Makita M9503R Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Makita M9503R (60 pagina’s), behorend tot de categorie Slijpmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 49 mensen. Heb je een vraag over Makita M9503R of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Makita |
| Categorie: | Slijpmachine |
| Model: | M9503R |
| Kleur van het product: | Black,Orange |
| Gewicht: | 2000 g |
| Breedte: | 139 mm |
| Hoogte: | 105 mm |
| Snoerlengte: | 2 m |
| Stroombron: | AC |
| Input vermogen: | 570 W |
| Stationair toerental (max): | 11000 RPM |
| Geluidsdrukniveau: | 84 dB |
| Lengte: | 270 mm |
| Schroefdraad booras: | M14 |
| Grinding disc diameter: | 125, 22.23 mm |
| Trillingsniveau (schuren): | 3 m/s² |
| Trillingsniveau onzekerheid (schuren): | 1.5 m/s² |
| Trillingsniveau (slijpen): | 6.5 m/s² |
| Trillingsniveau onzekerheid (slijpen): | 1.5 m/s² |
| Aantal slijpschijven: | 1 |
| Geluidsvermogen onzekerheid: | 3 dB |
| Onzekerheid geluidsdrukniveau: | 3 dB |
| Geluidsvermogensniveau: | 95 dB |
Handleiding Makita M9503R – volledige tekst
27 NEDERLANDSNEDERLANDS (Originele instructies)TECHNISCHE GEGEVENS Model: M9502R M9503R Schijfdiameter 115 mm 125 mm Max. schijfdikte 6,4 mm Asschroefdraad M14. x. 2 of 5/8″ (afhankelijk van het land) Nominaal toerental (n) 11. 000 min-1 Totale lengte 281 mm Nettogewicht 2,0 kg 2,1 kgVeiligheidsklasse /II • In verband met ononderbroken research en ontwikkeling behouden wij ons het recht voor bovenstaande tech-nische gegevens te wijzigen zonder voorafgaande kennisgeving. • De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen. • Gewicht volgens de EPTA-procedure 01/2003GebruiksdoeleindenDit gereedschap is bedoeld voor het slijpen van metaal- en steenmaterialen zonder gebruik van water. VoedingHet gereedschap mag alleen worden aangesloten op een voeding van dezelfde spanning als aangegeven op het typeplaatje, en kan alleen worden gebruikt op enkelfase-wisselstroom.
Het gereedschap is dubbel-ge-isoleerd en kan derhalve ook op een niet-geaard stop-contact worden aangesloten. GeluidsniveauDe typische, A-gewogen geluidsniveaus zijn gemeten volgens EN60745:Model M9502RGeluidsdrukniveau (LpA): 83 dB (A)Geluidsvermogenniveau (LWA): 94 dB (A)Onzekerheid (K): 3 dB (A)Model M9503RGeluidsdrukniveau (LpA): 84 dB (A)Geluidsvermogenniveau (LWA): 95 dB (A)Onzekerheid (K): 3 dB (A)WAARSCHUWING: Draag gehoorbescherming.
TrillingDe totale trillingswaarde (triaxiale vectorsom) zoals vastgesteld volgens EN60745:Model M9502RGebruikstoepassing: oppervlak slijpenTrillingsemissie (ah, AG): 6,5 m/s2Onzekerheid (K): 1,5 m/s2ModelM9503RGebruikstoepassing: oppervlak slijpenTrillingsemissie (ah, AG): 6,5m/s2Onzekerheid (K): 1,5 m/s2OPMERKING: De opgegeven trillingsemissiewaarde is gemeten volgens de standaardtestmethode en kan worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen. OPMERKING: De opgegeven trillingsemissiewaarde kan ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.
WAARSCHUWING: De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven trilling-semissiewaarde afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt. WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veilig-heidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de operator die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscy-clus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereed-schap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). WAARSCHUWING: De opgegeven trilling-semissiewaarde geldt voor de voornaamste toe-passingen van het elektrisch gereedschap. Als het elektrisch gereedschap echter voor andere toepas-singen wordt gebruikt, kan de trillingsemissiewaarde daarvoor anders zijn.
28 NEDERLANDSYasushi FukayaDirecteurMakita, Jan-Baptist Vinkstraat 2, 3070, BelgiëAlgemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschapWAARSCHUWING: Lees alle veiligheids-waarschuwingen en alle instructies. Het niet vol-gen van de waarschuwingen en instructies kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen. De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoor-schriften duidt op gereedschappen die op stroom van het lichtnet werken (met snoer) of gereedschappen met een accu (snoerloos). Veiligheidswaarschuwingen voor een slijpmachineGemeenschappelijke veiligheidswaarschuwingen voor slijpwerkzaamheden: 1. Dit elektrisch gereedschap is bedoeld voor gebruik als een slijpmachine.
Lees alle vei-ligheidswaarschuwingen, instructies, afbeel-dingen en technische gegevens die bij dit elektrisch gereedschap worden geleverd. Als u nalaat alle onderstaande instructies te volgen, kan dit leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel. 2. Werkzaamheden zoals schuren, draadbor-stelen, polijsten en doorslijpen worden niet aangeraden met dit elektrisch gereedschap. Werkzaamheden waarvoor dit elektrisch gereed-schap niet is bedoeld kunnen gevaarlijke situaties opleveren en tot persoonlijk letsel leiden. 3. Gebruik geen accessoires die niet speciek zijn ontworpen en aanbevolen door de fabri-kant van het gereedschap. Ook wanneer het accessoire kan worden aangebracht op uw elek-trisch gereedschap, is een veilige werking niet gegarandeerd. 4.
Het nominale toerental van het accessoire moet minstens gelijk zijn aan het maximumto-erental vermeld op het elektrisch gereedschap. Accessoires die met een hoger toerental draaien dan hun nominaal toerental kunnen stuk breken en in het rond vliegen. 5. De buitendiameter en de dikte van het acces-soire moeten binnen het capaciteitsbereik van het elektrisch gereedschap vallen.
Accessoires met verkeerde afmetingen kunnen niet afdoende worden afgeschermd of beheerst. 6. Als accessoires met schroefdraadbevestiging worden aangebracht, moet de schroefdraad overeenkomen met de asschroefdraad van de slijpmachine. Als accessoires met ensbeves-tiging worden aangebracht, moet het asgat van het accessoire overeenkomen met de diameter van de pasrand op de ens. Accessoires die niet overeenkomen met de bevestigingshard-ware van het elektrisch gereedschap, zullen niet gebalanceerd draaien en buitensporig trillen, en kunnen leiden tot verlies van controle over het gereedschap. 7. Gebruik nooit een beschadigd accessoire. Inspecteer het accessoire vóór ieder gebruik, bijvoorbeeld een slijpschijf op ontbrekende schilfers en barsten, en een rugschijf op barsten, scheuren of buitensporige slijtage.
Nadat het elektrisch gereedschap of acces-soire is gevallen, inspecteert u het op schade of monteert u een onbeschadigd accessoire. Na inspectie en montage van een accessoire, zorgt u ervoor dat u en omstanders niet in het rotatievlak van het accessoire staan, en laat u het elektrisch gereedschap draaien op het maximaal, onbelast toerental gedurende één minuut. Beschadigde accessoires breken normaal gesproken in stukken gedurende deze testduur. 8. Draag persoonlijke-veiligheidsmiddelen. Afhankelijk van de toepassing gebruikt u een spatscherm, een beschermende bril of een veiligheidsbril. Al naar gelang de toepassing draagt u een stofmasker, gehoorbeschermers, handschoenen en een werkschort die in staat zijn kleine stukjes slijpsel of werkstukfrag-menten te weerstaan. De oogbescherming moet in staat zijn rondvliegend afval te stoppen dat ontstaat bij de diverse werkzaamheden.
Het stof-masker of ademhalingsapparaat moet in staat zijn deeltjes te lteren die ontstaat bij de werkzaam-heden. Langdurige blootstelling aan zeer intens geluid kan leiden tot gehoorbeschadiging. 9. Houd omstanders op veilige afstand van het werkgebied.
Iedereen die zich binnen het werkgebied begeeft, moet persoonlijke-veilig-heidsmiddelen gebruiken. Fragmenten van het werkstuk of van een uiteengevallen accessoire kunnen rondvliegen en letsel veroorzaken buiten de onmiddellijk werkomgeving. 10. Houd elektrisch gereedschap uitsluitend vast aan het geïsoleerde oppervlak van de handgre-pen wanneer u werkt op plaatsen waar het slij-paccessoire met verborgen bedrading of zijn eigen snoer in aanraking kan komen. Wanneer het slijpaccessoire in aanraking komt met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïso-leerde metalen delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schok kan krijgen. 11. Houd het snoer goed uit de buurt van het rond-draaiende accessoire.
Als u de controle over het gereedschap verliest, kan het snoer worden door-gesneden of bekneld raken, en kan uw hand of arm tegen het ronddraaiende accessoire worden getrokken. 12. Leg het elektrisch gereedschap nooit neer voordat het accessoire volledig tot stilstand is gekomen. Het ronddraaiende accessoire kan de ondergrond pakken zodat u de controle over het.
29 NEDERLANDSelektrisch gereedschap verliest. 13. Laat het elektrisch gereedschap niet draaien terwijl u het naast u draagt. Als het ronddraai-ende accessoire u per ongeluk raakt, kan het verstrikt raken in uw kleding waardoor het acces-soire in uw lichaam wordt getrokken. 14. Maak de ventilatieopeningen van het elektrisch gereedschap regelmatig schoon. De ventilator van de motor zal het stof de behuizing in trekken, en een grote opeenhoping van metaalslijpsel kan leiden tot elektrisch gevaarlijke situaties. 15. Gebruik het elektrisch gereedschap niet in de buurt van brandbare materialen. Vonken kun-nen deze materialen doen ontvlammen. 16. Gebruik geen accessoires die met vloeistof moeten worden gekoeld. Het gebruik van water of andere vloeibare koelmiddelen kan leiden tot elektrocutie of elektrische schokken.
Terugslag en aanverwante waarschuwingenTerugslag is een plotselinge reactie op een beknelde of vastgelopen draaiende schijf, rugschijf, borstel of enig ander accessoire. Beknellen of vastlopen veroorzaakt een snelle stilstand van het draaiende accessoire dat op zijn beurt ertoe leidt dat het elektrisch gereedschap zich ongecontroleerd beweegt in de tegenovergestelde richting van de draairichting van het accessoire op het moment van vastlopen. Bijvoorbeeld, als een slijpschijf bekneld raakt of vast-loopt in het werkstuk, kan de rand van de schijf die het beknellingspunt ingaat, zich invreten in het oppervlak van het materiaal waardoor de schijf eruit klimt of eruit slaat. De schijf kan daarbij naar de gebruiker toe of weg springen, afhankelijk van de draairichting van de schijf op het beknellingspunt. Slijpschijven kunnen in derge-lijke situaties ook breken.
Terugslag is het gevolg van misbruik van het elektrisch gereedschap en/of onjuiste gebruiksprocedures of omstandigheden, en kan worden voorkomen door goede voorzorgsmaatregelen te treffen, zoals hieronder vermeld: 1.
Houd het elektrisch gereedschap stevig vast en houd uw armen en lichaam zodanig dat u in staat bent een terugslag op te vangen. Gebruik altijd de extra handgreep (indien aanwezig) voor een maximale controle over het gereed-schap in geval van terugslag en de koppel-reactiekrachten bij het starten. De gebruiker kan een terugslag of de koppelreactiekrachten opvangen indien de juiste voorzorgsmaatregelen worden getroffen. 2. Plaats uw hand nooit in de buurt van het draai-ende accessoire. Het accessoire kan terugslaan over uw hand. 3. Plaats uw lichaam niet in het gebied waar het elektrisch gereedschap naar toe gaat wanneer een terugslag optreedt. Een terugslag zal het gereedschap bewegen in de tegenovergestelde richting van de draairichting van de schijf op het moment van beknellen. 4. Wees bijzonder voorzichtig bij het werken met hoeken, scherpe randen, enz.
Voorkom dat het accessoire springt of bekneld raakt. Hoeken, scherpe randen of springen veroorzaken vaak beknellen van het draaiende accessoire wat leidt tot terugslag of verlies van controle over het gereedschap. 5. Bevestig geen zaagketting, houtbewerkings-blad of getand zaagblad. Dergelijke bladen leiden vaak tot terugslag of verlies van controle over het gereedschap. Veiligheidswaarschuwingen speciek voor slijpwerkzaamheden: 1. Gebruik uitsluitend schijven van het type aan-bevolen voor uw elektrisch gereedschap en de specieke beschermkap voor de te gebruiken schijf. Schijven waarvoor het elektrisch gereed-schap niet is ontworpen, kunnen niet goed worden afgeschermd en zijn niet veilig. 2. Het slijpoppervlak van schijven met een ver-zonken middengat moet bij het aanbrengen lager liggen dan het vlak van de bescherm-rand.
De beschermkap moet stevig worden vastge-zet aan het elektrisch gereedschap en in de maximaal beschermende stand worden gezet zodat het kleinst mogelijke deel van de schijf is blootgesteld in de richting van de gebrui-ker. De beschermkap dient om de gebruiker te beschermen tegen aanraking met de schijf, stuk-jes die daarvan af breken en vonken die brandge-vaar voor kleding opleveren. 4. Schijven mogen uitsluitend worden gebruikt voor de aanbevolen toepassingen. Bijvoorbeeld: u mag niet slijpen met de zijkant van een doorslijpschijf. Doorslijpschijven zijn bedoeld voor slijpen met de rand. Krachten op het zijoppervlak kunnen deze schijven doen breken. 5. Gebruik altijd onbeschadigde schijfenzen van de juiste afmetingen en vorm voor de te gebruiken schijf. Een goede schijfens onder-steunt de schijf en verkleint daarmee de kans op het breken van de schijf.
Flenzen voor doorslijp-schijven kunnen verschillen van enzen voor slijpschijven. 6. Gebruik geen deels afgesleten schijven van grotere elektrische gereedschappen. Schijven die zijn bedoeld voor grotere elektrische gereed-schappen zijn niet geschikt voor de hogere snel-heid van een kleiner elektrisch gereedschap en kunnen in stukken breken. Aanvullende veiligheidswaarschuwingen: 1. Bij gebruik van een slijpschijf met een verzon-ken middengat, mag u uitsluitend met glasve-zel versterkte schijven gebruiken. 2. GEBRUIK NOOIT een stenen komschijf op deze slijpmachine. Deze slijpmachine is niet ontworpen voor dit type schijven en het gebruik ervan kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. 3. Let erop dat u de as, de ens (met name de montagekant) en de borgmoer niet beschadigt. Als deze onderdelen beschadigd raken, kan de schijf breken. 4.
Zorg ervoor dat de schijf niet in aanraking is met het werkstuk voordat u het gereedschap hebt ingeschakeld. 5. Laat gereedschap een tijdje draaien voordat u het op het werkstuk gaat gebruiken.
30 NEDERLANDSkunnen wijzen. 6. Gebruik de aangegeven kant van de schijf om mee te slijpen. 7. Laat het gereedschap niet ingeschakeld lig-gen. Schakel het gereedschap alleen in wan-neer u het vasthoudt. 8. Raak het werkstuk niet onmiddellijk na bewer-king aan. Het kan bijzonder heet zijn en brand-wonden op uw huid veroorzaken. 9. Houd u aan de instructies van de fabrikant voor het juist aanbrengen en gebruiken van de schijven. Behandel de schijven voorzichtig en berg deze met zorg op. 10. Gebruik geen afzonderlijke verloopbussen of adapters om slijpschijven met een groot asgat aan dit gereedschap aan te passen. 11. Gebruik uitsluitend enzen die geschikt zijn voor dit gereedschap. 12. Voor gereedschap waarop schijven met een geschroefd asgat dienen aangebracht te wor-den, moet u ervoor zorgen dat de schroefdraad in de schijf lang genoeg is zodat de as hele-maal erin gaat. 13.
Zorg ervoor dat het werkstuk goed onder-steund is. 14. Houd er rekening mee dat de schijf nog een tijdje blijft draaien nadat het gereedschap is uitgeschakeld. 15. Indien de werkplaats uiterst warm en vochtig is, of erg verontreinigd is met geleidend stof, gebruikt u een kortsluitstroomonderbreker (30 mA) om de veiligheid van de gebruiker te verzekeren. 16. Gebruik het gereedschap niet op materialen die asbest bevatten. 17. Draag geen stoffen werkhandschoenen tijdens gebruik van dit gereedschap. Vezels van stof-fen handschoenen kunnen binnendringen in het gereedschap waardoor het gereedschap defect kan raken. BEWAAR DEZE INSTRUCTIES. WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende gereedschap altijd strikt in acht.
BESCHRIJVING VAN DE FUNCTIESLET OP: Controleer altijd of het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker ervan uit het stop-contact is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap te controleren of af te stellen. AsvergrendelingDruk de asvergrendeling in om te voorkomen dat de as meedraait wanneer u accessoires aanbrengt of verwijdert. ► Fig. 1: 1. AsvergrendelingKENNISGEVING: Bedien de asvergrendeling nooit terwijl de as draait. Het gereedschap kan hierdoor worden beschadigd. Werking van de schakelaarLET OP: Controleer altijd, voordat u de stek-ker in het stopcontact steekt, of de schuifscha-kelaar op de juiste manier schakelt en terugkeert naar de uit-stand, wanneer op de achterkant van de schuifschakelaar wordt gedrukt. LET OP: De schakelaar kan worden ver-grendeld in de aan-stand ten behoeve van het gebruikersgemak bij langdurig gebruik.
Wees extra voorzichtig wanneer u de schakelaar in de aan-stand vergrendelt en houd het gereedschap altijd stevig vast. Om het gereedschap in te schakelen, schuift u de schuifschakelaar naar de stand “I” (aan) door tegen de achterkant van de schuifschakelaar te duwen. Om het gereedschap continu te laten werken, drukt u op de voorkant van de schuifschakelaar om deze te vergrendelen. Om het gereedschap te stoppen, drukt u op de achter-kant van de schuifschakelaar en schuift u die naar de stand “O” (uit). ► Fig. 2: 1. SchuifschakelaarBeveiliging tegen onbedoeld inschakelenHet gereedschap kan niet worden ingeschakeld, terwijl de schakelaar in de aan-stand is vergrendeld en het apparaat van stroom wordt voorzien. Om de beveiliging tegen onbedoeld inschakelen te deactiveren, schuift u de schuifschakelaar terug naar de stand “O” (uit).
OPMERKING: Wanneer het gereedschap wordt overbelast en de temperatuur van het gereedschap een bepaalde waarde bereikt, kan het gereedschap automatisch worden uitgeschakeld. In die situatie laat u het gereedschap eerst afkoelen voordat u het gereedschap opnieuw inschakelt. Zachte-startfunctieDe zachte-startfunctie voorkomt abrupt schoksgewijs inschakelen.
31 NEDERLANDSMONTAGELET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en dat zijn stekker uit het stop-contact is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren. De zijhandgreep (handvat) monterenLET OP: Controleer altijd voor gebruik of de zijhandgreep stevig vastzit. Draai de zijhandgreep vast op het gereedschap in een van de standen aangegeven in de afbeelding. ►Fig. 3De beschermkap van de schijf aanbrengen en verwijderen (voor een schijf met verzonken middengat)WAARSCHUWING: Bij gebruik van een schijf met verzonken middengat moet de beschermkap op het gereedschap worden aangebracht, zodanig dat de gesloten kant van de beschermkap altijd naar de gebruiker is gericht. Monteer de beschermkap met de uitsteeksels aan de beschermkapband recht tegenover de inkepingen in het lagerhuis.
Draai vervolgens de beschermkap naar een dusdanige hoek dat deze de gebruiker beschermt tijdens de werkzaamheden. Draai de schroef vooral stevig vast. Om de beschermkap te verwijderen, volgt u de proce-dure voor het aanbrengen in de omgekeerde volgorde. ► Fig. 4: 1. Beschermkap 2. Lagerhuis 3. SchroefDe schijf met verzonken middengat aanbrengen of verwijderenOptioneel accessoireWAARSCHUWING: Bij gebruik van een schijf met verzonken middengat moet de beschermkap op het gereedschap worden aangebracht, zodanig dat de gesloten kant van de beschermkap altijd naar de gebruiker is gericht. LET OP: Zorg ervoor dat de pasrand van de binnenens perfect past in de binnendiameter van de schijf met een verzonken middengat. Als u de binnenens met de verkeerde zijkant aanbrengt, kunnen gevaarlijke trillingen het gevolg zijn. Breng de binnenens aan op de as.
Zorg ervoor dat het ingedeukte deel van de binnenens wordt aangebracht op het rechte deel onderaan de as. Pas de schijf met een verzonken middengat op de binnenens en draai de borgmoer op de as vast. ► Fig. 5: 1. Borgmoer 2. Schijf met een verzonken middengat 3. Binnenens 4.
PasrandOm de borgmoer vast te draaien, drukt u de asver-grendeling stevig in zodat de as niet kan draaien, en gebruikt u vervolgens de borgmoersleutel om de borg-moer stevig rechtsom vast te draaien. ► Fig. 6: 1. Borgmoersleutel 2. AsvergrendelingOm de schijf te verwijderen, volgt u de procedure in omgekeerde volgorde. BEDIENINGWAARSCHUWING: Het is in geen geval ooit nodig om grote druk op het gereedschap uit te oefenen. Het gewicht van het gereedschap oefent voldoende druk uit. Forceren of te grote druk uitoe-fenen kan ertoe leiden dat de schijf breekt, hetgeen gevaarlijk is. WAARSCHUWING: Vervang ALTIJD de schijf als het gereedschap tijdens het slijpen is gevallen. WAARSCHUWING: Laat NOOIT de slijp-schijf of de schijf met kracht op uw werkstuk terechtkomen. WAARSCHUWING: Voorkom dat de schijf springt of bekneld raakt, met name bij het wer-ken rond hoeken, scherpe randen enz.
Dat kan leiden tot terugslag of verlies van controle over het gereedschap. WAARSCHUWING: Gebruik dit gereedschap NOOIT met houtzagen en andere zaagbladen. Zulke zaagbladen op een slijpmachine leiden vaak tot terugslag of verlies van controle over het gereed-schap, wat kan leiden tot persoonlijk letsel. LET OP: Schakel nooit het gereedschap in terwijl dat het werkstuk al raakt omdat hierdoor letsel kan worden veroorzaakt bij de gebruiker. LET OP: Draag tijdens gebruik altijd een vei-ligheidsbril of spatscherm. LET OP: Schakel na gebruik altijd het gereed-schap uit en wacht tot de schijf helemaal tot stilstand is gekomen voordat u het gereedschap neerlegt. LET OP: Houd het gereedschap ALTIJD stevig vast met een hand op de behuizing en de andere hand aan de zijhandgreep. Gebruik als slijpmachine►Fig. 7Schakel het gereedschap in en breng daarna de schijf op/in het werkstuk.
32 NEDERLANDSONDERHOUDLET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en zijn stekker uit het stopcontact is verwijderd alvorens te beginnen met inspectie of onderhoud.KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, was-benzine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor kunnen verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt.De koolborstels vervangen► Fig.8: 1. SlijtgrensmarkeringControleer regelmatig de koolborstels.Vervang ze wanneer ze tot aan de slijtgrensmarkering versleten zijn. Houd de koolborstels schoon, zodat ze gemakkelijk in de houders glijden. Beide koolborstels dienen tegelijkertijd te worden vervangen. Gebruik uitsluitend identieke koolborstels. 1. Gebruik een schroevendraaier om de koolbor-steldoppen te verwijderen. 2. Haal de versleten koolborstels eruit, schuif de nieuwe erin, en zet daarna de koolborsteldoppen weer goed vast.► Fig.9: 1.
KoolborsteldopOm de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoud of afstellingen te worden uitgevoerd bij een erkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek, en altijd met gebruik van Makita-vervangingsonderdelen.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Makita M9503R stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden