Efco MT 6500 Handleiding

Efco Zaagmachine MT 6500

Bekijk gratis de handleiding van Efco MT 6500 (68 pagina’s), behorend tot de categorie Zaagmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 15 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Efco MT 6500 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/68
I
MANUALEDIUSOEMANUTENZIONE
GB
OPERETOR'SINTRUCTIONBOOK
F
MANUELD’UTILISATIONETD’ENTRETIEN
D
BEDIENUNGSANLEITUNG
E
MANUALDEINSTRUCCIONES
NL
GEBRUIKSAANWIJZING
Mod.50250171rev.2-Mag/2015
I
165HDS:ModellonondisponibileperimercatiUE
GB
165HDS:ModelnotavailableforEUmarkets
F
165HDS:ModèlenondisponiblepourlespaysUE
D
165HDS:ModellnichtfürEU-Marktverfügbar
E
165HDS:ModelonodisponibleparalosmercadosUE
NL
165HDS:ModelnietbeschikbaarvoordeEU-markten
MT6500-165HDS
(63.4cm
3
)

Beoordeel deze handleiding

4.9/5 (2 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Efco
Categorie: Zaagmachine
Model: MT 6500

Handleiding Efco MT 6500 – volledige tekst

EINLEIDINGVERTALING VAN DE OORSPRONKELIJKE INSTRUCTIESOm de motorzaag op dejuiste manier te kunnen gebruiken en ongelukken te voorkomen eerst dezegebruiks-aanwijzing aandachtig doorlezen alvorens ermee te gaan werken. In deze gebruiksaanwijzing zijnde uitleg van de werking van de verschillende onderdelen en de instructies voor de noodzakelijkecontroles en het onderhoud opgenomen. N. B. : De beschrijvingen en de figuren in deze gebruiksaanwijzing zijn niet bindend. De fabrikant reserveertzich het recht eventuele veranderingen aan te brengen zonder zich te verplichten iedere keer dezegebruiksaanwijzing bijte werken. NL2.

NederlandsVEILIGHEIDSVOORSCHRIFTENLET OP -Als de motorzaag op dejuiste manier gebruikt wordt,is het een snel, gemakkelijk en efficient werktuig; als demotorzaag niet op dejuiste manier of zonder de nodigevoorzorgsmaatregelen gebruikt wordt, kan het een gevaarlijkwerktuig worden. Opdat u altijd prettig en veilig kunt werken dehierna in de loop van de handleiding volgende. WAARSCHUWING: Het ontstekingssysteem van uw apparaatproduceert een elektromagnetisch veld met een zeer lageintensiteit. Dit veld kan interferentie veroorzaken met bepaaldepacemakers. Om het risico op ernstig letsel of overlijden zoklein mogelijk te houden moeten personen met eenpacemaker hun eigen arts en de fabrikant van de pacemakerraadplegen voordat ze dit apparaat gebruiken. WAARSCHUWING. – Nationale reglementeringen kunnenbepalingen omvatten die het gebruik van de machinebeperken.

1 - Gebruik de motorzaag niet, voordat U op specifieke wijzeinstructies hebt ontvangen omtrent het gebruik. De gebruikerdient eerst te oefenen met het apparaat voordat hijof zijhet inde praktijk gaat gebruiken. 2 - De motorzaag moet alleen door volwassenen in goedelichamelijke conditie, die de gebruiksaanwijzingen kennen,gebruikt worden. 3 - De motorzaag niet gebruiken, als u vermoeid bent of wanneeru alcohol, drugs of medicijnen heeft gebruikt. 4 - Geen sjaals, armbanden of andere kleding, die tussen demachine of de ketting terecht zouden kunnen komen, dragen(zie pag. 11). Nauwsluitende werkkleding dragen. 5 - Anti-slip werkschoenen, werkhandschoenen, oogbescherming,haarbescherming en veiligheidshelm dragen (zie pag. 11). 6-Bijhet opstarten en het gebruik van de motorzaag niettoestaan, dat zich andere personen binnen diens actieradiusbevinden (Fig. 2).

7 - Niet met zagen beginnen, voordat het werkterrein volledigschoon- en vrijgemaakt is. Niet in de buurt van electrischekabels zagen. 8-Bijhet zagen altijd een stevige en veilige houding aannemen(Fig. 3).

9 - De motorzaag alleen in heel goed geventileerde ruimtesgebruiken, niet gebruiken in ontplofbare, ontvlambare ofgeslotenruimtes(Fig. 4). 10 - Als de motor loopt de ketting niet aanraken en geenonderhouds-werkzaamheden uitvoeren. 11 - Het is verboden toestellen die niet door de fabrikant zijngeleverd, op de stroomaansluiting van de kettingzaag aan tebrengen. 12 - Houd alle etiketten met gevaar- en veiligheidssignaleringen inperfecte conditie. Als ze beschadigd of onleesbaar worden,moeten ze onmiddellijk worden vervangen (zie pag. 4). 13 - Gebruik de machine niet voor andere doeleinden dan die in dehandleiding worden aangegeven (zie pag. 33). 14 - Laat het apparaat niet achter met draaiende motor. 15 - Dagelijks de motorzaag controleren om zich ervan teovertuigen, dat ieder onderdeel, al dan niet ter bescherming,goed functioneert.

16 - Altijd onze instructies voor de onderhoudswerkzaamhedenopvolgen. 17 - Geen beschadigde, slecht gerepareerde of gemonteerde ofnaar eigen goeddunken aangepaste motorzaag gebruiken. Geen enkele veiligheidsvoorziening verwijderen, beschadigenof uitschakelen. Alleen een zaagblad met de in de tabelaangegeven lengte gebruiken. 18 - Nooit zelf werkzaamheden of reparaties uitvoeren, die niet tothet normale onderhoud behoren. Zich alleen totgespecialiseerde en geautoriseerde werkplaatsen wenden. 19 - De motorzaag niet starten zonder kettingkast. 20 - In geval men de motorzaag buiten gebruik moet stellen, dezeniet ergens laten liggen, maar aan de verkoper overhandigen,die zal zorgen voor dejuiste berging. 21 - De motorzaag alleen aan ervaren personen in handen gevenof uitlenen, die de werking en hetjuiste gebruik van demachine kennen.

Ook de handleiding met degebruiksaanwijzingen meegeven om te lezen alvorens met hetwerk te beginnen. 22 - Zich altijd tot uw verkoper wenden voor iedere verdere uitleg ofnoodzakelijke ingreep. 23 - Deze Hendleiding zorgvuldig bewaren en raadplegen voorieder gebruik van de machine.

De kleding moet goed zitten, en mag de bewegingen niethinderen. Draag niet te wijde kleding die snijbestendig is. Het snijbestendigejack (Fig. 1), de broek (Fig. 2) en debeenbeschermingen van Efco zijn hiervoor ideaal.

Draaggeen kleding, dassen, stropdassen of sieraden die in hethout of de takken verstrikt kunnen raken. Lang haar magniet los gedragen worden, en moet worden beschermd(bijvoorbeeld met een hoofddoek, een muts, een helm,enz. ). Draag veiligheidsschoenen of -laarzen metantislipzolenenstalenpunten(Fig. 4-5). Draag de veiligheidshelm (Fig. 3A) op plaatsen waarvoorwerpen van bovenaf kunnen vallen. Draag een veiligheidsbril of een vizier. Gebruik gehoorbeschermingen; bijvoorbeeld oorkappen(Fig. 3B) of oordoppen. Het gebruik vangehoorbeschermingen vereist grotere aandacht envoorzichtigheid, want geluidssignalen die op lawaaiwijzen (schreeuwen, alarmen, enz. ) worden minder goedgehoord. Draag snijbestendige handschoenen (Fig. 6)Efco biedt een complete veiligheidsuitrusting. 11.

- Zet de carter van de kettingkast erop, voeg deze in opdejuiste plaats en draai de kettingspannerschroef aanterwijl u de carter tegen de stang geduwd houdt (L,Fig. 5), totdat de klink (D, Fig. 3) in het gat (G) van destang valt. - De kettingkast en de toebehorende moeren monterenzonder deze vast te schroeven.

- De ketting met behulp van de kettingspanschroef (L)spannen (Fig. 5). - De bevestigingsschroeven van de kettingkast definitiefvast schroeven, terwijl de zaagbladpunt omhooggehouden wordt (Fig. 7). De ketting moet zó afgesteldzijn, dat deze goed gespannen is en gemakkelijkophandkracht kan lopen (Fig. 8). - De ketting is op dejuiste spanning afgesteld, als mendeze een paar milimeter omhoog kan trekken (Fig. 8). LET OP - Meermaals de kettingspanningcontroleren bijdagelijks gebruik van de motorzaag. Altijd werkhandschoenengebruiken. 13.

Rook niet enbreng geen vuur of vlammen in de buurt van derandstof of van de motorzaag (Fig. 9). - Ga zorgvuldig om met brandstof om het risico op brand ofbrandwonden zo klein mogelijk te houden. Deze is zeerontvlambaar.

- Schud de brandstof en doe deze in een houder diegoedgekeurd is voor de brandstof (Fig. 10). - Meng de brandstof in de open lucht, in een omgeving waargeen vonken of vlammen zijn. - Leg het apparaat op de grond, stop de motor en laat hetapparaat afkoelen voordat u brandstof bijvult. - Draai de dop van de brandstof langzaam los om de drukvrijte geven en te voorkomen dat er brandstof naar buitenkomt. - Draai de dop van de brandstoftank goed dicht na hetbijvullen. Trillingen kunnen ervoor zorgen dat de doplosraakt en er brandstof naar buiten komt. - Veeg de brandstof die uit het apparaat is gekomen af. Verplaats het apparaat 3 meter van de plaats waarop uheeft bijgevuld voordat u de motor start (Fig. 11). - Probeer onder geen beding brandstof te verbranden dienaar buiten is gekomen. - Rook niet tijdens het hanteren van de brandstof of tijdenshet gebruik van de motorzaag.

- Bewaar de brandstof op een koele, droge engoedgeventileerde plaats. - Bewaar de brandstof niet op plaatsen met droge bladeren,hooi, papier etc. - Bewaar het apparaat en de brandstof op plaatsen waar debrandstofdampen niet in contact kunnen komen metvonken of open vlammen, geisers of boilers, elektrischemotoren of schakelaars, ovens etc. - Haal de dop niet van de tank wanneer de motor draait. - Gebruik brandstof niet voor schoonmaakwerkzaamheden. - Let eropdat ergeen brandstof opuw kledingkomt. 15.

AANBEVOLEN BRANDSTOF: DEZE MOTOR IS GECERTIFICEERD OMTE WERKEN MET LOODVRIJE BENZINE VOOR AUTOGEBRUIK MET89 OCTAAN ([R + M] / 2) OF MET EEN GROTER OCTAANGETAL(Fig. 18). Meng de olie voor tweetaktmotoren met benzine volgens de instructies opde verpakking. Wijadviseren om Efco olie voor tweetaktmotoren op 2% (1:50) tegebruiken, die specifiek is samengesteld voor alle luchtgekoelde Efcotweetaktmotoren. Dejuiste olie-/benzineverhoudingen die aangegeven zijnindetabel(Fig. 19) zijn geschikt als men Efco PROSINT 2-enEUROSINT 2-olie(Fig. 20) gebruikt of een soortgelijke motorolie van hoge kwaliteit (JASOFD- of ISO L-EGD-specificaties). Als de specificaties van de olie NIETequivalent of niet bekend zijn, gebruik dan een mengverhoudingolie/benzine van 4% (1:25). LETOP:GEBRUIKGEENOLIEVOORAUTO'SOFOLIEVOORTWEETAKT-BUITENBOORDMOTOREN.

VOORZICHTIG: Gebruik voor het brandstofmengsel nooit eenbrandstof met een ethanolpercentage van meer dan 10%; gasohol(ethanol-benzinemengsel) is acceptabel met eenethanolpercentage tot 10% of E10-brandstof. OPMERKING: Bereid slechts de benodigde hoeveelheid van het mengselvoor; laat het niet lange tijdindetankofdejerrycan zitten. Het wordtaanbevolen om de brandstofstabilisator van Emak ADDITIX 2000 code001000972 te gebruiken om het mengsel voor een periode van 30 dagente bewaren (Fig. 21). AlkylaatbenzineVOORZICHTIG: A l kylaa tbenzine heef t niet dez elf de dichtheidals normale benzine. Motoren die met normale benzine af gesteldzijnvereisenmogelijk een ander e afstelling van de schroef H. Wend u voor deze afstelling tot een erkend servicecentrum. BIJVULLEN (Fig. 23)Schud dejerrycan met het mengsel voordat u de tank bijvult(Fig. 22). 17.

NederlandsSTARTENKETTINGSMEEROLIEEen goede smering van de ketting gedurende hetgebruik vermindert de slijtage tussen de ketting en hetaagblad tot een minimum en verzekert een langerelevensduur. Altijd een goede kwaliteitsolie gebruiken(Fig. 25). LET OP - Er mag geen oude olie hergebruiktworden. Gebruik altijd een biologisch afbreekbaarsmeermiddel (eco-lube Efco p. n. 001001552 (5ℓ) -001001553 (1ℓ)), speciaal bedoeld voor zaagbladenen kettingen, om het milieu en de onderdelen vande motorzaag zoveel mogelijk te sparen. Alvorens de motor op te starten zich ervanovertuigen, dat de ketting vrijkan draaien. Als de motor stationair loopt, mag de ketting nietdraaien. Anders contact opnemen met eenAuthorized Service Center voor het uitvoeren vaneen controle en het probleem op te lossen.

- Hagapalancaparasacarlafundadelabujía. - Desenrosque la bujía y séquela. - Abra el acelerador por completo. - Tire de la cuerda del motor de arranque varias veces paradesahogar la cámara de combustión. - Vuelva a poner la bujía y conecte su funda; presionefirmemente hacia abajo. -Ajuste el interruptor de activación/desactivación en laposición de arranque I. - Ponga la palanca de estrangulación en la posición OPEN,aunque el motor esté frío. -Ahora, arranque el motor. NederlandsSTARTENWAARSCHUWING: houd u aan deveiligheidsinstructies voor het hanteren van debrandstof. Zet altijd de motor uit voordat u de tankbijvult. Vul nooit brandstof bijin een apparaat met eendraaiende of hete motor. Ga inimaal 3 m van de plaatswaar de bijvulling heeft plaatsgevonden vandaanvoordat u de motor start (fig. 30). NIET ROKEN. 1 - Maak het oppervlak rond de tankdop schoon omverontreiniging te voorkomen.

4 - Voordat u de tankdop weer vastdraait dient u depakking schoon te maken en te controleren. 5 - Plaats de tankdop onmiddellijk terug en draai hem metde hand vast. Verwijder eventueel gemorste brandstof. WAARSCHUWING: controleer of er brandstoflekkenzijn, en los deze op voordat u het apparaat gebruikt. Neem zo nodig contact op met de klantenservice vanuw leverancier. Motor is verzopen- Zet de on/off-schakelaar op STOP. - Maak de blokkeringen van het deksel los (1, Fig. 31). -Verwijder het deksel (2). - Plaats een geschikt gereedschap in de dop van de bougie(3, Fig. 32). - Wrikdedopvandebougie. - Draai de bougie los en maak hem droog. - Zet het gas helemaal open. - Trek een paar keer aan het startkoord om deverbrandingskamer leeg te maken. - Zet de bougie terug op zijnplaatsensluitdedopweeraan, druk hem stevig naar beneden. - Zet de on/off-schakelaar op I, de startstand.

Schakel de kettingrem in door de hendel van dekettingrem / handafscherming naar voor te duwen (naar hetzaagblad), in de stand 'rem ingeschakeld' (Fig. 33). Door hetdrukken op de drukknop (A, Fig. 34) gaat de decompressieklepopen. Bijde eerste ontsteking zal deze automatisch geslotenworden. Het is raadzaam voor elke start eerst op de drukknop tedrukken. Duw de starthendel (C, Fig. 35) geheel omlaag (1). Demotorzaag stevig op de grond zetten. Controleren, dat de kettingvrijkan draaien en geen vreemde voorwerpen raakt. Verzeker uervan dat de kettingzaag geen enkel voorwerp raakt, voordat u demotor start. Probeer nooit de kettingzaag te starten wanneer hetzaagblad zich in een inkeping bevindt. Met de linkerhand devoorste handgreep stevig vasthouden en de rechtervoet op debasis van de achterste handgreep zetten (Fig. 36).

Trek enigemalen aan het startkoordje totdat u de eerste ontstekingsplof hoort. Zet de starthendel (C, Fig. 37) in de middelste stand (2). Start demotor door aan het startkoordje te trekken. Na het starten van demotor dient u de remketting te deactiveren en enige seconden tewachten. Activeer vervolgens de versnellingshendel (B, Fig.

38)om de automatische halfversnellingsinrichting te deblokkeren. Laatde rem los (Fig. 39). LET OP - Als de motor al warm is, de chokehendel nietgebruiken om op te starten. LET OP - Gebruik het semi-versnellingsapparaatjeuitsluitend bijde startfase van de motor. INLOPEN VAN DE MOTORDe motor bereikt het maximale vermogen na 5÷8 bedrijfsuren. Om overmatige belasting te vermijden mag de motor tijdens dezeinloopperiode niet onbelast worden gebruikt op het maximaletoerental. LET OP. - Tijdens de inloopperiode mag de carburatie nietworden veranderd om het vermogen te vergroten; de motorzou hierdoor beschadigd kunnen raken. OPMERKING: het is normaal dat een nieuwe motor rook afgeefttijdens het eerstegebruik. 23.

Zet de motor af door de starthendel (C, Fig. 41) geheelomhoog te brengen (3). De motorzaag niet op de grondzetten, als de ketting nog draait. INLOPEN VAN DE KETTINGHet afstellen moet altijd gebeuren op een koude ketting. Deketting met de hand laten draaien en met extra olie smeren(Fig. 42). De motor starten en een paar minuten op lagesnelheid laten lopen; daarbijde regelmatige werking van deoliepomp controleren (Fig. 43). De motor stoppen en dekettingspanning regelen. De motor starten en wat in eenboomstam zagen. De motor weer stoppen en dekettingspanning opnieuw controleren. Deze handelingenherhalen, totdat de ketting haar maximum verlengingbereikt heeft. Het terrein niet met de ketting zelf raken. LET OP - Nooit de ketting aanraken met de motornoglopende. ANTIVRIESSYSTEEMBijtemperaturen onder de 0°C zet u de cursor (A,Fig. 44) op de winterstand.

Op deze manier wordter niet alleen koude lucht, maar ook uit de cilinderafkomstige warme lucht aangezogen en vormt erzich geen ijs aan de binnenkant van de carburator. Bijtemperaturen hoger dan +10°C zet u de cursor(A, Fig. 45) in de zomerstand.

Om deterugslag te vermijderen of te vermin-deren en decontrole over de motorzaag te behouden deze metbeide handen stevig vast houden. KETTINGINERTIEREMDe kettinginertierem is een belangrijke veiligheidsvoorzieningbijhet gebruik van de motorzaag. Deze beschermt degebruiker tegen eventuele gevaarlijke terugslagen, die zichtijdens de verschillende werkzaamheden zouden kunnenvoordoen.

Deze wordt geactiveerd, en blokkeertdientengevolge op hetzelfde moment de ketting, als de handvan de gebruiker op de hendel (Fig. 52) drukt(inwerking-stelling met de hand) of automatisch doorleegloop, als de beveiliging naar voren wordt gedrukt (Fig. 53)in geval van een onverwachte terugslag (inwerkingstellingdoor inertie). De kettingrem wordt ontgrendeld door de hendelin de richting van de gebruiker te trekken (Fig. 54). REMWERKINGSCONTROLEBijhet controleren van de machine dient men op de eersteplaats, voordat u andere werkzaamheden uitvoert, de werkingvan de remmen te controleren. Let hierbijop de volgendepunten:1 - Start de motor en grijp de handgreep stevig met beidehanden vast. 2 - Trek aan de gashendel om de ketting in beweging tezetten; duw met de rug van de linkerhand de remhendelnaar voren (Fig. 52).

Deberá efectuarse 4-5 cm por encima delprimer corte (3 - Fig. 58). Dejar siempre una bisagra (A, Fig. 59-60) que permite el controlde la dirección de caida. Meter una cuña en el corte deabatimiento antes de que el árbol comience a moverse paraevitar que la barra de la motosierra se bloquee. Si el diámetro del tronco es superior a la longitud de la barra,realizarel cortedeabatimientocomoseindicaenlaFig. 60. NederlandsGEBRUIKARBEIDSVOORSCHRIFTENLET OP – Een boom vellen is een handeling die ervaringvereist. Probeer geen bomen te vellen indien u onervarenbent. VERMIJD ALLE HANDELINGEN WAARVOOR UZICH NIET GEKWALIFICEERD VOELT. Onervarengebruikers krijgen de raad geen bomen te vellen waarvande stam een grotere diameter heeft dan de lengte van hetzaagblad. Als men de motorzaag voor de eerste keer gebruikt, eenpaar keer in een stevige boomstam zagen om met hetgebruik vertrouwd te raken.

Tijdens het zagen maximumgas geven. Niet teveel op de motorzaag duwen; het enkelegewicht van de motorzaag maakt het mogelijkmeteenminimum inspanning te zagen. LET OP - Niet zagen bijslecht weer of slecht zicht, te lageof te hoge temperaturen. Zich ervan overtuigen, dat deboom geen dode takken heeft die zouden kunnen afbreken. BOMEN OMZAGENBenut bijhet vellen en het doorzagen de aanwezigheid van dehaak, gebruik die als draaipunt. De boom en het omliggendeterrein goed bestuderen alvorens met zagen te beginnen. Hetwerkterrein vrijmaken. Een ruime uitwijkmogelijkheid voorzienvoor als de boom begint te vallen (Fig. 57). De eventueel aan deonderkant van de stam aanwezige takken tot ongeveer 2mhoogte verwijderen. Loodrecht op de boomstam inzagen totongeveer1/4 van de stamdiameter en daarbijbeginnen aan de kant waardeze naar toe moet vallen (1 - Fig. 58).

Ongeveer 10 cm hogereen nieuwe inkeping zagen, zó dat het einde van de eersteinkeping bereikt wordt. Op deze manier wordt een wig verwijderddie de plant de valrichting geeft (2 - Fig. 58).

Nu aan de tegenovergestelde kant van de eerste inkeping dedefinitieve inkeping zagen, die de boom velt; deze moet zich 4-5cm boven de eerste inkeping bevinden (3 - Fig. 58). Altijd een scharnier (A, Fig. 59-60) overlaten, die het mogelijkmaakt de valrichting te controleren. Een wig in de laatste inkepingsteken, voordat de boom begint te bewegen, om te vermijden, dathet zaagblad ingeklemd wordt. Als de diameter van de boomstam groter is dan de lengte van hetzaagblad, de laatste inkeping uitvoeren in de in Fig. 60aangegeven volgorde. 29.

3 - De motorzaag tegen de boomstam laten rusten omzich niet teveel te vermoeien door deze naar de linker-of rechterkant te draaien al naar gelang de positie vande af te zagen tak (Fig. 61). 4 - In geval van gespannen takken een veilige plek zoekenom zich te beschermen tegen een eventuelezweepslag.

Altijd aan de kant tegenover de buigingbeginnen te zagen. LET OP - De bovenkant van het zaagbladuiteindevooral niet gebruiken om takken te verwijderen, omdatmen het gevaar loopt een terugslag te krijgen. IN STUKKEN SNIJDENAlvorens de boomstam in stukken te gaan snijden kijken hoedeze op de grond rust; dit maakt het mogelijkopdejuistemaniertezagenentevermijden, dat het zaagblad in deboomstam beklemd raakt. 1 - Aan de bovenkant met zagen beginnen, ongeveer 1/3van de diameter (1 - Fig. 62). De snede aan deonderkant beëindigen (2 - Fig. 62). Op deze manier zalde snede perfect zijn en het zaagblad zal niet in deboomstam beklemd raken. 2 - Aan de onderkant met zagen beginnen, ongeveer 1/3van de diameter (1 - Fig. 63). De snede aan debovenkant beëindigen (2 - Fig. 63). LET OP - Als het hout de ketting beklemt tijdens hetzagen, de motor stoppen, de boomstam opheffen envan plaats veranderen (Fig.

Incluso unapequeña cantidad de suciedad hará que la cadenapierda brillo rápidamente y aumentará la posibilidad deque se produzcan rebotes. - Mantener siempre secas y limpias las empuñaduras. - Cortando un tronco o una rama en tensión, presteratención para que no le sorprenda la instantáneadisminución de la tensión de la madera. - Tener mucha precaución cortando ramas pequeñas oarbustos que pueden bloquear la cadena o serproyectados contra usted y hacerle perderel equilibrio. NederlandsGEBRUIKVERBODEN GEBRUIKLET OP - Altijd de veiligheidsvoorschriften in achtnemen. Deze kettingzaag is ontworpen en gebouwdvoor het vellen, doorzagen en onttakken van bomen ofstruiken en voor het versnijden van houtenvoorwerpen. Het is verboden andere soorten materiaalte zagen. De vibraties en de terugslag zijn verschillenden er zou dan niet voldaan worden aan deveiligheidsvoorschriften.

De motorzaag niet gebruikenals hefboom om voorwerpen op te heffen, teverplaatsen of in stukken te breken. Het is verbodenaan de krachtgreep van de motorzaag gereedschap ofonderdelen aan the brengen behalve die door defabrikant aangegeven zijn. OPGELET - Zaag enkel hout of materialen op basisvan hout. Zaag geen metaal, kunststof, metselwerk, ofbouwmaterialen die niet van hout zijn. VOORZORGSMAATREGELEN VOOR HETWERKGEBIED- Werk niet in de buurt van elektriciteitskabels. - Werk alleen als de zichtbaarheid en het licht voldoendezijn om goed te zien. - Zet de motor uit voordat de motorzaag neerlegt. - Wees extra voorzichtig en alert als u gehoorbeschermingdraagt, omdat een dergelijke uitrusting uw vermogen omwaarschuwende geluiden (roepen, signalen,waarschuwingen e. d. ) te horen beperkt. - Wees uiterst voorzichtig als u op hellend of oneffen terreinwerkt.

- Zaag niet boven schouderhoogte; wanneer u dekettingzaag te hoog houdt, is het moeilijk de tangentiëlekrachten te controleren en te weerstaan (kickback). - Zaag niet als u op een ladder staat, dit is uiterst gevaarlijk.

- Leg de kettingzaag stil als de ketting een vreemdvoorwerp raakt. Inspecteer de kettingzaag en herstel debeschadigde onderdelen als dat nodig is. - Houddekettingvrijvan vuil en zand. Zelfs een kleinehoeveelheid vuil kan de ketting al snel bot maken en demogelijkheid op kickback vergroten. - De handgrepen altijd droog en schoon houden. -Bijhet doorzagen van een boomstam of een tak onderspanning erop letten, zich niet te laten verrassen door hetogenblikkelijke spanningsverlies van het hout. - Heel voorzichtig zijnbijhet doorzagen van kleine takkenof struiken, die de ketting kunnen blokkeren of tegenuaan geschoten kunnen worden en u uw evenwichtkunnen doen verliezen. 33.

Iedere 3-4 keer slijpen moet men de dieptebeperkingcontroleren en eventueel slijpen met een platte vijlendealsoptional bijgeleverde vormblad , waarna men de voorste hoekafrondt (Fig. 67). LET OP - Dejuiste afstelling van de dieptebeperking iseven belangrijk als het goed slijpen van de ketting. ZAAGBLADDe zaagbladen met een spoel vooraan moeten met vetgesmeerd worden; daarvoor een smeerspuit gebruiken (Fig. 68). Het zaagblad moet na iedere 8 uur gebruik omgedraaidworden om een gelijkvormige slijtage mogelijk te maken. Deloop van het zaagblad en het smeergat schoonhouden metbehulp van het als optional bijgeleverde krabbertje (Fig. 69). Controleren, dat de zaagbladlopers parallel zijn en, indiennodig, de zijranden met de platte vijlverwijderen (Fig. 70). LET OP - Nooit een nieuwe ketting op een versletenspoel of monteren(Fig. 71). 35.

Verificar y sustituir, si es necesario, el bloqueo de seguridad de lacadena (B, Fig. 78). BARRA - Girar la barra y verificar que los orificios de lubricaciónestén libres de impurezas(Fig. 79). NederlandsONDERHOUDLUCHTFILTER - Maak de grendels van het deksel (A, Fig. 72)los, maak de schroeven van de luchtfilter (D, Fig. 72) los encontroleer dagelijks de luchtfilter (B). Open de filter (B) met detwee klepjes (E, Fig. 73). Reinigen met ontvetter van Emak codenr. 001101009A, wassen met water, en met perslucht van eenafstand van binnen naar buiten blazen. Vervang het filter als diternstig verstopt of beschadigd is. BRANDSTOFFILTER - Periodiek de staat van het brandstoffiltercontroleren. Dit in geval van teveel vuil vervangen (Fig. 74). OLIEPOMP (automatisch en regelbaar) - De toevoer is vooraf inde fabriek afgesteld.

De olietoevoer kan door de gebruiker, alnaar gelang nodig is, veranderd worden door middel van debetreffende stelschroef (Fig. 75). De olietoevoer gebeurt alleenals de ketting loopt. LET OP - Nooit oude olie hergebruiken. STARTGROEP - De koelgaten van de startgroepcarter met eenpenseel of hogedruklucht vrijen schoon houden. MOTOR / DECOMPRESSIEKLEP - Periodiek de cylindervleugelsmet een penseel of hogedruklucht schoonmaken (Fig. 76). Hetopeenhopen van vuil op de cylinder kan voor de werking van demotor schadelijke oververhitting veroorzaken. Wanneer na controle blijkt dat er zich oneffenheden bevinden ophet onderstuk van de decompressieklep dient u deze te reinigen;in tegenovergesteld geval zou hijopen kunnen blijven staan. BOUGIE - Men raadt aan de bougie periodiek schoon te makenen de electrodenafstand te controleren (Fig. 77).

Gebruik een Champion RCJ-4 bougie of een bougie van eenander merk met een equivalent thermisch bereik. KETTINGREM - In geval de kettingrem niet goed functioneert, dekettingkast demonteren en de onderdelen van de rem grondigschoonmaken. Als de remband versleten en/of vervormd is, dezevervangen (A, Fig. 78).

NederlandsONDERHOUD - TRANSPORTGeen brandstof (mengsel) gebruiken voor het schoonmaken. CARBURATORAlvorens de carburator af te stellen de startgeleider (Fig. 80) enhet luchtfilter (Fig. 81) schoonmaken en de motor opbedrijfstemperatuur brengen. Deze motor is ontworpen engebouwd in overeenstemming met de voorschriften van derichtlijnen 97/68/EG en 2002/88/EG. De carburator (Fig. 84) iszodanig ontworpen dat de schroeven L en H slechts eenhalveslag versteld kunnen worden. Het mogelijke regelbereikvan een halveslag van de schroeven L en H is vooraf bepaalddoor de fabrikant en kan niet worden gewijzigd. LET OP. – Forceer de schroeven niet voorbijhettoegestane instellingsveld. De stationairschroef T is zó afgesteld, dat er een goedeveiligheidsmarge bestaat tussen het stationaire toerental en hettoerental, dat de koppeling inschakelt.

Schroef L moet zó afgesteld worden, dat de motor directreageert op plotseling gasgeven en een goed stationairtoerental heeft. Schroef H moet zó afgesteld worden, dat de motor bijhet zagenoverhet maximumvermogen kan beschikken. LET OP-Klimaatsveranderingen en gewijzigdeweersomstandigheden kunnen de carburatie beïnvloeden. Niet toestaan aan andere personen in de buurt van demotorzaagteblijven tijdens het werk en de afstelfase vande carburatie. TRANSPORTBijhet vervoer van de motorzaag moet de motor uitgeschakeldzijn, het zaagblad opgeklapt en de kettingbeschermingaangebracht (Fig. 82). OPGELET – Wanneer u de kettingzaag in/op een voertuigvervoert, moet u nagaan of ze correct en stevig isbevestigd in/op het voertuig met riemen. De kettingzaagmoet in horizontale positie vervoerd worden, met legebrandstoftank.

- Todas las operaciones demantenimiento no indicadas en este manualdeben ser realizadas por un taller autorizado.Para garantizar un funcionamiento correcto yconstante del la motosierra es preciso utilizarexclusivamente RECAMBIOS ORIGINALES.Eventuales modificaciones no autorizadas y/oel uso de accesorios no originales puedencausar lesiones graves o mortales al operadoroaterceros.NederlandsONDERHOUDBUITENGEWOON ONDERHOUDOm de tweejaar,ofbijintensief gebruik aan heteinde van elk seizoen, moet een algemenecontrole op het apparaat worden uitgevoerd dooreen gespecialiseerd technicus van hetassistentienetwerk.LET OP!–Alle onderhoudswerkzaamhedendie niet in deze handleiding wordenbeschreven, moeten door een erkendewerkplaats worden verricht.

NederlandsOPSLAGWanneer het apparaat lange tijd niet gebruikt zal worden:- Ledig de brandstof- en olietanks en maak ze schoon ineen goed geventileerde ruimte. - Verwerk de brandstof en de olie volgens de geldendenormen en met inachtneming van het milieu. - Om de carburator te ledigen, moet de motor wordengestart en moet u wachten tot de motor stopt (als u hetmengsel in de carburator laat, zouden de membranenbeschadigd kunnen worden). -Verwijder de ketting en het zaagblad, maak ze schoonen besproei ze met beschermende olie. - Maak de koelsleuven van het startgroepcarter (Fig. 88),de luchtfilter (Fig. 89) en de ribben van de cilinder(Fig. 90) zorgvuldig schoon. - Bewaar het apparaat op een droge plaats, zo mogelijkniet rechtstreeks in contact met de grond, uit de buurtvan warmtebronnen en met lege tanks.

Voor informatie dient u zich te richten tot de normaleafvalophaaldienst in uw gebied. Bijde verwerking van het afval dat ontstaat door sloopvan de machine moet rekening gehouden worden met hetmilieu, en moet worden voorkomen dat de grond, lucht enhet water kunnen worden verontreinigd. In ieder geval moeten de geldende plaatselijkewetsvoorschriften opditgebiedinachtwordengenomen. 43.

Als uw dagelijksewerkzaamheden intensiever zijn dan normaal, moeten de onderhoudsintervallen elkaar sneller opvolgen.Vóór iedergebruikNa elkebijvulbeurtWekelijksIndien vervuildof beschadigdIndien nodigInspecteren: lekkages, barsten en slijtageX XWerking controlerenX XWerking controlerenX XLaten controleren door een Erkende HerstellerXInspecteren: lekkages, barsten en slijtageX XInspecteren en schoonmakenXVervang het filterelementX Om de 6 maandenRendement controlerenX XInspecteren: schade, scherpte en slijtageX XSpanning controlerenX XSlijpen: snijdiepte controlerenXInspecteren: schade en slijtageX XOliegleuf en -leiding schoonmakenXNeuswiel draaien en smeren, en ontbramenXVervangenXInspecteren: schade en slijtageXInspecteren: schade en slijtageXVervangenXInspecteren: schade en slijtageX XVervangenXInspecteren en opnieuw aanspannenXSchoonmakenXVervangenX Om de 6 maandenSchoonmakenXInspecteren: schade en slijtageXVervangenXControleer stationair toerental (de ketting mag niet draaien bijstationair toerental)X XControleer de afstand tussen de elektrodesXVervangenX Om de 6 maandenInspecteren: schade en slijtageXVolledige machineBediening: schakelaar, choke, gashendel en gashendelblokkeringKettingremBrandstoftank en olietankBrandstoffilterKettingsmeringKettingZaagbladTandwiel (vervangen bijelke nieuwe ketting)KoppelingKettingstopAlle toegankelijke schroeven en moeren (niet de afstelschroeven)LuchtfilterRibben cilinder en sleuven startcarterStartkoordCarburatorBougieTrillingdempend systeem57

OPLOSSEN VAN PROBLEMENWAARSCHUWING: zet het apparaat altijd uit en koppel de bougie los voordat u de aanbevolen corrigerende maatregelen inonderstaande tabel uitvoert, behalve als gevraagd wordt om het apparaat aan te zetten. Als alle mogelijke oorzaken nagegaan zijn en het probleem nog steeds niet is opgelost, neem dan contact op met een erkend reparatiecentrum. Als u een probleemheeft dat niet in deze tabel staat, neem dan contact op met een erkend reparatiecentrum. PROBLEEM MOGELIJKE OORZAKEN OPLOSSINGDe motor start niet of gaat na enkele secondenna het starten weer uit. (Controleer of deschakelaar in stand "I" staat)1. Er is geen vonk2. Motor is verzopen1. Controleer de vonk van de bougie. Als er geen vonk is, herhaal de test danmet een nieuwe bougie (RCJ-4)2. Volg de procedure op pag. 21.

Als de motor nog niet start, herhaal deprocedure dan met een nieuwe bougieDe motor start, maar versnelt niet voldoende ofwerktnietgoedbijhoge snelheid. De carburateur moet worden afgesteldNeem contact op met een erkend reparatiecentrum om de carburateur te latenafstellen. De motor bereikt de volledige snelheid nieten/of geeft zeer veel rook af. 1. Controleer het olie-/benzinemengsel2. Luchtfilter is vuil3. De carburateur moet worden afgesteld1. Gebruik verse benzine en een olie die geschikt is voor tweetaktmotoren2. Schoonmaken; zie de instructies in het hoofdstuk Onderhoud van hetluchtfilter3. Neem contact op met een erkend reparatiecentrum om de carburateur telaten afstellenDe motor start, draait en versnelt, maar wil nietstationair lopen. De carburateur moet worden afgesteldStel de stationairstelschroef "T" (Fig. 84, pag.

39) naar links bijom de snelheid teverhogen; zie het hoofdstuk Onderhoud carburateurHet zaagblad en de ketting warmen op enbeginnen te roken tijdens het werken1. Olietank ketting leeg2. Kettingspanning te strak3. Defect van het smeringssysteem1. De olietank moet gevuld worden telkens de brandstoftank wordt gevuld2.

Kettingspanning; zie de instructies in het hoofdstuk Zaagblad- enkettingmontage (Pag. 13)3. Laat gedurende 15-30 seconden met volledig geopend gas werken. Sluit encontroleer of er olie van de punt van het zaagblad druipt. Indien er olieaanwezig is, kan het defect te wijten zijn aan een losse ketting of eenbeschadigd zaagblad. Indien er geen olie is, neem dan contact op met eenErkende HerstellerDe motor start en loopt, maar de ketting draaitnietWAARSCHUWING: raak de ketting nooitaan wanneer de motor in werking is1. Kettingrem ingeschakeld2. Kettingspanning te strak3. Assemblage zaagblad en ketting4. Ketting en/of zaagblad beschadigd5. Koppeling en/of tandwiel beschadigd1. Schakel de kettingrem uit; zie hoofdstuk Gebruik – Kettingrem (Pag. 27)2. Kettingspanning; zie de instructies in het hoofdstuk Zaagblad- enkettingmontage (Pag. 13)3.

Zie de instructies in het hoofdstuk Zaagblad- en kettingmontage (Pag. 13)4. Zie de instructies in het hoofdstuk Onderhoud zaagblad en/of ketting(Pag. 35)5. Vervang ze indien nodig; neem contact op met een Erkende Hersteller63.

De fabrikant geeft een garantie van 24 maanden vanafdeaankoopdatum op de eigen producten voor privé-/hobbygebruik. De garantieisbeperkt tot 12 maanden bijprofessioneel gebruik. Algemene garantievoorwaarden1) De garantie wordt toegekend vanaf de aankoopdatum. De fabrikant vervangtgratis de defecte onderdelen die te wijten zijn aan fouten van het materiaal,bewerkingen en productie middels het distributienet en de technische service. De garantie ontneemt de gebruiker niet de wettelijke rechten uit het burgerlijkwetboek tegen de gevolgen van defecten of onvolkomenheden die door hetverkochte product veroorzaakt worden. 2) Het technisch personeel grijpt zo snel mogelijk in binnen de tijdslimieten die uitorganisatorisch oogpunt mogelijkzijn.

3) Voor het aanvragen van servicewerkzaamheden die onder de garantie vallendient u het hieronder weergegeven garantiebewijs aan het bevoegde personeelte tonen. Het garantiebewijs moet een stempel van de verkoper dragen, geheelingevuld zijn en begeleid worden door de factuur of de fiscaal verplichtekassabon met de aankoopdatum.

4) De garantie vervalt bij:- Overduidelijk gebrek aan onderhoud,-Onjuist gebruik van het product of sabotage,- Gebruik van ongeschikte smeermiddelen of brandstoffen,- Gebruik van niet originele vervangingsonderdelen of accessoires,- Werkzaamheden die verricht zijn door onbevoegd personeel. 5) De verbruiksmaterialen en de onderdelen die onderhevig zijn aan normaleslijtage vallen niet onder de garantie. 6) Bijwerkingen en verbeteringen van het product vallen niet onder de garantie. 7) De garantie dekt geen afstel- en onderhoudswerkzaamheden die tijdens degarantieperiode nodig mochten zijn. 8) Eventuele beschadigingen die tijdens het transport zijn veroorzaakt moetenonmiddellijk aan de transporteur worden gemeld op straffe van verval van degarantie. 9) Voor de motoren van andere merken (Briggs & Stratton, Subaru, Honda,Lombardini, Kohler enz.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Efco MT 6500 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden