Aston Martin Vanquish (2015) Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Aston Martin Vanquish (2015) (240 pagina’s), behorend tot de categorie Auto. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 105 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over Aston Martin Vanquish (2015) of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Aston Martin |
| Categorie: | Auto |
| Model: | Vanquish (2015) |
Handleiding Aston Martin Vanquish (2015) – volledige tekst
Aston Martin Owners' Club (AMOC)Word lid van de Aston Martin Owners' ClubDe sportieve geest van de dertiger jaren heerst nog steeds in een van de meest exclusieve autoclubs ter wereld. AMOC is een vereniging van enthousiastelingen in bijna 60 landen met een gedeelde interesse in iconische auto’s van een legendarisch merk. Geniet samen met gelijkgezinden van de vele activiteiten, zoals avondjes uit, weekendjes weg of rijtochten. Toe aan iets spannenders? AMOC-concours zijn dé evenementen voor kenners van prachtige auto’s. Kan het u niet snel genoeg gaan? We organiseren zowel rallydagen, sprints en heuvelbeklimmingen als autoraces op racebanen als Silverstone en Goodwood in het Verenigd Koninkrijk en Lime Rock in de Verenigde Staten.Aston Martin Owner's ClubDrayton St.
Aston Martin Heritage TrustDe Aston Martin Heritage Trust is een educatieve liefdadigheidsinstelling die zich richt op het behouden en promoten van de 100-jarige geschiedenis van Aston Martin. De verzameling van wereldklasse bestaat uit het automobielmuseum, een groot archief en historische artefacten en is ondergebracht in een prachtig gerestaureerde schuur in Oxfordshire die op de lijst van monumentenzorg staat (Grade II*). Deze schuur is ook het thuis van de Owners' Club. Wanneer u lid bent van de Owners' Club, bent u ook lid en begunstiger van de Trust. Op onze website vindt u daarover meer informatie. Natuurlijk kunt u ons ook komen bezoeken om de verzameling zelf te bekijken.Aston Martin Heritage TrustDrayton St.
Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd, opgeslagen of verzonden in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, middels fotokopieën, opnamen of op enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Aston Martin Lagonda Limited. De fabrikant behoudt zich het recht voor om zonder kennisgeving specificaties te wijzigen in overeenstemming met zijn beleid van voortgaande productverbetering. Samengesteld door het Technical Publications DepartmentAston Martin Lagonda Limited,Banbury RoadGaydonWarwick,CV35 0DBEngelandTelefoon: +44 (0)1926 644300Fax: +44 (0)1926 644733Versie : jDQXDUi 201 Onderdeelnummer: FD33-19A321-SAFD33-19A321-SA. book Page 4 Tuesday, July 8, 2014 11:59 AM.
1. 2InleidingWelkomWelkom in uw nieuwe Aston Martin Vanquish. In deze handleiding voor de eigenaar en de andere publicaties in het documentatiepakket vindt u informatie, waardoor u nog meer plezier krijgt van het bezit van en het rijden met uw Aston Martin. In deze handleiding voor de eigenaar wordt niet alleen de werking van het voertuig uitgelegd, maar ook de bediening van de voertuigsystemen. Wij bevelen alle nieuwe eigenaren aan de inhoud van deze handleiding vóór het rijden zorgvuldig te bestuderen. Deze handleiding voor de eigenaar maakt deel uit van de noodzakelijke voertuiguitrusting t. b. v. gerechtelijke erkenning en moet te allen tijde in het voertuig worden bewaard. Franchisedealers van Aston MartinDit is een overzicht van alle Aston Martin dealers ter wereld.
Zij verzorgen de verkoop en het onderhoud van Aston Martins en beschikken over de noodzakelijke voorzieningen, kennis en tevens over door de fabriek opgeleid personeel www. astonmartin. comAlles is in het werk gesteld om de nauwkeurigheid van de gegevens in deze dealerlijst te waarborgen. Het is echter mogelijk dat er wijzigingen optreden bij de franchisehouders van Aston Martin. Noch Aston Martin noch enige importeur of dealer op deze lijst kan aansprakelijk worden gesteld voor onnauwkeurigheden of de gevolgen daarvan. Alle dealers op deze lijst streven ernaar om te voldoen aan de hoge Aston Martin normen voor verkoop en onderhoud. Ieder voertuigen dat als een Aston Martin wordt verkocht moet bovendien aan de plaatselijk geldende wetgeving voldoen.
De beschikbaarheid van onderdelen kan echter beperkt zijn als gevolg van verschillen in de voertuig en onderdeelspecificatiesAls de dichtstbijzijnde Aston Martin dealer u niet kan helpen, kunt u contact opnemen met het hoofdkantoor van Aston Martin:Aston Martin Lagonda Limited,Banbury Road Gaydon Warwick, CV35 0DBEngelandTelefoon: +44 (0)1926 644300Fax: +44 (0)1926 644733Aston Martin dealers zijn zelfstandige ondernemers. Ze zijn geen vertegenwoordigers van de onderneming en hebben daarom niet het recht om financiële of andere overeenkomsten aan te gaan namens de onderneming. Alleen Aston Martin dealers mogen reparaties onder garantie uitvoeren. Erkende carrosseriereparateurs van Aston MartinEen lijst met alle carrosseriereparateurs van Aston Martin is hier te vinden: www. astonmartin.
comAlle door Aston Martin erkende carrosseriereparatiecentra zijn beoordeeld en gecontroleerd volgens de normen voor Aston Martin carrosseriereparatiecentra in de categorie A of B. Categorie A: Reparaties aan de gelijmde aluminiumopbouw, alle beschadigingen aan de lak en lichte structurele beschadigingen. Categorie B: All beschadigingen aan de lak en lichte structurele beschadigingen. Alles is in het werk gesteld om de nauwkeurigheid van de gegevens in deze lijst met carrosseriewerkplaatsen te waarborgen. Er kunnen zich echter wijzigingen voordoen. Noch Aston Martin noch enige door Aston Martin erkende carrosseriewerkplaats kan aansprakelijk worden gesteld voor onnauwkeurigheden of de gevolgen daarvan. FD33-19A321-SA. book Page 2 Tuesday, July 8, 2014 11:59 AM.
Noch Aston Martin noch enige door Aston Martin erkend servicecenter kan aansprakelijk worden gesteld voor onnauwkeurigheden of de gevolgen daarvan.Waarschuwingen, aanmaningen tot voorzichtigheid en opmerkingenDe nu volgende waarschuwingen, aanmaningen tot voorzichtigheid en opmerkingen worden in deze handleiding voor de eigenaar gebruikt om uw aandacht te vestigen op specifieke informatie.Waarschuwingen Waarschuwing: Dit zijn procedures die u nauwkeurig dient op te volgen om de kans op letsel te verkleinen.Aanmaningen tot voorzichtigheid Deze verschijnen bij procedures die u nauwkeurig dient op te volgen om de kans op schade aan uw voertuig te verkleinen.Opmerkingen Deze verschijnen bij procedures die problemen bij de bediening van uw voertuig helpen vermijden.Locatie van onderdelenDe locatie van alle onderdelen is omschreven zoals gezien vanaf de bestuurdersstoel, m.a.w.
1.4InleidingVoertuigidentificatieHet voertuigidentificatienummer (VIN) bevindt zich linksonder in de voorruit. Het VIN-plaatje, dat in de motorruimte is aangebracht (van bovenaf gezien) is model- en marktafhankelijk:Het VIN is tevens in het vloerpaneel rechts in de beenruimte geponst. U kunt het in het vloerpaneel geponste VIN bekijken door eerst de vloerbedekking vanaf de voorkant op te tillen en daarna het geluiddempende materiaal op te tillen.Gegevens opslaanDe computers in uw voertuig kunnen gedetailleerde gegevens opslaan, zoals (maar niet beperkt tot):• het gebruik van de veiligheidssystemen, waaronder de veiligheidsgordels van zowel de bestuurder als de passagiers;• informatie over de prestaties van diverse systemen en modules in het voertuig;• informatie m.b.t.
de status van de motor, gasklep, stuurinrichting, remmen of andere systemen.Tot deze gegevens behoort mogelijk informatie over hoe de bestuurder het voertuig bedient, zoals (maar niet beperkt tot) informatie m.b.t. de rijsnelheid en het gebruik van de remmen, het gaspedaal en het stuur. Deze informatie kan worden opgeslagen bij normaal gebruik, een botsing of een bijna-botsing.Deze informatie kan in principe uitgelezen en gebruikt worden door:•Aston Martin• Onderhouds- en reparatiebedrijven• Wetshandhavers of overheidsinstellingen• Derden die rechten doen gelden of uw toestemming verkrijgen om dergelijke informatie uit te lezen.Veiligheidsmankementen doorgevenAls u denkt dat uw voertuig een defect m.b.t.
de veiligheid vertoont dat een ongeluk kan veroorzaken of letsel of zelfs een fatale afloop tot gevolg kan hebben, dient u onmiddellijk uw Aston Martin dealer of de afdeling After Sales Operation van de fabrikant op de hoogte te stellen. Gebruik in het laatste geval het onderstaande adres:Aston Martin Lagonda Limited,After Sales OperationsBanbury RoadGaydonWarwick,CV35 0DBEngeland Telefoon: +44 (0)1926 644700Fax: +44 (0)1926 644733FD33-19A321-SA.book Page 4 Tuesday, July 8, 2014 11:59 AM
2. 2VoertuigbeveiligingssysteemInleidingDit voertuig wordt door een elektronisch beveiligingssysteem beschermd. Dit systeem omvat:• met afstandsbediening in- en uitschakelen• omtrekalarm• ontgrendelen en vergrendelen van portieren,kofferdeksel, brandstofklep metafstandsbediening• beperkte-beveiligingsfunctie• Alarmsirene met accuback-up (alleen in marktenwaar hoorbare sirenes zijn toegestaan). • codering met wisselende code om elektronischscannen of stelen van de identiteitscode van hetvoertuig te voorkomen• Interieurbewegings- en kantelsensor (optie)De voertuigbeveiliging wordt nog verbeterd door een passief antidiefstalsysteem (PATS) dat het starten van het voertuig blokkeert als de verkeerde voertuigsleutel wordt gebruikt. Wanneer het beveiligingssysteem is ingeschakeld, gaat het alarm af wanneer iemand probeert een portier, het kofferdeksel of de motorkap te forceren.
GaragedeuropenerOptieUit beveiligingsoogpunt dient u ervoor te zorgen dat alle programmering van het HomeLink-systeem is gewist, voordat u het voertuig verkoopt (Raadpleeg ’Garagedeuropener’, pagina 2. 13). Aston Martin voertuigvolgsysteemOptie - niet in alle markten beschikbaar. Het Aston Martin Tracking systeem is een volgsysteem voor gestolen voertuigen. Het maakt gebruik van de nieuwste communicatietechnologie voor GPS (Global Positioning System) en GSM (Global System for Mobile) voor een extreem nauwkeurige plaatsbepaling en ongeëvenaarde services. Het systeem, dat op een verborgen plaats is aangebracht, is gebruiksvriendelijk en biedt de volgende belangrijke functies:Automatische bestuurderherkenningLaat het Aston Martin Tracking Secure Operating Centre onmiddellijk weten als uw voertuig wordt gestolen of als de dief uw sleutels heeft.
Tamper-waarschuwingWordt geactiveerd wanneer de systeemaccu wordt ontkoppeld of leeg raakt, of wanneer de systeembedrading wordt doorgesneden. WegsleepwaarschuwingWordt ingeschakeld wanneer er bewegingen worden waargenomen terwijl het contact af staat en de bestuurderskaart niet aanwezig is. SysteemgezondheidscontroleRegelmatig uitgevoerde zelfdiagnose. TransportfunctieWordt door het Secure Operating Centre ingesteld wanneer de eigenaar van het voertuig heeft bevestigd dat het voertuig wordt getransporteerd. Op deze manier worden valse alarms voorkomen. VoertuigonderhoudsfunctieWordt door het Secure Operating Centre ingesteld wanneer het voertuig voor onderhoudswerkzaamheden aan de Aston Martin Dealer is overhandigd. DiefstalhistorieGedetailleerde diefstallogboeken helpen de politie bij succesvolle veroordelingen. Nauwkeurige GPS-trackingNauwkeurig tot op minder dan 10 meter.
2. 3VoertuigbeveiligingssysteemAccreditatie verzekringVoldoet aan de strengste Europese accreditaties voor volgsystemen voor gestolen voertuigen: Thatcham, Incert (voorheen Assuralia) en SCM. Is bovendien goedgekeurd door grote verzekeringsmaatschappijen. Door Aston Martin goedgekeurdHet enige voertuigvolgsysteem dat voor alle Aston Martins is goedgekeurd. Zo werkt het systeemHet Aston Martin voertuigvolgsysteem wordt met twee unieke bestuurderskaarten geleverd. Een geautoriseerde bestuurder moet een van deze kaarten bij zich hebben als hij wil gaan rijden. Laat de bestuurderskaart niet achter in het voertuig of bij de voertuigsleutel. Hij moet op een veilige plaats worden opgeborgen en altijd apart van uw voertuigsleutels. Het systeem activeert zichzelf 70 seconden nadat het voertuigcontact is afgezet en de bestuurderskaart zich buiten bereik bevindt (circa 3 meter).
Het systeem wordt automatisch gedactiveerd wanneer de bestuurderskaart zich weer binnen het bereik van het voertuig bevindt. Als er circa 100 meter met uw voertuig wordt gereden zonder dat de bestuurderskaart is waargenomen, wordt er een stille waarschuwing naar het Secure Operating Centre gestuurd die aangeeft dat uw voertuig mogelijk zonder uw toestemming wordt gebruikt. De medewerkers nemen vervolgens contact met u op. Om te voorkomen dat er een waarschuwing wordt verstuurd als u de motor hebt gestart maar de bestuurderskaart niet bij u hebt, moet u het contact afzetten en telefonisch contact opnemen met het Secure Operating Centre waar ze u kunnen vertellen wat u nu moet doen. Het systeem doet tevens het volgende:• Stuurt een waarschuwing als uw voertuig wordt opgetild of weggesleept zonder de sleutels.
• Stuurt een waarschuwing als de accu van uw voertuig wordt ontkoppeld of leeg gemaakt. • Stuurt een waarschuwing als de GPS-antenne is ontkoppeld. • Stuurt maandelijks een gezondheidsbericht naar het Secure Operating Centre om te bevestigen dat het systeem naar behoren werkt.
Neem contact op met uw Aston Martin Dealer voor meer informatie en abonnementsprijzen. Als uw voertuig wordt gestolenAls er een waarschuwing wordt ontvangen, proberen medewerkers van het Secure Operating Centre contact met u op te nemen via de telefoonnummers die u bij de registratie hebt opgegeven. U moet bij het activeren van het contract minimaal twee telefoonnummers opgeven. Er wordt pas contact met de politie opgenomen als de medewerkers u gesproken hebben. Op deze manier wordt voldaan aan de politieprocedures, zodat er door de politie geen tijd wordt verspild aan valse alarms. Zodra u de diefstal heeft bevestigd, vragen de medewerkers u contact met de politie op te nemen en de diefstal aan te geven. Daarna moet u de medewerker terugbellen met een nummer van het politierapport.
De ontvangst van een waarschuwing geeft geen bevestigde diefstal aan, aangezien de politie een bevestiging van een kaarthouder nodig heeft dat er sprake is van diefstal. Het Secure Operating Centre neemt vervolgens contact op met de politie om te proberen uw voertuig terug te krijgen. Als uw voertuig zich buiten het Verenigd Koninkrijk bevindt, werkt het Secure Operating Centre samen met de plaatselijke politie in hun eigen taal, om uw voertuig zo snel mogelijk bij u terug te krijgen. Het Secure Operating Centre kan na instructies van de politie het voertuig tijdelijk blokkeren, zodat het na een diefstal niet kan worden gestart en verplaatst. FD33-19A321-SA. book Page 3 Tuesday, July 8, 2014 11:59 AM.
2. 4VoertuigbeveiligingssysteemZodra de politie het gestolen voertuig heeft opgespoord, wordt samen met u geregeld waar u het voertuig kunt ophalen. Het is mogelijk dat de politie het op een beveiligde plaats wil stallen voor verder onderzoek. U bent verantwoordelijk voor de wettelijk geregelde politie- en opslagkosten. Deze moeten rechtstreeks aan de politie worden betaald. Aanvullende informatieValse alarmsTer voorkoming van onnodige alarmsituaties, kunt u het beste contact opnemen met het Secure Operating Centre als er sprake is van een mogelijk vals alarm. Als er te vaak een vals alarm wordt gegeven, kunnen hiervoor kosten in rekening worden gebracht.
SchadecontroleAls u betrokken bent bij een ongeval of als de voertuigaccu is ontkoppeld (bijvoorbeeld voor reparaties aan de carrosserie of opnieuw spuiten), dan moet u contact opnemen met Aston Martin Tracking customer Services, zodat zij het systeem kunnen testen om na te gaan of het nog correct werkt. Wijziging in gegevensAls er sprake is van een wijziging in uw persoonlijke gegevens, moet u contact opnemen met Aston Martin Tracking Customer Services. Bijvoorbeeld:• een wijziging in het kenteken• verkoop van het voertuig•een adreswijziging• een ander mobiel-telefoonnummer• nieuwe eigenaar die een voertuig koopt dat al met het Aston Martin voertuigvolgsysteem is uitgerust. ContactgegevensAlle relevante contactgegevens voor uw land zijn in uw registratie-informatie opgenomen.
Voor meer informatie kunt u cotnact opnemen met uw Aston Martin dealer Bewaar alle contactgegevens en informatie op een veilige plaats. Bewaar dit niet in uw voertuig, omdat u er dan niet bij kunt als dit wordt gestolen. Emotion Control UnitHet voertuig wordt geleverd met drie voertuigsleutels (Emotion Control Units), een glazen sleutel, een reservesleutel en een noodsleutel. Bewaar de reservesleutel op een veilige plaats. Laat een voertuigsleutel niet in het voertuig achter wanneer u het voertuig onbeheerd achterlaat.
2. 5VoertuigbeveiligingssysteemBeveiligingsfuncties van de voertuigsleutel [1] VERGRENDELEN: Eenmaal indrukken om het voertuig in één stap te vergrendelen en het beveiligingssysteem in te schakelen. Het voertuig wordt na 25 seconden dubbel vergrendeld. [2] ONTGRENDELEN: Eenmaal indrukken om het voertuig in een stap te ontgrendelen. [3] KOFFERDEKSEL OPENEN: Eenmaal indrukken om het kofferdekselslot te vergrendelen (Raadpleeg ’Kofferdeksel’, pagina 2. 8). [4] NADERINGSVERLICHTING: Indrukken om zowel de stadslichten voor en achter als de binnenverlichting in te schakelen (Raadpleeg ’Naderingsverlichting’, pagina 2. 11). NoodsleutelIn het onwaarschijnlijke geval dat de voertuigsleutel niet werkt of dat de voertuigaccu helemaal leeg is, kunt u het voertuig met de noodsleutel vergrendelen en ontgrendelen.
Verwijder de aerodynamische afwerking op het linkerportier aan de hand van onderstaande procedure voor toegang tot het portierslot. 1. Ga naar het kleine gleufje onder deaerodynamische afwerking. Steek uw AstonMartin Emergency Assistance-kaart (of ietsvergelijkbaars) hierin en tegen de clip om deafwerking los te maken. 2. Duw de afwerking voorzichtig naar de voorkant van het voertuig en verwijder het. 3. Steek het sleutelblad voor noodgevallen in hetportierslot, draai het helemaal naar de voorkant van het voertuig en laat het vervolgens los omhet voertuig centraal te vergrendelen en zowelde kofferdekselschakelaar als de knop voor debrandstofvulklep te blokkeren. Hetbeveiligingssysteem wordt niet ingeschakeld. 4.
U kunt het voertuig centraal ontgrendelen, ende ontgrendelschakelaars voor het kofferdekselen de brandstofklep inschakelen, door desleutel helemaal naar de achterkant van hetvoertuig te draaien en weer los te laten. Als hetbeveiligingssysteem was in geschakeld, gaat nuhet alarm af. 5. U zet het alarm af (zelfs als de voertuigsleutelhelemaal leeg is) door de voertuigsleutel in hetcontactslot te steken en naar stand II te draaien(contact aan). 6.
Breng de afwerking voorzichtig weer aan. Beschadig het lakwerk van de auto niet bij het verwijderen en terugplaatsen van de afwerking. Als de accu helemaal leeg is, kunt u alleen met de noodsleutel een portier vergrendelen of ontgrendelen. Zelfs als de voertuigsleutel helemaal leeg is, kunt u hiermee, indien nodig, de motor starten. Geheugenstoelen: De voorstoelen en buitenspiegels worden niet in een voorkeuzestand gezet als het voertuig met de noodsleutel wordt ontgrendeld. Als u de noodsleutel kwijtraakt, neem dan contact op met uw Aston Martin Dealer. FD33-19A321-SA. book Page 5 Tuesday, July 8, 2014 11:59 AM.
2. 6VoertuigbeveiligingssysteemOntgrendelen en openenGa op minder dan 5 m afstand van het voertuig staan, richt de voertuigsleutel op het voertuig en druk op de toets ONTGRENDELknop. De richtingaanwijzers knipperen twee keer om aan te geven dat het beveiligingssysteem is ontgrendeld. Alle portieren worden ontgrendeld. Duw op A en pak de naar buiten komende portiergreep vast. Trek aan de portierhendel om het portier te openen. Als er tijdens het rijden een portier wordt geopend, is er een waarschuwing te horen tot het portier is gesloten. U kunt desgewenst alleen het bestuurdersportier openen door de toets eenmaal in te drukken en de rest van het voertuig door de toets een tweede keer in te drukken (Raadpleeg ’Persoonlijke instellingen’, pagina 2. 16). Voor in het donker zijn er witte LED's in de portiergrepen aangebracht.
Wanneer u het voertuig ontgrendeld, gaat er een LED in de portiergrepen branden. Zodra u het portier hebt geopend, gaat de LED van dat portier weer uit. Wordt een portier niet geopend, dan gaat de LED na twee minuten weer uit. Als het voertuig met de reservesleutel is geopend en de stand van de bestuurdersstoel of portierspiegels was gewijzigd, worden deze in de stand gezet die werd opgeslagen in de sleutel die wordt gebruikt(Raadpleeg ’Stoelgeheugenfunctie’, pagina 3. 5). Wanneer u het voertuig ontgrendelt, branden de interieurlampen vijf minuten. De verlichting gaat 30seconden nadat u de portieren hebt gesloten of zodra u het voertuig start weer uit. Als het portier open blijft staan, gaat het uitstaplicht na acht minuten uit.
Ontgrendelen vanuit het interieur Als u niet op de knop voor gedeeltelijke beveiliging drukt voordat u het voertuig op slot doet, worden de dubbelvergrendeling, de interieurbewegingssensor en de hellingshoekdetector (optie) ingeschakeld. De passagiers zullen nu geen portier vanuit het voertuig kunnen ontgrendelen.
Als de beperkte-beveiligingsfunctie of de automatische vergrendeling is ingeschakeld, voordat u het voertuig vergrendelt, worden met het trekken aan een portiergreep de portieren centraal ontgrendeld. Als u nogmaals aan die portierhandgreep trekt, wordt het portier geopend(Raadpleeg ’Automatische vergrendeling’, pagina 2. 10). (Raadpleeg ’Beperkte beveiliging’, pagina 2. 12). Het ontgrendelen vanuit het interieur kan op automatisch worden ingesteld wanneer de voertuigsleutel uit het contactslot wordt gehaald. Als automatisch ontgrendelen is ingeschakeld, wordt een portier geopend zodra er aan de portierkruk wordt getrokken (Raadpleeg ’Persoonlijke instellingen’, pagina 2. 16). Wanneer iemand een portier opent vanuit het voertuig na het inschakelen van de gedeeltelijke beveiliging, gaat het alarm af.
Druk de ONTGRENDEL knop op de voertuigsleutel in om het alarm te stoppen (er treedt een vertraging op van ongeveer tien seconden voordat het systeem het alarm annuleert). FD33-19A321-SA. book Page 6 Tuesday, July 8, 2014 11:59 AM.
2. 7VoertuigbeveiligingssysteemVergrendelen Als passagiers in het voertuig moeten blijven nadat het is vergrendeld, moet de beperkte beveiliging worden ingeschakeld, voordat u het voertuig vergrendelt. Op deze manier kan een passagier een portier vanuit het interieur openen. Controleer of de portieren, het kofferdeksel en de motorkap zijn gesloten (het voertuig wordt niet vergrendeld als er nog een portier open staat). Ga op minder dan 5 m van het voertuig staan en richt de voertuigsleutel naar het voertuig. Druk eenmaal op de VERGRENDELknopom de portieren te vergrendelen, de ontgrendelschakelaars voor het kofferdeksel en de brandstofklep uit te schakelen en het beveiligingssysteem in te schakelen. De richtingaanwijzers knipperen één keer wanneer het beveiligingssysteem wordt ingeschakeld (Raadpleeg ’Persoonlijke instellingen’, pagina 2. 16).
Het systeem slaat de standen van zowel de bestuurderststoel als de buitenspiegels op en zal deze oproepen wanneer u het voertuig weer met dezelfde voertuigsleutel opent. Na 25 seconden wordt het beveiligingssysteem ingeschakeld en het voertuig dubbelvergrendeld. Als u het voertuig vergrendelt terwijl het kofferdeksel open staat, zal het systeem het voertuig wel vergrendelen en het alarm inschakelen, maar zullen de dubbelvergrendeling, de hellingshoekdetector en de interieurbewegingssensor1 niet worden ingeschakeld. Sluit het kofferdeksel om het volledige beveiligingssysteem in te schakelen. Automatisch opnieuw vergrendelenAls het voertuig wordt vergrendeld en weer ontgrendeld, maar er binnen twee minuten geen portier of kofferdeksel wordt geopend, wordt het voertuig automatisch opnieuw vergrendeld en wordt ook het beveiligingssysteem opnieuw ingeschakeld.
HoofdvergrendelschakelaarsAlle portieren, de ontgrendelschakelaars voor de brandstofklep en het kofferdeksel kunnen met de hoofdvergrendelschakelaar (A) op het bestuurdersportier worden vergrendeld en ontgrendeld. Druk op de schakelaar om te vergrendelen.
Druk er opnieuw op om te ontgrendelen. De portieren, de ontgrendelschakelaars voor de brandstofvulklep en het kofferdeksels kunt u met de hoofdvergrendelschakelaar (A) vergrendelen en ontgrendelen. Druk op de schakelaar om te vergrendelen. Druk er opnieuw op om te ontgrendelen. Als u het voertuig met de hoofdvergrendelschakelaar hebt vergrendeld, kunt u één keer aan een portiergreep trekken om de portieren centraal te ontgrendelen. Als u opnieuw aan deze portiergreep trekt, gaat het portier open. De hoofdvergrendelschakelaar werkt tot zeven minuten nadat u de voertuigsleutel uit het contactslot hebt gehaald, mits het voertuig niet met deze voertuigsleutel wordt vergrendeld. 1. Optie. FD33-19A321-SA. book Page 7 Tuesday, July 8, 2014 11:59 AM.
2.8VoertuigbeveiligingssysteemDe hoofdvergrendelschakelaar werkt niet als het voertuig vanaf de buitenzijde werd vergrendeld.Als u de hoofdvergrendelschakelaar gebruikt, wordt de automatische vergrendeling opgeheven (Raadpleeg ’Automatische vergrendeling’, pagina 2.10). Wanneer het voertuig met de hoofdvergrendelschakelaar wordt ontgrendeld, gaat in iedere portiergreep een LED branden. Deze gaat 10 seconden later weer uit of wanneer het portier wordt geopend. Hierdoor wordt het instappen ’snachts vergemakkelijkt. Bij een ongeval worden de portieren automatisch ontgrendeld.KofferdekselHet kofferdeksel openenDruk één keer op de knop KOFFERRUIMTE OPEN op de voertuigsleutel om het kofferdekselslot los te zetten, druk op de kofferdekselknop (A) en open het deksel. Druk twee keer binnen drie seconden op de knop om het kofferdekselslot in te schakelen en het kofferdeksel los te zetten.
Zet het kofferdeksel omhoog. Als het voertuig is vergrendeld en het beveiligingssysteem is ingeschakeld, dan wordt dit systeem uitgeschakeld en de richtingaanwijzers knipperen twee keer wanneer het kofferdeksel wordt geopend. De portieren blijven vergrendeld (Raadpleeg ’Persoonlijke instellingen’, pagina 2.16).Openen vanuit het interieurTrek de kofferdekselschakelaar (B) naar achteren. Het kofferdekselslot wordt ontgrendeld. Zet het kofferdeksel omhoog. De kofferdekselschakelaar is bij de Volante de schakelaar voor het openen en sluiten van de softtop.FD33-19A321-SA.book Page 8 Tuesday, July 8, 2014 11:59 AM
2.9VoertuigbeveiligingssysteemHet kofferdeksel sluitenPak de leren lus (C) vast en trek het kofferdeksel omlaag. Duw het deksel vervolgens naar beneden en controleer of de sluithaak ingrijpt. Zodra de sluithaak heeft ingegrepen, sluit het deksel automatisch. Druk op de VERGRENDELknop op de voertuigsleutel om het deksel te vergrendelen. De richtingaanwijzers knipperen één keer wanneer het beveiligingssysteem wordt ingeschakeld (Raadpleeg ’Persoonlijke instellingen’, pagina 2.16). Controleer altijd of u het kofferdeksel goed hebt gesloten.
De lampen in de kofferruimte blijven zeven minuten branden als het kofferdeksel gedeeltelijk open wordt gelaten en de voertuigsleutel uit het contactslot is getrokken.Voertuig vergrendeld - kofferdeksel open Als u een acculader wilt gebruiken, moet het kofferdeksel open blijven staan (deksel naar beneden zonder dat de sluithaak ingrijpt).Als u het voertuig vergrendelt terwijl het kofferdeksel open staat, zal het systeem het voertuig wel vergrendelen en het alarm inschakelen, maar zullen de dubbelvergrendeling, de hellingshoekdetector en de interieurbewegingssensor niet worden ingeschakeld.
Als u het kofferdeksel vervolgens sluit en op slot doet, zal het systeem de dubbelvergrendeling, de hellingshoekdetector en de interieurbewegingssensor inschakelen en zal het hele voertuig worden vergrendeld en het alarm worden ingeschakeld.Kofferdeksel open in noodsituatieHet kofferdeksel kan vanaf de binnenzijde worden geopend door aan de oplichtende noodontgrendeling (D) te trekken. FD33-19A321-SA.book Page 9 Tuesday, July 8, 2014 11:59 AM
2. 10VoertuigbeveiligingssysteemDubbel vergrendelen Als er na het vergrendelen nog passagiers in het voertuig blijven, moet u de beperkte beveiliging inschakelen alvorens het voertuig te vergrendelen. Het systeem zal het voertuig 25seconden na het inschakelen van het beveiligingssysteem automatisch dubbelvergrendelen. Wanneer het voertuig is dubbelvergrendeld, kunnen de portieren niet vanuit het voertuig worden geopend door aan de binnenportierkruk te trekken. Wanneer het voertuig is dubbelvergrendeld, kunnen de portieren niet vanuit het voertuig worden geopend door aan de binnenportierkruk te trekken. Open de deuren met de voertuigsleutel. Automatische vergrendelingWanneer de automatische vergrendeling is in geschakeld, worden de portieren en het kofferdeksel automatisch vergrendeld wanneer u 7 km/h of sneller rijdt.
Deze functie voorkomt dat iemand in het voertuig dringt wanneer u bij verkeerslichten, etc. stopt. De functie voor automatische vergrendeling veranderen:1. Druk op de toets MENU op de console. 2. Ga naar ENTER ENTER (systeeminstellingen - enter - slotinstellingen - enter). 3. Selecteer (automatische portiervergrendeling) of (automatische portierontgrendeling bij uithalen van sleutel). Druk op ENTER om tussen in- en uitgeschakeld te wisselen. Automatische portiervergrendelingInschakelen: Portieren en kofferdeksel worden automatisch vergrendeld wanneer u wegrijdt. Uitschakelen: Portieren en kofferdeksel worden niet vergrendeld wanneer u wegrijdt. (portierontgrendeling bij uithalen van sleutel)Inschakelen: Portieren en kofferdeksel worden automatisch vergrendeld wanneer u wegrijdt. Uitschakelen: Portieren en kofferdeksel worden niet vergrendeld wanneer u wegrijdt.
Uitschakelen: Alle portieren en het kofferdeksel worden niet vergrendeld wanneer u wegrijdt. (bestuurdersportier, dan alle)Inschakelen: Het bestuurdersportier wordt eerst automatisch vergrendeld, gevolgd door het passagiersportier en het kofferdeksel. Uitschakelen: Alle portieren en het kofferdeksel worden niet vergrendeld wanneer u wegrijdt. 4. Houd vervolgens TERUG ingedrukt om uw keuze te bevestigen en naar het hoofdscherm terug te keren. Automatisch vergrendelen wordt in de fabriek ingeschakeld. Bij een ongeval worden alle portieren automatisch ontgrendeld. FD33-19A321-SA. book Page 10 Tuesday, July 8, 2014 11:59 AM.
2. 11VoertuigbeveiligingssysteemNaderingsverlichtingWanneer u het voertuig nadert, kunt u de stadslichten en de binnenverlichting inschakelen door de toets NADERINGSVERLICHTING op de voertuigsleutel in te drukken. De inschakeltijd van de naderingsverlichting veranderen:1. Druk op de toets MENU op de console. 2. Navigeer naar ENTER ENTER ENTER (systeeminstellingen - enter - verlichtingsinstellingen - enter - inschakelduur naderingverlichting). 3. Kies uit , of. HomesafeWanneer u uit het voertuig stapt en de sleutel uit het contactslot hebt verwijderd, knippert u met het grootlicht (trek de linkerstuurkolomhendel naar boven en laat hem weer los zodat hij terugveert) om de Homesafe-functie in te schakelen. Het grootlicht en de achterlichten blijven een bepaalde tijd branden en gaan dan uit. De inschakelduur van de Homesafe-verlichting veranderen:1. Druk op de toets MENU op de console. 2.
Navigeer naar ENTER ENTER ENTER (systeeminstellingen - enter - verlichtingsinstellingen - enter - inschakelduur Homesafe - enter). 3. Kies uit , of. AlarmWanneer het alarm is geactiveerd, is er 25 seconden een sirene te horen (maximaal 10 periodes) en de richtingaanwijzers knipperen vijf minuten. Daarna keert het beveiligingssysteem weer terug naar de ingeschakelde status. De portieren en het kofferdeksel blijven al deze tijd vergrendeld. Markten waar zichtbare alarmsignalen en sirenes zijn toegestaan. U kunt het alarm stoppen door op de toets ONTGRENDELEN op de voertuigsleutel te drukken of door de voertuigsleutel in het contactslot (stand II) te steken. Het duurt circa tien seconden voordat het alarm stopt. Draai de sleutel op de getoonde manier naar stand II. InterieurbewegingssensorOptioneel.
Wanneer het voertuig is vergrendeld en het alarm is ingeschakeld, detecteert de interieurbewegingssensor elke beweging binnenin het voertuig. Als er bewegingen worden waargenomen, wordt het alarm ingeschakeld. HellingshoeksensorOptioneel.
Wanneer het voertuig is vergrendeld en het alarm is ingeschakeld, zal de hellingshoekdetector het schuinzetten van het voertuig detecteren, bijvoorbeeld als iemand het voertuig opkrikt. Als de detector constateert dat de hellingshoek van het voertuig verandert, zal het alarm afgaan. FD33-19A321-SA. book Page 11 Tuesday, July 8, 2014 11:59 AM.
2. 12VoertuigbeveiligingssysteemBeperkte beveiliging Waarschuwing: Als er passagiers in het voertuig moeten achterblijven nadat u het voertuig vergrendeld hebt, zult u de gedeeltelijke beveiliging moeten inschakelen voordat u het voertuig vergrendelt. Op deze manier kan een passagier in een noodgeval een portier vanuit het interieur openen. Als de beperkte-beveiligingsfunctie is ingeschakeld, dan zijn de dubbele vergrendeling, de interieurbewegingssensor en de hellingshoeksensor (optie) uitgeschakeld. Dit betekent dat een passsagier het portier vanuit het interieur kan openen door aan de handgreep te trekken. Bovendien kan er een passagier of een dier in het voertuig achterblijven terwijl het beveiligingssysteem is ingeschakeld. Als een portier van binnenuit wordt geopend terwijl de beperkte beveiliging is ingeschakeld, gaat het alarmsysteem af.
Druk op de toets ONTGRENDELEN op de voertuigsleutel om het alarm af te zetten. De beperkte-beveiligingsfunctie instellen:1. Druk op de toets MENU op de console. 2. Ga naar ENTER ENTER (systeeminstellingen - enter - beperkte beveiliging - enter). 3. Selecteer (eenmaal activeren) of (vragen bij afsluiten) en druk op ENTER. (eenmaal activeren)Ingeschakeld: Het beperkte veiligheidssysteem wordt één keer ingeschakeld. Schakel deze functie in (ON) iedere keer wanneer u beperkte beveiliging wilt hebben. Uitgeschakeld: De beperkte beveiliging wordt niet ingeschakeld. (vragen bij uitstappen)Ingeschakeld: Iedere keer wanneer de voertuigsleutel uit contactslotstand II (contact aan) naar stand I of 0 wordt gedraaid, verschijnt het bericht PRESS ENTER TO REDUCE GUARD UNTIL ENGINE IS STARTED. PRESS EXIT TO CANCEL (Druk op enter voor beperkte beveiliging tot motor wordt gestart.
Druk op Exit om te annuleren) in het berichtencentrum. Het bericht verdwijnt na één minuut en de beperkte beveiliging wordt niet ingeschakeld. Uitgeschakeld: Er wordt geen bericht weergegeven en de beperkte beveiliging wordt niet ingeschakeld. 4.
Houd vervolgens TERUG op de console ingedrukt om uw keuze te bevestigen en naar het hoofdscherm terug te keren. De beperkte beveiliging blijft ingeschakeld tot de voertuigsleutel in het contactslot wordt gestoken en naar stand II wordt gedraaid (contact aan). Passief antidiefstalsysteemHet passieve antidiefstalsysteem (PATS) is een volledig automatische startblokkering. Als u een voertuigsleutel kwijtraakt, kan er een duplicaat van de reservesleutel worden gemaakt door uw Aston Martin Dealer, die hem ook zal programmeren. De motor startenWanneer het beveiligingssysteem wordt uitgeschakeld en de voertuigsleutel steekt in het contactslot, stuurt de PATS-controller een signaal naar de voertuigsleutel. De voertuigsleutel moet met een geldige code reageren, voordat u de motor kunt starten. Zodra er een geldige code wordt ontvangen, werkt het ontstekingssysteem normaal.
Als er geen code van de voertuigsleutel wordt ontvangen of als de code ongeldig is, kunt u niet starten. AlarmstatusDe status van het alarmsysteem wordt aangegeven door het rode symbool (A) in de instrumentengroep. FD33-19A321-SA. book Page 12 Tuesday, July 8, 2014 11:59 AM.
2. 13VoertuigbeveiligingssysteemStoringsfunctieAls het alarmsymbool sneller gaat knipperen wanneer het alarm niet is ingeschakeld, dan werd het alarm mogelijk eerder getriggerd of er is sprake van een storing. Vraag uw Aston Martin-dealer om advies als deze situatie aanhoudt. Garagedeuropener(Optie: Alleen beschikbaar in combinatie met de automatisch dimmende binnenspiegel. )De toetsen en transceiver van de garagedeuropener (HomeLink® Universal Transceiver) zijn in de binnenspiegel aangebracht. De transceiver kan zo worden geprogrammeerd dat hij radiofrequenties naar maximaal drie verschillende zenders kan versturen voor het activeren van garagedeuren, toegangshekken, huisverlichting, beveiligingssysteem of andere radiografisch bestuurde apparatuur.
Via de HomeLink-hotline of de HomeLink-compatibiliteitslijst op de HomeLink-website kunt een een volledige lijst vinden met compatibele radiografisch bestuurde apparatuur. Voor informatie of hulp kunt u terecht bij uw Aston Martin Dealer. U kunt ook terecht op de HomeLink-website (www. homelink. com) of contact opnemen met de HomeLink-hotline op:gratis: 008000 0466 354 65 of+49 6838 907-277 (in sommige landen kunnen gebruikers problemen ondervinden bij het bellen van dit gratis nummer). Waarschuwing: Bij het programmeren van de transceiver voor een garagedeuropeningssysteem, moet u erop letten dat zich geen mensen, voertuigen of voorwerpen in de buurt bevinden.
Hiermee voorkomt u mogelijk letsel of schade wanneer het hek of de garagedeur tijdens het programmeren gaat bewegen Waarschuwing: Gebruik de transceiver niet met een garagedeuropeningssysteem dat niet over een veiligheidsstop-en-omkeerfunctie beschikt, zoals door de veiligheidsnormen wordt voorgeschreven. Een garagedeuropeningssysteem dat geen voorwerp kan waarnemen en niet aangeeft dat de deur moet stoppen en weer moet openen, voldoet niet aan de huidige veiligheidsnormen.
Het gebruik van een garagedeuropeningssysteem dat niet over deze functie beschikt, vergroot het gevaar voor ernstig of dodelijk letsel. Bewaar de originele zender voor toekomstig gebruik of de programmeerprocedures indien u bijvoorbeeld een nieuw voertuig aanschaft. Dit apparaat kan door radiosignalen worden gestoord als het in de buurt van een zendmast voor bijvoorbeeld mobiele telefoons wordt gebruikt. Deze radiofrequentiestoringen zullen waarschijnlijk de handzender als de transceiver in het voertuig beïnvloeden. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor storingen door radio- of tv-signalen die worden veroorzaakt door niet-goedgekeurde wijzigingen aan dit apparaat. Door dergelijke wijzigingen kan het gebruiksrecht voor dit apparaat teniet worden gedaan. FD33-19A321-SA. book Page 13 Tuesday, July 8, 2014 11:59 AM.
2. 14VoertuigbeveiligingssysteemProgrammeren Bij stap 1 wordt de hele programmering gewist. U hoeft deze stap alleen te volgen wanneer u de HomeLink voor de eerste keer programmeert of wanneer u alle bestaande programmering wilt wissen. U hoeft dit niet te doen als u de overige HomeLink-toetsen wilt programmeren. U kunt de HomeLink-toetsen apart herprogrammeren, maar niet apart wissen. U moet stap 1 uitvoeren om alle programmering te wissen. 1. Houd de buitenste twee HomeLink-toetseningedrukt en laat ze pas los wanneer deHomeLink-LED na 20 seconden begint teknipperen. Alle drie de toetsen zijn nu gewist. Het HomeLinksysteem staat nu in de instelfunctie. Uit beveiligingsoogpunt dient u ervoor te zorgen dat alle programmering van het HomeLink-systeem is gewist, voordat u het voertuig verkoopt. 2.
Houd de originele afstandsbediening van het te programmeren apparaat op circa 10-30 cm van de HomeLink-zender. U moet de LED te allentijde kunnen zienDe afstand tussen de afstandsbediening en dezender is afhankelijk van het te programmerensysteem. U moet misschien meerdere pogingen van verschillende afstanden doen. Probeer elke instelpositie ten minste 15 seconden alvorenseen andere te proberen. 3. Druk met beide handen tegelijkertijd op detoets van de afstandsbediening en de gewenstetoets (1, 2 of 3). 4. De LED knippert; eerst langzaam en daarnasnel. Wanneer de LED snel knippert, kunt ubeide toetsen loslaten. Het snel knipperen vande LED geeft aan dat het programmeren vanhet nieuwe frequentiesignaal is gelukt. BedieningHet voertuig moet zich binnen het bereik van het hek- of garagedeuropener zijn en het contact moet zijn ingeschakeld.
Het HomeLink-systeem stuurt de garagedeuropener (of ander apparaat) op precies dezelfde manier aan als de originele afstandsbediening. Wanneer u het HomeLink-systeem hebt geprogrammeerd, drukt op toets 1, 2 of 3 van het bedieningspaneel om de garagedeuropener te bedienen. De LED licht op wanneer u de toets op het bedieningspaneel indrukt.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Aston Martin Vanquish (2015) stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Auto Aston Martin
Handleiding Auto
Nieuwste handleidingen voor Auto