Denon DJ DN-X1500S Handleiding

Denon DJ Staafmixer DN-X1500S

Bekijk gratis de handleiding van Denon DJ DN-X1500S (78 pagina’s), behorend tot de categorie Staafmixer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 45 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Denon DJ DN-X1500S of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/78
FOR ENGLISH READERSPAGE5~PAGE13
FÜR DEUTSCHE LESERSEITE14~SEITE22
POUR LES LECTEURS FRANCAISPAGE23~PAGE31
PER IL LETTORE ITALIANOPAGINA32~PAGINA40
PARA LECTORES DE ESPAÑOLPAGINA41~PAGINA49
VOOR NEDERLANDSTALIGE LEZERS
PAGINA50~PAGINA58
FOR SVENSKA LÄSARESIDA59~SIDA67
中文
68
~
77
DJ MIXER /
DJ
混音台
DN-X1500S
OPERATING INSTRUCTIONS
BEDIENUNGSANLEITUNG
MODE D’EMPLOI
ISTRUZIONI PER L’USO
INSTRUCCIONES DE FUNCIONAMIENTO
GEBRUIKSAANWIJZING
BRUKSANVISNING
操作說明書

Beoordeel deze handleiding

5.0/5 (9 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Denon DJ
Categorie: Staafmixer
Model: DN-X1500S

Handleiding Denon DJ DN-X1500S – volledige tekst

•Wenn das Gerät eine längere Zeit nichtverwendet werden soll, trennen Sie dasNetzkabel vom Netzstecker. • Débrancher le cordon d’alimentation lorsquel’appareil n’est pas utilisé pendant delongues périodes. • Disinnestate il filo di alimentazione quandoavete l’intenzione di non usare il filo dialimentazione per un lungo periodo di tempo. • Desconecte el cordón de energía cuando noutilice el equipo por mucho tiempo. • Neem altijd het netsnoer uit het stopkontaktwanneer het apparaat gedurende een langeperiode niet wordt gebruikt. • Koppla ur nätkabeln om apparaten intekommer att användas i lång tid. •Do not obstruct the ventilation holes. • Die Belüftungsöffnungen dürfen nichtverdeckt werden. • Ne pas obstruer les trous d’aération. • Non coprite i fori di ventilazione. •No obstruya los orificios de ventilación. • De ventilatieopeningen mogen niet wordenbeblokkeerd.

• No debe colocarse sobre el aparato ninguna fuenteinflamable sin protección, como velas encendidas. •A la hora de deshacerse de las pilas, respete lanormativa para el cuidado del medio ambiente. • No se expondrá el aparato al goteo o salpicadurascuando se utilice. • No se colocarán sobre el aparato objetos llenos delíquido, como jarros. WAARSCHUWING:• De ventilatie mag niet worden belemmerd door deventilatieopeningen af te dekken met bijvoorbeeldkranten, een tafelkleed, gordijnen, enz. • Plaats geen open vlammen, bijvoorbeeld een brandendekaars, op het apparaat. • Houd u steeds aan de milieuvoorschriften wanneer ugebruikte batterijen wegdoet. • Stel het apparaat niet bloot aan druppels of spatten. • Plaats geen voorwerpen gevuld met water, bijvoorbeeldeen vaas, op het apparaat.

50NEDERLANDS1VOORNAAMSTE KENMERKEN1. Matrix-ingangstoewijzing8 ingangsbronnen, vrij te koppelen aan de kanalen. 2. FLEX FADERDe DN-X1500S heeft een FLEX FADER metingebouwd koppelafstelmechanisme waarmeegebruikers de werkingskracht van de cross-fadernaar eigen voorkeur kunnen regelen. 3. SamplerDe interne digitale sampler kan tot 8 secondengeluid in CD-kwaliteit opnemen. Deze sampler kannaadloos worden gelust (Loop) of achterwaartsworden afgespeeld (Reverse). De snelheid (pitch)en het uitgangsniveau van de sampler kunnenafzonderlijk worden ingesteld. 4. Interne effectorEr kunnen verschillende geluidseffecten wordentoegepast. (DELAY, ECHO, PAN, TRANS, FILTER,FLANGER, KEY)5.

Auto BPM-teller, BPM-vergrendeling, TAP enhandmatige BPM-invoerNaast een Auto BPM-teller en een Tap-functie, isde DN-X1500S ook uitgerust met een tijdelijkevergrendelfunctie (Lock) van de Auto BPM-telleren de handmatige BPM-ingangsfunctie. 6. Kanaalfader- en crossfader-startDe CD-speler kan eenvoudig worden gestart ofgestopt door het niveau van de kanaalfader teverhogen of te verlagen of met behulp van decrossfader links-rechts of rechts-links. (Dezefunctie kan alleen worden gebruikt wanneer CD-spelers DN-S3500, DN-S5000, DN-D4500 enz. vanDENON zijn aangesloten op de DN-X1500S. )7. Digitale uitgangMet de DN-X1500S kunt u direct opnemen op CD-R, Minidisk of een harde schijf via de exclusievedigitale coax-uitgang. De digitale uitgang onderhoudt een constantsignaal van 44,1 kHz. 8.

Verbeterde SEND/RETURN-connectorenOnafhankelijke uitgangen: 8 LINE, 3 PHONO, 2microfoonsystemen, 2 MASTER, BOOTH en REC. Er zijn tevens Effect SEND/RETURN-connectorenaanwezig voor een externe effectenprocessor. 9. 3-bands Equalizer/GainLOW-, MID-, HI- en GAIN-regelaars zijnbeschikbaar op elk ingangskanaal. 2INSTALLATIEWanneer de DN-X1500S wordt geïnstalleerd in eenkist of een DJ-cabine, laat dan ruimte vrij tussen deapparatuur en het schuim (spons), de wanden ofandere apparatuur voor voldoende warmteafgifte.

3BENAMING VAN ONDERDELEN EN FUNCTIES(Zie bladzijde 3)(1)Bovenpaneelq Aan/uit-schakelaar (POWER)• De spanning wordt ingeschakeld wanneer detoets vanuit de uitgeschakelde (£) in deingeschakelde (¢) stand wordt gezet. • De spanning wordt uitgeschakeld wanneer detoets vanuit de ingeschakelde (¢) in deuitgeschakelde (£) stand wordt gezet. w MASTER BALANCE-regelaar• Instellen van de L/R-balans van de MASTER-uitgang. e MASTER LEVEL-regelaar• Instellen van het niveau van de MASTER-uitgangen. r BOOTH ASSIGN-schakelaar• Selecteren van de bron van de BOOTH-uitgang. t BOOTH LEVEL-regelaar• Instellen van het niveau van de BOOTH-uitgang. y SAMPLER ASSIGN-schakelaar• Selecteren van de bron voor sampler-opname. u SAMPLER MODE/STOP-knop• Instellen van de afspeelmodus (playback) van desampler of het bewerken van de sampler.

•Druk op deze knop tijdens afspelen of opnemenmet de sampler om het afspelen of opnemen testoppen. i SAMPLER A-toets•Druk op deze knop om afspelen of opnemenmet de sampler te starten. Min. 2 cm– INHOUDSOPGAVE –zVOORNAAMSTE KENMERKEN. 50xINSTALLATIE. 50cBENAMING VAN ONDERDELEN EN FUNCTIES. 50 ~ 52vANNSLUITINGEN. 53bTECHNISCHE GEGEVENS. 54nFADER START. 55mEFFECTOR. 56,SAMPLER. 57. PFL (Pre Fader Level-Voorfaderniveau). 57⁄0PRESET. 582 ACCESSOIRESControleer of de volgende onderdelen bij hethoofdtoestel in de doos zitten:q Geburuilsaanwijzing. 12 INLEIDINGHartelijk dank voor de aanschaf van deze DENON DN-X1500S DJ MIXER. DENON stelt trots deze geavanceerde DJ MIXER voor aan audiofielen en muziekliefhebbers. Deze speler bewijsteens te meer DENON’s onophoudelijke streven naar de ultieme geluidskwaliteit.

Mic postDeze functie zet het Mic-signaal naar de BOOTH,de REC-uitgang en het DIGITAL-uitgangssignaal. In de OFF-stand wordt het Mic-signaal niet doorde genoemde uitgangen geleid. 12. PFL (Pre Fader Level – Voorfaderniveau)Met deze functie kunt u deingangsniveauversterking van elk kanaal regelenom overbelasting te voorkomen. Als u dit opvoorhand instelt, bent u verzekerd van een vlotteovergang tussen cross-fades of kanaal-fades. 13. Preset-functies (voorinstellingen)U kunt het toestel aan uw voorkeuren aanpassendoor uw favoriete instelling in het internegeheugen op te slaan. Zie pagina 58 voor items inde voorkeuzeinstellingen. Min. 2 cmMin. 3 mm.

51NEDERLANDSo SAMPLER B-toets•Voor het instellen van punt B van de sampler. 0 CROSSFADER ASSIGN-schakelaarA, B:• De kanaalbron wordt toegewezen aan A of Bvan de crossfader. POST:• Selecteer deze optie wanneer u de kanaalbronniet wilt toewijzen in de crossfader. 1 EFFECTS ASSIGN-schakelaar• Selecteren van de bron van de interne effector. 2 MODE PARAMETER-knop• Instellen van de effectmodus en -instellingen. 3 EFFECTS WET/DRY-regelaar• Instellen van de verhouding tussen origineel enmet effecten bewerkt geluid. 4 EFFECTS ON/OFF-toets• In (ON) en uit (OFF) schakelen van de interneeffector. 5 TAP-toets• TAP:Wanneer u meermaals op deze toets drukt,wordt de Auto-modus uitgeschakeld en wordende Beats Per Minuut (BPM) gemeten. • LOCK:Als deze toets tijdens het functioneren van deauto BPM-meter, 1 wordt ingedrukt, zullen degegevens welke door de auto BPM-metergemeten werden, vergrendeld worden.

• AUTO:Wanneer u de TAP-toets 1 seconde indrukt,wordt de AUTO BPM-modus geactiveerd. De gemeten BPM wordt weergegeven in hetBPM-display. • INPUT BPM:Als de TAP-toetslanger dan 2 seconden wordtingedrukt, wordt de BPM-invoermodus ingestelden kan de BPM-waarde direct, via de MODEPARAMETERS-knop. 2ingevoerd worden. Alsde toetsnogmaals wordt ingedrukt, wordt deBPM-modus uitgeschakeld. 6 CUE-toetsen• Als u één van de of alle CUE-toetsen indrukt,worden de signalen van de gekozen bron naarde hoofdtelefoon- en Meter Cue-sectiesgevoerd. Door meerdere toetsen in te drukken,bekomt u een gemengd geluid van de gekozenbronnen. 7CROSSFADER START A, B-schakelaars• In (ON) en uit (OFF) schakelen van destartfunctie van de crossfader. 8 CROSSFADER• Regelt het relatieve uitgangsniveau van de A- enB-mixes. Wanneer de fader in de uiterst linksestand staat, is alleen de A-mix hoorbaar via deuitgangen.

Wanneerde fader in de middelste stand staat, worden deA- en B-mixes in gelijke mate uitgevoerd. In deuiterst rechtse stand is alleen de B-mix hoorbaarvia de uitgangen. 9 Broningang-fader (kanaalfader)• Regelt het niveau van de gekozen ingang. @0 CROSSFADER CONTOUR-regelaar• Met deze functie kan de “vorm” van decrossfader-respons worden aangepast van eenzachte curve voor zachte en lange fades tot eensteile pitch voor professionele cut & scratch-effecten. @1 HEADPHONE-uitgang• Hierop kan een 1/4” stereo-hoofdtelefoonstekker worden aangesloten. @2 HEADPHONE LEVEL-regelaar• Regelt het volume van de hoofdtelefoon. @3 HEADPHONE PAN-regelaar• Heeft twee functies. In de STEREO-standverandert hij de relatieve niveaus van de inbeide oorschelpen gemengde Cue- en Program-signalen (CUE MASTER).

In de SPLIT CUE-stand(MONO) verandert hij de balans tussen MonoCue in de linker oorschelp en Mono Program(MASTER) in de rechter oorschelp. @4 SPLIT CUE-toets• In de STEREO-stand stuurt deze toets STEREOProgram (CUE MASTER) en Cue naar beideoorschelpen; in de SPLIT CUE (MONO)-standstuurt het hoofdtelefooncircuit MONO Cue naarhet linkeroor en Mono Program (MASTER) naarhet rechteroor. • In STEREO-modus geeft de meter hetstereoniveau in de linker (LEFT) en rechter(RIGHT) master-uitgang aan. In de SPLIT CUE(MONO)-stand wordt het mono CUE-niveauweergegeven op de linkse meter en het monoProgram (CUE MASTER)-niveau op de rechtsemeter• In SPLIT CUE (MONO) modus is de toetsverlicht. @5 EFFECT LOOP WET/DRY-regelaar• Instellen van de verhouding tussen origineel enmet effecten bewerkt geluid. @6 CH FADER START-schakelaar• In (ON) en uit (OFF) schakelen van destartfunctie van de kanaalfader.

(Indien de processor niet isaangesloten, zal deze knop bij activering gaanknipperen. )@9 TALK OVER ON/OFF-toets• In (ON) en uit (OFF) schakelen van de Talk Over-functie. •Wanneer de toets verlicht is, wordt hetsignaalniveau - behalve Mics - gedempt. • Het Talk Over-dempingsniveau kan wordeningesteld in de Preset-modus. OPMERKING:Door indrukken van deze toets wordt hetvolume snel gewijzigd. #0 MIC POST ON/OFF-toets• Zet de Mic-signalen naar de BOOTH-, REC- enDIGITAL-uitgangssignalen. #1 MIC EQ-regelaars• Stellen de frequentieweergave van dehoofdmicrofooningang in van –12 dB tot +12dB. In de middelste stand is de geluidsweergavevlak. #2 MIC LEVEL-regelaars• Instellen van het Mic-signaalniveau. #3 MIC ON/OFF-toetsen•Wanneer de toets verlicht is, wordt het Mic-signaal overgezet naar de uitgangssectie,anders wordt de Mic-ingang gedempt.

#4 INPUT ASSIGN (Ingangsselectie)• Selecteer elke bron van acht ingangen(PHONO1/LINE1, LINE2, PHONO2/LINE3,LINE4, PHONO3/LINE5, LINE6, LINE7, LINE8)voor elk kanaal afzonderlijk. •U kunt ook dezelfde ingang aan meerderekanalen toewijzen voor creatief mixen. #5 GAIN (Regeling ingangsniveau)• Instellen van het niveau van de geselecteerdeingang. •U kunt elk GAIN-volume instellen om 0dB op debronniveaumeter (source level) aan te geven. #6 Source EQ-regelaars• Stellen de frequentieweergave van de gekozeningangen in. In de middelste stand is de geluidsweergavevlak. HI en MID:•Voor het instellen van de hoge en middentonen–40 dB t/m +10 dB. LOW:• Stelt het lagetonengeluid in van -40 dB tot +6dB. OPMERKING:Een te scherpe afstelling kan 'clipping'(vervalsing van het signaal) veroorzaken. #7 CUE MASTER-niveaumeter• Geeft het uitgangsniveau weer na eenaanpassing van het MASTER LEVEL.

52NEDERLANDS(2) Achterpaneel$0 LINE 2, 4, 6, 7, 8-ingangen•Deze stereoparen niet-gebalanceerde RCA-aansluitingen zijn ingangen voor een lijnniveau-apparaat. $1PHONO 1, 2, 3 / LINE 1, 3, 5-ingangen•Deze stereoparen niet-gebalanceerde RCA-aansluitingen zijn ingangen voor een Phono-stage (RIAA) voor magnetische elementen(MM) of een Line-stage geschikt voor elkapparaat, bijvoorbeeld een CD-speler. $2PHONO1, 2, 3 / LINE1, 3, 5-schakelaars• Deze schakelaars veranderen de ingang vanphono in lijnniveau. • Deze schakelaar stelt een lijnniveau-ingang inwanneer geen draaitafel is aangesloten. $3 Phono-aardingsschroef (GND)• Met deze schroef kan de aardingsdraad van eendraaitafel worden verbonden. Deze aansluiting dient alleen voor de aardingvan een draaitafel en is geen veiligheidsaarding. $4 AUX MIC-ingangsaansluiting• Accepteert een gebalanceerde microfoon met1/4” TRS mono-aansluiting.

• Pintoewijzing: Punt=Hot Ring=Cold Huls=GND$5 MAIN MIC ingangconnector• Neutrik combo-aansluiting. • Accepteert een gebalanceerde microfoon meteen XLR-connector of een hiet-gebalanceerdemicrofoon met 1/4” TS mono-aansluiting. • Pintoewijzing:XLR: 1. GND 2. Hot 3. Cold$6 OnderhoudsconnectorOPMERKING:Deze connector is enkel bedoeld voor hetupdaten van de firmware. Sluit hier geenapparatuur op aan, aangezien dit schade kanveroorzaken. $7 LINE 2, 4, 6, 8 FADER-uitgangen• Sluit deze pluggen aan op de FADER-ingangenvan DN-S3500, DN-S5000, DN-D4500 etc. viade 3,5 mm ministereokabel. $8 SEND / RETURN-aansluitingen•Via deze 1/4” TS mono-aansluitingen kan hetprogrammasignaal extern worden verwerkt. •Wanneer u een mono effectenprocessoraansluit, gebruik dan de Lch-in- en uitgang. $9DIGITAL OUT (COAXIAL) -aansluiting• Deze RCA-aansluiting levert digitaleuitgangsgegevens.

Het signaal wordt nietbeïnvloed door de MASTER LEVEL-regelaar. •Wij raden het gebruik van een RCA-kabel van75Ω/ohm aan voor een optimale digitaleoverdracht.

(verkrijgbaar in elke audio-/videozaak)%0 REC OUT-aansluitingen• Dit stereopaar RCA-aansluitingen zorgt voor eenlijnniveau-uitgang. Het signaal wordt nietbeïnvloed door de MASTER LEVEL-regelaar. %1 BOOTH OUT-aansluitingen• Deze set van RCA-stereoaansluitingen biedt eenniet-gebalanceerd uitgangsniveau metonafhankelijke BOOTH LEVEL-regelaar op hetbovenste paneel. %2 MASTER OUT (UNBALANCED) -aansluitingen• Dit stereopaar RCA-aansluitingen zorgt voor eenniet-gebalanceerde lijnniveau-uitgang. •Sluit deze aansluitingen aan op de niet-gebalanceerde analoge aansluitingen van eenversterker of console. %3 LEVEL ATT(Master out-niveaudemper)•Voor het dempen van het MASTER-uitgangsniveau. (–∞~ 0 dB)• Referentie is 0 dB. %4 MASTER OUT (BALANCED)aansluitingen• Deze XLR-aansluitingen zorgen voor eengebalanceerde lijnniveau-uitgang.

• Sluit deze aansluitingen aan op degebalanceerde analoge ingangen van eenversterker of console. • Pintoewijzing: 1. GND 2. Hot 3. Cold• Bruikbare connector:Cannon XLR-3-31 of gelijkwaardig. OPMERKING:Maak geen kortsluiting tussen de hot- of cold-pin en de GND-pin. %5 MASTER MONO OUT ON/OFF -schakelaar•Wanneer de schakelaar aan is, wordt er eengemengd L- en R-signaal door de MASTERuitgang (OUT) gegeven (zowelGEBALANCEERD als NIET-GEBALANCEERD). (3) Display%6Crossfader A-toewijzingsindicatoren• Deze indicator geeft de kanalen weer van hettoegewezen kanaal naar crossfader A. %7 Preset-modusindicatoren%8 Sampler-modusindicatorenSAMP. :• Het sampler-geluid wordt opgenomen. LOOP:• Afspelen van de sampler in lusmodus (Loop). REV. :• Omgekeerd (reverse) afspelen van sampler. %9 Tekendisplay• Geeft diverse informatie weer.

^1 Crossfader B-toewijzingsindicatoren• Deze indicator geeft de kanalen weer van hettoegewezen kanaal naar crossfader B. ^2 Weergave effector BPM• Hier wordt de BPM van de toegewezen bronweergegeven. ^3 BPM-modusindicatorenAUTO:• Deze indicator is verlicht wanneer de BPM-modus AUTO BPM is. • Deze indicator knippert wanneer de AUTO BPMvergrendeld (locked) is. MANUAL:• Deze indicator is verlicht wanneer de BPM-modus op handmatige BPM-ingang staat. Ukunt de gewenste BPM invoeren via de MODEPARAMETER-knop. ^4 Cue-knopindicatoren• De kanalen van de geselecteerde CUE wordenweergegeven^5 Cue BPM-weergave (Auto-teller)• Hier wordt de BPM van het geselecteerdekanaal weergegeven. OPMERKING:De BPM wordt niet weergegeven wanneer er 2of meer kanalen zijn geselecteerd.

RLLRLR LR RLLRRLRLRLRLL R LRDP-DJ151DigitalQuartzANTI-SKATING76543210ONSLOWBRAKEOFFPOWERSTART/STOP45012343378+120-12PITCHKEY ADJUSTDP-DJ151DigitalQuartzANTI-SKATING76543210ONSLOWBRAKEOFFPOWERSTART/STOP45012343378+120-12PITCHKEY ADJUSTDP-DJ151DigitalQuartzANTI-SKATING76543210ONSLOWBRAKEOFFPOWERSTART/STOP45012343378+120-12PITCHKEY ADJUST53NEDERLANDS4AANSLUITINGENZie het onderstaande aansluitschema. 1. Zorg ervoor dat de netvoeding is uitgeschakeld alvorens aansluitingente maken. 2. De kwaliteit van de kabels is doorslaggevend voor de getrouwheid ende punch van de geluidsweergave. Gebruik daarom audiokabels vaneen goede kwaliteit. 3. Gebruik geen te lange kabels. Zorg dat de stekkers stevig in deaansluitingen zitten. Losse aansluitingen kunnen leiden tot brom, ruisof interferentie, met mogelijke beschadiging van uw luidsprekers totgevolg. 4. Sluit alle stereo-ingangsbronnen aan.

CD-spelerDraaitafel 1Draaitafel 33,5 mm stereo-minisnoer3,5 mm stereo-minisnoer1/4” TS mono aansluitingEffectprocessor1/4” TS mono aansluiting1/4” TS mono aansluiting1/4” TS mono aansluitingXLR of 1/4” TS mono aansluitingMicrofoons VOORZICHTIGHEID:Om de voeding van dit product volledig teonderbreken moet de stekker uit het stopcontactworden getrokken. De netstekker wordt gebruikt om destroomtoevoer naar het toestel volledig teonderbreken en moet voor de gebruikergemakkelijk bereikbaar zijn.

55NEDERLANDS6FADER STARTIndien de separaat verkrijgbare DN-S5000, DN-S3500, DN-D9000, DN-D4500 etc. spelers worden aangesloten opLINE2, 4, 6 of 8, dan kunnen deze worden gestart met de ingangsfader (Ch. Fader) of de crossfader, mits de 3,5mm ministereokabels zijn aangesloten. LINE 2 LINE 4 LINE 6 LINE 8FADERLINE 2FADERLINE 4FADERLINE 6FADERLINE 8DN-X1500SMAIN ALPHAFADERMAINFADERALPHADN-S5000CD1MAIN ALPHAFADERMAINFADERALPHADN-S5000CD23,5 mm stereo-minisnoerRCA-kabelStarten met de kanaalfaderStel de INPUT ASSIGN-schakelaar #4 in om degewenste bron LINE2, 4, 6of 8 te selecteren. 12Starten met de crossfaderOPMERKING:• De kanaalfader-start en de crossfader-startkunnen niet gelijktijdig werken met dezelfdebron. U moet één van de twee functies kiezen. Indien zowel de CH FADER START en deCROSSFADER START A, B-schakelaars aan (ON)staan, wordt prioriteit gegeven aan decrossfader.

Schakel de CH FADER START-schakelaars @7 in. 3Schuif de regelaar van debroningang-fader(kanaalfader). 9 van CH-1,CH-2, CH-3 of CH-4 volledignaar onder. 4Stel de standby-modus op de CD-speler in. 5Om de speler te starten,schuift u de broningang-fader(kanaalfader). 9 omhoog. DeCD-speler begint te spelen. Stel de INPUT ASSIGN-schakelaar #4 in om degewenste bron LINE2, 4, 6of 8 te selecteren. 12Stel met de CROSSFADERASSIGN-schakelaar. 0 het kanaalof de sampler-bron in op A of Bvan de crossfader. 3Schakel de CROSSFADER START A, B-schakelaars. 7 in. 5Stel de standby-modus op de CD-speler in. 6Regel de startcurve van de crossfader met deCROSSFADER CONTOUR-regelaar @0. 4Schuif de crossfader. 8 volledig in detegengestelde richting van de bron die u wiltstarten. (In het volgende voorbeeld wordt ergestart met de aangesloten CD-speler opAssign A. )7Wanneer de crossfade.

8 in detegenovergestelde richting wordt verschoven,start de CD-speler. 1. Demonteer de crossfader van het toestel. 2. Beweeg de hendel zodanig dat de kop van de schroef aan de opening in de behuizing wordt geplaatst. 3.

Eerste selectie56NEDERLANDS7EFFECTOR3Selecteer de effector-modus (Eersteselectie)Echo2, Filter2, Pan, Trans en Key% wordenin de preset-modus ingesteld. • Gebruik de MODE PARAMETERS-knop. 2om de gewenste effectmodus te selecteren. • De effectmodus wijzigt en wordt door éénklik weergegeven op het display. •Druk, na het selecteren van het gewensteeffect, op de MODE PARAMETERS-knop. 2om de eerste selectie af te ronden en door tegaan naar de tweede selectie. None Delay Echo 1 (Echo 2)Filter 1(Filter 2)Flanger(Pan) (Trans) (Key %)5Tijdselectie(Derde selectie voor Delay, Echo1, Echo2,Pan, Trans, Filter2 en Flanger)• Beat-modus:De tijdsinstelling van het effect wordtgebaseerd op het getelde BPM. De BPMwordt automatisch geteld in de AUTO BPM-modus of handmatig ingevoerd in deMANUAL-modus of getapped in de TAP-modus. Gebruik de MODE PARAMETERS-knop. 2om de tijdsinstelling te selecteren.

Degeselecteerd tijdsinstelling wordt al snelgebruikt. • Handmatige modus (Manual):De tijdsinstelling van het effect wordtingegeven met de MODE PARAMETERS-knop. 2. De geselecteerd tijdsinstellingwordt al snel gebruikt. •Druk, na het selecteren van de gewensteinstelling, op de MODE PARAMETERS-knop. 2 om terug te keren naar de eerste selectie. 4Beat-effect en handmatige effectmodus(Tweede selectie voor Delay, Echo1, Echo2,Pan, Trans, Filter2 en Flanger)De handmatige effectmodus wordtingesteld in de preset-modus. De standaard instelling is “Manual OFF”(handmatig uit). Ga in dit geval verder metde derde selectie (stap 5). • Alle effectmodussen behalve Key en Filter1werken met de beat-modus of dehandmatige modus. U kunt kiezen tussenbeat of manual met de MODEPARAMETERS-knop. 2. •Druk, na het selecteren van de gewenstestand, op de MODE PARAMETERS-knop.

6Key%-selectie(Tweede selectie voor Key%)• De sleutel (Key) wordt geselecteerd met deMODE PARAMETERS-knop. 2. Degeselecteerde sleutel wordt al snel gebruikt. •Druk, na het selecteren van de gewensteinstelling, op de MODE PARAMETERS-knop. 2 om terug te keren naar de eerste selectie. 7WET/DRY-regelaar• Op de DN-X1500S kan de mixverhoudingtussen het brongeluid en het geluid meteffecten worden ingesteld met de WET/DRY-regelaar. 3. • In de WET-stand wordt er alleen geluid meteffecten weergegeven. In de DRY-standwordt alleen brongeluid weergegeven. 8Effector Aan/Uit•Druk op de ON/OFF-toets. 4 om de effectorin en uit te schakelen. Deze toets is verlichtwanneer de effector aan is. Key% kan worden geselecteerd–100 % t/m +100 %. De Flanger tijd kan worden geselecteerdop 1/2, 1, 2, 4, 8, 16, 32 van BPM.

De filtertijd kan worden ingesteld tussen10 en 16000 msec. De Flanger tijd kan worden ingesteldtussen 10 en 16000 msec. –2Stel de BPM in (Lees blz. 51. )• Gebruik de TAP-toets. 5 en de MODEPARAMETERS-knop. 2 om de BPM in testellen op AUTO BPM, TAP of MANUAL. Over BPM• Gebruik de vergrendelfunctie wanneer u deauto BPM-functie gebruikt. De ruis opeffecten verandert mee met de BPM. •Indien de auto BPM niet kan wordengemeten, klik dan op de TAP-toets en voer deBPM in. • Indien u de BPM van de selectie weet, radenwij u in deze handmatig in te voeren. Echo 2 (Normale echo)Preset-functiesBeat Effect-modusHandmatige ingangsmodusDe echtotijd kan worden geselecteerd op1/4, 1/2, 3/4, 1/1, 2/1, 4/1, 8/1 van BPM. De echotijd kan worden ingesteld tussen 1en 3500 msec. Filter 1 (Handmatig filter)• Door draaien aan deWET/DRY-regelaar wordt defilterfrequentie gewijzigd.

Het filtertype kan wordengeselecteerdLowP. F. (Low-pass filter), MidP. F. (Band-pass filter), Hi P. F. (High-pass filter)–9Effector Cue•Druk op de EFFECTS CUE-toets. 6 om hetgeluid met effecten te controleren via dehoofdtelefoon. • Het geluid wordt niet beïnvloed door deEFFECTS ON/OFF-toets. 4.

57NEDERLANDSSampler afspelen8SAMPLER1Selecteer de bron van de sampler• Draai de ASSIGN-schakelaar y in hetSAMPLER-gedeelte om de gewenste bron teselecteren. 3B-punt instellen/ Opname stoppenDoor het indrukken van de B-toets o tijdens deopname, wordt punt B ingesteld. • Na het ingestelde B-punt wordt ongeveer 8seconden zonder onderbreking opgenomen. • Als u het B-punt hebt ingesteld, wordt heteindpunt van de opname automatisch als B-punt ingesteld. 2Sampler-opnameWanneer de A-toets i wordt ingedrukt, wordtmax. 8 seconden geluid van de geselecteerdebron opgenomen in het sampler-geheugen. • De A-toets i knippert zodra het opnemengestart is. •Wanneer het opnemen voltooid is, wordt deB-toets o verlicht. 5Selecteer afspeelmodus samplerU kunt de afspeelmodus voor de samplerselecteren wanneer het afspelen gestopt is. Loop (standaard):De Sampler-weergave wordt verdergezetmet looping.

Single:De Sampler-weergave wordt op het B-punt stopgezet. Stutter:De sampler wordt afgespeeld door de A-toets i ingedrukt te houden. Loop + Reverse:Sampler omgekeerd afspelen gaat doormet lussen. Single + Reverse:Omgekeerde sampler stopt op punt A. Stutter + Reverse:De omgekeerde sampler wordtafgespeeld door de A-toets i ingedruktte houden. Exit B:De Sampler-weergave gaat verder overhet B-punt tot aan de opnameduur. Draai voor het selecteren van deLoop/Reverse-modus aan de MODE/STOP-knop u en druk deze in na het opnemen envoor het afspelen. q Afspeelmodus (Play):• Draai voor het selecteren van deafspeelmodus “P_Mode” aan deMODE/STOP-knop u en druk deze in. • Draai aan de MODE/STOP-knop u enselecteer “Loop”, “Exit B”, “Single” of“Stutter”. w Afspeelrichting: • Draai voor het selecteren van deafspeelmodus “DirMode” aan deMODE/STOP-knop u en druk deze in.

6Sampler-geluid weergeven• Afspelen van het sampler-geluid startwanneer de A-toets i wordt ingedruktnadat een opname is voltooid. •Druk op de MODE/STOP-knop u om hetSampler-geluid te stoppen. • Door het instellen van de CROSSFADERASSIGN-schakelaar. 0 in het SAMPLER-gedeelte op A of B, kunt u het starten van desampler fader via de crossfader. 8 latenlopen. Zie pagina 55. 4Sampler-geluidsniveau instellenHet geluidsniveau (volume) voor de samplerkan worden ingesteld. • Draai voor het selecteren van hetgeluidsniveau “S_Level” aan deMODE/STOP-knop u en druk deze in. • Draai aan de MODE/STOP-knop u enselecteer tussen “–14 dB” en “+6 dB”. Sampler A/B Trim1A-B trim-modus selecteren• Draai voor het selecteren van deafspeelmodus “A/BTrim” aan deMODE/STOP-knop u en druk deze in. 2Kies A-punt (A-B Trim)•Druk op de A-toets i. • De A-toets i knippert en de loop-weergavebegint.

5Kies B-punt (A-B Trim)• Selecteer de A-B Trim-modus en druk op deB-toets o. • De B-toets o gaat knipperen. 3Trim A-punt• Draai aan de MODE/STOP-knop u. U kuntpunt A verplaatsen. 4Sla het A-punt op•Druk op de MODE/STOP-knop u om hetnieuwe punt A op te slaan. 6Trim B-punt• Draai aan de MODE/STOP-knop u. U kuntpunt B verplaatsen. 9PFL (Pre Fader Level –Voorfaderniveau)1. Druk op de SPLIT CUE-toets @4. 2. Druk op de CUE-toets. 6 die u wilt controleren 1~ 4(de bron moet worden weergegeven). 3. Draai aan de GAIN-regelaar #5 totdat de meterspieken op het 0 dB-niveau. 4. Maak uw mix met de crossfader. 8 of kanaal-fader. 9. OPMERKINGEN:•Voor een goede werking moeten de kanaalniveausaltijd op referentielijn 8 staan. •U kunt dit instellen zelfs als de kanaal-fader op nulstaat. 7Sla het B-punt op•Druk op de MODE/STOP-knop u om hetnieuwe punt B op te slaan.

7Sampler B-punt verplaatsen•Wanneer u tijdens de sampler-weergave opde B-toets o drukt, wordt het B-puntverplaatst naar het punt waarop u op de toetshebt gedrukt, en begint de loop-weergavevanaf punt A.

9Sampler-data wissen•Druk op de A-toets i terwijl deMODE/STOP-knop u wordt ingedrukt om desampler te wissen. Instellen van de samplersnelheid (pitch)De geluidssnelheid van de sampler kan wordeningesteld. • Draai voor het selecteren van deafspeelmodus “S_Pitch” aan deMODE/STOP-knop u en druk deze in. • Draai aan de MODE/STOP-knop u enselecteer tussen “–100 %” en “+100 %”. 810De sampler-gegevens controleren(SAMPLER CUE)• Door indrukken van de SAMPLER CUE-toets. 6 kunt u de sampler-gegevens controleren. OPMERKING:Wanneer de SAMPLER CUE-toets verlicht is,wordt het geluid van de sampler niet naar decrossfader of MASTER OUT gevoerd.

58NEDERLANDS10PRESET1. Preset-modusq Draai de EFFECTS ASSIGN-schakelaar. 1 op uit “OFF”. w De preset-modus is beschikbaar wanneer de TAP-toets. 5 gedurende meer dan 2 seconden ingedruktwordt gehouden. e Draai de MODE PARAMETERS knop. 2 om het voorkeuze-item te kiezen. r Draai na het kiezen van het item de MODE PARAMETERS knop. 2 om de preset-data te kiezen. t Herhaal deze stappen om de Preset-data te wijzigen. y Druk voor het verlaten van de preset-modus op de TAP-toets. 5. 2. Preset-items en dataHet “*”-teken naast de data geeft de standaardwaarde aan. (1) EQ-modus : Het EQ-geluid kan op Auto of Parametric worden ingesteld. EQMode : Auto* / Para. (2) Hoge EQ-frequentie :Wanneer de EQ-modus is ingesteld op “Para. ”, dan kunt u een 3-bands EQ-hoogfrequentiebereikinstellen van 6 kHz t/m 20 kHz. HEQFreq : xxx Hz (13 kHz*)(3) Midden EQ-frequentie :Wanneer de EQ-modus is ingesteld op “Para.

”, dan kunt u een 3-bands EQ-middenfrequentiebereik instellen van 200 Hz t/m 6 kHz. MEQFreq : xxx Hz (1 kHz*)(4) Lage EQ-frequentie :Wanneer de EQ-modus is ingesteld op “Para. ”, dan kunt u een 3-bands EQ-laagfrequentiebereikinstellen van 20 Hz t/m 200 Hz. LEQFreq : xxx Hz (100 Hz*)(5) Hoog EQ Q :Wanneer de EQ-modus is ingesteld op “Para. ”, dan kunt u een hoog Q-bereik van 3-bands EQselecteren. HI_EQ_Q : Wide / Normal* / Narrow(6) Midden EQ Q :Wanneer de EQ-modus is ingesteld op “Para. ”, dan kunt u een Q-middenbereik van 3-bands EQselecteren. MIDEQ_Q : Wide / Normal* / Narrow(7) Lage EQ Q :Wanneer de EQ-modus is ingesteld op “Para. ”, dan kunt u een laag Q-bereik van 3-bands EQselecteren. LOWEQ_Q : Wide / Normal* / Narrow(8) EQ hoofdtelefoon :Selecteer de EQ voor de hoofdtelefoon, Hoog bereikversterking (boost), Laag bereikversterking ofHoog + Laag bereikversterking.

CHCurve : Slow / Normal* / Sharp(10) Crossfader-curve : Stel de startcurve van de crossfader in. CRCurve : Normal / Sharp*(11) Auto BPM : De Auto BPM wordt weergegeven wanneer de CUE-toets. 6 wordt ingedrukt. AutoBPM : ON / OFF*(12) Talk Over-niveau : U kunt een verlaagd niveau selecteren voor de Talk Over-functie. T. Over : –6 dB / –10 dB / –20 dB*(13) Manual-mode Effector ON/OFF :Hier wordt bepaald of de handmatige instelling van de interne effector wel of niet moet wordenuitgevoerd. Manual Eff. : ON / OFF*(14) Echo2 (normale echo) ON/OFF :Hier wordt bepaald of de Echo2 (normale echo) van de interne effector wel of niet moet wordenuitgevoerd. Echo 2 : ON / OFF*(15) Filter2 (Auto filter) ON/OFF :Hier wordt bepaald of de Filter2 (Auto filter) van de interne effector wel of niet moet wordenuitgevoerd.

Filter 2 : ON / OFF*(16) Pan ON/OFF :Hier wordt bepaald of de Pan van de interne effector wel of niet moet worden uitgevoerd. Pan : ON / OFF*(17) Trans ON/OFF :Hier wordt bepaald of de Trans van de interne effector wel of niet moet worden uitgevoerd. Trans : ON / OFF*(18) Key% ON/OFF :Hier wordt bepaald of de Key van de interne effector wel of niet moet worden uitgevoerd. Key% ↑ ↓ : ON / OFF*(19) Noise Gate (CH) :Instellen van de functie voor het verminderen van ruis op de signalen van uitgangskanalen 1 t/m 4. N. Gate CH : OFF* / Low / Hi(20) Noise Gate (MIC) :Instellen van de functie voor het verminderen van ruis op de MIC-signalen. N. Gate Mic : OFF* / ONOPMERKINGEN:• De Noise gate functie dient voor het verminderen van ruis op het analoge circuit door middel van internedigitale signaalverwerking en kan naar wens worden ingesteld.

• Door de Noise Gate functie kan het geluid vervormd lijken, bijvoorbeeld wanneer er kleine signalenworden ingevoerd of wanneer het volume van de ingangssignalen laag wordt ingesteld met de GAIN-regeling. (21) Microprocessorversie weergeven (“xxxx” is een getal.

)Version : Sysxxxx / Panxxxx / Dspxxxx(22) Voorprogrammering wissen : Stel alle voorkeuzedata terug op de fabrieksinstellingen. (“P. Init. ”)q Druk de MODE PARAMETERS-knop. 2 in om de PRESET-data te wissen. • Op het display wordt o “InitOK. ” weergegeven. w Druk nogmaals op de MODE PARAMETERS-knop. 2 en verwijder de preset-gegevens. •Tijdens het verwijderen van gegevens wordt op het display o “Preset” en “Initial”weergegeven.

EEN AANTEKENING WAT BETREFT HET RECYCLEREN:Het inpakmateriaal van dit product is recycleerbaar en kan opnieuw gebruikt worden. Erwordt verzocht om zich van elk afvalmateriaal te ontdoen volgens de plaatselijkevoorschriften. Volg voor het wegdoen van de speler de voorschriften voor de verwijdering van wit- enbruingoed op. Batterijen mogen nooit worden weggegooid of verbrand, maar moeten volgens deplaatselijke voorschriften betreffende chemisch afval worden verwijderd. Op dit product en de meegeleverde accessoires, m. u. v. de batterijen is de richtlijn voorafgedankte elektrische en elektronische apparaten (WEEE) van toepassing. EN KOMMENTAR OM ÅTERVINNING:Produktens emballage är återvinningsbart och kan återanvändas. Kassera det enligtlokala återvinningsbestämmelser. När du kasserar enheten ska du göra det i överensstämmelse med lokala regler ochbestämmelser.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Denon DJ DN-X1500S stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden