Fiat Punto 2003 Handleiding

Fiat Personenwagen Punto 2003

Bekijk gratis de handleiding van Fiat Punto 2003 (299 pagina’s), behorend tot de categorie Personenwagen. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 16 mensen. Heb je een vraag over Fiat Punto 2003 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/299
FIAT
PUNTO
603.45.567 NL
INSTRUCTIEBOEK

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Fiat
Categorie: Personenwagen
Model: Punto 2003

Handleiding Fiat Punto 2003 – volledige tekst

Geachte cliënt,Hartelijk dank dat u voor een Fiat hebt gekozen en gefeliciteerd met uw keuze voor de Fiat Punto.Wij hebben dit boekje samengesteld zodat u elk onderdeel van uw Fiat Punto leert kennen en u uw auto op de juistemanier zult gebruiken. Wij raden u aan alle hoofdstukken door te lezen voordat u voor de eerste keer met de auto gaatrijden. Dit instructieboekje bevat informatie, tips en aanwijzingen die u zullen helpen de technische kwaliteiten van uwFiat Punto volledig te benutten.Als uw Fiat Punto buiten gebruik wordt gesteld, dan kan deze vrijwel geheel worden gerecycled, omdat voldaan wordtaan de voorwaarden van het F.A.R.E.-project. Dankzij dit project kunnen de Fiat-dealers uw voertuig milieuvriendelijk (engeheel volgens de wettelijke normen) buiten gebruik stellen, als u tot de aanschaf van een nieuwe auto overgaat.

Voor hetmilieu heeft dat grote voordelen: niets gaat verloren, niets wordt gestort en er zijn minder nieuwe grondstoffen nodig.Wij raden u aan om de aanwijzingen en tips bij de onderstaande symbolen aandachtig te lezen:veiligheid van de inzittenden;conditie van de auto; bescherming van het milieu.In de SERVICE- EN GARANTIEHANDLEIDING vindt u naast het schema voor het geprogrammeerd onderhoud:❒het garantiecertificaat en de bijbehorende voorwaarden❒een overzicht van de speciale aanvullende service voor cliënten.Veel leesplezier en goede reis!Hoewel in dit instructieboekje alle uitvoeringen van de Fiat Punto beschreven worden, dient u zich aan deinformatie te houden met betrekking tot de uitrusting, de motoruitvoering en het model van de auto die ugekocht hebt.

BESCHERMING VAN HET MILIEUDe auto is uitgerust met een diagnosesysteem, dat continu controles uitvoert op de componenten dievan invloed zijn op de uitlaatgasemissie zodat overmatige vervuiling van het milieu wordt voorkomen.ABSOLUUT LEZEN!MOTOR STARTENBenzinemotoren: controleer of de handrem is aangetrokken; zet de versnellingspook in vrij; trap hetkoppelingspedaal volledig in, maar trap het gaspedaal niet in; draai vervolgens de start-/contactsleutel instand AVV en laat de sleutel los zodra de motor aanslaat.Dieselmotoren: draai de start-/contactsleutel in stand MAR en wacht tot de waarschuwingslampjes Yen mdoven; draai de start-/contactsleutel in stand AVV en laat de sleutel los zodra de motor aanslaat.PARKEREN BOVEN BRANDBARE MATERIALENOmdat tijdens de werking de katalysator zeer warm wordt, verdient het aanbeveling niet te parkeren bo-ven brandbare materialen (gras, droge bladeren, dennennaalden of ander licht ontvlambaar materiaal).BRANDSTOF TANKENBenzinemotoren: tank uitsluitend loodvrije benzine met een minimum octaangetal van 95 RON.Dieselmotoren: tank uitsluitend dieselbrandstof voor motorvoertuigen die voldoet aan de Europese spe-cificatie EN590.K

IN HET INSTRUCTIEBOEKJE……vindt u informatie, tips en belangrijke waarschuwingen voor het juiste gebruik, veilig rijden en het on-derhoud van uw auto. Let vooral op de symbolen "(veiligheid van de inzittenden), #(bescherming van hetmilieu) en !(conditie van de auto).GEPROGRAMMEERD ONDERHOUDBedenk dat een goed onderhoud van de auto de beste manier is om de prestaties en de veiligheid van deauto gedurende langere tijd te garanderen. Daarbij wordt ook het milieu ontzien en blijven de exploitatie-kosten laag.CODE-cardBewaar de CODE-card op een veilige plaats, niet in de auto. Wij raden u aan de elektronische code vande CODE-card altijd bij u te hebben omdat deze onmisbaar is voor het uitvoeren van een noodstart.ELEKTRISCHE APPARATUURAls u na aanschaf van uw auto accessoires wilt monteren die stroom verbruiken (waardoor de accu lang-zaam kan ontladen), wendt u dan tot de Fiat-dealer.

11VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENSYMBOLENOp of in de nabijheid van enkele onderdelen van uw auto zijn specifiekgekleurde plaatjes aangebracht met daarop symbolen die uw aandachtvragen en die voorzorgsmaatregelen aangeven die u in acht moet nemenals u met het betreffende onderdeel te maken krijgt.Onder de motorkap bevindt zich een plaatje met een korte samenvattingvan de symbolen.FIAT CODEVoor een nog betere bescherming tegen diefstal is de auto uitgerust meteen elektronische startblokkering (Fiat CODE). Het systeem schakeltautomatisch in als de start-/contactsleutel wordt uitgenomen.In iedere sleutel zit een elektronisch component gemonteerd die bij hetstarten van de motor een signaal ontvangt via een speciale antenne die inhet start-/contactslot is ingebouwd.

Het signaal wordt bij het startenomgezet in een gecodeerd signaal en vervolgens aan de regeleenheid vande Fiat CODE gezonden, die, als de code wordt herkend, het starten vande motor mogelijk maakt.WERKINGAls u bij het starten van de motor de sleutel in stand MAR draait, dan stuurthet Fiat CODE-systeem een code naar de regeleenheid van de motor die,als de code wordt herkend, de blokkering van de functies opheft.De code wordt alleen verzonden als de regeleenheid van het systeem dedoor de sleutel verzonden code heeft herkend.Iedere keer als u de contactsleutel in stand STOP zet, schakelt de FiatCODE de functies van de elektronische regeleenheid van de motor uit.F0I0073m

12VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENAls bij het starten de code niet wordt herkend, gaatop het instrumentenpaneel het waarschuwingslampjeYbranden.In dat geval raden wij u aan de sleutel in stand STOPen vervolgens in stand MAR te draaien; als de motorgeblokkeerd blijft, probeer het dan opnieuw met deandere geleverde sleutels. Als de motor dan nog nietaanslaat, voer dan zelf een noodstart uit (zie hethoofdstuk “Noodgevallen”) en wendt u daarna tot deFiat-dealer.BELANGRIJK Elke sleutel heeft een eigen code die inde regeleenheid van het systeem moet wordenopgeslagen.

Voor het opslaan van nieuwe sleutels(maximaal acht) moet u zich tot de Fiat-dealerwenden.Als het lampje Ytijdens het rijden gaatbranden❒Als het lampje Ygaat branden, dan betekent ditdat het systeem een zelfdiagnose uitvoert (bijv. bijeen vermindering van de spanning). Als u hetsysteem wilt controleren, moet u de auto stilzettenen de contactsleutel in stand STOP en vervolgensopnieuw in stand MAR draaien: als er geen enkelestoring wordt gevonden, gaat hetwaarschuwingslampje Yniet branden. ❒Als het waarschuwingslampje Yblijft branden,moet de hiervoor beschreven procedure herhaaldworden en de contactsleutel langer dan 30seconden in stand STOP worden gezet. Als destoring blijft bestaan, wendt u dan tot de Fiat-dealer.❒Als het waarschuwingslampje Yblijft branden,wordt de code niet herkend.

In dat geval moet u desleutel in stand STOP en vervolgens in stand MARdraaien; als de motor geblokkeerd blijft, probeer hetdan opnieuw met de andere geleverde sleutels. Alsde motor dan nog niet aanslaat, voer dan zelf eennoodstart uit (zie het hoofdstuk “Noodgevallen”) enwendt u daarna tot de Fiat-dealer.Bij krachtige stoten kunnen de elektronische componenten in de sleutel beschadigd worden.

13VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENDE SLEUTELSCODE-CARDBij de auto worden twee sleutels geleverd en de CODE-card waaropstaat aangegeven:❒de elektronische code (A) voor het uitvoeren van een noodstart (ziede paragraaf “Noodstart” in het hoofdstuk “Starten en rijden”);❒de mechanische code van de sleutels (B), die bij aanvraag vanduplicaatsleutels aan de Fiat-dealer moet worden medegedeeld.Wij raden u aan de elektronische code (A) altijd bij u te hebben omdatdeze onmisbaar is voor het uitvoeren van een noodstart.BELANGRIJK Om schade aan de elektronische schakelingen in de sleutelste voorkomen, mogen de sleutels niet aan directe zonnestraling wordenblootgesteld.Als de auto wordt verkocht, moeten alle sleutels en de CODE-card overhandigd worden aan denieuwe eigenaar.F0I0036m

14VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENMECHANISCHE SLEUTELDe sleutel (A), waarvan twee exemplaren zijn geleverd als de auto niet isuitgerust met afstandsbediening, dient voor:❒het start-/contactslot;❒de sloten van de portieren en de achterklep;❒het openen van de tankdop;❒de sleutelschakelaar voor het uitschakelen van de airbag aanpassagierszijde (indien aanwezig).SLEUTEL MET AFSTANDSBEDIENING (indien aanwezig) De sleutel (B), die samen met de sleutel (A) wordt geleverd als de auto isuitgerust met afstandsbediening, dient voor:❒het start-/contactslot;❒de sloten van de portieren en de achterklep;❒het openen van de tankdop;❒de sleutelschakelaar voor het uitschakelen van de airbag aanpassagierszijde (indien aanwezig).De knop (C) dient voor het op afstand ont-/vergrendelen van deportieren.

Het lampje (D) gaat branden als de opdracht naar de ontvanger van hetsysteem is verzonden.Als de portieren worden ontgrendeld, gaat de interieurverlichting eenvooraf vastgestelde tijd branden.BELANGRIJK De frequentie van de afstandsbediening kan wordengestoord door krachtige radiosignalen van buiten de auto (bijv. vanmobiele telefoons, van radioamateurs, enz.). Hierdoor kan de werkingvan de afstandsbediening worden beïnvloed.F0I0038mF0I0039m

15VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENBatterij vervangen van de sleutel met afstandsbedieningAls u de knop van de afstandsbediening indrukt en het lampje op desleutel knippert slechts een keer kort, dan moet de batterij wordenvervangen door een nieuw exemplaar dat normaal in de handelverkrijgbaar is.Ga voor het vervangen van de batterij als volgt te werk:❒open het kunststof dekseltje met behulp van een schroevendraaier opplaats (A);❒verwijder de lege batterij (B) en plaats een nieuwe batterij; let daarbijgoed op de polariteit;❒sluit het kunststof dekseltje.Extra afstandsbedieningen bestellenHet systeem kan tot 8 afstandsbedieningen herkennen. Als u na verloopvan tijd een nieuwe afstandsbediening nodig hebt, wendt u dan tot deFiat-dealer.

Neem dan alle in uw bezit zijnde sleutels, de CODE-card, eenidentiteitsbewijs en de autopapieren mee.F0I0040mLege batterijen zijn schadelijk voor het milieu. Ze moeten in een daarvoor bestemde chemobox ofafvalbak worden gedeponeerd. Ze kunnen ook ingeleverd worden bij de Fiat-dealer. Die zorgtvervolgens voor de afvoer.

15VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENBatterij vervangen van de sleutel met afstandsbedieningAls u de knop van de afstandsbediening indrukt en het lampje op desleutel knippert slechts een keer kort, dan moet de batterij wordenvervangen door een nieuw exemplaar dat normaal in de handelverkrijgbaar is.Ga voor het vervangen van de batterij als volgt te werk:❒open het kunststof dekseltje met behulp van een schroevendraaier opplaats (A);❒verwijder de lege batterij (B) en plaats een nieuwe batterij; let daarbijgoed op de polariteit;❒sluit het kunststof dekseltje.Extra afstandsbedieningen bestellenHet systeem kan tot 8 afstandsbedieningen herkennen. Als u na verloopvan tijd een nieuwe afstandsbediening nodig hebt, wendt u dan tot deFiat-dealer.

Neem dan alle in uw bezit zijnde sleutels, de CODE-card, eenidentiteitsbewijs en de autopapieren mee.F0I0040mLege batterijen zijn schadelijk voor het milieu. Ze moeten in een daarvoor bestemde chemobox ofafvalbak worden gedeponeerd. Ze kunnen ook ingeleverd worden bij de Fiat-dealer. Die zorgtvervolgens voor de afvoer.

16VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENSTART-/CONTACTSLOTDe sleutel kan in 4 standen worden gedraaid:❒STOP: motor uit, sleutel uitneembaar en stuurslot ingeschakeld. Enkeleelektrische installaties werken (bijv. autoradio, elektrischeruitbediening).❒MAR: contact aan. Alle elektrische installaties werken.❒AVV: starten van de motor.❒PARK: motor uit, parkeerverlichting aan, stuurslot ingeschakeld. Drukom de sleutel in stand PARK te kunnen draaien, op de knop (A).Het contactslot is voorzien van een herstartbeveiliging. Als de motor bijde eerste poging niet aanslaat, moet u de sleutel terugdraaien in standSTOP en nogmaals starten.F0I0035mAls het start-/contactslot is geforceerd (bijv.

bij een poging tot diefstal) moet u,voordat u weer met de auto gaat rijden, de werking van het slot laten controlerenbij een Fiat-dealer. ATTENTIEATTENTIENeem altijd de sleutel uit het contactslot als de auto wordt verlaten, omonvoorzichtig gebruik van de bedieningsknoppen te voorkomen. Vergeet niet dehandrem aan te trekken en schakel de eerste versnelling in bij een helling omhoogof de achteruit bij een helling omlaag. Laat kinderen nooit alleen achter in deauto.

17VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENSTUURSLOTInschakelenZet de sleutel in stand STOP of PARK, trek de sleutel uit het start-/contactslot en draai het stuur totdat het vergrendelt.UitschakelenDraai het stuur iets heen en weer, terwijl u de sleutel in stand MARdraait. F0I0035mVerwijder de sleutel nooit uit het contactslot als de auto nog in beweging is. Bij deeerste stuuruitslag blokkeert het stuur automatisch. Dit geldt in alle gevallen, ookals de auto gesleept wordt.ATTENTIE

18VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENINSTRUMENTENTOERENTELLER De toerenteller geeft het toerental van de motor aan. Als de wijzernaaldin de gevarenzone staat (rood gebied op enkele uitvoeringen), danbetekent dit dat de motor met extreem hoge toerentallen draait. Dezetoerentallen mogen slechts kort worden aangehouden. BELANGRIJK De regeleenheid van de elektronische inspuiting blokkeerttijdelijk de toevoer van brandstof als de motor met te hoge toerentallendraait, waardoor het motorvermogen zal afnemen.Bij stationair draaiende motor kan de toerenteller een geleidelijke ofplotselinge toerentalstijging aangeven afhankelijk van de omstandigheden.Dit is een normaal verschijnsel en kan voorkomen als bijvoorbeeld deairconditioning of de aanjager wordt ingeschakeld.

In deze gevallen dient eengeleidelijke verandering van het toerental voor het behoud van de acculading.BRANDSTOFMETERHet waarschuwingslampje van de reservebrandstof (A) gaat branden (openkele uitvoeringen verschijnt ook een bericht op het instelbaremultifunctionele display) als er nog ongeveer 5 tot 7 liter brandstof in detank aanwezig is.E- brandstoftank leeg.F- brandstoftank vol.Rijd niet met een bijna lege tank: door een onregelmatigebrandstoftoevoer kan de katalysator beschadigen.BELANGRIJK Als de wijzernaald op de indicatie (E) staat en hetwaarschuwingslampje (A) knippert, dan is er een storing in het systeem.Wendt u in dit geval tot de Fiat-dealer om het systeem te laten controleren.F0I0042mF0I0041m

19VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENKOELVLOEISTOFTEMPERATUURMETER De wijzer geeft de temperatuur aan van de motorkoelvloeistof, zodra dekoelvloeistoftemperatuur hoger wordt dan ongeveer 50°C.Onder normale omstandigheden kan de wijzernaald op verschillendeposities in het bereik staan, afhankelijk van de gebruiksomstandighedenvan de auto.C - lage koelvloeistoftemperatuur.H - hoge koelvloeistoftemperatuur.Als het waarschuwingslampje (B) gaat branden (op enkele uitvoeringenverschijnt ook een bericht op het instelbare multifunctionele display), danis de koelvloeistoftemperatuur te hoog; zet in dat geval de motor uit enwendt u tot de Fiat-dealer.BELANGRIJK Als de wijzernaald op de indicatie (C) staat en hetwaarschuwingslampje (B) knippert, dan is er een storing in het systeem.Wendt u in dit geval tot de Fiat-dealer om het systeem te latencontroleren.F0I0041mAls de wijzernaald in het rode gebied komt, zet dan onmiddellijk de motor uit en wendt u tot deFiat-dealer.

20VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENBEDIENINGSKNOPPEN Om gebruik te maken van de informatie die het “Digitale display” en het “Instelbare multifunctionele display” kunnenleveren (met de contactsleutel in stand MAR), dient u bekend te zijn met de bedieningsknoppen rechts van hetinstrumentenpaneel en op de rechter hendel (voor de werking van de “Trip computer”).

De werking wordt hiernabeschreven.Wij raden u bovendien aan, voordat u een handeling uitvoert, dit hoofdstuk aandachtig door te lezen.F0I0245mDigitaal display (indien aanwezig)Knop trip Voor weergave op het display van de volgende functies: kilometertellertotaal en dagteller.Knop hVoor het instellen van de tijd (uren - minuten).Multifunctioneel display (indien aanwezig)Knoppen +/-Voor het instellen van de tijd (uren - minuten).Knop TRIP (zie de volgende pagina)Korter dan 1 seconde indrukken (impuls), aangegeven met %in devolgende beschrijvingen, om de verschillende schermen van de Tripcomputer te doorlopen.Langer dan 2 seconden indrukken, aangegeven met &in de volgendebeschrijvingen, om de informatie van de Trip computer op nul te zetten(reset) voor een nieuwe rit.F0I0244m

21VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENF0I0043mInstelbaar multifunctioneel display (indien aanwezig)Knoppen +/-Om de menuschermen en de opties omhoog/omlaag te doorlopen of omde weergegeven waarde te verhogen/verlagen en om de lichtsterkte teregelen (indien ingedrukt als het “Instelmenu” niet actief is).F0I0242mKnop MODEKorter dan 2 seconden indrukken (impuls), aangegeven met Qin devolgende beschrijvingen, om de keuze te bevestigen en/of naar hetvolgende scherm te gaan of het menu te openen.Langer dan 2 seconden indrukken, aangegeven met Rin de volgendebeschrijvingen, om terug te keren naar het vorige scherm.Knop TRIPKorter dan 1 seconde indrukken (impuls), aangegeven met %in devolgende beschrijvingen, om de verschillende schermen van de Tripcomputer te doorlopen.Langer dan 2 seconden indrukken, aangegeven met &in de volgendebeschrijvingen, om de informatie van de Trip computer op nul te zetten(reset) voor een nieuwe rit.

22VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENDIGITAAL DISPLAY (indien aanwezig)Voor weergave van de informatie van de Trip computer: kilometertellertotaal en dagteller.INFORMATIE OP HET DISPLAY❒Klokje (B) (altijd weergegeven, ook bij uitgenomen contactsleutel engesloten voorportieren).❒Weergave koplampafstelling (alleen als het dimlicht is ingeschakeld)(A).❒Informatie Trip computer: kilometerteller totaal (C) of dagteller (D).Diagnosefunctie waarschuwingslampjesHet instrumentenpaneel controleert de volgende waarschuwingslampjes(indien aanwezig):❒handrem aangetrokken/te laag remvloeistofniveau;❒ABS en EBD;❒inschakelen/storing ESP;❒storing elektrische stuurbekrachtiging “Dualdrive”.De controle wordt automatisch uitgevoerd als u de contactsleutel instand MAR draait en tijdens de normale werking als eventueel een storingwordt geconstateerd.Als de controle van de lampjes is voltooid, toont het display de eventuelestoring (aan één of meerdere lampjes).

23VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENKLOKJE INSTELLENDruk voor het instellen van de tijd op knopje h: de tijd kan wordeningesteld als u het knopje enkele ogenblikken ingedrukt houdt. Elke keerals u het knopje indrukt, verspringt het klokje een eenheid. Als u hetknopje even ingedrukt houdt, lopen de cijfers automatisch snel door.F0I0245m

24VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENMULTIFUNCTIONEEL DISPLAY (indien aanwezig)Voor weergave van alle nuttige en noodzakelijke informatie tijdens de rit:INFORMATIE OP HET STANDAARDSCHERM❒Kilometerteller totaal (A).❒Klokje (B).Bij uitgenomen contactsleutel en gesloten voorportieren blijft het displayuitgeschakeld.Bij uitgenomen contactsleutel wordt bij het openen van een voorportierhet display verlicht en wordt enkele seconden het klokje en dekilometerteller weergegeven.Als de functie “Follow me home” is ingeschakeld (zie de paragraaf “Followme home” in dit hoofdstuk), verschijnt op de plaats van de kilometertellereen opschrift dat aangeeft hoelang de functie blijft ingeschakeld (zie deafbeelding).INFORMATIE OVER DE AUTO❒Informatie Trip computer.❒Weergave koplampafstelling (alleen als het dimlicht is ingeschakeld) (C)F0I0031mF0I0030m

De gekozen informatie blijftop het display weergegeven totdat nieuwe informatie wordt gevraagd.(*) Tijdens de weergave van het Huidig verbruik, verschijnt op het displayniet het opschrift TRIP.Procedure voor het begin van een rit (reset)Om een nieuwe rit te beginnen, moet u, als de contactsleutel in standMAR staat, op de knop drukken volgens methode &(zie de paragraaf“Bedieningsknoppen”).BELANGRIJK De gegevens “Actieradius” en “Huidig verbruik” kunnenniet op nul worden gezet.F0I0164mActieradiusF0I0166mF0I0165mAfgelegde afstandF0I0167mF0I0168mRijtijdGemiddeld/Huidig(*) verbruikGemiddelde snelheid

26VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENActieradius = geeft het aantal kilometers aan dat noggereden kan worden met de brandstof in debrandstoftank, waarbij er van uit wordt gegaan dat derijstijl niet verandert. Op het display verschijnt deindicatie “- - - -” als:❒de actieradius kleiner is dan 50 km;❒als de auto langer dan 5 minuten stilstaat metstationair draaiende motor.Afgelegde afstand = geeft het aantal afgelegdekilometers aan vanaf het begin van de nieuwe rit (*).Gemiddeld verbruik = geeft het gemiddeldebrandstofverbruik aan vanaf het begin van een nieuwerit (*) in l/km of in l/100km.Huidig brandstofverbruik = geeft ongeveer iedere5 seconden het brandstofverbruik aan.

Als de autostilstaat met stationair draaiende motor, verschijnt ophet display de indicatie “- - - -”.Gemiddelde snelheid = geeft de gemiddeldesnelheid van de auto aan op basis van de tijd dieafgelegd is vanaf het begin van de nieuwe rit (*).Rijtijd = tijd die verstreken is vanaf het begin van denieuwe rit (*).BELANGRIJK Als er geen informatie is, verschijnt bijalle functies van de TRIP COMPUTER de indicatie “——” in plaats van de waarde. Wanneer de normalewerking weer hersteld is, worden de waarden van defuncties weer op normale wijze weergegeven. Dewaarden die voor de storing werden weergegevenworden niet op nul gezet en er wordt geen nieuwe rit(*) begonnen.(*) Nieuwe rit = als een reset is uitgevoerd:– “handmatig” door de gebruiker d.m.v.

27VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENDIAGNOSEFUNCTIE WAARSCHUWINGSLAMPJESHet instrumentenpaneel controleert de volgende waarschuwingslampjes(indien aanwezig) op eventuele storingen:❒handrem aangetrokken/te laag remvloeistofniveau;❒ABS en EBD;❒inschakelen/storing ESP;❒storing elektrische stuurbekrachtiging “Dualdrive”.De controle wordt automatisch uitgevoerd als u de contactsleutel instand MAR draait en tijdens de normale werking als eventueel een storingwordt geconstateerd. Als de controle van de lampjes is voltooid, toonthet display de eventuele storing (aan een of meerdere lampjes).

Bij eenstoring gaat het opschrift LEd Err ongeveer 10 seconden knipperen.KLOKJE INSTELLENGa als volgt te werk:❒druk op de knop + om de tijd met een eenheid te verhogen;❒druk op de knop – om de tijd met een eenheid te verlagen.Als u de knop even ingedrukt houdt, lopen de cijfers automatisch sneldoor.F0I0244mF0I0032m

28VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENINSTELBAAR MULTIFUNCTIONEEL DISPLAY(indien aanwezig)Voor weergave van alle nuttige en noodzakelijke informatie tijdens de rit:INFORMATIE OP HET STANDAARDSCHERM❒Datum (A).❒Kilometerteller totaal (B).❒Klokje (C).❒Buitentemperatuur (D).❒Informatie over de Speedgear of Dualogic versnellingsbak (indien aanwezig) (F).Bij uitgenomen contactsleutel en gesloten voorportieren blijft het displayuitgeschakeld.Bij uitgenomen contactsleutel wordt bij het openen van een voorportierhet display verlicht en wordt enkele seconden het klokje en dekilometerteller weergegeven.Als de functie “Follow me home” is ingeschakeld (zie de paragraaf“Follow me home” in dit hoofdstuk) verschijnt op de plaats van dekilometerteller een opschrift dat aangeeft hoelang de functie blijftingeschakeld (zie het hoofdstuk “Controle- en waarschuwingslampjes”).F0I1000iF0I1001i

29VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPEN❒INFORMATIE AUDIOSYSTEEM HERHALEN(indien aanwezig) (●)❒CENTRALE PORTIERVERGRENDELING BIJRIJDENDE AUTO❒EENHEID “AFSTAND”❒EENHEID “VERBRUIK”❒EENHEID “TEMPERATUUR”❒TAAL INSTELLEN❒VOLUMEREGELINGWAARSCHUWINGSZOEMER❒VOLUMEREGELING KNOPPEN❒GEPROGRAMMEERD ONDERHOUD❒MENU VERLATEN●De werking van het menupunt “Audio Herh.” isalleen gegarandeerd als de autoradio tijdens deproductie van de auto is ingebouwd.INFORMATIE OVER DE AUTO❒Afstand tot volgende servicebeurt.❒Informatie Trip computer.❒Lichtsterkteregeling van het display/instrumenten-paneel en display van automatische airconditioningmet gescheiden regeling (indien aanwezig).❒Weergave storingen/waarschuwingen.❒Weergave koplampafstelling (alleen als het dimlichtis ingeschakeld) (E).❒Weergave ingeschakelde functies.❒Herhaling informatie audiosysteem.Er is ook een menu aanwezig waarin met de bedienings-knoppen (zie de vorige pagina’s) de volgende instellingenkunnen worden uitgevoerd:INSTELMENUIn het “Instelmenu” kunt u met de bedieningsknoppen(zie de vorige pagina’s) de volgende instellingeninvoeren:❒SNELHEIDSLIMIET❒TRIP B❒KLOKJE INSTELLEN❒TIJDWEERGAVE❒DATUM INSTELLEN

STARTCONTROLEAls u de contactsleutel in de stand MAR draait, wordt op het display het bericht “Check bezig” weergegeven: de fasewaarin een diagnose wordt uitgevoerd van alle elektronische systemen in de auto is begonnen. Deze fase duurtenkele seconden. Als tijdens deze fase geen storing wordt gevonden en de motor is gestart, dan verschijnt op hetdisplay het bericht “Check OK”. Als er daarentegen storingen worden gevonden, raadpleeg dan het hoofdstuk “Lampjes en berichten”.30VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENMotorgestart?

JAGeen storingenaanwezig Het “Onderhoudsschema” voorziet elke 20.000 km (of elke 12.000 mijl) of ieder jaar in een servicebeurt; deze weergave verschijntautomatisch als de sleutel in stand MAR staat, vanaf 2.000 km (of 1.240 mijl) of 30 dagen voor de servicebeurt. De weergave wordt elke200 km (of elke 124 mijl) of om de drie dagen weergegeven. Zie voor het vervangen van het luchtfilter, de motorolie en het motoroliefilterbij de 1.3 Multijet-uitvoeringen het “Onderhoudsschema” in het hoofdstuk “Onderhoud en zorg”. Als u dicht bij de volgende servicebeurtbent en u de contactsleutel in stand MAR draait, verschijnt op het display het opschrift “Service” gevolgd door het aantal kilometers ofdagen dat resteert tot de volgende servicebeurt.

De informatie van het “Geprogrammeerd onderhoud” wordt aangegeven in kilometers(km) of mijlen (mijl) of dagen (dd), afhankelijk van de eerstvolgende servicebeurt. Wendt u tot de Fiat-dealer voor het uitvoeren van dewerkzaamheden van het “Onderhoudsschema” of van het “Jaarlijks inspectieschema”, en voor het op nul zetten van deze weergave (reset).Als op het display een storing wordtweergegeven, zie dan de paragraaf“Lampjes en berichten” in dithoofdstuk.Weergavestandaardschermof NEE

31VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENDagJaar MaandQEngelsFransDuitsPortugeesSpaansItaliaansNederlandsQBijvoorbeeldBijvoorbeeld:TAALSERVICEMENU VERLATENTRIP B REG. KLOKWEERG. KLOKINSTELLEN DATUMAUDIO HERH.VERG. PORT.EENHEID AFST.VERBRUIKEENHEID TEMP.VOL. KNOPPENVOL. ZOEMERSNELH. LIM.BESCHRIJVING VAN HET MENUHet menu bestaat uit een aantal functies dat “cyclisch” wordt weergegeven. De functies kunnen met de knoppen +en – worden gekozen, waarna u keuzemogelijkheden kunt selecteren of instellingen kunt uitvoeren (zie devoorbeelden “Taal” en “Instel. datum” in onderstaand schema); zie voor meer informatie “Toegang tot menuscherm”op de volgende pagina.

TOEGANG TOT MENUSCHERMNa de “Startcontrole” kunt u toegang krijgen tot het menuscherm door de knop Qin te drukken.Druk op de knop + of – om het menu te doorlopen.BELANGRIJK Als gedurende 60 seconden geen enkele handeling wordt uitgevoerd, dan wordt automatisch het menuverlaten en het vorige scherm weergegeven. In dat geval wordt de laatst gekozen instelling die niet bevestigd is (met de knop Q) niet opgeslagen. De handelingmoet dus opnieuw worden uitgevoerd.Als de auto in beweging is, kan alleen toegang worden verkregen tot een beperkt menu (instellen van de“Snelheidslimiet”).Als de auto stilstaat, kan toegang worden verkregen tot het uitgebreide menu.In het volgende schema worden de beschreven mogelijkheden weergegeven.32VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPEN

SNELHEIDSLIMIET (Snelh. Lim.) Met deze functie kan de snelheidslimiet van de auto worden ingesteld. Als deze snelheid wordt overschreden, klinkter een akoestisch signaal, gaat het waarschuwingslampje èbranden en verschijnt er een bericht op het display (ziehet hoofdstuk “Lampjes en berichten”). De snelheidslimiet kan als volgt worden ingesteld:34VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENRQQRQRR–+–+QZie “Startcontrole”en “Toegang tot menuscherm”Kies met de knoppen +/– voor in- of uitschakeling ON/OFF.De gekozen instelling knippert. Terug naar menu-schermMenuschermTerug naar vorigscherm, bijv.: Terug naar menu-schermMet de knop +/- kunt u de gewenste snelheid instellen. Tijdenshet instellen knippert de waarde op het display.

37VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENWEERGAVE KLOK (Weerg. Klok)Met deze functie kan de tijd worden weergegeven in 12h (12 uur) of 24h (24 uur). Ga voor het instellen als volgt tewerk:RQ–+–+RRQQRZie “Startcontrole”en “Toegang tot menuscherm”MenuschermKies met de knoppen +/– voor 12 h of 24 h.De geselecteerde instelling knippert.Terug naar menuschermTerug naar menuschermTerug naar vorigscherm, bijv:

39VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENINFORMATIE AUDIOSYSTEEM HERHALEN (Audio Herh.) (indien aanwezig)Met deze functie kan op het display de informatie worden weergegeven van de Radio (frequentie of RDS-bericht vanhet geselecteerde radiostation, automatisch zoeken starten of AutoSTore), een audio-CD (nummer van muziekstuk),een MP3-CD (nummer van muziekstuk), een MP3-card (nummer van muziekstuk) en de Cassettespeler (werking).RQZie “Startcontrole”en “Toegang tot menuscherm”Menuscherm–+–+Kies met de knoppen +/– voor in- of uit-schakeling ON/OFF.De geselecteerde instelling knippert.RTerug naar menu-schermTerug naar menu-schermVoorbeeld van herhaling infor-matie van audiosysteemTerug naar vorigscherm, bijv: RQQR

CENTRALE PORTIERVERGRENDELING BIJ RIJDENDE AUTO (Vergr. Port.) Als deze functie:❒is ingeschakeld (ON), worden de portieren automatisch vergrendeld als de auto sneller rijdt dan 20 km/h;❒is uitgeschakeld (OFF), worden de portieren niet automatisch vergrendeld als de auto sneller rijdt dan 20 km/h.40VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENRQZie “Startcontrole”en “Toegang tot menuscherm”Menuscherm–+–+Kies met de knoppen +/– voor in- of uitschakeling ON/OFF.De geselecteerde instelling knippert.RTerug naar menu-schermTerug naar menu-schermRQQRTerug naar vorigscherm, bijv:

41VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENEENHEID “AFSTAND” (Eenheid Afst.) Op het display kunnen de eenheden van de informatie worden ingesteld (km of mijl). Ga voor het kiezen van deeenheden als volgt te werk:RQZie “Startcontrole”en “Toegang tot menuscherm”Menuscherm–+–+Stel met de knoppen +/– de gewensteeenheid in (km of mijl).De geselecteerde instelling knippert.RTerug naar menu-schermTerug naar menu-schermRQQRTerug naar vorigscherm, bijv.:

EENHEID “VERBRUIK” (Verbruik)Met deze functie kan de eenheid van het brandstofverbruik worden ingesteld (km/l, l/100 km of mpg). Deze eenheidis gekoppeld aan de geselecteerde eenheid voor de afstand (km of mijl, zie de vorige paragraaf “Eenheid afstand”). Ga voor het instellen als volgt te werk:42VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENRQRQRAls u mijl hebt ingesteldAls u km hebt ingesteldStel met de knoppen +/– de eenheid van het brandstofverbruik in,km/l of l/100km.De geselecteerde instelling knippert.Terug naar menu-schermTerug naar menuschermZie “Startcontrole”en “Toegang tot menuscherm”Menuscherm–+RQQRTerug naar vorigscherm, bijv: –+

TAAL INSTELLEN (Taal) De berichten op het display kunnen in verschillende talen worden weergegeven (Italiaans, Engels, Duits, Portugees,Spaans, Frans, Nederlands). Ga voor het instellen van de taal als volgt te werk:44VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENRZie “Startcontrole”en “Toegang tot menuscherm”Menuscherm–+–+–+–+–+–+–+RQTerug naar menu-schermTerug naar vorigscherm, bijv.: Q

45VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENVOLUMEREGELING WAARSCHUWINGSZOEMER (Vol. Zoemer)Het volume van het akoestische signaal (zoemer) dat klinkt als er een storing wordt gevonden, kan ingesteld wordenop 8 niveaus. Het akoestische signaal kan worden ingesteld maar niet worden uitgeschakeld. Ga voor het instellen alsvolgt te werk:Zie “Startcontrole”en “Toegang tot menuscherm”MenuschermStel met de knoppen +/– het volume vanhet geluidssignaal (zoemer) in.De geselecteerde instelling knippert.Terug naar menu-schermTerug naar menu-schermTerug naar vorigscherm, bijv: RQR–+–+RQQR

VOLUMEREGELING KNOPPEN (Vol. Knoppen)Het akoestische signaal dat klinkt bij het indrukken van enkele knoppen in de auto, kan worden ingesteld op 8niveaus. Het akoestische signaal kan worden ingesteld en uitgeschakeld. Ga voor het instellen als volgt te werk:46VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENTerug naar menu-schermMenuschermZie “Startcontrole”en “Toegang tot menuscherm”Stel met de knoppen +/– het volume vanhet geluidssignaal (zoemer) in.De geselecteerde instelling knippert.Terug naar menu-schermTerug naar vorigscherm, bijv: RQRQQR–+–+R

47VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENGEPROGRAMMEERD ONDERHOUD (Service)Met deze functie kan worden weergegeven hoeveel kilometer of dagen nog resteren voordat een servicebeurt moetworden uitgevoerd.RQZie “Startcontrole”en “Toegang tot menuscherm”MenuschermKies met de knoppen +/– de gewensteweergave, km, mijlen of dagen (dd). Degeselecteerde instelling knippert.RTerug naar menu-schermTerug naar menu-schermTerug naar vorigscherm, bijv.: vervolg–+–+RQQR

48VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENHet “Onderhoudsschema” voorziet elke 20.000 km (of elke 12.000 mijl) of ieder jaar in een servicebeurt; deze weergave verschijntautomatisch als de sleutel in stand MAR staat, vanaf 2.000 km (of 1.240 mijl) of 30 dagen voor de servicebeurt. De weergave wordt elke200 km (of elke 124 mijl) of om de drie dagen weergegeven. Zie voor het vervangen van het luchtfilter, de motorolie en het motoroliefilterbij de 1.3 Multijet-uitvoeringen het “Onderhoudsschema” in het hoofdstuk “Onderhoud en zorg”. Als u dicht bij de volgende servicebeurtbent en u de contactsleutel in stand MAR draait, verschijnt op het display het opschrift “Service” gevolgd door het aantal kilometers ofdagen dat resteert tot de volgende servicebeurt.

De informatie van het “Geprogrammeerd onderhoud” wordt aangegeven in kilometers(km) of mijlen (mijl) of dagen (dd), afhankelijk van de eerstvolgende servicebeurt. Wendt u tot de Fiat-dealer voor het uitvoeren van dewerkzaamheden van het “Onderhoudsschema” of van het “Jaarlijks inspectieschema”, en voor het op nul zetten van deze weergave (reset).Terug naarmenuschermTerug naar vorigscherm, bijv.:RQ

49VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENMENU VERLATEN (Menu verlaten)Laatste functie waarmee de instellingen uit het startmenu worden afgesloten.RZie “Startcontrole”en “Toegang tot menuscherm”MenuschermMet de knop + keert u terug naar “Snelh.Lim.” (eerste onderdeel van het menu). Terug naar vorigscherm, bijv.: –+

TRIP COMPUTERMet de functie “Trip computer” kan op het display informatie worden weergegeven over de werking van de auto.Deze functie bestaat uit “General trip”, dat betrekking heeft op de hele rit van de auto, en “Trip B”, dat betrekkingheeft op een deeltraject. Deze laatste functie vormt een onderdeel (zoals is afgebeeld in de volgende grafiek) van hettotale traject van de auto. Beide functies kunnen op nul worden gezet.Met “General trip” wordt informatie over Actieradius, Afgelegde afstand, Gemiddeld verbruik, huidig verbruik,Gemiddelde snelheid en Rijtijd gegeven. Met “Trip B” wordt informatie over Afgelegde afstand B, Gemiddeldverbruik B, Gemiddelde snelheid B en Rijtijd B gegeven. De functie “Trip B” kan worden uitgeschakeld.Procedure voor het begin van een rit (reset)Als een rit gecontroleerd moet worden m.b.v.

“General trip”, dan moet u vooraf, als de contactsleutel in stand MARstaat, op de knop &op de rechter hendel aan het stuur drukken volgens methode &(zie de paragraaf“Bedieningsknoppen”). Als u het systeem op nul zet terwijl het scherm van “General trip” wordt weergegeven, dan worden ook degegevens van “Trip B” op nul gezet.

Als u het systeem op nul zet terwijl het scherm van “Trip B” wordtweergegeven, dan worden alleen de gegevens van “Trip B” op nul gezet.BELANGRIJK De functie “Actieradius” kan niet op nul worden gezet.50VEILIGHEID STARTEN EN RIJDENLAMPJES EN BERICHTENNOOD-GEVALLEN ONDERHOUDVAN DE AUTOTECHNISCHE GEGEVENSALFABETISCH REGISTERDASHBOARD EN BEDIENINGS-KNOPPENReset TRIP BEinde deeltraject Begin nieuw deeltraject Reset TRIP BEinde deeltraject Begin nieuw deeltrajectReset TRIP BTRIP BTRIP BTRIP BReset TRIP BEinde deeltraject Begin nieuw deeltrajectGENERAL TRIPReset GENERAL TRIPEinde rit - Begin nieuwe ritReset GENERAL TRIPEinde rit - Begin nieuwe rit ˙˙˙˙˙˙˙˙Einde deeltraject Begin nieuw deeltraject

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Fiat Punto 2003 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden




Handleiding Personenwagen Fiat

Fiat
Fiat
Fiat
Fiat
Fiat
Fiat

Fiat Strada Handleiding

31 Augustus 2021
Fiat
Fiat
Fiat

Fiat Stilo Handleiding

31 Augustus 2021
Fiat

Handleiding Personenwagen

Nieuwste handleidingen voor Personenwagen

Seat
Kia

Kia Cee-d Handleiding

16 Oktober 2023
Kia

Kia Carens 1 Handleiding

16 Oktober 2023
Kia
Audi

Audi A1 Handleiding

5 Oktober 2023
Audi

Audi Q3 Handleiding

5 Oktober 2023