Grundfos MTSE 40-40 Handleiding

Grundfos Pomp MTSE 40-40

Bekijk gratis de handleiding van Grundfos MTSE 40-40 (63 pagina’s), behorend tot de categorie Pomp. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 22 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over Grundfos MTSE 40-40 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/63
MTSE
Installatie- en bedieningsinstructies
MTSE
Installation and operating instructions
Other languages
http://net.grundfos.com/qr/i/99688961
GRUNDFOS INSTRUCTIONS

Beoordeel deze handleiding

4.5/5 (3 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Grundfos
Categorie: Pomp
Model: MTSE 40-40

Handleiding Grundfos MTSE 40-40 – volledige tekst

Nederlands (NL) Installatie- en bedieningsinstructiesVertaling van de oorspronkelijke Engelse versieInhoud1. Algemene informatie. 2811. 1 Gevarenaanduidingen. 2811. 2 Opmerkingen. 2812. Productintroductie. 2822. 1 Productbeschrijving. 2822. 2 Beoogd gebruik. 2822. 3 Radiomodule. 2822. 4 Batterij. 2822. 5 Aftapopeningen. 2822. 6 Identificatie. 2822. 7 Identificatie van de functionele module. 2822. 8 Identificatie van bedieningspaneel. 2833. Het product ontvangen. 2843. 1 Het product transporteren. 2843. 2 Het product inspecteren. 2844. Het product installeren. 2844. 1 Mechanische installatie. 2844. 2 Elektrische installatie. 2875. Regelfuncties. 2985. 1 Gebruikersinterfaces. 2985. 2 Grundfos GO Remote. 3045. 3 Grundfos Eye. 3086. Regelfuncties. 3106. 1 "Setpoint". 3106. 2 "Bedrijfsmodus". 3106. 3 "Handmatig toerental instellen". 3106. 4 "Door gebruiker gedefinieerd toerental instellen".

6. 41 "Instelling, analoge ingangen". 3266. 42 "Instellen van datum en tijd". 3266. 43 "Beschrijving van regelmodus". 3266. 44 "Assistentie storingzoeken". 3266. 45 Prioriteit van instellingen. 3276. 46 Fabrieksinstellingen voor Grundfos GO Remote. 3287. Service. 3287. 1 Onderhoud uitvoeren op de motor. 3287. 2 Onderhoud uitvoeren op de pomp. 3287. 3 Isolatietest. 3287. 4 Het product reinigen. 3298. Technische gegevens. 3298. 1 Technische gegevens, driefasen motoren. 3298. 2 Ingangen en uitgangen. 3308. 3 Afmetingen en gewicht. 3318. 4 Overige technische gegevens. 3318. 5 Bedrijfscondities. 3339. Het product afvoeren. 3341. Algemene informatieLees dit document voordat u het product installeert. De installatie en bediening moeten voldoen aan de lokale regelgeving engangbare gedragscodes.

Deze installatie- en bedieningsinstructies zijn een aanvulling op de installatie- en bedieningsinstructies van MTS pompen. Raadpleeg deinstallatie- en bedieningsinstructies van de standaardpomp voor instructies die hier niet specifiek genoemd worden. 1. 1 GevarenaanduidingenDe onderstaande symbolen en gevarenaanduidingen worden mogelijk weergegeven in installatie- en bedrijfsinstructies, veiligheidsinstructiesen service-instructies van Grundfos. GEVAARGeeft een gevaarlijke situatie aan die, als deze niet wordt vermeden, zal resulteren in de dood of in ernstig persoonlijk letsel. WAARSCHUWINGGeeft een gevaarlijke situatie aan die, als deze niet wordt vermeden, zou kunnen resulteren in de dood of in ernstig persoonlijkletsel. LET OPGeeft een gevaarlijke situatie aan die, als deze niet wordt vermeden, zou kunnen resulteren in licht of middelzwaar persoonlijk letsel.

2 OpmerkingenDe onderstaande symbolen en opmerkingen worden mogelijk weergegeven in installatie- en bedrijfsinstructies, veiligheidsinstructies enservice-instructies van Grundfos. Neem deze instructies in acht voor explosieveilige producten. Een blauwe of grijze cirkel met een wit grafisch symbool geeft aan dat een actie moet worden uitgevoerd. Een rode of grijze cirkel met een diagonale balk, mogelijk met een zwart grafisch symbool, geeft aan dat een actie niet moet wordenuitgevoerd of moet worden gestopt. Als deze instructies niet in acht worden genomen, kan dit resulteren in technische fouten en schade aan de installatie. 281Nederlands (NL).

Tips en advies om het werk gemakkelijker te maken. 2. Productintroductie2. 1 ProductbeschrijvingMTSE pompen zijn MTS pompen met een elektromotor. De pomp is voorzien van frequentiegeregelde motoren met permanente magneet vooreenfase of driefasen aansluiting op de netvoeding. De frequentieregeling maakt continue variabele regeling van het motortoerental mogelijk,waardoor de pomp kan worden gebruikt op elk gewenst werkpunt. De motoren van de MTSE pompen zijn Grundfos MGE motoren die zijnontworpen conform EN-normen. 2. 2 Beoogd gebruikHet product is bedoeld voor machines met een constant koppel, zoals schroefspindelpompen en andere verdringingspompen. 2. 3 RadiomoduleHet product is uitgerust met een klasse 1 radiomodule voor afstandsbediening. U kunt de module overal in de EU gebruiken zonderbeperkingen. Voor installatie in de VS en Canada, zie bijlage A.

Voor installatie in Brazilië, zie bijlage B. Sommige uitvoeringen van dit product en producten die verkocht worden in China en Korea hebben geen radiomodule. Via de ingebouwde radiomodule kan het product communiceren met Grundfos GO Remote en met andere MGE motoren. 2. 4 BatterijDe geavanceerde functionele module, FM 300, is voorzien van een Li-ionbatterij. De Li-ionbatterij voldoet aan de batterijrichtlijn (2006/66/EC). De batterij bevat geen kwik, lood of cadmium. Gerelateerde informatie4. 2. 6. 1 Geavanceerde functionele module, FM 3002. 5 AftapopeningenDe motor heeft een aftapopening met plug aan de aandrijfzijde. De aftapopening is aangebracht in de flens aan de aandrijfzijde. U kunt deflens 90° naar beide zijden of 180° draaien. Als de aftapopening geopend is, ontlucht de motor zichzelf, zodat water en vochtige lucht kunnen ontsnappen.

7 Identificatie van de functionele moduleU kunt de geplaatste module op een van de volgende manieren identificeren:Grundfos GO RemoteU kunt de functionele module identificeren in het menu Gemonteerde modules onder Status. Display van motorBij motoren die zijn voorzien van het geavanceerde bedieningspaneel kunt u de functionele module identificeren in het menu Geïnstalleerdemodules onder Status. Typeplaatje van motorU kunt de gemonteerde module identificeren aan de hand van de gegevens op het typeplaatje van de motor. 282Nederlands (NL).

MotorDK - 8850 Bjerringbro, DenmarkPBFMHMICIMVARIANTHprpm::::TM061889UItvoeringen van functionele moduleUitvoering AanduidingFM 100 Basismodel functionele moduleFM 200 Standaard functionele moduleFM 300 Geavanceerde functionele moduleGerelateerde informatie6.6 "Analoge ingangen"6.7 "Digitale ingangen"6.8 "Digitale ingangen/uitgangen"6.10 "Analoge uitgang"6.40 "Assistentie pompinstellingen"6.42 "Instellen van datum en tijd"2.8 Identificatie van bedieningspaneelU kunt het bedieningspaneel op een van de volgende manieren identificeren:Grundfos GO RemoteU kunt het bedieningspaneel identificeren in het menu Gemonteerde modules onder Status.Display van motorBij motoren die zijn voorzien van het geavanceerde bedieningspaneel kunt u het bedieningspaneel identificeren in het menu Geïnstalleerdemodules onder Status.Typeplaatje van motorU kunt het bedieningspaneel identificeren aan de hand van de gegevens op het typeplaatje van de motor.Env.

Type : Seria l no :SF CL:PF:PBFMHMIEff n max :CIMW gt:DE:kgNDE:Ta mb::F AAV~P.C.:Made in HungaryOU TPUTVARIANTINPU TTEFCTyp e:P.N.:U in:I1/1:finHpHzP2I SF Amp:rpm: : :::::XxxxxxxxxxxE.P. MotorDK - 8850 Bjerringbro, DenmarkPBFMHMICIMVARIANTHprpm::::TM064013Uitvoeringen van bedieningspaneelUitvoeringAanduidingHMI 100 Basismodel bedieningspaneelHMI 101 Basismodel bedieningspaneel voor motoren zonder een radiomoduleHMI 200 Standaard bedieningspaneelHMI 201 Standaard bedieningspaneel voor motoren zonder een radiomoduleHMI 300 Geavanceerd bedieningspaneelHMI 301 Geavanceerd bedieningspaneel voor motoren zonder een radiomodule283Nederlands (NL)

3. Het product ontvangen3. 1 Het product transporterenWAARSCHUWINGVallende voorwerpen Dood of ernstig persoonlijk letsel ‐ Zet het product goed vast tijdens het transport om te voorkomen dat het kantelt of omvalt. VOORZICHTIGBeknelling van de voeten Gering of beperkt persoonlijk letsel ‐ Draag veiligheidsschoenen bij het verplaatsen van het product. Als u het product transporteert, let u op het volgende:• Motoren van 2,2 tot 5,5 kW: Stapel niet meer dan twee motoren in hun oorspronkelijke verpakking op elkaar. • Motoren van 5,5 tot 11 kW: Stapel de motoren niet op elkaar. 3. 2 Het product inspecterenDoe het volgende bij ontvangst van het product:1. Controleer of het product overeenkomt met de bestelling. Als het product niet overeenkomt met de bestelling, neem dan contact op met de leverancier. 2. Controleer of er geen zichtbare onderdelen beschadigd zijn.

Als er zichtbare delen beschadigd zijn, neem dan contact op met het transportbedrijf. 4. Het product installeren4. 1 Mechanische installatieWAARSCHUWINGVliegend voorwerpDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Als geen pomp of koppeling aan de motor is bevestigd, verwijdert u altijd de borgspie uit de motoras voordat u de motor start. VOORZICHTIGBeknelling van de voeten Gering of beperkt persoonlijk letsel ‐ Monteer het product op een solide ondergrond met bouten door de gaten in de flens of de voetplaat. Om het UL-keurmerk te behouden, volgt u de aanvullende procedures voor de apparatuur. 4. 1. 1 Het product hanteren• Neem lokale regelgeving in acht met betrekking tot beperkingen voor handmatig ophijsen of hanteren. Het gewicht van het product staataangegeven op het typeplaatje. VOORZICHTIGRugletselGering of beperkt persoonlijk letsel‐ Gebruik hijsapparatuur.

2 KabeldoorvoerenDe kabeldoorvoeren worden in de fabriek van afdichtpluggen voorzien. U kunt verscheidene kabelwartels bestellen bij Grundfos alstoebehoren. Gerelateerde informatie8. 4. 6 Afmetingen van kabeldoorvoeren4. 1. 3De motor koelen• Installeer de motor op zodanige wijze dat een minimale afstand van 50 mm (D) wordt vrijgelaten tussen het uiteinde van deventilatordeksel en de wand of een ander vast voorwerp. 284Nederlands (NL).

DTM071139• Zorg bij de montage van het voor voldoende vrije ruimte rondom.• Zorg ervoor dat de temperatuur van de koellucht niet hoger wordt dan 50 °C.• Houd de koelribben en de ventilatorbladen schoon.4.1.4 Het product installeren in vochtige omgevingenWanneer u de motor opstelt in een vochtige omgeving of in een gebied met hoge luchtvochtigheid, dient de onderste aftapopeningopen te zijn. Hierdoor wordt de motor zelfontluchtend, waardoor water en vochtige lucht kunnen ontsnappen.Gerelateerde informatie2.5 Aftapopeningen8.5.4 Luchtvochtigheid4.1.5De positie van het bedieningspaneel wijzigenGEVAARElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Schakel de voedingsspanning voor het product uit, moet inbegrip van de voedingsspanning voor de signaalrelais. Wacht tenminste 5 minuten voordat u enige verbindingen tot stand brengt in de klemmenkast.U kunt het bedieningspaneel 180° draaien.

2. Verwijder de deksel van de klemmenkast.TM0649263. Houd de twee borglippen (A) naar beneden gedrukt terwijl u voorzichtig de kunststof deksel (B) optilt.AABTM0553534. Draai de kunststof deksel 180°.Verdraai de kabel niet meer dan 90°.180 °TM0553545. Plaats de kunststof deksel op correcte wijze op de vier rubberen pennen (C). Zorg dat de borglippen (A) correct geplaatst zijn.AACTM0553556. Plaats de deksel van de klemmenkast en zorg dat deze deksel ook 180° gedraaid is zodat de toetsen op het bedieningspaneel in lijn zijnmet de toetsen op de kunststof deksel.286Nederlands (NL)

U dient er zeker van te zijn dat devoedingsspanning niet per ongeluk kan worden ingeschakeld.GEVAARElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Controleer of de voedingsspanning en -frequentie overeenkomen met de waarden die op het typeplaatje vermeld staan.Als de voedingskabel beschadigd is, dient deze door de fabrikant, haar servicepartner of door andere gekwalificeerde persoonvervangen te worden.De gebruiker of de installateur is verantwoordelijk voor correcte aarding en bescherming in overeenstemming met de lokalerichtlijnen.Alle elektrische aansluitingen moeten worden uitgevoerd door gekwalificeerd personeel.4.2.1 Bescherming tegen elektrische schok, indirect contactWAARSCHUWINGElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Verbind het product met een aardleiding en bescherm deze tegen indirect contact in overeenstemming met de lokaleregelgeving.Aarddraden dienen altijd een geel en groene (PE) of geel, groen en blauwe (PEN) kleur te hebben.4.2.2OverspanningsbeveiligingHet product is beveiligd tegen netspanningspieken in overeenstemming met EN 61800-3.4.2.3MotorbeveiligingHet product beschikt over thermische beveiliging tegen langzame overbelasting en blokkering.

De beschermende aarddraad dient echter zo lang te zijn dat deze als laatste deverbinding verbreekt als de kabel onopzettelijk uit de kabeldoorvoer wordt getrokken.Om losse verbindingen te vermijden, dient u ervoor te zorgen dat het klemmenblok voor L1, L2 en L3 in diens connector wordt gedruktwanneer de voedingskabel is aangesloten.Controleer of de voedingsspanning en -frequentie overeenkomen met de waarden die op het typeplaatje vermeld staan. Als u het product via een IT-netwerk van voeding wilt voorzien, moet u ervoor zorgen dat u over een geschikte productuitvoeringbeschikt. Neem bij twijfel contact op met Grundfos.

Alleen de volgende motoren kunnen via een IT-netwerk van voeding wordenvoorzien:• Motoren met toerental van 1450-2000/2200 tpm en tot 1,5 kW• Motoren met toerental van 2900-4000 of 4000-5900 tpm en tot 2,2 kW.Aarden aan een driehoek is niet toegestaan voor voedingsspanningen van meer dan 3 x 240 V en 3 x 480 V, 50/60 Hz.Netvoedingsaansluiting op een driefasenmotorPEL2L1L3TM053495Pos. Beschrijving L1 Fase 1L2 Fase 2L3 Fase 3PE AardingGerelateerde informatie8.1 Technische gegevens, driefasen motoren288Nederlands (NL)

4. 2. 5 ReststroomonderbrekersGEVAARElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Als de nationale wetgeving een reststroomonderbreker of equivalent vereist in de elektrische installatie, moet deze van type B ofbeter zijn, vanwege de aard van de constante DC-lekstroom. De reststroomonderbreker moet zijn gemarkeerd. TM066230Houd rekening met de totale lekstroom van alle elektrische apparatuur in de installatie. Dit product kan een directe stroom in de aarddraad veroorzaken. Aansluitvoorbeeld voor driefasenvoedingDe tekening bevat een voorbeeld van een op de netvoeding aangesloten driefasenmotor met een netvoedingsschakelaar, eenreservezekering en een reststroomonderbreker, type B. L1L2L3L2L1L3PE1TM069815Pos. Beschrijving1 Reststroomonderbreker, type BL1 Fase 1L2 Fase 2L3 Fase 3PE Aarding4. 2. 5.

1 Over- en onderspanningsbeveiligingOver- en onderspanning kunnen optreden bij een instabiele (net)voedingsspanning of een onjuiste installatie. Het product wordt uitgeschakeldals de spanning buiten het toelaatbare spanningsbereik valt. Het product wordt automatisch opnieuw ingeschakeld wanneer de spanning weerbinnen het toelaatbare spanningsbereik ligt. Het product heeft geen extra beveiligingsrelais nodig. Het product is beveiligd tegen pieken in de voedingsspanning conform EN 61800-3. In gebieden met grote kans op onweeradviseren we om een extra bliksembeveiliging aan te brengen. 4. 2. 5. 2 Beveiliging tegen overbelastingHet product verlaagt automatisch het toerental als de bovenlimiet voor de belasting is bereikt en wordt volledig uitgeschakeld als deoverbelasting aanhoudt. Het product blijft gedurende een vooraf ingestelde periode uitgeschakeld.

Hierna zal het product automatisch proberen om in te schakelen. Deoverbelastingsbeveiliging zorgt ervoor dat het product niet beschadigd raakt. Het product heeft geen extra beveiliging nodig. 4. 2. 5. 3Beveiliging tegen te hoge temperatuurDe elektronische unit heeft een ingebouwde temperatuursensor als extra beveiliging.

Het product verlaagt automatisch het toerental wanneerde temperatuur boven een bepaalde waarde stijgt en wordt volledig uitgeschakeld als de temperatuur blijft stijgen. Het product blijft gedurendeeen vooraf ingestelde periode uitgeschakeld. Hierna zal het product automatisch proberen om in te schakelen. 4. 2. 5. 4Beveiliging tegen fase-onbalansDe fase-onbalans voor de voeding moet tot een minimum worden beperkt. De driefasenmotor moet worden aangesloten op eenvoedingsspanning met een kwaliteit conform IEC 60146-1-1, klasse C. Dit garandeert ook een lange levensduur van de componenten. 4. 2. 6 Functionele modules4. 2. 6.

• twee signaalrelaisuitgangen• GENIbus verbinding.De ingangen en uitgangen zijn intern gescheiden van de delen die de netspanning geleiden d.m.v. dubbele isolatie, en elektrisch gescheidenvan overige circuits. Alle regelklemmen worden gevoed door een veilige lage spannning (PELV), waardoor er bescherming tegen elektrischeschokken is.Signaalrelais 1LIVE: U kunt voedingsspanningen tot 250 VAC aansluiten op de uitgang.PELV: De uitgang is elektrisch gescheiden van de overige circuits. Daardoor kunt u de voedingsspanning of de extra lage veiligheidsspanningnaar wens op de uitgang aansluiten.Signaalrelais 2PELV: De uitgang is elektrisch gescheiden van de overige circuits.

LIVE of PELV.C1 AlgemeenNO Normaal open contact (NO)NC Normaal gesloten contact (NC)Signaalrelais 2. Alleen PELV.C2 AlgemeenNO Normaal open contact (NO)18 GND Aarding.11 DI4/OC2Digitale ingang/uitgang, configureerbaar.Open collector: Maximaal 24 V resistief of inductief.19 Niet in gebruik -17 Niet in gebruik -290Nederlands (NL)

Verwijder de doorverbinding als digitale ingang 1 moet worden gebruikt alsexterne start of stop of een andere externe functie.5 +5 V Voeding naar een potentiometer of sensor.6 GND Aarding.A GENIbus, A GENIbus, A (+).Y GENIbus, Y GENIbus, Y (GND).B GENIbus, B GENIbus, B (-).3 GND Aarding.15 +24 V Voeding.8 +24 V Voeding.26 +5 V Voeding naar een potentiometer of sensor.23 GND Aarding.25 GDS TX Grundfos Digital Sensor-uitgang.24 GDS RX Grundfos Digital Sensor-ingang.7 AI2Analoge ingang:0-20 mA of 4-20 mA.0,5 - 3,5 V, 0-5 V of 0-10 V.Gerelateerde informatie2.4 Batterij4.2.7 SignaalrelaisDe motor heeft twee uitgangen voor potentiaalvrije signalen via twee interne relais.

Gerelateerde informatie4. 2. 8 Signaalkabels4. 2. 9 Busverbindingskabel4. 2. 9. 1 Een 3-aderige buskabel aansluitenGebruik voor de busverbinding een afgeschermde 3-aderige kabel met een aderdoorsnede van min. 0,5 mm2 en max. 1,5 mm2. • Als de motor is aangesloten op een unit met een kabelklem die identiek is aan degene die op het product is gebruikt, sluit u deafscherming aan op deze kabelklem. • Als de eenheid geen kabelklem heeft, sluit dan het uiteinde van de afscherming niet aan. AYBAYBTM070223Gerelateerde informatie4. 2. 9. 2 Een 2-aderige buskabel vervangen4. 2. 9. 2 Een 2-aderige buskabel vervangen• Sluit als volgt een afgeschermde 2-aderige buskabel aan:AYBAYBTM070221Gerelateerde informatie4. 2. 9. 1 Een 3-aderige buskabel aansluiten4. 2. 9. 3BussignaalHet product maakt seriële communicatie via een RS-485 ingang mogelijk.

De communicatie geschiedt volgens het Grundfos GENIbus protocolen biedt de mogelijkheid tot het aansluiten op een gebouwbeheersysteem of een ander soort extern besturingssysteem. Via een bussignaal kunt u gebruiksparameters voor de motor, zoals setpoint en bedrijfsmodus, op afstand instellen. Tegelijkertijd kan hetproduct via de bus statusinformatie leveren over belangrijke parameters, zoals de actuele waarde van de regelparameter, opgenomenvermogen en storingsmeldingen. Neem contact op met Grundfos voor meer informatie. Als u een bussignaal gebruikt, hebben de hiermee uitgevoerde instellingen voorrang boven de lokale instellingen die wordenuitgevoerd via Grundfos GO Remote of het geavanceerde bedieningspaneel. Als het bussignaal niet werkt, gebruikt het product de lokale instellingen die zijn uitgevoerd via Grundfos GO Remote of hetgeavanceerde bedieningspaneel. 4. 2.

10 Een communicatie-interfacemodule installerenGEVAARElektrische schok Dood of ernstig persoonlijk letsel ‐ Schakel de voedingsspanning voor het product uit, moet inbegrip van de voedingsspanning voor de signaalrelais.

Wacht tenminste 5 minuten voordat u enige verbindingen tot stand brengt in de klemmenkast. U dient er zeker van te zijn dat devoedingsspanning niet per ongeluk kan worden ingeschakeld. Gebruik een antistatische serviceset bij het hanteren van elektronische componenten. Dit voorkomt dat statische elektriciteit decomponenten beschadigt. TM064462294Nederlands (NL).

1. Draai de vier bouten los (A) en verwijder de deksel van de klemmenkast (B).ABTM0640812. Verwijder de deksel van de CIM (communicatie-interfacemodule) (C1) door op de vergrendelingslip (D) te drukken en het uiteinde van dedeksel omhoog te tillen (C2). Til vervolgens de deksel van de haken (C3).DC2C3C1TM0699053. Verwijder de bout (E).ETM0699064. Breng de module aan door deze uit te lijnen met de drie kunststof houders (F) en de verbindingsplug (G). Druk de module vast met uwvingers.FGTM0699075. Plaats de bout (E) en draai deze aan tot 1,3 Nm.6. Breng de elektrische verbindingen met de module tot stand zoals beschreven in de instructies die zijn meegeleverd met de module. 295Nederlands (NL)

10. Als de module is geleverd met een FCC-label, brengt u dit aan op de klemmenkast.FCCTM06990911. Breng de deksel van de klemmenkast aan en draai de vier bevestigingsbouten kruislings vast tot 6 Nm.Zorg ervoor dat de deksel van de klemmenkast is uitgelijnd met de positie van het bedieningspaneel.Gerelateerde informatie4.1.5 De positie van het bedieningspaneel wijzigen297Nederlands (NL)

5. Regelfuncties5.1 GebruikersinterfacesWAARSCHUWINGHeet oppervlakDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Raak alleen de toetsen op het bedieningspaneel aan. Het product kan erg heet worden.WAARSCHUWINGElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Als het bedieningspaneel is gebarsten of doorboord, vervangt u het onmiddellijk. Neem contact op met de dichtstbijzijndeverkoopvestiging van Grundfos.U kunt de instellingen wijzigen door middel van de onderstaande gebruikersinterfaces.Uitvoering AanduidingHMI 200 Standaard bedieningspaneelHMI 300 Geavanceerd bedieningspaneel- Grundfos GO RemoteAlle instellingen worden opgeslagen als de voeding wordt uitgeschakeld.Gerelateerde informatie5.1.1 Standaard bedieningspaneel5.1.2 Geavanceerd bedieningspaneel5.1.1Standaard bedieningspaneelStop12345TM054848Pos.

Symbool Beschrijving 1 Grundfos Eye: Het signaallampje geeft de bedrijfsstatus van het product aan. 2 - Lichtbalken voor weergave van het setpoint.3 Up/Down: Het setpoint wordt gewijzigd met de toetsen.4Draadloze communicatie: De knop maakt draadloze communicatie met de Grundfos GO Remote en andere productenvan hetzelfde type mogelijk.5Start/Stop Druk op de knop om het product gereed te maken voor gebruik of op het product in of uit teschakelen. Start: Als u op de knop drukt wanneer het product is uitgeschakeld, wordt het product ingeschakeld als geenfuncties met een hogere prioriteit zijn geactiveerd.Stop: Als u op de knop drukt wanneer het product werkt, wordt het altijduitgeschakeld.

Als u op de toets drukt, wordt het stoppictogram weergegeven onder aan het display.Gerelateerde informatie5.1 Gebruikersinterfaces6.28 "Toetsen op product" ("Instellingen in-/uitschakelen")6.45 Prioriteit van instellingen5.1.1.1Het setpoint instellen in de modus met constante parameterHet volgende is alleen van toepassing op motoren die zijn ingesteld om te werken in Const. andr. wrd• Stel het gewenste setpoint in door op Up of Down te drukken.298Nederlands (NL)

De groene lichtbalken op het bedieningspaneel geven het ingestelde setpoint aan.Het volgende voorbeeld geldt voor een pomp of motor in een toepassing waarbij een druksensor een terugkoppeling naar de pomp of motorgeeft. De sensor is handmatig ingesteld en de pomp of motor registreert een aangesloten sensor niet automatisch.Lchtbalken 5 en 6 zijn geactiveerd, wat een gewenst setpoint van 3 bar aangeeft met een meetbereik van de sensor van 0 tot 6 bar.

Hetinstelbereik is gelijk aan het meetbereik van de sensor.063barTM054894Gerelateerde informatie6.5 "Regelmodus"5.1.1.2 Het setpoint instellen in de modus met constante curve• Stel het gewenste setpoint in door op de toets Up of Down te drukken.De groene lichtbalken op het bedieningspaneel geven het ingestelde setpoint aan.Voorbeeld: In de modus Constante curve ligt het uitvoervermogen van de motor tussen het minimale en maximale toerental zoalsgedefinieerd door Werkbereik.HQMax.Min.TM054895Gerelateerde informatie6.5 "Regelmodus"6.12 "Capaciteitsbereik"5.1.1.3Instellen op maximaal toerentalDe motor mag zich niet in de bedrijfsmodus Stop bevinden.• Druk op Up totdat de bovenste lichtbalk aan is en begint te knipperen.299Nederlands (NL)

PQTM0748115.1.1.4 Instellen op minimaal toerentalDe motor mag zich niet in de bedrijfsmodus Stop bevinden.• Druk op Down totdat de bovenste lichtbalk aan is en begint te knipperen.PQTM0748125.1.1.5 De motor inschakelenDe manier waarop u de motor inschakelt is afhankelijk van hoe deze is uitgeschakeld.• Schakel de motor op een van de volgende manieren in:- Als de motor is uitgeschakeld door op de toets Start/Stop drukken: schakel de motor in door op de toets Start/Stop drukken.- Als de motor is uitgeschakeld door op de toets Down te drukken en deze ingedrukt te houden: start de motor door de toets Upingedrukt te houden.5.1.1.6De motor uitschakelen• Schakel de motor op een van de volgende manieren uit:- Druk op de toets Start/Stop .- Druk op de toets Down en houd deze ingedrukt totdat alle lichtbalken uit zijn.- Gebruik Grundfos GO Remote.- Gebruik een digitale ingang die is ingesteld op Externe stop .5.1.1.7Alarmen en waarschuwingen resetten in producten met een standaard bedieningspaneel• U kunt een storingsmelding op één van de volgende wijzen resetten:- Druk kort op de toets Up of Down .Dit is niet mogelijk als de toetsen zijn vergrendeld.

Hierdoor wordt de instelling van de motor niet gewijzigd. - Schakel de voedingsspanning uit tot de signaallampjes uit zijn.- Schakel de externe start- en stopingang uit en daarna weer in.- Gebruik Grundfos GO Remote.- Gebruik de digitale ingang als u deze hebt ingesteld op Alarm resetten .300Nederlands (NL)

5. 1. 2 Geavanceerd bedieningspaneel123456TM054849Pos. Symbool Beschrijving 1Grundfos Eye:Het signaallampje geeft de bedrijfsstatus van het product aan. 2 - Grafisch kleurendisplay. 3Back:Druk op deze toets om naar de vorige stap terug te keren. 4Links/Rechts: druk op deze toetsen om te navigeren tussen hoofdmenu's, displays en cijfers. Wanneer u het menu wijzigt,toont het display het bovenste display van het nieuwe menu. Omhoog/Omlaag:Druk op de toetsen om te navigeren tussen submenu's of om de instellingen voor de waarden te wijzigen. Als u de mogelijkheid om instellingen uit te voeren met de functie Instellingen in-/uitschakelen hebt uitgeschakeld, kunt udeze mogelijkheid tijdelijk weer inschakelen door tegelijkertijd gedurende ca. 5 seconden op deze toetsen te drukken.

OK: Wanneer u probeert draadloze communicatie tot stand te brengen tussen het product en Grundfos GO of een anderproduct, knippert het groene lampje in het Grundfos Eye. Op het display van de regelaar wordt een melding weergegevenom aan te geven dat een draadloos apparaat verbinding met het product wil maken. Druk opDruk op de toets om het volgende te doen: • gewijzigde waarden opslaan, storingen resetten en het waardeveld vergroten. • draadloze communicatie met Grundfos GO Remote en andere producten van hetzelfde type mogelijk maken. OK op het bedieningspaneel van het product om draadloze communicatie met Grundfos GO Remote en andere productenvan hetzelfde type mogelijk te maken. 5Start/Stop: Druk op de knop om het product gereed te maken voor gebruik of op het product in of uit teschakelen.

Start: Als u op de knop drukt wanneer het product is uitgeschakeld, wordt het product ingeschakeld als geenfuncties met een hogere prioriteit zijn geactiveerd. Stop : Als u op de knop drukt wanneer het product werkt, wordt het altijduitgeschakeld. : 6 Home: Druk op de toets om naar het menu Home te gaan. Gerelateerde informatie5. 1 Gebruikersinterfaces6.

5. 1. 2. 1 BeginschermSetpoint5. 00 barOperating modeNormalActual controlled value4. 90 barControl modeConst. pressureStatus Settings Assist1 2 3 456789HomeTM064516Pos. Symbool Beschrijving1Setpoint5. 00 barOperaring modeNormalActual controlled value4. 90 barControl modeConst. pressureStatus Settings Assist1 2 356789Home: Dit menu toont maximaal vier door de gebruiker gedefinieerde parameters. U kunt rechtstreeks vanuit dit menutoegang krijgen tot elke parameter. 2 - Status: Dit menu toont de status van het product en systeem, waarschuwingen en alarmen. 3 -Instellingen: Dit menu geeft toegang tot alle instellingsparameters. Met het menu kunt u ook gedetailleerde instellingenmaken. 4 -Assist: Dit menu geeft ondersteuning bij de instellingen, geeft een korte omschrijving van de regelmodi en geeft advies bijstoringen. 5Setpoint5. 00 barOperaring modeNormalActual controlled value4.

90 barControl modeConst. pressureStatus Settings Assist1 2 356789Start/Stop: Het pictogram geeft aan dat het product is gestopt met de Start/Stop knop. 6Setpoint5. 00 barOperaring modeNormalActual controlled value4. 90 barControl modeConst. pressureStatus Settings Assist1 2 356789Master : Het pictogram geeft aan dat het product functioneert als master in een systeem met producten van hetzelfde typeen hetzelfde formaat. 7Setpoint5. 00 barOperaring modeNormalActual controlled value4. 90 barControl modeConst. pressureStatus Settings Assist1 2 356789Slave : Het pictogram geeft aan dat het product functioneert als slave in een systeem met producten van hetzelfde type enhetzelfde formaat. 8Setpoint5. 00 barOperaring modeNormalActual controlled value4. 90 barControl modeConst.

pressureStatus Settings Assist1 2 356789Meervoudige bediening : Het pictogram geeft aan dat het product werkt in een systeem met producten van hetzelfde typeen formaat. 9Setpoint5. 00 barOperaring modeNormalActual controlled value4. 90 barControl modeConst.

pressureStatus Settings Assist1 2 356789Vergrendelen : Het pictogram geeft aan dat de mogelijkheid om instellingen uit te voeren om veiligheidsredenen isuitgeschakeld. 5. 1. 2. 2 OpstartgidsDe functie is alleen beschikbaar op het geavanceerde bedieningspaneel. De opstartgids gaat van start bij de eerste inschakelenen leidt u door de instellingen die nodig zijn om het product te laten werken in deopgegeven toepassing. Nadat de opstartgids is voltooid, verschijnen de hoofdmenu's op het display. U kunt de opstartgids altijd op een later tijdstip uitvoeren. Gerelateerde informatie6. 36 "Opstartgids starten"302Nederlands (NL).

+1TM066256Pos. Beschrijving1Grundfos MI 301:Afzonderlijke module maakt draadloze of infraroodcommunicatie mogelijk. Gebruik de module samen met een op Android of iOSgebaseerd smart-apparaat met een Bluetooth-verbinding. Gerelateerde informatie5. 2. 1 Communicatie5. 2. 1. 1 Draadloze communicatie5. 2. 1. 2 Infraroodcommunicatie5. 2. 1CommunicatieWanneer Grundfos GO Remote met het product communiceert, knippert het signaallampje in het midden van het Grundfos Eye groen. Op producten die zijn uitgerust met een geavanceerd bedieningspaneel geeft het display aan dat een draadloos apparaat probeert verbindingte maken met het product. Druk op OK op het bedieningspaneel om het product te verbinden met Grundfos GO Remote, of druk op detoets Home om de verbinding te weigeren. SymboolBeschrijvingDruk op OK op het bedieningspaneel om het product te verbindenmet Grundfos GO Remote. Setpoint5.

00 barOperaring modeNormalActual controlled value4. 90 barControl modeConst. pressureStatus Settings Assist1 2 356789Druk op de toets Home om de verbinding te weigeren. U kunt kiezen tussen deze communicatietypen:• draadloze communicatie• infraroodcommunicatie. Gerelateerde informatie5. 2 Grundfos GO Remote5. 2. 1. 2 Infraroodcommunicatie5. 3 Grundfos Eye5. 2. 1. 1Draadloze communicatieDraadloze communicatie kan plaatsvinden op afstanden tot 30 meter. Wanneer Grundfos GO Remote voor het eerst communiceert met hetproduct, moet u de communicatie tot stand brengen door op de toets Draadloze communicatie of OK op het bedieningspaneel te drukken. Als later communicatie plaatsvindt, wordt het product herkend door Grundfos GO Remote en kunt u de pomp selecteren in hetmenu Overzicht. Gerelateerde informatie5. 2 Grundfos GO Remote5. 2. 1.

2InfraroodcommunicatieInfraroodcommunicatie kan plaatsvinden over afstanden tot 2 meter. Bij infraroodcommunicatie moet de Grundfos GO Remote op het bedieningspaneel van het product worden gericht. Gerelateerde informatie5. 2 Grundfos GO Remote5.

5.3 Grundfos EyeDe bedrijfsstatus van de motor wordt weergegeven met het Grundfos Eye op het bedieningspaneel van de motor.ATM054846Signaallampje van Grundfos EyeSignaallampje Beschrijving Er branden geen lampjes.Voeding uitDe motor draait niet.Twee tegenover elkaar gelegen groenesignaallampjes draaien.Voeding aanDe motor draait. De signaallampjes draaien in de draairichting van demotor, gezien vanaf de andere zijde dan de aandrijving.Twee tegenover elkaar gelegen groenesignaallampjes branden continu.Voeding aanDe motor draait niet.Eén geel signaallampje draait.WaarschuwingDe motor draait. Het signaallampje draait in de draairichting van demotor, gezien vanaf de andere zijde dan de aandrijving.Eén geel signaallampje brandt continu.WaarschuwingDe motor is gestopt.Twee tegenover elkaar gelegen rodesignaallampjes knipperen gelijktijdig.AlarmDe motor is gestopt.308Nederlands (NL)

Signaallampje Beschrijving Het groene signaallampje in het middenknippert viermaal snel.De Grundfos Eye knippert viermaal als u op het Grundfos Eye symboolnaast de naam van de motor drukt op de Grundfos GO Remote.Het groene signaallampje in het middenknippert continu.U hebt de motor geselecteerd in de Grundfos Go Remote en de motor isgereed voor aansluiting.Het groene signaallampje in het middenknippert snel gedurende enkele seconden.De motor wordt geregeld door de Grundfos GO Remote of wisseltgegevens uit met de Grundfos GO Remote.Het groene signaallampje in het middenbrandt continu.De motor is verbonden met de Grundfos GO Remote.Gerelateerde informatie4.2.7 Signaalrelais5.2.1 Communicatie309Nederlands (NL)

6. RegelfunctiesU kunt regelfuncties instellen via Grundfos GO Remote of via het geavanceerde bedieningspaneel. • Als slechts één functienaam wordt genoemd, geldt deze voor zowel Grundfos GO Remote als het bedieningspaneel. • Als een functienaam tussen haakjes wordt weergegeven, verwijst deze naar een functie op het geavanceerde bedieningspaneel. Gerelateerde informatie5. 1. 2. 3 Menu-overzicht voor het geavanceerde bedieningspaneel5. 2. 2 Menu-overzicht voor Grundfos GO Remote6. 1 "Setpoint"Stel het setpoint in nadat u de gewenste regelmodus hebt geselecteerd. Gerelateerde informatie6. 41 "Instelling, analoge ingangen"6. 2 "Bedrijfsmodus"Mogelijke bedrijfsmodiNormaal Het product werkt overeenkomstig de geselecteerde regelmodus. Stop Het product wordt uitgeschakeld. Min. Het product werkt met een minimaal toerental. Max. Het product werkt met een maximaal toerental.

HandmatigHet product werkt met een handmatig ingesteld toerental en de instelling van het setpoint via bus en setpoint-beïnvloeding wordt overschreven. Door gebruikergedefinieerd toerentalHet product werkt met een toerental dat is ingesteld door de gebruiker. PQ412356TM075098Pos. Beschrijvingp DrukQ Debiet1 Normaal2 Stop3 Minimum4 Handbediening5 Normaal6 Maximum6. 3 "Handmatig toerental instellen"De functie is alleen beschikbaar op het geavanceerde bedieningspaneel. Gebruik deze functie om het toerental in te stellen als percentage van het maximale toerental. Wanneer u de bedrijfsmodus op Handmatighebt ingesteld, gaat het product met het ingestelde toerental werken. Met Grundfos GO Remote kunt u het toerental instellen via het menu Setpoint. 6.

4"Door gebruiker gedefinieerd toerental instellen"Gebruik deze functie om het toerental van de motor in te stellen als percentage van het maximale toerental. Wanneer u de bedrijfsmodus op"User-defined speed" hebt ingesteld, gaat de motor met het ingestelde toerental werken. 6. 5"Regelmodus"U kunt kiezen uit de volgende regelmodi:• Const. andr.

Gerelateerde informatie5.1.1.1 Het setpoint instellen in de modus met constante parameter5.1.1.2 Het setpoint instellen in de modus met constante curve6.41 "Instelling, analoge ingangen"6.43 "Beschrijving van regelmodus"6.5.1 "Constante druk"Gebruik deze regelmodus als u wilt dat de pomp een constante druk levert. De regelmodus maakt gebruik van de af fabriek geplaatstedruksensor, indien beschikbaar, die de persdruk van de pomp meet.Bij pompen waarbij niet af fabriek een sensor is geplaatst moet u een druksensor aansluiten op een van de analoge ingangen van de pomp. Ukunt de druksensor instellen in het menu Assist.PQ21TM075099Pos. BeschrijvingP DrukQ Debiet1 Minimum2 Maximum6.5.2 "Constante andere waarde"Gebruik deze regelmodus als u een waarde wilt regelen die niet beschikbaar is in het menu Regelmethode.

U kunt de geregelde waardemeten door een sensor op een van de analoge ingangen aan te sluiten. De geregelde waarde wordt weergegeven als percentage van hetsensorbereik.6.5.3"Constante curve"Gebruik deze regelmodus om het toerental van de motor te regelen.U kunt het gewenste toerental instellen als percentage van het maximale toerental in het bereik van het minimale door de gebruiker ingesteldetoerental tot aan het maximale door de gebruiker ingestelde toerental.PQ21TM075206Pos.BeschrijvingP DrukQ Debiet1 Minimum2 MaximumGerelateerde informatie6.12 "Capaciteitsbereik"6.6"Analoge ingangen"De beschikbare ingangen en uitgangen zijn afhankelijk van de functionele module die in de motor is aangebracht.311Nederlands (NL)

Functionele moduleAnaloge ingang 1(Klem 4)Analoge ingang 2(Klem 7)Analoge ingang 3(Klem 14)FM 300 (geavanceerd) • • •U kunt de ingang instellen door de onderstaande instellingen uit te voeren:FunctieU kunt de ingangen instellen op de volgende functies:• Niet actief• Terugkopp.sensorDe sensor wordt gebruikt voor de geselecteerde regelmodus.• Setpointbeïnvl.Het ingangssignaal wordt gebruikt voor beïnvloeding van het setpoint.• Andere functieDe sensoringang wordt gebruikt voor meting of bewaking.Gemeten parameterSelecteer een van de onderstaande parameters die moeten worden gemeten in het systeem door de sensor die is verbonden met de ingang.PTPT36TM075207Sensorfunctie/gemeten parameter Pos.Uitlaatdruk 3Druk 1, extern 6EenheidParameterBeschikbare unitsDruk bar, m, kPa, psi, ftNiveau m, ft, inPompdebietm3/h, l/s, yd3/h, gpmVloeistoftemperatuur °C, °FAndere parameter %Elektrisch signaalBeschikbare signaaltypen:• 0.5 - 3.5 V• 0-5 V• 0-10 V• 0-20 mA• 4-20 mA.Sensorbereik, minimale waardeStel de minimale waarde van de aangesloten sensor in.Sensorbereik, maximale waardeStel de maximale waarde van de aangesloten sensor in.Gerelateerde informatie2.7 Identificatie van de functionele module6.13 "Externe setpoint-functie"6.41 "Instelling, analoge ingangen"6.7"Digitale ingangen"De beschikbare ingangen en uitgangen zijn afhankelijk van de functionele module die in de motor is aangebracht.Functionele moduleDigitale ingang 1(Klemmen 2, GND)Digitale ingang 2(Klemmen 1, GND)FM 300 (geavanceerd) • •U kunt de ingang instellen door de onderstaande instellingen uit te voeren:312Nederlands (NL)

FunctieU kunt de ingangen instellen op de volgende functies:• Niet actiefIngesteld op Niet actief heeft de ingang geen functie. • Ext. stopWanneer de ingang is gedeactiveerd, open kringloop, wordt de motor uitgeschakeld. • Min. (minimaal toerental)Wanneer de ingang is geactiveerd, draait de motor met het ingestelde minimale toerental. • Max. (maximaal toerental)Wanneer de ingang is geactiveerd, draait de motor met het ingestelde maximale toerental. • Door gebruiker gedefinieerd toerentalWanneer de ingang is geactiveerd, draait de motor met het door de gebruiker ingestelde toerental. • Externe storingWanneer de ingang is geactiveerd, wordt een timer gestart. Als de ingang meer dan 5 seconden wordt geactiveerd, wordt de motoruitgeschakeld en wordt er een storingsmelding gegeven. De functie is afhankelijk van invoer vanuit externe apparatuur.

• Alarm resettenWanneer de ingang is geactiveerd, wordt een eventuele storingsmelding gereset. • DroogloopWanneer deze functie wordt gekozen, dan kan te lage inlaatdruk of watertekort (drooglopen) worden gedetecteerd. Wanneer dit gebeurt,wordt de pomp uitgeschakeld. De pomp kan niet herstarten zolang de ingang geactiveerd is. Hiervoor is het gebruik van toebehoren nodig,zoals:- een drukschakelaar die is geïnstalleerd aan de inlaatzijde van de pomp- een vlotterschakelaar die is geïnstalleerd aan de inlaatzijde van de pomp. • Totaal debietWanneer deze functie wordt geselecteerd, dan kan het geaccumuleerde debiet worden geregistreerd. Hiervoor is een debietmeter nodigdie een feedbacksignaal kan geven als een puls per gedefinieerd watervolume. • Voorgedefinieerd setpoint 1De functie geldt alleen voor digitale ingang 2.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Grundfos MTSE 40-40 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden