Ferroli Aqua1 Plus 260HT Handleiding

Ferroli Ketel & boiler Aqua1 Plus 260HT

Bekijk gratis de handleiding van Ferroli Aqua1 Plus 260HT (33 pagina’s), behorend tot de categorie Ketel & boiler. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 98 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Ferroli Aqua1 Plus 260HT of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/33
Handleiding code 181026
Pagina 1 / 33
_______________________
AQUA1
PLUS 160-200-260 HT en 200-260 LT
Warmtepompboiler voor vloeropstelling
Gebruikers en installateurshandleiding

Beoordeel deze handleiding

4.3/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Ferroli
Categorie: Ketel & boiler
Model: Aqua1 Plus 260HT

Handleiding Ferroli Aqua1 Plus 260HT – volledige tekst

Handleiding code 181026 Pagina 2 / 33 Inhoudsopgave 1 Introductie. 3 1. 1 GEACHTE KLANT. 3 1. 2 AANSPRAKELIJKHEID. 3 1. 3 AUTEURSRECHTEN. 3 1. 4 WERKINGSPRINCIPE. 4 1. 5 BESCHIKBARE VERSIES EN CONFIGURATIES. 4 2 Vervoeren en uitpakken. 5 3 Opbouw van de warmtepompboiler. 6 3. 1 TECHNISCHE GEGEVENS. 7 4 Belangrijke informatie. 8 4. 1 CONFORMITEIT MET EUROPESE RICHTLIJNEN. 8 4. 2 BESCHERMING DOOR DE BEHUIZING. 8 4. 3 BEPERKINGEN VAN HET GEBRUIK. 8 4. 4 HET GEBRUIKSDOEL VAN HET TOESTEL. 8 4. 5 BELANGRIJKE VEILIGHEIDSREGELS. 8 4. 6 INFORMATIE OVER HET GEBRUIKTE KOELMIDDEL. 8 5 Installatie en aansluitingen. 9 5. 1 KEUZE VAN DE OPSTELPLAATS. 9 5. 2 VENTILATIE AANSLUITING. 9 5. 2. 1 Koeling van de woning. 11 5. 3 OPSTELLEN EN AANSLUITEN VAN HET TOESTEL. 11 5. 4 WATERLEIDINGEN AANSLUITEN. 12 5. 4. 1 Aansluiten van de condens afvoer. 13 5. 5 AANSLUITEN VAN THERMISCHE ZONNE ENERGIE. 14 5.

Gebruikers en installateurs handleiding Aqua 1 plus Handleiding code 181026 pagina 3 / 33 1 Introductie Deze installatie- en onderhoudshandleiding moet beschouwd worden als een integraal deel van de warmtepompboiler (hierna ook toestel genoemd). De handleiding moet worden bewaard voor toe-komstig gebruik tot de warmtepompboiler zelf is gedemonteerd. Deze handleiding is bedoeld voor zowel de gespecialiseerde installateur en onder-houdstechnicus als voor de eindgebruiker. De installatievoorschriften moeten worden nageleefd voor een correcte en veilige werking van het toe-stel even als de aanwijzingen voor gebruik en on-derhoud die worden beschreven in deze handlei-ding. Bij verkoop van het toestel of verandering van ei-genaar moet de handleiding het toestel vergezel-len naar zijn nieuwe bestemming.

Lees voordat u het toestel installeert en / of ge-bruikt deze handleiding zorgvuldig door en in het bijzonder hoofdstuk 4 met betrekking tot veiligheid. De handleiding moet bij het toestel bewaard wor-den, hij moet in ieder geval altijd beschikbaar zijn voor gekwalificeerd personeel dat verantwoorde-lijk is voor de installatie en het onderhoud van het toestel. De onderstaande symbolen worden in de hand-leiding gebruikt om snel de belangrijkste informatie te kunnen vinden: Veiligheidsinformatie Te volgen regels Informatie en aanwijzigen 1. 1 Geachte klant Geachte klant, Bedankt voor het kopen van dit product. Ons be-drijf heeft altijd veel aandacht aan het milieu ge-geven, daarom gebruiken wij bij de fabricage van onze producten, technieken en materialen met een lage milieubelasting.

Wij produceren in over-eenstemming met richtlijnen: AEEA 2012/19/EU be-treffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur en RoHS 2011/65 /EU betreffende be-perking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur. 1. 2 Aansprakelijkheid Er is grondig op gecontroleerd dat deze handleiding en het toestel met elkaar overeenkomen.

Het is ech-ter nog steeds mogelijk dat afwijkingen voorkomen. Wij aanvaarden daarom geen aansprakelijkheid voor onvolledige overeenstemming. Wij hebben een beleid van constante productontwik-keling en behouden ons het recht voor om specifica-ties van onze producten zonder berichtgeving vooraf te wijzigen. Wij aanvaarden dan ook geen aanspra-kelijkheid voor schade ontstaan door onjuistheden in deze handleiding. De leverancier kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die toe te schrijven is aan verkeerd ge-bruik, oneigenlijk gebruik of als gevolg van ongeauto-riseerde reparaties of aanpassingen. Waarschuwing.

: Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door personen met lichame-lij-ke of geestelijke beperkingen of door onervaren personen, als ze onder toe-zicht staan of geïnformeerd zijn over hoe dit product op een veilige manier gebruikt wordt en de potentiële gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mag alleen door kinderen uitgevoerd worden onder toezicht van volwasse-nen. 1. 3 Auteursrechten Deze gebruikersinstructie bevat informatie die door het auteursrecht is beschermd. Het is verboden deze gebruikersinstructie te fotokopiëren, te dupli-ceren, vertalen of vast te leggen op geheugen-apparatuur, geheel of gedeeltelijk zonder vooraf-gaande toestemming van de leverancier. Eventuele inbreuken zijn onderworpen aan de be-taling van een vergoeding voor eventuele schade.

Gebruikers en installateurs handleiding Aqua 1 plus Handleiding code 181026 pagina 4 / 33 1. 4 Werkingsprincipe De Aqua1 plus warmtepompboilers zijn in staat om warmwater voor huishoudelijk gebruik te produce-ren, hoofdzakelijk door middel van warmtepomp-technologie. Een warmtepomp is in staat om thermische energie over te brengen van een bron met lage temperatuur naar een andere met een hogere temperatuur en omgekeerd (via warmte-wisselaars). De warmtepompboiler heeft een kringloop met daarin een compressor, een verdamper, een con-densor en een expansieventiel; er stroomt een koelmiddel in vloeistof of gasvorm door deze kring-loop.

De compressor maakt een drukverschil waardoor een thermodynamische cyclus opgang gebracht wordt: door de onderdruk stroomt koelvloeistof in de verdamper, dit verdampt bij lage druk en lage temperatuur, de verdampende vloeistof neemt veel warmte op, het gas wordt daarna door de compressor opgezogen en gecomprimeerd en naar de condensor geperst waar het gas weer condenseert tot vloeistof bij een hoge druk en ho-ge temperatuur. De warmte die bij het verdampen opgenomen is komt bij het condenseren weer vrij. Na de condensor passeert de vloeistof het expan-sieventiel en ondergaat een grote drukdaling. Het stroomt weer de verdamper in en de cyclus begint opnieuw. Fig. 1 – Werkingsprinciepe De werking van de warmtepompboiler is als volgt ( Fig. 1): I-II: Koelvloeistof stroomt de verdamper in gedre-ven door de onderdruk veroorzaakt door de com-pressor.

De koelvloeistof verdampt in de verdam-per en neemt tijdens het verdampen duurzame warmte op uit de luchtstroom. De luchtstroom wordt door de ventilator opgewekt. Warmte stroomt van de lucht door de vinnen en buiswan-den van de verdamper naar de verdampende vloeistof in de buizen. II-III: Het koelgas wordt aangezogen en samen-geperst door de compressor, de druk verhoging veroorzaakt ook een temperatuurstijging. Door de hogere druk en temperatuur ontstaat een over-verhitte damp.

III-IV: In de condensor koelt het gas af en conden-seert tot vloeistof. De warmte die hier bij vrij komt stroomt via de buiswanden van de condensor en de wand van de tank naar het tapwater in de tank. IV-I: De vloeistof passeert het expansieventiel en ondergaat dan een plotselinge druk en tempera-tuur daling naar de druk in de verdamper. Een klein deel van de vloeistof verdampt direct bij dit proces. Daarna herhaalt de cyclus zich. 1. 5 Beschikbare versies en configuraties Er zijn hoog temperatuur (HT) en laag temperatuur (LT) versies. Een HT toestel kan alleen met relatief hoge luchttemperaturen tot 4°C werken en een LT toestel werkt nog met lucht temperaturen tot -7°C. Beide versies zijn beschibaar in modellen met ver-schillende tank volumes. De HT is er met een 90, een 160, een 200 en een 260 liter tank. De LT is be-schikbaar in een model met 200 liter en met 260 liter tank.

Gebruikers en installateurs handleiding Aqua 1 plus Handleiding code 181026 pagina 5 / 33 2 Vervoeren en uitpakken Het toestel wordt geleverd in een kartonnen doos op een houten pallet(*). Het is met drie schroeven aan de pallet bevestigd. Gebruik een vork hef-truck of een palletwagen om het toestel uit te la-den: deze zou een laadvermogen van tenminste 250 kg moeten hebben. Het verpakte toestel moet indien mogelijk verticaal vervoerd worden. Over afstanden van enkele tientallen meters is ho-rizontaal vervoer ook toegestaan mits dat uiterst voorzichtig geschied. Het toestel mag vooral niet schudden. Tijdens vervoer in een vrachtwagen moet het toestel gezekerd worden zodat het niet om kan vallen. Om het gemakkelijker te maken om de bevesti-gingsschroeven los te maken, kan het verpakte toestel voorzichtig in horizontale positie worden gekanteld.

Het uitpakken moet zorgvuldig worden uitgevoerd om de behuizing van het toestel niet te beschadi-gen. Let vooral op als messen worden gebruikt bij het openen van de kartonnen verpakking. Contro-leer na het verwijderen van de verpakking het toe-stel op beschadigingen is. Bij twijfel, gebruik het toestel niet en neem contact op met Ferroli Neder-land. Conform de voorschriften voor milieubescherming moet u ervoor zorgen dat alle meegeleverde ac-cessoires zijn verwijderd voordat u de verpakking weggooit. WAARSCHUWING. Verpakkingsmaterialen (nietjes, piep- schuim, enz. ) Mogen niet binnen het bereik van kinderen achter gelaten worden omdat ze gevaarlijk voor kinderen kunnen zijn. Gedurende de gehele periode dat het toestel staat te wachten om te worden geïnstalleerd, is het raad-zaam om het te beschermen tegen weersinvloeden.

(*)Opmerking: het type verpakking kan worden ge-wijzigd naar goeddunken van de fabrikant. Posities tijdens vervoer. Waarschuwing. In horizontale positie is het bovendeel van het toestel niet be-stand tegen de sterke krachten die bij schudden of vallen kunnen ontstaan.

93 Volume van de tank [L] 158 199 255 196 248 Maximale werkdruk tank [bar] 8 8 8 8 8 Tank materiaal geëmailleerd staal Tank bescherming met Mg anode aantal 1 1 2 1 2 Tank isolatiemateriaal en isolatie dikte polyurethaan, 50 mm Thermische ontsmetting (anti-legionella) dag 30 Ventilator type Centrifugaal Luchtstroom [m3/h] 350 350 350 350-500 Diameter lucht uitlaat [mm] 160 160 160 160 160 Maximaal beschikbare luchtdruk [Pa] 100 100 100 200 200 Compressor Rotary Koelmiddel R134a Verdamper Aluminium lamellen Condensor Al buis om tank gewonden zonne-energie spiraal staal niet aanwezig geëmailleerd zonne-energie spiraal oppervlak m2 niet aanwezig 0. 6 1 zonne-energie spiraal max. druk [bar] niet aanwezig 7 7 Geluidsvermogen [dBa] 59 59 59 60 60 Leeg gewicht [kg] 70 80 100 99 115 (ISO): volgens ISO 2553:3 (EN): volgens EN 16147:2011 (EU): volgens EU 812/2013 (1): omgeving = 15°C, B. S. /12°C B.

1 Conformiteit met Europese richtlijnen De warmtepompboiler is een toestel bedoeld voor huishoudelijk gebruik en heeft overeenstemming met de volgende Europese richtlijnen: • Richtlijn 2011/65 /EU betreffende de beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stof-fen in elektrische en elektronische apparatuur (RoHS); • Richtlijn 2014/30/EU - Elektromagnetische com-patibiliteit (EMC); • Richtlijn 2014/35/EU - laagspanningsrichtlijn (LVD); • RICHTLIJN 2009/125/EU betreffende de tot-standbrenging van een kader voor het vaststel-len van eisen betreffende ecologisch ontwerp voor energie gerelateerde producten • RICHTLIJN 2010/30/EU betreffende de vermel-ding van het energieverbruik en het verbruik van andere hulpbronnen op de etikettering en in de standaard productinformatie van energie gerelateerde producten. 4.

2 Bescherming door de behuizing De beschermingsgraad door de behuizing is gelijk aan: IPX4. 4. 3 Beperkingen van het gebruik WAARSCHUWING. : Dit toestel is niet ontworpen, noch bedoeld voor toe-passing in een explosiegevaarlijke omgeving (volgens ATEX-normen) of als een IP-niveau gevraagd wordt dat hoger is dan dat van het toestel of in toepassingen die een hoge veiligheid eisen (hoge fout tolerantie, faalveilig) of in elke ander verband waarin het slecht functioneren van een toestel kan leiden tot de dood of letsel aan mensen of dieren of tot ernstige scha-de aan objecten of het milieu. Let op: Wanneer een storing schade kan veroorzaken (aan mensen, dieren of goederen), is het noodzakelijk om een afzonderlijk werkend controle- systeem met alarmfuncties te installe-ren om dergelijke schade te voorko-men. Bovendien moet bij storing een reserve toestel beschikbaar zijn. 4.

4 Het gebruiksdoel van het toestel Het bovengenoemde toestel is uitsluitend bedoeld voor de verwarming van sanitair warm water bin-nen de voorziene grenzen van het gebruik. Hier-voor moet het worden aangesloten op het drink-waterleidingnet en op het elektriciteitsnet. Let op. : De fabrikant kan in geen geval aansprakelijk worden gesteld wanneer de apparatuur wordt gebruikt voor an-dere doeleinden dan waarvoor deze is ontworpen of wanneer sprake is van installatie- fouten of verkeerd gebruik van het toestel. WAARSCHUWING. Het is verboden om het toestel voor andere doeleinden te gebruiken dan waarvoor het is be-doeld. Elk ander gebruik moet als on-eigenlijk worden beschouwd en is daarom niet toegestaan Let op. : Tijdens de ontwerp- en bouw fase van de installatie moeten de huidi-ge lokale regels en bepalingen worden nageleefd. 4.

5 Belangrijke veiligheidsregels • Het toestel mag alleen door volwassenen worden gebruikt; • Open of demonteer het toestel niet wanneer dit op de netspanning is aangesloten; • Raak het toestel niet aan met natte of vochti-ge lichaamsdelen als u blootsvoets bent; • Begiet of besproei het toestel niet met water; • Ga niet op het toestel staan of zitten, laat niets op het toestel rusten. 4. 6 Informatie over het gebruikte koelmiddel Dit toestel bevat gefluoreerd broeikasgas dat is opgenomen in het Kyotoprotocol. Laat dergelijk gas niet in de lucht wegstromen. Koelmiddeltype: HFC-R134a. Let op. : Onderhouds- en verwijderings- handelingen aan het koelcircuit mo-gen alleen door gekwalificeerd perso-neel met STEK erkenning worden uitge-voerd.

Gebruikers en installateurs handleiding Aqua 1 plus Handleiding code 181026 pagina 9 / 33 5 Installatie en aansluitingen WAARSCHUWING! Installatie, inbedrijf- stelling en onderhoud van het toestel moeten worden uitgevoerd door ge-kwalificeerd en geautoriseerd perso-neel. Probeer het toestel niet zelf te in-stalleren. 5.1 Keuze van de opstelplaats Het toestel moet op een geschikte plek worden geïnstalleerd, zodat normaal gebruik, aanpassen van instellingen en normaal en bijzonder onder-houd mogelijk is. Het is daarom belangrijk om rekening te houden met voldoende werkruimte rondom het toestel, houdt tenminste de afmetingen aan die in figuur 2 en de tabel hieronder aangegeven zijn. Fig.

2 – Minimum werk ruimte Alle modellen X1 X2 X3 Y1 mm Mm mm mm 650 650 200 300 Bovendien moet de opstellingsruimte: • Voldoende water- en stroomtoevoer hebben • Aansluitmogelijkheid voor condensafvoer hebben • Water afvoer hebben, voor het geval dat de overdruk beveiligingsklep opent of bij leiding breuk of bij lekkage van het toestel. • Voldoende verlicht zijn. • Een inhoud van tenminste 20 p9-m3 hebben. • Vorstvrij en droog zijn. • Voldoende geventileerd zijn. • De vloer waarop het toestel geplaatst wordt moet het gewicht van het toestel kunnen dragen. WAARSCHUWING! Om het optreden van mechanische trillingen te voorko-men, dient u de apparatuur niet op houten vloerplaten te plaatsen (bij-voorbeeld houten zolders). 5.2 Ventilatie aansluiting De warmtepomp heeft voldoende lucht toe- en afvoer nodig voor een correcte werking.

Het is daarom nodig om een luchtkanaal te maken zoals aangegeven in de volgende afbeelding (Fig. 3). Fig. 3 – Voorbeeld van en luchtafvoer constructie Een alternatieve oplossing wordt aangegeven in de volgende afbeelding (Fig. 4 en Fig. 5): deze be-staat uit een tweede kanaal dat lucht van buiten naar binnen zuigt in plaats van rechtstreeks van binnenuit het pand. Fig. 4 – Voorbeeld 2 pijps aansluiting X3Y1X2X1 Buiten  ≥500 kg

Gebruikers en installateurs handleiding Aqua 1 plus Handleiding code 181026 pagina 10 / 33 Om voor een voldoende grote luchtstroom voor de warmtepomp te zorgen, moeten de in para-graaf 5. 1 aangegeven maten worden gerespec-teerd. Voer de installatie van het lucht afvoerkanaal uit en zorg ervoor dat: • Het gewicht hiervan geen nadelige invloed op het toestel heeft; • Onderhoudswerkzaamheden kunnen worden uitgevoerd; • Er voorkomen wordt dat voorwerpen of stof-fen of schadelijke vloeistoffen of gassen in de warmtepomp kunnen komen. Plaats roosters. • De totale buis lengte niet langer is dan 6 me-ter (inclusief 2 bochten van 90°). • De maximale drukval over alle componenten van het leidingsysteem, inclusief doorgaande gaten voor montage op de buitenmuur, niet groter is dan 200 Pa.

Tijdens bedrijf zal de warmtepomp detemperatuur in de opstellingsruimte verla-gen als de afvoer naar buiten niet wordtaangesloten. Er moet een geschikt beveiligingsroosterworden geïnstalleerd in de pijp die luchtnaar buiten transporteert om te voorko-men dat vreemde voorwerpen het toestelkunnen binnendringen. Om prestatie ver-lies van het toestel te voorkomen, moeteen rooster gekozen worden dat een laagdrukverlies heeft. Om condensaat vorming op de luchtaf-voer buizen te voorkomen moeten dezemet dampdicht isolatiemateriaal van vol-doende dikte worden bekleed. Als dit nodig wordt geacht om stro-mingsgeluid te voorkomen, kunnen ge-luiddempers worden gemonteerd. Monteer de leidingen, de muurdoorvoe-ren en de aansluitingen op de warmte-pomp met trillingsdempingsystemen. WAARSCHUWING.

de gelijktijdige wer-king van een open verbrandingstoestel (bijvoorbeeld een open haard) samen met de warmtepomp in de zelfde of met elkaar in verbindingstaande ruimtes kan een gevaarlijke drukverlaging in deze ruimtes veroorzaken, waardoor rookgas-sen terugstromen naar de opstel ruimte van het verbrandingstoestel en dodelij-ke concentraties giftige gassen kunnen ontstaan.

Gebruik de warmtepomp niet samen met een open verbrandingstoestel. Gebruik alleen (goedgekeurde) geslo-ten verbrandingstoestellen die aange-sloten zijn op een afzonderlijke kanalen voor toevoer van verbrandingslucht en afvoer van rookgassen. Houd de deuren naar de opstel ruimte van het verbrandingstoestel hermetisch afgesloten zodat geen lucht transport naar bewoonde ruimtes mogelijk is. Fig. 5 – Voorbeeld aansluiting 2 pijps aan de achterkant (optie) Voorbeeld AVoorbeeld B.

Gebruikers en installateurs handleiding Aqua 1 plus Handleiding code 181026 pagina 11 / 33 5.2.1 Koeling van de woning De warmtepomp veroorzaakt een duidelijk merk-bare verlaging van de temperatuur van afge-voerde lucht. Behalve dat de afvoer lucht kouder is dan de om-gevingslucht, wordt de afvoerlucht ook volledig ontvochtigd; daarom is het mogelijk om in de zo-mer met deze lucht een of meer kamers in de wo-ning te koelen. De installatie bestaat dan uit het splitsen van de afvoerpijp en het aanbrengen van twee kleppen ("A" en "B") met als doel de luchtstroom naar bin-nen (Fig. 5a) of naar buiten (Fig. 5b) te leiden. Fig. 5a – Voorbeeld installatie koeling zomer Fig. 5b – Voorbeeld installatie winter 5.3 Opstellen en aansluiten van het toestel Het apparaat moet op een stabiel, vlak vloerop-pervlak worden geplaatst dat niet aan trillingen onderhevig is. Fig.

Met ontharding mag de hardheid niet minder dan 8,5 °Dh bedragen. 5.4 Waterleidingen aansluiten Verbind de waterleidingen met de juiste aanslui-tingen ( zie Fig. 7) De onderstaande tabel toont de afmetingen van de aansluitingen in duimse maten (inches). Pos. Beschrijving Aansluiting 1 Koudwater inlaat G 1” 2 Warmwater uitlaat G 1” 3 Condensafvoer G ½” 4 Recirculatie retour G ¾”  Aansluiting zonne ener-gie (alleen 200 en 260 LT) G 1”1/4  montage dompelbuis temperatuursensor ½”G Fig. 7 – Waterzijdige aansluitingen Figuur 8 hieronder, geeft een voorbeeld van een waterzijdig aansluitschema Fig. 8 – Voorbeeld waterzijdig aansluitschema 2 1 3 5 4  1 koudwater inlaat; 2 afsluit kraan; 3 aftapkraan; 4 warmtepomp 5 Recirculatiepomp 6 terugslagklep 7 Warmwater uitlaat 8 Veiligheidsklep / overstort 9 Afvoer water uit overstort 2 6 8, en zitten standaard in een inlaat combinatie 1 2 3 4 5 6 7 8 9

Gebruikers en installateurs handleiding Aqua 1 plus Handleiding code 181026 pagina 13 / 33 1. Ontlastklep; 2. Terugslagklep; 3. Afsluiter. 4. Beproeving aansluiting; 5. Trechter; 6. Stroomrichting. Fig. 8a - Inlaat combinatie Let op: Zorg dat er bij montage geen vuil in de leidingen achter blijft, spoel goed door alvorens het toestel aan te sluiten. Let op: Een deugdelijke terugslagklep en een 8 bar veiligheidsklep met over-stort zijn verplicht, ze zitten standaard in een inlaat combinatie (Fig. 8a). Let op: De veiligheidsklep moet regel-matig op goede werking worden ge-controleerd (Fig. 8a) Let op.: De afvoerpijp die is aangeslo-ten op de overstort van de inlaat com-binatie, moet aflopend naar beneden worden geïnstalleerd en op een plaats waar deze is beschermd tegen bevrie-zing. De afvoer naar het riool moet met een sifon uitgevoerd worden.(Fig.

8a) Let op: De warmtepomp kan water maken dat warmer is dan 60°C, dit kan brandwonden veroorzaken. Zorg dat u niet onbeschermd met dit hete water in contact komt. 5.4.1 Aansluiten van de condens afvoer Condensaat dat ontstaat door de werking van de warmtepomp stroomt door een buis die door het isolatieschuim loopt en aan de zijkant naar buiten-komt. De aansluiting is G 1/2 ", hierop moet een afvoerleiding aangesloten worden die via een si-fon op de riolering loost. Zie figuura 9a. Fig. 9a – Voorbeeld condensafvoer aansluiting ≥ 60 Ø20

Gebruikers en installateurs handleiding Aqua 1 plus Handleiding code 181026 pagina 14 / 33 5. 5 Aansluiten van thermische zonne energie De volgende afbeelding (Fig. 10) toont een aan-sluit-schema van een thermisch zonne-energiesysteem Fig. 10 – Voorbeeld aansluitschema zonne energie 5. 6 Elektrische aansluitingen Het toestel wordt geleverd met een flexibele net voedingskabel met aangegoten stekker. De stek-ker moet in een stopcontact geplaatst worden dat voorzien is van randaarde. Zie (Fig. 11 en Fig. 12). Let op. De stroomvoorziening waarmee het toestel wordt verbonden, moet wor-den beschermd door een geschikte aardlekschakelaar die voldoet aan de norm IEC 60364-4-41. Fig. 11 –Stopcontact met randaarde Fig. 12 – kabel met aangego-ten stekker 5. 6.

1 Externe aansluitingen Het toestel is ontworpen om te worden aangeslo-ten op andere externe energiesystemen zoals fo-tovoltaïsche (PV) en thermische zonne-energiesystemen. De besturingsautomaat heeft twee schakel in-gangen met de volgende functies: • Ingang 1: Aansluiting thermisch zonne-energie systeem. Wanneer de klemmen 30 en 31 (kabel: bruin / geel) worden doorverbonden en de wa-tertemperatuur gemeten met de bovenste sensor (sensor1) hoger is dan ingesteld op SP8 (40°C), stopt de warmtepomp en wordt het water op-gewarmd door de zonnepanelen; de warmte-pomp start opnieuw wanneer het contact wordt geopend en de tijd ingesteld door C13 (20 minu-ten) is verstreken of onmiddellijk als de onderste temperatuur sensor lager dan SP8 meet. • Ingang 2: Aansluiting PV-systeem: Wanneer de klemmen 31 en 32 (kabel: groen / wit) worden doorverbonden dan wordt de PV regeling ac-tief.

Bij gesloten PV schakelaar is SP5 de temperatuur waarop de warmtepomp uitschakelt en waarop tegelijk het verwarmingselement inschakelt. Instel-ling SP6 is de temperatuur waarop het verwar-mingselement dan weer uitschakelt. De tank temperatuur moet dan met de ingestelde hyste-rese (standaard 7°) dalen voordat het elektrisch element weer wordt ingeschakeld. Als SP5 en SP6 de zelfde waarde hebben, bij-voorbeeld de standaard waarde van 60°C, dan gaat de warmtepomp wel uit, maar wordt het elektrisch element niet ingeschakeld. Om het elektrisch element in te laten schakelen zou SP6 op een hogere waarde, bijvoorbeeld 70°C gezet moeten worden. 5. 6. 1. 1 Kabel voor externe aansluitingen Er is een vierdraadskabel, 1 m lang opgerold, op-gebonden en opgeborgen achter de zwarte man-tel van de warmtepomp. De kabel kan uitgerold worden. De kabel bevat vier draden; wit, groen, geel en bruin.

Gebruikers en installateurs handleiding Aqua 1 plus Handleiding code 181026 pagina 15 / 33 teem aangesloten worden. Zie ook onderstaande figuren 13, 13a en 14. Fig. 13 – Voorbeeld van externe aansluitingen Fig. 13a – Voorbeeld externe aansluitingen De kabel is te bereiken door het bovenste deksel van de warmtepomp te verwijderen. De kabel kan naar buitengebracht worden door de daarvoor aangebrachte opening in de opstaande rand naast de doorvoer van de netvoedingskabel. Zie figuur 14. Fig. 14 – Kabel voor externe aansluiting 5.7 Elektrisch schema Fig. 15 – Elektrisch aansluit schema Opmerking: Het ontdooi element is alleen in de 200 LT en de 260 LT aanwezig en bestaat uit een klep die bij opening heet koel gas uit de compressor in de verdamper laat stromen. 30 31 31 32thermische zonne energie PV systeem 1: Bovenste tank sensor 2: Onderste tanksensor 3: Verdamper sensor

Gebruikers en installateurs handleiding Aqua 1 plus Handleiding code 181026 pagina 16 / 33 6 Oplevering en eerste inbedrijfstelling Waarschuwing. Controleer of de veilig-heidsaarding goed is aangesloten Waarschuwing. Controleer of de net-spanning overeenkomt met de opgave op de typeplaat De eerste inbedrijfstelling dient als volgt uitgevoerd te worden: • Vul de boiler met koud water via de koudwater inlaat en controleer alle verbindingen op lekka-ge. • De waterdruk mag maximaal 8 bar bedragen. • Controleer de werking van het overdruk ventiel, (aan de knop draaien tot er water uit komt). • Steek de stekker in het stopcontact. • Als het toestel in de rust toestand staat (dan brandt alleen dit kleine symbooltje op het scherm), druk dan op de knop om het toe-stel in werking te zetten.

• Als het toestel geactiveerd is en er zijn nog geen instellingen aangepast (fabrieks- instelling) dan start het in de “ECO” mode. 7 Bediening en gebruik Het toestel is via een scherm en toetsen te bedie-nen. De volgende handelingen kunnen worden verricht: • Instelling van de werkingsmode; • Aanpassen van de instellingen. • Weergeven en oplossen van fouten • Uit lezen van temperaturen, bedrijfsuren en fout historie. Hierna wordt met “start” het omschakelenvan de rust toestand (als alleen het rustsymbool brandt) naar bedrijfstoestand be-doeld. Met “uitschakelen” wordt het om-gekeerde bedoeld. Het schakelen gaatdoor op de “rust knop” te drukken. 7. 1 Bedieningspaneel Zie (Fig. 16) afgebeeld is het scherm en daaronder de volgende knoppen: • Rust (stand-by) knop; • Instel (set) knop; • Omlaag knop; • Omhoog knop. Fig. 16 – Bedieningspaneel 7. 1. 1 KNOPPEN EN SCHERM 7. 1. 1.

1 De rust knop (stand-by) Met deze knop is het mogelijk om: • Het toestel aan te zetten (vanuit de rust stand); • Het toestel in de rust stand te zetten (in de rust toestand kan het toestel zich zelf aan zetten om zich tegen bevriezing te beschermenen).

Als het toestel uit rust aangezet wordt dan verschijnt kort op het scherm de toestand waarin het was voor dat de ruststand werd ingeschakeld. 7. 1. 1. 2 De instel knop Met deze knop is het mogelijk om: • Nieuwe instellingen te bevestigen. 7. 1. 1. 3 De omhoog knop Met deze knop is het mogelijk om: • Door de instellingen lijst omhoog te bewegen; • De waarde van de instelling te verhogen. 7. 1. 1. 4 De omlaag knop Met deze knop is het mogelijk om: • Door de instellingen lijst omlaag te bewegen; • De waarde van de instelling te verlagen. Rust knop Instel knop Omlaag knop Omhoog knop Scherm.

Gebruikers en installateurs handleiding Aqua 1 plus Handleiding code 181026 pagina 17 / 33 7. 1. 1. 5 Het bedieningsscherm Op het bedieningsscherm wordt de volgende in-formatie gegeven (Fig. 17): • Temperaturen; • Fout codes; • Toestandsinformatie; • Instellingen. Fig. 17 – Het bedieningsscherm Compressor LED Als deze led continu brandt dan werkt de compressor. De led knippert wanneer: • De wachttijd voor het inscha-kelen van de compressor aan het verstrijken is. • De streef temperatuur (het setpoint) aangepast wordt; Ontdooi led Als deze led brandt dan wordt de verdamper ontdooid. elektrisch element led Als de led brandt dan is het elek-trisch element aan. ventilator led Als de led brandt dan is de venti-lator aan. Onderhoud led Als deze led brandt dan moet het lucht filter (indien aanwezig) gereinigd worden. Storings LED Als de led brandt dan is een fout aanwezig.

Zie fouten lijst in deze handleiding. Graden Celsius LED Als deze led brandt dan wordt de temperatuur in graden Celsius weer gegeven. Graden Fahrenheit LED Als deze led brandt dan wordt de temperatuur in graden Fah-renheit weer gegeven. Rust stand aan (stand-by) LED Als deze led brandt dan is het toestel in de rust stand. Als de led knippert dan is het toestel handmatig aan of uit ge-schakeld terwijl het klok pro-gramma actief is. Wordt niet gebruikt 7. 1. 1. 6 Berichten op het scherm Loc De knoppen zijn vergrendeld. dEFr Het toestel is de verdamper aan het ontdooien en het accepteert nu geen andere opdrach-ten. Anti Er wordt een “Anti-Legionella” ontsmetting uit-gevoerd. ObSt Het toestel warmt de tank zo snel als mogelijk op (“Overboost”). Met warmtepomp en elek-trisch element. ECO Het toestel gebruikt zo weinig mogelijk stroom om het water op te warmen (“Economy”).

1 Werkingstoestanden Het toestel kan in een van de volgende toestan-den werken: • AUTO In deze toestand is instelling SP2 (standaard 55°C) de streef temperatuur. Zowel de warm-tepomp als het elektrisch element worden ge-bruikt om het water op te warmen. Het elek-trisch element stopt als de bovenste sensor hoger meet dan SP2 en de warmtepomp stopt als de onderste sensor hoger meet dan SP2. Bij weining water gebruik verwarmt zo alleen de warmtepomp, bij veel watergebruik werken beide verwarmers. • ECO In deze toestand is instelling SP1 (standaard 55°C) de streef temperatuur. Het water wordt alleen door de warmtepomp verwarmd. Het elektrisch element wordt niet gebruikt. De warmtepomp stopt als de onderste sensor ho-ger meet dan SP1. Door alleen met de warm-tepomp te verwarmen wordt veel energie be-spaard, maar duurt het wel langer voor het water opgewarmd is.

• OVERBOOST Deze toestand kan alleen geactiveerd worden als de bovenste sensor lager dan 40°C meet. Nu worden beide verwarmers aangezet om het water zo snel als mogelijk op te warmen. Als Overboost geactiveerd is van uit ECO dan is SP1 de streef temperatuur en als Overboost geactiveerd is vanuit AUTO dan is SP2 de streef temperatuur. Als de tank op temperatuur is.

Gebruikers en installateurs handleiding Aqua 1 plus Handleiding code 181026 pagina 18 / 33 dan wordt Overboost beëindigd en keert de regeling terug naar de toestand vanwaaruit Overboost geactiveerd werd. • ANTI-LEGIONELLA In deze toestand wordt de tank met het elek-trisch element zover opgewarmd, (70°C,) dat de warmte alle bacteriën dood. De behande-ling wordt met vaste tijdsintervallen uitge-voerd. Standaard elke 30 dagen, maar het in-terval kan van 0 tot 99 dagen ingesteld wor-den. • ONTDOOIEN In de ze toestand worden ijsdeeltjes die de luchtstroom door de verdamper belemmeren verwijderd. Ontdooien wordt automatisch aangezet als de lucht temperatuur laag is. Het toestel wordt door de fabriek in deECO toestand afgeleverd met een ge-wenste water temperatuur van 55°C. Hettoestel levert zo een prima warmwatervoorziening waarbij zo weinig mogelijkstroom wordt gebruikt.

In vergelijking meteen elektrische boiler wordt 70% op elektri-citeit bespaard. 7. 1. 3 Bediening door gebruiker 7. 1. 3. 1 Handmatig aan en uitzetten. • Druk 1 seconde op de knop: De rust stand led wordt nu aan of uitgeschakeld. Alle ande-re schermverlichting gaat uit als de led aan gaat. • Het toestel kan ook per weekdag automatisch op een bepaald tijdstip aan- of uitgeschakeld worden. De schakelmomenten worden door de parameters HOn en HOF bepaald, zie (pa-ragraaf 7. 1. 3. 6). Handmatig schakelen heeft een hogereprioriteit dan automatisch schakelen. Als de knoppen geblokkeerd zijn, of als erdringende actie is vereist (b. v. ontdooien)dan reageert de besturing niet op het in-drukken van de knoppen. Elke keer dat het toestel aangezetwordt worden een aantal interne con-troles uitgevoerd, voordat de com-pressor in werking gesteld wordt.

1 Instellen van AUTO Voer de volgende handelingen uit om AUTOhandmatig in te stellen: • Controleer of de toetsen niet geblokkeerd zijn; • Druk kort op de knop. Gedurende 3 se-conden verschijnt de huidige instelling: “ ” of Eco“ ” of “ ”. Als er geen “ ” staat ga Auto ObSt Autodan als onderstaand verder. • Druk langer dan 1 seconde op de knop en er verschijnt een knipperende “ ”. Als er Autoeen knipperende “ ” op het scherm staat ObStlaat dan de knop even los en druk hem op-nieuw in om een knipperende “ ” te krijgen. AutoIn plaats van kan ook op gedrukt wor-den. • Druk op de knop om de wijziging naar “Au-to” te bevestigen en de procedure te verlaten. • Door op de knop te drukken wordt de pro-cedure verlaten zonder iets te wijzigen. 7. 1. 3. 2.

2 Instellen van ECO Voer de volgende handelingen uit om ECOhandmatig in te stellen: • Controleer of de toetsen niet geblokkeerd zijn; • Druk kort op de knop. Gedurende 3 se-conden verschijnt de huidige instelling: “Eco” of “Auto” of “ObSt”. Als er geen “Eco” staat ga dan als onderstaand verder. • Druk langer dan 1 seconde op de knop en er verschijnt een knipperende “ ”. Als er een Ecoknipperende “ ” op het scherm staat laat ObStdan de knop even los en druk hem opnieuw in om een knipperende “ ” te krijgen. In plaats Ecovan kan ook op gedrukt worden. • Druk op de knop om de wijziging naar “ ” te bevestigen en de procedure te verla-Ecoten. • Door op de knop te drukken wordt de procedure verlaten zonder iets te wijzigen. 7. 1. 3. 2. 3 Instellen van OVERBOOST Overboost kan alleen ingesteld worden als de bo-venste temperatuur sensor lager dan 40°C meet.

4 Temperatuur voor ECO instellen (SP1) • Controleer of de toetsen niet geblokkeerd zijn,; • Druk kort op de knop: er verschijnt “ ” SP1op het scherm; • Druk nogmaals kort op de knop: het compressor LED begint te knipperen en de huidige waarde van instelling SP1 verschijnt. • Druk binnen 15 seconden op de of de knoppen om de waarde aan te passen; • Druk kort op de knop. Op het scherm ver-schijnt weer SP1, de nieuwe waarde is opge-slagen en het compressor LED stopt met knipperen; • Druk kort op de knop om de procedure te verlaten. • Als 15 seconden geen knoppen worden in-gedrukt na het aanpassen van de instelling dan wordt de nieuwe waarde ook opgesla-gen en de procedure beëindigd. 7. 1. 3.

5 Temperatuur voor AUTO instellen (SP2) • Controleer of de toetsen niet geblokkeerd zijn; • Druk kort op de knop: er verschijnt “SP1” op het scherm; • Druk op de of de knop totdat “ ” SP2op het scherm staat; • Druk nogmaals kort op de knop: het com-pressor LED begint te knipperen en de hui-dige waarde van instelling SP2 verschijnt.

• Druk binnen 15 seconden op de of de knoppen om de waarde aan te passen; • Druk kort op de knop. Op het scherm ver-schijnt weer SP2, de nieuwe waarde is opge-slagen en het compressor LED stopt met knipperen; • Druk kort op de knop om de procedure te verlaten. • Als 15 seconden geen knoppen worden inge-drukt na het aanpassen van de instelling dan wordt de nieuwe waarde ook opgeslagen en de procedure beëindigd. 7. 1. 3. 6 Instellen van de schakelklok Let op. Voordat de schakeltijden van de schakelklok worden ingesteld moe-ten eerst de weekdag en de tijd inge-steld worden. Zie par. 7. 1. 3.

14 Begin als volgt: • Controleer of de toetsen niet geblokkeerd zijn;; • Druk kort op de knop: er verschijnt “SP1” op het scherm; Om de schakelmomenten in te stellen: • Druk op de of de knop totdat: “ ” (eerste inschakeltijdstip) of HOn1“ ” (eerste uitschakeltijdstip) of HOf1“ ” (tweede inschakeltijdstip) of HOn2“ ” (tweede uitschakeltijdstip) of HOf2op het scherm staat; • Druk nogmaals kort op de knop; • Druk binnen 15 seconden op de of de knoppen om de waarde aan te passen; • Druk nogmaals kort de knop of druk 15 se-conden lang op geen enkele knop. De nieu-we waarde wordt opgeslagen en de procedu-re beëindig. Doe het volgende om een schakeling op een be-paalde weekdag uit te laten voeren: • Wacht 15 seconden zodat de standaard be-drijfsinformatie getoond wordt. • Druk kort op de knop.

Gebruikers en installateurs handleiding Aqua 1 plus Handleiding code 181026 pagina 20 / 33 • Druk kort op de knop en stel daarna de waarde met de of de knoppen in. Er is keuze uit 1 of 2. Bij 1 wordt de eerste schake-ling volgens “ ” en “ ” uitgevoerd en HOn1 HOf1bij selectie van 2 wordt de tweede schakeling volgens “ ” en “ ” uitgevoerd. HOn2 HOf2• Druk nogmaals kort de knop of druk 15 se-conden lang op geen enkele knop. De nieu-we waarde wordt opgeslagen en de procedu-re beëindigd. • Of druk kort op de knop om de procedure te verlaten, zonder wijzigingen op te slaan. Controleer het klokprogramma zorgvuldig. Erkunnen gemakkelijk fouten maakt worden. 7. 1. 3. 7 Weergave van de bedrijfstoestand. • Als het toetsen niet geblokkeerd zijn, druk dan kort op de knop. Er verschijnt 3 seconden een van de teksten: Auto, ECO, Obst of Anti aanduiding van de huidige bedrijfstoestand. 7. 1. 3.

8 Uitzetten van het alarm geluid Om het alarm geluid (de pieper) uit te zetten moet instelling u9 van 1 naar 0 gezet worden. De instel-ling vind u in het installateurs menu. (Zie: 7. 1. 3. 15 Het lezen en wijzigen van instellingen. ) 7. 1. 3. 9 Start condities AUTO, ECO, boost De water verwarming wordt in een werkings-toestand alleen ingeschakeld als aan bepaalde condities wordt voldaan: • AUTO De warmtepomp start als de temperatuur van de onderste sensor lager is dan de instelling SP2 minus de hysterese. In formule vorm: Tp2 < SP2 – r0 De warmtepomp stopt als de temperatuur van de onderste sensor hoger wordt dan SP2. Tp2 > SP2 Het elektrisch element start als de temperatuur van de bovenste sensor lager is dan de instel-ling SP2 minus de hysterese.

Het elektrisch element start als de bovenste sensor lager dan 48°C meet en stopt als de bovenste sensor hoger dan 55°C meet. • ECO De warmtepomp start als de temperatuur van de onderste sensor lager is dan de instelling SP1 minus de hysterese. In formule vorm: Tp2 < SP1 – r0 De warmtepomp stopt als de temperatuur van de onderste sensor hoger wordt dan SP1. Tp2 > SP1 Het elektrische element wordt in niet ge-ECOstart. Voorbeeld: De fabrieksinstelling van SP1 is 55°C en die van r0 is 7 zodat de warmtepomp start als de onderste sensor lager dan 48°C meet en stopt als de onderste sensor hoger dan 55°C meet. • OVERBOOST Overboost moet handmatig geactiveerd wor-den. Dat kan alleen als de bovenste sensor een lagere temperatuur dan 40°C meet. Zodra Overboost geselecteerd is wordt het elektrisch element direct aangezet.

Wanneer de boven-ste sensor hoger dan de streef temperatuur meet (SP1 bij start uit ECO en SP2 bij start uit AU-TO) dan wordt het elektrisch element uitge-schakeld en is Overboost geëindigd. De warm-tepomp blijft werken tot ook de onderste sensor hoger dan SP1 of SP2 meet. 7. 1. 3. 10 Temperatuur op het scherm Als het toestel aan staat en normaal functioneert dan staat op het scherm de temperatuur die in P5 is geselecteerd: • Als P5 = 0, dan wordt de temperatuur van de bovenste tank sensor getoond. • Als P5 = 1, dan wordt de huidige streef tem-peratuur getoond; • Als P5 = 2, dan wordt de temperatuur van de onderste tank sensor getoond. • Als P5 = 3, dan wordt de temperatuur van de sensor in de verdamper getoond. • In de rust toestand (stand-by) wordt geen temperatuur op het scherm getoond. 7. 1. 3.

11 Waarschuwingen Opmerking: in geval van een “ ” -UtLwaarschuwing (storing van de ventila-tor), geeft het toestel, behalve een melding op het scherm ook een ge-luidsignaal dat kan worden uitgescha-keld door op een willekeurige knop op het bedieningspaneel in te drukken.

Gebruikers en installateurs handleiding Aqua 1 plus Handleiding code 181026 pagina 21 / 33 De waarschuwing wordt nooit inge-trokken, tenzij het toestel van de net-spanning of in de rusttoestand (stand-by) wordt gezet. Bij deze waarschu-wing wordt de warmtepomp uitgezet. Warmwater bereiding gaat verder met het elektrisch element. LET OP. : Neem in geval van een "UtL" waarschuwing contact op met uw in-stallateur of de leverancier van het toestel. AL Te lage temperatuur Oplossing: - Controleer de temperatuur en of de sensor die in parameter A0 is ingesteld; - Zie de instellingen van: A0, A1, A2 en A11. Gevolg: Het toestel blijft normaal werken AH Te hoge temperatuur Oplossing: - Controleer de temperatuur en of de sensor die in parameter A3 is ingesteld; - Zie de instellingen van: A3, A4, A5 en A11. Gevolg: Het toestel blijft normaal werken.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Ferroli Aqua1 Plus 260HT stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden