Mastervolt ChargeMaster 24 30-3 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Mastervolt ChargeMaster 24 30-3 (28 pagina’s), behorend tot de categorie Acculader. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 41 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Mastervolt ChargeMaster 24 30-3 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Mastervolt |
| Categorie: | Acculader |
| Model: | ChargeMaster 24 30-3 |
Handleiding Mastervolt ChargeMaster 24 30-3 – volledige tekst
INHOUD 30 Augustus 2009 / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ NL INHOUD: v1. 3 Augustus 2009 1 ALGEMENE INFORMATIE. 32 1. 1 Gebruik van deze handleiding. 32 1. 2 Geldigheid van deze handleiding. 32 1. 3 Gebruik van pictogrammen. 32 1. 4 Typenummerplaat. 32 1. 5 Aansprakelijkheid. 32 2 BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES. 33 2. 1 Algemeen. 33 2. 2 Explosieve gassen. 33 2. 3 Waarschuwingen met betrekking tot het gebruik van accu’s. 34 2. 4 Waarschuwing betreffende het gebruik van de ChargeMaster voor medische toepassingen. 34 2. 5 Garantiebepalingen. 34 3 BEDIENING. 35 3. 1 Eigenschappen. 35 3. 2 Inschakelen / standby. 35 3. 3 Afleesscherm. 36 3. 4 Drietraps laadmethode. 36 3. 4. 1 Temperatuur gecompenseerd laden. 37 3. 4. 2 Aansluiten van een tweede en derde accu. 37 3. 5 Masterbus (optioneel). 37 3. 6 Onderhoud. 37 3. 7 Fouten. 37 4 INSTALLATIE. 38 4. 1 Uitpakken. 38 4.
ALGEMENE INFORMATIE 32 Augustus 2009 / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ NL 1 ALGEMENE INFORMATIE 1. 1 GEBRUIK VAN DEZE HANDLEIDING Deze handleiding dient als richtlijn om de ChargeMaster op een veilige en doelmatige wijze te bedienen, te onderhouden en eventuele kleine storingen zelf op te lossen. Iedereen die aan of met de ChargeMaster werkt, moet dan ook van de inhoud van deze handleiding op de hoogte zijn en de instructies daarin nauwgezet opvolgen. De Nederlandstalige handleiding telt 28 bladzijden. Copyright © 2008 Mastervolt. Alle rechten voorbehouden. Onrechtmatige reproductie, overdracht, distributie of opslag van dit document of een gedeelte ervan in enige vorm zonder voorafgaande geschreven toestemming van Mastervolt is verboden. 1.
2 GELDIGHEID VAN DEZE HANDLEIDING Alle in deze handleiding beschreven voorschriften, voorzieningen en instructies gelden uitsluitend voor de door Mastervolt geleverde standaard uitvoeringen van de ChargeMaster. Artikelnummer Omschrijving 44010350 ChargeMaster 12/35-3 44010500 ChargeMaster 12/50-3 44020200 ChargeMaster 24/20-3 44020300 ChargeMaster 24/30-3 Deze modellen worden vanaf nu in deze handleiding “ChargeMaster” genoemd. Raadpleeg voor de overige modellen onze website www. mastervolt. com 1. 3 GEBRUIK VAN PICTOGRAMMEN Veiligheidsinstructies en waarschuwingen worden in deze handleiding gemarkeerd door de onderstaande pictogrammen: LET OP. Bijzondere gegevens, respectievelijk geboden en verboden ten aanzien van schadepreventie.
WAARSCHUWING Een waarschuwing duidt op eventueel letsel voor de gebruiker of omvangrijke materiële schade aan de omvormer indien de gebruiker de procedures niet (zorgvuldig) uitvoert. Een procedure, omstandigheid, enzovoort, die extra aandacht verdient. 1. 4 TYPENUMMERPLAAT De typenummerplaat bevindt zich aan de rechterzijde van het apparaat (zie Afbeelding 1).
Belangrijke technische gegevens vereist voor service, onderhoud en nalevering van onderdelen kunnen ontleend worden aan de typenummerplaat. Afbeelding 1: Typenummerplaat LET OP. Verwijder nooit de typenummerplaat. 1. 5 AANSPRAKELIJKHEID Mastervolt kan niet aansprakelijk worden gesteld voor: • gevolgschade ontstaan door het gebruik van de ChargeMaster; • eventuele fouten in bijbehorende handleidingen en de gevolgen daarvan. Serienummer V822A0001Apparaatversie “A” Artikelnummer Design byMastervoltMade in PRCPart no : 44020300Type : ChargeMaster 24/30-3Input : 120/230V AC 50/60 Hz 8. 5A/4. 2AOutput : 28. 5VDC- 30AIP 23Serial no: V822A0001.
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES NL / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ Augustus 2009 33 2 BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES LEES DEZE INSTRUCTIES AANDACHTIG DOOR EN BERG ZE VEILIG OP ONDER HANDBEREIK BELANGRIJKE VEILIGHEIDSAANWIJZING LET OP. Dit hoofdstuk bevat belangrijke veiligheids- en bedieningsinstructies voor gebruik van de ChargeMaster in huishoudelijke, recreatief mobiele (RV) en maritieme toepassingen. 2. 1 ALGEMEEN 1 Lees voordat u de ChargeMaster in gebruik neemt alle instructies en waarschuwingen op de ChargeMaster, de accu’s en alle relevante paragrafen van de handleiding. 2 Om het risico van een elektrische schok te verkleinen mag u de ChargeMaster niet blootstellen aan: - regen, - sneeuw, - spuitwater, - vocht, - extreem verontreinigende omstandigheden, - condens. Bedek of belemmer de ventilatie-openingen niet om het risico van brand te verkleinen.
Installeer de ChargeMaster alleen in een geventileerde ruimte, anders kan er oververhitting optreden. Toevoegingen of reserveonderdelen die niet worden aanbevolen of verkocht door Mastervolt kunnen brandgevaar, een elektrische schok en/ of persoonlijk letsel tot gevolg hebben. 3 De ChargeMaster is ontworpen om permanent verbonden te zijn met een elektrisch AC- of DC- syteem. Installatie van, of werk aan de ChargeMaster mag alleen worden uitgevoerd door een gekwalificeerd en getraind technicus of elektrotechnicus, in overeenstemming met de plaatselijk geldende regels en standaarden. Overtuig u ervan dat alle bekabeling correct is aangelegd, in een goede elektrische staat verkeert en dat de kabeldikte voldoende is voor de gespecificeerde AC-stroom van de ChargeMaster. Controleer de bekabeling regelmatig, ten minste één keer per jaar.
Gebruik de ChargeMaster niet wanneer de kabels te dun of beschadigd zijn. Gebruik de ChargeMaster niet als deze een harde klap heeft gehad, is gevallen of op een andere manier is beschadigd. Breng hem naar een gekwalificeerd servicecentrum.
4 U mag de ChargeMaster niet openen of uit elkaar halen, behalve het deel met de aansluitingen, zie hoofdstuk 4. U vindt geen bedieningsonderdelen binnenin de behuizing. Breng de ChargeMaster naar een gekwalificeerd servicecentrum als onderhoud of reparatie nodig is. Foutieve montage kan een elektrische schok of brand tot gevolg hebben. Alleen gekwalificeerde installateurs mogen het deel met de aansluitingen openen. 5 Om het gevaar voor elektrische schok te verkleinen, koppelt u de ChargeMaster zowel aan de AC- als de DC-kant los voordat u begint met onderhoud of schoonmaak. Uitschakeling van de bediening verkleint dit risico niet. 6 De ChargeMaster moet zijn voorzien van een aardegeleider naar de aardeleiding van de AC-input. Aarding en andere bekabeling moet in overeenstemming zijn met plaatselijke codes en verordeningen.
7 Kortsluiten of ompoling leidt tot ernstige schade aan accu’s, ChargeMaster de accessoires. Zekeringen kunnen de schade veroorzaakt door ompoling niet voorkomen en de garantie vervalt dan. 8 In geval van brand, moet u een brandblusser gebruiken die geschikt is voor elektrische apparatuur. 9 Als de ChargeMaster wordt gebruikt in een maritieme toepassing in de Verenigde Staten, moeten de externe aansluitingen overeenkomen met de United States Coast Guard Electrical Regulations (33CFR183, Sub part I). 2. 2 EXPLOSIEVE GASSEN 1 WAARSCHUWING- GEVAAR VOOR EXPLOSIEVE GASSEN. WERKEN IN DE BUURT VAN EEN LOOD-ZUUR ACCU IS GEVAARLIJK. ACCU’S ONTWIKKELEN EXPLOSIEVE GASSEN TIJDENS NORMAAL ACCUGEBRUIK. OM DEZE REDEN IS HET VAN HET GROOTSTE BELANG DAT U DEZE HANDLEIDING PRECIES LEEST EN DE INSTRUCTIES EXACT OPVOLGT.
2 Om het gevaar voor explosie van de accu te verminderen, moet u deze instructies opvolgen. Ook dient u hierom de instructies op te volgen van de accufabrikant en fabrikanten van alle apparatuur die u gebruikt in de buurt van de accu. Denkt u vooral aan de waarschuwingsmarkeringen op deze producten.
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES 34 Augustus 2009 / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ NL 2. 3 WAARSCHUWINGEN MET BETREKKING TOT HET GEBRUIK VAN ACCU’S 1 U moet iemand binnen stembereik hebben die onmiddellijk te hulp kan schieten als u werkt in de buurt van een lood-zuur accu. 2 Zorg er voor dat u genoeg schoon water en zeep bij de hand heeft voor als accuzuur in contact komt met huid, kleding of ogen. 3 Draag volledige oogbescherming en bescherming voor uw kleding. Vermijd aanraking van de ogen als u in de buurt van een accu werkt. 4 Als accuzuur in contact komt met huid of kleiding, spoel dan onmiddelijk met zeep en water. Als er zuur in de ogen komt, spoel dan onmiddelijk minstens 10 minuten met stromend koud water en schakel direct medische hulp in. 5 Rook NOOIT en vermijd vonken of vlammen in de buurt van een accu of motor.
6 Sluit accu’s nooit kort, in verband met explosie- en brandgevaar. Let extra goed op om het gevaar te verkleinen dat u een metalen gereedschap op de accu laat vallen. Hierdoor kan een vonk ontstaan of het gereedschap kan kortsluiting veroorzaken in de accu of ander elektrisch deel met als mogelijk gevolg een explosie. 7 Doe metalen sieraden en dergelijke af, zoals ringen, armband, halskettingen en horloges als u met een lood-zuur accu werkt. Een lood-zuur accu kan een kortsluitstroom leveren die groot genoeg is om ringen of dergelijke aan metaal te lassen. Hierdoor kunt u ernstige brandwonden oplopen. 8 Gebruik de ChargeMaster alleen om lood-zuur accu’s te laden met de aangesloten verbruikers in een vaste opstelling. Gebruik de ChargeMaster niet om dry-cell accu’s te laden voor huiselijk gebruik. Deze accu’s kunnen barsten en persoonlijk letsel en materiële schade veroorzaken.
11 Als het nodig is om een accu te verwijderen, koppel dan de negatieve kabel van de accu als eerste los. Zorg er voor dat alle verbruikers zijn losgekoppeld, om vonken te voorkomen. 12 Vergewis u ervan dat de ruimte rondom de accu goed geventileerd is tijdens het laden van de accu. Zie de aanbevelingen van de accufabrikant. 13 Accu’s zijn zwaar. Bij een ongeval kunnen ze een projectiel worden als ze niet zijn vastgezet. Zorg voor een doeltreffende en zekere montage en gebruik altijd passend transportmateriaal voor accu’s. 2. 4 WAARSCHUWING BETREFFENDE HET GEBRUIK VAN DE CHARGEMASTER VOOR MEDISCHE TOEPASSINGEN Mastervolt producten zijn niet ontworpen voor toepassingen in de medische sector, tenzij een schriftelijke overeenkomst tussen klant/fabrikant en Mastervolt dit verklaart.
Deze overeenkomst verplicht de klant/fabrikant tot het nemen van aanvullende betrouwbaarheidstesten van Mastervolt apparatuur en/of onderdelen, vóór installatie of tijdens het productieproces. Tevens stelt deze verklaring Mastervolt schadeloos voor eventuele claims, voortkomend uit het gebruik van Mastervolt apparatuur voor medische doeleinden. 2. 5 GARANTIEBEPALINGEN Mastervolt garandeert dat het apparaat is gebouwd volgens de wettelijk van toepassing zijnde normen en bepalingen. Wanneer niet volgens de in deze gebruikershandleiding gegeven voorschriften, aanwijzingen en bepalingen wordt gehandeld, kunnen beschadigingen ontstaan en/of het apparaat zal niet aan de specificaties voldoen. Eén en ander kan inhouden dat de garantie komt te vervallen. De garantie is beperkt tot de kosten van reparatie en/of de vervanging van het product.
BEDIENING NL / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ Augustus 2009 35 3 BEDIENING 3.1 EIGENSCHAPPEN De Mastervolt ChargeMaster is een volautomatische acculader. Dit betekent dat onder normale omstandigheden de lader ingeschakeld blijft met de netspanning en de accu’s aangesloten. De ChargeMaster is geschikt voor laden van lood-zuur accu’s, waaronder onderhoudsvrije accu’s, AGM/ spiraal accu’s, Gel of deep-cycle accu’s. De ChargeMaster heeft een zelfinstellend ingangscircuit dat hem toepasbaar maakt op bijna alle stroomvoorzieningen ter wereld. Hij werkt goed op zowel 230V als 120V zonder gevolgen voor de uitgangsstroom. De drietraps Plus laadmethode garandeert dat de accu’s altijd voor 100% worden geladen. Aangesloten aan een externe netspanningsbron kan de ChargeMaster ook dienst doen als een AC-DC converter om verbruikers te voeden die zijn aangesloten op de accu’s.
3.2 INSCHAKELEN / STANDBY De ChargeMaster wordt ingeschakeld door POWER drie seconden lang ingedrukt te houden. De Powerknop zal dan groen oplichten. De laadtoestand (die is opgeslagen in het geheugen van de ChargeMaster) verschijnt op het display. Als dit nodig is en er is netspanning voorhanden, zal de ChargeMaster de accu’s gaan laden. Als de ChargeMaster eenmaal ingeschakeld is, zal deze na een stroomonderbreking automatisch weer inschakelen. Door de Powerknop nogmaals drie seconden ingedrukt te houden, laat u de ChargeMaster terugschakelen naar Standby: de ChargeMaster stopt en de powerknop licht rood op. WAARSCHUWING Als u de ChargeMaster op standby zet, blijft de verbinding met de accu’s of de stroombron intact. Dit betekent dat alle onderdelen in het apparaat nog onder spanning staan.
Als de ChargeMaster op standby is gezet of de stroombron is uitgevallen, gaat de powerknop rood knipperen. Na ongeveer twee minuten stopt het knipperen en het display zal uitschakelen, zodat de accu’s niet worden belast.
BEDIENING 36 Augustus 2009 / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ NL 3. 3 AFLEESSCHERM De ChargeMaster heeft een afleesscherm met meerkleuren-LEDs. Verschillende kleuren en combinaties hebben verschillende betekenissen. De combinatie van de stroomweergave (A) met de belastingbalk geeft de gecombineerde laadstroom van de drie accubanken weer, samen met (V) geeft de belastingbalk de actuele laadspanning weer. Afbeelding 2: Basisscherm van het LED-scherm (Getoonde waarden kunnen afwijken) 3. 4 DRIETRAPS LAADMETHODE Zie afbeelding 3. De eerste fase van de drietraps-Plus laadmethode is de BULK fase, waarbij de laadstroom maximaal is. Tijdens deze fase wordt de accu in korte tijd voor het grootste gedeelte van de capaciteit geladen. De stroom laadt de accu’s en de accuspanning neemt geleidelijk toe totdat de absorptiespanning bereikt wordt: 14. 4V (12V modellen) of 28.
8V (24V modellen) bij 25°C / 77°F. De tijdsduur van deze fase hangt af van de verhouding tussen de accucapaciteit, de capaciteit van de lader en natuurlijk ook de mate waarin de accu’s ontladen waren. De bulkfase wordt gevolgd door de absorptiefase. Deze fase begint zodra de accu zijn maximale spanning heeft bereikt: 14. 4V (12V modellen) / 28. 8V (24V modellen) bij 25°C / 77°F, en eindigt wanneer de accu’s volledig geladen zijn. Gedurende deze fase blijft de accuspanning constant bij 14. 25V (12V modellen) / 28. 5V (24V modellen) bij 25°C / 77°F terwijl de laadstroom wordt bepaald door de ladingsgraad aan het begin van deze fase, het type accu, de omgevingstemperatuur, enzovoort. Bij traditionele open accu’s duurt deze fase gemiddeld vier uur, bij gel en AGM accu’s ongeveer drie.
Groen = aan, rood = standby. INFO Druk kort op INFO om te wisselen. : Stroom (A), Spanning (V). SOURCEDruk op SOURCE om de accubank te kiezen (1, 2 of 3) die u wilt bekijken. Load bar Stroomweergave op belastingbalk Spanningsweergave op belastingbalk Licht op: MasterBus aangesloten Accubank 1, 2, 3, te kiezen met de Source-knop. Actuele staat van de 3-step+ laadmethode: Float, Absorption of Bulk. Betekenis weergave belastingbalk Geel Rood + A + V Stroom 100% >14V Verkeerde AC-spanning** Stroom 80% 13-14V Laderfout** Stroom 60% 12-13V Accuspanning te hoog** Stroom 40% 11-12V Interne temperatuur te hoog** Stroom 20% 10-11V, Blinking: 10-10,5V Accu leeg *, kortsluiting. Knipperend: geen AC. *Bij Accu leeg, knippert het nummer van de betreffende bank. Het is nog steeds mogelijk om een andere bank te bekijken, maar het display keert na 5 seconden terug. **De POWER-knop knippert.
BEDIENING NL / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ Augustus 2009 37 12V modellen) of 26. 5V (24V modellen) bij 25°C / 77°F en houdt deze spanning constant om de accu’s in optimale conditie te houden. Tevens worden tijdens deze fase eventuele op de accu aangesloten DC-belastingen van stroom voorzien. Indien de belasting hoger is dan de beschikbare laadcapaciteit, wordt de resterende stroom door de accu geleverd, die hierbij geleidelijk ontladen wordt totdat de acculader weer terugschakelt naar de bulkfase. Zodra het stroomverbruik afneemt zal de acculader terugkeren naar het normale drietraps laadproces. Doordat de ChargeMaster is uitgerust met het drietraps-Plus laadsysteem kunnen de accu’s ook gedurende de winterstalling op de ChargeMaster aangesloten blijven.
Iedere 12 dagen zal de acculader automatisch gedurende één uur terugkeren naar de absorptiefase zodat de accu in perfecte conditie blijft en de levensduur verlengd wordt. De drietraps-Plus laadmethode geeft altijd een veilige spanning voor de aangesloten belasting. Zie ook paragraaf 8. 4 voor gedetailleerde karakteristieken van de drietraps-Plus laadmethode. 3. 4. 1 Temperatuur gecompenseerd laden De ChargeMaster wordt standaard geleverd met een accu-temperatuursensor. Door toepassing van deze sensor wordt de laadspanning automatisch aangepast aan temperatuurschommelingen. Zie afbeelding 4. Bij een lage accutemperatuur zal de laadspanning toenemen, terwijl bij een toename van de accutemperatuur de laadspanning zal afnemen. Hiermee wordt het overladen en dus gassen van de accu’s voorkomen. Dit zal bijdragen aan een langere levensduur van uw accu’s. 3. 4.
2 Aansluiten van een tweede en derde accu De ChargeMaster is uitgerust met drie gelijke laderuitgangen. De totale uitgangsstroom wordt verdeeld voer deze drie uitgangen. Zie paragraaf 4. 6 voor aansluiting. 3.
5 MASTERBUS (OPTIONEEL) De ChargeMaster ondersteunt het MasterBus netwerk: een volledig gedecentraliseerd gegevensnetwerk voor communicatie tussen de verschillende Mastervolt systeemcomponenten zoals de omvormer, acculader, generator, accu’s enz. Zie hoofdstuk 6 voor details. 3. 6 ONDERHOUD Er hoeft geen specifiek onderhoud aan de ChargeMaster te worden uitgevoerd. Controleer uw elektrische installatie regelmatig, tenminste eens per jaar. Defecten zoals losse aansluitingen, verbrande kabels en dergelijke, moeten onmiddellijk worden verholpen. Gebruik indien nodig een zachte schone doek om de behuizing van de ChargeMaster te reinigen. Gebruik nooit vloeistoffen, zuren en/of schuurmiddelen. 3. 7 FOUTEN De ChargeMaster is beveiligd tegen overbelasting, kortsluiting, oververhitting en over- en onderspanning. Als er een fout optreedt, wordt één van de leds op de loadbar rood.
INSTALLATIE 38 Augustus 2009 / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ NL 4 INSTALLATIE Gedurende de installatie en het in gebruik stellen van de ChargeMaster zijn altijd de Veiligheidsvoorschriften en maatregelen van toepassing. Zie hiervoor hoofdstuk 2. 4. 1 UITPAKKEN De doos waarin de ChargeMaster is geleverd bevat behalve de ChargeMaster: • een wandsteun om de ChargeMaster aan een wand te bevestigen; • een accutemperatuursensor; • een MasterBus terminator (zie hoofdstuk 6); • de installatiehandleiding. Controleer na het uitpakken de inhoud op mogelijke beschadigingen. In geval van beschadigingen moet u het product niet gebruiken. Neem in geval van twijfel contact op met uw leverancier. Controleer aan de hand van de typenummerplaat (zie paragraaf 1. 4) of de DC uitgangsspanning overeenkomt met de accuspanning (bijv. een 24VDC accuset voor een 24VDC uitgangsspanning). 4.
2 GEBRUIKSOMGEVING Neem tijdens installatie de volgende voorwaarden in acht: • De ChargeMaster is alleen ontworpen voor binnenshuis gebruik. • Omgevingstemperatuur tussen 0. 60°C / 32°F. 140 °F;(als de temperatuur van het interne koellichaam boven 40°C / 104 °F komt, neemt het vermogen af om het koellichaam weer af te laten koelen). • Luchtvochtigheid: 0-95% niet condenserend. • Monteer de ChargeMaster verticaal op of aan een solide oppervlak, met de aansluitkabels naar beneden. • Zorg ervoor dat de tijdens bedrijf opgewarmde lucht kan ontsnappen. De ChargeMaster dient zo te worden gemonteerd dat er geen blokkade van de luchtventilatie kan ontstaan. • Houd rondom de ChargeMaster tenminste 10cm / 4 inch ruimte vrij. • Plaats de ChargeMaster niet in dezelfde ruimte als de accu’s. • Plaats de ChargeMaster nooit recht boven de accu’s i. v. m. mogelijke corrosieve accudampen 4.
INSTALLATIE NL / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ Augustus 2009 39 Draadkleur Betekenis Aansluiten op: Rood Positief + (POS) Zwart Negatief – (NEG) Zorg ervoor dat de pluskabel en de minkabel zo dicht mogelijk naast elkaar liggen om het elektromagnetische veld rondom de kabels zo klein mogelijk te houden. Sluit de min-kabel direct aan op de minpool van de accu, of op de belastingzijde van een eventueel aanwezige meetshunt. Gebruik nooit het chassis of de scheepshuid als geleider voor de minpool. Draai alle verbindingen stevig aan. In de pluskabel naar de accu moet een zekering worden opgenomen. Sluit de pluskabel aan op de plus-pool van de accu.
De aanbevolen zekeringwaarde is als volgt (raadpleeg ook de plaatselijk geldende bepalingen): Laderuitgangen 1, 2 en 3 Model ChargeMaster Aanbevolen zekering 12/35-3 40A 12/50-3 63A 24/20-3 32A 24/30-3 40A De zekering met zekeringhouder is verkrijgbaar bij uw Mastervolt leverancier of vertegenwoordiger van de klantenservice, zie hoofdstuk 9 Bestelinformatie. 4. 3. 3 Accucapaciteit De minimaal benodigde accucapaceit bij de ChargeMaster is als volgt: Model ChargeMaster Minimaal benodigde accucapaciteit 12/35-3 70-350Ah 12/50-3 100-500Ah 24/20-3 50-250Ah 24/30-3 70-350Ah 4. 3. 4 Aarding WAARSCHUWING De aardleiding biedt alleen bescherming indien de behuizing van de ChargeMaster behuizing verbonden is met de aarde, zoals het centrale aardpunt van het schip of het chassis van het voertuig. Sluit de aardklem (PE / GND) aan op de aarde LET OP.
Voor een veilige installatie is het noodzakelijk in het ingangscircuit van de ChargeMaster een 30mA aardlekschakelaar op te nemen. Raadpleeg hiertoe de plaatselijk van toepassing zijnde richtlijnen. 4.
Gebruik montagebeslag dat geschikt is om het gewicht van de ChargeMaster te kunnen dragen. 4 AC kabel* om de AC-ingang aan te sluiten op de externe stroomvoorziening (bijvoorbeeld een walaansluiting of een generator). 1 Accu’s. Zie paragraaf 4. 3. 3 voor specificaties. Geschikte en betrouwbare kabelschoenen, kabelogen, accuklemmen en adereindhulzen. De installatiemanual (meegeleverd) 1 Deze manual, te downloaden via www. mastervolt. com 1 * Dubbelgeïsoleerde drie-aderige kabel, waarbij de aders bij voorkeur de kleuren volgens de plaatselijk geldende voorschriften te hebben. De diameter en de lengte zijn afhankelijk van de elektrische installatie (zie paragraaf 4. 3. 1).
Wij bevelen als minimale gereedschapset aan: • Dopsleutel 10mm om de accukabels (DC) aan te sluiten • Een platte schroevendraaier 1,0 x 4,0 mm om de AC bedrading aan te sluiten op de schroefklemmen • Gereedschap om de schroeven / bouten (Ø 6mm), eventueel met pluggen, te monteren om het apparaat op te hangen. • Kruiskopschroevendraaier nr. 2 om het aansluitcompartiment te openen en te sluiten. 4.
6 AANSLUITEN WAARSCHUWING Laat de ChargeMaster installeren door een bevoegd installateur. Voordat met installatie van de ChargeMaster wordt begonnen, dient u zowel de gelijkspannings- als de wisselspannings-installatie spanningsvrij te maken. LET OP. Kortsluiten of het omdraaien van de polariteit kan ernstige schade veroorzaken aan accu’s, de ChargeMaster, de bekabeling en/of de aansluitingen. Zekeringen tussen de accu’s en de ChargeMaster kunnen de schade door het omwisselen van de plus en min niet voorkomen. Schade als gevolg van ompoling of kortsluiting wordt niet door de garantie gedekt. LET OP. Te dunne kabels en/of losse verbindingen kunnen gevaarlijke oververhitting van de kabels en/of klemmen veroorzaken. Draai daarom alle verbindingen goed vast om overgangsweerstanden zoveel mogelijk te beperken en gebruik accukabels met de juiste doorsnede.
INSTALLATIE NL / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ Augustus 2009 41 Afbeelding 6: installatietekening van de ChargeMaster Dit schema geeft een beeld van een algemene installatie waarvan de Mass Combi deel uitmaakt. Het is niet bedoeld als gedetailleerde installatie-instructie voor welke elektrische installatie dan ook. AC-ingang RCD Temperatuur-sensor ACCUBANK 1 ACCUBANK 2 ACCUBANK 3 DC-zekering Accu-zekering Accu-zekering Accu-zekering DC-verdeling Plus Minus
INSTALLATIE 42 Augustus 2009 / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ NL 4. 7 INSTALLATIE STAP VOOR STAP De stap-voor-stap installatie van de ChargeMaster staat beschreven in de Installatiehandleiding (meegeleverd). 4. 8 IN BEDRIJF STELLEN NA INSTALLATIE Als uw ChargeMaster niet nieuw is, moet u er rekening mee houden dat eerdere gebruikers de instellingen misschien hebben gewijzigd. Bij twijfel kunt u de ChargeMaster naar fabrieksinstellingen resetten (zie paragraaf 6. 3) 4. 8. 1 Algemeen De fabrieksinstellingen van de ChargeMaster zijn optimaal voor de meeste installaties. Soms is het echter wenselijk om de instellingen te wijzigen. Daarvoor moeten enkele aanpassingen worden gemaakt, zie hoofdstuk 5.
De DIP-switches moeten zijn ingesteld voor de inbedrijfstelling, alle andere instellingen kunnen alleen worden gedaan na de inbedrijfstelling LET OP Controleer de polariteit van alle bekabeling voor de inbedrijfstelling: Positief verbonden met positief (rode kabels) en negatief met negatief (zwarte kabels) Als alle kabels in orde zijn, plaats dan de de DC-zekering(en) om de accu’s met de ChargeMaster te verbinden. WAARSCHUWING Wanneer u deze zekering plaatst, kan een vonk ontstaan veroorzaakt door de condensatoren in de ChargeMaster. Dit is vooral gevaarlijk in ruimtes met onvoldoende ventilatie, dan kan er namelijk door het gassen van de accu’s een explosie plaatsvinden. Vermijd hierom ontvlambare materialen in de buurt. Nu is de ChargeMaster klaar voor bedrijf. Na het inschakelen van de AC spanningsvoorziening zal de ChargeMaster beginnen met het laadproces. 4. 8.
2 MasterBus (optioneel) Tijdens de eerste inbedrijfstelling zal de ChargeMaster automatisch worden herkend door het MasterBus netwerk. Het afstandbedieningspaneel van dit netwerk zal aangeven dat een nieuw apparaat is opgemerkt. Enkele instellingen kunnen alleen worden veranderd via de MasterBus interface. Zie paragraaf 6. 3 voor een overzicht van alle beschikbare MasterBus instellingen.
Zie de gebrukershandleiding van het afstandbedieningspaneel om deze instellingen te veranderen. 4. 9 UIT BEDRIJF NEMEN Volg de onderstaande instructies in de aangegeven volgorde als het nodig is om de ChargeMaster buiten bedrijf te stellen: 1 Zet de ChargeMaster op Standby (zie paragraaf 3. 2) 2 Verwijder de DC-zekering(en) van de DC-verdeling en/of ontkoppel de accu(’s). 3 Verwijder de zekering aan AC-ingang en/of neem de AC-stekker uit het stopcontact. 4 Open het aansluitcompartiment van de ChargeMaster. 5 Controleer met een geschikte voltmeter of de in- en uitgangen van de ChargeMaster spanningsvrij zijn. 6 Demonteer alle bedrading. Nu kunt u de ChargeMaster op een veilige wijze demonteren. 4. 10 OPSLAG EN TRANSPORT Als deze niet is geïnstalleerd, bergt u de ChargeMaster dan op in de originele verpakking, in een droge en stofvrije omgeving.
INSTELLINGEN NL / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ Augustus 2009 43 5 INSTELLINGEN U kunt de instellingen van de ChargeMaster op twee manieren aanpassen: • met DIP-switches; zie paragraaf 5. 1; • via het MasterBus netwerk (door middel van een afstandbedieningspaneel of een interface die is aangesloten op uw PC, met MasterAdjust software); zie pararagraaf 6. 3. WAARSCHUWING Verkeerde instellingen van de ChargeMaster kunnen ernstige schade aan uw accu’s en de aangesloten verbruikers veroorzaken. Instellingen mogen alleen worden veranderd door gekwalificeerd personeel. 5. 1 DIP SWITCH INSTELLINGEN De ChargeMaster heeft vier DIP switches aan de onderkant van de behuizing (zie afbeelding 7). Afbeelding 7: DIP-switches 5. 1. 1 DIP-switch 1: Accutype De fabrieksinstelling voor het accutype is voor de meeste installaties optimaal.
Soms is het echter wenselijk om deze instelling te veranderen. Standaard natte accu (fabrieksinstelling) OFF Gel / AGM / spiraalaccu (zie de specificaties) ON 5. 1. 2 DIP switch 2: Laadalgoritme IUoUo, volautomatisch / 3traps+ (fabrieksinstelling) OFF Laden met constante spanning (Float=13. 25/26. 5V) ON 5. 1. 3 DIP switch 3: Display standby Display schakelt uit als de ChargeMaster op standby wordt geschakeld (fabrieksinstelling) OFF Display blijft ingeschakeld als de ChargeMaster op standby wordt geschakeld. Houd er rekening mee dat de accu’s het display moeten voeden. ON 5. 1. 4 DIP switch 4: Equalize mode WAARSCHUWING Onjuist gebruik van de equalize mode (vereffeningslading) kan leiden tot gevaarlijke situaties. Rook niet in de nabijheid van de accu’s; gebruik geen open vuur of andere ontbrandingshaarden vanwege explosiegevaar.
Toepassing van de equalize mode kan nodig zijn na een te diepe ontlading en/of slecht doorlopen laadcycli (laden onderbroken voordat de accu’s volledig geladen zijn). Equalizing dient te worden uitgevoerd volgens de specificaties van de fabrikant van de accu. Tijdens de equalize mode worden de accu’s in de gasstand gebracht waarbij de toegestane laadspanningen mogelijk overschreden worden. Zie paragraaf 8. 3 voor karakteristieken. Daardoor moeten voorzorgsmaatregelen worden genomen zoals het loskoppelen van alle DC verbruikers van de accu’s en het ventileren van de ruimte waarin deze accu’s zich bevinden. Laat daarom het gebruik van de equalize mode over aan getrainde engineers. Toepassing van de equalize mode is alleen mogelijk wanneer de ChargeMaster in bedrijf en in Float is.
MASTERBUS 44 Augustus 2009 / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ NL 6 MASTERBUS 6. 1 WAT IS MASTERBUS. Alle apparatuur die geschikt is voor het MasterBus-netwerk kunt u herkennen aan het MasterBus symbool. MasterBus is een netwerk zonder centrale besturing. Hiermee is communicatie mogelijk tussen de aangesloten Mastervolt apparaten. Het is een netwerk dat werkt volgens de technologie van CAN-bus welke zich reeds heeft bewezen in de automobielmarkt. MasterBus zorgt voor de regeling van de elektriciteitsvoorziening van alle aangesloten apparatuur, zoals de omvormer, de acculader, de generator en nog veel meer. Hiermee is het mogelijk om de aangesloten apparaten met elkaar te laten communiceren, bijvoorbeeld om een generator te laten starten indien de accu’s bijna leeg zijn.
Met MasterBus wordt de complexiteit bij het opzetten van een elektrische installatie aanzienlijk teruggebracht dankzij de toepassing van UTP communicatiekabels waarmee alle apparaten op eenvoudige wijze met elkaar worden verbonden. Hiertoe is ieder component van het systeem uitgerust met twee MasterBus communicatiepoorten. Zodra twee of meer apparaten via deze communicatiepoorten met elkaar in verbinding worden gebracht, vormen ze een lokaal data netwerk, aangeduid als MasterBus. Doordat hiervoor slechts enkele communicatiekabels nodig zijn, kan aanzienlijk op de materiaalkosten en installatietijd bespaard worden. Voor centrale uitlezing en bediening van de aangesloten apparatuur biedt Mastervolt een breed scala aan afstandsbedieningspanelen. Hiermee heeft u een volledig overzicht van de status van uw elektrische installatie. Controle over het systeem is mogelijk met een druk op de knop.
Alle afstandsbedieningspanelen zijn geschikt voor zowel uitlezing, bediening als configuratie van alle aangesloten MasterBus apparatuur. Nieuwe apparatuur kan op eenvoudige wijze aan het reeds bestaande netwerk worden toegevoegd door het netwerk gewoonweg te verlengen. Dit geeft het MasterBus netwerk een grote mate van flexibiliteit, niet alleen vandaag, maar ook in de toekomst. Bovendien levert Mastervolt diverse interfaces waarmee u zelfs apparatuur kunt aansluiten die niet geschikt is voor koppeling aan het MasterBus netwerk.
MASTERBUS NL / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ Augustus 2009 45 6.2 ZÓ MAAKT U EEN MASTERBUS NETWERK Alle apparaten die geschikt zijn voor het MasterBus netwerk zijn uitgerust met twee communicatiepoorten. Zodra twee of meer apparaten via deze communicatiepoorten met elkaar in verbinding worden gebracht, vormen ze een lokaal data netwerk, aangeduid als MasterBus. Houd u bij het maken van een MasterBus netwerk aan de volgende regels: Afbeelding 8 Afbeelding 9 Afbeelding 10 Afbeelding 11 Afbeelding 12 Maak in het MasterBus netwerk geen aftappingen met zogenaamde splitters. Het MasterBus netwerk mag niet cirkelvorming worden uitgevoerd. De voor het netwerk benodigde elektrische voeding wordt geleverd door de aangesloten apparaten. Daarom moet tenminste een van de apparaten in het netwerk in staat zijn om deze voeding te leveren (zie specificaties).
Per voedend apparaat kunt u maximaal drie niet-voedende apparaten op het MasterBus netwerk aansluiten. U kunt zonder problemen meerdere voedende apparaten aansluiten. OK Zoals bij alle high speed data netwerken moeten ook bij MasterBus de uiteinden van het netwerk worden afgesloten met een terminating device. TerminatingdeviceTerminatingdeviceOK Verbindingen tussen de apparaten maakt u met behulp van standaard UTP kabels (straight). Mastervolt kan u deze kabels leveren, maar ze zijn ook in iedere computerwinkel verkrijgbaar. OK 1-8
MASTERBUS 46 Augustus 2009 / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ NL 6. 3 MASTERBUS: CONTROLE EN PROGRAMMERING VAN DE CHARGEMASTER 6. 3. 1 Monitoring (controle) Waarde Omschrijving Charger State Status van de lader (Aan/ Standby) Max input power Instelling van maximale ingangsstroom kan overbelasting van walzekering of generator voorkomen. Charger status Status van het laadalgoritme: Bulk/absorption/float House bank Spanning van laderuitgang 1 * Charge current Totale laadstroom van de ChargeMaster House bank Temperatuur van accu 1 * Output 2 Stroom van laderuitgang 2 * Output 3 Stroom van laderuitgang 3 * AC input AC ingangsspanning State Mogelijkheid om de lader uit te schakelen. System Connect to Shunt U kunt de lader verbinden met een MasterShunt uit het systeem voor terugkoppeling over het laden. MasterShunt … Informatie over de eventueel verbonden MasterShunt. 6. 3.
2 Alarms (alarmen) Waarde Omschrijving Fabrieks-inst. Instelbereik Low batt Accuspanning is gedaald onder de instelling DC low on, en is nog niet gestegen boven de instelling DC low off Zie 6. 3. 4 Zie 6. 3. 4 High batt Accuspanning is gestegen boven de instelling DC high on, en is nog niet gedaald onder de instelling DC high off Zie 6. 3. 4 Zie 6. 3. 4 Low AC AC ingangsspanning is te laag 90V / 180V* n/a High AC AC ingangsspanning is te hoog 135V / 265V* n/a Low frequency AC ingangsfrequentie is te laag 45Hz n/a High frequency AC ingangsfrequentie is te hoog 65Hz n/a High temperature Inwendige temperatuur te hoog 70°C (176°F) n/a Low temperature Inwendige temperatuur te laag -20°C (-4°F) n/a Temp sense error De temperatuursensor werkt niet correct. MSH out of range MasterShunt geeft waarden door buiten de grenzen. * zie paragraaf 8. 3, afbeelding 9 voor karakteristieken 6. 3.
MASTERBUS NL / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ Augustus 2009 47 6. 3. 4 Configuration (instellingen) Stel de waarden hieronder in met een afstandbedieningspaneel of PC met MasterAdjust software (via een interface). Waarde Omschrijving Fabrieks-instelling Instelbereik General Language Weergegeven taal in MasterBusnetwerk. Engels Engels Product name Deze naam zal door alle verbonden MasterBus-apparaten worden herkend. CHG CM+type* 0-12 tekens Output 1 Naam van uitgang 1 in het MasterBusnetwerk House bank Maximaal 12 tekens Output 2 Naam van uitgang 2 in het MasterBusnetwerk Output 2 Maximaal 12 tekens Output 3 Naam van uitgang 3 in het MasterBusnetwerk Output 3 Maximaal 12 tekens Factory settings Reset ChargeMaster naar fabrieksinstellingen.
MASTERBUS 48 Augustus 2009 / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ NL Vaste Instellingen Temperature com Temperatuurcompensatie voor laadspanning -30mV/°C -60mV/°C (read only) Max allowed upp Maximaal toegestane temperatuur +300/+600mV (read only) Max allowed low Maximaal toegestane temperature 480 min (read only) Max voltage com Maximale spanningscompensatie voor temperatuurgecompenseerd laden +0. 3/+0. 6V (read only) AGM / GEL floa AGM / GEL float spanning instelling +550/+1100mV (read only) Lithium ion TBD Events Event x bron Kies een event van de ChargeMaster om te dienen als Event x. Maximaal 9 events. Uitgeschakeld Zie de lijst met event-bronnen, paragraaf 6. 3. 5 Event x doel Kies een MasterBusapparaat om te dienen als doel. Kies… Afhankelijk van systeem. Event x commando Kies een commando, afhankelijk van het gekozen doelapparaat. Kies… Eventcomm. doel-app.
ChargeMaster: par 6. 3. 6 Event x1 data Data is gekoppeld met het commando, zie ook afbeelding 13. Uit Uit,Aan,Kopiëren, Geïnver-teerd kopiëren, Schakelen. Event x+1 Dit event verschijnt als event x gedefiniëerd is. Uitgeschakeld Zie event x * Afhankelijk van het model CM1: 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3, 24/30-3. Figure 13: Event data Input is een puls, gevolgd door een langer signaal. On (Aan) verandert de status van het commando naar On bij het eerste signaal. Off (Uit) verandert de status naar Off bij het eerste signaal. Copy laat de status de input volgen. Copy Invert laat de status het omgekeerde van de input volgen. Toggle verandert de status bij het eerste signaal en terug bij het tweede signaal. Dit type data wordt vaak gebruikt in combinatie met een pulsschakelaar. 6. 3.
Hieronder staan de events met de ChargeMaster als Eventbron: On ChargeMaster is ingeschakeld Bulk Laadtoestand is Bulk Abs Laadtoestand is Absorptie Float Laadtoestand is Float Failure MasterBus alarm als de lader in fouttoestand is CSI Charger Status Interface: MasterBus-alarm om alarmhoorn te laten klinken bij failure. Equalize ChargeMaster is in Equalize mode Fan ( 50% load / 50°C) MasterBussignaal om een externe ventilator in te schakelen (bij 50% belasting en 50°C) Led 1 LED 1 licht op Led 2 LED 2 licht op Led 3 LED 3 licht op Led 4 LED 4 licht op Led 5 LED 5 licht op 6. 3. 6 Eventlijst met de ChargeMaster als doel U kunt de ChargeMaster commando’s laten ontvangen van een ander apparaat. De ChargeMaster is hier het Eventdoel.
PROBLEEMOPLOSSING NL / ChargeMaster1 12/35-3, 12/50-3, 24/20-3 & 24/30-3/ Augustus 2009 49 7 PROBLEEMOPLOSSING Neemt u contact op met uw plaatselijke Mastervolt Service Centrum als u een probleem niet met behulp van de onderstaande tabel kunt oplossen. Zie www. Mastervolt. com voor een uitgebreide lijst met Mastervolt Service Centers. Zorg ervoor dat u de volgende informatie bij de hand heeft als u contact opneemt met uw Mastervolt Service Centrum om een probleem op te lossen: Artikel- en serienummer (Zie paragraaf 1. 4) 7. 1 FOUTZOEKTABEL Probleem Mogelijke oorzaak Wat te doen. Geen AC-ingangsspanning Controleer de AC-bekabeling en het afstandbedieningspaneel. AC-ingangsspanning te laag (< 90VAC) Controleer ingangsspanning, controleer generator. Geen uitgangsspaniing en/ of -stroom AC ingangsfrequentie buiten bereik Controleer ingangsspanning, controleer generator.
Aangesloten belasting vraagt meer stroom dan de lader kan leveren. Verminder de belasting door verbrukers uit te schakelen. Uitgangsspanning te laag, lader levert de maximale stroom Accu’s niet voor 100% geladen Meet de accuspanning. Na enige tijd wordt deze hoger. Accu’s bijna volledig geladen Niets, dit is normaal bij een volle accu. Hoge omgevingstemperatuur Niets, als de omgevingstemperatuur hoger is dan de instellimiet, wordt de laadstroom automatisch verlaagd. Laadstroom te laag Lage AC ingangsspanning. Bij lage AC-ingangsspanningen wordt de laadstroom verlaagd, zie afbeelding 15. Controleer AC-ingangsspanning. Controleer generator. Laadstroom te laag Zie “Laadstroom te laag” in deze tabel. De DC-belasting is te hoog Verminder de belasting door verbruikers uit te schakelen. Laadtijd te kort Gebruik een acculader met een grotere capaciteit. Accutemperatuur te laag.
Accu’s worden te snel ontladen Accucapaciteit is afgenomen door verlies of sulfatisering van de platen, stagnatie Ontlaad en laad enkele keren, dit helpt vaak. Controleer de accu en vervang deze indien nodig Defecte accu (kortsluiting in een cel) Controleer de accu en vervang deze indien nodig Accutemperatuur te hoog Gebruik de accutemperatuursensor. Accu’s zijn te heet, gassen Laadspanning te hoog Controleer de instellingen (zie paragraaf 6. 3. 4) Het display is uitgeschakeld Schakel het display in Geen displayfunctie Fout in de netwerkkabels Controleer de bekabeling op fouten Fout in de MasterBus-kabels Controleer de MasterBus netwerkkabels. Geen terminator geplaatst aan de uiteinden van het netwerk Voor MasterBus is er een terminator aan beide uiteinden van het netwerk nodig. Controleer of ze zijn aangesloten (zie paragraaf 6. 2).
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Mastervolt ChargeMaster 24 30-3 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Acculader Mastervolt
Mastervolt Laadstroomverdeler Battery Mate 2503 IG Handleiding
26 Februari 2023
Handleiding Acculader
Nieuwste handleidingen voor Acculader