Canon PowerShot GOLF Handleiding

Canon Bewakingscamera PowerShot GOLF

Bekijk gratis de handleiding van Canon PowerShot GOLF (99 pagina’s), behorend tot de categorie Bewakingscamera. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 38 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Canon PowerShot GOLF of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/99
1
Uitgebreide gebruikershandleiding
Deze handleiding is voor de PowerShot GOLF waarop
firmwareversie 1.0.0 of hoger is geïnstalleerd.
D
CV035197799_1.0 © CANON INC. 2024

Beoordeel deze handleiding

4.8/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Canon
Categorie: Bewakingscamera
Model: PowerShot GOLF

Handleiding Canon PowerShot GOLF – volledige tekst

4InleidingLees dit voordat u begintDit product is een laserafstandsmeter met een camera.Om problemen en ongevallen bij het gebruik te voorkomen lees eerst de Veiligheidsmaatregelen en Voorzorgsmaatregelen voor hantering. Lees ook deze Uitgebreide gebruikershandleiding zorgvuldig door om zeker te weten dat u de afstandsmeter op de juiste manier gebruikt.Maak enkele testopnamen en zorg dat u bekend bent met de productaansprakelijkheid.Speel na de opname beelden af en controleer of ze correct zijn opgenomen. Als de afstandsmeter of geheugenkaart defect is en de beelden niet kunnen worden opgenomen of gedownload naar een computer, is Canon niet aansprakelijk voor eventueel verlies of veroorzaakt ongemak.AuteursrechtenNiet-geautoriseerd openbaar gebruik van beelden die met de afstandsmeter zijn vastgelegd die onderwerpen bevatten waarop auteursrechten rusten, is mogelijk bij wet verboden.

Houd er ook rekening mee dat bij bepaalde openbare optredens, tentoonstellingen enzovoort fotografie soms zelfs voor privédoeleinden verboden is.FirmwareversieWerk de firmware bij door de nieuwste versie te downloaden van de website van Canon. Wanneer u de firmware bijwerkt, wordt de afstandsmeter automatisch uitgeschakeld.Andere apparaten aansluitenGebruik in combinatie met originele Canon-accessoires wordt aanbevolen wanneer u de afstandsmeter op een computer of ander apparaat aansluit. Gebruik van kabels die niet langer zijn dan 1 m wordt aanbevolen.• Inhoud van de verpakking• Instructiehandleidingen• Stappen om de afstandsmeter direct te gebruiken• Over deze handleiding• Geheugenkaarten en compatibiliteit• Veiligheidsmaatregelen• Voorzorgsmaatregelen voor hantering• De afstandsmeter begrijpen• Namen van onderdelen

5Inhoud van de verpakkingControleer voorafgaand aan gebruik of de volgende onderdelen in de verpakking aanwezig zijn. Neem als er iets ontbreekt, contact op met uw leverancier.DraagtasAfstandsmeter Een geheugenkaart ( ) wordt niet bijgeleverd. De accu is in de afstandsmeter ingebouwd. Zorg dat u deze onderdelen niet kwijtraakt.Let opDe transmissiesnelheid met de interfacekabel is gelijk aan Hi-Speed- USB (USB 2.0).

6InstructiehandleidingenDe instructiehandleiding, waarin de functies van de afstandsmeter worden beschreven en instructies worden gegeven tot aan het inschakelen van de afstandsmeter, wordt bij de afstandsmeter geleverd. Uitgebreide gebruikershandleiding Volledige instructies staan in deze Uitgebreide gebruikershandleiding. Raadpleeg de volgende website voor de nieuwste Uitgebreide gebruikershandleiding. https://cam.start.canon/C019/

97. Bekijk het beeld. Als u het vastgelegde beeld wilt weergeven, houdt u de knop < > enkele seconden ingedrukt of gebruikt u het menu [ : Afspelen] ( ).6. Stel scherp op het onderwerp ( ). Tijdens het opnemen, zet u de laserafstandschakelaar < > op . Tijdens het opnemen en de afstandsmeting, zet u de laserafstandschakelaar < > op . Kijk door de zoeker en centreer het onderwerp op het scherm. Druk de ontspanknop half in. De afstandsmeter stelt scherp op het onderwerp. Druk de ontspanknop helemaal in om de opname te maken.

10Over deze handleiding Pictogrammen in deze handleiding Basisveronderstellingen voor bedieningsinstructies en voorbeeldfoto'sPictogrammen in deze handleidingDuidt de instelknop aan. Bij verwijzing naar knoppen of instelposities worden in deze handleiding altijd dezelfde pictogrammen of weergave-items gebruikt die op de afstandsmeterknoppen en in de zoeker worden aangetroffen.Koppelingen naar pagina's met gerelateerde onderwerpen.Waarschuwing om opnameproblemen te voorkomen.Aanvullende informatie.Basisveronderstellingen voor bedieningsinstructies en voorbeeldfoto's Instructies gelden voor de afstandsmeter wanneer deze is ingeschakeld (). Er wordt verondersteld dat alle menu-instellingen op de standaardwaarden zijn gezet. Voorbeeldfoto's in deze handleiding zijn uitsluitend ter illustratie.

11Geheugenkaarten en compatibiliteitIn deze handleiding worden alle ondersteunde geheugenkaarten gewoon aangeduid als “de kaart”.De volgende kaarten kunnen met de afstandsmeter worden gebruikt, ongeacht de capaciteit. Als de kaart nieuw is of eerder geformatteerd (geïnitialiseerd) is geweest op een andere camera of computer, dient u de kaart met deze afstandsmeter te formatteren (). microSD-/ microSDHC-/microSDXC-geheugenkaarten*Compatibel met UHS-I.Kaarten waarop videos kunnen worden opgenomenGebruik voor het opnemen van videos een kaart met ruim voldoende prestaties (schrijf- en leessnelheden snel genoeg) voor de video-opnamekwaliteit ().

12VeiligheidsmaatregelenZorg dat u deze veiligheidsmaatregelen leest om het product veilig te kunnen gebruiken. Houd u aan deze veiligheidsmaatregelen om te voorkomen dat de gebruiker van het product of anderen verwondingen of letsel oplopen. WAARSCHUWING: Hiermee wordt gewezen op ● Houd het product buiten bereik van jonge kinderen. Een draagriem rond de nek van een persoon wikkelen kan leiden tot verwurging. De onderdelen of geleverde items van de afstandsmeter of accessoires zijn gevaarlijk als u ze inslikt. Als u ze inslikt, moet u onmiddellijk medische hulp inroepen. ● Gebruik alleen stroombronnen waarvan in deze gebruiksaanwijzing wordt aangegeven dat ze bedoeld zijn voor gebruik met dit product. ● Demonteer of wijzig het product niet. ● Stel het product niet bloot aan harde schokken of trillingen. ● Raak geen blootgelegde interne onderdelen aan.

● Stop onmiddellijk met het gebruik van het product in geval van vreemde omstandigheden, zoals de aanwezigheid van rook of een vreemde geur. ● Gebruik geen organische oplosmiddelen zoals alcohol, wasbenzine of verfverdunner om het product schoon te maken. ● Maak het product niet nat. Stop geen vreemde voorwerpen of vloeistoff en in het product. ● Gebruik het product niet waar mogelijk ontvlambare gassen aanwezig zijn. Dit kan een elektrische schok, explosie of brand veroorzaken. ● Raak het product niet aan tijdens onweer als de stekker in het stopcontact zit. Dit kan een elektrische schok veroorzaken. ● Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht wanneer u een batterijlader of voedingsadapter gebruikt. ● Verwijder regelmatig met een droge doek eventueel stof dat zich op de stekker en het stopcontact ophoopt.

● Steek de stekker van het product niet met natte handen in het stopcontact en haal de stekker niet met natte handen uit het stopcontact. ● Gebruik het product niet als de stekker niet volledig in het stopcontact is gestoken.

13● Wikkel het product tijdens gebruik of kort na gebruik, wanneer het product nog steeds warm is, niet in doeken of andere materialen.● Laat het product niet gedurende lange tijd aangesloten blijven op een stroombron.● Laad batterijen niet op bij temperaturen buiten het bereik van 5-40 °C (41-104 °F).Dit kan een elektrische schok, explosie of brand veroorzaken.● Laat het product tijdens gebruik niet langdurig in contact komen met hetzelfde gedeelte van de huid.Zelfs als het product niet warm aanvoelt, kan dit leiden tot eerstegraads verbrandingen, zoals een rode huid of blaren.● Volg aanwijzingen op om het gebruik uit te schakelen op locaties waar het gebruik ervan verboden is.Als u dit niet doet kunt u storingen in andere apparatuur veroorzaken als gevolg van elektromagnetische golven.

Dit kan zelfs ongelukken veroorzaken.Dit product gebruik een laser die onzichtbaar is voor het blote oog.Hoewel een veiligheidslaser werd gebruikt, is het belangrijk om rekening te houden met het volgende:● Kijk niet direct in de laserstraal of in de lens die laserstralen uitzendt.Anders kan dit leiden tot blindheid en minder gezichtsvermogen.● Schijn niet met een laserstraal in de ogen van personen.● Schijn niet op mensen.● Wanneer de laserafstandsmeter niet wordt gebruikt, zet u de schakelaar < > op OFF (UIT).Om het per ongeluk uitzenden van laserstralen te voorkomen.● Plaats het product buiten het bereik van kinderen.● Gebruik dit niet binnen het bereik van kinderen.● Laat geen kinderen spelen met de laserafstandsmeter.Anders kunnen ze letsels oplopen.

14 LET OP: Volg onderstaande aanwijzingen op die aanzetten tot voorzichtigheid. Als u dat niet doet, kan dit resulteren in letsel of beschadiging van eigendommen.● Kijk niet langdurig door de zoeker.Dit kan symptomen veroorzaken die vergelijkbaar zijn met wagenziekte. Stop in dat geval onmiddellijk met het gebruik van het product.● Laat het product niet achter op locaties die worden blootgesteld aan extreem hoge of lage temperaturen.Het product kan extreem heet/koud worden en brandwonden of letsel veroorzaken wanneer het wordt aangeraakt.● De draagriem is alleen bedoeld voor gebruik op het lichaam. Wanneer u de draagriem met een bevestigd product aan een haak of ander voorwerp hangt, kan het product beschadigd raken.

Schud daarnaast niet met het product en stel product niet bloot aan harde schokken.● Oefen geen sterke druk uit op de lens en voorkom dat voorwerpen de lens raken.Dit kan letsel of schade aan het product veroorzaken.● Bij huidirritatie of een abnormale huidreactie, tijdens of na gebruik van dit product, stop dan met het gebruik en raadpleeg een arts.● Raak de kaart niet onmiddellijk na langdurig gebruik aan.De kaart kan heet zijn en brandwonden veroorzaken.● Raak tijdens gebruik de aansluiting of het omliggende gebied niet aan gedurende een langere tijd als het klepje van de aansluiting open staat.Hierdoor kunnen koude-brandwonden ontstaan.● Richt het oculair niet naar zonlicht.Als u het oculair scherpstelt, kan het displaygedeelte van het oculair van de zoeker beschadigd raken.

15Voorzorgsmaatregelen voor hanteringOnderhoud van de afstandsmeter● Deze afstandsmeter is een precisie-instrument. Laat de afstandsmeter niet vallen en stel deze ook niet bloot aan fysieke schokken. ● De afstandsmeter is niet waterdicht en kan niet onder water worden gebruikt. Neem als de afstandsmeter nat wordt direct contact op met een Canon Service Center. Veeg waterdruppels met een schone, droge doek af en veeg de afstandsmeter, als deze aan zoute lucht is blootgesteld, af met een schone, goed uitgewrongen natte doek. ● Als er water op de afstandsmeter komt, veegt u dat af met een schone, droge doek. Als er vuil, stof of zout op de afstandsmeter komt, veegt u het af met een schone, goed uitgewrongen natte doek. ● Gebruik van de afstandsmeter in locaties met veel stof of vuil kan tot schade leiden. ● Het verdient aanbeveling de afstandsmeter na gebruik te reinigen.

Wanneer vuil, stof, water of zout op de afstandsmeter blijft zitten, kan dit tot storingen leiden. ● Laat de afstandsmeter nooit in de buurt liggen van een voorwerp met een sterk magnetische veld, zoals een magneet of elektromotor. Gebruik de afstandsmeter ook niet in de buurt van iets dat sterke radiogolven uitstraalt, zoals een grote antenne, en laat de afstandsmeter daar ook niet in de buurt liggen. Sterke magnetische velden kunnen tot storingen in de afstandsmeter leiden of beeldgegevens vernietigen. ● Laat de afstandsmeter niet in een omgeving met zeer hoge temperaturen liggen, zoals in een auto in de volle zon. Hoge temperaturen kunnen tot storingen in de afstandsmeter leiden. ● Deze afstandsmeter bevat elektronische precisiecircuits. Probeer de afstandsmeter nooit zelf te demonteren.

U voorkomt condens door de afstandsmeter eerst in een gesloten plastic zak te stoppen en deze te laten wennen aan de hogere temperatuur voordat u deze uit de zak haalt. ● Als zich condens vormt op de afstandsmeter, mag u de afstandsmeter niet gebruiken en de kaart niet verwijderen, om schade te voorkomen. Schakel de afstandsmeter uit en wacht totdat het vocht volledig verdampt is voordat u de afstandsmeter weer gaat gebruiken. Zelfs nadat de afstandsmeter helemaal droog is, dient u de kaart niet te verwijderen als deze inwendig nog koud is. Wacht hiermee tot de afstandsmeter aan de omgevingstemperatuur gewend is geraakt. ● Als de afstandsmeter voor een langere periode niet wordt gebruikt, bewaart u deze op een koele, droge, goed-geventileerde plaats.

Zelfs wanneer de afstandsmeter is opgeborgen, dient u soms enkele keren op de ontspanknop te drukken om te controleren of de afstandsmeter nog werkt. ● Bewaar de afstandsmeter niet in een locatie met chemicaliën die roest en corrosie kunnen veroorzaken, zoals in een chemisch laboratorium.

16● Als de afstandsmeter langere tijd niet is gebruikt, dient u alle functies te testen voordat u deze gaat gebruiken. Als u de afstandsmeter enige tijd niet hebt gebruikt of er belangrijke opnamen moeten worden gemaakt, zoals bij een reis in het buitenland, dient u de afstandsmeter te laten controleren door uw dichtstbijzijnde Canon Service Center of de afstandsmeter zelf te controleren om te zien of deze goed werkt.● De afstandsmeter kan warm worden na herhaalde continue opnamen of foto-/filmopnamen over een langere periode.

Dit is geen storing.● Als zich een felle lichtbron binnen of buiten het beeldgebied bevindt, kan ghosting optreden.Zoeker● Hoewel de zoeker onder productieomstandigheden met extreem hoge precisie wordt gefabriceerd en meer dan 99,99% van de pixels aan de ontwerpspecificaties voldoen, kunnen 0,01% of minder pixels defect zijn of als rode of zwarte punten worden weergegeven. Dit is geen schade. Deze pixels zijn niet van invloed op de opgenomen beelden.KaartenLet op het volgende om de kaart en de op de kaart opgenomen gegevens te beschermen:● Laat de kaart niet vallen, buig de kaart niet en zorg dat de kaart niet nat wordt.

Stel de kaart niet bloot aan bovenmatige krachten, fysieke schokken of trillingen.● Raak de elektronische contactpunten van de kaart niet met uw vingers of metalen voorwerpen aan.● Plak geen stickers of iets anders op de kaart.● Bewaar en gebruik de kaart niet in de buurt van voorwerpen met een sterk magnetisch veld, zoals een televisie, luidsprekers of magneten. Vermijd ook plekken die vatbaar zijn voor statische elektriciteit.● Laat de kaart niet liggen in direct zonlicht of in de buurt van een warmtebron.● Bewaar de kaart in een doosje.● Bewaar de kaart niet op hete, stoffige of vochtige locaties.

De resultaten van de laserreflectie en meting kunnen verschillen, afhankelijk van het weer, de omgevingsomstandigheden, de doelreflectie, de grootte van het doel, de afwerking van het oppervlak, en meer.De volgende externe factoren kunnen fouten of defecten in de afstandmeting veroorzaken:● Sneeuw, regenachtige of nevelige dagen.● Het doel is klein of uitgerekt.● Het doel is zwart of donker.● Het doel heeft een egaal oppervlak.● Het doel beweegt of trilt.● Wanneer dit wordt gebruikt om het wateroppervlak te meten.● Het doel wordt gemeten door glas.● Het doel is van glas of heeft een gespiegeld oppervlak.● De invalshoek tussen de laser en het reflecterende oppervlak van het doel, is een schuine hoek.Hoofdprestaties● Het nabijheid prioriteitalgoritme wordt toegepast om de afstand tot het doel eenvoudig te meten.● Wanneer er twee doelen voor en na de meting zijn, licht het vergrendelingssymbool van de vlaggenstok (symbool voor prioriteit nabijheidsmeting) op en wordt de afstand tot het dichtstbijzijnde doel weergegeven.● 6x oculairs met één cilinder met coating in meerdere lagen.● Brede oculairs voor een comfortabele observatie.● Wanneer in de golfmodus (standaardinstellingen), de hellingsfunctie is ingeschakeld, kan dit de afstand meten tot de positie van de vlaggenstok langs de helling (horizontale afstand ± hoogte), wat geschikt is voor de golfsport.● Continu meten: druk de knop < > halverwege in (tot circa 8 seconden) om de continue meetfunctie te starten ● Waterdicht: niet bedoeld voor gebruik onder water.Over het meetresultaatDe meetresultaten van dit instrument kunnen niet als officieel bewijs worden gebruikt.De afstandsmeter begrijpen

18Over de SLOPE-functie● Als u een laserafstandsmeter gebruikt in een wedstrijd, is het nodig om de competitieregels vooraf te controleren om zeker te zijn dat het gebruik van afstandsmetingen met correctie van de hellingshoek is toegelaten. Als de meting verboden is, zet u de hellingsfunctie op . Laserafstandsmetingen meten afstanden in een rechte lijn.● Als de (hellingsfunctie) is ingesteld op , zal de indicator voor de functie blauw knipperen als de afstandsmeting met aangepaste SLOPE niet is geactiveerd.● Als de hellingsfunctie is ingesteld op , kunnen het vastgelegde beeld, de weergavefunctie en het verwijderen van beelden niet worden gebruikt.

19Namen van onderdelen(1)(2)(3)(4)(5)(6)(7)(8)(9)(10)(11)(12)(13)(14)(15)(16)(17)(18)(1) < > poort (10)< > Aan/Uit-afstandsmeter/ontspanknop(2) Kaartsleuf < > (11) Dioptrie-instelwiel(3)< > Laserafstandsmeter schakelaar(12) Klepje voor kaart/aansluiting(4)Hellingfunctie indicatorlampje (slope)(13) Polsriem bevestiging(5) Microfoon (14) Sensor van zoeker(6) Ontvangstlens (15)< > video opname/omlaag/rechts knop(7) Zendoptiek (16) < >Zoom/omhoog/links knop(8) Lens (17) Indicatielampje(9) < > menuknop (18) Digitale zoekerOpmerking(1) De vorm van de digitale terminal is een Type-C-stekker. De Canon-interfacekabel IFC-100U (afzonderlijk verkrijgbaar) is aanbevolen. Gebruik van kabels die niet langer zijn dan 1 m wordt aanbevolen.(13) De Canon polsriem WS-800 (afzonderlijk verkrijgbaar) is aanbevolen.

21De afstandsmeter opladen● Laad de afstandsmeter op door de digitale aansluiting van de afstandsmeter aan te sluiten op een oplader (los verkrijgbaar).● Nadat het opladen begint, wordt het indicatielampje oranje.● Het indicatielampje gaat uit nadat het opladen is voltooid.● Het opladen van de afstandsmeter wanneer deze helemaal leeg is kost ongeveer 2 uur bij kamertemperatuur (23°C).

De vereiste tijd voor het opladen van de accu varieert aanzienlijk afhankelijk van de omgevingstemperatuur en de resterende capaciteit van de accu.● Voor uw veiligheid duurt het opladen bij lage temperaturen (5–10°C) en hoge temperaturen (35°C) langer.● De afstandsmeter kan worden gebruikt terwijl deze is aangesloten en wordt opgeladen.Let opHet opladen en van stroom voorzien kan stoppen wanneer de afstandsmeter heet wordt.OpmerkingWe raden aan om de PD-E1 USB-voedingsadapter (apart verkrijgbaar) te gebruiken om stroom te leveren en het product op te laden. Als alternatief kunt u een voedingsadapter gebruiken met een uitgangsspanning/stroom: 5V gelijkstroom/1,0 A of meer.Periodiek opladen van de batterij wordt aanbevolen om de prestaties te behouden.● De afstandsmeter is niet volledig opgeladen wanneer u deze ontvangt.

Laad de accu op voorafgaand aan gebruik.● Laad de afstandsmeter op de dag waarop u deze gebruikt of de dag ervoor op. De ingebouwde accu loopt geleidelijk leeg, zelfs als deze niet wordt gebruikt.● Gebruik de afstandsmeter bij een temperatuur van 0–35°C. Gebruik voor optimale prestaties de afstandsmeter bij een omgevingstemperatuur van 0–35°C. Bij lagere temperaturen kunnen de prestaties en de levensduur van de ingebouwde accu tijdelijk afnemen.

22 Plaatsen VerwijderenLet opHet gebruik van andere geheugenkaarten dan microSD-/microSDHC-/microSDXC kaarten wordt niet ondersteund.OpmerkingHet aantal beschikbare opnamen varieert, afhankelijk van de vrije ruimte op de kaart.Bevestig het klepje van de kaart/aansluiting weer zoals hieronder afgebeeld in het geval deze eraf is gekomen.Plaatsen1. Open de kap. Nadat het klepje van de kaart/aansluiting geopend is, klapt u het naar rechts.Kaarten plaatsen/verwijderen

24Verwijderen1. Open de kap. Schakel de afstandsmeter uit (). Nadat u zich ervan verzekerd hebt dat het indicatielampje uit is, opent u het klepje en klapt u het naar rechts.2. Verwijder de kaart. Druk de kaart in om deze uit te werpen. Trek de kaart recht naar buiten en sluit vervolgens het klepje.Let opEen brandend indicatielampje duidt aan dat de afstandsmeter schrijft naar, leest van, wist van of gegevens overbrengt naar de kaart. Open op dit moment het klepje voor de kaart/aansluiting niet. Voer nooit een van de volgende handelingen uit terwijl het indicatielampje brandt, om te voorkomen dat beeldgegevens of kaarten of de afstandsmeter beschadigd raken.• De kaart verwijderen• De afstandsmeter schudden of er tegenaan slaanAls er een kaartgerelateerde foutmelding in de zoeker verschijnt, verwijdert u de kaart en plaatst u deze weer terug.

Gebruik als de fout zich blijft voordoen, een andere kaart.Als u beelden op de kaart naar een computer overdraagt, brengt u alle beelden over en formatteert u de kaart vervolgens met de afstandsmeter (). Dan kan de kaart terugkeren naar normaal.

25De afstandsmeter inschakelen De datum, tijd en tijdzone instellen De interfacetaal wijzigen Druk op de knop < > om de afstandsmeter in te schakelen. Druk tegelijkertijd de knoppen < > en < > gedurende enkele seconden in om de stroom uit te schakelen.OpmerkingIn de begininstellingen, is [Uitschakelen] ingesteld op "5 seconden". Wanneer de laserafstandsmeter niet in gebruik is, wordt deze automatisch uitgeschakeld na 5 seconden. U kunt de automatische uitschakeltijd wijzigen. ()Wanneer uw gezicht dichtbij de sensor van de digitale zoeker is, stopt de timerfunctie voor automatisch uitschakelen. Wanneer uw gezicht van de sensor weggaat, wordt de timerfunctie voor automatisch uitschakelen opnieuw opgestart en wordt u dit gemeld door een knipperende indicator.

Wanneer de timerfunctie voor automatisch uitschakelen de ingesteld tijd bereikt, schakelt de voeding atuomatisch uit en dooft de knipperende indicator.Als uw gezicht tijdens de timing van de timer voor automatisch uitschakelen, dicht bij de zoeker is of als uw hand zich op de zoeker bevindt, stopt de timerfunctie voor automatisch uitschakelen , zal de bereikzoeker niet uitschakelen en zal de knipperende indicator uitschakelen.Wanneer u de afstandsmeter opslaat in de koffer, moet u controleren of het knipperende lampje en de voeding zijn uitgeschakeld.

Als het indicatorlampje nog steeds knippert, wordt de zoeksensor verborgen en kan de voeding niet worden uitgeschakeld, zolang de afstandsmeter leeg is.De datum, tijd en tijdzone instellenAls het scherm met datum/tijd/zone wordt weergegeven wanneer u de afstandsmeter inschakelt, raadpleegt u Datum/tijd/zone.De interfacetaal wijzigenAls u de interfacetaal wilt wijzigen, raadpleegt u Taal.

28De afstandsmeter vasthouden voor opnamen Houd de afstandsmeter stevig vast met uw vingers er omheen. Laat uw wijsvinger licht rusten op de knop < >. Bedien de knop < >/< > met uw duim.De afstandsmeter stevig vasthouden voor opnamen Houd de afstandsmeter stevig vast met uw vingers er omheen. Ondersteun de afstandsmeter aan de onderkant met uw andere hand. Laat uw wijsvinger licht rusten op de knop < >. Bedien de knop < >/< > met uw duim. Laat uw armen en ellebogen licht tegen de voorkant van uw lichaam rusten. Houd de afstandsmeter bij uw gezicht en kijk door de zoeker.OpmerkingU kunt de afstandsmeter in een van beide handen houden en met een van beide ogen door de zoeker kijken.

30Knop Sluiter ▪ afstandsmeterDe ontspanknop kent twee stappen. U kunt de ontspanknop half indrukken. Vervolgens kunt u de ontspanknop helemaal indrukken.Half indrukken Hiermee activeert u de automatische scherpstelling. ( ) Voor afstandsmeter. ( )Helemaal indrukken (voor het maken van foto's)Met deze handeling neemt u op. Afstandsmeterbeweging voorkomen• Houd de afstandsmeter stil, zoals weergegeven onder Afstandsmeter vasthouden.• Bij het maken van foto's drukt u de ontspanknop half in om scherp te stellen en drukt u de ontspanknop vervolgens langzaam helemaal in.

343. Selecteer een optie. Druk op de knop < > of < > om een optie te selecteren. De huidige instelling wordt in blauw aangeduid.4. Stel de optie in. Druk op < > om deze in te stellen.5. Sluit de instelling af. Druk op de knop < >.OpmerkingBij de beschrijving van menufuncties wordt hierna verondersteld dat u op de knop < > hebt gedrukt om het menuscherm weer te geven.Druk op de knop < > om de bewerking te annuleren.

36De afstandsmeter gebruikenFunctie Prioriteit voor het dichtstbijzijnde doel Wanneer overlappende objecten worden gemeten, toont het nabijheid prioriteitsalgoritme de afstand tot het dichtstbijzijnde doel. Melding voor meting van de prioriteit van het dichtstbijzijnde doel Wanneer u overlappende doelen meet, zoals wanneer er een vlaggenstok voor de bomen staat, zal de digitale zoeker de afstand tot het dichtstbijzijnde doel (vlaggenstok) weergeven en het vergrendelingsteken van de vlaggenstok (opnamemarkering nabijheid prioriteit) zal oplichten in de zoeker. Enkele meting ( ): wanneer overlappende objecten worden gemeten en de afstand tot het dichtstbijzijnde doel wordt weergegeven, verschijnt het symbool van de vlaggenstok .

Continue meting ( ): Wanneer de afstand tot het dichterbij gelegen object opnieuw wordt gemeten vanaf de weergegeven afstand, verschijnt het vlaggenstoksymbool .Het nabijheid prioriteitssymbool licht op

37AfstandsmetingVoorzorgsmaatregelen: als u de instructies hierin niet naleeft voor het beheren, aanpassen of bedienen van dit product, kan de laserstraling een negatief effect hebben of uw gezondheid beschadigen.Zorg dat u het "scherm Menu" raadpleegt om het menu te bevestigen en de instellingen te wijzigen vóór het meten.1. Druk de knop < > volledig in om de voeding in te schakelen. Zet de laserafstandsmeter schakelaar < > op < >. Draai aan het dioptrie-instelwiel naar links of rechts totdat het zicht helder en scherp is.2. Richt op het doel. Plaats het doel in het midden van de dradenkruis.Dradenkruis

383. Duw de < > knop half in om de afstand te meten. De afstand wordt weergegeven op het scherm. Na de meting blijven de meetresultaten weergegeven tot de voeding automatisch wordt uitgeschakeld. Druk de knop < > volledig in om de voeding in te schakelen en voer de meting opnieuw in. Enkele metingAls u de knop < > na het half indrukken onmiddellijk loslaat, wordt een meting gemaakt (enkele meting) en worden de resultaten later weergegeven.Voorbeeld van weergave gemeten bereikVoorbeeld van meetfout

39 Continue metingDoor de knop < > halverwege ingedrukt te houden, wordt de continue meting gestart gedurende ca. 8 seconden (max.). Tijdens de meting knippert het symbool < > en daarna worden de meetresultaten continu weergegeven. Als u de knop loslaat, stopt de continue meting.*Wanneer de vlaggenstok op de golfbaan wordt gemetenDoor gebruik te maken van de continue meetfunctie en de vlaggenstok in het midden van de doelmarkering te plaatsen, kan de impact die wordt veroorzaakt door trillingen van de hand, worden verminderd.Scherm weergeven Druk de knop < > één keer halverwege in Continue metingEnkele metingHoud de knop < > half ingedrukt

40Foto-opnamenWanneer de < >-afstandschakelaar naar de < > is gedraaid, wordt de afstandsregistratie weergegeven op het scherm. Anders wordt er geen registrate weergegeven op het scherm.OpmerkingAls de laserafstandschakelaar naar wordt gedraaid, moet u het maken van portretopnamen stoppen.1. Stel scherp op het onderwerp. Druk de ontspanknop < > half in om scherp te stellen. Er wordt een groen kader weergegeven wanneer het onderwerp scherp is. Er wordt een rood kader weergegeven wanneer de afstandsmeter niet kan scherpstellen op onderwerpen.

42Video-opnamenWanneer de < >-afstandschakelaar naar de < > is gedraaid, wordt de afstandsregistratie weergegeven op het scherm. Anders wordt er geen registrate weergegeven op het scherm.OpmerkingWanneer de laserafstandschakelaar naar wordt gedraaid en de afstandsmeter gericht is op de persoon om een video op te nemen, mag u niet op de knop < > drukken om de afstand te meten.1. Stel scherp op het onderwerp. Druk de ontspanknop < > half in om scherp te stellen. Er wordt een groen kader weergegeven wanneer het onderwerp scherp is.2. Neem de video op.

43 Druk op de knop < > om de video-opname te starten. Terwijl de video wordt opgenomen, wordt het pictogram [ ] (1) rechtsboven op het scherm weergegeven.(2) Er wordt geluid opgenomen door de microfoons (2). Druk opnieuw op de knop < > om te stoppen met het opnemen van de video. Als u het vastgelegde beeld wilt weergeven, houdt u de knop < > enkele seconden ingedrukt of gebruikt u het menu [ : Afspelen] ( ).Let opAls u afstandsmeterbewerkingen uitvoert tijdens video-opnamen, kan de ingebouwde microfoon van de afstandsmeter de geluiden van de afstandsmeterbewerkingen ook opnemen.OpmerkingGeluid wordt in stereo opgenomen.(1)

45Slope-functie1. Selecteer [ : SLOPE].2. Selecteer [Aan].* Zet SLOPE op uit en de indicator voor de SLOPE-functie knippert op de afstandsmeter.Let opDe bevestiging van de gefotografeerde beelden kan soms worden verboden in overeenstemming met de wedstrijdregels. De volgende functies kunnen niet worden gebruikt wanneer de SLOPE-functie is ingesteld op "Uit". ・Afspelen・Beeld verwijderenControleer voordat u deze functie tijdens een toernooi gebruikt, of het gebruik ervan is toegestaan volgens de geldende lokale regels.De functie SLOPE kan worden ingesteld.

49Belichtingscompensatie1. Selecteer [ : Bel.comp.].2. Stel de hoeveelheid compensatie in. Meer belichting, om beelden helderder te makenDoor de belichtingscompensatie naar de positieve of negatieve kant in te stellen, kunt u beelden lichter of donkerder maken in verhouding tot de standaardbelichting die door de afstandsmeter wordt vastgesteld.U kunt belichtingscompensatie instellen tot ±3 stops, in stappen van 1⁄3 stop.

52AF-opnametips Zelfs wanneer de scherpstelling wordt bereikt, wordt opnieuw scherpgesteld als u de ontspanknop half indrukt. De helderheid van het beeld kan tijdens de automatische scherpstelling veranderen. Het kan even duren om scherp te stellen, afhankelijk van het onderwerp en de opnameomstandigheden. Als de lichtbron verandert terwijl u opneemt, kan het scherm flikkeren en kan scherpstellen lastig worden. In dit geval start u de afstandsmeter opnieuw op en hervat u de opname met AF onder de lichtbron die u gaat gebruiken. Automatisch scherpstellen wordt uitgelijnd op het midden van het scherm.

Lijn het onderwerp waarop u wilt focussen in het midden van het scherm uit voor opnamen.Opnameomstandigheden die scherpstellen lastig maken Onderwerpen met weinig contrast, zoals een blauwe lucht of platte oppervlakken in egale kleuren of andere gevallen waar minder details te zien zijn in lichte of donkere partijen. Onderwerpen bij weinig licht. Strepen of andere patronen waar alleen contrast is in de horizontale richting. Onderwerpen met zich herhalende patronen (bijvoorbeeld ramen van wolkenkrabbers, toetsenborden van computers enzovoort). Dunne lijnen en contouren van onderwerpen. Onder lichtbronnen met constant veranderende helderheid, kleuren of patronen. Nachtscènes of lichtpunten. Het beeld flikkert onder tl- of ledverlichting. Zeer kleine onderwerpen. Onderwerpen aan de rand van het scherm.

Onderwerpen met sterk tegenlicht of spiegelende onderwerpen (bijvoorbeeld: auto met sterk spiegelende oppervlakken enzovoort). Onderwerpen die zowel dichtbij als veraf liggen en onder een AF-punt vallen (bijvoorbeeld: dier in een kooi enzovoort). Onderwerpen die in beweging blijven binnen het AF-punt en niet stil blijven staan door afstandsmeterbeweging of onscherpte van het onderwerp. Gebruik van AF wanneer het onderwerp zeer onscherp is. Ruis (lichtpuntjes, strepen enzovoort) verschijnt tijdens AF op het scherm.

53Video opname formaat Video opname formaat Kaarten waarop videos kunnen worden opgenomen Tijdslimiet video-opnameDe framerate kan worden ingesteld in [ : Movie-opn.form.].Video opname formaat BeeldformaatBeeldformaat Aspect Ratio1920x1080 16:9Framerate (fps: frames per seconde) [ ] 30,00fps/ [ ] 24,00fpsVoor regio's waar het tv-systeem NTSC wordt gebruikt, zoals Noord-Amerika, Japan, Zuid-Korea en Mexico. [ ] 25,00fpsVoor regio's waar het tv-systeem PAL wordt gebruikt, zoals Europa, Rusland, China en Australië.

54Kaarten waarop videos kunnen worden opgenomenZie Prestatievereisten voor kaarten (Video-opnamen) voor meer informatie over kaarten die op elk niveau van de video-opnamekwaliteit kunnen opnemen.Test kaarten door enkele videos op te nemen om zeker te weten dat deze goed worden opgenomen.Let opAls u een kaart met een lage schrijfsnelheid voor het opnemen van videos gebruikt, wordt de video mogelijk niet goed opgenomen. Ook wordt als u een video afspeelt op een kaart met een lage leessnelheid, de video mogelijk niet correct afgespeeld.Wanneer videos niet goed worden opgenomen, formatteert u de kaart en probeert u het opnieuw. Als het probleem niet wordt opgelost door het formatteren van de kaart, raadpleegt u de website van de fabrikant van de kaart enzovoort.Tijdslimiet video-opnameDe maximale opnameduur per video is 59 seconden.

Wanneer 59 seconden is bereikt, stopt het opnemen automatisch. U kunt een nieuwe video opnemen door op de knop < > te drukken (waarbij u de video als nieuw bestand opneemt).

55WeergaveIn dit hoofdstuk komen onderwerpen aan bod met betrekking tot de weergave, het afspelen van opgenomen foto's en videos, en worden de menu-instellingen op het tabblad Playback [ ] geïntroduceerd.Let opNormale weergave of selectie op deze afstandsmeter is niet altijd mogelijk voor beelden die op andere afstandsmeter's zijn vastgelegd of beelden van deze afstandsmeter die op een computer zijn bewerkt of hernoemd.• Afspelen• Beelden wissen• Formatteren

57Videoweergave1. Overschakelen naar weergave. Selecteer [ : Afspelen]. Houd de < > knop gedurende enkele seconden ingedrukt om af te spelen.2. Selecteer een video. < LASER > hendel-aan beeldscherm < LASER > hendel-uit beeldscherm* Als de meting niet is gelukt, wordt het numerieke resultaat niet weergegeven. Druk op de knop < > of < > om een video te selecteren om af te spelen. Beelden met < POWER > in de linkerbovenhoek zijn videos.

59VideoweergavepaneelDruk op de knop < > of < > om te selecteren.Item WeergavebedieningsoptiesWeergaveBij elke druk op < > wordt geschakeld tussen de weergave en het pauzeren van de weergave.Achteruit springenCa. 4 seconden achteruit springen elke keer als u op < > drukt.Vorige beeldHet vorige beeld wordt weergegeven elke keer als u op < > drukt. Bij ingedrukt houden wordt de video teruggespoeld.Volgende beeldDe video wordt beeld voor beeld afgespeeld elke keer als u op < > drukt. Als u de knop < > ingedrukt houdt, wordt de video snel vooruit afgespeeld.Vooruit springenCa.

4 seconden vooruit springen elke keer als u op < > druk.WeergavepositieWeergaveduur, met minuten (gemarkeerd als ') gevolgd door seconden (").&/6Druk op de knop < > om terug te gaan naar de weergave van beelden.Let opDe weergave van de video kan stoppen als de leessnelheid van de kaart te laag is of videobestanden beschadigde frames bevatten.Door een hoge inwendige afstandsmetertemperatuur kan de weergave van videos worden belemmerd. De weergave van videos kan ook stoppen als de afstandsmeter tijdens de weergave heet wordt.Er is geen geluid hoorbaar wanneer videos op deze afstandsmeter worden weergegeven. Gebruik een afspeelapparaat voor videos om videos met geluid af te spelen.

60Beelden wissen [ ] Meerdere beelden selecteren om tegelijkertijd te wissen Alle beelden op een kaart wissenU kunt onnodige beelden om te wissen afzonderlijk of allemaal tegelijk selecteren.Let opWanneer een beeld is gewist, kan het niet worden hersteld. Zorg dat u zeker weet dat u het beeld niet meer nodig hebt voordat u het wist.[ ] Meerdere beelden selecteren om tegelijkertijd te wissenDoor vinkjes toe te voegen aan de beelden die moeten worden gewist, kunt u al die beelden tegelijkertijd wissen.1. Selecteer [ : Wis beelden].2. Selecteer [Selecteer en wis beelden].

63FormatterenFormatteer (initialiseer) de kaart op deze afstandsmeter in de volgende gevallen. De kaart is nieuw. De kaart is op een andere afstandsmeter of op een computer geformatteerd. De kaart staat vol met beelden of gegevens.Let opWanneer u een kaart formatteert, worden alle gegevens erop gewist. Controleer voordat u de kaart formatteert, wat er op de kaart staat. Breng indien nodig de beelden en gegevens over naar een computer enzovoort voordat u de kaart formatteert.1. Selecteer [ : Kaart formatteren].2. Formatteer de kaart. Selecteer [OK].

64Bestandsindelingen voor kaartenmicroSD-kaarten worden geformatteerd in FAT12/16, microSDHC-kaarten in FAT32 en microSDXC-kaarten in exFAT.Let opMogelijk kunnen microSDXC-kaarten die met deze afstandsmeter zijn geformatteerd, niet in andere afstandsmeter's worden gebruikt. Houd er ook rekening mee dat in exFAT geformatteerde kaarten door bepaalde computerbesturingssystemen of kaartlezers mogelijk niet worden herkend.Wanneer u een kaart formatteert of gegevens op een kaart wist, worden de gegevens niet volledig gewist. Houd hier rekening mee wanneer u de kaart verkoopt of weggooit.

66Datum/tijd/zoneWanneer u de afstandsmeter voor het eerst inschakelt of als de datum/tijd/zone is gereset, volgt u deze stappen om eerst de tijdzone in te stellen.Door eerst de tijdzone in te stellen, kunt u deze instelling in de toekomst indien nodig gewoon aanpassen en wordt de datum/tijd in overeenstemming daarmee aangepast.Aangezien de vastgelegde beelden worden voorzien van de opnamedatum en -tijd, dient u altijd de datum/tijd in te stellen.OpmerkingHet weergavescherm is in het Engels wanneer u de afstandsmeter voor het eerst inschakelt.1. Selecteer [ : Datum/tijd/zone].

68 Druk op de knop < > of < > om de tijdzone te selecteren en druk dan op < >. Als uw tijdzone niet in de lijst voorkomt, drukt u op de knop < > en stelt u het verschil ten opzichte van UTC in onder [Tijdverschil]. Druk op de knop < > of < > om een item voor [Tijdverschil] (+ of –, uren of minuten) te selecteren en druk vervolgens op < >. Druk op de knop < > of < > om dit in te stellen en druk dan op < >. Nadat u de tijdzone of het tijdverschil hebt ingevoerd, drukt u op de knop < > of < > om [OK] te selecteren en drukt u vervolgens op < >.

693. Stel de datum en tijd in. Druk op de knop < > of < > om een onderdeel te selecteren en druk dan op< >. Druk op de knop < > of < > om dit in te stellen en druk dan op< >.4. Stel de zomertijd in. Stel deze in voor zover nodig. Druk op de knop < > of < > om [ ] te selecteren en druk dan op. Druk op de knop < > of < > om [ ] te selecteren en druk dan op< >. Wanneer de zomertijd is ingesteld op [ ], wordt de tijd die u in stap 3 hebt ingesteld, één uur vooruitgezet. Als [ ] is ingesteld, wordt de zomertijd geannuleerd en wordt de tijd één uur teruggezet.

705. Sluit de instelling af. Druk op de knop < > of < > om [OK] te selecteren.Let opInstellingen voor datum, tijd en tijdzone kunnen worden gereset wanneer de accu leeg is of als de afstandsmeter langere tijd aan temperaturen onder het vriespunt wordt blootgesteld. Stel ze in dat geval opnieuw in.Controleer nadat u [Zone/tijdverschil] hebt gewijzigd of de juiste datum/tijd is ingesteld.OpmerkingAuto uitschakelen kan langer duren wanneer het scherm [ : Datum/tijd/zone] wordt weergegeven.

73VideosysteemStel het videosysteem in van een televisie die voor weergave wordt gebruikt. Deze instelling bepaalt de beschikbare framerates bij het opnemen van videos.1. Selecteer [ : Videosysteem].2. Selecteer een item. Voor NTSC Voor regio's waar het tv-systeem NTSC wordt gebruikt, zoals Noord- Amerika, Japan, Zuid-Korea en Mexico. Voor PAL Voor regio's waar het tv-systeem PAL wordt gebruikt, zoals Europa, Rusland, China en Australië.

76De afstandsmeter resettenDe instellingen van de afstandsmeter voor opname- en menufuncties kunnen op de standaardwaarden worden teruggezet.1. Selecteer [ : Wis alle Afstandsmeter-instellingen].2. Wis de instellingen. Selecteer [OK] op het bevestigingsscherm.OpmerkingDe menu's voor datum/tijd/regio en taal worden niet gereset.

79Probleemoplossingshandleiding Voedingsgerelateerde problemen Aan opnamen gerelateerde problemen Bedieningsproblemen Weergaveproblemen AfspeelproblemenRaadpleeg in geval van een probleem met de afstandsmeter eerst deze Probleemoplossingshandleiding. Als u het probleem met deze Probleemoplossingshandleiding niet kunt oplossen, neemt u contact op met uw leverancier of het dichtstbijzijnde Canon Service Center.Voedingsgerelateerde problemenKan de afstandsmeter niet opladen. Raadpleeg bij oplaadproblemen De afstandsmeter opladen.De afstandsmeter wordt niet geactiveerd, zelfs niet wanneer deze wordt ingeschakeld. Laad de afstandsmeter op ( ).Het indicatielampje brandt of knippert nog wanneer de afstandsmeter uit is. Het indicatielampje blijft enkele seconden branden of knipperen wanneer de afstandsmeter wordt uitgeschakeld terwijl er een beeld op de kaart wordt vastgelegd.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Canon PowerShot GOLF stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden