Aston Martin Rapide (2012) Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Aston Martin Rapide (2012) (266 pagina’s), behorend tot de categorie Auto. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 7 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Aston Martin Rapide (2012) of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Aston Martin |
| Categorie: | Auto |
| Model: | Rapide (2012) |
Handleiding Aston Martin Rapide (2012) – volledige tekst
Aston Martin Owner's ClubWord lid van de Aston Martin Owner’s Club (AMOC)De sportieve geest van de dertiger jaren heerst nog steeds in een van de meest exclusieve autoclubs ter wereld. AMOC is een vereniging van enthousiastelingen in bijna 60 landen met een gedeelde interesse in iconische auto’s van een legendarisch merk. Geniet samen met gelijkgezinden van de vele activiteiten, zoals avondjes uit, weekendjes weg of rijtochten. Toe aan iets spannenders? AMOC-concours zijn dé evenementen voor kenners van prachtige auto’s. Kan het u niet snel genoeg gaan? We organiseren zowel rallydagen, sprints en heuvelbeklimmingen als autoraces op racebanen als Silverstone en Goodwood in het Verenigd Koninkrijk en Lime Rock in de Verenigde Staten.The Aston Martin Owners ClubDrayton St.
Aston Martin Heritage TrustDe Aston Martin Heritage Trust is een educatieve liefdadigheidsinstelling die is toegewijd aan het behoud, de promotie en de uitbreiding van de bijna 100 jarige geschiedenis van Aston Martin. Haar verzameling van wereldklasse bestaat uit het automuseum, een groot archief en een verzameling historische voorwerpen in een prachtig gerestaureerde en op de monumentenlijst opgenomen schuur in Oxfordshire (waar tevens de Owners' Club te vinden is). Als lid van de Owners' Club wordt u ook lid van supporter van de Trust. Op onze website kunt u meer informatie vinden. Of, nog beter, u kunt ons ook komen bezoeken en de collectie zelf bekijken.De Aston Martin Heritage TrustDrayton St.
Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd, opgeslagen of verzonden in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, middels fotokopieën, opnamen of op enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Aston Martin Lagonda Limited. De fabrikant behoudt zich het recht voor om zonder kennisgeving specificaties te wijzigen in overeenstemming met zijn beleid van voortgaande productverbetering. Samengesteld door het Technical Publications DepartmentASTON MARTIN LAGONDA LIMITEDBanbury RoadGaydonWARWICKWarwickshireCV35 0DBEngelandTelefoon: +44 (0)1926 644300Fax: +44 (0)1926 644733Versie 4 – augustus 2011Onderdeelnummer – CD43-19A321-SARapide_Dutch. book Page 4 Friday, August 26, 2011 12:05 PM.
1. 2InleidingWelkomWelkom in uw nieuwe Aston Martin Rapide. In deze handleiding voor de eigenaar en de andere publicaties in het documentatiepakket vindt u informatie, waardoor u nog meer plezier krijgt van het bezit van en het rijden met uw Aston Martin. Deze handleiding voor de eigenaar is niet alleen bedoeld om de werking van het voertuig uit te leggen, maar tevens om de voertuigsystemen begrijpelijk en eenvoudig bedienbaar te maken. Wij bevelen alle nieuwe eigenaren aan de inhoud van deze handleiding vóór het rijden zorgvuldig te bestuderen. Deze handleiding voor de eigenaar maakt deel uit van de noodzakelijke voertuiguitrusting t. b. v. gerechtelijke erkenning en moet te allen tijde in het voertuig worden bewaard. Verder bevindt er zich een locatiegids op het A-paneel aan de passagierszijde. Dit is een referentiegids die de locatie van de belangrijkste items in het voertuig aangeeft.
Franchisedealers van Aston MartinDit is een overzicht van alle Aston Martin dealers ter wereld. Zij verzorgen de verkoop en het onderhoud van Aston Martins en beschikken over de noodzakelijke voorzieningen, kennis en tevens over door de fabriek opgeleid personeelwww. astonmartin. comAlles is in het werk gesteld om de nauwkeurigheid van de gegevens in deze dealerlijst te waarborgen. Het is echter mogelijk dat er wijzigingen optreden bij de franchisehouders van Aston Martin. Noch Aston Martin noch enige importeur of dealer op deze lijst kan aansprakelijk worden gesteld voor onnauwkeurigheden of de gevolgen daarvan. Alle dealers op deze lijst streven ernaar om te voldoen aan de hoge Aston Martin normen voor verkoop en onderhoud. Ieder voertuig dat als een Aston Martin wordt verkocht, moet bovendien aan de plaatselijk geldende wetgeving voldoen.
De beschikbaarheid van onderdelen kan echter beperkt zijn als gevolg van verschillen in de voertuig en onderdeelspecificatiesAls de dichtstbijzijnde Aston Martin dealer u niet kan helpen, kunt u contact opnemen met het hoofdkantoor van Aston Martin:Aston Martin Lagonda LimitedBanbury RoadGaydonWARWICKCV35 0DBTelefoon: +44 (0)1926 644300Fax: +44 (0)1926 644733Aston Martin dealers zijn zelfstandige ondernemers. Ze zijn geen vertegenwoordigers van de onderneming en hebben daarom niet het recht om financiële of andere overeenkomsten aan te gaan namens de ondernemingAlleen Aston Martin dealers mogen garantiereparaties uitvoeren. Erkende carrosseriereparateurs van Aston MartinEen lijst met alle carrosseriereparateurs van Aston Martin is hier te vinden:www. astonmartin.
1.3InleidingCategorie B: All beschadigingen aan de lak en lichte structurele beschadigingen.Alles is in het werk gesteld om de nauwkeurigheid van de gegevens in deze lijst met door Aston Martin erkende carrosseriereparateurs te waarborgen. Er kunnen echter wijzigingen in optreden.Noch Aston Martin noch enige door Aston Martin erkende carrosseriereparateur op deze lijst kan aansprakelijk worden gesteld voor onnauwkeurigheden of de gevolgen daarvan.Erkende servicecentra van Aston MartinEen lijst met alle erkende servicecentra van Aston Martin is hier te vinden:www.astonmartin.comAlle door Aston Martin erkende servicecentra zijn beoordeeld en gecontroleerd volgens de normen voor Aston Martin.Alles is in het werk gesteld om de nauwkeurigheid van de gegevens in deze lijst met door Aston Martin erkende servicecentra te waarborgen. Er kunnen echter wijzigingen in optreden.
Noch Aston Martin noch enige door Aston Martin erkend servicecentrum op deze lijst kan aansprakelijk worden gesteld voor onnauwkeurigheden of de gevolgen daarvan.Waarschuwingen, aanmaningen tot voorzichtigheid en opmerkingenDe nu volgende waarschuwingen, aanmaningen tot voorzichtigheid en opmerkingen worden in deze handleiding voor de eigenaar gebruikt om uw aandacht te vestigen op specifieke informatie.Waarschuwingen Waarschuwing: Dit zijn procedures die u nauwkeurig dient op te volgen om de kans op letsel te verkleinen.Aanmaningen tot voorzichtigheid Deze verschijnen bij procedures die u nauwkeurig dient op te volgen om de kans op schade aan uw voertuig te verkleinen.Opmerkingen Deze verschijnen bij procedures die problemen bij de bediening van uw voertuig helpen vermijden.Rapide_Dutch.book Page 3 Friday, August 26, 2011 12:05 PM
1.4InleidingLocatie van onderdelenDe locatie van alle onderdelen is omschreven zoals gezien vanaf de bestuurdersstoel, m.a.w. de locatie van de in deze afbeelding aangegeven brandstofvulklep is omschreven als ‘links aan de achterkant van het voertuig’.VoertuigidentificatieHet voertuigidentificatienummer (VIN) bevindt zich linksonder in de voorruit.Het VIN-plaatje, op het voorste hulpframe achter de voorste dwarsbalk van de motorruimte (van bovenaf gezien), is afhankelijk van het model en de markt:Het voertuigidentificatienummer is tevens in het vloerpaneel in de rechter beenruimte geponst. U kunt het in het vloerpaneel geponste VIN bekijken door eerst de vloerbedekking vanaf de voorkant op te tillen en daarna het geluiddempende materiaal op te tillen.Rapide_Dutch.book Page 4 Friday, August 26, 2011 12:05 PM
1.5InleidingGegevens opslaanDe computers in uw voertuig kunnen gedetailleerde gegevens opslaan, zoals (maar niet beperkt tot):• het gebruik van de veiligheidssystemen, waaronder de veiligheidsgordels van zowel de bestuurder als de passagiers;• informatie over de prestaties van diverse systemen en modules in het voertuig;• informatie m.b.t. de status van de motor, gasklep, stuurinrichting, remmen of andere systemen.Tot deze gegevens behoort mogelijk informatie over hoe de bestuurder het voertuig bedient, zoals (maar niet beperkt tot) informatie m.b.t. de rijsnelheid en het gebruik van de remmen, het gaspedaal en het stuur.
Deze informatie kan worden opgeslagen bij normaal gebruik, een botsing of een bijna-botsing.Deze informatie kan in principe uitgelezen en gebruikt worden door:• Aston Martin• Onderhouds- en reparatiebedrijven• Wetshandhavers of overheidsinstellingen• Derden die rechten doen gelden of uw toestemming verkrijgen om dergelijk informatie uit te lezen.Veiligheidsmankementen doorgevenAls u denkt dat uw voertuig een defect m.b.t. de veiligheid vertoont dat een ongeluk kan veroorzaken of letstel of zelfs een fatale afloop tot gevolg kan hebben, dient u onmiddellijk uw Aston Martin dealer of de afdeling Service Operations van de fabrikant op de hoogte te stellen.
Gebruik in het laatste geval het onderstaande adres:Aston Martin Lagonda LimitedService Operations DepartmentBanbury RoadGaydonWARWICKCV35 0DBEngelandTelefoon:internationaal: +44 1926 644700vanuit VK: 01926 644700Fax: +44 (0)1926 644733VoertuigherkomstModel:Kleur van carrosserie:Kleur van interieur:Kleur van dashboard:Chassisnummer (VIN):Zoals op het VIN-plaatjeRapide_Dutch.book Page 5 Friday, August 26, 2011 12:05 PM
2. 2VoertuigbeveiligingssysteemInleidingDit voertuig wordt door een elektronisch beveiligingssysteem beschermd. Dit systeem omvat• met afstandsbediening in- en uitschakelen• omtrekalarm• ontgrendelen en vergrendelen van portieren, kofferdeksel, brandstofklep met afstandsbediening• beperkte-beveiligingsfunctie•noodstroomsirene1• codering met wisselende code om elektronisch scannen of stelen van de identiteitscode van het voertuig te voorkomen• Interieurbewegingssensor2• Hellingshoeksensor2. De voertuigbeveiliging wordt nog verbeterd door een passief antidiefstalsysteem (PATS) dat het starten van het voertuig blokkeert als de verkeerde voertuigsleutel wordt gebruikt. Wanneer het beveiligingssysteem is ingeschakeld, gaat het alarm af wanneer iemand probeert een portier, het kofferdeksel of de motorkap te forceren.
GaragedeuropenerOptieUit beveiligingsoogpunt dient u ervoor te zorgen dat alle programmering van het HomeLink-systeem is gewist, voordat u het voertuig verkoopt (Raadpleeg ’Garagedeuropener’, pagina 2. 14). Aston Martin voertuigvolgsysteemOptie (niet in alle markten beschikbaar)Standaard - vasteland van het Verenigd KoninkrijkHet Aston Martin voertuigvolgsysteem werkt net als een elektronisch peilbaken, en zendt de locatie van een gestolen voertuig uit. Het systeem, dat op een verborgen plaats is aangebracht, is gebruiksvriendelijk en biedt de volgende belangrijke functies:• Schakelt het beveiligingssysteem automatisch in wanneer u de voertuigsleutel uit het contactslot haalt en het voertuig verlaat;• Het neemt uw aanwezigheid waar (d. m. v. een bestuurderherkenningsplaatje) en schakelt het systeem automatisch uit wanneer u weer bij het voertuig terugkomt.
• Het neemt waar wanneer iemand probeert het voertuig te starten terwijl u er niet bent;• Het neemt waar wanneer iemand probeert het voertuig te verslepen of verplaatsen;• Het neemt waar wanneer iemand probeert met het voertuigvolgsysteem te knoeien of de accu los te koppeln;• Het stuurt stille alarmsignalen naar de 24-uurs bewakingsdienst;1. In markten waar hoorbare sirenes zijn toegestaan. 2. Optie. Rapide_Dutch. book Page 2 Friday, August 26, 2011 12:05 PM.
2.3Voertuigbeveiligingssysteem• Geeft u in meer dan 30 landen voorrang bij de politie;• Komt overeen met alle verzekeringsvereisten.Raadpleeg de gebruiksaanwijzing bij het Aston Martin voertuigvolgsysteem voor bedieningsinstructies.Neem contact op met uw Aston Martin Dealer voor meer informatie en abonnementsprijzen. Bewaar de gebruiksaanwijzing van het Aston Martin voertuigvolgsysteem niet in uw voertuig, omdat u het dan niet kunt raadplegen mocht uw voertuig gestolen worden.Waarschuwing voor identificatieplaatjeAls het bestuurdersidentificatieplaatje zich niet binnen het bereik van het voertuigvolgsysteem bevindt, blijft het PATS-symbool ook nadat de motor is gestart, branden.
Als dit gebeurt, zet dan de motor af, haal de voertuigsleutel uit het contactslot en kijk of u het identificatieplaatje kunt vinden.Raadpleeg de gebruiksaanwijzing bij het Aston Martin voertuigvolgsysteem.Emotion Control UnitBij het voertuig ontvangt u drie voertuigsleutels1(Emotion Control Units) een glazen sleutel, een reservesleutel en een noodsleutel.Bewaar de reservesleutel op een veilige plaats. Laat de voertuigsleutel niet in het voertuig achter wanneer u het voertuig onbeheerd achterlaat. Als u een voertuigsleutel kwijtraakt, neem dan contact op met uw Aston Martin Dealer.Beveiligingsfuncties van de voertuigsleutel[1] VERGRENDELEN: Eenmaal indrukken om het voertuig in één stap te vergrendelen en het beveiligingssysteem in te schakelen.
Het voertuig wordt na 25 seconden dubbel vergrendeld.De toets ingedrukt houden om tegelijkertijd ook de portierruiten te sluiten.(Raadpleeg ’Dubbel vergrendelen’, pagina 2.10)[2] ONTGRENDELEN: Eenmaal indrukken om het voertuig in een stap te ontgrendelen.De toets ingedrukt houden om tegelijkertijd ook de portierruiten te openen.(Raadpleeg ’Ontgrendelen en openen’, pagina 2.5)1. Vervaardigd door . 8D33-70290-BG.Rapide_Dutch.book Page 3 Friday, August 26, 2011 12:05 PM
2.4Voertuigbeveiligingssysteem[3] KOFFERDEKSEL OPENEN: Eenmaal indrukken om het kofferdekselslot te vergrendelen (Raadpleeg ’Kofferdeksel’, pagina 2.8).[4] NADERINGSVERLICHTING: Indrukken om zowel de stadslichten voor en achter als de binnenverlichting in te schakelen (Raadpleeg ’Naderingsverlichting’, pagina 2.11).NoodsleutelIn het onwaarschijnlijke geval dat de voertuigsleutel niet werkt of dat de voertuigaccu helemaal leeg is, kunt u het voertuig met de noodsleutel vergrendelen en ontgrendelen.Steek de noodsleutel in het portierslot en draai hem helemaal naar de voorkant van het voertuig en laat hem weer los om het voertuig centraal te vergrendelen, en de ontgrendelschakelaars voor het kofferdeksel en de brandstofklep uit te schakelen.
Het beveiligingssysteem wordt niet ingeschakeld..U kunt het voertuig centraal ontgrendelen, en de ontgrendelschakelaars voor het kofferdeksel en de brandstofklep inschakelen, door de sleutel helemaal naar de achterkant van het voertuig te draaien en weer los te laten. Als het beveiligingssysteem was in geschakeld, gaat nu het alarm af.U zet het alarm af (zelfs als de voertuigsleutel helemaal leeg is) door de voertuigsleutel in het contactslot te steken en naar stand II te draaien (contact aan). Als de accu helemaal leeg is, kunt u alleen met de noodsleutel een portier vergrendelen of ontgrendelen. Zelfs als de voertuigsleutel helemaal leeg is, kunt u hiermee, indien nodig, de motor starten. Stoelen met geheugen: De voorstoelen en buitenspiegels worden niet in een voorkeuzestand gezet als het voertuig met de noodsleutel wordt ontgrendeld.
2. 5VoertuigbeveiligingssysteemOntgrendelen en openenGa op minder dan 5 m afstand van het voertuig staan, richt de voertuigsleutel op het voertuig en druk op de toets ONTGRENDELknop. De richtingaanwijzers knipperen twee keer om aan te geven dat het beveiligingssysteem is ontgrendeld. Alle portieren worden ontgrendeld. Duw op A en pak de naar buiten komende portiergreep vast. Trek aan de portierhendel om het portier te openen. Als er tijdens het rijden een portier wordt geopend, is er een waarschuwing te horen tot het portier is gesloten. U kunt desgewenst alleen het bestuurdersportier openen door de toets eenmaal in te drukken en de rest van het voertuig door de toets een tweede keer in te drukken (Raadpleeg ’Persoonlijke instellingen’, pagina 2. 18). Voor in het donker zijn er witte LED's in de portiergrepen aangebracht.
Wanneer u het voertuig ontgrendeld, gaat er een LED in de portiergrepen branden. Zodra u het portier hebt geopend, gaat de LED van dat portier weer uit. Als u geen portier opent, zullen de lampjes na twee minuten uitgaan. Als het voertuig met de reservesleutel is geopend en de stand van de bestuurdersstoel of portierspiegels was gewijzigd, worden deze in de stand gezet die werd opgeslagen in de sleutel die wordt gebruikt. Wanneer u het voertuig ontgrendelt, branden de interieurlampen vijf minuten. De verlichting gaat 30seconden nadat u de portieren hebt gesloten of zodra u het voertuig start weer uit. Als het portier open blijft staan, gaat het uitstaplicht na acht minuten uit.
Ontgrendelen vanuit het interieur Als u niet op de knop voor gedeeltelijke beveiliging drukt voordat u het voertuig op slot doet, worden de dubbelvergrendeling, de interieurbewegingssensor en de hellingshoekdetector1 ingeschakeld. De passagiers zullen nu geen portier vanuit het voertuig kunnen ontgrendelen.
Als de beperkte-beveiligingsfunctie of de automatische vergrendeling is ingeschakeld, voordat u het voertuig vergrendelt, worden met het trekken aan een portiergreep de portieren centraal ontgrendeld. Als u nogmaals aan die portierhandgreep trekt, wordt het portier geopend(Raadpleeg ’Automatische vergrendeling’, pagina 2. 10). (Raadpleeg ’Beperkte beveiliging’, pagina 2. 12). Het ontgrendelen vanuit het interieur kan op automatisch worden ingesteld wanneer de voertuigsleutel uit het contactslot wordt gehaald. Als automatisch ontgrendelen is ingeschakeld, wordt een portier geopend zodra er aan de portierkruk wordt getrokken (Raadpleeg ’Persoonlijke instellingen’, pagina 2. 18). 1. Optie. Rapide_Dutch. book Page 5 Friday, August 26, 2011 12:05 PM.
2. 6VoertuigbeveiligingssysteemWanneer iemand een portier opent vanuit het voertuig na het inschakelen van de gedeeltelijke beveiliging, zal het alarm afgaan. Druk de ONTGRENDELknop op de voertuigsleutel in om het alarm te stoppen (er treedt een vertraging op van ongeveer tien seconden voordat het systeem het alarm annuleert). Vergrendelen Als passagiers in het voertuig moeten blijven nadat het is vergrendeld, moet de beperkte beveiliging worden ingeschakeld, voordat u het voertuig vergrendelt. Op deze manier kan een passagier een portier vanuit het interieur openen. Controleer of de portieren, het kofferdeksel en de motorkap zijn gesloten (het voertuig wordt niet vergrendeld als er nog een portier open staat). Ga op minder dan 5 m van het voertuig staan en richt de voertuigsleutel naar het voertuig.
Druk eenmaal op de VERGRENDELknopom de portieren te vergrendelen, de ontgrendelschakelaars voor het kofferdeksel en de brandstofklep uit te schakelen en het beveiligingssysteem in te schakelen. De richtingaanwijzers knipperen één keer wanneer het beveiligingssysteem wordt ingeschakeld (Raadpleeg ’Persoonlijke instellingen’, pagina 2. 18). Het systeem slaat de standen van zowel de bestuurderststoel als de buitenspiegels op en zal deze oproepen wanneer u het voertuig weer met dezelfde voertuigsleutel opent. Na 25 seconden wordt het beveiligingssysteem ingeschakeld en het voertuig dubbelvergrendeld. Als u het voertuig vergrendelt terwijl het kofferdeksel open staat, zal het systeem het voertuig wel vergrendelen en het alarm inschakelen, maar zullen de dubbelvergrendeling, de hellingshoekdetector en de interieurbewegingssensor1 niet worden ingeschakeld.
Automatisch opnieuw vergrendelenAls het voertuig wordt vergrendeld en weer ontgrendeld, maar er binnen twee minuten geen portier of kofferdeksel wordt geopend, wordt het voertuig automatisch opnieuw vergrendeld en wordt ook het beveiligingssysteem opnieuw ingeschakeld. 1. Optie. Rapide_Dutch. book Page 6 Friday, August 26, 2011 12:05 PM.
Druk er opnieuw op om te ontgrendelen.Als u het voertuig met de hoofdvergrendelschakelaar vergrendelt, kunt u door een keer aan een portierkruk te trekken beide portieren centraal ontgrendelen en het portier openen door een tweede keer aan de portierkruk te trekken.De hoofdvergrendelschakelaar werkt tot zeven minuten nadat u de voertuigsleutel uit het contactslot hebt gehaald, mits het voertuig niet met deze voertuigsleutel wordt vergrendeld.De hoofdvergrendelschakelaar werkt niet als het voertuig vanaf de buitenzijde werd vergrendeld.Als u de hoofdvergrendelschakelaar gebruikt, wordt de automatische vergrendeling opgeheven (Raadpleeg ’Automatische vergrendeling’, pagina 2.10). Wanneer het voertuig met de hoofdvergrendelschakelaar wordt ontgrendeld, gaat in iedere portiergreep een LED branden. Deze gaat 10 seconden later weer uit of wanneer het portier wordt geopend.
Hierdoor wordt het instappen ’snachts vergemakkelijkt. Bij een ongeval worden de portieren automatisch ontgrendeld.Achterportier vergrendelenDe achterportieren kunnen onafhankelijk van de hoofdvergrendelschakelaar centraal worden vergrendeld. Druk op de achterportierschakelaar (B) om de achterportieren te vergrendelen.Als de achterportieren met de achterportierschakelaar worden vergrendeld, kunt u dat portier weer ontgrendelen door eenmaal aan de portiergreep te trekken en een tweede keer om het portier te openen.De slotschakelaar van het achterportier werkt tot zeven minuten nadat u de voertuigsleutel uit het contactslot hebt verwijderd, mits u het voertuig niet met de voertuigsleutel vergrendelt. Bij een ongeval worden de portieren automatisch ontgrendeld.Rapide_Dutch.book Page 7 Friday, August 26, 2011 12:05 PM
2.8VoertuigbeveiligingssysteemKinderslotenDruk op MENU (C). Navigeer naar voertuiginstellingen - enter - slotinstellingen - enter - kinderslot ingeschakeld Druk op ENTER om tussen in- en uitschakelen te wisselen. Bij een ongeval worden de achterportieren automatisch ontgrendeld.KofferdekselHet kofferdeksel openenDruk één keer op de knop KOFFERRUIMTE OPEN om het kofferdekselslot te ontgrendelen. Zet het kofferdeksel omhoog. Als het voertuig is vergrendeld en het beveiligingssysteem is ingeschakeld, dan wordt dit systeem uitgeschakeld en de richtingaanwijzers knipperen twee keer wanneer het kofferdeksel wordt geopend. De portieren blijven vergrendeld (Raadpleeg ’Persoonlijke instellingen’, pagina 2.18).Openen vanuit het interieurDruk op de ontgrendelschakelaar voor het kofferdeksel (B).Het kofferdekselslot wordt ontgrendeld.
2.9VoertuigbeveiligingssysteemHet kofferdeksel sluitenTrek aan de leren lus (C) en trek het kofferdeksel omlaag. Duw hem vervolgens naar beneden en controleer of de sluithaak ingrijpt Gooi het kofferdeksel niet met kracht dicht. Druk op de VERGRENDELknop op de voertuigsleutel om het deksel te vergrendelen. De richtingaanwijzers knipperen één keer wanneer het beveiligingssysteem wordt ingeschakeld (Raadpleeg ’Persoonlijke instellingen’, pagina 2.18). Controleer altijd of u het kofferdeksel goed hebt gesloten.
De lampen in de kofferruimte blijven zeven minuten branden als het kofferdeksel gedeeltelijk open wordt gelaten en de voertuigsleutel uit het contactslot is getrokken.Voertuig vergrendeld - kofferdeksel open Als u een acculader wilt gebruiken, moet het kofferdeksel open blijven staan (deksel naar beneden zonder dat de sluithaak ingrijpt).Als u het voertuig vergrendelt terwijl het kofferdeksel open staat, zal het systeem het voertuig wel vergrendelen en het alarm inschakelen, maar zullen de dubbelvergrendeling, de hellingshoekdetector en de interieurbewegingssensor1niet worden ingeschakeld.
Als u het kofferdeksel vervolgens sluit en op slot doet, zal het systeem de dubbelvergrendeling, de hellingshoekdetector en de interieurbewegingssensor inschakelen en zal het hele voertuig worden vergrendeld en het alarm worden ingeschakeld.Kofferdeksel open in noodsituatieHet kofferdeksel kan vanaf de binnenzijde worden geopend door aan de oplichtende noodontgrendeling (D) te trekken.1. Optie.Rapide_Dutch.book Page 9 Friday, August 26, 2011 12:05 PM
2. 10VoertuigbeveiligingssysteemDubbel vergrendelen Als er na het vergrendelen nog passagiers in het voertuig blijven, moet u de beperkte beveiliging inschakelen alvorens het voertuig te vergrendelen. Het systeem zal het voertuig 25seconden na het inschakelen van het beveiligingssysteem automatisch dubbelvergrendelen. Wanneer het voertuig is dubbelvergrendeld, kunnen de portieren niet vanuit het voertuig worden geopend door aan de binnenportierkruk te trekken. Wanneer het voertuig is dubbelvergrendeld, kunnen de portieren niet vanuit het voertuig worden geopend door aan de binnenportierkruk te trekken. Open de deuren met de voertuigsleutel. Automatische vergrendelingWanneer de automatische vergrendeling is in geschakeld, worden de portieren en het kofferdeksel automatisch vergrendeld wanneer u 7 km/h of sneller rijdt.
Met deze functie voorkomt u dat iemand ongewenst het voertuig kan binnendringen wanneer u bijvoorbeeld stilstaat bij een verkeerslicht. Druk op MENU (A). Navigeer naar voertuiginstellingen - enter - slotinstellingen - enter - automatische instellingen. Selecteer automatische portiervergrendeling of automatische portierontgrendeling bij uithalen van sleutel. Druk op ENTER om tussen in- en uitgeschakeld te wisselen. Houd vervolgens terug ingedrukt om uw keuze te bevestigen en naar het hoofdscherm terug te keren. Automatische portiervergrendeling: Ingeschakeld: De portieren en het kofferdeksel worden automatisch vergrendeld wanneer u wegrijdt. Uitgecahkeld: De portieren en het kofferdeksel worden niet vergrendeld wanneer u wegrijdt.
Automatische ontgrendeling bij uithalen van sleutel: Ingeschakeld: De voorportieren en het kofferdeksel worden automatisch ontgrendeld wanneer u de voertuigsleutel uit het contactslot haalt. Uitgeschakeld: Door één keer aan een portiergreep te trekken worden alle portieren centraal ontgrendeld, door er nog een tweede keer aan te trekken, wordt dat portier geopend.
2.11VoertuigbeveiligingssysteemNaderingsverlichtingWanneer u het voertuig nadert, kunt u de stadslichten en de binnenverlichting inschakelen door de knop NADERINGSVERLICHTING op de voertuigsleutel in te drukken.U kunt programmeren hoe lang de lampen ingeschakeld blijven (Raadpleeg ’Persoonlijke instellingen’, pagina 2.18).HomesafeWanneer u het voertuig verlaat en de voertuigsleutel uit het contact hebt gehaald, knippert u met het grootlicht (trek de linkerstuurkolomhendel naar voeren en laat hem weer los, zonder dat hij vergrendelt) om de Homesafe-functie in te scahkelen. Het grootlicht en de achterlichten blijven een bepaalde periode branden en doven vervolgens.
U kunt zelf programmeren hoe lang het grootlicht en de achterlichten blijven branden (Raadpleeg ’Persoonlijke instellingen’, pagina 2.18).AlarmWanneer het alarm is geactiveerd, is er 25 seconden een sirene te horen (maximaal 10 periodes) en de richtingaanwijzers knipperen vijf minuten. Daarna keert het beveiligingssysteem weer terug naar de ingeschakelde status. De portieren en het kofferdeksel blijven al deze tijd vergrendeld. Markten waar zichtbare alarmsignalen en sirenes zijn toegestaan.U kunt het alarm stoppen door op de knop ONTGRENDELEN op de voertuigsleutel te drukken of door de voertuigsleutel in het contactslot (stand II) te steken. Het duurt circa tien seconden voordat het alarm stopt.
Draai de sleutel op de getoonde manier naar stand II.InterieurbewegingssensorOptieWanneer het voertuig is vergrendeld en het alarm is ingeschakeld, detecteert de interieurbewegingssensor elke beweging binnenin het voertuig. Als er bewegingen worden waargenomen, wordt het alarm ingeschakeld.Rapide_Dutch.book Page 11 Friday, August 26, 2011 12:05 PM
2.12VoertuigbeveiligingssysteemHellingshoeksensorOptieWanneer het voertuig is vergrendeld en het alarm is ingeschakeld, zal de hellingshoekdetector het schuinzetten van het voertuig detecteren, bijvoorbeeld als iemand het voertuig opkrikt. Als de detector constateert dat de hellingshoek van het voertuig verandert, zal het alarm afgaan.Beperkte beveiliging Waarschuwing: Als er passagiers in het voertuig moeten achterblijven nadat u het voertuig vergrendeld hebt, zult u de gedeeltelijke beveiliging moeten inschakelen voordat u het voertuig vergrendelt. Op deze manier kan een passagier in een noodgeval een portier vanuit het interieur openen.Wanneer de beperkte beveiliging is ingeschakeld, zijn dubbelvergrendeling, de interieurbewegingssensor en de hellingshoekdetector1 uitgeschakeld.
Op deze manier kan een passagier een portier vanuit het interieur openen door aan de handgreep te trekken, Ook kunnen een passagier of dieren in het voertuig worden gelaten terwijl het beveiligingssysteem is ingeschakeld.Als een portier van binnenuit wordt geopend terwijl de beperkte beveiliging is ingeschakeld, gaat het alarmsysteem af. Druk op de knop ONTGRENDELEN op de voertuigsleutel om het alarm te stoppen.De beperkte beveiliging wordt via het voertuigingstellingenmenu ingesteld. Druk op MENU (A). Navigeer naar Enter (voertuiginstellingen enter beperkte beveiliging). Selecteer (eenmaal activeren) of (vragen bij afsluiten) en druk op ENTER om tussen aan en uit te schakelen. Houd vervolgens BACK (terug) ingedrukt om naar het hoofdscherm terug te keren.1. OptieRapide_Dutch.book Page 12 Friday, August 26, 2011 12:05 PM
2. 13Voertuigbeveiligingssysteem (vragen bij uitstappen): Ingeschakeld: Iedere keer wanneer de voertuigsleutel uit contactslotstand II (contact aan) naar stand I of 0 wordt gedraaid, verschijnt het bericht PRESS ENTER TO REDUCE GUARD UNTIL ENGINE IS STARTED. PRESS EXIT TO CANCEL (Druk op enter voor beperkte beveiliging tot motor wordt gestart. Druk op exit om te annuleren) in het berichtencentrum (rechts). Het bericht verdwijnt na één minuut en de beperkte beveiliging wordt niet ingeschakeld. Uitgeschakeld: Er wordt geen bericht weergegeven en de beperkte beveiliging wordt niet ingeschakeld. (eenmaal activeren): Ingeschakeld: Het beperkte veiligheidssysteem wordt één keer ingeschakeld. Schakel deze functie in (ON) iedere keer wanneer u beperkte beveiliging wilt hebben. Uitgeschakeld: De beperkte beveiliging wordt niet ingeschakeld.
De beperkte beveiliging blijft ingeschakeld tot de voertuigsleutel in het contactslot wordt gestoken en naar stand II wordt gedraaid (contact aan). Passief antidiefstalsysteemHet passieve antidiefstalsysteem (PATS) is een volledig automatische startblokkering. Als u een voertuigsleutel kwijtraakt, kan er een duplicaat van de reservesleutel worden gemaakt door uw Aston Martin Dealer, die hem ook zal programmeren. De motor startenWanneer het beveiligingssysteem wordt uitgeschakeld en de voertuigsleutel steekt in het contactslot, stuurt de PATS-controller een signaal naar de voertuigsleutel. De voertuigsleutel moet met een geldige code reageren, voordat u de motor kunt starten. Zodra er een geldige code wordt ontvangen, werkt het ontstekingssysteem normaal. Wordt de voertuigsleutelcode niet ontvangen, of is de code ongeldig, dan blijft de startmotor geblokkeerd.
PATS-statusDe status van het PATS-systeem wordt aangegeven door het rode symbool in de instrumentengroep (A). Contact Actie (geldige code)aan Symbool licht drie seconden op. uit Symbool knippert.
2. 14VoertuigbeveiligingssysteemStoringsfunctieAls het statussymbool blijft knipperen wanneer het contact wordt aangezet (AAN), kan er niet worden gestart. Mocht deze situatie zich voordoen, haal de sleutel dan uit het contactslot, steek hem er weer in en draai hem opnieuw naar stand II. Lukt dit niet, gebruik dan de reservesleutel. Lukt dit wel, vraag dan een vervanging aan voor de defecte voertuigsleutel. Blijft u problemen ondervinden met de voertuigsleutel, neem dan contact op met uw Aston Martin Dealer. Garagedeuropener(Optie: Alleen beschikbaar in combinatie met de automatisch dimmende binnenspiegel. )De de toetsen en transceiver van de garagedeuropener (Homelink® Universal Transceiver) zijn in de binnenspiegel aangebracht.
De transceiver kan zo worden geprogrammeerd dat hij radiofrequenties naar maximaal drie verschillende zenders kan versturen voor het activeren van garagedeuren, toegangshekken, huisverlichting, beveiligingssysteem of andere radiografisch bestuurde apparatuur. Via de HomeLink-hotline of de HomeLink-compatibiliteitslijst op de HomeLink-website kunt een een volledige lijst vinden met compatibele radiografisch bestuurde apparatuur. Voor informatie of hulp kunt u terecht bij uw Aston Martin Dealer. U kunt ook terecht op de HomeLink-website (www. homelink. com) of contact opnemen met de HomeLink-hotline op:gratis: 008000 0466 354 65of+49 6838 907 277 (in sommige landen kunnen gebruikers problemen ondervinden bij het bellen van het gratis nummer).
Waarschuwing: Gebruik de transceiver niet met een garagedeuropeningssysteem dat niet over een veiligheidsstop-en-omkeerfunctie beschikt, zoals door de veiligheidsnormen wordt voorgeschreven. Een garagedeuropeningssysteem dat geen voorwerp kan waarnemen en niet aangeeft dat de deur moet stoppen en weer moet openen, voldoet niet aan de huidige veiligheidsnormen. Het gebruik van een garagedeuropeningssysteem dat niet over deze functie beschikt, vergroot het gevaar voor ernstig of dodelijk letsel.
Waarschuwing: Bij het programmeren van de transceiver voor een garagedeuropeningssysteem, moet u erop letten dat zich geen mensen, voertuigen of voorwerpen in de buurt bevinden. Hiermee voorkomt u mogelijk letsel of schade wanneer het hek of de garagedeur tijdens het programmeren gaat bewegenRapide_Dutch. book Page 14 Friday, August 26, 2011 12:05 PM.
2. 15Voertuigbeveiligingssysteem Bewaar de originele zender voor toekomstig gebruik of de programmeerprocedures indien u bijvoorbeeld een nieuw voertuig aanschaft. Dit apparaat kan door radiosignalen worden gestoord als het in de buurt van een zendmast voor bijvoorbeeld mobiele telefoons wordt gebruikt. Deze radiofrequentiestoringen zullen waarschijnlijk de handzender als de transceiver in het voertuig beïnvloeden. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor storingen door radio- of tv-signalen die worden veroorzaakt door niet-goedgekeurde wijzigingen aan dit apparaat. Dergelijk aanpassingen kunnen het gebruiksrecht van de apparatuur teniet doen. Programmeren Bij stap 1 wordt alle programmering gewist. U hoeft deze stap alleen te volgen wanneer u de HomeLink voor de eerste keer programmeert of wanneer u alle bestaande programmering wilt wissen.
U hoeft dit niet te doen als u de overige HomeLink-toetsen wilt programmeren. U kunt de HomeLink-toetsen apart herprogrammeren, maar niet apart wissen. U moet stap 1 uitvoeren om alle programmering te wissen. 1. Houd de buitenste twee HomeLink-toetsen ingedrukt en laat ze pas los wanneer de HomeLink-LED na 20 seconden begint te knipperen. Alle drie de knoppen zijn nu gewist. Het HomeLinksysteem staat nu in de instelfunctie. Uit beveiligingsoogpunt dient u ervoor te zorgen dat alle programmering van het HomeLink-systeem is gewist, voordat u het voertuig verkoopt. 2. Houd de originele afstandsbediening van het te programmeren apparaat op circa 10-30 cm van de HomeLink-zender. U moet de LED te allen tijde kunnen zienDe afstand tussen de afstandsbediening en de zender is afhankelijk van het te programmeren systeem. U moet misschien meerdere pogingen van verschillende afstanden doen.
2. 16VoertuigbeveiligingssysteemBedieningHet voertuig moet zich binnen het bereik van het hek- of garagedeuropener zijn en het contact moet zijn ingeschakeld. Het HomeLink-systeem stuurt de garagedeuropener (of ander apparaat) op precies dezelfde manier aan als de originele afstandsbediening. Wanneer u het HomeLink-systeem hebt geprogrammeerd, drukt op toets 1, 2 of 3 van het bedieningspaneel om de garagedeuropener te bedienen. De LED licht op wanneer u de toets op het bedieningspaneel indrukt. U kunt tevens de originele afstandsbediening te allen tijde gebruiken. Bij een standaardcode brandt het HomeLinklampje tijdens het zendproces voortdurend. Voor gebruik bij compatibele systemen hoeft u verder niets te doen.
Mocht het HomeLink-zendontvangapparaat de garagedeuropener (of ander apparaat) nu niet kunnen bedienen, dan heeft de originele afstandsbediening mogelijk een functie voor een steeds veranderende code (Raadpleeg ’Synchronisatie van wisselende code’, pagina 2. 16). Synchronisatie van wisselende codeControleer aan de hand van de volgende stappen of de garagedeuropener (of ander apparaat) gebruik maakt van wisselende codes. • Raadpleeg de handleiding bij de garagedeuropener voor verduidelijking. • Het lijkt alsof de afstandsbediening de HomeLink programmeert, maar de HomeLink stuurt de garagedeuropener niet aan. • Houd de geprogrammeerde HomeLink-toets ingedrukt. Bij een systeem met een steeds wisselende code, knippert de LED van de HomeLink korte tijd snel en brandt daarna 2 seconden continu. Dit patroon herhaalt zich zelf gedurende maximaal 20 seconden.
Als de HomeLink met een systeem met een wisselende code werd geprogrammeerd, dan moet het aan het einde van de programmeringsperiode weer met dit systeem gesynchroniseerd zijn om correct te kunnen werken. Volg de aanwijzingen hieronder voor het synchroniseren van de steeds veranderende code (de procedure neemt minder tijd in beslag als iemand u hierbij helpt).
Het voertuig moet binnen het werkbereik van de garagedeuropener zijn en het contact moet zijn ingeschakeld. Zorg dat u de veiligheidsvoorschriften in acht neemt, zelfs bij het synchroniseren van de steeds veranderende code. 1. Zoek de leerknop (programmeerknop) op, die zich op de motorhoofdeenheid van de garagedeuropener bevindt. De exacte locatie en kleur van de knop kan per merk hek of garagedeuropener verschillen (raadpleeg het hoofdstuk ‘Extra afstandsbedieningen inleren’ in de gebruiksaanwijzing van de garagedeuropener). Rapide_Dutch. book Page 16 Friday, August 26, 2011 12:05 PM.
2.17Voertuigbeveiligingssysteem2. Druk de leerknop (programmeerknop) op de motorhoofdeenheid van de garagedeuropener in (hierna gaat meestal een ‘leer’ lampje branden).Na stap 2 hebt u gewoonlijk 30 seconden de tijd om met stap 3 te beginnen.3. Druk de geprogrammeerde HomeLinktoets kortstondig stevig in. Doet dit een tweede keer om de trainingprocedure te voltooien. (Bij sommige garagedeuropeners moet dit een derde keer gebeuren om de training af te ronden.)De garagedeuropener behoort nu het HomeLinksignaal te herkennen en in werking te treden zodra u op de HomeLinktoets drukt.U kunt nu de laatste twee toetsen programmeren, mocht u dit nog niet eerder hebben gedaan (Raadpleeg ’Programmeren’, pagina 2.15).HerprogrammerenAls u een HomeLinktoets geprogrammeerd hebt om een apparaat te activeren, en u met deze toets nu een ander apparaat wilt bedienen, gaat u als volgt te werk.
Met deze procedure wist u de bestaande programmering van de betreffende HomeLinktoets.1. Druk op de HomeLink-toets die opnieuw moet worden geprogrammeerd (1, 2 of 3) en houd deze ongeveer 20 seconden ingedrukt tot de LED langzaam begint te knipperen. Laat de toets pas los wanneer u stap 4 hebt uitgevoerd.2. Wanneer de LED na circa 20 seconden langzaam begint te knipperen, houd dan de afstandsbediening van het apparaat dat u wilt gebruiken op ongeveer 10-30 cm van de HomeLink-zender; zorg ervoor dat u de LED steeds kunt zien.De afstand tussen de afstandsbediening en de HomeLink-zender is afhankelijk van het te programmeren systeem. U moet misschien meerdere pogingen van verschillende afstanden doen. Probeer elke instelpositie ten minste 15 seconden alvorens een andere te proberen.3. Druk nu op de toets op de afstandsbediening en blijf erop drukken.4.
2.18VoertuigbeveiligingssysteemPersoonlijke instellingenU kunt een aantal van de beveiligingsfuncties naar wens aanpassen.[1] AAN/UIT: Het infotainmentsysteem in en uitschakelen.[2] SCHERM: Hierop verschijnen keuzemogelijkheden, menu’s en informatie.[3] AFSTEMMEN: Links of rechtsom draaien om door de menu’s te bladeren.[4] MENU: Opent het hoofdmenu.[5] ENTER: Een optie in het menu selecteren/een keuze activeren.[6] JOYSTICK: Hiermee kunt u door de menu's navigeren.[7] TERUG: Teruggaan in het menu of een keuze annuleren.SelectieZet het contactslot in stand I of II, druk op MENU en navigeer naar de gewenste instelling. Druk op ENTER.
Gebruik de JOYSTICK om een optie te selecteren en druk op ENTER om deze te accepteren.Menu1) Voertuiginstellingen1) Beperkte beveiliging1) Eenmaal activeren2) Vragen bij uitstappen2) Spiegelinstellingen1) Automatisch inklappen ingeschakeld2) Verstelling binnenspiegel1) Auto2) Alleen passagier3) Passagier en bestuurder3) Slotinstellingen1) Automatische instellingen1) Automatisch vergrendelen van portieren2) Automatische ontgrendeling bij uithalen van sleutel2) Portieren ontgrendelen1) Alle portieren2) Bestuurdersportier, daarna alle3) Kinderslot ingeschakeld4) Verlichtingsinstellingen1) Bevestigingsverlichting vergrendeling2) Bevestigingsverlichting ontgrendeling3) Duur van naderingsverlichting1) 30, 60 of 90 seconden4) Duur van Homesafeverlichting)1) 30, 60 of 90 seconden5) Informatie)1) ChassisnummerRapide_Dutch.book Page 18 Friday, August 26, 2011 12:05 PM
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Aston Martin Rapide (2012) stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Auto Aston Martin
Handleiding Auto
Nieuwste handleidingen voor Auto