Beurer EM 89 Handleiding
Pagina's 228 Niet gecategoriseerd
Bekijk de handleiding van Beurer EM 89 gratis online of download de PDF. 29 mensen vonden deze handleiding nuttig. Vraag over dit model? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Beurer |
| Categorie: | Niet gecategoriseerd |
| Model: | EM 89 |
Handleiding Beurer EM 89 – volledige tekst
Reserveonderdelen en aan slijtage onderhevige onderdelen. 16119. Technische gegevens. 16220. Garantie/service. 163Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig door, bewaar deze voor later gebruik, laat deze ook door andere gebruikers lezen en neem alle aanwijzingen in acht. 1. BIJ LEVERING INBEGREPENControleer of de buitenkant van de verpakking intact is en of alle onderdelen aanwezig zijn. Alvorens het apparaat te gebruiken, moet worden gecontroleerd of het apparaat en de onderdelen ervan zichtbaar beschadigd zijn en moet al het verpakkingsmateriaal worden verwijderd. Wij adviseren u het apparaat bij twijfel niet te gebruiken en contact op te nemen met de verkoper of met de betreende klantenservice. A A 8 x elektroden incl. gelpadsB 1 x EM89 Heat-apparaatC 1 x USB-oplaadkabelD 1 x opbergzakje2. INTRODUCTIEWat is en kan het digitale TENS/EMS-apparaat.
147ten van pijn, voor het behoud van de lichamelijke conditie, voor ontspanning, voor het revitaliseren van de spieren en voor het tegengaan van vermoeidheid. Daarvoor kunt u een van de vooraf ingestelde programma’s selecteren of de programma’s zelf aan uw behoeften aanpassen. De werking van elektrostimu-lators is gebaseerd op het nabootsen van lichaamseigen impulsen, die door middel van elektroden via de huid worden doorgestuurd naar de zenuw- of spiervezels. De elektroden kunnen daarbij op vele verschillende delen van het lichaam worden aangebracht, waarbij de elektrische stimulatie ongevaarlijk en met de juiste instelling pijnloos is. Bij bepaalde toepassingen voelt u alleen een lichte kriebeling of vibratie. De naar het weefsel doorgestuurde elektrische impulsen beïnvloeden de overdracht van prikkels naar zenuwbanen, zenuw-knopen en spiergroepen in het behandelde gebied.
Elektrische spierstimulatie (Electrical Muscle Stimulation (EMS)) is een veelgebruikte en algemeen erkende methode die al jarenlang wordt toegepast in de sport- en revalidatiegenees-kunde. Het eect van de elektrische stimulatie is over het algemeen pas na regelmatig gebruik zichtbaar. De elektrische stimulatie van de spieren is geen vervanging voor het regelmatig trainen van de spieren, maar ondersteunt het eect van de training wel op doeltreende wijze. Introductie TENSTENS, transcutane elektrische zenuwstimulatie, is de elektrische stimulatie van zenuwen via de huid. TENS is een klinisch bewezen, eectieve methode voor het behandelen van pijn met bepaalde oorzaken, zonder dat hierbij medicijnen gebruikt hoeven te worden en, als het apparaat juist wordt gebruikt, zonder bijwerkingen. TENS kan ook eenvoudig worden gebruikt voor zelfbehandeling.
De pijnverlichting dan wel pijnonderdrukking wordt onder andere bereikt door impulsen in een hoge frequentie, die het verder leiden van de pijn via de ze-nuwvezels onderdrukken, en door de stijging van de afgifte van lichaamseigen endorfines, die op het centrale zenuwstelsel inwerken om het pijngevoel te verminderen. De methode is wetenschappelijk onderbouwd en medisch erkend. Laat uw behandelend arts uw ziektebeeld vaststellen en bepalen of een TENS-behan-deling zinvol is. Uw arts kan u ook aanwijzingen geven met betrekking tot de TENS-zelfbehandeling. Introductie EMSIn de sport- en fitnesswereld wordt elektrische spierstimulatie (EMS) onder an-dere toegepast als aanvulling op de gebruikelijke training van de spieren. Op die manier worden spiergroepen versterkt en lichaamsverhoudingen aan de gewenste esthetische resultaten aangepast. EMS kan voor twee verschillende doeleinden worden ingezet.
Enerzijds kunnen de spieren er gericht mee wor-den versterkt (activerende toepassing) en anderzijds kan er een ontspannende, verkwikkende werking (ontspannende toepassing) mee worden gerealiseerd. Introductie MASSAGEHet apparaat biedt door de geïntegreerde massagetechnologie bovendien de mogelijkheid om spierspanningen af te bouwen en vermoeidheidsverschijnse-len tegen te gaan met een programma dat wat betreft gevoel en werking op een echte massage lijkt. Aan de hand van de voorgestelde plaatsingsmogelijkheden en de program-matabellen in deze handleiding kunt u de apparaatinstellingen voor de gewens-te behandeling (afhankelijk van het betreende deel van het lichaam) en voor het gewenste eect snel en eenvoudig achterhalen.
Door de vier afzonderlijk instelbare kanalen biedt het digitale EMS/TENS-apparaat het voordeel dat de intensiteit van de impulsen onafhankelijk van elkaar aan vier te behandelen lichaamsgebieden kan worden aangepast, bijvoorbeeld om beide zijden van het lichaam te behandelen of om grotere weefseloppervlakken gelijkmatig te stimuleren.
De afzonderlijke instelling van de intensiteit van elk kanaal maakt het bovendien mogelijk om tegelijkertijd twee verschillende delen van het lichaam te behan-delen, waardoor u tijd kunt besparen ten opzichte van een sequentiële afzon-derlijke behandeling. Om klachten nog aangenamer te kunnen verlichten, biedt de EM89 Heat ook de mogelijkheid om een weldadige verwarmingsfunctie met twee standen in te schakelen, met een warmte-ontwikkeling tot maximaal 43 °C. Warmte bevordert bewezen de doorbloeding en heeft een ontspannende wer-king. De verwarmingsfunctie van de EM89 Heat kan tegelijk met de stimulatie of apart worden gebruikt. 3.
VERKLARING VAN DE SYMBOLENOp het apparaat, in de gebruiksaanwijzing, op de verpakking en op het type-plaatje van het apparaat worden de volgende symbolen gebruikt:WAARSCHUWINGWaarschuwing voor situaties met risico op verwonding of gevaar voor uw gezondheidPAS OPWaarschuwing voor mogelijke schade aan het apparaat.
148ProductinformatieVerwijzing naar belangrijke informatieGebruiksaanwijzing in acht nemenIP22Bescherming tegen het binnendringen van vaste voorwer-pen met een diameter van > 12,5 mm.Bescherming tegen druppels vallend onder een hoek van 15°.SNSerienummerToegepast deel type BFVerwijder het apparaat conform de EU-richtlijn voor afge-dankte elektrische en elektronische apparatuur – WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment).Batterijen die schadelijke stoen bevatten, mogen niet met het huisvuil worden weggegooid.Dit product voldoet aan de eisen van de geldende Euro-pese en nationale richtlijnen.FabrikantDoor het apparaat kunnen eectieve uitgangswaarden van gemiddeld meer dan 10mA bij elk interval van 5 sec.
worden afgegeven.Scheid de verpakkingscomponenten en voer het afval volgens de lokale voorschriften af.BAAanduiding voor de identificatie van het verpakkingsma-teriaal.A = materiaalafkorting, B = materiaalnummer:1-7 = kunststoen, 20-22 = papier en kartonScheid het product en de verpakkingscomponenten en voer het afval volgens de lokale voorschriften af.Het apparaat mag niet worden gebruikt door personen met medische implantaten (zoals een pacemaker). De werking van deze implantaten kan anders negatief worden beïnvloed.Symbool importeurProductiedatumStorageToegestane temperatuur en luchtvochtigheid bij opslagOperatingToegestane temperatuur en luchtvochtigheid bij gebruikTransportationToegestane temperatuur en luchtvochtigheid bij transportMedisch apparaat (MDR-symbool)ArtikelnummerUDIUnique Device Identifier (UDI) Code voor een eenduidige productidentificatieTypenummer
1494. VOORGESCHREVEN GEBRUIKDoel TENS/EMS/MassageHet apparaat is bedoeld voor de behandeling van pijn met behulp van de TENS-technologie (transcutane elektrische zenuwstimulatie). De pijnstilling kan voor verschillende delen van het menselijk lichaam worden toegepast. Deze delen worden in de volgende acht indicatiegebieden vermeld. Wanneer het apparaat voor niet-medische doeleinden wordt gebruikt, is het door de EMS-technologie (elektrische spierstimulatie) geschikt voor het ver-sterken van de spieren, voor regeneratie en voor ontspannende massages. Doelgroep TENS/EMS/MassageDit apparaat is bedoeld voor privégebruik in de thuissituatie, niet voor gebruik in professionele gezondheidsinstellingen. Het apparaat is geschikt voor alle volwassen personen met pijnklachten zoals beschreven in de volgende indi-catiegebieden. Klinische voordelenBehandeling van pijn met verschillende oorzaken.
Niet-klinische voordelen• Training van de spieren voor het vergroten van het uithoudingsvermogen. • Training van de spieren om het versterken van bepaalde spieren of spier-groepen te ondersteunen, zodat gewenste veranderingen van de lichaams-verhoudingen worden gerealiseerd. • Versnelling van de spierregeneratie na zware inspanning van de spieren (bijv. na een marathon). • Verbetering bij tekenen van spiervermoeidheid. • Ontspanning van de spieren voor het verlichten van spanningen.
IndicatiesHet gebruik van het apparaat wordt aanbevolen bij:• Rugpijn - pijn in rust en bij inspanning• Gewrichtspijn - pijn in rust en bij belasting• Neuralgieën, inclusief fantoompijn• Menstruatiekrampen• Pijn bij doorbloedingsstoornissen - pijn in rust en bij belasting• Hoofdpijn• Pijn door letsel aan het bewegingsapparaat - pijn in rust en bij belasting• Chronische pijn met verschillende oorzaken - pijn in rust en bij belastingContra-indicaties• De stimulatie mag niet - over of door het hoofd, - rechtstreeks op de ogen, - met afdekking van de mond, - aan de voorkant van de hals (in het bijzonder bij de sinus caroticus), of - met op de borst en de bovenrug of - het hart kruislings aangebrachte elektroden plaatsvinden. • Gebruik het apparaat niet in de buurt van het hart.
Stimulatie-elektroden mogen niet op de voorkant van de borstkas worden aangebracht (her-kenbaar aan ribben en borstbeen), in het bijzonder niet op de twee grote borstspieren. Hier kan het apparaat het risico op kamerfibrilleren verhogen en een hartstilstand veroorzaken (zie het hoofdstuk ‘Algemene waarschu-wingen’). • Gebruik het apparaat NIET - op de schedelbotten, op en nabij de mond, de keelholte of het strot-tenhoofd, - op en nabij de hals/halsslagader, - op en nabij de genitaliën, - bij de aanwezigheid van geïmplanteerde elektrische apparaten (bijv.
pacemakers), - bij de aanwezigheid van metalen of elektrische implantaten, - bij mensen die een insulinepomp dragen, - bij hoge koorts (> 39°C), - bij bekende of acute hartritmestoornissen en andere ritme- en gelei-dingsstoornissen van het hart, - op acuut of chronisch aangedane (verwonde of ontstoken) huid (bij-voorbeeld bij pijnlijke en pijnloze ontstekingen, rode plekken, huiduitslag (bijvoorbeeld allergieën), brandwonden, kneuzingen, zwellingen, open of genezende wonden, of littekenweefsel na operaties), - bij toevallen (bijvoorbeeld epilepsie), - tijdens de zwangerschap, - bij kanker, - na operaties waarbij versterkte spiersamentrekkingen het genezingspro-ces kunnen verstoren, - bij een gelijktijdige aansluiting op een chirurgisch apparaat met hoge frequentie, - bij acute of chronische aandoeningen aan het maag-darmstelsel,.
150 - in geval van een bekende allergie voor het elektrodemateriaal WAARSCHUWING. ONGEWENSTE BIJWERKINGEN• Huidirritatie• Drukkend gevoel op de plek van de elektroden • Lichte roodheid, brandend gevoel en pijn aan de huid na de behandeling • Paresthesie• Ongemak • Slaperigheid• Spiertrillingen• Gespannen spieren• Hoofdpijn• Hevig bloedverlies bij de menstruatie• Allergische reacties op onderdelen5. ALGEMENE WAARSCHUWINGEN WAARSCHUWING. Gebruik van het apparaat is geen vervanging voor een medisch consult of een medische behandeling. Neem bij elke vorm van pijn of ziekte daar-om altijd eerst contact op met uw arts. Overleg voordat u het apparaat gaat gebruiken met uw behandelend arts als u:• lijdt aan acute ziekten, in het bijzonder bij vermoede of geconstateerde hoge bloeddruk, bloedstollingsstoornissen, aanleg voor trombo-emboli-sche aandoeningen en bij kwaadaardige nieuwvormingen.
• een huidaandoening hebt. • lijdt aan niet-gediagnosticeerde chronische pijn, ongeacht waar u de pijn ervaart. • lijdt aan diabetes. • lijdt aan zintuiglijke stoornissen met een verminderd pijngevoel (zoals bij stofwisselingsstoornissen). • meerdere medische behandelingen tegelijk ondergaat. • klachten krijgt tijdens de stimulatiebehandeling. • last hebt van niet minder wordende huidirritaties door langdurige stimulatie met elektroden op dezelfde plek. GEBRUIK HET DIGITALE EMS/TENS-APPARAAT UITSLUITEND:• Bij mensen. • Voor het doel waarvoor dit apparaat ontwikkeld is en uitsluitend op de in deze gebruiksaanwijzing aangegeven wijze. Elk oneigenlijk gebruik kan ge-vaarlijk zijn. • Uitwendig. • Met de meegeleverde en bij te bestellen originele reserveonderdelen om veilig gebruik te waarborgen. Bij niet naleven vervalt de garantie en kunnen er risico’s voor de gebruiker ontstaan.
• Dit apparaat mag niet worden gebruikt door personen met een beperkt fy-siek, zintuiglijk of geestelijk vermogen of gebrek aan ervaring of kennis. Gebruik door deze personen is alleen toegestaan wanneer het plaatsvindt onder toezicht van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon, of wanneer zij van deze persoon aanwijzingen hebben ontvangen over het gebruik van het apparaat. • Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. • Het apparaat is alleen bestemd voor thuis-/privégebruik, niet voor com-merciële doeleinden. ALGEMENE VEILIGHEIDSMAATREGELEN• Niet gebruiken in omgevingen met een hoge luchtvochtigheid, zoals in bad-kamers of tijdens het nemen van een bad of tijdens het douchen. • Niet gebruiken na het consumeren van alcohol. • Verwijder de elektroden altijd voorzichtig van de huid om in zeldzame ge-vallen voorkomende verwondingen aan een uiterst gevoelige huid te voor-komen.
• Houd het apparaat uit de buurt van warmtebronnen en gebruik het niet in de buurt (~1 m) van korte- of microgolfapparaten (bijvoorbeeld mobiele telefoons), omdat dit tot onaangename stroompieken kan leiden. • Stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht of hoge temperaturen. • Bescherm het apparaat tegen stoten, stof, vuil en vocht. • Dompel het apparaat nooit onder in water of andere vloeistoen. • Het apparaat is geschikt voor privégebruik. • Om hygiënische redenen mogen de elektroden slechts door één persoon worden gebruikt.
151• Stop het gebruik onmiddellijk als het apparaat niet juist werkt of als u zich niet goed voelt of pijn ervaart. • Als u de elektroden wilt verwijderen of verplaatsen, moet u het apparaat of het bijbehorende kanaal eerst uitschakelen om ongewenste prikkels te voorkomen. • Voer geen wijzigingen door aan de elektroden (bijv. door ze bij te knippen). Hierdoor ontstaat een hogere stroomdichtheid, wat gevaarlijk kan zijn (max. aanbevolen uitgangswaarde voor de elektroden 9 mA/cm², een eectieve stroomdichtheid van meer dan 2 mA/cm² behoeft extra oplettendheid). • Zorg ervoor dat de elektroden volledig contact maken met de huid. • Als de elektroden verslijten, kunnen er huidirritaties optreden, omdat een gelijkmatige verdeling van de stroom over het gehele oppervlak niet meer gegarandeerd is. Daarom moeten de elektroden bij het ontstaan van ver-kleuringen worden vervangen.
• Niet gebruiken wanneer u slaapt, tijdens het besturen van een motorvoer-tuig of tijdens de bediening van machines. • Gebruik het apparaat niet tijdens werkzaamheden waarbij een onvoorspel-bare reactie (bijvoorbeeld versterkte spiersamentrekking ondanks lage in-tensiteit) gevaar kan veroorzaken. • Voorkom dat metalen voorwerpen, zoals gespen of kettingen, tijdens de stimulatie in contact kunnen komen met de elektroden. Draagt u in de buurt van de plek waar u het apparaat gaat gebruiken sieraden of piercings (bijv. een navelpiercing), dan moet u deze verwijderen voordat u het apparaat gebruikt om plaatselijke verbranding te voorkomen. • Houd het apparaat buiten bereik van kinderen om gevaarlijke situaties te voorkomen. • Verwar de elektrodekabels met de contacten niet met de kabels van uw koptelefoon of andere apparaten en verbind de elektroden niet met andere apparaten.
• Gebruik dit apparaat niet tegelijk met andere apparaten die elektrische im-pulsen aan uw lichaam afgeven. • Gebruik het apparaat niet in de buurt van licht ontvlambare stoen, gassen of explosieven.
• Voer de behandeling gedurende de eerste minuten uit terwijl u zit of ligt om bij de in zeldzame gevallen optredende vagale reactie (gevoel van flauwte) niet onnodig verwondingsgevaar te lopen. Zet het apparaat bij gevoel van flauwte onmiddellijk uit en ga met uw benen omhoog liggen (ca. 5 - 10 min. ). • Smeer de huid voordat u het apparaat gebruikt niet in met crèmes of zalven. Hierdoor kunnen de elektroden aanzienlijk sneller slijten en kunnen onaan-gename stroompieken ontstaan. • Houd verpakkingsmateriaal buiten bereik van kinderen (verstikkingsgevaar). • Bewaar het apparaat op een droge plaats (alleen voor gebruik binnenshuis). Om brand en/of elektrische schokken te voorkomen, moet het apparaat worden beschermd tegen hoge vochtigheid en water. Beschadiging• Wij adviseren u het apparaat niet te gebruiken als het beschadigd is.
Neem in dat geval contact op met de verkoper of met de betreende klanten-service. • Om de correcte werking van het apparaat te kunnen garanderen, mag u het apparaat niet laten vallen of uit elkaar halen. • Controleer het apparaat op tekenen van slijtage of beschadiging. Als er sprake is van tekenen van slijtage of beschadiging of als het apparaat op een andere wijze dan bedoeld is gebruikt, moet u het naar de fabrikant of de verkoper brengen, voordat u het apparaat opnieuw gebruikt. • Schakel het apparaat direct uit als het defect is of als zich tijdens het ge-bruik storingen voordoen. • Probeer het apparaat nooit zelf te openen en/of te repareren. Laat reparaties alleen uitvoeren door de klantenservice of een geautoriseerde dealer. Wan-neer u deze instructie niet in acht neemt, vervalt de garantie.
• De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die is veroorzaakt door onei-genlijk of verkeerd gebruik. Aanwijzingen voor het gebruik van accu’s• Als vloeistof uit een accucel in aanraking komt met de huid of ogen, moet u de betreende plek met water spoelen en een arts raadplegen. • Gevaar voor inslikken.
Kleine kinderen kunnen accu’s inslikken, met verstik-king als gevolg. Bewaar accu’s daarom buiten bereik van kleine kinderen. • Als er een accu is gaan lekken, moet u veiligheidshandschoenen aantrek-ken en het apparaat volgens de voorschriften weggooien. • Bescherm accu’s tegen overmatige hitte. • Explosiegevaar. Werp accu’s niet in vuur. • Haal accu’s niet uit elkaar, open ze niet en hak ze niet in stukken. • Gebruik alleen laders die in de gebruiksaanwijzing worden vermeld. Laad het apparaat uitsluitend met de meegeleverde oplaadkabel op. • Schakel het apparaat altijd eerst uit, voordat u het oplaadt.
152• Voordat u accu’s gebruikt, moet u deze op de juiste wijze opladen. Neem te allen tijde de aanwijzingen van de fabrikant en de informatie in deze ge-bruiksaanwijzing voor het correct opladen in acht. • Laad de accu volledig op voordat u het apparaat voor de eerste keer ge-bruikt (zie het hoofdstuk ‘Ingebruikname’). • Laad de accu voor een zo lang mogelijke levensduur minstens 2 keer per jaar volledig op. 6. BESCHRIJVING VAN HET APPARAATToetsen:De bijbehorende tekeningen zijn afgebeeld op pagina 3.
1 Toets AAN/UIT 2 Toets ENTER3 Toets MENU4 Insteltoetsen (/ /Ch3/Ch4)5 Toets Heat 6 Elektrodeaansluiting kanaal 1 en 27 Elektrodeaansluiting kanaal 3 en 48 OplaadaansluitingDisplay (volledige weergave):9 Menu / /10 Ingesteld favoriete program-ma 11Toetsenblokkering12Batterijstatus13 Programmanummer14 Timerfunctie (weergave reste-rende tijd) en on/o time 15 Weergave frequentie (Hz) en pulsbreedte (µs)16 Verwarmingsfunctie laag/hoog /17 Weergave voor de plaatsing van de elektroden18 Impulsintensiteit kanaal 1 19 Impulsintensiteit kanaal 2 20 Impulsintensiteit kanaal 3 Ch321 Impulsintensiteit kanaal 4 Ch47. INGEBRUIKNAME Voordat u de EM 89 Heat voor de eerste keer gebruikt, moet u deze eerst vol-ledig opladen. Ga daarvoor als volgt te werk:1. Sluit de USB-oplaadkabel aan op een geschikte netadapter (uitgangsspan-ning max.
5V/2A), zie het hoofdstuk ‘Reserveonderdelen en aan slijtage on-derhevige onderdelen’ en op de EM 89 Heat (netadapter niet bij de levering inbegrepen, verkrijgbaar als serviceartikel). 2. Steek de netadapter vervolgens in een geschikt stopcontact. Terwijl het ap-paraat wordt opgeladen, kan het niet worden gebruikt. 3. Trek niet aan de snoeren en verdraai en knik ze niet B 2. 4. Breng nadat het opladen is voltooid de meegeleverde gelpads op de elek-troden aan. Verwijder daarvoor voorzichtig een van de beschermfolies B 3. 5. Breng de gelpad zorgvuldig op de elektrode aan en trek de beschermfolie voorzichtig eraf B 4.
Let erop dat de rand van de gelpad niet buiten de rand van de elektrode uitsteekt. Als de gelpad een klein beetje scheef wordt aangebracht, heeft dit geen gevolgen voor de werking. WAARSCHUWING. Verwijder de beschermfolie voorzichtig en langzaam. Controleer of de zelfkle-vende gelpad beschadigd is. Een gelpad met beschadigingen of oneenheden kan namelijk huidirritaties veroorzaken. 8. GEBRUIK8. 1 Gebruik startenStap 1: Kies in de programmatabellen (zie het hoofdstuk ‘Programmaover-zicht’) een programma dat aansluit op uw doelen. Stap 2: Plaats de elektroden in het gewenste gebied (zie pagina 5 ‘Aanwij-zingen met betrekking tot het plaatsen van elektroden’ voor de voorgestelde plaatsingsmogelijkheden) en verbind ze met het apparaat. Stap 3: Houd de AAN/UIT-toets ten minste één seconde ingedrukt om het apparaat in te schakelen.
153Stap 5: Selecteer met de / -insteltoetsen het gewenste programmanummer en bevestig uw selectie met de ENTER-toets. Bij aanvang van de stimulatie-behandeling is de impulsintensiteit van / /Ch3 en Ch4 standaard ingesteld op ‘00’. Er worden nog geen impulsen naar de elektroden verzonden. Stap 6: Selecteer met de rechter / -insteltoetsen telkens de gewenste im-pulsintensiteit voor / /Ch3 en Ch4. De weergave van de impulsin-tensiteit op het display wordt overeenkomstig aangepast. De grijze elektroden horen bij kanaal 1 en 3 en de rode elektroden bij kanaal 2 en 4. Stap 7: Met de Heat-toets kunt u de verwarmingsfunctie activeren. Bij de eer-ste druk op de toets activeert u de lage warmtestand, bij de tweede druk op de toets de hoge warmtestand en bij de derde druk op de toets deactiveert u de verwarmingsfunctie. 8.
2 Aanwijzingen met betrekking tot het gebruik• Na 30 seconden inactiviteit wordt het verlichte display van het apparaat au-tomatisch uitgeschakeld. U kunt dit weer activeren door op een willekeurige toets (behalve de AAN/UIT-toets ) te drukken. • Als het apparaat één minuut niet wordt gebruikt, wordt het automatisch uit-geschakeld (automatische uitschakeling). Wanneer u het apparaat opnieuw inschakelt, verschijnt op het lcd-beeldscherm de menuselectie en het laatst gebruikte menu knippert. • Als er een juiste toets wordt ingedrukt, klinkt er een kort akoestisch signaal en als er een onjuiste toets wordt ingedrukt, klinken er twee korte akoes-tische signalen. • U kunt de stimulatie op elk moment onderbreken (pauze) door kort op de AAN/UIT-toets te drukken. Om de stimulatie te hervatten, stelt u de ge-wenste impulsintensiteit opnieuw in.
Toetsenblokkering Blokkeer de toetsen om te voorkomen dat u onbedoeld toetsen indrukt. 1. Houd voor het activeren van de toetsenblokkering de ENTER-toets ca. 3 seconden ingedrukt, totdat het symbool op het display verschijnt. 2. Druk voor het deactiveren van de toetsenblokkering opnieuw ca. 3 secon-den op de ENTER-toets, totdat het symbool van het display verdwijnt. Gebruik pauzerenU kunt de stimulatie op elk moment onderbreken (pauze) door kort op de AAN/UIT-toets te drukken. Om de stimulatie te hervatten, stelt u de ge-wenste impulsintensiteit opnieuw in. 9. WARMTEDe EM 89 Heat heeft naast de TENS-, EMS- en MASSAGE-programma’s ook twee warmtestanden die indien gewenst bij alle programma’s kunnen wor-den geactiveerd, zie het hoofdstuk ‘Gebruik starten’. De warmte die door de gelpads wordt afgegeven, ontspant de spieren en verbetert de doorbloeding.
Druk op de Heat-toets om de eerste stand van de verwarmingsfunctie te ac-tiveren. Wacht daarna een moment tot de temperatuur niet meer stijgt. Als u de temperatuur te laag vindt, kunt u de tweede stand van de verwarmings-functie activeren door nog een keer op de Heat-toets te drukken. Als u de verwarmingsfunctie wilt deactiveren, kunt u dit doen door nog een keer op de Heat-toets te drukken. Ga als volgt te werk als u de verwarmingsfunctie apart (zonder stimulatie) wilt gebruiken:Stap 1: Plaats de elektroden in het gewenste gebied (zie het hoofdstuk ‘Aan-wijzingen met betrekking tot het plaatsen van elektroden’ voor de voorgestelde plaatsingsmogelijkheden) en verbind ze met het apparaat. Voor het gebruik van de verwarmingsfunctie moeten altijd beide elektroden van het gebruikte kanaal worden aangebracht. De gebruikte kanalen worden op het display weer-gegeven.
154Stap 2: Houd de AAN/UIT-toets ten minste één seconde ingedrukt om het ap-paraat in te schakelen. Stap 3: Druk op de Heat-toets om naar de instellingen voor de verwarmings-functie te gaan. Stap 4: Selecteer met de / -insteltoetsen de gewenste behandelingsduur en bevestig uw selectie met de ENTER-toets. Stap 5: De eerste stand van de verwarmingsfunctie is ingesteld, het -symbool begint te branden. Wacht daarna een moment tot de temperatuur niet meer stijgt. Als u de temperatuur te laag vindt, kunt u de tweede stand van de verwarmingsfunctie activeren door nog een keer op de Heat-toets te drukken. Het symbool verschijnt. Door nogmaals op de Heat-toets te drukken, gaat het apparaat weer terug naar de lagere warmtestand ( ). Voor het gebruik van de verwarmingsfunctie moeten altijd beide elek-troden van het gebruikte kanaal worden aangebracht.
De gebruikte kanalen worden op het display weergegeven. 10. PROGRAMMAOVERZICHTHet digitale EMS/TENS-apparaat heeft in totaal 70 programma’s: • 15 TENS-programma’s • 35 EMS-programma’s• 20 MASSAGE-programma’sU kunt bij elk programma de impulsintensiteit van de vier kanalen apart in-stellen. Ook kunt u bij de TENS-programma’s 13-15 en de EMS-programma’s 33-35 verschillende parameters instellen om de stimulerende werking aan te passen aan de bouw van de plek op het lichaam waar u het apparaat gebruikt. 10. 1 TENS-programmatabelProgr. - nr. Zinvolle toepassingsgebieden, indicatiesLooptijd (min. )Plaatsings-moge-lijkheden elektroden1 Pijn bovenste ledematen 1 30 12-172 Pijn bovenste ledematen 2 30 12-17Progr. - nr. Zinvolle toepassingsgebieden, indicatiesLooptijd (min.
156Progr. - nr. Zinvolle toepassingsgebieden, indicatiesLooptijd (min. )Plaatsings-mogelijk-heden elektroden10 Ontspannende massage 420 1-2811 Spamassage 112 Spamassage 213 Spamassage 314 Spamassage 415 Spamassage 516 Spamassage 617 Spamassage 718 Spanningsverlichtende massage 119 Spanningsverlichtende massage 220 Spanningsverlichtende massage 3 WAARSCHUWING. De elektroden mogen niet op de voorwand van de borstkas worden gebruikt. Dat wil zeggen dat u geen massage op de grote linker- en rechterborstspier mag uitvoeren. 10. 4 Aanwijzingen met betrekking tot het plaatsen van elektrodenDe bijbehorende tekeningen zijn afgebeeld op pagina 5. Om ervoor te zorgen dat de stimulatiebehandeling het gewenste eect heeft, is het belangrijk dat de elektroden doeltreend worden geplaatst. Wij adviseren u om de optimale plaatsing van de elektroden op het gebied dat u wilt behandelen met uw arts af te stemmen.
Het poppetje op het display dient als hulp bij het plaatsen van de elek-troden. Bij het plaatsen van de elektroden zijn de volgende aanwijzingen van belang:Afstand tussen de elektrodenHoe groter de afstand tussen de elektroden, hoe groter het volume van het gestimuleerde weefsel. Dat geldt voor het oppervlak en voor de diepte van het weefselvolume. Bij een grotere afstand tussen de elektroden neemt de sterkte van de stimulatie van het weefsel echter ook af. Dat betekent dat er bij een grotere afstand tussen de elektroden weliswaar een groter oppervlak wordt gestimuleerd, maar dat het weefsel daarbij minder sterk wordt gestimuleerd. Om de stimulatie te versterken, moet in dat geval de impulsintensiteit worden verhoogd. Als richtlijn voor de afstand tussen de elektroden geldt:• Meest eectieve afstand: ca.
5 -15 cm• Bij een afstand van minder dan 5cm worden voornamelijk oppervlakkige structuren sterk gestimuleerd• Bij een afstand van meer dan 15cm worden grote en diepliggende structu-ren zeer zwak gestimuleerdPlaatsing van elektroden aan de hand van het spiervezelverloop C De keuze van de stroomrichting moet overeenkomstig de gewenste spierlaag aan het vezelverloop van de spieren worden aangepast. Als u oppervlakkige spieren wilt stimuleren, dan moeten de elektroden parallel aan het vezelver-loop worden aangebracht (A – B / C – D) en als u diepliggende weefsellagen wilt bereiken, dan moeten de elektroden dwars ten opzichte van het vezelverloop worden aangebracht. Dit laatste kunt u bereiken door de elektroden kruiselings (dwars) aan te brengen, bijvoorbeeld A – D / B – C.
Bij het behandelen van pijn (TENS) met het digitale EMS/TENS-appa-raat met de 4 afzonderlijk regelbare kanalen en elk 2 elektroden wordt aangeraden om de elektroden van een kanaal zo te plaatsen dat het pijnlijke punt tussen de elektroden ligt. Of u plaatst een elektrode direct op het pijnlijke punt en de andere ten minste 2 tot 3 cm van het pijnlijke punt vandaan. De elektroden van het tweede kanaal kunt u gebruiken om een ander pijnlijk punt gelijktijdig te behandelen of u kunt ze sa-men met de elektroden van het eerste kanaal gebruiken om het pijnlijke gebied in te sluiten (tegenoverliggend). Ook hier is het zinvol om de elektroden kruiselings aan te brengen. Tip met betrekking tot de massagefunctie: voor een optimale behande-ling gebruikt u altijd minstens 4 elektroden.
157De levensduur van de elektroden kan worden verlengd door ze alleen op een schone en indien mogelijk haar- en vetvrije huid te gebruiken. Reinig de huid voorafgaand aan de behandeling indien nodig met water en maak de te behandelen plek indien nodig haarvrij. Als een elektrode tijdens het gebruik losraakt, wordt de impulsinten-siteit van het betreende kanaal naar de laagste stand geschakeld. Plaats de elektrode weer op de huid en stel de gewenste impulsinten-siteit opnieuw in. 11. AANPASBARE PROGRAMMA’S(geldt voor TENS 13–15, EMS 33-35)De programma’s TENS 13-15 en EMS 33-35 kunt u instellen aan de hand van uw persoonlijke wensen. Programma TENS 13Het programma TENS 13 is een programma dat u aan uw persoonlijke wensen kunt aanpassen. U kunt bij dit programma een impulsfrequentie van 1 tot 150 Hz en een impulsbreedte van 80 tot 250 µs instellen. 1.
Plaats de elektroden in het gewenste gebied (zie het hoofdstuk ‘Aanwijzin-gen met betrekking tot het plaatsen van elektroden’ voor de voorgestelde plaatsingsmogelijkheden) en verbind ze met het apparaat. 2. Selecteer het programma TENS 13 zoals beschreven in hoofdstuk ‘Gebruik starten’ (stap 3 tot stap 5). 3. Selecteer met de / -insteltoetsen de gewenste impulsfrequentie en be-vestig uw selectie met de ENTER-toets. 4. Selecteer met de / -insteltoetsen de gewenste impulsbreedte en bevestig uw selectie met de ENTER-toets. 5. Selecteer met de /-insteltoetsen de gewenste behandelingsduur en be-vestig uw selectie met de ENTER-toets. 6. Selecteer met de / -insteltoetsen telkens de gewenste impulsintensiteit voor / /Ch3 en Ch4. Programma TENS 14Het programma TENS 14 is een burst-programma dat u aan uw persoonlijke wensen kunt aanpassen.
Bij dit programma worden verschillende impulsreek-sen doorlopen. Burst-programma’s zijn geschikt voor alle plekken die met een wisselend signaalpatroon moeten worden behandeld (voor minimale gewen-ning). U kunt bij dit programma een impulsbreedte van 80 tot 250 µs instellen.
1. Plaats de elektroden in het gewenste gebied (zie het hoofdstuk ‘Aanwijzin-gen met betrekking tot het plaatsen van elektroden’ voor de voorgestelde plaatsingsmogelijkheden) en verbind ze met het apparaat. 2. Selecteer het programma TENS 14 zoals beschreven in het hoofdstuk ‘Ge-bruik starten’ (stap 3 tot stap 5). 3. Selecteer met de / -insteltoetsen de gewenste impulsbreedte en bevestig uw selectie met de ENTER-toets. 4. Selecteer met de /-insteltoetsen de gewenste behandelingsduur en be-vestig uw selectie met de ENTER-toets. 5. Selecteer met de / -insteltoetsen telkens de gewenste impulsintensiteit voor / /Ch3 en Ch4. Programma TENS 15Het programma TENS 15 is een programma dat u aan uw persoonlijke wen-sen kunt aanpassen. U kunt bij dit programma een impulsfrequentie van 1 tot 150 Hz instellen. De impulsbreedte verandert tijdens de stimulatiebehandeling automatisch. 1.
Plaats de elektroden in het gewenste gebied (zie het hoofdstuk ‘Aanwijzin-gen met betrekking tot het plaatsen van elektroden’ voor de voorgestelde plaatsingsmogelijkheden) en verbind ze met het apparaat. 2. Selecteer het programma TENS 15 zoals beschreven in het hoofdstuk ‘Ge-bruik starten’ (stap 3 tot stap 5). 3. Selecteer met de / -insteltoetsen de gewenste impulsfrequentie en be-vestig uw selectie met de ENTER-toets. 4. Selecteer met de /-insteltoetsen de gewenste behandelingsduur en be-vestig uw selectie met de ENTER-toets. 5. Selecteer met de / -insteltoetsen telkens de gewenste impulsintensiteit voor / /Ch3 en Ch4. Programma EMS 33Het programma EMS 33 is een programma dat u aan uw persoonlijke wensen kunt aanpassen. U kunt bij dit programma een impulsfrequentie van 1 tot 150 Hz en een impulsbreedte van 80 tot 320 µs instellen.
1581. Plaats de elektroden in het gewenste gebied (zie ‘Aanwijzingen met betrek-king tot het plaatsen van elektroden’ voor de voorgestelde plaatsingsmoge-lijkheden) en verbind ze met het apparaat. 2. Selecteer het programma EMS 33 zoals beschreven in het hoofdstuk ‘Ge-bruik starten’ (stap 3 tot stap 5). 3. Selecteer met de / -insteltoetsen de gewenste impulsfrequentie en be-vestig uw selectie met de ENTER-toets. 4. Selecteer met de / -insteltoetsen de gewenste impulsbreedte en bevestig uw selectie met de ENTER-toets. 5. Selecteer met de /-insteltoetsen de gewenste behandelingsduur en be-vestig uw selectie met de ENTER-toets. 6. Selecteer met de / -insteltoetsen telkens de gewenste impulsintensiteit voor / /Ch3 en Ch4. Programma EMS 34Het programma EMS 34 is een programma dat u aan uw persoonlijke wensen kunt aanpassen.
U kunt bij dit programma een impulsfrequentie van 1 tot 150 Hz en een impulsbreedte van 80 tot 450 µs instellen. Daarnaast kunt u bij dit programma een bedrijfsduur en een pauzeduur van 1 tot 30 seconden instellen. 1. Plaats de elektroden in het gewenste gebied (zie ‘Aanwijzingen met betrek-king tot het plaatsen van elektroden’ voor de voorgestelde plaatsingsmoge-lijkheden) en verbind ze met het apparaat. 2. Selecteer het programma EMS 34 zoals beschreven in het hoofdstuk ‘Ge-bruik starten’ (stap 3 tot stap 5). 3. Selecteer met de /-insteltoetsen de gewenste bedrijfsduur (‘on time’) en bevestig uw selectie met de ENTER-toets. 4. Selecteer met de / -insteltoetsen de gewenste pauzeduur (‘o time’) en bevestig uw selectie met de ENTER-toets. 5. Selecteer met de / -insteltoetsen de gewenste impulsfrequentie en be-vestig uw selectie met de ENTER-toets. 6.
Selecteer met de / -insteltoetsen telkens de gewenste impulsintensiteit voor / /Ch3 en Ch4. Programma EMS 35Het programma EMS 35 is een burst-programma dat u aan uw persoonlijke wensen kunt aanpassen. Bij dit programma varieert de intensiteit gedurende het verloop. Burst-programma’s zijn geschikt voor alle plekken die met een wisselend signaalpatroon moeten worden behandeld (voor minimale gewen-ning). U kunt bij dit programma een impulsfrequentie van 1 tot 150 Hz en een impulsbreedte van 80 tot 450 µs instellen. Daarnaast kunt u bij dit programma een bedrijfsduur en een pauzeduur van 1 tot 30 seconden instellen. 1. Plaats de elektroden in het gewenste gebied (zie ‘Aanwijzingen met betrek-king tot het plaatsen van elektroden’ voor de voorgestelde plaatsingsmoge-lijkheden) en verbind ze met het apparaat. 2.
Selecteer het programma EMS 35 zoals beschreven in het hoofdstuk ‘Ge-bruik starten’ (stap 3 tot stap 5). 3. Selecteer met de /-insteltoetsen de gewenste bedrijfsduur (‘on time’) en bevestig uw selectie met de ENTER-toets. 4. Selecteer met de / -insteltoetsen de gewenste pauzeduur (‘o time’) en bevestig uw selectie met de ENTER-toets. 5. Selecteer met de / -insteltoetsen de gewenste impulsfrequentie en be-vestig uw selectie met de ENTER-toets. 6. Selecteer met de / -insteltoetsen de gewenste impulsbreedte en bevestig uw selectie met de ENTER-toets. 7. Selecteer met de /-insteltoetsen de gewenste behandelingsduur en be-vestig uw selectie met de ENTER-toets. 8. Selecteer met de / -insteltoetsen telkens de gewenste impulsintensiteit voor / /Ch3 en Ch4. 12. FAVORIET PROGRAMMA Met het favoriete programma kunt u een van de 70 bestaande TENS/EMS/MASSAGE-programma’s als favoriet vastleggen.
Zo hebt u eenvoudiger en sneller toegang tot uw favoriete programma. Als u een favoriet programma hebt ingesteld en het apparaat inschakelt, wordt automatisch het favoriete programma geopend en gestart. U kunt dan direct.
159beginnen met de stimulatie middels uw favoriete programma. Middels een hart op het display kunt u zien dat u zich in het favoriete programma bevindt. Het favoriete programma kunt u kiezen aan de hand van uw persoonlijke erva-ringen of bijvoorbeeld op advies van uw arts. Favoriet programma instellen1. Kies uit de 70 bestaande programma’s het gewenste programma en de be-treende instellingen zoals beschreven in het hoofdstuk ‘Gebruik starten’. 2. Houd de toets 5 seconden ingedrukt om het geselecteerde programma als favoriet programma vast te leggen. 3. Een lang akoestisch signaal geeft aan dat het favoriete programma is opge-slagen. Bovendien verschijnt op het display het symbool. Het geeft aan dat u zich in het favoriete programma bevindt. Als u het apparaat opnieuw inschakelt, wordt meteen uw favoriete programma geopend. Er kan nu niet meer van programma worden gewisseld.
Om weer toegang te krijgen tot de andere programma’s, moet u uw favoriete programma weer wissen (zie volgende paragraaf). Favoriet programma wissenOm het favoriete programma te wissen en weer toegang te krijgen tot de an-dere programma’s, houdt u de toets ongeveer 5 seconden ingedrukt. De impulsintensiteit van / /Ch3 en Ch4 moet hierbij zijn ingesteld op. Een lang akoestisch signaal geeft aan dat het favoriete programma is gewist. Het tot nu toe weergegeven symbool voor het favoriete programma verdwijnt. 13. THERAPIEGEHEUGENUw apparaat registreert de behandelingsduur in het therapiegeheugen. Hier-mee kunt u documenteren hoe lang u het apparaat in totaal of gedurende een bepaalde periode voor uw behandelingen hebt gebruikt. Dat kan handig zijn wanneer u dit met uw arts wilt bespreken.
Therapiegeheugen openenSchakel het apparaat in met de AAN/UIT-toets en houd de toets 3 seconden ingedrukt om naar het therapiegeheugen te gaan. Op het display wordt de behandelingsduur tot nu toe weergegeven. De bo-venste twee cijfers geven de uren aan en daaronder worden de minuten weer-gegeven.
Therapiegeheugen resettenHoud om het geheugen voor de behandelingsduur (therapiegeheugen) terug te zetten op 3 seconden de toets ingedrukt. Druk op de MENU-toets om terug te gaan naar de programmakeuze of schakel het apparaat uit met de AAN/UIT-toets. Het geheugen van de behandelingsduur kan niet worden geopend als er een favoriet programma is geactiveerd. 14. STROOMPARAMETERSElektrostimulators werken met de volgende stroomparameters, die afhankelijk van de instelling verschillende eecten op de stimulerende werking hebben:14. 1 ImpulsvormDe impulsvorm beschrijft de tijdfunctie van de stimula-tiestroom. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen monofasi-sche en bifasische pulsstromen. Bij monofasische puls-stromen stroomt de stroom in één richting, bij bifasische pulsstromen verandert de stimulatiestroom van richting.
In het digitale EMS/TENS-apparaat is uitsluitend sprake van bifasische pulsstromen, omdat deze de spieren ontlasten, vermoeidheid van de spieren verminderen en een veiligere behandeling mogelijk maken. 14. 2 ImpulsfrequentieDe frequentie geeft het aantal afzonderlijke impulsen per seconde aan en wordt in Hz (hertz) weergegeven. U kunt de frequentie berekenen door het omgekeerde van de periodeduur te berekenen. De betreende frequentie bepaalt welke spiervezel-typen eerder reageren. Langzaam reagerende vezels reageren eerder op lagere impulsfrequenties tot 15 Hz, snel reagerende vezels worden daarentegen pas vanaf ca. 35 Hz en hoger aangesproken. Bij impulsen van ca. 45 tot 70 Hz worden de spieren constant aangespannen en raken de spieren sneller vermoeid. Hogere impulsfrequenties worden daar-om bij voorkeur bij snelkracht- en maximaalkrachttrainingen gebruikt. 14.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Beurer EM 89 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden