Marantz NR1501 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Marantz NR1501 (83 pagina’s), behorend tot de categorie Receiver. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 190 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Marantz NR1501 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Marantz |
| Categorie: | Receiver |
| Model: | NR1501 |
Handleiding Marantz NR1501 – volledige tekst
1NAAMEN EN FUNCTIESBASISAANSLUITINGENBASISBEDIENINGGEAVANCEERDE AANSLUITINGENINSTELLINGENGEAVANCEERDE BEDIENINGOPLOSSEN VAN PROBLEMENOVERIGENEDERLANDSDank u voor uw aankoop van dit Marantz product. Lees deze handleiding aandachtig om het toestel correct te kunnen bedienen en installeren vooraleer u ermee aan de slag gaat. Bewaar deze handleiding zodat u ze achteraf nog kunt raadplegen. CONTROLE VAN DE ACCESSOIRESControleer na het openen van de doos of de volgende accessoires in de verpakking zitten. • Afstandsbediening. 1• Batterijen (AAA). 2• Netsnoer. 1• AM-raamantenne. 1• FM-antenne. 1 • Microfoon. 1 • Gebruiksaanwijzing. 1INHOUDSOPGAVEEIGENSCHAPPEN. 2VÓÓR HET GEBRUIK. 2 ELEKTRICITEIT. 2 ONGESCHIKTE INSTALLATIEPLAATSEN. 2GEBRUIK VAN DE AFSTANDSBEDIENING. 3NAAMEN EN FUNCTIES. 4VOORPANEEL. 4FL DISPLAY EN INDICATOR. 4 ACHTERPANEEL. 5 AFSTANDSBEDIENING. 6BASISAANSLUITINGEN.
• Dolby True HD • Dolby Digital Plus • Dolby Digital, Dolby Digital EX • DTS-HD (Master Audio, Hi-Resolution Audio) • DTS, DTS ES, DTS Neo:6, DTS 96/24• Dolby Pro-Logic IIxAUTOMATISCH INSTELSYSTEEMHet apparaat is uitgerust met een automatische instelfunctie dat gebruikmaakt van een zeer krachtige digitale signaalprocessor (DSP) voor het analyseren van de gegevens verkregen door het meten van de luidsprekerkarakteristieken en luistervertrekeigenschappen met behulp van de bijgeleverde, geavanceerde microfoon, en welke, op basis van de uitkomsten van deze analyse en rekenkundige bewerkingsprocessen, de frequentiekarakteristieken zodanig compenseert dat het gehele luistervertrek een optimale luisteromgeving wordt.
7-KANAALS DISCRETE VERSTERKERDit apparaat is uitgerust met een 7-kanaals discrete versterker die beschikt over een breed bereik waarover dezelfde hoogstaande prestaties worden geleverd. HDMI-AANSLUITINGEN AANWEZIGDoor toepassing van een IC voor HDMI (High-Definition Multimedia Interface) die compatibel is met HDMI Ver1. 3a, de allernieuwste versie, worden de HDMI-aansluitingen in staat gesteld om videosignalen door te geven die voldoen aan de Deep Color- en x. v. Color-normen, en worden deze tegelijkertijd in staat gesteld om Dolby TrueHD, DTS-HD en Dolby Digital Plus te ondersteunen, welke worden gebruikt op Blu-raydiscs en HD DVD’s. VIDEOCONVERSIEHet apparaat kan videosignalen omhoog converteren (waarbij composiet- en componentsignalen worden geconverteerd naar HDMI-signalen) in volledig digitale bewerking.
BREEDBANDCOMPONENTVIDEODrie ingangslijnen en één uitgangslijn voor componentvideosignalen zijn aanwezig. High-defi nition en andere breedbandvideosignalen (80 MHz (-3 dB)) worden ondersteund. COMPACT ONTWERP BIEDT MEER KEUZEMOGELIJKHEDEN BIJ OPSTELLENDoor dit apparaat geringe afmetingen voor een multikanaals AV-receiver mee te geven, kunnen gebruikers dit apparaat ook opstellen in situaties met ruimtegebrek.
OVERIGE KENMERKEN • Nieuwste DSP van 32-bit• Beeldsch ermme nusys tee m (OSD-menu) waarmee de instellingen op het televisiescherm kunnen worden gemaakt • Afstandsbediening met voorkeurfuncties• Milieuvriendelijke STANDBY-stand met laag stroomverbruik • Cursortoetsen op het voorpaneel• AUX1-ingangsaa nsluitingen wa arop een digitale audiospeler of andere component kan worden aangesloten door middel van stereominiaansluitingen van 3,5 mm op het φvoorpaneelELEKTRICITEITDit apparaat van Marantz kan worden aangesloten op de netspanning bij u thuis en voldoet aan de veiligheidseisen in uw regio. Dit apparaat kan uitsluitend met 230 V wisselspanning worden gevoed.
ONGESCHIKTE INSTALLATIEPLAATSENOm dit apparaat zo lang mogelijk in perfecte staat te houden, mag u hem niet op de volgende plaatsen installeren: • Blootgesteld aan direct zonlicht• D i c h t b i j w a r m t e b r o n n e n z o a l s verwamingstoestellen • Zeer vochtige of slecht geventileerde plaatsen• Stoffi ge plaatsen • Plaatsen die onderhevig zijn aan trillingen • Op een wankel, schuin of onstabiel oppervlak • Aan vensters waar het toestel kan blootstaan aan regen, enz. • Op een versterker of een andere component die veel warmte afgeeftZorg voor een goede warmteafvoer door voldoende vrije ruimte te laten tussen het apparaat en de muur of andere componenten, zoals hieronder is aangegeven. Boven: 0,2 m (8 in) of meerRechts: 0,2 m (8 in)of meerBoven: 0,2 m (8 in) of meerAchter: 0,2 m (8 in) of meerPLAATS GEEN VOORWERPEN OP HET APPARAAT Plaats geen voorwerpen op dit apparaat.
3NAAMEN EN FUNCTIESBASISAANSLUITINGENBASISBEDIENINGGEAVANCEERDE AANSLUITINGENINSTELLINGENGEAVANCEERDE BEDIENINGOPLOSSEN VAN PROBLEMENOVERIGENEDERLANDSVÓÓR HET GEBRUIKGEBRUIK VAN DE AFSTANDSBEDIENINGBATTERIJEN PLAATSENPlaats de batterijen in de afstandsbediening alvorens u de afstandsbediening voor de eerste keer gebruikt. De bijgeleverde batterijen kunnen alleen worden gebruikt om te controleren of de afstandsbediening het wel doet. 1. Verwijder het batterijdeksel. 2. Let op de polariteitstekens ( plus en ª · min) en plaats de batterijen in de juiste richting. 3. Plaats het batterijdeksel terug. 321WAARSCHUWINGEN BIJ HET HANTEREN VAN DE BATTERIJENVerkeerd gebruik van batterijen kan lekkage, breuk of corrosie veroorzaken met mogelijk brand, letsel of bevuiling tot gevolg. Neem bij het gebruik van batterijen de volgende punten in acht.
• Plaats de batterijen zo dat de en polen ª ·overeenkomen met de aanduidingen op de afstandsbediening. • Batterijen met dezelfde grootte en vorm kunnen een verschillende spanning hebben. Gebruik geen andere batterijen dan het aangegeven type. Gebruik geen oude en nieuwe batterijen noch verschillende soorten batterijen samen. • Laad batterijen niet op. • Houd batterijen buiten het bereik van kinderen. Raadpleeg een arts wanneer een batterij is ingeslikt. • Houd noch bewaar batterijen samen met metalen balpennen, halssnoeren, munten, haarspelden, enz. • Indien de afstandsbediening gedurende lange tijd niet zal worden gebruikt (1 maand of meer), moet u de batterijen verwijderen om lekkage te voorkomen. Raak lekkende batterijen niet aan met de blote hand. Verwijder vloeistofresten uit de behuizing en plaats nieuwe batterijen.
Ga omzichtig tewerk, want elektrolyt op de huid of kleren houdt een risico op verbranding in. Indien er per ongeluk toch vloeistof op uw huid terechtkomt, spoel die dan meteen af met water en raadpleeg een arts. • Verwarm noch demonteer batterijen en gooi ze evenmin in het vuur noch in water.
• Volg bij het weggooien van verbruikte batterijen de overheidswetgeving of milieuvoorschriften op die van kracht zijn in het land of de regio waarin u zich bevindt. • Stel de batterijen niet bloot aan overdreven warmte zoals directe zonnestraling, vuur en dies meer. WERKINGSBEREIKU k u nt h e t a p p a r a a t b e d ie n e n me t d e afstandsbediening binnen het bereik zoals hieronder staat afgebeeld. Ongeveer 5 meter (16,4 ft)Voorzichtig• Zorg ervoor dat direct zonlicht, TL-verlichting of een andere sterke lichtbron niet rechtstreeks op het infrarood-signaalontvangstvenster (afstandsbedieningssensor) van de speler valt. De werking van de afstandbediening kan daardoor onmogelijk worden. • Houd er rekening mee dat het gebruik van de afstandsbediening tot gevolg kan hebben dat andere apparaten die werken met infraroodstralen per ongeluk worden bediend.
4NAAMEN EN FUNCTIESBASISAANSLUITINGENBASISBEDIENING GEAVANCEERDE AANSLUITINGENINSTELLINGEN GEAVANCEERDE BEDIENINGOPLOSSEN VAN PROBLEMEN OVERIGENAAMEN EN FUNCTIESNEDERLANDSNAAMEN EN FUNCTIESVOORPANEEL q w. 2erty ui 0. 1o. 4. 3. 6. 7. 5 q POWER-knop en STANDBY-indicatorDruk op de knop om het apparaat in te schakelen, en druk nogmaals op de knop om het uit te schakelen. De STANDBY-indicator is aan wanneer het apparaat door de afstandsbediening in de stand-bystand (uitgeschakeld) is gezet. Wanneer dit apparaat standby staat met de POWER-knop in de stand ON, kunt u het apparaat ook inschakelen door op de -toets te drukken. 2De STANDBY-indicator is aan wanneer het apparaat door de afstandsbediening in de stand-bystand (uitgeschakeld) is gezet. w INPUT SELECTOR-knopDeze knop wordt gebruikt om de ingangsbron te kiezen.
(Zie bladzijde 13)e SURROUND MODE-toetsDruk op deze toets om de surroundfunctie te kiezen. r AUTO-toetsDruk op deze toets om de AUTO-functie te kiezen uit de surroundfuncties. Als deze functie is gekozen, bepaalt dit apparaat de surroundfunctie automatisch overeenkomstig het digitale ingangssignaal. (Zie bladzijde 27)t SOURCE DIRECT-toets en -indicatorDruk op deze toets om het audiosignaal de klankregelingschakeling te laten omzeilen en de pure geluidskwaliteit voort te brengen. Als u de klankregelingschakeling niet wilt omzeilen, drukt u nogmaals op de SOURCE DIRECT-toets. y MENU-toetsDruk op deze toets om het SETUP MAIN MENU op te roepen. u EXIT-toetsDruk op deze toets om het SETUP MAIN MENU te verlaten. i DISPLAY-toetsDruk op deze toets om het FL-displayscherm om te schakelen. (Zie bladzijde 26)o BAND-toetsDruk op deze toets om te schakelen tussen FM en AM in de TUNER-functie.
2 VOLUME-regelaar (volumeregelaar)Deze knop wordt gebruikt om de ingangsbron te kiezen. Door de regelaar rechtsom te draaien, wordt het volumeniveau verhoogd. 3 AUX1 INPUT-ingangsaansluitingenOp deze audio-ingangsaansluiting kan een draagbare audiospeler, enz. , worden aangesloten. 4 Cursortoetsen (3 4 1, , , ) / 2ENTER-toetsDruk op deze toetsen als u de SETUP MAIN MENU en TUNER-functies bedient. 5 Infraroodsignalen-zendsensorvensterDit venster zendt infraroodsignalen uit naar de afstandsbediening. 6 SETUP MIC-aansluitingMeet automatisch de luidsprekerkarakteristieken met behulp van de bijgeleverde microfoon. (Zie bladzijde 22). 7 PHONES-aansluiting (hoofdtelefoonaansluiting)Deze aansluiting kan worden gebruikt om naar de uitvoer van dit apparaat te luisteren via een hoofdtelefoon.
(Zie bladzijde 28)FL DISPLAY EN INDICATORa HoofdinformatiedisplayDit display beeldt mededelingen af over de toestand, de ingangsbron, de surroundfunctie, de tuner, het volumeniveau of een ander aspect van de werking van het apparaat. s AUTO-indicatorDeze indicator gaat aan wanneer de AUTO SURROUND functie is ingeschakeld. d RDS-indicatorsRDS : Deze indicator gaat aan wanneer een RDS-signaal wordt ontvangen. PTY : Deze indicator gaat aan wanneer de PTY-dienst is ingeschakeld. f TUNER-indicators ST : Deze indicator gaat aan in de AUTO STEREO-functie tijdens het gebruik van de tuner. TUNED : Deze indicator licht op wanneer de tuner een voldoende sterk radiosignaal ontvangt. g indicatorDeze indicator gaat aan wanneer de slaaptimerfunctie in gebruik is. h MEM-indicatorDeze indicator gaat aan wanneer de MEMORY-functie in werking treedt tijdens het gebruik van de tuner.
5NAAMEN EN FUNCTIESBASISAANSLUITINGENBASISBEDIENINGGEAVANCEERDE AANSLUITINGENINSTELLINGENGEAVANCEERDE BEDIENINGOPLOSSEN VAN PROBLEMENOVERIGE NAAMEN EN FUNCTIESNEDERLANDSNAAMEN EN FUNCTIES¡1 SIGNAALFORMAAT-indicatorsDTSDeze indicator gaat aan wanneer een DTS-signaal wordt ingevoerd. DTS HDDeze indicator gaat aan wanneer een DTS-HD-signaal wordt ingevoerd. DTS ESDeze indicator gaat aan wanneer een DTS ES-signaal wordt ingevoerd. DTS 96/24Deze indicator gaat aan wanneer een DTS 96/24-signaal wordt ingevoerd. NEO:6Deze indicator gaat aan wanneer het geluid wordt uitgevoerd in DTS Neo:6. 2 HDDeze indicator gaat aan wanneer een Dolby Digital True HD-signaal wordt ingevoerd. 2 DDeze indicator gaat aan wanneer een Dolby Digital-signaal wordt ingevoerd. 2 D +Deze indicator gaat aan wanneer een Dolby Digital Plus-signaal wordt ingevoerd.
2 D EXDeze indicator gaat aan wanneer een Dolby Digital EX-signaal wordt ingevoerd. 2 PL IIxDeze indicator gaat aan wanneer het geluid wordt uitgevoerd in Dolby Pro Logic x. IIDSPDeze indicator gaat aan wanneer het geluid wordt uitgevoerd in VIRTUAL of MULTI CH STEREO. ACHTERPANEELMODEL NO. NR1501MODEL NO. NR1501MODEL NO. NR1501MODEL NO. NR1501MODEL NO. NR1501MODEL NO. NR1501ININININININOUTOUTOUTOUTOUTOUTPRE OUTPRE OUTPRE OUTPRE OUTPRE OUTPRE OUTGAMEGAMEGAMEGAMEGAMEG AMEDVDDVDDVDDVDDVDDVDDSSDSSDSSDSSDSSDSSLLLLLLRRRRRRDIGITALDIGITALDIGITALDIGITALDIGITALDIGITALAUDIOAUDIOAUDIOAUDIOAUDIOAUDIOININININININSURROUND BACKSURROUND BACKSURROUND BACKSURROUND BACKSURROUND BACKSURROUND BACKRRRRRRLLLLLL333333222222111111GNDGNDGNDGNDGNDGNDAMAMAMAMAMAMAC INAC INAC INAC INAC INAC INMODEL NO. NR1501MODEL NO. NR1501MODEL NO. NR1501MODEL NO. NR1501MODEL NO. NR1501MODEL NO.
SURR. SURR. SURR. SURR. SURR. ------ LLLLLLRRRRRR ------ FRONTFRONTFRONTFRONTFRONTFRONT ------ LLLLLL q w eyuio. 0 r t. 1q ANTENNA-aansluitingenFM (75 Ω)Sluit een externe FM-antenne of een FM-kabelnetwerk aan met behulp van een coaxiale kabel. AMSluit de bijgeleverde AM-raamantenne aan. Positioneer de raamantenne zodanig dat u het beste geluid krijgt. w VIDEO-aansluitingen (DVD, DSS, VCR) Er zijn 3 video-ingangsaansluitingen en 1 video-uitgangsaansluiting. Sluit een videorecorder, dvd-speler of andere videocomponent aan op de video-ingangsaansluitingen. e MONITOR OUT-aansluitingDit is een monitor-uitgangsaansluiting.
r COMPONENT VIDEO-aansluitingen (DVD, DSS, VCR)D i t a p p a r a a t h e e f t 3 c o mp one nt v id e o -ingangsaansluitingen waarmee de kleurinformatie (Y, PB B R R/C , P /C ) rechtstreeks wordt verkregen uit het opgenomen dvd-signaal of andere videocomponent, en 1 componentvideo-uitgangsaansluiting waarmee dit rechtstreeks wordt uitgevoerd naar de matrixdecoder of het weergaveapparaat. t HDMI-aansluitingen (BLU-RAY, GAME, DVD, DSS)Dit apparaat heeft 4 HDMI-ingangsaansluitingen en 1 HDMI-uitgangsaansluiting. y AC INLETSluit hierop het bijgeleverde netsnoer aan en sluit dat tevens aan op een stopcontact. Dit apparaat mag uitsluitend op een ntspanning (wisselspanning) van 230 V worden bediend.
u SPEAKER SYSTEMS-aansluitingenZeven aansluitingen zijn beschikbaar voor de linkervoor-, rechtervoor-, middenvoor-, linkersurround-, rech tersurround- , l inkerachtersurround- en rechterachtersurroundluidsprekers. i DIGITAL AUDIO IN 1, 2, 3Er is 1 digitale ingangsaansluiting van het coax-type, en er zijn 2 optische ingangsaansluitingen. De ingangen accepteren digitale audiosignalen vanaf een CD, DVD of andere digitale broncomponent. De ingangsfunctie kan worden geselecteerd met behulp van het beeldschermmenusysteem (Zie bladzijde 20)o REMOTE CONTROL IN/OUT -aansluitingSluit deze aansluitingen aan op een Marantz component die is uitgerust met RC-5 afstandsbedieningsaansluitingen. 0 SUB WOOFER PRE OUT-aansluitingSluit deze aansluiting aan op de lijningangsaansluiting van een subwoofer met ingebouwde versterker.
1 ANALOG AUDIO-aansluitingen (CD, DVD, DSS, VCR, AUX2) Er zijn 5 audio-ingangsaansluitingen en 1 audio-uitgangsaansluiting. De au dio-ing a ng s a a ns l u itingen e n a udio-uitgangsaansluiting accepteren tulpstekkers. a s g jkl¡0¡1 hd fk HDMI-indicator Deze indicator gaat aan wanneer een HDMI-ingangsbron is geselecteerd. l -indicatorDeze indicator gaat aan wanneer het display van dit apparaat is uitgeschakeld.
6NAAMEN EN FUNCTIESBASISAANSLUITINGENBASISBEDIENING GEAVANCEERDE AANSLUITINGENINSTELLINGEN GEAVANCEERDE BEDIENINGOPLOSSEN VAN PROBLEMEN OVERIGENAAMEN EN FUNCTIESNEDERLANDSNAAMEN EN FUNCTIESAFSTANDSBEDIENINGDe bijgeleverde afstandsbediening is een afstandsbediening voor algemeen gebruik. De POWER, de cijfertoetsen, en de functietoetsen w o r d e n h e t z e l f d e g e b r u i k t v o o r a l l e invoerbroncomponenten. De invoerbron die door de afstandsbediening wordt bedient, verandert als op één van de invoer-keuzetoetsen wordt gedrukt. zx,. ⁄1⁄3⁄4⁄5⁄7⁄9¤0¤2¤4¤8‹0‹2‹4‹6¤1¤3¤6¤9¤5¤7‹7‹1‹3‹5bm⁄0⁄2⁄6⁄8vnc z ON I / STANDBY -toetsen(wanneer de AMP-functie is gekozen)Met deze toetsen schakelt u dit apparaat in of uit. x DIMMER-toetsDruk op deze toets om het display van het apparaat te dimmen.
c HT-EQ toets(wanneer de AMP-functie is gekozen)Met deze toets schakelt u de HT (Home Theater)-EQ-functie in en uit. v SURR. MODE-toetsMet deze toets selecteert u de surroundfunctie. b S. DIRECT-toetsDruk op deze toets om de SOURCE DIRECT-functie te selecteren. n EQ-toetsDruk op deze toets om de ROOM EQ-functie te selecteren. m A/D-toetsMet deze toets selecteert u tussen de analoge en digitale ingangen. , MUTE-toetsMet deze toets schakelt u de audio voor de versterker uit. VOLUME-toetsen +/–Met deze toetsen past u het volume van de versterker aan. ⁄0 AUDIO-toetsDruk op deze toets om weergave te selecteren van het MAIN-(hoofdkanaal)geluid of het SUB-(subkanaal)geluid in de tweetalige functie van Dolby Digital of DTS. ⁄1 INFO-toetsDeze toets wordt niet gebruikt met dit apparaat.
⁄2 1, , 2 3, 4 (CURSOR) / ENTER -toetsMet deze toetsen bedient u de cursor bij gebruik van dit apparaat, dvd-speler of andere AV-apparatuur. (wanneer de TUNER-functie is gekozen)PRESET-toetsen +/–Met deze toetsen selecteert u een voorkeurzender met een hoger of lager nummer.
TUNE /TUNE -toetsen3 4Met deze toetsen selecteert u af op een zender met een hogere of lagere frequentie. ⁄3 EXIT / MEMO-toets(wanneer de AMP-functie is gekozen)Met deze toets annuleert u instellingen in het SETUP MENU. (wanneer de TUNER-functie is gekozen)Met deze toets slaat u o. a. de instelling van voorkeurzenders op. ⁄4 CONTROL-toetsenMet deze toetsen geeft u de opdrachten PLAY (spelen), STOP (stoppen), PAUSE (onderbreken) en andere bronopdrachten. (Als de AMP-functie is geselecteerd)LIP SYNC-toetsDeze toets wordt gebruikt om de LIP SYNC-functie te selecteren. CH SEL-toetsDruk op deze toets om CH LEVEL ADJUST op te roepen en de luidsprekerniveaus in te stellen. (wanneer de TUNER-functie is gekozen)T. MODE-toetsMet deze toets kiest u de automatische stereofunctie of de monofunctie bij selectie van de FM-band. T. DISP-toetsMet deze toets selecteert u de displayfunctie in RDS.
PTY-toetsMet deze toets selecteert u informatie weer over het type programma van de huidige zender. BAND-toetsMet deze toets selecteert u FM of AM. ⁄5 BASS / CH-toetsen +/–(wanneer de AMP-functie is gekozen)Met deze toetsen past u de lage tonen aan van de linker-, rechter- en subwooferluidspreker. (Wanneer de DSS-functie is gekozen)Met deze toetsen kiest u een ander kanaal. ⁄6 TREBLE-toetsen +/–(wanneer de AMP-functie is gekozen)Met deze toetsen past u de hoge tonen aan van de linker- en rechterluidspreker. ⁄7 REPEAT toetsMet deze toets selecteert u de REPEAT-functie van het bronapparaat. ⁄8 RANDOM toetsMet deze toets selecteert u de RANDOM-functie van het bronapparaat. ⁄9 TV CONTROL-toetsenMet deze toetsen kunt u de televisie of monitor bedienen. ¤0 CLR-toetsDruk op deze toets om het geheugen of programma van een bron te wissen.
7NAAMEN EN FUNCTIESBASISAANSLUITINGENBASISBEDIENINGGEAVANCEERDE AANSLUITINGENINSTELLINGENGEAVANCEERDE BEDIENINGOPLOSSEN VAN PROBLEMENOVERIGE NAAMEN EN FUNCTIESNEDERLANDS¤4 TOP-toetsAls u tijdens het instellen op deze toets drukt, keert u terug naar het Setup-hoofdmenu. ¤5 DISPLAY-toetsMet deze toets selecteert u de displayfunctie voor het display op het voorpaneel van dit apparaat. ¤6 INPUT 3 toetsMet deze toets kunt u de ingangsbronnen voorwaarts doorlopen om een gewenste bron te selecteren. INPUT 4 toetsMet deze toets kunt u de ingangsbronnen achterwaarts doorlopen om een gewenste bron te selecteren. ¤7 SETUP-toetsDeze toets wordt gebruikt voor het instellen van een dvd-speler of een ander apparaat. ¤8 SOURCE-toetsenMet deze toetsen schakelt u over op een andere bron voor de AV-receiver. Elke keer als u op een brontoets drukt, schakelt de afstandsbediening over op de betreffende bron.
U ku nt m e t de ze a f s tand s b e d ie ning 10 apparaatsoorten bedienen. Als u de bron voor de AV-receiver wilt veranderen, drukt u binnen twee seconden tweemaal op deze toets. Het signaal wordt verzonden als u voor de tweede maal op de toets drukt. Opmerkingen• Druk op de AMP-toets om de versterkerfuncties van het apparaat te bedienen. • Druk op de TUNE-toets om de tunerfuncties van het apparaat te bedienen. ¤9 STEREO-toetsMet deze toets selecteert u de STEREO-functie. ‹0 AUTO-toetsMet deze toets selecteert u automatische surround. ‹1 NIGHT-toetsAls u op deze toets drukt, voorkomt u dat het Dolby Digital-signaal te luid wordt weergegeven. ‹2 SLEEP-toetsMet deze toets stelt u de slaaptimer in. ‹3 I / SOURCE ON/OFF-toetsMet deze toets schakelt u een specifi eke bron (zoals een dvd-speler) in of uit, onafhankelijk van de rest van het systeem.
8NAAMEN EN FUNCTIESBASISAANSLUITINGENBASISBEDIENING GEAVANCEERDE AANSLUITINGENINSTELLINGEN GEAVANCEERDE BEDIENINGOPLOSSEN VAN PROBLEMEN OVERIGEBASISAANSLUITINGENNEDERLANDSBASISAANSLUITINGENOPSTELLEN VAN DE LUIDSPREKERSHet ideale surroundluidsprekersysteem voor dit apparaat is een 7-luidsprekersysteem dat gebruik maakt van linker en rechter voorluidsprekers, een middenluidspreker, linker en rechter surroundluidsprekers, een linker en rechter achter-surroundluidspreker en een subwoofer. Om de beste resultaten te verkrijgen, adviseren wij dat alle voorluidsprekers van hetzelfde type zijn met identieke of vergelijkbare aandrijfeenheden. Hiermee krijgt u vloeiend verlopende verschuivingen door het geluidsbeeld aan de voorkant wanneer de actie zich verplaatst van zijkant naar zijkant.
De middenluidspreker is bijzonder belangrijk omdat meer dan 80% van de dialoog in een gemiddelde fi lm door de middenluidspreker wordt voortgebracht. Deze dient soortgelijke geluidskarakteristieken te hebben als de voorluidsprekers. De surroundluidsprekers hoeven niet identiek te zijn aan de voorluidsprekers, maar moeten wel van hoge kwaliteit zijn. De midden-surroundluidspreker wordt gebruikt voor het weergeven van Dolby Digital Surround EX of DTS-ES. Een van de voordelen van zowel Dolby Digital als DTS is dat surroundkanalen over het volledige bereik discreet zijn, terwijl deze in eerdere Pro Logic-systemen frequentiebeperkingen kenden. Lagetoneneffecten vormen een belangrijk onderdeel van de thuisbioscoop. Om optimaal geluid te verkrijgen dient een subwoofer te worden gebruikt omdat deze is geoptimaliseerd voor het weergeven van lage frequenties.
Als u voorluidsprekers met een volledig frequentiebereik hebt, kunnen deze eventueel gebruikt worden in plaats van een subwoofer indien de instellingen op het menusysteem op de juiste wijze gemaakt zijnRechter achtersurroundRechter voorLinker voorMiddenLinker surroundSubwooferLinker achtersurroundRechter surroundLINKER EN RECHTER VOORLUIDSPREKERSWe adviseren de linker en rechter voorluidsprekers op te stellen onder een hoek van 45-60 graden ten opzichte van de luisterpositie. MIDDENLUIDSPREKERLijn de voorkant van de middenluidspreker uit met de voorkant van de linker en rechter voorluidsprekers, of stel de middenluidspreker iets achter de verbindingslijn tussen de linker en rechter voorluidsprekers op.
LINKER EN RECHTER SURROUNDLUIDSPREKERSWanneer dit apparaat in een surroundopstelling wordt gebruikt, is de optimale positie van de surroundluidsprekers aan de zijmuren van het luistervertrek, ter hoogte van of iets achter de luisterpositie. Het midden van de luidspreker moet naar het midden van het vertrek zijn gericht. LINKER EN RECHTER ACHTERLUIDSPREKERSVoor het creëren van een volledig 7. 1-kanalensysteem zijn surroundachterluidsprekers nodig. De luidsprekers moeten aan de achtermuur van het luistervertrek worden bevestigd, achter de luisterpositie. Het midden van de luidspreker moet naar het midden van het vertrek zijn gericht. SUBWOOFERWij adviseren een subwoofer te gebruiken voor een maximaal lagetoneneffect. Aangezien de subwoofer alleen lage frequenties verwerkt, kunt u deze overal in het vertrek opstellen.
LINKER EN RECHTER SURROUNDLUIDSPREKERS Stel de linker en rechter surroundluidsprekers en de midden-surroundluidspreker 70 tot 100 cm hoger op dan de oorhoogte op de luisterpositie. Plaats de luidsprekers bovendien op dezelfde hoogte. 70cm 1mAANSLUITEN VAN LUIDSPREKERS • Zorg ervoor dat u luidsprekers aansluit met een impedantie aangegeven op het achterpaneel van dit apparaat. • Als een subwoofer met ingebouwde versterker wordt aangesloten, sluit u deze aan op de PRE OUT-subwoofer-uitgangsaansluiting. ININININININOUTOUTOUTOUTOUTOUTPRE OUTPRE OUTPRE OUTPRE OUTPRE OUTPRE OUTGAMEGAMEGAMEGAMEGAMEG AMEDVDDVDDVDDVDDVDDVDDSSDSSDSSDSSDSSDSSLLLLLLRRRRRRDIGITALDIGITALDIGITALDIGITALDIGITALDIGITALAUDIOAUDIOAUDIOAUDIOAUDIOAUDIOININININININSURROUND BACKSURROUND BACKSURROUND BACKSURROUND BACKSURROUND BACKSURROUND BACKRRRRRRLLLLLL333333222222111111AC INAC INAC INAC INAC INAC INMODEL NO. NR15 01MODEL NO.
------ LLLLLLRRRRRR ------ FRONTFRONTFRONTFRONTFRONTFRONT ------ LLLLLLRechter Linker Rechter Linker SurroundVoorluidsMiddenSubwoofer Met Ingebouwde VersterkerRechter Linker AchtersurroundOpmerkingen• Ter voorkoming van kortsluiting, mogen de blote koperdraad-uiteinden elkaar of enig metalen onderdeel van dit apparaat niet aanraken. • Raak de luidspreker-aansluitingen niet aan terwijl het apparaat is ingeschakeld. U kunt hierdoor een elektrische schok krijgen. • Sluit niet meer dan één luidsprekerdraad aan op één luidsprekeraansluiting. Als u dit toch doet, kan het apparaat worden beschadigd. • Let erop dat u de positieve en negatieve luidsprekerdraden op de juiste wijze aansluit. Als u deze andersom aansluit, wordt de signaalfase omgedraaid en zal de signaalkwaliteit slecht zijn.
9NAAMEN EN FUNCTIESBASISAANSLUITINGENBASISBEDIENINGGEAVANCEERDE AANSLUITINGENINSTELLINGENGEAVANCEERDE BEDIENINGOPLOSSEN VAN PROBLEMENOVERIGEBASISAANSLUITINGENNEDERLANDSAANSLUITEN VAN DE LUIDSPREKERDRADEN 1. Strip ongeveer 10 mm (3/8 inch) isolatie van de luidsprekerdraad af. 2. Draai de blote koperdraad-uiteinden ineen om kortsluiting te voorkomen. 1. 2. 10 mm(3/8 inch) FRONT R/LCENTERSURROUND R/L 3. Draai de knop open door deze linksom te draaien. 4. Steek het blote koperdraad-uiteinde in het gat in de zijkant van de aansluiting. 5. Draai de knop dicht door deze rechtsom te draaien. 3. 4. 5. SURROUND BACK R/L 3. Duw de hendel omlaag en houdt deze daar. 4. Steek het ineengedraaide uiteinde van de draad in het gat van de aansluiting. 5. Laat de hendel los. 3. 4. 5. BASISAANSLUITINGENAANSLUITEN VAN AUDIOCOMPONENTENDe VCR OUT-aansluitingen zijn bedoeld voor het maken van opnamen.
Het geluid van de analoge ingangsbroncomponent dat op dit moment geselecteerd is, wordt via deze aansluitingen uitgevoerd. Het digitale geluid, dat wordt ingevoerd via de DIGITAL IN- of HDMI-aansluiting, wordt niet uitgevoerd via de VCR OUT-aansluitingen. ININININININOUTOUTOUTOUTOUTOUTPRE OUTPRE OUTPRE OUTPRE OUTPRE OUTPRE OUTGAMEGAMEGAMEGAMEGAMEG AMEDVDDVDDVDDVDDVDDVDDSSDSSDSSDSSDSSDSSLLLLLLRRRRRRDIGITALDIGITALDIGITALDIGITALDIGITALDIGITALAUDIOAUDIOAUDIOAUDIOAUDIOAUDIOININININININSURROUND BACKSURROUND BACKSURROUND BACKSURROUND BACKSURROUND BACKSURROUND BACKRRRRRRLLLLLL333333222222111111GNDGNDGNDGNDGNDGNDAMAMAMAMAMAMAC INAC INAC INAC INAC INAC INMODEL NO. NR1501MODEL NO. NR1501MODEL NO. NR1501MODEL NO. NR1501MODEL NO. NR1501MODEL NO.
• Zorg ervoor dat de linker en rechter kanalen op de juiste wijze zijn aangesloten. Rode stekkers zijn voor de R (rechter) kanalen, en witte stekkers zijn voor de L (linker) kanalen. • Let erop de ingangs- en uitgangsaansluitingen op de juiste wijze aan te sluiten. • Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van iedere component die op dit apparaat wordt aangesloten. • Bind de aangesloten kabels niet samen met het netsnoer of de luidsprekerkabels. Als u dit doet, kan ruis ontstaan. AANSLUITEN VAN DIGITALE AUDIOCOMPONENTEN• Er zijn 3 digitale ingangsaansluitingen, 1 coax-aansluiting en 2 optische aansluitingen, op het achterpaneel. U kunt deze aansluitingen gebruiken om PCM-, Dolby Digital- en DTS-bitstreamsignalen in te voeren vanaf een cd-speler, dvd-speler of andere digitale broncomponent. • Stel het digitale audioformaat van de DVD-speler of andere digitale broncomponent in.
Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van iedere component die op de digitale ingangsaansluitingen wordt aangesloten. • Gebruik optische kabels (glasvezel) voor de DIGITAL AUDIO 1, 2-aansluitingen. Gebruik coaxkabels (voor digitale audio en video) van 75 ohm voor de DIGITAL AUDIO 3-aansluitingen. • U kunt de invoer toewijzen voor iedere ingang overeenkomstig de aangesloten componenten. (Zie bladzijde 20)Opmerking • De digitaal-signaalaansluitingen van dit apparaat voldoen aan de EIA-normen. Als u een kabel gebruikt die niet aan deze normen voldoet, is het mogelijk dat dit apparaat niet juist werkt.
VIDEO-AANSLUITINGHet videosignaal van de VIDEO-aansluitingen is een conventioneel composietvideosignaal. COMPONENT-AANSLUITINGHiermee maakt u componentvideo-aansluitingen naar een TV of monitor uitgerust met componentvideo-ingangsaansluitingen om een hogere beeldkwaliteit te verkrijgen. Gebruik een componentvideokabel of drie videosnoeren om de componentvideo video-uitgangsaansluitingen van dit apparaat aan te sluiten op de tv of monitor. Opmerkingen• Zorg ervoor dat de linker- en rechteraudiokanalen op de juiste wijze zijn aangesloten. Rode stekkers zijn voor het R (rechter)-kanaal en witte stekkers zijn voor het L (linker)-kanaal. • Let erop dat u de ingangs- en uitgangsaansluitingen voor de videosignalen op de juiste wijze aansluit. • H e t a p p a r a a t i s u i t g e r u s t m e t e e n videoconversiefunctie.
11NAAMEN EN FUNCTIESBASISAANSLUITINGENBASISBEDIENINGGEAVANCEERDE AANSLUITINGENINSTELLINGENGEAVANCEERDE BEDIENINGOPLOSSEN VAN PROBLEMENOVERIGEBASISAANSLUITINGENNEDERLANDSHDMI-COMPONENTEN AANSLUITENBASISAANSLUITINGENHDMI-AANSLUITINGENDit apparaat heeft 4 HDMI-ingangsaansluitingen en 1 HDMI-uitgangsaansluiting. Het kan digitale video- en audiosignalen van Blu-raydiscs en andere bronnen rechtstreeks verzenden naar een beeldscherm. Het minimaliseert de signaalverslechtering die wordt veroorzaakt door analoge conversie zodat u kunt genieten van beelden van hoge kwaliteit. Opmerkingen• Wanneer de HDMI-uitgang wordt aangesloten op een monitor die geen HDCP* ondersteunt, worden er geen signalen verzonden. Wanneer u beelden in HDMI wilt bekijken, dient u een beeldscherm aan te sluiten dat HDCP ondersteunt.
SURR. SURR. SURR. SURR. SURR. ------ LLLLLLRRRRRR ------ FRONTFRONTFRONTFRONTFRONTFRONT ------ LLLLLLDSSDSSDSSDSSDSSDSSOUTOUTOUTOUTOUTOUTBLU-RAYBLU-RAYBLU-RAYBLU-RAYBLU-RAYBLU-RAY HDMI OUTPUT HDMI OUTPUT HDMI INPUTVideoprojectorSatelliettunerHDMI-COMPONENTEN AANSLUITENEen HDMI-kabel (los verkrijgbaar) wordt gebruikt om de HDMI-aansluiting van het apparaat te verbinden met de HDMI-aansluiting van de Blu-raydiscspeler, televisie, projector of andere component. Om multikanaals audio te kunnen zenden via HDMI, moet de HDMI-aansluiting van de aangesloten speler multikanaals audio ondersteunen.
Opmerkingen • Sommige bronapparaten, zoals dvd-spelers of set-top-boxen, ondersteunen HDMI-doorvoerbedieningen, zoals die van dit apparaat, niet. In dergelijke gevallen worden de beelden niet goed weergegeven door monitors, zoals televisies en projectors. • Zet wanneer er verschillende componenten op deze dit apparaat worden aangesloten, de niet-gebruikte componenten uit om interferentie te voorkomen. • Het ontkoppelen of aansluiten van kabels terwijl de apparatuur is ingeschakeld, kan de apparatuur beschadigen. Schakel de apparatuur uit voordat u kabels ontkoppelt of aansluit. • Volgende functies zijn niet beschikbaar bij aansluiting van het apparaat op apparatuur die HDMI 1. 3a niet ondersteunt. • Deep Color • x. v. Color • Bitstream-audiosignaaldecodering, zoals voor Dolby Digital Plus, Dolby TrueHD, DTS-HD, enzovoort.
Raadpleeg de gebruiksaanwijzingen van de aangesloten apparatuur voor meer informatie. • Afhankelijk van de kwaliteit van de gebruikte kabel kan het HDMI-signaal door ruis worden beïnvloed. • Het apparaat biedt geen ondersteuning voor HDMI-regeling. Het apparaat kan echter wel worden aangesloten tussen apparaten die HDMI-regeling wel ondersteunen, zodat het apparaat de HDMI-regelingssignalen doorlust en de betreffende regeling wordt uitgevoerd (“HDMI control through”-functie). “HDMI-regeling” is een functie die een apparaat in staat stelt een ander apparaat te regelen mits beide apparaten beschikken over HDMI CEC (Consumer Electronics Control). Door de apparaten op elkaar aan te sluiten met behulp van HDMI-kabels, kunnen gekoppelde bedieningen ertussen worden uitgevoerd.
12NAAMEN EN FUNCTIESBASISAANSLUITINGENBASISBEDIENING GEAVANCEERDE AANSLUITINGENINSTELLINGEN GEAVANCEERDE BEDIENINGOPLOSSEN VAN PROBLEMEN OVERIGEBASISAANSLUITINGENBASISBEDIENINGNEDERLANDSBASISAANSLUITINGENDE ANTENNES AANSLUITENDE BIJGELEVERDE ANTENNES AANSLUITENDe bijgeleverde antennes zijn uitsluitend voor gebruik binnenshuis. GNDGNDGNDGNDGNDGNDAMAMAMAMAMAMDE AM-RAAMANTENNE OPBOUWENSteek de lippen in de voet zoals afgebeeld. DE AM-ANTENNEKABEL AANSLUITEN Houd ingedrukt Draad insteken LoslatenWitZwartOpmerkingen• Maak tijdens gebruik de FM-antennedraad recht en richt deze in verschillende richtingen om het beste geluid te ontvangen. Bevestig de antennedraad met punaises of soortgelijke bevestigingsmiddelen in de positie waarbij de geringste geluidsvervorming optreedt. • Bepaal de plaats en richting waarin het beste geluid wordt ontvangen.
Plaats de antenne zo ver mogelijk uit de buurt van het apparaat, een televisie, de luidsprekerkabels en het netsnoer. BUITENANTENNES AANSLUITENAls de kwaliteit van het ontvangen signaal slecht is, kan door een buitenantenne te gebruiken de ontvangstkwaliteit misschien worden verbeterd. Houd de antenne uit de buurt van ruisbronnen (neonverlichting, drukke wegen, elektriciteitskabels, transformators, enz. ). FMFMFMFMFMFM((((((757575757575ΩΩΩΩΩΩ))))))GNDGNDGNDGNDGNDGNDAMAMAMAMAMAMFM-buitenantenneAM-raamantenneZwart WitAardeAM-buitenantenne5 tot 10 m geïsoleerde draadOpmerkingen • Koppel de AM-raamantenne niet los. • Sluit de bijgeleverde FM-antenne niet aan. • De GND-aansluiting van dit apparaat functioneert niet als een veiligheidsmassaverbinding. HET NETSNOER AANSLUITEN 1. Sluit het bijgeleverde netsnoer aan op de AC IN-aansluiting op het achterpaneel van dit apparaat. AC IN 2.
Steek de stekker van het netsnoer in een stopcontact. DE VERSTERKER BEDIENENHET APPARAAT INSCHAKELEN 1. Schakel de apparaten in die op dit apparaat zijn aangesloten. 2. Druk op de POWER ON/OFF-toets op het hoofdapparaat.
Het hoofdapparaat wordt in-/uitgeschakeld iedere keer wanneer op deze toets wordt gedrukt. Door op POWER OFF SOURCE ON/OFF of te drukken nadat op de AMP-toets op de afstandsbediening is gedrukt, gaat de STANDBY indicator op het hoofdapparaat aan en wordt het hoofdapparaat in de stand-bystand gezet. Om het apparaat in te schakelen vanuit de STANDBY-stand, drukt u op de AMP-toets op de afstandsbediening en drukt u vervolgens op of POWER ON SOURCE ON/OFF. BASISBEDIENING.
13NAAMEN EN FUNCTIESBASISAANSLUITINGENBASISBEDIENINGGEAVANCEERDE AANSLUITINGENINSTELLINGENGEAVANCEERDE BEDIENINGOPLOSSEN VAN PROBLEMENOVERIGEBASISBEDIENINGNEDERLANDSEEN INGANGSBRON KIEZENVoordat u kunt luisteren naar enig ingevoerde media, moet u eerst de ingangsbron op dit apparaat kiezen. Bijvoorbeeld : DVDOm DVD te kiezen, draait u de INPUT SELECTOR-knop op het voorpaneel, of drukt u op de DVD-toets op de afstandsbediening gedurende niet langer dan 2 seconden. Nadat u DVD hebt gekozen, hoeft u alleen maar de DVD-speler in te schakelen en met het weergeven te beginnen. • Wanneer de ingangsbron wordt veranderd, wordt de naam van de ingangsbron afgebeeld op het display op het voorpaneel. • Als u de FUNCTION RENAME-functie gebruikt (Zie bladzijde 20), wordt de veranderde naam op het display afgebeeld.
• Wanneer de ingangsbron wordt veranderd, schakelt dit apparaat automatisch om naar de digitale ingangsaansluiting en de surroundfunctie die tijdens de configuratieprocedure van die ingangsbron werden ingesteld. HET HOOFDVOLUMENIVEAU INSTELLENStel het volume in op een comfortabel niveau met behulp van de -regelaar op het VOLUMEvoorpaneel of de VOLUME + / – toetsen op de afstandsbediening. Om het volumeniveau te verhogen, draait u de VOLUME-knop rechtsom of drukt u op de VOLUME + toets op de afstandsbediening. Om het volumeniveau te verlagen, draait u linksom of drukt u op de toets op de afstandsbediening. VOLUME –Opmerking• Als het luidsprekerniveau met behulp van de CHANNEL LEVEL-instelling is ingesteld op +1 dB of hoger, wordt het maximumvolumeniveau verlaagd tot onder de 80 (Zie bladzijde 24.
)DE KLANKREGELING (HOGE- EN LAGETONEN) INSTELLENTijdens het luisteren kunt u de hoge- en lagetonenregeling instellen aan de hand van uw luistervoorkeuren of de akoestiek van het vertrek. (op de afstandsbediening)Om de toonhoogte in te stellen, drukt u op de AMP-toets. Voor de regeling van de lage tonen drukt u op BASS + BASS – of -toets.
Voor de regeling van de hoge tonen drukt u op TREBLE + TREBLE – of -toets. OpmerkingenDe toonregeling kan niet worden gebruikt in de onderstaande functies:• SOURCE DIRECT-functie• Terwijl de ROOM EQ-functie voor het luistervertrek wordt gebruiktBASISBEDIENINGHET GELUID TIJDELIJK UITSCHAKELENAls u alle luidsprekeruitvoer tijdelijk wilt uitschakelen, bijvoorbeeld wanneer de telefoon gaat, drukt u op de toets op de afstandsbediening. MUTEH i e r d o o r w o r d t d e u i t v o e r n a a r a l l e l u i d s p r e k e r a a n s l u i t i n g e n e n d e hoofdtelefoonaansluiting onderbroken, maar wordt het opnemen of dubben dat eventueel in uitvoering is, niet beïnvloed. Terwijl de geluidsuitvoer van het systeem onderbroken is, wordt “ ” op het display MUTEafgebeeld. Druk nogmaals op de -toets om terug te MUTEkeren naar de normale bediening.
14NAAMEN EN FUNCTIESBASISAANSLUITINGENBASISBEDIENING GEAVANCEERDE AANSLUITINGENINSTELLINGEN GEAVANCEERDE BEDIENINGOPLOSSEN VAN PROBLEMEN OVERIGEBASISBEDIENINGNEDERLANDSDE TUNER BEDIENENOm het apparaat met de afstandsbediening te bedienen, drukt u op de -toets op de TUNEafstandsbediening zodat de tuner-bedieningsfunctie is gekozen. LUISTEREN NAAR DE TUNERDe stapgrootte voor het scannen van de AM-frequenties kan worden ingesteld. 1. 2. 3. 1. De standaardinstelling is een frequentiestap van 9 kHz als in uw land standaard een frequentiestap van 10 kHz wordt gebruikt: Druk op de -toets op het voorpaneel. BAND • “AM 9kHz” wordt afgebeeld op het display. 2. Druk op de cursortoets of op het 1 2voorpaneel. • “AM 10kHz” wordt afgebeeld op het display en de frequentiestap wordt omgeschakeld naar 10 kHz. 3. D r u k o p d e -t oe t s o p h e t E N T E Rvoorpaneel.
Opmerking• Het voorkeurzendergeheugen van de tuner zal worden gewist wanneer u de stapgrootte verandert. AUTOMATISCH AFSTEMMEN 1. 2. 3. 1. 3. 2. (op dit apparaat) 1. Draai de INPUT SELECTOR-knop en kies “TUNER”. 2. Druk op de -toets en kies FM of AM. BAND 3. Houd de cursortoets of op het 3 4voorpaneel gedurende langer dan 0. 5 seconde ingedrukt om met het automatisch afstemmen te beginnen. 4. Het automatisch zoeken begint en zal stoppen zodra op een zender is afgestemd. (op de afstandsbediening) 1. Druk tweemaal binnen twee seconden op de TUNE-toets op de afstandsbediening om de tuner te kiezen. 2. Druk op de -toets en kies FM of AM. BAND 3. Houd de TUNE -toets gedurende 0. 5 3 of 4seconde of langer ingedrukt. 4. Het automatisch zoeken begint en zal stoppen zodra op een zender is afgestemd. Als het afstemmen niet stopt bij de gewenste zender, gebruikt u de handmatige afstemming.
Druk op de cursortoetsen op het 3 of 4voorpaneel om de gewenste zender te kiezen. (op de afstandsbediening) 1. Om de tuner te kiezen, drukt u tweemaal binnen twee seconden op de TUNE-toets op de afstandsbediening. 2. Druk op de -toets en kies FM of AM. BAND 3. Druk op de of -toets om op de TUNE 3 4gewenste zender af te stemmen. BASISBEDIENINGDE FM-FUNCTIE OMSCHAKELENFM-uitzendingen worden normaal gesproken in stereo ontvangen, maar als de kwaliteit van de signalen die worden ontvangen van een zender die stereoprogramma’s uitzendt slecht is, kan de bijbehorende ruis aanzienlijk zijn. In dergelijke gevallen kan door de FM-functie op mono in te stellen, het ruisniveau worden verlaagd, waardoor het prettiger is om naar het FM-programma te luisteren. 1. A l s d e T.
M O D E - t o e t s o p d e afstandsbediening wordt gedrukt tijdens FM-ontvangst, gaat de ST-indicator op het display uit en is de FM-functie ingesteld op mono. 2. Als nogmaals op de T. MODE-toets wordt gedrukt, gaat de ST-indicator aan en wordt weer op stereo ingesteld.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Marantz NR1501 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Receiver Marantz
Handleiding Receiver
Nieuwste handleidingen voor Receiver