Kuppersbusch EKI 6840.0 F Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Kuppersbusch EKI 6840.0 F (15 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 17 mensen. Heb je een vraag over Kuppersbusch EKI 6840.0 F of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Kuppersbusch |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | EKI 6840.0 F |
Handleiding Kuppersbusch EKI 6840.0 F – volledige tekst
46NLVerwijderen van de verpakkingVerwijder de transportverpakking op een zo milieubewust moge-lijke manier. De recyclage van het verpakkingsmateriaalbespaart grondstoffen en vermindert de afvalberg. Verwijderen van oude apparatenHet symbool op het product of op de verpakkingwijst erop dat dit product niet als huishoudafvalmag worden behandeld. Het moet naar eenplaats worden gebracht waar elektrische enelektronische apparatuur wordt gerecycled. Door dit product correct te verwijderen, draagt ubij tot de bescherming van het milieu en devolksgezondheid. Het milieu en de volksgezondheid worden ingevaar gebracht door het product verkeerd te verwijderen. Voormeer details in verband met het recyclen van dit product, neemtu het best contact op met de gemeentelijke instanties, het bedrijfof de dienst belast met de verwijdering van huishoudafval of dewinkel waar u het product hebt gekocht.
Reglementair gebruikDe kookplaat mag alleen voor de bereiding van levensmiddelenin het huishouden worden gebruikt. Ze mag niet voor een anderdoel en alleen onder toezicht worden gebruikt. Hier vindt u. Lees eerst zorgvuldig de informatie in dit boekje door vooraleer uuw kookplaat in gebruik neemt. Hier vindt u belangrijke richtlijnenvoor uw veiligheid, het gebruik, het schoonmaken en het onder-houd van het apparaat, zodat u er lang plezier aan beleeft. Als er een storing optreedt, kijk dan eerst na in het hoofdstuk„Wat te doen bij problemen. ”. Kleinere storingen kunt u vaak zelfverhelpen en u spaart op die manier onnodige servicekosten. Bewaar deze handleiding zorgvuldig. Geef deze gebruiks- enmontagehandleiding ter informatie en veiligheid aan een nieuweeigenaar door. InhoudVeiligheidsinstructies. 47Voor aansluiting en werking. 47Voor de kookplaat. 47Voor personen.
Veiligheidsinstructies NL47VeiligheidsinstructiesVoor aansluiting en werking• De apparaten worden volgens de geldende veiligheidsvoor-schriften gebouwd. • Aansluiting op het net, onderhoud en reparatie van het appa-raat mogen alleen door een erkend vakman volgens degeldende veiligheidsvoorschriften worden uitgevoerd. Ondes-kundig uitgevoerde werkzaamheden vormen een risico vooruw veiligheid. Voor de kookplaat• Wegens de zeer snelle reactie bij een hoog ingesteldekookstand (powerstand) de inductiekookplaat niet zondertoezicht gebruiken. • Houd bij het koken rekening met de hoge opwarmsnelheid vande kookzones. Vermijd het leegkoken van pannen omdat daar-bij het gevaar bestaat dat de pannen oververhit raken. • Plaats geen lege potten en pannen op de ingeschakelde kook-zones. • Wees voorzichtig bij het gebruik van bain-marie pannen. Bain-marie pannen kunnen onbemerkt leegkoken.
Dat veroorzaaktbeschadigingen aan de pan en aan de kookplaat. De fabrikantkan hiervoor niet aansprakelijk worden gesteld. • Schakel een kookzone na gebruik altijd met de aan/uit-toets uiten niet alleen met de panherkenning. • Oververhitte vetstoffen en olie kunnen spontaan ontbranden. Bij het bereiden van gerechten met vet en olie steeds in debuurt blijven. Brandend vet of olie nooit met water blussen. Een deksel op de pan leggen, kookzone uitschakelen. • De keramische plaat is zeer resistent. Zorg er niettemin voordat er geen harde voorwerpen op de keramische plaat vallen. Puntvormige slagbelastingen kunnen de kookplaat doen bre-ken. • Bij breuken, barsten, scheuren of andere beschadigingen aande keramische kookplaat bestaat gevaar voor elektrischeschokken. Het apparaat onmiddellijk buiten gebruik nemen.
• Voorzichtig bij het werken met huishoudelijke apparaten. Net-snoeren mogen niet met de hete kookzones in contact komen. • De keramische kookplaat mag niet worden gebruikt om ervoorwerpen op neer te leggen. • Geen aluminiumfolie of kunststof op de kookzones leggen. Alles wat kan smelten uit de buurt van de hete kookzone hou-den, bijv. kunststof, folie, in het bijzonder suiker en gerechtenmet een hoog suikergehalte. Suiker onmiddellijk met een spe-ciale glasschraper volledig van de keramische kookplaat ver-wijderen zolang deze nog warm is, om beschadigingen tevermijden. • Metalen voorwerpen (zoals keukengerei, bestek. ) mogenniet op de inductiekookplaat worden gelegd omdat ze heetkunnen worden. Gevaar voor verbranding. • Geen brandgevaarlijke, licht ontvlambare of vervormbare voor-werpen direct onder de kookplaat leggen.
• Metalen voorwerpen die op het lichaam worden gedragen,kunnen in de onmiddellijke nabijheid van de inductiekookplaatheet worden. Opgelet, kans op verbranding. Voor niet-magnetiseerbare voorwerpen (bijv. gouden of zilve-ren ringen) geldt dit niet. • Nooit gesloten conservenblikken en compoundverpakkingenop kookzones verwarmen. Door de energietoevoer kunnendeze uiteenbarsten. • De sensoren schoonhouden omdat verontreinigingen door hetapparaat als vingercontact kunnen worden herkend. Nooitvoorwerpen (pannen, vaatdoeken, enz. ) op de sensoren plaat-sen. Als pannen tot over de sensoren overkoken, is het aanbevolenop de UIT-toets te drukken. • Hete potten en pannen mogen de sensoren niet afdekken. Indat geval wordt het apparaat automatisch uitgeschakeld. • Als er zich in de woning huisdieren bevinden die aan de kook-plaat kunnen, moet de kinderbeveiliging worden geactiveerd.
Voor personen• Dit apparaat is niet bedoeld om te worden gebruikt door perso-nen (inclusief kinderen) met beperkte fysieke, sensorische ofgeestelijke mogelijkheden of met gebrek aan ervaring en/ofkennis, tenzij een voor hun veiligheid verantwoordelijke per-soon erop toezicht houdt of hen aanwijzingen heeft gegevenhoe het apparaat moet worden gebruikt. Kinderen moeten onder toezicht worden gehouden om te ver-hinderen dat ze met het apparaat spelen. • Let op. De oppervlakken van verwarmings- en kookzones worden bijhet werken heet. Daarom moeten kleine kinderen principieeluit de buurt worden gehouden. • Personen met pacemakers of geïmplanteerde insulinepompenmoeten zich ervan verzekeren dat hun implantaten niet doorde inductiekookplaat worden beïnvloed (het frequentiebereikvan de inductiekookplaat bedraagt 20-50 kHz).
50Bediening NLBedieni ngDe kookplaatDe kookplaat is met een inductiekookveld uitgerust. Een inductie-spoel onder de keramische kookplaat wekt een elektromagne-tisch wisselveld op, dat de vitrokeramiek doordringt en in debodem van de pan een warmtevormende stroom induceert. Bij een inductiekookzone wordt de warmte niet meer door eenverwarmingselement via de pan op de te koken gerechten over-gedragen; de nodige warmte wordt m. b. v. inductiestromen directin de pan gevormd.
Voordelen van het inductiekookveld– Energiebesparend koken door rechtstreekse energieover-dracht op de pan (aangepaste pannen van magnetiseerbaarmateriaal zijn noodzakelijk),– meer veiligheid, omdat de energie alleen wordt doorgegevenals er een pan op de kookzone staat,– energieoverdracht tussen inductiekookzone en panbodem meteen hoog rendement,– hoge opwarmsnelheid,– weinig risico op verbrandingen omdat de kookplaat alleen doorde panbodem wordt verwarmd, overkokende gerechten bran-den niet vast,– snelle, nauwkeurige regeling van de energietoevoer. PanherkenningAls er geen of een te kleine pan op de kookzone staat, als dekookzone is ingeschakeld, dan wordt deze niet met energie ver-zorgd, de kookstandweergave knippert. Als er een geschikte pan op de kookzone wordt geplaatst, wordtde ingestelde stand ingeschakeld en de kookstandweergavebrandt.
De energietoevoer wordt onderbroken als de pan wordtverwijderd, de kookstandweergave knippert. Indien kleinere pannen worden opgezet, waarbij de panherken-ning toch in werking treedt, wordt slechts zoveel energie toege-voerd als nodig is. De panherkenningsgrens (minimum diameter van de panbodem)waarbij de kookzone nog inschakelt, bedraagt 100 mm en is bijeen aantal modellen als binnenste kring op de kookzone afge-beeld. Belangrijk, niet vergeten:Het kookgerei moet zo op de kookvlakken wordengeplaatst dat het symbool door het kookgerei wordt bedekt. Alleen dan wordt het kookgerei door de panherkenning herkenden wordt er energie overgedragen.
GebruiksduurbeperkingDe inductiekookplaat bezit een automatische gebruiksduurbeper-king. De ononderbroken gebruiksduur voor elke kookzone is afhanke-lijk van de gekozen kookstand (zie tabel). De voorwaarde is dat tijdens de gebruiksduur de instellingen vande kookzone niet worden veranderd. Als de gebruiksduurbeperking gereageerd heeft, wordt de kook-zone uitgeschakeld; er is een tijd lang een signaal te horen en inde aanwijzing verschijnt (Automatic Stop). Belangrijk. Na het uitschakelen door de gebruiksduurbeperkingverschijnt (Automatic Stop) in de aanwijzing. Om te bevesti-gen op een willekeurige toets van de overeenkomstige kookzonedrukken. Dat wordt met een dubbele signaaltoon bevestigd. Andere functiesAls één of meer sensoren langer of tegelijk worden bediend (bijv. door een per ongeluk op de sensoren geplaatste pan) wordt erniet geschakeld.
Na 10 seconden wordt de elektronica uitgescha-keld en er worden streepjes aangetoond. Na een stroomstoring wordt het apparaat niet automatisch weerin gebruik genomen. Bij oververhitting van de elektronica wordt de kookplaat uitge-schakeld. Een reeks streepjes of F7 wordt aangetoond. OververhittingsbeveiligingAls de kookplaat langdurig op vol vermogen wordt gebruikt, kanbij een hoge kamertemperatuur de vermogenselektronica nietmeer voldoende worden gekoeld. Om te vermijden dat te hoge temperaturen in de elektronicaoptreden, wordt ev. het vermogen van de kookzone automatischgereduceerd. Indien bij normaal gebruik van de kookplaat en normale kamer-temperatuur in de kookstandweergave regelmatig een reeksstreepjes of F7 verschijnen, is de koeling waarschijnlijk onvol-doende. Ontbrekende koelopeningen in het meubel of een ontbrekendeafscherming kunnen de oorzaak zijn. Ev.
Bediening NL51Servies voor inductiekookplaatDe pannen die voor de inductiekookplaat worden gebruikt, moe-ten van metaal zijn, magnetische eigenschappen bezitten en eenvoldoende grote bodem hebben. Gebruik uitsluitend pannen met een bodem die voor inductiegeschikt is. Zo kunt u vaststellen of uw pan geschikt is:Voer de hierna beschreven magneettest uit of kijk of de pan hetsymbool voor het koken met inductiestroom draagt. Magneettest:Ga met een magneet over de bodem van uw pan. Wordt de mag-neet aangetrokken, dan kunt u de pan op de inductiekookplaatgebruiken. Noot:Bij het gebruik van sommige pannen die geschikt zijn voor induc-tie, kunnen geluiden optreden, die te wijten zijn aan de bouw-wijze van deze pannen. Wees voorzichtig bij het gebruik van bain-marie pannen. Bain-marie pannen kunnen onbemerkt leegkoken. Dat veroorzaaktbeschadigingen aan de pan en aan de kookplaat.
De fabrikantkan hiervoor niet aansprakelijk worden gesteld. Tips om energie te besparenHier vindt u enkele belangrijke aanwijzingen om zuinig en effi-ciënt met uw nieuwe inductiekookplaat en het kookservies om tegaan. • De panbodemdiameter moet even groot zijn als de kook-zonediameter. • Bij de aankoop van pannen dient u er rekening mee te houdendat vaak de bovenste pandiameter wordt vermeld. Die ismeestal groter dan de panbodem. • Snelkookpannen zijn door de gesloten kookruimte en de over-druk bijzonder tijdbesparend en zuinig. Door de korte berei-dingsduur blijven vitamines bewaard. • Let erop dat er altijd voldoende vloeistof in de snelkookpan is,want bij een leeggekookte pan kunnen de kookzone en de pandoor oververhitting worden beschadigd. • Kookpannen indien mogelijk altijd met een passend dekselsluiten. • Voor elke te bereiden hoeveelheid de passende pan gebrui-ken.
In de tabel vindt u toepassingsvoor-beelden voor de verschillende standen. RestwarmteweergaveDe keramische kookplaat is met een restwarmteweer-gave H uitgerust. Zolang de H na het uitschakelen brandt, kan de rest-warmte worden gebruikt om te smelten en om gerech-ten warm te houden. Na het uitdoven van de letter H kan de kookzone nog heet zijn. Er bestaat gevaar voor verbranding. Bij een inductiekookzone wordt de keramiek niet direct, maaralleen door de terugstralende warmte van de pan verwarmd.
52Bediening NLKookzone inschakelen1. Zolang op de Aan/Uit-toets drukken tot in de kookstandweergave 0knippert. U hoort een een kort signaal.2. Meteen daarna op de plus-toets drukken om de kookstand te kiezen(1...12).Met de min-toets kan de instelling worden verlaagd.De kookstandweergave toont de gekozen kookstand.Door op een van de kookstand-keuzetoetsen / / / tedrukken, wordt een kookstand direct gekozen.Toets - kookstand 4Toets - kookstand 8Toets - kookstand 12Toets - powerstand De kookstandweergave knippert (panherkenning).3. Meteen daarna een passende en voor inductie geschikte pan op dekookzone plaatsen. De panherkenning schakelt de inductiespoel in. Depan wordt verwarmd.Zolang er geen geschikte pan op de kookzone wordt geplaatst, knippertde kookstandweergave.Opmerkingen• Zonder pan wordt de kookzone om veiligheidsredenen na 1 minuut uitge-schakeld.
Meer hierover in het hoofdstuk „panherkenning”.• Indien na het inschakelen van de kookzone geen kookstand wordt geko-zen, wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld.Kookzone uitschakelen4. Op de Aan/Uit-toets drukken. De kookzone wordt vanuit elke kook-stand direct uitgeschakeld, de aanwijzing gaat uit of er verschijnt een Hvoor de restwarmteïndicatie.Automatische uitschakeling (timer)Door de automatische uitschakeling kan de kookzone na een bepaalde tijdautomatisch worden uitgeschakeld. Er kunnen tijden van 1 tot 99 minutenworden ingesteld.1. Voor de kookzone een kookstand kiezen en een pan opzetten.2. Op de plus-toets van de timer drukken om de kookduur in testellen.Met de min-toets van de timer kan de instelling worden ver-laagd.De timerweergave toont de gekozen kookduur. De instelling kan tijdenshet verloop op elk moment worden gewijzigd.3.
Na afloop wordt de kookzone uitgeschakeld en hoort u een tijd lang eensignaal.Om het signaal te bevestigen op een willekeurige toets van de kookzonedrukken.geschikt voor inductiePIP..PIPTimer
Bediening NL53Vergrendeling Door de vergrendeling kunnen de bediening van de toetsen en de instellingvan een kookstand worden geblokkeerd. Alleen de Aan/Uit-toets kan nogaltijd worden bediend om de kookplaat uit te schakelen. Vergrendeling inschakelen1. Lang (ca. 3 sec. ) op de vergrendeltoets drukken om de functie teactiveren. Ter bevestiging hoort u een kort signaal („piep”). Het controlelampje boven de vergrendeltoets gaat even aan. Als de kookzone ingeschakeld is, knippert het symbool afwisselendmet de kookstand. De kookzones zijn geblokkeerd. Zodra op een toets wordt gedrukt, gaat het controlelampje even aan omaan de vergrendeling te herinneren. Vergrendeling uitschakelen2. Lang (ca. 3 sec. ) op de vergrendeltoets drukken om de functie tedesactiveren. Ter bevestiging hoort u een dubbel signaal („piep-piep”).
Opmerkingen• De geactiveerde vergrendeling blijft ook behouden als de kookplaat uitge-schakeld is. Vooraleer weer kan worden gekookt, moet ze daarom eerstgedesactiveerd worden. • Bij een stroomstoring wordt de ingeschakelde vergrendeling beëindigd,d. w. z. gedesactiveerd. Reinigingsvergrendeling (clean lock)Om de sensoren schoon te maken kunnen de toetsen gedurende 1 minuutgeblokkeerd worden. Op die manier wordt vermeden dat de kookplaat perongeluk wordt ingeschakeld. Voorwaarde: de kookplaat moet uitgeschakeld zijn. Reinigingsvergrendeling inschakelen:•Even (ca. 0,5 sec. ) op de vergrendeltoets drukken om de functie teactiveren. Het controlelampje boven de vergrendeltoets knippert. Noot:Na afloop van de tijd zijn de sensoren weer zoals gewoonlijk beschikbaar. Powerstand De powerstand stelt extra vermogen voor de inductiekookzones ter beschik-king.
Een grote hoeveelheid water kan snel aan de kook worden gebracht. 1. Zolang op de Aan/Uit-toets drukken tot in de kookstandweergave 0knippert. U hoort een een kort signaal. 2. Vervolgens één keer op de power-toets drukken om de powerstandte activeren.
54Bediening NLAutomatisch aankoken Bij het automatisch aankoken gebeurt het aan de kook brengen met kook-stand 12. Na een bepaalde tijd wordt automatisch naar een lagere doorkook-stand (6 tot 11) teruggeschakeld.Bij het gebruik van het automatisch aankoken moet alleen de doorkookstandworden gekozen waarmee de bereiding verder moet worden gekookt, omdatde elektronica automatisch terugschakelt.Het automatisch aankoken is geschikt voor gerechten die koud worden opge-zet, op hoog vermogen worden verwarmd en op de doorkookstand niet per-manent in het oog moeten worden gehouden (bijv. het koken van soepvlees).1. Een kookzone in gebruik nemen. Pan opzetten2. Kookstand 12 instellen. Door de plus-toets opnieuw aan te rakenwordt het automatisch aankoken geactiveerd. In de kookstandweergaveverschijnt .3. Meteen daarna met de min-toets een lagere kookstand 6 tot 11 kie-zen. U hoort een signaaltoon.
Na eenbepaalde tijd (zie tabel) wordt het kookproces op de doorkookstand voort-gezet.Opmerkingen• Als na activering van het automatisch aankoken geen kleinere door-kookstand wordt gekozen, wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld.• Indien een hoge kookstand of de powerstand wordt ingeschakeld, kan hetautomatisch aankoken eventueel wegens overschrijding van het maximalevermogen worden uitgeschakeld (zie powermanagement).PowermanagementTelkens twee kookzones zijn – om technische redenen – tot een modulegecombineerd en beschikken over een maximaal vermogen.Als deze vermogensgrens bij het inschakelen van een hoge kookstand of depowerfunctie wordt overschreden, reduceert het powermanagement de kook-stand van de bijbehorende module-kookzone.Dat wordt in de weergave van de overeenkomstige kookzone aangetoond.Ingestelde kookstandAutomatisch aankokentijd (min:sec)6789101112 3:304:004:305:005:306:00-Modules (powermanagement)
Reiniging en onderhoud NL55Reiniging en onderhoud • Vóór het reinigen de kookplaat uitschakelen en laten afkoelen. • De keramische kookplaat mag in geen geval met een stoom-reinigingsapparaat of dergelijke worden schoongemaakt. • Bij het reinigen erop letten dat slechts kort over de Aan/Uit-toets wordt geveegd. Op die manier wordt vermeden dat dekookplaat per ongeluk wordt ingeschakeld. Keramische kookplaatBelangrijk. Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen zoalsgrove schuurmiddelen, krassende pannenreinigers, roest- envlekkenverwijderaar enz. Reiniging na gebruik1. Maak de hele kookplaat altijd schoon als ze vuil is – het bestetelkens na gebruik. Gebruik hiervoor een vochtige doek en watafwasmiddel. Daarna wrijft u de kookplaat met een schone doekdroog, zodat er geen resten van afwasmiddel op het oppervlakachterblijven. Wekelijks onderhoud2.
Reinig en onderhoud de kookplaat een keer in de week gron-dig met gebruikelijke reinigingsproducten voor vitrokeramiek. Houdt u zich in elk geval aan de instructies van de fabrikant. De reinigingsproducten vormen bij het aanbrengen een bescher-mende film, die water en vuil tegenhoudt. Alle verontreinigingenblijven op de film en kunnen daarna veel gemakkelijker wordenverwijderd. Vervolgens met een schone doek droogwrijven. Ermogen geen resten van reinigingsmiddelen op het oppervlakachterblijven, omdat ze bij het opwarmen agressief reageren enhet oppervlak veranderen. Speciale verontreinigingenSterke verontreinigingen en vlekken (kalkvlekken, parelmoer-achtig glanzende vlekken) kunt u het best verwijderen als dekookplaat nog lauwwarm is. Gebruik hiervoor gebruikelijke reini-gingsmiddelen. Ga daarbij te werk zoals onder punt 2 beschre-ven.
56Wat te doen bij problemen. NLWat te doen bij problemen. Ongekwalificeerde ingrepen en reparaties aan het apparaat zijngevaarlijk omdat er gevaar voor stroomstoten en kortsluitingbestaat. Om lichamelijke schade en schade aan het apparaat tevoorkomen, moeten ze worden vermeden. Daarom mogen der-gelijke werkzaamheden alleen door een elektrotechnicus, bijv. van de technische klantenservice, worden uitgevoerd. Denk eraanAls er aan uw apparaat storingen optreden, controleer dan eerstaan de hand van deze gebruiksaanwijzing of u de oorzaken nietzelf kunt verhelpen. Hierna vindt u tips voor het verhelpen van storingen. Vallen de zekeringen meermaals uit. Neem contact op met de klantenservice of een elektromonteur. Kan de kookplaat niet worden ingeschakeld. • Heeft de zekering van de huisinstallatie (zekeringenkast) gere-ageerd. • Is de aansluitingskabel aangesloten.
• Zijn de kookzones vergrendeld (kinderbeveiliging), d. w. z. wordt het symbool aangetoond. • Zijn de sensoren gedeeltelijk door een vochtige doek, vloeistofof een metalen voorwerp bedekt. A. u. b. verwijderen. • Wordt verkeerd servies gebruikt. Zie hoofdstuk „Servies voorinductiekookplaat”. Is de kookplaat c. q. de kookzone plots uitgeschakeld enworden er streepjes of F7 aangetoond. • Er bevinden zich overgekookte spijzen of andere voorwerpenop de touch-control sensoren. A. u. b. schoonmaken of verwij-deren. • De elektronica is te heet. De inbouw van de kookplaat contro-leren, in het bijzonder op goede beluchting letten. Knippert de kookstandweergave. Er werd een kookzone ingeschakeld en de kookplaat verwachtdat er een geschikte pan wordt opgezet (panherkenning). Pasdan wordt er energie afgegeven. Blijft de kookstandweergave knipperen, hoewel er een panwerd opgezet.
De pan is niet geschikt voor inductie of heeft een te kleine diame-ter. Maken de gebruikte kookpannen geluid. Dat heeft een technische oorzaak; er bestaat geen gevaar voorde inductiekookplaat of de pan.
Blijft de koelventilator na het uitschakelen nog lopen. Dat is normaal omdat de elektronica wordt afgekoeld. Maakt de kookplaat geluiden (klikgeluiden). Dat heeft een technische oorzaak en is niet te vermijden. Heeft de kookplaat barsten of breuken. Bij breuken, barsten, scheuren of andere beschadigingen aan dekeramische kookplaat bestaat gevaar voor elektrische schokken. Het apparaat onmiddellijk buiten gebruik nemen. Onmiddellijk dezekering in de woning uitschakelen en contact opnemen met deklantenservice.
Montagehandleiding NL57MontagehandleidingOpmerkingDe KÜPPERSBUSCH-inductiekookplaat mag alleen volgensde instructies in deze handleiding worden ingebouwd. Alsdit voorschrift niet wordt nageleefd, sluit KÜPPERSBUSCHelke aansprakelijkheid uit en verliezen de toegekende keur-merken hun geldigheid. Veiligheidsinstructies voor de keukenmeubelmonteur• Het fineer, de lijm of de kunststofbekleding van de aangren-zende meubels moeten temperatuurbestendig zijn (>75°C). Als het fineer en de bekleding onvoldoende temperatuurbe-stendig zijn, kunnen ze vervormen. • Bij het ingebouwde apparaat mag geen contact mogelijk zijnmet onderdelen die bij het gebruik onder spanning staan. • Het gebruik van muurstrips van massief hout op het werkbladachter de kookplaat is toegelaten voor zover de minimumaf-standen volgens de inbouwtekeningen worden gerespecteerd.
• De minimumafstanden aan de achterkant van de kookplaatuit-sparingen moeten volgens de inbouwtekening worden geres-pecteerd. • Bij het inbouwen naast een hoge kast is een veiligheidsafstandvan minstens 40 mm vereist. De zijkant van de hoge kast moetmet warmtebestendig materiaal worden bekleed. Om goed tekunnen werken dient de afstand echter ten minste 300 mm tebedragen. • De afstand tussen kookplaat en afzuigkap moet minstens zogroot zijn als in de montagehandleiding van de afzuigkap isvoorgeschreven. • Het verpakkingsmateriaal (plastic folie, piepschuim, nagels,enz. ) moet uit de buurt van kinderen worden gehouden omdatdeze delen eventuele risicobronnen vormen. Kleine onder-delen kunnen worden ingeslikt en bij folie bestaat verstikkings-gevaar. MontageBelangrijke opmerkingen• Indien de kookplaat boven meubelgedeelten (zijwanden, ladene. d.
• Om brand te vermijden, moet erop worden gelet dat geenbrandgevaarlijke, licht ontvlambare of door warmte vervorm-bare voorwerpen direct naast of onder de kookplaat wordengeplaatst of gelegd. • Bij de inbouw boven een lade moet erop worden gelet dat ergeen puntige voorwerpen in de lade worden bewaard. Die kun-nen anders aan de onderkant van de kookplaat blijven hakenen de lade blokkeren. KookplaatafdichtingVóór het inbouwen moet de meegeleverde kookplaatafdichtingzonder onderbreking worden ingelegd. • U moet verhinderen dat er tussen de rand van de kookplaat enhet werkblad of tussen het werkblad en de muur vloeistoffen inde daaronder ingebouwde elektrische apparaten kunnenindringen. • Bij inbouw van de kookplaat in een oneffen werkblad, bijv. meteen keramisch of vergelijkbaar oppervlak (tegels enz. ) moetde pakking, die zich ev. aan de kookplaat bevindt, worden ver-wijderd.
In de plaats daarvan moet de verbinding tussen kook-plaat en werkblad met plastische afdichtmaterialen (kit)worden afgedicht. •De kookplaat in geen geval met silicone vastkleven. Anders is het later niet meer mogelijk de kookplaat weer teverwijderen zonder ze te vernielen. Beluchting• De achterwand van de onderkast moet ter hoogte van de uit-sparing in het werkblad open zijn zodat de lucht kan circuleren. • De voorste dwarslijst van het meubel moet worden verwijderd,zodat er onder het aanrechtblad over de hele breedte van hetapparaat een opening is waar de lucht door kan. • Eventuele dwarslijsten onder het werkblad moeten tenminsteter hoogte van de uitsparing in het werkblad worden verwij-derd. • De afstand tussen de inductiekookplaat en de keukenmeubelsof de ingebouwde apparaten moet groot genoeg zijn zodat deinductieve gedeelten voldoende geventileerd worden.
Zowordt vermeden dat de verwarmde lucht naar die plaats terug-stroomt waar de koude lucht wordt aangezogen. •Let op. De afscherming mag de ventilatieopeningen nietafdekken. Hiertoe moet men eventueel meubelen en appara-ten korter maken of aanpassen. • Overmatige warmteontwikkeling langs onder, bijv. door eenoven zonder dwarsstroomventilator, moet worden vermeden. • Als bij inbouwfornuizen de pyrolysefunctie wordt gebruikt, magde inductiekookplaat niet worden gebruikt. Uitsparing in het werkbladDe uitsparing in het werkblad moet zo nauwkeurig mogelijk meteen goed, recht zaagblad of een bovenfrees worden uitgezaagd. De snijvlakken dienen daarna te worden verzegeld zodat er geenvocht kan binnendringen. De uitsparing voor de kookplaat wordt volgens de afbeeldingenuitgezaagd. De keramische kookplaat moet absoluut horizontaal en op gelijkehoogte met het werkblad liggen.
Montagehandleiding NL58Clips • De clips op de aangegeven afstanden inde uitsparing van het werkblad inslaan.Door de horizontale aanslag is geen aan-passing in de hoogte nodig.Belangrijk: de horizontale aanslag van declips moet vlak op het aanrechtblad liggen(breukgevaar vermijden).• De kookplaat volgens de afbeelding linksinzetten (a), justeren (b) en vastclipsen(c).• Om de clips te zekeren kunnen schroevenworden gebruikt.Belangrijk!Als de keramische kookplaat scheef zit ofspant, bestaat er verhoogd breukgevaarbij de montage!Minimumafstand tot naburige wandenUitfreesmaatBuitenmaat kookplaatKabeldoorvoer door de achterwandInbouwhoogtePlaatstrip • De kookplaat inzetten en justeren.• Onderlangs de plaatstrips met schroevenaan de voorziene bevestigingsgaten inzet-ten, justeren en vastzetten.De schroeven alleen met een schroeven-draaier met de hand vastzetten; geenelektrische schroevendraaier gebruiken.• Bij dunne werkbladen op de juiste positievan de plaatstrip letten.
Om de afstand tecompenseren moet een metrische schroefin de plaatstrip worden ingezet.Minimumafstand tot naburige wandenUitfreesmaatBuitenmaat kookplaatKabeldoorvoer door de achterwandInbouwhoogteBelangrijk!Als de keramische kookplaat scheef zit ofspant, bestaat er verhoogd breukgevaarbij de montage!Afmetingen in mmTypeTypeAfmetingen in mm
Montagehandleiding NL59Elektrische aansluiting• De elektrische aansluiting mag uitsluitend door eenerkend vakman worden uitgevoerd. • De wettelijke voorschriften en aansluitvoorwaarden van deplaatselijke elektriciteitsmaatschappij moeten strikt wordennageleefd. • Bij het aansluiten van het apparaat moet een installatie wordenvoorzien die het mogelijk maakt het apparaat met een contact-openingswijdte van ten minste 3 mm met alle polen van het nette scheiden. Geschikte scheidingsinstallaties zijn LS-schake-laars, zekeringen en contactoren. • Bij aansluiting en reparatie het apparaat met één van dezeinstallaties stroomloos maken. • De aardleider moet zo lang zijn dat hij bij het begeven van detrekontlasting pas na de stroomvoerende aders van de aan-sluitkabel met trek wordt belast. • De overtollige kabellengte moet uit de inbouwzone onder hetapparaat worden getrokken.
• U moet er ook op letten dat de netspanning met de op hettypeplaatje aangegeven netspanning overeenstemt. • Bij het ingebouwde apparaat mag geen contact mogelijk zijnmet onderdelen die bij het gebruik onder spanning staan. • Let op: door een verkeerde aansluiting kan de vermogenselek-tronica worden vernield. Aansluitkabel standaard aanwezig• De kookplaat is bij levering met een temperatuurbestendigeaansluitkabel uitgerust. • De aansluiting op het net wordt volgens het aansluitschemauitgevoerd, tenzij de aansluitkabel al met een stekker is uitge-rust. • Als de netaansluitkabel van dit apparaat wordt beschadigd,moet hij door een speciale aansluitkabel worden vervangen. Om risico’s te vermijden mag dit alleen door de fabrikant of zijnklantenservice gebeuren. Aansluitingsmogelijkheden * Let op. Speciale aansluiting 220 - 240 V 3~.
Technische gegevens InbedrijfstellingNa het inbouwen van de kookplaat en na het inschakelen van devoedingsspanning (aansluiting op het net) vindt eerst een zelftestvan de besturing plaats en verschijnt er een service-informatievoor de klantenservice.
Deze aanwijzing verdwijnt na 30 seconden of zodra op een wille-keurige toets wordt gedrukt. Belangrijk: Bij de aansluiting op het net mogen er geen voorwer-pen op de touch-control sensoren liggen. Met een sponsje en wat sop even over het oppervlak van dekookplaat vegen en vervolgens droogwrijven. groen-geelgroen-geelblauwwitbruinzwartgroen-geelgroen-geelblauwwitbruinzwartgroen-geelgroen-geelblauwwitbruinzwartgroen-geelgroen-geelblauwwitbruinzwartAfmetingen kookplaathoogte/ breedte/ diepte. mm52 x 600 x 52052 x 800 x 520Kookzoneslinks voor. kWlinks achter. kWrechts achter. kWrechts voor. kW2,82,82,82,8Kookplaat totaal. kW 7,2Aansluitwaardennetspanning. 380-415V 2N~, 50-60 Hznominale componentenspanning. 220 - 240V.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Kuppersbusch EKI 6840.0 F stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden