Motorola L2 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Motorola L2 (35 pagina’s), behorend tot de categorie Mobiel. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 80 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Motorola L2 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/35
1
HELLOMOTO
Inleiding op uw nieuwe draadloze Motorola-telefoon L2
GSM. Hier volgt een kort overzicht van de apparaatfuncties.
Zie pagina 57 voor meer informatie over Push to Talk (PTT).
PTT/Smarttoets
Bladeren door menu's.
Linkersoftwaretoets
Bellen en gesprekken
beantwoorden.
Menuopties
selecteren.
Menu's openen.
Rechtersoftwaretoets
Telefoon
in-/uitschakelen,
ophangen, menu's
sluiten.
Opladen en
telefoonaccessoires
aansluiten.
Microfoon
Rechtersmarttoets
Lichtsensor

Beoordeel deze handleiding

4.8/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Motorola
Categorie: Mobiel
Model: L2
Kleur van het product: Zilver
Gewicht: 86 g
Breedte: 49 mm
Diepte: 113 mm
Hoogte: 10.9 mm
Capaciteit van de accu/batterij: 700 mAh
Bluetooth: Ja
Resolutie: 128 x 160 Pixels
Videocompressieformaten: H.263, MPEG4
MMS: Ja
Chat: Ja
Beeldscherm, aantal kleuren: 65536 kleuren
FM-radio: Ja
Interface: Bluetooth, USB, RS232
Intern geheugen: 10 MB
Gesprekstijd (2G): 5.8 uur
Datanetwerk: GPRS
Frequentie: 900/1800/1900 MHz
Type ringtone: Polyfonisch
Java-technologie: Ja
Camera achterzijde: Nee
Standby time (2G): 345 uur
Infrarood datapoort: Nee
Afspeelformaat: MP3
Netwerkverbindingen: EGSM
Aantal polyfone beltonen: 24
Batterijtechnologie: Lithium-Ion (Li-Ion)
Type beeldscherm: STN

Handleiding Motorola L2 – volledige tekst

2xwww. motorola. comBepaalde functies van mobiele telefoons zijn afhankelijk van de mogelijkheden en instellingen van het netwerk van uw serviceprovider. Daarnaast is het mogelijk dat bepaalde functies niet door uw service- provider worden geactiveerd en/of dat de instellingen van het netwerk van de provider de werking van een functie beperken. Neem altijd contact op met uw serviceprovider voor informatie over de beschikbaarheid en werking van functies. Alle functies, werkingen en andere productspecificaties, alsmede de informatie in deze gebruikershandleiding, zijn gebaseerd op de meest recente beschikbare informatie en worden beschouwd als zijnde correct op het moment van afdrukken. Motorola behoudt zich het recht voor informatie of specificaties zonder enige kennisgeving of verplichting te wijzigen of aan te passen.

MOTOROLA en het gestileerde M-logo zijn geregistreerd bij het Amerikaanse Patent & Trademark Office. De Bluetooth-handelsmerken berusten bij hun eigenaar en worden onder licentie gebruikt door Motorola, Inc. Java en alle andere op Java gebaseerde merken zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van Sun Microsystems, Inc. in de Verenigde Staten en andere landen. Alle andere product- of servicenamen zijn eigendom van hun respectieve eigenaren. © Motorola, Inc. 2005. 2006. De informatie in de gebruikershandleidingen van Motorola wordt geacht juist te zijn op het moment dat deze worden gedrukt. Motorola behoudt zich het recht voor informatie of specificaties zonder kennisgeving te wijzigen. De inhoud van de gebruikershandleidingen van Motorola wordt aangeboden "in de huidige staat".

Behoudens waar vereist op basis van toepasselijke wet- en regelgeving wordt geen enkele garantie in welke vorm dan ook, hetzij uitdrukkelijk of stilzwijgend, met inbegrip van, maar niet beperkt tot, stilzwijgende garanties van verhandelbaarheid of geschiktheid voor een bepaald doel, verleend met betrekking tot de nauwkeurigheid, betrouwbaarheid of inhoud van deze handleiding. Let op: Wijzigingen of aanpassingen aan de telefoon waarvoor niet expliciet toestemming is gegeven door Motorola, kunnen het recht van de gebruiker om de apparatuur te bedienen, ongeldig maken. 3De specificaties en functies van producten kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd, maar wij trachten steeds om de gebruikershandleidingen regelmatig aan te passen aan eventuele veranderingen in de productfunctionaliteit.

Mocht zich echter het onwaarschijnlijke geval voordoen, dat uw versie van de handleiding niet de volledige kernfunctionaliteit van het product beschrijft, dan stellen wij het op prijs als u ons hiervan op de hoogte stelt. U kunt de meest recente versies van onze handleidingen ook vinden in het klantengedeelte van de Motorola-website op http://www. motorola. com.

9VeiligheidsinformatieVeiligheidsvoorschriften en algemene informatieVeiligheidsinformatieBELANGRIJKE INFORMATIE VOOR VEILIG EN EFFICIËNT GEBRUIK VAN DE TELEFOON. LEES DEZE INFORMATIE VOORDAT U UW TELEFOON GEBRUIKT. 1Blootstelling aan radiofrequentie- energie (RF-energie)Uw telefoon bevat een zender en een ontvanger. Als de telefoon is ingeschakeld (AAN), ontvangt de telefoon RF-energie en zendt deze RF-energie uit. Als u telefoneert, bepaalt het systeem dat uw telefoongesprek verwerkt, het vermogen waarmee uw telefoon uitzendt. Uw Motorola-telefoon is ontworpen om te voldoen aan wettelijke veiligheidsvoorschriften in uw land inzake de blootstelling van mensen aan RF-energie.

Voorzorgsmaatregelen bij het gebruik van de telefoonAls u verzekerd wilt zijn van een optimale werking en er zeker van wilt zijn dat de blootstelling aan RF-energie binnen de richtlijnen valt, dient u te allen tijde de volgende aanwijzingen op te volgen. Een externe antenne gebruikenGebruik alleen een externe antenne die bij de telefoon is geleverd of een door Motorola goedgekeurde vervangende antenne. Antennes, aanpassingen of accessoires die niet door Motorola zijn goedgekeurd, kunnen de telefoon beschadigen en zijn bovendien mogelijk in strijd met de wettelijke veiligheidsvoorschriften in uw land. 10VeiligheidsinformatieHoud een externe antenne NIET vast als de telefoon IN GEBRUIK is. Als u een externe antenne vasthoudt, heeft dat een nadelige invloed op de kwaliteit van de telefoonverbinding en dat kan ertoe leiden dat de telefoon meer vermogen gebruikt dan nodig is.

De telefoon op het lichaam dragenAls u tijdens het telefoneren de telefoon op uw lichaam draagt, dient u de telefoon altijd in een door Motorola geleverde of goedgekeurde clip, houder, holster, etui of gordel te plaatsen om ervoor te zorgen dat de blootstelling aan RF-energie binnen de wettelijk vastgestelde richtlijnen blijft. Als u accessoires gebruikt die niet door Motorola zijn goedgekeurd, worden de richtlijnen inzake blootstelling aan RF-energie mogelijk overschreden. Als u geen van de door Motorola goedgekeurde of meegeleverde accessoires gebruikt om de telefoon op het lichaam te dragen en als u de telefoon ook niet in de normale positie gebruikt, moet u ervoor zorgen dat de telefoon met de antenne tijdens het telefoneren ten minste 2,5 cm van uw lichaam is verwijderd.

Gegevens verzenden en ontvangen met de telefoonAls u de voorziening voor het verzenden en ontvangen van gegevens gebruikt, met of zonder kabel, moet u de telefoon met de antenne ten minste 2,5 cm van uw lichaam verwijderd houden. Goedgekeurde accessoiresHet gebruik van accessoires die niet door Motorola zijn goedgekeurd, met inbegrip van maar niet beperkt tot batterijen en antennes, kan ertoe leiden dat met uw telefoon de richtlijnen betreffende de blootstelling aan RF-energie worden overschreden. Op de website van Motorola 11Veiligheidsinformatiewww. motorola. com. vindt u een lijst met door Motorola goedgekeurde accessoires.

Storingen door RF-energieOpmerking: In vrijwel elk elektronisch apparaat kunnen storingen optreden door RF-energie die afkomstig is van externe bronnen, als het apparaat onvoldoende is afgeschermd of als bij het ontwerp of de configuratie van het apparaat te weinig rekening is gehouden met RF-energie. In bepaalde gevallen kan uw telefoon dus storingen veroorzaken. Opmerking: Dit apparaat voldoet aan de normen voor een digitaal apparaat conform deel 15 van de FCC-voorschriften.

Het apparaat moet aan de volgende twee voorwaarden voldoen: (1) dit apparaat mag geen schadelijke interferentie veroorzaken en (2) dit apparaat moet eventuele interferentie die wordt veroorzaakt door andere apparatuur, inclusief interferentie die kan leiden tot ongewenst functioneren, kunnen verdragen. GebouwenSchakel uw telefoon uit in alle gebouwen waar u via waarschuwingsborden of anderszins wordt verzocht uw telefoon uit te schakelen. Dit kunnen ziekenhuizen of zorginstellingen zijn waar gebruik wordt gemaakt van apparatuur die gevoelig is voor RF-energie. VliegtuigenSchakel aan boord van een vliegtuig uw draadloze apparaat uit als het vliegtuigpersoneel u verzoekt dat te doen. Als uw apparaat een speciale vluchtmodus of een vergelijkbare voorziening heeft, dient u het vliegtuigpersoneel te raadplegen over het gebruik van deze voorziening tijdens de vlucht.

Als uw telefoon een functie heeft waarmee de telefoon automatisch wordt ingeschakeld, moet u deze functie uitschakelen voordat u zich aan boord van een vliegtuig begeeft of voordat u een gebied binnengaat waar het gebruik van draadloze apparaten is beperkt.

12VeiligheidsinformatieMedische apparatuurPacemakersFabrikanten van pacemakers raden mensen met een pacemaker aan om ten minste een afstand van 15 centimeter aan te houden tussen de mobiele telefoon en een pacemaker. Mensen met een pacemaker dienen zich aan de volgende richtlijnen te houden:•Zorg dat de telefoon ALTIJD meer dan 15 centimeter van uw pacemaker is verwijderd wanneer de telefoon AAN is. •Draag de telefoon NIET in een borstzak. •Gebruik de telefoon aan het oor dat het verst van de pacemaker is verwijderd, om de kans op een storing tot het minimum te beperken. •Zet de telefoon onmiddellijk UIT als u om wat voor reden dan ook denkt dat er een storing in de pacemaker optreedt. GehoorapparatenBepaalde draadloze digitale telefoons kunnen storingen in bepaalde gehoorapparaten veroorzaken.

Als een dergelijke storing zich voordoet, kunt u contact opnemen met de fabrikant van het gehoorapparaat om na te gaan welke alternatieven er zijn. Overige medische apparatuurAls u enig ander persoonlijk medisch apparaat gebruikt, kunt u contact opnemen met de fabrikant van uw apparaat om na te gaan of het apparaat voldoende is beschermd tegen RF-energie. Uw huisarts kan u mogelijk helpen om deze informatie te verkrijgen. 13VeiligheidsinformatieTelefoneren tijdens het autorijdenControleer welke wetten en voorschriften er gelden voor het gebruik van de telefoon in de auto in het gebied waar u zich bevindt. Neem deze wetten en voorschriften altijd in acht. Als u telefoneert tijdens het autorijden, dient u zich aan de volgende regels te houden:•Houd uw aandacht altijd volledig bij het autorijden en bij de weg. Onder bepaalde omstandigheden kan het gebruik van een telefoon u afleiden.

Onderbreek een telefoongesprek als u zich niet kunt concentreren op het autorijden. •Gebruik de telefoon handsfree. •Parkeer uw auto op een veilige plaats voordat iemand gaat bellen of voordat u een telefonische oproep beantwoordt als de rijomstandigheden dat vereisen.

Richtlijnen voor het gebruik van een mobiele telefoon tijdens het autorijden vindt u in het gedeelte met tips voor een veilig gebruik van de mobiele telefoon achter in deze handleiding of op de website van Motorola: www. motorola. com/callsmart. Waarschuwingen bij het gebruik van mobiele telefoonsVoor voertuigen met een airbagPlaats een telefoon niet bovenop een airbag of in het gebied waar de airbag zich opblaast. Airbags worden met grote kracht opgeblazen. Als een telefoon zich binnen het bereik van de airbag bevindt op het moment dat deze wordt opgeblazen, wordt de telefoon mogelijk met grote kracht weggeslingerd en kan de telefoon op die manier ernstig letsel bij de inzittenden van het voertuig veroorzaken.

14VeiligheidsinformatieTankstationsLees de waarschuwingsborden bij tankstations en neem alle voorschriften met betrekking tot het gebruik van radioapparatuur bij tankstations in acht. Schakel uw draadloze apparaat uit als gekwalificeerd personeel dat van u vraagt. Potentieel explosieve atmosfeerSchakel uw telefoon uit voordat u een gebied binnengaat met een potentieel explosieve atmosfeer. U mag in een dergelijk gebied geen batterijen uit de telefoon halen, in de telefoon plaatsen of opladen. In een potentieel explosieve atmosfeer kunnen vonken een explosie of brand veroorzaken die lichamelijk letsel of zelf de dood tot gevolg kan hebben.

Opmerking: Tot gebieden met een potentieel explosieve atmosfeer, waarnaar hierboven wordt verwezen, behoren onder andere gebieden waar brandstof wordt getankt, zoals het gebied benedendeks op schepen, plaatsen waar brandstoffen of chemicaliën worden overgeladen of opgeslagen en gebieden waar de lucht chemicaliën of partikels bevat, zoals stof of metaalpoeder. Gebieden met een potentieel explosieve atmosfeer worden meestal, maar niet altijd, gemarkeerd met waarschuwingsborden.

Ontstekingsmechanismen en gebieden waar met explosieven wordt gewerktSchakel uw telefoon UIT in de buurt van elektrische ontstekingsmechanismen, in een gebied waar met explosieven wordt gewerkt of in een gebied waar op borden de tekst "Elektronische apparaten uitschakelen" of een vergelijkbare tekst is te lezen om storingen te voorkomen. Neem alle waarschuwingen en aanwijzingen in acht. Beschadigde productenIs uw telefoon of de batterij ondergedompeld geweest in water, doorboord of hard gevallen, gebruik deze dan niet meer. Breng de telefoon of batterij naar een door Motorola goedgekeurd servicecentrum waar het personeel 15Veiligheidsinformatiekan nagaan of de telefoon of batterij is beschadigd. Probeer de telefoon of batterij niet te drogen met een externe warmtebron, zoals een magnetron.

Batterijen en batterijladersAls voorwerpen van een geleidend materiaal, zoals sieraden, sleutels of kettingen, in contact komen met blootliggende contactpunten van een batterij, kan dat schade aan eigendommen of lichamelijk letsel tot gevolg hebben. Een voorwerp van een geleidend materiaal kan kortsluiting veroorzaken en heet worden. Wees voorzichtig met opgeladen batterijen en stop deze niet in een binnenzak, tas of doos waarin zich ook metalen voorwerpen bevinden. Gebruik uitsluitend Motorola Original™-batterijen en -batterijladers. Waarschuwing: werp een afgedankte batterij nooit in het vuur om het risico van lichamelijk letsel te vermijden. Mogelijk zijn er op uw telefoon, batterij of batterijlader symbolen aangebracht met de volgende betekenis:Symbool BetekenisEr volgt belangrijke veiligheidsinformatie. U mag uw afgedankte batterij of telefoon niet in het vuur werpen.

Uw batterij of telefoon dient eventueel conform de lokale wetgeving te worden gerecycled. U dient uw afgedankte batterij of telefoon niet als gewoon huisval in de afvalbak te gooien, maar deze in te leveren bij de daarvoor aangewezen inzamelingspunten. Uw telefoon bevat een interne lithium-ionbatterij.

16VeiligheidsinformatieVerstikkingsgevaarUw telefoon en de bijbehorende accessoires bevatten mogelijk kleine, losse onderdelen waar kleine kinderen in zouden kunnen stikken. Houd de telefoon en bijbehorende accessoires uit de buurt van kleine kinderen. Glazen onderdelenSommige onderdelen van uw mobiele telefoon zijn mogelijk van glas gemaakt. Als u de telefoon laat vallen op een harde ondergrond of er hard tegenaan stoot, kan dit glas breken. Indien dit gebeurt, raden we u aan het glas niet aan te raken of te verwijderen. Gebruik de telefoon pas weer nadat u het glas hebt laten vervangen door een gekwalificeerd servicecentrum. Epileptische aanvallen of black-outsSommige mensen kunnen bij het kijken naar knipperend licht, bijvoorbeeld bij het televisiekijken of het spelen van een computerspelletje, een epileptische aanval of black-out krijgen.

Deze aanvallen of black-outs kunnen zich zelfs voordoen bij iemand die nog nooit eerder een aanval of black-out heeft gehad. Hebt u al eens een epileptische aanval of black-out gehad of komen aanvallen of black-outs vaker voor in uw familie, overleg dan met uw huisarts voordat u videospelletjes gaat spelen op uw telefoon of voordat u een speciale knipperlichtfunctie op de telefoon inschakelt. (De knipperlichtfunctie is niet op alle producten beschikbaar. )Ouders dienen kinderen in de gaten te houden die een videospelletje spelen of andere functies van de telefoon gebruiken waarbij knipperend licht wordt geproduceerd. Iedereen dient het gebruik van de telefoon te staken en contact op te nemen met een arts als zich een of meer van de volgende symptomen voordoen: stuiptrekkingen, oog- of spiertrillingen, bewusteloosheid, onwillekeurige bewegingen of desoriëntatie.

•Speel spelletjes in een goed verlichte ruimte. •Houd het scherm van de telefoon bij het spelen van spelletjes zo ver mogelijk van u af. RSIAls u dezelfde handelingen herhaaldelijk uitvoert op uw telefoon, bijvoorbeeld als u vaak toetsen indrukt bij het spelen van een spelletje of het invoeren van tekens, kunt u incidenteel last krijgen van uw handen, armen, schouders, nek of andere lichaamsdelen. Teneinde problemen, zoals peesontstekingen, carpaaltunnelsyndroom of andere aandoeningen van het bewegingsapparaat te voorkomen, dient u de volgende aanwijzingen op te volgen:•Neem bij het spelen van spelletjes op de telefoon elk uur een pauze van ten minste 15 minuten. •Als uw handen, polsen of armen tijdens het spelen van spelletjes moe worden of zeer gaan doen, stop dan en neem een paar uur rust alvorens verder te spelen.

•Als de pijn in uw handen, polsen of armen tijdens of na het spelen aanhoudt, moet u stoppen met spelen en naar een dokter gaan. 1. De informatie in dit document vervangt de algemene veiligheidsinformatie in de gebruikershandleidingen die vóór 28 januari 2005 zijn gepubliceerd.

18Gebruik en onderhoudGebruik en onderhoudGebruik en onderhoudGa zorgvuldig om met uw Motorola-telefoon en houd het toestel uit de buurt van: Vloeistoffen en vochtStel uw telefoon niet bloot aan water, regen, extreme vochtigheid, transpiratie of ander vocht.Extreme warmte of kouVermijd het gebruik bij temperaturen beneden -10°C of boven 45°C.MagnetronsEen natte telefoon mag niet worden gedroogd in een magnetronoven.Stof en vuilZorg dat uw telefoon niet in contact komt met stof, vuil, zand en andere schadelijke stoffen.SchoonmaakmiddelenGebruik uitsluitend een droge, zachte doek om uw telefoon te reinigen. Gebruik geen alcohol of andere schoonmaakmiddelen.De grondLaat uw telefoon niet vallen.

19Conformiteit met EU-richtlijnenEU-conformiteitsverklaringConformiteit met EU-richtlijnenHierbij verklaart Motorola dat dit product overeenstemt met:•de essentiële vereisten en andere relevante bepalingen van richtlijn 1999/5/EG•alle andere relevante EU-richtlijnenBovenstaande is een voorbeeld van een typisch productkeuringsnummer.U kunt de verklaring van overeenstemming van uw product met richtlijn 1999/5/EG (de richtlijn voor radio-apparatuur en telecommunicatie-eindapparatuur) bekijken op www.motorola.com/rtte – voor de gewenste conformiteitsverklaring voert u het productkeuringsnummer van het etiket op het product in het vakje "Search" op de webpagina in.0168 Product-keurings-nummer

20Informatie over hergebruikHet milieu sparen door te recyclenInformatie over hergebruikAls u dit symbool aantreft op een Motorola-product, mag u dat product niet in een afvalbak gooien bij het gewone huisvuil.Mobiele telefoons en accessoires recyclenGooi afgedankte mobiele telefoons of elektrische accessoires, zoals batterijladers of headsets, niet in de afvalbak bij het gewone huisvuil. In verscheidene landen en regio's zijn inzamelsystemen opgezet voor de inzameling en verwerking van afgedankte elektrische en elektronische apparaten. Neem voor meer informatie contact op met de gemeente. Als er geen inzamelsysteem beschikbaar is, brengt u afgedankte mobiele telefoons of elektrische accessoires naar een door Motorola goedgekeurd servicecentrum bij u in de buurt.

21Essentiële zakenEssentiële zakenOver deze handleidingIn deze handleiding wordt als volgt aangegeven hoe u een menufunctie kunt vinden:Optie weergeven: druk op - >Gespreksinfo >GevoerdeIn dit voorbeeld wordt aangegeven hoe u in het startscherm op - drukt om het menu te openen, sGespreksinfo markeert en selecteert en vervolgens Gevoerde markeert en selecteert.Druk op S om naar een menufunctie te bladeren en deze te markeren. Selecteer de gemarkeerde menufunctie met de middelste toetss.SymbolenDit betekent dat een functie afhankelijk is van het netwerk of het abonnement, en mogelijk niet overal beschikbaar is.

Neem voor meer informatie contact op met uw serviceprovider.Dit betekent dat voor een functie een optioneel accessoire nodig is.22Essentiële zakenSIM-kaartUw SIM-kaart (Subscriber Identity Module) bevat persoonlijke gegevens, zoals uw telefoonnummer en telefoonboekvermeldingen.Let op: buig de SIM-kaart niet en zorg dat er geen krassen op komen. Stel de SIM-kaart niet bloot aan statische elektriciteit, water of vuil.1234523Essentiële zakenBatterijBatterij installerenBatterij opladenNieuwe batterijen zijn niet geheel opgeladen. Sluit de reislader aan op de telefoon en een stopcontact. Op het beeldscherm van uw telefoon wordt Opladen voltooid weergegeven wanneer het opladen is voltooid.Tip: u kunt de batterij niet overladen. De batterij werkt het beste nadat deze een paar keer helemaal is opgeladen en ontladen.1234

24Essentiële zakenU kunt de batterij van de telefoon opladen door de mini-USB-poort van de telefoon met een kabel aan te sluiten op een USB-poort op een computer. De telefoon en de computer moeten zijn ingeschakeld en op de computer moeten de juiste stuurprogramma's zijn geïnstalleerd. USB-kabels en ondersteunende software van Motorola Original zijn los verkrijgbaar. Als de batterij van de telefoon helemaal is ontladen, kunt u deze niet met een USB-lader opladen via de computer. U moet dan de reislader gebruiken. Tips voor de batterijDe levensduur van de batterij is afhankelijk van het netwerk, de signaalsterkte, de temperatuur, de functies van het apparaat en de accessoires die u gebruikt. •Gebruik altijd Motorola Original-batterijen en -batterijladers. De garantie dekt geen schade die ontstaat door het gebruik van batterijen en/of batterijladers die niet van Motorola zijn.

•Het opladen van nieuwe batterijen of batterijen die lange tijd zijn opgeslagen, kan soms langer duren. •Houd de batterij tijdens het opladen op kamertemperatuur. •Wilt u de batterij opslaan, bewaar deze dan ontladen op een koele, donkere en droge plaats, zoals een koelkast. •Stel batterijen niet bloot aan temperaturen beneden -10°C of boven 45°C. Neem de telefoon altijd mee als u uw auto verlaat. 25Essentiële zaken•Het is normaal dat batterijen langzaam verslijten waardoor ze langer moeten worden opgeladen. Als u veranderingen in de levensduur van de batterij opmerkt, is het waarschijnlijk tijd om een nieuwe batterij aan te schaffen. Neem contact op met een plaatselijk recyclingbedrijf of de gemeente als u wilt weten wat u moet doen met uw afgedankte batterijen.

Waarschuwing: gooi batterijen nooit in het vuur, want ze kunnen exploderenLees de veiligheidsinformatie over batterijen in het hoofdstuk 'Veiligheids- en algemene informatie' in deze handleiding voordat u uw telefoon gaat gebruiken.

Telefoon in- en uitschakelenOm de telefoon in te schakelen, houdt u P enkele seconden ingedrukt, of totdat het beeldscherm wordt ingeschakeld. Voer zo nodig de slotcode (vier cijfers) in. Let op: als u driemaal achtereen een verkeerde PIN-code invoert, wordt de SIM-kaart onbruikbaar en wordt het bericht SIM op slot weergegeven. Neem contact op met uw serviceprovider. Om de telefoon uit te schakelen, houdt u P twee seconden ingedrukt. 032375o26Essentiële zakenGesprek voerenOm een gesprek te voeren, kiest u het gewenste nummer en drukt u op N. Druk op P om het gesprek te beëindigen. Als u ook tijdens gesprekken wilt profiteren van een hoge geluidskwaliteit, moet u ervoor zorgen dat de microfoon (zie pagina 1) op geen enkele manier wordt geblokkeerd. Gesprek beantwoordenAls de telefoon overgaat en/of trilt, drukt u op N om te antwoorden. Druk op P om het gesprek te beëindigen.

Uw telefoonnummerDruk in het startscherm op -# om uw nummer weer te geven. Tip: wilt u uw telefoonnummer weergeven terwijl u in gesprek bent. Druk op ->Mijn tel. nummers. U kunt de naam en het telefoonnummer op uw SIM-kaart bewerken. Druk in het startscherm op -#, selecteer een vermelding en druk op BEWERK. Als u uw telefoonnummer niet kent, neemt u contact op met uw serviceprovider.

27HoofdfunctiesHoofdfunctiesU kunt veel meer met uw telefoon dan alleen maar bellen en gebeld worden. Media maken en delenDe telefoon heeft een audiospeler in Spel&Toepassingen:Optie weergeven: druk op ->Spel&Toepassingen >Multimedia AlbumDruk op Multimedia Album om een diavoorstelling weer te geven van alle afbeeldingen die zijn opgeslagen op de telefoon met willekeurig afgespeelde muziek en frames. Een multimedia-album makenEen multimedia-album maken:Opmerking: alleen JPG-foto's met de resolutie 640 x 480 worden ondersteund in het media-album. 1Markeer Create Album door op % of de middelste toets s te drukken. 2Druk S naar links of naar rechts om naar de dia te gaan die u wilt toevoegen aan een afbeelding. Druk op % om een dia te selecteren. 3Druk nogmaals op % om een afbeelding toe te voegen aan de dia. 28HoofdfunctiesDruk S naar beneden naar No Frame voor frameopties.

Als u een frame wilt toevoegen, drukt u S naar rechts om frameopties weer te geven. Druk S naar beneden naar No Animation voor animatieopties. Als u een animatie wilt toevoegen, drukt u S naar rechts om animatieopties weer te geven. Als u tekst wilt toevoegen, drukt u S naar beneden naar Caption en drukt u op %. Voer de tekst in met het toetsenblok en druk op OK. Als u een voorbeeld van de dia wilt weergeven, drukt u S naar rechts en markeert u. Druk op S om het voorbeeld weer te geven. 4Als u de volgende dia wilt maken, drukt u op om terug te gaan naar het diamenu. Als u een voorbeeld van de dia wilt weergeven, drukt u S naar rechts en markeert u. Druk op S om het voorbeeld weer te geven. Als u wilt terugkeren naar het albummenu of het album nogmaals wilt afspelen, drukt u op een willekeurige toets op het toetsenblok. Druk op om het album op te slaan. Druk op om het album te verwijderen.

>29HoofdfunctiesKabelaansluitingenOpmerking: Motorola Original-USB-kabels en ondersteunende software worden wellicht met de telefoon verkocht of zijn los verkrijgbaar. Ga aan de hand van de aansluitingen op de computer of palmtopcomputer na welk type kabel u nodig hebt. Als u gegevens wilt uitwisselen tussen uw telefoon en een computer, moet u de software uit de Motorola Original-gegevenskit installeren. Raadpleeg de gebruikershandleiding van de gegevenskit voor meer informatie. Zie pagina 85 voor meer informatie over het voeren van gegevens- en faxgesprekken via een aangesloten computer. Uw telefoon heeft een mini-USB-poort waarmee u de telefoon kunt aansluiten op een computer om gegevens te verzenden. Draadloze Bluetooth®-verbindingUw telefoon ondersteunt draadloze Bluetooth-verbindingen (ook wel koppelingen genoemd).

30HoofdfunctiesOpmerking: in sommige gebieden is het gebruik van draadloze apparaten en de bijbehorende accessoires mogelijk verboden of kunt u deze apparaten slechts beperkt gebruiken. Neem bij het gebruik van deze producten altijd de wettelijke voorschriften en bepalingen in acht. Bluetooth in- of uitschakelenOptie weergeven: druk op - >Bluetooth koppeling >Setup > Energie > AanAls Energie voor de Bluetooth-functie op Aan is gezet, kan de telefoon automatisch verbinding zoeken met het handsfree- apparaat dat u eerder hebt gebruikt. U hoeft het apparaat hiervoor alleen maar in te schakelen of binnen het bereik van de telefoon te brengen. Opmerking: als u de levensduur van de batterij wilt verlengen, kunt u Energie voor de Bluetooth-functie met de bovenstaande procedure op Uit zetten wanneer deze functie niet wordt gebruikt.

De telefoon zoekt pas weer verbinding met apparaten als u Energie voor de Bluetooth-functie weer op Aan zet en de telefoon binnen het bereik van de apparaten brengt. Verbinding zoeken met een headset of handsfree-apparaatVoor u probeert de telefoon verbinding te laten zoeken met een apparaat, moet u controleren of de Bluetooth- functie is ingeschakeld en of het apparaat ingeschakeld is en gereed staat in de modus voor koppelen of verbinden (raadpleeg de gebruikershandleiding bij het apparaat voor 31Hoofdfunctiesmeer informatie). U kunt met slechts één apparaat per keer een verbinding tot stand brengen. Optie weergeven: druk op - >Bluetooth koppeling > Handsfree> [Zoek naar apparaten]Op uw telefoon wordt een lijst weergegeven met apparaten die zich binnen het bereik van de telefoon bevinden. 1Markeer een apparaat in de lijst en druk op KIES.

2Voer zo nodig het wachtwoord van het apparaat in (bijvoorbeeld 0000) en druk op OK. Als de koppeling tot stand is gebracht, wordt de Bluetooth-indicator à weergegeven op het startscherm.

Tip: raadpleeg voor specifieke informatie over de headset of het handsfree-apparaat de instructies die bij het apparaat zijn geleverd. Objecten naar een ander apparaat kopiërenU kunt een Bluetooth-koppeling gebruiken om een mediaobject, telefoonboekvermelding, agenda-item of bladwijzer van uw telefoon naar een computer of ander apparaat te kopiëren. Opmerking: standaardmultimediaobjecten kunnen niet gekopieerd worden. 1Markeer op de telefoon het object dat u naar het andere apparaat wilt kopiëren. 32Hoofdfuncties2Druk op - > Markeer (of druk op 0 om objecten te markeren) en druk op - > Kopieer gemark. best. (voor mediaobjecten), Verzenden (voor agenda-items) of Verzend telefbk gegeven (voor telefoonboekvermeldingen). 3Selecteer een herkend apparaat of [Zoek naar apparaten] om het apparaat te zoeken waarnaar u het object wilt kopiëren.

Geavanceerde Bluetooth-functiesFunctiesTelefoon zichtbaar maken voor ander apparaatOnbekende Bluetooth-apparaten toestaan uw telefoon te ontdekken:- >Bluetooth koppeling >Setup >Vind mijKoppelen met herkend apparaatEen koppeling met een herkend handsfree-apparaat tot stand brengen:- >Bluetooth koppeling >Handsfree >[Zoek naar apparaten]Koppeling met apparaat beëindigenMarkeer de naam van het apparaat en druk op VERBREEK. Tijdens een gesprek overschakelen naar apparaatTijdens een gesprek overschakelen naar een headset of carkit:- >Bluetooth gebruiken33HoofdfunctiesMultimediaobject verplaatsen naar apparaatEen multimediaobject verplaatsen naar een ander apparaat:Opmerking: standaardmultimedia-objecten kunnen niet verplaatst worden. Markeer het object, druk op - >Verplaats en selecteer de naam van het apparaat.

Let op: als u een object naar een ander apparaat verplaatst, wordt het oorspronkelijke object uit uw telefoon verwijderd. Mediaobjecten, agenda-items of telefoonboekver-meldingen afdrukkenMarkeer het object dat u wilt afdrukken. Druk op - > Markeer (of druk op 0 om objecten te markeren) en druk op - > Afdrukken gemark.

34HoofdfunctiesAfdruksjablonen selecterenU kunt het gewenste afdruksjabloon selecteren in het venster Afdrukopties. Als u Afdrukken gemark. bestand of Print hebt geselecteerd, selecteert u EasySMS > WIJZIG > Toon (druk de navigatietoets omhoog of omlaag om verschillende sjablonen weer te geven) > Kies > [Afdrukken]Opmerking: selecteer Kopieer gemark. best. in plaats van Afdrukken gemark. bestand als u afbeeldingen zonder rand wilt afdrukken. Standaardafbeeldingen kunnen niet afgedrukt worden.Apparaateigen-schappen bewerkenDe eigenschappen van een herkend apparaat bewerken:Markeer de naam van het apparaat en druk op BEWERK.Bluetooth-opties instellenMarkeer de naam van het apparaat en druk op - >Bluetooth koppeling >SetupFuncties

35BasisprincipesBasisprincipesZie pagina 1 voor een afbeelding van de telefoon met de belangrijkste functies. BeeldschermAls u de telefoon inschakelt, wordt het startscherm weergegeven. Als u in het startscherm een nummer wilt kiezen, drukt u op de betreffende cijfertoetsen en op N. Opmerking: uw startscherm kan er anders uitzien dan de afbeelding hieronder. Dit is afhankelijk van uw serviceprovider. De menu-indicatorÀ geeft aan dat u op - kunt drukken om het menu te openen. Met de labels voor de softwaretoetsen worden de huidige functies van de softwaretoetsen aangegeven. De locaties van de softwaretoetsen worden aangegeven op pagina 1. KlokLabel voor rechtersoftwaretoetsMenu-indicatorLabel voorlinkersoftwaretoetsProvider12:00SETUPSTART BERICHT36BasisprincipesOnder aan het startscherm kan nieuws van de serviceprovider worden weergegeven.

Als u deze nieuwsweergave wilt wijzigen, drukt u op - >Instellingen > Personaliseer >Startscherm. Boven aan het startscherm kunnen statusindicators worden weergegeven. 1 Indicator voor signaalsterkte - Met verticale staafjes wordt de sterkte van de netwerkverbinding aangegeven. U kunt geen gesprekken voeren als de indicator. of ) wordt weergegeven. E+U1. Signaalsterkte2. GPRS3. PTT4. Bluetooth5. Roaming6. Actieve lijn7. Bericht8. Belstijl9. BatterijniveauProvider12:00SETUPSTART BERICHT37Basisprincipes2 GPRS-indicator - Hiermee wordt aangegeven dat de telefoon GPRS-netwerkverbinding (General Packet Radio Service) gebruikt. Indicators kunnen zijn:3 PTT-indicator - Hiermee wordt aangegeven dat u alleen PTT-gesprekken (Push To Talk) kunt voeren (U), of dat u PTT-gesprekken kunt voeren en berichten kunt verzenden en ontvangen via Instant Messaging (p).

38Basisprincipes5 Indicator voor roaming - Hiermee wordt aangegeven dat de telefoon een netwerksysteem buiten het basisnetwerk zoekt of gebruikt. Indicators kunnen zijn:6 Indicator voor actieve lijn - Hier wordt met. aangegeven dat er een actief gesprek is of met > dat het doorschakelen van gesprekken is ingeschakeld. Bij SIM-kaarten met een functie voor een tweede lijn kunnen de volgende indicators worden weergegeven:7 Indicator voor berichten - Hiermee wordt aangegeven dat u een nieuw bericht hebt ontvangen. Indicators kunnen zijn:8 Indicator voor belstijl - Hiermee wordt aangegeven welke belstijl is ingesteld. := 2G basis;= 2G roaming8= 2. 5G basis9= 2.

5G roaming@= lijn 1 actiefA= lijn 1 actief, doorschakelen aanB= lijn 2 actiefC= lijn 2 actief, doorschakelen aanr= SMS-berichtt= voicemailberichty= luide beltoonÓ= trilsignaal dan beltoonz= zachte beltoon}= trilsignaal dan beltoon|= trilsignaalÒ= stil 39Basisprincipes9 Indicator voor batterijniveau - Met verticale staafjes wordt het laadniveau van de batterij aangegeven. Laad de batterij op als Batterij zwak wordt weergegeven. Menu'sDruk in het startscherm op - om het hoofdmenu te openen. De volgende menupictogrammen kunnen worden weergegeven, afhankelijk van uw serviceprovider en de opties van uw abonnement. MenufunctiesnTelefoonboekáWebtoegang sGespreksinfohMultimediaeBerichtenEBluetooth koppelingNaam van pictogram vangeselecteerde menufunctieHet hoofdmenu sluiten. Omhoog, omlaag, naar linksof naar rechts bladeren.

Druk in het midden van detoets om de gemarkeerdemenufunctie te selecteren. De gemarkeerde menufunctie selecteren. Menu verlaten zonder wijzigingen. EXIT KIESSpel&Toepassingen40BasisprincipesVoor sommige functies moet u een optie in een lijst selecteren:•Blader omhoog of omlaag om de gewenste optie te markeren. •Druk in een genummerde lijst op een cijfertoets om de gewenste optie te markeren.

•Druk in een alfabetische lijst meerdere malen op een toets om de letters van de toets te doorlopen en de optie in de lijst te markeren die het meest overeenkomt. ÉToepassingen wInstellingenQSpel&Toepassingen MenufunctiesGemarkeerde optieDruk op TERUGom terug te gaannaar het vorigevenster. Druk op TOON om details weer te geven van de gemarkeerde optie. Druk op - om het submenu te openen. 10) John Smith9) Lisa Owens8) Adda Thomas7) Jack Bradshaw6) Mary Smith5) Carlos Emrys4) Dave Thompson3) Lisa OwenTERUG TOONGevoerdeDruk op S om naar beneden te bladeren naar andere opties. 41Basisprincipes•Als voor een optie een lijst met mogelijke waarden beschikbaar is, bladert u naar links of rechts om een waarde te selecteren. •Als voor een optie een lijst met mogelijke numerieke waarden beschikbaar is, drukt u op een cijfertoets om de waarde in te stellen.

SMS makenVoer tekst in om een nieuw bericht te maken. Druk in een tekstinvoerscherm op # om een invoermethode te selecteren:Zie het volgendegedeelte voor eenbeschrijving van deindicators. De knipperendecursor geeft hetinvoegpunt aan. Druk op TERUG om te sluiten zonder wijzigingen. Als u tekst hebt ingevoerd, drukt u op ZEND NAAR om de ontvangers in te voeren. Druk op - om het submenu te openen. TERUG ZEND NAARBer. 450Vh.

42BasisprincipesOm de primaire en secundaire tekstinvoermethode in te stellen, drukt u in een tekstinvoerscherm op ->Invoer setup en selecteert u Eerste Voorkeur of Tweede voorkeur. Tip: WILT U EEN OPVALLEND BERICHT VERSTUREN. Druk in een tekstinvoerscherm op 0 om over te schakelen naar allemaal hoofdletters (T), volgende letter hoofdletter (V) of geen hoofdletters (U). iTAP™-methodeDruk in een tekstinvoerscherm op # om over te schakelen naar de iTAP-methode. Als u j of p niet ziet, drukt u op ->Invoer setup om de iTAP-methode in te stellen als primaire of secundaire tekstinvoermethode. Als u de invoermethode van de iTAP-software gebruikt, kunt u een heel woord invoeren met slechts één toetsaanslag per invoermethodenj of gU kunt de tekstinvoermethode Primair instellen op elke gewenste iTAP™-methodej of multi-tikmethodeg.

p of mU kunt de tekstinvoermethode Secundair instellen op elke gewenste iTAP-methodep of multi-tikmethodem. Als u geen secundaire invoermethode wilt instellen, selecteert u Niet. WMet de methode Numeriek kunt u alleen cijfers invoeren. [Met de methode Symbool kunt u alleen symbolen invoeren. 43Basisprincipesletter. De iTAP-software combineert uw toetsaanslagen tot veelvoorkomende woorden en voorspelt elk woord terwijl u het invoert. Als u bijvoorbeeld op 7764 drukt, geeft uw telefoon het volgende weer:•Als u een ander woord wilt invoeren (bijvoorbeeld Progressie), voert u de resterende letters in met de toetsen. •Als u snel cijfers wilt invoeren, houdt u een cijfertoets ingedrukt om tijdelijk naar de numerieke modus te gaan. Voer de cijfers in die u nodig hebt. Voer een spatie in om terug te gaan naar de iTAP-methode. •Druk op 1 om leestekens of andere tekens in te voeren.

Wis KIESProg Proh Spoi ProiProg rammaVjBer. 44344BasisprincipesMulti-tikmethodeDruk in een tekstinvoerscherm op # om over te schakelen naar de multi-tikmethode. Als u Vg of Vm niet ziet, drukt u op ->Invoer setup om de multi-tikmethode in te stellen als primaire of secundaire tekstinvoermethode. Om in de multi-tikmethode tekst in te voeren, drukt u meerdere malen op een toets om de letters en het cijfer van de toets te doorlopen. Herhaal deze stap voor elke letter. Als u bijvoorbeeld een keer op 8 drukt, wordt het volgende weergegeven op het beeldscherm:TTeken verschijnt op invoegpositie. Druk op Wis om het teken linksnaast de invoegpositie te verwijderen. Als u tekst hebt ingevoerd, drukt u op ZEND NAAR om de ontvangers in te voeren. Na 2 seconden, wordt het teken geaccepteerd en wordt de cursor naar de volgende positie verplaatst. Wis ZEND NAARUg449Ber.

45BasisprincipesAls u drie of meer tekens achter elkaar invoert, kan de rest van het woord worden 'geraden'. Als u bijvoorbeeld prog typt, kan op het beeldscherm het volgende worden weergeven:•Het eerste teken van elke zin wordt een hoofdletter. Zo nodig drukt u S omlaag om het teken als kleine letter weer te geven voordat de cursor naar de volgende positie gaat. •Druk op S om de knipperende cursor te verplaatsen voor het invoeren of bewerken van tekst. •Als u uw tekst of wijzigingen niet wilt opslaan, drukt u op P en stopt u zonder dat u iets opslaat. •Met de uitgebreide multi-tikmethode doorloopt u extra speciale tekens en symbolen terwijl u meerdere keren op een toets drukt. ZEND NAARTeken verschijntop invoegpositie. Druk S naar rechts om Programma te accepteren of druk op * om het woord niet te gebruiken en een spatie in te voegen na Prog. Ug449Prog rammaBer. Wis.

46BasisprincipesNumerieke methodeDruk in een tekstinvoerscherm op # tot W wordt weergegeven. Druk op de cijfertoetsen om de gewenste cijfers in te voeren. SymboolmethodeDruk in een tekstinvoerscherm op # totdat u [ ziet. Druk op een toets om de symbolen van de toets onder aan het scherm weer te geven. Markeer het gewenste symbool en druk op KIES. VolumeDruk de navigatietoetsS naar links of rechts om:•tijdens gesprekken het luidsprekervolume te verhogen of te verlagen;•de instelling voor beltoonvolume te verhogen of te verlagen wanneer het startscherm wordt weergegeven;•het meldingssignaal van een inkomend gesprek uit te schakelen. Tip: Als het volume is ingesteld op de laagste waarde, drukt u de navigatietoets (S) naar links om de beltoon in te stellen op VibraCall. Druk nogmaals op de toets om over te schakelen naar de melding Stil.

Als u VibraCall of de beltonen weer wilt inschakelen, drukt u de navigatietoets (S) naar rechts. 47BasisprincipesNavigatietoetsDruk de navigatietoetsS omhoog, omlaag, naar links of naar rechts om naar items op het scherm te bladeren en deze te markeren. Als u een item hebt gemarkeerd, drukt u op de middelste toetss om het item te selecteren. De middelste toets heeft meestal dezelfde functie als de rechtersoftwaretoets. Handsfree-luidsprekerU kunt de handsfree-luidspreker van de telefoon gebruiken om gesprekken te voeren zonder dat u de telefoon aan uw oor hoeft te houden. Druk tijdens een gesprek op SPEAKERom de handsfree-luidspreker aan te zetten. Op het beeldscherm wordt Luidspreker Aan weergegeven totdat u de telefoon uitzet of het gesprek beëindigt. Opmerking: de handsfree-luidspreker werkt niet als de telefoon is aangesloten op een handsfree-carkit of headset.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Motorola L2 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden