Jeep Grand Cherokee (2013) Handleiding

Jeep Auto Grand Cherokee (2013)

Bekijk gratis de handleiding van Jeep Grand Cherokee (2013) (416 pagina’s), behorend tot de categorie Auto. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 18 mensen. Heb je een vraag over Jeep Grand Cherokee (2013) of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Grand Cherokee
GEBRUIKSINFORMATIE
Grand Cherokee
11WK741-126-DUT-AA
Gedrukt in Europa
11

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Jeep
Categorie: Auto
Model: Grand Cherokee (2013)

Handleiding Jeep Grand Cherokee (2013) – volledige tekst

INLEIDINGGefeliciteerd met uw keuze voor een nieuweauto van het merk Chrysler. U kunt er zeker vanzijn dat uw auto staat voor vakmanschap enprecisie, exclusieve styling en de hoogwaar-dige kwaliteit waarvoor onze auto’s zo ver-maard zijn. Dit is een speciale terreinwagen. Hij is geschiktvoor tal van ondergronden en toepassingen dievoor traditionele auto’s niet mogelijk zijn. Deauto rijdt en manoeuvreert anders dan eennormale personenauto - zowel op de normaleweg als off-road. Neem dus de nodige tijd omaan deze auto te wennen. De uitvoering met tweewielaandrijving is uitslui-tend ontworpen voor gebruik op verharde we-gen. Deze is niet bedoeld voor terreinrijden ofrijden onder zware omstandigheden, wat welhet geval is bij een voertuig met vierwielaan-drijving. Vóór u met deze auto gaat rijden, moet u ditinstructieboekje en alle bijvoegsels goed lezen.

U moet goed bekend zijn met de bediening vande auto, vooral met de remmen, de stuurinrich-ting en het schakelen. Leer hoe uw auto zichgedraagt op verschillende soorten wegen. Uwrijvaardigheid zal verbeteren als u meer erva-ring heeft, maar voor ieder voertuig geldt dat uin het begin zeer voorzichtig moet zijn. Wan-neer u off-road (op het terrein) rijdt, mag u deauto niet overbeladen. De auto kan ook dewetten van de natuur niet omzeilen. Houd altijdde plaatselijk geldende regels in acht, waar uook rijdt. Net als bij andere auto’s van dit type, kunt u demacht over het stuur verliezen of een aanrijdingveroorzaken als u de auto niet op de juiste wijzebedient. Raadpleeg voor meer informatie de“Tips voor het rijden op de weg” en de “Tipsvoor het off-road rijden” in ⬙Starten en rijden⬙.

OPMERKING:Nadat u de gebruikershandeiding hebt gele-zen, moet deze worden bewaard op eengemakkelijk te bereiken plaats in de auto. Bijverkoop van de auto moet de handleidingaanwezig zijn in de auto. Als u de auto niet op de juiste wijze bedient,kunt u de macht over het stuur verliezen of eenaanrijding veroorzaken.

Als u de auto met te hoge snelheid of onderinvloed bestuurt, kan het gevolg zijn dat u demacht over het stuur verliest, een aanrijdingveroorzaakt met een ander voertuig of voor-werp, dat u van de weg af raakt, of over de kopgaat. Al deze situaties kunnen leiden tot ernstigof zelfs dodelijk letsel. Als de veiligheidsgor-dels niet worden gebruikt, staan de bestuurderen de passagiers bloot aan een grotere kansop verwondingen, mogelijk met dodelijke af-loop. Om uw auto in optimale conditie te houden,raden wij u aan de auto op de aanbevolentijdstippen te laten nakijken door een erkendedealer of distributeur. Hij heeft speciaal opge-leid personeel, speciaal gereedschap en denodige uitrusting om alle onderhoudstaken uitte voeren. De fabrikant en zijn dealers willen immers dat uvolkomen tevreden bent met uw auto.

Uw erkende dealer of distributeur zal u graaghelpen bij alle vragen met betrekking tot uwauto. WAARSCHUWING VOOR OVER DEKOP SLAANTerreinwagens slaan aanzienlijk vaker over dekop dan andere autotypen. Deze auto heefteen hogere bodemspeling, een hoger zwaarte-punt dan de meeste personenauto’s. Een ter-reinwagen kan beter presteren op heel watverschillende soorten terrein. Wanneer u onvei-lig of onvoorzichtig rijdt, kan elke auto onbe-stuurbaar worden. Vanwege het hogere zwaar-tepunt kan deze auto over de kop slaan als debestuurder de controle verliest, terwijl andereauto’s dit in dezelfde situatie niet doen. Probeer daarom geen scherpe bochten te ma-ken of plotselinge manoeuvres of andere onvei-lige handelingen uit te voeren waardoor u decontrole over het stuur kunt verliezen.

Als uonveilig rijdt met deze auto, kunt u een aanrij-ding veroorzaken, kan de auto over de kopslaan en kan ernstig of dodelijk letsel ontstaan. Rij voorzichtig. Het niet aangespen van de veiligheidsgordelsaan de bestuurders- en passagierszijde, is eenbelangrijke oorzaak van ernstig of dodelijk let-sel. Als de auto over de kop slaat, zal eeninzittende zonder veiligheidsgordel veel eerderverongelukken dan een inzittende die wel eengordel draagt. Draag altijd een veiligheidsgor-del. BELANGRIJKE OPMERKINGAL HET MATERIAAL IN DEZE UITGAVE ISGEBASEERD OP DE NIEUWSTE INFORMATIEDIE BESCHIKBAAR WAS OP HET MOMENTVAN GOEDKEURING. HET RECHT OM OPENIG MOMENT HERZIENINGEN TE PUBLICE-REN IS VOORBEHOUDEN. Deze handleiding is samengesteld in samen-werking met specialisten op het gebied vanautotechniek en -onderhoud, om u kennis telaten maken met de werking en het onderhoudvan uw nieuwe auto.

Nadat u de gebruikershandeiding hebt gele-zen, moet deze worden bewaard op een ge-makkelijk te bereiken plaats in de auto. Bijverkoop van de auto moet de handleidingaanwezig zijn in de auto. De fabrikant behoudt zich het recht voor omveranderingen aan te brengen in het ontwerpen in de specificaties, en/of toevoegingen ofverbeteringen aan de producten aan tebrengen, zonder dat de fabrikant zich daarbijverplicht tot installatie hiervan op eerder gefa-briceerde producten. Waarschuwingslabel voor over de kop slaan5.

UW SLEUTELSUw auto werkt met een startcontact zondersleutel. Dit systeem bestaat uit een sleutelhou-der met afstandsbediening (RKE) en eendraadloos ontstekingscontact (WIN) met geïn-tegreerde contactschakelaar. U kunt de sleutel-houder in de contactschakelaar steken meteender welke kant naar boven. Keyless Enter-N-Go-functieDeze auto is uitgerust met de Keyless Enter-N-Go-functie. Raadpleeg “Startprocedures” in⬙Starten en rijden⬙voor meer informatie. Draadloos ontstekingscontact (WIN)Het draadloos ontstekingscontact (WIN) werktop dezelfde manier als een contactschakelaar. Er zijn vier bedieningsstanden, waaronder driemet een pal en een met veerbelasting. Depalstanden zijn OFF, ACC en ON/RUN. Destand START is een veerbelaste contactstandvan zeer korte duur. Bij het loslaten uit destartstand keert de schakelaar automatisch te-rug naar de palstand ON/RUN.

OPMERKING:Als uw auto is uitgerust met de functieKeyless Enter-N-Go, zal het elektronischvoertuiginformatiecentrum (EVIC) de standvan de contactschakelaar (OFF/ACC/RUN)weergeven. Voor meer informatie raadpleegtu het ⴖElektronisch voertuiginformatiecen-trum (EVIC)ⴖin ⴖDe functies op uw dash-boardⴖ. SleutelhouderMet de sleutelhouder wordt de contactschake-laar bediend. Steek het vierkante uiteinde vande sleutelhouder in de contactschakelaar ophet instrumentenpaneel en draai deze in degewenste stand. Deze bevat ook een afstands-bediening en een noodsleutel die achter in desleutelhouder wordt opgeborgen. Met de noodsleutel hebt u aan de bestuurders-zijde toegang tot de auto wanneer de accu inde auto of de sleutelhouder met afstandsbedie-ning leeg is. Met de noodsleutel kan ook hethandschoenvakje worden afgesloten. U kuntde noodsleutel bij u houden als iemand andersde auto voor u parkeert.

Om de noodsleutel te verwijderen schuift u demechanische vergrendeling boven op de sleu-telhouder opzij met uw duim en haalt u desleutel er vervolgens met uw andere hand uit. OPMERKING:U kunt de tweezijdige noodsleutel in deslotcilinders steken met eender welke kantnaar boven. De sleutelhouder uit het contactverwijderenZet de hendel in PARK Draai de sleutel in destand OFF en neem de sleutel er uit. Als uw auto is uitgerust met de functie KeylessEnter-N-Go, zal het EVIC de stand van decontactschakelaar ⬙OFF/ACC/RUN⬙weerge-ven. Voor meer informatie raadpleegt u het⬙Elektronisch voertuiginformatiecentrum(EVIC)⬙in ⬙De functies op uw dashboard⬙. OPMERKING:•Als u de sleutelhouder probeert te verwij-deren voordat u de keuzehendel in destand PARK hebt gezet, kan de sleutel-houder tijdelijk vast komen te zitten in decontactschakelaar.

Als dit gebeurt, moet ude keuzehendel in de stand PARK zettenen de sleutel voorzichtig naar rechtsdraaien. Daarna verwijdert u de sleutel-houder volgens de beschrijving. Als ereen storing optreedt, zal het systeem desleutel vasthouden in de contactschake-laar om u te waarschuwen dat deze bevei-liging niet meer werkt. U kunt de motorstarten en uitzetten, maar u kunt de sleu-telhouder niet verwijderen zolang u deauto niet hebt aangeboden voor onder-houd. •De schakelaars voor elektrische raambe-diening, de radio, het elektrisch schuifdak(indien aanwezig) en de aansluitcontac-ten blijven nog maximaal 10 minuten wer-ken nadat de contactschakelaar in destand OFF is gedraaid. Door het openenvan een voorportier wordt deze functieuitgeschakeld. De tijdsduur van dezefunctie is programmeerbaar.

LET OP. (Vervolgd)•Laat de sleutelhouder in de contactschake-laar zitten en voer een van de volgendeinstructies uit:•Start de auto via een hulpaccu. •Laad de accu op. WAARSCHUWING. •Verwijder altijd de sleutel uit het contactsloten vergrendel de autoportieren wanneer ude auto verlaat. •Laat kinderen nooit alleen achter in eenauto en sluit uw auto altijd af als u hemonbeheerd achterlaat binnen bereik vankinderen. •Kinderen zonder toezicht achterlaten ineen auto is om verschillende redenen ge-vaarlijk. Kinderen of derden kunnen ern-stige of dodelijke verwondingen oplopen. Waarschuw kinderen dat ze van de hand-rem, het rempedaal of de keuzehendelmoeten afblijven. (Vervolgd)WAARSCHUWING. (Vervolgd)•Laat de sleutelhouder niet achter in hetcontact of in de buurt van de auto, en laatde Keyless Enter-N-Go niet achter in deACC- of ON/RUN-stand.

Een kind zou deelektrische raambediening of andere scha-kelaars kunnen bedienen of de auto inbeweging kunnen brengen. •Laat nooit kinderen of dieren achter in eenin de zon geparkeerde en afgesloten auto. De hitte in het interieur kan ernstige ge-zondheidsproblemen veroorzaken en zelfsdodelijk zijn. LET OP. Een niet-vergrendelde auto is een prima uit-nodiging voor dieven. Verwijder de sleutel-houder altijd uit de contactschakelaar en ver-grendel alle portieren wanneer u de autoonbeheerd achterlaat. WaarschuwingssysteemcontactsleutelWanneer u het bestuurdersportier opent terwijlde sleutelhouder in het contact in de stand OFFof ACC zit, zal een geluidssignaal u erop attentmaken de sleutelhouder te verwijderen. OPMERKING:Het waarschuwingssysteem voor de con-tactsleutel werkt alleen wanneer de inge-bouwde contactsleutel in de stand OFF ofACC staat.

Als uw auto is uitgerust met de functie KeylessEnter-N-Go en u het bestuurdersportier opentterwijl de contactschakelaar in ACC of ON/RUNstaat (motor uitgezet), waarschuwt een ge-luidssignaal dat de sleutel nog moet wordenverwijderd.

Raadpleeg “Startprocedures” in⬙Starten en rijden⬙voor meer informatie. STUURSLOT — INDIEN AANWEZIGUw auto is mogelijk uitgerust met een passiefelektronisch stuurslot. Dit slot zorgt ervoor datde auto zonder contactsleutel niet kan wordenbestuurd. Het stuurslot heeft zes posities (eenper 60 graden). Als het stuurwiel naar een van15.

deze posities wordt bewogen terwijl de sleutelzich in de off-stand bevindt, wordt het stuurwielvergrendeld. Handmatig het stuurwielvergrendelenDraai het stuurwiel een halve slag bij draaiendemotor. Zet de motor af en verwijder de contact-sleutel. Draai het stuur een beetje in een wille-keurige richting tot het vergrendelt. Het stuurwiel ontgrendelenDraai de contactsleutel en start de motor. OPMERKING:Als u het stuur naar rechts hebt gedraaid omhet slot te vergrendelen, moet u het stuuriets naar rechts draaien om het te ontgren-delen. Als u het stuur naar links hebt ge-draaid om het slot te vergrendelen, moet uhet stuur iets naar links draaien om het teontgrendelen. SENTRY KEY姞Het startblokkeersysteem met Sentry Key姞voorkomt ongeoorloofd gebruik van de autodoor derden door de motor te blokkeren. Uhoeft het systeem niet te activeren of in teschakelen.

Dit systeem werkt automatisch, on-geacht of de auto is vergrendeld. Het systeem werkt met de in de fabriek gepro-grammeerde sleutelhouder met afstandsbedie-ning (RKE) en een draadloos ontstekingscon-tact (WIN) om ongeoorloofd gebruik van deauto te voorkomen. De auto kan daardoor al-leen bediend en gestart worden met sleutel-houders die specifiek voor de betreffende autowerden geprogrammeerd. Het systeem scha-kelt de motor na twee seconden uit wanneereen ongeldige sleutelhouder wordt gebruikt omde motor te starten. Nadat de contactschakelaar in de stand ON/RUN is gedraaid, gaat het indicatielampje vanhet alarmsysteem gedurende drie secondenbranden om het gloeilampje te controleren. Alshet lampje blijft branden, treedt er een storingin de elektronica op.

Als na de controle van hetgloeilampje het indicatielampje blijft knipperen,geeft dat aan dat iemand een valse sleutelhou-der heeft gebruikt om de motor te starten. Elkvan deze twee condities schakelt de motor natwee seconden uit.

Als het indicatielampje van het alarmsysteemgaat branden tijdens normaal gebruik van deauto (nadat deze langer dan tien secondenheeft gereden), duidt dat op een storing in deelektronica. Laat in dat geval het voertuig zosnel mogelijk repareren door een erkende dea-ler. LET OP. De Sentry Key姞startonderbreker is niet com-patibel met sommige niet-originele afstands-bedieningen. Dergelijke systemen kunnenstartproblemen veroorzaken en de startblok-kering van de auto tenietdoen. Alle sleutelhouders die bij uw nieuwe auto zijnmeegeleverd zijn geprogrammeerd voor deelektronica van uw auto. ReservesleutelsOPMERKING:De auto kan alleen bediend en gestart wor-den met sleutelhouders die specifiek voorde betreffende auto werden geprogram-meerd. Nadat een sleutelhouder voor eenauto is geprogrammeerd, kan deze niet op-16.

nieuw voor een willekeurige andere autoworden geprogrammeerd. LET OP. •Verwijder altijd de sleutel uit het contactsloten vergrendel alle portieren als u de autoonbeheerd achterlaat. •Als uw auto is uitgerust met Keyless Enter-N-Go, moet u er altijd aan denken decontactschakelaar in de stand OFF te zet-ten. Ten tijde van de aankoop ontvangt de oor-spronkelijke eigenaar een persoonlijk identifi-catienummer (PIN-code) van vier cijfers. Be-waar de PIN-code op een veilige plaats. Ditnummer is vereist voor vervanging van desleutelhouders door een erkende dealer. Dupli-caten van sleutelhouders kunnen worden gele-verd door een erkende dealer. OPMERKING:Als u werkzaamheden laat uitvoeren aan hetstartblokkeersysteem met Sentry Key姞,moeten alle contactsleutels van de auto aande erkende dealer worden overhandigd.

Zelf nieuwe sleutels programmerenSleutelhouders of afstandsbedieningen kunnenworden geprogrammeerd door een erkendedealer. Algemene informatieDe Sentry Key姞werkt op een draaggolffre-quentie van 433,92 MHz. Het startblokkeersys-teem met Sentry Key姞wordt gebruikt in devolgende Europese landen die Richtlijn 1999/5/EG hanteren: België, Denemarken, Duitsland,Finland, Frankrijk, Griekenland, Groot-Brittannië, Hongarije, Ierland, Italië, Joegosla-vië, Luxemburg, Nederland, Noorwegen, Oos-tenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Rusland,Slovenië, Spanje, Tsjechië, Zweden en Zwitser-land. De apparatuur moet voldoen aan de volgendevoorwaarden:•De apparatuur mag geen hinderlijke storin-gen veroorzaken. •De apparatuur moet eventuele ontvangenstoringen kunnen verwerken, ook storingendie een foutieve werking kunnen veroorza-ken.

Als het alarm wordt geactiveerd, voorkomt hetalarmsysteem dat de volgende akoestische envisuele alarmsignalen worden ingeschakeld:de claxon laat een onderbroken signaal horen,de koplampen worden ingeschakeld, en deparkeerlichten en het indicatielampje van hetalarmsysteem in het instrumentenpaneel knip-peren. Systeem activerenVolg deze stappen voor het inschakelen vanhet beveiligingsalarmsysteem:1. Verwijder de sleutel uit het contactslot (raad-pleeg voor meer informatie⬙Startprocedures⬙in⬙Starten en rijden⬙). •Controleer bij voertuigen die zijn uitgerustmet Keyless Enter-N-Go, dat het contactslot inde stand ⬙OFF⬙staat. 17.

•Controleer bij voertuigen die niet zijn uitge-rust met Keyless Enter-N-Go, dat het contact-slot in de stand ⬙OFF⬙staat en dat de sleutel isverwijderd uit het contactslot. 2. Sluit het voertuig af op een van de volgendemanieren:•Druk op de vergrendeltoets LOCK van deportiervergrendeling aan de binnenzijde terwijlde bestuurders- en/of passagiersportier open-staat. •Druk op de vergrendeltoets LOCK van dePassive Entry-handgreep aan de buitenzijde,terwijl een sleutelhouder zich ook aan buiten-zijde bevindt (raadpleeg voor meer informatie-⬙Keyless Enter-N-Go⬙in ⬙Wat u moet wetenvoordat u de auto start⬙). •Druk op de afstandsbediening (RKE) devergrendeltoets LOCK in. 3. Sluit eventueel openstaande portieren. Het systeem deactiverenHet voertuigbeveiligingsalarm kan op de vol-gende manieren worden uitgeschakeld:•Druk op de afstandsbediening (RKE) devergrendeltoets UNLOCK in.

•Pak de Passive Entry Unlock-deurgreep vast(indien aanwezig, raadpleeg voor meer in-formatie ⬙Keyless Enter-N-Go⬙in ⬙Zaken dieu moet weten voordat u de motor start⬙). •Draai de contactsleutel uit de stand OFF. •Bij auto’s die zijn uitgerust met KeylessEnter-N-Go drukt u op de Keyless Enter-N-Go Start/Stop-toets (vereist de aanwe-zigheid van minimaal één geldige sleutel-houder in het voertuig). •Bij auto’s die niet zijn uitgerust metKeyless Enter-N-Go steekt u een geldigesleutel in het contactslot en draait u desleutel in de stand ON. OPMERKING:•Het alarmsysteem kan niet worden in- ofuitgeschakeld via de slotcilinder van hetbestuurdersportier of de kofferdeksel-knop op de afstandsbediening. •Het beveiligingsalarmsysteem blijft in dewaakfunctie als de elektrisch bediendeachterklep wordt geopend. Als u op dekofferdekselknop drukt, wordt het alarm-systeem niet uitgeschakeld.

•Als het alarmsysteem is geactiveerd, kunt ude portieren niet ontgrendelen met de scha-kelaars voor de portiervergrendeling. Het beveiligingsalarmsysteem is ontworpen omuw auto te beveiligen, maar u kunt ook omstan-digheden veroorzaken die onbedoeld zorgenvoor vals alarm. Als een van de eerder be-schreven procedures voor het activeren van dewaakfunctie is uitgevoerd, zal het alarmsys-teem worden ingeschakeld, ongeacht of u zichin de auto bevindt. Als u in de auto blijft en eenportier opent, gaat het alarm af. Als dezesituatie zich voordoet, schakelt u het alarmsys-teem uit. Als het beveiligingsalarmsysteem in de waak-functie staat en de accu wordt losgekoppeld,blijft het beveiligingsalarm in de waakfunctiewanneer de accu weer wordt aangesloten; debuitenlampen knipperen en de claxon geefteen geluidsignaal. Als deze situatie zich voor-doet, schakelt u het alarmsysteem uit. 18.

Sabotage-alarmAls iets tijdens uw afwezigheid het alarm heeftgeactiveerd, klinkt de claxon driemaal en debuitenverlichting knippert driemaal bij het ont-grendelen van de portieren. Controleer de autoom te zien of eraan geknoeid is. INSTAPVERLICHTINGDe interieurverlichting gaat aan wanneer u deafstandsbediening gebruikt voor het ontgren-delen of openen van een portier. Deze functie schakelt ook de naderingsverlich-ting in de buitenspiegels in (indien aanwezig). Zie ⬙Spiegels⬙in ⬙De functies van uw auto⬙voormeer informatie. De verlichting gaat na 30 seconden langzaamuit of dooft onmiddellijk zodra het contact vande stand OFF in de stand ON/RUN wordt gezet. OPMERKING:•De interieurverlichting vooraan in de dak-console en de deurverlichting gaan nietaan als de dimmerknop in de stand ⴖDomeONⴖ(Interieurverlichting aan) staat (hoog-ste stand).

•De instapverlichting werkt niet als de dim-merknop in de stand ⴖDome defeatⴖ(op-heffen) staat (de laagste stand). AFSTANDSBEDIENINGMet dit systeem kunt u vanaf een afstand vanmaximaal 10 m (33 voet) met behulp van eenlosse sleutelhouder met afstandsbediening deportieren en achterklep vergrendelen en ont-grendelen. De sleutelhouder hoeft niet naar hetvoertuig te wijzen om het systeem te activeren. OPMERKING:Zodra u de sleutelhouder met afstandsbe-diening in het contactslot steekt, reageerthet systeem niet meer op de toetsen van deafstandsbediening. Vanaf een rijsnelheidvan 8 km/u reageert het systeem niet meerop de toetsen van alle RKE-afstandsbedieningen. De portieren ontgrendelenDruk de ontgrendeltoets (UNLOCK) op de af-standsbediening eenmaal in en laat deze losom het bestuurdersportier te ontgrendelen, ofdruk tweemaal om alle portieren te ontgrende-len.

Op afstand ontgrendelenMet deze functie kunt u het systeem naar keuzeprogrammeren om bij de eerste druk op deontgrendeltoets op de afstandsbediening al-leen het bestuurdersportier of alle portieren teontgrendelen. Om de huidige instelling te wij-zigen gaat u als volgt te werk:•Voor voertuigen met elektronisch voertuigin-formatiecentrum (EVIC): raadpleeg ⬙Elektro-nisch voertuiginformatiecentrum (EVIC)/Persoonlijke instellingen (door de klant teprogrammeren functies)⬙in ⬙Functies van hetinstrumentenpaneel⬙voor meer informatie. Flash Lamps with Lock - Lampenknipperen bij vergrendelenBij deze functie knipperen de richtingaanwijzerswanneer u de portieren vergrendelt of ontgren-delt met de afstandsbediening. Deze functie kuntu in- of uitschakelen.

1. Verwijder de noodsleutel door de mechani-sche vergrendeling aan de bovenzijde van deafstandsbediening met uw duim opzij te schui-ven en vervolgens met uw andere hand desleutel eruit te trekken.2. Steek het uiteinde van de noodsleutel of eenplatte schroevendraaier, maat 2, in de sleuf enwrik de twee helften van de afstandsbedieningvoorzichtig los. Let erop dat u de afdichtingtijdens het openen niet beschadigt.3. Vervang de batterijen. Let bij het vervangenvan de batterij op dat het + teken op de batterijovereenkomt met het + teken aan de binnen-zijde van de batterijhouder op de achtersteafdekking. Raak de nieuwe batterij niet met uwvingers aan. Door vettigheid op de huid kan dewerking verslechteren. Wanneer u een batterij-contact heeft aangeraakt, kunt u dit schoonma-ken met wat reinigingsalcohol.4.

Om de sleutelhouder weer te sluiten drukt ude twee helften op elkaar.Algemene informatieDe afstandsbediening en signaalontvangers wer-ken op een draaggolffrequentie van 433,92 MHz,zoals is voorgeschreven in de EU. Deze appara-tuur moet zijn gecertificeerd conform de speci-fieke regelgeving in elk land. Er gelden tweenormen: ETS (European TelecommunicationStandard) 300–220, van toepassing in de meestelanden, en de Duitse richtlijn BZT 225Z125, diesteunt op de norm ETC 300–220, maar daarnaastnog enkele specifieke bepalingen heeft. De ove-rige bepalingen worden vermeld in de EuropeseRichtlijn 95/56/EC, Bijlage VI. De apparatuur moetvoldoen aan de volgende twee voorwaarden:•De apparatuur mag geen hinderlijke storin-gen veroorzaken.Verwijderen van de noodsleutelNoodsleutel in de sleuf stekenHelften van de afstandsbediening scheiden21

•De apparatuur moet eventuele ontvangenstoringen kunnen verwerken, inclusief storin-gen die kunnen leiden tot een foutieve wer-king.Als uw afstandsbediening niet goed werktvanaf een normale afstand, controleer dan hetvolgende.1. Lege batterijen afstandsbediening. De ver-wachte levensduur van de batterij bedraagtminimaal drie jaar.2. De nabijheid tot radiozendapparatuur alseen zendmast, een luchthavenzender en som-mige mobiele radio’s of 27 MC zendappara-tuur.PORTIERVERGRENDELINGDe centrale portiervergrendeling kan vanuit deauto handmatig worden vergrendeld met be-hulp van de portiervergrendelknop. Om de alleportieren te vergrendelen, drukt u de portier-vergrendelknop op het bekledingpaneel om-laag. Om de voorportieren te ontgrendelentrekt u de hendel aan de binnenkant van hetportier naar het eerste drukpunt.

Om de ach-terportieren te ontgrendelen, trekt u de portier-vergrendelknop op het bekledingpaneel om-hoog. Als de vergrendelknop omlaag staatterwijl u het portier sluit, zal het portier wordenvergrendeld. Zorg daarom dat de sleutel nietbinnen in de auto is voordat u het portier dichtdoet.WAARSCHUWING!•Voor uw persoonlijke veiligheid en beveili-ging in geval van een ongeluk moet u deportieren tijdens het rijden evenals wan-neer u het voertuig parkeert en verlaatvergrendelen.•Verwijder altijd de sleutel uit het contactsloten vergrendel de autoportieren wanneer ude auto verlaat.•Laat kinderen nooit alleen achter in eenauto en sluit uw auto altijd af als u hemonbeheerd achterlaat binnen bereik vankinderen.•Kinderen zonder toezicht achterlaten ineen auto is om verschillende redenen ge-vaarlijk.

WAARSCHUWING! (Vervolgd)•Laat de sleutelhouder niet achter in hetcontact of in de buurt van de auto, en laatde Keyless Enter-N-Go niet achter in deACC- of ON/RUN-stand. Een kind zou deelektrische raambediening of andere scha-kelaars kunnen bedienen of de auto inbeweging kunnen brengen.Centrale portiervergrendelingDe schakelaar voor de portiervergrendelingbevindt zich op beide portierpanelen vóór.Druk op deze schakelaar om de portieren tevergrendelen en ontgrendelen.Als de vergrendelknop omlaag staat terwijl uhet portier sluit, zal het portier worden vergren-deld.

Zorg daarom dat de sleutelhouder nietbinnen in de auto is voordat u het portier dichtdoet.De portieren zullen niet vergrendelen als u devergrendelknop indrukt terwijl de sleutelhouderin het contactslot zit en het bestuurdersportiergeopend is.Als een achterportier is vergrendeld, moet ditportier eerst worden ontgrendeld voordat hetvanuit de auto kan worden geopend. Het por-tier kan handmatig worden ontgrendeld doorde vergrendelknop omhoog te trekken.Automatische portiervergrendeling —indien aanwezigDe automatische portiervergrendeling is stan-daard uitgeschakeld. Als deze functie is inge-schakeld, worden de portieren automatischvergrendeld als de auto sneller rijdt dan24 km/u. De automatische portiervergrendelingkan door uw erkende dealer in of buiten wer-king worden gesteld na een schriftelijk verzoekvan de klant.

Neem contact op met een er-kende dealer.Functie ⴖAutomatisch ontgrendelen bijuitstappenⴖ— indien aanwezigAls automatisch ontgrendelen is ingeschakeld,zorgt deze functie ervoor dat alle portierenworden ontgrendeld zodra het bestuurderspor-tier wordt geopend als de auto stilstaat en dekeuzehendel in PARK of NEUTRAL staat. Voormeer informatie raadpleegt u ⬙Elektronischvoertuiginformatiecentrum (EVIC)/PersoonlijkeInstellingen (door de klant te programmerenfuncties)⬙in ⬙De functies op uw dashboard⬙.Schakelaar centrale portiervergrendeling23

Kindersloten — achterportierenVoor de veiligheid van kleine kinderen die mee-rijden op de achterste zitplaatsen, zijn de ach-terportieren uitgerust met een kinderslot.Activeren en deactiveren van hetkinderslot1. Open het achterportier.2. Steek de punt van de noodsleutel in het sloten draai de sleutel naar stand LOCK (vergren-delen) of UNLOCK (ontgrendelen).3. Herhaal stap 1 en 2 voor het andere achter-portier. WAARSCHUWING!Zorg dat bij een aanrijding niemand in de autowordt opgesloten.

Vergeet niet dat u de ach-terportieren uitsluitend vanaf de buitenzijdekunt openen wanneer het kinderslot is geac-tiveerd.OPMERKING:Ga als volgt te werk om de auto bij noodge-vallen ook vanaf de achterste zitplaatsen tekunnen verlaten terwijl het kinderslot is ge-activeerd: trek de portiervergrendelknopmet de hand omhoog naar de ontgrendeldestand, zet het raam omlaag en open hetportier via de buitenhandgreep.KEYLESS ENTER-N-GOHet Passive Entry-systeem biedt verbeteringenten opzichte van het systeem met afstandsbe-diening (RKE) en is een functie van KeylessEnter-N-Go. Met deze functie kunt u de portie-ren van uw auto vergrendelen en ontgrendelenzonder dat u op de RKE-afstandbediening devergrendel- en ontgrendelknoppen hoeft in tedrukken.OPMERKING:•Passive Entry kan worden ingesteld opON of OFF (AAN/UIT).

Raadpleeg voormeer informatie “Elektronisch voertuigin-formatiecentrum (EVIC)/Persoonlijke in-stellingen (door de klant te programme-ren functies)ⴖin ⴖFuncties van hetinstrumentenpaneelⴖ.•Als een portierhandgreep met PassiveEntry gedurende 72 uur niet wordt ge-bruikt, is het mogelijk dat de PassiveEntry-functie voor deze handgreep wordtuitgeschakeld. Als u aan de gedeacti-veerde voorportierhandgreep trekt, wordtPlaats van het kinderbeveiligde portierslotFunctie kinderslot24

de Passive Entry-functie voor de hand-greep opnieuw geactiveerd.•Als u handschoenen draagt of als deportierhandgreep met Passive Entry isnatgeregend, is het mogelijk dat de hand-greep minder gevoelig wordt en daardoorlangzamer ontgrendelt.Ontgrendelen vanaf de bestuurderszijde:Houd een geldige afstandsbediening met Pas-sive Entry op minder dan 1,5 m (5 ft.) van dehandgreep van het bestuurdersportier en pakdeze handgreep vast om het bestuurderspor-tier automatisch te ontgrendelen. De vergren-delknop aan de binnenzijde van de portierenzal omhoog komen wanneer het portier wordtontgrendeld.OPMERKING:Als ⴖUnlock All Doors 1st Pressⴖ(ontgrendelalle portieren na één keer drukken) is inge-steld, worden alle portieren ontgrendeldwanneer u de handgreep van het bestuur-dersportier vastpakt.

Als u wilt kiezen tus-sen “Unlock Driver Door 1st Press” (ont-grendel bestuurdersportier na één keerdrukken) en ⴖUnlock All Doors 1st Pressⴖ(ontgrendel alle portieren na één keer druk-ken) raadpleegt u “Elektronisch voertuigin-formatiecentrum (EVIC)/Persoonlijke instel-lingen (door de klant te programmerenfuncties)ⴖin ⴖFuncties van het instrumenten-paneelⴖvoor meer informatie.Ontgrendelen vanaf de passagierszijde:Houd een geldige afstandsbediening met Pas-sive Entry op minder dan 1,5 m (5 ft.) van dehandgreep van het voorste passagiersportieren pak deze handgreep vast om alle vierportieren automatisch te ontgrendelen.

De ver-grendelknop aan de binnenzijde van de portie-ren zal omhoog komen wanneer het portierwordt ontgrendeld.OPMERKING:Alle portieren ontgrendelen wanneer dehandgreep van het voorste passagierspor-tier wordt vastgepakt ongeacht de gewensteontgrendelinstelling van het bestuur-dersportier (ⴖUnlock Driver Door 1st Pressⴖ(ontgrendel alle portieren na één keer druk-ken) of ⴖUnlock All Doors 1st Pressⴖ(ont-grendel alle portieren na één keer drukken)).Handgreep van het bestuurdersportiervastpakken25

Onbedoeld vergrendelen van RKE-afstandsbediening met Passive Entry in deauto voorkomenOm het risico dat een afstandsbediening metPassive Entry onbedoeld wordt ingesloten inde auto zo klein mogelijk te maken, is hetPassive Entry-systeem uitgerust met een auto-matische portierontgrendelingsfunctie, die inwerking zal treden als er geen sleutelhouderaanwezig is in de contactschakelaar. Als een van de autoportieren is geopend en deportierpaneelschakelaar wordt gebruikt om deauto te vergrendelen, zal het voertuigsysteem,na het sluiten van alle portieren, controleren ofer binnen of buiten de auto geldige afstands-bedieningen met Passive Entry aanwezig zijn.

Als een van de afstandsbedieningen met Pas-sive Entry wordt gedetecteerd binnen de autoen er geen andere geldige afstandsbedienin-gen met Passive Entry worden gedetecteerdbuiten de auto, ontgrendelt het Passive Entry-systeem automatisch alle portieren en zal erdrie keer een claxonsignaal klinken (bij dederde poging worden ALLE deuren vergren-deld en kan de afstandsbediening met PassiveEntry worden ingesloten in de auto). Achterklep openenHoud een geldige afstandsbediening met Pas-sive Entry op minder dan1m(3ft. ) van deachterklep en druk op de knop rechts in deverchroomde balk, die zich onder de open-slaande achterruit op de achterklep bevindt,om de auto te vergrendelen of ontgrendelen. OPMERKING:Als ⴖUnlock All Doors 1st Pressⴖ(ontgrendelalle portieren na één keer drukken) is inge-steld in het EVIC, worden alle portieren ont-grendeld wanneer u de knop op de achter-klep indrukt.

Houd een afstandsbediening met Passive En-try op minder dan 1,5 m van de handgreep vanhet bestuurders- of passagiersportier en drukop de vergrendelknop van de handgreep omalle vier de portieren te vergrendelen. OPMERKING:•Nadat u de knop LOCK hebt ingedrukt,moet u twee seconden wachten voordat ude portieren kunt vergrendelen of ont-grendelen met een Passive Entry-portierhandgreep. Op deze wijze kunt udoor aan de portiergreep te trekken con-troleren of de auto is vergrendeld, zonderdat de auto reageert en de portieren wor-den ontgrendeld. •Het Passive Entry-systeem werkt niet alsde batterij van de afstandsbediening leegis. De autoportieren kunnen ook worden vergren-deld met de vergrendelknop van de RKE-afstandsbediening of de vergrendelknop aande binnenkant van de portieren.

RAMENElektrisch bediende ruitenDe schakelaars voor de elektrische raambedie-ning bevinden zich op het bekledingspaneelvan het bestuurdersportier. Het portier van devoorpassagier en de achterportieren zijn allevoorzien van één schakelaar voor het bedienenvan de ramen in deze portieren. Deze raam-schakelaars werken alleen als de contactscha-kelaar in de stand ON/RUN of ACC staat. De schakelaars voor de elektrische raambedie-ning blijven nog werkzaam tot 10 minuten na-dat het contact is uitgezet. Door het openenvan een voorportier wordt deze functie uitge-schakeld. WAARSCHUWING. Laat nooit kinderen achter in de auto wanneerde sleutel nog in de contactschakelaar steekten verlaat uw auto nooit als de Keyless Enter-N-Go in de stand ACC of RUN staat. Inzitten-den, en vooral kinderen zonder begeleider,kunnen klem komen te zitten in de raamope-ningen door de ruitschakelaars te bedienen.

Wilt u het raam slechts gedeeltelijk openen,druk dan de schakelaar in tot aan de eersteklikstand en laat de schakelaar vervolgens losals u het raam wilt stoppen. De schakelaars voor de elektrische raambedie-ning blijven nog 10 minuten werkzaam nadathet contact is uitgezet. Door het openen vaneen voorportier wordt deze functie uitgescha-keld. Functie ⴖAutomatisch omhoogⴖmetobstakeldetectie — alleen voor portierenvan bestuurder en voorpassagierTrek de raamschakelaar helemaal omhoognaar het tweede drukpunt en laat de schake-laar los. Het raam gaat automatisch helemaalnaar boven. Als u tijdens het gebruik van de automatischesluitfunctie het raam wilt stoppen voordat hetvolledig is gesloten, duwt u de schakelaar kortomlaag. Wanneer u het raam gedeeltelijk wilt sluitentrekt u de raamschakelaar naar het eerstedrukpunt en laat u de schakelaar los wanneer uhet raam wilt laten stoppen.

OPMERKING:Als het raam tijdens het automatisch sluitenop een obstakel stuit, wordt eerst de bewe-gingsrichting omgekeerd en komt het raamvervolgens tot stilstand. Verwijder het ob-stakel en trek nogmaals aan de schakelaarom het raam te sluiten. Tijdens het automa-tisch sluiten kunnen schokken vanwege eenslechte toestand van het wegdek onver-wachts de automatische omkeringsfunctieactiveren. Als dat gebeurt, trekt u de scha-kelaar licht omhoog tot aan de eerste klik-stand en houdt u de schakelaar vast om hetraam handmatig te sluiten. WAARSCHUWING. De obstakeldetectie wordt uitgeschakeld wan-neer het raam bijna gesloten is. Zorg dat alleeventuele objecten uit de opening zijn verwij-derd voordat u het raam sluit. Automatische sluitingsfunctie resettenAls de automatische sluitingsfunctie niet meerwerkt, moet de functie mogelijk worden gere-set.

RijwinddrukRijwinddruk kan worden beschreven als hetgevoel van druk op de oren, vergelijkbaar methet akoestisch effect van helikoptergeluid. Umerkt in uw auto dit rijwindeffect soms op terwijlde ramen open zijn, of met het schuifdak(indien aanwezig) in sommige open of gedeel-telijk open standen. Dit is normaal en het effectkunt u tenietdoen. Als u rijwinddruk bemerktterwijl het schuifdak openstaat, verstelt u deschuifdakopening om het effect te verminde-ren.ACHTERKLEPU opent de achterklep door aan de handgreepte trekken en vervolgens de achterklep om-hoog te brengen. De achterklep kan niet wor-den ontgrendeld door de portieren handmatigte ontgrendelen met de vergrendelknop of meteen sleutel in de slotcilinder.WAARSCHUWING!Wanneer u met geopende achterklep rijdt,kunnen giftige uitlaatgassen in het interieurgezogen worden. Deze gassen kunnen scha-delijk zijn voor u of uw passagiers.

OPMERKING:De openslaande achterruit kan niet wordengeopend als de achterklep openstaat. Als de openslaande achterruit geopend is, isde elektrische aansluiting naar de achterruit-wisser onderbroken, zodat de achterruitwisserdan niet in werking treedt. OPMERKING:Als zich een storing voordoet aan het ach-terklepslot, beschikt de achterklep over eennoodontgrendeling om deze dan toch tekunnen openen. Deze noodontgrendelingvoor de achterklep is toegankelijk via eenafdekpaneeltje in de achterklepbekleding. WAARSCHUWING. Wanneer u met een geopende openslaandeachterruit rijdt, kunnen giftige uitlaatgassen inhet interieur gezogen worden. Deze gassenkunnen schadelijk zijn voor u of uw passa-giers. Houd de openslaande achterruit dichtwanneer u met de auto rijdt.

Elektrisch bediende achterklep -indien aanwezigDe elektrisch bediende achterklepkan worden geopend door aan dehandgreep van de achterklep tetrekken of de toets LIFTGATE opde afstandsbediening in te druk-ken. Druk binnen vijf secondentwee keer op de ACHTERKLEP-knop op deafstandsbediening om de elektrisch bediendeachterklep te openen. Nadat de achterklep isgeopend, kunt u deze sluiten door nogmaalstwee keer binnen vijf seconden op de toetsLIFTGATE te drukken. U kunt de elektrisch bediende achterklep ookopenen en sluiten door op de LIFTGATE-knopte drukken die zich op de dakconsole voorinbevindt, of alleen sluiten door op de LIFTGATE-knop te drukken die zich op de sierrand links-achter, naast de achterklep bevindt. Als u éénkeer drukt op de LIFTGATE-knop die zich op desierrand linksachter, naast de achterklep be-vindt, wordt de achterklep gesloten.

Met dezeknop kunt u de achterklep echter niet openen. Om de elektrisch bediende achterklep hand-matig te openen, trekt u eenmaal aan de hand-greep van de achterklep om de stroom in teschakelen en trekt u vervolgens een tweedekeer om de achterklep in de handmatige mo-dus te zetten.

(systeeminstellingen)/Elektronisch voertuigin-formatiecentrum (EVIC)⬙in ⬙Functies van hetinstrumentenpaneel⬙. OPMERKING:Ingeval er een elektrisch defect optreedt,kan de noodontgrendeling worden gebruiktom de achterklep te openen. Deze noodont-grendeling voor de achterklep is toeganke-lijk via een afdekpaneeltje in de achterklep-bekleding. WAARSCHUWING. Tijdens het elektrisch bedienen kan letsel ofmateriële schade ontstaan. Zorg ervoor datde baan van de elektrisch bediende achter-klep vrij is van obstakels. Controleer vóór uwegrijdt of de achterklep is gesloten en ver-grendeld. OPMERKING:•De elektrisch bediende achterklep werktniet als de openslaande achterruit is ge-opend. •De toetsen voor de elektrisch bediendeachterklep werken niet als het voertuig ineen versnelling staat of als de snelheidmeer dan 0 km/uur bedraagt.

•De elektrisch bediende achterklep werktniet bij minder dan ⫺30°C of meer dan65°C. Verwijder eventueel sneeuw of ijsvan de achterklep voordat u een elektri-sche achterklepschakelaar indrukt. •Wanneer een of ander obstakel de elek-trisch bediende achterklep hindert bij hetopenen of sluiten, beweegt de achterklepautomatisch in omgekeerde richting, alser tenminste voldoende weerstand was. •Aan de zijkanten van de achterklepope-ning zijn beknellingsensors aangebracht. Wanneer deze strips ergens iets wordenaangedrukt, beweegt de achterklep terugnaar de open stand. •De toets voor het sluiten van de achter-klep, die zich op de sierrand linksachternaast de achterklep bevindt, werkt alleenwanneer de elektrische achterklep volle-dig is geopend. Als de achterklep nietvolledig opent, drukt u op de Achterklep-knop op de sleutelhouder om de achter-klep volledig te openen.

•Als er aan de achterklephendel wordt ge-trokken, terwijl de achterklep zich opent,wordt de aandrijving van de achterklepuitgeschakeld en kan deze handmatigworden bediend. •Als de elektrische achterklep binnen éénbeweging meerdere keren op een obsta-kel stuit, stopt het systeem automatischen moet u de klep handmatig openen ofsluiten. •Als de achterklep op uw voertuig elek-trisch sluit en u schakelt in de eersteversnelling, dan sluit de achterklep zichvolledig. Maar als het voertuig beweegt,wordt er wellicht een hindernis opge-merkt. 31.

WAARSCHUWING. •Wanneer u met geopende achterklep rijdt,kunnen giftige uitlaatgassen in het interieurgezogen worden. Deze gassen kunnenschadelijk zijn voor u of uw passagiers. Houd de achterklep dicht terwijl u rijdt. •Wanneer u toch met open achterklep moetrijden, zorg dan dat alle ramen gesloten zijnen dat de aanjager van de airco op dehoogste stand staat. Schakel de circulatie-stand niet in. In de openstand wordt de achterklep onder-steund door gasveersteunen. De gasdruk indeze steunen daalt echter bij koud weer en danmoet u mogelijk ook zelf iets ondersteunen bijhet openen van de achterklep.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Jeep Grand Cherokee (2013) stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden