Medion MD 37777 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Medion MD 37777 (98 pagina’s), behorend tot de categorie Hifi systeem. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 14 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Medion MD 37777 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/98
Bedienungsanleitung
Notice d‘utilisation
Gebruiksaanwijzing
Manual de instrucciones
Istruzioni per l‘uso
User Manual
Gefrierschrank
Congélateur
Diepfries
Congelador
Congelatore
Freezer
MEDION MD 37777

Beoordeel deze handleiding

4.3/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Medion
Categorie: Hifi systeem
Model: MD 37777

Handleiding Medion MD 37777 – volledige tekst

Apparaat langere tijd niet gebruiken. 4912. Transport. 4913. Afvalverwerking. 4914. Technische gegevens. 5015. Productinformatieblad. 5016. EU-conformiteitsinformatie. 5017. Reserveonderdelen. 5018. Informatie over het apparaat. 5018. 2. Informatie over het gebruikte koelmiddel R-600a. 5119. Service-informatie. 5120. Colofon. 52.

381. Informatie over deze gebruiks-aanwijzingHartelijk dank dat u voor ons product hebt gekozen. Wij wensen u veel plezier met het apparaat. Lees de veiligheidsvoorschriften en de volledige gebruiks-aanwijzing aandachtig door voordat u het apparaat in ge-bruik neemt. Neem de waarschuwingen op het apparaat en in de gebruiksaanwijzing in acht. Houd de gebruiksaanwijzing altijd binnen handbereik. Als u het apparaat verkoopt of doorgeeft, geef dan ook altijd deze gebruiksaanwijzing mee, omdat deze een essentieel onderdeel van het product is. 1. 1. Betekenis van de symbolenAls een tekstgedeelte is gemarkeerd met een van de vol-gende waarschuwingssymbolen, moet het in de tekst be-schreven gevaar worden vermeden om de daar beschre-ven mogelijke gevolgen te voorkomen. GEVAAR. Waarschuwing voor direct levensgevaar. GEVAAR. Waarschuwing voor gevaar door een elek-trische schok. WAARSCHUWING.

Bij professioneel gebruik of bij het gebruik voor andere doeleinden dan voor het be-vriezen van levensmiddelen kan de fabrikant niet voor schade aansprakelijk worden ge-steld.

Houd er rekening mee dat bij gebruik van het apparaat voor een ander doel dan waar-voor het is bestemd, de aansprakelijkheid vervalt:• Bouw het apparaat zonder onze toestem-ming niet om en gebruik het niet in com-binatie met hulp- of aanbouwapparaten die niet door ons zijn goedgekeurd of geleverd. • Gebruik uitsluitend door ons geleverde of goedgekeurde reserveonderdelen en accessoires. • Neem alle informatie in deze gebruiksaan-wijzing in acht en houd u in het bijzonder aan de veiligheidsvoorschriften. Iedere andere vorm van gebruik geldt als niet in overeenstemming met het gebruiksdoel en kan leiden tot letsel of materiële scha-de.

DEFRNLESITEN393. VeiligheidsvoorschriftenBELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN – LEES DEZE AANDACHTIG DOOR EN BE-WAAR ZE VOOR LATER GEBRUIK.  Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met een lichamelijke, zintuiglijke of ver-standelijke beperking of gebrek aan ken-nis en/of ervaring, mits iemand toezicht op hen houdt of hun instructie heeft ge-geven hoe ze het apparaat veilig kunnen gebruiken en ze hebben begrepen welke gevaren het gebruik van het apparaat met zich meebrengt.  Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.  Kinderen van 3 tot 8 jaar mogen levens-middelen en dranken in koelapparaten plaatsen en eruit halen.  Reiniging en gebruikersonderhoud mo-gen niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd.  Houd kinderen uit de buurt van het appa-raat. Als de deur van de vriesruimte dicht-valt, bestaat verstikkingsgevaar. 3. 1.

Algemene veiligheidsvoorschriftenWaarschuwing. Gevaar voor letsel. Het koelsysteem van het apparaat bevat het koelmiddel R-600a. Als er koelmiddel vrijkomt, bestaat er ge-vaar voor letsel.  WAARSCHUWING. Voorkom beschadi-ging van het koelmiddelcircuit.  Ventileer de ruimte als het koelsysteem toch beschadigd is geraakt. Vermijd open vuur en ontstekingsbronnen. Laat het apparaat door een professional repareren voordat u het weer in gebruik neemt.  Wanneer het koelmiddel in contact komt met de huid of de ogen, kan dat letsel tot gevolg hebben. Spoel in dat geval de ogen onmiddellijk met schoon water en raadpleeg een arts.  WAARSCHUWING. Gebruik in het koel-vak geen elektrische apparatuur die niet door de fabrikant wordt aanbevolen.

 Gebruik geen andere elektrische appa-ratuur (bijvoorbeeld ijsmachines) in het koelapparaat, tenzij de apparatuur hier-voor door de fabrikant is goedgekeurd.  Aanpassingen aan het koelmiddelcircuit zijn niet toegestaan en hebben tot gevolg dat de garantie komt te vervallen. WAARSCHUWING. Brandgevaar.

In de koelmiddelleidingen en in de compressor bevinden zich brand-bare vloeistoffen.  Let op het waarschuwingsteken 'Brandge-vaar' aan de achterkant van het apparaat of op de compressor.  Vermijd open vuur of ontstekingsbronnen tijdens het gebruiken, onderhouden en afvoeren van het apparaat. 3. 2. Opstelling en elektrische aansluitingWAARSCHUWING. Brandgevaar. Onvoldoende luchtcirculatie kan leiden tot oververhitting.  WAARSCHUWING. Voorkom dat de ventilatieopeningen in de behuizing, rondom het apparaat en in de inbouwnis worden geblokkeerd.  Het apparaat is niet bedoeld als in-bouwapparaat.  Plaats het apparaat niet in de buurt van warmtebronnen zoals fornuizen, radiato-ren, vloerverwarming enzovoort.

Als plaat-sing in de buurt van een warmtebron on-vermijdelijk is, gebruik dan een geschikte isolatieplaat of houd de volgende minima-le afstanden tot de warmtebron aan: – tot elektrische fornuizen of gasfornui-zen: ca. 5cm; – tot olie- of kolenkachels: ca. 50cm. – Bij de plaatsing naast een ander koe-lapparaat moet de afstand tussen beide apparaten minimaal 2cm bedragen.

40GEVAAR. Gevaar voor een elektrische schok. Er bestaat gevaar voor een elektri-sche schok door onderdelen die onder spanning staan.  Controleer na het opstellen of het net-snoer niet wordt ingeklemd of bescha-digd kan raken.  Gebruik het apparaat niet als het zicht-baar is beschadigd is of als het netsnoer of de stekker defect is.  Neem bij schade contact op met ons Ser-vice Center.  Sluit het apparaat alleen aan op een volgens de voorschriften geïnstalleerd en goed bereikbaar geaard stopcontact in de buurt van het apparaat. De lokale netspanning moet overeenkomen met de technische gegevens van het apparaat.  Zorg ervoor dat het stopcontact vrij toe-gankelijk is, zodat het apparaat zo nodig snel kan worden losgekoppeld van het stroomnet.  WAARSCHUWING. Zorg ervoor dat nie-mand over het netsnoer kan struikelen. Gebruik geen verlengsnoer.  WAARSCHUWING.

Let erop dat het netsnoer bij het plaatsen niet wordt inge-klemd of beschadigd raakt.  WAARSCHUWING. Plaats geen draag-bare meervoudige stekkerdozen of voe-dingen achter het apparaat.  Trek de stekker uit het stopcontact om het apparaat volledig van de stroomvoorzie-ning los te koppelen. 3. 3. Omgang met het apparaatWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel / gezond-heidsrisico. Onjuist gebruik van het apparaat kan letsel tot gevolg hebben.  Raak de bevroren binnenwanden van de vriesruimte en bevroren levensmiddelen niet met blote handen aan. Stop ijsblokjes en ijslolly's nooit direct vanuit de vries-ruimte in de mond. Koude brandwonden zijn mogelijk.  De voet, laden, deuren enzovoort zijn niet geschikt om op te staan of te leunen.

Als het apparaat langere tijd wordt blootge-steld aan een temperatuur die lager is dan de ondergrens van het temperatuurbereik waarvoor het is bedoeld (onder de 10°C), werkt het mogelijk niet goed (de levensmid-delen in het apparaat kunnen gedeeltelijk ontdooien of de temperatuur in de vries-ruimte stijgt).

Bij stroomuitval en als het apparaat is uitge-schakeld, kunnen de levensmiddelen in het apparaat geheel of gedeeltelijk ontdooien. Er bestaat gevaar voor voedselvergiftiging.  Controleer na een eventuele stroomsto-ring visueel of aan de hand van de geur of de levensmiddelen nog bruikbaar zijn.  Na een eventuele stroomstoring moeten ingevroren levensmiddelen die zichtbaar zijn ontdooid, worden weggegooid.  Vries geheel of gedeeltelijk ontdooide le-vensmiddelen niet opnieuw in.  WAARSCHUWING. Als u de deur gedu-rende lange tijd open laat staan, kan de temperatuur in de binnenruimte van het apparaat aanzienlijk stijgen.  Reinig oppervlakken die met levensmid-delen en toegankelijke afvoersystemen in aanraking komen regelmatig.

DEFRNLESITEN41  Haal bij het uitschakelen van het appa-raat, ook als dit niet lang duurt, de inge-vroren levensmiddelen uit het apparaat en bewaar ze op een voldoende koele plaats.  Houd het apparaat schoon en sla levens-middelen correct op.  Als u het apparaat langere tijd niet ge-bruikt, trekt u de stekker uit het stopcon-tact, ontdooit en reinigt u de deur van de vriesruimte, en laat u de deur openstaan om onaangename geurtjes en schimmel-vorming te voorkomen.4. Inhoud van de leveringGEVAAR!Verstikkingsgevaar!Er bestaat verstikkingsgevaar door het inslikken of inade-men van kleine onderdelen of folie.  Bewaar al het gebruikte verpakkingsmateriaal (zakken, stukken polystyreen enz.) buiten het bereik van kinde-ren.

 Laat kinderen niet met de verpakking spelen.Controleer of de levering volledig en onbeschadigd is en informeer ons binnen 14 dagen na aankoop wanneer de levering onvolledig of beschadigd is.Het door u gekochte pakket moet het volgende bevatten:• vrieskast, incl. – 2 transparante lades, – 2 glasplaten, – 1 afstandhouder, – 1 ijsblokjesbakje, – 1 ijskrabber• Beknopte gebruiksaanwijzing5. Beschrijving van de onderdelen67891014235Afb. 1 – Vooraanzicht met deur open1. Temperatuurregelaar (aan de achterkant van het ap-paraat)2. Glasplaat, groot3. Glasplaat, klein4. Deur vriesruimte5. IJsblokjesbakje (afbeelding vergelijkbaar)6. IJskrabber7. Pootjes8. Netsnoer met stekker (aan de achterkant van het ap-paraat, niet weergegeven)9. Lade10. Vriesvak met klep11Afb. 2 – Afstandshouder11.

426. Voorbereiding voor gebruik  Het apparaat uitpakken en de tape verwijderen. Verwijder eventueel achtergebleven lijmresten met een mild reinigingsmiddel.  Het polystyreenschuim dat ter bescherming om het apparaat is aangebracht, moet apart worden afge-voerd.  De binnenkant van het apparaat en de losse onder-delen met lauw water en een mild reinigingsmiddel reinigen en laten drogen (zie hoofdstuk “8. Reinigen en ontdooien” op pagina47). 6. 1. Deuraanslag omdraaienDe vrieskast wordt geleverd met de deuraanslag rechts. Ga als volgt te werk om de openingsrichting te wijzigen. Benodigd gereedschap: – platte schroevendraaier – kruiskopschroevendraaier  De temperatuurregelaar (1) voorbij stand 1 even in de stand  draaien. U hoort dan een klik. Het apparaat schakelt uit. Trek de stekker (8) uit het stopcontact.

 Verwijder de laden (9) en de glasplaten (2/3) zoals be-schreven in het volgende hoofdstuk.  Kantel het apparaat achterover (maximaal 40°) en zet het voorzichtig tegen bijvoorbeeld de rand van een stoel, zodat u bij de bevestigingsschroeven van het onderste scharnier kunt.  Draai de twee pootjes (7) linksom los (zie Afb. 3).  Houd de deur van de vriesruimte (4) gesloten. Afb. 3 – Pootjes uitdraaien  Draai de twee schroeven van het onderste scharnier met een kruiskopschroevendraaier (zie Afb. 4) los.  Draai de twee schroeven links in de behuizing los en verplaats de schroeven naar de rechterkant van de behuizing. Afb. 4 – Scharnierschroeven verwijderen  Draai met een platte schroevendraaier de scharniertap van het onderste scharnier los en verplaats de schar-niertap naar het naastgelegen boorgat (zie Afb. 5). Afb.

5 – Scharnierpen verplaatsen  Til de deur van de vriesruimte (4) onderaan iets op en trek deze uit de bovenste scharniertap (zie Afb. 6).  Plaats de deur van de vriesruimte (4) beveiligd tegen het omvallen opzij op een zachte ondergrond om kras-sen te vermijden. Afb.

DEFRNLESITEN43Afb. 7 – Bovenste scharnier verwijderen  Verwijder de scharniertap met een platte schroeven-draaier (zie Afb. 8).Afb. 8 – Scharnierpen verwijderen  Steek de scharnierpen in het tegenoverliggende boor-gat (zie Afb. 9) en draai deze met een kruiskopschroe-vendraaier vast.Afb. 9 – Scharnierpen verplaatsen  Bevestig het bovenste scharnier met de twee beves-tigingsschroeven met een kruiskopschroevendraaier aan de linkerkant (zie Afb. 10).Afb. 10 – Bovenste scharnier monteren  Verwijder met behulp van een kleine platte schroeven-draaier de blindstop linksboven aan de deur van de vriesruimte en de scharnierbus aan de rechterkant.  Bevestig de scharnierbus in het boorgat aan de linker-kant. Let daarbij op waar de geleidenok zit.  Bevestig de blinde stop in het boorgat aan de rechter-kant (zie Afb. 11).Afb.

44Afb. 13 – Deur vriesruimte plaatsen  Breng het onderste scharnier zo aan dat de scharnier-tap in de onderste bus in de deur valt.  Bevestig met een kruiskopschroevendraaier de twee schroeven van het onderste scharnier.  Draai de schroeven nog niet helemaal aan, zodat u de deur van de vriesruimte (4) nog kunt uitlijnen. Pas wanneer de deur van de vriesruimte (4) goed gesloten kan worden, draait u de schroeven vast (zie Afb. 14).Afb. 14 – Onderste scharnier bevestigen  Draai de twee pootjes (7) er rechtsom in (zie Afb. 15).  Zet het apparaat weer rechtop.Afb. 15 – Pootjes inschroevenDe openingsrichting van de deur van de vriesruimte (4) is nu gewijzigd (zie Afb. 16).Afb. 16 – Deuraanslag linksLet op: de deurafdichting past zich na een paar uur aan de nieuwe deuraanslag aan.

Wanneer het apparaat tijdens het transport meer dan 40° wordt gekanteld, mag het pas na 3 uur op het stroomnet worden aangesloten en worden ingeschakeld, zodat het koelmiddelcircuit na het transport weer kan normaliseren.

DEFRNLESITEN456. 2. Afstandhouders monterenAfb.  – Afstandshouder bevestigenMonteer de afstandshouder () ter hoogte van de boven-ste montageplaat (zie Afb. ) aan de achterkant van het apparaat op de koelribben. Plaats de afstandshouder () in verticale positie tot aan de uitsparing met de markering T tussen twee koelribben en draai deze ° in horizontale positie zoals afgebeeld. Zo wordt voorkomen dat de condensator in direct contact komt met de wand. 6. 3. Apparaat plaatsenLET OP. Mogelijke materiële schade. Gevaar voor schade aan het apparaat door onjuist gebruik  Plaats de vrieskast in een droge ruimte die kan worden geventileerd. Om bij beschadiging van het koelsys-teem voor voldoende verluchting te zorgen, moet de ruimte een oppervlak hebben van circa m².

 Houd bij de installatie rekening met de ruimte die voor het apparaat nodig is:Houd voor voldoende ventilatie een afstand van mi-nimaal cm tot het plafond, cm tot de zijkanten en ,cm tot de achterwand aan. Om de deur van de vriesruimte () helemaal te kunnen openen, moeten de onderstaande afmetingen beschikbaar zijn (zie Afb. ).  Het apparaat is geschikt voor de klimaatklassen T en SN (zie typeplaatje). Bij een omgevingstemperatuur van °C tot °C is het koelvermogen van het appa-raat optimaal. Bij afwijkende temperaturen kan het vermogen van het apparaat afnemen.  Stel het apparaat niet bloot aan extreme omstandig-heden. Vermijd: – hoge luchtvochtigheid en vocht; – extreem hoge en lage temperaturen; – direct zonlicht; – open vuur. ca. 116 cmca. 105 cmca. 7,5 cm5 cm5 cmmax. 225°Afb.  – Benodigde afmetingen  Zet het apparaat op een geschikte plaats. ca. 84 cmca.

 Zet de vrieskast recht met een waterpas. 6. 4. Lade/glasplaat verwijderen en terug-plaatsen  Om een lade () of een glasplaat (/) te verwijderen, opent u de deur van de vriesruimte () volledig.  Trek de lade () er met beide handen uit en verwijder de lade () onder een lichte hoek uit de vriesruimte.  Om de grote glasplaat () te kunnen verwijderen, opent u eerst het vriesvak met klep ().  Til de glasplaat (/) die u uit het apparaat wilt ha-len, iets op en haal de plaat terwijl u hem iets schuin houdt, uit de geleiding.  Om de glasplaat (/) weer terug te plaatsen, kantelt u de plaat iets, schuift u hem dan eerst in de achterste geleiding en legt u hem vervolgens voorzichtig in de voorste geleiding.  Om een lade () terug te plaatsen, schuift u de lade () iets gekanteld in het apparaat.

467. Apparaat bedienen  Sluit het apparaat aan op een geaard stopcontact. De lokale netspanning moet overeenkomen met de tech-nische gegevens van het apparaat. De instelling van de temperatuurregelaar zorgt voor een automatische temperatuurregeling in de vriesruimte. De temperatuurregelaar heeft 3 instellingen:1Laagste koelvermogen (het warmst)Kortstondige opslag van bevroren produc-ten2Tussenstanden Middellange opslag van bevroren produc-ten3Hoogste koelvermogen (het koudst)Langdurige opslag van bevroren producten  Zet de temperatuurregelaar (1) vóór het inleggen van verse levensmiddelen op de stand 3. De binnentemperaturen kunnen worden beïnvloed door de standplaats van het apparaat, de omgevingstempe-ratuur en frequentie waarmee de deur wordt geopend. Houd hier bij het instellen van de temperatuurregelaar rekening mee.

Hoorbare geluiden zoals kraken, zoemen of borrelen worden veroorzaakt door het uitzetten en krimpen van de constructie-elementen als gevolg van temperatuurver-anderingen en/of door het werken van de compressor en betekenen niet dat het apparaat niet in orde is.  Controleer de temperatuur in de vriesruimte door er een thermometer in te leggen. De ideale temperatuur in de vriesruimte is -18°C. Als deze temperatuur is be-reikt, kunt u levensmiddelen in het apparaat doen en de temperatuurregelaar (1) op de stand 2,5 terugdraai-en. Na de eerste keer inschakelen heeft het apparaat on-geveer 24 uur nodig om deze temperatuur te bereiken. 7. 1. Apparaat uitschakelen  Om het apparaat uit te schakelen, draait u de tempe-ratuurregelaar (1) voorbij stand 1 en zet u hem even op de stand . U hoort dan een klik. Trek dan de stekker (8) uit het stopcontact.

 Wacht circa tien minuten voordat u het apparaat op-nieuw inschakelt. 7. 2. Tips voor energiebesparingNeem voor een optimaal koelvermogen bij een laag ener-gieverbruik het volgende in acht:  Plaats het apparaat niet in de buurt van een warmte-bron (zoals een radiator of fornuis).

 De ruimte waarin het apparaat staat, mag niet te warm zijn en moet droog, stofvrij en goed geventileerd zijn.  Zorg ervoor dat de lucht rondom het apparaat vrij kan circuleren.  Laat alle laden (9) tijdens gebruik van het apparaat erin staan, dan is uw energieverbruik het laagst.  Als u de deur van de vriesruimte (4) gedurende langere tijd open laat staan, kan de temperatuur in de verschil-lende gedeelten van het apparaat aanzienlijk stijgen. Open de deur maar kort als u levensmiddelen in het apparaat plaatst of uit het apparaat haalt. Hoe korter de deur openstaat, hoe minder kou ontsnapt en hoe minder energie het apparaat verbruikt.  Stem de instelling van de temperatuur af op de hoe-veelheid levensmiddelen die zich in het apparaat be-vindt.  Zorg ervoor dat de deurafdichtingen onbeschadigd zijn en dat de deuren goed sluiten.

 Schakel het koelapparaat als het langere tijd leegstaat uit. Laat het apparaat ontdooien, reinig het en maak het droog. Laat de deur openstaan om schimmelvor-ming in het apparaat te voorkomen. 7. 3. Diepvriezen van levensmiddelenWAARSCHUWING. Explosiegevaar. Ontvlambare gassen en vloeistoffen kunnen bij opslag in het apparaat explosies veroorzaken.  Sla in dit apparaat geen explosieve stoffen op, zoals aerosolspuitbussen met brandbaar drijfgas.  Vries geen koolzuurhoudende dranken in. Door uitzet-ting van vloeistof kan de fles springen.  Plaats geen glazen of metalen flessen of bekers met vloeistof in het vriesruimte. WAARSCHUWING. Gevaar voor de gezondheid.

Als u dagelijks levensmiddelen wilt invriezen, moet u moge-lijk de hoeveelheid in te vriezen producten beperken.  De door de levensmiddelenfabrikanten aanbevolen bewaartijden mogen niet worden overschreden. Wanneer geen gegevens beschikbaar zijn, moeten levensmiddelen niet langer dan drie maanden worden bewaard.  Verpak de levensmiddelen in reukvrij, lucht- en vocht-dicht en vet- en loogbestendig verpakkingsmateriaal om kruiscontaminatie te voorkomen. – Polyethyleenfolie en aluminiumfolie zijn het meest geschikt. – De verpakking moet dicht zijn en strak om de le-vensmiddelen heen zitten.

DEFRNLESITEN47 – Gebruik geen glazen verpakkingen, omdat het glas kan springen.  Zorg ervoor dat de vriesruimte niet te vol zit, omdat een optimaal vriesvermogen dan niet gewaarborgd is en het energieverbruik toeneemt.  Tekenen van vocht of opzwellen van de diepvriesver-pakking wijzen erop dat de levensmiddelen niet cor-rect zijn bewaard of getransporteerd en eventueel zijn bedorven. Controleer vóór consumptie of de levens-middelen nog eetbaar zijn. Vrijwel alle levensmiddelen kunnen worden ingevroren, met uitzondering van groente die rauw wordt genuttigd, zoals sla. Alleen verse levensmiddelen zijn geschikt om in te vrie-zen. Portioneer de levensmiddelen voor eenmalig ver-bruik. Vries ontdooide producten niet opnieuw in.  Zet de temperatuurregelaar (1) 6 uur voordat u verse levensmiddelen gaat invriezen op stand 3.

Zet nadat u verse levensmiddelen in het apparaat hebt gedaan om deze in te vriezen, de temperatuurregelaar (1) op stand 2,5. In de vriesruimte kan fruit worden ingevroren en kunnen ijsblokjes worden gemaakt. 7. 4. De ijsblokjesmachine gebruiken  Reinig het ijsblokjesbakje (5) vóór het eerste gebruik grondig met water en een beetje afwasmiddel.  Vul het bakje met drinkwater.  Plaats het ijsblokjesbakje (5) horizontaal in de onderste lade (9).  Zodra de ijsblokjes bevroren zijn, haalt u het ijsblokjes-bakje (5) uit de lade (9) en drukt u de ijsblokjes uit de vorm. 7. 5. Levensmiddelen ontdooienAfhankelijk van hun soort en gebruiksdoel kunnen de levensmiddelen worden ontdooid in de koelkast, in een met lauw water gevulde bak of schaal, in een magnetron, bij omgevingstemperatuur of in de oven. Groenten en fruit die voor koken zijn bedoeld, hoeven niet te worden ontdooid.

Ontdooide levensmiddelen moeten zo mogelijk nog op dezelfde dag worden geconsumeerd. In de koelkast kun-nen ze maximaal tot de volgende dag worden bewaard. Ontdooide levensmiddelen, ook gedeeltelijk ontdooid, mogen niet opnieuw worden ingevroren. 8.

Reinigen en ontdooien  Reinig regelmatig de oppervlakken die met levensmid-delen in aanraking komen. GEVAAR. Gevaar voor een elektrische schok. Er bestaat gevaar voor een elektrische schok door stroom-voerende onderdelen.  Draai voordat u het apparaat gaat reinigen of ontdooi-en de temperatuurregelaar (1) altijd even voorbij stand 1 in de stand . U hoort dan een klik. Het apparaat schakelt uit. Trek dan de stekker (8) uit het stopcontact (trek hierbij niet aan het snoer, maar aan de stekker (8)). Als u niet bij de stekker kunt, moet u in de meter-kast de betreffende zekering uitschakelen.  Pak de stekker (8) niet vast met vochtige of natte han-den. GEVAAR. EXPLOSIE- en BRANDGEVAAR. Door gasvorming kunnen explosies optreden.  Gebruik voor het reinigen van het apparaat of onder-delen ervan geen brandbare vloeistoffen.

 Gebruik geen ontdooisprays omdat deze explosieve gassen kunnen vormen. WAARSCHUWING. Gevaar voor letsel. Koude brandwonden zijn mogelijk.  Raak de bevroren binnenwanden van de vriesruimte en bevroren levensmiddelen niet met blote handen aan. Gebruik bijvoorbeeld een droge doek om de be-vroren producten vast te pakken. LET OP. Mogelijke materiële schade. Schade aan het apparaat door verkeerde omgang met ge-voelige oppervlakken van het apparaat  Gevoelige oppervlakken: de kunststof onderdelen en de deurafdichting mogen niet in aanraking komen met olie en vet, omdat de deurafdichting hierdoor po-reus en broos kan worden. Voorkom dat de kunststof onderdelen in contact komen met olie of vet.  Gebruik in geen geval bijtende, schurende of korrelige reinigingsmiddelen of reinigingsmiddelen die azijn-zuur, soda of oplosmiddelen bevatten. Deze kunnen de oppervlakken beschadigen.

De thermische isolatie en de binnenruimte zijn gevoelig voor krassen en hitte en kunnen smelten.  Gebruik geen elektronische apparaten in het apparaat. Zowel het apparaat zelf als het gebruikte elektronische apparaat kan onherstelbaar beschadigd raken.  Draai de temperatuurregelaar (1) even voorbij stand 1 in de stand . U hoort dan een klik. Het apparaat scha-kelt uit.  Trek de stekker (8) uit het stopcontact. 8. 1. De vriesruimte ontdooienAls zich op het oppervlak van de vriesruimte veel ijs afzet, neemt de efficiëntie van het apparaat af en verbruikt het meer energie.  Zet een paar uur voordat u het apparaat gaat ontdooi-en, de temperatuurregelaar (1) op stand 3. De inge-vroren levensmiddelen kunnen dan langere tijd op kamertemperatuur worden bewaard.

48Een temperatuurstijging tijdens het handmatig ontdooi-en, onderhouden en reinigen van het apparaat kan leiden tot een kortere bewaartijd van de ingevroren levensmid-delen. Het wordt aanbevolen om het apparaat minimaal één keer per jaar te ontdooien.  Haal de ingevroren levensmiddelen uit het vriesruimte, wikkel ze in een paar lagen krantenpapier, wikkel er eventueel nog een deken omheen en leg ze op een koele plaats.  Verwijder de laden (9) en glasplaten (2/3) uit de vries-ruimte.  Na ongeveer een half uur kan de rijp met een ijskrab-ber (6) gemakkelijk van de gladde wanden worden verwijderd. 8. 2. Apparaat reinigen  Reinig de vriesruimte met een mild schoonmaak-middel (bijvoorbeeld afwasmiddel) en laat de ruimte drogen.  Reinig alle losse onderdelen zorgvuldig met een mild schoonmaakmiddel (bijvoorbeeld afwasmiddel). De losse onderdelen zijn geschikt voor de vaatwasser.

WAARSCHUWING. Gevaar voor letsel. Het gevaar bestaat dat het glas breekt met snijwonden als mogelijk gevolg.  Spoel de koude glasplaten (2/3) niet af met heet water. Door spanning kan het glas breken. Wacht tot de glas-platen (2/3) op kamertemperatuur zijn gekomen. Om schimmel te voorkomen, is de toevoeging van azijn (schoonmaakazijn, huishoudazijn of azijnessence) aan het water geschikt om schoon te maken. Reinigingsmiddelen die zand, soda of zuur bevatten, zijn niet geschikt.  Reinig de oppervlakken van het apparaat, behalve de deurafdichting, met een mild reinigingsmiddel.  Reinig de deurafdichting met schoon water, neem het water af en laat de afdichting drogen.  Zuig de koelribben aan de achterkant van het appa-raat één tot twee keer per jaar voorzichtig af met een zuigborstel, zodat een optimale luchtcirculatie rondom de koelcompressor gewaarborgd blijft.

Let er bij het afzuigen op dat de elektrische leidingen en capillaire buizen niet beschadigd raken.  Schakel het apparaat weer in zoals beschreven in het betreffende hoofdstuk van de gebruiksaanwijzing. 9.

Maatregelen bij stroomuitvalOntdooide levensmiddelen, ook gedeeltelijk ontdooid, mogen niet opnieuw worden ingevroren.  Bij stroomuitval moet u vóór het consumeren van de levensmiddelen controleren of ze nog in orde zijn (zie ook “3. 3. Omgang met het apparaat” op pagina40). 10. Problemen oplossenTijdens het gebruik kunnen storingen optreden. Contro-leer aan de hand van de volgende tabel of u het probleem zelf kunt verhelpen. Alle andere reparaties zijn niet toege-staan en maken de garantie ongeldig. Neem daarom bij storingen contact op met ons Service Center of een ander professioneel reparatiebedrijf. WAARSCHUWING. Gevaar voor een elektrische schok. Er bestaat gevaar voor een elektrische schok door onder-delen die onder spanning staan.  Probeer in geen geval zelf een onderdeel van het ap-paraat open te maken en/of te repareren.

 Als het netsnoer van het apparaat beschadigd raakt, moet dit door de fabrikant, de klantenservice van de fabrikant of iemand met vergelijkbare kwalificaties worden vervangen om risico's te voorkomen.  Neem bij een storing contact op met de serviceafde-ling of een andere geschikte technische dienst. Storing Oorzaak OplossingHet apparaat werkt niet. Stroomtoe-voer onder-broken  Controleer of de stekker (8) in het stopcontact zit.  Controleer of er spanning op het stopcontact staat door er een ander elektrisch apparaat op aan te sluiten (bijvoorbeeld een nachtlampje).  Controleer de ze-kering.  Controleer het netsnoer (8) op be-schadigingen. De compres-sor wordt maar heel af en toe inge-schakeld.  Controleer of de omgevingstempe-ratuur niet lager is dan 10 °C. De tempe-ratuur in de vriesruimte is niet laag genoeg.

De deur van de vriesruim-te (4) kan niet worden gesloten of wordt te vaak geo-pend.  Plaats de levens-middelen zo dat de deur goed kan worden gesloten.  Open de deur van de vriesruimte (4) gedurende kortere tijd.

DEFRNLESITEN49Storing Oorzaak OplossingDe tempe-ratuur in de vriesruimte is niet laag genoeg. De omge-vingstem-peratuur is hoger dan +43°C.  Het apparaat is bedoeld voor het gebruik bij een omgevingstempe-ratuur tussen de +10°C en +43°C. Er is te wei-nig luchtcir-culatie.  Schuif het appa-raat verder van de muur. Het apparaat staat in di-rect zonlicht of naast een warmtebron.  Zet het apparaat op een andere plaats. Het apparaat maakt te veel lawaai. Het apparaat is niet goed opgesteld.  Lijn het apparaat uit. Het appa-raat komt in contact met meubels of andere voor-werpen.  Zet het apparaat vrij neer, zodat het geen andere voor-werpen raakt. 11. Apparaat langere tijd niet ge-bruikenWanneer u de vrieskast gedurende langere tijd niet ge-bruikt, moet u het volgende doen:  Draai de temperatuurregelaar (1) even voorbij stand 1 in de stand . U hoort dan een klik.

Het apparaat scha-kelt uit.  Trek de stekker (8) uit het stopcontact.  Maak het apparaat leeg.  Reinig de vriesruimte en laat hem drogen.  Maak de laden (9) voorzichtig schoon en droog.  Laat de deur van de vriesruimte (4) open om de ont-wikkeling van onaangename geuren en schimmelvor-ming te voorkomen. 12. TransportVOORZICHTIG. Gevaar voor letsel. Het apparaat is erg zwaar. Er bestaat gevaar voor letsel door vertillen.  Transporteer het apparaat niet alleen, maar altijd sa-men met ten minste één andere persoon. LET OP. Mogelijke materiële schade. Gevaar voor schade aan het apparaat door onjuist trans-port  Let erop dat de verpakking niet beschadigd is.  Verwijder voorzichtig het verpakkingsmateriaal en controleer het apparaat op transportschade.  Een beschadigd apparaat mag in geen geval worden aangesloten. Neem in geval van schade contact op met de klantenservice.

 Let er bij het transport en de opstelling van het ap-paraat op dat er geen onderdelen van het koelcircuit beschadigd raken.  Transporteer het apparaat indien mogelijk altijd recht-op. Wanneer het apparaat tijdens het transport meer dan 40° wordt gekanteld, mag het pas na 3 uur op het stroomnet worden aangesloten en worden ingescha-keld, zodat het koelmiddelcircuit na het transport weer kan normaliseren.  Zet het apparaat niet neer op de zij- of achterkant, om-dat er dan olie uit de compressor in het koelcircuit te-recht kan komen en het koelcircuit verstopt kan raken.  Stel het apparaat niet bloot aan regen of spatwater. 13. AfvalverwerkingGEVAAR. Verstikkingsgevaar. Gevaar voor letsel.

Ga voor het afvoeren van het apparaat als volgt te werk om gevaren voor kinderen te voorkomen:  Demonteer de deur van de vriesruimte en de deuraf-dichting of plak de deur van de vriesruimte met tape dicht.  Laat de laden (9)/glasplaten (2/3) in het apparaat zit-ten, zodat niemand, bijvoorbeeld kinderen of andere personen, in het apparaat kunnen klimmen. VERPAKKINGHet apparaat zit ter bescherming tegen transportschade in een ver-pakking. Verpakkingen zijn gemaakt van materialen die milieuvriendelijk kunnen worden afgevoerd en vak-kundig kunnen worden gerecycled.

Neem de volgende markering van verpak-kingsmaterialen met de afkortingen (a) en nummers (b) in acht bij het scheiden van afval:1-7: kunststoffen/20-22: papier en karton/80-98: composietmaterialen(Alleen voor Frankrijk)Met het 'Triman'-symbool wordt de gebruiker geïnformeerd dat het product recyclebaar is, onder een uitgebreid systeem voor producen-tenverantwoordelijkheid valt en dat in Frank-rijk een sorteerinstructie van toepassing is.

50APPARAATGebruikte apparaten met het hiernaast afge-beelde pictogram mogen niet bij het gewone huishoudelijke afval worden gedeponeerd. Volgens richtlijn //EU moet het apparaat aan het einde van de levensduur volgens de voorschriften worden afgevoerd. Hierbij worden voor hergebruik geschikte stoffen in het apparaat gerecycled, zodat be-lasting van het milieu en negatieve gevolgen voor de menselijke gezondheid worden voor-komen. Lever het apparaat in bij een inzamelpunt voor elektronisch afval of bij een afvalsorteercen-trum. Neem voor meer informatie contact op met uw plaatselijke afvalverwerkingsbedrijf of uw gemeente.  Houd er bij het afvoeren van het apparaat rekening mee dat het apparaat of de isolatie cyclopentaan (brandbaar isolatiegas) bevat.  Het apparaat en de isolatie moeten volgens de daar-voor geldende voorschriften worden afgevoerd. 14.

Technische gegevensAdres van de leverancier: MEDION AGAm Zehnthof  EssenDuitslandModelaanduiding: MD Nominale spanning: – VNominale frequentie: HzNominaal stroomverbruik: ,A Koelmiddel: R-aKoelmiddelhoeveelheid: gIsolatiegas: cyclopentaanGewicht: ca. ,kgVeiligheidsklasse I Bewaartijd bij storing  uurID 111127270915. ProductinformatiebladScan de QR-code hiernaast om het product-informatieblad te downloaden of neem con-tact op met het Service Center via www. me-dion. com/contact om een gedrukte versie van het productinformatieblad aan te vra-gen. De QR-code staat ook op het energiela-bel. 16. EU-conformiteitsinformatieHierbij verklaart MEDION AG dat het product overeenkomt met de volgende eisen van de Europese Unie:• EMC-richtlijn //EU;• Laagspanningsrichtlijn //EU;• Ecodesignrichtlijn //EG;• RoHS-richtlijn //EU. 17.

ReserveonderdelenGa voor het nabestellen van reserveonder-delen naar onze MEDION Serviceshop op https://www. medon. com/medonservceshop. Daar vindt u alle passende reserveonderdelen voor uw product. Alle beschikbare reserveonderdelen kunnen gedurende een periode van jaar worden aangeschaft. Afdichtingen kunnen gedurende een periode van jaar worden aan-geschaft. 18. Informatie over het apparaat• Het koelcircuit van het apparaat bevat het koelmiddel R-a (vrij van cfk's en hfk's). • Het koelcircuit is gecontroleerd op lekkage. Het vol-doet aan de relevante veiligheidsvoorschriften voor elektrische apparaten. • Energie-efficiëntieklasse D• Klimaatklasse T/SNDe betekenis van de klimaatklassen staat in de volgende tabel.

Kli-maat-klasseBetekenisOmgevings-temperatuurSN Apparaten voor een sub-normaal klimaat+°C tot +°CN Apparaten voor een ge-matigd klimaat+°C tot +°CST Apparaten voor een subtropisch klimaat+°C tot +°CT Apparaten voor een tro-pisch klimaat+°C tot +°C.

DEFRNLESITEN51Het apparaat bereikt energie-efficiëntieklasse D onder de volgende omgevingsomstandigheden en instellin-gen. Omgevings-temperatuurTemperatuurinstelling°C°C18. 2. Informatie over het gebruikte koel-middel R-600aIn dit apparaat worden R-a en cyclopentaan gebruikt als % cfk-vrije koel- en isolatiemiddelen. Hierdoor wordt de ozonlaag niet aangetast en ontstaat er geen broeikaseffect. Deze apparaten zijn te herkennen aan de aanduiding 'Koelmiddel R-a' op het typeplaatje.  Voorkom dat het koelmiddelcircuit beschadigd raakt, omdat R-a als het vrijkomt in lichte mate kan bij-dragen aan het broeikaseffect.  Dit geldt zowel bij transport als tijdens de hele levens-duur van het apparaat. Zorg er ook voor dat dit soort apparaten op de juiste manier en in overeenstemming met de lokale voorschriften wordt afgevoerd. 19.

Service-informatieWanneer uw apparaat niet zoals gewenst of verwacht functioneert, neem dan contact op met onze klantenser-vice. U heeft verschillende mogelijkheden, om met ons contact op te nemen:• In onze Service-Community vindt u andere gebruikers en onze medewerkers en daar kunt u uw ervaringen uitwisselen en uw kennis delen. U vindt onze Service-Community onder communty. medon. com. • U kunt natuurlijk ook ons contactformulier gebruiken onder www. medon. com/contact. • En bovendien staat ons serviceteam ook via de klan-tenservice of per post ter beschikking. NederlandOpeningstijden klan-tenserviceKlantenserviceMa - vr: .  - .  uur   -  Buiten deze tijden kunt u op het genoemde nummer te allen tijde gebruik maken van onze voicemaildienst met terugbeloptie.

Kennedylaan 16a5981 XC PanningenNederlandDeze en vele andere gebruiksaanwij-zingen staan ter beschikking om te downloaden via het serviceportaal www. medonservce. com. Om redenen van duurzaamheid heb-ben wij geen gedrukte garantievoor-waarden. U vindt onze garantievoor-waarden ook in ons serviceportaal. Ook kunt u de QR-code hiernaast scannen en de gebruiksaanwijzing via het serviceportaal downloaden op uw mobiele eindapparaat.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Medion MD 37777 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden