Mastervolt ChargeMaster 12 25-3 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Mastervolt ChargeMaster 12 25-3 (20 pagina’s), behorend tot de categorie Acculader. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 29 mensen en kreeg gemiddeld 4.4 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Mastervolt ChargeMaster 12 25-3 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Mastervolt |
| Categorie: | Acculader |
| Model: | ChargeMaster 12 25-3 |
Handleiding Mastervolt ChargeMaster 12 25-3 – volledige tekst
ALGEMENE INFORMATIE NL / ChargeMaster 12/25-3, 24-12-3 / Augustus 2015 3 1 ALGEMENE INFORMATIE 1. 1 GEBRUIK VAN DEZE HANDLEIDING Deze handleiding dient als richtlijn om de ChargeMaster op een veilige en doelmatige wijze te bedienen, te onderhouden en eventuele kleine storingen zelf op te lossen Iedereen die aan of met de ChargeMaster werkt, moet dan ook op de hoogte zijn van de inhoud van deze handleiding en van de Belangrijke Veiligheidsinstructies en de instructies daarin nauwgezet opvolgen. Installatie van en werkzaamheden aan de ChargeMaster mogen alleen door gekwalificeerd, daartoe geautoriseerd personeel worden uitgevoerd, conform de ter plaatse geldende voorschriften en met inachtneming van de Belangrijke Veiligheidsinstructies. Copyright © 2015 Mastervolt. Alle rechten voorbehouden.
Onrechtmatige reproductie, overdracht, distributie of opslag van dit document of een gedeelte ervan in enige vorm zonder voorafgaande geschreven toestemming van Mastervolt is verboden 1. 2 GELDIGHEID VAN DEZE HANDLEIDING Alle in deze handleiding beschreven voorschriften, voorzieningen en instructies gelden uitsluitend voor de door Mastervolt geleverde standaard uitvoeringen van de ChargeMaster. Deze handleiding is alleen geldig voor onderstaande modellen met apparaatversie letter “I” en hoger (zie paragraaf 1. 4): Artikelnummer Model 44010250, 4401025x ChargeMaster 12/25-3 44020120, 4402012x ChargeMaster 24/12-3 x = OEM-klantspecifiek artikelnummer Deze modellen worden vanaf nu in deze handleiding “ChargeMaster” genoemd. 1.
3 GEBRUIK VAN PICTOGRAMMEN Veiligheidsinstructies en waarschuwingen worden in deze handleiding gemarkeerd door de onderstaande pictogrammen: WAARSCHUWING Een waarschuwing duidt op eventueel letsel voor de gebruiker of omvangrijke materiële schade aan de omvormer indien de gebruiker de procedures niet (zorgvuldig) uitvoert. LET OP. Bijzondere gegevens, respectievelijk geboden en verboden ten aanzien van schadepreventie.
Een procedure, omstandigheid, enzovoort, die extra aandacht verdient. 1. 4 TYPENUMMERPLAAT Afbeelding 1: Typenummerplaat De typenummerplaat bevindt zich aan de rechterzijde van het apparaat (zie Afbeelding 1). Belangrijke technische gegevens vereist voor service, onderhoud en nalevering van onderdelen kunnen ontleend worden aan de typenummerplaat. LET OP. Verwijder nooit de typenummerplaat. 1. 5 AANSPRAKELIJKHEID Mastervolt kan niet aansprakelijk worden gesteld voor: gevolgschade ontstaan door het gebruik van de ChargeMaster; eventuele fouten in bijbehorende handleidingen en de gevolgen daarvan Serienumer E815I0001Apparaatversie letter “I” Artikelnummer Manufactured in PRCSerial no: E815I0001Part no : 44020120model : ChargeMaster 24/12-3Input :Output : 28,50VDC - 30A120/230V AC 50/60 Hz 3. 2A/1. 6ADesigned byMastervoltIP 23.
BEDIENING 4 Augustus 2015 / ChargeMaster 12/25-3, 24-12-3 / NL 2 BEDIENING 2. 1 EIGENSCHAPPEN De Mastervolt ChargeMaster is een volautomatische acculader. Dit betekent dat onder normale omstandigheden de lader ingeschakeld blijft met de netspanning en de accu’s aangesloten. De ChargeMaster is geschikt voor laden van de volgende accu’s: open loodzuur, AGM, spiraal, gel, deep-cycle accu’s en Mastervolt Li-ion accu’s (MLi). De ChargeMaster heeft een zelf-instellend ingangscircuit dat hem toepasbaar maakt voor bijna alle stroomvoorzieningen ter wereld. Hij werkt goed op zowel 230V als 120V zonder gevolgen voor de uitgangsstroom. De drietraps Plus laadmethode garandeert dat de accu’s altijd voor 100% worden geladen.
Aangesloten aan een externe netspanningsbron kan de ChargeMaster ook dienen als een AC-DC converter om verbruikers te voeden die zijn aangesloten op de accu’s WAARSCHUWING De MLi-laadspanningen van deze acculader zijn geschikt voor Mastervolt Li-ion (MLi) accu’s maar zijn mogelijk niet geschikt voor andere Li-ion accu’s. Volg altijd de instructies geleverd door de fabrikant van de accu. De ChargeMaster is uitgerust met drie gelijke laderuitgangen. De totale uitgangsstroom wordt verdeeld over deze drie uitgangen. Zie hoofdstuk 3 voor aansluitingen. Afbeelding 2: Bediening van de ChargeMaster 2. 2 IN- EN UITSCHAKELEN De ChargeMaster heeft geen aan/uitschakelaar. Om de lader uit te schakelen, schakelt u de netspanning uit. WAARSCHUWING Het laden begint zodra de netspanning (weer) ingeschakeld wordt.
U kunt de ChargeMaster ook op afstand bedienen en monitoren door middel van een MasterBus afstandsbedieningspaneel. Zie paragraaf 4. 3 voor details. 2. 3 FRONTPANEEL EN LED-DISPLAY Afbeelding 3: LED-display POWER LED (GEEN BEDIENINGSKNOP) Groen = aan, Rood = stand-by. Rood knipperend = foutconditie SET KNOP Zie paragraaf 4. 1.
BEDIENING NL / ChargeMaster 12/25-3, 24-12-3 / Augustus 2015 5 2. 4 DRIETRAPS LAADMETHODE Zie Afbeelding 4. De accu wordt geladen in drie automatische fasen: BULK, ABSORPTION en FLOAT. Afbeelding 4: Drietraps laadmethode BULK: In deze fase levert de lader zijn maximale uitgangsstroom voor het snel laden van 0 tot 80%. ABSORPTION: De lader heeft zijn maximale spanning bereikt en de laadstroom zal langzaam afnemen tot de accu 100% geladen is. FLOAT (LED 100% aan): In deze fase is de accu volledig geladen Door toepassing van de standaard meegeleverd temperatuursensor wordt de laadspanning automatisch aangepast aan temperatuurschommelingen. Afbeelding 5: Temperatuur gecompenseerd laden Zie Afbeelding 5. Bij een lage accutemperatuur zal de laadspanning toenemen, terwijl bij een toename van de accutemperatuur de laadspanning zal afnemen.
Hiermee wordt het overladen en dus gassen van de accu’s voorkomen. Dit zal bijdragen aan een langere levensduur van uw accu’s. Zie ook APPENDIX voor gedetailleerde karakteristieken van de drietraps-Plus laadmethode. 2. 5 MASTERBUS (OPTIONEEL) De ChargeMaster ondersteunt het MasterBus netwerk: een volledig gedecentraliseerd gegevensnetwerk voor communicatie tussen de verschillende Mastervolt systeemcomponenten zoals de omvormer, acculader, generator, accu’s enz. Zie APPENDIX voor details. 2. 6 ONDERHOUD De ChargeMaster vereist geen specifiek onderhoud. Controleer uw elektrische installatie regelmatig, tenminste eens per jaar. Defecten zoals losse aansluitingen, verbrande kabels en dergelijke, moeten onmiddellijk worden verholpen. Gebruik indien nodig een zachte schone doek om de behuizing van de ChargeMaster te reinigen. Gebruik nooit vloeistoffen, zuren en/of schuurmiddelen. 2.
INSTALLATIE 6 Augustus 2015 / ChargeMaster 12/25-3, 24-12-3 / NL 3 INSTALLATIE Gedurende de installatie en het in gebruik stellen van de ChargeMaster zijn altijd de Belangrijke Veiligheidsinstructies steeds van toepassing. 3. 1 UITPAKKEN De levering omvat naast de ChargeMaster de volgende artikelen: een accutemperatuursensor; DC-kabels: 2 st. positief (rood) en 1 st. negatief (zwart) een MasterBus terminator (zie APPENDIX); deze gebruikershandleiding Belangrijke Veiligheidsinstructies Controleer na het uitpakken de inhoud op mogelijke beschadigingen. In geval van beschadigingen moet u het product niet gebruiken. Neem in geval van twijfel contact op met uw leverancier. Controleer aan de hand van de typenummerplaat (zie paragraaf 1. 4) of de DC uitgangsspanning overeenkomt met de accuspanning (bijv. een 24VDC accubank voor een 24VDC uitgangsspanning). 3.
2 GEBRUIKSOMGEVING Neem tijdens installatie de volgende voorwaarden in acht: De ChargeMaster is uitsluitend ontworpen voor binnenshuis gebruik Omgevingstemperatuur: -25°C. 60°C (afnemend vermogen bij temperatuur hoger dan 25°C om de interne temperatuur te verlagen). Luchtvochtigheid: 0-95%, niet-condenserend. Monteer de ChargeMaster bij voorkeur op een verticale ondergrond, met de aansluitkabels naar beneden Stel de ChargeMaster niet bloot aan een agressieve omgeving, bijvoorbeeld lucht met hoge concentraties ammonia of zout. Zorg ervoor dat de tijdens bedrijf opgewarmde lucht kan ontsnappen. De ChargeMaster dient zo te worden gemonteerd dat er geen blokkade van de luchtventilatie kan ontstaan Houd rondom de ChargeMaster tenminste 10cm ruimte vrij. Installeer de ChargeMaster niet in dezelfde ruimte als de accu’s. Installeer de ChargeMaster nooit recht boven de accu’s i.
Bij installatie in de nabijheid van woon- en slaapvertrekken moet u er rekening mee houden dat de ventilator tijdens bedrijf van de ChargeMaster geluid kan produceren. Hoewel de ChargeMaster volledig voldoet aan de van toepassing zijnde EMC-limieten, kan hij mogelijkerwijs toch storing veroorzaken op apparatuur voor radiocommunicatie. In geval van zulke storing, raden wij u aan de afstand tussen de ChargeMaster en de betreffende apparatuur te vergroten, de ontvangstantenne te verplaatsen of de apparatuur op een andere voedingsbron aan te sluiten dan waarop de ChargeMaster is aangesloten. 3. 3 BEDRADING WAARSCHUWING. De in deze handleiding vermelde aderdoorsneden en zekeringwaarden dienen als voorbeeld en kunnen afwijken van plaatselijk geldende bepalingen. 3. 3. 1 DC bedrading Houd in gedachten dat er grote stromen door de DC-kabels kunnen lopen.
Houd de lengte van de kabels zo kort mogelijk, zodat de verliezen tot een minimum beperkt worden. De aanbevolen minimale aderdoorsnede voor uitgangen 1, 2 en 3 bedraagt: Model ChargeMaster Minimale aderdoorsnee 12/25-3 4 mm² / 10 AWG 24/12-3 4 mm² / 10 AWG Werk de kabeluiteinden aan de zijde van de accu af met kabelogen, aan zijde van de lader met adereindhulzen. Gebruik een geschikte krimptang om kabelschoenen aan de kabels te monteren. Gebruik onderstaande draadkleuren voor de DC bedrading om een duidelijk onderscheid te maken tussen de positieve en negatieve accukabels: Draadkleur Betekenis Aansluiten op: Rood Positief + (POS) Zwart Negatief – (NEG) Zorg ervoor dat de pluskabel en de minkabel zo dicht mogelijk naast elkaar liggen om het elektromagnetische veld rondom de kabels zo klein mogelijk te houden.
Sluit de min-kabel direct aan op de minpool van de accu, of op de belastingzijde van een eventueel aanwezige meetshunt. Gebruik nooit het chassis of de scheepshuid als geleider voor de minpool. Draai alle verbindingen stevig aan. In de pluskabel naar de accu moet een zekering worden opgenomen.
INSTALLATIE NL / ChargeMaster 12/25-3, 24-12-3 / Augustus 2015 7 De aanbevolen zekeringwaarden voor uitgang 1, 2 en 3 zijn als volgt: Model ChargeMaster Aanbevolen DC zekering 12/25-3 30A 24/12-3 15A De zekering met zekeringhouder is verkrijgbaar bij uw Mastervolt leverancier of vertegenwoordiger van de klantenservice. 3. 3. 2 AC bedrading De AC-kabel zit voorgemonteerd aan de ChargeMaster. De volgende draadkleuren zijn van toepassing: Draadkleur Betekenis Aansluiten op: Bruin Fase L1 Blauw Nul N Groen/Geel Aarde PE / GND 3. 3. 3 Aarding WAARSCHUWING De aardleiding biedt alleen bescherming indien de behuizing van de ChargeMaster behuizing verbonden is met de aarde, zoals het centrale aardpunt van het schip of het chassis van het voertuig. Sluit de aardklem (PE / GND) aan op de aarde. LET OP.
Voor een veilige installatie is het noodzakelijk in het ingangscircuit van de ChargeMaster een 30mA aardlekschakelaar op te nemen. 3. 4 ACCU’S Volg altijd de instructies geleverd door de fabrikant van de accu. De minimale accucapaciteit voor Mastervolt gel accu’s (MVG reeks) bedraagt: Model ChargeMaster Minimaal vereiste accucapaciteit (MVG reeks) 12/25-3 55Ah 24/12-3 25Ah 3. 5 BENODIGDHEDEN Verzeker u ervan dat u alle benodigde onderdelen heeft voor de installatie van de ChargeMaster: ChargeMaster (meegeleverd); Accutemperatuursensor met aangegoten kabel en stekkertje (meegeleverd); DC kabels om de ChargeMaster op de DC-distributie aan te sluiten; zie paragraaf 3. 3. 1 voor specificaties; Een zekeringhouder met DC zekering positieve DC-kabel op te nemen; zie paragraaf 3. 3. 1 voor specificaties; Schroeven (Ø 4. 5mm) (met pluggen) om de ChargeMaster te monteren.
Gebruik montagebeslag dat geschikt is om het gewicht van de ChargeMaster te kunnen dragen Accu’s; zie paragraaf 3. 4; Geschikte en betrouwbare kabelschoenen, kabelogen, accuklemmen en adereindhulzen. Wij bevelen als minimale gereedschapset aan: Een platte schroevendraaier 1. 0 x 4.
INSTALLATIE 8 Augustus 2015 / ChargeMaster 12/25-3, 24-12-3 / NL 3.7 AANSLUITEN WAARSCHWING Laat de ChargeMaster installeren door een bevoegd installateur. Voordat u met de installatie van de ChargeMaster begint, dient u zowel de gelijkspannings- als de wisselspannings-installatie spanningsvrij te maken! LET OP! Kortsluiten of het omdraaien van de polariteit kan ernstige schade veroorzaken aan accu’s, de ChargeMaster, de bekabeling en/of de aansluitingen. Zekeringen tussen de accu’s en de ChargeMaster kunnen de schade door het omwisselen van de plus en min niet voorkomen. Schade als gevolg van ompoling of kortsluiting wordt niet door de garantie gedekt. LET OP! Te dunne kabels en/of losse verbindingen kunnen gevaarlijke oververhitting van de kabels en/of klemmen veroorzaken.
Draai daarom alle verbindingen goed vast om overgangsweerstanden zoveel mogelijk te beperken en gebruik accukabels met de juiste doorsnede. OPMERKING: Als de accutemperatuur tussen de 15°C en de 25 °C is het niet beslist noodzakelijk om de accutemperatuursensor aan te sluiten. OPMERKING: De ChargeMaster is alleen geschikt voor aansluiting van afstandsbedieningspanelen die MasterBus ondersteunen. 3.7.1 Aansluitvoorbeeld Afbeelding 7: Aansluitvoorbeeld van de ChargeMaster Temperatuur sensor ACCUBANK 1 ACCUBANK 2 ACCUBANK 3 DC zekering Accu-zekering Accu-zekering AC-ingang RCD Dit schema geeft een beeld van een algemene installatie waarvan de ChargeMaster deel uitmaakt. Het is niet bedoeld als gedetailleerde installatie-instructie voor welke elektrische installatie dan ook. Aardlekschakelaar
INSTALLATIE NL / ChargeMaster 12/25-3, 24-12-3 / Augustus 2015 9 3.8 INSTALLATIE STAP VOOR STAP 6 Sluit de AC-bedrading aan. Zie paragraaf 3.3.2. Vervolg met paragraaf 3.9 voor inbedrijfstelling van de ChargeMaster. 8 Controleer alle bedrading; zie ook afbeelding 7 voor aansluitdetails 7 5 Optie: Sluit de ChargeMaster aan op het MasterBus netwerk. Zie APPENDIX. 4 Bevestig de accutemperatuursensor op de behuizing van accubank 1. Steek de kabel van deze sensor in de “temp.sensor” -aansluiting. 3 Optie: Sluit de DC-bedrading van de tweede en derde accubank aan. Deze accubanken moeten een gemeenschappelijke negatieve aansluiting hebben met accubank 1 (zie Afbeelding 7). 2 Werk de DC-kabels af door het aanpersen van adereindhulzen. Sluit de DC-bedrading van accubank 1 aan, positief op +, negatief op – . 1 Markeer de vier montagegaten. Monteer daarna de lader op de ondergrond.
INSTALLATIE 10 Augustus 2015 / ChargeMaster 12/25-3, 24-12-3 / NL 3. 9 IN BEDRIJFSTELLEN NA INSTALLATIE 3. 9. 1 Algemeen Als uw ChargeMaster niet nieuw is, moet u er rekening mee houden dat eerdere gebruikers de instellingen hebben gewijzigd. Stel de ChargeMaster terug naar fabrieksinstellingen in geval van twijfel (zie paragraaf 4. 3. 4). De fabrieksinstellingen van de ChargeMaster zijn optimaal voor de meeste installaties. Soms is het echter wenselijk om de instellingen te wijzigen. Daartoe kunnen diverse instellingen worden gedaan, zie hoofdstuk 4. OPMERKING: U kunt de instellingen alleen wijzigen na de inbedrijfstelling. 3. 9. 2 Stap voor stap in bedrijf stellen LET OP. Controleer de polariteit van alle bekabeling voor de inbedrijfstelling: Positief verbonden met positief (rode kabels) en negatief met negatief (zwarte kabels).
1 Als alle kabels in orde zijn, plaats dan de DC-zekering(en) om de accu’s met de ChargeMaster te verbinden. WAARSCHUWING Wanneer u deze zekering plaatst, kan een vonk ontstaan veroorzaakt door de condensatoren in de ChargeMaster. Dit is vooral gevaarlijk in ruimtes met onvoldoende ventilatie, dan kan er namelijk door het gassen van de accu’s een explosie plaatsvinden. Vermijd hierom ontvlambare materialen in de buurt. 2 Schakel de AC voeding (netspanning) in Na het inschakelen van de netspanning zal de ChargeMaster beginnen met het laden van de accu’s. 3. 9. 3 MasterBus (optioneel) Tijdens de eerste inbedrijfstelling zal de ChargeMaster automatisch worden herkend door het MasterBus netwerk. Het afstandsbedieningspaneel van dit netwerk geeft dan aan dat een nieuw apparaat is gevonden. Enkele instellingen kunnen alleen worden veranderd via de MasterBus interface. Zie paragraaf 4.
3 voor een overzicht van alle beschikbare MasterBus instellingen. Zie de gebruikershandleiding van het afstandsbedienings-paneel om deze instellingen te veranderen 3.
10 UIT BEDRIJF NEMEN Volg de onderstaande instructies in de aangegeven volgorde als het nodig is om de ChargeMaster buiten bedrijf te stellen: 1 Schakel de netspanning van de ChargeMaster uit. 2 Verwijder de DC-zekering(en) en ontkoppel de accu’s. 3 Controleer met een geschikte voltmeter of de in- en uitgangen van de ChargeMaster spanningsvrij zijn. 4 Demonteer alle bedrading. Nu kunt u de ChargeMaster op een veilige wijze demonteren. 3. 11 OPSLAG EN TRANSPORT Als deze niet is geïnstalleerd, bergt u de ChargeMaster dan op in de originele verpakking, in een droge en stofvrije omgeving. Gebruik altijd de originele verpakking voor transport. Neem contact op met uw plaatselijke Mastervolt Service Centrum voor meer details als u het apparaat wilt retourneren voor reparatie. 3.
INSTELLINGEN NL / ChargeMaster 12/25-3, 24-12-3 / Augustus 2015 11 4 INSTELLINGEN U kunt de instellingen van de ChargeMaster op twee manieren aanpassen: Door middel van de Instelmodus op het frontpaneel van de lader; zie paragraaf 4. 1 via het MasterBus netwerk; zie paragraaf 4. 3. LET OP. Verkeerde instellingen van de ChargeMaster kunnen ernstige schade aan uw accu’s en de aangesloten verbruikers veroorzaken. Instellingen mogen alleen worden veranderd door gekwalificeerd personeel. 4. 1 INSTELMODUS 4. 1. 1 Laadprogramma U kunt via de Instelmodus vier verschillende laadprogramma’s selecteren. Druk kort op de SET knop (Afbeelding 2) om de huidige instelling van het laadprogramma te tonen Instelling Laadprogramma MLi Aan = Mastervolt MLi accu (Li-ion) 2-step Aan: Laden met constant spanning (13. 8/27.
6V) Uit= IUoUo, volautomatisch, 3step+ Wet Aan= Open loodzuuraccu of gebruikers-specifiek via het MasterBus network Gel/AGM Aan= GEL of AGM-accu’s Via de Instelmodus kunt u een van de voor-ingestelde laadprogramma’s te selecteren. Dit doet u als volgt: Houd de SET-knop (Afbeelding 2) ingedrukt tot de Gel/AGM LED gaat knipperen; Druk steeds kort op de SET-knop om de hierboven beschreven laadprogramma’s te doorlopen. Houd de SET-knop ingedrukt tot de LED stopt met knipperen om de instelling van het gewenste laadprogramma te bevestigen. Nadat u uw keuze voor het gewenste laadprogramma heeft bevestigd, zal de ChargeMaster terugkeren naar de normale bedrijfsmodus. Wanneer u gedurende 60 seconden niet op de knop drukt, keert de ChargeMaster terug naar de normale bedrijfsmodus zonder een instelling te wijzigen.
4) Met de CEC-energiespaarstand voldoet de accu aan de eisen van de California Energy Commission (CEC). Indien ingeschakeld zal de acculader naar Stand-by schakelen aan het einde van de Absorptie-fase van de drietraps-laadkarakteristiek. Deze spaarstand is alleen van toepassing voor laadsystemen die in de USA gebruikt worden. Om de energiespaarstand te activeren: Druk 5 keer kort op de SET-knop button (Afbeelding 2); de huidige instelling van de energiespaarstand wordt weergegeven: Instelling Gele LED’s Energiespaarstand niet actief (fabrieksinstelling) Bulk + Absorption + Float Energiespaarstand actief. Bulk + Absorption Druk kort op de SET-knop om de gewenste energiespaarstand (zie tabel hierboven) te selecteren. Houd de SET-knop ingedrukt tot de lader terugkeert naar de normale bedrijfsmodus om uw keuze te bevestigen.
INSTELLINGEN 12 Augustus 2015 / ChargeMaster 12/25-3, 24-12-3 / NL Minimale accucapaciteit om te kunnen voldoen aan de eisen van de CEC wetgeving: Model ChargeMaster Accucapaciteit 12/25-3 >200Ah 24/12-3 >160Ah 4. 2 EQUALIZE MODE WAARSCHUWING Onjuist gebruik van de Equalize mode (vereffeningslading) kan leiden tot gevaarlijke situaties. Rook niet in de nabijheid van de accu’s; gebruik geen open vuur of andere ontbrandingshaarden vanwege explosiegevaar. De ruimte waar de accu’s staan altijd ventileren om gasophoping te voorkomen, vooral tijdens de Equalize mode. De Equalize mode is ALLEEN toepasbaar voor open loodzuuraccu’s en zal accu’s van het gel, AGM en MLi type beschadigen Toepassing van de Equalize mode kan nodig zijn na een te diepe ontlading en/of slecht doorlopen laadcycli (laden onderbroken voordat de accu’s volledig geladen zijn).
Equalizing dient te worden uitgevoerd volgens de specificaties van de fabrikant van de accu. Tijdens de Equalize mode worden de accu’s in de gasstand gebracht waarbij de toegestane laadspanningen mogelijk overschreden worden. Daardoor moeten voorzorgsmaatregelen worden genomen zoals het loskoppelen van alle DC verbruikers van de accu’s en het ventileren van de ruimte waarin deze accu’s zich bevinden. Laat daarom het gebruik van de Equalize mode over aan getrainde engineers. Toepassing van de Equalize mode is alleen mogelijk wanneer de ChargeMaster in bedrijf en in Float-fase is. U kunt de Equalize mode uitsluitend starten via MasterBus (zie paragraaf 4. 3. 4). 4. 3 MASTERBUS FUNCTIES U kunt de instellingen van de ChargeMaster aanpassen via het MasterBus netwerk (door middel van een afstandsbedieningspaneel of een interface aangesloten op een PC met MasterAdjust software).
Daarom moet tenminste een van de apparaten in het netwerk in staat zijn om deze voeding te leveren (zie specificaties). Per voedend apparaat kunt u maximaal drie niet-voedende apparaten op het MasterBus netwerk aansluiten. Zolang de ChargeMaster ingeschakeld is, zal deze het MasterBus-netwerk voeden. Wanneer u echter de ChargeMaster door middel van een MasterBus-commando uitschakelt (bijvoorbeeld met behulp van een MasterBus afstandsbedieningspaneel), dan zal de ChargeMaster het MasterBus netwerk niet meer kunnen voeden. Dit kan communicatieverlies tot gevolg hebben indien er geen ander voedend apparaat aanwezig is op de MasterBus. Hierdoor kan het zelfs onmogelijk zijn om de acculader weer in te schakelen. Zorg en daarom voor dat er in een MasterBus netwerk altijd een correcte balans is tussen het aantal voedende en niet-voedende apparaten.
INSTELLINGEN 14 Augustus 2015 / ChargeMaster 12/25-3, 24-12-3 / NL 4. 3. 4 Configuration (Configuratie) De hieronder vermelde parameters kunnen worden ingesteld door middel van een afstandsbedieningspaneel of een PC met MasterAdjust software (verbonden via een interface). Zie de betreffende handleidingen voor details Parameter Betekenis Fabrieksinstelling Instelbereik General Language Weergegeven taal op een monitoringpaneel dat is aangesloten op het MasterBus-netwerk English EN, NL, DE, FR, ES, IT, NO, SV, FI, DA Product Name Naam van die apparaat. Deze naam zal door alle op MasterBus aangesloten apparaten worden herkend.
CHG CM+type* 0-12 karakters Output 1 Naam van de accubank aangesloten op laderuitgang 1 Output 1 0-16 karakters Output 2 Naam van de accubank aangesloten op laderuitgang 2 Output 2 0-16 karakters Output 3 Naam van de accubank aangesloten op laderuitgang 3 Output 3 0-16 karakters Factory Settings Optie om de lader naar fabrieksinstellingen te resetten. (button) Charge current Max. current Instelling van de maximale uitgangsstroom Imax 1A - Imax Battery type Battery type Keuze van een voorgeprogrammeerd laadalgoritme. Persoonlijke Bulk-, Absorption- en Float -instellingen zijn uitsluitend mogelijk indien u hier “User defined” kiest. Flooded Flooded, AGM, Gel, MLI, Flooded traction, User defined Mastershunt Mastershunt U kunt een op MasterBus aangesloten MasterShunt kiezen voor terugkoppeling over status van de accu.
INSTELLINGEN NL / ChargeMaster 12/25-3, 24-12-3 / Augustus 2015 15 Parameter Betekenis Fabrieksinstelling Instelbereik Equalize mode Toont of de Equalize mode actief is (“On”) of niet (“Off”) (alleen lezen) Equalize Button om de Equalize mode handmatig te starten. Zie paragraaf 4.2. U kunt de Equalize mode alleen starten indien de lader in de Float fase is. Button Front panel Battery type Toont de geselecteerde Battery type (Accutype). Zie Battery type of paragraaf 4.1.1 voor instellingen (alleen lezen) Charge algorithm Toont het geselecteerde laadalgoritme. Deze instelling kan alleen aangepast worden via de Instelmodus (Settings mode). Zie paragraaf 4.1.1 (alleen lezen) AC off MasterBus on Optie om het MasterBus netwerk te blijven voeden bij uitgeschakelde netspanning. Opm.: bij deze instelling zal de accu langzaam leeglopen.
Off Off, On Charge mode CEC charge mode California Energy Commission (CEC) Energiespaarstand; zie paragraaf 4.1.2. Off Off, On * Afhankelijk van model: CM12/25, CM24/12 4.3.5 Events Afbeelding 12 illustreert de betekenis van de Event data. Input (pulsen) De input kan worden verkregen door een Aan/ Uit schakelaar te bedienen. Output (data) On verandert de status naar Aan bij het eerste signaal. Off verandert de status naar Uit bij het eerste signaal. Copy laat de status de input volgen. Copy Invert laat de status het omgekeerde van de input volgen. Toggle verandert de status bij het eerste signaal en terug bij het tweede signaal. Dit type data wordt vaak gebruikt in combinatie met een pulsschakelaar. Afbeelding 12: Event data
INSTELLINGEN 16 Augustus 2015 / ChargeMaster 12/25-3, 24-12-3 / NL Parameter Betekenis Fabrieksinstelling Instelbereik Events Event x source Event-based command Kies hier de gebeurtenis (event) van de ChargeMaster die zal moeten leiden tot ingrijpen op de werking van een ander apparaat dat is aangesloten op het MasterBus netwerk. Disabled (Zie Overzicht van event bronnen, paragraaf 4. 3. 6) Event x target Event-based command Hier kiest u de naam van het op de MasterBus aangesloten apparaat dat actie moet ondernemen naar aanleiding van een event in de ChargeMaster. (Zie Apparaatlijst) Event x command Event-based command Met het Event command bepaalt u welke parameter van het Event target gewijzigd moet worden.
(Zie Overzicht van event commando’s in de handleiding van het geselecteerde apparaat) Event x data Event-based command Met Event data kiest u wat er met de status van het Event command moet gebeuren. (Zie Overzicht van event commando’s in de handleiding van het geselecteerde apparaat) Event x+1 Het volgende event na instelling van Event x. Disabled Zie Event x. 4. 3. 6 Overzicht van Event bronnen (ChargeMaster als Event source) Hieronder vindt u het overzicht van Event bronnen van de ChargeMaster. Deze Event bronnen kunnen gebruikt worden voor het aansturen van een actie op een ander apparaat dat is aangesloten op het MasterBus netwerk.
LED 5 Bovenste gele LED van de MasterView Read Out licht op (zie handleiding MasterView Read Out) 4. 3. 7 Overzicht van event commando’s (ChargeMaster als Event target) Hieronder vindt u het overzicht van Event commando’s en Event data van de ChargeMaster. Andere apparaten die zijn aangesloten op het MasterBus netwerk kunnen geprogrammeerd worden om onderstaande acties in gang te zetten bij de ChargeMaster. Event command Omschrijving State Commando om de ChargeMaster in te schakelen Bulk Commando om de Bulk-fase te starten Abs Commando om de Absorptie-fase te starten Float Commando om de Float-fase te starten.
PROBLEMEN OPLOSSEN NL / ChargeMaster 12/25-3, 24-12-3 / Augustus 2015 17 5 PROBLEMEN OPLOSSEN Neemt u contact op met uw plaatselijke Mastervolt Service Centrum als u een probleem niet met behulp van de onderstaande tabel kunt oplossen. Zie www. Mastervolt. com voor een uitgebreide lijst met Mastervolt Service Centers. Zorg ervoor dat u de volgende informatie bij de hand heeft als u contact opneemt met uw Mastervolt Service Centrum om een probleem op te lossen: Artikel- en serienummer; zie paragraaf 1. 4 Firmware versie; dubbelklik op het ChargeMaster icoon in de MasterView System software Configuration. Probleem Mogelijke oorzaak Wat te doen. Geen uitgangsspanning en/ of -stroom Geen AC-ingangsspanning Controleer de AC-bekabeling en het afstandsbedieningspaneel. AC-ingangsspanning te laag (< 90VAC) Controleer ingangsspanning, controleer generator.
AC ingangsfrequentie buiten bereik Controleer ingangsspanning, controleer generator. Uitgangsspanning te laag, lader levert de maximale stroom De aangesloten belasting vraagt meer stroom dan de lader kan leveren. Verminder de belasting door verbruikers uit te schakelen. Accu’s niet voor 100% geladen Meet de accuspanning. Na enige tijd wordt deze hoger. Verkeerde instelling van de laadspanning Controleer instellingen (zie hoofdstuk 4) Laadstroom te laag Accu’s bijna volledig geladen Niets, dit is normaal bij een volle accu. Hoge omgevingstemperatuur Niets, als de omgevingstemperatuur hoger is dan de instellimiet, wordt de laadstroom automatisch verlaagd. Lage AC ingangsspanning. Bij lage AC-ingangsspanningen wordt de laadstroom verlaagd, zie APPENDIX Controleer AC-ingangsspanning. Controleer generator. Accu’s niet volledig geladen Laadstroom te laag Zie “Laadstroom te laag” in deze tabel.
De DC-belasting is te hoog Verminder de belasting door verbruikers uit te schakelen. Laadtijd te kort Gebruik een acculader met een grotere capaciteit. Accutemperatuur te laag. Gebruik de accutemperatuursensor.
Defecte of oude accu Controleer accu en vervang deze indien nodig. Verkeerde instelling van de laadspanning Controleer instellingen (zie hoofdstuk 4) Accu’s worden te snel ontladen Accucapaciteit is afgenomen door verlies of sulfatisering van de platen, stagnatie Ontlaad en laad enkele keren, dit helpt vaak. Controleer de accu en vervang deze indien nodig Accu’s zijn te warm, gassen Defecte accu (kortsluiting in een cel) Controleer de accu en vervang deze indien nodig Accutemperatuur te hoog Gebruik de accutemperatuursensor. Laadspanning te hoog Controleer de instellingen (zie hoofdstuk 4) Geen MasterView displayfunctie Het display is uitgeschakeld Schakel het display in Fout in de netwerkkabels Controleer de bekabeling op fouten Langzame of geen MasterBus communicatie Fout in de MasterBus-kabels Controleer de MasterBus netwerkkabels.
Geen terminator geplaatst aan de uiteinden van het netwerk Voor MasterBus is er een terminator aan beide uiteinden van het netwerk nodig. Controleer of ze zijn aangesloten Het MasterBus netwerk is geïnstalleerd als een ringnetwerk Ringnetwerken zijn niet toegestaan. Controleer de aansluitingen van het netwerk ChargeMaster kan niet via MasterBus ingeschakeld worden Geen MasterBus- voedend apparaat aanwezig; zie paragraaf 4. 3 Voeg een voedend apparaat toe aan het MasterBus-netwerk.
TECHNISCHE GEGEVENS NL / ChargeMaster 12/25-3, 24-12-3 / Augustus 2015 19 6.2 AFMETINGEN Afbeelding 13: Afmetingen in mm (inch) ChargeMaster modellen 12/25-3 en 24/12-3 6.3 CORRECTE VERWIJDERING VAN DIT PRODUCT (AFGEDANKTE ELEKTRISCHE EN ELEKTRONISCHE APPARATUUR) Dit product is ontworpen en geproduceerd met materialen en onderdelen van hoge kwaliteit die kunnen worden gerecycled en hergebruikt. Wanneer dit symbool met een doorkruiste afvalcontainer op een product is bevestigd, betekent dit dat het onder de bepalingen van de Europese richtlijn 2012/19/EU valt. Vraag informatie over de plaatselijke speciale inzamelpunten voor elektrische en elektronische producten. Volg de lokale voorschriften op en gooi uw oude producten niet weg bij het normaal huishoudelijke afval. Het correct verwijderen van uw product helpt potentiële negatieve gevolgen voor het milieu en de volksgezondheid vermijden.
15 meter kabel 77040000 MasterBus terminator Mastervolt biedt een breed scala aan producten voor uw elektrische installatie, inclusief een uitgebreid productpakket voor uw MasterBus netwerk, zowel AGM- als gel accu’s, walstroomaansluitingen, DC-verdeelkits en nog veel meer. Raadpleeg onze website www. mastervolt. com voor een uitgebreid overzicht van al onze producten.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Mastervolt ChargeMaster 12 25-3 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Acculader Mastervolt
Mastervolt Laadstroomverdeler Battery Mate 2503 IG Handleiding
26 Februari 2023
Handleiding Acculader
Nieuwste handleidingen voor Acculader