Franke FSM 7081 HI Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Franke FSM 7081 HI (200 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 33 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Franke FSM 7081 HI of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Franke |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | FSM 7081 HI |
Handleiding Franke FSM 7081 HI – volledige tekst
NL1. INFORMATIE OVER DEVEILIGHEIDLees voor uw eigen veilig-heid en voor een correctewerking van het apparaateerst deze handleidingaandachtig door, alvorenshet apparaat te installerenen te gebruiken. Bewaardeze instructies altijd bijhet apparaat, ook wan-neer u het verplaatst ofverkoopt. Gebruikersmoeten volledig op dehoogte zijn van de werkingen de veiligheidsfunctiesvan het apparaat. Dezekookplaten hebben induc-tiesystemen die voldoenaan de eisen van de EMC-en EMF-richtlijnen en mo-gen niet interfereren metandere elektronische ap-paraten. Dragers van pa-cemakers of andere elek-tronische systemen die-nen contact op te nemenmet hun arts of met de pro-ducent van het implantaatom er de gevoeligheidvoor interferenties van tebeoordelen. De elektrische aansluitin-gen dienen door een vak-kundig elektricien totstand te worden gebracht.
Lees het deel ELEKTRI-SCHE AANSLUITING al-vorens de elektrische aan-sluiting uit te voeren. Bij toestellen met een netsnoermoeten de klemmen of het deelvan de draden tussen het be-vestigingspunt van de kabel ende klemmen zo worden ge-plaatst dat de onder spanningstaande geleider vóór de aar-dingskabel naar buiten kan wor-den gehaald als hij uit zijn be-vestiging loskomt. • De fabrikant is niet aanspra-kelijk voor eventuele schadeals gevolg van een onjuiste in-stallatie of een oneigenlijk ge-bruik. • Controleer of de netvoedingovereenstemt met de netvoe-ding die op het typeplaatjeaan de binnenkant van hetproduct staat vermeld. • In de vaste installatie moetener scheidingsschakelaarsworden geïnstalleerd, inovereenstemming met denormen inzake bedradings-systemen. • Controleer voor apparatenvan klasse I of het elektrici-teitsnet van uw woning overeen goede aarding beschikt.
• Sluit de afzuigkap niet aan opafvoerkanalen gebruikt voorverbrandingsgassen (ketels,haarden, enz. ). • Als de afzuigkap wordt ge-bruikt met niet-elektrische ap-paraten (bijv. apparaten metgasbranders) moet een vol-doende ventilatie in de ruimtegegarandeerd worden om deterugstroming van de afge-voerde gassen te voorko-men. Als het kooktoestel ge-bruikt wordt in combinatie metapparaten die gevoed wor-den door niet-elektrischeenergiebronnen, mag de ne-gatieve druk van de ruimteniet de 4 Pa overschrijden,om te voorkomen dat de rook-gassen weer door het kook-toestel in de ruimte wordenaangezogen. • De lucht mag niet worden uit-gestoten via een kanaal datgebruikt wordt als schoor-steen voor met gas of anderebrandstoffen gevoede appa-raten.
• Laat een beschadigd net-snoer vervangen door de pro-ducent, een erkend service-centrum of een vakkundigemonteur om risico’s of ge-vaarlijke situaties te voorko-men. • Sluit de stekker van het appa-raat aan op een goed bereik-baar stopcontact dat voldoetaan de geldende normen. • Het is belangrijk dat voor deafvoer van de rookgassen detechnische voorschriften ende veiligheidsmaatregelenvan de door de plaatselijkeautoriteiten voorgeschrevennormen strikt worden nage-leefd. WAARSCHUWING: Ver-wijder de beschermfoliealvorens het apparaat teinstalleren. • Gebruik alleen de samen methet apparaat geleverdeschroeven en andere kleinij-zerwaren. WAARSCHUWING: In-dien de schroeven of be-vestigingssystemen nietworden geïnstalleerd zo-als in deze aanwijzingen isbeschreven, bestaat hetgevaar voor elektrischeschokken.
• Reiniging en onderhoud mo-gen niet worden uitgevoerddoor kinderen, tenzij zij ondertoezicht staan van een vol-wassene. • Kinderen moeten worden ge-controleerd om er zeker vante zijn dat ze niet met het ap-paraat spelen.
• Dit apparaat mag niet wordengebruikt door personen (in-clusief kinderen) met een li-chamelijke, zintuiglijke ofgeestelijke beperking of zon-der ervaring en kennis, tenzijze onder toezicht staan enworden geïnstrueerd overeen veilig gebruik van het ap-paraat door een persoon dieverantwoordelijk is voor hunveiligheid. • Het apparaat mag worden ge-bruikt door kinderen ouder142.
dan 8 jaar en door personenmet een lichamelijke, zintuig-lijke of geestelijke beperkingof met onvoldoende ervaringen kennis, mits ze onder toe-zicht staan en goed geïnstru-eerd zijn over een veilig ge-bruik van het apparaat en degevaren die ermee samen-hangen. Laat kinderen nietmet het apparaat spelen. WAARSCHUWING: Hetapparaat en de toeganke-lijke delen worden heet tij-dens het gebruik. Zorg ervoor de verwarmings-elementen niet aan te raken. Houd kinderen jonger dan 8 jaaruit de buurt, tenzij ze constantonder toezicht staan. • Reinig en/of vervang de filtersna de aangegeven periode(brandgevaar). Zie paragraafReiniging en onderhoud. • Aanbevolen wordt om in deruimte een goede ventilatie tegaranderen als het apparaatwordt gebruikt in combinatiemet door gas of anderebrandstoffen gevoede appa-raten (niet van toepassing opapparaten die de lucht in deruimte slechts laten recircule-ren).
WAARSCHUWING: Als hetoppervlak barsten vertoont,moet het apparaat worden uit-geschakeld om het risico opelektrische schokken te voorko-men. • Schakel het apparaat niet inals het oppervlak scheuren ofzichtbare schade van het ma-teriaal vertoont. • Raak het apparaat niet aanmet natte handen of li-chaamsdelen. • Gebruik geen stoomappara-ten om het product te reini-gen. • Plaats geen metalen voor-werpen zoals messen, vor-ken, lepels en deksels op hetoppervlak van de kookplaat,omdat deze oververhit kun-nen raken. • Gebruik de speciale bedie-ning om de kookplaat na ge-bruik uit te schakelen; ver-trouw niet op de sensoren vande pannen. WAARSCHUWING: Het is ge-vaarlijk om de kookplaat onbe-heerd achter te laten bij gebruikvan olie of vet, omdat er een ge-vaarlijke situatie kan ontstaanen er brand kan uitbreken.
Pro-beer NOOIT eventuele vlam-men met water te doven, maarzet het apparaat uit en smoor devlammen, bijvoorbeeld door zemet een deksel of een brandde-ken af te dekken. WAARSCHUWING: Het kook-proces moet onder toezichtplaatsvinden.
WAARSCHUWING: Brandge-vaar: Plaats geen voorwerpenop de kookoppervlakken. • Het apparaat moet zo wordengeïnstalleerd dat het kan wor-den losgekoppeld van deelektrische voeding met eenmeerpolige schakelaar meteen openingsafstand tussende contacten (3 mm) die eencomplete loskoppeling ga-randeert bij overbelasting vancategorie III. • Het apparaat mag nooit aanweersinvloeden wordenblootgesteld (regen, zon). • De ventilatie van het apparaatmoet voldoen aan de aanwij-zingen van de fabrikant. • Houd de verpakking buitenhet bereik van kinderen enhuisdieren. • Afzuigkappen en andere af-zuigtoestellen van de kook-dampen kunnen afbreukdoen aan de veilige werkingvan op gas of andere brand-stoffen functionerende appa-raten (inclusief die geplaatstin andere omgevingen), inverband met de terugstro-ming van de verbrandings-gassen. Deze gassen kun-nen koolmonoxidevergifti-ging veroorzaken.
Na de in-stallatie van een afzuigkap ofeen ander afzuigtoestel vande rookdampen moet ervoorgezorgd worden dat de gas-toestellen getest worden dooreen gekwalificeerde per-soon, om te garanderen dat ergeen sprake is van terugstro-ming van de verbrandings-gassen. 2. GEBRUIK• De afzuigkap is uitsluitend ontworpenvoor de afvoer van de kookluchtjesgeproduceerd tijdens een huishoude-lijk gebruik. • Gebruik het apparaat onder geen be-ding voor andere doeleinden danwaarvoor het is ontworpen. • Friteuses moeten tijdens hun gebruikvoortdurend bewaakt worden: over-verhitte olie zou vlam kunnen vatten. • Activeer het apparaat niet door mid-del van een externe timer of een af-zonderlijk systeem voor afstandsbe-diening. • Het apparaat mag niet geïnstalleerdworden achter een decoratieve deur,om oververhitting ervan te voorko-men. • Klim niet op het apparaat om bescha-diging ervan te voorkomen.
• Snijd of bereid geen voedsel op deoppervlakken en laat er geen hardevoorwerpen op vallen. Schuif geenpannen of vaatwerk over het opper-vlak. 3. REINIGING ENONDERHOUD• Schakel het apparaat uit of koppel hetlos van het elektriciteitsnet alvorensenige onderhoudswerkzaamheid uitte voeren. • Vetfilters moeten om de 2 maandenvan gebruik gereinigd worden, of va-ker in geval van een bijzonder inten-sief gebruik, en kunnen in de vaat-wasser gewassen worden. De roos-ters mogen niet in de vaatwasser ge-wassen worden. (Z). 144.
Algemene aanbevelingen• Gebruik nooit schuursponsjes, staal-wol, zoutzuur of andere producten diekrassen of sporen op het oppervlakkunnen achterlaten. • Voedsel dat per ongeluk op het op-pervlak, de functionele of esthetischeelementen van de kookplaat valt oferop blijft liggen, mag niet worden ge-consumeerd. Reiniging van het apparaat• Reinig de kookplaat na elk gebruikom te voorkomen dat eventuelevoedselresten verbranden. De reini-ging van aangekoekt en verbrand vuilvereist meer inspanning. • Gebruik voor de dagelijkse reinigingeen zachte doek of spons en een ge-schikt schoonmaakmiddel. Volg deaanbevelingen van de producent metbetrekking tot de te gebruikenschoonmaakmiddelen. Wij raden aanom beschermende schoonmaakmid-delen te gebruiken. • Verwijder aangekoekt vuil, bijv. over-gekookte melk, met een schaper voorglaskeramische kookplaten, terwijl dekookplaat nog warm is.
Volg de aan-bevelingen van de fabrikant met be-trekking tot de te gebruiken schraper. • Verwijder suikerhoudend voedsel,bijv. overgekookte jam, met eenschraper voor glaskeramische kook-platen, terwijl de kookplaat nog warmis. Anders zouden de resten het glas-keramische oppervlak kunnen be-schadigen. • Verwijder eventueel gesmolten plas-tic met een schraper voor glaskerami-sche kookplaten, terwijl de kookplaatnog warm is. Anders zouden de res-ten het glaskeramische oppervlakkunnen beschadigen. • Verwijder kalkvlekken met een kleinehoeveelheid ontkalkoplossing, bijv. azijn of citroensap, zodra de kook-plaat is afgekoeld. Reinig de kook-plaat vervolgens met een vochtigedoek. 4.
EISEN VAN DEKASTJESDe installatieprocedure moet in over-eenstemming zijn met de wetten, veror-deningen, richtlijnen en normen (veilig-heidsvoorschriften inzake elektrischesystemen, correcte recycling van com-ponenten, etc. ) die van kracht zijn in hetland van gebruik. • Gebruik geen siliconenkit tussen hetapparaat en het werkblad.
De kook-plaat moet worden ingebouwd in hetkeukenblad, boven een kastje meteen breedte van 600 mm of meer. • Als het apparaat gemonteerd wordtop ontvlambare materialen, moetende richtlijnen en de normen inzakelaagspanningsinstallaties en brand-beveiliging strikt in acht worden geno-men. • Voor inbouwapparatuur moeten deonderdelen (van plastic en houtfi-neer) gemonteerd worden met hitte-bestendige kleefmiddelen (min. 100°C): het gebruik van ongeschiktemateriaal en kleefmiddelen kan ver-vorming en losraken veroorzaken. • Het keukenkastje moet voldoenderuimte hebben voor de elektrischeaansluitingen van het apparaat. Dekastjes boven het apparaat moetenop een zodanige afstand worden ge-monteerd dat er voldoende ruimte be-schikbaar is om comfortabel te kun-nen werken.
• Het gebruik van decoratieve profielenvan massief hout rond het keuken-blad achter het apparaat is toege-staan, mits de minimale afstand vande installatie-afbeeldingen in achtwordt genomen. 145.
• De minimale afstand tussen het ge-monteerde apparaat en de achter-wand wordt aangegeven op de instal-latie-afbeelding van het inbouwappa-raat (150 mm voor zijwanden, 40 mmvoor de achterwand en 500 mm tot deeventuele kastjes boven het appa-raat. Om ergonomische redenenwordt een minimale afstand van 1000mm aanbevolen). • Om binnendringen van vloeistoffentussen de rand van de kookplaat enhet keukenblad te voorkomen, moetvoorafgaand aan de installatie de bij-geleverde zelfklevende afdichtingworden aangebracht over de gehelebuitenste rand van de kookplaat. 5. ELEKTRISCHEAANSLUITINGWAARSCHUWING: Alle elektri-sche aansluitingen dienen dooreen erkend elektricien tot stand teworden gebracht. • Neem het aansluitschema in acht(aangebracht op de onderkant vanhet product).
• Dit apparaat heeft een aansluitingvan het type “Y”; aangeraden wordtom een voedingskabel H05V2V2-Fvan 5 x 2,5 mm² te gebruiken, EEN-FASE en TWEEFASE verbinding: mi-nimale doorsnede van de geleiders:2,5 mm². Buitendiameter van de voe-dingskabel: min 8 mm - max 12 mm. • De aansluitklemmen zijn toegankelijkdoor de afdekking van de aansluit-kast te verwijderen. • Controleer of de eigenschappen vanhet elektriciteitsnet van de woning(spanning, maximaal vermogen enstroom) compatibel zijn met die vanhet apparaat. • Sluit het apparaat aan zoals aange-geven in de installatiehandleiding (inovereenstemming met de referentie-normen voor netspanning van krachtop nationaal niveau). Opgelet. De kabels mogen nietgelast worden. 6.
MILIEUASPECTENAfdanken van huishoudelijke appara-tenHet symbool op het product of op deverpakking wijst erop dat dit product nietmet het normale huishoudelijke afvalmag worden verwerkt. Het product moetworden verwerkt bij een speciaal inza-melcentrum voor de recycling van elek-trische en elektronische apparatuur.
Alsu ervoor zorgt dat dit product op de juis-te manier wordt verwerkt, voorkomt umogelijk voor mens en milieu negatievegevolgen die zich zouden kunnen voor-doen in geval van een verkeerde afval-behandeling. Neem voor meer detailsover het recyclen van dit product con-tact op met uw gemeente, de plaatselij-ke vuilophaaldienst of de winkel waar uhet product hebt gekocht. Het apparaat voldoet aan de richtlijn2012/19/EU inzake de vermindering vangevaarlijke stoffen in elektrische enelektronische apparaten en de verwer-king van het afval. Afdanken van het verpakkingsmateri-aalDe materialen met het symbool zijnrecyclebaar. Werp het verpakkingsma-teriaal in speciale containers om het terecyclen. EnergiebesparingU kunt elke dag energie besparen tij-dens het koken door onderstaande tipste volgen. • Gebruik bij het verwarmen van wateralleen de benodigde hoeveelheid.
• Plaats kleinere pannen op de kleinerekookzones. • Plaats de pannen direct in het middenvan de kookzone. • Gebruik de restwarmte om het voed-sel warm te houden of om het tesmelten. 7. OMSCHRIJVING VANHET PRODUCT1Enkele kookzone (210x190 mm) 2100 W, met boos-terfunctie van 3000 W2Enkele kookzone (210x190 mm) 2100 W, met boos-terfunctie van 3000 W3Enkele kookzone (210x190 mm) 2100 W, met boos-terfunctie van 3000 W4Enkele kookzone (210x190 mm) 2100 W, met boos-terfunctie van 3000 W5Bedieningspaneel6Inlaatrooster1 + 2Gecombineerde kookzone (210 x 380 mm) 3000 W,met boosterfunctie van 3700 W. 3 + 4Gecombineerde kookzone (210 x 380 mm) 3000 W,met boosterfunctie van 3700 W. INDICATORENPandetectieElke kookzone is uitgerust met een sys-teem dat de aanwezigheid van een panop de kookplaat detecteert.
Het detectiesysteem is in staat om pan-nen met een magnetiseerbare bodem teherkennen die geschikt zijn voor gebruikop inductiekookplaten. Als de pan tijdens de werking wordtweggehaald of een ongeschikte panwordt gebruikt, verschijnt op het displayhet symbool. Restwarmte-indicatorDe restwarmte-indicator is een veilig-heidsfunctie om te signaleren dat hetoppervlak van de kookzone nog eentemperatuur van 50°C of hoger heeft enbij aanraking met blote handen dusbrandwonden kan veroorzaken. De digitvan de desbetreffende kookzone toont. 8.
Bij de plaatsing van een pan op een vande 4 kookzones zal de kookplaat deaanwezigheid ervan automatisch detec-teren en wordt de overeenkomstige digitverlicht om de kookzone in te schake-len. Als er geen pannen of andere voorwer-pen op de kookplaat aanwezig zijn, danzijn de digits niet zichtbaar. De functies die geselecteerd kunnenworden op het bedieningspaneel zijn al-tijd zichtbaar, maar verlicht met een la-147.
ge helderheid. Selecteer de functiesdoor het overeenkomstige symbool aante raken. Inschakeling van het apparaat:Druk 2 seconden op de On/Off-toets om de functies van dekookplaat in te schakelen en te activeren. Nu is de kookplaat ingeschakeld, maar alle kookzones ende afzuigkap hebben vermogensstand nul. De kookplaatwordt na 20 seconden van niet-gebruik automatisch uitge-schakeld. Opgelet: Om veiligheidsredenen is het altijd mogelijk omde kookplaat uit te schakelen met de On/Off-toets. Opgelet: Op het bedieningspaneel zijn alle selecteerbarefuncties altijd verlicht/zichtbaar en alleen deze functies kun-nen worden geactiveerd. De bedieningszones van de kookzones, de afzuigkap ende timer kunnen worden geactiveerd door op de betreffen-de digit te drukken. De bevestiging wordt gegeven door het intens oplichtenvan de Digit. 9.
VERMOGENSBEPERKINGDe eerste keer dat het apparaat wordtaangesloten op het huishoudelijke elek-triciteitsnet moet de installateur het ver-mogen van de kookzones instellen opbasis van de werkelijke capaciteit vanhet elektriciteitsnet. Als dit niet nodig is, kunt u de kookplaatdirect inschakelen met of, als alterna-tief, de hieronder beschreven procedurevolgen om het menu te openen. Lees de gehele paragraaf alvorens deprocedure uit te voeren. Sluit de kookplaat aan op het huishou-delijke elektriciteitsnet. 1. Alle digits zullen gedurende enkeleseconden oplichten en vervolgensuit gaan; alleen blijft knipperen. 2. Houd ingedrukt de digits van dekookzones tonen. 3. Houd ingedrukt en begin, tegende wijzers van de klok in, op de di-gits van de zones te drukken. 1243De digit linksachter toont en een cijferdat het type menu aangeeft.
BlokkeringHet is mogelijk om de functies van de kookplaat tijdens het gebruik te blokkeren, bijvoorbeeld om de kook-plaat te reinigen. De functie blijft ook actief als de kookplaat wordt uitgeschakeld en weer ingeschakeld. In geval van een stroomstoring wordt de functie gedeactiveerd. Activering: houd gedurende 1 seconde ingedrukt. Deactivering: druk op. Functie BoostElke kookzone kan voor een tijd van maximaal 5 minuten worden ingesteld op een extra vermogensniveau. Activering: selecteer een van de 4 kookzones en selecteer de waarde “P” op de vermogensbalk. De over-eenkomstige digit toont. Deactivering: selecteer een van de andere mogelijke waarden op de vermogensbalk. Timer van dekookzonesDoor middel van de timer kan een bepaalde kookzone aan het einde van de ingestelde tijd worden uitge-schakeld.
De kookzones kunnen individueel geprogrammeerd worden omdat ze allen beschikken over een eigen ti-mer. Activering: Druk bij functionerende kookzone voor toegang tot de bediening voor het beheer van de timervan die zone. De 3 digits tonen “ 0 0 0 “. Druk op “+” f “-” om de countdown van de timer in te stellen.
Uren - Tienden - MinutenBevestig de tijd door gedurende 10 seconden niets aan te raken. Na de countdown worden de digits nulgesteld en klinkt er een geluidssignaal. De functie kan onderbrokenworden door op een willekeurige toets te drukken. Als de timer van meerdere kookzones actief is, zullen de 3 digits altijd de eerst aflopende timer aanduiden. Deactivering: druk bij functionerende kookzone voor toegang tot de bediening voor het beheer van de timervan die zone. Stel de drie digits in op “ 0 0 0 “ met gebruik van “+” of “-”, of druk op de toets On/Off. Timer (alge-meen)Timer met alarm voor algemeen gebruik. Activering: schakel de kookplaat in en controleer dat er geen pannen aanwezig zijn of actieve kookzones. De 3 digits voor het beheer van de timer tonen “- - -”. Druk op de digit om het menu van de timer te openen en “ 0 0 0 “ weer te geven.
Druk op “+” f “-” om de countdown van de timer in te stellen. Uren - Tienden - MinutenBevestig de tijd door gedurende 10 seconden niets aan te raken. Na de countdown worden de digits nulgesteld en klinkt er een geluidssignaal. De functie kan onderbrokenworden door op een willekeurige toets te drukken. Herhaal de beschreven handelingen om de waarde van de countdown te wijzigen. Deactivering: schakel de kookplaat in en controleer dat er geen pannen aanwezig zijn of actieve kookzones. Druk op de digit voor toegang tot het menu van de timer en gebruik “+” en “-” om het display in te stellen op“ 0 0 0 ““-”, of druk op de toets On/Off. 149.
Functie Smel-tenActivering: selecteer een van de 4 kookzones en druk op. De digit van de geselecteerde zone toont. Deactivering: druk op of op. Functie Ver-warmenDeze functie wordt gebruikt om een pan bij maximaal vermogen te verwarmen, alvorens het kookprocesvoort te zetten bij een geselecteerd vermogen. Het tijdsinterval gedurende welke voor de kookzone hetmaximale vermogen wordt gehandhaafd, is afhankelijk van het ingestelde definitieve kookvermogen. Zie detabel:Vermogensniveau Timer (seconden)1 482 1443 2304 3125 4086 1207 1688 2169 Niet beschikbaarP Niet beschikbaarActivering: houd, bij een op de kookplaat geplaatste pan en de geselecteerde kookzone, de op de vermo-gensbalk geselecteerde waarde (van 1 tot 8) gedurende 3 seconden ingedrukt. Het display van de overeen-komstige kookzone toont “A”.
Het kookniveau kan verhoogd worden, maar als het wordt verlaagd, wordt de functie uitgeschakeld. De functie kan ook gedeactiveerd worden door de toets van de betreffende kookzone gedurende 3 secon-den ingedrukt te houden. Functie PauzeDoor middel van deze functie kan elke op de kookplaat actieve functie gepauzeerd/herstart worden, waarbijhet beschikbare vermogen van de kookzone wordt verminderd en alle functies worden nulgesteld. Als defunctie Pauze niet binnen 10 minuten wordt gedeactiveerd, zal de kookplaat automatisch uitschakelen. Activering: Houd, bij een op de kookplaat geplaatste pan en de geselecteerde kookzone, gedurende tenminste 1 seconde de toets van de functie Pauze ingedrukt. Alle displays tonen. Deactivering: houd gedurende 1 seconde ingedrukt, tot hij knippert. Druk binnen 10 seconden op eenandere willekeurige toets.
De functie wordt uitgeschakeld en de kookplaat gaat verder met de eerdere instel-lingen. Functie Oproe-penDeze functie wordt gebruikt om de bedrijfsinstellingen van de kookplaat op te roepen in geval van een onbe-doelde stop of een plotselinge stroomuitval.
Als de kookplaat wordt uitgeschakeld, kan hij binnen 6 seconden weer worden ingeschakeld door aante raken, de toets knippert gedurende 6 seconden. Druk op de toets om de eerder ingestelde func-ties te herstellen. Ter bevestiging van de handeling klinkt er een pieptoon. Gecombineer-de modus(functie“brug”)Met deze functie kunnen 2 kookzones gecombineerd worden om ze als één enkele grotere kookzone te ge-bruiken en te bedienen. Op deze manier is het mogelijk om pannen met een grotere bodem te gebruiken. Alleen de kookzones links en rechts kunnen voor deze functie geselecteerd worden. Activering/deactivering: druk gelijktijdig op de digits van de linker of rechter kookzones om de 2 zones te se-lecteren waartussen een brug moet worden gevormd, tot de digit verschijnt om aan te geven dat de func-tie is ingeschakeld. De andere digit wordt gebruikt voor de instelling van het vermogensniveau.
Functie AUTO“A”Als de kookplaat/afzuigkap wordt ingeschakeld, wordt de afzuigkap standaard in de automatische modusgeactiveerd en gaat de led “A” fel branden. De afzuigkap treedt in werking als de vermogensstand van dekookzones hoger is dan '1'. De afzuigkap wordt uitgeschakeld door op de led “A” te drukken. Dit wordt bevestigd door de veranderingvan de intensiteit van de led, van fel naar gedempt. De afzuigkap wordt ook uitgeschakeld door op de ver-mogensbalk op een waarde hoger dan “1” te drukken. Dit wordt bevestigd door de verandering van de inten-siteit van de led “A”, van fel naar gedempt. De afzuigkap wordt weer ingeschakeld door opnieuw op de led “A” te drukken die fel gaat branden. 11. KOOKTABELVermogens-standKookmethode Te gebruiken voor1Smelten, zachtjes opwarmen Boter, chocolade, gelatine, sauzen150.
2Smelten, zachtjes opwarmen Boter, chocolade, gelatine, sauzen3Op temperatuur brengen Rijst4Doorkoken, inkoken, stoven Groenten, aardappels, sauzen, fruit, vis5Doorkoken, inkoken, stoven Groenten, aardappels, sauzen, fruit, vis6Doorkoken, smoren Pasta, soep, gestoofd vlees7Zachtjes bakken Rösti (aardappelkoekjes), omelet, gepaneerde engebakken gerechten, worst8Bakken in hete olie, frituren Vlees, patat9Snel bakken op hoge temperatuur BiefstukPSnel verwarmen Water koken12. FUNCTIES AFZUIGKAPDe bedieningszones van de kookzones, de afzuigkap ende timer kunnen worden geactiveerd door op de betreffen-de digit te drukken. “ P “Druk tweemaal op de vermogensbalk “ 9 “ voor deinstelling van de snelheid INTENSIEF. De inscha-keling van deze snelheid is ingesteld op 5 minuten. Na deze tijd keert het systeem automatisch terugnaar de eerder ingestelde snelheid.
De functiewordt uitgeschakeld door een andere snelheid teselecteren. Func-tieDelayDeze functie is alleen beschikbaar als de automati-sche modus wordt uitgeschakeld. De automatischemodus wordt uitgeschakeld door te drukken op “A”. Druk op de Digit van de afzuigkap en stel een snel-heid in op de vermogensbalk. Druk op de Digit voor het timerbeheer die 'CL'toont, maar die overgaat naar de aftelling, reeds in-gesteld op 15 minuten. Symbool timerDruk, zodra de Digit van de afzuigkap wordt gese-lecteerd, op de Digits van het beheer van de timerom de aftelling in te stellen. Symbool voor onderhoud van het vetfilterDe signalering voor de reiniging van het vetfilterwordt aangegeven met de led en is altijd ingescha-keld. Reset en heractivering van het filterGa na het onderhoud van het filter als volgt tewerk:houd de toets 5 seconden ingedrukt.
Druk opnieuw 5 seconden op de Di-git voor:Activering van het koolstoffilter:Het symbool van het koolstoffilter (geurfilter) gaatgedurende 1 seconde branden. Deactivering van het koolstoffilter:Het symbool van het koolstoffilter (geurfilter) knip-pert tweemaal. Na de activering signaleert het brandende picto-gram dat het onderhoud van het koolstoffilter(geurfilter) moet worden uitgevoerd. Reset en heractivering van het koolstoffilterGa na het onderhoud van het filter als volgt tewerk:houd de toets 5 seconden ingedrukt. - De led vanhet geurfilter gaat uit en de aftelling wordt opnieuwgestart. 151.
13. PERSONALISATIE VANHETGEBRUIKERSMENULees de gehele paragraaf alvorens de procedure uit te voe-ren. – Druk op. – Druk nogmaals op en houd gedurende 3 secon-den ingedrukt. – De toets begint te knipperen. – Houd ingedrukt: de digits van de kookzones to-nen. – Houd ingedrukt en begin te drukken op de digitvan de kookzones, te beginnen bij die linksvoor enmet een beweging met de wijzers van de klok mee. 4312De digit linksachter toont afwisselend en een cijfer tus-sen 2 en 7 dat de code van het menu aangeeft. De digit linksvoor toont een cijfer dat afhankelijk is van dein de selectie aangegeven parameters. – Druk op de digit linksachter. – Selecteer een cijfer op de vermogensbalk voor toe-gang tot de code van het menu. – Druk op de digit linksvoor. – Selecteer een cijfer op de vermogensbalk om eenwaarde te selecteren.
Zie de onderstaande tabel voor de specificatie van de ver-mogens:Code vanhetmenuBeschrijving WaardeU2 Menu voor beheer van hetgeluidsvolume van de toet-sen. 0 - Geluid uit1 - Min. 3 - MaxU3 Menu voor beheer van hetvolume van de zoemer vande minutenteller. 0 - Geluid uit1 - Min. 3 - MaxU4 Menu voor beheer van hethelderheidsniveau van hetdisplay. 0 - Max9 - Min. U5 Menu voor beheer van deweergave van de countdown. 0 - Weergave uit1 - Weergave actiefU6 Menu van de functie pande-tectie. 0 - Actief1 - Niet actiefU7 Menu voor beheer van heteinde van de countdown. 0 - Continue knippe-ring en uitschakeling1 - Tien knipperingenen uitschakeling2 - Een knipperingen uitschakeling– Voer de correcte waarde in, bevestig door aan teraken en 2 seconden ingedrukt te houden. – Druk op om het menu af te sluiten zonder op teslaan.
Als er geen handelingen worden uitgevoerd, wordt het ge-bruikersmenu na 1 minuut afgesloten. 14. FUNCTIES VOOR HETAANPASSEN VAN HETVERMOGENDit product is voorzien van een elektro-nisch bestuurde vermogensregelings-functie.
Deze functie regelt de afgifte van hetmaximale vermogen van 3700 W overde gecombineerde kookzones (linker-kant en rechterkant), optimaliseert deverdeling van het vermogen en voor-komt situaties voor overbelasting vanhet systeem. Daarom wordt het totale vermogen con-tinu bewaakt en zo nodig verminderd. Als het gewenste totale vermogen nietkan worden geleverd, vermindert eencontrole-element standaard het vermo-gen van een ander kookelement naareen stand net eronder op de desbetref-fende vermogenscurve, zodat destroomopname van 16 A niet wordtoverschreden. In dit geval detecteert de generator delaatste bediening met de hoogste priori-teit die door de gebruikersinterface isverzonden en vermindert zo nodig deeerder geactiveerde instellingen vooreen ander kookelement. De vermogensregelingsfunctie wordt ineerste instantie ook geactiveerd als eenpan op het kookelement wordt gedetec-teerd.
vermogensniveau 9 overschrijden enwordt deze automatisch beperkt. ”15. GIDS VOOR HETGEBRUIK VAN DEPANNENWelke pannen zijn geschikt. Gebruik alleen pannen met een ferro-magnetische bodem die geschikt zijnvoor gebruik op inductiekookplaten:• gietijzer• geëmailleerd staal• koolstofstaal• roestvrij staal (ook niet volledig roest-vrij)• aluminium met ferromagnetischecoating of bodem met ferromagneti-sche plaatControleer of het symbool aanwezigis (meestal op de onderkant gedrukt)om na te gaan of de pan geschikt is. Ukunt ook een magneet in de buurt vande bodem van de pan plaatsen. Als de-ze blijft zitten, betekent dit dat de pankan worden gebruikt op een inductie-kookplaat. Gebruik voor een optimaal rendementaltijd pannen met een vlakke bodem diede warmte gelijkmatig kan verdelen. Een bodem die niet perfect vlak is, kande geleiding van het vermogen en dewarmte beïnvloeden.
Hoe moeten de pannen worden ge-bruikt. Minimale diameter van de pan/koeken-pan voor de verschillende kookzones. Voor een goede werking van de kook-plaat moet de pan een of meer van deop de kookplaat aangegeven referentie-punten bedekken en een geschikte mi-nimale diameter hebben. Gebruik altijd de kookzone die het bestepast bij de diameter van de bodem vande pan. Kookzone Diameter van de bodem van de panØ min. (aanbevo-len)Ø max (aanbevo-len)Gecombineerd links/rechts190 mm 230 mmEnkel links/rechts 110 mm 190 mmLege pannen/koekenpannen of pan-nen met een dunne bodemGebruik geen lege pannen/koekenpan-nen of pannen met een dunne bodemop de kookplaat, omdat u dan de tempe-ratuur niet kunt regelen of de kookzoneniet automatisch kunt uitschakelen alsde temperatuur te hoog is, met het risicodat u de pan of het oppervlak van dekookplaat beschadigt.
Normale geluiden van de werking vande kookplaatDe inductietechnologie is gebaseerd opde creatie van elektromagnetische vel-den. Deze elektromagnetische veldengenereren warmte direct op de bodemvan de pan. Pannen en koekenpannenkunnen verschillende geluiden of trillin-gen veroorzaken, afhankelijk van demanier waarop ze vervaardigd zijn. Deze geluiden zijn hieronder beschre-ven:Zacht gezoem (zoals het geluid vaneen transformator)Dit geluid wordt geproduceerd als opeen hoge warmtestand wordt gekookten wordt veroorzaakt door de hoeveel-heid energie die van de kookplaat naarde pannen wordt overgebracht. Het ge-luid stopt of wordt minder als de warm-testand wordt verlaagd. Zacht gesisDit geluid wordt geproduceerd als depan leeg is en het stopt als de pan metwater of levensmiddelen wordt gevuld.
en kan variëren op basis van de hoe-veelheid en het type bereiding van hetvoedsel. Hard gesisDit geluid treedt op bij pannen die be-staan uit verschillende gelaagde materi-alen en bovendien wanneer deze op hethoogste vermogen worden gebruikt enook op twee kookzones. Het geluidstopt of wordt minder als de warmte-stand wordt verlaagdGeluiden van de ventilatorVoor een juiste werking van het elektro-nisch systeem moet de temperatuur vande kookplaat worden geregeld. Hiervooris de kookplaat uitgerust met een koel-ventilator die wordt ingeschakeld om detemperatuur van het elektronische sys-teem te verlagen en te regelen. Het kangebeuren dat de ventilator na de uit-schakeling van het apparaat nog blijftfunctioneren, als een nog te hoge tem-peratuur van de kookplaat wordt gede-tecteerd.
Ritmische geluiden die lijken op hetgetik van een klokDit geluid treedt alleen op als minstensdrie kookzones zijn ingeschakeld en hetverdwijnt of wordt minder als er éénwordt uitgeschakeld. De beschreven geluiden zijn een nor-maal kenmerk van de inductietechnolo-gie en mogen dus niet als defecten wor-den beschouwd. 16. PROBLEEM OPLOSSENFoutcode Beschrijving Mogelijke oorzaak van de storing Oplossing“Akoestische signaleringbij inschakeling. Geenfoutcode weergegeven”De bediening vande afzuigkap werktnietBeschadiging of slechte aansluitingvan de LIN-kabel op de printplaatvan de afzuigkapControle aansluiting/vervanging vande LIN-kabelER03De kookplaat gaatna 10 seconden uit. Continue activatie van de toetsengedetecteerd. Water of pan op het bedieningspa-neel. Verwijder het water of de pan vanhet glaskeramische oppervlak envan het bedieningspaneel. ER21De kookplaat gaatuit.
Temperatuur van het oppervlak vanpan of glaskeramische plaat is tehoog. Temperatuur van de elektronischecomponenten te hoog. Laat de kookplaat afkoelen. Gebruik een geschikte pan. Geen lege pannen verwarmen. E3De desbetreffendekookzone gaat uit. Pan niet geschikt. De pan verliest zijn magnetische ei-genschappen en kan schade aan deinductiekookplaat veroorzaken. Gebruik een geschikte pan. De fout wordt na 8 seconden auto-matisch opgeheven en de kookzonekan opnieuw worden gebruikt. In geval van verdere fouten moet hetfornuis worden vervangen. Als de fout blijft bestaan, neem dancontact op met de servicedienst. E6De kookzone gaatniet aan. Voedingsspanning en/of frequentiebuiten bereik buiten bereik. Controleer de netspanning en/of defrequentie. Neem indien nodig contact op metde servicedienst. E8De kookzones gaanuit. Ventilator kapot. Ventilator verstopt door stof of vuil.
Maak de ventilator schoon en verwij-der eventuele vreemde voorwerpen. Als de fout blijft bestaan, neem dancontact op met de servicedienst. E4-E5-E7-E9-ER20-ER22-ER31-ER36-ER42-ER47-EA-EHKoppel de kookplaat los van de stroomvoorziening. Wacht een paar seconden, sluit dan de kookplaat weer aan op de stroomvoorziening. Neem contact op met het servicecentrum en geef de foutcode op die op het scherm verschijnt,als het probleem aanhoudt. 154.
17. ONDERHOUD -REPARATIES ENCONFORMITEIT• Zorg ervoor dat het onderhoud vande elektrische componenten alleendoor de fabrikant of door de service-dienst wordt uitgevoerd.• Zorg ervoor dat beschadigde kabelsalleen door de fabrikant of door deservicedienst worden vervangen.Als u contact opneemt met de service-dienst, geef dan de volgende informatie:• Type defect• Model van het apparaat (Art./Cod.)• Serienummer (S.N.)Deze informatie vindt u op het type-plaatje. Het typeplaatje is op de onder-kant van het apparaat aangebracht.Informatie over het product volgensde verordening nr. 66/2014Referentienormen:EN/IEC 60350-2EN/IEC 50564Dit apparaat is ontworpen, vervaardigden in de handel gebracht volgens deEEG-richtlijnen.18.
TECHNISCHEGEGEVENSIdentificatie van het productType: 4300Model: FSM 7081 HIRaadpleeg het typeplaatje op de bodemvan het product.De producent brengt voortdurend ver-beteringen aan de producten aan.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Franke FSM 7081 HI stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Franke
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis