Makita GA5092 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Makita GA5092 (144 pagina’s), behorend tot de categorie Slijpmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 11 mensen. Heb je een vraag over Makita GA5092 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/144
GA4590
GA4591
GA4592
GA5090
GA5091
GA5092
EN
Angle GrinderINSTRUCTION MANUAL8
FR
Meuleuse d’AngleMANUEL D’INSTRUCTIONS21
DE
WinkelschleiferBETRIEBSANLEITUNG35
IT
Smerigliatrice angolareISTRUZIONI PER L’USO49
NL
Haakse slijpmachineGEBRUIKSAANWIJZING63
ES
Esmeriladora Angular
MANUAL DE
INSTRUCCIONES
77
PT
Esmerilhadeira AngularMANUAL DE INSTRUÇÕES91
DA
VinkelsliberBRUGSANVISNING105
EL
Γωνιακός λειαντήραςΕΓΧΕΙΡΙΔΙΟ ΟΔΗΓΙΩΝ118
TR
Taşlama MakinasıKULLANMA KILAVUZU132

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Makita
Categorie: Slijpmachine
Model: GA5092

Handleiding Makita GA5092 – volledige tekst

• Het gewicht kan verschillen afhankelijk van de hulpstukken. De lichtste en zwaarste combinatie, volgens EPTA-procedure 01/2014, worden vermeld in de tabel. SymbolenHieronder staan de symbolen die voor het gereedschap kunnen worden gebruikt. Zorg ervoor dat u de betekenis ervan kent voordat u het gereedschap gaat gebruiken. Lees de gebruiksaanwijzing. Draag een veiligheidsbril. Bedien altijd met twee handen. Gebruik de beschermkap niet bij doorslijpen. DUBBEL GEÏSOLEERDAlleen voor EU-landenAls gevolg van de aanwezigheid van schadelijke componenten in het apparaat, kunnen gebruikte elektrische en elektro-nische apparaten negatieve gevolgen hebben voor het milieu en de gezondheid van mensen. Gooi elektrische en elektronische appara-ten niet met het huisvuil weg.

In overeenstemming met de Europese richtlijn inzake oude elektrische en elektro-nische apparaten en de toepassing daar-van binnen de nationale wetgeving, dienen gebruikte elektrische en elektronische apparaten gescheiden te worden ingeza-meld en te worden ingeleverd bij een apart inzamelingspunt voor huishoudelijk afval dat de milieubeschermingsvoorschriften in acht neemt. Dit wordt op het apparaat aangegeven door het symbool van een doorgekruiste afvalcontainer. GebruiksdoeleindenHet gereedschap is bedoeld voor het slijpen, schuren, draadborstelen, gaten slijpen en doorslijpen van metaal en steen zonder gebruik van water. VoedingHet gereedschap mag alleen worden aangesloten op een voeding van dezelfde spanning als aangegeven op het typeplaatje, en kan alleen worden gebruikt op enkelfase-wisselstroom.

64 NEDERLANDSGeluidsniveauDe typische, A-gewogen geluidsniveaus zijn gemeten volgens EN62841-2-3:Model Geluidsdrukniveau (LpA): (dB (A))Geluidsvermogenniveau (LWA): (dB (A))Onzekerheid (K):(dB (A))GA4590 93 101 3GA4591 90 98 3GA4592 93 101 3GA5090 93 101 3GA5091 90 98 3GA5092 93 101 3OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen. OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling. WAARSCHUWING: Draag gehoorbescherming.

WAARSCHUWING: De geluidsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de prak-tijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt. WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getro?en ter bescherming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (reke-ning houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). WAARSCHUWING: Het slijpen van dunne metaalplaten of andere trillende constructies met een groot oppervlak, kan leiden tot een totale geluidsemissie die veel hoger is (tot 15 dB) dan de opgegeven geluidsemissiewaarden.

65 NEDERLANDSGebruikstoepassing: schuren met schijf met normale zijhandgreepModel Trillingsemissie (ah, DS): (m/s2) Onzekerheid (K): (m/s2)GA4590 3,6 1,5GA4591 3,2 1,5GA4592 3,6 1,5GA5090 2,7 1,5GA5091 2,7 1,5GA5092 2,7 1,5Gebruikstoepassing: schuren met schijf met trillingsdempende zijhandgreepModel Trillingsemissie (ah, DS): (m/s2) Onzekerheid (K): (m/s2)GA4590 3,5 1,5GA4591 2,9 1,5GA4592 3,5 1,5GA5090 2,8 1,5GA5091 3,0 1,5GA5092 2,8 1,5OPMERKING: De totale trillingswaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen. OPMERKING: De opgegeven totale trillingswaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.

WAARSCHUWING: De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de prak-tijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt. WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getro?en ter bescherming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (reke-ning houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). WAARSCHUWING: De opgegeven trillingsemissiewaarde geldt voor de voornaamste toepassingen van het elektrisch gereedschap. Als het elektrisch gereedschap echter voor andere toepassingen wordt gebruikt, kan de trillingsemissiewaarde daarvoor anders zijn.

VEILIGHEIDSWAAR-SCHUWINGENAlgemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschapWAARSCHUWING: Lees alle veiligheids-waarschuwingen, aanwijzingen, afbeeldingen en technische gegevens behorend bij dit elektrische gereedschap aandachtig door. Als u niet alle onder-staande aanwijzingen naleeft, kan dat resulteren in brand, elektrische schokken en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen. De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoor-schriften duidt op gereedschappen die op stroom van het lichtnet werken (met snoer) of gereedschappen met een accu (snoerloos). Veiligheidswaarschuwingen voor een slijpmachineGemeenschappelijke veiligheidswaarschu-wingen voor slijp-, schuur-, draadborstel- en doorslijpwerkzaamheden:1.

Dit elektrisch gereedschap is bedoeld voor gebruik als slijp-, schuur-, draadborstel-, gat-slijp- of doorslijpgereedschap. Lees alle vei-ligheidswaarschuwingen, instructies, afbeel-dingen en technische gegevens die bij dit elektrisch gereedschap worden geleverd. Als u nalaat alle onderstaande instructies te volgen, kan dit leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel.

66 NEDERLANDS2. Werkzaamheden zoals polijsten mogen niet worden uitgevoerd met dit elektrisch gereed-schap. Werkzaamheden waarvoor dit elektrisch gereedschap niet is bedoeld kunnen gevaarlijke situaties opleveren en tot persoonlijk letsel leiden. 3. Bouw dit elektrisch gereedschap niet om zodat u het kunt gebruiken op een manier waar-voor het niet speciek is ontworpen en die niet wordt vermeld door de fabrikant van het gereedschap. Dergelijk ombouwen kan leiden tot verlies van controle over het gereedschap en ernstig persoonlijk letsel veroorzaken. 4. Gebruik geen accessoires die niet speciek zijn ontworpen en vermeld door de fabrikant van het gereedschap. Ook wanneer het accessoire kan worden aangebracht op uw elektrisch gereedschap, is een veilige werking niet gegarandeerd. 5.

Het nominale toerental van het accessoire moet minstens gelijk zijn aan het maximumto-erental vermeld op het elektrisch gereedschap. Accessoires die met een hoger toerental draaien dan hun nominaal toerental kunnen stuk breken en in het rond vliegen. 6. De buitendiameter en de dikte van het acces-soire moeten binnen het capaciteitsbereik van het elektrisch gereedschap vallen. Accessoires met verkeerde afmetingen kunnen niet afdoende worden afgeschermd of beheerst. 7. De afmetingen van het bevestigingspunt van het accessoire moet overeenkomen met de afmetingen van de bevestigingshardware van het elektrisch gereedschap. Accessoires die niet overeenkomen met de bevestigingshard-ware van het elektrisch gereedschap, zullen niet gebalanceerd draaien en buitensporig trillen, en kunnen leiden tot verlies van controle over het gereedschap. 8. Gebruik nooit een beschadigd accessoire.

Inspecteer het accessoire vóór ieder gebruik, bij-voorbeeld een slijpschijf op ontbrekende schilfers en barsten; een rugschijf op barsten, scheuren of buitensporige slijtage; en een draadborstel op losse of gebroken draden.

Nadat het elektrisch gereedschap of accessoire is gevallen, inspec-teert u het op schade of monteert u een onbescha-digd accessoire. Na inspectie en montage van een accessoire, zorgt u ervoor dat u en omstanders niet in het rotatievlak van het accessoire staan, en laat u het elektrisch gereedschap draaien op het maximale, onbelaste toerental gedurende één minuut. Beschadigde accessoires breken normaal gesproken in stukken gedurende deze testduur. 9. Gebruik persoonlijke-beschermingsmiddelen. Afhankelijk van de toepassing gebruikt u een spatscherm, een beschermende bril of een veiligheidsbril. Al naar gelang de toepassing draagt u een stofmasker, gehoorbeschermers, handschoenen en een werkschort die in staat zijn kleine stukjes slijpsel of werkstukfragmen-ten te weerstaan. De oogbescherming moet in staat zijn rondvliegend afval te stoppen dat ont-staat bij de diverse toepassingen.

Het stofmasker of ademhalingsapparaat moet in staat zijn deeltjes te lteren die ontstaat bij de betre?ende toepas-sing. Langdurige blootstelling aan hard lawaai kan uw gehoor aantasten. 10. Houd omstanders op veilige afstand van het werkgebied. Iedereen die zich binnen het werk-gebied begeeft, moet persoonlijke-bescher-mingsmiddelen gebruiken. Fragmenten van het werkstuk of van een uiteengevallen accessoire kunnen rondvliegen en letsel veroorzaken buiten de onmiddellijk werkomgeving. 11. Houd elektrisch gereedschap uitsluitend vast aan het geïsoleerde oppervlak van de handgre-pen wanneer u werkt op plaatsen waar het slij-paccessoire met verborgen bedrading of zijn eigen snoer in aanraking kan komen.

Wanneer het slijpaccessoire in aanraking komt met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïso-leerde metalen delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schok kan krijgen. 12. Houd het snoer goed uit de buurt van het rond-draaiende accessoire.

Als u de controle over het gereedschap verliest, kan het snoer worden doorge-sneden of bekneld raken, en kan uw hand of arm tegen het ronddraaiende accessoire worden getrokken. 13. Leg het elektrisch gereedschap nooit neer voordat het accessoire volledig tot stilstand is gekomen. Het ronddraaiende accessoire kan de ondergrond pakken zodat u de controle over het elektrisch gereedschap verliest. 14. Laat het elektrisch gereedschap niet draaien terwijl u het naast u draagt. Als het ronddraai-ende accessoire u per ongeluk raakt, kan het verstrikt raken in uw kleding waardoor het acces-soire in uw lichaam wordt getrokken. 15. Maak de ventilatieopeningen van het elektrisch gereedschap regelmatig schoon. De ventilator van de motor zal het stof de behuizing in trekken, en een grote opeenhoping van metaalslijpsel kan leiden tot elektrisch gevaarlijke situaties. 16.

Gebruik het elektrisch gereedschap niet in de buurt van brandbare materialen. Vonken kun-nen deze materialen doen ontvlammen. 17. Gebruik geen accessoires die met vloeistof moeten worden gekoeld. Het gebruik van water of andere vloeibare koelmiddelen kan leiden tot elektrocutie of elektrische schokken. Terugslag en aanverwante waarschuwingen:Terugslag is een plotselinge reactie op een beknelde of vastgelopen draaiende schijf, rugschijf, borstel of enig ander accessoire. Beknellen of vastlopen veroorzaakt een snelle stilstand van het draaiende accessoire dat op zijn beurt ertoe leidt dat het elektrisch gereedschap zich ongecontroleerd beweegt in de tegenovergestelde richting van de draairichting van het accessoire op het moment van vastlopen.

Bijvoorbeeld, als een slijpschijf bekneld raakt of vast-loopt in het werkstuk, kan de rand van de schijf die het beknellingspunt ingaat, zich invreten in het oppervlak van het materiaal waardoor de schijf eruit klimt of eruit slaat. De schijf kan daarbij naar de gebruiker toe of weg springen, afhankelijk van de draairichting van de schijf op het beknellingspunt.

67 NEDERLANDS1. Houd het elektrisch gereedschap stevig met beide handen vast en houd uw armen en lichaam zodanig dat u in staat bent een terugslag op te vangen. Gebruik altijd de extra handgreep (indien aanwezig) voor een maxi-male controle over het gereedschap in geval van terugslag en de koppelreactiekrachten bij het starten. De gebruiker kan een terugslag of de koppelreactiekrachten opvangen indien de juiste voorzorgsmaatregelen worden getro?en. 2. Plaats uw hand nooit in de buurt van het draaiende accessoire. Het accessoire kan terugslaan over uw hand. 3. Plaats uw lichaam niet in het gebied waar het elektrisch gereedschap naar toe gaat wanneer een terugslag optreedt. Een terugslag zal het gereedschap bewegen in de tegenovergestelde richting van de draairichting van de schijf op het moment van beknellen. 4. Wees bijzonder voorzichtig bij het werken met hoe-ken, scherpe randen, enz.

Voorkom dat het acces-soire springt of bekneld raakt. Hoeken, scherpe randen of springen veroorzaken vaak beknellen van het draaiende accessoire wat leidt tot terugslag of verlies van controle over het gereedschap. 5. Bevestig geen kettingsschijf, gesegmenteerde diamantschijf met randopeningen van meer dan 10 mm, of getand zaagblad. Dergelijke bladen leiden vaak tot terugslag of verlies van controle over het gereedschap. Veiligheidswaarschuwingen speciek voor slijp- en doorslijpwerkzaamheden:1. Gebruik uitsluitend schijven van het type dat wordt vermeld voor uw elektrisch gereedschap en de specieke beschermkap voor de te gebruiken schijf. Schijven waarvoor het elek-trisch gereedschap niet is ontworpen, kunnen niet goed worden afgeschermd en zijn niet veilig. 2.

Het slijpoppervlak van schijven met een ver-zonken middengat moet bij het aanbrengen lager liggen dan het vlak van de bescherm-rand. Bij een onjuist aangebrachte schijf die boven het vlak van de beschermrand uitsteekt is geen goede bescherming mogelijk. 3.

De beschermkap moet stevig worden vastge-zet aan het elektrisch gereedschap en in de maximaal beschermende stand worden gezet zodat het kleinst mogelijke deel van de schijf is blootgesteld in de richting van de gebrui-ker. De beschermkap dient om de gebruiker te beschermen tegen aanraking met de schijf, stuk-jes die daarvan af breken en vonken die brandge-vaar voor kleding opleveren. 4. Schijven mogen uitsluitend worden gebruikt voor de aanbevolen toepassingen. Bijvoorbeeld: u mag niet slijpen met de zijkant van een doorslijpschijf. Doorslijpschijven zijn bedoeld voor slijpen met de rand. Krachten op het zijoppervlak kunnen deze schijven doen breken. 5. Gebruik altijd onbeschadigde schij?enzen van de juiste afmetingen en vorm voor de te gebruiken schijf. Een goede schij?ens onder-steunt de schijf en verkleint daarmee de kans op het breken van de schijf.

Flenzen voor doorslijp-schijven kunnen verschillen van enzen voor slijpschijven. 6. Gebruik geen deels afgesleten schijven van grotere elektrische gereedschappen. Schijven die zijn bedoeld voor grotere elektrische gereed-schappen zijn niet geschikt voor de hogere snel-heid van een kleiner elektrisch gereedschap en kunnen in stukken breken. 7. Bij gebruik van een multifunctionele schijf, gebruikt u altijd de juiste beschermkap voor de gebruikte toepassing. Als u niet de juiste bescherm-kap gebruikt, wordt u mogelijk niet voldoende goed beschermd waardoor ernstig letsel kan ontstaan. Aanvullende veiligheidswaarschuwingen speciek voor doorslijpwerkzaamheden:1. Laat de doorslijpschijf niet vastlopen en oefen geen buitensporige druk erop uit. Probeer niet een buitensporig diepe snede te slijpen.

Wanneer de schijf, op het aangrijppunt in het werkstuk, zich van uw lichaam af beweegt, kunnen door de mogelijke terugslag de ronddraaiende schijf en het elektrisch gereed-schap in uw richting worden geworpen. 3. Wanneer de schijf vastloopt of u het slijpen onderbreekt, schakelt u het elektrisch gereed-schap uit en houdt u dit stil totdat de schijf volledig tot stilstand is gekomen. Probeer nooit de doorslijpschijf uit de snede te halen terwijl de schijf nog draait omdat hierdoor een terugslag kan optreden. Onderzoek waarom de schijf is vastgelopen en tref afdoende maatregelen om de oorzaak ervan op te he?en. 4. Begin niet met doorslijpen terwijl de schijf al in het werkstuk steekt. Wacht totdat de schijf op volle toeren draait en breng daarna de schijf voorzichtig terug in de snede.

Wanneer het elektrisch gereedschap opnieuw wordt gestart terwijl de schijf al in het werkstuk steekt, kan de schijf vastlopen, omhoog lopen of terugslaan. 5. Ondersteun platen en grote werkstukken om de kans op het beknellen van de schijf en terugslag te minimaliseren. Grote werkstukken neigen door te zakken onder hun eigen gewicht. U moet het werkstuk ondersteunen vlakbij de snijlijn en vlakbij de rand van het werkstuk aan beide kanten van de schijf. 6. Wees extra voorzichtig bij het maken van een invalslijpsnede in bestaande wanden of op andere plaats waarvan u de onderkant niet kunt zien. De uitstekende schijf kan gas- of water-leidingen, elektrische bedrading of voorwerpen die terugslag veroorzaken raken. 7. Probeer niet een gebogen snede te maken.

Een te grote kracht op de schijf verhoogt de belasting en de kans dat de schijf in de snede verdraait of vast-loopt, waardoor terugslag kan optreden of de schijf kan breken met mogelijk ernstig letsel tot gevolg. 8. Voordat u een gesegmenteerde diamantschijf gebruikt, controleert u dat de diamantschijf randopeningen van 10 mm of minder tussen de segmenten heeft, met alleen een negatieve hellingshoek.

68 NEDERLANDSVeiligheidswaarschuwingen speciek voor schuurwerkzaamheden:1. Gebruik een schuurpapierschijf van de juiste afmeting. Volg de aanbevelingen van de fabri-kant bij uw keuze van het schuurpapier. Te groot schuurpapier dat te ver uitsteekt over de rand van het schuurblok levert snijgevaar op en kan beknellen of scheuren van de schijf of terug-slag veroorzaken. Veiligheidswaarschuwingen speciek voor draadborstelwerkzaamheden:1. Wees erop bedacht dat ook tijdens normaal gebruik borsteldraden door de borstel worden rondgeslingerd. Oefen niet te veel kracht uit op de borsteldraden door een te hoge belasting van de borstel. De borsteldraden kunnen met gemak door dunne kleding en/of de huid dringen. 2. Als het gebruik van een beschermkap wordt aanbevolen voor draadborstelen, zorgt u ervoor dat de draadschijf of draadborstel niet in aanraking komt met de beschermkap.

De draadschijf of draadborstel kan in diameter toene-men als gevolg van de werkbelasting en centrifu-gale krachten. Aanvullende veiligheidswaarschuwingen:1. Bij gebruik van een slijpschijf met een verzon-ken middengat, mag u uitsluitend met glasve-zel versterkte schijven gebruiken. 2. GEBRUIK NOOIT een stenen komschijf op deze slijpmachine. Deze slijpmachine is niet ontworpen voor dit type schijven en het gebruik ervan kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. 3. Let erop dat u de as, de ens (met name de montagekant) en de borgmoer niet beschadigt. Als deze onderdelen beschadigd raken, kan de schijf breken. 4. Zorg ervoor dat de schijf niet in aanraking is met het werkstuk voordat u het gereedschap hebt ingeschakeld. 5. Laat gereedschap een tijdje draaien voordat u het op het werkstuk gaat gebruiken.

Controleer op trillingen of schommelingen die op onjuiste montage of een slecht uitgebalanceerd schijf kunnen wijzen. 6. Gebruik de aangegeven kant van de schijf om mee te slijpen. 7. Laat het gereedschap niet ingeschakeld lig-gen. Schakel het gereedschap alleen in wan-neer u het vasthoudt. 8.

Raak het werkstuk niet onmiddellijk na bewer-king aan. Het kan bijzonder heet zijn en brand-wonden op uw huid veroorzaken. 9. Raak accessoires niet onmiddellijk na bewer-king aan. Deze kunnen bijzonder heet zijn en brandwonden op uw huid veroorzaken. 10. Houd u aan de instructies van de fabrikant voor het juist aanbrengen en gebruiken van de schijven. Behandel de schijven voorzichtig en berg deze met zorg op. 11. Gebruik geen afzonderlijke verloopbussen of adapters om slijpschijven met een groot asgat aan dit gereedschap aan te passen. 12. Gebruik uitsluitend enzen die geschikt zijn voor dit gereedschap. 13. Voor gereedschap waarop schijven met een geschroefd asgat dienen aangebracht te wor-den, moet u ervoor zorgen dat de schroefdraad in de schijf lang genoeg is zodat de as hele-maal erin gaat. 14. Zorg ervoor dat het werkstuk goed onder-steund is. 15.

Houd er rekening mee dat de schijf nog een tijdje blijft draaien nadat het gereedschap is uitgeschakeld. 16. Indien de werkplaats uiterst warm en vochtig is, of erg verontreinigd is met geleidend stof, gebruikt u een kortsluitstroomonderbreker (30 mA) om de veiligheid van de gebruiker te verzekeren. 17. Gebruik het gereedschap niet op materialen die asbest bevatten. 18. Wanneer u een doorslijpschijf gebruikt, dient u altijd te werken met de stofbeschermkap indien dit door de plaatselijke regelgeving wordt vereist. 19. Schijven bedoeld voor doorslijpen mogen niet aan zijwaartse druk worden blootgesteld. 20. Draag geen sto?en werkhandschoenen tijdens gebruik van dit gereedschap. Vezels van stof-fen handschoenen kunnen binnendringen in het gereedschap waardoor het gereedschap defect kan raken. 21.

Verzeker u er vóór aanvang van de werkzaam-heden van dat er geen voorwerpen, zoals elektriciteits-, gas- en waterleidingen, verbor-gen zitten in het werkstuk. Anders kan dit een elektrische schok, een lekstroom of een gaslek veroorzaken. 22. Als een tussenschijf is bevestigd op de schijf, mag u deze niet verwijderen.

De diameter van de tussenschijf moet groter zijn dan de borg-moer, buitenens en binnenens. 23. Alvorens een slijpschijf aan te brengen, controleert u altijd of de tussenschijf geen abnormaliteiten vertoont, zoals ontbrekende schilfers en barsten. 24. Draai de borgmoer goed vast. Als de schijf te vast wordt gedraaid, kan deze breken, en onvol-doende vastdraaien kan leiden tot wiebelen. BEWAAR DEZE INSTRUCTIES. WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betre?ende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwij-zing kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

69 NEDERLANDSBESCHRIJVING VAN DE FUNCTIESLET OP: Controleer altijd of het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker ervan uit het stop-contact is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap te controleren of af te stellen. GereedschapbeveiligingssysteemHet gereedschap is voorzien van een gereedschapbe-veiligingssysteem. Dit systeem zorgt ervoor dat het ver-mogen van de motor automatisch wordt verlaagd of de voeding van de motor automatisch wordt onderbroken om de levensduur van het gereedschap te verlengen.

Het gereedschap kan tijdens het gebruik automatisch het vermogen verlagen of de voeding onderbreken als het gereedschap aan één van de volgende omstandig-heden wordt blootgesteld:OverbelastingsbeveiligingWanneer het gereedschap wordt gebruikt op een manier die een abnormaal hoge stroomsterkte vergt, verlaagt het gereedschap automatisch het vermogen zonder dat een indicatielampje gaat branden. Hef in deze situatie de oorzaak van de overbelasting op zodat het toerental weer toeneemt. OververhittingsbeveiligingAfhankelijk van het landWanneer het gereedschap oververhit is, stopt het gereedschap automatisch en knippert het indica-tielampje rood. In dat geval laat u het gereedschap afkoelen. U kunt het gereedschap weer inschakelen nadat de kleur van het lampje is veranderd van rood naar groen. Indicatielampje► Fig. 1: 1.

IndicatielampjeHet indicatielampje brandt groen wanneer de stekker van het gereedschap in het stopcontact zit. Als het indicatielampje rood knippert, is de werking gestopt door de oververhittingsbeveiliging, de actie-ve-terugkoppelingsdetectietechnologie of de beveiliging tegen onopzettelijk herstarten. In dat geval schakelt u het gereedschap uit. Schakel daarna het gereedschap in om het weer te starten. Als het indicatielampje rood brandt nadat het gereed-schap is uitgeschakeld, is het gereedschap oververhit. In dat geval laat u het gereedschap afkoelen en wacht u tot het indicatielampje groen brandt.

ToerentalregelaarAlleen voor de modellen GA4590, GA4591, GA5090 en GA5091LET OP: Als het gereedschap gedurende een lange tijd continu op een laag toerental wordt gebruikt, wordt de motor overbelast en oververhit. LET OP: De toerentalregelaar kan slechts tot stand 5 worden gedraaid en worden teruggedraaid tot stand 1. Forceer de regelaar niet voorbij stand 5 of stand 1 omdat de toerentalregeling daardoor defect kan raken. U kunt het toerental veranderen door de toerentalregelaar te draaien en in te stellen op een cijfer van 1 tot en met 5. Het toerental wordt hoger wanneer u de regelaar in de richting van het cijfer 5 draait. Het toerental wordt lager wanneer u de regelaar in de richting van het cijfer 1 draait. Zie de onderstaande tabel voor de verhouding tussen de cijfers op de regelaar en het toerental bij benadering. Cijfer Nominaal toerental1 2. 800 min-12 4. 500 min-13 6.

500 min-14 8. 000 min-15 11. 500 min-1► Fig. 2: 1. ToerentalregelaarAsvergrendelingWAARSCHUWING: Bedien de asvergrende-ling nooit terwijl de as draait. Dit kan ernstig letsel of beschadiging van het gereedschap veroorzaken. Druk de asvergrendeling in om te voorkomen dat de as meedraait wanneer u accessoires aanbrengt of verwijdert. ► Fig. 3: 1. AsvergrendelingWerking van de schakelaarLET OP: Controleer altijd, voordat u de stek-ker in het stopcontact steekt, of de schuifscha-kelaar op de juiste manier schakelt en terugkeert naar de uit-stand , wanneer op de achterkant van de schuifschakelaar wordt gedrukt. LET OP: De schakelaar kan worden ver-grendeld in de aan-stand ten behoeve van het gebruikersgemak bij langdurig gebruik. Wees extra voorzichtig wanneer u de schakelaar in de aan-stand vergrendelt en houd het gereedschap altijd stevig vast.

Om het gereedschap continu te laten werken, drukt u de voor-kant van de schuifschakelaar omlaag om deze te vergrendelen. ► Fig. 4: 1. SchuifschakelaarOm het gereedschap te stoppen, drukt u de achterkant van de schuifschakelaar omlaag zodat die terugkeert naar de stand “O” (uit). ► Fig. 5: 1. Schuifschakelaar.

70 NEDERLANDSElektronische functieActieve terugkoppelingsdetectietechnologieLET OP: Houd het gereedschap stevig vast tot het niet meer ronddraait. Het gereedschap detecteert elektronisch situaties waarin de schijf of het accessoire gevaar loopt om vast te lopen. In een dergelijke situatie schakelt het gereed-schap automatisch de stroom uit om verder ronddraaien van de as te voorkomen (dit voorkomt niet terugslag). Op dat moment knippert het indicatielampje rood om aan te geven dat de actieve terugkoppelingsdetectie-technologie in werking is getreden. Om het gereedschap te starten, schakelt u eerst het gereed-schap uit, heft u de oorzaak van de plotselinge afname van het toerental op, en schakelt u daarna het gereedschap weer in.

Beveiliging tegen onopzettelijk herstartenWanneer de stekker van het gereedschap in het stop-contact wordt gestoken terwijl de schakelaar in de aan-stand staat, start het gereedschap niet. Op dat moment knippert het indicatielampje rood waar-mee wordt aangegeven dat de beveiligingsfunctie tegen onopzettelijk herstarten werkt. Om het gereedschap te starten, schakelt u de schake-laar uit en weer in. Constant-toerentalregelingMaakt een gladde afwerking mogelijk omdat het toeren-tal constant wordt gehouden, zelfs bij belasting. Zachte-startfunctieDe zachte-startfunctie voorkomt abrupt schoksgewijs inschakelen. Mechanische remAlleen voor de modellen GA4591 en GA5091De mechanische rem wordt ingeschakeld nadat het gereedschap is uitgeschakeld. De rem werkt niet wanneer de elektrische voeding wordt onderbroken terwijl de schakelaar is ingeschakeld.

MONTAGELET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en dat zijn stekker uit het stop-contact is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren. De zijhandgreep (handvat) monterenLET OP: Controleer altijd voor gebruik of de zijhandgreep stevig vastzit. Draai de zijhandgreep vast op het gereedschap in een van de standen aangegeven in de afbeelding. ► Fig.

6De beschermkap aanbrengen of verwijderenWAARSCHUWING: Bij gebruik van een schijf met een verzonken middengat, lamellenschijf, exischijf of schijfvormige draadborstel moet de beschermkap zodanig op het gereedschap wor-den gemonteerd dat de gesloten zijde van de kap altijd naar de gebruiker is gekeerd. WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat de beschermkap goed vergrendeld wordt door de vergrendelhendel in een van de gaten in de beschermkap. WAARSCHUWING: Wanneer u een doorslijp-schijf of diamantschijf gebruikt, moet u altijd een beschermkap gebruiken die speciaal ontworpen is voor gebruik met doorslijpschijven. Voor schijf met een verzonken middengat, lamellenschijf, exischijf, schijfvormige draadborstel/doorslijpschijf, diamantschijf1. Terwijl u de vergrendelhendel ingedrukt houdt, monteert u de beschermkap met de uitsteeksels aan de beschermkap recht tegenover de inkepingen in het lagerhuis.

► Fig. 7: 1. Vergrendelhendel 2. Inkeping 3. Uitsteeksel2. Terwijl u de vergrendelhendel in de richting A duwt, houdt u de beschermkap op de posities B omlaag geduwd, zoals aangegeven in de afbeelding. ► Fig. 8: 1. Beschermkap 2. GatOPMERKING: Duw de beschermkap recht omlaag. Anders kunt u de beschermkap niet bevestigen. 3. Terwijl u tegen de vergrendelhendel in de richting A duwt, draait u de beschermkap in de richting C om de hoek van de beschermkap te veranderen overeen-komstig de werkzaamheden zodat de gebruiker wordt beschermd. Lijn de vergrendelhendel uit met één van de gaten in de beschermkap en laat daarna de vergren-delhendel los om de beschermkap te vergrendelen. ► Fig. 9: 1. Beschermkap 2. GatOm de beschermkap te verwijderen, volgt u de proce-dure voor het aanbrengen in de omgekeerde volgorde.

Opklikhulpstuk voor de beschermkap van een slijpschijfOptioneel accessoireOPMERKING: Bij doorslijpwerkzaamheden kan een opklikhulpstuk voor de beschermkap van een slijp-schijf worden gebruikt met de beschermkap (voor een slijpschijf). Niet verkrijgbaar is sommige landen.

71 NEDERLANDSEen schijf met een verzonken middengat of een lamellenschijf aanbrengen en verwijderenOptioneel accessoireWAARSCHUWING: Bij gebruik van een schijf met een verzonken middengat of een lamellenschijf, moet de beschermkap zodanig op het gereedschap worden aangebracht dat de gesloten zijde van de kap altijd naar de gebruiker is gekeerd. WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat de pasrand van de binnenens perfect past in de binnendiameter van de schijf met een verzonken middengat of lamellenschijf. Als u de binnenens met de verkeerde zijkant aanbrengt, kunnen gevaar-lijke trillingen het gevolg zijn. Breng de binnenens aan op de as. Zorg ervoor dat het ingedeukte deel van de binnenens wordt aangebracht op het rechte deel onderaan de as. Pas de schijf met een verzonken middengat of lamel-lenschijf op de binnenens en draai de borgmoer op de as vast. ► Fig. 11: 1. Borgmoer 2.

Schijf met een verzonken middengat 3. Binnenens 4. PasrandOm de borgmoer vast te draaien, drukt u de asver-grendeling stevig in zodat de as niet kan draaien, en gebruikt u vervolgens de borgmoersleutel om de borg-moer stevig rechtsom vast te draaien. ► Fig. 12: 1. Borgmoersleutel 2. AsvergrendelingOm de schijf te verwijderen, volgt u de procedure in omgekeerde volgorde. Een exischijf aanbrengen of verwijderenOptioneel accessoireWAARSCHUWING: Gebruik altijd de bijge-leverde beschermkap wanneer een exischijf op het gereedschap is aangebracht. De schijf kan tijdens het gebruik kapotslaan en de beschermkap helpt om persoonlijk letsel te voorkomen. ► Fig. 13: 1. Borgmoer 2. Flexischijf 3. Rugschijf 4. BinnenensHoud u aan de instructies voor een schijf met een ver-zonken middengat, maar gebruik tevens een rugschijf onder de schijf.

Breng de schijf aan op de rubber rugschijf en draai de borgmoer voor schuren op de as. 3. Vergrendel de as met de asvergrendeling en draai de borgmoer voor schuren stevig rechtsom vast met behulp van de borgmoersleutel. Om de schijf te verwijderen, volgt u de procedure in omgekeerde volgorde. OPMERKING: Gebruik schuuraccessoires die wor-den beschreven in deze gebruiksaanwijzing. Deze moeten afzonderlijk worden aangeschaft. SuperensOptioneel accessoireAlleen voor de modellen GA4590, GA4592, GA5090 en GA5092De Superens is een speciaal accessoire voor een model dat NIET is uitgerust met een remfunctie. Hierbij is slechts 1/3 van de kracht nodig voor het los-maken van de borgmoer, vergeleken met het conventi-onele type. De Ezynut aanbrengen en verwijderenOptioneel accessoireAlleen voor gereedschappen met M14-asschroefdraad.

LET OP: De Ezynut kan niet worden gebruikt tezamen met de Superens. Deze enzen zijn zo dik dat de volledige schroefdraad niet meer past op de as. Bevestig de binnenens, de slijpschijf en de Ezynut zodanig op de as dat het Makita-logo op de Ezynut naar buiten wijst. ► Fig. 15: 1. Ezynut 2. Slijpschijf 3. Binnenens 4. AsDruk de asvergrendeling stevig in en draai de Ezynut vast door de slijpschijf zover mogelijk rechtsom te draaien. ► Fig. 16: 1. AsvergrendelingDraai de buitenste ring van de Ezynut linksom om hem los te draaien. OPMERKING: De Ezynut kan met de hand worden losgedraaid wanneer de pijl voor de uitsparing staat. Anders is een borgmoersleutel vereist om de moer los te draaien. Steek één pen van de sleutel in een gat en draai de Ezynut linksom. ► Fig. 17: 1. Pijl 2. Uitsparing► Fig. 18.

72 NEDERLANDSEen doorslijpschijf of diamantschijf aanbrengenOptioneel accessoireWAARSCHUWING: Wanneer u een doorslijp-schijf of diamantschijf gebruikt, moet u altijd een beschermkap gebruiken die speciaal ontworpen is voor gebruik met doorslijpschijven. WAARSCHUWING: Gebruik NOOIT een doorslijpschijf om zijdelings mee te slijpen. ► Fig. 19: 1. Borgmoer 2. Doorslijpschijf of diamant-schijf 3. Binnenens 4. Beschermkap voor doorslijpschijf of diamantschijfVolg voor het aanbrengen de instructies voor een schijf met een verzonken middengat. De montagerichting van de borgmoer en binnenens verschilt afhankelijk van het type en de dikte van de schijf. Zie de volgende afbeeldingen. Een doorslijpschijf aanbrengen:► Fig. 20: 1. Borgmoer 2. Doorslijpschijf (dunner dan 4 mm) 3. Doorslijpschijf (4 mm of dikker) 4. BinnenensEen diamantschijf aanbrengen:► Fig. 21: 1. Borgmoer 2.

Diamantschijf (dunner dan 4 mm) 3. Diamantschijf (4 mm of dikker) 4. BinnenensEen komvormige draadborstel aanbrengenOptioneel accessoireLET OP: Gebruik de draadborstel niet wan-neer deze beschadigd is of onbalans heeft. Het gebruik van een beschadigde draadborstel verhoogt de kans op verwonding door aanraking van afgebro-ken borsteldraden. Leg het gereedschap ondersteboven zodat de as goed toegankelijk is. Verwijder alle accessoires vanaf de as. Draai de kom-vormige draadborstel op de as en draai hem vast met behulp van de bijgeleverde sleutel. ► Fig. 22: 1. Komvormige draadborstelEen schijfvormige draadborstel aanbrengenOptioneel accessoireLET OP: Gebruik de schijfvormige draadbor-stel niet wanneer deze beschadigd is of onbalans heeft. Het gebruik van een beschadigde schijfvor-mige draadborstel verhoogt de kans op verwonding door aanraking van afgebroken borsteldraden.

De schijf kan tijdens het gebruik kapotslaan en de bescherm-kap helpt om persoonlijk letsel te voorkomen. Leg het gereedschap ondersteboven zodat de as goed toegankelijk is. Verwijder alle accessoires vanaf de as. Draai de schijf-vormige draadborstel op de as en zet deze vast met de bijgeleverde sleutel. ► Fig. 23: 1. Schijfvormige draadborstelDe gatenzaag aanbrengenOptioneel accessoireLeg het gereedschap ondersteboven zodat de as goed toegankelijk is. Verwijder alle accessoires vanaf de as. Draai de gaten-zaag op de as en zet hem daarna vast met behulp van de bijgeleverde sleutel. ► Fig. 24: 1. GatenzaagDe stofbeschermkap voor slijpen aanbrengenOptioneel accessoireMet optionele accessoires kunt u dit gereedschap gebrui-ken voor het schuren van betonnen oppervlakken.

LET OP: De stofbeschermkap voor diamant-komschijven is uitsluitend bedoeld voor het schuren van betonnen oppervlakken met een diamantkomschijf. Gebruik deze beschermkap niet met enig ander slijpaccessoire of voor enig ander doel. LET OP: Verzeker u er vóór gebruik van dat de stofzuiger is aangesloten op het gereedschap en is ingeschakeld. Leg het gereedschap ondersteboven en breng de stof-beschermkap aan. Breng de binnenens aan op de as. Pas de komvormige diamantschijf op de binnenens en draai de borgmoer op de as vast. ► Fig. 25: 1. Borgmoer 2. Komvormige diamant-schijf 3. Komvormige diamantschijf met naaf 4. Binnenens 5. Stofbeschermkap 6. LagerhuisOPMERKING: Voor informatie over het aanbrengen van de stofbeschermkap, raadpleegt u de gebruiks-aanwijzing van de stofbeschermkap.

73 NEDERLANDSDe stofbeschermkap voor doorslijpen aanbrengenOptioneel accessoireMet optionele accessoires kunt u dit gereedschap gebruiken voor het doorslijpen van steen. ► Fig. 26OPMERKING: Voor informatie over het aanbrengen van de stofbeschermkap, raadpleegt u de gebruiks-aanwijzing van de stofbeschermkap. Een stofzuiger aansluitenOptioneel accessoireWAARSCHUWING: Zuig nooit metaaldeel-tjes op afkomstig van slijp-, doorslijp- of schuur-werkzaamheden. Metaaldeeltjes die door dergelijke werkzaamheden zijn gevormd, zijn dermate heet dat ze stof en het lter in de stofzuiger kunnen doen ontbranden. Om een sto?ge werkomgeving als gevolg van het doorslijpen van stenen te voorkomen, gebruikt u een stofbeschermkap en een stofzuiger. Raadpleeg tevens de gebruiksaanwijzing van de stof-beschermkap voor informatie over het aanbrengen en gebruik ervan. ► Fig. 27: 1. Stofbeschermkap 2.

Slang van de stofzuigerDe stofafdekking aanbrengen en verwijderenOptioneel accessoireLET OP: Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat u de stofafdekking gaat aan-brengen of verwijderen. Als u dit niet doet, wordt schade aan het gereedschap of persoonlijk letsel veroorzaakt. Breng de stofafdekking aan op elke opgegeven positie. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de stofafdekking voor meer informatie. KENNISGEVING: Maak de stofafdekking schoon wanneer het verstopt zit met stof of vreemde voorwerpen. Als u het gereedschap blijft gebruiken met een verstopte stofafdekking, kan het gereedschap beschadigd raken. BEDIENINGWAARSCHUWING: Het is in geen geval ooit nodig om grote druk op het gereedschap uit te oefenen. Het gewicht van het gereedschap oefent voldoende druk uit.

WAARSCHUWING: Laat NOOIT de schijf met kracht op uw werkstuk terechtkomen. WAARSCHUWING: Voorkom dat de schijf springt of bekneld raakt, met name bij het werken rond hoeken, scherpe randen enz. Dat kan leiden tot terugslag of verlies van controle over het gereedschap. WAARSCHUWING: Gebruik dit gereedschap NOOIT met houtzagen en andere zaagbladen. Zulke zaagbladen op een slijpmachine leiden vaak tot terugslag of verlies van controle over het gereed-schap, wat kan leiden tot persoonlijk letsel. WAARSCHUWING: Als u een versleten schijf blijft gebruiken, kan de schijf exploderen met ernstig persoonlijk letsel tot gevolg. LET OP: Schakel nooit het gereedschap in terwijl dat het werkstuk al raakt omdat hierdoor letsel kan worden veroorzaakt bij de gebruiker. LET OP: Draag tijdens gebruik altijd een vei-ligheidsbril of spatscherm.

LET OP: Schakel na gebruik altijd het gereed-schap uit en wacht tot de schijf helemaal tot stilstand is gekomen voordat u het gereedschap neerlegt. LET OP: Houd het gereedschap ALTIJD stevig vast met één hand op de behuizing en de andere hand aan de zijhandgreep (handvat). OPMERKING: Een multifunctionele schijf kan worden gebruikt voor zowel slijp- als doorslijpwerkzaamheden. Raadpleeg de tekst onder "Gebruik met een schijf" voor slijpwerkzaamheden, en raadpleeg de tekst onder "Gebruik met een doorslijpschijf of diamant-schijf" voor doorslijpwerkzaamheden. Gebruik met een schijf► Fig. 28Schakel het gereedschap in en breng daarna de schijf op/in het werkstuk. In het algemeen geldt: houd de rand van de schijf onder een hoek van ongeveer 15° op het oppervlak van het werkstuk.

Tijdens de inloopduur van een nieuwe schijf mag u de slijpmachine niet in voorwaartse richting bewegen omdat deze anders in het werkstuk kan 'invreten'. Pas nadat de rand van de schijf door slijtage is afgerond, mag u de schijf in zowel voorwaartse als achterwaartse richting gebruiken.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Makita GA5092 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden




Handleiding Slijpmachine Makita

Populair in Slijpmachine

Handleiding Slijpmachine

Nieuwste handleidingen voor Slijpmachine

Stanley SG7115 Handleiding

23 September 2026

Stanley STEL816 Handleiding

22 September 2026

Stanley STEL861 Handleiding

22 September 2026

Stanley STEL845 Handleiding

22 September 2026

JET J-4421-2 Handleiding

19 Augustus 2026

Tolsen 88581 Handleiding

8 Augustus 2026

Tolsen 79420 Handleiding

3 Augustus 2026