Buderus Logamax plus GB162T Handleiding

Buderus CV Ketel Logamax plus GB162T

Bekijk gratis de handleiding van Buderus Logamax plus GB162T (12 pagina’s), behorend tot de categorie CV Ketel. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 19 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Buderus Logamax plus GB162T of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/12
Zorgvuldig lezen vóór de bediening.
Bedieningshandleiding
Condensatieketel op gas
Logamax plus
6 720 615 405-007.1TD
GB162-15/25/35/45 V3
GB162-25/30 T10 V3
GB162-25/30 T40 S V3
6 720 807 881 (03/2013) BE

Beoordeel deze handleiding

4.0/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Buderus
Categorie: CV Ketel
Model: Logamax plus GB162T

Handleiding Buderus Logamax plus GB162T – volledige tekst

VoorwoordLogamax plus GB162-15/25/35/45 V3 – 6 720 807 881 (2013/03)2VoorwoordGeachte klant,Warmte is ons element – en dat al meer dan 275 jaar. Vanaf het begin zetten wij ons met hart en ziel in om voor u individuele oplossingen voor uw welbevinden te ontwikkelen. Of het nu gaat om warmte, warmwater of ventilatie – met een Buderus product krijgt u efficiënte verwarmingstechniek in bewezen Buderus kwaliteit, die u lange tijd betrouwbare behaaglijkheid zal schenken. Wij fabriceren met de modernste technologie en letten erop, dat onze producten efficiënt op elkaar zijn afgestemd. Rendement en milieuvrien-delijkheid staan daarbij altijd voorop. Hartelijk dank, dat u voor ons gekozen hebt – en daarmee ook voor zuinig energiegebruik bij tegelijkertijd veel comfort. Om te zorgen dat dit lange tijd zo blijft, verzoeken wij u deze bedieningshandleiding zorgvuldig door te lezen.

En wanneer zich toch problemen mochten voordoen, neem dan contact op met uw installateur. Hij helpt u te allen tijde graag verder. Is uw installateur een keertje niet bereikbaar. Dan staat onze service-dienst ter beschikking. Wij wensen u veel plezier met uw nieuwe Buderus product. Uw Buderus teamInhoudsopgave 1 Uitleg van de symbolen en veiligheidsinstructies. 3 1. 1 Uitleg van de symbolen. 3 1. 2 Algemene veiligheidsinstructies. 3 2 Gegevens betreffende de condensatieketel. 4 2. 1 CE-conformiteitsverklaring. 4 2. 2 Bedoeld gebruik. 4 2. 3 Identificatie van de condensatieketel. 4 2. 4 Waterkwaliteit. 4 2. 5 Afval. 4 3 Bediening. 4 3. 1 Algemeen. 4 3. 2 Elementen van het bedieningspaneel. 5 3. 2. 1 Overzicht bedieningselementen. 5 3. 2. 2 Verklaring van de bedieningselementen. 5 3. 3 Temperatuur instellen. 6 3. 3. 1 Warmwaterstreefwaarde instellen. 6 3. 3.

▶ Respecteer de veiligheids- en waarschuwingsinstructies. Handelswijze bij gasluchtBij ontsnappend gas bestaat explosiegevaar. Respecteer bij gasgeur de volgende gedragsregels. ▶ Voorkom vlam- of vonkvorming: – Niet roken, geen aanstekers en lucifers gebruiken. – Bedien geen elektrische schakelaars, trek geen stekkers uit het stopcontact. – Telefoneer niet en bel niet aan. ▶ Sluit de gastoevoer af via de hoofdafsluiter of op de gasmeter. ▶ Ramen en deuren openen. ▶ Waarschuw alle bewoners en verlaat het gebouw. ▶ Voorkom dat derden het gebouw betreden. ▶ Neem buiten het gebouw contact op met brandweer, politie en gasbe-drijf. Bedoeld gebruikDe ketel mag alleen in gesloten warmwaterverwarmingssystemen voor privégebruik worden toegepast. Ieder ander gebruik is niet voorgeschreven. Daaruit resulterende schade valt niet onder de fabrieksgarantie.

Veiligheid van huishoudelijke en soortgelijke elektrische apparatenTer voorkoming van gevaar door elektrische apparatuur gelden conform EN 60335-1 de volgende instructies:“Deze ketel kan door kinderen vanaf 8 jaar en ouder en door personen met verminderde fysische, sensorische of mentale capaciteiten of gebrek aan ervaring en kennis worden gebruikt, wanneer deze onder toezicht staan of voor wat betreft het veilig gebruik van de ketel zijn geïnstrueerd en de daaruit resulterende gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met de ketel spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd. ”“Wanneer de netaansluitkabel wordt beschadigd, moet deze door de fabrikant of haar servicedienst of een gekwalificeerde persoon worden vervangen, om gevaar te vermijden.

”Inspectie en onderhoudRegelmatige inspectie en onderhoud zijn voorwaarden voor het veilig en milieuvriendelijk bedrijf van de CV-installatie. Wij adviseren, een contract voor jaarlijkse inspectie en onderhoud af te sluiten met een erkend installateur. ▶ Laat de werkzaamheden alleen uitvoeren door een erkend installa-teur. ▶ Laat geconstateerde gebreken direct verhelpen. HerstellingVerkeerde veranderingen aan de ketel of andere delen van de CV-instal-latie kunnen persoonlijk letsel en/of materiële schade tot gevolg hebben. ▶ Laat de werkzaamheden alleen uitvoeren door een erkend installa-teur. ▶ Verwijder nooit de mantel van de ketel. ▶ Voer geen veranderingen uit aan de ketel of andere delen van de CV-installatie.

Open bedrijfDe opstellingsruimte moet voldoende zijn geventileerd, wanneer de ketel de verbrandingslucht onttrekt aan de ruimte ▶ Voorkom dat be- en ontluchtingsopeningen in deuren, ramen en mu-ren worden afgesloten of verkleind. ▶ Waarborg dat aan de ventilatie-eisen wordt voldaan in overleg met een installateur: – bij bouwkundige veranderingen (bijv.

vervangen van ramen en deuren) – bij inbouw naderhand van apparaten met afvoerlucht naar buiten toe (bijv. afvoerluchtventilatoren, keukenventilatoren of aircondi-tioningapparaten). Verbrandingslucht/kamerluchtDe lucht in de opstellingsruimte moet vrij zijn van ontbrandbare of chemisch agressieve stoffen. ▶ Gebruik of bewaar geen licht ontvlambare of explosieve materialen in de nabijheid van de ketel (papier, benzine, verdunningen, verf, enz. ). ▶ Gebruik of bewaar geen corrosieve stoffen in de nabijheid van de ketel (oplosmiddelen, lijm, chloorhoudende reinigingsmiddelen, enz. ). Veiligheidsinstructies in de tekst worden aangegeven met een gevarendriehoek. Het signaalwoord voor de waarschuwing geeft het soort en de ernst van de gevolgen aan indien de maatregelen ter voorkoming van het gevaar niet worden nageleefd.

Belangrijke informatie zonder gevaar voor mens of mate-rialen wordt met het nevenstaande symbool gemar-keerd. Symbool Betekenis ▶ Handeling  Verwijzing naar een andere plaats in het document • Opsomming – Opsomming (2e niveau)Tabel 1.

2 Gegevens betreffende de condensatieketelLogamax plus GB162-15/25/35/45 V3 – 6 720 807 881 (2013/03)4 2 Gegevens betreffende de condensatieketelVoor een veilige, rendabele en milieuvriendelijke toepassing van deze condensatieketel adviseren wij de veiligheidsaanwijzingen en de bedie-ningshandleiding te respecteren. Deze handleiding biedt de eigenaar van de CV-installatie een overzicht van het gebruik en de bediening van de condensatieketel. 2. 1 CE-conformiteitsverklaringDit product voldoet qua constructie en werking aan de Europese richtlij-nen evenals aan de bijkomende nationale vereisten. De conformiteit wordt aangetoond door het CE-kenmerk. U kunt de conformiteitsverklaring van het product terugvinden in de installatie- en onderhoudshandleiding of bij de fabrikant opvragen. 2.

2 Bedoeld gebruikDe Logamax plus GB162 V3 is bedoeld voor de opwarming van verwar-mingswater en de warmwatervoorziening in één- of meergezinswonin-gen. Een andere toepassing is niet voorgeschreven. De condensatieketel kan met een Logamatic bedieningseenheid bijv. RC20 RF/RC25/RC35/RC200/RC300 of Logamatic 4121/4122/4323 of een aan/uit-temperatuurregelaar (24 V) worden uitgerust (toebeho-ren). 2. 3 Identificatie van de condensatieketelDe identificatie van de condensatieketel is als volgt samengesteld: • Logamax plus: typenaam • GB: condensatieketel op gas • 162: type • V3: ketelversie • 15, 25, 30, 35, 45: maximale ketelvermogen [kW] • T10 of T40: boilerinhoud [l] • S: de condensatieketel is uitgerust met een stratificatieboiler. 2. 4 WaterkwaliteitNiet geschikt of vervuild water kan storingen in de condensatieketel en schade aan de warmtewisselaar of de warmwatervoorziening door o. a.

▶ Onbehandeld leidingwater conform de drinkwaterverordening of vol-ledig ontzilt vulwater met een geleidbaarheid van ≤ 10 microSiemens/ cm gebruiken (afb. 1). Grondwater is niet toegestaan. Bij gebruik van wateradditieven eerst contact opnemen met uw installateur. ▶ Het is niet toegestaan het water te behandelen bijv. met pH-verhogen-de/-verlagende middelen (chemische toevoegmiddelen en/ of inhibi-toren), antivriesmiddel of waterontharding. ▶ Voor ombouw bij vorstgevaar kunt u contact opnemen met uw instal-lateur. Afb. 1 Eisen aan het vul- en bijvulwater voor ketels tot 50 kW [1] Maximaal mogelijke watervolume over de levensduur [ m³] [2] Waterhardheid [°dH] [3] Onbehandeld water [4] Volledig ontzilt vulwater met een geleidbaarheid van ≤ 10 microSiemens/cmSanitair drinkwater (aanvoer warmwatervoorziening)Gebruik uitsluitend leidingwater. Grondwater is niet toegestaan. 2.

5 Afval ▶ Verpakkingsmaterialen van de condensatieketel conform de milieu-voorschriften afvoeren. ▶ Componenten van de CV-installatie, die moeten worden vervangen, op milieuvriendelijke wijze laten afvoeren via een daarvoor geautori-seerd bedrijf. 3 Bediening 3. 1 AlgemeenVia de bedieningseenheid Logamatic BC10 wordt de basisbediening van de CV-installatie uitgevoerd. ▶ Om bij het bedieningspaneel van de bedieningseenheid te komen, de klep openen door deze kort in te drukken (afb. 2). Afb. 2 Klep openen De bedieningseenheid zit achter de klep aan de linker zijde (afb. 3). Bij een CV-installatie met meerdere ketels (cascadesy-steem) moeten de instellingen aan de bedieningszijde van iedere condensatieketel worden uitgevoerd. 0,000,200,400,600,801,001,201,401,601,802,002,202,402,602,803,00[˚dH][m³]1234 0 5 10 15 20 25 306 720 649 815-006. 1TD.

3 BedieningLogamax plus GB162-15/25/35/45 V3 – 6 720 807 881 (2013/03) 5 Afb. 3 Bedieningspaneel op de bedieningseenheid Naast de bedieningseenheid kan op een steekplaats (afb. 4) een ex-tra bedieningseenheid, bijv. Logamatic RC35, worden gemonteerd. Een dergelijke bedieningseenheid oefent bijv. via de buiten- of kamertempe-ratuur invloed uit op de regeling. Deze bedieningseenheid kan ook in een woonruimte zijn geïnstalleerd, om de CV-installatie comfortabel vanuit de woning te bedienen. Afb. 4 Bedieningseenheid (voorbeeld Logamatic RC35) 3. 2 Elementen van het bedieningspaneel 3. 2. 1 Overzicht bedieningselementen Afb.

5 Bedieningselementen [1] Aan/uit-schakelaar [2] Draaischakelaar voor warmwaterstreefwaarde [3] LED “warmtevraag warm water” [4] Display voor de statusindicatie [5] Draaischakelaar voor maximale keteltemperatuur [6] LED “warmtevraag verwarming” [7] Afdekking van de inbouwplaats van de bedieningseenheid, bijv. Logamatic RC35 [8] LED “brander” (aan/uit) [9] Aansluitstekker voor de diagnosestekker [10] Servicetoets [11] Schoorsteenvegertoets [12] Resettoets 3. 2. 2 Verklaring van de bedieningselementenAan/uit-schakelaarMet de aan/uit-schakelaar [1] wordt de condensatieketel in- en uitge-schakeld. Draaischakelaar voor warmwaterstreefwaardeMet de draaischakelaar voor warmwaterstreefwaarde [2] wordt de ge-wenste temperatuur van het warme water ingesteld (hoofdstuk 3. 3. 1, pagina 6). De eenheid is °C.

LED “warmwatervoorziening”De LED “warmwatervoorziening” [3] brandt wanneer een warmtevraag in het warmwater is opgetreden (bijv. wanneer warm/heet water nodig is). DisplayOp het display [4] status en waarde van de CV-installatie aflezen. Wan-neer een storing aanwezig is, toont het display direct de storingen in de vorm van een storingscode. Bij vergrendelende storingen knippert de statusindicatie.

Draaischakelaar voor maximale keteltemperatuurMet de draaischakelaar voor maximale keteltemperatuur [5] de boven- ste grenswaarde voor het ketelwater instellen (hoofdstuk 3. 3. 3, pagina 6). De eenheid is °C. LED “warmtevraag”De LED “warmtevraag” [6] brandt wanneer door de regeling een warm-tevraag ontstaat (bijv. wanneer de te verwarmen ruimte te koel wordt). LED “brander”(aan/uit)De LED “brander” (aan/uit) [8] brandt wanneer de brander van de con-densatieketel in bedrijf is. De LED geeft de bedrijfstoestand van de brander weer. Aansluitmogelijkheid voor diagnosestekkerHier kan de installateur een diagnosestekker (Service Tool) [9] aanslui-ten. Servicetoets eMet de servicetoets [10] worden de actuele keteltemperatuur, de actu- ele bedrijfsdruk enz. in het display weergeven (hoofdstuk 3. 4, pagina 7).

Schoorsteenvegertoets dMet de schoorsteenvegertoets [11] kan de condensatieketel in handbe-drijf (noodbedrijf) worden genomen, wanneer bijv. de regeling van de CV-installatie (bijv. bedieningseenheid) defect is (hoofdstuk 3. 5, pagina 7). Resettoets cOpnieuw starten van de condensatieketel in geval van een storing met behulp van de resettoets [12]. Dit is alleen bij vergrendelende storingen (display-aanwijzing knippert) nodig. Blokkerende storingen resetten automatisch, wanneer de oor-zaak is opgeheven. Op het display verschijnt “rE” terwijl de reset uitge-voerd wordt. 7 746 800 040-17. 1RS6 720 615 582-008. 1TD7891011121 2 3 4 5 6 LED Toestand Verklaring Aan Brander in bedrijf Het ketelwater wordt verwarmd. Uit Brander uit Het ketelwater heeft de gewenste tem-peratuur bereikt of er is geen warmte-vraag. Tabel 2 Betekenis van de LED “brander”.

3 BedieningLogamax plus GB162-15/25/35/45 V3 – 6 720 807 881 (2013/03)6 3. 3 Temperatuur instellen 3. 3. 1 Warmwaterstreefwaarde instellenAf fabriek is de condensatieketel ingesteld op een warmwatertempera-tuur van 60°C. ▶ De gewenste warmwatertemperatuur met de draaischakelaar voor warmwaterstreefwaarde [1] volgens tabel 3 instellen. Afb. 6 Warmwaterstreefwaarde [1] Draaischakelaar voor warmwaterstreefwaarde [2] LED “warmwatervoorziening” 3. 3. 2 Thermische desinfectie (warm water)De thermische desinfectietemperatuur wordt op de bedieningseenheid (bijv. Logamatic RC35, RC200 of RC300) tussen 60°C en 80°C inge-steld. Bij de Logamax plus GB162-25/30 T10 V3 en G162-25/30 T40 S moet de waarde tussen 60°C en 70°C ingesteld worden. 3. 3. 3 Keteltemperatuur instellen ▶ De gewenste temperatuur met de dr maximale ke-aaischakelaar voorteltemperatuur [1] volgens tabel 4 instellen. Afb.

7 Bedieningseenheid Logamatic BC10 [1] Draaischakelaar voor maximale keteltemperatuurLogamax plus GB162-25/30 T40 S V3:Om verhoogde kalkafzetting te voorkomen, adviseren wij, bij een totale hardheid meer dan 15° dH (hardheids-klasse III) de boilertemperatuur lager dan 55°C in te stel-len. Draaischa-kelaar-positieVerklaring 0 Geen warmwatervoorziening (alleen verwarming). ECO Het warmwater wordt pas weer naar 60°C opgewarmd, wanneer de temperatuur duidelijk is afgenomen. Daar-door wordt het aantal branderstarts verminderd en wordt er energie gespaard. Het water kan dan echter eerst wel wat kouder zijn. 30 – 601)1) Om een goed warmwatercomfort en een laag energieverbruik te waarborgen, wordt de warmwatertemperatuur bij de Logamax plus GB162-25/30 T40 S V3 door de branderautomaat UBA 3. 5 automatisch met 4ºC verhoogd.

De warmwaterstreefwaarde wordt op het bedieningspa-neel van de bedieningseenheid vast ingesteld en kan met een kamerthermostaat niet worden veranderd. Aut 2)2) Bij de Logamax plus GB162-25/30 T40 S V3 is de max. warmwatertemperatuur 60ºC.

De temperatuur wordt op de bedieningseenheid (bijv. Logamatic RC35, RC200 of RC300) ingesteld. Wanneer geen bedieningseenheid is ingesteld, geldt 60°C als de maximale warmwatertemperatuur. Tabel 3 Instellingen op de draaischakelaar voor warmwaterstreefwaar-deBij de Logamax plus GB162-25/30 T40 S V3 is geen “eenmalige opwarming” van het warmwater mogelijk (in-stelling van regeltoestel bijv. Logamatic RC35). In verlagingsbedrijf warmwater wordt de condensatieke-tel afhankelijk van de behoefte geschakeld. 7 746 800 040-50. 2RSDraaischa-kelaar-positie CV-installatie Verklaring 0 Verwarming is uitgeschakeld (evt. al-leen warmwaterbedrijf). 40 Vloerverwarming Gewenste keteltemperatuur [°C]. 75 – 90 Radiatoren 90 Convectoren AUT VloerverwarmingRadiatorenConvectorenDe temperatuur wordt met een ka-mertemperatuurgestuurde regelaar (bijv.

Logamatic RC35, RC200 of RC300) automatisch via de stooklijn bepaald. Wanneer er geen kamertem-peratuurgestuurde regelaar is aange-sloten, geldt 82°C als maximale keteltemperatuur. Tabel 4 Instellingen op de draaischakelaar voor maximale keteltempera-tuurVOORZICHTIG: Schade aan de installatie door overver-hitting van de vloer bij gebruik van een vloerverwarming. De instelling op het bedieningspaneel kan niet via het menu worden ingesteld, maar moet met de draaischake-laar voor maximale keteltemperatuur [1] worden inge-steld. ▶ In het menu “Instellingen” de maximale aanvoertem-peratuur begrenzen (meestal 45°C). ▶ Let erop, dat de vloerverwarming bovendien met een veiligheidsbegrenzer, bijv. via het externe schakel-contact moet zijn uitgerust. 7 746 800 040-101. 2TD1.

3 BedieningLogamax plus GB162-15/25/35/45 V3 – 6 720 807 881 (2013/03) 7 3. 4 Waarden op het display weergevenMet de servicetoets e[1] kan informatie over de bedrijfstoestand van de condensatieketel op het display worden getoond. De actueel geme-ten waarde wordt getoond. • de keteltemperatuur (constante weergave) • de bedrijfsdruk • de bedrijfscode • het debiet Afb. 8 Bedieningseenheid Logamatic BC10 [1] Servicetoets [2] Schoorsteenvegertoets 3. 5 Handbedrijf (noodbedrijf)In handbedrijf kan de CV-installatie onafhankelijk van een bedienings-eenheid (bijv. Logamatic RC35, RC200 of RC300) worden gebruikt (noodbedrijf in geval van een storing van de bedieningseenheid). De condensatieketel wordt gebruikt met als streefwaarde de keteltem-peratuur die is ingesteld op de rechter draaischakelaar. De CV-installatie mag alleen gedurende korte tijd in handbedrijf worden gebruikt. 3.

6 Nalooptijd pomp instellenDe basisinstelling van de pompnalooptijd is voor de meeste situaties ge-schikt. Uitzondering bij kamertemperatuurgestuurde regelingWanneer vorstgevaar bestaat voor delen van de CV-installatie, die buiten het registratiegebied van de kamertemperatuurgestuurde regelaar lig-gen (bijv. radiator in de garage), wordt de pompnalooptijd op 24 uur in-gesteld. 3. 7 Extra bedieningseenheidBij gebruik van een extra bedieningseenheid moet de bedieningseen-heid Logamatic BC10 als volgt worden ingesteld: ▶ Beide draaischakelaars op de bedieningseenheid [1 en 2] in de stand “AUT” zetten, zodat alle instellingen via de bedieningseenheid kunnen worden uitgevoerd. ▶ Aan/uit-schakelaar in de stand “1” zetten. Om energie te besparen, moet de draaischakelaar zo laag worden ingesteld, dat het nog altijd warm genoeg is.

▶ Wanneer de temperatuur te laag is ingesteld, kan de gewenste kamertemperatuur niet worden bereikt. ▶ Meer instructies omtrent energiebesparing vindt u in de bedieningshandleiding van de bedieningseenheid of het regeltoestel.

d > 5 seconden [//2/4} Activeer het handbedrijf: Schoorsteenvegertoets d langer dan 5 seconden ingedrukt houden. Zodra rechtson-der in het display een knipperend punt ver-schijnt, is het handbedrijf geactiveerd. d > 2 seconden [\/2/4| Beëindigen van het handbedrijf (na een onder-breking van de voedingsspanning wordt handbe-drijf ook beëindigd). Tabel 6 HandbedrijfBij een weersafhankelijke regeling en temperaturen la-ger dan 3°C wordt de pomp automatisch continu inge-schakeld. Menu “Instellingen” Stap Display [\/2/4| Actueel gemeten aanvoertemperatuur [°C]. d e + 2 tot 5 seconden [l/-/-| Voor de installateur. e[f/\/5| Pompnalooptijd [minuten] (basisinstelling is 5 minuten). ▶ Schoorsteenvegertoets d indrukken voor [f/1/d| (24 uur). ▶ Resettoets c ingedrukt houden tot de ge-wenste pompnalooptijd (minimaal [f/\/0| = 15 seconden). e[c/\/1| Voor de installateur.

4 BedrijfLogamax plus GB162-15/25/35/45 V3 – 6 720 807 881 (2013/03)8 Afb. 9 Bedieningseenheid Logamatic BC10 [1] Draaischakelaar voor warmwaterstreefwaarde [2] Draaischakelaar voor maximale keteltemperatuurOp de bedieningseenheid (bijv. Logamatic RC35) adviseren wij, het vol-gende te controleren of in te stellen: • bedrijfsmodus automatisch • gewenste kamertemperatuur • gewenste warmwatertemperatuur • gewenst verwarmingsprogramma 4 BedrijfOm de CV-installatie bedrijfsgereed te houden, moet de bedrijfsdruk re-gelmatig worden gecontroleerd. 4. 1 Bedrijfsdruk controlerenBij nieuw gevulde CV-installaties de bedrijfsdruk eerst dagelijks en daar-na met steeds groter wordende intervallen controleren. De maximale druk in de CV-installatie, die direct op de condensatieketel wordt geme-ten, mag niet hoger worden dan 2,5 bar. De druk wordt in het menu “normaal bedrijf” aangegeven (hoofdstuk 3.

4, pagina 7). ▶ Servicetoets e indrukken, tot de bedrijfsdruk in het display wordt getoond (bijv. P1. 5 voor 1,5 bar). Bedrijfsdruk controleren Afb. 10 Bedrijfsdruk ▶ Aan/uit-schakelaar op het bedieningspaneel op “1” instellen (afb. 5, [1], pagina 5). ▶ Alle vul- en aftapkranen sluiten. ▶ Hoofdafsluiter van de waterleiding openen. ▶ Een warmwaterkraan openen. ▶ Enige tijd wachten tot er geen lucht meer in het water aanwezig is. ▶ Warmwaterkraan sluiten. ▶ Indien mogelijk, boiler aan de bovenkant ontluchten. Het boilertype T40 S heeft deze mogelijkheid niet. Bij het boilertype T10 moet eerst de ketelmantel aan de voorzijde worden gedemonteerd; rechtsboven in het grijze isolatiemateriaal is de ontluchter van de T10 boiler. 4. 2 Stratificatieboiler vullen (alleen bij Logamax plus GB162-25/30 T40 S V3) ▶ Een warmwaterkraan openen. ▶ Servicekranen van de koudwaterleiding openen.

3 CV-installatie vullenDe CV-installatie vullen, wanneer de druk tot onder 1,0 bar is gedaald. ▶ Een met water gevulde slang [3] op de vul- en aftapkraan [1] op de re-tour van de condensatieketel [2] aansluiten. ▶ Vul- en aftapkraan openen. ▶ Servicekranen (indien aanwezig) in de CV-aanvoer en -retour openen. Afb. 11 Vul- en aftapkraan openen [1] Vul- en aftapkraan [2] Aanvoer [3] Slang ▶ Waterkraan voorzichtig openen en de CV-installatie langzaam vullen. Daarbij de drukaanwijzing voor het CV-circuit bewaken. De druk op het bedieningspaneel aflezen (afb. 10). De bedieningshandleiding van de bedieningseenheid beschrijft, hoe deze instellingen worden uitgevoerd en welk nut deze instellingen hebben. ▶ Respecteer de bedieningshandleiding van de bedie-ningseenheid en lees deze aandachtig door.

Bedrijfsdruk Minimale druk (bij koude installatie) 1,0 bar Aanbevolen bedrijfsdruk 1,5 bar Maximale druk (bij maximale keteltemperatuur – veiligheidsklep opent. 2,5 bar Tabel 8 Bedrijfsdruk7 746 800 040-102. 3TD216 720 615 405-025. 1TDVOORZICHTIG: Schade aan de installatie door leegloop. ▶ Voor het vullen van de CV-installatie eerst de stratifi-catieboiler vullen. WAARSCHUWING: Gevaar voor de gezondheid door verontreiniging van het drinkwater. ▶ Laat een installateur tonen, hoe de CV-installatie met water wordt gevuld. Het aansluitend ontluchten van de CV-installatie is van groot belang, omdat alle lucht in de CV-installatie zich verzamelt op het hoogste punt. 2137 746 800 040-35. 2TD.

5 Installatie buiten werking stellenLogamax plus GB162-15/25/35/45 V3 – 6 720 807 881 (2013/03) 9 ▶ Waterkraan en vul- en aftapkraan sluiten. ▶ CV-installatie met behulp van de ontluchtingsventielen op de radiato-ren ontluchten. Begin hierbij op de onderste verdieping van het ge-bouw en ga daarna telkens een verdieping hoger. Afb. 12 Radiatoren ontluchten ▶ Bedrijfsdruk op het display van de bedieningseenheid (afb. 10, pagina 8) opnieuw aflezen. Wanneer de druk onder 1,0 bar ligt, moet de CV-installatie, zoals boven beschreven, verder worden gevuld. ▶ Waterkraan sluiten. ▶ Vul- en aftapkraan van de condensatieketel sluiten. ▶ Slang afkoppelen. ▶ Slang wegnemen. ▶ Slangtule afschroeven en bewaren. ▶ Kap opschroeven. Wanneer de condensatieketel ongeveer een week in bedrijf is en het dis-play een lagere druk dan 1,0 bar aangeeft, dan moet de installatie wor-den bijgevuld.

Het verminderen van de druk in een CV-installatie wordt door het ontsnappen van luchtbellen via koppelingen en (automatische) ontluchter veroorzaakt. Ook de in het verse ketelwater opgenomen zuur-stof zal na bepaalde tijd uit het ketelwater ontsnappen en ervoor zorgen dat de druk in de CV-installatie afneemt. Het is dus normaal dat de installatie na inbedrijfstelling enige malen bij-gevuld moet worden. Daarna moet de installatie gemiddeld eenmaal per jaar worden bijgevuld. Wanneer de CV-installatie toch vaker moet worden gevuld, dan is er ver-moedelijk waterverlies vanwege een lekkage of een defect expansievat. In dit geval is het van belang, de oorzaak zo snel mogelijk op te heffen. 5 Installatie buiten werking stellen 5. 1 CV-installatie in noodsituatie buiten bedrijf stellen ▶ Hoofdgaskraan sluiten.

Wan-neer de condensatieketel wordt uitgeschakeld, wordt de brander auto-matisch ook uitgeschakeld. Meer informatie omtrent de bediening van de bedieningseenheid vindt u in hoofdstuk 3, pagina 4. ▶ Klep door indrukken openen. ▶ Aan/uit-schakelaar op bedieningspaneel via stand “0” uitschakelen. ▶ Hoofdgaskraan of gaskraan sluiten. Wanneer de omstandigheden het vereisen, dat de CV-installatie gedu-rende langere tijd, waarbinnen ook vorstgevaar bestaat, buiten bedrijf wordt gesteld, dan moet de CV-installatie worden afgetapt. ▶ Het ketelwater op het laagste punt van de CV-installatie met behulp van de vul- en aftapkraan of de radiator aftappen. Daarbij moet de au-tomatische ontluchter op het hoogste punt van de CV-installatie ge-opend zijn. Afb. 13 Installatie bij vorstgevaar aftappen ▶ Ontluchter op de hoogst gelegen radiator openen ( afb. 12).

▶ Bij de Logamax plus GB162-25/30 T40 S V3 de stratificatieboiler via de aftapkraan in de boiler [1] aftappen. Afb. 14 Stratificatieboiler aftappen ▶ Warmwaterkraan openen, zodat de boiler beter wordt geledigd. Bij de overige ketels met boiler het ketelwater op het laagste punt van de waterinstallatie aftappen (bijv. bij hoofdafsluitkraan). ▶ Hoofdafsluitkraan van de koudwaterleiding sluiten. WAARSCHUWING: Schade aan de CV-installatie door vorst. De CV-installatie kan bijv. bij een netspanningsuitval, uitschakelen van de voedingsspanning, verkeerde gas-toevoer, ketelstoring enz. na langere tijd bevriezen. ▶ Zorg ervoor dat de CV-installatie steeds in bedrijf is (met name bij vorstgevaar). 7 746 800 040-134. 1RS1.

6 Inspectie en onderhoudLogamax plus GB162-15/25/35/45 V3 – 6 720 807 881 (2013/03)10 5. 3 In bedrijf stellenDit hoofdstuk behandelt hoe de CV-installatie na een gebruiksonderbre-king in bedrijf wordt genomen. ▶ Aan/uit-schakelaar op bedieningspaneel van de bedieningseenheid via stand “1” inschakelen. ▶ Alle vul- en aftapkranen sluiten. ▶ Hoofdafsluiter van de waterleiding openen. ▶ Een warmwaterkraan openen. ▶ Enige tijd wachten tot er geen lucht meer in het water aanwezig is. ▶ Warmwaterkraan sluiten. ▶ Indien mogelijk, boiler aan de bovenkant ontluchten. Het boilertype T40 S heeft deze mogelijkheid niet. Bij het boilertype T10 moet eerst de ketelmantel aan de voorzijde worden gedemonteerd; rechtsboven in het grijze isolatiemateriaal is de ontluchter van de T10 boiler. ▶ CV-installatie vullen (hoofdstuk 4. 3, pagina 8), tot de bedrijfsdruk ca. 1,5 bar bedraagt. ▶ Gaskraan openen.

▶ Instellingen op de bedieningseenheid Logamatic BC10 en op de be-dieningseenheid Logamatic RC35, RC200 of RC300 uitvoeren (hoofdstuk 3, pagina 4). ▶ CV-installatie ontluchten. ▶ Bedrijfsdruk controleren (hoofdstuk 4. 1, pagina 8). 6 Inspectie en onderhoud 6. 1 Waarom is regelmatig onderhoud belangrijk. Omwille van onderstaande redenen dienen CV-installaties regelmatig onderhouden te worden: • om een hoog rendement te behouden en de CV-installatie spaarzaam (lager gasverbruik) te gebruiken. • om een hoge bedrijfszekerheid te realiseren. • om de milieuvriendelijke verbranding te waarborgen. 6. 2 Reiniging en verzorgingOm de condensatieketel schoon te maken, kan de mantel met een natte doek (water/zeep) worden gereinigd. In ieder geval geen schurende of agressieve reinigingsmiddelen gebruiken, die de lak of kunststof delen kunnen beschadigen. 7 Bedrijfs- en storingsmeldingen 7.

Bedrijfs- en storingscodes worden direct in het display getoond of via het menu “normaal bedrijf”opgeroepen. Daarvoor moet als volgt te werk worden gegaan: ▶ e-toets indrukken, om het menu “Normaal bedrijf” te openen. ▶ In het menu “Normaal bedrijf” naar het niveau met de codes gaan. Dit is niveau 2 of 3. ▶ Storingscode aflezen en de bijbehorende betekenis in tabel 9 nale-zen. Er bestaan 3 codetypen: • Bedrijfscode • Blokkerende storingscode • Vergrendelende storingscode. ▶ Zodra een storing optreedt, wordt de condensatieketel uit veiligheids-overwegingen uitgeschakeld en vergrendeld. De storingscode wordt knipperend op het display getoond. Voor de vrijgave van de conden-satieketel moet deze worden gereset. Daarvoor moet als volgt te werk worden gegaan: – Resettoets c ingedrukt houden, tot “rE ”op het display verschijnt.

In de regel functioneert de condensatieketel na het resetten weer normaal. Onder bepaalde omstandigheden moet eerst de storing worden opgeheven. – Oplossing uitvoeren, om de storing te verhelpen. Is de storing niet verholpen. Neem contact op met uw installateur en geef het keteltype en de storingscode door. Voor het instellen van de CV-installatie moet de CV-in-stallatie zijn gevuld omdat de pomp niet mag drooglo-pen. Bij de Logamax plus GB162-25/30 T40 S V3 voor het vullen de CV-installatie, eerst de stratificatieboiler vullen (hoofdstuk 4. 2, pagina 8). VOORZICHTIG: Schade aan de installatie door ontbre-kende of gebrekkige reiniging en onderhoud. ▶ CV-installatie eenmaal per jaar door een installateur laten inspecteren, onderhouden en reinigen. ▶ We raden aan om een contract af te sluiten voor een jaarlijkse inspectie en een behoefteafhankelijk onder-houd.

• Controleer, of voldoende radiatoren zijn geopend. • Radiatoren en CV-instal-latie ontluchten. 0 C 2 8 3 De condensatieketel wordt gestart. 0 E 2 6 5 Wachtfase van de con-densatieketel. De con-densatieketel schakelt als reactie op de warmte-vraag regelmatig in op lage belasting. 0 H 2 0 3 De condensatieketel staat bedrijfsklaar, geen warm-tevraag aanwezig. 0 L 2 8 4 De condensatieketel wordt gestart. 0 U 2 7 0 De condensatieketel wordt gestart. 0 Y 2 0 4 De condensatieketel kan de warmte niet aan de CV-installatie afgeven en bevindt zich in de wacht-stand. Tabel 9 Bedrijfs- en storingscodes.

7 Bedrijfs- en storingsmeldingenLogamax plus GB162-15/25/35/45 V3 – 6 720 807 881 (2013/03) 11Geen displaycode, maar er is wel een storing aanwezig. Het is mogelijk dat er geen displaycode wordt weergegeven, ondanks dat de condensatieketel niet werkt zoals verwacht. Controleer a. u. b. het volgende: ▶ De CV-installatie wordt niet verwarmd. – In het menu “Normaal bedrijf” controleren, of een storingscode wordt getoond en proberen, deze op te heffen. – Stand van de aanvoertemperatuurregelaar controleren. – Aan de hand van de gebruiksaanwijzing de instellingen van de ka-merthermostaat controleren. ▶ Warm water blijft koud. – In het menu “Normaal bedrijf” controleren, of een storingscode wordt getoond en proberen, deze op te heffen. – In het menu “Instellingen” controleren, of de warmwaterfunctie is ingeschakeld, [c/\/1|[c/\/1|[c/\/1|[c/\/1|[c/\/1|.

– Stand van de warmwatertemperatuurregelaar controleren. – Aan de hand van de gebruiksaanwijzing de instellingen van de kamerthermostaat controleren. Is de storing niet verholpen. Neem contact op met uw installateur en geef het keteltype en de storingscode door. Geen displaycode, maar er is wel een storing aanwezig. Het is mogelijk, dat er geen displaycode wordt weergegeven, ondanks dat de condensatieketel niet werkt zoals verwacht. Controleer a. u. b. het volgende: ▶ Warmwater blijft koud. – In het menu “Normaal bedrijf” controleren, of een storingscode wordt getoond en proberen, deze storing op te heffen. – In het menu “instellingen ”controleren, of de warmwaterfunctie is ingeschakeld, [c/\/1|[c/\/1|[c/\/1|[c/\/1|[c/\/1|. – Stand van de warmwatertemperatuurregelaar controleren. – Aan de hand van de gebruiksaanwijzing de instellingen van de kamerthermostaat controleren.

• Radiatoren en CV-instal-latie ontluchten. • Condensatieketel op-nieuw starten. 0 Y 2 8 5 De temperatuursensoren in de condensatieketel meten een te hoge tempe-ratuur. • Bedrijfsdruk controle-ren. Indien nodig bijvul-len. • Controleer, of voldoende radiatoren zijn geopend. • Radiatoren en CV-instal-latie ontluchten. • Condensatieketel op-nieuw starten. 2 E 2 0 7 De bedrijfsdruk is te laag. • Bedrijfsdruk controle-ren. Indien nodig bijvul-len. • Condensatieketel op-nieuw starten. 2 F 2 6 0 De temperatuursensoren in de condensatieketel meten een afwijkende temperatuur. • Controleer, of voldoende radiatoren zijn geopend. • Radiatoren en CV-instal-latie ontluchten. • Condensatieketel op-nieuw starten. 2 F 3 4 5 De temperatuursensoren in de condensatieketel meten een afwijkende temperatuur. • Controleer, of voldoende radiatoren zijn geopend. • Radiatoren en CV-instal-latie ontluchten.

• Condensatieketel op-nieuw starten. 2 L 2 6 6 De temperatuursensoren in de condensatieketel meten een afwijkende temperatuur. • Bedrijfsdruk controle-ren. Indien nodig bijvul-len. • Controleer, of voldoende radiatoren zijn geopend. • Radiatoren en CV-instal-latie ontluchten. • Condensatieketel op-nieuw starten. 2 P 2 1 2 De temperatuursensoren in de condensatieketel meten een afwijkende temperatuur. • Controleer, of voldoende radiatoren zijn geopend. • Radiatoren en CV-instal-latie ontluchten. • Condensatieketel op-nieuw starten. 2 P 3 4 1 De temperatuursensoren in de condensatieketel meten een afwijkende temperatuur. • Controleer, of voldoende radiatoren zijn geopend. • Radiatoren en CV-instal-latie ontluchten. • Condensatieketel op-nieuw starten.

4 C 2 2 4 De temperatuursensoren in de condensatieketel meten een te hoge tempe-ratuur. • Bedrijfsdruk controle-ren. Indien nodig bijvul-len. • Controleer, of voldoende radiatoren zijn geopend. • Radiatoren en CV-instal-latie ontluchten. • Condensatieketel op-nieuw starten. 6 A 2 2 7 De brander ontsteekt niet. • Controleer of de gas-kraan is geopend. • Condensatieketel op-nieuw starten. 7 C 2 3 1 Tijdens een storing is een korte spanningsonder-breking opgetreden. • Condensatieketel op-nieuw starten. H 0 7 De bedrijfsdruk is te laag. • Bedrijfsdruk controle-ren. Indien nodig bijvul-len. r EDe condensatieketel wordt gereset. Code Toelichting Maatregel Tabel 9 Bedrijfs- en storingscodes.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Buderus Logamax plus GB162T stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden