Daikin FWD08ACTN6V3 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Daikin FWD08ACTN6V3 (280 pagina’s), behorend tot de categorie Airco. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 11 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over Daikin FWD08ACTN6V3 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Daikin |
| Categorie: | Airco |
| Model: | FWD08ACTN6V3 |
Handleiding Daikin FWD08ACTN6V3 – volledige tekst
NL1GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenFC66003946Rev 00Besturing voor terminalsFWECSAWARNING10011001HOUD DE GEGEVENSKABELS GESCCHEIDEN VAN DE VERMOGENKABELSVEILIGHEIDSSYMBOLEN AANDACHTIG LEZENOPGELETGEVAAR SPANNINGDO NOTPULLDO NOTFORCEALGEMENE WAARSCHUWINGENBewaar deze handleiding integraal en in goede staat gedurende de volledige levensduur van de machine.Lees alle informatie in deze handleiding aandachtig door, vooral de delen die met de opschriften “Belangrijk” en “Opgelet” zijn aangeduid; het niet naleven van de instructies kan letsels aan personen of schade aan de machine veroorzaken�Wanneer er storingen zijn, dient men deze handleiding te raadplegen, neem indien nodig contact op met het dfichtstbijzijnde assistentiecentrum van Galetti S.p.A.De installatie en onderhoudswerkzaamheden moeten door gekwalificeerd personeel worden uitgFWECSAerd, behalve indien er andere aanwijzingen in deze handleiding staan.Vooraleer een interventie op de eenheid uit te voeren, moet men de machine zonder spanning zetten.Het niet naleven van de normen vermeld in de handleiding doet de garantie onmiddellijk vervallen.Daikin S.p.A.
wijst iedere verantwoordelijkheid af voor schade voortvloeiend uit een oneigenlijk gebruik van de machine of het niet naleven van de normen vermeld in deze handleiding en aangebracht op de eenheid.Dit toestel is niet voorzien om gebruikt te worden door kinderen of door personen met fysische, sensorische of mentale handicap, zonder ervaring of onvoorbereid, die niet onder toezicht staan�Zorg ervoor dat kinderen niet bij het toestel kunnen�Controleer de staat van het toestel bij ontvangst, onderzoek of er geen schade is die te wijten kan zijn aan het transport.Raadpleeg de bijhorende technische fiches voor de installatie en het gebruik van eventuele accessoires.
FC66003946Rev 00GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenNL2FWECSABesturing voor terminalsALGEMENE KENMERKENDe FWECSA besturing is ontworpen om alle installatieterminals te besturen van het Galetti-gamma met multispeed monofase motor of gekoppeld op een inverter voor de modulatie van de snelheid. De FWECSA besturing is een systeem samengesteld uit:• Kaart I/O met daarop het voedingscircuit, het systeem met microprocessor en de connectoren (uittrekbaar met schroef) voor de aansluiting van de voorzieningen voor ingang en uitgang;• Gebruikersterminal bestaande uit grafisch display en toetsenbord (zes toetsen) voorzien van een klok en sonde om de omgevingstemperatuur te lezen.
De aansluiting tussen de kaart I/O en de gebruikersterminal gebeurt via de speciale connectoren met behulp van een kabel voor gegevensoverdracht voorzien van een koppel getwiste geleiders en met bescherming�De besturing biedt de mogelijkheid voor seriële communicatie in twee netwerktypes:• Extern supervisiesysteem oplossing: aansluiting op een extern monitoringsysteem met MODBUS RTU protocol op seriële RS485 (bijvoorbeeld het Extern supervisiesysteem Daikin systeem);• SMALL oplossing: aansluiting van meerdere FWECSA besturingen in twee mogelijke configuraties: - MASTER/SLAVE op seriële RS485 - MASTER/SLAVE op DG (Draaggolven), ook uitvoerbaar met een Extern supervisiesysteem-oplossing.
BELANGRIJKSTE FUNCTIES• Automatische of manuele variatie (selecteerbaar via toetsenbord) van de snelheid van de ventilator;• Beheer van ON/OFF of modulerende kleppen voor installaties met twee of vier leidingen;• Beheer van een elektrische weerstand voor ondersteuning in verwarming;• Omschakeling ZOMER/WINTER (= koeling/verwarming) volgens vier mogelijke werkwijzen: - manueel via toetsenbord; - manueel op afstand (via digitale ingang); - automatisch in functie van de temperatuur van het water; - automatisch in functie van de temperatuur van de lucht. • Beheer van de ontvochtigingsfunctie;• Werking met UURBUNDELS�Bovendien is het volgende voorzien:• Digitale ingang voor externe consensus (bijvoorbeeld: contact venster, ON/OFF op afstand, aanwezigheidssensor enz.
) die de werking van de eenheid kan activeren of deactiveren (logica van het contact: zie configuratieparameters kaart);• Digitale ingang voor omschakeling Koeling/Verwarming gecentraliseerd op afstand (logica het contact: zie configuratieparameters kaart);• Digitale ingang voor activering van de ECONOMY-functie op afstand (logica het contact: zie configuratieparameters kaart);• Sonde voor temperatuur van het water (accessoire), één of twee (optie in geval van systeem met 4 leidingen);• Standaard sonde voor temperatuur van de lucht van de omgeving (bevindt zich in de gebruikersterminal);• Sonde op afstand voor de temperatuur van de lucht van de omgeving (accessoire) die indien aangesloten kan worden gebruikt in plaats van de sonde die standaard in de gebruikersinterface is geïnstalleerd;• Sonde op afstand voor de relatieve vochtigheid van de lucht van de omgeving (accessoire);• Een volledig configureerbare digitale uitgang (potentiaalvrij contact).
NL3GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenFC66003946Rev 00Besturing voor terminalsFWECSAGEBRUIKERSTERMINALHet hoofdscherm is onderverdeeld in twee vensters (die hierna worden aangeduid als linker venster en rechter venster), gescheiden via een verticale scheidingslijn.
In het rechter venster staat de volgende informatie (van boven naar beneden):• aanduiding van de werkwijzeWerkwijze KOELINGWerkwijze VERWARMING• aanduiding van de status van de ventilatie• aanduiding van de SET-waarde van de temperatuur van de lucht van de omgevingAls de eenheid in OFF is, wordt het venster volledig gevuld met het opschrift OFF verticaal weergegeven. TOETSENBORDEr zijn 6 toetsen op het display; hierna wordt de basisfunctie vermeld die met elke toets is geassocieerd.
FC66003946Rev 00GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenNL4FWECSABesturing voor terminalsTOETSENCOMBINATIESSetactivering/deactivering UURBUNDELSweergave van de temperatuur van het WATER (als de sonde aanwezig is)PrgModeweergave gegevens KLOK (datum en uur)SetBLOKKERING/DEBLOKKERING toetsenbordDE EENHEID IN-/UITSCHAKELENOm de eenheid in en uit te schakelen, moet men naar het hoofdscherm gaan en hier op de toets ON/OFF drukken. Druk op de toets ON/OFF vanuit een willekeurig ander punt om snel naar het hoofdscherm terug te keren en druk de toets vervolgens opnieuw in om de eenheid in/uit te schakelen. De toets werkt niet als de werking van de uurbundels geactiveerd is (in dat geval is het symbool van de klok in het hoofdscherm zichtbaar). Raadpleeg de betreffende paragraaf om de uurbundels te activeren/deactiveren.
DE TEMPERATUURSET WIJZIGENOm de SET van de temperatuur te wijzigen, moet men naar het hoofdscherm gaan en moet de eenheid ingeschakeld zijn, daarna gaat men als volgt te werk:• druk eenmaal op de toets SET om de ingestelde waarde weer te geven (rechts onderaan op het scherm) van de temperatuurset van de lucht van de omgeving;• druk op de pijlen UP/DOWN om de ingestelde waarde van de temperatuurset van de lucht van de omgeving te wijzigen;• druk opnieuw op de toets SET om de weergegeven waarde te bevestigen en om de modus voor wijziging van de temperatuurset te verlaten.
Door op de pijlen te drukken kan men deze waarde veranderen van de ingestelde minimale limiet tot de maximale limiet (zie INSTELLINGENMENU); buiten de limieten wordt de automatische ventilatiemodus automatisch ingesteld;• wanneer het verschil tussen de gemeten temperatuur van de lucht van de omgeving en de ingestelde set begrepen is binnen 0. 5°C, wordt de ventilatie gedeactiveerd en verschijnt het opschrift STDBY;• met een druk op de toets SET kan men bevestigen/de werkwijze wijzigen verlaten en naar het hoofdscherm terugkeren;• wanneer de besturing is uitgerust met een watersonde en de gemeten temperatuur is niet voldoende om de consensus voor ventilatie te garanderen, dan wordt de ventilatie gedeactiveerd en knippert het symbool dat verwijst naar de betreffende werkwijze:Werkwijze KOELINGWerkwijze VERWARMING.
NL5GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenFC66003946Rev 00Besturing voor terminalsFWECSADE WERKWIJZE WIJZIGENDruk in het hoofdscherm op de toets MODE om de werkwijze (Koeling/Verwarming) te wijzigen. DE ECONOMY-FUNCTIE ACTIVEREN/DEACTIVERENOm de ECONOMY-functie te activeren dient men het hoofdscherm te openen. Hier:• druk op de toetsen UP/DOWN om de schermen te doorlopen tot het venster “Activering economy” verschijnt;• druk op de toets SET om naar de werkwijze wijziging te gaan;• druk op de toetsen UP/DOWN om de functie te activeren/deactiveren en druk opnieuw op de toets SET om te bevestigen;• druk op de toets ON/OFF om naar het hoofdscherm terug te keren. Als de functie geactiveerd is, is op het hoofdscherm het economy-symbool te zien.
DE INTERVENTIE VAN DE ELEKTRISCHE WEERSTANDEN ACTIVEREN/DEACTIVERENOm de interventie van de elektrische weerstanden te activeren/deactiveren (wanneer deze aanwezig en geconfigureerd zijn), moet men het hoofdscherm openen. Hier:• druk op de toetsen UP/DOWN om de schermen te doorlopen tot het venster Activering weerstanden verschijnt;• druk op de toets SET om naar de werkwijze wijziging te gaan;• druk op de toetsen UP/DOWN om de functie te activeren/deactiveren en druk opnieuw op de toets SET om te bevestigen;• druk op de toets ON/OFF om naar het hoofdscherm terug te keren. Als de elektrische weerstanden geactiveerd zijn (en correct in het CONFIGURATIEMENU zijn geconfigureerd), is het symbool van de weerstand in het hoofdscherm te zien; het symbool knippert als de weerstanden niet werken, het symbool is vast aan als de weerstanden in werking zijn.
Hier:• druk op de toetsen UP/DOWN om de schermen te doorlopen tot het venster voor activering controle minimale temperatuur verschijnt;• druk op de toets SET om naar de werkwijze wijziging te gaan;• druk op de toetsen UP/DOWN om de functie te activeren/deactiveren en druk opnieuw op de toets SET om te bevestigen;• druk op de toets ON/OFF om naar het hoofdscherm terug te keren. Als de functie geactiveerd is, is op het hoofdscherm het symbool van de minimale omgevingstemperatuur te zien. DE CONTROLE VAN DE OMGEVINGSVOCHTIGHEID ACTIVEREN/DEACTIVERENOm de controle van de omgevingsvochtigheid te activeren/deactiveren, moet men naar het hoofdscherm gaan en moet de vochtigheidssonde aanwezig zijn.
Hier: • druk op de toetsen UP/DOWN om de schermen te doorlopen tot het venster ‘Activering controle vochtigheid verschijnt;• druk op de toets SET om naar de werkwijze wijziging te gaan;• druk op de toetsen UP/DOWN om de functie te activeren/deactiveren en druk opnieuw op de toets SET om te bevestigen;• druk op de toets ON/OFF om naar het hoofdscherm terug te keren. DE VOCHTIGHEIDSSET WIJZIGENOm de setwaarde van de omgevingsvochtigheid te wijzigen, moet men het hoofdscherm openen en moet de controle van de omgevingsvochtigheid geactiveerd zijn.
FC66003946Rev 00GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenNL6FWECSABesturing voor terminalsDE UURBUNDELS ACTIVEREN/DEACTIVERENOm de uurbundels snel te activeren/deactiveren, moet men het hoofdscherm openen (met de eenheid zowel aan als uit). Druk tegelijk op de toetsen SET en PIJL DOWN. Wanneer de uurbundels geactiveerd zijn, is op het hoofdscherm het symbool van de klok te zien. DE TEMPERATUUR VAN HET WATER WEERGEVENOm de waarde van de temperatuur van het water weer te geven, moet men eerst de aanwezigheid van de sonde in het CONFIGURATIEMENU configureren. Om de temperatuurwaarde gemeten door de sonde weer te geven, moet men het hoofdscherm opene n hier tegelijk op de toetsen PIJL UP en PIJL DOWN drukken.
Als het een eenheid met 4 leidingen met 2 watertemperatuursondes betreft, kan men de twee schermen die de twee temperatuurwaarden weergeven (temperatuur koud water en temperatuur warm water) met de toetsen PIJL UP/DOWN doorlopen. HET TOETSENBORD BLOKKEREN/DEBLOKKERENDruk tegelijk pp de toetsen UP + SET + DOWN om de normale werking van de toetsen van de gebruikersterminal te blokkeren/deblokkeren. Wanneer het toetsenbord geblokkeerd is, verschijnt het symbool van de sleutel op het display. Wanneer men de stand-by modus start, is het echter mogelijk om opnieuw het hoofdscherm weer te geven door op de toets ON/OFF te drukken. UUR EN DATUM WEERGEVEN(INTERNE KLOK)Om de gegevens van de klok weer te geven moet men het hoofdscherm openen en moet de eenheid aan staan.
Druk tegelijk op de toetsen PRG en MODE: uur en datum worden 5 seconden weergegeven, daarna keert het display automatisch naar het hoofdscherm terug. Voornoemde procedure werkt niet als men als Stand-by modus (in het CONFIGURATIEMENU) “Klok” is ingesteld; in dit geval worden uur en datum immers constant op het display weergegeven na de stand-by tijd, namelijk 30 seconden nadat er geen enkele handeling op het display wordt uitgFWECSAerd.
DATUM EN UUR WIJZIGENDruk in het hoofdscherm op de toets PRG om naar het MENU te gaan, doorloop hier de schermen tot Set-up klok verschijnt en druk op SET om te openen. Wijzig de gegevens naar believen en druk telkens op SET om te bevestigen en naar het volgende gegeven te gaan. Druk ten slotte op de toets ON/OFF om naar het hoofdscherm terug te keren. DE UURBUNDELS CONFIGURERENDruk in het hoofdscherm op de toets PRG om naar het MENU te gaan, doorloop hier de schermen tot Uurbundels verschijnt en druk op SET om te openen. Met de eerste zes schermen kan men de waarden instellen van de TEMPERATUURSETS, bruikbaar tijdens de configuratie van de uurbundels, namelijk de waarden T1, T2 en T3 in modus ZOMER en in modus WINTER. Op elk ogenblik kan men op de toets MODE drukken om naar de instelling van de eigenlijke uurbundels te gaan.
Het systeem van de uurbundels is van het type volgens uur, dag en week: ieder uur van iedere dag van de week (van MAANDAG tot ZONDAG) vormt een bundel waarin de gebruiker kan kiezen of:• de ventilatieconvector in OFF is• de ventilatieconvector met setpoint T1 werkt• de ventilatieconvector met setpoint T2 werkt• de ventilatieconvector met setpoint T3 werkt1DAG (PRG om te wijzigen)2UURBUNDEL (UP/DOWN om te doorlopen)3Dag waarin te dupliceren (UP+MODE)4SET-POINT5Weergave profiel.
NL7GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenFC66003946Rev 00Besturing voor terminalsFWECSAMet de toetsen PIJL UP/DOWN kan men de 24 bundels van iedere dag van de week doorlopen; het doorlopen wordt onderaan op het display grafisch aangegeven via de schuivende cursor en tegelijk door de tekstuele aanpassing van de uurbundel bovenaan. Druk op de toets SET om de werkwijze wijziging te openen als men het attribuut (OFF, T1, T2, T3) van een bundel wil wijzigen, wijzig het attribuut met de toetsen PIJL UP/DOWN en druk opnieuw op SET om te bevestigen. Druk op PRG om naar de volgende dag van de week te gaan. Druk tegelijk op de toetsen PIJL UP en MODE om een profiel te dupliceren; de dag waarin het profiel wordt gekopieerd verschijnt: gebruik de toetsen PIJL UP/DOWN om die dag de wijzigen en bevestig met de toets SET.
MENU EN LIJSTEN PARAMETERSDruk op de toets PRG om het MENU te openen. Doorloop de verschillende submenu's van het MENU met de toetsen PIJL UP/DOWN, deze submenu's zijn in volgorde: • CONFIGURATIEMENU (toegang met password 10): zie betreffende paragraaf• INSTELLINGENMENU (toegang met password 77): zie betreffende paragraaf• MENU SET-UP KLOK (toegang zonder password): instelling datum, uur en dag van de week• MENU UURBUNDELS (toegang zonder password)• MENU NETWERK EN VERBINDING (toegang met password 20)• MENU WEERGAVE UITGANGEN: weergave van de status van de fysische uitgangen (zowel digitaal als 0-10V) van de kaart• MENU TEST UITGANGEN (toegang password 30): forcering van de fysische uitgangen (zowel digitaal als 0-10V) van de kaart• MENU INFO: weergave van informatie over de geïnstalleerde software.
FC66003946Rev 00GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenNL8FWECSABesturing voor terminalsCONFIGURATIEBEPERKINGENDe configuratie van de eenheid houdt met de volgende vereisten rekening:• indien de weerstand aanwezig is, is ook de aanwezigheid van de watersonde vereist;• indien de weerstand en ook de klep aanwezig is, moet deze klep een 3-WEGSKLEP (GEEN 2-WEGSKLEP) zijn;• indien de omschakeling Zomer/Winter op “Auto op watertemp. ” is ingesteld, is ook de aanwezigheid van de watersonde vereist;• bij terminals met 4 leidingen mag de weerstand niet aanwezig zijn;• bij terminals met 4 leidingen met één enkele watersonde mag men de omschakeling zomer/winter niet op “Auto op watertemp. ” instellen;• de omschakeling zomer/winter kan alleen op “Auto op luchttemp.
” worden ingesteld als de elektrische weerstand aanwezig is of als de eenheid met 4 leidingen isi;• Als de omschakeling ZOMER/WINTER op “Auto op watertemp. ” is ingesteld, is het niet mogelijk om een 2-wegsklep te gebruiken. De watersonde moet geïnstalleerd zijn op een punt van het hydraulische circuit met minimale circulatie.
CONFIGUREERBARE DIGITALE UITGANGDe kaart heeft een digitale uitgang (aangegeven met O7 in het elektrische schema) waarvan de status verbonden kan zijn met een van de werkingsstatussen van de eenheid die in de volgende lijst worden opgesomd:• Werkwijze• Aanvraag koeling of verwarming• Aanvraag koeling• Aanvraag verwarming• Status ON/OFF van de eenheid• Alarm aanwezig• Oproep ontvochtiging• Oproep bFWECSAchtiging• Hoge omgevingstemperatuur• Lage omgevingstemperatuur• Geen consensus water voor verwarming• Geen consensus water voor koeling• Door superviseuren selecteerbaar via de configuratieparameter “Configuratie DOUT”.
Bovendien kan men met de instelling van de volgende parameter “Logica digitale uitgang” kiezen of de status van de relais de logica moet volgen NA (normaal open) o NC (normaal gesloten). STAND-BY MODUSWanneer er 30 seconden geen enkele handeling op het toetsenbord van de gebruikersterminal wordt uitgFWECSAerd, gaat het hoofdscherm over naar de stand-by modus, die kan verschillen naargelang de instelling met de parameter “Stand-by modus”, namelijk:• Stand-by modus = Uit: het display wordt volledig donker;• Stand-by modus = Klok: het display wordt gedeeltelijk donker en toont het huidige uur en de datum;• Stand-by modus = Temperatuur: het display wordt gedeeltelijk donker en toont de omgevingstemperatuur en eventueel de vochtigheid wanneer de sonde aanwezig is.
NL9GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenFC66003946Rev 00Besturing voor terminalsFWECSAHET INSTELLINGENMENUBESCHRIJVING DEFAULTMinimum cooling SET limit 10.0 °CMaximum cooling SET limit 35.0 °CMinimum heating SET limit 5.0 °CMaximum heating SET limit 30.0 °CMinimum humidity SET limit 35%Maximum humidity SET limit 75%Humidity hysteresis 5%Offset on humidity reading 0%Minimum value of modulating ventilation 20%Maximum value of modulating ventilation 100%Air probe offset 0.0 °CWater probe offset 0.0 °CHeating water probe offset 0.0 °CEconomy Hysteresis 2.5 °CCooling water consent SET 22.0 °CCooling water consent hysteresis 5.0 °CHeating water consent SET 30.0 °CHeating water consent hysteresis 7.0 °CDehumidification water consent SET 10.0 °CDehumidification water consent hysteresis 2.0°CValve water consent SET 30 °CValve water consent hysteresis 5.0 °CHeater water consent SET 39.0 °CHeater water consent hysteresis 2.0 °CTemperature minimum control SET 9.0 °CTemperature minimum control hysteresis 1.0 °CNeutral zone 5.0 °CModulating ventilation % in standby 20% 20%Default values RESET NoHET SET-UP MENUWanneer men via het hoofddisplay op de toetsen UP/DOWN drukt, verschijnen de volgende pagina's in deze volgorde:• Activering economy-functie• Inschakeling gebruik elektrische weerstand• Activering controle minimale temperatuur• Activering controle vochtigheid• Setpoint vochtigheidWanneer het niet mogelijk is om naar de wijziging van een of meerdere submenu's te gaan, moet men eerst de betreffende configuratieparameters instellen.
Om bijvoorbeeld het gebruik van de elektrische weerstand in te schakelen, moet men eerst de aanwezigheid van deze weerstand in het menu met configuratieparameters instellen.Sommige parameters (of mogelijke waarden) van de menu's voor de configuratie, de regeling en de set-up zijn mogelijk niet beschikbaar, naargelang de gekozen parameterinstelling�
FC66003946Rev 00GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenNL10FWECSABesturing voor terminalsINSTELLINGENLOGICA'SOMSCHAKELING KOELING/VERWARMINGLEGENDESNELHEID VENTILATIEWINTERZOMERLUCHTTEMPERATUURWATERTEMPERATUUROPENING KLEPJANEEEr zijn 4 verschillende, alternatieve selectielogica's aanwezig voor de werkwijze van de thermostaat, bepaald op basis van de ingestelde configuratie op de besturing:• Lokaal: keuze door de gebruiker met de toets MODE• Afstand: in functie van de status van de digitale ingang DI1• in functie van de temperatuur van het waterWanneer er een alarm watersonde is, keert de besturing van de werkwijze tijdelijk terug naar werkwijze Lokaal�• in functie van de temperatuur van de lucht:Waarbij:• Set de temperatuur is, ingesteld met de pijltjes• ZN de neutrale zone isDe werkwijze van de thermostaat wordt op het display aangegeven via de symbolen KOELING en VERWARMING.
VENTILATIEALGEMENE ASPECTENDe besturing kan twee types ventilatie beheren:• ventilatie in stappen met een vast aantal selecteerbare snelheden (3 of 4);• modulerende ventilatie met variabele snelheid van 0% tot 100%. Het gebruik van het ene of het andere type beheer is verbonden met het type ventilator (in stappen of modulerend) die op de machine is gemonteerd. Op zijn beurt volgt de instelling in stappen twee verschillende logica's op basus van het type klep/kleppen (ON/OFF ofwel modulerend).
Samengevat zijn de logica's voor automatische instelling beheerd door de besturing (en hierna in detail beschreven) als volgt:• ventilatie in stappen met klep ON/OFF (of geen) en 3 snelheden, in werkwijze koeling en verwarming;• ventilatie in stappen met klep ON/OFF (of geen) en 4 snelheden, in werkwijze zomer en winter;• ventilatie in stappen met modulerende klep en 3 snelheden, in werkwijze zomer en winter;• ventilatie in stappen met modulerende klep en 4 snelheden, in werkwijze zomer en winter;• instelling van de modulerende ventilatie met klep ON/OFF, in werkwijze zomer en winter;• instelling van de modulerende ventilatie met modulerende klep. NATUURLIJKE CONVECTIEDoor instelling van de parameter in het configuratiemenu van de units met klep, wordt de ventilatie bij verwarming met 0,5°C vertraagd om een eerste fase van natuurlijke convectie toe te laten.
NL11GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenFC66003946Rev 00Besturing voor terminalsFWECSA• SUPERMINIMUM snelh�: alleen selecteerbaar als de eenheid van het type 2X1 (4 snelheden) is• MINIMALE snelh�• Medium SNELH�• Maximale SNELH�AUTOMATISCHE WERKING VOOR EENHEDEN MET 3 SNELHEDEN EN KLEP/KLEPPEN ON/OFF (OF GEEN):1 MINIMALE snelheid2 MEDIUM snelheid3 MAXIMALE snelheidKOELINGVERWARMINGAUTOMATISCHE WERKING VOOR EENHEDEN MET 4 SNELHEDEN EN KLEP/KLEPPEN ON/OFF (OF GEEN):1 MINIMALE snelheid2 MEDIUM snelheid3 MAXIMALE snelheidsm SUPERMINIMUM snelheidKOELINGVERWARMINGBij configuraties met 4 snelheden en klep wordt de ventilatie bij verwarming met 0�5°C vertraagd om een eerste fase van natuurlijke convectie toe te laten�AUTOMATISCHE WERKING VOOR EENHEDEN MET 3 SNELHEDEN EN MODULERENDE KLEP/KLEPPEN:S1 MINIMALE snelheid2 MEDIUM snelheid3 MAXIMALE snelheidKOELINGVERWARMINGAUTOMATISCHE WERKING VOOR EENHEDEN MET 4 SNELHEDEN EN MODULERENDE KLEP/KLEPPEN:1 MINIMALE snelheid2 MEDIUM snelheid3 MAXIMALE snelheidsm SUPERMINIMUM snelheid
FC66003946Rev 00GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenNL12FWECSABesturing voor terminalsKOELINGVERWARMINGMODULERENDE VENTILATIENet als bij de ventilatie in stappen voorziet de beheerslogica van de modulerende ventilatie twee mogelijke werkwijzen:• AUTOMATISCHE werking• werking met VASTE SNELHEIDDe selectie van het werkingspercentage gebeurt door op de toetsen UP/DOWN te drukken, terwijl de automatische ventilatie wordt geactiveerd door een ventilatiewaarde onder het minimum (20%) of boven het maximum (100%) in te stellen.
MANUELE snelheidAUTOMATISCHE snelheidGEFORCEERDE ventilatieAUTOMATISCHE WERKING VOOR EENHEDEN MET 3 OF 4 SNELHEDEN EN KLEP/KLEPPEN ON/OFF OF GEEN:KOELINGVERWARMING MET CONFIGURATIES OP 3 SNELHEDENVERWARMING MET CONFIGURATIES OP 4 SNELHEDENBij configuraties met 4 snelheden wordt de ventilatie bij verwarming met 0�5°C vertraagd om een eerste fase van natuurlijke convectie toe te laten�CONSENSUS VAN HET WATEROnafhankelijk van het aanwezige type ventilator (in stappen of modulerend) is de werking van de ventilator verbonden met de controle van de watertemperatuur van het systeem: Op basis van de werkwijze hebben we verschillende consensusdrempels bij verwarming en koeling.KOELINGVERWARMING
NL13GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenFC66003946Rev 00Besturing voor terminalsFWECSAAls er geen consensus is bij het oproepen van de thermostaat, wordt dit op het display aangeduid door het knipperen van het symbool van de actieve werkwijze Koeling en Verwarming. Deze consensus wordt genegeerd wanneer:• de watersonde niet voorzien is of bij alarm wegens losgekoppeld• bij Koeling bij configuraties met 4 leidingenFORCERINGENDe normale ventilatielogica (zowel modulerend als niet modulerend) wordt genegeerd in geval van bijzondere situaties van forceren, die nodig kunnen zijn voor de correcte controle van de temperatuur of werking van de terminal.
De volgende gevallen kunnen zich voordoen:• bij KOELING: - met besturing aan boord van de machine en configuraties met klep: de minimumsnelheid wordt beschikbaar gehouden ook als de temperatuur is bereikt - besturing aan boord en configuraties zonder klep: iedere 10 minuten stilstand van de ventilator wordt een spoeling van 2 minuten op medium snelheid uitgFWECSAerd zodat de luchtsonde de omgevingstemperatuur correcter kan meten. - als de ventilatie in stand-by ingesteld is op altijd ON, wordt de snelheid in stand gehouden eens de temperatuurinstelling bereikt is. • bij VERWARMING: - wanneer de weerstand actief us: de ventilatie wordt op medium snelheid geforceerd - wanneer de weerstand uit is: er wordt 2 minuten lang een naventilatie op medium snelheid aangehouden.
(NB: deze ventilatie wordt ook voltooid wanneer de thermostaat uit wordt gezet of als men zou overgaan naar de werkwijze koeling). - als de ventilatie in stand-by ingesteld is op altijd ON, wordt de snelheid in stand gehouden eens de temperatuurinstelling bereikt is. KLEPDe besturing kan 2-wegs of 3-wegskleppen beheren, van het type ON/OFF (dit betekent helemaal open of helemaal gesloten) of modulerend (het openen van de klep kan variëren tussen 0% en 100%).
KLEP ON/OFFHet openen van de (2- of 3-wegs) klep wordt aangestuurd in functie van de werkset en van de temperatuur van de lucht. KOELINGVERWARMINGMODULERENDE KLEPHet openen van de (2- of 3-wegs) klep wordt aangestuurd in functie van de werkset en van de temperatuur van de lucht. De logica voor instelling van het openen volgt de hierna weergegeven diagrammen. KOELINGVERWARMING MET CONFIGURATIES OP 3 SNELHEDEN.
FC66003946Rev 00GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenNL14FWECSABesturing voor terminalsVERWARMING MET CONFIGURATIES OP 4 SNELHEDENCONSENSUS VAN HET WATERDe controle van de temperatuur van het water voor de consensus tot het openen dient enkel voor configuraties met 3-wegskleppen en elektrische weerstand. Bij dergelijke configuraties wordt een controle van de watertemperatuur gedaan in geval van: • Verwarming met weerstand: de werking van de weerstand leidt tot een forcering van de ventilatie; daarom moet vermeden worden dat er eventueel te koud water in de terminal passeert:• Naventilatie te wijten aan de uitschakeling van de weerstand: blijft aangehouden tot het verstrijken van de vastgestelde tijd, ook bij verandering van werkwijze.
Tijdens deze naventilatie zal de consensus van het water samenvallen met de consensus voor de ventilatie. ELEKTRISCHE WEERSTANDACTIVERINGWanneer de elektrische weerstand op voorhand wordt ingesteld als aanwezig via de configuratieparameter en als het gebruik is ingeschakeld via de set-up parameter, dan wordt de elektrische weerstand gebruikt op aanvraag van de thermostaat op basis van de omgevingstemperatuur:De activering leidt tot een forcering van de ventilatie�CONSENSUS VAN HET WATERDe consensus voor de activering van de weerstand is verbonden met de controle van de watertemperatuur. Hierna volgt de betreffende consensuslogica:VERWARMINGDeze consensus wordt niet gegeven wanneer de watersonde niet voorzien of losgekoppeld is.
ECONOMYWanneer de Economy-functie op voorhand wordt ingesteld als aanwezig via de configuratieparameter en als het gebruik is ingeschakeld via de set-up parameter, dan voorziet de Economy-functie een correctie van de setpoint met 2. 5°C en een forcering op de beschikbare minimumsnelheid om de werking van de terminal te verminderen. • Koeling: set + 2. 5°C• Verwarming: set – 2.
5°CCONTROLE MINIMUMTEMPERATUURWanneer deze logica op voorhand wordt ingesteld als aanwezig via de configuratieparameter en als het gebruik is ingeschakeld via de set-up parameter, dan kan men wanneer de thermostaat uit is met deze logica beletten dat de omgevingstemperatuur niet onder een in te stellen drempel daalt (parameter “SET controle minimumtemperatuur”), waarbij de terminal gedurende de nodige tijd in werkwijze verwarming wordt geforceerd. Als de elektrische weerstand aanwezig is, wordt die enkel gebruikt in geval die op voorhand geselecteerd is als bron bij Verwarming.
NL15GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenFC66003946Rev 00Besturing voor terminalsFWECSAACTIVERINGWanneer deze besturing geselecteerd is, gaat de terminal aan wanneer de omgevingstemperatuur onder 9°C daalt:Eenmaal de temperatuur terug boven 10°C is gebracht, keert de thermostaat terug naar Off.Een eventueel OFF door de digitale ingang zal deze logica blokkeren�ONTVOCHTIGINGDe functie voor ontvochtiging is enkel bruikbaar in de werkwijze Koeling wanneer de aanwezigheid van de vochtigheidssonde in het configuratiemenu is ingesteld.
Deze functie voorziet om de terminal te laten werken met de bedoeling de vochtigheid in de omgeving te verminderen tot de ingestelde setpoint in de parameter van het set-up menu is bereikt.LOGICADe ventilatiesnelheid wordt op minimum geforceerd, of op de medium snelheid wanneer de temperatuur veel hoger is dan de ingestelde set:Omdat de vochtigheid op de ingestelde waarde moet worden gebracht, wordt de ventilatie (en de klep, indien aanwezig) geactiveerd, ook wanneer de omgevingstemperatuur de betreffende set (zichtbaar op het display) al heeft bereikt. Wanneer die onder deze drempel daalt, wordt deze logica tijdelijk geblokkeerd.CONSENSUS VAN HET WATERDe consensus voor de activering van de weerstand is verbonden met de controle van de watertemperatuur. Hierna volgt de betreffende consensuslogica:Wanneer er geen consensus is, wordt de functie voor ontvochtiging tijdelijk geblokkeerd.
Hetzelfde gebeurt wanner de sonde wordt losgekoppeld.Wanneer de referentiFWECSAchtigheid is bereikt of als de besturing op Off wordt gezet, wordt de ontvochtiging gedeactiveerd�ALARMENDe alarmen beheerd door de besturing zijn alarmen met betrekking tot de afwezigheid van de voorziene sondes op basis van de configuratie van de eenheid. BijgFWECSAlg zijn de mogelijke alarmen de volgende:• Alarm luchtsonde• Alarm watersonde• Alarm vochtigheidssonde
FC66003946Rev 00GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenNL16FWECSABesturing voor terminalsNETWERKEN EN VERBINDINGENAANSLUITING OP HET MONITORINGSYSTEEM (EXTERN SUPERVISIESYSTEEM OPLOSSING)De aansluiting is uitvoerbaar voor versie Extern supervisiesysteem 3�10 of hogerVia de seriële poort RS485 kan men FWECSA besturingen (tot 247) op een beheersoftware aansluiten die de standaard MODBUS RTU als communicatieprotocol gebruikt met de volgende eigenschappen:• instelbare baudrate (default: 9600)• geen pariteit• 8 databits• 1 stopbitBinnen een monitoring netwerk gedraagt iedere FWECSA bessturing zich als een SLAVE nei ten opzichte van het gecentraliseerde beheersysteem dat de MASTER van het netwerk vormt (figuur 01). Wanneer de bekabeling van het netwerk is uitgFWECSAerd, moet iedere FWECSA besturing worden geconfigureerd.
Druk op de toets PRG om het MENU te openen en open daarna het submenu “Netwerken en verbindingen” (password = 20). Stel de SETUP RS485 parameters als volgt in:• MST/SLV = “Slave via SPV”• Protocol = “Modbus”• Serieel adres = een waarde van 1 tot 255 instellen• Snelheid = instellen op basis van de vereisten van de Masterlaat de parameters SET-UP OC (MST/SLV = geen) ongewijzigd.
Lees het document “RICHTLIJNEN VOOR HET RS485 NETWERK” , beschikbaar in de downloadzone van de Daikin website, voor details over de bekabeling van het netwerk�De functies die door de besturing als SLAVE worden herkend en beheerd, zijn:CODE BESCHRIJVING01 coil status lezen02 input status lezen03 holding register lezen04 input register lezen15 coil status multiple schrijven16 holding register multiple schrijvenDe beschikbare variabelen zijn: COIL STATUS (DIGITAAL LEZEN/SCHRIJVEN)BESCHRIJVING1 besturing ON/OFF2 bediening ZOMER/WINTER3 bediening ECONOMY 4 bediening INSCHAKELING ANTIVRIES 5 bediening INSCHAKELING ELEKTRISCHE WEERSTANDEN6 bediening MAN/AUTO van de modulerende ventilatie7 inschakeling ON/OFF via MASTER8 inschakeling ECONOMY via MASTER9 inschakeling ZOMER/WINTER via MASTER10 inschakeling ANTIVRIES via MASTER11 inschakeling ELEKTRISCHE WEERSTANDEN via MASTER12 inschakeling SETPOINT via MASTER13 inschakeling LIMIETEN VAN DE SETPOINT via MASTER14 inschakeling VENTILATIESNELHEID via MASTER15 bediening TOETSENBLOKKERING 16toestemming inschakeling CONTROLE VOCHTIGHEID via MASTER17 activering CONTROLE VOCHTIGHEID18 bediening CONFIGUREERBARE DIGITALE UITGANG NO7.
FC66003946Rev 00GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenNL18FWECSABesturing voor terminals“SMALL”-NETWERK OPLOSSINGENDe “SMALL”-netwerk oplossingen vormen een netwerksysteem MASTER/SLAVE waarin één van de FWECSA besturingen de functie van MASTER vervult terwijl alle andere FWECSA beturingen van het netwerk de functie van SLAVE vervullen. Er zijn twee mogelijke uitvoeringen, elk met verschillende functionaliteiten en type verbinding:• SMALL netwerk op RS485• SMALL netwerk op DRAAGGOLVENSMALL NETWERK OP RS485In dit geval gebeurt de verbinding via de bus RS485, die bestaat uit een afgeschermde gegevenskabel, getwist met 2 geleiders (figuur 02).
Lees het document “RICHTLIJNEN VOOR HET RS485 NETWERK” , beschikbaar in de downloadzone van de Daikin website, voor details over de bekabeling van het netwerk�De MASTER-besturing stuurt de volgende instellingen naar de SLAVE-besturingen:• Werkwijze: (KOELING of VERWARMING);• Status ON/OFF van de besturing: alle SLAVE-besturingen passen zich aan de status ON/OFF van de MASTER-besturing aan;• Inschakeling van de controle van de minimale omgevingstemperatuur;• SET omgevingstemperatuur;of (op basis van de parameter “Controle temperatuur via MASTER” in het menu “Netwerken en verbindingen”):• Limieten voor de wijziging van de SET van de omgevingstemperatuur (zowel ZOMER als WINTER): de variatie van de SET is op iedere SLAVE besturing toegestaan met een delta van ± 2°C rond de waarde van de ingestelde SET op de MASTER besturing.
Iedere SLAVE besturing behoudt autonomie in het beheer van de snelheid van de ventilatie, in de activering van de ECONOMY-functie en in de instelling van de waarde van de SET (met de hierboven beschreven beperkingen). Bij dit type netwerk is de aanwezigheid van een monitoringnetwerk (Extern supervisiesysteem oplossing) niet mogelijk omdat de seriële poorten RS485 van alle besturingen (zowel de MASTER als de SLAVES) al bezet zijn voor de uitvoering van het SMALL-netwerk. Wanneer de bekabeling van het netwerk is uitgFWECSAerd, moet iedere FWECSA besturing worden geconfigureerd. Druk op de toets PRG om het MENU te openen en open daarna het submenu “Netwerken en verbindingen” (password = 20).
Stel de SETUP RS485 parameters als volgt in:• MST/SLV = “Master” instellen op de FWECSA besturing die de MASTER van het netwerk vormt, “Lokale Slave” instellen op alle FWECSA besturingen die de SLAVES van het netwerk vormen. • Protocol = “Modbus”• Serieel adres = stel een waarde van 1 tot 255 alleen op de SLAVE besturingen in. • Snelheid = niet wijzigen (9600)Laat de parameters SET-UP OC (MST/SLV = geen) ongewijzigd. SMALL NETWERK OP DRAAGGOLVENMet dit type configuratie kan men tot maximum 32 hydronische eenheden via één enkele gebruikersterminal controleren. De verbinding gebeurt via een bus OC, die bestaat uit een afgeschermde gegevenskabel, getwist met 2 geleiders (figuur 03). In dit geval legt de MASTER besturing (moment per moment) een identieke werking aan de werking van de MASTER besturing op aan alle SLAVE besturingen die op het netwerk zijn aangesloten.
NL19GEBRUIKSHANDLEIDINGDe reproductie van deze handleiding, ook gedeeltelijk, is streng verbodenFC66003946Rev 00Besturing voor terminalsFWECSAnetwerk worden aangesloten. Vooraleer de aansluiting van de I/O-kaarten op het netwerk uit te voeren, moet men iedere kaart configureren. Sluit de gebruikersterminal op iedere I/O-kaart aan. Druk op de toets PRG om het MENU te openen en open daarna het submenu “Netwerken en verbindingen” (password = 20). Stel de SETUP OC parameters als volgt in:• MST/SLV = “Master” instellen op de I/O-kaart die de MASTER van het netwerk vormt en “Slave” instellen op alle SLAVES van het netwerk. • Serieel adres = stel een waarde van 2 tot 34 op de SLAVE besturingen in. Nu kan men alle I/O-kaarten op het netwerk aansluiten.
Wanneer de kaart als SLAVE is ingesteld, kan die niet meer met een gebruikersterminal communiceren� Wanneer het nodig is om de instellingen ervan te wijzigen, is het daarom noodzakelijk om een RESET aan de hand van de volgende procedure uit te voeren: ontkoppel de kaart van het netwerk, houd de kaart gFWECSAed en breng de digitale ingang 10 (klemmen I10 en IC) gedurende 15 seconden in kortsluiting�Alle hydronische terminals (dus zowel de MASTER als de SLAVES) aangesloten op het netwerk moeten dezelfde configuratie hebben�GEMENGD NETWERKHet SMALL-netwerk op DRAAGGOLVEN kan ook worden gekoppeld met een monitoringnetwerk (Extern supervisiesysteem of SMALL oplossing) op RS485 via de seriële poort RS485 van de MASTER besturing, waardoor een zogenaamd GEMENGD NETWERK wordt verkregen.
In figuur 04 staat het schema van het gemengde netwerk, bestaande uit het SMALL-netwerk op DRAAGGOLVEN gecombineerd met een monitoringnetwerk. SAMENVATTINGSTABEL PARAMETERSEXTERN SIESYSTEEMBMSSMALL RS485SMALLOCNetwerkGemengdRS485MST/SLV Slave via SPVFWECSA Master: Master-FWECSA Master: MasterFWECSA Slave: Slave via SPVFWECSA Slave: Slave via SPVProtocol Modbus Modbus - ModbusSerieel adres 1.
omgevingstemperatuur: 105°CMicro-onderbrekingIngangen Temperatuursondes NTCActieve sondes 0-5VPotentiaalvrije contacten (digitale ingangen)Temperatuursondes Sondes NTC 10K Ohm @25°C Bereik -25-100°CVochtigheidssonde Sonde van het resistente typeBereik 20-90%RBMax� doorsnede kabels voor klemmen1,5 mm2Vervuilingsgraad Graad IICategorie weerstand tegen warmte/brandCategorie DCategorie overspanningCategorie IIEMC conformiteitsnormenEN 61000-6-1(2007)EN 61000-6-3(2007) + A1(2011)INSTALLATIE EN ONDERHOUDHierna worden de procedures beschreven voor installatie van de gebruikersinterface, van de vermogenkaart en van de sondes, met specifieke instructies voor de afzonderlijke hydronische terminals van het Daikin-gamma.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Daikin FWD08ACTN6V3 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Airco Daikin
Handleiding Airco
Nieuwste handleidingen voor Airco