Micromaxx MD16600 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Micromaxx MD16600 (178 pagina’s), behorend tot de categorie Naaimachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 115 mensen. Heb je een vraag over Micromaxx MD16600 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Micromaxx |
| Categorie: | Naaimachine |
| Model: | MD16600 |
Handleiding Micromaxx MD16600 – volledige tekst
118 van 174InhoudsopgaveInhoudsopgave1. Hoofdcomponenten. 1172. Over deze handleiding. 1212. 1. In deze handleiding gebruikte waarschuwingspictogrammen en -symbolen. 1212. 2. Gebruik voor het beoogde doel. 1222. 3. Verklaring van conformiteit. 1223. Veiligheidsinstructies. 1233. 1. Elektrische apparaten zijn geen speelgoed. 1233. 2. Netsnoer en netaansluiting. 1233. 3. Repareer de machine nooit zelf. 1243. 4. Basisinstructies. 1243. 5. Veilige omgang met de machine. 1253. 6. Reinigen en opbergen. 1264. Vóór het gebruik. 1274. 1. Accessoires. 1274. 2. Niet afgebeelde accessoires. 1274. 3. Instellen van de telescopische draadboom. 1284. 4. Spoelhouders. 1284. 5. Spoelkappen. 1284. 6. Netje voor de garenspoel. 1284. 7. Voetstarter aansluiten. 1294. 8. Instellen van de naaisnelheid. 1294. 9. Veiligheidsschakelaar. 1294. 10. Bevestigen van het afvalreservoir. 1305. Bediening. 1315. 1.
121 van 174Over deze handleidingDEFRNL2. Over deze handleidingLees deze handleiding zorgvuldig door voordat u de machine voor het eerst in gebruik neemt en neem vooral de veiligheidsinstructies in acht!Alle werkzaamheden aan en met deze machine zijn uitsluitend toege-staan zoals in deze handleiding beschreven.Bewaar deze handleiding voor toekomstig gebruik.Geef deze handleiding mee als u de machine aan iemand anders door-geeft.2.1. In deze handleiding gebruikte waarschuwingspictogrammen en -symbolenGEVAAR!Waarschuwing voor acuut levensgevaar!WAARSCHUWING!Waarschuwing voor mogelijk levensgevaar en/of ernstig onomkeerbaar letsel!VOORZICHTIG!Waarschuwing voor mogelijk middelzwaar of ge-ring letsel!OPMERKING!Neem de aanwijzingen in acht om materiële scha-de te voorkomen!Overige informatie voor het gebruik van het ap-paraat!OPMERKING!Aanwijzingen in de gebruikershandleiding opvol-gen!
122 van 174Over deze handleiding2.2. Gebruik voor het beoogde doelDeze machine biedt uitgebreide gebruiksmogelijkheden:De overlock-naaimachine kan worden gebruikt voor het aan elkaar naaien en afwer-ken van de naden in licht tot middelzwaar naaigoed.Het naaigoed kan bestaan uit textielvezels, samengestelde materialen of licht leer.• Deze machine is uitsluitend bedoeld voor particulier gebruik en is niet geschikt voor industriële/zakelijke toepassingen. Denk er aan dat het recht op garantie bij onjuist gebruik komt te vervallen:• breng geen wijzigingen aan zonder onze toestemming en gebruik geen acces-soires die niet door ons zijn goedgekeurd of geleverd, • gebruik uitsluitend door ons geleverde of goedgekeurde (reserve)onderdelen en accessoires,• neem alle informatie in deze handleiding in acht, met name de veiligheidsvoor-schriften.
Elke andere toepassing wordt beschouwd als onjuist gebruik en kan leiden tot letsel of materiële schade.• Gebruik deze machine niet onder extreme omgevingsomstandigheden.2.3. Verklaring van conformiteitHierbij verklaart Medion AG dat dit product voldoet aan de volgende Europese ei-sen:• EMV-richtlijn 2004/108/EG• Laagspanningsrichtlijn 2006/95/EG• Ecodesign-richtlijn 2009/125/EG• RoHS-richtlijn 2011/65/EU.
123 van 174VeiligheidsinstructiesDEFRNL3. Veiligheidsinstructies3.1. Elektrische apparaten zijn geen speelgoed• Berg het apparaat en de accessoires buiten bereik van kinde-ren op. • Dit apparaat kan gebruikt worden door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of met onvoldoende ervaring en/of kennis, mits deze personen onder toezicht staan of zijn geïns-trueerd in het gebruik van het apparaat zodat zij de daarmee samenhangende gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en door gebruikers uit te voe-ren onderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij deze ouder dan 8 jaar zijn en onder toezicht staan.• Kinderen die jonger zijn dan 8 jaar moeten uit de omgeving van het apparaat en het netsnoer worden gehouden.GEVAAR!Gevaar voor verstikking!Verpakkingsfolie kan worden ingeslikt of verkeerd wor-den gebruikt. Hierdoor bestaat gevaar voor verstikking! Houd het verpakkingsmateriaal, zoals folie of plas-tic zakken, uit de buurt van kinderen.3.2. Netsnoer en netaansluiting• Sluit de machine alleen aan op een goed bereikbaar stop-contact (220-240V~ / 50Hz) in de directe omgeving van de plaats van opstelling.
Om de machine indien nodig snel span-ningsvrij te kunnen maken, moet het stopcontact altijd goed toegankelijk zijn.• Wanneer u de stekker uit het stopcontact verwijdert trekt u al-tijd aan de stekker zelf en niet aan de kabel.• Wikkel de kabel tijdens gebruik volledig af.• De kabel mag niet in contact komen met hete oppervlakken.
124 van 174Veiligheidsinstructies• Voor het uitvoeren van de volgende werkzaamheden schakelt u de naaimachine uit en trekt u de netstekker uit het stop-contact: draad insteken, naald verwisselen, naaivoet instellen, gloeilamp vervangen, reinigings- en onderhoudswerkzaam-heden, alsmede aan het einde van naaiwerkzaamheden en wanneer de werkzaamheden worden onderbroken.3.3. Repareer de machine nooit zelf• Trek bij beschadigingen van de machine of het aansluitsnoer direct de stekker uit het stopcontact.• Om risico's te voorkomen mag de naaimachine bij zichtbare beschadigingen van de machine of het snoer niet worden ge-bruikt.WAARSCHUWING!Gevaar voor elektrische schok!Bij onjuiste reparatie bestaat er gevaar voor een elektri-sche schok! Probeer in geen geval het apparaat te openen of zelf te repareren!
Neem bij storingen of als het aansluitsnoer be-schadigd is, contact op met het Servicecentrum of een andere geschikte reparatiedienst.3.4. Basisinstructies• De naaimachine mag niet nat worden - gevaar voor elektri-sche schokken!• Laat de ingeschakelde naaimachine nooit zonder toezicht achter.• Gebruik de machine nooit in de open lucht.• De machine mag uitsluitend worden gebruikt met het mee-geleverde pedaal type KD 2902.
125 van 174VeiligheidsinstructiesDEFRNL3.5. Veilige omgang met de machine• De naaimachine is uitgerust met zuignappen voor een veilige plaatsing. U dient er desondanks op te letten dat de machi-ne op een vlakke, stabiele ondergrond wordt geplaatst en dat alle vier de voetjes contact hebben met het werkvlak.• Tijdens gebruik moeten de ventilatieopeningen vrij blijven: let erop dat er geen voorwerpen (bv. stof, restjes garen etc.) in de openingen kunnen binnendringen.• Plaats nooit iets op het pedaal.• Gebruik uitsluitend de meegeleverde accessoires en onder-delen. Naalden en gloeilampen zijn in de vakhandel verkrijg-baar.• Gebruik voor het smeren alleen speciale naaimachineolie.
Ge-bruik geen andere vloeistoffen.• Let er tijdens het naaien op dat u niet met uw vingers onder de naaldklemschroef komt.• Wees voorzichtig met de bediening van de bewegende delen van de machine, met name de naalden en het mes. Er bestaat ook gevaar voor letsel wanneer de machine niet op het licht-net is aangesloten!• Gebruik ook geen verbogen of stompe naalden.• Houd de stof tijdens het naaien niet vast en trek niet aan de stof. De naalden kunnen hierdoor breken.• Zet de naalden na beëindiging van de naaiwerkzaamheden altijd in de hoogste stand.• Schakel altijd de machine uit na de werkzaamheden, voor on-derhoudswerkzaamheden of bij het vervangen van lampen en trek de netstekker uit het stopcontact.
126 van 174Veiligheidsinstructies3.6. Reinigen en opbergen• Trek de stekker uit het stopcontact voordat u de machine gaat reinigen. Reinig de machine met een droge, zachte doek. Vermijd gebruik van chemische oplos- en schoonmaakmid-delen omdat deze het oppervlak en/of de opschriften van de machine kunnen aantasten.• Gebruik voor het opbergen van de naaimachine altijd de meegeleverde kap zodat de machine beschermd is tegen stof.
127 van 174Vóór het gebruikDEFRNL4. Vóór het gebruik4.1. Accessoires*Controleer bij het uitpakken of de volgende onderdelen zijn meegeleverd:35 3736 3839 40 41 4243 44 45 4647 48 49 5035 Tweedraad converter* 43 Oliekannetje36 Rolzoomvoet* 44 Pincet37 Set naalden* 45 Spoelhouder38 Koordgeleider 46 Plaatje voor de spoelhouder39 Schroevendraaier (klein)* 47 Accessoiretasje40 Schroevendraaier (groot) 48 Afdekkap41 Ring-/steeksleutel 49 Vezelkwastje*42 Reserve bovenmes 50 Netje voor de garenspoel4.2. Niet afgebeelde accessoires• Spoelkap• Afvalreservoir/afneembare naaitafel• Voetstarter* Deze accessoires bevinden zich in het opbergvakje achter de frontafdekking
128 van 174Vóór het gebruik4.3. Instellen van de telescopische draadboom Trek de telescopische draadboom voor het insteken van de draad helemaal naar buiten. Draai de telescopische draadboom zodat de draadgeleidingen zich precies boven de spo-elnaalden bevinden.4.4. SpoelhoudersBij deze machine kan gebruik worden gemaakt van zowel industriële spoelen als spoelen voor huis-houdelijk.Bij industriële spoelen met grote diameter plaats u de spoelhouder met het brede uiteinde naar bo-ven, voor spoelen met een kleine diameter plaatst u de houder met het smalle uiteinde naar boven.Plaats in elk geval het plaatje onder de spoel om te garanderen dat de spoel veilig staat.4.5.
SpoelkappenBij gebruik van niet-industriële garenspoelen ver-wijdert u de spoelhouder en zet u de meegelever-de spoelkappen op de garenspoelen.Plaats in elk geval het plaatje onder de spoel om te garanderen dat de spoel veilig staat.4.6. Netje voor de garenspoelPolyester- resp. grover nylongaren kan tijdens het afwikkelen loskomen van de spoel. Maak daarom bij dergelijk garen gebruik van het meegeleverde netje om ervoor te zorgen dat het garen gelijkma-tig wordt aangevoerd. Trek het netje van boven af over de spoel. Trek het netje tot het einde over de spoel en sla het overstaande deel naar boven om.
129 van 174Vóór het gebruikDEFRNL4.7. Voetstarter aansluitenSteek de aansluitstekker van de meegeleverde vo-etstarter in de aansluiting op de machine en steek vervolgens de netstekker in het stopcontact.De hoofdschakelaar schakelt zowel de machine als de naaiverlichting in.Gebruik uitsluitend de meegeleverde voetstarter.Schakel altijd de machine uit en trek de stekker uit het stopcontact wanneer u klaar bent of tijdens onderhoud en reiniging.4.8. Instellen van de naaisnelheidDe naaisnelheid wordt geregeld met behulp van de voetstarter. De naaisnelheid kan worden veran-derd door meer of minder druk op de voetstarter uit te oefenen.4.9. VeiligheidsschakelaarDe machine is voorzien van een micro-veiligheids-schakelaar.
De machine wordt automatisch van het lichtnet losgekoppeld wanneer de frontklep wordt geopend.Sluit zowel de frontklep als de vrije arm voordat u begint met naaien.Voetstarter StroomschakelaarStekkerbehuizingKoppelings-schakelaarVoetstarter
130 van 174Vóór het gebruik4.10. Bevestigen van het afvalreservoirHet afvalreservoir vangt tijdens het naaien de snij-resten op, zodat uw werkplek schoon blijft.Voer nokje A in de bovenste van de beide openin-gen D, haak vervolgens nokje B in de gleuf C.Wanneer u klaar bent met naaien, kunt u het af-valreservoir verwijderen door eerst nokje B uit de gleuf C te tillen en vervolgens het volledige afval-reservoir naar rechts weg te nemen.Om het afvalreservoir ruimtebesparend op te ber-gen, kunt u het reservoir aan de machine bevesti-gen door het nokje A in de onderste van de twee openingen D te steken en vervolgens nokje E in de gleuf F te haken.BACFED
131 van 174BedieningDEFRNL5. Bediening5.1. HandwielDraai het handwiel altijd alleen naar u toe.5.2. FrontklepOm de frontklep te openen, schuift u de uitsparing zo ver mogelijk naar rechts en trekt u vervolgens de frontklep naar u toe.5.3. LiniaalBij gebruik van de liniaal wordt de stof op gelijkblij-vende afstand van de rand gesneden en genaaid. De breedte kan worden ingesteld door de lini-aal uit te trekken of in te schuiven.
132 van 174Bediening5.4. DraadsnijderDe draadsnijder is in de steekplaat geïntegreerd. Druk de hendel van de draadsnijder aan de bin-nenkant van de machine omlaag. Voer de draad onder de draadsnijder door en laat de hendel los.5.5. Vrije armDe vrije arm moet voor het inrijgen worden geo-pend. Open eerst de frontklep. Druk nu de ontgrendelingshendel omlaag en draai de vrije arm naar links.
133 van 174Draad in de grijpers inrijgenDEFRNL6. Draad in de grijpers inrijgen6.1. Algemene aanwijzingen voor het inrijgenHet inrijgen gebeurt in deze volgorde:1. EERSTE STAP onderste grijper paars2. TWEEDE STAP bovenste grijper blauw3. DERDE STAP rechter naald rood4. VIERDE STAP linker naald groenGoed inrijgen is belangrijk, zodat de steken niet onregelmatig worden en de draad niet afbreekt.Aan de binnenkant van de frontklep bevindt zich een praktische handleiding voor het inrijgen.Daarnaast hebben de draadgeleiders een verschil-lende kleur.In de box met accessoires bevindt zich een pincet, waarmee het inrijgen eenvoudiger gaat.OPMERKING!Wanneer het toch nodig mocht zijn om een van de grijperdraden achteraf opnieuw in de rijgen (bv. na een breuk), moet u eerst de draden uit de naalden verwijderen om te voorkomen dat de draden ver-strikt raken
135 van 174Draad in de grijpers inrijgenDEFRNL Leg nu de draad tussen de beide schijfjes van de draadgeleiding.Belangrijk: De draad moet correct tussen de beide schijfjes van de draadspanner liggen. Leg nu de draad in de onderste draadgeleiding.Volg vanaf dit punt het schema voor de draad-geleiding in de machine. Rijg de draad door het achterste oogje (9) van de grijper door zolang aan het handwiel te draaien tot het achters-te deel van de grijper aan de linkerkant van het mechanisme tevoorschijn komt. Trek het draadeinde ongeveer 10 cm uit de oo-gjes van de grijper.
136 van 174Draad in de grijpers inrijgen6.3. Bovenste grijperdraad inrijgen Voer de draad door het oogje aan de draad-boom en in de betreffende draadgeleiding. Leg nu de draad in de betreffende draadgelei-ding. Leg nu de draad in de onderste draadgeleiding.Volg vanaf dit punt het schema voor de draad-geleiding in de machine. Trek het draadeinde ongeveer 10 cm uit de oo-gjes van de grijper.
138 van 174Draad in de naalden rijgen Leg nu de draad tussen de beide schijfjes van de draadgeleiding.Belangrijk: De draad moet correct tussen de beide schijfjes van de draadspanner liggen. Voer de draden door de draadgeleidingen met kleurcodering. Voer het garen achter de draadgeleiding van de naaldhouder langs, zoals afgebeeld, en vervolgens van voren naar achteren door het oog van de naald. Trek het draadeinde ongeveer 10 cm uit de oo-gjes van de naalden. Til de naaivoet omhoog en schuif de draden eronder. Laat de naaivoet vervolgens weer zak-ken. Sluit na het inrijgen de vrije arm en de front-klep.
139 van 174ProefdraaienDEFRNL8. ProefdraaienWanneer er voor de eerste keer garen wordt inge-regen of wanneer het garen na het breken van de draad tijdens het naaien opnieuw wordt ingere-gen, gaat u als volgt te werk. Houd de draadeinden tussen uw vingertoppen van de linker hand, draai het handwiel lang-zaam twee- of driemaal naar u toe en probeer, of de draad kan worden doorgetrokken. Naai nu voorzichtig enkele steken zonder stof toe te voeren om de geleiding van de draden te controleren. Leg de stof voor proefdraaien onder de naaivo-et, laat de naaivoet zakken en begin langzaam te naaien.De stof wordt automatisch toegevoerd, geleid de stof nu voorzichtig verder. Na beëindiging van het werk naait u verder, tot zich een ongeveer 5 - 6 cm lange draadketen aan het einde van de stof heeft gevormd.Knip de draden door met een schaar of de draadsnijder.
140 van 174Instellen van de draadspanning9. Instellen van de draadspanningDe benodigde draadspanning moet afhankelijk van de soort en dikte van draad en stof worden in-gesteld.Controleer de naden en stelt de draadspanning aan de hand daarvan in.Draadspanning:Draai de instelling op een lager cijfer: De spanning wordt minderDraai de spanning op een hoger cijfer: De span-ning wordt hoger.Juiste draadspanningDraadspanningverhogenDraadspanningverlagenAchterkantOnderste grijpdraadBovenste grijpdraadLinker naalddraad6 mmRechter naalddraadVoorkant
144 van 174Draad wisselen11. Draad wisselenOp de volgende manier is het wisselen van draad heel eenvoudig, u bespaart zich daardoor het com-pleet opnieuw inrijgen: Knip het garen boven de spindel af en knoop de einden van de oude en nieuwe draad met een zeemansknoop aan elkaar. Til de naaivoet op. Breng de naaldboom in de laagste positie door het handwiel van u af te draaien. Trek voorzich-tig aan het uiteinde van het garen totdat de verbindingsknoop het oog van de naald en de oogjes van de grijpers is gepasseerd.12. DraaggreepMet de draaggreep kunt u uw machine gemakkeli-jk vervoeren.
145 van 174Instellen van de steeklengteDEFRNL13. Instellen van de steeklengteDraai het steeklengtewiel totdat de gewenste lengte wordt aangegeven. Hoe hoger het getal, hoe langer de steekDe steeklengte kan over een bereik van 1 tot 5 mm worden ingesteld.Bijna alle overlock-werkzaamheden worden uitge-voerd met een steeklengte van 2,5 tot 3,5 mm.13.1. Instelling van de steeklengteSteken Steeklengte'Normale naden2,0 - 4,5 mmStandaardinstelling: 3,0 mmSmalle boorden 1,0 - 2,0 mmAjourzomen 1,0 - 2,0 mmKantnaaien 3,0 - 4,0 mm14. Instelling van de snijbreedteDe geschikte snijbreedte verschilt per stof. Contro-leer de resp. naden en stel de snijbreedte als volgt in: Draai het handwiel naar u toe, tot de naalden zich in de onderste stand bevinden. Open de frontklep en klap de vrije arm omlaag.
146 van 174Instelling van de snijbreedte14.1. De juiste snijbreedte14.2. Geringere snijbreedte instellenWanneer de rand van de stof bij het naaien rimpelt kiest u een kleinere snijbreedte. Draai daarvoor de instelknop voor de snijbreed-te naar rechts.14.3. Grotere snijbreedte instellenKies een grotere snijbreedte als het garen over de rand van de stof heen wordt genaaid. Draai daarvoor de instelknop voor de snijbreed-te naar links.VoorkantGaren plooit de stofrandVoorkantSteekbreedteVoorkantGaren wordt voor de stofrand heen genaaid
147 van 174Naalden vervangenDEFRNL15. Naalden vervangenBIj deze machine wordt gebruik gemaakt van naal-den van het type 130/701H (voor huishoudelijke machines).LET OPGevaar voor schade!Verbogen of stompe naalden kunnen schade aan de machine en het naai-goed toebrengen. Schakel de machine uit. Vervang de defecte naald. Draai het handwiel naar u toe, tot de naalden zich in de bovenste stand bevinden. Maak de klemschroeven met behulp van de meegeleverde kleine schroevendraaier uit de box met accessoires los van de naalden en ver-wijder de naalden: bovenste schroef voor de linker naald en onderste schroef voor de rech-ter naald. Schuif de nieuwe naalden met de vlakke kant naar achteren in de naaldhouder. Let er hierbij op, dat de naalden zo ver mogelijk ingeschoven worden.
148 van 174Gloeilamp vernieuwen16. Gloeilamp vernieuwenVOORZICHTIG!De gloeilamp wordt tijdens gebruik zeer heet. Bij vervanging van de glo-eilamp tijdens gebruik bestaat gevaar voor brandwonden. Schakel de machine uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u de gloeilamp vervangt. Laat zo nodig de gloeilamp voor het vervangen afkoelen. Draai de schroef er helemaal uit Trek de afdekking van de lamp naar de zijkant weg. Schroef de gloeilamp los. Vervang de gloeilamp.BELANGRIJKGebruik alleen 15 Watt lampen.
149 van 174Mesjes vervangenDEFRNL17. Mesjes vervangenSchakel de machine uit en haal de stekker uit het stopcontact voordat u de mesjes vervangt.Het onderste mesje bestaat uit speciaal materiaal en hoeft niet vervangen te worden.U vervangt als volgt het bovenste mesje als het bot is: Open de frontklep en draai het handwiel naar u toe totdat het bovenste mesje zich in de laags-te stand bevindt. Maak met behulp van de ring-/steeksleutel uit de box met accessoires de schroef aan de bo-venste messenhouder los en verwijder het bo-venste mesje. Zet er een nieuw bovenste mesje in en draai de schroef van de houder iets aan. Stel het bovenste mesje zo in, dat de snijkant 0,5 - 1,0 mm boven de snijkant van het onders-te mesje uitsteekt (zie afbeelding). Draai nu de schroef van de houder van het bo-venste mesje stevig aan en sluit de frontklep.0,5 mmSchroeve Bovenste mesje
150 van 174Mesjes vervangen17.1. Uitnemen van het bovenste mesjeWanneer u wilt naaien zonder tegelijkertijd de ran-den af te snijden, kunt u het bovenste mesje verwi-jderen.LET OPGevaar voor schade!Bij een te grote stofrand kunnen de bo-venste grijper en de naald beschadigd raken. Zorg ervoor dat de stofrand niet bre-der is dan de ingestelde naadbreed-te. Schakel de machine uit en trek de stekker uit het stopcontact. Open de frontklep en de vrije arm. Houd de vrije arm met één hand vast en druk de draaiknop van de meshouder naar links. Draai nu de meshouder zover naar voren dat het mesje 180° wordt gedraaid. (zie afbeelding).Meshouder
151 van 174Omstellen voor tweedraad gebruikDEFRNL18. Omstellen voor tweedraad gebruikU kunt deze machine ook gebruiken als tweedraadsmachine. Maak hiervoor gebruik van de tweedraad converter en gebruik uitsluitend de linkernaald. Schakel de machine uit en trek de stekker uit het stopcontact. Open de frontklep en de vrije arm. Verwijder nu de rechter naald en de draden voor deze naald en de bovenste grijper (zie ook „15. Naalden vervangen“ op pagina 147). Neem de tweedraad converter uit het acces-soirevakje achter de frontklep. Plaats de converter in de bovenste grijper. (zie afbeelding 1) Voer daarvoor het nokje aan de achterkant van de converter in de gleuf van de bovenste grij-per. (Zie afbeelding punt A). Voer nu het nokje aan de voorkant van de con-verter in het oog van de bovenste grijper. (Zie afbeelding punt B). De converter moet dicht tegen de bovenste gri-jper liggen.
152 van 174Eng- en wijdmazig met drie draden afhechten19. Eng- en wijdmazig met drie draden afhechtenDeze machine kan bij het afhechten worden om-gezet van vier op drie draden. Verwijder of de rechter of linker naald en de bi-jbehorende draad (zie ook „15. Naalden vervan-gen“ op pagina 147).Nu is de machine gereed voor het afhechten met drie draden.Bij uitsluitend gebruik van de rechter naald be-draagt de steeklengte 4 mm.Achterkant4 mmVoorkantBij uitsluitend gebruik van de linker naald bedraagt de steeklengte 6 mm.Achterkant6 mmVoorkant
155 van 174Differentieel transportDEFRNL21. Diff erentieel transportDoor het differentieel stoftransport worden gol-vende naden in gebreide stoffen en het verschui-ven van stoflagen voorkomen. Ook ontstaan er bij naden in zeer lichte stoffen geen plooien.21.1. WerkwijzeDe machine heeft twee setjes schuiven om de stof door te voeren, één vooraan (A) en één achtera-an (B). Deze beide sets bewegen onafhankelijk van elkaar. Voor het aanvoeren van de stof kunnen de beide stofschuivers met verschillende snelheden bewegen. Instelbereik voor het aanvoeren van de stof: 0,7 (negatief transport) tot 2,0 (positief transport).
156 van 174Differentieel transport21.2. Positief diff erentieel transportBij een positief differentieel transport voert het voorste transport (A) een grotere beweging uit dan het achterste transport (B). Hierdoor wordt de stof onder voet "opgehoopt" waardoor het golven wordt tegengegaan.21.3. Negatief diff erentieel transportBij een negatief differentieel transport voert het voorste transport (A) een kleinere beweging uit dan het achterste transport (B). Hierdoor wordt de stof onder de voet gerekt waardoor ongewenst plooien van de stof wordt tegengegaan.
157 van 174Differentieel transportDEFRNL21.4. Instellen van het diff erentieel transport.Het differentieel transport wordt ingesteld door draaien van de bijbehorende regelaar. Het aanvoe-ren van de stof kan ook tijdens het naaien worden ingesteld.Regelaar voorhet differentieeltransportKies een instelling aan de hand van de onderstaan-de tabel:Toepassing Soort trans-port InstellingNiet golvende zo-men, gewenst kro-ezenpositiefdifferentieeltransport1 - 2geendifferentieeltransportNeutraaltransport 1kroesvrijezomennegatiefdifferentieeltransport0,7 - 1
158 van 174Druk van de naaldvoet instellen22. Druk van de naaldvoet instellenDe druk van de naaldvoet is voor alle gebruikeli-jke naaiwerkzaamheden correct ingesteld en hoeft niet gejusteerd te worden.Wanneer het toch noodzakelijk mocht zijn om de druk van de naaldvoet aan te passen, kunt u dit doen met behulp van de regelaar op de achterkant van de frontafdekking. Draai de regelaar naar een hoger nummer om de druk te verhogen of op een lagere waarde om de druk te verlagen.hogeredruklageredruk23. Naaien met een inlegdraadNaden met inlegdraad worden gebruikt om schouder-, mouw en zijnaden te versterken bij het aaneennaaien van gebreide stoffen.Het is ook zeer decoratief om gebruik te maken van een garen met een contrasterende kleur om het afgewerkte kledingstuk te verfraaien.De machine is voorzien van een voet waarmee het koord of de inlegdraad links resp.
159 van 174Naaien met een inlegdraadDEFRNLGa daarvoor als volgt te werk: Schuif de afneembare koordgeleiding uit de ac-cessoireset op de standaard van de draadgelei-ding. Leg het "vulkoord" zoals bv. haakgaren, bordu-urdraad, wol, breigaren of kroesband achter de pennen van de garenspoel. Trek de inlegdraad door de koordgeleiding en vervolgens door de draadgeleiding van de lin-ker naald. Voer de inlegdraad door de voorste resp. de achterste opening van de naaivoet (afhankelijk van de naaimethode) en leg de draad naar ach-ter in de naaivoet. Plaats de stof op de gebruikelijke manier. Begin langzaam met naaien en controleer of de inleg-draad op de juiste manier worden toegevoerd. Verhoog dan de naaisnelheid.
Bij het aaneennaaien van de schouders of aan-naaien van mouwen, voert u de inlegdraad door de voorste opening.Let er daarbij op dat de draad bij de doorgang door de voorste opening, tussen rechter en de linker rijgdraad wordt gefixeerd. Voor het sluiten van zijnaden, voert u de inleg-draad door de achterste opening. Zorg er hier-bij voor dat de draad rechts van de rijgdraad verloopt.Voor een decoractief effect kunt u gebruikmaken van een garen met een contrasterende kleur dat u door de voorste of de achterste opening voert.
Neem pas contact op met onze klantenservice als geen van de genoemde oplossingen afdoende is.Probleem Oorzaak Oplossing Pagi-naNaalden brekenNaalden zijn verbogen, stomp of de punt is be-schadigdPlaats een nieuwe naald 147Naalden zijn er niet goed ingezetZet de naalden goed in de houder 147U heeft te heftig aan de stof getrokkenGeleid de stof behoed-zaam met beide handenDraad breekt af Garen is niet goed inge-regen Rijg het garen goed in 133Draadspanning te hoog Stel de draadspanning bij 140Naalden zijn er niet goed ingezetZet de naalden goed in de houder 147Steken vallen uitNaalden zijn verbogen, stomp of de punt is be-schadigdPlaats een nieuwe naald 147Naalden zijn er niet goed ingezetZet de naalden goed in de houder 147Steken vallen uit Garen is niet goed inge-regenRijg het garen opni-euw in 133Verkeerde naalden ingezet Gebruik de juiste naal-den (type 130/701H) 147Steken zijn onre-gelmatig Draadspanning is niet juist Stel de draadspanning bij 140Draad zit vastControleer het verloop van de afzonderlijke draden133Naden werpen plooien Draadspanning is te hoog Stel de draadspanning bij 140Garen is niet goed inge-regen Rijg het garen goed in 133Garen zit vastControleer het verloop van de afzonderlijke draden133Stoftransport niet inge-steldStel het stoftransport in op 0,7 157
161 van 174Reinigen en smerenDEFRNLProbleem Oorzaak Oplossing Pagi-naStof wordt niet net-jes afgesnedenBovenste mesje is bot of is verkeerd ingezetVervang het mesje of zet het er goed in 149Stofrand rimpelt Te veel stof op een steek Verander de snijbreedte 14525. Reinigen en smerenOm uw machine probleemloos te laten werken, moet u het mechanisme af en toe reinigen met het kwastje uit de accessoireset en met het oliekannetje smeren op de aangegeven posities.Gebruik voor het reinigen van de buitenkant een droge, zachte doek. Vermijd het gebruik van chemische oplos- en schoonmaakmiddelen omdat deze het oppervlak en/of de opschriften van de machine kunnen aantasten.Deze machine heeft maar heel weinig olie nodig, omdat de hoofdcomponenten be-staan uit een speciaal materiaal. Neem de stekker uit het stopcontact voordat u de machine opent.
Open de frontafdekking en de werktafel en schroef alle afdekkingen los met de meegeleverde schroevendraaier. Verwijder opgehoopt stof en vezels met de penseel uit de meegeleverde accessoireset. Breng een paar druppels olie aan op de aangegeven posities.Maak hiervoor uitsluitend gebruik van hoogwaardige naaimachineolie. Schroef alle afdekkingen weer vast en sluit de vrije arm en de frontafdekking. Naai nu ter controle op een proeflapje om te controleren of alles naar behoren werkt. Eventueel overvloedige olie wordt hierbij verwijderd zodat dat uw echte naaigoed niet wordt beschadigd.spaarzaamsmeren metoileVezels en stofverwijderen
162 van 174Afvoer26. AfvoerVERPAKKINGUw overlock-naaimachine is ter bescherming te-gen transportschade stevig verpakt. Verpakkingen zijn grondstoffen en kunnen worden hergebruikt of terug worden gebracht in de grondstoffenkrin-gloop.MACHINEGooi de machine aan het einde van de levensduur in geen geval bij het gewone huisvuil. Informeer u over de mogelijkheden voor milieuvriendelijke af-voer.
164 van 174Garantievoorwaarden (Nederland)28. Garantievoorwaarden (Nederland)28. 1. Algemene garantievoorwaarden en reparatievoorwaarden28. 1. 1. AlgemeenDe garantie begint altijd op de dag dat het Medion product bij Medion of bij een of-ficiële Medion handelspartner is gekocht (koopdatum aankoopbewijs of datum ori-ginele afleveringsbon) en heeft betrekking op alle soorten materiaal- en productie-fouten die bij normaal gebruik kunnen ontstaan. De garantietermijn is geldig met de aankoopnota van de geautoriseerde Medion handelspartner en (indien van to-epassing) de afleveringsbon. Indien en voor zover voldaan is aan de garantievoor-waarden, verleent Medion op de geleverde zaken een garantie van twee jaar op materiaal- en/of constructiefouten. Voor oplaadbare accu’s / batterijen geldt een ga-rantietermijn van zes maanden.
Op de door Medion uitgevoerde reparaties geldt een garantietermijn van één jaar op materiaal-, constructie- en/of reparatiefouten. De in het vorige lid bedoelde garantie is beperkt tot het - naar keuze van Medion - kosteloos vervangen van de zaak, dan wel het kosteloos herstellen van de zaak of het onderdeel. Zaken of onderdelen die worden vervangen, worden vervangen door of hersteld met identieke of vergelijkbare zaken/onderdelen. Om aanspraak te kunnen maken op enige garantie dient de Consument aan ons te kunnen overleggen: • Het originele aankoopbewijs. • (Indien van toepassing) de originele afleveringsbon. Bewaar het originele aankoopbewijs en de originele afleveringsbon goed. Medion en haar geautoriseerde handelspartners behouden zich het recht voor om de ga-rantie aanspraak te weigeren als dit aankoopbewijs en/of de afleveringsbon niet overgelegd kunnen worden.
Indien de Consument het product naar ons moet opsturen, is de Consument er zelf verantwoordelijk voor dat het product transportzeker verpakt is. Het transportrisico is voor rekening van de Consument.
De Consument dient het defecte product aan ons aan te bieden voorzien van een begeleidend schrijven met daarin vermeld de duidelijke en zo gedetailleerd moge-lijke omschrijving van de klacht(en), de naam en adresgegevens, het telefoonnum-mer, en alle noodzakelijke toebehoren voor de reparatie. Bij de uitvoering van de werkzaamheden gaat Medion uit van de klachten zoals beschreven zijn in het be-geleidend schrijven van de Consument. Medion kan in ieder geval niet tot meer ge-houden worden dan in deze beschrijving vermeld staat. Het product moet compleet, d. w. z. met alle bij de aankoop meegeleverde acces-soires opgestuurd worden. Indien het product niet compleet is, leidt dat tot vertra-ging van de reparatie/omruiling. Voor aanvullende ingestuurde producten die niet behoren bij de bij de oorspronkelijke aankoop meegeleverde accessoires is Medion op geen enkele wijze verantwoordelijk.
165 van 174Garantievoorwaarden (Nederland)DEFRNLDeze garantie heeft geen gevolgen voor de wettelijke aanspraken en is onderwor-pen aan het geldende recht in het betreffende land waar de Consument als eerste het product heeft gekocht van een door Medion geautoriseerde handelspartner. In-dien en voor zover deze garantievoorwaarden inbreuk maken op de wettelijke rech-ten gaan de wettelijke rechten natuurlijk voor. Garantiegevallen leiden niet tot een vernieuwing en/of verlenging van de oorspron-kelijke garantietermijn. Tenzij er sprake is van een reparatie in de garantieperiode die valt binnen de garan-tievoorwaarden, wordt de reparatie niet eerder uitgevoerd dan nadat Medion een prijsopgave van de reparatie aan de Consument heeft verstrekt. Aan de hand van de prijsopgave dient de Consument binnen twee weken te besluiten of de reparatie uitgevoerd dient te worden.
Indien niet binnen 2 weken is gereageerd door de Con-sument, wordt de zaak ongerepareerd retour gezonden met een factuur ter dekking van de diagnose-, handlings- en logistieke kosten. Tenzij schriftelijk anders is overeengekomen wordt de prijs van de reparatie vastge-steld op basis van het aantal arbeidsuren, de logistieke kosten, de onderzoekskos-ten, de materiaalkosten, de gereedschapskosten en de handlingskosten. 28. 1. 2. Omvang en levering van garantieprestatiesIn het geval er sprake is van een door deze garantie gedekt defect aan het Medion product, garandeert Medion met deze garantie de reparatie of de vervanging van het Medion product of een onderdeel hiervan. De beslissing tussen reparatie dan wel vervanging van het product berust bij Medion.
In zoverre kan Medion naar ei-gen inzicht beslissen om het voor reparatie ingestuurde product te vervangen door een product van dezelfde kwaliteit. De garantie beperkt zich tot het herstel of de vervanging van de hardware-func-tionaliteiten naar de toestand van het originele product voor het defect zich heeft voorgedaan.
De garantie omvat niet het herstellen van gegevens, data of software. De Consument dient vóór het opsturen van het product zelf ervoor zorg te dragen dat een reserve-kopie (back-up) wordt gemaakt van eventuele in het product op-geslagen gegevens, data of software, inclusief toepassings- en systeemsoftware. Medion aanvaardt - behoudens aan Medion toerekenbare opzet of bewuste roeke-loosheid - geen aansprakelijkheid voor het verlies van deze gegevens en informatie. De vervanging van defecte onderdelen gebeurt bij materiaal- of productiefouten door kwalitatief vergeliljkbare onderdelen. Eventueel wordt het volledige product vervangen door een gelijk of functioneel gelijkwaardig product. In elk geval is de waarde van de garantieprestatie beperkt tot de waarde van het defecte product. Defecte onderdelen, die door ons worden vervangen, worden ons eigendom.
166 van 174Garantievoorwaarden (Nederland)28. 1. 3. UitsluitingenNiet onder de garantie vallen: • Normale slijtage. • Verbruiksmaterialen zoals bv. projectielampen in beamers. • Producten waarvan merk-, typeaanduiding en/of serienummer zijn veranderd of verwijderd. • De beschikbaarstelling van driver- of software-updates/upgrades. • Geringe afwijkingen die voor de functionaliteit van de zaak niet van belang zijn. • Defecten als gevolg van onjuist of onoordeelkundig gebruik. • Defecten als gevolg van verwaarlozing of gebrek aan of ondeugdelijk onder-houd. • Gebruik, montage of installatie van de zaken of onderdelen in strijd met de ge-bruiksaanwijzing/documentatie. • Defecten als gevolg van niet aan Medion toerekenbare computervirussen of softwarefouten. • Defecten of foutmeldingen die een gevolg zijn van een onjuiste voedingsspan-ning.
• Gebreken die een gevolg zijn van blootstelling aan vocht of van chemische of elektrochemische inwerking van water. • Gebreken die een gevolg zijn van gebruik van niet originele onderdelen, rand-apparatuur en/of programmatuur. • Producten die tweedehands in omloop zijn gebracht. • De afnemende capaciteit van batterijen en accu’s. • Pixelfouten (defecte beeldpunten) binnen de in de gebruiksaanwijzing/handlei-ding van het product toegestane marge. • Defecten als gevolg van inbranding of helderheidsverlies bij plasma- of LCD-pro-ducten die ontstaan zijn door ondeskundig gebruik; de precieze handelwijze voor het gebruik van het plasma- of LCD-product vindt de Consument in de ge-bruiksaanwijzing/handleiding. • Weergavefouten van datadragers die in een niet compatibel formaat dan wel met niet geëigende software opgebouwd zijn.
• Defecten als gevolg van overmacht (zoals oorlog, oorlogsgevaar, burgeroorlog, terrorisme, oproer, molest, brand, blikseminslag, waterschade, overstroming, werkstaking, bedrijfsbezetting, staking, stiptheidsacties, in- en invoerbelemme-ringen, overheidsmaatregelen, defecten aan machines, storingen in de levering van gas, water- en elektriciteit, vervoersproblemen). Mocht tijdens het onderzoek naar het defecte product blijken dat het defect niet wordt gedekt door de garantie, dan zal Medion de Consument hiervan op de hoog-te stellen en de Consument hierbij in de gelegenheid stellen om aan de hand van een offerte een beslissing te nemen over de vraag of de Consument het defecte product toch gerepareerd/vervangen wenst te zien. In deze offerte zal een opgave worden verstrekt van de met de reparatie/vervanging gemoeide kosten.
167 van 174Garantievoorwaarden (Nederland)DEFRNL28. 1. 4. Service hotlineVoordat de Consument het product aan Medion opstuurt, dient de Consument con-tact op te nemen met de service hotline. Hier krijgt de Consument alle noodzakeli-jke informatie hoe de Consument aanspraak kan maken op de garantie. De service hotline ondersteunt in geen geval een gebruikerstraining voor soft- en hardware, het opzoeken in de handleiding dan wel de ondersteuning van niet van Medion afkomstige producten. 28. 2. Bijzondere garantievoorwaarden voor Medion PC, notebook, pocket PC (PDA) en producten met navigatiefunctie (PNA)Heeft een van de meegeleverde opties een defect dan heeft de Consument ook aanspraak op een reparatie of omruiling. De garantie dekt de materiaal- en arbeids-kosten voor het herstel van de functionaliteit van het betreffende Medion product.
Gebruik van hardware bij het product die niet door Medion is geproduceerd dan wel door Medion is verkocht, kan de garantie doen vervallen als daardoor bewijs-baar schade aan het Medion product of de meegeleverde opties ontstaan is. Voor meegeleverde software wordt een beperkte garantie verstrekt. Dat geldt voor de voorgeïnstalleerde systeem- en besturingssoftware alsmede voor meegelever-de toepassingsprogramma’s. Bij de door Medion meegeleverde software garande-ert Medion voor de gegevensdragers (bv. diskettes en CD-roms waarop de software geleverd wordt) een vrijheid van materiaal- en verwerkingsfouten voor de duur van zes maanden, te rekenen vanaf de aankoopdatum van het Medion product bij Me-dion dan wel bij een officiële handelspartner van Medion. Voor meegeleverd kaartmateriaal van producten met een navigatiefunctie wordt geen garantie geleverd op de volledigheid.
Bijzondere garantiebepalingen voor de reparatie aan huis respectievelijk de omruiling aan huisVoor de reparatie aan huis gelden de volgende bijzondere garantiebepalingenOm de reparatie/omruiling aan huis mogelijk te maken dient door de Consument het volgende zeker gesteld te worden: • De medewerker van Medion moet onbeperkt, zeker en zonder vertraging toe-gang tot het product geboden worden. • Telecommunicatiemiddelen die noodzakelijkerwijs gebruikt dienen te worden door de Medion medewerker om zijn opdracht uit te kunnen voeren, voor test- en diagnosedoeleinden alsmede voor het oplossen van de klacht, moeten door de Consument kosteloos ter beschikking gesteld worden. • De Consument is zelf verantwoordelijk voor het herstel van eigen gebruikers-software na de gebruikmaking van de dienstverlening van Medion.
169 van 174Garantievoorwaarden (België)DEFRNL30. Garantievoorwaarden (België)30. 1. Algemene garantievoorwaarden en reparatievoorwaarden30. 1. 1. AlgemeenDe garantie begint altijd op de dag dat het Medion product bij Medion of bij een of-ficiële Medion handelspartner is gekocht (koopdatum aankoopbewijs of datum ori-ginele afleveringsbon) en heeft betrekking op alle soorten materiaal- en productie-fouten die bij normaal gebruik kunnen ontstaan. De garantietermijn is geldig met de aankoopnota van de geautoriseerde Medion handelspartner en (indien van to-epassing) de afleveringsbon. Indien en voor zover voldaan is aan de garantievoor-waarden, verleent Medion op de geleverde zaken een garantie van twee jaar op materiaal- en/of constructiefouten. Voor oplaadbare accu’s / batterijen geldt een ga-rantietermijn van zes maanden.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Micromaxx MD16600 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Naaimachine Micromaxx
Handleiding Naaimachine
Nieuwste handleidingen voor Naaimachine