Husqvarna-Viking Designer Ruby 90 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Husqvarna-Viking Designer Ruby 90 (64 pagina’s), behorend tot de categorie Naaimachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 28 mensen. Heb je een vraag over Husqvarna-Viking Designer Ruby 90 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Husqvarna-Viking |
| Categorie: | Naaimachine |
| Model: | Designer Ruby 90 |
Handleiding Husqvarna-Viking Designer Ruby 90 – volledige tekst
Deze huishoudnaaimachine voldoet aan de eisen van IEC/EN/CSA C22. 2 No. 60335-1 & 60335-2-28 en UL1594. BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIESWanneer u een elektrisch apparaat gebruikt, moet u altijd de elementaire veiligheidsvoorschriften in acht nemen, inclusief het volgende:Lees alle instructies door voordat u deze huishoudnaaimachine in gebruik neemt. Bewaar de instructies op een geschikte plaats, dicht bij de naaimachine. Lever de instructies bij de naaimachine als deze van eigenaar verwisselt. GEVAAR - U BEPERKT ALS VOLGT HET RISICO VAN EENELEKTRISCHE SCHOK:• Naaimachines mogen nooit onbewaakt blijven wanneer de stekker in het stopcontact zit. Hetstopcontact waar de machine mee is verbonden, moet makkelijk toegangbaar zijn.
Haal de stekkervan deze naaimachine altijd meteen uit het stopcontact na het gebruik en voordat u de machinegaat reinigen, afdekpanelen ervan verwijdert, voordat u de machine smeert of wanneer u andereonderhoudswerkzaamheden uitvoert die in de gebruiksaanwijzing staan. WAARSCHUWING - U BEPERKT ALS VOLGT HET RISICOVAN BRANDWONDEN, BRAND, EEN ELEKTRISCHESCHOK OF LICHAMELIJK LETSEL:• Laat kinderen niet spelen met de naaimachine. Let goed op wanneer deze naaimachine wordtgebruikt door of in de buurt van kinderen. • Gebruik deze naaimachine alleen voor de werkzaamheden waarvoor de naaimachine bedoeld is enzoals die worden beschreven in deze handleiding. Gebruik alleen hulpstukken die door deproducent zijn aanbevolen, zoals in deze handleiding wordt beschreven.
• Gebruik deze naaimachine nooit wanneer het netsnoer of de stekker beschadigd is, als denaaimachine niet goed werkt, als de naaimachine gevallen of beschadigd is of in het water heeftgelegen. Breng de naaimachine in dat geval naar de dichtstbijzijnde bevoegde dealer of eenonderhoudscentrum voor onderzoek, reparatie en elektrische of mechanische bijstelling. • Gebruik de naaimachine nooit wanneer de ventilatieopeningen geblokkeerd zijn.
Houd deventilatieopeningen van de naaimachine en het voetpedaal vrij van opgehoopt stof, pluisjes enloshangende lappen stof. • Houd uw vingers uit de buurt van alle bewegende delen. Wees vooral voorzichtig in de buurt vande naaimachinenaald. • Gebruik altijd de juiste steekplaat. Wanneer u de verkeerde steekplaat gebruikt, kan de naaldbreken. • Gebruik geen gebogen naalden. • Trek of duw tijdens het naaien niet aan de stof. Hierdoor kunt u namelijk de naald buigen,waardoor deze kan breken. • Draag een veiligheidsbril. • Schakel de naaimachine uit (“0”) wanneer u iets wilt veranderen in de omgeving van de naald,zoals een draad door de naald halen, een andere naald plaatsen, de spoel plaatsen, een anderenaaivoet plaatsen en dergelijke.
• Laat geen voorwerpen in een opening vallen en steek geen voorwerpen in openingen in de naaimachine. • Gebruik de naaimachine niet buiten. • Gebruik de naaimachine niet in een omgeving waar spuitbussen worden gebruikt of waar zuurstof wordt toegediend. • Voordat u de stekker uit het stopcontact haalt, moet u eerst alle knoppen op de uit-stand zetten (“0”). • Trek de stekker niet aan het netsnoer uit het stopcontact. Pak de stekker vast, niet het snoer. • Het voetpedaal wordt gebruikt om de naaimachine te bedienen. Plaats nooit andere voorwerpen op het voetpedaal. • Gebruik de machine niet als hij nat is. • Als het LED-lampje beschadigd of kapot is, moet het worden vervangen door de fabrikant of diens service-agent of een persoon met dezelfde kwalificaties, om gevaar te voorkomen.
• Als het snoer van het voetpedaal is beschadigd, moet het worden vervangen door de fabrikant of diens service-agent of een persoon met dezelfde kwalificaties om gevaar te voorkomen. BEWAAR DEZE INSTRUCTIESUITSLUITEND VOOR CENELEC-LANDEN:Dit apparaat mag worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met verminderde fysieke, sensorische of mentale capaciteiten of met een gebrek aan ervaring en kennis als ze supervisie of instructies hebben gekregen om het apparaat op een veilige manier te kunnen gebruiken en als ze begrijpen welke gevaren eraan verbonden zijn. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet zonder supervisie door kinderen worden uitgevoerd. Bij normale gebruiksomstandigheden is het geluidsniveau minder dan 80dB(A).
VOOR NIET-CENELEC-LANDENDeze naaimachine is niet bedoeld om te worden gebruikt door personen (inclusief kinderen) met verminderde fysieke, sensorische of mentale capaciteiten, of met een gebrek aan ervaring en kennis, als ze geen supervisie of instructie voor het gebruik van de naaimachine hebben gekregen van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Kinderen moeten in de gaten worden gehouden om te zorgen dat ze niet met de naaimachine spelen. Bij normale gebruiksomstandigheden is het geluidsniveau minder dan 80dB(A). De machine mag alleen worden gebruikt met een voetpedaal van het type FR5 dat is vervaardigd door Shanghai Binao Precision Mould Co. , Ltd.
FCC-InterferentieverklaringVoor de VS en CanadaVerantwoordelijke partij: Singer Sourcing Limited LLC1714 Heil Quaker Boulevard, Suite 130, LaVergne, TN 37086Productnaam:HUSQVARNA® VIKING® DESIGNER RUBY™ 90naaimachineModelnummer:SFV2Dit apparaat is in overeenstemming met Deel 15 van de FCC-regels. Het gebruik is onderworpen aande volgende twee voorwaarden: (1) Dit apparaat mag geen schadelijke interferentie veroorzaken, en(2) dit apparaat moet elke ontvangen interferentie accepteren, inclusief interferentie die eenongewenste werking kan veroorzaken. Om te voldoen aan de eisen voor blootstelling aan radiofrequenties moet tijdens het gebruik van hetapparaat een afstand van 20 cm (8”) of meer tussen dit apparaat en personen worden aangehouden. Om compliance te garanderen, raden wij niet aan om te werken bij een kleinere afstand.
Deingebouwde antenne die voor deze zender wordt gebruikt, mag niet worden geplaatst bij of wordengebruikt met een andere antenne of zender. Deze apparatuur is getest en voldoet aan de limieten voor digitale apparaten van klasse B,overeenkomstig deel 15 van de FCC-voorschriften. Deze limieten zijn ontwikkeld om een redelijkebescherming te bieden tegen schadelijke interferentie bij installatie in een woonomgeving. Dezeapparatuur genereert en gebruikt radiofrequentie-energie en kan die ook uitstralen. Indien nietgeïnstalleerd en gebruikt volgens de instructies, kan deze apparatuur schadelijke interferentieveroorzaken in radiocommunicatie. Er is echter geen garantie dat er geen interferentie optreedt in eenbepaalde installatie.
Als deze apparatuur schadelijke interferentie veroorzaakt aan radio- oftelevisieontvangst, wat kan worden bepaald door de apparatuur uit en weer aan te zetten, kan degebruiker proberen de interferentie te corrigeren met een van de volgende maatregelen:• Richt de ontvangstantenne anders of verplaats de antenne. • Vergroot de afstand tussen de apparatuur en de ontvanger.
• Sluit de apparatuur aan op een stopcontact dat op een andere groep is aangesloten dan dat van deontvanger. • Raadpleeg de erkende HUSQVARNA® VIKING® dealer of een ervaren radio/tv-technicus. De bijgeleverde interfacekabel moet worden gebruikt om overeenstemming met de limieten voor eendigitaal apparaat van klasse B te garanderen. Veranderingen of aanpassingen aan dit apparaat die niet uitdrukkelijk zijn goedgekeurd door de partij dieervoor verantwoordelijk is dat het apparaat aan de normen voldoet, kunnen de gebruiker het recht ontnemendeze apparatuur te gebruiken.
ConformiteitsverklaringVoor EuropaHierbij verklaart VSM Group AB, namens Singer Sourcing Limited LLC (die gemeenschappelijkeigendom zijn van SVP SINGER Holdings LLC, en die collectief zaken doen als SVP Worldwide) datdeze naaimachine in overeenstemming is met de essentiële eisen en andere relevante bepalingen vanRichtlijn 2014/53/EU. Voor een kopie van de Conformiteitsverklaring gaat u naar RC–0309.Om te voldoen aan de eisen voor blootstelling aan radiofrequenties moet tijdens het gebruik van hetapparaat een afstand van 20 cm (8”) of meer tussen dit apparaat en personen worden aangehouden.Om compliance te garanderen, raden wij niet aan om te werken bij een kleinere afstand. Deingebouwde antenne die voor deze zender wordt gebruikt, mag niet worden geplaatst bij of wordengebruikt met een andere antenne of zender.
INHOUDSOPGAVE1 Inleiding. 9Machineoverzicht. 10Voorkant. 10Naaldgebied. 11Links. 11Rechterkant. 12Achterkant. 12Accessoiredoos. 12Opbergen van een steekplaat. 13Borduureenheid. 14Functietoetsen. 15Automatische draadinsteker. 15Snelheid - en +. 15De helderheid van de led-lampjes aanpassen. 15Achter-. 15Start/Stop. 16FIX-functie. 16Naaldstop boven/onder. 16Afsnijfunctie. 16STOP-functie. 16Naaivoet omhoog en extra hoog. 16Naaivoet omlaag en draaistand. 16Accessoires. 17Bijgeleverde accessoires. 17Niet afgebeelde bijgeleverde accessoires. 17Bijgeleverde borduurringen. 17. 17Naaivoeten. 18Stekenoverzicht. 20Basisbewegingen voor het multi-touchscreen. 24Smart Toolbox. 242 Voorbereidingen. 25De machine en de borduureenheiduitpakken. 26Sluit het snoer en het voetpedaal aan. 26Opbergen van de machine. 27USB-poorten. 27Een USB-apparaat gebruiken. 27Aan de slag met WiFi enmySewnet™Cloud.
Rechterkant1. Spoelwinder2. Spoelgeleider3. Ingebouwde USB-poorten4. Draadafsnijder voor spoeldraad5. AAN/UIT-schakelaar, aansluitingen voor snoer envoetpedaal. Zie Sluit het snoer en het voetpedaal aan,pagina 26.Achterkant1. Handvat2. Accessoire-aansluiting3. Vrije armAccessoiredoosIn de accessoiredoos zitten speciale vakjes voor naaivoetenen spoeltjes, en er is ook ruimte voor naalden en andereaccessoires. Berg de accessoires op in de doos zodat u zealtijd binnen handbereik heeft.1. Ruimte voor accessoires2. Haakje voor het opbergen van de eenstapssensorknoopsgatvoet3. Ruimte voor steekplaat4. Ruimte met gat voor knoopsgatvoet C5. Ruimtes voor naaivoeten6. Uitneembare spoelhouder7. Ruimte voor pakjes met naalden8. Ruimte voor tornmesje en borsteltje9. Extra brede ruimte voor zijwaarts transportvoet S1234512312 1 Inleiding
Opbergen van een steekplaatBerg de steekplaat, wanneer deze niet gebruikt wordt, op inde bodem van uw accessoiredoos.1. Steek de achterkant van de plaat in de speciale gaten,zoals op de afbeelding, en leg de plaat neer.2. Duw de plaat omlaag en naar links om hem te bevestigen.3. Om de plaat te verwijderen, steekt u een vinger in het gatlinks van de plaat, duwt u naar rechts en tilt u de plaat op.1 Inleiding 13
Functietoetsen1. Automatische draadinsteker2. Snelheid - en +3. Helderheid led-werkverlichting verlagen/Helderheid led-werkverlichting verhogen4. Achteruitnaaien5. Start/Stop6. FIX-functie7. Naaldstop boven/onder8. Afsnijfunctie9. STOP-functie10. Naaivoet omhoog en extra hoog11. Naaivoet omlaag en draaistandAutomatische draadinstekerZie De automatische draadinsteker gebruiken, pagina 36 omte leren hoe u de draad moet plaatsen voor automatischinrijgen. Als de draad op zijn plaats ligt, drukt u op deze toetsom de draad automatisch in de naald te rijgen. Om schade aan de automatische draadinsteker, de naald,naaivoet of andere bevestigde accessoires te voorkomen, leest uaandachtig de instructies over het gebruik van de automatischedraadinsteker voordat u deze gebruikt.
Snelheid - en +Alle steken en borduurmotieven in uw machine hebben eenvooraf ingestelde maximaal toegelaten naaisnelheid voor eengoed steekresultaat. Druk op snelheid - om de maximaal toegelaten naaisnelheidte verlagen. Druk op snelheid + om de maximaal toegelatennaaisnelheid weer te verhogen. De machine zal nooit snellernaaien dan de maximaal toegelaten naaisnelheid voor degeselecteerde steek/borduurmotief. Als u op snelheid - of +drukt wanneer de machine niet in werking is, geeft een pop-up op het scherm de snelheidsinstelling weer. U kunt desnelheid instellen door te drukken op de schuif in het pop-upbericht of door op de toetsen snelheid - of + te drukken. Als u de ingestelde snelheid wijzigt tijdens het naaien,verschijnt er geen pop-upbericht. De helderheid van de led-lampjes aanpassenPas de helderheid van de led-lampjes aan delichtomstandigheden in uw naaikamer aan.
Deachteruitnaai-indicator gaat branden en de machine naaitachteruit totdat u opnieuw op de toets drukt. Als u tijdens hetnaaien op de achteruitnaaitoets drukt, naait de machineachteruit zolang u de toets ingedrukt houdt. Achteruitnaaien wordt ook gebruikt bij het naaien vanbijvoorbeeld handmatige knoopsgaten, stopsteken,themasteken en taperingsteken om tussen delen van de stekenheen en weer te gaan. 1 Inleiding 15.
Start/StopDruk op de start/stop-toets om de machine te laten startenen stoppen met naaien of borduren zonder het voetpedaal tegebruiken. Druk op start/stop om te beginnen en druk nogeen keer om te stoppen. FIX-functieFIX wordt gebruikt om een steek af te hechten. Druk op detoets om de functie aan/uit te schakelen. De indicator naastde FIX-functietoets brandt wanneer de FIX-functie isingeschakeld. Als u begint met naaien terwijl de FIX-functieactief is, naait uw machine eerst een paar aanhechtingsstekenen gaat dan verder met de geselecteerde steek. Wanneer utijdens het naaien op FIX drukt, naait de machine een paarafhechtingssteken en stopt daarna automatisch. U kunt automatische FIX activeren bij de instellingen, zie. Naaldstop boven/onderDruk op naaldstop boven/onder om de positie van de naaldin te stellen wanneer u stopt met naaien. De naald gaatomhoog of omlaag als u op de knop drukt.
Hetindicatielampje brandt als naaldstop onder is ingesteld. Tip: Natuurlijk kunt u ook het voetpedaal gebruiken om de naaldomhoog of omlaag te brengen wanneer u stopt met naaien. Het gebruikvan het voetpedaal verandert de ingestelde stoppositie niet. AfsnijfunctieAls u op de afsnijfunctietoets drukt, snijdt uw naaimachine deboven- en onderdraad af, brengt de naaivoet en de naaldomhoog en activeert de FIX-functie voor de volgende start. Om draden aan het einde van een steek of steekprogramma afte snijden, drukt u op de afsnijfunctietoets tijdens het naaien. Het indicatielampje gaat knipperen om aan te geven dat dedraden moeten worden afgesneden. Als de steek of hetsteekprogramma is voltooid, snijdt uw naaimachine de boven-en onderdraad af, brengt de naaivoet en de naald omhoog enactiveert de FIX-functie voor de volgende start.
Let op: Als automatisch FIX en selecteerbare persvoetlichter zijngedeselecteerd in de tijdelijke naai-instellingen, wordt de FIX-functie nietgeactiveerd en wordt de naaivoet niet omhoog gebracht bij gebruik van deafsnijfunctie.
Druk op de afsnijfunctietoets tijdens het borduren en uwmachine snijdt onmiddellijk de boven- en onderdraad af. Sommige optionele accessoires worden bevestigd in de tweeronde gaatjes in de steekplaat vlak boven het spoelhuisdeksel. Gebruik de afsnijfunctie niet als er een accessoire in dezegaatjes is bevestigd, omdat dit de automatische draadafsnijderdie onder de steekplaat zit in de weg kan zitten. STOP-functieDruk op STOP tijdens het naaien om een steek ofsteekprogramma af te ronden. Uw machine hecht de draad afen stopt automatisch wanneer de steek of hetsteekprogramma is voltooid. Als u op STOP drukt voordat ubegint te naaien, naait de machine de steek slechts eenmaal. Er wordt slechts één steek op het scherm weergegeven. Deindicator naast de STOP-toets brandt wanneer de STOP-functie is ingeschakeld. Om de functie te annuleren, drukt uopnieuw op STOP of selecteert u een nieuwe steek.
DeSTOP-functie wordt geannuleerd wanneer de steek is voltooid. De STOP-functie wordt ook gebruikt om een genaaide lengtete herhalen bij het naaien van taperingsteken (zie ) en bij hetnaaien van handmatige knoopsgaten. Naaivoet omhoog en extra hoogDruk eenmaal op de toets naaivoet omhoog om de naaivoetomhoog te brengen. Als u nog een keer op de toets drukt,gaat de naaivoet naar de extra hoge positie en wordt detransporteur automatisch verzonken om dikke stofmakkelijker onder de naaivoet te kunnen brengen. In de borduurmodus maakt de extra hoge stand hetmakkelijker om de borduurring aan te brengen of teverwijderen. Naaivoet omlaag en draaistandDe naaivoet wordt automatisch omlaag gebracht wanneer umet naaien begint. Om de naaivoet omlaag te brengenvoordat u begint te naaien, drukt u op de toets naaivoetomlaag en draaistand.
NaaivoetenLet op: Gebruik voor de beste naairesultaten alleen naaivoeten dieontworpen voor en compatibel met uw DESIGNER RUBY™ 90machine zijn. Naaivoet AIs bij levering op de machine bevestigd. Wordt hoofdzakelijk gebruikt voor rechtesteken en zigzagsteken met een steeklengte van meer dan 1,0 mm. Decoratieve naaivoet BGebruik deze voet voor het naaien van smalle zigzagsteken (cordonsteken) met eensteeklengte van minder dan 1,0mm, andere nuttige steken of siersteken. De groef aande onderkant van de naaivoet is bedoeld voor een soepel transport over de steken. Knoopsgatvoet CVoor handmatige knoopsgaten. Deze voet heeft streepjes waarmee de lengte van hetknoopsgat kan worden bepaald. Het middelste streepje geeft 15 mm (5/8″) vanaf destofrand aan. De twee groeven in de onderkant van de naaivoet zorgen voor een soepeltransport over de knoopsgatranden.
Het hieltje aan de achterkant van de voet houdt dedraad vast bij knoopsgaten met inlegdraad. Blindzoomvoet DVoor blindzoomsteken. De binnenrand van deze voet geleidt de stof. De rechterkantvan de voet is zo ontworpen dat hij langs de rand van de zoom beweegt. Ritsvoet EDeze voet kan zowel aan de rechterkant als aan de linkerkant van de naald wordengeplaatst. Dit maakt het eenvoudig om beide kanten van de rits te naaien. Verplaats denaaldpositie naar rechts of links om dichter langs de ritssluiting te naaien of om breedkoord te overdekken. Naaivoet met antikleeflaag HDeze voet heeft een speciale antikleeflaag aan de onderkant en wordt gebruikt bij hetnaaien van schuimrubber, plastic of leer, zodat deze materialen niet aan de naaivoetblijven plakken. Kantsteekvoet JWordt gebruikt voor afwerken en naaien/afwerken, met steken van 5,0 mm en 5,5 mm.
De steken worden over de pin heen gevormd, waardoor het samentrekken van de naadaan de rand van de stof wordt voorkomen. Quilt- en Patchworkvoet P, 6 mm (¼″)Wordt gebruikt voor het maken van quiltblokken.
De voet heeft afstands-geleidemarkeringen op ¼″ (6 mm) en ⅛″ (3 mm) vanaf de naald. Sensorvoet QDe Sensorvoet Q wordt aanbevolen voor borduren met de borduurring. Deze naaivoet wordt ook gebruikt voor naaien, quilten en borduren uit de vrije hand(free motion). Als u de Sensorvoet Q gebruikt voor free motion, selecteer dan freemotion verend in het pop-upvenster free motion-opties in de naaimodus. 18 1 Inleiding.
Borduur-/stopvoet RWordt gebruikt voor borduren, quilten, naaien en stoppen uit de vrije hand. Als u dezevoet gebruikt, selecteer dan free motion zwevend in het pop-upvenster free motion-opties in de naaimodus.Deze voet kan ook worden gebruikt voor borduren in de borduurring.Zijwaarts transportvoet SWordt gebruikt voor zijwaartse steken/omnimotion steken.Eenstaps knoopsgatsensorvoetSteek de stekker in de machine en voer dan de gewenste knoopsgatlengte in omeenstaps-sensorknoopsgaten te naaien. Het middelste streepje geeft 15 mm (⅝″) vanafde stofrand aan.Zelfklevende glijplaatjesBij het naaien over schuim, vinyl, plastic of leer, kan het materiaal aan de naaivoetkleven zodat de naaimachine het materiaal niet goed kan transporteren. Als u een vande bovenstaande materialen gebruikt, naai dan eerst op een proeflapje, zodat u zekerweet dat de naaimachine soepel transporteert.
Als dat niet het geval is, bevestigt u dezelfklevende glijplaatjes op de onderkant van de naaivoet.Verwisselbare boventransportvoetHet dubbel transport met verwisselbare naaivoeten is gemaakt om gelijkmatig lagenstof en/of tussenvulling te transporteren. Perfect voor quilten en voor het naaien vanfluweel, elastische stoffen, kunstleer en stoffen met patronen die goed op elkaarmoeten aansluiten. Klik de verwisselbare rechte steekvoet op de machine als u de rechtesteek gebruikt met de naald in het midden en een steeklengte tot 6 mm. Klik deverwisselbare zigzagvoet op de machine als u steken selecteert die tot 7 mm breed en 6mm lang zijn.1 Inleiding 19
Naai over het gat heen, druk op deachteruitnaaitoets voor doorlopend stopwerk en eenautomatische stop. A34 A Stopsteek (horizontaal) Voor het repareren van kleine scheurtjes. A35 A Versterkte stopsteek Stop en repareer werkkleding, jeans, tafelkleden en linnenhanddoeken. Naai over het gat heen, druk op deachteruitnaaitoets voor doorlopend stopwerk en eenautomatische stop. A36BStopsteek (vierstaps) Een groep van vier steken, perfect voor het stoppen van kleinescheurtjes. Steek #1 en #3 worden vooruit genaaid, steek #2en #4 worden achteruit genaaid. Druk op de achteruitnaaitoetsom de steek en de richting te veranderen. Tip: Strijk plakversteviging op de verkeerde kant voordat u de scheur gaatrepareren. A37 A Riemlussteek Voor het vastzetten van riemlussen. A38 A Rijgsteek Voor tijdelijke naden. Door de lange steken en de verminderdespanning zijn de naden gemakkelijk uit te halen.
De transporteur wordtautomatisch verzonken. A40 A Zigzag rijgen Om te rijgen, drukt u op het voetpedaal. De machine naait dantwee steken, stopt en brengt de naaivoet omhoog. Als denaaivoet omhoog gaat, verplaatst u de stof naar de volgenderijgpositie en drukt u op het voetpedaal. De transporteur wordtautomatisch verzonken. A41 A Rimpelsteek Zonder aanhechtsteek aan het begin van de naad om makkelijkte kunnen rimpelen. A42Sensor-knoopsgat-voet/CBreed trensknoopsgat Voor normale en dikke stoffen met extra snijruimte. 1 Inleiding 21.
Stekenmenu OverzichtEr zijn verschillende stekenmenu's met steken voor alledoeleinden. Gebruik de quick help-functie voor eengedetailleerde beschrijving van een steek, zie. Naam stekenmenu BeschrijvingA — Nuttige steken Steken voor het naaien en stoppen van kleding. B — Applicatiesteken Voor het naaien van applicaties met verschillende effecten. C — Nostalgische steken Decoratieve steken voor nostalgisch naaien. Steken voor zomen, smokwerk en het naaienvan kant en afwerkingen. D — -Quiltsteken Steken voor alle soorten quilttechnieken. E — Siersteken Decoratieve steken om handwerk mee te versieren. F — Decoratieve steken Voor decoratief naaien. G — Vintagesteken Een selectie van quiltsteken voor crazy patch-quilten en decoratief naaiwerk. H — Kindersteken Steken die geschikt zijn om op kinderkleding en -projecten te naaien.
J — Schulpsteken Maak schulpranden en afgewerkte randen met prachtige schulpsteken. K — Omnimotionsteken Programmeer deze steken in een ongelimiteerd aantal combinaties. De steken wordengevormd met zijwaartse beweging. De steek kan tot 49 mm breed zijn. L — Dimensionale steken Drie types steken: applicatie- en pop-upsteken, combinaties van deze twee types enpailletsteken. M — Themasteken Elk steeknummer van dit menu omvat een groep van vier steken, die in verschillendecombinaties met elkaar kunnen worden genaaid. Met de achteruitnaaitoets gaat u naar devolgende steek van de geselecteerde groep. N — Versierde steken Decoratieve steken die kunnen worden gebruikt zoals ze zijn, of die na het naaien verderkunnen worden versierd. Gebruik de quick help voor meer gedetailleerde informatie. O — Enkelmotiefsteken Enkele steken voor versieringen. De machine stopt na één genaaide steek.
Basisbewegingen voor het multi-touchscreenU navigeert gemakkelijk over het multi-touchscreen met dehieronder beschreven bewegingen.1. Drukken — Druk eenmaal op een toets of instelling ophet scherm om deze te selecteren.2. Lang drukken — Druk eenmaal en blijf enkele secondenvasthouden om lang te drukken. Dit wordt bij sommigetoetsen en schermgedeelten gebruikt om meer opties teopenen.3. Samenknijpen/Uitrekken — Raak tegelijkertijd met tweevingers het scherm aan en vergroot/verklein zonder loste laten de afstand tussen de vingers om uit te rekken (inte zoomen) of samen te knijpen (uit te zoomen).4. Drukken en verplaatsen — Druk eenmaal op eengeselecteerd borduurmotief en breng, zonder los te laten,uw vinger naar een andere positie op het scherm. Ditwordt bijvoorbeeld gebruikt om een borduurmotief teverplaatsen in het borduurgebied.5.
Vegen — Druk, verplaats en laat uw vinger los met eensnelle beweging om te vegen. Vegen van links naarrechts/van rechts naar links wordt bijvoorbeeld gebruiktom door stekenmenu's te bladeren. Vegen van bovennaar beneden/van beneden naar boven wordtbijvoorbeeld gebruikt om in een stekenmenu te bladeren.Smart ToolboxSmart toolbox is beschikbaar voor een steek of programmain het naaigebied of voor een borduurmotief, steek ofprogramma in het borduurgebied. Druk lang op eensteekprogramma of een borduurmotief om de smart toolboxte openen, beweeg uw vinger om de optie die u wiltgebruiken te markeren en laat los om de optie te selecteren.De opties in de smart toolbox variëren afhankelijk van waaren waarvoor ze gebruikt worden. Voorbeelden van opties zijndupliceren, verwijderen, spiegelen en bewerken.24 1 Inleiding
De machine en de borduureenheiduitpakkenNadat u de machine uit de doos heeft gehaald en al hetverpakkingsmateriaal en de plastic zak heeft verwijderd, moetu de machine eerst schoonvegen, met name rondom de naalden de steekplaat, om eventuele olie te verwijderen voordat ugaat naaien.Gooi na het uitpakken van de borduureenheid het zwarteschuimplastic dat in de draagtas van de borduureenheid zitniet weg. Dit is speciaal ontworpen om de borduureenheid inop te bergen als u deze niet gebruikt.Let op: De machine wordt geleverd met een rode veiligheidsklem op depersvoetstang.
Verwijder de veiligheidsklem voordat u gaat naaien.Let op: Uw DESIGNER RUBY™ 90 naaimachine is eropgebouwd om de beste resultaten te leveren bij normale kamertemperatuur.Extreem warme en koude temperaturen kunnen de naairesultatennadelig beïnvloeden.Sluit het snoer en het voetpedaal aanBij de accessoires vindt u ook de voedingskabel en hetvoetpedaal.Let op: Controleer voordat u het voetpedaal aansluit of het van het type"FR5" is (zie de onderkant van het voetpedaal).• Trek het snoer uit het voetpedaal. Sluit het snoer van hetvoetpedaal aan op het contact (1) rechts onderaan demachine.• Sluit de voedingskabel aan op het achterste contact (2),rechts onderaan de machine.
Steek de stekker in hetstopcontact.• Zet de AAN/UIT-schakelaar (3) op "I" om devoedingsspanning en het licht in te schakelen.Voor de VS en CanadaDeze naaimachine heeft een gepolariseerde stekker(waarbij het ene blad breder is dan het andere). Om hetrisico van een elektrische schok te beperken kunt u dezestekker slechts op één manier in een gepolariseerdstopcontact steken. Als de stekker niet volledig in hetcontact past, draait u de stekker om. Als de stekker nogsteeds niet past, neem dan contact op met een erkendemonteur om een geschikt stopcontact te laten plaatsen.Breng geen wijzigingen aan in de stekker!26 2 Voorbereidingen
Opbergen van de machine1. Zet de AAN/UIT-schakelaar op "O".2. Haal de stekker van het netsnoer eerst uit het stopcontacten vervolgens uit de naaimachine.3. Haal de stekker van het voetpedaalsnoer uit de machine.Trek zachtjes aan het snoer en laat het los. Het snoerwordt opgerold in het voetpedaal.4. Berg alle accessoires op in de accessoiredoos. Schuif dedoos op de naaimachine om de vrije arm heen.5. Plaats het voetpedaal in de ruimte boven de vrije arm.6. Plaats de beschermhoes op de naaimachine.Tip: De gebruiksaanwijzing en het snoer kunnen worden opgeborgen inde zak op de achterkant van de beschermhoes.USB-poortenUw machine heeft twee USB-poorten voor het aansluiten vanUSB-apparaten zoals een memory stick. USB-stekkerskunnen slechts op één manier worden aangesloten – steek zeniet met kracht in de poorten!
Om het USB-apparaat teverwijderen, trekt u het er voorzichtig uit.Let op: Controleer of de USB-stick die u gebruikt de indeling FAT32heeft.Een USB-apparaat gebruikenDe toets extern apparaat in file manager is alleen actiefwanneer er een apparaat op een USB-poort van de machineis aangesloten.Let op: Verwijder het USB-apparaat niet wanneer de laad-animatie ophet scherm staat of wanneer de file manager te zien is. Als u hetapparaat dan verwijdert, kunnen de bestanden die op uw USB-apparaat staan beschadigen.Lees meer in .2 Voorbereidingen 27
Aan de slag met WiFi en mySewnet™CloudVolg de onderstaande stappen om uw machine te verbinden.Verbinding maken met een netwerk met WiFiWiFi-toetsDruk op de WiFi-toets in de linker bovenhoek van hetscherm. Maak een selectie van de lijst met beschikbarenetwerken. Als uw netwerk is beveiligd met een wachtwoord,wordt u gevraagd het wachtwoord in te voeren omverbinding te maken.Zie voor meer informatie .Verbinding maken met de mySewnet™ CloudmySewnet™ cloud-toetsAls u WiFi-verbinding heeft gemaakt, druk dan op de cloud-toets naast de WiFi-toets op het scherm. Druk op de toetsom in te loggen. Er wordt een webweergave geopend waarinu kunt inloggen. Als u geen gebruikersnaam en wachtwoordheeft, selecteert u Registreren om een account aan te maken.Zie voor meer informatie .LED-lampjesOp uw machine zitten LED-lampjes die het licht zonderschaduw gelijkmatig over het werkgebied verdelen.
U kunt dehelderheid van het licht aanpassen in het instellingenmenu,zie .Vrije armOm de vrije arm te gebruiken moet u de accessoiredoosverwijderen. Wanneer de doos is bevestigd, houdt een haakde accessoiredoos vast aan de machine. Schuif de doos naarlinks om hem te verwijderen.28 2 Voorbereidingen
Handmatige draadafsnijderEr zitten drie handmatige draadafsnijders op uw machine.• De eerste (A) zit bij de spoelas en kan de draad voor enna het spoelen afsnijden.• De tweede (B) zit op de linkerkant van de machine. Ukunt er handmatig de boven- en onderdraad mee afsnijden.Trek beide draden van achteren naar voren in dedraadafsnijder en trek ze snel omlaag.• De derde (C) zit naast het spoelhuis om de spoeldraad afte snijden nadat u die in de machine hebt geplaatst.DraadsensorAls de bovendraad breekt of de onderdraad bijna op is, stoptde machine en verschijnt er een pop-up op het scherm.Als de bovendraad breekt: Verwijder het garen helemaal, rijgde machine opnieuw in en druk op OK in de pop-up.Als de onderdraad bijna op is: U kunt doorgaan met naaienzonder de pop-up te sluiten totdat de onderdraad helemaalopraakt.
Dit geeft u de mogelijkheid te plannen waar u gaatstoppen om de spoel te vervangen. Wanneer de spoel isvervangen door een volle, drukt u op OK in de pop-up.Uitschuifbare draadgeleiderDe uitschuifbare draadgeleider wordt altijd gebruikt bij hetinrijgen van uw machine voor naaien/borduren en bijopspoelen. De uitschuifbare draadgeleider helpt de draadrecht te houden, zodat hij niet in de war raakt of breekt. Dedraadgeleider en de verticale garenpennen maken hetmogelijk om zelfs zeer grote garenklossen te gebruiken.De uitschuifbare draadgeleider uit- en inschuivenHoud de uitschuifbare draadgeleider vast bij de markeringenzoals op de afbeelding te zien is en trek hem recht omhoogtotdat hij op zijn plaats klikt.Om de draadgeleider in te schuiven, houdt u hem vast bij demarkeringen en drukt u hem recht omlaag.A CB2 Voorbereidingen 29
GarenpennenHoofdgarenpen (A) en extra garenpen (B)Uw naaimachine heeft twee garenpennen: eenhoofdgarenpen en een extra garenpen. De garenpennen zijngeschikt voor alle soorten garen. Gebruik de hoofdgarenpen (A) bij het opspoelen van debovendraad en voor spoelen door de naald. Gebruik voornormaal naai- en borduurgaren de hoofdgarenpen in deverticale positie. Plaats de garenpen in de horizontale positieals u de machine ingeregen wilt houden wanneer u het dekselsluit na het naaien. Vergeet niet om de garenpen weerverticaal te zetten als u weer gaat naaien/borduren. Let op: De garenpennen kunnen niet worden gekanteld met grotegarenklossen. U kunt betere resultaten krijgen als u de garenpen in dehorizontale positie kantelt wanneer u kleine klosjes ofspeciaal garen gebruikt. Zie Inrijgen - Tips en hints, pagina40.
De extra garenpen (B) wordt gebruikt wanneer u een spoelwilt opwinden vanaf een tweede garenklos of voor eentweede klos wanneer u met een tweelingnaald naait. GarenschijvenBij uw machine worden drie garenschijven met verschillendegrootten geleverd. Voor de meeste soorten garenklosjes is ergeen garenschijf nodig, behalve als het garen op het klosjebijna op is. Als de draad vastloopt aan de bovenkant van hetgarenklosje, plaats er dan een garenschijfje op. Gebruik altijdeen garenschijfje dat iets groter is dan het garenklosje om tevoorkomen dat de draad vastloopt. De platte zijde van degarenschijf moet stevig tegen het klosje worden gedrukt. Ermag geen ruimte tussen de garenschijf en de klos zitten. DradenEr zijn tegenwoordig veel garens te koop die zijn ontwikkeldvoor verschillende doeleinden.
BorduurgarenBorduurgaren is gemaakt van verschillende vezels: rayon,polyester, acryl of metallic. Deze garens gevenborduurmotieven en ander decoratief naaiwerk een glad englanzend effect.Borduurgaren wordt gewoonlijk niet gebruikt op de spoel,tenzij beide kanten van het werkstuk zichtbaar zullen zijn.Vaak wordt er een dun borduurgaren gebruikt op de spoel.Het dunnere garen maakt de onderkant van hetborduurmotief niet dikker.Let op: Als u metallic of plat garen gebruikt om te borduren, heeft uwaarschijnlijk een naald met een groter oog nodig en moet u deborduursnelheid verlagen.Transparant garenTransparant garen, ook wel monofilament-garen genoemd, isenkeldradig doorzichtig synthetisch garen. Het wordtgebruikt voor quilten en ander decoratief naaiwerk. Als u eenspoel opwindt, spoel dan met halve snelheid en spoel tot despoel halfvol is.2 Voorbereidingen 31
NaaldenDe naaimachinenaald speelt een belangrijke rol bij succesvolnaaien. Gebruik alleen naalden van goede kwaliteit. Wij radennaalden van systeem 130/705H aan. In het naaldendoosje datbij uw machine wordt geleverd, vindt u naalden in de meestgebruikte maten.Zorg ervoor dat u een naald aanbrengt die geschikt is voorhet garen dat u gebruikt. Voor dikkere garens is een naaldmet een groter oog nodig. Als het oog van de naald te klein isvoor het garen, kan het zijn dat de automatischedraadinsteker niet goed werkt.Universele naaldUniversele naalden hebben een iets afgeronde punt en zijnverkrijgbaar in veel verschillende maten. Voor algemeennaaien in veel verschillende stoftypen en -dikten.StretchnaaldStretchnaalden hebben een speciale las om overgeslagensteken te voorkomen wanneer er rek in de stof zit.
Voorbreisels, zwemkleding, fleece en synthetische suède en leer.BorduurnaaldBorduurnaalden hebben een speciale las, een iets afgerondepunt en een iets groter oog om schade aan het garen en dematerialen te voorkomen. Gebruik de naald met metallic enandere speciale garens voor borduurwerk en decoratiefnaaien.DenimnaaldDenimnaalden hebben een scherpe punt die door dichtgeweven stoffen kan prikken zonder dat de naald verbuigt.Voor canvas, denim, microfibers.ZwaardnaaldZwaardnaalden hebben brede "vleugels" aan de zijkanten vande naald om gaten in de stof te prikken bij het naaien vanentredeux en andere ajoursteken op natuurlijke stoffen.Belangrijke informatie over de naaldVervang de naald regelmatig. Gebruik altijd een rechte naaldmet een scherpe punt (A).Een beschadigde naald (B) kan ervoor zorgen dat er stekenworden overgeslagen, dat de naald breekt of dat de draadafbreekt.
De naald verwisselen1. Gebruik het gat in het multifunctionele gereedschap omde naald vast te houden.2. Draai de naaldschroef los met het universele gereedschap.3. Verwijder de naald.4. Plaats de nieuwe naald met het gereedschap. Duw denieuwe naald omhoog met de platte kant van u af totdathij niet verder kan.Het is zeer belangrijk dat de naald helemaal wordtingebracht, anders werkt de automatische draadinstekerniet goed.5. Draai de naaldschroef vast met het universelegereedschap.Gebruik het afgeronde uiteinde van het universele gereedschapom de schroef los en vast te draaien. Het universelegereedschap is magnetisch en houdt de schroef vast zodat udeze gemakkelijk weer terug kunt plaatsen zonder hemkwijt te raken.2 Voorbereidingen 33
Draad inrijgenZorg ervoor dat de naaivoet en de naald zich in de hoogstestand bevinden.Let op: Als u taps toelopende garenklossen gebruikt, plaats dan eengarenkloshouder op de garenpen voordat u de garenklos plaatst. Ditvoorkomt dat de garenklos gaat wiebelen.Tip: Als u de garenklos van de garenpen af haalt, kan degarenkloshouder vast komen te zitten in de garenklos. Duw hemvoorzichtig van bovenaf los.De bovendraad inrijgenVoor de meeste soorten normale garens engarenklosafmetingen wordt het aanbevolen om debovendraad in te rijgen vanaf de hoofdgarenpen (links) in deverticale positie voor optimale naairesultaten.Als u problemen ondervindt met het garen of denaairesultaten, zijn er andere manieren om het garenklosje teplaatsen. Zie Inrijgen - Tips en hints, pagina 40.1. Houd de uitschuifbare draadgeleider vast bij demarkeringen en trek hem recht omhoog totdat hij op zijnplaats klikt.2.
Breng de beide garenpennen in verticale positie. Schuifhet garenklosje op de hoofdgarenpen (links).Breng met beide handen het garen achter de linker klemop de uitschuifbare draadgeleider (A). De draad moet vanrechts naar links lopen.3. Houd de draad vast met twee handen zoals op deafbeelding te zien is. Haal de draad van voren naarachteren onder de draadgeleider (B) door. Trek de draadterug in de draadinvoergleuf (C) en er doorheen.Let op: Blijf de draad licht vasthouden naast de draadgeleider (B)tijdens de hele inrijgprocedure. Daardoor komt er een beetjespanning op de draad te staan, wat ervoor zorgt dat de draad goedin de inrijgroute komt te zitten.34 2 Voorbereidingen
Automatische draadinstekerDe automatische draadinsteker gebruikenMet de draadinsteker kunt u de draad automatisch in de naaldsteken door gewoon op een toets te drukken. Controleer of de naald goed is aangebracht en helemaalomhoog is geduwd in de naaldklem voordat u deautomatische draadinsteker gebruikt. Controleer of de naaldniet is beschadigd of verbogen en zorg ervoor dat de dikte vande draad en de grootte van de naald bij elkaar passen volgensonze aanbevelingen in De juiste combinatie van draad/naaldselecteren, pagina 37. 1. Leg de draad onder het haakje (A) en trek hem tussen deschijven (B) totdat hij op zijn plaats "klikt". 2. Trek de draad omhoog naar de draadafsnijder bij denaaikop en snijd de overtollige draad af door deze vanachteren naar voren in de draadinsteker te trekken. 3. Druk op de automatische-draadinsteker toets op denaaikop.
De naaivoet wordt automatisch omlaag gebrachttijdens het inrijgen en gaat weer omhoog wanneer hetinrijgen is voltooid. De draadinsteker is ontworpen voor naalddikte nr. 70-120. U kunt de draadinsteker niet gebruiken bij naalddikte 65 of kleiner,zwaardnaalden, tweelingnaalden of drielingnaalden. Speciale garens, zoals onzichtbaar en ander elastisch garen, metallic of platte metallic garens en sommige dikke garens worden mogelijkniet goed gegrepen door het haakje van de automatische draadinsteker. Als dat gebeurt, wordt de draad niet in de naald gestoken. Probeerde automatische draadinsteker opnieuw of steek de draad met de hand in de naald. Wanneer u de draad handmatig in de naald steekt, zorg er dan voor dat de draad van voor naar achter door de naald wordt gestoken.
De automatische draadinsteker kan niet met alle optionele accessoires worden gebruikt die verkrijgbaar zijn voor uw DESIGNERRUBY™ 90-machine. Om schade aan de draadinsteker en/of het optionele accessoire te voorkomen, raden we aan om de automatischedraadinsteker te gebruiken voordat u het accessoire bevestigt of om de draad met de hand in de naald te steken.
De juiste combinatie van draad/naald selecterenDe combinatie van de garendikte en de naaldgrootte is uiterst belangrijk bij het gebruik van de automatische draadinsteker. Ongeschiktecombinaties, zoals dik garen met een dunne naald, kunnen de draadinsteker beschadigen.Gebruik geen dunne naalden met dikke stoffen om het risico dat de naald verbuigt te voorkomen.
Een tweelingnaald inrijgenVervang de normale naald door een tweelingnaald. Zorgervoor dat de naaivoet en de naald zich in de hoogste standbevinden.Let op: Als u grote taps toelopende garenklossen gebruikt op de extragarenpen, plaats dan het grote garenschijfje met de platte kant omhoogen een garenkloshouder op de garenpen voordat u de garenklos plaatst.1. Breng de beide garenpennen in verticale positie. Schuifeen klosje garen op iedere garenpen.Plaats met beide handen de draad vanaf dehoofdgarenpen achter de linker klem op de uitschuifbaredraadgeleider (A), van rechts naar links, en plaats dedraad dan vanaf de extra garenpen achter de rechter klemop de uitschuifbare draadgeleider (B), van rechts naarlinks.Let op: Plaats de draad vanaf de extra garenpen niet achter beideklemmen op de uitschuifbare draadgeleider, omdat dit te veeldraadspanning oplevert.2.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Husqvarna-Viking Designer Ruby 90 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Naaimachine Husqvarna-Viking
Handleiding Naaimachine
Nieuwste handleidingen voor Naaimachine