Epson ECOTANK ET-2700 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Epson ECOTANK ET-2700 (149 pagina’s), behorend tot de categorie Printer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 130 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Epson ECOTANK ET-2700 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Epson |
| Categorie: | Printer |
| Model: | ECOTANK ET-2700 |
| Kleur van het product: | Zwart |
| Gewicht: | 4989.5 g |
| Breedte: | 355.6 mm |
| Diepte: | 566.4 mm |
| Hoogte: | 259 mm |
| Kleur: | Ja |
| Wi-Fi-standaarden: | 802.11b, 802.11g, Wi-Fi 4 (802.11n) |
| USB-poort: | Ja |
| Ethernet LAN: | Nee |
| Markt positionering: | Thuis & kantoor |
| Land van herkomst: | Filipijnen |
| Certificering: | RoHS compliant |
| Stroomverbruik (indien uit): | 0.2 W |
| Wi-Fi Direct: | Ja |
| Intern geheugen: | - MB |
| Duurzaamheidscertificaten: | ENERGY STAR |
| Ondersteunt Windows: | Windows 10, Windows 7, Windows 8, Windows 8.1 |
| Temperatuur bij opslag: | -20 - 40 °C |
| Ondersteunt Mac-besturingssysteem: | Mac OS X 10.12 Sierra, Mac OS X 10.6 Snow Leopard |
| Luchtvochtigheid bij opslag: | 5 - 85 procent |
| Maximale resolutie: | 1200 x 2400 DPI |
| Printkleuren: | Black, Cyan, Magenta, Yellow |
| Papierlade mediatypen: | Glossy paper, Photo paper, Plain paper |
| Inhoud: | Expression ET-2700 EcoTank all-in-one, \nManual, \nCD-ROM for product setup, \nPower cord.\n\nIncluded ink in the box: \n 1 bottle 502 Black (127 ml), \n1 bottle each 502 Cyan, Magenta, Yellow (70 mL). |
| Printtechnologie: | Inkjet |
| Printsnelheid (zwart, standaardkwaliteit, A4/US Letter): | 10.5 ppm |
| Printsnelheid (kleur, standaard, A4/US Letter): | 5 ppm |
| Printen: | Afdrukken in kleur |
| Paginabeschrijving talen: | ESC/P-R |
| Gebruiksindicatie (maximaal): | 5200 pagina's per maand |
| Kopieersnelheid (zwart, standaard, A4): | 7.7 cpm |
| Kopieersnelheid (standaard, kleur, A4): | 3.8 cpm |
| Maximale kopieerresolutie: | - DPI |
| Kopiëren: | Kopiëren in kleur |
| Scannen: | Scannen in kleur |
| Soort scanner: | Flatbed scanner |
| Scantechnologie: | CIS |
| Optische scanresolutie: | 1200 x 2400 DPI |
| Totale invoercapaciteit: | 100 vel |
| Totale uitvoercapaciteit: | 30 vel |
| Maximale ISO A-series papierformaat: | A4 |
| ISO A-series afmetingen (A0...A9): | A4, A6 |
| Gemiddeld stroomverbruik ( bedrijfsresultaat ): | - W |
| Mobiele printing technologieën: | Epson iPrint |
| Gemiddeld stroomverbruik tijdens printen: | 12 W |
| Geluidsdrukniveau (afdrukken): | 51 dB |
| Totaal aantal invoerladen: | 1 |
| Kleurdiepte invoer: | 48 Bit |
| Fotopapier afmetingen (imperial): | 3.5x5, 4x6, 5x7, 8x10 " |
| Gemiddeld stroomverbruik tijdens Kopiëren: | 12 W |
| Scan naar: | PC |
| Inkttanksysteem: | Ja |
| Wifi: | Ja |
| AC-ingangsspanning: | 100 - 240 V |
| AC-ingangsfrequentie: | 50/60 Hz |
| Bedrijfstemperatuur (T-T): | 10 - 35 °C |
| Relatieve vochtigheid in bedrijf (V-V): | 20 - 80 procent |
| Kleurdiepte uitvoer: | 24 Bit |
| Geluidsvermogensniveau (afdrukken): | 6.4 dB |
| Kopiëren zonder tussenkomst van PC: | Ja |
Handleiding Epson ECOTANK ET-2700 – volledige tekst
InhoudsopgaveOver deze handleidingIntroductie tot de handleidingen. 6Informatie zoeken in de handleiding. 6Markeringen en symbolen. 8Beschrijvingen gebruikt in deze handleiding. 8Referenties voor besturingssystemen. 8Belangrijke instructiesVeiligheidsinstructies. 10Veiligheidsinstructies voor inkt. 10Printeradviezen en waarschuwingen. 11Adviezen en waarschuwingen voor hetinstellen/gebruik van de printer. 11Adviezen en waarschuwingen voor gebruikvan de printer. 11Adviezen en waarschuwingen voor hetvervoeren of opslaan van de printer. 12Adviezen en waarschuwingen voor gebruikvan de printer met een draadloze verbinding. 12Uw persoonlijke gegevens beschermen. 12Basisprincipes van printerNamen en functies van onderdelen. 13Bedieningspaneel. 15NetwerkinstellingenTypen netwerkverbindingen. 17Wi-Fi-verbinding. 17Wi-Fi Direct-verbinding (eenvoudigtoegangspunt). 17Een computer verbinden.
41Basisprincipes voor afdrukken. 42Dubbelzijdig afdrukken. 43Meerdere pagina's op één vel afdrukken. 44Afdrukken en op paginavolgorde stapelen(Afdrukken in omgekeerde volgorde). 44Een verkleind of vergroot document afdrukken. 45Een aeelding vergroot afdrukken opmeerdere vellen (een poster maken). 46Afdrukken met een kop- en voettekst. 52Een watermerk afdrukken. 53Meerdere bestanden tegelijkertijd afdrukken. 53Afdrukken met de afdrukfunctie Universelekleuren. 54De afdrukkleur aanpassen. 55Dunne lijnen benadrukken tijdens hetafdrukken. 56Afdrukken annuleren. 56Menuopties voor het printerstuurprogramma. 56Afdrukken vanuit het printerstuurprogrammain Mac OS. 59Basisprincipes voor afdrukken. 59Meerdere pagina's op één vel afdrukken. 61GebruikershandleidingInhoudsopgave2.
Afdrukken en op paginavolgorde stapelen(Afdrukken in omgekeerde volgorde). 61Een verkleind of vergroot document afdrukken. 62De afdrukkleur aanpassen. 63Afdrukken annuleren. 63Menuopties voor het printerstuurprogramma. 63Bedieningsinstellingen voor Mac OS-printerdriver congureren. 65Afdrukken met Smart Devices. 66Epson iPrint gebruiken. 66Epson Print Enabler gebruiken. 67De actieve taak annuleren. 68KopiërenNormaal kopiëren. 69Meerdere kopieën maken. 69ScannenScannen via het bedieningspaneel. 70Scannen vanaf een computer. 70Scannen met Epson Scan 2. 70Scannen met smart-apparaten. 73Epson iPrint installeren. 73Scannen met Epson iPrint. 73Inkt bijvullenHet inktniveau controleren. 75Codes van de inktessen. 75Voorzorgsmaatregelen voor inktessen. 76De inkttanks bijvullen. 77De printer onderhoudenDe printkop controleren en reinigen.
90Netwerkservice en softwareinformatieToepassing voor het congureren vanprinterbewerkingen (Web Cong). 91Web Cong uitvoeren op een browser. 91Web Cong uitvoeren op Windows. 92Web Cong uitvoeren op Mac OS. 92Toepassing voor het scannen van documentenen aeeldingen (Epson Scan 2).
92De netwerkscanner toevoegen. 93Toep assing vo or het congureren vanscanbewerkingen vanaf het bedieningspaneel(Epson Event Manager). 93Toepassing voor fotolay-out (Epson Easy PhotoPrint). 94Toepassing voor het afdrukken van webpagina's(E-Web Print). 95Hulpprogramma's voor soware-updates(EPSON Soware Updater). 95De meest recente toepassingen installeren. 96Toepassingen verwijderen. 97Toepassingen verwijderen — Windows. 97Toepassingen verwijderen — Mac OS. 98Afdrukken via een netwerkservice. 98Problemen oplossenDe printerstatus controleren. 100De foutindicatoren op de printer controleren. 100De printerstatus controleren - Windows. 101De printerstatus controleren — Mac OS. 102De sowarestatus controleren. 102Vastgelopen papier verwijderen. 102Vastgelopen papier verwijderen uit dePapiertoevoer achter. 103Vastgelopen papier binnen in de printerverwijderen.
Vastgelopen papier verwijderen uit hetAchterpaneel. 105Papier wordt niet goed ingevoerd. 105Papier loopt vast. 106Papier wordt schuin ingevoerd. 106Er worden meerdere vellen papier tegelijkuitgevoerd. 106Foutmelding papier op verschijnt. 106Problemen met stroomtoevoer enbedieningspaneel. 107De stroom wordt niet ingeschakeld. 107De stroom wordt niet uitgeschakeld. 107Stroom schakelt automatisch uit. 107Kan niet afdrukken vanaf een computer. 107De verbinding controleren (USB). 107De verbinding controleren (netwerk). 108De soware en gegevens controleren. 109De printerstatus controleren vanaf decomputer (Windows). 111De printerstatus controleren vanaf decomputer (Mac OS). 112Wanneer u de netwerkinstellingen niet kuntcongureren. 112Kan geen verbinding maken vanaf apparatenterwijl de netwerkinstellingen correct zijn. 113U kunt geen verbinding maken via Wi-FiDirect (eenvoudig toegangspunt).
114De SSID controleren waarmee de printer isverbonden. 116De SSID voor de computer controleren. 116Afdrukproblemen. 117De afdruk is gekrast of er ontbreken kleuren. 117Er verschijnen strepen of onverwachte kleuren. 117Gekleurde streepvorming zichtbaar met eentussenafstand van ongeveer 2. 5 cm. 118Onscherpe afdrukken, verticale strepen ofverkeerde uitlijning. 118Afdrukkwaliteit is slecht. 119Papier vertoont vlekken of is bekrast. 120Afgedrukte foto's zijn plakkerig. 121Aeeldingen of foto's worden afgedrukt metde verkeerde kleuren. 122Kan niet afdrukken zonder marges. 122Randen van de aeelding vallen weg bij hetrandloos afdrukken. 122Positie, formaat of marges van de afdruk zijnniet juist. 122Afgedrukte tekens zijn niet juist of onleesbaar. 123De afgedrukte aeelding is omgekeerd. 123Mozaïekachtige patronen op de afdrukken.
124De achterkant van het origineel is te zien opde gekopieerde aeelding. 124Het probleem kon niet worden opgelost. 124Overige afdrukproblemen. 124Afdrukken verloopt te traag. 124Afdrukken vertraagt aanzienlijk tijdens hetcontinu afdrukken. 125Kan niet beginnen met scannen. 125Problemen met gescande aeeldingen. 126Ongelijke kleuren, vuil, vlekken, enzovoortworden weergegeven bij scannen vanaf deglasplaat van de scanner. 126De aeeldingskwaliteit is ruw. 126De oset schijnt door in de achtergrond vanaeeldingen. 126De tekst is onscherp. 126Moiré-patronen (webachtige schaduwen)verschijnen. 127Kan het juiste gebied niet scannen op deglasplaat. 127Tekst wordt niet correct herkend wanneer ikopsla als een Searchable PDF. 127Problemen in gescande aeelding kunnenniet worden opgelost. 128Andere scanproblemen. 129Scansnelheid is laag. 129Scannen stopt bij het scannen naar een PDF/Multi-TIFF.
Over deze handleidingIntroductie tot de handleidingenDe volgende handleidingen worden meegeleverd met uw Epson-printer.Raadpleeg naast de handleidingen, ook deHelp in de verschillende Epson-sowaretoepassingen.❏Belangrijke veiligheidsvoorschrien (gedrukte handleiding)Bevat instructies om deze printer veilig te gebruiken.❏Hier beginnen (gedrukte handleiding)Bevat informatie over het instellen van de printer, het installeren van de soware, het gebruik van de printerenzovoort.❏Gebruikershandleiding (digitale handleiding)Deze handleiding.Biedt algehele informatie en instructies voor het gebruik van de printer, voornetwerkinstellingen wanneer de printer in een netwerk wordt gebruikt en voor het oplossen van problemen.❏Beheerdershandleiding (digitale handleiding)Gee informatie aan netwerkbeheerders over het beheer en de printerinstellingen.U kunt de meest recente versie van de bovenstaande handleidingen in uw bezit krijgen op de volgende manieren.❏Gedrukte handleidingGa naar de ondersteuningssite van Epson Europe (http://www.epson.eu/Support) of de wereldwijdeondersteuningssite van Epson (http://support.epson.net/).❏Digitale handleidingStart EPSON Soware Updater op uw computer.EPSON Soware Updater controleert of er updatesbeschikbaar zijn voor Epson-toepassingen of digitale handleidingen en laat u vervolgens de meest recente versiedownloaden.Gerelateerde informatie&“Hulpprogramma's voor soware-updates (EPSON Soware Updater)” op pagina 95Informatie zoeken in de handleidingIn de PDF-handleiding kunt u naar informatie zoeken via een zoekwoord, of direct naar een bepaald gedeelte gaanmet behulp van de bladwijzers.
U kunt ook alleen de pagina's afdrukken die u nodig hebt. Dit gedeelte bevat uitlegover het gebruik van een PDF-handleiding die in Adobe Reader X is geopend op de computer.GebruikershandleidingOver deze handleiding6
Zoeken met een zoekwoordKlik op Bewerken > Geavanceerd zoeken. Voer in het zoekvenster het zoekwoord (tekst) in voor de informatie dieu zoekt en klik vervolgens op Zoeken. Zoekresultaten worden weergegeven in een lijst. Klik op een van deweergegeven zoekresultaten om naar de betreende pagina te gaan.Direct naar informatie gaan via bladwijzersKlik op een titel om naar de betreende pagina te gaan. Klik op en bekijk de onderliggende titels in dat gedeelte.Voer de volgende bewerking uit op het toetsenbord als u wilt terugkeren naar de vorige pagina.❏Wi n dow s: h oud de Alt-toets ingedrukt en druk op ←.❏Mac OS: houd de command-toets ingedrukt en druk op ←.Alleen pagina's afdrukken die u nodig hebtU kunt alleen de pagina's die u nodig hebt extraheren en afdrukken.
Klik op Afdrukken in het menu Bestand engeef in Pagina's bij Pagina's die moeten worden afgedrukt de pagina's op die u wilt afdrukken.❏Als u een paginareeks wilt opgeven, voert u tussen de begin- eindpagina een areekstreepje in.Voorbeeld: 20-25❏Als u niet-opeenvolgende pagina's wilt opgeven, scheidt u de pagina's met komma's.Voorbeeld: 5, 10, 15GebruikershandleidingOver deze handleiding7
Markeringen en symbolen!Let op:Instructies die zorgvuldig moeten worden gevolgd om lichamelijk letsel te voorkomen.cBelangrijk:Instructies die moeten worden gevolgd om schade aan het apparaat te voorkomen.Opmerking:Biedt aanvullende informatie en referentiegegevens.& Gerelateerde informatieKoppelingen naar de verwante paragrafen.Beschrijvingen gebruikt in deze handleiding❏Screenshots van de schermen van de printerdriver en Epson Scan 2 (scannerdriver) zijn van Windows 10 ofmacOS Sierra. De inhoud die op de schermen wordt weergegeven, is aankelijk van het model en de situatie.❏Aeeldingen van de printer gebruikt in deze handleiding dienen uitsluitend als voorbeeld.
❏Microso® Wi n dow s S er v e r® 2008 besturingssysteem❏Microso® Wi n dow s S er v e r® 2003 R2 besturingssysteem❏Microso® Wi n dow s S er v e r® 2003 besturingssysteemMac OSIn deze handleiding wordt "Mac OS" gebruikt om te verwijzen naar macOS Sierra, OS X El Capitan, OS XYosemite, OS X Mavericks, OS X Mountain Lion, Mac OS X v10.7.x en Mac OS X v10.6.8.GebruikershandleidingOver deze handleiding9
Belangrijke instructiesVeiligheidsinstructiesLees en volg deze instructies om deze printer veilig te gebruiken. Bewaar deze handleiding voor latereraadplegingen. Let ook op al de waarschuwingen en instructies die op de printer staan. ❏Sommige van de symbolen die gebruikt worden op uw printer zijn bedoeld om de veiligheid en het juistegebruik van de printer te garanderen. Bezoek de volgende website voor de betekenis van de symbolen. http://support. epson. net/symbols❏Gebruik alleen het netsnoer dat met de printer is meegeleverd en gebruik het snoer niet voor andere apparatuur. Gebruik van andere snoeren met deze printer of gebruik van het meegeleverde netsnoer met andere apparatuurkan leiden tot brand of elektrische schokken. ❏Zorg ervoor dat het netsnoer voldoet aan de relevante plaatselijke veiligheidsnormen.
❏Haal het netsnoer, de stekker, de printer, de scanner of de accessoires nooit uit elkaar en probeer dezeonderdelen nooit zelf te wijzigen of te repareren, tenzij zoals uitdrukkelijk staat beschreven in de handleidingenvan het apparaat. ❏Trek in de volgende gevallen de stekker uit het stopcontact en laat het onderhoud aan een onderhoudstechnicusover:Als het netsnoer of de stekker beschadigd is, als er vloeistof in de printer is gekomen, als de printer is gevallen ofals de behuizing beschadigd is, als de printer niet normaal werkt of als er een duidelijke wijziging in deprestaties optreedt. Wijzig geen instellingen als hiervoor in de gebruiksaanwijzing geen instructies wordengegeven. ❏Zet het apparaat in de buurt van een wandstopcontact waar u de stekker gemakkelijk uit het stopcontact kunthalen.
❏Plaats of bewaar de printer niet buiten en zorg ervoor dat de printer niet wordt blootgesteld aan vuil, stof, waterof hittebronnen. Vermijd plaatsen die onderhevig zijn aan schokken, trillingen, hoge temperaturen ofluchtvochtigheid. ❏Zorg ervoor dat u geen vloeistoen op de printer morst en pak de printer niet met natte handen vast.
❏Houd de printer ten minste 22 cm verwijderd van pacemakers. De radiogolven die door deze printer wordenuitgezonden, kunnen een negatieve invloed hebben op de werking van pacemakers. Veiligheidsinstructies voor inkt❏Zorg ervoor dat u de inkt niet aanraakt bij het omgaan met de inkttanks, de doppen van de inkttanks ofgeopende inktessen of doppen. ❏Als u inkt op uw huid krijgt, wast u de plek grondig met water en zeep. ❏Als u inkt in uw ogen krijgt, moet u uw ogen onmiddellijk uitspoelen met water. Raadpleeg onmiddellijk eenarts als u ondanks grondig spoelen problemen krijgt met uw ogen of nog steeds ongemak ondervindt. ❏Als er inkt in uw mond terechtkomt, raadpleegt u direct een arts. ❏Schud de es niet met overdreven kracht en stel de es niet bloot aan sterke schokken. Hierdoor kan inktlekken. ❏Houd inktessen en de inkttankeenheid buiten het bereik van kinderen.
Printeradviezen en waarschuwingenLees en volg deze instructies om schade aan de printer of uw eigendommen te voorkomen. Bewaar dezehandleiding voor toekomstig gebruik. Adviezen en waarschuwingen voor het instellen/gebruik van deprinter❏De openingen in de behuizing van de printer niet blokkeren of afdekken. ❏Gebruik alleen het type stroombron dat staat vermeld op het etiket op de printer. ❏Gebruik geen stopcontacten in dezelfde groep als fotokopieerapparaten, airconditioners of andere apparaten dieregelmatig worden in- en uitgeschakeld. ❏Gebruik geen stopcontacten die met een wandschakelaar of een automatische timer kunnen worden in- enuitgeschakeld. ❏Plaats het hele computersysteem uit de buurt van apparaten die elektromagnetische storing kunnenveroorzaken, zoals luidsprekers of basisstations van draagbare telefoons.
❏Plaats het netsnoer zodanig dat geen slijtage, inkepingen, rafels, plooien en knikken kunnen optreden. Plaatsgeen voorwerpen op het netsnoer en plaats het netsnoer zodanig dat niemand erop kan stappen. Let er vooralop dat snoeren mooi recht blijven aan de uiteinden en de punten waar deze de transformator in- en uitgaan. ❏Als u een verlengsnoer gebruikt voor de printer, mag de totale stroombelasting in ampère van alle aangeslotenapparaten niet hoger zijn dan de maximale belasting voor het verlengsnoer. Zorg er bovendien voor dat hettotaal van de ampèrewaarden van alle apparaten die zijn aangesloten op het wandstopcontact, niet hoger is dande maximumwaarde die is toegestaan voor het stopcontact.
❏Als u de printer in Duitsland gebruikt, moet u rekening houden met het volgende: de installatie van het gebouwmoet beschikken over een stroomonderbreker van 10 of 16 A om de printer te beschermen tegen kortsluiting enstroompieken. ❏Let bij het aansluiten van de printer op een computer of ander apparaat, op de juiste richting van de stekkersvan de kabel. Elke stekker kan maar op één manier in het apparaat worden gestoken.
Wanneer u een stekker opeen verkeerde manier in het apparaat steekt, kunnen beide apparaten die via de kabel met elkaar verbondenzijn, beschadigd raken. ❏Plaats de printer op een vlakke, stabiele ondergrond die groter is dan de printer zelf. De printer werkt niet goedals deze scheef staat. ❏Laat boven de printer voldoende ruimte vrij om het deksel volledig te kunnen openen. ❏Zorg ervoor dat aan de voorkant van de printer voldoende ruimte is voor het papier dat uit de printer komt. ❏Vermijd plaatsen met grote schommelingen in temperatuur en luchtvochtigheid. Houd de printer ook uit debuurt van direct zonlicht, fel licht of warmtebronnen. Adviezen en waarschuwingen voor gebruik van de printer❏Steek geen voorwerpen door de openingen in de printer. ❏Steek uw hand niet in de printer tijdens het afdrukken. ❏Raak de witte, platte kabel en inktbuisjes binnen in de printer niet aan.
❏Verplaats de printkop niet handmatig; anders kunt u de printer beschadigen. ❏Pas bij het sluiten van de scannereenheid op dat uw vingers niet klem komen te zitten. ❏Let erop dat u nooit te hard op de scannerglasplaat drukt wanneer u er een origineel op legt. ❏Als een van de inkttanks niet is gevuld tot aan de onderste lijn, moet u binnenkort inkt bijvullen. Langduriggebruik van de printer wanneer de inkt lager staat dan de onderste lijn, kan de printer beschadigen. ❏Zet de printer altijd uit met de knop P. Trek de stekker niet uit het stopcontact en sluit de stroom naar hetstopcontact niet af zolang het lampje P nog knippert. ❏Als u de printer gedurende langere tijd niet gebruikt, trek dan de stekker uit het stopcontact.
Adviezen en waarschuwingen voor het vervoeren of opslaan van deprinter❏Zorg er bij opslag of transport van de printer voor dat deze niet gekanteld, verticaal of ondersteboven wordtgehouden, anders kan er inkt lekken. ❏Controleer vóór het vervoeren van de printer of de printkop zich in de uitgangspositie (uiterst rechts) bevindt. Adviezen en waarschuwingen voor gebruik van de printer met eendraadloze verbinding❏Radiogolven van deze printer kunnen nadelige gevolgen hebben voor de werking van medische elektronischeapparatuur, waardoor deze apparatuur defect kan raken. Wanneer u deze printer gebruikt in een medischeinstelling of in de buurt van medische apparatuur, volg dan de aanwijzingen van het bevoegd personeel van demedische instelling en volg alle waarschuwingen en aanwijzingen die op de medische apparatuur zelf staan.
❏Radiogolven uit deze printer kunnen de werking van automatisch gestuurde apparaten, zoals automatischedeuren of een brandalarm, storen en kunnen tot ongevallen leiden als gevolg van storing. Volg allewaarschuwingen en aanwijzingen die op deze apparatuur zijn aangeduid wanneer u deze printer gebruikt in debuurt van automatisch aangestuurde apparaten.
Basisprincipes van printerNamen en functies van onderdelenAPapiertoevoer achter Laadt papier.BPapiersteun Ondersteuning voor geladen papier.CInvoerbescherming Voorkomt dat ongewenste zaken in de printer terechtkomen.Laat deze bescherming over het algemeen dicht.DZijgeleiders Hiermee wordt het papier recht in de printer ingevoerd.Schuif deze naar deranden van het papier.EUitvoerlade Opvanglade voor het papier dat uit de printer komt.ADocumentdeksel Houdt extern licht tegen tijdens het scannen.BScannerglasplaat Plaats de originelen.CScannereenheid Scant de geplaatste originelen.GebruikershandleidingBasisprincipes van printer13
DBedieningspaneel Geeft de status van de printer weer en maakt het mogelijk printerinstellingente congureren.AInkttankafdekking Open om de inkttank bij te vullen.BInktreservoir (inkttank) Brengt inkt naar de printkop.CInkttankeenheid Bevat de inkttanks.DPrintkop Inkt komt uit de spuitkanaaltjes van de printkop.AAchterpaneel Verwijderen bij het verwijderen van vastgelopen papier.BNetaansluiting Voor aansluiting van het netsnoer.CUSB-poort Voor aansluiting van een USB-kabel als verbinding met een computer.GebruikershandleidingBasisprincipes van printer14
BedieningspaneelAHiermee schakelt u de printer in of uit. Niet uitschakelen zolang het aan/uit-lampje knippert (wanneer de printer bezig is of gegevens verwerkt). Haal het netsnoer uit het stopcontact als het aan/uit-lampje uit staat. BHet bovenste en onderste lampje geven de netwerkstatus aan. ❏ (Bovenste lampje): gaat branden wanneer de printer is verbonden met een draadloos netwerk (Wi-Fi). ❏ (Onderste lampje): gaat branden wanneer de printer is verbonden met een netwerk in de modus Wi-FiDirect (eenvoudig toegangspunt). De lampjes knipperen afwisselend of tegelijk tijdens het initialiseren, het opgeven van netwerkinstellingen, ofwanneer een probleem is opgetreden met de draadloze verbinding (Wi-Fi) van de printer. CWanneer er een netwerkfout optreedt, drukt u op deze knop om de fout te annuleren.
Houd deze knop langer dandrie seconden ingedrukt om Wi-Fi automatisch in te stellen met de WPS-drukknop. DDrukt een netwerkverbindingsrapport af waarin u de oorzaak kunt achterhalen van problemen die u mogelijkervaart tijdens het gebruik van de printer in een netwerk. Als u gedetailleerdere netwerkinstellingen enverbindingsstatus nodig hebt, houdt u deze knop gedurende ten minste 10 seconden ingedrukt om eennetwerkstatusrapport af te drukken. EHiermee start u het kopiëren in zwart-wit op gewoon A4-papier. Druk met tussenpozen van 1 seconde op dezeknop om het aantal exemplaren te verhogen (tot 20 exemplaren). FHiermee start u het kopiëren in kleur op gewoon A4-papier. Druk met tussenpozen van 1 seconde op deze knopom het aantal exemplaren te verhogen (tot 20 exemplaren). GHiermee stopt u de actieve bewerking.
Houd deze knop drie seconden ingedrukt tot de knop P knippert om een printkopreiniging uit te voeren. HGeeft de status van het inkt laden aan. IGaat branden of knipperen wanneer het papier op is of een papierstoring optreedt. Er zijn meer functies beschikbaar met andere combinaties van knoppen.
+ Houd de knoppen en tegelijk ingedrukt om het instellen met de pincode (WPS) testarten. + Houd de knoppen en tegelijk ingedrukt om het instellen van Wi-Fi Direct (eenvoudigtoegangspunt) te starten. + Zet de printer aan met de knop ingedrukt om de standaardinstellingen voor het netwerkte herstellen.Wanneer de netwerkinstellingen zijn hersteld, wordt de printer ingeschakeld enknipperen de netwerkstatuslampjes afwisselend. + Zet de printer aan met de knop y ingedrukt om het testpatroon af te drukken.Gerelateerde informatie&“De foutindicatoren op de printer controleren” op pagina 100&“Wi-Fi-instellingen congureren via de pincode-instelling (WPS)” op pagina 21&“De netwerkinstellingen herstellen op het bedieningspaneel” op pagina 31GebruikershandleidingBasisprincipes van printer16
NetwerkinstellingenTypen netwerkverbindingenU kunt de volgende verbindingsmethoden gebruiken.Wi-Fi-verbindingSluit de printer en de computer of het smart device aan op het toegangspunt. Dit is de meest gebruikelijke maniervan verbinden voor netwerken thuis en op kantoor waar de Wi-Fi-verbindingen worden verzorgd door eentoegangspunt.Gerelateerde informatie&“Een computer verbinden” op pagina 18&“Een smart device verbinden” op pagina 19&“Wi-Fi-instellingen congureren op de printer” op pagina 19Wi-Fi Direct-verbinding (eenvoudig toegangspunt)Gebruik deze verbindingsmethode wanneer u thuis of op kantoor geen Wi-Fi hebt of wanneer u de printer en hetsmart device rechtstreeks met elkaar wilt verbinden. In deze modus fungeert de printer als toegangspunt en kunt umaximaal vier apparaten met de printer verbinden zonder dat u een apart toegangspunt nodig hebt.
Als u echter eennetwerkverbinding start in Wi-Fi Direct (eenvoudig toegangspunt) wanneer de printer verbinding hee via Wi-Fi,wordt de Wi-Fi-verbinding tijdelijk verbroken.Gerelateerde informatie&“Instellingen voor Wi-Fi Direct-verbinding (eenvoudig toegangspunt) congureren” op pagina 22Een computer verbindenHet wordt aanbevolen het installatieprogramma te gebruiken om de printer te verbinden met een computer.U kunthet installatieprogramma op een van de volgende manieren uitvoeren.❏Instellen vanaf de websiteOpen de volgende website en voer de productnaam in.Ga naar Instellen en congureer de instellingen.http://epson.sn❏Instellen met de soware-cd (alleen voor modellen die worden geleverd met een soware-cd en gebruikers diebeschikken over een computer met een schijfstation.)Plaats de soware-cd in de computer en volg de instructies op het scherm.De verbindingsmethoden selecterenVolg de instructies op het scherm totdat het volgende scherm wordt weergegeven en selecteer vervolgens degewenste methode om de printer met de computer te verbinden.GebruikershandleidingNetwerkinstellingen18
Selecteer het verbindingstype en klik vervolgens op Volgende.Volg de instructies op het scherm.Een smart device verbindenU kunt de printer gebruiken vanaf een smart device wanneer u de printer verbindt met hetzelfde Wi-Fi-netwerk(SSID) als het smart device. Als u de printer wilt gebruiken vanaf een smart device, stelt u dit in vanaf de volgendewebsite.
Open de website vanaf een smart device waarmee u verbinding wilt maken met de printer.http://epson.sn > InstellenOpmerking:Als u tegelijkertijd een computer en een smart device met de printer wilt verbinden, wordt aangeraden als eerste decomputer te verbinden.Wi-Fi-instellingen congureren op de printerOp het bedieningspaneel van de printer kunt u op verschillende manieren de netwerkinstellingencongureren.Kies de verbindingsmethode die overeenkomt met uw omgeving en de voorwaarden die u gebruikt.Als het toegangspunt WPS ondersteunt, kunt u de instellingen congureren met drukknopinstellingen.Nadat de printer verbinding hee gemaakt met het netwerk, maakt u verbinding tussen de printer en het apparaatdat u wilt gebruiken (computer, smart device, tablet, enz.)Gerelateerde informatie&“Wi-Fi-instellingen congureren via de drukknopinstelling” op pagina 20&“Wi-Fi-instellingen congureren via de pincode-instelling (WPS)” op pagina 21&“Instellingen voor Wi-Fi Direct-verbinding (eenvoudig toegangspunt) congureren” op pagina 22GebruikershandleidingNetwerkinstellingen19
Wi-Fi-instellingen congureren via de drukknopinstellingU kunt automatisch een Wi-Fi-netwerk instellen door op een knop op het toegangspunt te drukken.Als aan devolgende voorwaarden is voldaan, kunt u deze manier van instellen gebruiken.❏Het toegangspunt is compatibel met WPS (Wi-Fi Protected Setup).❏De huidige Wi-Fi-verbinding is tot stand gebracht door op een knop op het toegangspunt te drukken.Opmerking:Als u de knop niet kunt vinden of als u instelt met behulp van de soware, raadpleeg dan de documentatie van hettoegangspunt.1. Houd de knop [WPS] op het toegangspunt ingedrukt tot het beveiligingslampje knippert.Als u niet weet waar de [WPS]-knop zit, of als het toegangspunt geen knoppen hee, raadpleeg dan dedocumentatie van het toegangspunt voor meer informatie.2.
Druk op de knop op de printer tot de lampjes en afwisselend branden (circa 3 seconden).Het instellen van de verbinding begint.Het lampje wordt groen als er een verbinding tot stand isgebracht.Opmerking:De printer is in een verbindingsfoutstatus wanneer het lampje uit is en het lampje tegelijkertijdknippert.Nadat u de printerfout hebt opgelost door te drukken op de knop op de printer, start u het toegangspuntopnieuw, waarna u het toegangspunt dichter bij de printer zet en het nog een keer probeert.Als het nog steeds niet werkt,druk dan een netwerkverbindingsrapport af en controleer de oplossing.GebruikershandleidingNetwerkinstellingen20
Gerelateerde informatie&“De status van de netwerkverbinding controleren” op pagina 23&“Een netwerkverbindingsrapport afdrukken” op pagina 24&“Wanneer u de netwerkinstellingen niet kunt congureren” op pagina 112Wi-Fi-instellingen congureren via de pincode-instelling (WPS)U kunt verbinding maken met een toegangspunt door gebruik te maken van een pincode die staat afgedrukt op hetnetwerkstatusvel.U kunt deze methode gebruiken als uw toegangspunt WPS (Wi-Fi Protected Setup)ondersteunt.Gebruik een computer om een pincode in te voeren in het toegangspunt.1. Papier laden.2. Houd de knop op de printer gedurende ten minste 10 seconden ingedrukt.Het netwerkstatusvel wordt afgedrukt.Opmerking:Wanneer u de knop binnen 10 seconden loslaat, wordt er een netwerkverbindingsrapport afgedrukt.Let op: depincode wordt niet in dit rapport afgedrukt.3.
Houd de knop ingedrukt en druk op de knop tot de lampjes en afwisselend knipperen.4. Gebruik uw computer om de pincode (acht cijfers) die in de kolom [WPS-PIN Code] van het netwerkstatusvelwordt weergegeven in te voeren in het toegangspunt.
U hebt hier twee minuten de tijd voor.Het lampje wordt groen als er een verbinding tot stand is gebracht.Opmerking:❏Raadpleeg de documentatie van het toegangspunt voor meer informatie over het invoeren van een pincode.❏De printer is in een verbindingsfoutstatus wanneer het lampje uit is en het lampje tegelijkertijdknippert.Nadat u de printerfout hebt opgelost door te drukken op de knop op de printer, start u hettoegangspunt opnieuw, waarna u het toegangspunt dichter bij de printer zet en het nog een keer probeert.Als het nogsteeds niet werkt, druk dan een netwerkverbindingsrapport af en controleer de oplossing.Gerelateerde informatie&“Een netwerkstatusvel afdrukken” op pagina 30&“De status van de netwerkverbinding controleren” op pagina 23GebruikershandleidingNetwerkinstellingen21
&“Een netwerkverbindingsrapport afdrukken” op pagina 24&“Wanneer u de netwerkinstellingen niet kunt congureren” op pagina 112Instellingen voor Wi-Fi Direct-verbinding (eenvoudigtoegangspunt) congurerenDeze methode maakt het mogelijk om de printer rechtstreeks, dus zonder toegangspunt, te verbinden met andereapparaten.De printer fungeert zelf als toegangspunt.cBelangrijk:Wanneer u een computer of smart device verbindt met de printer met de Wi-Fi Direct-verbinding (Eenvoudig AP),is de printer verbonden met hetzelfde Wi-Fi-netwerk (SSID) als de computer of het smart device en vindtcommunicatie tussen de beide apparaten plaats.Omdat de computer of het smart device automatisch wordtverbonden met het andere verbindbare Wi-Fi-netwerk als de printer wordt uitgeschakeld, wordt niet opnieuwverbinding gemaakt met het vorige Wi-Fi-netwerk als de printer wordt ingeschakeld.Maak vanuit de computer ofhet smart device opnieuw verbinding met de SSID van de printer voor Wi-Fi Direct-verbinding (eenvoudigtoegangspunt).Als u niet steeds opnieuw verbinding wilt maken wanneer u de printer in- of uitschakelt, wordtaangeraden een Wi-Fi-netwerk te gebruiken door de printer te verbinden met een toegangspunt.1.
Houd de knop ingedrukt en druk op de knop tot de lampjes en afwisselend knipperen.Wacht totdat het proces is voltooid.Het lampje wordt groen als er een verbinding tot stand is gebracht.2. Papier laden.3. Houd de knop op de printer gedurende ten minste 10 seconden ingedrukt.Het netwerkstatusvel wordt afgedrukt.U kunt de SSID en het Wachtwoord voor Wi-Fi Direct (eenvoudigtoegangspunt) op dit vel controleren.Opmerking:Wanneer u de knop binnen 10 seconden loslaat, wordt er een netwerkverbindingsrapport afgedrukt.Houd errekening mee dat de SSID en het Wachtwoord voor Wi-Fi Direct (eenvoudig toegangspunt) niet in dit rapport wordenafgedrukt.GebruikershandleidingNetwerkinstellingen22
4. Selecteer op het netwerkverbindingsscherm van de computer of het Wi-Fi-scherm van het smart devicedezelfde SSID die op het netwerkstatusvel wordt weergegeven om verbinding te maken.5.
Voer op de computer of het smart device het wachtwoord in dat wordt weergegeven op het netwerkstatusvel.U kunt de status van Wi-Fi Direct controleren op het netwerkstatusvel.Opmerking:Als u verbinding maakt vanaf een smart device met Wi-Fi Direct-verbinding (voor Android)Als u verbinding maakt met behulp van een Android-apparaat en verbinding maakt met de printer via Wi-Fi Direct,knipperen de lampjes en op de printer tegelijkertijd.Druk op de knop om het verbindingsverzoek goed te keuren.Druk op de knop om het verbindingsverzoek te weigeren.Zie voor meer informatie Tips op de volgende website.http://epson.sn > OndersteuningGerelateerde informatie&“Een netwerkstatusvel afdrukken” op pagina 30&“De status van de netwerkverbinding controleren” op pagina 23&“U kunt geen verbinding maken via Wi-Fi Direct (eenvoudig toegangspunt)” op pagina 114De status van de netwerkverbinding controlerenU kunt de netwerkstatus als volgt controleren.De netwerkstatus controleren met het netwerklampjeU kunt de netwerkverbindingsstatus controleren met het netwerklampje op het bedieningspaneel van de printer.Gerelateerde informatie&“Bedieningspaneel” op pagina 15GebruikershandleidingNetwerkinstellingen23
Een netwerkverbindingsrapport afdrukkenU kunt een netwerkverbindingsrapport afdrukken om de status tussen de printer en het toegangspunt tecontroleren.1. Papier laden.2. Druk op de knop .Het netwerkverbindingsrapport wordt afgedrukt.Gerelateerde informatie&“Berichten en oplossingen op het netwerkverbindingsrapport” op pagina 24Berichten en oplossingen op het netwerkverbindingsrapportControleer de berichten en foutcodes op het netwerkverbindingsrapport en volg dan de oplossingen.a. Foutcodeb. Berichten over de netwerkomgevingGebruikershandleidingNetwerkinstellingen24
Gerelateerde informatie&“E-2, E-3, E-7” op pagina 25&“E-5” op pagina 26&“E-6” op pagina 26&“E-8” op pagina 27&“E-9” op pagina 27&“E-10” op pagina 28&“E-11” op pagina 28&“E-12” op pagina 29&“E-12” op pagina 29&“Bericht over de netwerkomgeving” op pagina 30E-2, E-3, E-7Bericht:Geen namen van draadloze netwerken (SSID) gevonden. Controleer of de router of het toegangspunt aan- staat enof het draadloze netwerk (SSID) goed is ingesteld. Informeer voor hulp bij uw netwerkbeheerder. Geen namen van draadloze netwerken (SSID) gevonden. Controleer of de naam van het draadloze netwerk (SSID)goed is ingesteld op de computer die u wilt gebruiken. Informeer voor hulp bij uw netwerkbeheerder. De ingevoerde beveiligingssleutel of het wachtwoord stemt niet overeen met de sleutel of het wachtwoord van derouter of het toegangspunt. Controleer sleutel of wachtwoord.
Informeer voor hulp bij uw netwerkbeheerder. Oplossingen:❏Controleer of het toegangspunt is ingeschakeld. ❏Controleer of de computer of het apparaat correct is verbonden met het toegangspunt. ❏Schakel het toegangspunt uit. Wacht circa 10 seconden en schakel het toegangspunt weer in. ❏Plaats de printer dichter bij het toegangspunt en verwijder eventuele obstakels ertussen. ❏Als u de SSID handmatig hebt ingevoerd, moet u controleren of deze correct is. Controleer het SSID-adres in hetgedeelte Netwerkstatus van het netwerkverbindingsrapport. ❏Als u drukknopinstellingen gebruikt om een netwerkverbinding in te stellen, controleert u of het toegangspuntWPS ondersteunt. U kunt drukknopinstelling niet gebruiken als uw toegangspunt WPS niet ondersteunt. ❏Controleer of de SSID alleen bestaat uit ASCII-tekens (alfanumerieke tekens en symbolen).
Als u eentoegangspunt met de standaardinstellingen gebruikt, gebruikt u de SSID en het wachtwoord die op het label vanhet toegangspunt vermeld staan. Als u de SSID en het wachtwoord niet weet, neemt u contact op met degene diehet toegangspunt hee ingesteld of raadpleegt u de documentatie die bij het toegangspunt is geleverd. ❏Als u verbinding maakt met een SSID die is gegenereerd via tethering op een smart device, controleert u deSSID en het wachtwoord in de documentatie die is meegeleverd met het smart device. GebruikershandleidingNetwerkinstellingen25.
❏Als de Wi-Fi-verbinding plotseling wordt verbroken, controleert u de onderstaande omstandigheden. Als eenvan deze omstandigheden van toepassing is, herstelt u de netwerkinstellingen door de soware van de volgendewebsite te downloaden en uit te voeren. http://epson. sn > Instellen❏Er is een ander smart device aan het netwerk toegevoegd met de drukknopinstallatie. ❏Het Wi-Fi-netwerk is ingesteld met een andere methode dan drukknopinstallatie. Gerelateerde informatie&“Een computer verbinden” op pagina 18&“Wi-Fi-instellingen congureren op de printer” op pagina 19E-5Bericht:De beveiligingsmodus (bijvoorbeeld WEP of WPA) stemt niet overeen met de huidige instelling van de printer. Controleer de beveiligingsmodus. Informeer voor hulp bij uw netwerkbeheerder. Oplossingen:Zorg dat het beveiligingstype van het toegangspunt is ingesteld op een van de volgende opties.
Als dat niet het gevalis, wijzigt u het beveiligingstype op het toegangspunt en stelt u de netwerkinstellingen van de printer opnieuw in. ❏WEP 64-bits (40-bits)❏WEP 128-bits (104-bits)❏WPA PSK (TKIP/AES)*❏WPA2 PSK (TKIP/AES)*❏WPA (TKIP/AES)❏WPA2 (TKIP/AES)* WPA PSK is ook bekend als WPA Personal. WPA2 PSK is ook bekend als WPA2 Personal. E-6Bericht:Mogelijk wordt gelterd op het MAC-adres van de printer. Controleer of er beperkingen gelden voor uw router oftoegangspunt, zoals een MAC-adreslter. Zie de documentatie van de router of het toegangspunt of informeervoor hulp bij uw netwerkbeheerder. Oplossingen:❏Controleer of MAC-adresltering is uitgeschakeld. Als dit is ingeschakeld, registreert u het MAC-adres van deprinter zodat het niet wordt gelterd. Raadpleeg de documentatie van het toegangspunt voor details.
U kunt hetMAC-adres van de printer controleren in het gedeelte Netwerkstatus van het netwerkverbindingsrapport. ❏Als het toegangspunt gedeelde vericatie gebruikt met WEP-beveiliging, moet u ervoor zorgen dat devericatiesleutel en index correct zijn.
Gerelateerde informatie&“Een netwerkstatusvel afdrukken” op pagina 30E-8Bericht:Er is een onjuist IP-adres toegewezen aan de printer. Controleer de instellingen voor het IP-adres van hetnetwerkapparaat (hub, router of toegangspunt). Informeer voor hulp bij uw netwerkbeheerder.Oplossingen:❏Schakel DHCP in op het toegangspunt als IP-adres verkrijgen van de printer is ingesteld op Automatisch.❏Als de instelling IP-adres verkrijgen van de printer is ingesteld op handmatig, is het IP-adres dat u handmatiginstelt ongeldig omdat het buiten bereik is (bijvoorbeeld: 0.0.0.0).Stel een geldig IP-adres in op hetbedieningspaneel van de printer of via Web Cong.Gerelateerde informatie&“Een netwerkstatusvel afdrukken” op pagina 30E-9Bericht:Controleer de verbinding en netwerkinstellingen van de computer of andere apparatuur. Verbinding maken metEpsonNet Setup is beschikbaar.
Informeer voor hulp bij uw netwerkbeheerder.Oplossingen:Controleer het volgende.❏Apparaten worden ingeschakeld.❏U kunt toegang krijgen tot internet en andere computer of netwerkapparaten op hetzelfde netwerk van deapparaten die u met de printer wilt verbinden.Als u na het controleren van bovenstaande nog steeds geen verbinding krijgt tussen de printer en denetwerkapparaten, schakelt u het toegangspunt uit.Wacht circa 10 seconden en schakel het toegangspunt weerin.Herstel vervolgens de netwerkinstellingen door het installatieprogramma van de volgende website tedownloaden en uit te voeren.http://epson.sn > InstellenGerelateerde informatie&“Een computer verbinden” op pagina 18GebruikershandleidingNetwerkinstellingen27
Informeer voor hulp bij uw netwerkbeheerder.Oplossingen:Controleer het volgende.❏Andere apparaten op het netwerk worden ingeschakeld.❏Netwerkadressen (IP-adres, subnetmasker en standaard gateway) zijn correct als u IP-adres verkrijgen van deprinter hebt ingesteld op Handmatig.Stel het netwerkadres opnieuw in als dit onjuist is.U kunt het IP-adres, het subnetmasker en de standaardgatewaycontroleren in het gedeelte Netwerkstatus van het netwerkverbindingsrapport.Als DHCP is ingeschakeld, wijzigt u de instelling IP-adres verkrijgen van de printer in Automatisch.Als u het IP-adres handmatig wilt instellen, controleert u het IP-adres van de printer in het gedeelte Netwerkstatus van hetnetwerkverbindingsrapport en selecteert u vervolgens Handmatig in het scherm Netwerkinstellingen.Stel hetsubnetmasker in op [255.255.255.0].Als u hiermee nog steeds geen verbinding krijgt tussen de printer en de netwerkapparaten, schakelt u hettoegangspunt uit.Wacht circa 10 seconden en schakel het toegangspunt weer in.Gerelateerde informatie&“Een netwerkstatusvel afdrukken” op pagina 30E-11Bericht:Instellen niet voltooid.
Controleer de standaardgateway-instelling. Verbinding maken met EpsonNet Setup isbeschikbaar. Informeer voor hulp bij uw netwerkbeheerder.Oplossingen:Controleer het volgende.❏Het standaard gateway-adres is correct wanneer u de TCP/IP-instelling van de printer instelt op Handmatig.❏Het apparaat dat is ingesteld als de standaard gateway, wordt ingeschakeld.Stel het juiste standaard gateway-adres in.U kunt het standaard gatewayadres van de printer controleren in hetgedeelte Netwerkstatus van het netwerkverbindingsrapport.Gerelateerde informatie&“Een netwerkstatusvel afdrukken” op pagina 30GebruikershandleidingNetwerkinstellingen28
E-12Bericht:Controleer het volgende -De beveiligingssleutel/het wachtwoord dat u invoert moet kloppen. -Index vanbeveiligingssleutel/wachtwoord wordt ingesteld op eerste getal. -Het IP-adres, het subnetmasker en destandaardgateway-instelling moeten goed zijn ingesteld. Informeer voor hulp bij uw netwerkbeheerder. Oplossingen:Controleer het volgende. ❏Andere apparaten op het netwerk worden ingeschakeld. ❏De netwerkadressen (IP-adres, subnetmasker en standaard gateway) zijn correct als u ze handmatig invoert. ❏De netwerkadressen voor andere apparaten (subnetmasker en standaard gateway) zijn dezelfde. ❏Het IP-adres komt niet in conict met andere apparaten. Als u na het controleren van bovenstaande nog steeds geen verbinding krijgt tussen de printer en denetwerkapparaten, probeert u het volgende. ❏Schakel het toegangspunt uit. Wacht circa 10 seconden en schakel het toegangspunt weer in.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Epson ECOTANK ET-2700 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Printer Epson
Handleiding Printer
Nieuwste handleidingen voor Printer