Al-ko C50 Li Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Al-ko C50 Li (340 pagina’s), behorend tot de categorie Zaagmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 22 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Al-ko C50 Li of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Al-ko |
| Categorie: | Zaagmachine |
| Model: | C50 Li |
Handleiding Al-ko C50 Li – volledige tekst
443176_a 41Vertaling van de originele gebruikershandleidingVERTALING VAN DE ORIGINELE GEBRUIKERSHANDLEIDINGInhoudsopgave1 Over deze gebruiksaanwijzing. 411. 1 Symbolen op de titelpagina. 421. 2 Verklaring van pictogrammen en sig-naalwoorden. 422 Productomschrijving. 422. 1 Beoogd gebruik. 422. 2 Mogelijk voorzienbaar foutief gebruik. 422. 3 Restrisico's. 422. 4 Veiligheids- en beveiligingsvoorzie-ningen. 432. 4. 1 Beschermkap van de geleiderail. 432. 4. 2 Ontgrendelingsknop. 432. 5 Symbolen op het apparaat. 432. 5. 1 Veiligheidstekens. 432. 5. 2 Bedieningstekens. 432. 6 Productoverzicht (01). 432. 7 Leveringsomvang. 443 Veiligheidsinstructies. 443. 1 Algemene veiligheidsinstructies voorelektrische machines. 443. 1. 1 Veiligheid op de werkplek. 443. 1. 2 Elektrische veiligheid. 443. 1. 3 Veiligheid van personen. 453. 1. 4 Gebruik en behandeling van deelektrische machine. 453. 1.
5614 Klantenservice/service centre. 5615 Garantie. 561 OVER DEZE GEBRUIKSAANWIJZING■De Duitse versie is de originele gebruiksaan-wijzing. Alle andere taalversies zijn vertalin-gen van de originele gebruiksaanwijzing. ■Bewaar deze gebruiksaanwijzing goed zodatu erin het antwoord op uw vragen kunt terug-vinden wanneer u informatie over de machi-ne nodig heeft.
NL42 CSA 1820Productomschrijving■Draag de machine alleen samen met dezegebruiksaanwijzing aan andere personenover. ■Lees en neem de veiligheids- en waarschu-wingsinstructies in deze gebruiksaanwijzingin acht. 1. 1 Symbolen op de titelpaginaSymbool BetekenisLees voor de ingebruikname dezegebruiksaanwijzing absoluut zorg-vuldig door. Dit is de voorwaardevoor veilig werken en een storings-vrij gebruik. GebruiksaanwijzingLiGa voorzichtig met Li-Ion accu´som. Neem met name de aanwijzin-gen voor transport, opslag en afval-verwijdering in acht. 1. 2 Verklaring van pictogrammen ensignaalwoorden GEVAAR. Wijst op een direct gevaarlijke si-tuatie, die, wanneer ze niet vermeden wordt, totde dood of tot een ernstig letsel leidt. WAARSCHUWING. Wijst op een potentieelgevaarlijke situatie, die, wanneer ze niet verme-den wordt, tot de dood of tot een zwaar letsel kanleiden. VOORZICHTIG.
Wijst op een potentieel ge-vaarlijke situatie, die, wanneer ze niet vermedenwordt, tot een licht of middelzwaar letsel kan lei-den. LET OP. Wijst op een situatie, die, wanneer zeniet vermeden wordt, tot materiële schade kanleiden. OPMERKING Speciale aanwijzingen voormeer duidelijkheid en een beter gebruik. 2 PRODUCTOMSCHRIJVINGMet de hoogsnoeizaag kunt u bomen en anderehoutgewassen eenvoudig en veilig vanaf degrond snoeien. Zo kan het omslachtige en ge-vaarlijke vanaf een ladder of vanuit de boom ach-terwege blijven. Het apparaat mag alleen met de in de technischegegevens vermelde lithium-ionen-accu´s en opla-ders worden gebruikt. Zie voor verdere informatieover de accu´s en opladers de aparte handleidin-gen:■Gebruikshandleiding 443130: Accu´s■Gebruikshandleiding 443131: OpladersLET OP. Gevaar voor schade aan apparaaten accu.
Als het apparaat wordt gebruikt met on-geschikte accu's, kunnen apparaat en accu's be-schadigd raken. ■Gebruik het apparaat alleen met de voorge-schreven accu's. 2.
1 Beoogd gebruikDe hoogsnoeizaag is bedoeld om, vanaf degrond, vaststaande bomen en andere houtge-wassen te snoeien. De gebruiker moet daarbijstevig op de grond staan. Gebruik uitsluitend biologisch afbreekbare ket-tingzaagolie. Een ander gebruik of een gebruik dat afwijkt vanwat hier onder doelmatig gebruik wordt verstaan,wordt beschouwd als ondoelmatig. Dit apparaat is uitsluitend bedoeld voor particuliergebruik. Ieder ander gebruik alsmede niet-toege-stane verbouwingen of uitbreidingen worden voormisbruik aangezien en hebben de uitsluiting vande garantie en het verlies van de conformiteit ende weigering van iedere verantwoordelijkheidvoor schade van de gebruiker of van derden vande fabrikant tot gevolg. 2. 2 Mogelijk voorzienbaar foutief gebruik■De hoogsnoeizaag mag niet gebruikt wordenom bomen te kappen.
■Snoei nooit takken, die zich recht boven ofonder een scherpe hoek ten opzichte van degebruiker of overige personen bevinden. ■Beschadig geen onder stroom staande leidin-gen. ■Gebruik het apparaat nooit terwijl u op eenladder staat. ■Gebruik nooit afgewerkte olie of mineraleolie. ■Gebruik het apparaat niet in omgevingen meteen potentieel explosiegevaar. 2. 3 Restrisico'sOok bij doelmatig gebruik van het gereedschapblijft sprake van een zeker restrisico dat niet kanworden uitgesloten. Uit de aard en de bouwwijze.
443176_a 43Productomschrijvingvan het apparaat kunnen, afhankelijk van het ge-bruik, de volgende potentiële gevaren worden af-geleid:■Aanraking met rondvliegende zaagspanen enoliespray■Inademen van zaagstof en oliespray■Letsel door rondvliegende delen van dezaagketting■Snijletsel door de zaagketting2.4 Veiligheids- enbeveiligingsvoorzieningen WAARSCHUWING! Gevaar voor zwaarletsel door gemanipuleerde veiligheids- enbeveiligingsvoorzieningen.
Vanwege gemani-puleerde veiligheids- en beschermingsvoorzienin-gen kan er bij het werken met de hoogsnoeizaagernstig letsel optreden.■Stel de beschermings- en beveiligingsvoor-zieningen nooit buiten werking!■Werk alleen met de hoogsnoeizaag als alleveiligheids- en beschermingsvoorzieningenop de juiste manier werken.2.4.1 Beschermkap van de geleiderailVoor transport moet de beschermkap over hetzaagblad en de zaagketting worden geschoven,om persoonlijk letsel en beschadiging van voor-werpen te voorkomen.2.4.2 OntgrendelingsknopDe ontgrendelingsknop schakelt de Aan-/Uit-schakelaar vrij.
Daardoor wordt een per ongelukinschakelen van het apparaat alleen door het in-drukken van de Aan-/Uit-schakelaar voorkomen.2.5 Symbolen op het apparaat2.5.1 VeiligheidstekensSymbool BetekenisWees bijzonder voorzichtig bij dehantering!Stel het apparaat niet bloot aan re-gen!Draag een veiligheidshelm en oog-bescherming!Symbool BetekenisDraag veiligheidshandschoenen!Draag stevige schoenen!Lees vóór inbedrijfstelling de ge-bruiksaanwijzing!Houd een afstand van 10 m ten op-zichte van stroomkabels!Verwijder de accu voordat er instel-lings-, reinigings- of onderhouds-werkzaamheden worden uitge-voerd.2.5.2 BedieningstekensSymbool BetekenisDraairichting van de zaagkettingTelescopische steel vastdraaien/losdraaien2.6 Productoverzicht (01)Nr. Onderdeel1 Basisapparaat:2■Onderste handgreep3■Bovenste handgreep
NL44 CSA 1820VeiligheidsinstructiesNr. Onderdeel4■Vastzethuls5■Accu*6■Laadtoestandsweergave7■Ontgrendelingsknop8■Aan/Uit-schakelaar9■Telescopische steel10 Zaagkop, zwenkbaar:11■Insteekkoppeling12■Drukknop aan het draai-/vastklik-scharnier (beide zijden)13■Kijkglas olietank14■Vulopening van de olietank15■Geleiderail met zaagketting16■Beschermafdekking met inbussleu-tel17■Boomaanslagklauw18■Kettingwieldeksel19 Gebruikshandleiding20 Acculader** Niet in de leveringsomvang inbegrepen, maarmet de volgende artikelnummers verkrijgbaar: zietechnische gegevens. 2. 7 Leveringsomvang OPMERKING De accu en lader worden nietbijgeleverd en moeten daarom apart worden aan-geschaft. Bij de leveringsomvang horen de hier vermeldeposities. Controleer of alle onderdelen aanwezigzijn. Nr. Onderdeel1 Basisapparaat2 Zaagkop3 Schouderriem4 Gebruikshandleiding "Accu-hoogsnoei-zaag"3 VEILIGHEIDSINSTRUCTIES3.
1 Algemene veiligheidsinstructies voorelektrische machines WAARSCHUWING. Lees alle veiligheids-instructies, aanwijzingen, afbeeldingen entechnische gegevens door waarmee de ma-chine is uitgevoerd. Het niet naleven van de on-derstaande instructies kan elektrische schokken,brand en/of ernstig letsel veroorzaken. ■Bewaar alle veiligheidsinstructies en aan-wijzingen voor toekomstig gebruik. De in de veiligheidsaanwijzingen gebruikte term"machine" heeft betrekking tot machines metstroomvoeding (met voedingskabel) of met accuaangedreven machines (zonder voedingskabel). 3. 1. 1 Veiligheid op de werkplek■Zorg voor een schoon en goed verlichtwerkbereik. Wanorde of een gebrek aangoede verlichting kunnen ongevallen veroor-zaken. ■Werk met de machine niet in een explosie-gevaarlijke omgeving waarin zich brand-bare vloeistoffen, gassen of stof bevin-den.
Machines veroorzaken vonken die hetstof of de dampen kunnen ontsteken. ■Houd kinderen en andere personen tij-dens het gebruik uit de buurt van de ma-chine. Bij afleiding kunt u de controle over demachine verliezen. 3.
1. 2 Elektrische veiligheid■De aansluitstekker van de machine moetin de contactdoos passen. De stekkermag in geen geval worden veranderd. Ge-bruik geen adapterstekkers samen metgeaarde machines. Ongemodificeerde stek-kers en passende contactdozen verminderenhet risico van elektrische schokken. ■Vermijd lichaamscontact met geaarde op-pervlakken zoals bij buizen, verwarmin-gen, fornuizen en koelkasten. Er bestaateen verhoogd risico op een elektrische schokwanneer uw lichaam is geaard. ■Houd machines uit de buurt van regen ofvocht. Het binnendringen van water in eenmachine verhoogt het gevaar voor een elek-trische schok. ■Gebruik de aansluitkabel niet om de ma-chine te dragen, op te hangen of om destekker uit de contactdoos te trekken. Houd het aansluitsnoer uit de buurt van.
443176_a 45Veiligheidsinstructieshitte, olie, scherpe randen of zich bewe-gende onderdelen van het apparaat. Bijbeschadigde of in de knoop geraakte aan-sluitsnoeren is er een hoger risico op eenelektrische schok. ■Wanneer u met een machine buiten werkt,dient u uitsluitend verlengkabels te ge-bruiken die ook geschikt zijn voor gebruikbuitenshuis. Door het gebruik van een der-gelijk, voor gebruik buitenshuis geschikt ver-lengsnoer, neemt het risico op een elektri-sche schok af. ■Als er niet voorkomen kan worden dat demachine in een vochtige omgeving wordtgebruikt, dient er een aardlekschakelaarte worden gebruikt. Het gebruik hiervan ver-mindert het risico op een elektrische schok. 3. 1. 3 Veiligheid van personen■Wees alert, let erop wat u doet en ga ver-standig met een machine aan het werk. Gebruik geen machine als u moe bent ofonder invloed van drugs, alcohol of ge-neesmiddelen staat.
Een ogenblik onoplet-tendheid bij het gebruik van de machine kantot ernstig letsel leiden. ■Draag een persoonlijke beschermingsuit-rusting en altijd een veiligheidsbril. Hetdragen van een persoonlijke beschermings-middelen als stofmasker, slipvaste veilig-heidsschoenen, veiligheidshelm of gehoorbe-scherming, afhankelijk van de toepassing vande machine, vermindert het gevaar voor let-sel. ■Voorkom dat het apparaat onbedoeld ingebruik wordt genomen. Controleer of demachine is uitgeschakeld voordat u hetop de voeding aansluit en/of de accuplaatst, hem optilt of draagt. Als u bij hetdragen van de machine de vinger op deschakelaar heeft of de machine ingeschakeldop de voeding aansluit, kan dit ongevallenveroorzaken. ■Verwijder instelgereedschap of schroe-vendraaiers voordat u de machine inscha-kelt.
Een gereedschap of sleutel die zich ineen draaiend deel van de machine bevindt,kan letsel veroorzaken. ■Voorkom een abnormale lichaamshou-ding. Zorg ervoor dat u stevig staat en uwevenwicht kunt bewaren. Daardoor kunt ude machine in onverwachtse situaties beteronder controle houden.
■Draag geschikte kleding. Draag geen wij-de kleding of sieraden. Houd haar en kle-ding weg van bewegende delen. Loszitten-de kleding, sieraden of lange haren kunnendoor bewegende onderdelen worden gegre-pen. ■Als stofafzuig- en -opvangvoorzieningenkunnen worden gemonteerd, moeten dezeworden aangesloten en correct wordengebruikt. Het gebruik van een stofafzuigingkan gevaar door stof verkleinen. ■Laat u niet verleiden tot een vals gevoelvan veiligheid en negeer de veiligheidsre-gels voor machines niet, zelfs niet wan-neer u na veelvuldig gebruik vertrouwdbent met de machine. Onnadenkend hande-len kan in een fractie van een seconde leidentot ernstig letsel. 3. 1. 4 Gebruik en behandeling van deelektrische machine■Overbelast de machine niet. Gebruik vooruw werk de hiervoor bedoelde machine. Met de juiste machine werkt u beter en veili-ger binnen het aangegeven vermogensbe-reik.
■Gebruik geen machine waarvan de scha-kelaar defect is. Een machine die niet meerin- of uitgeschakeld kan worden, is gevaarlijken moet gerepareerd worden. ■Trek de stekker uit de contactdoos en/ofverwijder een uitneembare accu voordat uinstellingen aan het apparaat uitvoert, re-serveonderdelen vervangt of de machineopbergt. Deze veiligheidsmaatregel voor-komt het onbedoelde starten van de machi-ne. ■Bewaar ongebruikte machines buiten hetbereik van kinderen. Laat geen personende machine gebruiken die hiermee nietvertrouwd zijn of deze aanwijzingen niethebben gelezen. Machines zijn gevaarlijk alsze door onervaren personen worden ge-bruikt. ■Verzorg machines en inzetgereedschapzorgvuldig. Controleer of bewegende de-len goed werken en niet klemmen, of erdelen gebroken of zodanig beschadigdzijn dat de functie van de machine nadeligwordt beïnvloed.
NL46 CSA 1820Veiligheidsinstructies■Houd het snijgereedschap scherp enschoon. Goed onderhouden snijgereed-schap met scherpe snijkanten blijft mindersnel haken en is gemakkelijker in het gebruik. ■Gebruik de machine, het inzetgereed-schap enz. aan de hand van deze aanwij-zingen. Neem hierbij de werkomstandig-heden en de uit te voeren werkzaamhedenin acht. Het gebruik van machines voor eenander dan het beoogde gebruik kan tot ge-vaarlijke situaties leiden. ■Zorg dat de handgrepen en oppervlakkenervan droog, schoon en vrij van olie of vetblijven. Gladde handgrepen en oppervlakkenervan veroorloven geen veilige bediening encontrole van de machine in onverwachtse si-tuaties. 3. 1. 5 Gebruik en verzorging van de metaccu aangedreven machine■Laad de accu's uitsluitend met opladersop die door de fabrikant worden aanbevo-len.
Door een oplader die voor een bepaaldtype accu's geschikt is, bestaat brandgevaarwanneer deze met andere accu's wordt ge-bruikt. ■Gebruik in de machines alleen de hiervoorbedoelde accu´s. Het gebruik van andereaccu´s kan letsel en brandgevaar veroorza-ken. ■Houd de ongebruikte accu uit de buurtvan paperclips, muntgeld, sleutels, spij-kers, schroeven of andere kleine metalenvoorwerpen die een overbrugging van decontacten zouden kunnen veroorzaken. Een kortsluiting tussen de accucontacten kanbrandwonden of brand tot gevolg hebben. ■Bij onjuist gebruik kan er vloeistof uit deaccu vrijkomen. Voorkom de aanrakinghiermee. Bij toevallig contact met waterafspoelen. Wanneer de vloeistof in deogen komt, moet er een arts worden ge-raadpleegd. Vrijkomende accuvloeistof kanhuidirritaties of brandwonden veroorzaken. ■Gebruik geen beschadigde of gewijzigdeaccu.
Beschadigde of gewijzigde accu´s kun-nen zich onverwachts gedragen en brand,explosie of letsel veroorzaken. ■Stel een accu niet bloot aan brand of tehoge temperaturen. Brand of temperaturenvan boven de 130°C kunnen een explosieveroorzaken.
■Volg alle aanwijzingen voor het opladenop en laad de accu of de met accu aange-dreven machine nooit buiten het in de ge-bruikshandleiding vermelde temperatuur-bereik op. Verkeerd opladen of laden buitenhet toegestane temperatuurbereik kan de ac-cu vernielen en het brandgevaar vergroten. 3. 1. 6 Service■Laat uw machine alleen door gekwalifi-ceerd deskundig personeel repareren enalleen met originele reserveonderdelen. Zo wordt de veiligheid van de machine ge-waarborgd. ■Onderhoud beschadigde accu´s in geengeval. Alle onderhoudswerkzaamheden aande accu´s moeten door de fabrikant of eengeautoriseerde klantenservice worden uitge-voerd. 3. 2 Veiligheidsinstructies voorhoogsnoeizagen■Een onervaren bediener moet worden geïn-strueerd en opgeleid in de bediening van hetapparaat. ■Nationale en/of regionale voorschriften kun-nen het gebruik van het apparaat beperkentot bepaalde tijden van de dag.
■Let er altijd op dat er geen lichaamsdelenin de buurt van de zaagketting komen. Verwijder geen snoeiafval en houd het tesnoeien materiaal niet vast terwijl dezaagketting beweegt. Verwijder geblok-keerd materiaal alleen als het apparaat isuitgeschakeld. Een moment van onoplet-tendheid bij de hantering met de hoogsnoei-zaag kan ernstig letsel veroorzaken. ■Volg alle aanwijzingen op als u materiaal-ophopingen uit de hoogsnoeizaag verwij-dert, hem opbergt of er onderhoudswerk-zaamheden aan uitvoert. Ga na of deschakelaar uitgeschakeld en de accu ver-wijderd is. Een onverwachtse werking vande hoogsnoeizaag bij het verwijderen vanmateriaalophopingen of bij onderhoudswerk-zaamheden kan tot ernstig letsel leiden. ■Verminder het gevaar voor een dodelijkeelektrische schok door de hoogsnoei-schaar nooit in de buurt van elektrischeleidingen te gebruiken.
443176_a 47Veiligheidsinstructies■Houd de hoogsnoeizaag aan de geïsoleer-de handgrepen vast omdat de zaagkettingin aanraking kan komen met verborgenstroomkabels. Het contact van de zaagket-ting met een spanningvoerende kabel kanmetalen apparaatonderdelen onder spanningzetten en tot een elektrische schok leiden. ■Bedien de hoogsnoeizaag altijd met beidehanden. Houd de hoogsnoeizaag met beidehanden vast om controleverlies te voorko-men. ■Draag oogbescherming. Verdere bescher-mingsmiddelen voor gehoor, hoofd, han-den, benen en voeten worden aanbevolen. De juiste beschermkleding vermindert het ge-vaar voor letsel door rondvliegend spaander-materiaal en toevallige aanraking van dezaagketting. ■Draag bij werkzaamheden van de hoog-snoeizaag boven het hoofd een hoofdbe-scherming. Vallende stukken kunnen ernstigletsel veroorzaken.
■Werk met de hoogsnoeizaag niet op eenboom, een ladder, vanaf een dak of op eeninstabiele ondergrond. Bij gebruik op diemanier is er gevaar voor ernstig letsel. ■Let altijd op een stevige stand en gebruikde hoogsnoeizaag alleen als u op een ste-vige, veilige en vlakke ondergrond staat. Een gladde ondergrond of instabielestandoppervlakken kunnen tot het verlies vanhet evenwicht of van de controle over dehoogsnoeizaag leiden. ■Reken er bij het zagen van een onderspanning staande tak mee dat hij kan te-rugveren. Als de spanning in de houtvezelsvrijkomt kan de gespannen tak de gebruikerraken en/of de hoogsnoeizaag buiten contro-le brengen. ■Wees bijzonder voorzichtig bij het snoei-en van kreupelhout en jonge bomen. Hetdunne materiaal kan in de zaagketting vastkomen te zitten en u raken of u uit uw even-wicht brengen.
■Volg de aanwijzingen voor de smering, dekettingspanning en het vervangen van ge-leiderail en ketting. Een ondeskundig ge-spannen of gesmeerde ketting kan ofwelscheuren of het terugslagrisico vergroten. ■Zaag alleen hout. Gebruik de hoogsnoei-zaag niet voor werkzaamheden waarvoorhij niet is bedoeld. Voorbeeld: Gebruik dehoogsnoeizaag niet om metaal, plastic,metselwerk of bouwmaterialen die nietvan hout zijn, te zagen. Het gebruik van dehoogsnoeizaag voor werkzaamheden in strijdmet de voorschriften kan tot gevaarlijke situa-ties leiden. ■De hoogsnoeizaag is niet geschikt voorhet kappen van bomen. Het gebruik van dehoogsnoeizaag voor werkzaamheden in strijdmet de voorschriften kan ernstig letsel van degebruiker of andere personen veroorzaken. 3.
3 Belasting door trillingen■Gevaar door trillingenDe werkelijke trillingsemissiewaarde tijdenshet gebruik van het apparaat kan afwijkenvan de door de fabrikant opgegeven waarde. Let voor of tijdens het gebruik op de volgen-de factoren die van invloed zijn:■Wordt het apparaat gebruikt voor het be-oogde gebruik. ■Wordt het materiaal op de juiste wijze ge-sneden of verwerkt. ■Bevindt het apparaat zich in een goedestaat van gebruik. ■Is het snijblad goed scherp en is het juis-te snijblad ingebouwd. ■Zijn de handgrepen en, indien nodig, op-tionele trillingsdempende handgrepen ge-monteerd en zijn deze vast verbondenmet het apparaat. ■Gebruik het apparaat alleen met het motor-toerental dat nodig is voor de uit te voerenwerkzaamheden. Gebruik het maximale toe-rental zo min mogelijk om geluid en trillingente beperken.
■Als gevolg van verkeerd gebruik en onder-houd kunnen de trillingen en het lawaai vanhet apparaat toenemen. Dit leidt tot schadeaan de gezondheid. Schakel in dit geval hetapparaat onmiddellijk uit en laat het repare-ren door een geautoriseerde servicewerk-plaats. ■De mate van belasting als gevolg van trillin-gen is afhankelijk van de uit te voeren werk-.
NL48 CSA 1820Veiligheidsinstructieszaamheden of van de toepassing van het ap-paraat. Schat hem in en las voldoende pau-zes in. Daardoor wordt de belasting door tril-lingen gedurende de volledige werktijd in be-langrijke mate verminderd. ■Door een langer gebruik van het apparaatwordt de bediener blootgesteld aan trillingen,waardoor problemen kunnen ontstaan met debloedsomloop (‘dode vingers’). Om dit risicote verminderen, handschoenen dragen en dehanden warmhouden. Wanneer een symp-toom van ‘dode vingers’ wordt waargenomen,onmiddellijk medische hulp inroepen. Tot de-ze symptomen behoren: Gevoelloosheid, ver-lies van gevoeligheid, tintelingen, jeuk, pijn,vermindering van de kracht, verandering vankleur of van de conditie van de huid. Meestalworden deze symptomen waargenomen aanvingers, handen of polsen. Bij lage tempera-turen neemt het gevaar toe.
■Las langere pauzes in tijdens uw werkdag,zodat u kunt herstellen van het geluid en vande trillingen. Plan uw werk zodanig dat hetgebruik van apparaten die sterke trillingenveroorzaken, wordt verspreid over meerderedagen. ■Wanneer u een onaangenaam gevoel of eenverkleuring van de huid tijdens het gebruikvan het apparaat waarneemt aan uw handen,onderbreekt u het werk onmiddellijk. Las vol-doende pauzes in. Zonder voldoende pauzeskan een trillingensyndroom ontstaan aanhanden en armen. ■Minimaliseer het risico door uzelf zo min mo-gelijk bloot te stellen aan trillingen. Verzorghet apparaat volgens de aanwijzingen in degebruiksaanwijzing. ■Als het apparaat vaak wordt gebruikt, neemtu contact op met uw dealer om trillingsdem-pende accessoires (bijv. handgrepen) aan teschaffen. ■Gebruik het apparaat niet bij temperaturenonder 10°C.
Respecteer rusttijden en beperk de duur vanhet werk tot het minimum. Voor uw persoonlijkebescherming en ter bescherming van personendie zich in de buurt bevinden, moet geschikte ge-hoorbescherming worden gedragen. 3. 5 Veiligheidsinstructies voor accu enoplader■Verwijder de accu´s uit het apparaat voordatze worden opgeladen. ■Plaats geen verschillende accutypes of nieu-we en gebruikte accu´s samen in het appa-raat. ■Plaats de accu´s met de juiste polariteit in hetapparaat. ■Verwijder de accu´s uit het apparaat als u hetgedurende een langere periode opbergt. ■Maak geen kortsluiting tussen de aansluit-klemmen van het apparaat of van de accu. GebruikshandleidingenNeem de veiligheidsinstructies omtrent de accuen de oplader in de aparte gebruikshandleidingenin acht. Zie:■Gebruikshandleiding 443130: Accu´s■Gebruikshandleiding 443131: Opladers3.
6 Veiligheidsinstructies voor de bediening■Til de hoogsnoeizaag tijdens het snoeienmaximaal onder een hoek van 60° op. Wan-neer u snoeit onder een steilere hoek, be-geeft u zich onvermijdelijk in een gebied,waarbinnen de afgezaagde takken omlaagkunnen vallen. Zorg ervoor dat u altijd buitendit gebied staat. ■Plan altijd vooraf wat uw vluchtweg zal zijnvoor het ontwijken van vallende takken. Dezeweg moet vrij zijn van obstakels, zoals afge-zaagde takken of gladde plekken, die het ont-wijken van takken kunnen hinderen. ■Houd ten opzichte van omstanders, dieren,voorwerpen of gebouwen steeds een veilig-heidsafstand aan, die minimaal 2,5-maal delengte van de af te zagen tak bedraagt. Wan-neer dit niet mogelijk is, moet de tak stuksge-wijs worden afgezaagd. ■Probeer nooit een tak door te zagen, waar-van de doorsnede groter is dan de lengte vanhet zaagblad.
443176_a 49Montage■Verwijder de accu uit het apparaat en schuifde beschermkap over de zaagketting bij:■Test-, afstel- en reinigingswerkzaamhe-den■Werkzaamheden aan de geleiderail ende zaagketting■Het achterlaten van het apparaat■Transport■Opslag■Onderhouds- en reparatiewerkzaamhe-den■Gevaar■Houd steeds een veiligheidsafstand van 10 maan ten opzichte van bovengrondse elektrici-teitsleidingen. 4 MONTAGE WAARSCHUWING. Gevaren door onvol-ledige montage. De werking van een onvolledigapparaat kan ernstig letsel veroorzaken. ■Gebruik het apparaat alleen als het vollediggemonteerd is. ■Plaats de accu pas in het apparaat als hetvolledig gemonteerd is. VOORZICHTIG. Gevaar voor snijletsel. Bijhet monteren van de zaagketting, kunnen descherpe randen snijletsel veroorzaken. ■Verwijder de accu voor het monteren van deketting.
■Draag veiligheidshandschoenen bij de mon-tage van de zaagketting en het zaagblad. 4. 1 Zaagkop opsteken/afnemen (02)Zaagkop opsteken1. Insteekkoppeling (02/1) van de zaagkop entelescopische steel (02/2) zo op elkaar uitlij-nen dat de ingestanste pijlen tegenover el-kaar staan. 2. Insteekkoppeling en telescopische steel totaan de aanslag in elkaar schuiven (02/a). 3. Vastzethuls (02/3) tot aan de aanslag over deinsteekverbinding schuiven (02/b). 4. Vastzethuls in de richting van het geslotenslot draaien (02/c). Zaagkop afnemen1. Vastzethuls in de richting van het open slotdraaien. 2. Zaagkop lostrekken. 5 INGEBRUIKNAME GEVAAR. Levensgevaar en gevaar voorzeer ernstig letsel. Onbekendheid met de veilig-heidsinstructies en bedieningsinstructies kan bij-zonder ernstig letsel en zelfs de dood tot gevolghebben.
Beschadigdecomponenten aan de hoogsnoeizaag kunnenernstig letsel veroorzaken. ■Controleer voor ieder gebruik of de hoog-snoeizaag compleet is en geen beschadigdeof versleten componenten bevat. De veilig-heids- en beschermingsvoorzieningen moe-ten intact zijn. ■Controleer het apparaat met name als het isgevallen of na harde stoten. 5. 1 Kettingzaagolie bijvullen (03)In uitleveringstoestand is het apparaat NIETgevuld met kettingzaagolie. LET OP. Kans op schade aan het apparaat. Bij gebruik van het apparaat zonder ketting-zaagolie raken de zaagketting en het zaagbladbeschadigd. ■Gebruik het apparaat nooit zonder ketting-zaagolie. ■Vul voor aanvang van de werkzaamheden deolietank met kettingzaagolie en controleer hetoliepeil regelmatig gedurende de werkzaam-heden. ■Controleer minimaal voor elke start van dewerkzaamheden of de kettingsmering correctfunctioneert.
De levensduur en de zaagcapaciteit van de zaag-ketting zijn afhankelijk van een optimale smering. Tijdens gebruik wordt de zaagketting automatischbevochtigd met olie.
NL50 CSA 1820BedieningLET OP. Kans op schade aan het apparaat. Bij gebruik van afgewerkte olie voor de kettings-mering, zorgen de metaaldeeltjes die hierin zijnopgenomen voor een extra hoge slijtage aan hetzaagblad en de zaagketting, zodat deze vroegtij-dig versleten raken. Bovendien vervalt hierdoorde garantie van de fabrikant. ■Gebruik nooit afgewerkte olie, maar uitslui-tend biologisch afbreekbare kettingzaagolie. LET OP. Gevaar voor milieuschade. Het ge-bruik van minerale olie voor de kettingsmeringleidt tot ernstige milieuschade. ■Gebruik nooit minerale olie, maar uitsluitendbiologisch afbreekbare kettingzaagolie. Controleer het oliepeil elke keer voor aanvangvan de werkzaamheden en elke keer bij het ver-wisselen van de accu en vul, indien nodig, ket-tingzaagolie bij:1. Controleer het oliepeil in het kijkglas (03/1)van de olietank. Er moet altijd olie te zienzijn.
Het minimale en het maximale oliepeilmogen niet worden onder- resp. overschre-den. 2. Zet de hoogsnoeizaag horizontaal op eenstevige ondergrond en houd hem vast. 3. Reinig het gebied rondom de vuldop van deolietank (03/2). 4. Schroef de vuldop van de olietank. OPMERKING■Gebruik een trechter om het bijvullen te ver-gemakkelijken. ■Er mag geen vuil in de olietank terechtko-men. 5. Vul de tank met biologisch afbreekbare ket-tingzaagolie. Controleer daarbij het oliepeil inhet kijkglas van de olietank. Laat de olietankniet overstromen. 6. Draai de vuldop weer vast op de olietank. 5. 2 Accu ladenNeem het temperatuurbereik voor het opladen inacht, zie de technische gegevens. OPMERKING Neem voor gedetailleerde in-formatie de aparte gebruikshandleidingen van deaccu en de oplader in acht:■Gebruikshandleiding 443130: Accu´s■Gebruikshandleiding 443131: Opladers5.
3 Accu plaatsen en verwijderen (04, 05)LET OP. Beschadigingsgevaar van de accu. Als de accu na gebruik in het apparaat blijft zittenkan dit een beschadiging van de accu veroorza-ken.
■Trek de accu direct na gebruik uit het appa-raat en bewaar hem beschermd tegen vorst. ■Plaats de accu pas weer voor het begin vande werking. Accu plaatsen (04)1. Accu (04/1) in de accuhouder (04/2) aan hetbasisapparaat schuiven tot hij vastklikt (04/a). Accu verwijderen (05)1. Ontgrendelingsknop (05/1) aan de accu(05/2) indrukken en vasthouden. 2. Accu verwijderen (05/a). 6 BEDIENING6. 1 Acculaadtoestand controlerenDe laadtoestandsweergave (01/6) bevindt zichboven op het basisapparaat. Die bestaat uit drie segmenten. De segmentenbranden of knipperen afhankelijk van de laadtoe-stand. Segment Acculaadtoestand3 segmente branden: Accu volledig opgela-den. 2 segmente branden: Accu voor 2/3 opgela-den. 1 segment brandt: Accu voor 1/3 opgela-den. 1 segment knippert: Accu bijna leeg. Hetapparaat schakelt bin-nenkort uit. 6.
443176_a 51Werkhouding en werktechniek (09 – 14)6. 3 Verlengen/verkorten van detelescopische steel (06)De telescopische steel (06/2) kan traploos wor-den versteld. Zo kunt u de lengte precies zo aan-passen, als nodig is voor de beoogde werkzaam-heden. 1. Vastzethuls (06/1) in de richting van het openslot draaien (06/a) tot de klemming is vrijge-geven. 2. Verschuif de telescopische steel, tot de ge-wenste lengte is ingesteld (06/b). 3. Vastzethuls vastdraaien. 6. 4 Zaagkop zwenken (07)De zwenkbare zaagkop maakt een voor het za-gen comfortabele en veilige werkpositie mogelijk. 1. Drukknop (07/1) aan beide kanten van dezaagkop indrukken. 2. Zaagkop in de gewenste stand zwenken (07/a). 3. Drukknop loslaten. De zaagkop klikt op degewenste positie vast. 6. 5 Apparaat in- en uitschakelen (08)Apparaat inschakelen1. Zet het apparaat op werkstand. 2.
Ontgrendelingsknop (08/1) aan het basisap-paraat indrukken en vasthouden. 3. Druk de Aan/Uit-schakelaar (08/2) in en houddeze ingedrukt. 4. Laat de ontgrendelingsknop los. Zodra het ap-paraat draait, is het niet meer nodig de ont-grendelingsknop ingedrukt te houden. De ont-grendelingsknop dient ervoor het onbedoeldstarten van de kettingzaag te verhinderen. Apparaat uitschakelen1. Aan-/Uit-schakelaar loslaten. 2. Evt. accu uittrekken om onbedoeld opnieuwinschakelen te voorkomen: zie Hoofdstuk 5. 3"Accu plaatsen en verwijderen (04, 05)", pa-gina50. 7 WERKHOUDING EN WERKTECHNIEK(09 – 14) WAARSCHUWING. Verhoogd gevaarvoor vallen. Er bestaat verhoogd gevaar voorvallen als het werk wordt uitgevoerd vanuit eenverhoogde positie (bijv. ladder). ■Werk altijd vanaf de grond met het apparaaten zorg er daarbij voor dat u veilig staat. ■Volg de veiligheidsinstructies op.
■Dikke takken in delen (11/1) afzagen zodat ereen betere controle is over de plaats waar zeneerkomen. ■Zaag nooit in de verdikking van de takaanzet,om de heling van de wond optimaal te latenverlopen en aantasting ervan te voorkomen(12). ■Duw de hoogsnoeier met de boomklauw(13/1) tegen de tak (13/2) (13/a), om de zaagtegen de tak te stabiliseren. ■Maak voordat u de tak afzaagt (14/b) eersteen insnede (14/a) in de onderkant van detak. Zo voorkomt u dat de bast afscheurt eneen moeilijk helende wond aan de boom ont-staat. De insnede mag niet dieper zijn dan1/3 van de takdikte, om te voorkomen dat dehoogsnoeizaag vastgeklemd raakt. ■Trek de hoogsnoeizaag altijd met draaiendezaagketting uit de tak, zodat deze niet klemkan raken. 8 ONDERHOUD EN VERZORGING WAARSCHUWING. Gevaar voor snijlet-sel.
Gevaar voor snijletsel als gevolg van contactmet scherpe en bewegende delen van het appa-raat, zoals het snijblad. ■Schakel voorafgaand aan onderhouds-, ver-zorgings- en reinigingswerkzaamheden altijdhet apparaat uit. Verwijder de accu. ■Draag bij onderhouds-, verzorgings- en reini-gingswerkzaamheden altijd beschermendehandschoenen. Reparaties mogen alleen worden uitgevoerd doordeskundige, getrainde vakmensen en uitsluitendmet gebruik van de originele reserveonderdelen. ■Controleer het apparaat na ieder gebruik opslijtage en vervang beschadigde onderdelenindien nodig. ■Stel het apparaat niet bloot aan nattigheid ofvocht. Plastic delen reinigen met een doek enhierbij geen reinigings- of oplosmiddelen ge-bruiken. ■Reinig de koelspleten altijd direct, wanneerdeze verstopt zijn.
NL52 CSA 1820Onderhoud en verzorging■Spuit het apparaat niet met water af en ge-bruik geen hogedrukreiniger. 8. 1 Zaagkettingsmering controlerenLET OP. Kans op schade aan het apparaat. Contact tussen de zaagketting en de grond leidtonvermijdelijk tot een stompe ketting. ■Voorkom contact tussen de ketting en degrond en houd steeds een veiligheidsafstandvan 20 cm aan. 1. Apparaat inschakelen. 2. Wijs met de punt van de geleiderial in richtingvan een op de grond liggend stuk karton ofpapier. ■Wanneer zich bij deze test een steedsduidelijker wordend oliespoor vormt,werkt de automatische oliesmeerfunctiecorrect. ■Wanneer zich, ondanks een volle olie-tank, geen oliespoor vormt: Het oliein-laatgat in het apparaat en de groef vande geleiderail reinigen. Mocht dit het probleem niet verhelpen, neem dancontact op met onze klantenservice. 8. 2 Zaagkettingspanning controleren VOORZICHTIG.
Letselgevaar door zaag-ketting. De snijranden van de zaagketting zijnzeer scherp en kunnen, bij het hanteren van dezaagketting snijletsel veroorzaken. Denk voor allewerkzaamheden aan de kettingzaag aan het vol-gende:■Schakel het apparaat uit en verwijder altijd deaccu. ■Draag veiligheidshandschoenen. Controleer de kettingspanning regelmatig, wantnieuwe zaagkettingen rekken nog iets uit. 1. Trek de zaagketting met de hand iets vooruiten controleer daarbij:■In koude toestand: De zaagketting is cor-rect gespannen wanneer deze in het mid-den van de geleiderail nog ca. 3 tot 4 mmkan worden opgetild en met de hand ge-makkelijk kan worden doorgetrokken. Bijbedrijfstemperatuur wordt de zaagkettinglanger en hangt door. ■De geleide-elementen van de zaagket-ting mogen aan de onderkant van de ge-leiderail niet uit de groef komen, de zaag-ketting zou dan los kunnen schieten. 2.
Span de zaagketting, gebruik hiervoor deschroevendraaier aan de inbussleutel:■Zaagketting spannen: Draai de ket-tingspanschroef (15/1) rechtsom (15/a). ■Zaagketting ontspannen: Kettingspan-bout linksom draaien (15/b). 2. Controleren van de kettingspanning (zieHoofdstuk 8. 2 "Zaagkettingspanning contro-leren", pagina52). Herhaal, indien nodig, dehierboven vermelde stappen. 8. 4 Geleiderail en zaagketting vervangen(16 – 20)Als het snijresultaat slechter wordt, moet dezaagketting en evt. de geleiderail worden vervan-gen. De geleiderail moet worden vervangen alser duidelijke sporen van slijtage aan de geleide-groef voor de zaagketting te zien zijn. Er mogen alleen originele reserveonderdelen vande fabrikant worden gebruikt (zie technische ge-gevens). VOORZICHTIG. Letselgevaar door zaag-ketting.
De snijranden van de zaagketting zijnzeer scherp en kunnen, bij het hanteren van dezaagketting snijletsel veroorzaken. Denk voor allewerkzaamheden aan de kettingzaag aan het vol-gende:■Schakel het apparaat uit en verwijder altijd deaccu. ■Draag veiligheidshandschoenen. Zaagketting en geleiderail afnemen1. Binnenzeskantbouten (16/1) met de zeskantvan de inbussleutel losdraaien. 2. Middelste gedeelte (16/2) en kettingwielaf-dekking (16/3) afnemen. 3. Zaagketting (16/4) en geleiderail (16/5) afne-men. 4. Zaagketting van de geleiderail losmaken. Reinigen1. Alle gedemonteerde onderdelen van zaagselen olieafzettingen reinigen. 2. Alle vrijgemaakte bouwdelen aan de zaagkop– met name het kettingwiel en de olie-in-gangsopening – reinigen.
443176_a 53Hulp bij storingenZaagketting en geleiderail monteren1. Kettingspanbout (17/1) met schroevendraaiervan de inbussleutel zolang draaien tot zichde kettingspanpen (17/2) aan het achtersteuiteinde van de schroefdraad bevindt (17/a),zie Hoofdstuk 8. 3 "Spannen en ontspannenvan de zaagketting (15)", pagina52. 2. Zaagketting op de geleiderail plaatsen:■De tanden (18/1) van de zaagketting(18/2) moeten aanliggen bovenop de ge-leiderail en moeten in de richting van depunt van de geleiderail (18/3) wijzen (18/a). Opmerking:Let erop, dat de ketting opjuiste wijze is gemonteerd. ■Leg de zaagketting in de groef (18/4) vande geleiderail en draai deze volledig omde geleiderail. 3. Leg de geleiderail met gemonteerde zaagket-ting in de geopende behuizing:■Leg de zaagketting (19/1) om het ketting-wiel (19/2).
■Geleiderail (19/3) zodanig uitlijnen dat degeleidepen (19/4) in het sleufgat van degeleiderail valt. ■Geleiderail zodanig uitlijnen dat de ket-tingspanpen (19/5) in de kettingspanope-ning valt. ■Plaats de zaagketting zo, dat deze ge-heel aanligt in de groef van de geleiderailen rond het kettingwiel. 4. Behuizing sluiten:■Kettingwielafdekking (20/1) en middelstegedeelte (20/2) plaatsen. ■Binnenzeskantbouten (20/3) insteken enaandraaien. 5. Spannen van de zaagketting (zie Hoofdstuk8. 3 "Spannen en ontspannen van de zaag-ketting (15)", pagina52). 9 HULP BIJ STORINGEN VOORZICHTIG. Gevaar voor letsel. On-derdelen met scherpe randen en draaiende on-derdelen kunnen letsel veroorzaken. ■Draag bij onderhouds- en reinigingswerk-zaamheden altijd beschermende handschoe-nen.
OPMERKING Neem contact op met onzeklantenservice bij storingen die niet in deze tabelstaan vermeld of die u niet zelf kunt oplossen. Storing Oorzaak MaatregelMotor draait niet. Accu is leeg. Accu opladen. Accu ontbreekt of accu isniet goed geplaatst. Accu correct plaatsen. De voeding is onderbroken. 1. Verwijder de accu. 2. Reinig de contactpunten. 3. Plaats de accu weer.
Motor draait met onderbrekin-gen. Aan-/Uit-schakelaar is de-fect. Ga naar een servicepunt van defabrikant. De geleiderail en de zaagkettingdraaien warm. Rookontwikke-ling. De zaagketting is te strak ge-spannen. Controleer de kettingspanning. Zaagketting naspannen. De olietank is leeg. Vul kettingzaagolie bij. De olietoevoeropening en/ofde groef in de geleiderail zijn/is vervuild. Reinig de olietoevoeropening ende groef in de geleiderail. De motor draait, maar de zaag-ketting beweegt niet. De zaagketting is te strak ge-spannen. Controleer de kettingspanning. Zaagketting naspannen. Storing in het apparaat Ga naar een servicepunt van defabrikant.
NL54 CSA 1820TransportStoring Oorzaak MaatregelIn plaats van spanen wordt al-leen nog zaagsel uitgestoten. De hoogsnoeizaag moet doorhet hout worden geduwd. De zaagketting is stomp. Ga naar een servicepunt van defabrikant. Apparaat trilt meer dan normaal. Storing in het apparaat Ga naar een servicepunt van defabrikant. Bedrijfstijd van de accu wordtduidelijk korter. Levensduur van de accu isafgelopen. Accu vervangen. Alleen origineleaccessoires van de fabrikant ge-bruiken. Accu kan niet worden opgela-den. Accucontacten zijn vervuild. Ga naar een servicepunt van defabrikant. Accu of oplader zijn defect. Accu of oplader vervangen. Al-leen originele accessoires vande fabrikant gebruiken. Accu is te heet. Accu af laten koelen. 10 TRANSPORTVoer voor het begin van het vervoer de volgendemaatregelen uit:1. Apparaat uitschakelen en accu verwijderen. 2. Kettingbeschermer plaatsen. 3.
Zaagkop van het basisapparaat scheiden. 4. In voertuigen: Zaagkop tegen kantelen, be-schadiging en vrijkomen van kettingolie be-veiligden. Accu "B125 Li" (Art. -nr. 113896) OPMERKING De nominale energie van deaccu bedraagt meer dan 100 Wh. Neem daaromde hierna vermelde aanwijzingen voor het trans-port in acht. De gemonteerde Li-ion accu is onderhevig aande wet inzake gevaarlijke goederen, maar kaneenvoudig worden getransporteerd:■Door de privégebruiker kan de accu zonderbijkomende voorwaarden openbaar wordengetransporteerd, voor zover ze individueelverpakt is en voor privé transportdoeleindendient. ■Commerciële gebruikers, die het transport inhet kader van hun hoofdactiviteit uitvoeren(bijv. leveringen van en naar werven of de-monstraties), kunnen ook van deze vereen-voudigde maatregel gebruik maken.
In beide hierboven vermelde gevallen moeten ab-soluut voorzorgsmaatregelen worden genomenom te voorkomen dat de inhoud wordt gemorst. In andere gevallen moeten de voorschriften vande bepaling inzake gevaarlijke goederen absoluutin acht worden genomen.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Al-ko C50 Li stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Zaagmachine Al-ko
Handleiding Zaagmachine
Nieuwste handleidingen voor Zaagmachine