Miele WS 5436 MC 13 Handleiding

Miele Wasmachine WS 5436 MC 13

Bekijk gratis de handleiding van Miele WS 5436 MC 13 (56 pagina’s), behorend tot de categorie Wasmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 9 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Miele WS 5436 MC 13 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/56
Gebruiksaanwijzing en opstellingsinstructies
Hoogcentrifugerende wasautomaat
WS 5436 MC 13
Lees de gebruiksaanwijzingbeslist
voordat u het apparaat plaatst,
installeert en in gebruik neemt.
Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt
onnodige schade aan het apparaat.
M
M.-Nr. 05 856 730

Beoordeel deze handleiding

4.5/5 (2 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Miele
Categorie: Wasmachine
Model: WS 5436 MC 13

Handleiding Miele WS 5436 MC 13 – volledige tekst

Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 5Een bijdrage aan de bescherming van het milieu. 8Het verpakkingsmateriaal. 8Het afdanken van het apparaat. 8Tips om energie te besparen. 8Algemeen. 9Voorkant. 9Gebruik. 9Bedieningspaneel. 10Multifunctioneel display. 11Vóór de eerste wasbeurt. 12Eerste ingebruikneming. 12Waterhardheid. 12Zo wast u goed. 13Korte gebruiksaanwijzing. 13Vóór het wassen. 13Programmastart. 14Muntautomaat. 15Programma-einde. 16Een ander programma kiezen. 17Programma afbreken. 17Programmafase weglaten. 17Programmafase herhalen. 17Textielbehandelingssymbolen. 18Wasmiddel. 20Wasmiddel doseren. 21Wateronthardingsmiddel. 21Componentenwasmiddel. 21Wasverzachter, appreteermiddel, stijfsel of vloeibaar stijfsel. 21Wasverzachter, appreteermiddel of vloeibaar stijfsel automatisch doseren. 22Inhoud2.

Stijfsel in poeder- of vloeibare vorm handmatig doseren. 22Chloorbleekmiddel. 23yAutomatisch bleken. 23Achtereenvolgens bleekmiddel en wasverzachter, appreteermiddel ofstijfsel doseren. 23Programma's. 24Overzicht. 24Extra functies. 26Programmaverloop. 27Geprogrammeerde functies. 28Reiniging en onderhoud. 29Wasautomaat reinigen. 29Wasmiddellade reinigen. 30Zeefjes watertoevoer reinigen. 31Zeefjes in de toevoerslangen reinigen. 31Zeefjes in de koppelstukken reinigen. 31Nuttige tips. 32Wat moet u doen als. 32Het programma start niet. 32Het wasprogramma is afgebroken en in het display verschijnt een foutmelding. 33Het wasprogramma is normaal verlopen, maar in het display verschijnt eenfoutmelding. 34Algemene storingen of een onvoldoende wasresultaat. 35Storingen bij het centrifugeren. 37Vuldeur openen bij verstopte afvoer en/of stroomstoring. 38. bij een uitvoering met afvoerpomp. 38.

Lees deze gebruiksaanwijzing aan-dachtig door voordat u het apparaatvoor het eerst gebruikt. U vindt hier-in belangrijke aanwijzingen met be-trekking tot de veiligheid, het ge-bruik en het onderhoud. Bewaar de gebruiksaanwijzing zorg-vuldig en geef deze door aan eeneventuele volgende eigenaar. Verantwoord gebruik van hetapparaatDit apparaat is uitsluitend bestemdvoor het wassen van textiel dat vol-gens het wasetiket geschikt is voor dewasautomaat. Ieder ander gebruik isvoor eigen risico en kan gevaarlijk zijn. De fabrikant kan niet aansprakelijk wor-den gesteld voor schade die is ont-staan door foutieve bediening en elkander gebruik dan hier is aangegeven. Technische veiligheidControleer het apparaat op zicht-bare schade voordat u het instal-leert. Installeer en gebruik een bescha -digd apparaat niet.

Voordat u het apparaat aansluit,dient u de aansluitgegevens (span-ning en frequentie) op het typeplaatjete vergelijken met de waarden van hetelektriciteitsnet. Deze gegevens moe -ten beslist overeenstemmen. Raad-pleeg in geval van twijfel een elektri-cien. De elektrische veiligheid van hetapparaat is alleen dan gewaar-borgd als het wordt aangesloten opeen aardingsysteem dat volgens devoorschriften is geïnstalleerd. Het is be-langrijk dat u dit controleert en in gevalvan twijfel de huisinstallatie door eenvakman laat inspecteren. De fabrikantkan niet aansprakelijk worden gesteldvoor schade die ontstaat door een ont-brekende of beschadigde aarddraad. Dit apparaat voldoet aan de veilig-heidsvoorschriften. Ondeskundiggebruik kan echter risico’s opleverenvoor de gebruiker, waarvoor de fabri-kant niet verantwoordelijk is. Reparatiesmogen alleen worden verricht door vak-mensen van Miele.

Ondanks het feit dat de beste ma-terialen zijn gebruikt, zijn de toe-voerslangen aan slijtage onderhevig. Door scheuren, knikken, bobbels of in-vloeden van buitenaf kan de slang po -reus worden en gaan lekken. Controleerde slang daarom regelmatig, zodat udeze tijdig kunt vervangen. Defecte onderdelen mogen alleendoor originele Miele-onderdelenworden vervangen. Alleen daarvan kanworden gegarandeerd dat zij volledigvoldoen aan de veiligheidseisen dieMiele stelt aan haar apparaten en on-derdelen daarvan. GebruikDit apparaat mag uitsluitend dooreen vakman op een niet-stationairelocatie (bijvoorbeeld een boot of cam-per) worden ingebouwd en aangeslo-ten. Hierbij moet aan alle voorwaardenvoor een veilig gebruik worden vol-daan. Plaats uw automaat niet in vorstge-voelige ruimten. Temperaturen dieduidelijk onder het vriespunt liggen, be-ïnvloeden de werking van de elektroni-ca.

Bovendien kunnen de slangen bar-sten wanneer deze bevroren zijn. Verwijder vóór de ingebruiknemingvan de automaat de transportbe-veiliging aan de achterzijde (zie hethoofdstuk "Plaatsen en aansluiten"). Als u dit niet doet, kunnen zowel de au-tomaat als aangrenzende meubels ofapparaten beschadigd raken. Voorkom dat de roestvrijstalen op-pervlakken (front, deksel, omman-teling) in aanraking komen met vloeiba-re reinigings- en desinfectiemiddelendie chloor of natriumhypochloride be-vatten. Deze middelen kunnen op hetroestvrije staal corrosie veroorzaken. Agressieve bleekloogdampen kunneneveneens corrosie tot gevolg hebben. Bewaar geopende reservoirs met der-gelijke middelen daarom niet in debuurt van het apparaat. Draai de waterkranen dicht als ulange tijd afwezig bent, bijvoor-beeld tijdens vakanties. Dit is vooral be-langrijk als zich geen afvoerputje in debuurt van de automaat bevindt.

Als u een wastafel voor de afvoervan het water gebruikt, kunt u over-stroming en waterschade voorkomendoor van tevoren te controleren hoesnel het water in de wasbak wegloopt.

Bij juiste dosering van het wasmid-del hoeft de automaat niet te wor-den ontkalkt. Mocht u toch willen ont-kalken, gebruik dan een ontkalkings-middel dat een anti-corrosiemiddel be-vat (verkrijgbaar bij Miele NederlandB.V.). Volg de aanwijzingen op de ver-pakking nauwkeurig op.Wasgoed dat met oplosmiddelhou-dende reinigingsmiddelen is be-handeld, moet vóór het wassen grondigmet water worden uitgespoeld.Gebruik nooit reinigingsmiddelendie een oplosmiddel bevatten, zo-als wasbenzine. Anders bestaat het ge-vaar dat onderdelen beschadigd rakenen dat giftige dampen vrijkomen. Bo-vendien bestaat bij dergelijke reini-gingsmiddelen brand- en explosiege-vaar.Textielverf moet geschikt zijn voorgebruik in de wasautomaat. Volgde aanwijzingen op de verpakkingnauwkeurig op.Ontkleuringsmiddelen bevattenvaak zwavel en kunnen corrosieveroorzaken.

Deze middelen mogenniet in de wasautomaat worden ge-bruikt.Als u op hoge temperaturen wast,wordt het glas van de deur heet.Zorg er dus voor dat kinderen niet aanhet glas kunnen komen als de wasauto-maat aanstaat.Gebruik van toebehorenToebehoren mogen alleen dan wor-den aan- of ingebouwd, als ze uit-drukkelijk door Miele zijn vrijgegeven.Als andere onderdelen worden aan- ofingebouwd, kan Miele niet voor de ge-volgen instaan en kan geen beroepmeer worden gedaan op bepalingenmet betrekking tot garantie en product-aansprakelijkheid.Het afdanken van het apparaatTrek de stekker uit de contactdoos enmaak deze samen met de aansluitkabelonbruikbaar. U voorkomt daarmee dathet apparaat voor andere doeleindenwordt gebruikt dan waarvoor het be-stemd is.Veiligheidsinstructies en waarschuwingen7

Het verpakkingsmateriaalDe verpakking beschermt het apparaattegen transportschade.Het verpakkingsmateriaal is uitgekozenomdat dit het milieu relatief weinig be-last en kan worden hergebruikt.Door hergebruik van verpakkingsmate-riaal wordt er op grondstoffen bespaarden wordt er minder afval geproduceerd.Uw vakhandelaar neemt de verpakkingin het algemeen terug.Het afdanken van het apparaatOude elektrische en elektronische appa-raten bevatten vaak nog waardevollematerialen. Ze bevatten echter ookschadelijke stoffen die voor het functio-neren en de veiligheid van het apparaatnodig waren. Als u het apparaat bij hetgewone afval doet of bij verkeerde be-handeling kunnen deze stoffen schade-lijk zijn voor de gezondheid en hetmilieu.

Verwijder het afgedankte appa-raat dan ook nooit met het gewone afval.Lever het apparaat in bij een gemeen-telijk inzameldepot voor elektrische enelektronische apparatuur.Het afgedankte apparaat moet tot dietijd buiten het bereik van kinderen wor-den opgeslagen. Hierover vindt u meerinformatie in het hoofdstuk "Veiligheids-instructies en waarschuwingen".Tips om energie te besparenAls u zowel geld als het milieu wilt spa-ren, let dan op onderstaande tips:– Benut zoveel mogelijk de maximalebeladingscapaciteit van het gekozenprogramma. Het energieverbruik isdan relatief gezien het laagst.– Gebruik slechts zoveel wasmiddelals op de wasmiddelverpakking aan-gegeven staat.– Wasgoed met gemakkelijke vlekkenkunt u op een lagere temperatuurwassen dan in het wasetiket staataangegeven.

BedieningspaneelaaDeurvoor het openen van de deur en hetontgrendelen van de toetsen voor deextra functiesbToetsen voor de extra functies+ Met voorwasiinstelbaar voor de programma’sA B C E, , , m Stijveninstelbaar voor de programma’sA B E F, , , k Zonder eindcentrifugereninstelbaar voor de programma’sA B C D E F, , , , , chStartmet deze toets start u het gekozenprogrammadMultifunctioneel displayeProgrammaverloopg h/ Aan/StartiVoorwasjHoofdwasnSpoelennSpoelenn m/ Spoelen/StijvenqWaterafvoeruEindcentrifugerenrEindepq Watertoevoer/-afvoerfProgramma’sAWitte/bonte wasBKreukherstellendCFijn/synthetischDWolEMini-programmaFExtra spoelenGExtra centrifugerenHExtra waterafvoerAlgemeen10

Multifunctioneel displayaDisplaybControlelampjes voor:– Temperatuur °CpAls een programma is gestart, ziet uin het display de temperatuur van hetwater stijgen in stappen van 5 °C. Dewaarde loopt op totdat de ingesteldetemperatuur is bereikt.Het controlelampje " °C" brandt.p– Resttijd minj Zodra de ingestelde temperatuurvoor de hoofdwas van het program-ma is bereikt, wordt de resterendeprogrammaduur aangegeven (inuren en minuten).Het controlelampje " min" brandt.j De resttijd loopt af in stappen van 1minuut.Algemeen11

Eerste ingebruiknemingVoor de ingebruikneming moet deautomaat volgens de geldenderichtlijnen worden opgesteld en aan-gesloten. Zie het hoofdstuk "Plaat-sen en aansluiten".Voor het eerste gebruik moeten de res-ten worden weggespoeld van het waterdat in de fabriek voor testdoeleinden isgebruikt. Laat de automaat hiervooreen wasprogramma uitvoeren (zonderwasgoed).^Draai de waterkranen open.^Doseer maximaal 1/4van de op deverpakking aangegeven hoeveelheidwasmiddel in het vakje van dej wasmiddellade.^Zet de programmaschakelaar op "A60 °C".^ hDruk op de toets " Start".Na afloop van het programma is deeerste ingebruikneming afgerond.WaterhardheidDe dosering van het wasmiddel is af-hankelijk van diverse factoren, waaron-der de waterhardheid. Met hetdraaiknopje in de wasmiddellade kunt ugemakkelijk onthouden welke water-hardheid uw leidingwater heeft.^Zet het knopje op de juiste water-hardheid.

Gebruik daarvoor de bijge-leverde opener voor het klepje vanhet pluizenfilter.De waterhardheid kunt u opvragen bijuw waterleidingbedrijf.Vóór de eerste wasbeurt12

Korte gebruiksaanwijzingDe met cijfers ( , , ,...) aangeduideABCstappen vormen een korte gebruiks-aanwijzing.Vóór het wassenASorteer het wasgoed.^Maak alle zakken leeg.,Voorwerpen als munten, paper-clips en dergelijke kunnen het was-goed en onderdelen van de auto-maat beschadigen.^Sorteer het wasgoed.Meestal is wasgoed voorzien van eenwasetiket in de kraag of in de zijnaad.Sorteer het wasgoed volgens de sym-bolen op het etiket. Voor de betekenisvan de symbolen zie de rubriek "Textiel-behandelingssymbolen".Was alleen textiel dat in een wasauto -maat mag worden gereinigd.Donkergekleurd wasgoed geeft in hetbegin vaak af.

Was donkergekleurdgoed daarom de eerste keren apart,zodat het niet kan afgeven.Wij raden u aan teer wasgoed ookapart en behoedzaam te wassen.Wol en wolmengweefsels mogen alleenin de machine worden gewassen als ditin het wasetiket staat aangegeven.^Vlekken kunt u het beste voorbehan-delen.Vlekken of sterk vervuilde kragen kunt umet vloeibaar wasmiddel of met eenspeciale pasta (bijvoorbeeld Wipp Kra-gen en Vlekken) voorbehandelen.Raadpleeg bij bijzonder hardnekkigevlekken de stomerij.,Gebruik nooit chemische (oplos-middelhoudende) reinigingsmidde-len in de wasautomaat.– Bij vitrage:verwijder de haakjes en het lood-band of wikkel de vitrage in een was-zak.– Bij bh’s:naai losse beugels vast of verwijderdeze.– Bij gebreid goed, spijkergoed, pan-talons of tricot:keer dit wasgoed binnenstebuiten alsdit op het wasetiket staat aangege-ven.– Sluit voor het wassen eventuele rits-sluitingen, haakjes en oogjes.– Maak dekbedovertrekken en kussen-slopen dicht, voordat u ze wast, zo-dat er geen klein wasgoed in komt.Zo wast u goed13

BOpen de deur.CDoe het wasgoed in de trommel.Ontvouw het wasgoed en leg het losjesin de trommel. Grote en kleine stukkenbij elkaar zorgen voor een optimalewaswerking en een betere verdelingvan de was tijdens het centrifugeren.Een te volle trommel heeft tot gevolgdat de was minder schoon wordt en ergkreukt.Maximale belading:Witte/bonte was . . . . . . . . . . . . . . 6,0 kgKreukherstellend . . . . . . . . . . . . . 3,0 kgFijn/synthetisch . . . . . . . . . . . . . . 1,5 kgWol. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2,5 kgMini-programma . . . . . . . . . . . . .

3,0 kgDSluit de deur.Het wasgoed mag niet tussen de deuren de dichtring ingeklemd raken.EDoseer wasmiddel en eventueelwasverzachter of vloeibaar stijfsel.Meer informatie vindt u in het hoofdstuk"Wasmiddel".FOpen de waterkranen.ProgrammastartGZet de programmaschakelaar ophet gewenste programma.(zie de rubriek "Overzicht" in hethoofdstuk "Programma’s").HKies eventueel een extra functie.^Druk op de desbetreffende toetsen(zie de rubriek "Overzicht" in hethoofdstuk "Programma’s").Een gekozen extra functie kunt u weeruitschakelen door nog eens op de toetste drukken.Zo wast u goed14

MuntautomaatIStel een eventuele muntautomaatin.Als u de hieronder beschreven volg-orde niet aanhoudt, kunt u uw muntkwijtraken.^Werp een munt in de automaat.^Druk op de toets " Start".hU kunt uw munt verliezen, als na het in-werpen van de munt en vóór de pro-grammastart.– de vuldeur wordt geopend.– de programmaschakelaar via "rEinde" op een ander programmawordt gezet.– een programma langer dan 20 se-conden wordt onderbroken.Om blokkering te voorkomen, moetde muntkast regelmatig worden ge-leegd.JDruk op de toets " Start".hHet programma start.Zo wast u goed15

Een ander programma kiezenBij een foutieve keuze kunt u op elk mo-ment wisselen tussen de programma’sA B C D E, , , , .^Draai de programmaschakelaar ophet juiste programma. Het nieuweprogramma gaat dan verder met defase waar het oude was gebleven.Dit gebeurt niet als u de programma-schakelaar via " Einde" op een anderrprogramma zet. Dan wordt het pro-gramma afgebroken.Bij een automaat met muntkastwordt het programma na 3 minutenvergrendeld. U kunt dan niets meerveranderen.Programma afbreken^Draai de programmaschakelaar op" Einde".

De controlelampjes vanrde fasen die nog niet zijn uitgevoerd,lichten achter elkaar op tot aan "rEinde".Programmafase weglaten^Draai de programmaschakelaar op" Einde".rZodra in het display de fase gaat knip-peren, waarmee u het programma wiltvoortzetten^draait u de programmaschakelaarbinnen 3 seconden op het gewensteprogramma.Programmafase herhalenVoorwaarde:De fase die u wilt herhalen, moet afge-lopen zijn!^Draai de programmaschakelaar op" Einde".rZodra het controlelampje voor "rEinde" gaat branden,^kiest u een willekeurig programma^ hen drukt u op de toets " Start".^Na ongeveer 5 seconden draait u deprogrammaschakelaar weer op "rEinde".Zodra het controlelampje gaat knippe-ren van de fase die u wilt herhalen^draait u de programmaschakelaarbinnen 3 seconden op het gewensteprogramma.Zo wast u goed17

In het wasgoed bevindt zich een etiketmet textielbehandelingssymbolen. Ditetiket doet aanbevelingen voor de juistebehandeling van het artikel waarop hetis aangebracht. Het mag niet wordenverward met een garantie hoe het tex-tiel zich in het gebruik zal gedragen.Het behandelingsetiket waarborgt dathet textielproduct bij de aanbevolen be-handeling lijdt.geen schade Een artikel waarop een behandelings-etiket met de symbolen is aangebrachtmoet voldoen aan bepaalde eisen vanwasechtheid, wrijfechtheid en water-echtheid van de kleuren. Het mag nietteveel krimpen of vervormen, de lijmenmogen niet loslaten en bij de eerste vierkeer reinigen zijn ontleding, smelten,vergelen, pillen en blijvende kreukelsontoelaatbaar.Behandelingen en temperaturen diemilder zijn dan op het etiket aangege-ven zijn altijd toegestaan.De waskaart is als handige sticker bijde VTWS verkrijgbaar.

U kunt deze stic -ker op uw Miele-wasautomaat plakken.Meer informatie over textiel en de reini-ging ervan treft u aan in het boekje"Textiel ABC". Ook dit boekje kunt u bijde VTWS verkrijgen en wel door over-making van Euro 8,- op gironummer666402 t.n.v. VTWS in Delft.Het telefoonnummer van de VTWS is015 - 261 12 05.Zo wast u goed19

U kunt alle moderne wasmiddelen voorwasautomaten gebruiken. Ook vloeiba-re en geconcentreerde wasmiddelenzijn geschikt. Hetzelfde geldt voor com-ponentenwasmiddelen.Gebruik doseerhulpen zoals maat-schepjes of wasbolletjes als deze zijnbijgevoegd.Gebreide kleding van wol of wolmeng-weefsels kunt u het beste met een wol-wasmiddel wassen.De doseeradviezen vindt u op de ver-pakking van het wasmiddel. Houdt uzich eraan.De dosering is afhankelijk van:– de hoeveelheid wasgoed.– de mate van vervuiling:licht verontreinigder zijn geen zichtbare vlekken.

Dewas ruikt bijvoorbeeld niet meer fris.normaal verontreinigder zijn enkele verontreinigingen ofzichtbare, gemakkelijke vlekken.sterk verontreinigder zijn duidelijk zichtbare verontreini-gingen en vlekken.Voor wasgoed met zeer vettige ver-ontreinigingen zie het hoofdstuk "Nut-tige tips".– de waterhardheid in uw omgeving.Als u de waterhardheid niet kent,neem dan contact op met uw water-bedrijf.WaterhardheidHard-heids-graadAandui-dingHardheidin mmol/l°dHI zacht 0 - 1,3 0 - 7II gemiddeld 1,3 - 2,5 7 - 14III hard 2,5 - 3,8 14 - 21IV zeer hard boven 3,8 boven 21Het is belangrijk het wasmid-del juist te doseren, want......bij te weinig wasmiddel...– wordt het wasgoed niet schoon enna vaker wassen hard en grauw;– ontstaan er vetbolletjes in de was;– ontstaat er kalkafzetting op de ver-warmingselementen....bij te veel wasmiddel...– treedt er sterke schuimvorming op;– neemt de mechanische reinigings-werking af;– wordt de was niet optimaal gerei-nigd, gespoeld en gecentrifugeerd;– wordt het milieu onnodig belast.Wasmiddel20

Wasmiddel doseren^Trek de wasmiddellade open en vulde juiste vakjes.i= Wasmiddel voor de voorwas(als deze extra functie isgekozen)j= Wasmiddel voor de hoofdwasp= Wasverzachter, appreteer-middel, vloeibaar stijfsel ofchloorbleekmiddelBij gebruik van vloeibaar wasmiddelmoet een speciale inzet in vakje jworden geplaatst als u de extra functie" Met voorwas" kiest. Deze inzet isi verkrijgbaar bij Miele Nederland.WateronthardingsmiddelBij een hardheidsgraad tussen II - IVkunt u een onthardingsmiddel ge-bruiken. De juiste dosering vindt u opde verpakking. Doseer eerst het was-middel, daarna het onthardingsmiddel.Doseer het wasmiddel nu voor hard-heidsgraad I.ComponentenwasmiddelAls u met meerdere componenten wast,doseer dan altijd in deze volgorde invakje :j1. Wasmiddel2. Wateronthardingsmiddel3.

VlekkenzoutAls u deze volgorde aanhoudt, kunnende middelen goed worden ingespoeld.Wasverzachter,appreteermiddel, stijfsel ofvloeibaar stijfselWasverzachters zorgen dat de waszacht blijft en in de droger minder snelstatisch wordt.Appreteermiddelen zijn synthetischestijfsels die voornamelijk worden ge-bruikt om overhemden, blouses, tafel-kleden en beddengoed te verstevigen.Stijfsel geeft de was een grotere stijf-heid en meer volume.^Doseer de middelen volgens de aan-wijzingen van de fabrikant.Wasmiddel21

Wasverzachter, appreteermiddel ofvloeibaar stijfsel automatischdoseren^Open het deksel van vakje .p^Doseer de wasverzachter, het appre-teermiddel of het vloeibare stijfsel.Niet hoger dan de maximummarke-ring.^Klap het deksel dicht.^Schuif de wasmiddellade weer naarbinnen.Tijdens de laatste spoelgang wordt dewasverzachter, het appreteermiddel ofhet vloeibare stijfsel ingespoeld. Na af-loop van het programma blijft in vakjep een kleine hoeveelheid water ach-ter.Reinig de wasmiddellade (met namede zuighevel en het kanaal voor dewasverzachter), als u meermaals au -tomatisch heeft gesteven (zie in hethoofdstuk "Reiniging en onderhoud"de rubriek "Wasmiddellade reini-gen").Stijfsel in poeder- of vloeibare vormhandmatig doseren^Houdt u zich bij het voorbereiden endoseren van stijfsel aan de aanwij-zingen op de verpakking.^Druk bij de programmakeuze detoets " Stijven" in.

Vóór de laatstem spoelgang worden het programmaen de resttijd stopgezet. Het controle-lampje knippert.m ^Doe het stijfsel in vakje van dei wasmiddellade.^Druk op toets (springt terug). Hetm programma wordt voortgezet.De extra functie " Zonder eindcentri-k fugeren" kunt u kiezen als u kreukvor-ming wilt tegengaan. Het water wordtafgepompt, waarna u de was nat kuntophangen.Als een vierde spoelgang is inge-steld, gaat u bij gebruik van wasver-zachter, appreteermiddel of stijfselte werk, zoals beschreven in de ru-briek "Achtereenvolgens bleekmid-del en wasverzachter, appreteermid-del of stijfsel doseren".Wasmiddel22

Chloorbleekmiddel yGebruik bleekmiddel alleen in deprogramma's Witte/bonte was enKreukherstellend.Alleen textiel dat in het wasetiket deaanduiding heeft, mag met bleeky -middel worden behandeld.Doe bleekmiddel alleen in het daarvoorbestemde vakje .pBij bonte was kunt u bleekmiddelen al-leen gebruiken als dit uitdrukkelijk ophet wasetiket staat.Voor bleken is een ombouwset no-dig die door Miele Nederland moetworden geplaatst. Verder moet ereen vierde spoelgang worden ge-programmeerd (zie het hoofdstuk"Programma's" onder "Geprogram-meerde functies").Automatisch bleken^Houdt u zich bij het doseren vanbleekmiddelen aan de aanwijzingenop de verpakking.^Doseer het bleekmiddel in vakje pvan de wasmiddellade, maar niet ho-ger dan de maximummarkering.Tijdens de tweede spoelgang wordt hetbleekmiddel ingespoeld.

Na afloop vanhet programma blijft in vakje eenp kleine hoeveelheid water achter.Achtereenvolgens bleekmiddel enwasverzachter, appreteermiddel ofstijfsel doseren^Druk bij de programmakeuze detoets " Stijven" in.m ^Doe vloeibaar bleekmiddel in vakjep van de wasmiddellade.Het bleekmiddel wordt automatisch tij-dens de tweede spoelgang ingespoeld.Vóór de laatste spoelgang worden hetprogramma en de resttijd stopgezet.Het controlelampje knippert.m ^Doseer de wasverzachter, het appre-teermiddel of het vloeibare stijfsel invakje van de wasmiddellade.p ^Druk op toets (springt terug). Hetm programma wordt voortgezet.Tijdens de laatste spoelgang wordt dewasverzachter, het appreteermiddel ofhet vloeibare stijfsel ingespoeld. Na af-loop van het programma blijft in vakjep een kleine hoeveelheid water ach-ter.Wasmiddel23

CFijn/synthetisch 60 °C - 30 °CTextielsoort Textiel van synthetische vezels of kunstzijde, zoalspanty's, overhemden, blouses, fijne was en vitrages dievolgens de fabrikant geschikt zijn voor de wasautomaat.Extra functies + Met voorwas, Zonder eindcentrifugereni k Opmerkingen Textiel dat wol bevat, moet met het wolprogramma wordengewassen.Vitrage zit vaak vol fijne stofdeeltjes. Kies daarom de extrafunctie "+ Met voorwas".i Max. toerental 600 toeren per minuutMax. belading 1,5 kgDWol 30 °CTextielsoort Wol of wolmengweefsels met wolmerk die volgens het eti-ket geschikt zijn voor machinewas.Extra functies Zonder eindcentrifugerenk Opmerkingen Gebruik een vloeibaar wasmiddel voor wol.Max. toerental 1200 toeren per minuutMax.

FExtra spoelenTextielsoort Textiel dat alleen gespoeld en gecentrifugeerd moet wor-den.Opmerkingen Wanneer u extra hoge eisen stelt aan het spoelresultaat;als extra spoelgang. Zet de programmaschakelaar na delaatste spoelbeurt van het gekozen programma op "Extraspoelen".Max. toerental 1200 toeren per minuutMax. belading 6 kgGExtra centrifugerenTextielsoort Textiel dat gecentrifugeerd mag worden en bijvoorbeeldop de hand is gewassen.Max. toerental 1200 toeren per minuutMax.

belading 6 kgHExtra afvoerTextielsoort Voor wasgoed dat vóór het einde van een programma natuit de trommel gehaald moet worden.Extra functiesDoor één of meer toetsen in te drukken, kunt u de basisprogramma's nog beteraan uw wensen aanpassen."+ Met voorwas"i Voor sterk vervuild wasgoed en wasgoed met veel vlekken." Stijven"m Voor net gewassen textiel, zoals tafelkleden, servetten en beroepskleding." Zonder eindcentrifugeren"k Als u het wasgoed na het wegpompen van het water nat wilt ophangen.Programma's26

Met eventu-ele extra functies wordt geen rekeninggehouden.Het programmaverloop van de machinetoont u steeds bij welke programmafa-se het apparaat is.AWitte/bonte wasHoofdwasWaterstand: laagSpoelenWaterstand: gemiddeldSpoelbeurten- 3 bij maximale belading- 2 bij gedeeltelijke beladingEindcentrifugeren: jaBKreukherstellendHoofdwasWaterstand: laagSpoelenWaterstand: gemiddeldSpoelbeurten: 3Eindcentrifugeren: jaCFijn/synthetischHoofdwasWaterstand: hoogSpoelenWaterstand: hoogSpoelbeurten: 3Eindcentrifugeren: jaDWolHoofdwasWaterstand: laagSpoelenWaterstand: laagSpoelbeurten: 2Eindcentrifugeren: ja, gereduceerdewasbewegingEMini-programmaHoofdwasWaterstand: laagSpoelenWaterstand: gemiddeldSpoelbeurten: 2Eindcentrifugeren: jaWanneer u een programma kiest, ver-schijnt in het multifunctionele display detemperatuur die bij het gekozen pro-gramma hoort.

Geprogrammeerde functiesAls u dat wenst, kan de TechnischeDienst van Miele Nederland extra func-ties of wasprogramma’s met een afwij -kend verloop programmeren.Noteer deze instellingen op een kaart,zodat ze overgenomen kunnen wordenals bijvoorbeeld de elektronische be-sturing vervangen moet worden.Programma's28

,Maak het apparaat spannings-vrij.Wasautomaat reinigen^Reinig de buitenkant van de auto-maat met een mild reinigingsmiddelof sopje en wrijf het apparaat daarnadroog met een zachte doek.^Reinig het bedieningspaneel met eenvochtige doek. Wrijf het paneel daar-na droog met een zachte doek.^Reinig de trommel en andere delenvan roestvrij staal met een speciaalmiddel voor roestvrij staal.,Gebruik geen schuur-,desinfectie- en oplosmiddelen! Doorhun chemische samenstelling kun-nen deze middelen ernstige schadeaan het apparaat veroorzaken.Reiniging en onderhoud29

Wasmiddellade reinigenVerwijder regelmatig achtergeblevenwasmiddelresten.^Trek de lade naar buiten totdat uweerstand voelt. Druk op de rodeontgrendelingsknop (zie afbeelding)en haal de lade eruit.^Reinig de vakjes en het kanaal voorde wasverzachter.^Trek de zuighevel uit vakje enp maak deze onder de kraan schoonmet warm water.^Reinig ook het buisje waarop dezuighevel geplaatst wordt.Reiniging en onderhoud30

Zeefjes watertoevoer reinigenDe automaat is voorzien van zeefjes diede watertoevoerklep beschermen.Deze zeefjes moeten eens per half jaarworden gereinigd. Als de watertoevoerherhaaldelijk wordt onderbroken, moe-ten de zeefjes eerder worden gerei-nigd.Zeefjes in de toevoerslangen reinigen^Draai de waterkraan dicht en schroefde toevoerslang van de kraan.^Trek het rubberen dichtingsringetje auit de groef.^Pak het kunststof zeefje bij de kamb vast (met een combinatietang ofspitstang) en trek het eruit.^Reinig het zeefje grondig en plaatsde onderdelen in omgekeerde volg-orde terug.Controleer de toevoerslangen regelma-tig, omdat deze tijdens het wassen on-der hoge druk staan. Als u scheurtjes ofandere beschadigingen constateert,moet u de slangen vervangen.Gebruik alleen slangen die bestand zijntegen een overdruk van minstens 70bar.

Originele Miele-slangen voldoenaan deze eis.Zeefjes in de koppelstukken reinigen^Draai de geribbelde kunststof moe-ren voorzichtig met een tang los enschroef ze eraf.^Pak het kunststof zeefje met eenspitstang bij de kam vast (zie afbeel-ding) en trek het eruit.^Reinig het zeefje en plaats de onder-delen in omgekeerde volgorde terug.Plaats de zeefjes na het reinigen al-tijd weer terug!Reiniging en onderhoud31

Wat moet u doen als. . . ?De meeste storingen en problemen die in de dagelijkse praktijk kunnen voor-komen, kunt u zelf verhelpen. Hierdoor bespaart u tijd en geld, omdat u niet dehulp van de Technische Dienst hoeft in te roepen.De volgende tabellen helpen u de oorzaken van een storing of probleem te ach-terhalen en te verhelpen. Houdt u daarbij wel rekening met het volgende:,Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door vakmensen.

Ondes-kundig uitgevoerde reparaties kunnen groot gevaar opleveren voor de ge-bruiker.De tabellen in dit hoofdstuk zijn per thema ingedeeld, zodat u een storing of foutsnel kunt vinden:– Het programma start niet.– Het wasprogramma is afgebroken en in het display verschijnt een foutmelding.– Het wasprogramma is normaal verlopen, maar in het display verschijnt eenfoutmelding.– Algemene storingen of een onvoldoende wasresultaat.– Storingen bij het centrifugeren.Het programma start niet.Probleem Mogelijke oorzaak OplossingHet controlelampje"I/ " brandt niet.hHet programmastart niet.De stroomvoorzieningis niet in orde.Controleer of–de deur goed dicht zit.–de stekker in de contactdooszit.–de zekering in orde is.Nuttige tips32

Het wasprogramma is afgebroken en in het display verschijnteen foutmelding.Probleem Mogelijke oorzaak OplossingHet wasgoed is nietgewassen. Het con-trolelampje knipp-pert.De watertoevoer is ge-blokkeerd.–Zet de programmaschakelaarop .r–Draai de waterkranen open.–Start het programma opnieuw.De zeefjes in de water-toevoer zijn verstopt.Reinig de zeefjes (zie in hethoofdstuk "Reiniging en onder-houd" de rubriek "Zeefjes water-toevoer reinigen").Als tijdens de volgende wasbeurtnog steeds te weinig of geen wa-ter in de automaat stroomt, is ersprake van een defect.

Neemdan contact op met de Tech-nische Dienst van Miele.Het controlelampjeqknippert.De waterafvoer is ge-blokkeerd.Controleer of–de afvoer verstopt is.Reinig de afvoer (zie in het hoofd-stuk "Nuttige tips" de rubriek "Vul-deur openen bij verstopte afvoeren/of stroomstoring").In het programma-verloop knipperthet lampje" Spoelen".n Er is sprake van eendefect.Start het programma nog eens.Knippert het lampje opnieuw,waarschuw dan de TechnischeDienst.In het programma-verloop knipperthet lampje .iEr is sprake van eendefect.Start het programma nog eens.Knippert het lampje opnieuw,waarschuw dan de TechnischeDienst.Nuttige tips33

Het wasprogramma is normaal verlopen, maar in het displayverschijnt een foutmelding.Probleem Mogelijke oorzaak OplossingHet wasprogrammais normaal verlo-pen, maar het con-trolelampje knipp-pert.De watertoevoerwordt belemmerd.Controleer of–de waterkranen helemaal openstaan.–de toevoerslangen geknikt zijn.–de waterdruk te laag is.Het controlelampje gaat uit als u deprogrammaschakelaar op zet.rDe zeefjes in de wa-tertoevoer zijn ver-stopt.Reinig de zeefjes (zie in het hoofd-stuk "Reiniging en onderhoud" derubriek "Zeefjes watertoevoer reini-gen").Het controlelampjeqknippert.De waterafvoer isgeblokkeerd.Controleer of–de afvoer verstopt is.Reinig de afvoer (zie in het hoofd-stuk "Nuttige tips" de rubriek "Vul-deur openen bij verstopte afvoeren/of stroomstoring").In het programma-verloop knippert tij-dens of na een pro-gramma het lampjej.Er is sprake van eendefect.Knippert het lampje ook bij een vol-gend programma, waarschuw dande Technische Dienst.In het programma-verloop knipperteen van de contro-lelampjes .nEr is sprake van eendefect.Start het programma nog eens.Knippert het lampje opnieuw, waar-schuw dan de Technische Dienst.Nuttige tips34

Algemene storingen of een onvoldoende wasresultaat.Probleem Mogelijke oorzaak OplossingEr blijft te veel was-middel in het was-middelvak achter.De waterdruk is telaag.–Reinig de zeefjes (zie in hethoofdstuk "Reiniging en onder-houd" de rubriek "Zeefjes wa-tertoevoer reinigen").–Controleer of er binnen 15 se-conden 5 liter water uit dekraan komt.Als poedervormigewasmiddelen in aanra-king komen met ont-hardingsmiddelen kun-nen ze gaan plakken.Doe voortaan eerst het wasmid-del in het wasmiddelvak en danpas het onthardingsmiddel.De wasverzachterc.q.

het chloor-bleekmiddel wordtniet goed inge-spoeld of er blijft teveel water in hetvakje staan.De zuighevel zit waar-schijnlijk niet goed of isverstopt.Reinig de zuighevel (zie in hethoofdstuk "Reiniging en onder-houd" de rubriek "Wasmiddelladereinigen" ).De was wordt nietgoed schoon metvloeibaar wasmid-del.Vloeibare wasmidde-len bevatten vaakgeen bleekmiddel.Fruit-, koffie- en thee-vlekken worden danniet verwijderd.–Gebruik bij dergelijke vlekkenwaspoeder met bleekmiddel.–Doseer vlekkenzout in vakjej en doe het vloeibare was-middel in een doseerbolletje.–Doe nooit vloeibaar wasmiddelen vlekkenzout samen in hetwasmiddelvak.Nuttige tips35

Vloeibare wasmiddelenbevatten meestal geen zeolie-ten.Na het wassenblijven op hetwasgoed grijze,elastische bolle-tjes (vetbolletjes)achter.Het wasgoed bevat vet-tige substanties (zoalscrème of olie) waardoorde normale hoeveel-heid wasmiddel te kleinis om het wasgoedschoon te krijgen.–Bij dergelijk vuil moet u voor dehoofdwas meer wasmiddel ge-bruiken (een halve maatbeker).–Om de kuip te reinigen, draait uvóór de eerstvolgende was-beurt het programma Wit-te/bonte was op 60 °C, zonderwasgoed en met vloeibaar was-middel.Wasgoed met zeervette vervuiling.–Kies een programma met voor-was. Gebruik voor de voorwaseen vloeibaar wasmiddel.–Gebruik voor de hoofdwas was-poeder.Voor sterk vervuilde bedrijfskle-ding adviseren wij voor de hoofd-was speciale wasmiddelen. Neemvoor meer informatie contact opmet de leverancier van uw reini-gingsmiddelen.Nuttige tips36

Storingen bij het centrifugeren.Probleem Mogelijke oorzaak OplossingHet wasgoed isniet of nauwelijksgecentrifugeerd.De toets is ingedrukt.k De was in de trommel isniet goed verdeeld.Daarom is voor de vei-ligheid met een ver-laagd toerental of hele-maal niet gecentrifu-geerd.Doe daarom altijd grote én kleinestukken in de trommel.Door grote, opgeroldestukken wasgoed raaktde automaat in onba-lans.Voor de veiligheid wordt niet ge-centrifugeerd.

De aanloop totcentrifugeren wordt echter zolang herhaald totdat de centrifu-geertijd is afgelopen.De automaat blijfttijdens het centri-fugeren niet sta-biel staan.De vier machinevoetenzijn mogelijk niet goedafgesteld.Zorg dat het apparaat stabielstaat (zie in het hoofdstuk "Plaat-sen en aansluiten" de rubriek"Stellen" ).Meegevende plankenkunnen het geluid ende instabiliteit van deautomaat versterken.Zie in het hoofdstuk "Plaatsen enaansluiten" de rubriek "Plaats vanopstelling".Nuttige tips37

Vuldeur openen bij verstopteafvoer en/of stroomstoring^Zet de programmaschakelaar op "rEinde".^Maak het klepje naar de afvoer open....bij een uitvoering met afvoerpompAls de afvoer verstopt is, bevindt zichmogelijk nog veel water in de automaat(maximaal 30 l).,Wees voorzichtig als u zojuist opeen hoge temperatuur heeft gewas-sen. U kunt zich dan branden!^Zet een geschikte bak onder deslang.^Draai het pluizenfilter los door het 2-3slagen te draaien (zie afbeelding).Draai het filter er helemaal uit.niet Laat de machine helemaal leeglopen.Als er veel water in zit, moet u de pro-cedure mogelijk herhalen. Om de wa-terafvoer te onderbreken, draait u hetpluizenfilter weer dicht!Nuttige tips38

Als er geen water meer uitstroomt:^Draait u het filter er helemaal uit.^Reinig het filter vervolgens grondig.^Controleer of de pompschoepvleugelgemakkelijk te draaien is. Zo niet,verwijder dan eventuele verontreini-gingen en vreemde voorwerpen(knopen, munten, etc.) en reinig hetfilterhuis.^Plaats het pluizenfilter terug en draaihet weer vast.,Als u het pluizenfilter niet terug-plaatst en vastdraait, zal er water uitde automaat stromen.,Wacht tot de trommel stilstaatvoordat u de was uit de automaathaalt. U kunt zich verwonden als uuw hand in de nog draaiende trom-mel steekt.^Trek de noodontgrendeling met desteel van een lepel omlaag. De deurgaat nu open.Nuttige tips39

...bij een uitvoering met afvoerklep^Druk de hendel voor de noodafvoernaar beneden en houd deze vast tot-dat er geen water meer uit de auto-maat komt.,Wacht tot de trommel stilstaatvoordat u de was uit de automaathaalt. U kunt zich verwonden als uuw hand in de nog draaiende trom-mel steekt.^Trek de noodontgrendeling met desteel van een lepel omlaag. De deurgaat nu open.Nuttige tips40

Schakel voor reparaties altijd de Tech-nische Dienst van Miele Nederland B.V.in. De adressen en telefoonnummersvindt u op de achterkant van deze ge-bruiksaanwijzing.Voor een goede en vlotte afhandelingmoet de Technische Dienst het type enserienummer van uw apparaat weten.Beide gegevens vindt u op het type-plaatje boven aan de binnenkant vande deur.Technische Dienst41

Het apparaat plaatsenPlaats van opstellingEen betonnen vloer is de meest ge-schikte ondergrond, omdat de auto-maat hierop minder snel gaat schud-den tijdens het centrifugeren. Op eenhouten of anderszins "zachte" vloer zaldit eerder gebeuren.Let op het volgende:^Zet de automaat waterpas en stabielneer.,Plaats de automaat niet vlak bijof boven een open waterafvoerka-naal of -goot. Binnendringend vochtkan beschadiging van elektrischeonderdelen tot gevolg hebben.^Zet de automaat niet op zachte vloer-bedekking, anders gaat de machinetijdens het centrifugeren schudden.Als u de automaat op een houten vloerplaatst:^Zet de automaat op een triplex-plaat(minimaal 70 x 60 x 3 cm).

Dezeplaat moet aan zoveel mogelijk bal-ken in de vloer worden vastge-schroefd, niet alleen aan planken opde vloer.Plaats het apparaat zo mogelijk in eenhoek, omdat het daar het stabielststaat.,Bij sokkelopstelling demoeten bijgevoegde spanstrips worden ge-bruikt, zodat het apparaat tijdens hetcentrifugeren niet kan wegglijden(zie de rubriek "Plaatsing op eensokkel").Volg de aanwijzingen in de bijge-voegde montagehandleiding.Zo stelt u de automaat opTransporteer de automaat naar deplaats van opstelling.Let op het volgende:^Til de automaat nooit bij de deur op.,De machinevoeten en de onder-grond moeten droog zijn, omdat deautomaat anders gaat glijden tijdenshet centrifugeren.Plaatsen en aansluiten43

Transportbeveiliging verwijderenADraai de linker transportstang 90°.BDraai de rechter transportstang 90°.CVerwijder de beide stangen en hetsteunprofiel (zie afbeelding).DSluit de gaten af met de bijgevoegdekapjes.Zonder transportbeveiliging mag hetapparaat niet worden getransporteerd.Bewaar de transportbeveiliging. Udient deze weer te monteren voordatu het apparaat verplaatst (bijvoor-beeld bij een verhuizing).Plaatsen en aansluiten44

StellenOm optimaal te kunnen functioneren,moet de wasautomaat waterpas staan.Met de machinevoeten kunt u het appa-raat waterpas zetten. Bij levering zijn demachinevoeten helemaal naar binnengedraaid.De machinevoeten en de contramoe-ren losdraaien^Kantel het apparaat een klein beetje.Zorg dat het apparaat zo blijft staan,bijvoorbeeld door er een stevig stukhout onder te zetten.,Zorg dat het apparaat niet weg-glijdt. U kunt zich anders verwon-den.^Draai de te stellen machinevoet 1met de contramoer naar links toe2 los. Gebruik hiervoor een schroeven-draaier (zie afbeelding).^Zet het apparaat weer op alle voeten.^Controleer met een waterpas of hetapparaat goed staat.^Houd de voet met een waterpomp-1 tang vast en draai de contramoer 2met een schroevendraaier naarrechts.

De moer moet stevig tegende behuizing zitten.,Draai de vier contramoeren alle-maal stevig tegen de behuizing.Controleer ook de voeten die bij hetstellen niet zijn losgedraaid. Andersbestaat het gevaar dat het apparaatniet op zijn plaats blijft staan.Plaatsen en aansluiten45

aToevoerslang voor koud water– blauw gestreept –(zie "Wateraansluiting")bToevoerslang voor warm water– rood gestreept–(zie "Wateraansluiting")cElektrische aansluiting(zie volgende bladzijde)dMuntkast (op aanvraag)eBedieningspaneel met informatiefAfvoerslang bij afvoerpomp(zie "Wateraansluiting")gAfvoerslang bij afvoerklep(zie "Wateraansluiting")hBetonnen sokkel, ter plaatse te bou-wen. Wanneer deze niet aanwezig is,kunt u een stalen onderbouw bijMiele Nederland B.V.

bestellen (letop een goede aansluiting met devloer).iZeskantige moer M 10jSpanstripkSchroeven, ringetjes, pluggen 8 x 40Bij plaatsing op een zwevende vloermoet het benodigde bevestigings-materiaal (pluggen en schroeven)worden aangeschaft.Was-droogzuilOp de wasautomaat kan een Miele-droogautomaat worden geplaatst, hier-voor is een tussenstuk* nodig.MuntautomaatDeze wasautomaat kan worden voor-zien van een muntkast*.Bij een was-droogzuil is een muurcon-sole nodig (bij de muntkast zijn deinstallatie- en aansluitingsinstructies bij-gevoegd).De wasautomaat kan ook worden aan-gesloten op een al bestaande munt-kast. Daarvoor is een speciale aansluit-kabel* nodig.Hiervoor moet de automaat worden ge-herprogrammeerd.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Miele WS 5436 MC 13 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden