Ascot AB6-WS-11B Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Ascot AB6-WS-11B (6 pagina’s), behorend tot de categorie Weerstation. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 140 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Ascot AB6-WS-11B of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Ascot |
| Categorie: | Weerstation |
| Model: | AB6-WS-11B |
Handleiding Ascot AB6-WS-11B – volledige tekst
6 1 Toepassingsgebied Dit weerstation is alleen geconstrueerd voor gebruik als weerstation. Weerstations leveren informatie over het binnenklimaat, dienen voor de lokale weersvoorspelling en worden verder gebruikt voor informatie over de buitentemperatuur, luchtvochtigheid buiten, voor vorstinformatie (automobilisten, boeren), enz. Het weerstation kan door de consument gebruikt worden binnen de gegeven toleranties. Gebruik het weerstation NIET voor een commerciële of beroepsmatige weersvoorspelling. Een andere toepassing dan in deze bedieningshandleiding beschreven, is niet toegestaan en kan leiden tot beschadigingen of verwondingen. Voor schade door onreglementair gebruik wordt geen aansprakelijkheid geaccepteerd. In de bedieningshandleiding vindt u meer aanwijzingen en verduidelijkingen. 2 Veiligheid 2.
1 Veiligheidsaanwijzingen Lees deze handleiding en vooral dit hoofdstuk aandachtig door en volg alle gegeven aanwijzingen op. Zo garandeert u een betrouwbare werking en een lange levensverwachting van uw weerstation. Bewaar de verpakking en de bedieningshandleiding goed om deze bij een overdracht aan de nieuwe bezitter te kunnen geven. Open nooit de kast van het basisstation en van de buitensensor, deze hebben geen onderdelen die onderhoud nodig hebben (met uitzondering van het openen van batterijvakken voor het inleggen of vervangen van de batterijen, zie punt 7 ‘ Indicator batterij vervangen en vervangen van de batterij ). Leg geen voorwerpen ’op het basisstation en op de buitensensor en oefen geen druk uit op het display. Het display zou kunnen breken. Raak het display niet aan met scherpe voorwerpen om beschadigingen te voorkomen.
Dit horloge mag door kinderen vanaf acht (8) jaar en personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vaardigheden of door personen met gebrek aan ervaring en kennis van zaken gebruikt worden, wanneer ze onder toezicht staan of aanwijzingen hebben gekregen over het veilige gebruik van het horloge en de mogelijke gevaren daarvan. Kinderen mogen niet met het horloge spelen. Kinderen mogen dit horloge niet reinigen of onderhouden zonder toezicht. Meer informatie vindt u op www. produktservice. info. 2. 2 E he verdraagzaamheid lektromagnetiscZet het basisstation en de buitensensor indien mogelijk niet in de buurt van bijv. een computer, printer, televisie, mobiele telefoon of radio, omdat apparaten met een sterke EM (elektromagnetische) straling of andere radiostations de radio-ontvangst kunnen storen of beperken. 2.
3 Werking op batterijenUw basisstation werkt op twee batterijen van 1,5 V type LR6/R6/AA en de buitensensor werkt op twee batterijen van 1,5 V type LR03/R03/AAA. Onderstaand vindt u enkele aanwijzingen voor de omgang met de batte rijen:Vervang de batterijen alleen door een gelijkwaardig batterijtype. Batterijen mogen niet opgeladen of met andere middelen gereactiveerd worden, uit elkaar gehaald, in het vuur geworpen of kortgesloten worden. Bewaar de batterijen altijd buiten het bereik van kinderen. Batterijen kunnen levensgevaarlijk zijn als ze ingeslikt worden. Bewaar de batterijen en het weerstation daarom op een plaats waar kleine kinderen er niet bij kunnen komen. Als er een batterij ingeslikt is, moet onmiddellijk medische hulp gezocht worden. Voor het inleggen van de batterijen de apparaten en batterijcontacten indien nodig reinigen met een licht vochtige doek en grondig droogmaken.
Verwijder lege batterijen onmiddellijk uit het apparaat om het lekken van de batterijen te voorkomen. Verwijder eveneens de batterijen uit het apparaat wanneer u het ged rende langere tijd niet gebruikt. (Gevaar voor ulekken.
) Voorzichtig met uitgelopen batterijen. Vermijd het contact met huid, ogen en slijmvliezen. Bij contact met batterijvloeistof de betreffende plekken direct met ruim water spoelen en direct een arts raadple gen. Batterijen verdragen geen hitte. Voorkom dat het basisstation resp. de buitensensor en zodoende de ingelegde batterijen te heet worden. Het niet in acht nemen van deze aanwijzingen kan leiden tot beschadiging en in bepaalde omstandigheden zelfs tot exploderen van de batterijen. Temperaturen onder 0°C kunnen een negatieve uitwerking hebben op de levensduur van de batterijen. Informatie over het vervangen van de batterijen vindt u in punt 8 ‘Indicatie voor batterijvervanging en batterijvervanging’. Aanwijzing: plaats de buitensensor zo, dat hij niet blootgesteld wordt aan extreme hitte of kou. Bij extreme kou worden de batterijen en dus ook het zendsignaal zwakker.
3 Onderhoud Let op. Er bevinden zich geen onderdelen in de kast van het weerstation die onderhoud nodig hebben of gereinigd moeten worden. 3. 1 Voorwaarden voor de bedrijfsomgeving Het basisstation is niet beschermd tegen spatwater. Let er op, dat uw basisstation niet bloot komt te staan aan vocht of aan een te hoge luchtvochtigheid en voorkom stof, hitte en te lang direct zonlicht. Zet het basisstation stabiel op een niet-metalen oppervlak om een optimale radioregistratie te garanderen. De buitensensor is beschermd tegen spatwater. Kies voor het gebruik buiten een plaats uit waar de buitensensor niet direct blootgesteld wordt aan regen of zonlicht. Het niet in acht nemen van deze aanwijzingen kan leiden tot storingen of tot beschadiging van het basissta tion en van de buitensensor. 3.
2 OmgevingstemperaturHet basisstation kan continu gebruikt worden bij een omgevingstemperatuur van 0 °C tot 50 °C. Als het basisstation buiten werking is, kan het bij -10 °C tot + 60 °C opgeslagen worden. De buitensensor kan continu gebruikt worden bij een omgevingstemperatuur van -20 °C tot +60 °C.
Als de buitensensor buiten we 25 °C tot + 70 °C r -king is, kan hij bij opgeslagen worden 3. 3 VerwijderingVerpakking verwijderen Verwijder de verpakking milieuvriendelijk door te sorteren. Plaats het papier en karton bij het oud papier en folie bij de te recycleren materialen. Recyclage van afgedankte apparaten (Van toepassing in de EU en andere landen met systemen voor gescheiden inzameling van waardevolle materialen) Afgedankte apparaten mogen niet bij het huishoudelijk afval. Dit symbool wijst erop dat dit product valt onder de EC richtlijnen voor afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (2012/19/EU) en nationale wettelijke bepalingen en niet met huishoudelijk afval mag weggeworpen worden. Dit product moet bij een daarvoor voorzien inzamelpunt afgegeven worden.
Dit kan bijvoorbeeld door teruggave bij de aankoop van een gelijkaardig product of bij een geautoriseerd inzamelpunt voor recyclage van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur. Het onzorgvuldig omgaan met oude toestellen kan wegens de aanwezigheid van potentieel gevaarlijke stoffen die vaak in elektrische en elektronische apparaten aanwezig zijn een gevaar betekenen voor het milieu en de menselijke gezondheid. Door een verstandige verwijdering van dit product draagt u bij tot een effectief gebruik van de natuurlijke hulpbronnen. Informatie inzake inzamelpunten voor defecte apparaten vindt u bij uw gemeentelijke instanties, officiële afvalbeheerder, een instantie bevoegd voor het inzamelen van afgedankte elektronische en elektrische apparaten of uw vuilnisophaaldienst. Batterijen en accu’s mogen niet bij het huishoudelijk afval.
Als consument bent u wettelijk verplicht om alle batterijen en accu’s, ongeacht of deze schadelijke stoffen* bevatten, bij uw gemeente/stad of handelaar af te geven zodat een milieuvriendelijke verwerking kan gebeuren. Lever uw batterijen en accu’s enkel in ontladen toestand in een inzamelpunt af.
Seite 2 Importeur: KRIPPL-WATCHES Warenhandels GmbH Maria Theresia- -Straße 41, 4600 Wels, Austria 3. 4 Reiniging en vrzorgingReinig het basisstation en de buitensensor alleen met een zachte, vochtige doek zonder pluisjes. Gebruik geen oplosmiddelen of bijtende of gasvormende reinigingsmiddelen. Let er op, dat er geen waterdruppels op het display achterblijven. Water kan blijvende verkleuringen veroorzaken. Stel het display van het basisstation en van de buitensensor niet bloot aan fel zonlicht of ultraviolette straling. 3. 5 LagerungVerwijder de batterijen als u het weerstation gedurende langere tijd niet gebruikt. Let bij het opslaan van het weerstation op de aanwijzingen in punt 3. 1 Voorwaarden voor de ‘bedrijfsomgeving’ en punt 3. 2 ‘Omgevingstemperatuur’. Het basisstation en de buitensensor moeten veilig opgeslagen worden. Vermijd hoge temperaturen (bijv.
door direct zonlicht) en een constante vocht ge omgeving. i 3. 6 s - Aanwijzingen over deze bediening handleiding We hebben de bedieningshandleiding voor dit weerstation zo ingedeeld dat u altijd via de inhoudsopgave de nodige informatie over een thema na kunt lezen. Maak als extra hulp voor uw weerstation gebruik van de FAQ’s (= veel gestelde vragen), die opgeroepen kunnen worden op onze pagina Produktservice op het Internet: http://www. produktservice. info EAN Code: 27088685 Neemt u bij verdere vragen alstublieft contact met ons op, op het volgende e- mailadres: service@produktservice. info 3. 7 Bij de levering inbegrepen 1 Basisstation - -AB6 WS 11A/11B 1 20Buitensensor ASENSOR 1 Bedieningshandleiding 1 Garantiekaart 4 Functietoetsen en displayweergave 4.
waarde van binnen- enbuitentemperatuur en binnen en buitenlucht- - vochtigheid Wissen van het min. - -/max. geheugen • CH: Omschakelen tussen de kanalen, Registratie van meer sensoren • DOWN: Zenderoproeptoets, het zoeken naar het radiosignaal stoppen Verlagen van de waarde in de instelmodus • ALERT: Activeren of deactiveren van het temperatuuralarm voor de buitentemperatuur • ALARM: Omschakeling tussen tijd en alarm tijd- modusAlarmtijdinstelling • TIME: Weergeven van de tijd en het jaar Handmatig instellen van het jaar, het datumformaat, de datum, het 12-/24-uurs formaat, de tijd en de tijdzone 4. 2 Displayweergave 4. 2. 1 Basisstation A -WS- rtikelnr.
geheugen - Indicatie van de temperatuur in °C/°F - TrendindicatieComfortindicatie van het binnenklimaat Indicatie voor batterijvervanging voor het basisstation - Tijd, alarm Radiografische tijd/kwartsuurwerk Tijd in 12- -of 24 uurs formaat Tijdzone-instelling +/- 12 uur2 alarmtijden met wekherhaling - Datum, maanfase Maanfase in 4 segmenten Indicatie van de dag, maand en weekdag Zenderroepfunctie voor de radiografische tijd Radiomast- - en DST symboolIndicatie van de tijdzone - L icht Achterzijde basisstation Functietoetsen basisstation 4. 2. 2 Buitensensor Artikelnr. ASENSOR20, type: JS26TXBH Vooraanzicht buitensensor Achteraanzicht buitensensor Aanzicht gesloten Aanzicht open ‘TX’- toets Kanaalkeuzeschakelaar 5 Ingebruikneming Wij raden u aan de bedieningshandleiding aandachtig te lezen voordat u het radiogestuurde weerstation in gebruik neemt.
Lees in elk geval voor de ingebruikneming hoofdstuk 4 ‘Functietoetsen en displayweergave , om u met de functietoetsen ’van het radiogestuurde weerstation vertrouwd te maken. Voer de ingebruikneming op een tafel uit waar u het basisstation en de buitensensor naast elkaar kunt zetten. Steunvoetje 1 2 3 4 4 5 6 6 1 2 1 2 1 3 2 5 Indicatie voor een uitgezonden signaal Beugel voor de wand-montage Klepje batte-rijcomparti-Batterijcom-partiment LIGHT/SNOOZE UP MAX/MIN SNZ CH ALERT DOWN ALARM TIME.
Seite 3 Er zit een beschermfolie over het display van het basisstation. Trek de folie eraf voor het eerste gebruik. 1. Basisstation • Verwijder het deksel van de batterijhouder van het basisstation en leg de batterijen (2 x 1,5 V type LR6/R6/AA) in het batterijcompartiment van het basisstation (op de +/- pool letten). Sluit vervolgens het batterijcompartiment met het klep je. • Nu verschijnt de LCD-weergave. Het licht wordt kort ingeschakeld en er weerklinkt een pieptoon. • Na plaatsing van de batterijen knippert het radiosymbool links naast de buitenluchtvochtigheid. Het basisstation is nu ca. 3 minuten lang voor de ontvangst van het signaal van een buitensensor ‘geopend’. 2. Buitensensor • Draai de schroeven van het batterijcompartimentdeksel eruit en verwijder deze aan de achterkant van de buitensensor.
Plaats de batterijen (2 x 1,5 V LR03/R03/AAA) volgens de juiste polariteit (op de +/- pool letten) in het batterijcompartiment van de buitensensor. • Druk kort op de ‘ ’TX -toets in het batterijcompartiment van de buitensensor. De buitensensor draagt dan de gemeten temperatuur en luchtvochtigheid over, wat te herkennen is aan het knipperen van het rode lampje op de voorkant van de buitensensor. • De buitensensor is in de fabriek zodanig ingesteld dat de overdracht van het signaal plaatsvindt op kanaal 1. Wacht even totdat de buitentemperatuur en buitenluchtvochtigheid op kanaal 1 op het basisstation worden weergegeven. De sensor is nu op kanaal 1 geregistreerd. • Het radiosymbool blijft zolang knipperen totdat deze drie minuten zijn verstreken. Daarna worden de waarden vast weergegeven en verdwijnt het radiosymbool.
Waarschuwing: Het basisstation en de buitensensor mogen maximaal 100 meter van elkaar zijn verwijderd om overdracht van het signaal mogelijk te maken. De buitensensor zendt met een zendfrequentie van 433 MHz. De overdracht kan worden beïnvloed door voorwerpen zoals metselwerk, gewapend beton en metalen vensters en mist.
Elektronische apparaten, die in uw omgeving, in de buurt of in het eigen huis of de eigen woning worden gebruikt en op dezelfde frequentie (433 MHz) zenden, kunnen eveneens storingen veroorzaken. Deze omvatten draadloze deurbellen, toegangscontrolesystemen, draadloze luidsprekers, draadloze hoofdtelefoons, garagedeur peners en obeveiligingssystemen. Zelfs overlappende radiogolven kunnen invloed hebben op de ontvangst. Waarschuwing: Raadpleeg hoofdstuk 6. 4. 8. a ‘Registreren van een tweede of derde buitensensor om een tweede of derde ’ buitensensor (niet meegeleverd) te registreren. In zeldzame gevallen kan het gebeuren dat het basisstation het signaal van de buitensensor niet ontvangt (veroorzaakt door vreemde of stoorzenders). Zorg ervoor dat tijdens de ingebruikneming geen ander basisstation of geen andere buitensensor binnen het zendbereik aanwezig is.
Als de installatie het eerste signaal niet ontvangt, hebt u de volgende twee mogelijkheden: 1. Nieuwe ingebruikneming: Verwijder de batterijen uit het basisstation en de buitensensor en voer de ingebruikneming opnieuw uit. 2. Handmatig zoeken: -Houd de ‘CH’toets op het basisstation een paar seconden ingedrukt totdat het radiosymbool links naast de buitenluchtvochtigheid knippert. Druk nu kort op de 'TX”-toets in het batterijcompartiment van de buitensensor. De overdracht van het signaal wordt daardoor handmatig geactiveerd. Na een succesvolle ontvangst verschijnen de buitentemperatuur en de buitenluchtvochtigheid op het basisstation. 3.
Basisstation radiosignaal zoeken- Zodra de buitentemperatuur en buitenluchtvochtigheid vast op het basisstation worden weergegeven, begint het basisstation te zoeken naar het signaal voor de radioklok, wat wordt aangegeven door een knipperend radiomastsymbool. Radiomast- - en DST symbool Het radiosignaal wordt binnen 10 minuten door het basisstation ontvangen, wat wordt aangegeven door een vast brandend radiomastsymbool.
Als dit niet het geval is (bij afwezigheid van het radiomastsymbool), houd u de ‘ ’DOWN -toets ingedrukt totdat u een pieptoon hoort. Het knipperende radiomastsymbool verschijnt en er wordt opnieuw geprobeerd om een radiosignaal te ontvangen. Indien ter plaatse geen radio ontvangst mogelijk is, -kunt u de tijd ook handmatig instellen (zie hoofdstuk 6. 1. 2 ‘ ’Handmatige instelling ) of het basisstation op een andere locatie opstellen (zie hoofdstuk 10 ‘ ’Slecht functioneren verhelpen ). Waarschuwing: Het zoeken wordt onderbroken als u op de ‘ ’DOWN - toets drukt. De luchtdruksensor van het weerstation meet de huidige ‘ ’absolute luchtdruk. Deze wordt onder de weersvoorspelling weergegeven op het display van het basisstation. Een handmatige instelling van de luchtdruk is niet mogelijk.
Waarschuwing: Na de ingebruikneming kan het tot 48 uur duren voordat een betrouwbare weersvoorspelling wordt weergegeven. De ingebruikneming van het draadloze weerstation is nu voltooid. U kunt de buitensensor op zijn definitieve locatie zetten of hangen (zie hoofdstuk 7 ‘Montage’). 6 Modi/functies 6. 1 , datum Uur en tijdzone 6. 1. 1 Radiografische tijd De tijdbasis voor de radiografisch gestuurde tijdindicatie wordt door de cesium-atoomklok bij de 'Physikalisch - Technischen Bundesanstalt Braunschweig' aangestuurd. Deze tijd wordt gecodeerd (DCF77) en door een langegolfzender in Mainflingen nabij Frankfurt uitgezonden met een bereik van ca. 1. 500 km. Bevindt uw radiogestuurde weerstation zich binnen dit zendbereik dan zal deze het signaal opvangen, het omrekenen en onafhankelijk van zomer- of wintertijd de juiste tijd en de juiste datum aangeven.
De radiografische tijd wordt meerdere malen per dag automatisch gesynchroniseerd door het basisstation om eventuele afwijkingen te corrigeren. Indien ter plaatse geen radio-ontvangst mogelijk is, kan de tijd ook handmatig worden ingesteld (zie hoofdstuk 6. 1. 2 ‘ ’Handmatige instelling ). 6. 1.
2 Handmatige instelling Waarschuwing: Houd de ‘ ’- ‘ ’-UP of DOWN toets ingedrukt om de cijfers elkaar snel op te laten volgen. 1. Houd de ‘ ’TIME - toets ca. 3 seconden ingedrukt totdat het jaartal begint te knipperen om de tijd handmatig in te stellen. Druk op de ‘ ’ ‘ ’UP - of DOWN -toets om het jaartal in te stellen. Bevestig met de ‘ ’TIME -toets, het datumformaat begint te knipperen. 2. Druk op de ‘ ’ ‘ ’UP - of DOWN -toets om het datumformaat in te stellen. Bevestig met de ‘ ’TIME -toets, de maand begint te knipperen. 3. Druk op de ‘ ’ ‘ ’UP - of DOWN -toets om de maand in te stellen. Bevestig met de ‘ ’TIME -toets, de dag begint te knipperen. 4. Druk op de ‘ ’ ‘ ’UP - of DOWN - toets om de dag in te stellen. De weekdag wordt automatisch berekend. Bevestig met de ‘ ’TIME - - - toets, het 12 /24 uurs formaat begint te knipperen. 5.
Druk op de ‘ ’ ‘ ’UP - of DOWN - - -toets om het 12 /24 uurs formaat in te stellen. Bevestig met de ‘ ’TIME -toets, het uur begint te knipperen. 6. Druk op de ‘ ’ ‘ ’UP - of DOWN -toets om het uur in te stellen. Bevestig met de ‘ ’TIME -toets, de minuten beginnen te knipperen. 7. Druk op de ‘ ’ ‘ ’UP - of DOWN -toets om de minuten in te stellen, de tijdzone begint te knipperen. De aarde is onderverdeeld in 2 tijdzones. Een tijdzone is een 4 deel van het aardoppervlak, waarop een gemeenschappelijke tijd geldt. Deze verloopt idealiter langs de lengtegraad vanuit de polen. Bij de overgang naar een andere zone springt de tijd wanneer men zich in oostelijke richting begeeft is dit 1 uur vooruit, uur wanneer men in westelijke richting gaat is dit 1terug. Wanneer u bijv. de tijd van een land wilt instellen dat 6 tijdzones ten westen van uw land ligt, moet u min 6 uur invoeren. 8.
Als u tijdens het instellen langer dan 8 seconden geen toets indrukt, verlaat het weerstation automatisch de instelmodus. De ingevoerde gegevens worden echter wel opgeslagen. Waarschuwing: De tijd in de ingestelde tijdzone wordt pas na ontvangst van het radiosignaal weergegeven. 6. 2 Maan-fase De maanfase hangt af van de huidige datum, wordt automatisch berekend en weergegeven met de volgende symbolen: Symbool voor 12-uurs formaat Weekdag Maand Tijd in uren, minuten en seconden Dag Radiomastsymbool: - Brand vast: Radiografische tijd ontvangen - Knippert: zoekt naar de radiografische tijd- Niet zichtbaar: Radiosignaal verloren gegaan en /of handmatige tijd ingesteld Ma anfaseDST-symbool.
Stel ook de minuten in met de ‘ ’ ‘ ’UP - of DOWN -toets. Bevestig met de toets. De ‘ALARM -’alarmtijd is ingesteld. Door de instelling van de alarmtijd wordt het alarm gelijktijdig geactiveerd. Na het instellen van het alarmuur verschijnt het kloksymbool voor het betreffende alarm (1 of 2) rechts naast het uur. 6. 3. 2 Alarm activeren/deactiverenOm het alarm te activeren of te deactiveren, drukt u op de ‘UP’-toets totdat het gewenste alarm is ingeschakeld: - Eenmaal drukken: Kloksymbool 1 verschijnt: Alleen de 1e alarmtijd is geactiveerd. - Opnieuw drukken: Kloksymbool 2 verschijnt: Alleen de 2ealarmtijd is geactiveerd. - Opnieuw drukken: Kloksymbool 1 en 2 verschijnen: Beide alarmtijden zijn geactiveerd. - Opnieuw drukken: Beide alarmtijden wissen: Beide alarmtijden zijn gedeactiveerd. 6. 3.
3 Wekherhaling Wanneer het alarm weerklinkt, kunt u met de ‘ ’ ‘ ’LIGHT/SNOOZE - of SNZ -toets een alarmherhaling activeren. Standaard is een alarmherhaling om de 8 minuten ingesteld. De alarmherhaling kan echter worden ingesteld op een waarde tussen 5 – ‘ ’30 minuten.
Hiervoor moet u de LIGHT / SNOOZE - of ‘ ’SNZ - toets 3 seconden ingedrukt houden. U kunt nu op de ‘ ’ ‘ ’UP - of DOWN -toets drukken om de tijd in te stellen totdat het alarm wordt herhaald. Dit kan in stappen van één minuut. 6. 3. 4 Alarm afzettenU kunt het alarmgeluid uitzetten door alle toetsen in te drukken, met uitzondering van de ‘ ’ ‘ ’LIGHT/SNOOZE - of SNZ - toets. Het alarm blijft echter geactiveerd, d. w. z. dat het op de volgende dag op hetzelfde tijdstip nog eens zal weerklinken. Om het alarm te deactiveren, gaat u te werk zoals in hoofdstuk 6. 3. 2 ‘Alarm activeren/deactiveren’ is beschreven. 6. 4 Temperatuur en luchtvochtigheid 6. 4. 1 Indicatie van de temperatuur en luchtvochtigheid Na plaatsing van de batterijen worden de binnentemperatuur en binnenluchtvochtigheid onmiddellijk weergegeven.
De buitentemperatuur en buitenluchtvochtigheid worden weergegeven na ontvangst van het eerste signaal van de buitensensor. Buitentemperatuur °C/°F met trendindicatie Buitenluchtvochtigheid met trendindicatie Binnentemperatuur °C/°F met trend- en comfortindicatieBinnenluchtvochtigheid met trend- en comfortindicatie 6. 4. 2 Max. - - /min. geheugen van temperatuur en luchtvochtigheid Om de maximale en minimale waarden voor temperatuur en luchtvochtigheid te lezen, drukt u op de ‘ ’MAX/MIN - toets- eenmaal om de maximale waarden af te lezen, - opnieuw om de minimale waarden af te lezen en - opnieuw om terug te keren naar de normale weergave. 6. 4. 3 Wissen van het max. - - /min. geheugenHoud in de weergave van de maximale of minimale waarde de ‘ ’MAX-/MIN - -toets ca. 3 seconden ingedrukt om het max. /min. -geheugen te wissen. 6. 4.
5 Trendindicatie van de binnen- en buitentemperatuur en de binnen- en buitenluchtvochtigheid In het gebied van de binnen en buitentemperatuur en het gebied - van de binnen en buitenluchtvochtigheid wordt in de - rechterbovenhoek de ontwikkeling van de betreffende waarde aangegeven door een pijl. Als de waarde binnen 1 uur met meer dan 1 graad (temperatuur) of 3% (vochtigheid) verandert, wordt dit weergegeven door een omhoog of omlaag gerichte pijl. Anders is de pijl horizontaal. 6. 4. 6 Comfortindicatie van het binnenklimaat Het weerstation geeft het binnenklimaat weer in de vorm van vier smiley- symbolen rechts naast de binnentemperatuur. Symbool 1: Luchtvochtigheid tussen 40 – 70%, Temperatuur > 26°C of < 20°C (gemiddeld) Symbool 2: Luchtvochtigheid > 70% (vochtig) Symbool L 3: uchtvochtigheid.
Seite 5 temperatuur en de luchtvochtigheid van de buitensensor 2 of 3 worden nu constant weergegeven op het basisstation. Waarschuwing: Let op de juiste volgorde van de registratie van een nieuwe buiten sensor. Druk de 'TX”-toets in het batterijcompartiment van de sensor alleen in wanneer de indicatie van de buitentemperatuur of -luchtvochtigheid op het basisstation knip pert. 6. 4. 8. b Handmatig en automatisch wisselen van de kanaalindicatie op het basisstation Wanneer u 2 of 3 buitensensoren hebt geregistreerd, drukt u o p de ‘ ’CH -toets om van het ene kanaal op het volgende over te schakelen. Wanneer op het display een ronde pijl verschijnt, worden de kanalen altijd automatisch na elkaar weergegeven. Automatisch wisselen van de kanaalindicatie 6. 4.
1 Luchtdrukindicatie Luchtdrukindicatie Na plaatsing van de batterijen meet de luchtdruksensor van het weerstation de huidige absolute luchtdruk. Deze wordt onder de weersvoorspelling weergegeven op het display.
De luchtdruk wordt alle 15 min gemeten, uitgaande van de tijd van het aanbrengen van de batterijen in het basisstation. De grafiek van de luchtdruk wordt opgemaakt op basis van het gemiddelde van om het uur gemeten waarden. 6. 5. 1. a Luchtdrukgrafiek Luchtdrukgrafiek De luchtdrukgrafiek toont de luchtdruktrend van de laatste 12 uur in 6 stappen, op de punten 0, 6 en - - - -1, 2, 3, -12 uur. De kolomwaarde wordt voor elk van de zes stappen weergegeven als een diagram dat de trend van de opgeslagen tijdsperiode weergeeft. De resultaten worden vergeleken in een schaal aan de rechterzijde. De ‘0’ in het midden van de schaal geeft de huidige luchtdruk aan. Elke wijziging toont in hPa (+/ 2 en 4- hPa) of inHg (+/- 0,06 en 0,12 inHg) de hoogte of diepte van de luchtdruk van de laatste uren in vergelijking met de huidige luchtdruk die in de rechterkolom wordt weergegeven.
Een balk staat voor 2 hPa of 0,06 inHg. Waarschuwing: Houdt u er rekening mee dat de luchtdrukgrafiek telkens opnieuw wordt opgebouwd van rechts naar links (knippert). 6. 5. 2 WeersvoorspellingDe weersvoorspelling is een plus/minus opgave die berekend wordt voor de volgende 12-24 uur in een omtrek van ca. 30 tot 50 km. De weersvoorspelling is gebaseerd op de luchtdrukschommelingen en komt met een waarschijnlijkheid van ca. 70 75% overeen met het daadwerkelijke weer. Omdat het -weer echter niet met een waarschijnlijkheid van 100% voorspeld kan worden, accepteren wij geen aansprakelijkheid voor schade die veroorzaakt wordt door een niet juiste weersvoorspelling. De weersvoorspelling wordt weergegeven met de volgende symbolen: Zonnig Bewolkt, zonnig Bewolkt Regen Regen, onweer 6. 6 Licht Door op de ‘LIGHT/SNOOZE’ ‘-of SNZ’-toets te drukken, wordt het display ca.
Houd er echter rekening mee dat voor de displayverlichting meer stroom wordt verbruikt, wat een kortere levensduur van de batterijen tot gevolg heeft. 7 Montage Het basisstation kan worden opgesteld door middel van het uitklapbare steunvoetje of met de beugel aan een wand worden bevestigd. De buitensensor kan worden opgesteld door middel van het steunvoetje. Dit steunvoetje is ook een wandbeugel (zie foto's). 8 Indicatie voor batterijvervanging en batterijvervanging 8. 1 Basisstation 8. 1. 1 Indicatie voor batterijvervanging Zwakke batterijen van het basisstation worden weergegeven door de indicatie voor batterijvervanging. Deze indicatie wordt links naast de binnentemperatuur op het display weergegeven met een batterijsymbool. Deze verschijnt echter pas als de batterijen zwak zijn. Indicatie voor batterijvervanging basisstation 8. 1.
2 Vervangen van de batterij Open het batterijcompartiment aan de achterkant van de kast. Leg de batterijen (2 x 1,5 V batterijen type LR6/R6 AA) er in (op de +/- pool letten) en sluit het batterijcompartiment weer met het klepje. Als na het vervangen van de batterijen van het basisstation de buitentemperatuur en -luchtvochtigheid niet worden weergegeven, gaat u te werk zoals beschreven in hoofdstuk 5 ‘ ’Ingebruikneming. Waarschuwing: Bij een batterijvervanging gaan alle opgeslagen gegevens verloren. Het toestel moet opnieuw in bedrijf worden genomen. 8. 2 Buitensensor 8. 2. 1 Indicatie voor batterijvervanging Zwakke batterijen van de buitensensor worden weergegeven door de indicatie voor batterijvervanging. Dit wordt op het display van het basisstation links naast de buitentemperatuur weergegeven door een batterijsymbool en verschijnt pas als de batterijen zwak zijn.
De indicatie voor batterijvervanging op het basisstation voor de buitensensor wordt alleen voor het momenteel geselecteerde kanaal (= buitensensor) weergegeven. Indicatie voor batterijvervanging op het basisstation voor de buitensensor 8. 2.
2 Vervangen van de batterij Verwijder het klepje van het batterijcompartiment aan de achterkant van het basisstation. Leg 2 batterijen van 1,5 V type LR03/R03/AAA in het batterijcompartiment (op de +/- pool letten) en plaats het klepje opnieuw op het batterijcompartiment. 9 Conformiteitsverklaring RoHS directive 2011/65/EU, R&TTE Directive 1999/5/EG : Verkorte tekst van de conformiteitsverklaring: Hiermede verklaart Krippl Watches, dat het weerstation AB6- -WS-11A/11B in overeenstemming is met de grondliggende eisen en de overige geldende bepalingen van de richtlijn 1999/5/EG, Luchtdrukwaarde hPa/inHg Schaal in hPa Uur Meting van de huidige luchtdruk (= basis van de grafiek) 1 balk = 2 hPaKolom.
Seite 6 2011/65/EU, 2004/108/EG. De complete tekst van de conformiteitsverklaring kunt u oproepen via onze website: http://www. produktservice. info EAN: 27088685 10 Slecht functioneren verhelpenControleer de batterijen en vervang deze eventueel door nieuwe voordat u een klacht indient over het weerstation. Als de buitentemperatuur/-luchtvochtigheid niet meer op het basisstation aangegeven wordt: Indien de buitensensor niet meer geregistreerd wordt, kan dit de volgende reden hebben: - de batterijen van de buitensensor en/of het basisstation zijn te zwak. Vervang de oude batterijen. Gebruik nooit oude en nieuwe batterijen door elkaar en ga voor het opnieuw registreren van de buitensensor te werk zoals beschreven in hoofd stuk 5 ‘ ’Ingebruikneming. - De ontvangst van de buitensensor wordt door hindernissen gestoord, aangezien het vaak niet mogelijk is deze hindernissen te verwijderen (bv.
thermisch isolerende beglazing, muren van gewapend beton of bepaalde soorten beton, stalen liggers. ). Verminder de afstand tussen de buitensensor en het basisstation. - Bij buitentemperaturen onder de 0°C vermindert het batterijvermogen van de buitensensor en de radio-overdracht wordt daardoor zwakker. Verklein in dat geval de afstand van de bui tensensor naar het basisstation. - Wanneer de buitentemperatuur en -luchtvochtigheid niet op het basisstation worden weergegeven, maar slechts ‘ ’- - , zijn de batterijen van het basisstation mogelijk te zwak, waardoor deze de signalen van de buitensensor niet meer kunnen ontvangen. Vervang de batterijen door nieuwe. - Interferentie kan ook worden veroorzaakt door andere apparaten, vreemde of stoorzenders. Ook dan wordt alleen ‘ ’ ‘ ‘- - , HH’ of LL’ op het display weergegeven. Houd de ‘ ’CH - toets in dat geval gedurende ca.
5 seconden ingedrukt totdat u een pieptoon hoort. Wacht even. Na het volgende zendsignaal van de buitensensor moeten de huidige buitentemperatuur en -luchtvochtigheid weer worden weergegeven.
Zwakke batterijen van het basisstation: Vervang de batterijen, zodra het symbool voor batterijvervanging weergegeven wordt. Wacht ca. 5 minuten met het plaatsen van de nieuwe batterijen. Raak de batterijcontacten niet aan bij het plaatsen van de batterijen. Zo wordt corrosie van de contacten beperkt en dus de levensduur van de batterijen verlengd. Let bij het inleggen van de nieuwe batterijen altijd op de juiste polariteit. Ga na het vervangen van de batterijen verder zoals beschreven in hoofdstuk 5 ‘ ’Ingebruikneming. Zwakke batterijen van de buitensensor: Vervang de batterijen zodra het symbool voor batterijvervanging wordt weergegeven. Let bij het inleggen van de nieuwe batterijen altijd op de juiste polariteit. Daarna moet de buitensensor opnieuw geregistreerd worden. Gaat daarbij te werk zoals beschreven in hoofdstuk 5 ‘ ’Ingebruikneming.
Temperatuurtolerantie: Het basisstation en de buitensensor hebben onafhankelijk van elkaar werkende sensoren. Temperatuurtolerantie buitensensor: +/- C 1° Temperatuurtolerantie basisstation: +/- 1°C(Zie daartoe hoofdstuk ‘6. 4. 9 Technische gegevens in verband met de temperatuur, luchtvochtigheid, luchtdruk en batterijen’. )Daarom kan het voorkomen dat bij 2 naast elkaar staande buitensensoren (bijv. basisstation en buitensensor) er een temperatuurverschil van 2°C wordt weergegeven. Bij sterke temperatuurschommelingen kan het verschil nog een beetje groter zijn, omdat de buitensensor niet constant zendt. Verkeerde temperatuurindicatie: Door directe zonnestralen wordt de temperatuurindicatie beïnvloed. Plaats de buitensensor zo, dat hij werkelijk blootgesteld is aan de weerschommelingen, dus bijv. niet binnen of in het tuin huisje.
Luchtvochtigheidtolerantie buitensensor: - +/ 10% Luchtvochtigheidtolerantie basisstation: - +/ 10%(op basis van gemiddelde luchtvochtigheid) Daarom kan het voorkomen dat bij 2 naast elkaar staande buitensensoren (bijv. basisstation en buitensensor) er een luchtvochtigheidsverschil van 20% wordt weergegeven. Bij sterke schomm lingen van de luchtvochtigheid kan het verschil enog een beetje groter zijn, omdat de buitensensor niet constant zendt. Luchtvochtigheidindicatie permanent 20%: Als de luchtvochtigheidindicatie permanent 20% aangeeft, dan ligt de relatieve luchtvochtigheid onder het meetbare bereik of 20%. Kort luchten kan helpen. Door veelvuldig kort luchten kan een hogere luchtvochtigheid worden bereikt. Vooral in de winter is de luchtvochtigheid in de woonruimten zeer laag.
De radiografische klok ontvangt geen radiosignaal: Als de radiografische klok geen signaal ontvangt, probeer het dan nog een keer op een andere plek. Door hindernissen zoals gebouwen of natuurlijke obstakels (bijv. bergen) kan de ontvangst van het radiosignaal gestoord worden of zelfs onmogelijk zijn. Hiertoe heeft de inrichting een kwartsuurwerk die dan in de plaats kan worden gebruikt (zie hoofdstuk 6. 1. 2 ‘ ’Handmatige instelling ). Elektromagnetische of atmosferische storingen kunnen het radiosignaal eveneens beïnvloeden. Deze storingen kunnen echter meestal worden verholpen door het kiezen van een andere locatie.
Elektromagnetische storingen: Plaats het basisstation en de buitensensor indien mogelijk niet in de buurt van bijvoorbeeld computers, printers, televisietoestellen, mobiele telefoons of radio's, aangezien apparaten met een krachtige EMC straling alsmede andere zendstations de radio- -ontvangst kunnen storen of verhinderen.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Ascot AB6-WS-11B stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Weerstation Ascot
Handleiding Weerstation
Nieuwste handleidingen voor Weerstation