansluitset (accessoire) staat dit uitgebreid beschreven.De WTW-koppeling is alleen toegestaan in combinatie metde WTW aansluitset.nnnnn CLV-overdrukDe ketel kan, onder bepaalde voorwaarden, toegepast worden in eenCLV-overdruksysteem. Bij deze toepassing van de ketel dient onderandere een aantal ketelinstellingen gewijzigd te worden. De instellingkan gewijzigd worden met behulp van parameters enp19p"0.¼ Zie hoofdstuk: "Instellingen wijzigen", pagina 654.8.6. Aanvullende richtlijnen4Voor de installatie van het rookgasafvoer enluchttoevoermateriaal wordt verwezen naar de voorschriften vande fabrikant van het betreffende materiaal.

Het niet volgens devoorschriften installeren van de rookgasafvoer- enluchttoevoermaterialen (niet lekdicht, niet gebeugeld etc.), kan totgevaarlijke situaties leiden en/of lichamelijk letsel tot gevolghebben. Controleer na montage tenminste alle rookgas- enluchtvoerende delen op dichtheid.Calenta 25s - 28c - 35s - 40c 4. Installatie091012 - 119401-02 37

4Directe aansluiting van de rookgasafvoer op bouwkundigekanalen is niet toegestaan in verband met condensatie.4Als voeringkanalen worden toegepast, moeten deze bestaan uiteen luchtdichte, dikwandige starre aluminium of roestvaststalenconstructie. Ook buigbare kunststof en roestvaststalenvoeringpijpen zijn toegestaan.

Aluminium is toegestaan, mits ergeen contact is met het bouwkundige gedeelte van hetrookgasafvoerkanaal.4Schachten altijd grondig reinigen bij toepassing vanvoeringspijpen en/of luchttoevoeraansluiting.4Inspectie van het voeringkanaal moet mogelijk zijn.4Wanneer er in de rookgasafvoerleiding condens uit een kunststofof roestvaststalen leidingdeel terug kan stromen naar eenaluminium deel, dan dient dit condens via een opvanginrichtingafgevoerd te worden, voordat het het aluminium bereikt(overeenkomstig NPR 3378).4Bij aluminium rookgasafvoerleidingen van grotere lengte dient deeerste tijd rekening gehouden te worden met relatief grotehoeveelheden corrosieproducten die samen met het condens uitde afvoerleidingen terugstromen.

Regelmatig toestelsifon reinigenof extra condensopvang boven het toestel plaatsen.4Zorg voor voldoende afschot van de rookgasafvoerleiding richtingde ketel (minimaal 50 mm per meter) en aan voldoendecondensopvang en afvoer (minimaal 1 m voor de uitmonding vande ketel). De toegepaste bochten moeten groter zijn dan 90° omafschot en een goede afdichting op de lippenringen tewaarborgen.Neem contact met ons op voor meer informatie.4.8.7. Lucht-/rookgasadapterDe ketel heeft standaard een tweepijps-aansluiting. Tijdens installatiekan worden gekozen voor een open of gesloten uitvoering.Desgewenst kan de rookgasafvoer- / luchttoevoeradapter 180ºgedraaid worden. De luchttoevoer bevindt zich dan links van derookgasafvoer, in plaats van rechts.T001972-A4. Installatie Calenta 25s - 28c - 35s - 40c38 091012 - 119401-02

4.9 Elektrische aansluitingen4.9.1. BesturingsautomaatDe ketel is niet fasegevoelig. De ketel is geheel voorbedraad. Alleexterne aansluitingen kunnen op de aansluitconnector(laagspanning) worden uitgevoerd. In de tabel zijn de belangrijksteeigenschappen van de besturingsautomaat opgesomd.Voedingsspanning 230 VAC/50HzHoofdzekeringwaarde F1 (230 VAC) 6.3 ATZekeringwaarde F2 (230 VAC) 2 ATDC-ventilator 27 VDCOPGELETDe volgende componenten van de ketel staan onder eenspanning van 230V:4Elektrische aansluiting circulatiepomp (CV) (Indienaanwezig).4Elektrische aansluiting gascombinatieblok.4Elektrische aansluiting driewegklep (Indienaanwezig).4Meeste delen op de besturingsautomaat.4Ontstekingstrafo.4Voedingskabelaansluiting.De ketel is voorzien van stekker met randaarde (snoerlengte 1,5 m)en geschikt voor een 230VAC/50Hz voeding met fase/nul/aardesysteem.

Het netsnoer is aangesloten op de connector . EenX1reservezekering zit in de behuizing van de besturingsautomaat.OPGELET4Wanneer de voedingskabel vervangen moet worden,dient deze bij besteld te worden.Remeha4De stekker van de ketel moet altijd bereikbaar zijn.De ketel heeft meerdere besturings-, beveiligings- enregelingsaansluitmogelijkheden. De standaard besturingsprint(PCU) kan onder meer worden uitgebreid met:4De 0-10V besturingsprint (accessoire IF-01). Deze wordtgeplaatst achter de linker afdekplaat van het paneel.4De uitgebreide besturingsprint (accessoire SCU-S02). Deze wordtgeplaatst in een behuizing (accessoire).¼ Voor de optionele besturingsprints, zie hoofdstuk: "Optioneleelektrische aansluitingen", pagina 464. Installatie Calenta 25s - 28c - 35s - 40c40 091012 - 119401-02

4.9.2. AanbevelingenWAARSCHUWING4De elektrische aansluitingen moeten altijdspanningsloos worden uitgevoerd en alleen doorerkende installateurs.4De ketel is volledig voorbedraad. De interneaansluitingen van het bedieningspaneel nietwijzigen.4Voer een aarding uit alvorens de elektriciteit aan tesluiten.Voer de elektrische aansluitingen van de ketel uit volgens:4De voorschriften van de geldende normen.4De aanwijzingen van de met de ketel meegeleverde elektrischeschema's.4De aanbevelingen in de handleiding.OPGELETScheid de sensorkabels van de 230V kabels.Calenta 25s - 28c - 35s - 40c 4. Installatie091012 - 119401-02 41

Tevens is de ketelgeschikt voor .OpenTherm Smart Power4Monteer de regelaar in een referentieruimte (over het algemeende woonkamer).4Sluit de twee-aderige kabel aan op de klemmen vanOn/off-OTde aansluitconnector.Als de tapwatertemperatuur op de regelaarOpenThermingesteld kan worden, dan levert de ketel dezetemperatuur, met als maximum de ingestelde waarde in deketel.nnnnn Aansluiten aan/uit thermostaat Tk Aan/uit kamerthermostaatDe ketel is geschikt voor het aansluiten van een 2 draads aan/uitkamerthermostaat.4Monteer de regelaar in een referentieruimte (over het algemeende woonkamer).4Sluit de 2 draads 24V kamerthermostaat aan op de klemmen On/off-OT van de aansluitconnector.4Sluit de power stealing thermostaat aan op de klemmen On/off-OT van de aansluitconnector.Als een kamerthermostaat met een anticipatie-elementwordt gebruikt moet dit worden omgezet met behulp vanparameter .p5T000776-DOn/offOT BL RL Tout TdhwOTOn/offTou tTd hwBL RLOTT001590-BTkOTOn/offToutTd hwBL RLOn/offOT BL RL Tout TdhwCalenta 25s - 28c - 35s - 40c 4.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Remeha Calenta 40 hr-combi stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden