Miele WMH 122 Handleiding

Miele Wasmachine WMH 122

Bekijk gratis de handleiding van Miele WMH 122 (108 pagina’s), behorend tot de categorie Wasmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 149 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Miele WMH 122 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/108
Gebruiksaanwijzing
Wasautomaat
Lees de gebruiksaanwijzing voordat u uw apparaat plaatst, in-beslist
stalleert en in gebruik neemt. Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt
schade aan uw apparaat.
nl-NLM.-Nr. 10 656 610

Beoordeel deze handleiding

4.6/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Miele
Categorie: Wasmachine
Model: WMH 122

Foutcodes Miele WMH 122

Foutcodes uit de officiële handleiding, met betekenis en oplossing.

Code Betekenis Oplossing
F Er is sprake van een defect 1. Maak de wasautomaat spanningsvrij door de stekker uit het stopcontact te trekken of de hoofdschakelaar van de huisinstallatie uit te schakelen. 2. Wacht minstens 2 minuten voordat u de wasautomaat weer op het elektriciteitsnet aansluit. 3. Schakel de wasautomaat weer in. 4. Start het programma nog een keer. 5. Verschijnt dezelfde foutmelding, neem dan contact op met Miele.

Handleiding Miele WMH 122 – volledige tekst

Inhoud2 Een bijdrage aan de bescherming van het milieu. 6 Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 7 Bediening van de wasautomaat. 14 Bedieningspaneel. 14 Programmaduur. 15 Voorprogrammering. 15 Basisdisplay. 16 Voorbeelden voor de bediening. 16 Ingebruikneming van het apparaat. 17 Dispensers in het apparaat plaatsen. 17 Displaytaal instellen. 19 Transportbeveiliging verwijderen. 19 Een programma starten om het apparaat te kalibreren. 20 TwinDos. 21 Tips om energie en water te besparen. 22 EcoFeedback. 23 1. Het wasgoed onder de loep. 24 2. Programma kiezen. 25 3. Trommel vullen. 26 4. Programma-instellingen kiezen. 27 5. Wasmiddel doseren. 29 TwinDos. 29 Wasmiddellade. 30 Capsuledosering. 31 6. Programma starten - Einde van het programma. 33 Centrifugeren. 34 Voorprogrammering. 36 Kiezen. 36 Wijzigen. 36 Wissen en het wasprogramma direct starten. 36 Programma-overzicht.

Inhoud3 Opties. 42 Programmamanager. 42 Intensief. 42 ECO. 42 Extra behoedzaam. 42 Extra stil. 42 AllergoWash. 42 Kort. 43 Extra water. 43 Vlekken. 43 Overzicht wasprogramma's - Programmamanager. 44 Programmaverloop. 46 Programmaverloop wijzigen. 49 Afbreken. 49 Onderbreken. 49 Wijzigen. 49 Trommel bijvullen of wasgoed voortijdig verwijderen. 50 Textielbehandelingssymbolen. 52 Wasmiddelen. 53 Het juiste wasmiddel. 53 Wateronthardingsmiddel. 53 Doseerhulp. 53 Middelen voor het nabehandelen van het wasgoed. 53 Aanbevelingen voor Miele-wasmiddelen. 54 Wasmiddeladviezen conform verordening (EU) Nr. 1015/2010. 55 Reiniging en onderhoud. 58 Trommel reinigen Hygiëne-info. 58 Ommanteling en bedieningspaneel reinigen. 58 Wasmiddellade reinigen. 58 Reiniging TwinDos. 60 Reinigingsprogramma starten. 60 Vakken reinigen. 60 Watertoevoerzeefje reinigen. 61.

Inhoud4 Wat moet u doen, wanneer. 62 Hulp bij problemen. 62 Het lukt niet om een wasprogramma te starten. 62Het programma is afgebroken en in het display verschijnt de volgende storingsmelding:. 63 In het display verschijnt een melding na afloop van het programma. 64 In het display verschijnt een melding over het TwinDos systeem. 66 Problemen met TwinDos. 67 Algemene problemen met de wasautomaat. 68 Een tegenvallend wasresultaat. 70 De deur kan niet open. 71 Deur openen bij verstopte afvoer en/of stroomuitval. 72 Afdeling Klantcontacten. 74 Reparaties. 74 Garantietermijn en garantievoorwaarden. 74 Na te bestellen accessoires. 74 Plaatsen en aansluiten. 75 Het apparaat aan de voorkant. 75 Het apparaat aan de achterkant. 76 Plaats van opstelling. 77 Wasautomaat plaatsen. 77 Transportbeveiliging verwijderen. 77 Transportbeveiliging monteren. 79 Wasautomaat stellen.

Een bijdrage aan de bescherming van het milieu6Het verpakkingsmateriaalDe verpakking beschermt het apparaattegen transportschade. Het verpak-kingsmateriaal is uitgekozen met hetoog op een zo gering mogelijke belas-ting van het milieu en de mogelijkhedenvoor recycling.Door hergebruik van verpakkingsmateri-aal wordt er op grondstoffen bespaarden wordt er minder afval geproduceerd.Uw vakhandelaar neemt de verpakkingin het algemeen terug.Het afdanken van een apparaatOude elektrische en elektronische ap-paraten bevatten meestal waardevollematerialen. Ze bevatten ook stoffen,mengsels en onderdelen die nodig zijngeweest om de apparaten goed en vei-lig te laten functioneren. Wanneer u uwoude apparaat bij het gewone huisafvaldoet of er niet goed mee omgaat, kun-nen deze stoffen schadelijk zijn voor degezondheid en het milieu.

Doe uw oudeapparaat daarom nooit bij het gewoneafval.Lever het apparaat in bij een gemeente-lijk inzameldepot voor elektrische enelektronische apparatuur, bij uw vak-handelaar of bij Miele. U bent wettelijkzelf verantwoordelijk voor het wissenvan eventuele persoonlijke gegevens ophet af te danken apparaat. Bewaar hetafgedankte apparaat buiten het bereikvan kinderen.

Veiligheidsinstructies en waarschuwingen7Dit apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsvoorschriften.Ondeskundig gebruik echter kan persoonlijk letsel en schade aanhet apparaat veroorzaken.Lees de gebruiksaanwijzing daarom eerst aandachtig door voordatu uw apparaat voor het eerst gebruikt. Hierin vindt u belangrijke in-structies met betrekking tot de veiligheid, het gebruik en het on-derhoud. Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt onnodige schadeaan het apparaat.

Bewaar deze gebruiksaanwijzing en geef deze door aan een even-tuele volgende eigenaar.Efficiënt gebruik Deze wasautomaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk ofdaarmee vergelijkbaar gebruik. Deze wasautomaat is uitsluitend bestemd voor gebruik binnens-huis. Deze wasautomaat is uitsluitend bestemd voor het wassen vantextiel dat volgens de aanwijzingen van de fabrikant op het onder-houdsetiket in de wasautomaat mag worden gewassen. Gebruikvoor andere doeleinden kan gevaarlijk zijn.

De fabrikant is niet ver-antwoordelijk voor schade die wordt veroorzaakt door een ander ge-bruik dan hier aangegeven of door een foutieve bediening. Personen die op grond van hun fysieke of psychische gesteldheid,hun onervarenheid of gebrek aan kennis van dit apparaat niet instaat zijn om het veilig te bedienen, mogen het alleen gebruiken alsze onder toezicht staan van of worden geïnstrueerd door een verant-woordelijk persoon.

Veiligheidsinstructies en waarschuwingen8Wanneer er kinderen in huis zijn Kinderen onder de acht jaar mogen alleen in de buurt van de was-automaat komen als ze constant onder toezicht staan. Kinderen vanaf acht jaar mogen de wasautomaat alleen dan zon-der toezicht gebruiken, als ze weten hoe ze het apparaat veilig moe-ten bedienen en als ze weten wat voor gevaar zij lopen wanneer zehet niet goed bedienen. Kinderen mogen de wasautomaat niet zonder toezicht reinigen ofonderhouden. Zijn er kinderen in de buurt van de wasautomaat, houd ze dangoed in de gaten en zorg ervoor dat ze er niet mee gaan spelen.Technische veiligheid Volg de aanwijzingen in de hoofdstukken: "Plaatsen en aansluiten"en "Technische gegevens". Controleer vóórdat het apparaat wordt geplaatst, of het zichtbaarbeschadigd is.

Een beschadigde wasautomaat mag niet worden ge-plaatst en niet in gebruik worden genomen. Vergelijk vóórdat u de wasautomaat aansluit de aansluitgegevens(zekering, spanning en frequentie) op het typeplaatje met die van hetelektriciteitsnet. Deze moeten beslist overeenkomen. Raadpleeg bijtwijfel een elektricien. De wasautomaat kan alleen betrouwbaar en veilig functioneren,als hij op het openbare elektriciteitsnet is aangesloten.

Veiligheidsinstructies en waarschuwingen9 De elektrische veiligheid van de wasautomaat is uitsluitend ge-waarborgd als deze wordt aangesloten op een aardingssysteem datvolgens de geldende veiligheidsvoorschriften is geïnstalleerd. Laatde huisinstallatie bij twijfel door een vakman / vakvrouw inspecteren.Miele kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die het ge-volg is van een ontbrekende of beschadigde aarddraad. De wasautomaat mag niet met een verlengsnoer, een stekkerdoosof iets dergelijks op het elektriciteitsnet worden aangesloten in ver-band met gevaar voor oververhitting. Defecte onderdelen mogen alleen door originele Miele-onderdelenworden vervangen.

Alleen van deze Miele-onderdelen kunnen wij ga-randeren, dat zij volledig voldoen aan de veiligheidseisen die wij aanonze producten stellen. Zorg ervoor dat u altijd bij de stekker kunt komen om de spanningvan de wasautomaat te halen. Reparaties aan de wasautomaat mogen alleen door vakmensenvan Miele worden uitgevoerd. Ondeskundig uitgevoerde reparatieskunnen onvoorziene risico's voor de gebruiker opleveren, waarvoorMiele niet aansprakelijk kan worden gesteld. Wanneer de aansluitkabel is beschadigd, moet de kabel door eenerkend vakman / vakvrouw worden vervangen.

Veiligheidsinstructies en waarschuwingen10 Wanneer er een storing wordt verholpen en wanneer de wasauto-maat wordt gereinigd en onderhouden mag er geen elektrischespanning op de wasautomaat staan.

Dat is het geval, als aan éénvan de volgende voorwaarden is voldaan: – als de stekker uit de contactdoos is getrokken of – als de desbetreffende zekering van de huisinstallatie is uitgescha-keld of – als de hoofdschakelaar van de huisinstallatie is uitgeschakeld. Het Miele waterbeveiligingssysteem beschermt tegen waterscha-de, als aan de volgende voorwaarden is voldaan: – als water en elektriciteit op de juiste wijze zijn aangesloten – en als de wasautomaat in geval van schade onmiddellijk wordtgerepareerd. De waterdruk moet ten minste 100 kPa bedragen, maar mag de1.000 kPa niet overschrijden. Deze wasautomaat mag niet op een niet-stationaire locatie (bijv.op een schip) worden gebruikt. Breng geen wijzigingen aan de wasautomaat aan die niet uitdruk-kelijk door Miele zijn toegestaan.

Veiligheidsinstructies en waarschuwingen11Nog meer aanwijzingen voor het gebruik Plaats uw wasautomaat niet in vorstgevoelige ruimten. Bevrorenslangen kunnen scheuren of barsten en de betrouwbaarheid van deelektronische besturing kan door temperaturen onder het vriespuntafnemen. Verwijder voordat u de wasautomaat in gebruik neemt de trans-portbeveiliging aan de achterzijde van het apparaat. Zie hoofdstuk:"Plaatsen en aansluiten", paragraaf: "Transportbeveiliging verwijde-ren". Wanneer u de transportbeveiliging niet verwijdert, kan dat bijhet centrifugeren schade veroorzaken aan uw wasautomaat en aande meubels / apparaten die ernaast staan. Sluit de kraan af als u langere tijd afwezig bent (bijv.

tijdens vakan-ties), zeker als er zich in de buurt van de wasautomaat geen afvoer inde vloer bevindt, bijvoorbeeld een putje. Denk eraan dat er water kan overstromen.Controleer daarom vóórdat u de waterafvoerslang in een wastafel ofwasbak hangt, of het water snel genoeg wegstroomt. Zorg er daar-om ook voor dat de afvoerslang niet weg kan glijden. Wanneer deslang niet goed vastzit kan deze door de kracht van het wegstro-mende water uit de wastafel of wasbak worden gedrukt. Let erop dat u voorwerpen zoals spijkers, naalden, munten en pa-perclips niet meewast. Deze kunnen namelijk onderdelen van dewasautomaat beschadigen (bijv. kuip, wastrommel). Beschadigdeonderdelen kunnen op hun beurt weer schade aan het wasgoed ver-oorzaken.

Veiligheidsinstructies en waarschuwingen12 Wees voorzichtig bij het openen van de deur wanneer u de stoom-functie heeft gebruikt. U loopt het risico zich te verbranden door vrij-komende stoom en door hoge temperaturen van hettrommeloppervlak en het glas. Doe een stapje terug en wacht totdatde stoom is weggetrokken. De maximale beladingscapaciteit bedraagt 9 kg (droog wasgoed),maar sommige programma's hebben een lagere beladingscapaciteit.Zie hoofdstuk: "Programma-overzicht". Als u het wasmiddel op de juiste manier doseert, is het niet nodigdat u de wasautomaat ontkalkt. Mocht dat toch nodig zijn, gebruikdaar dan een speciaal ontkalkingsmiddel voor op basis van natuurlijkcitroenzuur. Miele adviseert het Miele-ontkalkingsmiddel. Dit is ver-krijgbaar op internet onder www.miele-shop.nl, bij uw Miele-vakhan-delaar of bij Miele Nederland.

Volg de adviezen voor het gebruik vanontkalkingsmiddelen strikt op. Wasgoed dat met oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen isbehandeld, moet eerst grondig in helder water worden uitgespoeld,vóórdat het in de wasautomaat wordt gewassen. Gebruik in deze wasautomaat nooit oplosmiddelhoudende reini-gingsmiddelen zoals wasbenzine. Dit om te voorkomen dat onderde-len van het apparaat beschadigd raken, dat er giftige dampen ont-staan, dat er brand uitbreekt of zich een explosie voordoet. Zorg ervoor dat ook het oppervlak van de wasautomaat nooit inaanraking komt met een oplosmiddelhoudend reinigingsmiddel zoalswasbenzine. Dit om beschadigingen aan het kunststof oppervlak tevoorkomen. Wilt u textielverf in de wasautomaat gebruiken, kies dan textielverfdie daar geschikt voor is, gebruik niet meer verf dan strikt nodig isen neem de aanwijzingen van de textielverffabrikant precies in acht.

Veiligheidsinstructies en waarschuwingen13 Ontkleuringsmiddelen kunnen door hun chemische samenstellingcorrosie veroorzaken en mogen daarom niet in de wasautomaat wor-den gebruikt. Komt er vloeibaar wasmiddel in de ogen terecht, spoel de ogendan met veel water schoon. Wordt dit middel per ongeluk ingeslikt,neem dan direct contact op met een arts. Personen die een gevoeli-ge of beschadigde huid hebben, kunnen het vloeibaar wasmiddelmaar beter niet aanraken.Accessoires Alleen originele Miele-accessoires mogen worden aan- of inge-bouwd. Worden er andere accessoires aan- of ingebouwd, dan kanMiele niet voor de gevolgen instaan en kan er geen beroep meerworden gedaan op bepalingen met betrekking tot garantie en pro-ductaansprakelijkheid. Droog- en wasautomaten van Miele kunnen als was-droogzuilworden geplaatst. Hiervoor is een specifiek tussenstuk (WTV) nodigdat kan worden nabesteld.

Let erop dat het tussenstuk bij uw Miele-droogautomaat en Miele-wasautomaat past. Wilt u een Miele-sokkel plaatsen, dan kunt u deze nabestellen. Leter dan wel op dat de sokkel bij uw wasautomaat past.Worden de veiligheidsinstructies en waarschuwingen niet opge-volgd, dan kan Miele niet aansprakelijk worden gesteld voor scha-de die daarvan het gevolg is.

Bediening van de wasautomaat14BedieningspaneelaDisplay met sensortoetsenNadere bijzonderheden over het dis-play kunt u op de volgende bladzij-den vinden.bStart/Stop - toetsMet deze toets kunt u het gekozenwasprogramma starten en een ge-start programma afbreken.cTemperatuurtoetsMet deze toets kunt u de gewenstetemperatuur instellen.dToets CentrifugetoerentalMet deze toets kunt u het gewenstecentrifugetoerental instellen.eToets VoorprogrammeringMet deze toets kunt u het door u ge-kozen programma later laten begin-nen.fOptietoetsenMet deze toetsen kunt u (een) optie(s)in- of uitschakelen.gProgrammakeuzeschakelaarMet deze schakelaar kunt u een was-programma kiezen.hOptische interface PCOp deze plaats kunnen de technicide wasprogramma's controleren, up-daten en in het geheugen van dewasautomaat opslaan.i - toetsMet deze toets kunt u de wasauto-maat in- en uitschakelen.De wasautomaat wordt in het kadervan de energiebesparing 15 minutenna afloop van het programma / dekreukbeveiliging automatisch uitge-schakeld.

Bediening van de wasautomaat15jSensortoets Hiermee kunt u in een lijst naar be-neden gaan en waarden verlagen.kSensortoets OKHiermee kunt u een gekozen tekst ofwaarde bevestigen en een submenuopenen.lSensortoets Hiermee kunt u in een lijst naar bo-ven gaan en waarden verhogen.mSensortoets Dos Hiermee kunt u de automatischewasmiddeldosering inschakelen.nSensortoets Cap Hiermee kunt u de capsuledoseringvia de wasmiddellade inschakelen.oSensortoets EcoFeedbackHiermee kunt u informatie opvragenover het energie- en waterverbruikvan het gekozen programma.

Zieook het hoofdstuk: "Tips om energieen water te besparen", paragraaf:"EcoFeedback".De sensortoetsen tot en met gaan branden, zodra het display via de sen-sortoetsen kan worden bediend.ProgrammaduurWanneer u een programma start zondergebruik te maken van de voorprogram-mering, geeft het display in uren en mi-nuten aan hoelang het programmawaarschijnlijk gaat duren.Wanneer u een programma start metvoorprogrammering, geeft het displaypas na afloop van de voorgeprogram-meerde tijd aan hoelang het programmagaat duren.VoorprogrammeringWanneer u een programma start metvoorprogrammering, geeft het displayeerst de voorgeprogrammeerde tijd aan,d.w.z.

geeft aan hoelang het nog duurtvoordat het gekozen programma begint.Nadat het programma is gestart, wordtde voorgeprogrammeerde tijd in hetdisplay afgeteld.Na afloop van de voorgeprogram-meerde tijd start het programma auto-matisch en geeft het display aan hoe-lang het programma vermoedelijk gaatduren.

Bediening van de wasautomaat16BasisdisplayHet display geeft van links naar rechtshet volgende aan: 2:59  1600 – De programmaduur – De gekozen wastemperatuur – Het gekozen centrifugetoerentalVoorbeelden voor de bedieningScrollen door een keuzemenuDe pijlen in het display geven aan dateen keuzemenu ter beschikking staat.Taal  Door het aantippen van sensortoets loopt u in het menu naar beneden endoor het aantippen van sensortoets loopt u in het menu naar boven. Doorhet aantippen van sensortoets be-OKvestigt u uw keuze in het display.Markering van het ingestelde menu-puntCap   Zodra een menupunt in een keuzemenuwordt ingesteld, wordt dat met een vin-kje aangegeven.Waarden verlagen of verhogen Start over h00 :00De waarde die kan worden gewijzigd, iswit gemarkeerd. Door het aantippen vansensortoets verlaagt u de waarde endoor het aantippen van sensortoets verhoogt u de waarde.

Ingebruikneming van het apparaat17Dispensers en bochtstuk uit detrommel verwijderenIn de trommel liggen twee dispensersmet wasmiddel voor de automatischewasmiddeldosering en een bochtstukvoor de afvoerslang. Open de deur. Neem de beide dispensers en hetbochtstuk uit het apparaat. Zwaai de deur dicht.Dispensers in het apparaatplaatsenDe verwijderde dispensers vormen het2-fasen-systeem van Miele, dat bestaatuit:1. UltraPhase 1 (basiswasmiddel)2. UltraPhase 2 (reinigingsversterker)De dispensers zijn wegwerpproduc-ten. Nieuwe dispensers kunt u verkrij-gen bij de Miele-shop of bij de Miele-vakhandelaar. Lege dispensers moe-ten bij het huisvuil worden gegooid. Verwijder de dop van de dispensers.

Ingebruikneming van het apparaat18 Druk op het klepje voor het gedeeltemet de TwinDos-reservoirs.Het klepje springt open. Open het klepje helemaal. Schuif de dispensers voorUltraPhase 1 vak in  en voorUltraPhase 2 vak in , totdat devergrendeling vastklikt.TwinDos is klaar voor gebruik.Beschermfolie en sticker ver-wijderen Verwijder – de beschermfolie van de deur – en alle stickers van de voorkant envan het bovenblad (indien aanwezig). Stickers die u na het openen vande deur ziet zitten, bijv. het type-plaatje, mag u niet verwijderen.Iedere wasautomaat wordt in de fa-briek op zijn werking getest. Het ismogelijk dat er als gevolg van dezetests wat water in de trommel achter-blijft.

Ingebruikneming van het apparaat19 Controleer voordat u uw wasau-tomaat voor het eerst gebruikt of hetapparaat volgens de regels is ge-plaatst en aangesloten. Zie hoofd-stuk: "Plaatsen en aansluiten".Wasautomaat inschakelen Druk op de - toets.Het startdisplay licht op.Displaytaal instellenIn het display verschijnt nu een schermdat u vraagt om de taal in te stellen dieu in het display wilt hebben. U kunt dedisplaytaal echter ook altijd wijzigen viamenu "Instellingen".deutsch  Loop met de sensortoetsen en  door de talen, totdat de gewenstetaal in het display verschijnt. Bevestig de gekozen taal met sensor-toets .OKTransportbeveiliging verwijde-renIn het display verschijnt een tekst om uaan het verwijderen van de transportbe-veiliging te herinneren.

Ingebruikneming van het apparaat20Een programma starten om hetapparaat te kalibrerenU bereikt het optimale water- enstroomverbruik en het beste wasresul-taat alleen als de wasautomaat gekali-breerd is.In het display verschijnt de volgendemelding:Open  en start Katoen 90 °C zonderwasgoed. Tip sensortoets zo vaak aan totdatu alle regels van de tekst gelezenheeft.Sensortoets licht op.OK Tip sensortoets aan en bevestigOKzo de tekst.Daarvoor het programma dient u Ka-toen 90 °C zonder wasgoed en zonderwasmiddel te starten.Pas na de kalibratie kan een ander pro-gramma gestart worden. Draai de kraan open. Draai de programmakeuzeschakelaarop .Katoen 1:55 90°C 1600 Druk op de -toets.Start/StopHet programma voor de kalibratie vande wasautomaat is gestart. Het pro-gramma duurt ca.

2 uur.Een melding in het display geeft aan dathet programma beëindigd is:Inbedrijfstelling beëindigd Pak de deur vast en trek deze open.Tip: Laat de deur op een kiertje open,zodat de trommel kan drogen. Schakel de wasautomaat met de -toets uit.

TwinDos21Deze wasautomaat is uitgerust met eengeïntegreerde wasmiddeldoseereen-heid.TwinDos kan op twee manieren gebruiktworden:1. met het 2-fasen-systeem van Mieleof2. met willekeurige vloeibare wasmidde-len en / of wasverzachters2-fasen-systeem van MieleHet 2-fasen-systeem van Miele werktmet een basiswasmiddel (UltraPhase 1)en een reinigingsversterker (UltraPhase2). Deze beide middelen worden vooreen optimaal wasresultaat op verschil-lende tijdstippen tijdens het wasprocesgedoseerd. Met het 2-fasen-systeemwordt wit en bont wasgoed grondig ge-reinigd. UltraPhase 1 en UltraPhase 2zitten in dispensers die niet kunnenworden hergebruikt en zijn verkrijgbaarvia de Miele-shop of bij de Miele-vak-handelaar.Vloeibaar wasmiddel / WasverzachterU heeft na te vullen TwinDos reservoirsnodig voor vloeibaar wasmiddel en/ofwasverzachter.

Deze reservoirs kunt uvia de Miele-shop of bij de Miele-vak-handelaar verkrijgen.Hoe werkt TwinDos?Via sensortoets wordt de auto-Dos matische wasmiddeldosering voor eenwasbeurt ingeschakeld.Tip: De wasautomaat is standaard voorhet 2-fasen-systeem van Miele voorwaterhardheid II ( ) geprogrammeerd.U hoeft de instellingen alleen te wijzigenals u een ander wasmiddel wilt gebrui-ken of als er sprake is van een anderewaterhardheid.Overige informatie vindt u in het hoofd-stuk "Instellingen" onder "TwinDos".De automatische dosering kan niet altijdworden ingeschakeld. Is bijv. het 2-fa-sen-systeem in gebruik en wilt u eenwolprogramma draaien, dan kan er nietautomatisch worden gedoseerd. Daar-mee wordt voorkomen dat het wollentextiel beschadigd raakt door wasmid-del dat niet voor wol geschikt is.

Tips om energie en water te besparen22Energie- en waterverbruik – Maak bij ieder programma dat u kiestgebruik van de maximale beladings-capaciteit van de trommel.Het energie- en waterverbruik is dan,vergeleken met de totale hoeveelheidwasgoed, het laagst. – Bedenk dat het apparaat dankzij debeladingsautomaat bij een geringebelading minder water en energieverbruikt. – Gebruik het programma Express 20voor kleinere hoeveelheden was-goed. – Moderne wasmiddelen maken hetmogelijk om met lagere temperaturente wassen, bijv. met . Maak ge-20°Cbruik van deze mogelijkheid. – Voor de hygiëne in de wasautomaatadviseren wij u om zo nu en dan eenprogramma met een temperatuur vanmeer dan 60°C te starten. Met demelding in het displayHygiëne Infoherinnert de wasautomaat u daaraan.Gebruik van wasmiddelen – Gebruik voor het doseren van deexacte hoeveelheid wasmiddel deautomatische wasmiddeldosering.

– Controleer bij het doseren van hetwasmiddel hoe vuil het wasgoed is. – Gebruik hoogstens zoveel wasmiddelals op de wasmiddelverpakking staataangegeven.Tip voor machinaal drogenWilt u het wasgoed na afloop in dedroogautomaat drogen, kies dan hethoogste centrifugetoerental dat voor ditwasgoed mogelijk is.

Tips om energie en water te besparen23EcoFeedbackVia sensortoets EcoFeedback krijgt uinformatie over het energie- en water-verbruik van uw wasautomaat.Het display geeft u de volgende infor-matie: – Een verbruiksprognose van het ener-gie- en waterverbruik vóór de startvan het programma. – Tijdens het programmaverloop of naafloop van het programma verschij-nen het werkelijke energie- en water-verbruik.1.

Prognose Tip na het kiezen van een programmasensortoets EcoFeedback aan.Er verschijnt een balkdiagram waarmeeeen prognose van het energieverbruikwordt gegeven.Energie           Tip sensortoets of aan voor een scherm met een balkdiagram, dat eenprognose van het waterverbruikgeeft.Water          Hoe meer balkjes ( ) te zien zijn, des tehoger het energie- of waterverbruik is.De prognose hangt af van het waspro-gramma, de temperatuur en de eventu-ele opties.Daarna springt het display automatischterug naar het basisscherm. U kuntdaarvoor ook sensortoets aantip-OKpen.2. Werkelijk verbruikTijdens het programmaverloop en na af-loop van het programma verschijnenhet werkelijke energie- en waterver-bruik. Tip sensortoets EcoFeedback aan.

Energie kWh0,9  Tip sensortoets of aan voor een scherm dat het werkelijke waterver-bruik aangeeft.Het verbruik verandert naarmate hetprogramma vordert.Deze gegevens springen terug naarde prognosegegevens, zodra dedeur wordt geopend of zodra het ap-paraat automatisch wordt uitgescha-keld.Tip: U kunt bij onder Ver-Instellingenbruik de verbruiksgegevens van hetlaatste wasprogramma bekijken.

1. Het wasgoed onder de loep24 Maak de zakken leeg. Voorwerpen zoals spijkers, mun-ten en paperclips kunnen wasgoeden onderdelen beschadigen.Controleer voordat u gaat wassen ofer voorwerpen in het wasgoed zitten.Zo ja, verwijder deze dan.Wasgoed sorteren Sorteer het wasgoed naar kleur ennaar de symbolen in het onder-houdsetiket, dat zich in de kraag of inde zijnaad bevindt.Tip: Donkergekleurd wasgoed geeft bijde eerste wasbeurten vaak iets af. Waslicht en donker wasgoed daarom apart.Vlekken voorbehandelen Verwijder vlekken als dat mogelijk iszodra ze ontstaan zijn. Neem de vlek-ken met een tissue af en wrijf ze erniet in.Tip: Tips voor het verwijderen vanthee-, koffie-, ei- en bloedvlekken kuntu vinden in de vlekkenwijzer opwww.miele.nl. Oplosmiddelhoudende reini-gingsmiddelen (bijv.

wasbenzine)kunnen kunststof onderdelen be-schadigen.Wanneer u het wasgoed van tevorenmet een oplosmiddelhoudend reini-gingsmiddel, bijv. wasbenzine, be-handelt, let er dan op dat het middelniet met kunststof onderdelen in aan-raking komt. Chemische (oplosmiddelhouden-de) reinigingsmiddelen kunnen zwareschade aan de wasautomaat veroor-zaken.Gebruik nooit dergelijke reinigings-middelen in de wasautomaat!Algemene tips – Verwijder bij vitrage de haakjes en hetloodband of wikkel de vitrage in eendoek. – Maak onderdelen van kleding die zijnlosgeraakt (bh-beugels) vast of ver-wijder ze. – Sluit ritsen, haakjes en oogjes. – Knoop bed- en kussenovertrekkendicht zodat er geen ander textiel interecht kan komen.Was geen textiel dat volgens het onder-houdsetiket niet in de wasautomaat kanworden gewassen (Symbool: ).

2. Programma kiezen25Wasautomaat inschakelen Druk op de - toets.ProgrammakeuzeA. Programmakeuze via de program-makeuzeschakelaar Draai de programmakeuzeschakelaarop het gewenste programma.In het display verschijnt de beladings-capaciteit van het gekozen programma.Daarna springt het display weer terugnaar het basisscherm.B. Programmakeuze via stand "Overi-ge programma's" en display: Draai de programmakeuzeschakelaarop .Overige programma'sIn het display staat:Automatic extra  Loop met sensortoets of door de programma's, totdat het gewensteprogramma in het display staat. Bevestig het gekozen programmamet sensortoets .OKHet display geeft de maximale bela-dingscapaciteit van het ingestelde pro-gramma aan. Tevens geeft het displayde parameters aan die eventueel bij ditprogramma al waren ingesteld.

3. Trommel vullen26Deur openen Trek de deur bij de greep open.Controleer of er zich dieren of voor-werpen in de trommel bevinden,voordat u het wasgoed erin stopt.Bij een maximale belading is het ener-gie- en waterverbruik, vergeleken metde totale hoeveelheid wasgoed, hetlaagst. Wordt de maximale beladings-capaciteit overschreden, dan vallen dewasresultaten tegen en gaat het was-goed sneller kreuken. Leg de was uitgevouwen en losjes inde trommel.Leg wasgoed van verschillende groot-te in de trommel. Daardoor wordt eenbeter wasresultaat bereikt en kan hetwasgoed zich tijdens het centrifugerenbeter verdelen.Tip: Gebruik de maximale belading. De-ze wordt in het display aangegeven.Deur sluiten Let erop dat er niets tussen deur enmanchet beklemd raakt. Zwaai de deur dicht.

4. Programma-instellingen kiezen27VuilgraadLicht vervuildEr zijn geen vuile vlekken te zien, maarde kledingstukken ruiken niet meer zofris.Normaal vervuildEr zijn lichte vlekken te zien.Sterk vervuildEr zijn donkere vlekken te zien.In het display staat:VuilgraadIn het display verschijnt nu automatischeen scherm dat u vraagt het volgendein te stellen. Normaal    Kies met de sensortoetsen en  de vuilgraad en bevestig uw keuzemet sensortoets .OKAfhankelijk van de ingestelde vuilgraadworden aangepast: – de hoeveelheid wasmiddel bij auto-matische dosering; – het programmaverloop. Bij de vuil-graad wordt in enkele program-Sterkma's automatisch een voorwas toe-gevoegd. Zie hoofdstuk: "Opties". – de hoeveelheid spoelwater; – de programmaduur (bij licht vervuildwasgoed duurt het programma kor-ter).Bij het programma Express 20 kangeen vuilgraad gekozen worden.

Ex-press 20 is bedoeld voor licht vervuildwasgoed.Tip: U kunt een eerder ingestelde vuil-graad wijzigen en de vraag naar de vuil-graad uitschakelen. Zie hoofdstuk: "In-stellingen", paragraaf: "Vuilgraad".Temperatuur instellenU kunt een eerder ingestelde tempera-tuur van een wasprogramma wijzigen. Druk op de Temperatuur - toets.In het display verschijnt: Temperatuur  Verlaag, resp. verhoog de tempera-tuur met sensortoets , resp. sensor-toets en bevestig uw keuze metsensortoets .OK

4. Programma-instellingen kiezen28Centrifugetoerental instellenU kunt een eerder ingesteld toerentalvan een wasprogramma wijzigen. Druk op de toets .CentrifugetoerentalIn het display verschijnt: Toerental o/min1600 Verlaag, resp. verhoog het toerentalmet sensortoets , resp. sensortoets en bevestig uw keuze met sensor-toets .OKOpties instellen Druk op de toets voor de gewensteoptie.Het controlelampje van deze toets gaatbranden.Niet alle opties kunnen bij alle waspro-gramma's worden gekozen. Lukt het uniet om een optie in te stellen, dan isdeze voor het gekozen programmaniet van toepassing.Zie hoofdstuk: "Opties".VoorprogrammerenU kunt het door u gekozen programmalater laten starten: minimaal 15 minutenen maximaal 24 uur. Dat kunt u bijvoor-beeld doen om gebruik te maken vanhet nachttarief.Zie hoofdstuk: "Voorprogrammering".

5. Wasmiddel doseren29De wasautomaat biedt u verschillendemogelijkheden om wasmiddel te dose-ren.TwinDosAls u TwinDos voor het eerst gebruikt,wordt u op de fabrieksinstellingen vanTwinDos geattendeerd. In het displayverschijnt:UltraPhase 1+2 zijn ingest. voor gem. water-hardheid. Te wijzigen in "Instellingen"/"TwinDos" Tip sensortoets zo vaak aan totdatu alle regels gelezen heeft.Sensortoets licht op.OK Bevestig deze tekst met sensortoetsOK.Miele-2-fasen-systeemAfhankelijk van de kleur van het was-goed moeten Ultra Phase 1 enUltraPhase 2 in verschillende verhou-dingen gedoseerd worden.

Tip sensortoets aan.Dos voor wit wasgoed  Kies met de sensortoetsen en  de kleur van het wasgoed en bevestigde keuze met sensortoets .OKUltraPhase 1 en UltraPhase 2 wordenin de bijbehorende verhouding gedo-seerd.Vloeibaar wasmiddel / WasverzachterU kunt ook andere vloeibare wasmidde-len/wasverzachters gebruiken. Daar-voor heeft u na te vullen TwinDos reser-voirs nodig (bij te bestellen accessoi-res).De instellingen in de elektronica vande wasautomaat moeten daarvooraangepast worden. Zie hoofdstuk "In-stellingen" onder "TwinDos". Tip sensortoets aan.Dos Beide middelen  Bevestig de aangegeven variant metsensortoets of kies met de sen-OKsortoetsen en een ander was- middel of een andere wasverzachter.Tip: In het display verschijnen de was-middelen, die de voorkeur hebben.

Zijworden met een haakje ( ) gemar-keerd.Het wasmiddel en/of de wasverzachterwordt tijdens het wasproces gedoseerd.Gebruik van vlekkenzoutWilt u ook nog eens vlekkenzout dose-ren, dan kunt u dat op twee manierendoen. – Door zog. capsuleboosters te gebrui-ken – of door vlekkenzout in vakje in dewasmiddellade te gieten.

5. Wasmiddel doseren30WasmiddelladeTe weinig wasmiddel heeft tot gevolgdat – het wasgoed niet schoon en na ver-loop van tijd grauw en hard wordt; – er zich vetbolletjes in het wasgoedvormen; – er zich kalk op de verwarmingsele-menten vormt.Te veel wasmiddel heeft tot gevolg dat – er zich te veel schuim vormt, de was-werking daardoor gering is en de rei-nigings-, spoel- en centrifugeerresul-taten niet optimaal zijn; – er door een automatisch ingescha-kelde extra spoelgang meer waterwordt verbruikt; – het milieu extra wordt belast. Trek de wasmiddellade naar buiten endoseer het wasmiddel in de vakjes. Wasmiddel voor de voorwas. Doseervan de totale aanbevolen wasmiddel-hoeveelheid ⅓ in vakje en ⅔ in vak-je . Wasmiddel voor de hoofdwas /Wasverzachter of stijfsel en capsulesNadere bijzonderheden over wasmidde-len en de dosering daarvan vindt u inhet hoofdstuk: "Wasmiddelen".

5. Wasmiddel doseren32 Sluit het klepje en druk het stevigdicht. Sluit de wasmiddellade.De capsule gaat open zodra deze inde wasmiddellade is geplaatst.Wordt de capsule ongebruikt weeruit de wasmiddellade gehaald, dankan de inhoud eruit stromen.Gebruik de capsule niet meer engooi deze weg.De inhoud van een capsule wordt ophet juiste tijdstip toegevoegd.Het water stroomt bij capsuledose-ring uitsluitend via de capsule in hetvakje .Wanneer u een capsule gebruikt,mag u niet óók nog eens een was-verzachter in vakje doseren. Verwijder de capsule na afloop vanhet wasprogramma.Om technische redenen blijft er altijdwat water in de capsule zitten.Capsuledosering uitschake-len / wijzigen Tip sensortoets aan en volgCap de aanwijzingen in het display.

6. Programma starten - Einde van het programma33Programma starten Druk op de knipperende Start/Stop -toets.De deur wordt vergrendeld (dit ziet uaan symbool in het display) en hetwasprogramma wordt gestart.Heeft u de start voorgeprogrammeerd,dan geeft het display aan hoelang hetnog duurt voordat het gekozen pro-gramma begint. Deze voorgeprogram-meerde tijd wordt in het display afge-teld. Pas na afloop van deze tijd starthet programma en geeft het display aanhoelang het programma waarschijnlijkgaat duren.Bovendien geeft het display het pro-grammaverloop aan. Zo kunt u tijdenshet programma zien welke fase is be-reikt.Einde van het programmaTijdens de kreukbeveiliging is de deurnog vergrendeld en knipperen in hetdisplay afwisselend:Kreukbeveilig/EindeenDruk op Start/Stop. Druk op de - toets, waarnaStart/Stopde deur wordt ontgrendeld. Open de deur.

Haal het wasgoed uit de trommel.Achtergebleven wasgoed kan bij devolgende wasbeurt krimpen of af-geven.Controleer of de trommel leeg is! Controleer of er voorwerpen in demanchet van de deur zijn achterge-bleven.Tip: Laat de deur op een kiertje open,zodat de trommel kan drogen. Schakel de wasautomaat met de -toets uit. Heeft u een capsule gebruikt, verwij-der deze dan uit de wasmiddellade.Tip: Laat de wasmiddellade op eenkiertje openstaan, zodat de lade kandrogen.

Centrifugeren34Maximaal centrifugetoerental Programma Omw/min Katoen 1600 Kreukherstellend 1200 Fijne was 900 Wol 1200* Zijde 600* Automatic extra 1400 Dons 1200 Overhemden 900 Sportkleding 1200 Alleen spoelen / Stijven 1600* Pompen/Centrifugeren 1600 Machine reinigen 900 QuickPowerWash 1600* Express 20 1200 Donker wasgoed / Jeans 1200 Outdoor 800 Impregneren 1000EindcentrifugetoerentalWanneer u een programma kiest, ver-schijnt in het display altijd het optimalecentrifugetoerental voor dit programma.Bij wasprogramma's die in de tabel meteen zijn gemarkeerd is het optimale*centrifugetoerental niet gelijk aan hetmaximale toerental.Het is mogelijk om een lager eindcentri-fugetoerental in te stellen.Het is echter niet mogelijk om een eind-centrifugetoerental in te stellen dat ho-ger is dan het maximale eindcentrifuge-toerental dat in de tabel is aangegeven.Het centrifugeren tussen despoelgangenHet wasgoed wordt niet alleen aan heteind, maar ook na de hoofdwas en tus-sen de spoelgangen gecentrifugeerd.Stelt u een lager eindcentrifugetoerentalin, dan wordt er ook na de hoofdwas entussen de spoelgangen met een lagertoerental gecentrifugeerd.

Centrifugeren35Spoelstop kiezen Stel met de toets Centrifugetoerentalde Spoelstop ( ) in. Het wasgoedblijft na de laatste spoelgang in hetwater liggen. Dat heeft het voordeeldat het wasgoed minder kreukt wan-neer u het niet direct uit de trommelhaalt. – Toch eindcentrifugeren:De wasautomaat biedt u het voor hetgekozen programma maximaal toe-laatbare centrifugetoerental aan. Ukunt een lager toerental kiezen. Drukop de - toets, waarna hetStart/Stopapparaat met centrifugeren begint.

– Programma beëindigen:Stel met de toets Centrifugetoerental0 o/min in (zonder centrifugeren) endruk op de - toets.Start/StopHet water wordt afgepompt.Het centrifugeren tussen despoelgangen en het eindcentri-fugeren overslaan Druk op de toets .Centrifugetoerental Stel in.0 o/minNa de laatste spoelgang wordt het wa-ter afgepompt en wordt de kreukbeveili-ging ingeschakeld.In enkele programma's wordt eenspoelgang ingelast.

Voorprogrammering36U kunt de start van het door u gekozenprogramma minimaal 15 minuten enmaximaal 24 uur vertragen. Dat kunt ubijvoorbeeld doen om gebruik te makenvan het nachttarief.Kiezen Druk op de toets Voorprogrammering.In het display verschijnt: Start over h00 :00 Voer de uren met de sensortoetsen en in en bevestig uw keuze metsensortoets .OKHet scherm wisselt: Start over h05: 00 Voer de minuten met de sensor-toetsen en in en bevestig uw keuze met sensortoets .OKTip: Wanneer u uw vinger op sensor-toets of houdt, verspringt de tijd automatisch naar beneden of naar bo-ven.Starten Druk op de - toets.Start/StopIn het display verschijnt: Start over h05: 00Na afloop van de voorgeprogram-meerde tijd start het programma auto-matisch. Het display geeft de program-maduur en het programmaverloop aan.WijzigenDe voorgeprogammeerde tijd kunt u ie-der moment wijzigen.

Programma-overzicht37 Katoen 90°C tot koud Maximaal 9,0 kg Wasgoed Wasgoed van katoen, linnen of mengweefsels; t-shirts, ondergoed,tafellakens en servetten Let op De instellingen 60°C/40°C onderscheiden zich van / daarin dat: – de programma's korter duren; – de temperatuurstops langer worden aangehouden; – het energieverbruik hoger is.Voor wasgoed dat aan bijzonder hoge hygiënische eisen moet vol-doen is een temperatuur van 60°C of hoger geschikt. Katoen Maximaal 9,0 kg / Wasgoed Normaal vervuild wasgoed van katoen of linnen Let op – Deze instellingen zijn vanuit energie- en wateroogpunt voor hetwassen van bovenstaand wasgoed het efficiëntst.

– Bij is de bereikte wastemperatuur lager dan 60°C; het was-resultaat is gelijk aan dat van het programma "Katoen 60°C".Instructies voor testbureaus:Testprogramma's volgens EN 60456 en energielabeling volgens voorschrift1061/2010 Kreukherstellend 60°C tot koud Maximaal 4,0 kg Wasgoed Wasgoed van synthetische vezels, mengweefsels of kreukherstel-lend gemaakt katoen Let op Kies bij kreukgevoelig wasgoed een lager eindcentrifugetoerental.

Programma-overzicht38 Fijne was 60°C tot koud Maximaal 3,0 kg Wasgoed Wasgoed van synthetische vezels, mengweefsels en kunstzijdeVitrage die volgens de fabrikant in de wasautomaat kan worden ge-wassen Let op – Vitrage trekt veel stof aan en zal daarom vaak in een programmamet een voorwas moeten worden gewassen. Kies daarom de vuil-graad , zodat automatisch een voorwas wordt uitgevoerd.Sterk – Centrifugeer kreukgevoelig wasgoed helemaal niet. Wol 40°C tot koud Maximaal 2,0 kg  Wasgoed Wasgoed van wol en wasgoed waar o.a. wol in zit Let op Let bij kreukgevoelig wasgoed op het eindcentrifugetoerental. Zijde 30°C tot koud Maximaal 1,0 kg  Wasgoed Zijde en alle stoffen zonder wol die ook met de hand kunnen wordengewassen Let op Was panty's en bh's in een waszak.

Automatic extra 40°C tot koud Maximaal 6,0 kg Wasgoed Wasgoed dat naar kleur is gesorteerd en een combinatie is van was-goed dat anders met het programma en met het programmaKatoenKreukherstellend wordt gewassen Let op Beide soorten wasgoed worden zo behoedzaam mogelijk behandelden zo goed mogelijk gereinigd. Dit is mogelijk doordat wasparame-ters zoals waterstand, wasritme en centrifugeprofiel automatischworden aangepast.

Programma-overzicht39 Dons 60°C tot koud Maximaal 2,0 kg Wasgoed Wasgoed met donzen vulling (jacks, slaapzakken, kussens e.d.) Let op – Druk vóór het wassen de lucht uit het textiel om overmatigeschuimvorming te voorkomen. Stop het textiel daarvoor in eengoed aansluitende waszak of bind het met een wasbare band af. – Volg de aanwijzingen op het onderhoudsetiket. Overhemden 60°C tot koud Maximaal 1,0kg/2,0kgTextiel-soortOverhemden en blouses van katoen en mengweefsels Let op! – Behandel kragen en manchetten vóór als dat nodig is. – Gebruik voor zijden overhemden en blouses het programma Zij-de . – Als het vooraf ingestelde Extra Voorstrijken uitgeschakeldwordt, wordt de maximale beladingscapaciteit naar 2,0kg ver-hoogd. Sportkleding 60°C tot koud Maximaal 3,0 kg Wasgoed Sport- en fitnesskleding van microvezels en fleece Let op – Gebruik geen wasverzachter.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Miele WMH 122 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden