Epson Ecotank ET-3700 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Epson Ecotank ET-3700 (186 pagina’s), behorend tot de categorie Printer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 17 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Epson Ecotank ET-3700 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Epson |
| Categorie: | Printer |
| Model: | Ecotank ET-3700 |
Handleiding Epson Ecotank ET-3700 – volledige tekst
InhoudsopgaveOver deze handleidingIntroductie tot de handleidingen. 6Informatie zoeken in de handleiding. 6Markeringen en symbolen. 8Beschrijvingen gebruikt in deze handleiding. 8Referenties voor besturingssystemen. 8Belangrijke instructiesVeiligheidsinstructies. 10Veiligheidsinstructies voor inkt. 10Printeradviezen en waarschuwingen. 11Adviezen en waarschuwingen voor hetinstellen/gebruik van de printer. 11Adviezen en waarschuwingen voor gebruikvan de printer. 12Adviezen en waarschuwingen voor hetvervoeren of opslaan van de printer. 12Adviezen en waarschuwingen voor gebruikvan de printer met een draadloze verbinding. 12Adviezen en waarschuwingen voor gebruikvan het display. 12Uw persoonlijke gegevens beschermen. 13Basisprincipes van printerNamen en functies van onderdelen. 14Bedieningspaneel. 16Conguratie basisscherm. 17Pictogrammen op het lcd-scherm. 17Basishandelingen.
Het printerstuurprogramma openen. 61Basisprincipes voor afdrukken. 62Dubbelzijdig afdrukken. 63Meerdere pagina's op één vel afdrukken. 64Afdrukken en op paginavolgorde stapelen(Afdrukken in omgekeerde volgorde). 65Een verkleind of vergroot document afdrukken. 66Een aeelding vergroot afdrukken opmeerdere vellen (een poster maken). 66Afdrukken met een kop- en voettekst. 72Een watermerk afdrukken. 73Meerdere bestanden tegelijkertijd afdrukken. 74Afdrukken met de afdrukfunctie Universelekleuren. 74De afdrukkleur aanpassen. 75Dunne lijnen benadrukken tijdens hetafdrukken. 76Afdrukken annuleren. 76Menuopties voor het printerstuurprogramma. 77Afdrukken vanuit het printerstuurprogrammain Mac OS. 79Basisprincipes voor afdrukken. 79Dubbelzijdig afdrukken. 81Meerdere pagina's op één vel afdrukken. 82Afdrukken en op paginavolgorde stapelen(Afdrukken in omgekeerde volgorde).
82Een verkleind of vergroot document afdrukken. 83De afdrukkleur aanpassen. 84Afdrukken annuleren. 84Menuopties voor het printerstuurprogramma. 84Bedieningsinstellingen voor Mac OS-printerdriver congureren. 86Afdrukken met Smart Devices. 87Epson iPrint gebruiken. 87Epson Print Enabler gebruiken. 88AirPrint gebruiken. 89De actieve taak annuleren. 90KopiërenNormaal kopiëren. 91Dubbelzijdig kopiëren. 92Meerdere originelen kopiëren naar één vel. 92Basis menu-opties voor kopiëren. 92Geavanceerde menu-opties voor kopiëren. 93ScannenScannen via het bedieningspaneel. 96Scannen naar een computer (Event Manager). 96Scannen naar de cloud. 100Scannen naar een computer (WSD). 102Scannen vanaf een computer. 105Scannen met Epson Scan 2. 105Scannen met smart-apparaten. 108Epson iPrint installeren. 108Scannen met Epson iPrint.
Controleren hoeveel pagina's in totaal doorde printer zijn gegaan — bedieningspaneel. 129Controleren hoeveel pagina's in totaal doorde printer zijn gegaan - Windows. 130Controleren hoeveel pagina's in totaal doorde printer zijn gegaan — Mac OS. 130Netwerkservice en softwareinformatieToepassing voor het congureren vanprinterbewerkingen (Web Cong). 131Webconguratie uitvoeren op een webbrowser. 131Web Cong uitvoeren op Windows. 132Web Cong uitvoeren op Mac OS. 132Toepassing voor het scannen van documentenen aeeldingen (Epson Scan 2). 132De netwerkscanner toevoegen. 133Toepassing voor het congureren vanscanbewerkingen vanaf het bedieningspaneel(Epson Event Manager). 134Toepassing voor fotolay-out (Epson Easy PhotoPrint). 134Toepassing voor het afdrukken van webpagina's(E-Web Print). 135Hulpprogramma's voor soware-updates(EPSON Soware Updater).
135De meest recente toepassingen installeren. 136De printerrmware bijwerken via hetbedieningspaneel. 138Toepassingen verwijderen. 138Toepassingen verwijderen — Windows. 138Toepassingen verwijderen — Mac OS. 139Afdrukken via een netwerkservice. 140Problemen oplossenDe printerstatus controleren. 141Berichten op het display bekijken. 141De printerstatus controleren - Windows. 142De printerstatus controleren — Mac OS. 142De sowarestatus controleren. 142Vastgelopen papier verwijderen. 143Papier wordt niet goed ingevoerd. 143Papier loopt vast. 143Papier wordt schuin ingevoerd. 144Er worden meerdere vellen papier tegelijkuitgevoerd. 144Problemen met stroomtoevoer enbedieningspaneel. 144De stroom wordt niet ingeschakeld. 144De stroom wordt niet uitgeschakeld. 144Stroom schakelt automatisch uit. 144Het display wordt donker. 145Kan niet afdrukken vanaf een computer.
149Wanneer u de netwerkinstellingen niet kuntcongureren. 149Kan geen verbinding maken vanaf apparatenterwijl de netwerkinstellingen correct zijn. 150De SSID controleren waarmee de printer isverbonden. 151De SSID voor de computer controleren. 152Kan niet afdrukken vanaf een iPhone of iPad. 153Afdrukproblemen. 153De afdruk is gekrast of er ontbreken kleuren. 153Er verschijnen strepen of onverwachte kleuren. 153Gekleurde streepvorming zichtbaar met eentussenafstand van ongeveer 3. 3 cm. 154Onscherpe afdrukken, verticale strepen ofverkeerde uitlijning. 154Afdrukkwaliteit is slecht. 155Papier vertoont vlekken of is bekrast. 156Vlekken op het papier bij automatischdubbelzijdig afdrukken. 157Afgedrukte foto's zijn plakkerig. 158Aeeldingen of foto's worden afgedrukt metde verkeerde kleuren. 158Kan niet afdrukken zonder marges. 158Randen van de aeelding vallen weg bij hetrandloos afdrukken.
158Positie, formaat of marges van de afdruk zijnniet juist. 159Afgedrukte tekens zijn niet juist of onleesbaar. 159De afgedrukte aeelding is omgekeerd. 159Mozaïekachtige patronen op de afdrukken. 160Op de gekopieerde afdruk verschijnenongelijke kleuren, vegen, vlekken of rechtelijnen. 160Er verschijnt een webachtig patroon (ook wel"moiré" genoemd) op de gekopieerdeaeelding. 160De achterkant van het origineel is te zien opde gekopieerde aeelding. 160Het probleem kon niet worden opgelost. 160GebruikershandleidingInhoudsopgave4.
Overige afdrukproblemen. 161Afdrukken verloopt te traag. 161Afdrukken vertraagt aanzienlijk tijdens hetcontinu afdrukken. 161Kan het afdrukken niet annuleren vanaf eencomputer met Mac OS X 10. 6. 8. 162Kan niet beginnen met scannen. 162Problemen met gescande aeeldingen. 163Ongelijke kleuren, vuil, vlekken, enzovoortworden weergegeven bij scannen vanaf deglasplaat van de scanner. 163De aeeldingskwaliteit is ruw. 163De oset schijnt door in de achtergrond vanaeeldingen. 163De tekst is onscherp. 163Moiré-patronen (webachtige schaduwen)verschijnen. 164Kan het juiste gebied niet scannen op deglasplaat. 164Tekst wordt niet correct herkend wanneer ikopsla als een Searchable PDF. 164Problemen in gescande aeelding kunnenniet worden opgelost. 165Andere scanproblemen. 166Scansnelheid is laag. 166Scannen stopt bij het scannen naar een PDF/Multi-TIFF. 166Overige problemen.
166Lichte elektrische schok wanneer u de printeraanraakt. 166Printer maakt veel lawaai tijdens werking. 166Soware wordt geblokkeerd door een rewall(alleen Windows). 167Een bericht over het resetten van het inktpeilwordt weergegeven. 167Gemorste inkt. 167BijlageTechnische specicaties. 168Printer specicaties. 168Scannerspecicaties. 169Interface-specicaties. 169Lijst met netwerkfuncties. 170Wi-Fi-specicaties. 170Ethernetspecicaties. 171Beveiligingsprotocol. 171Ondersteunde services van derden. 171Dimensies. 172Elektrische specicaties. 172Omgevingsspecicaties. 173Systeemvereisten. 173Regelgevingsinformatie. 174Normen en goedkeuringen. 174Beperkingen op het kopiëren. 175De printer vervoeren. 175Copyright. 178Handelsmerken. 179Hulp vragen. 180Technische ondersteuning (website). 180Contact opnemen met de klantenservice vanEpson. 180GebruikershandleidingInhoudsopgave5.
Over deze handleidingIntroductie tot de handleidingenDe volgende handleidingen worden meegeleverd met uw Epson-printer. Naast de handleidingen kunt u ook deverschillende hulpmogelijkheden op de printer zelf of in de toepassingen raadplegen.❏Belangrijke veiligheidsvoorschrien (gedrukte handleiding)Bevat instructies om deze printer veilig te gebruiken.❏Hier beginnen (gedrukte handleiding)Bevat informatie over het instellen van de printer, het installeren van de soware, het gebruik van de printerenzovoort.❏Gebruikershandleiding (digitale handleiding)Deze handleiding.
Biedt algehele informatie en instructies voor het gebruik van de printer, voornetwerkinstellingen wanneer de printer in een netwerk wordt gebruikt en voor het oplossen van problemen.U kunt de meest recente versie van de bovenstaande handleidingen in uw bezit krijgen op de volgende manieren.❏Gedrukte handleidingGa naar de ondersteuningssite van Epson Europe (http://www.epson.eu/Support) of de wereldwijdeondersteuningssite van Epson (http://support.epson.net/).❏Digitale handleidingStart EPSON Soware Updater op uw computer.
EPSON Soware Updater controleert of er updatesbeschikbaar zijn voor Epson-toepassingen of digitale handleidingen en laat u vervolgens de meest recente versiedownloaden.Gerelateerde informatie&“Hulpprogramma's voor soware-updates (EPSON Soware Updater)” op pagina 135Informatie zoeken in de handleidingIn de PDF-handleiding kunt u naar informatie zoeken via een zoekwoord, of direct naar een bepaald gedeelte gaanmet behulp van de bladwijzers. U kunt ook alleen de pagina's afdrukken die u nodig hebt. Dit gedeelte bevat uitlegover het gebruik van een PDF-handleiding die in Adobe Reader X is geopend op de computer.GebruikershandleidingOver deze handleiding6
Zoeken met een zoekwoordKlik op Bewerken > Geavanceerd zoeken. Voer in het zoekvenster het zoekwoord (tekst) in voor de informatie dieu zoekt en klik vervolgens op Zoeken. Zoekresultaten worden weergegeven in een lijst. Klik op een van deweergegeven zoekresultaten om naar de betreende pagina te gaan.Direct naar informatie gaan via bladwijzersKlik op een titel om naar de betreende pagina te gaan. Klik op en bekijk de onderliggende titels in dat gedeelte.Voer de volgende bewerking uit op het toetsenbord als u wilt terugkeren naar de vorige pagina.❏Wi n dow s: h oud de Alt-toets ingedrukt en druk op ←.❏Mac OS: houd de command-toets ingedrukt en druk op ←.Alleen pagina's afdrukken die u nodig hebtU kunt alleen de pagina's die u nodig hebt extraheren en afdrukken.
Klik op Afdrukken in het menu Bestand engeef in Pagina's bij Pagina's die moeten worden afgedrukt de pagina's op die u wilt afdrukken.❏Als u een paginareeks wilt opgeven, voert u tussen de begin- eindpagina een areekstreepje in.Voorbeeld: 20-25❏Als u niet-opeenvolgende pagina's wilt opgeven, scheidt u de pagina's met komma's.Voorbeeld: 5, 10, 15GebruikershandleidingOver deze handleiding7
Markeringen en symbolen!Let op:Instructies die zorgvuldig moeten worden gevolgd om lichamelijk letsel te voorkomen.cBelangrijk:Instructies die moeten worden gevolgd om schade aan het apparaat te voorkomen.Opmerking:Biedt aanvullende informatie en referentiegegevens.& Gerelateerde informatieKoppelingen naar de verwante paragrafen.Beschrijvingen gebruikt in deze handleiding❏Screenshots van de schermen van de printerdriver en Epson Scan 2 (scannerdriver) zijn van Windows 10 ofmacOS Sierra. De inhoud die op de schermen wordt weergegeven, is aankelijk van het model en de situatie.❏Aeeldingen van de printer gebruikt in deze handleiding dienen uitsluitend als voorbeeld.
❏Microso® Wi n dow s S er v e r® 2008 R2 besturingssysteem❏Microso® Wi n dow s S er v e r® 2008 besturingssysteem❏Microso® Wi n dow s S er v e r® 2003 R2 besturingssysteem❏Microso® Wi n dow s S er v e r® 2003 besturingssysteemMac OSIn deze handleiding wordt "Mac OS" gebruikt om te verwijzen naar macOS Sierra, OS X El Capitan, OS XYosemite, OS X Mavericks, OS X Mountain Lion, Mac OS X v10.7.x en Mac OS X v10.6.8.GebruikershandleidingOver deze handleiding9
Belangrijke instructiesVeiligheidsinstructiesLees en volg deze instructies om deze printer veilig te gebruiken. Bewaar deze handleiding voor latereraadplegingen. Let ook op al de waarschuwingen en instructies die op de printer staan. ❏Sommige van de symbolen die gebruikt worden op uw printer zijn bedoeld om de veiligheid en het juistegebruik van de printer te garanderen. Bezoek de volgende website voor de betekenis van de symbolen. http://support. epson. net/symbols❏Gebruik alleen het netsnoer dat met de printer is meegeleverd en gebruik het snoer niet voor andere apparatuur. Gebruik van andere snoeren met deze printer of gebruik van het meegeleverde netsnoer met andere apparatuurkan leiden tot brand of elektrische schokken. ❏Zorg ervoor dat het netsnoer voldoet aan de relevante plaatselijke veiligheidsnormen.
❏Haal het netsnoer, de stekker, de printer, de scanner of de accessoires nooit uit elkaar en probeer dezeonderdelen nooit zelf te wijzigen of te repareren, tenzij zoals uitdrukkelijk staat beschreven in de handleidingenvan het apparaat. ❏Trek in de volgende gevallen de stekker uit het stopcontact en laat het onderhoud aan een onderhoudstechnicusover:Als het netsnoer of de stekker beschadigd is, als er vloeistof in de printer is gekomen, als de printer is gevallen ofals de behuizing beschadigd is, als de printer niet normaal werkt of als er een duidelijke wijziging in deprestaties optreedt. Wijzig geen instellingen als hiervoor in de gebruiksaanwijzing geen instructies wordengegeven. ❏Zet het apparaat in de buurt van een wandstopcontact waar u de stekker gemakkelijk uit het stopcontact kunthalen.
❏Plaats of bewaar de printer niet buiten en zorg ervoor dat de printer niet wordt blootgesteld aan vuil, stof, waterof hittebronnen. Vermijd plaatsen die onderhevig zijn aan schokken, trillingen, hoge temperaturen ofluchtvochtigheid. ❏Zorg ervoor dat u geen vloeistoen op de printer morst en pak de printer niet met natte handen vast.
❏Houd de printer ten minste 22 cm verwijderd van pacemakers. De radiogolven die door deze printer wordenuitgezonden, kunnen een negatieve invloed hebben op de werking van pacemakers. ❏Neem contact op met uw leverancier als het display beschadigd is. Als u vloeistof uit het display op uw handenkrijgt, was ze dan grondig met water en zeep. Als u vloeistof uit het display in uw ogen krijgt, moet u uw ogenonmiddellijk uitspoelen met water. Raadpleeg onmiddellijk een arts als u ondanks grondig spoelen problemenkrijgt met uw ogen of nog steeds ongemak ondervindt. Veiligheidsinstructies voor inkt❏Zorg ervoor dat u de inkt niet aanraakt bij het omgaan met de inkttanks, de doppen van de inkttanks ofgeopende inktessen of doppen. ❏Als u inkt op uw huid krijgt, wast u de plek grondig met water en zeep. ❏Als u inkt in uw ogen krijgt, moet u uw ogen onmiddellijk uitspoelen met water.
❏Haal de onderhoudscassette niet uit elkaar, omdat u inkt in uw ogen of op uw huid kunt krijgen. ❏Schud de es niet met overdreven kracht en stel de es niet bloot aan sterke schokken. Hierdoor kan inktlekken. ❏Houd inktessen, de inkttank en de onderhoudscassette buiten het bereik van kinderen. Laat kinderen niet uitde inktessen drinken en laat ze niet spelen met de inktessen en de dop van de essen. Printeradviezen en waarschuwingenLees en volg deze instructies om schade aan de printer of uw eigendommen te voorkomen. Bewaar dezehandleiding voor toekomstig gebruik. Adviezen en waarschuwingen voor het instellen/gebruik van deprinter❏De openingen in de behuizing van de printer niet blokkeren of afdekken. ❏Gebruik alleen het type stroombron dat staat vermeld op het etiket op de printer.
❏Gebruik geen stopcontacten in dezelfde groep als fotokopieerapparaten, airconditioners of andere apparaten dieregelmatig worden in- en uitgeschakeld. ❏Gebruik geen stopcontacten die met een wandschakelaar of een automatische timer kunnen worden in- enuitgeschakeld. ❏Plaats het hele computersysteem uit de buurt van apparaten die elektromagnetische storing kunnenveroorzaken, zoals luidsprekers of basisstations van draagbare telefoons. ❏Plaats het netsnoer zodanig dat geen slijtage, inkepingen, rafels, plooien en knikken kunnen optreden. Plaatsgeen voorwerpen op het netsnoer en plaats het netsnoer zodanig dat niemand erop kan stappen. Let er vooralop dat snoeren mooi recht blijven aan de uiteinden en de punten waar deze de transformator in- en uitgaan.
❏Als u een verlengsnoer gebruikt voor de printer, mag de totale stroombelasting in ampère van alle aangeslotenapparaten niet hoger zijn dan de maximale belasting voor het verlengsnoer. Zorg er bovendien voor dat hettotaal van de ampèrewaarden van alle apparaten die zijn aangesloten op het wandstopcontact, niet hoger is dande maximumwaarde die is toegestaan voor het stopcontact.
❏Als u de printer in Duitsland gebruikt, moet u rekening houden met het volgende: de installatie van het gebouwmoet beschikken over een stroomonderbreker van 10 of 16 A om de printer te beschermen tegen kortsluiting enstroompieken. ❏Let bij het aansluiten van de printer op een computer of ander apparaat, op de juiste richting van de stekkersvan de kabel. Elke stekker kan maar op één manier in het apparaat worden gestoken. Wanneer u een stekker opeen verkeerde manier in het apparaat steekt, kunnen beide apparaten die via de kabel met elkaar verbondenzijn, beschadigd raken. ❏Plaats de printer op een vlakke, stabiele ondergrond die groter is dan de printer zelf. De printer werkt niet goedals deze scheef staat. ❏Laat boven de printer voldoende ruimte vrij om het deksel volledig te kunnen openen.
Adviezen en waarschuwingen voor gebruik van de printer❏Steek geen voorwerpen door de openingen in de printer. ❏Steek uw hand niet in de printer tijdens het afdrukken. ❏Raak de witte, platte kabel en inktbuisjes binnen in de printer niet aan. ❏Gebruik geen spuitbussen met ontvlambare stoen in of in de buurt van de printer. Dit kan brand veroorzaken. ❏Verplaats de printkop niet handmatig; anders kunt u de printer beschadigen. ❏Pas bij het sluiten van de scannereenheid op dat uw vingers niet klem komen te zitten. ❏Let erop dat u nooit te hard op de scannerglasplaat drukt wanneer u er een origineel op legt. ❏Langdurig gebruik van de printer wanneer de inkt lager staat dan de onderste lijn, kan de printerbeschadigen. Vul de inkttank tot de bovenste lijn wanneer de printer niet in werking is. Reset het inktniveaunadat u de tank hebt gevuld om het juiste geschatte inktniveau weer te geven.
❏Zet de printer altijd uit met de knop P. Trek de stekker niet uit het stopcontact en sluit de stroom naar hetstopcontact niet af zolang het lampje P nog knippert. ❏Als u de printer gedurende langere tijd niet gebruikt, trek dan de stekker uit het stopcontact. Adviezen en waarschuwingen voor het vervoeren of opslaan van deprinter❏Zorg er bij opslag of transport van de printer voor dat deze niet gekanteld, verticaal of ondersteboven wordtgehouden, anders kan er inkt lekken. ❏Controleer vóór het vervoeren van de printer of de printkop zich in de uitgangspositie (uiterst rechts) bevindt. Adviezen en waarschuwingen voor gebruik van de printer met eendraadloze verbinding❏Radiogolven van deze printer kunnen nadelige gevolgen hebben voor de werking van medische elektronischeapparatuur, waardoor deze apparatuur defect kan raken.
Wanneer u deze printer gebruikt in een medischeinstelling of in de buurt van medische apparatuur, volg dan de aanwijzingen van het bevoegd personeel van demedische instelling en volg alle waarschuwingen en aanwijzingen die op de medische apparatuur zelf staan. ❏Radiogolven uit deze printer kunnen de werking van automatisch gestuurde apparaten, zoals automatischedeuren of een brandalarm, storen en kunnen tot ongevallen leiden als gevolg van storing. Volg allewaarschuwingen en aanwijzingen die op deze apparatuur zijn aangeduid wanneer u deze printer gebruikt in debuurt van automatisch aangestuurde apparaten. Adviezen en waarschuwingen voor gebruik van het display❏Het display kan een paar kleine heldere of donkere puntjes vertonen en is mogelijk niet overal even helder. Ditis normaal en wil geenszins zeggen dat het display beschadigd is.
❏Maak het display alleen schoon met een droge, zachte doek. Gebruik geen vloeibare of chemischereinigingsmiddelen. GebruikershandleidingBelangrijke instructies12.
❏De buitenkant van de display kan breken als deze een grote weerslag krijgt. Neem contact op met uwwederverkoper als het oppervlak van het scherm barst of splintert. Raak de gebroken stukken nooit aan enverwijder ze niet.Uw persoonlijke gegevens beschermenAls u de printer aan iemand anders gee of wilt weggooien, kunt u het geheugen als volgt wissen: selecteer Instel.> Standaardinst. herstellen > Alle gegevens en instellingen wissen op het bedieningspaneel.GebruikershandleidingBelangrijke instructies13
Basisprincipes van printerNamen en functies van onderdelenAUitvoerlade Opvanglade voor het papier dat uit de printer komt.BPapiercassette Laadt papier.CZijgeleiders Hiermee wordt het papier recht in de printer ingevoerd.Schuif deze naar deranden van het papier.DGeleider voor Legal-papier Schuif uit voor papier van Legal-formaat.ADocumentdeksel Houdt extern licht tegen tijdens het scannen.BScannerglasplaat Plaats de originelen.GebruikershandleidingBasisprincipes van printer14
CBedieningspaneel Geeft de status van de printer weer en maakt het mogelijk printerinstellingente congureren.DVoorpaneel Openen om papier te kunnen laden in de papiercassette.AScannereenheid Scant de geplaatste originelen.Openen om inkttanks opnieuw te vullen ofvastgelopen papier te verwijderen.Deze eenheid blijft meestal gesloten.BInkttankafdekking Open om de inkttank bij te vullen.CInktreservoir (inkttank) Brengt inkt naar de printkop.DInkttankeenheid Bevat de inkttanks.EPrintkop Inkt komt uit de spuitkanaaltjes van de printkop.AAfdekking onderhoudsset Verwijder deze afdekking wanneer u de onderhoudscassette wiltvervangen.De onderhoudscassette is een houder waarin kleinehoeveelheden overtollige inkt wordt opgevangen tijdens het reinigen ofafdrukken.BAchterpaneel Verwijderen bij het verwijderen van vastgelopen papier.CNetaansluiting Voor aansluiting van het netsnoer.DLAN-poort Voor aansluiting van een LAN-kabel.GebruikershandleidingBasisprincipes van printer15
EUSB-poort Voor aansluiting van een USB-kabel als verbinding met een computer.BedieningspaneelAHiermee schakelt u de printer in of uit.Niet uitschakelen zolang het aan/uit-lampje knippert (wanneer de printer bezig is of gegevens verwerkt).Haal het netsnoer uit het stopcontact als het aan/uit-lampje uit staat.BHiermee opent u het startscherm.CHiermee worden de oplossingen weergegeven wanneer u problemen ondervindt.DHiermee geeft u menu's en berichten weer.Gebruik de knoppen op het bedieningspaneel om een menu teselecteren of instellingen te congureren.EHiermee selecteert u het aantal pagina's dat u wilt afdrukken.FHiermee stopt u de actieve bewerking.GHiermee keert u terug naar het vorige scherm.HGebruik de knoppen u, d, l, r om de focus naar het doel te verplaatsen en druk vervolgens op de knop OK omhet geselecteerde menu te openen of instellingen te congureren.IIs van toepassing op verschillende functies, afhankelijk van de situatie.JHiermee start u een taak, zoals afdrukken of kopiëren.GebruikershandleidingBasisprincipes van printer16
Conguratie basisschermAHierop worden items aangegeven die voor de printer als pictogram zijn ingesteld.Selecteer het pictogram om dehuidige instellingen te controleren of elk instellingenmenu te openen.Deze actiebalk wordt alleen op het startscherm weergegeven.BHiermee wordt elke modus weergegeven.CTussen tabbladen wisselen.DGeeft de instellingsitems aan.Selecteer elk item om de instellingen te congureren of te wijzigen.De items variërenafhankelijk van elke modus.De items die grijs worden weergegeven, zijn niet beschikbaar.Selecteer het item om te controleren waarom dit nietbeschikbaar is.EHier staan de knoppen die u kunt gebruiken.Pictogrammen op het lcd-schermDe volgende pictogrammen worden op het display weergegeven naargelang de status van de printer.Geeft de status van de verbruiksartikelen aan.Selecteer het pictogram om de geschatte levensduur van de onderhoudscassette te controleren.GebruikershandleidingBasisprincipes van printer17
> Algemene instellingen > Netwerkinstellingen > Wi-Fi instellenDe printer is niet verbonden met een bekabeld (ethernet-)netwerk of de verbinding is verbroken.De printer is verbonden met een bekabeld (ethernet-)netwerk.De printer is niet verbonden met een draadloos (wi-)netwerk.De printer zoekt naar een SSID, het IP-adres is niet ingesteld of er is een probleem met hetdraadloze (wi-)netwerk.De printer is verbonden met een draadloos (wi-)netwerk.Het aantal balkjes geeft de sterkte van de verbinding weer.Hoe meer balkjes, des te sterker deverbinding is.De printer is niet verbonden met een draadloos (wi-)netwerk in de modus Wi-Fi Direct(eenvoudig toegangspunt).De printer is verbonden met een draadloos (wi-)netwerk in de modus Wi-Fi Direct (eenvoudigtoegangspunt).Hiermee wordt aangegeven of Stille modus is ingesteld voor de printer.Wanneer deze functie isingeschakeld, wordt het geluid dat door de printer wordt gemaakt gedempt.
De afdruksnelheid kanhierdoor verminderen.Het geluid wordt mogelijk niet gedempt, afhankelijk van het geselecteerdepapiertype en de gekozen afdrukkwaliteit.Geeft aan dat er aanvullende informatie is.Selecteer het pictogram om het bericht weer te geven.Geeft aan dat er een probleem is met de items.Selecteer het pictogram om te zien hoe u het probleemkunt oplossen.BasishandelingenVerplaats de focus met de knoppen u, d, l, r om de items te selecteren en druk vervolgens op de knop OK omuw selectie te bevestigen of om de geselecteerde functie uit te voeren.GebruikershandleidingBasisprincipes van printer18
Verplaats de focus naar het instellingsitem met de knoppen u, d, l, r en druk vervolgens op de knop OK omhet item in of uit te schakelen.Als u waarde, naam, adres enzovoort wilt invoeren, verplaatst u de focus naar het invoerveld met de knoppen u,d, l, r en drukt u vervolgens op de knop OK om het schermtoetsenbord weer te geven.Tekens invoerenSchermtoetsenbordWanneer u bijvoorbeeld netwerkinstellingen congureert, kunt u tekens en symbolen invoeren via hetschermtoetsenbord.GebruikershandleidingBasisprincipes van printer19
Opmerking:Beschikbare pictogrammen variëren naargelang de instelling.AGeeft het aantal tekens weer.BVerplaatst de cursor naar de invoerpositie.CHiermee schakelt u tussen hoofdletters en kleine letters, of cijfers en symbolen.U kunt ook schakelen met de knop .DHiermee schakelt u tussen tekentypes.U kunt alfanumerieke tekens, symbolen en speciale tekens, zoals umlautenen accenten gebruiken.U kunt ook schakelen met de knop .EHiermee wijzigt u de indeling van het toetsenbord.FHiermee voert u veelgebruikte e-maildomeinadressen of URL's in door het item te selecteren.GHiermee typt u een spatie.HHiermee voert u een teken in.IHiermee wist u het teken links van de cursor.SchermtoetsenblokWanneer u bijvoorbeeld het aantal exemplaren wilt opgeven, kunt u getallen invoeren met het schermtoetsenblok.Met het schermtoetsenbord kunt u eenvoudiger grotere getallen invoeren.Gebruik voor kleinere getallen deknoppen +/-.AHiermee annuleert u het invoeren en sluit u het schermtoetsenblok.BHiermee bevestigt u het ingevoerde getal en sluit u het schermtoetsenblok.CHiermee verwijdert u het ingevoerde getal.GebruikershandleidingBasisprincipes van printer20
Animaties bekijkenOp het lcd-scherm kunt u animaties bekijken van bedieningsinstructies, zoals het laden van papier of hetverwijderen van vastgelopen papier.❏Druk op de knop . Het Help-scherm wordt weergegeven.Selecteer Hoe en selecteer vervolgens de items die uwilt bekijken.❏Selecteer Hoe onderaan het bedieningsscherm. De contextgevoelige animatie wordt weergegeven.AGeeft het totale aantal stappen en het nummer van de huidige stap weer.In het voorbeeld hierboven wordt stap 2 van 6 stappen weergegeven.BDruk op de knop l om terug te keren naar de vorige stap.CGeeft de voortgang in de huidige stap aan.De animatie wordt herhaald wanneer de voortgangsbalk het eindebereikt.DDruk op de knop r om verder te gaan naar de volgende stap.GebruikershandleidingBasisprincipes van printer21
NetwerkinstellingenTypen netwerkverbindingenU kunt de volgende verbindingsmethoden gebruiken.Ethernet-verbindingVerbind de printer met een hub met behulp van een Ethernet-kabel.Gerelateerde informatie&“Geavanceerde netwerkinstellingen maken” op pagina 31Wi-Fi-verbindingSluit de printer en de computer of het smart device aan op het toegangspunt. Dit is de meest gebruikelijke maniervan verbinden voor netwerken thuis en op kantoor waar de Wi-Fi-verbindingen worden verzorgd door eentoegangspunt.GebruikershandleidingNetwerkinstellingen22
Gerelateerde informatie&“Een computer verbinden” op pagina 23&“Een smart device verbinden” op pagina 24&“Wi-Fi-instellingen congureren op de printer” op pagina 24Wi-Fi Direct-verbinding (eenvoudig toegangspunt)Gebruik deze verbindingsmethode wanneer u thuis of op kantoor geen Wi-Fi hebt of wanneer u de printer en hetsmart device rechtstreeks met elkaar wilt verbinden. In deze modus fungeert de printer als toegangspunt en kunt umaximaal vier apparaten met de printer verbinden zonder dat u een apart toegangspunt nodig hebt. Smart devicesdie rechtstreeks met de printer zijn verbonden kunnen echter niet met elkaar communiceren via de printer.Opmerking:Wi-Fi Direct-verbinding (eenvoudig toegangspunt) is een verbindingsmodus die is ontwikkeld als vervanging voor de ad-hocmodus.De printer kan tegelijk verbinding hebben via Wi-Fi of Ethernet en Wi-Fi Direct (eenvoudig toegangspunt).
Als uechter een netwerkverbinding start in Wi-Fi Direct (eenvoudig toegangspunt) wanneer de printer verbinding heevia Wi-Fi, wordt de Wi-Fi-verbinding tijdelijk verbroken.Gerelateerde informatie&“Verbindingsinstellingen voor Wi-Fi Direct (eenvoudig toegangspunt) congureren” op pagina 29Een computer verbindenHet wordt aanbevolen het installatieprogramma te gebruiken om de printer te verbinden met een computer.U kunthet installatieprogramma op een van de volgende manieren uitvoeren.❏Instellen vanaf de websiteOpen de volgende website en voer de productnaam in.Ga naar Instellen en congureer de instellingen.http://epson.sn❏Instellen met de soware-cd (alleen voor modellen die worden geleverd met een soware-cd en gebruikers diebeschikken over een computer met een schijfstation.)Plaats de soware-cd in de computer en volg de instructies op het scherm.GebruikershandleidingNetwerkinstellingen23
De verbindingsmethoden selecterenVolg de instructies op het scherm totdat het volgende scherm wordt weergegeven en selecteer vervolgens degewenste methode om de printer met de computer te verbinden.Selecteer het verbindingstype en klik vervolgens op Volgende.Volg de instructies op het scherm.Een smart device verbindenU kunt de printer gebruiken vanaf een smart device wanneer u de printer verbindt met hetzelfde Wi-Fi-netwerk(SSID) als het smart device. Als u de printer wilt gebruiken vanaf een smart device, stelt u dit in vanaf de volgendewebsite.
Open de website vanaf een smart device waarmee u verbinding wilt maken met de printer.http://epson.sn > InstellenOpmerking:Als u tegelijkertijd een computer en een smart device met de printer wilt verbinden, wordt aangeraden als eerste decomputer te verbinden.Wi-Fi-instellingen congureren op de printerOp het bedieningspaneel van de printer kunt u op verschillende manieren de netwerkinstellingencongureren.Kies de verbindingsmethode die overeenkomt met uw omgeving en de voorwaarden die u gebruikt.Als u beschikt over de informatie voor het toegangspunt, zoals de SSID en het wachtwoord, kunt u de instellingenhandmatig congureren.Als het toegangspunt WPS ondersteunt, kunt u de instellingen congureren met drukknopinstellingen.GebruikershandleidingNetwerkinstellingen24
Nadat de printer verbinding hee gemaakt met het netwerk, maakt u verbinding tussen de printer en het apparaatdat u wilt gebruiken (computer, smart device, tablet, enz.)Gerelateerde informatie&“Handmatig Wi-Fi-instellingen congureren” op pagina 25&“Wi-Fi-instellingen congureren via de drukknopinstelling (WPS)” op pagina 26&“Wi-Fi-instellingen congureren via de pincode-instelling (WPS)” op pagina 28&“Verbindingsinstellingen voor Wi-Fi Direct (eenvoudig toegangspunt) congureren” op pagina 29&“Geavanceerde netwerkinstellingen maken” op pagina 31Handmatig Wi-Fi-instellingen congurerenU kunt de gegevens die voor de verbinding met een toegangspunt nodig zijn handmatig opgeven op hetbedieningspaneel van de printer.Voor het handmatig instellen hebt u de SSID en het wachtwoord van hettoegangspunt nodig.Opmerking:Als u een toegangspunt met de standaardinstellingen gebruikt, gebruikt u de SSID en het wachtwoord die op het labelvermeld staan.Als u de SSID en het wachtwoord niet weet, neem dan contact op met de persoon die het toegangspunt heeingesteld of raadpleeg de documentatie van het toegangspunt.1.
Selecteer op het startscherm .Als u een item wilt selecteren, verplaatst u de focus naar het item met de knoppen u, d, l, r en drukt u opde knop OK.GebruikershandleidingNetwerkinstellingen25
2. Selecteer Wi - Fi ( aa n b e v o l e n ). Als de printer al is verbonden via Ethernet, selecteert u Router. 3. Druk op de knop OK. Als de netwerkverbinding al is ingesteld, worden de verbindingsdetails weergegeven. Selecteer Instellingenwijzigen om de instellingen te wijzigen. Als de printer al is verbonden via Ethernet, selecteert u Wij z i g n a a r Wi- Fi -v er b in di n g. en selecteert uvervolgens Ja nadat u het bericht hebt gecontroleerd. 4. Selecteer Wizard Wi-Fi instellen. 5. Selecteer de SSID van het toegangspunt. Opmerking:❏Als de SSID waarmee u verbinding wilt maken, niet wordt weergegeven op het bedieningspaneel van de printer,drukt u op de knop om de lijst te vernieuwen. Als de SSID nog steeds niet wordt weergegeven, tikt u op de knop en voert u de SSID rechtstreeks in. ❏Als u de SSID niet kent, controleer dan of deze vermeld staat op het label van het toegangspunt.
Als u hettoegangspunt gebruikt met zijn standaardinstellingen, gebruikt u de SSID die op het label staat. 6. Voer het wachtwoord in. Opmerking:❏Het wachtwoord is hoofdlettergevoelig. ❏Als u het wachtwoord niet kent, controleer dan of het vermeld staat op het label van het toegangspunt. Als u hettoegangspunt gebruikt met zijn standaardinstellingen, gebruikt u het wachtwoord dat op het label staat. Hetwachtwoord kan ook een sleutel of wachtwoordzin worden genoemd. ❏Als u het wachtwoord voor het toegangspunt niet kent, raadpleegt u de documentatie die bij het toegangspunt isgeleverd of neemt u contact op met de persoon die dit hee ingesteld. 7. Als u klaar bent, selecteert u Start installatie. 8. Selecteer OK om de bewerking te voltooien.
Opmerking:Als u geen verbinding kunt maken, laadt u normaal papier van A4-formaat en selecteert u Controlerapport afdrukkenom een netwerkverbindingsrapport af te drukken. 9. Sluit het scherm met instellingen voor de netwerkverbinding.
Gerelateerde informatie&“Basishandelingen” op pagina 18&“Tekens invoeren” op pagina 19&“De status van de netwerkverbinding controleren” op pagina 32&“Wanneer u de netwerkinstellingen niet kunt congureren” op pagina 149Wi-Fi-instellingen congureren via de drukknopinstelling (WPS)U kunt automatisch een Wi-Fi-netwerk instellen door op een knop op het toegangspunt te drukken. Als aan devolgende voorwaarden is voldaan, kunt u deze manier van instellen gebruiken. GebruikershandleidingNetwerkinstellingen26.
❏Het toegangspunt is compatibel met WPS (Wi-Fi Protected Setup).❏De huidige Wi-Fi-verbinding is tot stand gebracht door op een knop op het toegangspunt te drukken.Opmerking:Als u de knop niet kunt vinden of als u instelt met behulp van de soware, raadpleeg dan de documentatie van hettoegangspunt.1. Selecteer op het startscherm .Als u een item wilt selecteren, verplaatst u de focus naar het item met de knoppen u, d, l, r en drukt u opde knop OK.2. Selecteer Wi - Fi ( aa n b e v o l e n ).Als de printer al is verbonden via Ethernet, selecteert u Router.3. Druk op de knop OK.Als de netwerkverbinding al is ingesteld, worden de verbindingsdetails weergegeven.Selecteer Instellingenwijzigen om de instellingen te wijzigen.Als de printer al is verbonden via Ethernet, selecteert u Wij z i g n a a r Wi- Fi -v er b in di n g . en selecteert uvervolgens Ja nadat u het bericht hebt gecontroleerd.4.
Als u niet weet waar de [WPS]-knop zit, of als het toegangspunt geen knoppen hee, raadpleeg dan dedocumentatie van het toegangspunt voor meer informatie.6. Druk op de printer op de knop OK.7. Sluit het scherm.Het scherm sluit automatisch na een vastgestelde tijd.Opmerking:Als de verbinding mislukt, start dan het toegangspunt opnieuw, zet het dichter bij de printer en probeer het nog eenkeer.Als het nog steeds niet werkt, druk dan een netwerkverbindingsrapport af en controleer de oplossing.8.
Sluit het scherm met instellingen voor de netwerkverbinding.Gerelateerde informatie&“Basishandelingen” op pagina 18&“De status van de netwerkverbinding controleren” op pagina 32&“Wanneer u de netwerkinstellingen niet kunt congureren” op pagina 149Wi-Fi-instellingen congureren via de pincode-instelling (WPS)U kunt automatisch verbinding maken met een toegangspunt door gebruik te maken van een pincode.U kunt dezemethode gebruiken als uw toegangspunt WPS (Wi-Fi Protected Setup) ondersteunt.Gebruik een computer om eenpincode in te voeren in het toegangspunt.1. Selecteer op het startscherm .Als u een item wilt selecteren, verplaatst u de focus naar het item met de knoppen u, d, l, r en drukt u opde knop OK.2. Selecteer Wi - Fi ( aa n b e v o l e n ).Als de printer al is verbonden via Ethernet, selecteert u Router.GebruikershandleidingNetwerkinstellingen28
3. Druk op de knop OK. Als de netwerkverbinding al is ingesteld, worden de verbindingsdetails weergegeven. Selecteer Instellingenwijzigen om de instellingen te wijzigen. Als de printer al is verbonden via Ethernet, selecteert u Wij z i g n a a r Wi- Fi -v er b in di n g. en selecteert uvervolgens Ja nadat u het bericht hebt gecontroleerd. 4. Selecteer Overige > Instellen met PIN (WPS). 5. Gebruik uw computer om de pincode (acht cijfers) die op het bedieningspaneel van de printer wordtweergegeven in te voeren in het toegangspunt. U hebt hier twee minuten de tijd voor. Opmerking:Raadpleeg de documentatie van het toegangspunt voor meer informatie over het invoeren van een pincode. 6. Druk op de printer op de knop OK. 7. Sluit het scherm. Het scherm sluit automatisch na een vastgestelde tijd als u niet Sluiten selecteert.
Opmerking:Als de verbinding mislukt, start dan het toegangspunt opnieuw, zet het dichter bij de printer en probeer het nog eenkeer. Als het nog steeds niet werkt, druk dan een verbindingsrapport af en controleer de oplossing. 8. Sluit het scherm met instellingen voor de netwerkverbinding. Gerelateerde informatie&“Basishandelingen” op pagina 18&“De status van de netwerkverbinding controleren” op pagina 32&“Wanneer u de netwerkinstellingen niet kunt congureren” op pagina 149Verbindingsinstellingen voor Wi-Fi Direct (eenvoudigtoegangspunt) congurerenDeze methode maakt het mogelijk om de printer rechtstreeks, dus zonder toegangspunt, te verbinden met andereapparaten. De printer fungeert zelf als toegangspunt.
Omdat de computer of het smart device automatisch wordtverbonden met het andere verbindbare Wi-Fi-netwerk als de printer wordt uitgeschakeld, wordt niet opnieuwverbinding gemaakt met het vorige Wi-Fi-netwerk als de printer wordt ingeschakeld. Maak vanuit de computer ofhet smart device opnieuw verbinding met de SSID van de printer voor Wi-Fi Direct-verbinding (Eenvoudig AP). Alsu niet steeds opnieuw verbinding wilt maken wanneer u de printer in- of uitschakelt, wordt aangeraden een Wi-Fi-netwerk te gebruiken door de printer te verbinden met een toegangspunt. GebruikershandleidingNetwerkinstellingen29.
1. Selecteer op het startscherm .Als u een item wilt selecteren, verplaatst u de focus naar het item met de knoppen u, d, l, r en drukt u opde knop OK.2. Selecteer Wi - Fi Di r e c t .3. Druk op de knop OK.Als u Wi-Fi Direct-instellingen (eenvoudig toegangspunt) hebt gecongureerd, wordt gedetailleerdeverbindingsinformatie weergegeven.Ga naar stap 5.4. Druk op de knop OK.5.
Kijk op het bedieningspaneel van de printer welke SSID en welk wachtwoord worden weergegeven.Selecteer op het netwerkverbindingsscherm van de computer of het Wi-Fi-scherm van het smart device deSSID die op het bedieningspaneel van de printer wordt weergegeven om verbinding te maken.Opmerking:U kunt de verbindingsmethode controleren op de website.Scan met een smart device de QR-code die op hetbedieningspaneel van de printer wordt weergegeven om de website te openen, of voer de URL (http://epson.sn) in op decomputer en ga naar Instellen.6. Voer op de computer of het smart device het wachtwoord in dat wordt weergegeven op het bedieningspaneelvan de printer.7. Nadat de verbinding is gemaakt, selecteert u OK op het bedieningspaneel van de printer.8.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Epson Ecotank ET-3700 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Printer Epson
Handleiding Printer
Nieuwste handleidingen voor Printer